| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1998 | 1 | 3 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 94.20 |
| 2 | 1998 | 2 | 1 | Hans Hofstee | Victoire 1044 | Dundazi | Muiderzand | 98.00 |
| 3 | 1998 | 3 | 1 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 98.00 |
| 4 | 1998 | 4 | 1 | Rob Bijnsdorp | Colin Archer 14.00 | Zilveren Maan | Lelystad | 96.50 |
| 5 | 1998 | 5 | 2 | Cees Zeilstra | Lohi 34 | Zeemuis | Muiderzand | 102.0 |
| 6 | 1998 | 6 | 2 | Dik Geurts | X-102 | Id‚fix | Herkingen | 92.30 |
| 7 | 1998 | 7 | 3 | Cees de Wit | Scampie 30 | Foetsie | Baarn | 101.0 |
| 8 | 1998 | 8 | 3 | Jan Luyendijk | Jeanneau Sunlight 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 9 | 1998 | 9 | 1 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Muiderzand | 104.0 |
| 10 | 1998 | 10 | 2 | Jan de Ruiter | X 99 | Explosion 11 | Lelystad | 90.10 |
| 11 | 1998 | 11 | 1 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 95.00 |
| 12 | 1998 | 12 | 1 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Naarden | 106.0 |
| 13 | 1998 | 13 | 3 | Piet Bakker | Maxi 77 | Balder | Huizen | 111.0 |
| 14 | 1998 | 14 | 2 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 109.0 |
| 15 | 1998 | 15 | 1 | Rodney Clark | Jeanneau Sangria | Southern Cross | Huizen | 111.0 |
| 16 | 1998 | 16 | 1 | Bauke Jager | Ocean 25 | Mira | Balk | 109.0 |
| 17 | 1998 | 17 | 1 | Philip Heil | Polka 34 | Polkados | Lelystad | 99.70 |
| 18 | 1998 | 18 | 1 | Jaap Verkerk | Comet 910 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 19 | 1998 | 19 | 2 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 20 | 1998 | DNF | 1 | Jurren Gunnink | Friendship 28 | The Roost | Loosdrecht | 107.0 |
| 20 | 1998 | DNF | 1 | Harm Veenstra | Friendship 28 | Jonker Leeuwerik | Lelystad | 107.0 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Ketelhaven | 106.0 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Jan Bijleveld | First 43.5 | Bontekoe | IJmuiden | 85.70 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Danker Daamen | Dragonfly (Trimaran) | Passion | Enkhuizen | 89.70 |
| 25 | 1998 | DNF | 1 | Henk Katgert | Duetta 94 | Sygnus | Hasselt | 100.0 |
| 25 | 1998 | DNF | 2 | Arnold van Lottum | Kolibri 560 | Lotje | Nijmegen | 116.0 |
| 25 | 1998 | DNF | 1 | Arie Petrus | Egythene 24 | Fighter | Almere-Haven | 109.2 |
| 28 | 1998 | DNF | 1 | Rob van Dam | Trintella 2 | Mary Ann | Uitdam | 113.0 |
| 28 | 1998 | DNF | 1 | Martin Hulzebosch | Victoire 822 | Cydaris | Hasselt | 107.0 |
| 30 | 1998 | DNS | 1 | Frits Boer | Finerre 24 | Davies | Oost Mahorn | 111.0 |
| 30 | 1998 | DNS | 2 | Piet van der Zwaan | Selecta 31 | Zwaantje | Scheveningen | 102.0 |
|
![]() Start-, opnameschipper Gerard Lenselink van de Allegro neemt de logboeken in ontvangst van Henk Van Breda van de Batavus en Cees Zeilstra van de Zeemuis |
>31
inschrijvers 29 deelnemers gestart 10 deelnemers uitgevallen 19 deelnemers gefinisht |
![]() Muiderslot vanuit de Stichtingshaven Achtergrond homepage : de staak V 15 |
| >Op 1
oktober blijkt, dat iedereen route 1 kiest. De wind neemt toe,
evenals de regen, 6 Bf. In het noordelijk gebied af en toe 7 Bf. Het is stervenskoud op 't water, ong. 8º. Een van de deelnemers krijgt door een klapgijp de giek tegen zijn gezicht en breekt z'n bovenkaak op 4 plaatsen en tevens zijn neus. Op 2 oktober stijgt de barometer en de regen houdt op. De temperatuur schommelt om de 10º en de wind zakt weer iets af naar 5 à 6 Bf. ONO Dat het zwaar is, blijkt wel uit het percentage uitvallers. De doordouwers houden vol ook zonder stuurautomaat. 's Avonds breekt de maan tussen de wolken door en is het prachtig zeilen met een aflopend windje uit Oostelijke richtingen van 4 à 5 Bf. De eerste jachten meldden zich al af bij opnameschip de 'Allegro'. Op 3 oktober verflauwt de wind naar een drietje à viertje en op één na finishen de deelnemers in de motregen en meren af op de gezellige steiger van de stichtingshaven. Op 4 oktober komt na lang wachten de laatste schipper binnen en geeft om 11.30 uur z'n logboek en camera af, waarmee deze wedstrijd/tocht officieel voorbij is. |
De Spirit 28, de Nan van Herman Tieman en de Jonker Leeuwerik, de Friendship 28 van Harmen Veenstra zeilen Nek aan Nek bij de Nek-boei |

De winnaars van de 3e., 1e. en 2e. prijs. Albert
Broshuis, Han Beijersbergen en Hans Hofstee.
Voor de 2e maal won Han Beijersbergen de eerste
prijs en de 200 myls wisseltrophee.
Jan Luyendijk - Huizen - 15 oktober
1998

De 3e. 200 myls 'SOLO' 1998,
door Rob Bijnsdorp (9 pagina's, overgeschreven en gekopieerd, uit
'Zeilen' november 1998)
Muiden, acht uur's ochtends. De herfstnevel trekt langzaam
op.
In een rokerig café zitten gebreide mutsen achter
uitsmijters.
Twee uur later vertrekken ze. leder op z'n eigen boot.
Na drie à vier dagen en tweehonderd mijl liggen ze weer voor
het Muiderslot. Ongeschoren, moe en vol verhalen.
Rob Bijnsdorp was een van deze mannen en beleefde de
200 Myls 'SOLO' mee, vanuit de kuip. ............. (Redaktie
'Zeilen')

| De solozeilerij op het
IJsselmeer en het aansluitende kustwater is springlevend. Bijna
dertig jaar na de eerste reeks legendarische 'singlehanded'
prestatietochten vanuit Workum kan de leifhebber nu kiezen uit maar
liefst 4 varianten. Zeilen pikte er de jongste uit : de 200 myls 'SOLO", die deze herfst voor de derde maal is verzeild. Rob Bijnsdorp wierp zich met zijn Zilveren Maan in de strijd. |
> Na bijna twintig jaar onthouding gaat het weer gebeuren. De wervende aankondiging van de '200 myls' wekt een zelfde soort voorpret op als ooit de gestencilde papierwinkel voor m'n eerste vierdaagse solotocht. Dat heeft waarschijnlijk iets te maken met de romantische kanten van dit soort evenementen. Man en boot samen op weg en beslist anders dan gewoonlijk. Intensiever, een vleugje heldendom (ik herinner me zelfs sneeuw op dek), een daad stellen. Dat laatste is zeker fysiek zeer voelbaar. |
| >Nadat dit soort
algemene kenmerken van meerdaagse solo - wedstrijden zie ik veel
verschillen met de Singlehanded uit mijn herinnering. De oude, ooit door de Workummer vuurtorenwachter Reid bedachte tocht was een oefening in de oprechte zeilerij met jachtjes. Er heerste toen een streng regime, behalve een goede radio - ontvanger was electronica verboden. De meeste deelnemers hadden daar geen problemen mee. GPS bestond nog niet. Decca werd voor sommigen net betaalbaar. De eerste generatie auto - pilot deed aarzelend z'n intrede en slechts een enkeling had een marifoon. "Verzegelen die boel." bepaalde het regime. 'Goed schipperen, dat zit in jezelf en niet in de spullen, die kapot kunnen.' |
>En omdat parool kracht bij te zetten werd reglementair verlangd, dat er in ieder geval een handlood en een potje vet aan boord was. Nieuwelingen, die daar niets van begrepen, leerden al gauw dat een kloddertje vet in het bolletje van het lood een bodemmonster boven water bracht. Een 'oprechte schipper' behoort te weten of hij zand of slib onder de kiel heeft. De essentie van de Workummer tochten was echter, dat een schipper zichzelf en de boot moet kennen en een juiste inschatting moet kunnen maken van wat beide aankunnen in de geldende omstandigheden. Het vergelijk tussen het daarop gebasseerde persoonlijke vaarplan en de werkelijk geleverde prestatie vormde bij de jurering het belangrijkste criterium. |
![]() |
| >Uitdaging om
optimaal te zeilen. Hoe anders is de sfeer die spreekt uit de
200 myls 'SOLO' - papieren. Ik pluk ze in full colour van internet.
De keuzebuttons leggen verbindingen naar pagina's met allerhande
wetenswaardigheden, waaronder een bloemlezing van journaal -
fragmenten uit de twee voorgaande tochten. Uit alles spreekt een
opzet die uitgaat van omstandigheden, die voor alle deelnemers
gelijk zijn. Er is een route uitgestippeld die zo snel mogelijk
moet worden afgelegd met zo min mogelijk strafpunten voor
motorgebruik, teveel rust of te weinig rust. Na ruim een kwart van
de totale afstand kan er een keuze worden gemaakt voor drie
varianten die ook over de Waddenzee en Noordzee voeren. Ze zijn zo
uitgekiend dat ook dan bij benadering 200 mijl wordt gevaren. Eigenlijk is dat het enige moment dat de deelnemers een strategisch besluit kunnen nemen. Een route over zee kan in gunstige omstandigheden bijvoorbeeld het voordeel van de tijstroom opleveren. De grootste en zwaarste boten zeilen bij een stevige wind bovendien in diep water een halve tot een hele knoop sneller, dan op het ondiepe IJsselmeer. Veel meer dan kiezen uit een van de route variantenis qua vaarplan niet mogelijk. Wel is er ruimte voor een persoonlijke tactiek. De verplichte 27 uur rust in havens die op de route liggen, kunnen naar eigen inzicht worden ingedeeld. Al met al komt de opzet van deze tocht op mij over als een stevige uitdaging om 'optimaal' te zeilen. Om iedere deelnemer een perspectief te bieden dat de overwinning binnen zijn bereik ligt, wordt voor elke boot een SZ cijfer berekend (Snelheidsfactor Zeilsport). Ik begrijp niets van de formule, die daarvoor wordt gebruikt. Onbekendheid wordt argwaan, als ik daags na mijn inschrijving op internet zie, dat mij 23 ton zware rondbuikige langkieler pal achter een X 99 als het op twee na snelste van de dan 23 aangemelde boten is gekwalificeerd, Dat moet in de berekening het effect zijn van de lengte van de waterlijn. Maar enig mogelijk voordeel daarvan ga ik pas merken bij een halve storm of meer. In lichte to matige wind vaart alles mij voorbij. Dit gegeven blijft mij bezig houden tot aan de dag van de start. Appeltaart en wegwerpcamera's. Woensdag 30 september. Even over twee in de middag. Ik nader de startlijn bij Muiden, ruim 4 uur later dan de anderen. Helaas verhinderd om het ochtendceremonieel in de kroeg van Ome Ko mee te maken. Koffie met appeltaart was er beloofd; tevens nog eens de laatste onduidelijkheden bespreken, logboeken uitdelen, een groen petje met 200 mijls embleem ontvangen en natuurlijk ook de wegwerpcamera waarmee alle markante routepunten als bewijsmateriaal moeten worden vastgelegd. Lang niet iedereen is vertrouwd met zo'n wonderdoosje. Zeilen collega Ruud die het palaver meemaakte, zag hoe sommige deelnemers de gele kartonnen verpakking alvast open peuterden en tot hun verbazing ineens de film in hun handen hielden. Ook ik heb nooit eerder met zo'n camera gewerkt. Ik vond hem een half uur geleden onder de buiskap, tesamen met petje, het logboek en een stuk appeltaart, goede zorgen van zeilmakker Flip. Bij het passeren van de startlijn neem ik de eerste groene ton van het geultje naar Muiden in het vizier, druk het knopje in ...... er klikt iets. Daar heb je het weer ! We zijn verwend. Automatische filmtransport is tegenwoordig standaard. Dit ding moet je eerst spannen. Ik ga er niet voor terug. |
>Iedereen heeft de
boot in Muiden zien liggen, een ander bewijs lijkt me niet
nodig. IJsselmeer vol roepende mannen. Uit het Oosten waait een matige, klamme wind. Het vuur van Marken is op de route naar de volgende boei (uiterton voor de Gouwzee) goed bezeild. Het zicht is slecht door motregen en andere nattigheid. Het is zo'n dag met alleen maar grijstinten, maar ik vind het prima. Man en boot samen op weg. Eigenlijk wel lekker, dit late vertrek. Dit is de verstilling van het solzeilen. De anderen zijn nu tussen de 20 en 25 mijl voor me, ergens halverwege het traject NEK - Lelystad. Sommigen varen ver aan de kop uit het zicht, achter een gordijn van motregen, anderen loeren naar elkaars boeg of spiegel. Ik schakel de marifoon in op het schip - schipkanaal 13 en heof niet lang te wachten op een teken van leven uit het peleton, daar ergens in het Noorden. Men roept elkaar toe over de positie en de snelheid van sommige anderen. Ik hoor dat Enkhuizen een goede eerste rustplaats is of dat het beter is om de eerste dag een hele lange ruk te maken, of dat juist morgen de dag is voor de meeste mijlen omdat er dan meer wind kan zijn, en dat je vanavond maar beter een goede pot kan koken en wat men zoal van huis heeft meegebracht. Het IJsselmeer is vol roepende mannen. Dit solozeilen heeft een sterk sociale inslag. Het is geen tocht voor 'lonely wolves'. Dat blijkt trouwens ook uit de samenstelling van de groep deelnemers. De meeste kennen wel een of meerdere andere uit dezelfde verenigingshaven of van bestaande vriendschappen. Samen alleen, voor velen de meest aantrekkelijke manier van solzeilen. Ik heb mijn zeilmakker Flip geronseld. Als ik op weg ben van de boei NEK (bovenin de Hoornse Hop) naar een van de tonnen voor de zuidelijke ingang van de haven van Lelystadhaven, vaart hij me met bolle zeilen tegemoet. Wat doet hij hier ? Lelystad is niet te bezeilen, ik lig voor een lange slag over stuurboord op een veel te zuidelijke koers. Dat zal ik vanavond wel horen in Enkhuizen, want daar zal hij waarschijnlijk z'n eerste rust nemen. Meteen al pech. De boei bij Lelystad moet worden geflitst. Het fotodoosje heeft daarvoor een knopje. Ik span de camera, druk het flitsknopje in, scheer in verband met het beperkte bereik van m'n flits rakelings langs de boei en druk net op het moment waarop hij me vriendelijk groen aanstraalt. Maar heb ik wel een flits gezien ? Ik bekijk nog eens de tekst en de symbooltjes op het gele doosje en ontdek geen voorschrift, dat er op wijst, dat ik iets verkeerd heb gedaan. Nog eens proberen: spannen, flitsknopje indrukken, thermoskan koffie in het vizier en .... geenflits. Men zal wat mij betreft bij de beoordeling moeten uitgaan van vertrouwen in plaats van bewijs. Zouen er mensen zijn, die op dit soort tochten smokkelen ? Ja, waarom niet. Dat komt in alle leeftijdsgroepen voor tijdens gezelschapsspelletjes waarin iets valt te scoren. Weer een roepende man. Een ander antwoordt. Ik ga binnen een paar boterhammen smeren en volg hun gesprek. "...ja ik moest ook nog een gedeelte van de binnenbetimmering weghalen en al met al heb ik al zes uur van m'n rusttijd verspeeld." ja Martin, dat is heel beroerd voor je, dat je al meeteen zoveel pech hebt ..." Etcetera. Ik kijk op de deelnemerslijst. Er is een Martin bij. Hij heeft kennelijk averij. |

Woensdagochtend, de mannen gaan op weg voor 200 koude mijlen.
Foto: Ruud Kattenberg
| >"...en ik ben
zojuist uit Hoorn vertrokken op weg naar NEK, maar ik denk dat ik
meteen maar door ga naar Enkuizen, want met zo'n achterstand heeft
het geen zin meer." "Nou, Martin, ik zie je dan straks wel, maar voor mij is het echter samen uit, samen thuis hoor. Als jij stopt, hou ik er ook mee op." "Die zijn gek," hoor ik mezelf zeggen. Ik weet dat dat niet mag, want ieder stelt z'n eigen grenzen en je hebt het recht niet om dat dat te betwisten, maar ik heb het er wel uitgeflapt. Het gaat ook niet zozeer om personen, maar meer om de idee erachter. Ga nou na : je maakt je lang van tevoren vrij uit de dagelijkse dingen om vier dagen lekker te zeilen, dan krijg je bij aanvang pech en natuurlijk heb je daar de pest over in, maar zodra dat is gerepareerd ga je om dat te compenseren natuurlijk vreselijk hard genieten van de hele tocht, die nog voor je ligt. Hoe kan zeilen ineens niet meer de moeite waard zijn als vast staat dat er geen overwinning is te behalen ? En schiet Martin er iets mee op als die maat van hem met een groot gevoel van samen uit en thuis ook afhaakt en mee gaat zitten somberen ? Overal een feestje van maken. De regen houdt op. Het zicht verbetert. De lichtjes van Enkhuizen twinkelen stuurboord uitnodigend voor de boeg. Er is nog een dik half uur te gaan wanneer ik plotseling merk, dat de paar boterhammen bij Lelystad niet echt de gebruikelijke warme hap vervangen. Soep maken. Keuze uit drie smaken. Nog iets stevigers erbij. Voorraadkast open. Ja, een gebraden haantje ! Tien tot vijftien minuten in kokend water. Jongens, dat wordt smullen. En terwijl ik de tweede gaspit aansteek, besluit ik ook tot een toetje boerenland - yoqurt met persik. |
>Je moet overal een
feestje van maken, maar nu eerst weer even buiten kijken want het
IJsselmeer is eigenlijk niet meer, dan een pierenbadje en voor je
het weet ligt er weer iets in de weg. Meer nog dan vroeger erger ik me aan de slechte verlichting van de zuidelijke aanloop van Enkhuizen. Ergens tussen Oosterleek en Venhuizen ligt een groene lichtboei, dan voert een rijtje onverlichte tonnen tot aan de havenlichten die ongeveer de sterkte hebben van een fietsachterlicht. In ieder geval vele malen zwakker zijn dan het licht erachter. Tot slot is er een even zwakke lichtenlijn die je pas ziet als je bijna op de lijn zit. Een van de lampen is nu zelfs gedoofd. Voor wie hier maar zelden komt is het tobben. Tegen de tijd dat ik helemaal zeker ben van de situatie heeft het instant - haantje al veel te lang staan opwarmen. Ik moet trouwens opschieten met die hap, want ik wil in de ruimte buiten de havenhoofden de zeilen bergen. Water afgieten. Pannetje en bestek mee naar buiten. Blik in de rondte. Geen andere schepen. Plastic open snijden. De haan vliegt samen met een plas vettige jus in het pannetje. Geen licht maken, want dan verlies ik de omgeving. Op de tast prik ik met de vork in de pan, Als ik wel eens zo'n beest eet verwijder ik altijd eerst de onderdelen die er smerig uitzien. Dat zijn de donkerbruine derrie aan weerzijden van de ruggegraat, het lillende vel en in ieder geval dat hele achterstuk van de poepert, vetknobbeltje en iets waarvan ik vermoed dat het ooit geslachtsorganen zijn geweest. Nu de vork geen vat meer krijgt op het vlees, lepel ik blind de pan leeg en selecteer slechts de botjes. Het smaakt prima. Geen tijd meer voor het toetje, want de havenlichten zijn ineens, akelig dichtbij. Zeilen weg. De sluis staat al open. |

In je eentje zeilen zetten of overstag gaan is werken op de
Ziveren maan. Foto : Ruud Kattenberg
| >In de Spoorweghaven
voeg ik me bij de bruine vloot. Het is rond elven. Aan de overkant
ligt de boot van Flip. Er komt nog wat zwak schijnsel uit zijn
kajuit. Ik vind hem lezend. Vanwege de kou is hij al in zijn
slaapzak gekropen. Om de accu te sparen branden er slechts
olielampjes. Op de tafel staat de borrel klaar naast wat kaasjes en
crackers. Groot tegen klein. Donderdag, 1 oktober. Geen spat kleur in de wereld en dat zal de hele dag zo blijven. Het is een stuk kouder dan gisteren en het waait flink. De bruine vloot is nog in diepe rust als Flip en ik en nog drie andere deelnemers ongeveer gelijktijdig de haven verlaten. Tijdens het zeil zetten overweeg ik even de voo- en nadelen van groot en zwaar tegen kleiner en licht. De Zilveren maan blijft geduldig lang genoeg tegen wind liggen om in ieder geval in een handeling het grootzeil goed omhoog te krigen. Op de kleinere jachten moet dat in een oogwenk gebeuren, want ze waaien alle kanten uit. Maar tegen de tijd dat ik klaar ben, heb ik kramp tussen m'n schouderbladen en voelen m'n handen nog rouwer aan dan ze al deden. Dan is er het plezierige moment van weldadige rust wanneer het tuig er weer glad bij staat en de boot op koers gelegd aan snelheid wint. Het gaat nu met halve wind richting Den Oever. De snelheid schommelt tussen de 7,5 en 8 knopen. Dwars van De Ven vaart een andere deelnemer me tegemoet. Achter het glas van een heel gesloten dekhuis gaat een dikke duim omhoog. |
>Als hij daarmee
bedoelt: 'Zie mij hier is lekker warm zitten', heeft ie gelijk. Het
is weer gaan regenen en tegen de wind in naar Urk is een lange en
koude onderneming. Veradelijke ondieptes. Ik moet op het traject naar Den Oever goed rekening houden met de waterdiepte. De rechte lijn naar Den Oever voert over de ondiepte Kreupel. Daar staat op sommige plaatsen minder dan twee meter water. De Zilveren maan steekt twee - tien. Neem ik de veilige route zuidelijk van de rode boeienlijn van het Wagenpad, dan hangen de voorzeilen erbij als nat wasgoed. Tot voorbij de ondiepte met de dreigende aanduiding 'Stenen' jongleer ik daarom over de Kreupel en zet daarbij om de vijf minuten de positie in kaart. Even onder Den Oever is vlak naast de betonde geul nog zo'n veraderlijke ondiepte, maar zover komen we niet, want de lichtboei Wieringer Vlaak 14 is het keerpunt richting Urk. Een mijl voor me liggen twee tochtgenoten. Als zij rond de boei zijn heb ik kans op een paar actiefoto's. Dat is niet zonder risico, want als ik recht op hun af koers moeten ze maar raden naar mijn bedoelingen. Ik zet de stuurautomaat aan en ga demonstratief met de camera in de aanslag aan de reling staan. Het werkt. De boot die me nadert, reageert heel subtiel op de geringe schommeling in mijn koers en manuvreert zich in de positie, waarin hij het liefst wil worden gezien. Als de kiek is gemaakt, zie ik vanaf mijn plek, hoog aan dek, dat de werkloze kluiverschoot aan loef verward is geraakt met de schoot aan lijzijde. Actie ! |

Luid mopperend schiet ik op te grote afstand de boei voorbij.
Als de zaak is geklaard, zie ik dat mijn achtervolgers al bijna bij
de boei zijn, terwijl ik een plek nader waar met het winterpeil nog
maar 1.40 meter water staat. In een paar grote sprongen ben ik
terug bij het roer.
Adraline, zo'n tocht, maar niet altijd. Want nu bijvoorbeeld begint
een lange koude en natte weg naar de lichtboei de UK 16 bij Urk.
Dit traject is niet bezeild. We komen in de straffe oostenwind
wisselend twintig tot dertig graden tekort. We zijn behalve de
Zilveren maan, de Polkados van Flip en nog een ander,
waarvan ik de naam niet kan lezen. Polka Dos is een aluminium
Koopmans. Hij vaart, gereefd en met een werkfokje, lichtvoetig,
dansend over de golven. Zo komen Flip en ik elkaar keer op keer
tegen in een sportieve strijd om het voorrang over bakboord. We
maken niet al te lange slagen, want de wind waait niet stabiel uit
een en dezelfde hoek, Er is dus winst te behalen uit de keuze voor
steeds de gunstigste boeg.
Hardop praten. Na een paar uur krijg ik het koud. Het soort
kou dat alleen maar erger kan worden en waar je tijdig iets aan
moet doen, omdat je er ander niet meer overheen komt. Ik kan de
boot zonder automaat rustig aan zichzelf overlaten. Om de vijf
minuten een blik in het rond voor de uitkijk is voldoende om in de
kajuit even goed voor mezelf te zorgen. Water op het vuur voor een
mok soep. Boterhammen smeren met een of andere vetzooi met de naam
'vleespastei'. Kommetje yoqhurt voor de frissigheid.
Behalve de Zilveren maan en de Batavus (een andere Colin
Archer), zijn de Enkhuizenstoppers gelijktijdig gestart. De
zeiltijden op het traject van gisteren liggen tussen de 6 uur en 42
minuten en 9 uur 45 minuten. Dit verschil is groter dan de
handicapberekening was te verwachten. Meer conclusies zijn nog niet
mogelijk.
Met een beetje spijt zie ik dat de kleinste deelnemer, een Kolibri
560, niet verder is gekomen dan Volendam. Het had me zo leuk
geleken om ergens onderweg nog een eindje met zo'n dappere David op
te varen. Dat brengt me weer terug op de eeuwig rondcirkelende
puzzel over de juistheid van de handicapberekening. Stel dat je
daarvoor een formule vindt, waarin ook de windkracht is
verdisconteerd, dan nog is er een groot verschil in prestatie. Wie
langzaam vaart is immers langer in touw, zit langer in de kou,
heeft een kleinere boot met minder comfort en in de regel minder
mogelijkheden om de boot zelf z'n weg te laten volgen. De man die
in een Kolibri het laatste finisht, presteert wat mij betreft meer
dan de winnaar die het in de helft van de tijd doet met een jacht,
waarin permanent de kachel brandt en electronica de navigatie heeft
overgenomen.
Nat oliepak uit. Klamme trui uit en poolpak aan.
Terwijl ik de dingen doe, praat ik hardop tegen mezelf. Dat is in
dit geval geen ouderdomsverschijnsel of kluizenaarstik maar een
beproefde manier om de razende snelheid waarvan je hoofd soms van
de ene gedachte naar de andere flitst te temperen: een soort extra
regulator tussen denken en doen. Daar komt bij, dat je eigen
stemgeluid er toe bijdraagt dat je in de omgeving van alleen maar
krachtige, opdringerige elementen ook zelf heel duidelijk aanwezig
blijft. Jezelf verliezen in het lawaai van de wind in het want, de
wind in je oren, geraas van zeilen, knallende golven op de
scheepshuid ... dat is het begin van opgeven.
Een solozeiler moet altijd het middelpunt zijn van zijn eigen
kleine omgeving.
Ik kijk buiten weer even in het rond, zie in de gauwigheid dat Flip
heeft besloten tot een lange slag in Noordelijke richting en ga de
kaartentafel opruimen. Uit de printer steekt een bericht van Ruud
op de Zeilen redactie. Hij geeft me de posities door waarmee
alle deelnemers gisteren hun eerste dag hebben afgesloten. Elke
avond worden deze door de schippers doorgebeld naar de
wedstrijdorganisatie, die ze op ineternet zet. Het overzicht laat
zien hoe tweederde van de negenentwintig deelnemers zijn eerste
stop heeft gemaakt in Enkhuizen. Vier tochtgenoten zijn doorgevaren
naar Den Oever en een man is helemaal doorgezeild naar Urk. Die
boot, een X 99, heet niet voor niets 'Explosion' Wie op zo'n boot
vaart wordt erdoor gegijzeld: Hetzelfde effect als je ziet bij
mensen op een racefiets.

Het glorieuze traject recht in de zonnebaan naar Enkhuizen.
Het lijkt me een goed onderwerp voor de nabespreking tijdens de
prijsuitreiking over twee weken.
Rusttijd bijna op. Zover is het nog niet. Eerst nog de ton
bij Urk. Flip maakt inderdaad een te lange slag naar het noorden en
is tien minuten later bij het keerpunt. Daarna wordt de afstand
snel groter. Met een bakstagwind gaat mijn scheepslengte meetellen.
Regelmatig zit ik boven de acht knopen.
Als Flip in Staveren naast mij afmeert, kan de zuurkool met worst
direct dampend op tafel. Daarna zijn we allebei toe aan een verbale
ontlading en voor we het weten is onze bedoelde rusttijd al
filosoferend al voor de helft in het niets opgegaan. We besluiten
toch maar een goede nacht te maken.
Daarmee zijn we bijna door onze reglementaire rusttijd heen. Dat
betekent dat ik, op een korte ankerstop na, de rest van de tocht in
een keer moet afleggen. Dat is van Staveren via Hindelopen naar
Medemblik en vandaar naar Breezanddijk, Enkhuizen, Lelystad,
Volendam, NEK, Blocq Van Kuffeler, Pampushaven en uiteindelijk
Muiden.
Tesamen 104 mijl, nog meer dan de helft. Als de wind niet onder de
vijf Beaufort zakt en uit dezelfde hoek blijft zitten, moet dat
kunnen. We zullen zien.
Perfecte dag. Vrijdag 2 october. In mijn logboek noteer in
het vrije gedeelte maar twee woorden: 'Perfecte dag'. De zon
schijnt. De wereld heeft weer kleur en het waait steevast tussen de
22 en 27 knopen. Ik besluit deze dag geheel te wijden aan het
serieuze zeilen en alles uit de boot te halen wat er in zit. Alles
op de hand en de trim geen moment uit het oog. Het maakt verschil.
Het maakt verschil. Ik vaar tot mijn eigen verbazing hoger en
sneller dan de drie anderen, die gelijktijdig Staveren verlaten. De
voorsprong neemt op het ruime rak naar Medemblik nog meer toe en na
nog een aandewinds rak naar Breezanddijk zie ik geen achtervolgers
meer.
De fax met posities van de vorige avond wekt verbazing. Negen
mensen hebben opgegeven, waarvan de helft met problemen aan de
stuurautomaat. Ik kan het niet helpen, dat de gedachte opkomt: 'Als
ze nou hun roer hadden verloren....'.
Dan het glorieuze trajecht recht in de zonnebaan naar Enkhuizen.
Voor me aan de horizon zie ik twee zeiltjes. Een ervan haal ik in
bij De Ven, met de ander lig ik samen in de Sluis. Voort gaat het
weer naar Lelystad. De hele dag blijf ik jagen, totdat op het
voordewinds rak naar Volendam de zeilen wijduit kunnen worden gezet
en de automaat me in staat stelt een maaltijd van drie gangen te
koken. Vlak voor de boei van Volendam hang ik de natte theedoek aan
het haakje en ruim de schone vaat weg.
Vermoeidheid. Op weg naar de NEK zie ik aan stuurboord de
boten aankomen, die samen met de Zilveren maan de sluis
verlieten. Ik hou ze een kwartier lang in het oog tot ze bij de
boei zijn en zie dan kort na elkaar twee flitsjes in de nacht. Daar
is de boei NEK. Het einde begint invoelbaar te worden. Weer een
ruim rak naar de Flevodijk bij het gemaal Blocq Van Kuffeler. De
wind trekt nog wat aan. De boot jaagt door de nacht. Geen
onverlichte tonnen op dit traject. Dat geeft rust. Oppassen voor de
scheepvaart. Rekening houden met m'n vermoeidheid. Alle observaties
tijdens de uitkijk dus dubbel overdoen en checken. Een vergissing
is heel gauw gemaakt. BoeiPH, ankerstop bij Pampushaven. Probleem
bij ankeropgaan wegens gebrek aan electriciteit. Slimme oplossing
vinden met wat hulpkabels naar andere accu's. Rond half twee
afmeren in Muiden. Wat een dag.
De volgende dag komen de verhalen. Iedereen heeft elkaar zien
varen. Er wordt vergeleken. Iedereen is op een onschuldige manier
trots of voldaan. Een vluchtig incidenteel broederschap.
In ieder geval een annekdote zal in de komende jaren onverbrekelijk
verbonden blijven aan deze tocht : Een deelnemer mist in zijn boot
op de terugweg de boei bij Lelystad. Hij had bij het passeren van
de boei een pakje met theezakjes van Pickwick Ceylon Melange in
zijn handen. Dit pakje is ook van vouwkarton en in afmetingen
ongeveer gelijk en bijna even geel als het fototoestel. Toen hij de
echte camera had gevonden was de boei al zover achter hem, dat hij
hem maar liet liggen ....
Rob Bijnsdorp

|
Voor de derde maal werd op 30 september in Muiden het startsein
gegeven voor deze prestatie-tocht.
|
Op Woensdagmorgen zit iedereen aan de stamtafel van cafe Ome Ko
voor het palaver. We krijgen een logboek en een foto toestel
uitgereikt en veel goede raad voor veiligheid, meldings- en
afmeldingsplicht.
Het eerste te ronden punt is een ton bij Volendam. Alle bakens,
die in de route staan dienen gefotografeerd te worden. Dus om een
redelijk plaatje te krijgen, m oet je er ook nog behoorlijk
dichtbij langs varen.; de tijd van ronding dient in 't logboek te
worden vermeld met verder de windrichting en kracht, barometerstand
en zicht. |
De schepen van mijn maat had ik op dit punt nog om me heen, Via Hoorn ging het naar Lelystad. Vandaar naar Enkhuizen. In de sluis lagen nog 2 deelnemers. Op m'n vraag of ze doorgingen, zeiden ze: "We gaan hier slapen. Morgen maar verder."
In de jachthaven liggen bijna alle deelnemers en als ik tegen
negen uur de wal even opga, kom ok m'n buurman uit Muiden tegen en
vraag hem hoe het gaat. Hij antwoord, dat er veel mis gaat. Z'n
accu's zijn leeg, doordat de stuurautomaat overuren maakt in de
hoge golven en door onze relatief kleine schepen (onder de 8 meter)
zijn we ten opzichte van de grotere in het nadeel. Ook had hij bij
een klapgijp de giek tegen zijn hoofd gekregen. |
| Om 10:00 uur ben ik bij het baken van
Den Oever. Nu naar Urk,. Het langste rak, hoog aan de wind, het
waait 6 Bf., hoge golven, regen van boven en (zo blijkt later) ook
van onderen. Water, al mijn kleren zijn nat. 's-avonds schep ik in
Stavoren zo'n zes liter water uit de boot. De volgende dag, vrijdag, weer vroeg op en via Workum naar Mecemblik. Het zicht is prima vandaag. De zon schijnt, maar het waait bijkans nog harder. De temperatuur komt ook niet veel hoger dan een graad of 6. Als ik het baken van Medemblik heb gefotografeerd, besluit ik de volgende onder de afsluitdijk over te slaan en gelijk naar Enkhuizen te zeilen. Ik moet hiervoor weer hoog aan de wind. Met nog een reef erin gaat het boven verwachting en besluit toch maar om te keren en m'n route helemaal te verzeilen. Als ik om 17:00 uur bij het Krabbersgat kom is het een drukte van belang. Het weekend van de Bolkoppen race, vandaar. Met nog 3 collega-solo-zeilers gaan we richting Lelystad, waar ik om 20:00 uur aankom. Het is zoeken in het donker maar vind de ingang en ga slapen. In de sluis nodigde eentje me uit om |
![]() |
lekker door te varen naar Volendam,
automaatje aan, fokje erop, lekker eten maken onderweg. Ik ga er
niet op in. Hij komt daar om 22:10 uur aan en blijft de volgende
dag tot 10:00 uur uitslapen. Dus ben ik hem weer voor, want tussen
Hoorn en Muiden nemen we foto's van elkaars schip. Vandaag ga ik finishen. De wind is afgenomen tot 3-4 Bf. Dus meer zeil erop en een wat rustiger IJsselmeer. |
Als ik om 17:00 uur de finishlijn passeer, heb ik met een
gemiddelde van 4,5 mijl per uur 200 myl afgelegd en 43,37 uur
gezeild, 33,00 uur gerust en 1,00 uur op de motor gevaren bij
sluizen en havens en word hiermee 17e. van de 29 gestartte
schippers.
Bauke Jager,
S/Y Mira - Balk,
1998
|
200 myls 'SOLO' 1998 30 september - 4 oktober aantal deelnemers
ingeschreven: 31 gestart:
29
gefinished:
19 |
|
Het palaver was op woensdagmorgen om 09.00 uur, waarna er om
10.00 uur gestart zou worden.
Tussen Lelystad en Enkhuizen ter hoogte van het in de kaart
getekende visserijgebied wilde ik even wat aan de verstaging
veranderen. Bij het terug gaan naar de kuip, kwam er plotseling een golf en
een windschifting, waar door de boot een klapgijp maakte. Inmiddels was Rodney Clarck, die op zo'n 300 m bij me vandaan
voer langszij gekomen en vroeg hoe de situatie was. Na enige tijd was de pijn weggezakt, doordat het continue
regende en het erg koud was, maar voelde ik wel dat alles nogal
gezwollen was. Het blijkt dat je in zo'n situatie rare dingen doet, want ik
wilde gewoon doorgaan. Tenslotte had ik maar een gebroken neus en
dat was wel vaker gebeurd. Zo te voelen stond hij er nu beter bij
dan voorheen. De volgende morgen nadat een ieder vertrokken is en na weer een paar paracetamolletjes weer de sluis door richting Almere. Gelukkig regende het nog steeds en was de temperatuur ook nog zeer laag, zodat ik nagenoeg geen pijn voelde. Ter hoogte van Muiden het startschip opgebeld en me afgemeld.
Natuurlijk waren die allang door anderen op de hhogte gesteld van
mijn ongevalletje. In het ziekenhuis aangekomen werden er bij de Eerste Hulp foto's
gemaakt. Slotbeschouwing Het gekke is, dat je als in zo'n wedstrijdtocht bezig bent dat
je eigenlijk ten koste van alles verder wilt gaan. |
| http://www.200myls.nl/ Arie Petrus S/Y Fighter |
| >Even snel de
afspraken nakomen, toch problemen, even bellen, nog wat lijftocht
inkopen voor de reis, avondeten tot me nemen, ‘t vrouwtje gedag
kussen, wat goede raad aannemen, zoals, onder andere, doe
voorzichtig en … maak er wat van … dan als de gesmeerde bliksem,
lopend, naar de boot. Buiten adem, nog navibrerend, door de laatste spurt en net nog voor 18:00 uur, kan ik op de dinsdagvond 29 september, in de oude haven van Huizen de touwtjes van de Tam Tam losgooien om met m’n maatjes, die al in ‘t kommetje, buiten de havens, op me liggen te wachten om naar Muiden te varen en ook ons te melden voor de 200 myls. Onderwijl we naar Muiden varen, denk ik aan de andere deelnemers, die van verre komend, al in Muiden in de Stichtingshaven zullen liggen of hun laatste lootjes aan het leggen zijn. |
De 'Tam Tam' in de Oude Haven van Huizen |
|
in Muiden |
Het noordwestenwindje van
nu zou morgen Oost worden. We moteren dus maar verder. Piet Bakker
met z'n Balder, onze Australier Rodney Clark, de Foetsie met Cees
de Wit en de aangestelde start/opnameschipper Gerard Lenselink met
de Allegro met z'n tijdelijke bemanning en ook mijn Tam Tam komen
ongeveer gelijktijdig de Stichtingshaven binnenvaren. De jachten met de solovlag in de |
achterstag liggen al rijen dik aan de langssteiger. Vrijwel iedereen is al binnen. Daar staat Cees Zeilstra van de Zeemuis, zo langzamerhand een e-mailvriendje ge- worden en Dick Geurts met z'n Idefix, Han Beijersbergen van de Ann Sophie. Ik meer de Tam Tam af aan de Exploision II, een X 99, het nieuwe schip van Jan de Ruiter. Aan de wal van de Koninklijke ligt de Explosion I, de Dynamic 37, het schip, waarmee Jan verleden jaar als eerste in de 200 myls finishte. |
| > De oud-deelnemers herken ik allemaal, maar ook veel nieuwe gezichten. Handjes schudden, praatje maken, belangstelling, informatie over en weer. Allemaal ‘solozeilers’ maar wel typisch jongens van stavast en met een sociale inslag, wat me toch altijd opvalt bij die kerels, die veel alleen zeilen. Het is behoorlijk fris, de vallen beginnen al te tikken en af en toe mottert ‘t wat. We spreken af om in de kroeg van ‘Ome Ko’ een ‘bakkie’ of ‘gele rakker’ te pakken. Daar zal het wel warm zijn. Er blijven toch nog schippers, wat onwennig met ‘t contactueuse gedoe, in hun boten hangen. Uiteindelijk na hier en daar een praatje, zitten vrijwel alle schippers om de grote gelagtafel in ‘Ome Ko’ en al spoedig komen de verhalen los. Het is er tenminste echt warm, met ‘n prachtig sfeertje, rokerig, maar wel gezellig. De dochter van Henk Van Breda belt me op met de mededeling, dat haar vader er zo aankomt. Ook hij had ‘t idee, dat de wedstrijd pas overmorgen zou beginnen. Laat op de avond komt Henk nog even binnenvallen. Hij komt wel op ‘t palaver om 09:00 uur, maar hij moet nog zoveel dingen zakelijk afregelen, dat hij pas laat in de middag zal starten. |
Dit zal wel ten koste van z’n reglementaire rusttijd gaan. Tegen half twaalf is de kroeg weer leeg. Aan de lange walkant ligt ook de Colin Archer van Rob Bijnsdorp. Jammer, dat hij niet even bij Ome Ko of in de Stichtingshaven was, dan had hij alvast het sfeertje kunnen proeven, wat toch wel informatief zou kunnen werken, als hij zijn artikel moet schrijven voor ‘ons’ superblad ‘Zeilen’, tenminste als het over de 200 myls gaat. Ook Fokke van der Valk is inmiddels binnengelopen met z’n gehuurde Drifter 25’. Z’n stalen, oude getrouwe Dutch Dandy, de Douwe Dabbert, had probleemjes met lekkage bij de hennegatskoker. Veel werk heeft hij gehad om te proberen de 200 myls naar buiten, onder de aandacht van de pers te krijgen. Fokke zorgde er ook voor dat Eduard Rijnja, hoofdredakteur van ‘Zeilen’, Rob Bijnsdorp enthousiast maakte om deze wedstrijd mee te zeilen en er verslag van te doen. Om 00:10 ga ik te kooi. |
| >Het
is toch wel een beetje spannend. Vandaag zal het moeten gaan gebeuren. Maandenlange voorbereidingen, o.a. achter m'n computer. Bedenken en aan- passen van een goedlopend en korrekt wedstrijdadministratie-reken-programma, speciaal voor de 200 myls, met z'n han- dicaps, puntenaftrek en banen (route- mijlen). Eventuele problemen proberen af te vangen. De routes, de DOS formu- lieren, het schrijven van een programma om de databasefiles, automatisch in en naar de HTML te pompen, zoals de deelne mers, status- en uitslagformulieren. |
![]() |
Met
Marco, die de frames en opzet van de Internetsites gemaakt heeft de sites met Java en HTML aanpassen. Er 'n attractief verhaal, met 'n beetje logica, om er een z.g. gelikte wedstrijd van te maken. Nu komt 't er op aan, dat iedereen, ondanks het weer, er zin in heeft, in de wed- strijd als opzet en in 't idee gelooft. |
| Tegen achten komen de
eerste schipperskoppen al boven de kajuit uit. De eerste blik gaat dan steevast naar het windvaantje en het kompas, daarna wordt er voorzichtig het handje opgestoken om weer snel onderdeks te gaan om de laatste voorbereidingen te treffen voor de wedstrijd. Om half negen lopen Piet Bakker en ik, gepakt en gezakt met de 200 myls attributen, alvast naar Ome Ko. Inmiddels is Ruud Kattenberg, de redakteur van ‘Zeilen’, ook al gearriveerd. Hij neemt vele foto’s en stelt z’n vragen. |
Hij toont zich gezellig
en stelt zich zeer enthousiast op, hij geniet duidelijk van het
gedoe, van de schippers, die al wat gespannen voor de wedstrijd het
emplacement binnen komen waaien en aan de gelagtafel
plaatsnemen. Hij vertelt, dat ‘Zeilen’, wel wat meer met deze wedstrijd zou willen gaan doen. De Driehoek Noordzee voor ‘t buitenwater en de 200 myls ‘SOLO’ voor het binnenwater. Het lijkt me wel een fantastisch idee. Maar ja ... ?? Een enkeling neemt nog even snel de bekende gebakken eieren met kaas en bacon van Ome Ko tot zich. |
|
Palaver Het is 09:00 uur exact. Het palaver kan beginnen. Een dictafoon wordt door Ruud Kattenberg onder me geschoven. Iedereen welkom heten en vertellen, dat we door ‘t palaver heen zullen knallen. Elke schipper krijgt alvast z’n logboek, z’n cap en z’n wegwerpcamera overhandigd door Piet Bakker. Het is heerlijk rommelig. De koffie en appelgebak met slagroom wordt tijdens het doornemen van de presentielijst opgediend. Het blijkt, dat 3 schippers niet op zijn komen dagen. Frits Boer uit Bellingwolde. Dat is toch wel jammer. Het zal hem toch te slecht en te ver zijn geweest. Piet v.d. Zwaan, de sponsor, die de appelgebak en koffie voor me zou betalen. Ondanks de zekere belofte, dat hij zou komen, laat ie het jammer genoeg afweten. Rob Bijnsdorp had zich al afgemeld, hij scheen een te belangrijke bespreking elders te hebben en zou later op de dag evenals Henk van Breda, ten koste van z’n rusttijd, de start maken. Wat voor een verhaal zal dat worden van Rob, want ook ‘t palaver is toch een wezenlijk onderdeel van het sfeertje en de wedstrijd. We zullen met 29 deelnemers moeten starten. Inmiddels is ook onze Bob gearriveerd. |
De veranderde merktekens,
de OvD3 voor de LS, De staak V 15, bij Medemblik, i.p.v. de
windmolens. Een toegestane overnachting in Enkhuizen op de heenweg
worden doorgesproken. Ik maak de opmerking, dat ik absoluut de V15 op de foto wil zien. De positiemeldingen voor ‘t Internet dienen kort en krachtig te zijn. Met Bob en Marco is deze procedure, denk ik, redelijk doorgesproken. Bob zal de vertrektijd - aankomsttijd en de rusthaven per deelnemer telefonisch, elke dag tussen 18:00 uur en 22:00 uur, aanhoren en verwerken op een daglijst. Marco zal dan de Internetpagina ‘Positie Deelnemers’ tussen 22:00 en 23:00 uur aanpassen. Iedereen , die belangstelling heeft voor de 200 myls ‘SOLO’ en over Internet beschikt, kan dan de posities van de deelnemers opzoeken en vergelijken. Alleen of op vrijdagavond, 2 oktober, de meldingen, tijdens het trouwfeest van onze neef Bas met z’n Leore, goed zullen doorkomen, staat nog te bezien. Bob en Marco zijn echter creatief en inventief genoeg om de eventuele problemen goed op te lossen. |

| Verder worden er nog wat
aangepaste reglementen besproken. Ook Piet Bakker geeft met een
toelichting een extraatje over de veiligheid tijdens de race. Tijdens het palaver hebben diverse schippers hun wegwerpcameraatje helemaal uitgepakt, dus geen kartonnetje met gebruiksaanwijzing er meer op. Ongerust komen ze een nieuwe vragen. Behalve Rodney Clark, die met kale cameraatje zegt, dat 't zo ook allemaal zou moeten lukken. Na de race komt naar voren, dat hij de beste en de mooiste fotosessie heeft gemaakt. Ik ruil echter de meeste kale camera's om, die er niet uitzien zonder verpakking, en kom later tot m’n schrik tot de ontdekking, dat alle cameraatjes zijn ingenomen door de schippers, dus zal ik het met m’n eigen camera moeten doen. Het is nog steeds lekker rommelig in ‘Ome Ko’. |
Alle resten appelgebak
verdwijnen in de monden van de hapgrage schippers. De koffie wordt
opgedronken. Ik geef wat uitleg over de startprocedure, waarbij ik vooral de schippers van de wat grotere jachten waarschuw vooral voorzichtig te zijn bij ondieptes, zoals ook bij de start, ten oosten van de M 1. Ik wens de schippers een goede vaart en een behouden thuiskomst. Het 10 minutensein zal exact om 10:00 uur worden gegeven, waarna om 10:10 uur zal worden gestart. In een oogwenk is de gelagtafel leeg en betaal de totale vertering van f. 300.-- voor de koffie en appelgebak met slagroom....... |
|
Nadat het unieke, mooie stukje Muiden, langs de Vecht, tussen
'Ome Ko' en de Vrijwel de hele vloot lelt, gedreven door een Oostelijke 5 Bf
met een noodgang |
| > De Trimaran, de Passion van Danker Daamen heeft rechts omkeert gemaakt. Rustig huppelt de Passion weer terug naar Muiden. Na ruim 10 minuten, werkelijk fluitend, komt de Trimaran, als een speer voorbij zeilen. Zeker met 15 knopen. Nou, die heeft morgenochtend al z’n 200 myl gevaren en met een handicapfaktor, voor die snelheid, van ‘lik m’n vessie’, daar klopt helemaal niets van. Ik vraag me af hoe je dergelijke schepen, monohulls tegen multihulls, echt zou moeten berekenen. Het heeft me al een avond gekost om de voors en tegens, de berekeningen, adviezen over de deelname van de Passion aan te horen. Ik vind nu eenmaal dat elk zeilschip mee moet kunnen doen, als de schipper maar aan de juiste kriteria voldoet. Al snel is de Passion verdwenen. Het zicht is ongeveer anderhalve kilometer, maar zo snel uit zicht, dat is echt ongefooflijk. De wind trekt iets meer aan en 't log schommelt tussen de 6 en 7 knopen. |
Met Piet Bakker, die me op de hielen blijft zitten en Cees de Wit ronden we om 11:20 uur de GZ 2. De Nan, een Spirit 28 van Herman Tieman en de Jonker Frederik van Harmen Veenstra varen ruim voor me uit. M’n Jeanneau Sunlight 30 is groter, dan een Maxi 77, een Spirit of een Friendship 28. Qua waterlijn, met m’n favoriete, knik in de schoot-koers, moet ‘t voldoende zijn om deze tegenstanders, lager gewaardeerd met hun handicapfaktor, voorbij te zeilen. Wat doe ik verkeerd. Moet ik m’n 1e. rif eruit halen, m’n grootzeil iets boller maken. Het staat er allemaal tof bij. Eigenlijk heb ik er helemaal geen zin in om me uit te sloven. Het gaat lekker hartstikke lekker zo. Het mottert af en toe, maar de wedstrijd loopt. De grijze massa om me heen hebben de meeste andere 200 myls deelnemers opgezwolgen. |
![]() |
Om 12:50
uur gaat de Nek op het kiekkie met de passerende Nan en Jonker
Frederik erop. Mooi plaatje voor m'n Internetsite. De koers wordt verlegd naar de OvD 3 bij Lelystad. Helaas niet bezeild. Het automaatje er maar op en 35° à 40° aan de wind instellen en knoeperen maar weer. Even is er tijd om o.a. Gerard Lenselink van het startschip met de GSM op te bellen om te vragen of de start en het bezoek van Ruud Kattenberg verder goed is verlopen. Ruud blijkt te zijn afgezet en is op weg naar z'n volgende artikel. |
| De start was verder goed
verlopen, maar ervoor, nog in de haven, had zich een incident
voorgedaan. Cees Zeilstra was tijdens z’n achteruit-manouvre bij
het wegvaren nogal behoorlijk in aanvaring gekomen de preekstoel
van de Cydaris van Martin Hulzebosch. Deze kon daarom niet meteen
wegvaren en moest in ieder geval een noodreparatie uitvoeren, ook
ten koste van z’n rusttijd. Dus pech voor Martin. Hij scheen
behoorlijk gedesillusioneerd te zijn. Inmiddels waren Rob Bijnsdorp en Henk van Breda aangemeld en zouden gaan starten. Beide Colin Archers te laat. Mijn vraag aan Gerard of dit een toevalligheid was of een typische Colin Archer-schipper-instelling …..bleef niet helemaal onbeantwoord. Ook Rob van Dam met de Trintella I had problemen. Hij was de Nes binnengelopen met verstagings problemen. Rob zou deze verstaging proberen te repareren en zich weer aanmelden, als hij eventueel z’n wedstrijd zou voortzetten. ‘t Kruisrak naar de OvD 3 was puur genieten. Wel moest ik wat terugnemen van de rolgenua. Inmiddels was ik ook voorbijgelopen door Jan Bijleveld, de schipper van de ‘Bontekoe’ een First 43.5. Hij had duidelijk m’n raad aangenomen en was wat later gestart om zich niet in het strijdgewoel te mengen. Zo’n groot jacht met een diepte van 230, met die lappen zeil erop laat zich toch iets ongemakkelijker sturen op de vierkante meter. |
Door m’n aandacht te
richten op de telefoongesprekken was m’n achterstand ten opzichte
van de andere jachten iets toegenomen. Dan m’n automaat er maar af.
Om 15:50 uur rondden o.a. de Foetsie, om 15:55 uur de Balder en om
16:00 uur exact de Tam Tam de OvD3. Riffen eruit en proberen de snelheid op te voeren. Met af en toe ruim 9 knopen, lelde ik na 10 minuten Piet Bakker en na 20 minuten Cees de Wit voorbij, op weg naar Enkhuizen. De lucht werd grouwer, t zicht minderde, de motregen zette door en de wind trok iets boven de 6 Bf. aan. Vlak voor de Krabbersgatsluizen van Enkhuizen stoof er met volle vaart een reddingsboot voorbij. Toch niet voor een van ons hoop ik. Voor de sluis lag Jan Bijleveld rustig voor anker. Even later haalde Jan ’t anker van z’n Bontekoe op en maakte zich klaar voor de schutting door de sluis met de Zeemuis van Cees Zeilstra, de Nan, Cees de Wit en later de Balder en m’n Tam Tam. Om 18:35 uur voeren we met z’n allen door de havenlichten van de Compagnieshaven. De Scheerling van Albert Broshuis en de Lupa maris van Ed Megens lagen in ‘t kommetje voor de steigers reeds achter hun anker. Even zwaaien, duim en omhoog. Wij voeren door en kregen een achterafplaatsje, helaas onbetaald door ons, aan de westwal vlak voorbij het havenkantoor. |
Enkhuizen
Eindelijk rust. Ik vond het wel genoeg, half zes op, voorbereiding
palaver, dan ‘t palaver, aandacht, organisatie, start, wedstrijd.
Even tijd voor een pilsje, wat droge kleren, en op m’n gemak ‘n hap
eten. Oven en olielampje, warmte en rust!
De welbekende 1e. dagzeilmaaltijd, de bami van Thea, werd snel in
de oven gezet. De notities van koersen en rondingstijden van de
merktekens werden in ‘t net genoteerd. Een beetje schoonschip
maken, want door het kruisrak naar de OvD waren er wel een paar
zaken op de vloer van de kajuit terechtgekomen. Een behoorlijk
potlood was er b.v. niet meer te vinden.
Inmiddels was het al donker geworden en zag ik buiten, dat de
andere schippers ook orde op zaken probeerden te stellen
Dan de bami uit de oven, satehsaus erover, een beetje ketjap en
sambal oelek, de eetstokjes pakken en de eerste boem, boem, boem op
m’n schip waren alweer te horen. Na het uitnodigende …. Joeh, kom
maar binnen, stak de kop van Jan Bijleveld door de
kajuitingang.
Ik wenkte Jan naar binnen en gaf ‘m een pilsje, terwijl ik lekker
kon doorsmakken. Jan vertelde, dat hij al een uur voor anker lag om
te wachten voor ‘n helpende hand van een van de deelnemers bij het
aanleggen in de sluis. In de haven op weg naar de walkant liep hij
met z’n 2.30 meter diepgang 3 keer aan de grond.
Met z’n 58e. was Jan gestopt met werken en had eerst in
Griekenland, voor een wereldreis te maken, een ander groot
zeilschip gekocht, deze werd binnen een paar maanden al gestolen.
Na veel ellende met de verzekering etc. kocht hij zijn Bontekoe, de
First 43.5, in Nederland van een buurman in z’n haven. Met o.a.
zijn zoon, af en toe wat trajecten met z’n vrouw, zeilde Jan via de
Canarische eilanden naar het Caraïbisch gebied, daar bezeilde hij,
in drie jaar, met z’n vrouw de talloze eilanden op en neer. Na die
tijd hadden ze het wel gezien in de Caribic.
In het septembernummer van Zeilen, een reportage van Ruud
Kattenberg, staan o.a. Jan en z’n zoon met een glaasje prik op de
foto voor Cafe Sport op het eiland Faial in de Azoren. Voor veel
zeilers een droom, althans voor mij, om dat eens een mee te maken.
Een bladzijde verder in deze reportage bespeelt hij de
trekharmonica, als de ultieme sailorman.
Ik spreek nog wat andere schippers en zie, dat zowat de helft van
de 200 myls vloot deze nacht in Enkhuizen ligt.
Maar even onze Bob opbellen om te vragen of iedereen wel de positie
en tijden had opgegeven. Ook ik had me voorgenomen om me kort en
krachtig te melden, maar Bob is zo enthousiast over het feit, dat
hij de centrale meldpost is, zodat ik in geuren en kleuren hoor,
hoe de andere schippers het maken.
De enige dissonant, die zich nog niet had gemeld is Fokke v.d.
Valk.
Martin Hulzebosch was zo gedesillusioneerd door de aanvaring in
Muiden op z’n Victoire 822 en door de schade, die voor hem toch te
veel zichtbaar bleef, lekkage, binnenbetimmering los, dat hij had
besloten om de pijp aan Maarten te geven. Ik kon me er wel wat bij
voorstellen.
Arno van Lottum met de Kolibri 560 had ook opgegeven. Hij schrijft
later in z’n logboek. De Lotje is niet op koers te houden met 2
reven in het grootzeil en de kleine fok. Hij loopt niet boven de 2
knopen . Naar de OvD 3 duikt de boeg steeds onder de golven door.
Het water komt overal naar binnen, via de gangboorden. Dat Arno wel
wat golven gewend zou moeten zijn, bewijst z’n tocht op de Lucia,
in de race van IJmuiden - Lissabon in Juli j.l. Hij vertelde, dat
de golven hier en zelfs nog op het Markermeer, erger waren, dan
tijdens die race. Arno waait dan maar terug naar Volendam om
rustiger weer af te wachten. Verleden jaar uitgevallen met een
gebroken roer en nu ...... de golven.
Rob van Dam heeft zich nog niet in de wedstrijd gemeld en zal wel
hebben opgegeven. Jan de Ruiter was de laatste deelnemer, die Bob
heeft opgebeld met de mededeling, dat hij nog een mijl of vijf van
de UK 16 was verwijderd. Hij zou de enige zijn , die op de eerste
dag al tot Urk kwam.
Na Bob belde ik Marco, die bevestigde, dat alle gegevens waren
doorgefaxt. Deze stonden al keurig op de Internetsite.
Nog even aan de wal voor een praatje, maar iedereen is te kooi.
Voor het havenkantoor ligt inmiddels ook de Drifter van Fokke. Ik
keer terug naar de Tam Tam en na een glaasje whiskey en nog wat
schrijfwerk ga ik om 00:30 uur te kooi.
| >Om 05:10 uur, weer
ruimschoots voor de wekker gaat, spring ik m'n kooi uit en kijk
meteen naar buiten. Ik zie al een rood toplicht voortgang maken
richting IJsselmeer. Aan de halen van 't licht is te zien, dat het
toch al flink moet waaien. Later kom ik erachter, dat de vroege
vogel, vast en zeker, de Ann Sophie van Han Beijersbergen moet zijn
geweest. Na de de ontbijtceremonie, koffie en heet water klaarmaken, beluisteren van het weerbericht, overdenkenken of route 3 nog haalbaar is, even de hydrografische kaarten bekijken. Allemaal zaken, die toch hun tijd kosten. De Zeemuis en de Foetsie vertrekken, terwijl ik nog een 2e. rif in het grootzeil aan het trekken ben. 't Waait nu al een stevige 6 Bf. De wind zal vandaag in het noordelijk kustgebied tot en met 'n 7 Bf. aanlopen. In de komende dagen zal de wind meer naar het Noordoosten gaan, dus route 3 met de visa versa Den Helder - IJmuiden, vergeet ik maar. Het is nu nog stervenskoud, rond de 5° celsius. Als ik de havenlichten van de Compagnieshaven op een lijn heb, zowel bak- en stuurboord, wordt 06:35 uur genoteerd. Een groot donkere gat kijkt me aan. Gelukkig is het droog, geen al te best zicht. |
![]() |
![]() |
Om 09:13
uur wordt de WV 14 gerond en m'n koers verlegd naar het zuiden, richting de UK 16. Harmen Veenstra met z'n Friendship 28, naar alle waarschijn- lijkheid komend vanuit Den Oever, ligt ongeveer 'n mijl of 2 voor me. Het wordt een kruisrak en bereken, dat er ongeveer een 7 myl extra moet worden gezeild. Dit is dus met een aan de windse koers met een aangetrokken wind van ruim 6 à 7 Bf. met dito golven, ongeveer vijf en een half tot zes uur naar het volgende merkteken, de UK. De grouwheid, de kou en de regen nemen toe. De wind giert. Met deze koers ben ik maar wat blij, dat ik toch m'n sprayhood heb gemonteerd. |
![]() |
| >
Om 15:15 uur, eindelijk de UK 16. In
de verte
zie ik de Jonker Leeuwerik, afnokkend, richting Lelystad varen. Harmen met z'n 67 jaar, de oudste deelnemer, hield 't voor gezien wegens stuurautomaatproblemen. De dit jaar gekochte Autohelm 2000, had ie me voor de start verteld, werkte niet naar behoren. Toch al een hele prestatie om met die leeftijd, aan zo'n 200 myls te beginnen. Ik voel me nu al, met m'n pas 57 jaar, aan het einde van m'n krachten komen. Hoeveel kerels van 67 jaar doen Harmen Veenstra 't 1e. stuk al na. Rust, ruimwinds op weg naar de VZ 1/LC 6. Ik laat m'n dubbele rif er lekker in zitten. Ik vind 't prima zo. Van mij mag iedereen boven mij eindigen. Ik heb 't wel gezien. Zo drijf ik door tot een mijl voor de VZ 1. Weer verkeerde drift en koers. Ik moet een boel afvallen, dus weer de mijltjes en tijd cadeau geven. Het is niet anders. Ik rol daarom mijn genua maar naar binnen en zeil verder rustig op het grootzeil naar en vrijwel in de Marina van Stavoren. Om 18:05 meer ik af. Ik ben 't zat ! |
![]() |
![]() |
![]() |
Stavoren Ik zie geen deelnemers van onze wedstrijd in de Marina liggen. Wel zeilt vlak na mij de Zilveren Maan richting de Buitenhaven van Stavoren. Even later zie ik nog meer toplichten voorbijvaren. Ik hou me rustig en vind het prima zo. Oventje aan, wegens gebrek aan de kachel, wat droge kleding. Kijken wat de pot schaft. De door mij, even snel voor de wedstrijd, ingekochte kant en klaar maaltijden blijken over de datum te zijn. De gebakken eieren met veel spek met een Grieks toetje van Mona smaken overheerlijk. Nadat ik wat ben bijgekomen is het weer tijd om me kort te melden bij Bob. Maar het is weer ‘Bobby’s babble’ Er is genoeg te melden en hij vindt, en dat is eigenlijk wel zo, dat ik het een en ander wel moet weten. Hij verteld, dat Arie Petrus zijn kaak en neus had gebroken. De babystag van Arie stond verkeerd gespannen, zodat hij besloot de terminals wat te verdraaien. Zonder lifeline en reddingsvest aan ging Arie op z’n Fighter, de Egythene 24 naar voren. Hij zette zich neer bij de babystag. Tegelijkertijd zette een golf de boot opzij en gijpte. Hij viel achterover en de giek sloeg tegen z’n gezicht. Toevalligerwijs ………, nog een geluk bij een ongeluk, ………. kwam hij in de kuip terecht. |
![]() |
![]() |
|
> Een myl of 3, bij de Kreil 7, voor de aanloop naar de gele staak V 15, denk ik nog aan die tijd, dat we bij wsv. Gooierhaven met de 18 uurs, als laatste merkteken, ook een gele staak, de V1 moesten ronden. Voordat je er bijna boven op knalde, was dat door vele deelnemers vervloekte ding vrijwel nooit te vinden, totdat we de juiste techniek hadden gevonden. Buiten het bestek, koers en log zeilden we zig- zaggend. Gewoon zigzaggen en goed kijken, maar ja, we hadden toen nog geen AP of GPS. Dus nu maar 't koersje berekenen, afstand bepalen en zigzaggend op het waypoint af. Nu lette ik dus wel goed op en kon eigenlijk de staak doormidden zeilen. Proberen om een mooi fotootje te nemen voor de homepage van de 200 myls Internetsite, en ronden maar, op weg met een knik in de schoot naar de Sport B bij Breezanddijk. |
![]() |
De GSM laat
zich weer horen. Ed Megens van de Lupa Maris. "Jan, ik heb meer dan
een uur naar de V 15 gezocht, maar ik kon ‘m niet vinden." "Nou,
Ed, blijven zoeken dan." "Ja, maar Jan, ik ben alweer op het
Markermeer, maar het zit me zo dwars, dat ik jou maar even bel.
Jan, ben ik nou gediskwalificeerd." "Nou Ed, zo ernstig zal het
toch allemaal niet zijn. We bekijken het wel, als we in Muiden
zijn. Dag Ed."
![]() Start-, opnameschipper Gerard Lenselink van de Allegro neemt de logboeken in ontvangst van Henk Van Breda van de Batavus en Cees Zeilstra van de Zeemuis |
![]() Muiderslot vanuit de Stichtingshaven |
Om 06:00
uur weer de reveille, douchen, potten koffie, een beetje de troep
opruimen.
![]() De 200 myls op 14/10/'98 te gast bij wsv AVOH te Huizen. Teruggave van de logboeken, nega- tieven/printplaatjes en prijsuitreiking van oa de wisselprijs en herinneringsplaatjes |
![]() De winnaars van de 3e., 1e. en 2e. prijs. Albert Broshuis, Han Beijersbergen en Hans Hofstee. Voor de 2e maal won Han Beijersbergen de eerste prijs en de 200 myls wisseltrophee. |
| > In 1998 werd deze wedstrijd voor de derde keer gevaren en deden er vier solo Kustzeilers mee. Ad Beringen met de Skua, Jaap Verkerk met Stella Filante, Albert Broshuis met Scheerling en ondergetekende met de Zeemuis. De wedstrijd begon op woensdag 30 september’98 om 10.00 en de laatste finish mogelijkheid was zondag 4 oktober om 11.59:59 uur. Totaal aantal deelnemers was 29 schepen, variërend van de kleinste Kolibrie, via een First 43 naar een Dragon Fly trimaran, de Zilveren Maan van Bijnsdorp was de grootste deelnemer, daar kon met gemak een biljart ingebouwd worden. In Zeilen van november’98 schreef Bijnsdorp er een nogal persoonlijk verhaal over. De pret begint eigenlijk al op de dinsdagavond voor de start. Bijna alle deelnemers zijn dan al aanwezig in de haven van de "Stichting" in Muiden. Weerzien van deelnemers van vorig jaar versterkt het vertrouwen in de goede afloop, uiteraard alleen dan wanneer de verhalen op een gepaste wijze bij Ome Ko worden opgehaald en aangedikt. Nieuwe deelnemers laten zich ook niet geheel wegcijferen en de koude oorlog rondom de wedstrijd is al begonnen met het gegeven wie het laatst naar bed gaat heeft het meeste zelfvertrouwen (of kent zichzelf slecht). Ik ben vergeten wie er gewonnen heeft, maar lol hadden wij wel. Vlak voordat ik de kooi vond, had ik nog snel een weerbericht opgevangen. |
![]() Cees Zeilstra |
![]() |
Nu kan ik mij voorstellen
dat niet iedereen even enthousiast kan worden van dit soort
evenementen, feiten zijn wel dat van de 29 schepen er maar 10
hebben opgegeven (het is opvallend hoeveel stuurautomaten er dan
kapot gaan…), er 3 nieuwe Kustzeilers uit deze wedstrijd als nieuw
lid bij de club zijn gekomen, de meeste deelnemers alweer hebben
ingeschreven voor 1999, het een bijzondere wedstrijd is op een
rustig vaarwater in oktober. Toch wil ik een warm pleidooi houden voor het solo zeilen in dit jaargetijde, het is dan rustig op het water, wel fris maar mooi en een prachtige afsluiting van een zomertijd periode, en bovenal wordt je weer eens met je neus op de feiten gedrukt als je alles alleen moet doen op je boot en niemand anders de schuld kan geven. Voor FL.47,50 inschrijfgeld kom je geheel tot inkeer en ben je een aantal goede zeilvrienden rijker. Voor de Internet gebruikers onder u is de website van organisator, en sinds kort NVvK lid Jan Luyendijk, een must, adres www.solo.club.tip.nl. Alle ervaringen van drie jaar 200myl’s, route’s, regels, inschrijfformulier, etc. is daar te vinden. Ik hoop van harte een flink aantal NVvK leden in oktober bij de start als mededinger te mogen begroeten van de 200myl’s van 1999, ik zal mijn uiterste best doen u nederig doch beslist voor te blijven a/b van de Zeemuis. Cees Zeilstra, S/Y Zeemuis. |

