Terugkijken op de laatste 200 Myls met Paradiso
Impressie uit 2013 vanaf de Paradiso, van Wessel Agterhof. Meer videoclips ziet u op ons Video overzicht.
Impressie uit 2013 vanaf de Paradiso, van Wessel Agterhof. Meer videoclips ziet u op ons Video overzicht.

Op de prijsuitreiking kijken we altijd terug naar opzienbare zaken van de wedstrijd. Gelukkig hebben we dit jaar over het algemeen een uitmuntende, uitdagende race gehad, met prachtig weer en aangename temperaturen.
Vanwege de verwachting van weinig wind en verhinderingen verschenen er uiteindelijk weinig starters in Durgerdam. Er waren uiteindelijk 94 betaalde inschrijvers, 74 starters. Doordat er weinig uitvallers waren, hebben maar liefst 63 deelnemers de wedstrijd uitgezeild. Geduld werd beloond. Deelnemers die laat gestart zijn vanuit Durgerdam, of die bij weinig wind rust namen en alleen zeilden bij voldoende wind, werden beloond voor hun strategie. Banen 1 en 2 zijn over het algemeen populair vanwege de stroom die je mee krijgt, maar ze bleken dit jaar lang zo gunstig niet als eerdere jaren, omdat de windrichting leidde tot relatief veel kruisrakken.
Het was voor het eerst dat een stelletje deelnam met twee boten. Leuk detail is dat ze vervolgens achter elkaar in het klassement eindigden.
Mini’s zijn al veel vaker gestart in de 200 Myls ‘SOLO, maar het was dit jaar voor het eerst dat ze de wedstrijd hebben uitgezeild. Dat is een enorme presttaie, vanwege de lage rompsnelheid en het harde werk om steeds zoveel zeil te voeren. Eén van de Mini’s moest aanvullend ook steeds de kiel kantelen, de daggeboards gebruiken. Met Mini’s is het zwaar om je door de korte knobbelgolven van het IJsselmeer te vechten, net als enkele andere kleine schepen.
In de de logboeken en berichten van deelnemers vonden we de volgende leuke quotes:
Even een vraag van een Rookie:”Is nu de tijd van de boeg of hek langs de boei bepalend voor de tijd? Er kan namelijk 5 min tussen zitten.”
Er werd door een aantal deelnemers gesproken en geschreven over hun tracker en autopiloot alsof het dierbare bemanningsleden waren
Een deelnemer beschreef hoe één van zijn avonden vrolijk opgegesierd werd door een onbewuste striptease van een buurvrouw
“Baan vier echt voor solozeilers, je ziet geen hond”
“Een race van Les Sables-d’Olonne (FR) naar Spanje van 350 mijl en met 100 mini’s is een comfortabel tochtje vergeleken met de 200mijls!”
“In de 200 Myls moet je meer boeien ronden dan in de Ostar en de Round Britain bij elkaar!”
Verder schreven velen over vermoeidheid. Ook konden verschijnselen van vermoeidheid opgemerkt worden, omdat de laatste rusttijden vergeten werden in het logboek, de verkeerde getallen gebruikt werden in berekeningen, er rekenfouten in rusttijden zaten en dat boathandlingmanouevres de mist ingingen.
Kortom, het was wel weer een bijzondere 200 Myls ‘SOLO”!
Met een flinke groep deelnemers waren we bijeen gekomen om de uitstalgen, anekdotes en prijzen te bespreken
De volgende prijzen werd uitgereikt:

Prijswinnaars, gefeliciteerd!


Harmen de Jong – grootste zeilschade Sander Vogelenzang – Jan Luijendijk Trofee


Paul van den Ham, winnaar baan 4


Sander van Doorn, winnaar baan 2 Govert Ramselaar 3e plaats overall


Richard van Leeuwen, 2e plaats overall John van der Starre, weer de 1e plaats overall


Bart Desaunois, weer Line Honours Klaas Jan Kroon, snelste Dehler

Peter Knüppel, schonk en overhandigde de Dehlerprijs

Vanwege het overlijden tijdens de race van onze deelnemer Dancker Daamen, is de wedstrijd na anderhalve dag gestaakt. Er zijn daardoor geen uitslagen vastgesteld. Er is daarom ook geen prijsuitreiking geweest en is is daarom ook geen verslag.
Op woensdag 19 oktober was het dan zo ver, de prijsuitreiking van de 16e 200 Myls ‘SOLO’. Net als vorig jaar waren we nu ook weer te gast bij ZV Het Y in Durgerdam.Om half acht kwamen de eerste solozeilers, met of zonder partner, binnen en om acht uur waren er ongeveer vijftig man aanwezig. Terwijl de zeilers en hun aanhang van een kopje koffie en een plak cake konden genieten, begon het bestuur met de prijsuitreiking.
De 16e 200 Myls ‘SOLO’ werd gekenmerkt door weinig tot geen wind en aangename temperaturen. Toch wisten 28 schipper reglementair te finishen. Complimenten voor hun doorzettingsvermogen! Hun geduld werd beloond: Omdat ze gefinisched waren kregen zij tijdens de prijsuitreiking het bekende en fel begeerde 200 Myls ‘SOLO’ gedenk plaatje.De bijzondere Jan Luyendijk trofee, die normaal wordt uitgereikt aan de deelnemer die een onderschijdende prestatie heeft neergezet, werd dit jaar niet uitgereikt. Indien mogelijk zouden alle 28 deelnemers die dit jaar reglementair zijn gefinsiched recht hebben op deze trofee. Dit, omdat ze het onmogelijke waar hebben gemaakt, ze hebben namelijk de 200 Myls ‘SOLO’ verzeild zonder wind!
De 3 prijswinnaars waren 3 J’s Dit niet te verwarren met de 2 J’s uit Volendam. Deze top 3 J ziet er als volgt uit (en we rekenen op sponsoring door J-Boats volgend jaar):
1. John vd Starre, met zijn J-111 genaamd J-Xcentric Ripper
2. Bart Desaunois met zijn J-133 genaamd Batfish
3. Sander van Doorn met zijn J-92 genaamd Stinkfoot

DeLline Honours ging dit jaar naar John van der Starre met zijn J-111 genaamd J-Xcentric Ripper


Per lengte werd er voor elke klasse ook nog een line honours beker uitgereikt deze top 5 ziet erg als volgt uit:
1. schepen groter dan 12 mtr, Bart Desaunois met zijn J-133 genaamd Batfish
2. schepen 10.5-12 mtr , John vd Starre met zijn J-111 genaamd J-Xcentric Ripper
3. schepen 9-10.5 mtr, Sander van Doorn met zijn J-92 genaamd Stinkfoot
4. schepen 7.5-9 mtr, geen schip gefinished
5. schepen kleiner dan 7.5 mtr, geen schip gefinished.
Een bijzondere extra prijs, beschikbaar gesteld door Hagoort Sails, werd uitgereikt aan Age van de Bles, omdat hij heeft doorgevaren tot het einde en daarmee met de langst reglementair verzeilde zeiltijd nog is gefinisht!. Age mag t.w.v. Euro 200,- gratis reparaties aan zijn zeilen laten uitvoeren bij Hagoort Sails.

Het bestuur en alle deelnemers bedanken onze sponsors; zonder hen zou de 200 Myls ‘SOLO’ niet gevaren kunnen worden.
Het bestuur wijst alle deelnemers er nogmaals op wijzen, dat er wordt gevaren volgens de regelgeving van ISAF off shore en dat elke schipper verantwoordelijk is dat zijn schip voldoet aan deze regelgeving. Deze regelgeving is er voor je eigen veiligheid. Hiermee minimaliseren we het risico ook ongelukken tijdens de 200 Myls ‘SOLO’.
Uit gegevens van logboek, tracker zijn de uitslagen berekend en gecorrigeerd voor fouten waar nodig. Daaruit is onderstaande uitslag samengesteld. De prijsuitreiking is inmiddels geweest, een verslag volgt.
De uitslag is geworden:

Bart Desaunois
weer een prachtige race. Van alles meegemaakt, leuke manier om je boot te leren kennen.
Tot volgend jaar.
Pim Schulp
Geen wind, vechten om bij de GVD3 te komen!
Lekker lopend windje naar WV12. Spi erop,, 5-6,5 kts. Op het laatst lekker hard, zo lang mogelijk spi erop. Om de boei overstag, aan de wind naar WP6. Wacht, er stond geen WV12 op de boei! Wat dan? Het staat aan de andere kant, terug dus. Opnieuw ronden (!), WV 6. Te ver gevaren! Ruime wind naar WV12, kruisen naar WP6. Kost een half uur! Toch de GPS even nakijken….
Jeroen Paardekooper
Doldrums tussen Lelystad en Amsterdam. Wie maar heel dicht tegen de kust aan voer, was spekkoper en bleef wind houden. De Tuimelaar en duidelijk verliezer zonde om de zeilen zo te zien hangen.
Als laatste nog met de stroom mee naar Kornwerd. Achter me hoor ik dat er afgewacht wordt in Oude Schild. Magic Woman vaart als gewoonlijk met spi (voor de wind, aan de wind maakt niet uit).
Sjouke Bus
Bij Lelystad ankergerei klaar, maar toch twijfel, twijfel en dorgevaren. Fout natuurlijk, windkracht nul en minder, dan maar ankeren. Bij de EZD wel gezellig we liggen met zijn vieren. Tevens een beetje dom foute knoppen ingedrukt. Complimenten voor de snelle reactie van de wal.
Gerben Bos
RETIRED!
Lekke saildrive.
Succes Mannen en geniet ervan.
KJ Kroon
Kom als eerste bij de S11 aan!! Innerlijke triomf. Voor T12 passeer ik Escxape. Na sluispassage Kornwerd door koers Medemblik samen met Bixmik.
Elly Kool
Jarenlang de enthousiaste verhalen over de 200myls aangehoord. Maar solo, is dat wat voor mij denk je dan.
Na een weekend zeilen met het gezin, kon ik ’s avonds beginnen aan mijn uitdaging. Sommigen zien het als een midlife-crisis, voor mij was die avond het begin van een superweek! Genieten van alles wat met varen te maken heeft. Het moment van die dag was voor mij in Enkhuizen het anker uitgooien en constateren dat de eerste 8 myl solo in mijn leven prima waren verlopen.
De ochtend om 12.00 uur door de sluis om wederom een belofte te breken: Ik ga toch de Noordzee op.
Als beginneling valt mij 1 ding op: Geen wedstrijd is zo sociaal als een solo-wedstrijd. Iedereen is behulpzaam. Iedereen weet waar de moeilijkheden zitten. Er wordt met elkaar gesproken, gegeten, gevaren. Sociaal gedrag. Deze race doe je met elkaar en niet tegen elkaar.
Frits A. Brattinga
De vijftiende 20 myls solo. Vanaf 2001 deed ik mee. Een race naar Jan zijn idee. Nu 10 jaar later is het nog even fijn om solo te zijn met wind en water.
Het zal wel aan mij liggen, maar het is weer mooi weer.
Hobbelende geit vlak voor het Molengat.
Bauke IJntema
Route 2 is een prachtige route (de mooiste) en er zit veel mogelijkheden in. Ik heb waar genoten! Bedankt!
Bauke en Catootje
John van de Starre
In gevecht met Richard van Leeuwen bij de boei. Ook Martin Selles nog op de foto gezet. Weer met Richard om de boei, klittenband?
Erik Opmeer
Puzzelen, puzzelen, …. Het blijft raaien of gokken. Eerst maar wat rust zodat Sport E OVD te bezeilen is. Voel me wel een beetje eenzaam er liggen drie Winners om me heen.
J.N. Pietersma
Het was weer een oefening in geduld. Dit jaar lukte het uitoefenen van geduld een heel stuk beter. Route 2 was weer prachtig en kwam heel mooi uit met getij en wind. Wel een beetje veel wind.
Peter van der Schaaf
Lig ik hier rustig voor bij de Sport E komt opeens de Koningin uit Alabama voorbij varen een anker achter haar aanslepend. Wel groot zo’n 44 voets boot.
Tracker deed moeilijk bij anker op gaan. Gelukkig zoemd en trilde hij weer als vanouds bij de boei.
Volgens mijn walkapitein moet ik als de donder naar het noorden. Oke, ik ga al.
Roemer de Vos
Tijdens het schutten in de sluis ben ik zo druk in gesprek met mijn buurman dat ik bijna aan de sluismuur blijf hangen. ARJEN BEDANKT!!!
Wederom een windstilte op de Noordzee. Om gek van te worden!!
Wel zwaar dit jaar. Jammer dat ankeren niet is gelukt, maar volgend jaar beter.
Nils Wassernaar
Vlieland was nat! Met harde regen richting haven. Volgende morgen tegen de stroom in naar de ZS5. Alsof een elastiek je terug trekt. Prachtige tocht naar Harlingen, daar gewacht op westenwind.
Na ankerpauze in Enkhuizen in 1x naar de finish. Net voordat wind wegviel gefinisht. Top race!
Verslag eerste stuk van Baan 1, Tuimelaar Start om 7.05.
Voor mij ligt de J109 Firestorm, vlak tegen de P9 ton. De schipper is niet aan het roer, maar zit te rommelen met z’n spinnaker, die hij kennelijk net op dat moment wil gaan hijsen. Hij zwabbert bb, sb, bb en op het moment dat ik hem voorbijloop valt hij plotseling hard af. Ik kan niet meer uitwijken en onze rompen toucheren elkaar. Mijn drijflicht blijft aan zijn reling haken. Het licht wordt van mijn reddingsboei gerukt en gaat overboord. In het water start het licht keurig: flits flits flits. We vloeken allebei beschaafd, ik denk over een protest, maar laat het zitten. Liever ga ik herstarten, zodat dit incident geen invloed heeft op mijn race, en ook in de hoop mijn drijflicht te kunnen oppikken. Maar mijn gemier met de pikhaak bij de startboei levert niets op. Het drijflicht drijft flitsend de vaargeul uit, waar ik het vanwege mijn diepgang niet meer kan terughalen. Het licht eindigt ongetwijfeld op de dijk voordat het nacht is. Om 7.15 start ik opnieuw. Die Firestorm zie ik inmiddels ver voor mij al gauw snelheid maken met zijn oranje spi, hoewel naar mijn idee de koers te hoog is voor een spi. Maar ik moet toegeven, hij loopt steeds verder op me uit.
Voorbij Marken krijg ik het moeilijk. De spi-’s worden links en rechts gehesen, maar mijn gennaker geeft geen resultaat op een voordewindse koers. Ik haal hem naar beneden en zet de fok bak op de spi-boom. Dat werkt beter, maar een groot lichtweerzeil is het natuurlijk niet. Ik zie tot mijn schrik en afschuw allerlei kleinere en oudere boten op mij inlopen en me ook voorbij lopen. Bah. Voor-de-windse koersen gaan mij niet de overwinning brengen. Als ik echt mee wil doen zal ik een spi moeten aanschaffen. Op het kruisrak van Hoorn naar Lelystad ben ik beter in mijn element, hoewel ik de eerste tien minuten nodig heb om de boot goed op hoogte en snelheid te kregen. Ik vaar in de valse wind van Lady-A, die opvallend hoog vaart. Ik probeer op te loeven om haar aan loef te passeren, maar de schipper loeft mij er al telefonerend uit. Toch ben ik haar nu zo dicht genaderd, dat ik vlak achter de spiegel af kan vallen en er nu onderlangs vlot voorbij vaar. Eindelijk begint Tuimelaar wat op haar concurrenten in te lopen. De wind is nu nog ZZO, maar voorspeld is eind van de ochtend ruimend naar Z. De lange slag wordt daardoor steeds gunstiger en ik besluit die zo lang mogelijk vol te houden. Iets voorbij de helft van de afstand naar Lemmer wordt de wind wat minder. Ik zie aan loef een streep in het water en begrijp dat daar meer wind is. Goed gegokt, na vijf minuten varen met 5 – 6 knopen wind, neemt deze opeens toe tot 12 knopen. Was het dan toch beter geweest om eerst de korte slag te maken? Had ik dan meer wind gepakt? Vol spanning wacht ik de ronding van OVD3 bij Lelystad af om te zien wie het beter en wie het slechter heeft gedaan. Een mijl voor OVD3 passeer ik Florijn. Ik ga op het voordek staan met de kijker. Gelukkig zie ik geen boten die OVD3 al hebben gerond en weinig die er eerder zullen zijn dan ik.
Het kruisrak heeft Tuimelaar goed gedaan. Ik rond OVD3 om 12.55 uur, net na Stinkfoot. Hier zal ook de keuze van de baan blijken. Alleen de zeilers van baan 1 varen terug naar Durgerdam. Waaronder Tuimelaar. Dit laatste rak is mooi bezeild, aan de wind. Tuimelaar snelt al gauw met zes knopen richting Durgerdam. Mooi glad water, lekker stabiel windje. De stuurautomaat doet het werk. Dus alle tijd voor een avocado-mozzarella salade met spicy Italian seasoning! Maar nee, te vroeg gejuichd. Na een uur valt de wind volkomen weg. Het hele veld ligt stil. De meeste jachten liggen achter me, maar hoe weinig wind er ook is, ze komen langzaam dichterbij. Florijn dobbert mij in de verte weer voorbij. Eén zeiler zoekt de kant op. Ik denk nog “wacht maar rustig af”, maar nee, hij heeft het goed gezien. Na een half uur komt juist daar een klein beetje wind. Hoewel hij niet vooruit schiet, loopt hij toch sneller dan de rest van het veld. Wie is die slimmerd met die zilveren zeilen? Ik ben te ver van de kant, lig volkomen stil, en zie niet hoe ik nog van koers kan veranderen. Zo dobber ik verder. Het schuim blijft naast de boot liggen. Het lijkt uitzichtloos. Gek genoeg zie ik heel in de verte bij Muiderzand de hoge windmolens volop draaien. Er moet toch wind in de lucht zitten. En weer blijkt de makker met de zilveren zeilen de betere zeiler. Ik zie in de verte zijn boot schuin trekken. En hij schiet weg langs de dijk. Voor mij duurt het zeker nog een half uur voordat ik weer vaart kan maken. Om 17.35 uur bereik ik Durgerdam.
Woensdagavond om half tien schoof Tuimelaar de box in Seaport IJmuiden binnen. Ik overwoog om met het eerstvolgende tij, om half drie ‘s-nachts verder te varen, maar dat zou te kort zijn voor mijn eerste reglementaire zes-uur-stop. Om kwart voor twee stond ik op om de wind te checken. Het woei iets harder dan ‘s-avonds, maar niet veel. Ik dook mijn slaapzak weer in.
Donderdagmiddag om kwart over één maakte ik tijdig los voor het volgende tij. Het plan was goed. Het plan was uitstekend. Ik zou buiten voor de pieren rondjes gaan varen totdat ik zeker was dat het tij mee liep en dan zou ik een mooie snelle start maken langs de Baloerean ton, nadat ik ruim voor de ton op koers was gaan liggen en de zeilen goed had gezet. En ik wilde geen moment van het tij missen, want het zou me toch niet gebeuren dat ik door zwakke wind te laat zou zijn om het Marsdiep binnen te komen. Zo gezegd zo gedaan. Toen ik zeker was dat de stroom mee liep ging ik anderhalve mijl voor de Baloerean ton op koers liggen richting Den Helder. Met alleen het grootzeil op hees ik de eindeloos lange slurf waarin zich de gennakker bevond. Ik trok de slurf open en liep gauw naar achteren om de gennaker met de schoot open te trekken. Te laat, de gennaker was zich al in ballonnetjes om het voorstag aan het wikkelen. Met grote moeite lukte het me om de gennaker weer in de spicon te trekken. De geleidelijn zat immers ook in het zeil gewikkeld. Tweede poging. Weer spurtte ik naar achteren om het zeil open te trekken. Maar weer was ik te laat. Ik liep naar voren, rukte en trok aan de lijken van het zeil, maar het schoot niet op.
Tegen de tijd dat ik Baloerean passeerde voer ik met de bekende dubbele zandloper om het voorstag. De spicon hing boven in de mast en was niet in beweging te krijgen. Gelukkig lukte het me om de 140m2 stof op het voordek te krijgen. Opnieuw: so much voor de gennaker. Tuimelaar moet het zonder lichtweerzeil doen. Het gaat mij zeker niet lukken om al dat zeildoek weer in dat condoom te proppen. Na mijn midlukte start duurde het nog een kwartier voordat ik gewoon met grootzeil en uitgeboomde fok op koers lag. Inmiddels zag ik op de AIS dat de Majic Potion als een malloot het strand op en af aan het zigzaggen was. De schipper had ik de vorige avond in de Zuidersluis gesproken. Hij was bijzonder enthousiast over de vele gennakers die hij aan boord had. Hij had ook talrijke tips voor de gadgets die ik nog zou kunnen aanschaffen voor mijn boot. Toen ik wat bedenkelijk keek zei hij: “Je moet wel, het is een primaire levensbehoefte.” Ook hij zag af van een nachtelijke herstart. Zo kon hij de nacht bij zijn vriendin doorbrengen. Kennelijk de secundaire levensbehoefte. Achter mij naderden met spinnaker de Swinde en de Addixion. Swinde liep mij al gauw voorbij. Addixion bleef een tijd gelijk met mij oplopen. Een grijze band van duct-tape op de romp fonkelde mij tegemoet. De tape dekte het gat af dat er de vorige dag door de Goudvis in was gevaren. Een Waarschip 1010 heeft een scherpe punt. Het bleef een lichtweer tocht, met hele stukken waar de snelheid niet boven de 1 à 2 knopen kwam. Vervelend gedobber en gekojang op de golven. GOD, I HATE SLOW RACING! Tijd genoeg voor een broodje Franse kaas. Weer een voordeel van solozeilen: je kunt tenminste een pakje camembert-au-lait-cru aan boord nemen zonder dat een bemanningslid zegt: “Papa, je moet je sokken wassen.”
Toen de wind wat begon te krimpen en de spinnakers op de andere boten niet meer werkten ging het wat beter met Tuimelaar. Ter hoogte van de Lange Jaap kwam ik vlak onder de kust. Ik kon de golven horen breken op het strand en een wandelaar horen fluiten naar zijn hond. Ik kwam zelfs angstig dicht bij de wal toen plotseling de wind weer wegviel. De boot liep nog maar een knoop. Voor mij en naast mij zag ik stroomflarden in het water. Ik zou zeker twee knopen stroom mee moeten hebben, maar als ik naar het strand keek leek het of de boot volkomen stil lag. Zou ik in een neertje terecht zijn gekomen, en langzaamaan weer worden teruggezet? Nee, de GPS bood uitkomst. Ik maakte nog een voortgang over de grond van 3,5 knoop. Voor me zag ik Swinde de hoek om gaan het Marsdiep in. Naast me rende een jogger. Eerst sneller dan ik, op het strand, later, op de dijk voorbij de Lange Jaap haalde ik hem weer in. Hij hield goed tempo. Het was een mooi gezicht, dat kleine regelmatig rennende figuurtje langs de hoge dijk, terwijl het al donker werd. Met een snelheid van 2 à 3 knopen plus twee knopen stroom rondde Tuimelaar vlot de S11 en korte tijd later de T5-MH2. Ik durfde het nog wel aan om het stukje naar Oudeschild over te steken, maar om met dit lichte windje te proberen om in Kornwerderzand te komen leek me een te groot risico. Dat ging ik niet halen binnen dit tij.
De vijf mijl naar de T12 was een prachtig stukje varen. Drie knopen door het water, vijf knopen over de grond. Het water was doodstil. Het was donker. De rode en groene tonnen schoven in stilte langs. Het water hoorde ik heel licht kabbelen langs de romp. In de verte, boven het IJsselmeer zag ik bliksemschichten oranje oplichten, maar hier was het rustig. Ik hoorde fladderende vleugels. Een vogeltje cirkelde een paar keer boven het achterdek, aarzelend of hij even zou komen uitrusten. Ton T12 lichtte rood op in de verte. Ik stuurde er schuin op aan, als een krab, om er niet door de stroom langs gezet te worden. Om 20.52 uur startte ik de motor en voer Oudeschild binnen, waar ik werd begroet door Gilles van Delft van Lightning. Tien minuten na mij meerde Addixion aan. Op vrijdagmorgen om 5.07 uur herstartte ik. Lightning volgde mij enige minuten later. Er was inmiddels een licht briesje opgestoken en op een voor Tuimelaar gunstige aan-de-windse koers vervolgde ik de route over het wad. Het was donker. Alleen de lichtjes van de tonnen in de verte waren te zien. Althans, van de verlichte tonnen, want er liggen ook veel onverlichte! Ik weet niet hoe vaak ik er rakelings langs ben gegaan. Met de lantaren kon ik ze in ieder geval niet aanlichten. Zonder GPS zou dit een hachelijke tocht zijn.En met GPS moet je er maar op vertrouwen dat alle tonnetjes op de juiste plaats in de electronische kaart staan. Om 7.02 rondde ik de laatste ton op het wad, kort daarna gevolgd door Bongo en Swinde, die in Den Helder hadden overnacht. En nog iets later volgde Lightning. In de Houtribsluis wist de schipper van Bongo mij te vertellen dat hij de slimmerd uit mijn eerste verslag was.
Vrijdag op het IJsselmeer, de derde dag van de race. De groenten zijn al twee dagen op. Een enkel bemanningslid begint tekenen van scheurbuik te vertonen. Maar we zijn op de helft. En na het mooie nachtelijke tochtje op het wad besluit ik om vandaag even flink door te zeilen en het hele stuk op het noordelijke IJsselmeer te varen. Waarom zou je dat doen? Je hebt toch nog twee dagen, vraag je je misschien af. Ja, maar in mijn ongebreideld optimisme en met veel zelfoverschatting heb ik moeders beloofd om zaterdag voor het donker thuis te zijn. Even doorzetten vandaag, dus. Na de Lorentzsluis (“Houtrib” schreef ik in mijn vorige verslag, maar het moest zijn: “Lorentz”) start Bongo direct door. Ik treuzel nog een kwartiertje en start dan ook. Prachtig zeilweer, stabiel windje. En langzaam maar zeker komt er ook een zonnetje bij. Met bijna 7 knopen kruis ik op naar Medemblik. Oplettende kaartlezers hebben natuurlijk wel eens het stippelrondje bij Medemblik in de kaart zien staan. 1,8 staat er bij. Dat zal dan wel de diepte zijn. Toch gek, zo midden in het IJsselmeer. Er zou een bergje keien liggen, heeft iemand me eens verteld. Maar misschien is het ook niet zo, vandaar de stippeltjes? En als het wel zo is, waarom baggert Rijkswaterstaat dat vlekje dan niet eens weg? Of ze kunnen er tenminste een boeitje boven leggen. Bij het naderen van de WP6 ton hield ik het cirkeltje goed in de gaten. Met mijn 2,50 diepgang was het toch iets om voor de zekerheid te vermijden. Ik stond te aarzelen met de schoot al in mijn hand, want ik naderde het vlekje in de electronische kaart, maar ik leek er toch vrij van te blijven. Toch maar overstag? Te laat! Kedengkedeng, kedengkedeng en nog eens kedengkedeng. Hoe mik je het zo uit? Voor de belangstellenden: de keitjes waar ik overheen ging liggen op 52 49 N, 005 10 O. De plek staat correct in de kaart. Ook in de electronische kaart, maar het probleem is dat het cirkeltje even klein blijft als je de schaal van de electronische kaart verandert. Dat verklaart waarom ik dacht er vrij van te blijven, terwijl ik er al boven zat.
Bij WP6 blijk ik Bongo er op het kruisrak flink uitgelopen te hebben. Ben ik de slimmerd toch sneller af. Maar ja, win the battle, not the war, weet ik ook wel, want hij verslaat me straks makkelijk op handicap. Op het volgende rak jaagt Bongo achter me aan. Met de spinnaker op loopt hij langzaam maar zeker op me in. Ik zie zijn schipper met de tanden in de schoten en de helmstok in de hand op de rand van zijn boot zitten. Ik heb het heel wat rustiger, zonder spi of gennaker. Ik bak maar eens een eitje en ga het in het zonnetje in de kuip zitten opeten. Tsja, als je wil winnen moet je fanatiek zijn, peins ik al knabbelend op een stukje uitgebakken spek. Onbedoeld raakte ik zo in een duel met Bongo. Nu eens lag ik voor, dan weer hij achter. Op de ruime-windse rakken liep hij op me in, maar op de aan-de-windse rakken liep ik weer uit. Ik werd er filosofisch van. Wie is nu eigenlijk wiens kwelgeest? Is het gras de kwelgeest van de maaier, door steeds weer te groeien, ondanks dat de maaier het afmaait? Of is de maaier de kwelgeest van het gras, omdat de maaier steeds weer langskomt met zijn zeis. Langzaam verstreek zo de middag voor Bongo en Tuimelaar, terwijl zij doelloos hun rondjes over het IJsselmeer draaiden.
Inmiddels werd het tijd om de gennaker situatie nog eens kritisch te bezien. De gennaker lag nu al bijna een etmaal als een natte stijf ingerolde worst van vijftien meter in de kajuit. Tijdens het volgende kruisrak probeerde ik de knoop te ontwarren. Tientallen vierkanten meters nat zeil draaide ik in de kajuit om zichzelf heen. Eén ding was mij duidelijk. Dat condoom moest er af en ik zou het er nooit meer instoppen. Dat is voor watertoeristen, niet voor 200-Mylsers. Na een half uur prutsen had ik het zeil los van de slurf netjes in de zeilzak zitten. Kleine tip voor de organisatie: ton WV5 bij Den Oever is geen handig routepunt.Om hem te bereiken moet een wat dieper stekend jacht de laatste twee mijl door de vaargeul, want daarbuiten is de diepte maar twee meter. Dat stuk vaargeul lag exact tegen de wind in. Op zich geen probleem, kruisen dan meer, deden we vroeger in Friesland ook met de zestienkwadraat. Maar in de smalle vaargeul is het toch wel lastig met een eenenveertigvoeter. Om de dertig seconden riep ik: “Klaar om te wenden – REE!” De donkere lucht aan het eind van de vaargeul begon mij op te vallen. Daar zou wel eens wat wind uit kunnen komen, dacht ik. Ik hoopte de laatste halve mijl onder vol tuig kruisend te kunnen afleggen en dan af te kunnen vallen voor het 21-mijls rak naar Urk. Maar er kwam opeens toch een poeier wind uit die wolk zetten! De windmeter liep op tot 32 knopen ware wind. En het probleem was dat ik geen ruimte had om te manoevreren. Razendsnel draaide ik de fok in tot de helft. Zo kon ik Tuimelaar laten bijliggen in het kanaal, maar ze zou zeker niet lang op haar plaats blijven liggen. Zo snel als ik toen het eerste rif in het grootzeil trok, heb ik het nog niet eerder gedaan. Tuimelaar kon weer zeilen. Met nog vier slagen door de vaargeul kon ik de WV5 ronden en de ton een bemoedigend klopje op de schouder geven, zo dicht ging ik er langs. In één schuimende beweging viel ik af en legde Tuimelaar op koers naar Urk. Oh nee! Ik moet nu natuurlijk ook in dat verdomde kanaal blijven. Nog net op tijd corrigeerde ik, maar ik had grote moeite om de tonnen te zien liggen door het overwaaiend water en de striemende regen. Het eerste rif was enigszins overtuigd, maar ja, zo kon ik wat tijd goed maken die ik had verloren door niet met spinnakers te zeilen. Die lichtweerzeilen allemaal begonnen me trouwens toch al flink de keel uit te hangen. Door het donker spoot Tuimelaar naar Urk. De snelheidsmeter liep regelmatig op tot boven de 11 knopen en een enkele keer boven de 13. Het rak van 21 mijl legde ik in twee uur en twintig minuten af. Om half tien meende ik in de kolkende zee nog een opkruisend jacht te ontwaren. Ongetwijfeld ook een wedstrijdzeiler.
Om tien voor half elf bereikte ik het eindpunt van de Noordelijke IJsselmeer baan, bij ton Sport D. Ook die ton lag wat ongelukkig, want tweehonderd meter er achter ligt de dijk naar Enkhuizen. Ik moest dus razendsnel gijpen, wat met de inmiddels iets (maar dan ook echt iets) verminderde wind redelijk verliep. De Houtribsluis en het gebied daarom heen is niet erg gastvrij. In het donker is de koers naar de sluis slecht aangegeven. De binnenrollende golven en de harde wind maakten het erg lastig om een aanlegplaats te vinden. Ik zag het eigenlijk niet zitten, zo alleen in het donker op voor mij onbekend terrein. Omdat ik nog mijn 6-uur ankerstop moest maken kon ik het nuttige met het onaangename combineren. Ik ging voor anker in het spuigebied ten westen van het sluizencomplex, na de sluiswachter gevraagd te hebben of dit was toegestaan. De golven uit het Noordelijk IJsselmeer rolden daar ongenadig naar binnen. Maar ik lag als een huis op mijn anker. De email-wisseling die ik een paar maanden eerder met Henk Bulthuis had schoot mij opeens te binnen. Krijg je compensatie voor je SW-cijfer als je vijftig meter ankerketting aan je anker hebt zitten, vroeg ik hem. Natuurlijk niet, schreef hij terug. Een wedstrijdboot gaat toch geen vijftig meter ankerketting aan boord leggen. Toch blij dat ik hem er niet af gehaald heb. Het was een onrustige nacht, maar ik sliep behoorlijk. Van de route van de 200-Myls heb ik er vandaag 100 afgelegd, 117 op de log.
Zaterdag was de laatste zeildag voor de Tuimelaar. Tuimelaar was als een huis achter haar anker blijven liggen, zodanig dat de electrische ankerlier het anker niet uit de modder kon trekken, zelfs niet toen de boeg er loodrecht boven hing. Uiteindelijk kon ik met de genuaschoot en de genualier het anker uit de modder zuigen. Het kwam omhoog in een klomp klei zo groot als de voet van een parasol. Nu hoefde Tuimelaar alleen nog het zuidelijke Markermeer rak te varen. 26 mijl, waarvan alleen de eerste tien een kruisrak waren. De resterende 16 mijl konden dankzij de straffe bries vlot worden afgelegd. Het was redelijk weer, zij het dat er in het Noorden de hele dag een grijze zuil boven ons hing, van waaruit regelmatig regen en windstoten stroomden.
Ik zag weinig 200 Myls Solo wimpels om mij heen, maar toen ik onder een helling van 35 graden eens naar mijn eigen wimpel keek zag ik dat die aan een zijden draadje hing. Ik zou toch niet mijn wimpel kwijtraken! Rampspoed! Gauw keek ik het wedstrijdregelement er op na. Ja hoor, regel 11, hier stond het: Hij die zijn wedstrijdwimpel strijkt wordt geacht zich te hebben teruggetrokken en wordt gestraft met verbeurdverklaring van het wedstrijidgeld. Dat zou me niet gebeuren! Met gevaar voor eigen leven klom ik tijdens hevige windstoten in het achterstag om de wimpel weer te bevestigen. Ziezo. Nu nog het Paard van Marken ronden en gefinished om 15.00 uur. Ik vond het een geweldig evenement en bedank graag de organisatie voor de perfecte organisatie. Dan nog een OPROEP: Mijn fleece maat XL is eigenlijk te groot. Als iemand een L heeft en liever een XL wil, dan kunnen we misschien ruilen. Stuur me dan even een mail: maartensnd@gmail.com
Na het vertrek vanuit den Helder om 0415 een heerlijke nachtelijke Texelstroom trip, lekker windje samen met Martin Selles, de Tuimelaar en Gilles van Delft de laatste twee overnachten in Oude Schild. Na de sluit waren verschillende mogelijkheden door naar Medemblik of voor anker ik koos het laatste. Martin ging door en stuurde mij een sms en feliciteerde mij met mijn beslissing om voor anker te gaan. De wind zakte na een uur of 9 helemaal in en dan de 15 mijl naar Medemblik. Lig nu lekker uit te rusten naast mij de Majic Potion heerlijk in het zonnetje. Om ca. 1530 ga ik vertrekken kijken hoe ver ik kom. Wind is er vanavond wordt gemeld. Op naar Durgerdam via Medemblik, Hindeloopen, Breezand, Stavoren en Den Oever ….. hoop op heerlijke rakken en niet te veel regen. Groet Gert Jan “Swinde”

Foto: De Jetstream die woensdagavond moest afhaken staat al op de wal voor reparatie aan de membraam van de saildrive en hoopt spoedig weer te varen.
Dinsdag 21 september 2010
Het kost mij ‘s-ochtends moeite om kantoor tijdig te verlaten.
De eerlijkheid gebiedt dat ik meld dat ik eigenlijk niet zo veel zin had in de Solo race als vorig jaar. Toen was het na twee afgelastingen eindelijk scheepsrecht.
Wellicht was het nu zo omdat ik best wel weer wat gezeild heb dit jaar, zoals, afgezien van diverse zeilweekends, de mooie gezinsvakantie rond de grote Waddeneilanden en vervolgens als opstapper op de Larrikin de 24 uurs race en de Challenge Cup. In de laatste race hebben we brons gehaald (ORC3).
Bij het palaver kwam mijn enthousiasme voor de 200 Myls Solo Race echter weer volledig terug.
Woensdag 22 september 2010
Vroeg opgestaan (5.30 uur), want ik wil, mede gezien de matige windverwachting, op tijd starten. Bij vertrek complimenteert mijn buurman – de schipper van de “Manana” – mij met mijn boot. Hij heeft al gauw gezien dat mijn boot is ingericht op solozeilen (keerfok, German sheeting, etcetera).Ik licht hem toe uit dat die inrichting met mijn gezinsssituatie – we hebben een matroosje van vijf jaar oud – heel praktisch is.
Om 7.34 uur start ik officieel bij P9. Door het (voorspelde) gebrek aan wind vervang ik de fok als
snel voor de gennaker. Dat gaat aardig tot Sport E (11.14 uur). Het is overigens prachtig om zoveel solozeilers aan het werk te zien met de hun al dan niet symmetrische spinnakers.
Tussen de MN 1 – GZ 2 en Sport E wordt ik ingehaald door de Muckle Flugga. De schipper – Vincent Hesselink – tipt mij om mijn giekneerhouder iets lager te zetten. Dat scheel weer 0,1 knoop.
Na Sport E wordt het aan de wind, die er nauwelijks is, dobberen naar Lelystad. Om 15.11 uur – bijna vier uur over een afstand van 10,6 NM – rond ik OVD3. Vervolgens maak de boot op voor de sluispassage.
Na de sluis raak ik in gesprek met Fred Avezaat van de Sundance Kid. Hij vaart zijn tiende 200Myls; ik pas mijn tweede na de afgelastingen in 2007 en 2008. We gaan allebei de nieuwe baan 4 varen. Hij loopt na de UK14 Urk binnen. Ik zie af van een bezoek aan dat dorp en ga voor Urk voor anker.
Donderdag 23 september 2010
Vanochtend ben ik om 7.49 uur gestart bij de UK14. Ik start iets voor de ‘Dondersteen’ van Eric ten Bos. Hij hijst zijn spinnaker en loopt mij vervolgens voorbij. In het voorbijgaan maken we een praatje.
Tot de NM1 blijft het voor de wind tobben voor mij. Ik vind het eigenlijk een rotkoers, zeker met weinig wind.
Het rak naar de LC11 gaat een stuk sneller.
Daarna weer voor de wind tot de VF B.
Het rak naar de H2-W1 is wat minder ruim bezeild. Bovendien neemt de wind iets toe, totdat ik bij de H2-W1 aankom.
Voor de wind dobber ik vervolgens naar de VF 8 bij Makkum.
Parallel aan de Afsluitdijk is de wind gelukkig een stuk minder ruim en ook iets toegenomen. De boot loopt heerlijk langs Sport B en Sport A.
Het laatste rak naar de WP6 is net niet bezeild, zoals blijkt in het zicht van de boei. Na het ronden daarvan houd ik het voor gezien en loop Medemblik binnen. De keuken van de Chinees, waar ik met mijn gebruikelijke bemanning ook wel eens geweest ben, is gelukkig nog open.
Morgen wacht het tweede rondje IJsselmeer met vermoedelijk weinig wind.
Vrijdag 24 september 2010
Vandaag start ik om 8.45 uur. Net voordat ik start bij WP 6 rond de ChillOut deze boei en verdwijnt gelukkig niet al te gauw uit beeld.
Tot de KH, via de KG, loopt het lekker. Er staat een aangenaam windje, het zonnetje schijnt en de wolkjes zijn (nog) niet dreigend. De Centrale Meldpost geeft echter opeens een windwaarschuwing van het KNMI door voor het IJsselmeer en Markermeer; kracht 6. Er wordt geen verwacht tijdstip of dagdeel gemeld.
Het rak naar Sport D is een kruisrak. De wind zakt wat in.
Op het lange rak naar SB C dat net bezeild is, laat de wind het nog steeds een beetje afweten. Gelukkig wordt de eentonigheid van dit rak gebroken door een telefoontje van een goede vriend. We bespreken onder andere het Z…leven-gevoel dat ik momenteel ervaar.
Vervolgens wacht het ongeveer even lange rak naar de KR A. De inzakkende wind is verder naar het noordwesten geruimd dus wordt het weer kruisen.
De dreigende verveling verdwijnt wanneer ik gebeld wordt door het thuisfront. Ik meld dat ik er van afzie om vanavond nog Sport A te ronden en vervolgens af te zakken naar Lelystad. Beter lijkt het om Medemblik nog maar eens aan te doen.
Dat laatste doe ik, maar met pijn en moeite. In het zicht van de KR A verdubbelt de windkracht in zeer korte tijd van 3 naar 6 à 7, schat ik zo. Mijn windmeter is er al op de eerste dag mee gestopt.
Eric ten Bosch, die op dat moment nabij Sport A vaart, vertelt later dat hij 36 knopen wind heeft gemeten; windkracht 8,5!
Ik houd de boot met moeite onder controle, mis de KR A en meld nadat ik de boot heb vastgelegd in Medemblik
telefonisch aan de wedstrijdleider dat ik uit de race ben. Later hoorde ik van Joost van de Velde dat het op dat moment in Durgerdam windstil was.
Zaterdag 25 september 2010
Ik sta iets later op dan gebruikelijk in de race. Ik race immers niet meer en vaar via het naviduct naar mijn thuishaven Monnickendam. Daar aangekomen ruim ik de boot op. Vervolgens pak ik de auto in en rijd naar Durgerdam. Bij de wedstrijdleider lever ik de transponder in. Het logboek behoud ik.
We drinken koffie en praten gezellig bij met twee andere deelnemers. Al met al was het toch weer een prachtige tocht.
Veel dank aan allen die dit superevenement mogelijk maken!
Meer foto’s van Ed Beijnsdorp in het fotoalbum
VERSLAG 200 Myls ‘SOLO’ VAN DE BLAUWE KWAST
Zondagochtend 9.45 gewekt door de kerkklokken van de protestantse gemeente verderop in Amersfoort. Volgens mij is het rustig na alle wind van zaterdag. Vannacht goed geslapen. Niet eenmaal de neiging gehad om even naar buiten te vliegen om te bezien of we niet met iets op ramkoers liggen. Met stijve spieren, onder andere van het zeker 1000 maal dat trapje op en neer, en de dag van gister. De laatste 30 mijl van Lelystad naar Durgerdam. Aan de wind naar Hoorn hield de stuurautomaat zich kranig. Een rif in het grootzeil en het fokje mooi vlak getrimd liep het best. Al valt me altijd weer op wat een kuilen toch in dat IJsselmeer zitten bij Lelystad. Zeker als je eerst een stuurboord slag maakt naar het Noorden. Bij Hoorn het rif er uit vlak voor de bovenboei. Dat bleek in de buien te veel gevraagd voor de 2e stuur. Met 28 KNP en vol tuig loop je dan toch uit het roer. Dan maar op het handje met vol vermogen naar de streep. Wel met enige bezorgdheid aangaande de neerhouder die net voor uitvaren vanochtend met een droge knal afbrak. We doen het nu dus met een provisorisch snaarstrakstaand noodverband.
Hoe anders was het vrijdag. Alweer een dag van duister tot vrijwel duister zeilen. Van volkomen rust, hangend achter de SPI van Medemblik naar Makkum, tot de donder en geweld omschreven in het verslag van de Tuimelaar. Blij dat ik toen al in Lelystad lag. Aangemeerd rond 20.00. Net voor het geweld losbarste kwam Pieter van Bekkum met de Bixmile langszij aan de meldsteiger van Deko. Net samen op weg naar het havencafeetje voor een glas en een biefstuk, komt Ronald Lettemeijer met de Moshulu binnen terwijl de duistere donderwolken alle regen laten vallen die er in zit. Ronald krijgt met wat moeite en waarschijnlijk wat natte handen, zijn X aan de lage langssteiger. Al afhoudend zijn we inmiddels tot de draad toe nat geregend. Net voor de keuken sloot om 21.30 de biefstuk gescoord.
Donderdagnacht anker op bij de EZ D. In het duister ruime wind naar Den Oever. Volle maan en een betoverend water. Net voorbij Enkhuizen word ik in het donker opgelopen door, ik dacht, de Batfish van Bart, een J133. Ruim onder vol tuig, met oranje Genaker stuift hij me in het donker voorbij. Onderwijl als heer zich verontschuldigend met een zonder twijfel welgemeend; “sorry” verdwijnt hij weer in de nacht zo zwart als Erebus. Bij Den Oever brak weer een ochtend aan, zoals er altijd weer een ochtend aan breekt. Vroeg in de ochtend buiten zijn is als het lezen van de eerste bladzijde van een boek, het bepalen van de kwaliteit van de komende uren. Soms accuraat, vaak bedrieglijk en altijd opwindend. Weer een dag van ogenschijnlijk zinloos rondjes varen over het meer. Enkhuizen ben ik wel 7 maal gepasseerd en iedere minuut was mooi.
Het was een genoegen om deel te mogen uitmaken van dit gezelschap eenlingen. Van mensen die alleen maar over Genakers en Marlow praten tot lieden die slechts even afstand willen nemen van hun dagelijkse beslommeringen. Bij de start bleek dan ook dat ik me per ongeluk bevond in de groep nummer 1, die om welke reden dan ook in de eerste minuut vol gas over de lijn wilden, terwijl er nog zoveel tijd te genieten viel. Niet erg natuurlijk. het ligt tenslotte in de aard van dergelijke evenementen dat behoedzaamheid al ras verloren raakt door enthousiasme.
Organisatie bedankt. Ik hoop dat velen zo hebben genoten van deze paar dagen als ik. En dat al jullie inspanning om dit mogelijk te maken heeft geleid tot wat je er van verwachtte.
Ron van Olst, Schipper van de Blauwe Kwast.
Eigenlijk leef ik er al het hele jaar naar toe , die 200 Myls ‘SOLO’. We draaien met onze boot verder natuurlijk een prachtig wedstrijdprogramma gedurende het gehele jaar met de crew, maar die 200 Myls ‘SOLO’ blijft voor mij toch heel speciaal, zo bleek ook zeker weer dit jaar!
De weken voor de wedstrijd had ik een vakantie geboekt naar Griekenland dus de boot voorbereiden moest al meteen na het NK Zeezeilen in Breskens , rolkfok erop , vlot aan boord, alle zeilen aan boord, voer mee etc. Tijdens de vakantie kon ik mooi in alle rust de banen doorlopen en de getijden bestuderen onder een grieks zonnetje. Toen dacht ik al ,die baan 2 ,die bied kansen bij de juiste windrichting. Bij een noordelijke wind heb je namelijk geen rakken meer op het IJsselmeer met tegenwind in tegenstelling tot baan 1.
Dinsdag voor de race de boot van Scheveningen naar Durgerdam gevaren onder zeer lichte omstandigheden ,toen niet wetende dat de terugtocht zaterdag naar Scheveningen iets anders zou verlopen..
De haven van Durgerdam was dinsdagmiddag beregezellig, allemaal weer oude bekenden, blijft toch ook qua gezelligheid een topevenement. Samen met mijn walcoach Fred ( ja, die) nog even het laatste weer doorgenomen en besloten woensdag niet te vroeg te starten om de winddraaiing van ZO naar Z mee te pakken in het rak van Hoorn naar Lelystad. Woensdag wel vroeg op omdat Gerben Bos en Martin Hingst erg onrustig waren en denk ik wel vroeg wilden starten. Martin had echter nog een probleem: John, heb je een pen voor me, dan kan ik m’n logboek invullen. Tja , de gewichtsbesparing op zo’n planerende Ten eist z’n tol.
Woensdag om 8.00 gestart, de wind leek wat af te nemen dus besloot ik niet te lang te wachten en om 08.00 maar te gaan . Ik zag Gerben en Martin en Bart om 07.00 vertrekken, ik dacht al, die gaan voor line-honeurs . Evenals vorig jaar kwam ik na de start weer in de buurt van Richard van Leeuwen met zijn J-105, hij gaat altijd onwijs snel downwind, ik heb hem in het rak naar Hoorn ook maar gewoon over me heen laten lopen zonder een oneindig loefduel aan te gaan, hij vaart op zo’n rak toch sneller. Ook Martin Selles kwam ik hier weer achterop, 3 jaar geleden zaten we ook al in duel bij de Sport E. Beetje een de-ja vu dus. Na Hoorn bleek het rak naar Lelystad toch nog een kruisrak te zijn, dus toch iets te vroeg gestart? Achteraf bleek gelukkig dat de later gestarten veel minder wind hadden en veel tijd verloren. Na de sport E meteen overstag en de stuurboord slag gemaakt, inspelend op de voorspelde winddraaiing van ZO naar Z. Klopte als een bus, na 2 mijl overstag en in de bakboordslag kon ik steeds hoger en hoger zodat ik een mooie binnenbocht draaide op wat concurrenten. Bij de boei zag ik de Tuimelaar en de Stinkfoot weer achter me welke veel vroeger gestart waren. De wind werd wel steeds minder dus besloten in Lelystad te stoppen, voor anker te gaan en eens rustig de laatste weerberichten met de walcoach door te nemen en de uiteindelijke baankeuze te maken, 1 of 2. Gezien de blijvende voorspelling dat vrijdag een heftig windje uit de noord zou opsteken besloten voor baan 2, ook omdat het rak van IJmuiden naar Den Helder in baan 1 dead downwind zou worden, niet ideaal. Na deze keuze even puzzelen om zo gunstig mogelijk naar Den Oever te komen. Woensdag op donderdag nacht gaf weer wat wind dus dan moest het gebeuren , nu maar even lekker pitten achter het anker. Lig ik net onder zeil, hoor ik een boot vlak naast me keihard vooruit en achteruit motoren. Ik kijk met mijn slaperige hoofd boven mijn luik en zie een gammele motorkruiser met een beetje shabby gezelschap aan dek. Vragen ze in het Duits: Wissen Sie die weg naar Muiden?? Ik zeg, hoe wil je met de auto? Nein, mit Boot was het antwoord. Bleek dat ze dit “ jacht” in Volendam gehuurd hadden, geen kaarten aan boord hadden en naar Muiden wilden varen ,“Ome Ko sehr nett” , zeiden ze nog. Vervolgens waren ze blijkbaar iets van koers geraakt en in Lelystad terecht gekomen. Welke Richtung jetzt? Ik heb ze toen maar mijn oude IJsselmeerkaart van 2009 gegeven anders waren ze vast in Hindeloopen geëindigd. Vervolgens voeren ze vol gas en vrolijk zwaaiend en roepend “Danke ,danke “ in de verkeerde richting weg..
Om 01.31 donderdagochtend was er weer genoeg wind om verder te gaan. Af en toe zie je wel een medestrijder over het IJsselmeer scheren, maar wie, is niet te zien. Achteraf blijkt uit het verslag van Ron van Olst, dat hij het was die ik in de nacht met gennaker voorbij gekomen ben. Om 7.01 in Den Oever bij de WV6 afgeklokt, na gelukkig nog zo wakker te zijn om het bankje wat precies op de rumb- line ligt te ontwijken. Na afklokken bij de WV6 wil ik meteen de gennaker strijken om niet op de ondiepte te lopen. Zul je net zien, wil hij niet naar beneden. Blijkt het val nog in de curryklem op de mast te zitten, even dikke stress, maar net op tijd alles weer geklaard.

Direct geschut en na de sluis even rust nemen en wachten op het tij naar Vlieland. Ook o.a.Peter vd Schaaf met de MyMarine , Sander van Doorn met de Stinkfoot en Wim van Slooten met zusterschip J-109 Firestorm arriveren. Tussen twaalf en één vertrekt de gehele armada op het tij naar het Marsdiep . Dan krijgen we de eerste bui al over ons heen met een 25 kts wind. Ook het traject over de Noordzee naar Vlieland is top, een mooie 20 kts wind, mooi gennakeren met leuke golven. Net voor de EG loop ik Frits Brattinga in. Frits, ik hoop dat de foto’s mooi geworden zijn. Mijn planning is in Vlieland te wachten op de voorspelde noorden wind vrijdagavond dus besluit ik al bij de ZS 5 te stoppen, zodat ik morgen overdag na mijn 2e rustperiode nog het rakje van de ZS 5 naar de VL 1 kan varen en weer een rustperiode kan nemen en niet over mijn 24 uur rust heenga . s’Avonds heerlijk met z’n allen op de haven gegeten. Firestorm komt nog binnen met de gennaker helemaal om z’n voorstag gewikkeld, ik hoor van de anderen dat dit al aan het begin gebeurde en dat Wim tot aan de VL 1 met deze megavlag doorgevaren is , met wat hulp wordt hij weer ontward.
Vrijdagochtend probeer ik om 07.00 bij de ZS 5 te zijn om het tij optimaal te benutten naar de VL 1, nu een stukje van minder dan 30 minuten. Weer terug naar de haven waar alleen Sander van Doorn met de Stinkfoot ook terugkomt, de rest vaart meteen door naar Harlingen. Nu wachten op de voorspelde wind. Voorspelling is dat om 18.00 de ventilator aan gaat, en jawel hoor, je kan de klok er op gelijk zetten. Om 18.30 haven uitgevaren op weg naar de VL 1. Een tegenstroom buiten de haven niet normaal, grootzeil al op gezet , 1.8 kts over de grond. Ik ben blij dat ik de VL1 zo haal. Op het moment dat ik stroom meekrijg en ruime wind kan varen loopt de snelheid zo op naar 12-13 kts over de grond, dat schiet op! In 1h 20 in Harlingen en daarna de “boontjes”. Geultje van 30 meter breed, vol grootzeil en genua 3 , dikke wind, 12 kts speed, stikdonker ,af en toe ook nog een bruine vlooter tegen, niet echt relaxed varen dus. Ik haal daar nog een zwaar gereefde toerende Halberg Rassy in die echt kijken van “die gozer is gek”. In de sluis heb ik ze maar even uitgelegd dat ik een wedstrijd vaar en dat er nog veel meer gekken rondvaren.
Na Kornwerd meteen weer door pushen, nu is er wind! Nog steeds vol tuig , allemaal net te controleren, boot loopt als een speer. Bij de boeien gijp ik niet maar maak steeds als een oud wijf een stormrondje om alle risico te vermijden. Ik besef me dat gezien m’n prima uitgangspositie ik nu geen grote risico’s moet nemen en niet zoals vorig jaar weer ergens strand door pech of stommiteit. Sluis in Lelystad werkt vriendelijk mee en zet na aanroepen de sluis al voor me open. Ga ik nu door of wacht ik . Wind is wel iets gekrompen zodat het rak naar Hoorn wel iets in de wind is. De voorspellingen voor morgen zijn echter niet gunstiger dus gaan met die banaan , nog 25 mijl! Ondertussen wordt het weer licht en zie ik ook Bauke Yntema in de verte voor me kruisen, een mooi richtpunt. Na de Sport E haal ik hem in, hij weet altijd weer het uiterste uit die Catootje te persen. Bij Marken nog even een schrikmoment. 
De bocht rond Paard van Marken iets te kort , bij het weghalen van de gennaker op het voordek voel ik de boot ineens vastlopen! Gelukkig is het slechts een bonk en blijf ik niet hangen. Had weer mooi geweest, ben je bijna bij de finish , loop je vast en kom je niet los. Weg wedstrijd. Ik zat later te denken wat dan te doen? Mijn plan: surfpak aan, anker aan wat zwemvesten en stootwillen drijfbaar houden, anker 40 meter uitzwemmen, droppen, val aan ankerlijn, lieren maar! Eerst helling en dan met extra lijn aan ankerlijn boot lostrekken. Gekkenwerk? Wie het weet mag het zeggen. Gelukkig heb ik het niet hoeven uitvoeren en kon ik om 10.41 finishen bij de P9. Wat een toprace, ieder jaar zeg ik weer, de mooiste race van het jaar!
En toen nog het toetje.
Na wat uren geslapen te hebben, besloot ik de boot meteen maar terug te varen naar Scheveningen. Tij was vanaf 22.00 zuidgaand dus dit kwam niet slecht uit. Wel zag ik op www.actuelewaterdata.nl dat er forse zeegang stond. Ik nam mezelf voor bij IJmuiden te kijken of het te doen was en zo niet de boot dan in IJmuiden te parkeren. Viel echter mee, wel hoge golven ongeveer 3 meter maar geen brekers , mooie lange deining. Stuk naar Scheveningen was echt een feest , surfend 11-14 kts, een mooie maan, af en toe een bui, goeie wind , top! De haven bij Scheveningen is bij hoge deining wel oppassen, soms willen ze daar in de monding wel eens breken. Ver op zee maar gijpen en mooi recht in de lichtenlijn de haven aanlopen. Dus 3 mijl uit de haven de gijp gemaakt en met de deining mee richting naar het groen en rood van de havenhoofden. Zo recht met de golven mee surfde hij zo naar de 16 kts, maar alles nog goed onder controle. Op zo n 200 meter van de haveningang voelde ik de achterkant van de boot ineens opgetild worden, ik kijk naar achteren en zie werkelijk een muur van water op me afkomen. Boot versneld, blijft versnellen, niet normaal, water spuit aan weerskanten van de boot meer dan een anderhalve meter boven het vrijboord uit, de golf slaat aan weerzijden van mij met waanzinnig kabaal op de havenhoofden maar breekt bij mij godzijdank niet. Met waanzinnige snelheid surf ik zo tussen de havenhoofden door naar binnen. Later in de haven check ik op m’n klokken de max. speed van die dag, nieuw record, voorlopig blijft dit voor mij wel even staan denk ik:
26.30 kts !
Pfffff wat een race John van der Starre.
Gert Jan Koele van de Swinde stuurde de volgende link van enkele video’s die hij van zijn westrijd op YouTube gezet heeft. Mooie beelden!
Michel Kapel maakte enkele mooie foto’s en video’s, te zien via de volgende link. De video waar de stroom gutsend langs de boei loopt laat zien dat Michel het tij mooi gundtig had gepakt!
Verslag AddiXion X-332 door Harry Peterse
Woensdag
Mijn eerste 200 Myls ‘SOLO’ wordt eindelijk een feit. Al een paar jaar wil ik aan deze wedstrijd meedoen, vooral omdat Peter van den Driessche roept dat het zo gezellig is en dat al die solozeilers elkaar ’s-avonds aan boord opzoeken voor een biertje of een wijntje. Dinsdagavond na het palaver klopte dat! Mijn whisky op, voorraad bier gehalveerd en dat was maar goed ook. De volgende ochtend hijsen Jan Smink, Peter en ik naast elkaar afgemeerd aan de kop van de haven de zeilen en gooien rond 07.15 uur los, ruim een half uur nadat de Vuurflits, mijn angstgegner met Joop ten Bokkel aan het roer uitvoer, waarbij hij ons een succesvolle tocht toewenste. Dat ging volgens mij wel lukken, met licht weer is AddiXion op zijn best.
Al voor de P9 staat Sneeuwwitje – de lichtweerspi- in een keer goed en begin ik met 8 knopen wind uit het zuidoosten aan een inhaalrace met de schepen voor mij. Ik loop uit op de Vagebond en de Nicky Deux maar wordt ingelopen door Martin Selles met zijn Bongo. Hij kijkt er een beetje nonchalant bij terwijl hij bovenlangs voorbijloopt. Als we voor het Paard van Marken wat dieper moeten varen haal ik hem weer in. Na het Paard kies ik er voor om af te kruisen en vaar na een vlekkeloos gijpje over stuurboord naar Volendam. Voor de NM1 loop ik een rood Waarschip 10.10 op, de Magic Woman die iets voor me blijft, twee scheepslengtes aan bakboord. Bij de boei moeten we gijpen waarbij hij de controle verliest en midscheeps bij me naar binnen vaart terwijl ik op het voordek met de spiboom bezig ben. Eenmaal weer op koers inspecteer ik de schade: krassen, een beschadigde voetrail en een gat van 25 bij 3 centimeter vlak onder de voetrail.
Tja, wat nu? Met licht weer lijkt het geen probleem maar met een beetje wind gaat AddiXion op z’n kant en het gaat vrijdag flink waaien. Ook kan het gevolgen hebben voor de te kiezen route. Wil je wel boven de eilanden langs met een lek schip? Vooralsnog plak ik het gat af met ducktape en besluit ik door te varen. Inmiddels heeft dat er wel toe geleid dat Magic Woman uitgelopen is en dat ik ben ingehaald door Bongo. Omdat de schipper van de Magic Woman nog geen contact heeft opgenomen bel ik hem zelf maar even op om gegevens uit te wisselen en te horen wat de oorzaak was. Een losgeschoten stuurautomaat en zo zag het er ook uit. Bij de Sport E blijf ik toch maar een beetje uit zijn buurt als de spi eraf gaat. Naar de OVD3 is een kruisrak en AddiXion loopt hoog en hard met haar nieuwe lichtweer genua. Ik weet goed te profiteren van windshifts en kruis de Vuurflits die flink eerder is gestart achterlangs.
Rond 13.00 uur passeer ik OVD3 en zet koers naar de P9 en besluit daarmee route 1 te varen in de wetenschap dat mijn vrienden Joop, Peter en Jan me zullen volgen. Met 6 knopen wind loopt het schip 5 knopen en dat is heel goed. Ik loop nog wat schepen in en kom vlak bij de Goudvis van Rob Vis, een Waarschip 10.10!!! Oranjerood!!! Ook loop ik in op wat later de Tuimelaar blijkt te zijn, een X41 OD van Maarten Sanders.
Dan gaat de telefoon. Het is Peter die stil ligt en vraagt of ik nog wind heb. We lopen lekker, ik heb niet veel wind nodig. Maar tijdens het gesprek zie ik de Goudvis naar lucht happen en vallen ook bij mij de zeilen slap. Peter, en Jan besluiten bij Lelystad voor anker te gaan en af te wachten, Joop lijkt het beter om door te varen op baan twee. Dat zijn dan je vrienden!! So far voor gezelligheid en met die windstilte worden de resultaten er ook niet beter op. Het plan was om uiterlijk om 20.00 uur in IJmuiden af te meren en rond 02.00 uur na 6 uur rust door te kachelen. Dat gaat nu echt niet lukken, het schiet niet op. Wat er nog aan wind is draait alle kanten op. Dat zie je niet op Windfinder. We drijven een beetje naar links, en een beetje naar rechts en plots ontsnapt er eentje langs de kust.
Pas om 17.45 passeer ik de P9 en zet koers naar de brug. Bijna 5 uur over 14.5 mijl!! Als ik een tij later vertrek kan ik AddiXion afmeren op haar vaste ligplaats bij de IJmond, de auto pakken en thuis uitslapen de volgende dag. Wordt het toch nog gezellig!
Donderdag
De volgende ochtend kijk ik op internet wie er op Seaport ligt en breng ik een bezoekje aan de Tuimelaar. We maken een praatje en Sander vertelt dat hij van plan is om ruim voor het tij te vertrekken. Op de terugweg koop ik nog een adapter voor de GPS unit , die zonder stroom stond.
Ik hoef pas rond 14.00 uur te starten. Het is springtij en als er een beetje wind staat knal ik in een keer door naar Kornwerd, dat lukt wel vaker in 8 uur.
Bij mij in de sluis ligt de Viento en nog een deelnemer. Ik ben op dat moment druk doende om Sneeuwwitje te verwisselen voor Eukalypta, haar zwaardere zuster, omdat ik toch wel een knoop of 15 wind verwacht.
Vlak na 14.00 uur passeer ik onder spi de Baloeran. Ook nu ging dat in een keer vlekkeloos. Ik hijs bij de mast en neem als ik naar achter loop meteen de loefschoot mee.
Voor mij in de verte een schip, achter mij 4 schepen waarvan 3 in eerste instantie zonder spi. De windkracht valt wat tegen en ik besluit wat af te kruisen naar de kust en blijf net oost van de 10 meter lijn. Hoe zat dat ook al weer met convergentie en divergentie??
Ook vandaag laat de wind het lelijk afweten. Ik loop wel het schip voor mij op dat de Tuimelaar blijkt te zijn die het zonder Spi moet stellen. Het tijvenster voor het Marsdiep/Texelstroom loopt tot 21.30 uur. Om 18.00 uur valt de wind volledig weg. Klapperende zeilen, slaande giek. Ik probeer van alles, hoger, lager, bulletalie, hopeloos.
Als de wind weer wat aantrekt besluit Tuimelaar, die inmiddels weer voor ligt, door te varen naar Oudeschild. Kornwerd zit er niet in vandaag. Op dat moment loopt de boot voor Den Helder halve wind ruim 6 knopen. Ook maar door dus. Dat blijkt een vergissing, de koers naar Oudeschild blijkt plat voor het lapje en dat is niet snel. We doen er met stroom mee anderhalf uur over! Bij het binnenvaren van de jachthaven in het donker lijkt het alsof ik in het slik zit en slaat de motor af. Starten, lopen, het zal wel. Rond 21.15 lig ik naast de Tuimelaar. Na een praatje gaat Sander onderdeks, vermoedelijk om een leuk stukje te schrijven. Dat gaat hem dan ook goed af. Die fles wijn komt zonder hem ook wel leeg.
Vrijdag
Tussen 06.00 en 08.00 uur is de stroom richting Kornwerd op zijn sterkst. Als ik om 06.00 uur vertrek moet het lukken om dan rond 09.30 uur te ankeren bij Makkum en vervolgens na 15.30 uur een mijl of 30 af te leggen tot Hindeloopen. In de middag draait de wind naar het noorden en dat komt dan heel gunstig uit.
Tuimelaar is dan al weg en uit zicht. Ook achter mij, uit Den Helder zie ik niets en niemand varen. Het wordt een prachtige ochtend alleen op het wad. Meer dan 8 knopen wind zit er niet in. Het laatste stuk van de Dove Balg zet ik de spi nog even bij, alle beetjes helpen. Keurig op schema loopt AddiXion om 08.15 langs de BO2-WG1 en vaart de sluiskom van Kornwerd binnen. Tijdens het wachten op de brug lig ik met de kont in de wind in werkstand achteruit. Op enig moment loopt de boot weer iets naar voren en ik geef wat gas bij. Er gebeurt niets! Tussen de pieren nadert een binnenvaartschip. Nog maar meer gas bij en weer niets. Dan maar in vooruit en draaien. Geen beweging behalve dan naar de beschoeiing. Het binnenvaartschip komt dichterbij. De keerkoppeling werkt wel, ik voel het schakelen dus het kan niet aan de kabels liggen.
De schroef??? Kan niet, kan niet! Het binnenvaartschip gaat nietsvermoedend bovenwinds vlak langs en ik krijg net op tijd een sleepje naar de remmingen. Daar komt de Majic Potion langszij, een J-105 met schipper Arjen van Zuydam die aanbiedt me door de sluis te slepen. Razendsnel bereiden we dat voor, want het is al groen/rood en de brug gaat zo draaien. Naast elkaar varen we door de brug. Bij de sluis blijkt het nog niet mee te vallen de breedte van de combinatie in te schatten. Zonder schade leggen we aan.
Wat nu? Is dit dan het einde van mijn 1e 200 mijls? Arjen is net als ik van plan om bij Makkum te ankeren. Ik neem contact op met de eerste de beste werf uit de almanak, Aquatel, die even later terugbelt dat ze een geschikte schroef hebben liggen. Ik kan echter niet voor de middag in de kraan. Dat betekent dat ik vandaag geen mijlen meer kan afleggen en morgen minstens 75 mijl voor de boeg heb met een knoop of 20 wind. Arjen levert me af bij Aquatel en gaat in het kommetje bij Makkum voor anker. Wachtend op de kraan heb ik alle tijd om het schip na te lopen, het lichtweerzeil te vervangen voor de High Aspect en na te denken over het vervolg van de tocht.
Het kan nog steeds als ik van 15.00 tot 21.00 in de kom bij Makkum anker heb ik geen last van de opstekende harde noordenwind en kan ik daarna in de haven van Makkum overnachten. Als ik dan om 06.00 uur de volgende dag vertrek ben ik voor donker in Lelystad en kan ik de laatste 27 mijl op zondagochtend afleggen. Dan maar geen zondagsrust!
Tijdens de lunch draait de wind zoals verwacht naar het Noorden. Het is lekker weer en ik doe een tukje in de kuip. Als AddiXion in de singels hangt blijkt inderdaad de schroef verdwenen. Volgens de werf moet de schroef al eerder een klap gehad hebben waarna hij er later bij de sluis in achteruit is afgedraaid. Zij zien krassen op de antifouling van de saildrive.
Om 15.00 uur vaar ik de kom binnen en ga naast Arjen voor anker. Zijn schip ligt er strak bij, fenders weg, huik erop, lijnen opgeruimd. Een plaatje om te zien! Rond 16.00 uur vertrekt hij weer om nog wat mijlen op het IJsselmeer af te leggen. Het lijkt inmiddels de Bahama’s wel. Zonnig, warm, zwakke wind en een ondergaande zon. Een wijntje dan maar en nog een tukje. Als ik wakker wordt zijn de omstandigheden veranderd en is de wind in de overtrekkende buien aangewakkerd tot 6 bft. met vlagen naar 28 knopen. AddiXion ligt echter als een huis achter haar anker en het water blijft vlak.
Om 21.30 uur besluit ik voor anker te blijven liggen. Dat gaat prima zo en waarom zou ik in het donker met deze wind nog gaan knoeien in mijn eentje met ankerop en afmeren in de haven? Morgen weer een dag! Slapen nu!
Helaas pakt het anders uit, en blijk ik even later op de bodem van de kom vast te liggen.
Ik had 20 cm bodemvrijheid en vermoedelijk is er water afgewaaid of is AddiXion gaan gieren en daarbij op een bankje gelopen. Het schip blijft als een huis liggen, maar wel dwars op de wind en de golfjes en dat slaapt niet bijzonder comfortabel. De ankerlijn hangt slap als ik hem vier. Ik probeer nog los te komen maar staak mijn pogingen na een half uur. Ik slaap niet veel die nacht, en lig gekleed in mijn slaapzak in de voorpunt om minder last te hebben van het geklots.
Zaterdag
Geradbraakt sta ik om 06.00 uur op en tref voorbereidingen om los te komen. Het waait hard, de marge is hier niet groot en het moet in een keer goed! Ik maak een fender aan het eind van de ankerlijn voor het geval dat ik mijn anker achter moet laten omdat ik er niet meer bij kan komen. Ik hijs met enige moeite dwars op de wind het grootzeil en trek het dicht. Toevallig waait het nu maar een knoop of 12 en ik trek het hele grootzeil op. De boot krengt, loeft op en ik ben los. Heel voorzichtig haal ik de ankerlijn in en krijg op de hand het anker niet los. Lijn vast, gas vooruit en hopen dat ik niet vast loop. Met moeite krijg ik het anker omhoog. Je hoeft niet bang te zijn dat je anker gaat krabben in Makkum! Er hangt een klomp zware klei aan van zeker 15 kilo. Wat een bende maakt dat op het voordek. Voorzichtig manoeuvreer ik naar de geul waar ik de stuurautomaat er op zet en de troep opruim. Al met al is het toch later dan ik gepland had. Ik moet opschieten en trek in de geul het eerste rif erin. Terwijl ik bezig ben stuurt de stuurautomaat stiekem de geul uit en lig ik weer vast. #&$&Q*^%*#$(#*& Duizend bommen en granaten!!! Zeil omlaag, achteruit en los, maar wel slecht voor het zelfvertrouwen en het tijdschema. Gelukkig heeft niemand me gezien.
Om 08.00 uur passeer ik de VF8 en zet koers naar Medemblik. Halve wind en tussen de 20 en 25 knopen wind red ik het net met het 1e rif en de high aspect. Het gaat bloedjesnel tussen 7.5 en 8.5 knopen. De stuurautomaat trekt het niet met dit weer en wordt alleen gebruikt als het even niet anders kan. Van overige deelnemers ontbreekt elk spoor, volgens mij ben ik de laatste der Mohicanen. Ik weet inmiddels van Peter dat hij onderweg is en vanavond hoopt te finishen. Joop heeft opgegeven wegens technische problemen en Jan is gestopt omdat hij ziek geworden is.
Om 10.00 uur rond ik de WP6, 15 mijl in nog geen twee uur. De volgende 12.5 mijl naar Hindeloopen leg ik af in anderhalf uur. De wind neemt zeker niet af. Na de H2-W1 volgt een kruisrak naar Sport B. Het zal mij benieuwen of ik zeil moet minderen of niet.
Met zeilen als plankjes en hoog aan de wind blijkt AddiXion prima te lopen, af en toe zelfs boven de 6 knopen. Maar na drie klappen op de korte steile golfslag kun je weer opnieuw beginnen. Ik voel een ruk aan de spischoot naast me. Shit, de spizak staat nog in het gangboord, nee he!! Ja hoor, ik ben net te laat maar kan nog wel voorkomen dat de spi onder de kiel verdwijnt. Bijliggen en sjorren maar. Bezweet prop ik de drijfnatte Eucalypta in het toilet en doe de deur dicht. Al met al zorgt het voor een lelijke vertraging en ik kom steeds verder achter op schema.
Tegen de tijd dat ik om 13.30 uur bij Sport B aankom zit de spi weer in de zak en ben ik klaar voor het voordewindse rak naar de LC6, 11 mijl verder. Het is buiig en onder elke wolk zit wind tot soms 30 knopen dus de spi blijft in de zak. Aan die stuurautomaat heb ik helemaal niks op deze koers. Ik haal zelfs het rif er niet uit omdat AddiXion met de golfslag mee soms wel 10.5 knopen haalt. Ook begint het gebrek aan nachtrust zijn tol te eisen, ik voel dat ik niet zo scherp ben als normaal. Dat blijkt als ik nietsvermoedend de LC5 rond en koers zet naar Den Oever voor het laatste kruisrak.
Accu-alarm!! Ik start de motor om stroom te draaien. Sinds juni heb ik nieuwe accu’s die me echter steeds in de steek laten. Een 25 watt lampje trekt in 4 uur twee accu’s leeg van 70 ah elk. Kan helemaal niet. Alles doorgemeten, geen lekstroom, accu’s laten controleren, niets gevonden. Gek wordt ik ervan! Tijdens de 24uurs race en de Challenge Cup moest ik ook de hele nacht stroom draaien.
Al paaltjes pikkend worstel ik voort naar Den Oever, het hele IJsselmeer weer over. De LC 5 zie ik nog achter mij. LC5, LC5???? Oh shit, verkeerde ton gerond.
Pieeeeeeeeeep! Motor slaat af? Wat nu weer!! Stuurautomaat erop, bijliggen maar weer.
Even checken: koelwater OK, net een nieuwe waterpomp en impeller, luchtfilter ok, dan moet het de diesel zijn. De filters verstopt? Snel ruim ik de achterhut leeg in verband met de dieselstank. De telefoon gaat en ik krijg Anita aan de lijn. Ik loop leeg en zeg dat ik er mee kap en dat ik zo terug bel omdat ik aan de wind met 23 knopen ondersteboven met een zaklantaarn en een leesbril op in een luik hang om het hoofdfilter te controleren. En Ja hoor, daar zit wat drab in. Zeker vuil in de tank dat losgeraakt is van dat gebonk op de golfjes. Een half uur later heb ik de motor weer aan de praat en lig ik weer bij de LC7. Stoppen of doorgaan?? Ik heb al spijt van mijn opmerking tegen Anita en leg de boot weer op koers naar Den Oever. Even scheepsberaad: het is bijna half 5, Den Oever is nog zeker 2.5 tot 3 uur varen en daarna nog 21 mijl naar Urk?? O ja, LC 6 moet ik nog ronden! Dat doet de deur dicht, nou ben ik er echt klaar mee!
Met gemengde gevoelens zet ik koers naar Enkhuizen, leg om 18.00 uur aan, bel naar huis en naar de organisatie, stap onder een lauwe douche en val vroeg in een diepe slaap. Morgen weer een dag en volgend jaar weer een 200 mijls solo om me te revancheren.
Ik wil Arjen nogmaals bedanken voor zijn hulp bij Makkum en de organisatie complimenteren met een geslaagde editie van de 200 Myls ‘SOLO’. Tot volgend jaar!
Harry Peterse
Schipper AddiXion
Voor de 9e keer ging ik van start. Elk jaar weer hetzelfde. Drie dagen van tevoren heb ik weer vlinders in mijn buik. Dit komt mede door de weerkaarten en de te volgen banen, waar ik mij dan druk om maak, want ik wil die 200 myls uitvaren.
Ik denk dat er 70 boten definitief zijn gestart terwijl er 100 waren ingeschreven. Dat is jammer omdat ik weet dat er velen anderen zouden willen deelnemen! Dinsdag vanuit de thuishaven richting Durgerdam, waar het palaver om 20.00 uur begon met het uitreiken van de logboeken en het duidelijk maken van de belangrijke regels. Dit jaar geen cap of hoed, maar een sweater met het logo van de 200 Myls erop. Prachtig!Woensdag 22 september
Woensdag om 07:00:53 gestart bij de P9 en er stond een windje van 9 tot 10 knopen dus een windje waarbij de Sundance Kid best lekker snel loopt bij zo n 60° windhoek. Ook kwam al snel het zonnetje erbij, het beloofde dus een prachtige dag te worden. En voor mij werd het dat ook want er stond precies genoeg wind om de grotere boten behoorlijk bij te houden. Bij het Paard van Marken de spi erop en met een gemiddelde van 4.8 knots richting Volendam en Sport E. De spi moest er hier af en aandewind richting de OVD3. 4 myl voor de OVD3 voer ik een gebied binnen waar weinig wind stond, ja boven in de mast werd er op een hoogte van 11 meter nog wind gemeten van zo’n 10 kn, maar geen druk in de zeilen ik lag dus geparkeerd. Na het zoeken naar wind en de nodige slagen met een snelheid van 1.8 knoop ben ik gelukkig in een windbaan gekomen die mij met een snelheid van 3 knopen naar de laatste boei van het eerste rak blies, de OVD3. Ik klokte af om 15.21 uur. Later bleek dat die boten die wat later zijn gestart een stuk minder wind hebben gehad! Dat scheelde wel wat knopen. Bij deze boei moet je de beslissing nemen of je baan 1 kiest, ga je door de sluis dan kan je kiezen tussen de banen 2, 3 en 4, baan 1 is terug naar de P9.Wel ik ben door de sluis van Lelystad gegaan en in die tussentijd voor baan 4 gekozen. Er werd een paar dagen zuidelijke wind voorspeld en bij baan 4 zaten veel halvewindse rakken in de route, dat was mijn motivatie om baan 4 te nemen. Achteraf was dit voor mij de juiste beslissing ik wilde graag route 2 doen omdat er weinig wind werd voorspeld de eerste dagen en je dan gebruik kan maken van de stroming. Je hebt dan ongeveer 50 myl stroom mee zo n 1.5 tot 2 knopen. Route 2 gaat naar Den Oever, dan het wad op om Texel en Vlieland heen richting Kornwerderzand. Ik moest in Den Oever zijn op donderdagmorgen om 02.00 uur. Ik zag al gauw in dat dat er niet in zat. Bij de EZ 13 aangekomen om 16.58 uur weer gestart richting Ketelbrug, dit was een lopend wind met de spi er op zo n 100° inkomende wind. De Nimby van Ed Bijnsdorp startte iets eerder een Hanse 342 en ik kon hem goed bijhouden wat mij toch weer een stukje plezier gaf, want de Hanse moet een stuk sneller zijn. Helaas viel de wind weer weg en werd ik weer geparkeerd bij de Ketelbrug en ben als een slak bij Urk aangekomen vlak achter de Nimby. Ook daar weer wind boven in de mast!! Om 19.57 uur bij de boei Urk 14 aangekomen en ben naar binnen gegaan. Verder zeilen had geen zin en ik wist dat in de nacht de wind uit dezelfde hoek zou toenemen daar wilde ik gebruik van maken.Donderdag 23 september
Ik had de wekker gezet om zeer vroeg op te staan 02.00 uur en inderdaad stond er meer wind en ging ik bij Urk 14 om 04.33 weer van start, gelijk met de spi erop richting Lemmer. Daar moet ik 2 boeien ronden voor ik mijn koers kon verleggen naar de LC11 bij Stavoren. Bij de eerste boei (de RHB) had ik met mijn slaapdronken kop de RHB vergeten in mijn plotter te zetten. Toen ik in het gebied kwam waar die boei moest liggen zag ik dat ik behoorlijk uit de koers was en vraag mij niet wat er allemaal gebeurde maar met de spi een gijp gemaakt naar de RHB, die ik gelukkig zag liggen. Ik vergat dat ik niet de enigste was op het water, want er kwam namelijk vanuit het niets een dikke deur aan zetten op vol vermogen! Gelukkig is het allemaal goed gekomen, maar het had ook anders kunnen lopen. Je moet namelijk bij de boeien die in je route staan, verplicht binnen 15 mtr. passeren, op de knop van de tracker drukken en ook nog eens je tijd en log in vullen Pfffff! het zweet stond, na de kapriolen die ik heb uitgehaald om het tot een goed einde te brengen bij die boei, in mijn broek!, en het angstzweet op mijn kop. Ik hoop dat de schipper M/V van die dikke deur geen grijze haren heeft opgelopen! Na ongeveer 2 myltjes de spi eraf en de NM-1 gerond richting de LC11. Het was trouwens volle maan en ik heb naar de maan gehuild maar kreeg helaas niets terug of was het de mooie nacht. Ook vond ik het die nacht niet koud!Op koers naar de LC11 kwam de wind met 70° in en met de genua erop met 12 tot 13 knopen wind gaat de Sundance kid (wij zijn beide samen bijna honderd jaar) er vandoor. Misschien wisten jullie het nog niet maar als je zijn zeiloren ook nog eens erbij streelt is hij helemaal niet meer te houden en gaat ie er echt van door! Ik heb, bij het dag worden en de zon- opkomst zitten genieten van mijn bejaarde zeilscheepje! Ook Wilma (stuurautomaat) deed weer haar uiterste best om koersvast te zijn, wij liepen konstant de rompsnelheid die ongeveer bij de 5.8 knopen ligt!Bij de LC11 de spi er weer op richting Hindelopen en Makkum soms met 6.5 knopen snelheid. Bij Makkum de spi er weer af en bijna aan de wind naar de Sport-B en Sport-A. Nu moet er gekruist worden en dat betekent voor mij dat dat bijna de dubbele afstand wordt richting Medenblik, maar tot mijn stomme verbazing (ik voer eerst nog een stuk langs de afsluitdijk richting het zuidwesten) draaide de wind 30 tot 40° en kon ik de WP6 zo aanlopen, zou het te maken hebben met het huilen van nacht naar de maan?Ik was in ieder geval in mijn nopjes en bijna bij de WP6 aangekomen zag ik al dat het erom ging spannen of wij weer werden geparkeerd! Wij hadden nog een klein beetje wind en heel langzaam met het log van de boot op 0 en de gps op 1 knoop zijn wij naar de WP 6 gedreven. Om 16.09 passeerden wij de boei en werd de brommer gestart richting de haven van Medenblik. Ik wilde graag douchen, dus ankeren stelde ik nog even uit. In de haven heb ik ook prik en kon dus wat weer informatie ophalen die voor de volgende dagen belangrijk zouden zijn.Een leuke bijkomstigheid was dat ik in de marina Jacques tegen kwam die ik al 1.5 jaar niet had gezien. Jacques was mijn zeilmaat bij de Driehoek Noordzee 2007, waarbij wij onze mast verloren (ziehttp://www.kustzeilers.nl/Driehoek/Driehoek.html en kies 2007 verslagen), wij hebben even bij gebabbeld en ben vroeg naar de Sundance Kid gegaan. Ik kon het niet laten en alvorens naar bed te gaan heb ik nog een goed gesprek gehad met Ketel-1 die beloofde mij dat het morgen voor ons weer goed zal waaien en uit de goede richting, ik was benieuwd.Vrijdag 24 september
De wekker was nog niet af gegaan, maar ik werd wakker door getik van een lijntje tegen de mast! Even op de klok kijken en pfffff. 00.30 uur, nog geen zin maar ik had mijn windmeter (draadloos van tactick) naast mijn hoofd liggen zodat ik als ik wakker werd kon kijken of de wind inderdaad was gedraaid naar het zuid- zuidwesten. En dat was ie! 12 tot 13 knopen en gezien de weerkaarten op mijn laptop was dit zeer belangrijk en voor ik het mij realiseerde knalde ik met mijn kop tegen het plafond van mijn slaapplekkie omdat er haast was geboden!
Om 01.08 uur was de Sundance Kid los en op weg naar de WP6 en om 01.52 gestart richting de Ketelbrug waar de HK weer moest worden gerond. Bijna 15 myl. Een prachtig rak met weer de wind 70° inkomend. Bijna het hele rak over de 5 knopen gelopen, ik had dit gisteren toch echt niet kunnen bedenken HiHiHiAangekomen bij de HK 06.04 uur maakte ik de boot klaar voor een kruisrak naar de Sport–D maar wederom draaide de wind op het moment van aankomst bij de HK terug naar zuid zuid-oost en kon ik met bijna dezelfde snelheid mijn weg vervolgen richting Sport-D 07.22 uur daar aangekomen de spi er weer op richting Lemmer maar nu naar de SB-C. De weersverwachting was dat de wind in de loop van de dag langzaam zou gaan draaien naar west en dan naar noordwest toenemend tot windkracht 5 bft en later op de avond zou er een trog over komen met veel wind minsten 7 bft werd er verteld!!
Dus voor mij was van belang niet te hoeven kruisen want daar verlies ik meestal erg veel tijd mee. Bij de SB-C aangekomen 09.45 uur moesten wij al scherp aan de wind naar de KRA (dat is een boei die boven het kreupeleiland bij Medemblik ligt).De wind was dus al aan het draaien en zat al in de westelijke hoek. Oeps… opschieten geblazen en Wilma even uitgeschakeld om zelf aan de helmstok alle shifts omhoog te pakken zodat het rak nog steeds was bezeild! Een halve myl voor de KRA kwam de boei in de wind te liggen en heb ik 2 kleine slagen moeten maken om rond de boei te komen. Prachtig!! Om 12.17 uur waren wij daar en gingen wij weer met een bezeild rak naar de Sport –A, daar aangekomen om 14.30 uur begon de wind een paar knoopjes toe te nemen en draaide naar de noordwesthoek wat een geluk hihihi… De spi er weer op en als de weerlicht richting Urk, de EZ-1 moest daar gerond worden en de afstand was ongeveer 23 myl!!! Voor Stavoren zat de snelheid er nog goed in maar afzakkend naar het zuiden nam de wind steeds verder af en hadden nog maar 8 knoopjes over. Ik ben toen gaan afkruisen,wat prima ging. Ik moet wel zeggen dat ik mij wel altijd vast maakte aan mijn lijflijn op dat voordek met die spiboom, zodat ik niet overboord zou kieperen, want dan is je lot gauw bezegeld met een watertemperatuur van 14° tot 15°.De hele dag zat dat liedje van Herman van Veen in mij kop van opzij opzij opzij wij hebben grote haast wij hebben maar een paar minuten tijd!!! Rennen vliegen enz. dit kwam door de waarschuwing van die trog en toen ik in de buurt kwam van de EZ-1 begon achter mij de lucht inktzwart te worden en was ik blij dat ik om 19.34 uur bij de EZ-1 was en nog een boei moest ronden. Wel moest de spi eraf en daar was ik zeer in mijn nopjes mee want je zou maar een dikke windvlaag uit zo’n bui krijgen en je bent allen nou.. berg je dan maar! Maar gelukkig liep dat gesmeerd en alles van dek afgehaald en de boot stormvast gemaakt. Aan gekomen bij de EZ –9 was dit de laatste boei voor de sluis en die werd gerond om 20.11 uur.Ik heb nog een stukje doorgezeild maar gezien de vreemde kleur van de lucht en ik al eens meer overkomende troggen had meegemaakt, was ik ontzettend blij dat ik de zeilen naar beneden kon doen en de brommer mocht starten! Ik wilde door de sluis en dan verder om mijn ankertijd te gaan inlossen maar dat liep toch effe anders.
Vlak bij de sluis aan gekomen (net voorbij de Flevomarina) brak de hel los, er kwam zoveel energie los dat provincie Flevoland waarschijnlijk een jaar gratis van stroom was voorzien. Niks 7 bft maar 8bft. tenminste dat zag ik af en toe (35 knopen) als er weer zo’n vlaag kwam. Ik had de boot op het dek goed opgeruimd, maar binnen was het een puinhoop!! Om de woorden van Paul van Vliet te gebruiken: de rondo’s gevulde koeken en kanoos vlogen door de boot heen pfffffff
Ik durfde niet de sluis in te varen en ben rondjes aan het varen gegaan, de wind blies de Sundance kid met 5 knopen van de wind af en tegen de wind kon de brommer het mondjesmaat redden met 2.5 knoop tegen de wind in. God, wat een hekseketel, ik zag geen hand voor ogen na een halfuurtje denk ik was er even 25 knopen wind en ben ik de Houtribhaven ingedoken waar Ronald van de Moshulu mij hielp de Sundance Kid zonder schade af te meren aan zijn boot. Dat was om 21.56 uur.
Ronald, ik ben je er dankbaar voor!! Daarna heb ik een potje gekookt en ben vroeg gaan slapen. Ik was bijna 22 uur aan het varen geweest en zat er behoorlijk doorheen ook door de adrenaline die bij de storm was los gekomen!Zaterdag 25 september
Zaterdagmorgen om 06.30 uur door de sluis en er stond nog een stijve bries van 22 knopen die af en toe naar de 25 knopen gingen. Als het anker het maar houdt, dacht ik nog en aangekomen bij de ankerplaats hup het anker er in en de tracker ingedrukt om 07.19 uur mooi! Nu 6 uurtjes wachten, misschien nog een tukje doen mooi!!!! Niet!! ik wilde mijn eitje uit de pan halen toen mijn ankeralarm af ging en toen ik mijn smoel naar buiten stak zag ik dat we op drift waren %&^^*(()**()*)_()_)+_)_&%$%#$#@ Brommer weer gestart en het anker ophalen, terug varen en ja hoor gelijk een plensbui op mijn kop, dus ik werd zeiknat! Het anker er weer ingegooid maar dat ging helemaal mis en ik voer over de ankerlijn heen. Nou dacht ik dan, wacht ik tot de boot zich vanzelf weer met de kop in de wind zou gooien.
Niks daarvan, ik had het anker met een lus om de bolder heen gelegd, maar doordat de boot over de lijn was gevaren, was de lijn over de bolder getild en losgeraakt en je snapt het al !#%^^*(&(&&*(%^$&#@## Ik kon geen ankerlijn meer ontdekken en de boot ging vrolijk richting de dijk! Pfffff. snel het andere anker gepakt, maar dat moest eerst wel in elkaar gezet worden. Eindelijk weer vast en dit anker hield het beter in deze blubberzooi.Nog even naar de organisatie gebeld om te vragen hoe dat zit met een krabbend anker en Joost te Velde kon daar ook geen antwoord opgeven, dus ik heb mijn eerste tijd van mijn ankerperiode aangehouden. Inmiddels waren de eieren koud en bleef het buiten stevig waaien waarbij de 25 knopen bij een bui gelijk werden gehaald!
Op naar het laatste rak!Om 13.20 het anker op en op naar de OVD-3, daar waren wij om 13.53 uur en nu moest er gekruist worden naar de Sport–E. Deze lag op dat moment recht in de wind en ik zag er erg tegen op omdat mijn bootje met zijn ondiepe kiel (130 cm) en aan lagerwal flink door de hoge golven wordt weg gezet. Maar ik wilde deze avond beslist finishen om dat in de avond de wind het weer zou laten afweten. Wel 12 myl, komaan de laatste loodjes wegen het zwaarst zeggen ze wel eens. Ik kreeg na de start de boot niet aan het lopen en ik piekerde mij suf waardoor dat kwam. Ik had een rif gezet in het grootzeil en de reefbaarrolgenua een stuk in gerold na ongeveer 7 a 8 minuten aanklooien viel het kwartje! De traveller naar buiten en hup dat scheelde! Ook had ik teveel voorzeil, toen dat allemaal was verholpen ging de boot lopen!!Wel ik heb de volgende tactiek bedacht! Waren er geen buien dan zakte de wind in tot zo’n 10 a 12 knopen, dan moest het voorzeil weer uitgerold worden. Ik ging dan over bakboord richting het zuiden. Kwam er een bui en daar zat iedere keer veel wind in (25 knots), ging ik overstag naar stuurboord en rolde tijdens het overstag gaan het voorzeil een stuk in. Dat liep als de brandweer en ik nam gelijk de grote windshifts mee, zo’n 20 tot 30°. Het was wel keihard werken maar wil je snel varen is dit voor mij de enigste optie!Om 17.32 ronde wij de Sport-E en gingen met halve wind richting Volendam. Soms liep de boot 8.5 knopen en met 6.5 knoop vlogen wij langs de GZ om 18.32 uur richting de Pampus 9 ,de finish boei.
Natuurlijk zakte de wind na het Paard van Marken weer in, maar dat mocht de pret niet drukken en bijna aan de wind (en de boei in mijn enthousiasme nog bijna overvarend) finishte wij om 20.33 uur. Yes,Yes! Het is weer gelukt om de 200 Myls uit te varen.Fred.
Dit jaar werd voor de vijftiende keer de wedstrijd gevaren. Om organisatorische redenen was nu Durgerdam als vertrek en finish haven aangewezen. Voor mij dus eigenlijk een thuiswedstrijd.
Ik wil in dit verslag het niet zo zeer hebben over de wel of niet geweldige snelheden en tijden, maar meer over de ervaringen tijdens de race. Tijdens de briefing werd als eerste een prima en warme fleecetrui uitgereikt, tezamen met een logboek en de GPS tracker. Dit geheimzinnige apparaatje stuurt regelmatig je positie door naar de organisatie. Later bleek de fleecetrui een zeer noodzakelijk uitrustingstuk te zijn.
De baan die ik heb gekozen:
Start bij de P9 nabij de IJtoren. Daarna de volgende route: via Volendam, de Nek en Lelystad terug naar Durgerdam – via Noordzeekanaal naar IJmuiden. Van daaruit naar Den Helder en door naar Kornwerderzand. Vervolgens via Medemblik, Hindeloopen en Breezanddijk naar Stavoren.
Alsof dat niet genoeg is, nog een bezoek aan Den Oever voordat de neus gericht wordt op Lelystad. Dan via de Nek en Volendam terug naar de P9. Het noemen van alle boeien verwart alleen maar.

De start was op 22 september, tussen 7 en tien uur, voor mij even na 8 uur. De wind was zwak en in de zuidhoek. Vóór mij allemaal spinakers. Ik moest dat dus ook maar doen. Bij het hijsen bleek direct dat ik een schoothoek en tophoek verwisseld had… Onder het toeziend oog van een deel van het veld dit detail verholpen. Daarna was het heerlijk spinakeren naar Hoorn. Op tijd de spi eraf. Het lukte mij niet deze geheel droog aan dek te krijgen. Vanaf de Nek hoog aan de wind richting Lelystad. Na een uurtje verzeilde ik in de lokale doldrums. Over de afstand van misschien 12 NM deed ik bijna 8 uur!! Rampzalig!. Een extreme oefening in geduld. Daarna met een minimaal briesje, het was inmiddels donker, naar Durgerdam. Nog vóór twaalf uur ’s nachts voor anker en slapen maar. De verplichte ankertijd van minimaal 6 uur had ik dan al vast ingevuld. Na een bezoek aan de douche bij de vereniging fris de volgende morgen op weg naar IJmuiden. Bij de Schellingwouder brug kreeg ik gezelschap van de Viento, een 31 voet Elan met een nogal lang aangebouwd eendenplatform. Hij bleef voor het grootste gedeelte van de wedstrijd in mijn buurt.
Donderdag 23 september
Rond 14.30 uur was ik op zee om met het tij richting Den Helder te varen. Een zwak zuidelijk windje en een nogal vervelende deining maakte dat het niet verstandig leek de spi te zetten. Een echte slingerkoers. Ook zakte de wind enige tijd volledig in. Klapperende zeilen is ook niet alles!
Pas tegen 21.00 uur was ik bij de haven van Den Helder. Het tij liep al bijna op zijn einde. De vooruitzichten om de 200 mijls uit te zeilen waren wel heel slecht geworden. De finish was uiterlijk op 26 september 12.00 uur. Ik vroeg mij af hoe het op het IJsselmeer zou zijn met de wind.
Vrijdag 24 september
Het was nog donker toen ik weer verder ging. De spi mocht weer werken. Met zwakke wind en met tij mee naar Kornwerderzand. Mooi en vlak water. Uitgerust kon ik beginnen aan de rakken op het IJsselmeer. Met een lopende wind naar Medemblik en naar Hindeloopen. Daarna met zwakkere wind opkruisen naar Breezanddijk. Rond kwart voor acht ’s avonds begonnen aan het laatste rak voor die dag. Het begon zo mooi: spi erop en varen maar! Alleen die wolkenpartijen in het NW bevielen mij niet echt. In korte tijd trok de wind aan. Als de bliksem de spi eraf. Helaas trok de spinakerval de sluiting van de grootzeilschoot los. De spi trok ik achter het grootzeil naar binnen toe. De giek schoot naar voren tegen het want. Snel halve wind gestuurd en het grootzeil gestreken. Daarna, het woei inmiddels 28 knoop weer richting Staveren gestuurd. Met een hulplijn de giek weer midscheeps getrokken en de schoot weer bevestigd. De wind was verder aangetrokken tot ruim boven de 30 knoop. De golven bouwden op en alleen op de kale mast liep het schip 5 knoop. Ik liet het maar zo. Eerst moest ik nog de LC6 passeren. Daarna op motor , zeilen was niet mogelijk ( stik in de wind en zware zeegang) naar Staveren Ik had twee uur nodig voor die 3,4 NM. Binnen werd ik geholpen met afmeren door de Viento die net voor mij binnen was gekomen.

Zaterdag 25 september
Het weerbericht liet weten dat het in de loop van zaterdag uit het NO zou gaan waaien. Mooi niet. Pas rond 1300 uur verder gaan varen. De wind was iets minder geworden , maar zeker geen NO. Eerst opkruisen naar Den Oever. Met twee reven en een half ingerolde fok op weg. In het begin met zware zeegang, later werd het wat beter. Rond 16.00 uur kon ik eindelijk de neus richting Lelystad wenden. Uitgeboomd en begeleid door indrukwekkende wolkenpartijen stoof ik er vandoor.
Even na 22.00 uur was ik bij de OVD3 en kon ik beginnen aan de laatste mijlen. Helaas, de wind zakte weer in en werd zowaar cyclonic, een ander woord voor uit alle hoeken, behalve de goede. Het werd opkruisen naar de Nek.
Zondag 26 september
Een ijskoude regenbui met stevige wind draaiingen maakte het wel erg oncomfortabel. De kachel aan en binnen zitten. De automaat moet het maar uitzoeken. Na de Nek zou ik met halve wind naar de MNGZ kunnen varen, dacht ik. Dat werd dus aan de wind (ZW). Na de MNGZ op weg naar het Paard draaide de wind gewoon met mij mee, dus weer aan de wind.
Op weg naar de P9 met ZZO wind. Even na 5 uur in de ochtend kon ik de P9 afklokken.
De race zat erop. Doodmoe maar toch wel tevreden schoof ik een half uur later mijn box in en kon ik gaan slapen. Heel lang slapen, ongeveer 4 uur. Na het voeden van de inwendige mens en het reinigen en toonbaar maken van de uitwendige mens was ik in staat het logboek en de tracker in te leveren op het schip van de organisatie. De uitslag? Er zouden 33 schepen hebben opgegeven. Die heb ik in ieder geval achter mij gelaten.
Jaap Homan
Pogo 850 Muckle Flugga
Woensdag 22 september
s Ochtends vroeg na een prachtige avond met veel gezelligheid in de haven van Durgerdam is het eindelijk zover. We varen een voor een als bij admiraal zeilen de haven van uit richting de finish.
Nog voor de start een tegenslag. Motor draait alleen nog stationair en op het laagste toerental voor- en achteruit. Gisteren olie in staartstuk saildrive bijgevuld. Overvuld. Geprobeerd om de olie er weer uit te zuigen. Kennelijk was dit niet genoeg. Om 7.15 u direct naast de startlijn voor anker om nog verder olie uit de saildrive te zuigen. Slangetje smaakt steeds viezer, net geen olie in de mond gekregen. Daarna nog steeds onmogelijk om gas te geven. Toch anker op en klaar maken voor de race. Het is tenslotte een zeilwedstrijd. Boeg spriet uit, genaker aangeslagen. Onder vol tuig rond acht uur gestart. In de consternatie start tijd vergeten te noteren. De GPS tracker lost dit wel op, neem ik aan. Na 30 min varen alles op orde.
Tijd voor mijn tune van de race: Maggot Brain van Funcadelic. Ik passeer het paard van Marken samen met gele tweemaster van Adriaan van Berkel en Pim Schulp op X312. Prachtig schouwspel, dertig spinakers (helaas) voor de boeg. Afgelopen uur steeds een laag kleding afgepeld. Zit nu in t-shirt. Met vier boten rond de gijpboei MN1GZ2 om 10.00 u. Het lukt me nog net om binnenpositie te krijgen. Scheelt hondereden meters bij het ingaan van het nieuwe rak.
Wind na enige tijd tot niet meetbaar gedaald. SOG < 1 knoop. Dan bakboord stuurboord situatie met Henjo van Cras Factus Est bij een bootsnelheid van een slak. Ons geduld word op de proef gesteld het is nu 13.30 u en we gaan hooguit 1 knoop. Om 15.20 u komt er eindelijk een beetje wind.
Wat gelezen en aan een artikel gewerkt dat ik aan het schrijven ben over voeding. Wat kun je anders doen onder deze omstandig heden? Daarna nog een blogpost van Tim Ferriss gelezen, 1 van mijn favoriete bloggers.
Het motorprobleem is nu duidelijk. De gaskabel is gebroken. Ik maak telefonisch een afspraak met een monteur in de Houtribhaven morgen ochtend om 9.00 u. Dat betekent groot tijd verlies. Met Henjo en Pim door de sluis. Met Pim samen afgemeerd in de passantenbak van de Houttrip. Dat zou een lange avond nagels bijten kunnen worden, ware het niet dat het heerlijk weer is. Dus een biertje, olijven en een sigaar. Vakantiegevoel!
Donderdag 23 september
Na een lange goede nacht de boot alvast klaar gemaakt. En de motorruimte vrij gelegd voor de monteur. Nieuwe gaskabel in een uur gemonteerd.
Ik moet nu een nieuwe strategie kiezen. De waddenbaan die ik van plan was, is niet meer haalbaar. Ook is er onweer verwacht. Ik kies nu voor baan 4. Herstart bij EZ13. Goed begin. 6kn boot speed, die zakt even later wel weer in. Ik zie groene asymmetrische spi aan de horizon, dit lijkt op Henk Bulthuis. Hij gijpt later weg en neemt waarschijnlijk baan 3.
Op het rak van de Ketelbrug naar Urk de prachtige gele tweemaster weer gepasseerd. Verder niemand in de verste verte te bekennen. Na 3 rakken is de wind weer op.
Ik ga bij de UK14 ten anker samen met Batfish die uit tegengestelde richting komt.
Wachten op wind. 6 uur stil liggen is een hele prestatie. Ik begin door mijn leesvoer heen te raken. Medische vakliteratuur is geen inspiratie voor een weekje vakantie, wat deze race zou moeten zijn. Langzaam wordt de lucht grijzer. Om 17.00 u. is het einde blote bast. Volgens buienradar treken de echte buien ten westen langs. Het is nog steeds bladstil.
De tijden zijn wel veranderd, nu je met je telefoon op internet alles kan opzoeken tijdens een wedstrijd.
Muziek : John Coltraine; Chet Baker en Charlie parker.
Ik ga zo even Metallica opzetten om uit mijn middagdutje te komen. Dit noem je wedstrijd zeilen?
Klokke 19.20 u na 6 uur het anker gelicht en volgas richting de herstart. Halve wind richting RHB knijpen met de spi op. In de verte onweer, uit voorzorg de spi eraf. Net op tijd, 90 graden windshift. Daarna kom ik in een heftig onweer terecht. Bliksem voor, achter en aan bakboord en heel dichtbij. Een ontlading recht boven mijn hoofd tussen twee wolken. Het wordt helemaal licht en een hele harde knal. Herinnerring aan mijn eerste transat in 1988 komt boven. Ik zat toen ook midden in een onweer en kon geen kant op. Ik was toen heel angstig. Vandaag helemaal niet. Daarna harde wind en hevige regen. Boei RHB is niet te vinden, licht werkt niet. Na NM1 nog even het onweer afgewacht en daarna weer de spi gezet. Het is nu 23.00 u en het regent nog steeds keihard. Je wilde toch zo graag een weekje buiten spelen !?!?
Het klaart op. Volle maan achter de wolken geeft veel licht. Gijpen met spi lukt daarom zonder koplamp, zo helder is het. Dit is heerlijk zeilen! Tot H2W1 bij Hindelopen vreselijke knijp koers, groot zeil helemaal los. Daarna voor het lapje naar Makkum. Ik passeer mijn thuis haven. Laatste rak naar Breezandijk. Geankerd in de werkhaven om 3.05 u.
Vrijdag 24 september
Om 9.30 u wakker, goede nacht gemaakt. Ik lig naast de Magic Woman van Dik Geurts. Daarna anker op, hele vieze blubber, lang schoonspoelen van anker en ketting. 20 min water putsen is pas “ zeilen zonder rugpijn”. De ultieme test of je een sterke rug hebt. Herstart om 10.52 u. Ik zie nog 4 andere deelnemers de sport B ronden. Slechts 1 gaat de zelfde kant op richting sport A. De temperatuur is nu flink gedaald, buiig weer. Ik heb nog een grote klus voor de boeg, ongeveer 100 mijl tot Lelystad. ETA 3.00 u vannacht bij bezeilde koersen.
Na WP 6 verkeerde spi gekozen. Rak is plat voor het laken. Downwind met een genaker en weinig wind is een slechte combinatie. Spi wissel gaat snel, ik word steeds handiger. Op naar Urk. Wind is al naar het noordwesten gedraaid. Instrumenten hebben een dag stil gestaan. Log en diepte meter doen het weer. Kan weer reglementair het logboek invullen. Na een heel lang voordewinds rak kom ik bij de Ketelbrug. Voor me zie ik een blauwe Winner met een solo vlag. Schitterende avond strak blauwe lucht. 6 Beaufort is voorspeld. 2 smeerrepen ingeschoren . We gaan zo kruisen. Boei KH gerond. Perfecte spi-drop, gijp, boom weg en strak aan de wind.
18.40 u. Ik bereken dat er nog 90 mijl zijn te gaan tot de finish. Ik ben nu eindelijk over de helft. In mijn herinnering ging het vorig jaar veel sneller. Oh ja, ik heb 2 dagen bijna stil gelegen!
Langzaam dringt het tot me door dat ik de finish niet ga halen. De ETA tot Lelystad is 12 uur morgen ochtend, dus zonder kruisen en zonder rusten. Na de sluis is het nog 27 mijl. Stel dat ik non-stop door vaar dan wordt het rond 19.00 uur zaterdag avond. Daarna moet de boot nog terug naar Makkum, om maandag weer fris aan mijn spreekuur te beginnen. Wat is wijsheid. Opgeven zit niet in mijn karakter, maar realiteitszin is ook een van mijn goede eigenschappen.
Ik moet nog via sport D naar de SBC bij Lemmer en daarna naar de KRA tussen Medemblik en Stavoren. Ik ga om middernacht beslissen of ik doorga. Nog even de prachtige zonsondergang op me laten in werken. Ik trakteer mezelf op koffie en een feestsigaar, want het blijft mooi buitenspelen zo’n 200 mijls race. Dat moeten we even vieren !!
19.15 u Het wordt snel kouder. Laagje erbij en het gevechtspak aan. Dat wordt nog een lange nacht opkruisen naar de Afsluitdijk. Bij de boei passeert in tegengestelde richting een X43 Bixsmile onder spi. Die is er “bijna”. Hij moet nog 30 mijl tot de finish. Kleine bootjes ploeteren nog even door.
Rond 21.00 u word ik overvallen door een bui. Binnen 10 min van 10 naar 25 knopen wind. Met veel moeite 2 riffen gezet, maar we gaan nog steeds te hard en te scheef. Mijn windmeter geeft te weinig aan. De golven zijn ook uitzonderlijk hoog. Het lijkt wel of het ten noorden van hier nog veel harder waait. Ik beuk ongezond hard in de golven. Na een half uur besluit ik met pijn in het hart dat dit een goed moment is om de race te beëindigen. Helaas. 21.30 uur koers Enkhuizen. Met hoge snelheid zijn we in no-time daar aangekomen. Ik meer af naast Majic Potion die ook de handdoek in de ring had gegooid. Hij vertelde tot 32 knopen wind te hebben gemeten. Het gaat ‘s nachts nog veel harder waaien, dus mijn keus is juist geweest.
Zaterdag 24 september
Het is nog een lange dag opkruisen naar Makkum. Het is intussen veel kouder geworden, maar wel heel helder en zonnig weer. Om 15 u tussen de palen.
Nabeschouwing
Dit was mijn tweede 200 Myls ‘SOLO’. Het was weer een mooie belevenis. Zeer gevarieerd, met wind van 0 tot 25 plus knopen en zon, onweer, regen, warmte en kou. Ook weer genoten van 5 dagen alleen zijn in de natuur. Prachtige luchten en zonsondergangen beleefd. Als er wind was lekker fanatiek geprobeerd alles uit mijn bootje te halen. Een POGO 850 is een ideaal soloschip. Je verliest nooit de controle en kunt onder bijna alle omstandigheden de spi zetten (met dank aan mijn NKE gyropilot). Helaas de eindstreep niet gehaald en iets te veel tijd lezend doorgebracht, maar dat zal volgend jaar vast anders zijn. Mijn video’s en foto’s zal ik zo snel mogelijk op het web zetten.
Veel dank aan de organisatoren van dit bijzondere evenement en tot 2011.

Dit jaar zal voor de 15e maal de 200 Myls ‘SOLO’ worden gevaren. Dit lustrumjaar kunnen we niet zo maar voorbij laten gaan. Daarom heeft het bestuur van de Stichting 200 Myls ‘SOLO’, besloten eens wat terug te doen voor een organisatie die al 15 jaar belangeloos 24 uur per dag paraat staat om zeilers in nood te helpen. Te weten de KNRM. Dit jaar zal de Stichting 200 Myls ‘SOLO’ namens de deelnemers, 10 euro per boot over maken aan de KNRM. Voorwaarde is wel dat de deelnemer reglementair de finish moet halen.
U als deelnemer van de 200 Myls ‘SOLO’, vaart dit jaar niet alleen voor u zelf, maar ook voor het goede doel. Weet dat op het moment dat u dit jaar start, u de enige bent die bij kan dragen om aan dit hoger doel, nl de finisch halen en daardoor 10 euro sponsorgeld te verdienen voor de KNRM.
De KNRM rekent op u!
Door KPN gehinderd is de site helaas een tijd niet onderhouden. Onze excuses daarvoor, want jullie zullen wel gemist hebben dat we geen verslag konden doen van de voortgang van de inschrijving. Gelukkig liep de site van Mijnzeilwedstrijden goed, waardoor de groei van inschrijversaantal goed te volgen was. Bij deze de laatste stand van zaken:
Vorige week is de 100e inschrijving ontvangen en daarmee is de inschrijving voor de 15e 200 Myls ‘SOLO’ bij deze gesloten. Zoals te zien hebben we een prachtige samensteling van inschrijvers, bestaand uit oud-gedienden en nieuwe inschrijvers, kleine en grote en langzame en snelle boten. Precies wat de bedoeling is, dus dat belooft een leuke, gezellige en sportieve wedstrijd te worden.
Inschrijvers, vergeet vooral niet tijdig te betalen. Voor instructies daarover raadpleeg s.v.p. ‘Racespecifiek’.
Het bestuur heeft besloten extra prijzen toe te kennen aan de snelste zeilers op ongecorrigeerde gezeilde tijd in de volgende lengteklassen:
Tot 25 voet
Groter of gelijk aan 25 voet tot 30 voet
Groter of gelijk aan 30 voet tot 35 voet
Groter of gelijk aan 35 voet tot 40 voet
40 voet en groter
Het is bijna zover. Woensdag gaan we van start. Graag wil ik jullie nog een aantal zaken onder de aandacht brengen:
Tot dinsdagavond!
Vanmorgen om 06.15 vertrokken de eerste deelnemers naar de start bij de P9. Het was nog aardig donker maar gelukkig geen mist. Er stond een klein beetje wind uit zuidoostelijke richting. Om 7 uur hadden veel deelnemers de gezellige jachtehaven van zeilvereniging het Y al verlaten. Het beloofd een mooie zonnige dag te worden. Uit tactische overwegingen liggen er om halfnegen nog een paar boten te wachten.

Vandaag een onrustige telefoondag. Vragen over de trackers. Er was/is een probleem met de hoeveelheid data die verwerkt moet worden, waardoor track en tace op de site van de 200 myls solo niet goed uit de verf komt. Helas maar er wordt hard aan gewerkt om het euvel te verhelpen. Het automatisch kiezen van de baan in het systeem zal voor sommige deelnemers niet goed werken, dus alle banen aanklikken geeft de meeste kans dat de gewenste info te voorschijn komt. In baan 1 een vraag over de P12, helaas een fout in het logboek, moet P9 zijn. Maar zal geen konsekwenties hebben voor de uitslag.

Helaas ook meldingen van aanvaringen met en zonder schade, maar heirdoor nog geen opgevers. Wel helaas de Jetstream die in geode positie met matreiaalpech moet opgeven. De hoeveelheid foto’s die de deelnemers sturen is dusdanig dat plaatsen van alle plaatjes niet zal lukken. Maar ze geven wel een geweldige indruk van het mooie weer en de sfeer.
Na de nodige inspanningen lijkt het toch gelukt om het mooi uitgedachte systeem te laten functioneren. Inmiddels is gebeleken dat de Trackers tijdig aan de lader moeten om te blijven functineren. Uit de telefoontjes die we hebben ontvangen blijkt dat het thuisfront actief meeleeft. Sommige deelnemers hebben het idee dat Aeolus op vakantie is. Maar vanavond was er een waarschuwing van Centrale Meldpost IJsselmeer voor onweer met windsoten.
Zo beleeft de Espiritu het rak tussen Lemmer en Stavoren,, blak, blak,blak……..

De verwachting is dat vanavond de eerste boten zullen finishen. De Ten en Batfish lijken op dit moment de koplopers te zijn. Helaas heeft een oud gediende afgehaakt, de Scheerling van Albert Broshuis. De trackers schijnen het op dit moment allemaal weer te doen behalve op de Vuurflits en de Blauwe Kwast. De wind is voor sommige deelnemers nog steeds een beetje spelbreker, afhankelijk van de plaats op het water.
Gisteravond is er front met veel wind van uit het noorden over het wedstrijdveld getrokken. Het noopte sommige deelnemers de wedstrijd te staken. Tot nu toe hebben 22 deelnmerers opgegeven. De Ten had de pech bij Volendam aan de grond te lopen. Voorzover nu bekend alleen materiële schade. De Addixion had bij een aanvaring al een gat in de romp maar is inmiddels ook haar schroeef veloren, maar nog wel in de race. Inmiddels zijn er twee boten binnen, de Batfish gisteravond als eerste en vanmorgen voreg de JamSession als nummer 2. De Inspirit is onderweg om als 3e binnen te komen.
Overeenkomstig de afspraak die de KNRM en de Stichting 200 Myls ‘SOLO’ eerder dit jaar maakten, heeft de stichting deze week Euro 410,- gestort als donatie aan de KNRM. Ons streven is daarbij dat dit niet een tegemoetkoming is in de kosten van het redden van onze deelnemers, maar dat het een netto donatie is en dat onze deelnemers voorzichtig, goed voorbereid en zelfvoorziendend zeilen!
Het bestuur
De definitieve uitslagen zijn te zien onder uitslagen/uitslagen 2010!
Om deze prachtige prijzen een tijdje in je huis of op kantoor te hebben staan, zou je toch heel fanatiek kunnen worden!
Behalve dat we het leuk vinden de prijzen te laten zien, doen we het ook omdat het toch wel een heel bijzonder jaar is, namelijk het jaar dat we de 15e 200 Myls ‘SOLO’ zullen varen. Ruim vijftien jaar geleden nam Jan Luijendijk het initiatief deze uitdagende tocht te gaan varen, zie ook de Historiepagina.

| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
Hand. Factor |
| 598 | 2006 | 1 | 0 | Bauke Yntema | Winner 950 * 1.35 | Catootje | Workum | 98.60 |
| 492 | 2006 | 2 | 0 | John v.d. Starre | Sun Fast 37 | Happy | Scheveningen | 88.00 |
| 86 | 2006 | 3 | 0 | Bart Boosman | Boosman JB | De Franschman | Bergen | 93.00 |
| 361 | 2006 | 4 | 0 | Paul Peggs | JOD 35 | Audacious | Hamble (UK) | 86.00 |
| 96 | 2006 | 5 | 0 | Geert Bosch | Dufour 4800 | Swell | Maarssen | 98.00 |
| 235 | 2006 | 6 | 0 | Theo Hin | X-362 | Obelix | Lelystad | 88.50 |
| 489 | 2006 | 7 | 0 | Bart Smulders | Compromis 888 | Bondi II | Huizen | 107.0 |
| 485 | 2006 | 8 | 0 | Jan Smink | Dufour 4800 | Nicky Deux | Muiden | 98.00 |
| 441 | 2006 | 9 | 0 | Peter v.d. Schaaf | Stern 33 | Jager | Medemblik | 87.00 |
| 4 | 2006 | 10 | 0 | Jacquel ine v. Amstel | X-362 * 2.05 | Xinia | Dintelsas | 86.50 |
| 245 | 2006 | 11 | 0 | Jaap Homan | Spirit 32 * 1.80 | Almare | Amsterdam | 98.00 |
| 162 | 2006 | 12 | 0 | Kees Corts | First 305 * 1.4 | Jean Dix | Huizen | 99.00 |
| 393 | 2006 | 13 | 0 | Govert Ramselaar | Contessa 32 | Saffier | R’veen | 103.0 |
| 79 | 2006 | 14 | 0 | Age v.d. Bles | Spirit 32 * 1.80 | Foddebosk | Lemmer | 98.00 |
| 291 | 2006 | 15 | 0 | GertJan Kos | First Class 8 | Obsession | Huizen | 95.50 |
| 11 | 2006 | 16 | 0 | Fred Avezaat | Dehler Optima 830 | Sun Dance Kid | Strand Horst | 108.0 |
| 153 | 2006 | 17 | 0 | Hans Colenbrander | Waarschip 1/4T *1.2 | Hebbus | Huizen | 111.0 |
| 524 | 2006 | 18 | 0 | Jos Valkering | Waarschip 1/4T *1.2 | Magic | Akersloot | 111.0 |
| 308 | 2006 | 19 | 0 | Bram v.d. Loosdrecht | Arcona 400 | Octavus | Schokkerhaven | 84.00 |
| 555 | 2006 | 20 | 0 | Pamela v.d. Vleuten | Seamaster 925 | Lady Blanche | Eindhoven | 108.0 |
| 130 | 2006 | 21 | 0 | Jan de Bruin | X-332 | EsXape | Scheveningen | 86.00 |
| 566 | 2006 | 22 | 0 | Egbert v.d. Waal | Waarschip 1/2T *1.65 | Siddhartha | Workum | 103.6 |
| 341 | 2006 | 23 | 0 | Guus Milani | Impala | Wigulida II | Kampen | 95.00 |
| 174 | 2006 | 24 | 0 | BertJan v. Delft | Waarschip 1220 | Utopia | Kats | 89.00 |
| 285 | 2006 | 25 | 0 | Fred Knitel | Dehler 39 | Suntiki | Blocq v.Kuff. | 85.00 |
| 256 | 2006 | 26 | 0 | Harry Immink | Banner 41 | Banzare | Durgerdam | 86.00 |
| 180 | 2006 | 27 | 0 | Bart Desaunois | J-109 | J-Action | Enkhuizen | 83.00 |
| 280 | 2006 | 28 | 0 | Ruud Kapteyn | IMX-38 | Mango | Muiden | 82.00 |
| 136 | 2006 | 29 | 0 | Henk Bulthuis | J-109 | ChillOut! | Lelystad | 83.00 |
| 510 | 2006 | 30 | 0 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 128 | 2006 | 31 | 0 | Albert de Brouwer | Waarschip 900 | ’t Waere Hout | Naarden | 100.0 |
| 434 | 2006 | 32 | 0 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 98.50 |
| 557 | 2006 | 33 | 0 | Harry Vogel | Cayenne 42 | Tzigane | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 191 | 2006 | 34 | 0 | Martijn Franssens | J 92 | Jottem | Medemblik | 87.50 |
| 477 | 2006 | 35 | 0 | Martin Selles | Bashford H. 36 | Kim | Block.v.Kuff. | 83.00 |
| 204 | 2006 | 36 | 0 | Dik Geurts | F & F 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 116 | 2006 | 37 | 0 | Jaap Broer | Waarschip 725 | Di Vagi | Sneek | 111.0 |
| 534 | 2006 | 38 | 0 | Riaan v.’t Veer | Mini Transat Coco | Piccolo | Lelystad | 103.0 |
| 345 | 2006 | 39 | 0 | Peter Mueller | Vision 32 | Cassiopeia | Huizen | 101.0 |
| 193 | 2006 | 40 | 0 | Jerry Freeman | Figaro | Fluffy | Hamble (UK) | 86.10 |
| 538 | 2006 | 41 | 0 | Anjo Veerman | Dehler 39 CWS*vk155 | Aurum | Amstelveen | 92.00 |
| 36 | 2006 | 42 | 0 | Frits Bartels | Contest 40 S | Easy Going | Hindeloopen | 93.00 |
| 178 | 2006 | 43 | 0 | Gilles v. Delft | Waarschip 1010 *1.90 | Lightning | Kats | 92.00 |
| 450 | 2006 | 44 | 0 | Gio Schouten | Freedom 44 Cat | Airborne | Marken | 93.00 |
| 125 | 2006 | 45 | 0 | Albert Broshuis | Winner 9.50 | Scheerling | Ketelhaven | 96.00 |
| 384 | 2006 | 46 | 0 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 103.0 |
| 247 | 2006 | 47 | 0 | Gert Hoogeveen | Bavaria 30 | Vire | Muiderzand | 102.0 |
| 325 | 2006 | 48 | 0 | Otto Maitimu | Contrast 362 | Content | Lelystad | 91.00 |
| 100 | 2006 | 49 | 0 | Frits Brattinga | Zilvermeeuw | Lady A | Sneek | 86.00 |
| 470 | 2006 | 50 | 0 | Gerrit Schuur | Etap 30i | Myrlette | Harderwijk | 100.0 |
| 25 | 2006 | 51 | 0 | Piet Bakker(hn) | J-92 | Jolly J | Hindeloopen | 87.50 |
| 576 | 2006 | 52 | 0 | EricJan Wiebenga | Vanwiele 11.10 | Indra | Zaandam | 101.2 |
| 56 | 2006 | 53 | 0 | Onno Benink | Koopmans One Off | Exuperantia | Zutphen | 113.0 |
| 190 | 2006 | 54 | 0 | Henk Euverman | Vd Stadt 34 Staal | Cygnus | Dintelmond | 100.0 |
| 251 | 2006 | 55 | 0 | Frans Hoving | Waarschip 900 | Zeebeer | Amsterdam | 100.0 |
| 110 | 2006 | 56 | 0 | Ron Bree | Adams 44 | Espiritu | Den Helder | 78.10 |
| 376 | 2006 | 57 | 0 | Arie Petrus | First 285 *1.2 | Adventure | Almere-Haven | 104.9 |
| 520 | 2006 | 58 | 0 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy MK IV | Douwe Dabbert | Amsterdam | 116.0 |
| 28 | 2006 | 59 | 0 | Jules Banffer | Mount Gay 30 | Bandito | Lelystad | 86.00 |
| 52 | 2006 | 60 | 0 | Nico Benink | Kroes platgatkits | Brandaan | Hasselt | 113.0 |
| 558 | 2006 | 61 | 0 | Cees Vos | Waarschip 725 | HoutNsteen | Huizen | 111.0 |
| 406 | 2006 | RET | 0 | Andre Rijnbeek | Etap 22i | On-rust | Heerenveen | 112.0 |
| 253 | 2006 | RET | 0 | Jurgen Huizinga | Scyth | Scylla | Kampen | 105.0 |
| 415 | 2006 | RET | 0 | Ruud Roos | Freedom 35CB Kits | Samiel | Monnickendam | 104.0 |
| 422 | 2006 | RET | 0 | Henjo Ruiter | Ranger | Cras Factus Est | Medemblik | 110.0 |
| 466 | 2006 | RET | 0 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 95 | 2006 | RET | 0 | Gerben Bos | F & F 95 | Jeanine | Medemblik | 91.00 |
| 274 | 2006 | RET | 0 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 86.00 |
| 606 | 2006 | RET | 0 | Piet v.d. Zwaan | Dehler 34 | Cygne | Lelystad | 93.00 |
| 30 | 2006 | DNS | 0 | Jurrien Baretta | Etap 22 *1.45 | Maria Tessel | Termunterzijl | 116.0 |
| 47 | 2006 | DNS | 0 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Makkum | 93.10 |
| 69 | 2006 | DNS | 0 | Cor Berlee | Mini Transat Pogo | Berlee | Lelystad | 103.0 |
| 77 | 2006 | DNS | 0 | Rob Bijnsdorp | Marieholm IF | Circle of life | Monnickendam | 110.0 |
| 139 | 2006 | DNS | 0 | Stuart Campell | First 375 | Gunbeat | Whitstable | 89.00 |
| 146 | 2006 | DNS | 0 | Michel Capel | Freedom 44 Cat | Alabama Queen | Makkum | 93.00 |
| 186 | 2006 | DNS | 0 | Peter v.d. Driesche | Dufour 35 | Vagebond | IJmuiden | 99.00 |
| 223 | 2006 | DNS | 0 | Erik Jan Hardonk | Etap 34s | Chick-a-bee | Lemmer | 91.00 |
| 229 | 2006 | DNS | 0 | Paul Heijmerink | F & F 65 | Funky Feet | Naarden | 98.00 |
| 306 | 2006 | DNS | 0 | JanKees Lampe | Puffin 50 | Little Sarah | Rotterdam | 91.00 |
| 334 | 2006 | DNS | 0 | Ed Megens | Fulmar 38 | Fram | Den Oever | 90.90 |
| 352 | 2006 | DNS | 0 | Arie Nauta | Grinde 820 | Scarlet | Warns | 102.0 |
| 367 | 2006 | DNS | 0 | Barend Peters | First 35 * 1.9 | Layam | Monnickendam | 90.00 |
| 387 | 2006 | DNS | 0 | Rene Pluymert | X-332 | Libel | Lelystad | 86.00 |
| 499 | 2006 | DNS | 0 | Michiel Tasseron | Bavaria 32 | Passie | Huizen | 98.00 |
| 513 | 2006 | DNS | 0 | Anje Valk | Vancouver 27 | Warber | Harlingen | 112.0 |
| 561 | 2006 | DNS | 0 | Marjan v.d. Vrie | Aquila * 1,60 | Mathilde | Tilburg | 105.2 |
| 571 | 2006 | DNS | 0 | Jon v.d. Weide | Offshore 34 | Silent Lucidity | Harlingen | 101.0 |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||

|
1e. prijs |
Vrouwentrofee |
2e. prijs |
3e. prijs |
Line honeurs |
|
Bauke |
Jacqueline |
John |
Bart |
Bart |
|
Yntema |
van Amstel |
v.d. Starre |
Boosman |
Desaunois |
Woensdag, 11 oktober 2006, 21:30 uur
Heel wat deelnemers, veelal met partners waren van heinde en verre gekomen om de elfde prijsuitreiking van de 200 myls ‘SOLO’ – 2006 mee te maken. Helaas … de microfoon was niet in orde, erg jammer, zodat het een en ander niet bij iedereen even duidelijk overkwam en dus moest er wat harder worden gesproken.
Na het welkom heten van de deelnemers en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer, de routekeuzes en passagemeldingen door de gps/gsm-units van XMARK
Er werd gesproken over de plotseling opstekende dikke mist tijdens
de startperiode, waarin het eigenlijk onverantwoord was te starten.
De meldpost IJsselmeer gaf echter 1 tot 2 km zicht aan, oplopend verbeterend.
De vraagstelling wat nou het criterium is volgens het STZ 1,23. of art. 10 in de convocatie: “De omgevings-werkelijkheid aan boord of de officiele melding van een meldpost ?”
De wind steeds zuidelijk, zwak, matig en hard zorgden voor een schaakspel tussen de schippers in de 4 routes, om het meeste voordeel te trekken uit de weerstomstandigheden en … de voorspellingen.
Wederom werd door diverse schippers een top-speed van hun boten gemeld. Vrijwel iedereen, die zich niet had teruggetrok-ken of niet was gestart, had ruimschoots de mogelijkheid zijn wedstrijd de gestelde tijd te verzeilen.
Alle 4 routes werden verzeild.
16 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, IJmuiden, Oude Schild, Kornwerd.
2 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen.
26 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4, IJsselmeer, Waddenzee door
25 schippers, als de meest tactische baan werd gekozen.
Op het laatste ogenblik vlak voor de OVD 3 bij Lelystad werden er nog routekeuzes veranderd. Wat het gevolg was van deze tactische (route)keuzes, blijkt uit de eerste 7 plaatsen en verder, dat er in route 1 geen uitvallers (RET) zaten.
Dan de GPS/GSM-units door XMark BV geleverd en gesponsord.
Alweer waren fans en thuisfront razend enthousiast, omdat zij hun favoriete schippers, life op internet konden volgen, als zij hun merktekenpassages doorklikten.
Er paar units bleken een sim-kaart conflict te hebben, wegens het op ’t laatste ogenblik kiezen voor ’n pre-paid. We kwamen erachter, dat ’t niet altijd de juiste oplossing was, wegens probleempjes met t opwaarderen. 95% werkten echter perfect getuige de geplotte posities op het Tracking-board.
De wedstrijd/passagetijdgegevens van de logboeken werden volgens de convocatie weer toegepast en als bewijslast de meldingen van de XMARK-units.
Wij blijven in elk geval enorm enthousiast voor wat de XMARK-units van Mark Wilbrink voor de 200 myls ‘SOLO’ heeft gebracht, dit in verband met de directe verslaggeving, bewijslast en ….. veiligheid.
Mark zegde tevens toe voor de twaalfde editie van de 200 myls ‘SOLO’ de XMARK gprs-unit te sponsoren, zodat er tijdens de race elke 2 minuten een positie-melding zal worden gegeven.
Veel prachtige digitale fotosessies werden er gemaakt. Ruim 35 vergrotingen in A4 formaat werden grif door de schippers na de prijsuitreiking van het wandbord gehaald.
Graag had ik ook nog de foto’s van andere schippers ontvangen, zodat we daarvan een gezamelijke cd-rom kunnen branden om tegen kostprijs te kunnen verdelen.
Menno Ledel van de Jachtservice Huizen in z’n RIB met aan boord Piet Bakker, maakte buiten de mooie foto-sessie ook een fantastische film, waarbij vooral het gemak van boothandling, spinakers hijzen, etc. van de solisten opviel. De passage van de GZ 2/MN 1, onder spinaker, echter zonder Duckgijp, maar wel in je eentje, was spectaculair.
Inmiddels heeft Jaap Homan een prachtige selectie van de foto’s ge- maakt en de filmbewerking afgerond. De DVD kan worden opgehaald of opgestuurd aan geinteresseerde deelnemers.
Er waren zoals elk jaar talloze positieve en sportieve reakties vanuit het deelnemersveld, het thuisfront, binnen- en buitenland, getuige de vele hits (in oktober tot nu toe 4.694.330 hits) op deze website.
Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden van hun favorieten nauwlettend in de gaten en hadden al snel ontdekt, dat men in de XMARK-Webmap met een ‘request location’ gemakkelijk de positie van de schipper van op dat moment kon opvragen.
Voor diegenen , die tijdens de wedstrijd
Niet op de foto’s staan: Frits Bartels-weerberichten palaver, Marco luyendijk-it ondersteuning, Gerrit-co opnameschipper.
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
|
|
Gedicht: Joke Bartels |
2007 –> > Prijsuitreiking

Adventure – foto: Gilles van Delft
| * Foto-album – Toegezonden foto’s en film startochtend 27 septemberMaandag, 09 oktober, 07:00 UUR De meeste schippers zijn weer in hun thuishaven of hebben hun boot dit weekend naar huis gezeild. Zo ook Paul Peggs & Jerry Freeman, die vanaf zaterdag hun terugtocht aan het verzeilen zijn. De Audacious met Paul, singlehanded, is op dit moment goed te volgen op : www.oceanracetrack.com De tweede controlle van de logboeken is verricht en de -(min) punten toegekend ….Martin Selles heeft alle logboeken gelezen en … uitgetypt. De teksten daarvan komen na de prijsuitreiking, evenals de definitieve uitslagen-lijst op deze site … Ongeveer 35 vergrotingen liggen woensdag klaar bij de fotograaf. Fantastische digitale serie foto’s over de race zijn toegestuurd door de diverse solo-schippers en …. fans.Het een en ander moet echter ook nog worden bewerkt en op het web worden gezet, evenals de diverse verslagen, die nog in de wachtstand staan.Dinsdag, 03 oktober, 22:00 UURInmiddels de logboeken, ingekeken. Veruit de meeste data vanuit ’t plottingprogramma naar het wedstrijdprogramma toe kloppen vrij nauwkeurig met de gegevens van de logboeken, dus dat scheelde weer veel werk. Maar ook diverse ontbrekende, afwijkende logboektijden tijden zijn vast gedeeltelijk ingevoerd en gecorrigeerd. Diverse schippers schreven in hun logboek over de merktekenpassges, tijd, sorry vergeten ….. klikken, sorry vergeten … Maar ook 0000 meldingen, door slechte ontvangst, maar met wel ….. met de tijden erbij. De wedstrijdstanden, die vannacht op het web staan, zijn nog steeds t/m de prijsuitreiking ……. voorlopig. Zondag, 01 oktober, 12:00 UUREinde wedstrijd !Een lang gerekt hoornsignaal bevestigt, dat de elfde 200 myls ‘SOLO’ teneinde is. De schippers, de betrokkenen bij de organisatie kunnen weer even aandacht schenken aan het sociale leven buiten de 200 myls ‘SOLO’ … en gaan huiswaarts
Zondag, 01 oktober, 07:00 UUR 35 schippers gefinished, dus zijn er nog minstens 30, die zullen proberen voor twaalf uur Op dit ogenblik voert Jan Smink met z’n Nicky Deux de lijst aan ……. maar hij is vergeten de P 9 bij ’t IJ te klikken op de My-Bodyguard, waardoor het computerprogramma niet herkende welke route hij verzeilde. Dit was, helaas, ook het geval bij 2 andere schippers Deze en nog meer hiaten, dmv de passage-tijden, opgetekend in de logboeken, zullen moeten worden gecorrigeerd voor de prijsuitreiking op 11 oktober a.s. Zondag, 01 oktober, 01:45 UUR Ron Bree van de Espiritu schreef: ‘Vannacht 01.45 langs de IJM 18 “My friend the wind” was op de radio toen ik de IJM 18 passeerde.
Zolangzamerhand loopt de Stichtingshaven vol, worden de logboeken en de units afgeleverd en of weggevaren of een plek gezocht om nog effe na te genieten met de andere solo-schippers.. Zaterdag, 30 september, 07:00 UUR Henjo Ruiter met de Cras Factus Est uit Medemblik had pech.
Zaterdag, 30 september, 01:50 UUR 29/09/06-22:30:45 Martin Selles met z’n net aangekochte Bashford H. 36, Kim klikt de IJM 18 bij z’n passage.
Na de finish nog wel even afmelden … bij opname-schipper Andries Honing
Bart Desaunois is gefinished, line honneurs !
Bart Boosman mailde: Ook op het wad heb ik de X niet meer kunnen inhalen, helaas. Maar toch de laatste 48 mijl een gemiddelde snelheid van 8.2! Volgens de weerberichten zou de wind in de nacht van donderdag op vrijdag even richting ZO draaien, en langzaam toenemen tot 4bft alvorens weer naar Z of ZZW te ruimen. Ik was dus om 3 uur op. Helaas was de richting wel ZZO, maar de kracht was niet veel meer dan een knoop of 4. Moeilijke beslissing:: nu gaan met een bezeilde, maar heel zwakke wind of later gaan met meer wind, en het risico dat ik dan misschien een slagje moet maken. Gekozen voor het laatste. Om 7 uur was er in Makkum nog niet zoveel wind, maar die werd met de minuut harder. Meteen dus vertrokken. Helaas, bij de VF8 aangekomen, bleek Medemblik niet meer helemaal bezeild. Maar er stond wel een dikke 4. Bij Sport B bleek dat de wind nog steeds pal zuid was, kracht 5, en aangezien het volgende rak pal zuid is ben ik maar bij Brezand naar binnen gegaan. Daar lig ik nu nog, met nog 4 boten, te wachten op ZW wind. En ik heb net mijn maaltje op. Voor de zekerheid nu maar even een paar uur slapen; het kon wel weer eens een lang nachtje worden. Vrijdag, 29 september, 17:00 UUR Weer een prachtige zeildag, weliswaar met een beetje weinig wind. Ook met de nieuwsgaring is dat meteen te merken, want er is weinig te melden, geen foto’s of nieuws. Donderdag, 28 september, 23:00 UUR
Een bezoekje aan Urk, was heel gezellig, alhoe- wel er lagen weinig 200 mylers. Wat mijzelf betreft viel het me tijdens de diver- se testen met de gps-unit op, dat ook ik af en toe in m’n enthousiasme voor het zeilen, weleens een boeitje vergat te klikken, die ik eigenlijk wel wilde klikken met de GPS-unit of gewoon niet genoeg aandacht besteedde aan de stroomvoorziening of handling. Donderdag, 28 september, 15:27 UUR Zomaar een mailtje
Donderdag, 28 september, 14:22 UUR Bart Desaunois met z’n J-Action (Foto rechts bij z’n vroege start, gisteren in Muiden) loopt als een tierelier en voert de voorlopige wedstrijdstand aan. Fred Avezaat van de ‘Sun Dance Kid’ (Foto: iets rechts met spi) is jarig ! Gefeliciteerd door de vloot ! Eens schreef hij in z’n logboek: ‘Mijn stuurautomaat is af en toe net zo koppig als Wilma’ Koppige Wilma kon toch niet nalaten een mailtje naar haar echtgenoot te sturen: ‘Fred gefeliciteerd met je 54ste verjaardag. Maak er een mooie zeildag van.’ Gerben Bos is uitgevallen, wegens een electrische storing op z’n geleende FF, Jeanine, Jammer, geen prijs dit jaar ! Volgend jaar maar weer met de Jetstream. HoutNsteen heeft zo wie zo een electrische probleem, maar zet vrolijk bellend en smsénd z’n race door. Cees Vos geniet met volle teugen. Donderdag, 28 september, 12:31 UUR Bart Boosman mailt: Donderdag, 28 september, 11:55 UUR Helaas komen er geen sms/gps meldingen komen binnen van: Jacqueline van Amstel vertelt, dat ze 7 kts loopt richting Enkhuizen, met even de opmerking: “Je weet niet wat je mist”. Gisterenavond had ze het wel even benauwd toen ze met 9 kts onder spinaker bij het Enkhuizerzand haar dieptemeter ineens razendsnel omhoog zag lopen …. Arie Petrus meldt, dat hij nu met de Adventure op het wad zit in route 4. Donderdag, 28 september, 10:33 UUR
Donderdag, 28 september, 06:43 UUR De Bondhi van Bart Smulders ligt bovenaan. Evenals verleden jaar weet Bart zich van meet af aan al in de kopgroep te nestelen. Er zijn 2 uitvallers, waarvan 1 zeiler in de mist Pampus niet zag liggen.
Klik ook eens voor een spannende verslag over John van der Starre op :www.happyzeilen.nl Woensdag, 27 september, 18:56 UUR
Bericht van: Utopia Startnr 27 ten anker in Enkhuizen. Woensdag, 27 september, 15:56 UUR Bericht van: Bart Boosman Foto’s rechts: de Fluffy van Jerry Freeman en daarboven van de Catootje van Bauke IJntema, die dit jaar z’n eerste plaats van het vorig jaar moet verdedigen.
Woensdag, 27 september, 07:00 UUR Om 06:00 uur nog helder en goed zicht, een uurtje later valt er een dikke deken over het meer. De meldpost geeft echter 1 tot 10 km zicht dus is de verwachting, dat de nevel snel zal zijn verdwenen.
Ook Jon v.d.Weide werd op de heenweg naar Muiden getroffen door pech. Vlak voor Enkhuizen brak er een onderdeel van z’n motor en zeilde weer terug naar Workum. De motor van de Silent Lucidity zal pas klaar zijn op vrijdag, dus helaas … passé 200 myls…..
legt nog eens uit hoe men de MY-Bodyguard oftewel de MY-SOS, moet bedienen om het juiste resultaat naar de wedstrijd toe te krijgen. Dinsdag, 26 september, 17:34:19 UUR In alle haast worden er nog talloze klusjes opgeknapt, handen geschud en de kontakten verstevigd.
Een nest vol met waarschippers – Pamela klimt nog even de mast in – Bart Boosman maakt z’n onderwaterschip schoon
Dinsdag, 26 september, 16:29:32 UUR Maandag,25 september, 14:23:12 UUR
Martin stuurde ik als dank voor zijn niet aflatende hulp met Ocean Race Track, een 200 myls cap. Voor hem echter wel een cap met daarop een speciaal ontwikkeld veiligheids-attribuut. Zondag, 24 september, 09:01:12 uur Donderdag, 21 september, 12:33:35 uur
Op donderdag, 31 augustus 2006 nog omgeslagen door een onberekende windvlaag, drie dagen later, tijdens de Skûtsje wedstrijden met alle bekende Skûtsjes, zoals die van Lemmer, Sneek, etc. bereikte Andries in een waar tinanengevecht een derde plaats.
Zondag, 17 september, 19:15:21 uur
De solo-schippers komen van heinde en verre. Zaterdag, 16 september Het begint weer te kriebelen. De haven is weer besproken. de koffie en appelpunten zijn besteld. De logboeken zijn eergisteren gedrukt. De prijzen en de caps zijn al binnen. Ook de solo-schippers slijpen de messen. Nog 11 daagjes … Woensdag, 01 maart 2006, 10:10:10 uur Het is fijn om te weten, dat deze watersporters al hun oude hydrographishe kaarten meteen in de vuilcontainer kunnen gooien, alsmede hun plotter software en waypoints van voor het jaar 2006. De veranderingen zijn zo drastisch, dat we nog van geluk mogen spreken, dat de havens (hopen we althans) nog op dezelfde plek liggen Echter bij de bestudering van de totaal veranderde situatie, moeten we toch concluderen, dat de totaal nieuwe betonning logischer en konsekwenter is opgezet door de RWS. Dinsdag, 28 februari 2006, 23:59:59 uur Totdat op ….. |
© 200 myls ‘SOLO’ – 2006 – Jan Luyendijk
Alsof het praten in de kroeg over voetbal of vrouwen voor één keer in het jaar een verboden onderwerp lijkt, was naast het gebruikelijk bootjespraat uiteraard dé routekeuze openlijk onderwerp van gesprek. Route 3 of 4 had hierbij volgens de experts al een absolute meerderheid van stemmen en zouden 1 en 2 met een constante Zuid, dit jaar zogenaamd absoluut geen optie zijn.
Om mijn zenuwen zo vlak voor de start niet langer ook nog te belasten met altijd weer diezelfde weifeling over welke route dit jaar nu weer te nemen, besloot ik eigenlijk die avond al dit jaar voor route 4 te kiezen. Immers, deze ging ook over het Wad en bovendien naast dit stroomvoordeel simpelweg ook leuker te varen dan route 3. Daarnaast had ik met route 1 vorig jaar mijn leergeld betaald door op de eerste dag al 15 mijl van Lelystad naar de P15 te moeten kruisen. Frits die het met zijn gebruikelijke weerpraatje had over 2 precies even grote en omvangrijke hoge drukgebieden boven Rusland en Engeland, en zich daarmee dit jaar niet aan een reële verwachting waagde, werd mijn laatste weifel weggenomen.
![]() |
![]() |
Op een paar boten na die al wel vroeg startten, werd met het uitblijven van een serieus briesje de feitelijke start door de meeste deelnemers tot het laatst aan toe zenuwslopend uitgesteld.
Bedrieglijk relaxed werden spinakers klaargemaakt en resten ontbijt met het zoveelste kop koffie weggespoeld. Toen het eerste schaap dan toch zijn aanstalten maakte, was de haven dan ook in no-time leeg.
De volledige vloot dreef onder spi in dikke mist richting de M1. Het is woensdagochtend 27 september 2006.Eenmaal op het water bleek (of leek ?) de mist dikker dan in de haven en leek het soms alsof ik bijna de enige was die dan toch gestart was. Toen bij het naderen van het Paard zo rond de klok van 11.00 de zon het langzaam toch won van de mist, gaf het een groot prachtig spinakerveld prijs. Ook de wind trok enigszins aan en met een gemiddelde van nog steeds niet meer dan 4,3 knoop onder spinaker, klokten we 13.09 uur de Sport E die bij mij overigens nog steeds de Nek ton heet.
Halverwege het rak naar Lelystad kromp de wind naar ZO en werd de genua verwisseld voor de genaker, welke actie met 0.3 knoop extra werd beloond. ZO ? Amsterdam toch bezeild ? Toch route 1 ? Ook Bart die mij inmiddels vanachter zijn anker in Volendam met een belletje volledig onderbouwd informeerde over zijn voornemen route 1 te kiezen, deden mij toch niet besluiten van mijn voorgenomen route 4 af te wijken….
Zowel voor als na de sluis lagen de eerste boten al tactisch achter hun ankertje. Waarschijnlijk niet alleen wachtend op meer wind, maar wellicht met name ook om het moment van definitieve routekeuze daarmee te kunnen uitstellen.
Dit laatste realiseerde ik me pas later en vroeg mezelf dan ook af hoeveel jaren meer ik werkelijk nog nodig heb, mij ook dit tactische denken meer eigen te maken…
Goed, na het schutten wederom onder spi dus op naar de Lemmer. De wind trok inmiddels aan tot een mooie Z4, waarmee het gemiddelde werd opgekrikt naar een acceptabele 5,7 knoop. Met het ronden van de NM2 om 19.32 uur stond de teller de eerste dag op 41 mijl. Aangezien Enkhuizen met de wind Zuid niet bezeild zou zijn, meerden we (de Espiritu van Ron Bree en ik) een goed uur later af in Lemmer.
Nog weer een uurtje later zaten wij heerlijk aan biertje en gebakken kippenbouten die Ron aan boord had ingeslagen. Alsof we het al verdiend hadden !
Met de windverwachting die ochtend een aantal uurtjes in de ZO hoek, gingen de touwtjes rond 04.30 uur los om vervolgens de NM2 om 05.27 wederom te klokken, op naar de KG Enkhuizen die met een ZO 4/5 nu goed bezeild was. Het daarop volgende 19 mijl lange rak naar de VF8 zuid van Kornwerderzand, woei het me voor de spinaker net iets te hard en dus werd met de 20 m2 kleinere genaker uitgeboomd op dit voor de windse rak geëxperimenteerd, waarmee uiteindelijk een gemiddelde 6,3 knoop kon worden genoteerd. So far, so redelijk.
In afwachting van het afgaande tij verzamelden zich de nodige route 4-gangers Noord van de sluizen van Kornwerd, gemengd met de eerste route 1 gangers die hun keuze inmiddels triomfantelijk vooralsnog als juist bevestigd zagen door met record snelheden in één keer van IJmuiden naar Kornwerd te kunnen zeilen. Hmmm …! Met een Z4/5 was ons vooruitzicht het halve Wad kruisen, waarmee we ons beoogde stroomvoordeel wel konden vergeten !
Om 14.05 uur klokten we op hoop van zegen de BO2 en al kruisend kwamen we het restant route 1-gangers tegen. Het 18 mijl lange rak naar de T12 Oude Schild kostte me maar liefst 3 uur en 20 minuten, oftewel 3,4 knoop gemiddeld, waarmee de hoop op een fatsoenlijke eindnotering dan ook was vervlogen.
Ook de MH4 naar Den Helder werd vervolgens moeizaam bevochten, met als enig positief puntje dat de kentering van het tij bijna niet beter ‘gepland’ had kunnen worden, zodat ook het rak naar Den Oever een logisch en gelukkig bezeild vervolg was. Uiteraard zwakte tegen de avond af zodat om 20.09 uur pas de VG17 werd geklokt.
Met een naar het ZW ruimende wind als verwachting werd de volgende ochtend nauwelijks haast gemaakt wederom te starten, en klokten we 9.38 uur de WV11 op weg naar 22 mijl verderop gelegen UK14 voor de kust van Urk. De UK14 bleek aanvankelijk net bezeild maar toen de wind uiteindelijk toch weer de ZO hoek verkoos, moest ook dit rak weer een dikke slag gemaakt worden.
Met deze ZO4/5 ging op weg naar de WP6 Medemblik dan ook hoopvol de spinaker omhoog en was dit rak errug leuk en soms zelfs spannend zeilen, waarbij met dikke hekgolven zo nu en dan even een 7,5 knoop genoteerd kon worden ! Zuid van het geliefde (..) vogeleiland werd het me nog even spannend want met de wetenschap van ondiepte rondom deze werelduitvinding enerzijds, wist ik niet goed waar ik precies zat anderzijds, en een blik op de kaart kon ik me eigenlijk niet veroorloven zonder de helmstok los te laten.
Toen ik de volgende gele ton in het zicht kreeg en deze onder spi niet bezeild leek, ging deze er dan ook rap af want uit een denkbeeldige rechte lijn trekkende tussen deze 2 gele tonnen, trok ik voorzichtigheidshalve de conclusie dat ik mij op dat moment akelig dicht op de grens van diep en ondiep water bevond.
Snel, snel, snel werd de genaker gehesen voor de laatste paar mijl naar de WP6 die maar niet in zicht kwam, althans niet op de plek waarmee het in mijn GPS als waypoint was ingevoerd… Hij moet hier toch ergens liggen terwijl het (nog) niet eens donker is en het bovendien groot en rood verlicht hoort te zijn !
Nog maar eens goed op de kaart kijken !
Toen bleek dat de ton een mijl zuidelijker lag, werd ik dan ook pijnlijk afgestraft de waypoints klakkeloos vanuit het logboek de GPS ingevoerd te hebben, door het feit de WP6 nu pal tegen lag en er dus weer gekruist moest worden… 18.52 uur werd de WP6 gerond, waarmee mijn verdienste op dit 18 mijl lange rak bleef steken op een 4,5 knoop gemiddeld.
Voor vandaag vond ik het wel mooi geweest en een klein uurtje later ging onder de kust van Medemblik dan ook mijn ankertje overboord. Een warme prak + koud biertje, ik vond het prachtig !
Het is zaterdagochtend 30 september, en deze maand kon simpelweg niet mooier afgesloten worden dan met een heerlijke najaarszonnetje en een ZW3 ! Vol frisse moed werd de WP6 om 08.18 uur onder spi wederom geklokt en na ontbijt, diverse bakjes koffie en andere ongezonde genotsmiddelen, kon me dit rak eigenlijk niet lang genoeg duren ! Mijn ‘toerzeilersbloed’ viel dan ook niet langer meer te ontkennen, dat toen de zon zelfs even krachtig genoeg bleek, ik m’n t-shirtje nog even uit deed ook.
Maar na 10 mijl (lees: 2 uur en 22 minuten oftewel 4,17 knoop gemiddeld) was het uit met deze relax pret en kwam de VF-A Hindelopen in zicht; er moest gekruist worden om het Vrouwenzand heen richting de Sport D Lelystad. Tot voor de kust van Stavoren aan toe ging het met een ZW 3 best wel redelijk. Maar toen ik op het punt stond het Vrouwendzand te ronden, viel de wind compleet weg en dikke regendruppels vielen naargeestig loodrecht naar beneden.
Ik lag wel ‘een-uur-lang’ ( ) hopeloos stuurloos op de deining gek te worden van irritant klappende zeilen.
‘Dit kon niet de bedoeling zijn’ en ik nam mij voor dit rak gewoon over te doen door 6 uren later de VF-A opnieuw te ronden en startte de motor dan ook om de daad bij het woord te voegen.
Om 16.43 uur gaf ik opnieuw de positie van de VF-A ton aan het regatta bureau door, mij op dat moment nog niet bewust van de reglementaire overtreding die ik had begaan. Toen ik nog geen half uur later met nieuw verzamelde moed het rak naar de Sport D opnieuw was begonnen, belde Bart met de vraag waar ik ongeveer zat en ik hem overeenkomstig mijn beslissing informeerde. Hij bracht mijn beslissing in twijfel door mij te adviseren het reglement hierop nog maar eens goed na te lezen, alsof de gemaakte overtreding daarmee teruggedraaid kon worden. Oeps, voor het eerst hing een RET achter mijn naam mij boven het hoofd …
OK, gewoon doorgaan en de resterende 48 mijl in ieder geval voor mij zelf uitzeilen. Dit zou nog niet eens vanzelfsprekend zijn, want de tijd begon toch ook wel te dringen wilde ik voor 12.00 uur ’s zondags finishen en met een ZO3 werd er allesbehalve dan met recordsnelheden gevaren. Het zou in ieder geval een nacht doorzeilen worden, maar dat had ik me al wel eerder bedacht.
Met de wind ZO en de Sport D daarmee pal tegen, werd deze dan eindelijk ’s zondags om 00.38 uur geklokt, en kon ook ik het IJsselmeer verruilen voor de laatste 26 mijl op het Markermeer.
Om 03.21 uur passeerde ik de OVD3 Lelystad onder spi met een ZO4 op weg naar de Sport E Hoorn.
Het idee dat ik werkelijk als laatste deelnemer zou binnenkomen door het feit dat ik de hele vrijdagavond geen enkele andere solo zeiler had kunnen ontdekken, werd ontzenuwd toen, alsof uit het niets, zowel sb als bb ineens nog 2 lotgenoten onder spi dezelfde koers als ik aanhielden.
Met de harde windvoorspellingen (waarbij óók de 7 werd genoemd ! Zou ik mijn 2e reglementaire overtreding begaan ?) die de Centrale Meldpost ieder uur de ether in stuurde, was ik enigszins op mijn hoede.
Met het naderen van de (onverlichte !) Sport E was ik dan ook blij dat ik de spi mocht dan wel moest strijken, aangezien de wind inmiddels aardig aantrok. Om 5.24 uur klokte ik de onverlichte Sport E die ik overigens gelukkig zonder veel moeite wist te vinden.
Hoog aan de wind was ook de GZ2 met een ZO5/6 voor de verandering niet bezeild, waarmee ook dit slechts 6 mijl lange rak duur betaald moest worden. Hoe dan ook, met het ronden van de GZ2 om 7.22 uur was het einde in zicht en begon het licht weer letterlijk en figuurlijk aan de horizon te gloren.
Met inmiddels een ZO6 waren de laatste 9 mijlen nog even heerlijk strak doorgezet ongereefd hoog aan de wind zeilen, uiteraard de IJM18 pal tegen. Schitterend, de ‘Indra’ is dan toch echt op haar best, en weer begon ik het ergens jammer te vinden dat nu spoedig ook deze 200 Myls erop zouden zitten.
Na een aantal slagen liep de teller van ‘distance to go’ langzaam af en bedacht ik mij dat ik deze 200 myls voor het eerst ongeschonden had weten af te leggen, materieel gezien althans …. ; geen gescheurde spi, geen lierhendels overboord, geen schootblok die met een klapgijp uit de giek werd gerukt en ook mijn anker had ik niet ergens op de bodem achter hoeven laten.
Alsof ik mijzelf daarmee te voorbarig gelukkig had geprezen, ging het bij de allerlaatste ton toch nog mis !
Weliswaar geen drama, maar toen ik de IJM16 de laatste plusminus 100 meter (te) hoog aan de wind enorm aan het knijpen was, lag ik dan ook bijna stil vlakbij de IJM16. Om binnen de vereiste 15 meter op het groene knopje te mogen drukken en ik dan ook snel naar voren toe liep, viel de wind back in mijn voorzeil en moest ik alsnog hulpeloos toekijken hoe de ‘Indra’ eigenwijs naar deze allerlaatste te ronden ton zeilde, waarop mijn ankertje voorop met toch nog best wel een aardige dreun de IJM16 een deukje (niet overdrijven) als aandenken achterliet in ruil voor een mooie rode verfstreep…
Hoe dan ook, om 09.43 uur zondag 1 oktober 2006 was de 11e 200 Myls gezeild.
![]() |
![]() |
Eric-Jan Wiebenga
s.y. ‘Indra’.
Op het kantoor van XMARK BV te Laren werd door Mark Wilbrink een toch wel aardig cadeautje uitgereikt aan Jan Luyendijk, organisator van de 200 myls ‘SOLO’.
Een oorkonde, welke in ieder geval weer een basis is voor de voortzetting van deze vijf daagse singlehanded zeilrace en van de boei-passage-meldingen van de solo-schippers voor het jaar 2007.
De tekst van de oorkonde luidt:
Met deze oorkonde willen wij onze eer laten blijken om de 200 myls te mogen sponsoren. Het was ons een groot genoegen om te zien dat onze track en trace apparatuur heeft meegehol pen om de veiligheid van de schippers te waarborgen.
Wij zijn zeker bereid om in 2007 weer de 200 myls te mogen sponsoren.
Mark Wilbrink, directeur XMARK BV
200 myls ‘SOLO’ werkt verslavend
‘Dit is tactischer dan de 24-uurs’
Als je in Nederland shorthanded zeilt, moet je minstens een keer aan de 200 myls ‘SOLO’ hebben meegedaan. Althans , dat is de mening van drie voudig deelnemer Jules Bänffer. Als voorzitter van de Stichting Zeil- baak zet hij zich enthousiast in voor de stimulering van het duo- en solo zeilen. “Deze klassieker mag je niet missen.”
In de ochtend van 27 september ver trokken de 69 schippers vanuit Mui- den. Ieder met een eigen missie, maar met dezelfde uitdaging. In drie dagen tijd, met minimaal 27 rusturen ver- deeld over drie periodes van zes uur, moest 200 mijl worden afgelegd. Daarvoor hadden ze de keuze uit vier door de organisatie vastgelegde rou- tes.
Bart Desaunois koos voor het IJssel- meer (baan 3) en pakte met zijn J-109 op vrijdag 29 september om 19:06 uur de line honeurs.
Knallen op het IJsselmeer
“Ik heb een snelle boot met een hoge handicap, dus ging ik voor de line honneurs,” aldus Desaunois. “Dat betekent dat je zo min mogelijk wilt rusten en daarom bleef ik alleen op het IJsselmeer. Ik heb uiteindelijk 27 uur en 2 minuten stilgelegen.”
Ook Bänffer koos voor het IJssel- meer maar had daarvoor een andere reden: “Ik heb mijn Whitbread 30 net een jar en baan 3 brengt de minste risisco’s met zich mee.” De poulaire en gunstige route 1 ging via het Noordzeekanaal buitenom naar Den Oever, dan een stukje Waddenzee en via Kornwerderzand terug over het IJsselmeer naar de finish. Slechts 2 deelnemers kozen voor de tweede route: Markermeer, IJsselmeer, Kornwerderzand, buitenom Vlieland en Texel en over de Waddenzee bij Kornwerderzand terug. De vierde optie was: Markermeer, IJsselmeer, Kornwerderzand over de Waddenzee via Den Oever naar Muiden. Desaunois: “Op weg naar de startboei, de M1, kies je definitief voor een baan. Daar zit je dan de rest van de drie dagen aan vast.
Daarom is de race tactischer dan de 24 uurs.”
Strategie
Desaunois drukte op woensdagmorgen om 07:20 uur de knop van zijn GPS in, waarmee hij officieel van start ging:”Vanaf dat moment was mijn positie op de site te volgen.
Ik had tien minuten eerder willen vertrekken, maar door de dichte mist kon ik de boei niet vinden.”
De eerste dertig mijl naar Lelystad waren voor iedereen hetzelfde en vanaf daar verspreidde de zeilers zich. Desaunois voer via Den Oever naar Enkhuizen, waar hij om 19:45 uur arriveerde: “Je bent verplicht een rustperiode te ankeren, dus dat heb ik gelijk maar gedaan. Ik denk dat we daar met ongeveer twintig deelnemers lagen, want het is een ideale ankerplaats. De dag daarna hebben we onze tactische slag ge-
slagen.” Zijn ‘weerman’ op de wal voorspelde dat de wind tegen het einde van de donderdagmiddag zou wegvallen. Hij raadde Desaunois aan om zo vroeg mogelijk de zeilen te hijsen. “Ik ben om 04:00 uur opge- staan en 0m 05:15 uur gestart. Rond 17:30 uur hield het inderdaad op te waaien en lag ik in Hindeloopen. Mijn concurenten zeilden langer door, omdat ze later waren ver- trokken.” Om 1 uur ’s nachts verliet Desaunois weer de haven op weg naar Lelystad, waar hij vijf uur later door de sluis ging en aanlegde in de verenigingshaven. “We hebben vervolgens uitgerekend hoeveel rusturen ik nog had en daaruit bleek, dat ik pas om 14:15 uur weg mocht. Op dat moment wisten we al dat we veilig zaten voor de line honeurs.”
Om 19:06 uur passeerde de J-Action van Desaunois de lichtboei IJM18, die de finish van de elfde 200 myls ‘SOLO’ markeerde. Desaunois: “Het is heel speciaal om als eerste binnen te komen, maar na mijn debuut van vorig jaar was de voldoening nog groter. We hebben toen alleen maar windkracht 5 tot 7 gehad. Nu 3 tot 5 met zonneschijn.
In je eentje is het toch wel hard werken hoor.”
Ten tijde van dit bericht was de uitslag nog niet definitief en ging Bauke Yntema met zijnCatootje(Winner 950) op handicap aan de leiding. Gevolgd door John van de Starre met de Happy(Sun Fast 37) en Bart Boosman met de Franschman (Boosman JB). Zij legden alledie de eerste baan af.
Mini’s gevraagd
Uiteindelijk bereikten 61 boten de eindstreep, waaronder de Bandito van Jules Bänffer. “Ik heb voor mijn gevoel goed gevaren, maar de volgende keer ga ik voor een betere klassering,” aldus Bänffer die de voorlopige 58ste plek innam. Bänffer zit vol ideeën om het shorthanded zeilen in Nederland naar een hoger plan te trekken. Zo organiseerde hij afgelopen april mede de eerste Dualhanded Race op het IJsselmeer. Hij werkt met de Stichting Zeilbaak aan een ambiteus project om met sponsoring enkele Mini Transat-jachten aan te schaffen: “Daarmee willen we talenten laten varen. Wij zien dat circuit als het voorportaal voor de Open 60. Bovendien kunnen zij met hun opgedane ervaring het niveau in Nederland opkrikken.”
Maar wat maakt een race als de 200 myls ‘SOLO’ nou zo bijzonder? Naast het feit dat de organisatie al elf jaar in handen is van de familie Luyendijk, noemt Desaunois direct de gezelligheid: “Je zeilt in je eentje en toch ook met 68 andere deel- nemers in de buurt.
Dankzij het GPS-systeem kun je iedereen volgen en in de havens zoeken we elkaar op. Het is een sociaal gebeuren.
Ik ben geen solozeiler, maar dit is verslavend. Dit is mijn wedstrijd en daar blijft de rest van de bemaning mooi van af.”
Diana Bogaards
27 september t/m 01 oktober 2006
Overgenomen vanaf de website van Bart: J-Action Sailingteam – http://www.j-action.nl/
Line honeurs
Een week voor de aanvang van de race het eerste overleg met Jan van Oostende welke mij tijdens de race gaat routen. Uitgelegd wat de regels en valkuilen kunnen zijn. Jan raakt zo geïnteresseerd in het spelletje, dat hij zich er helemaal in inleeft. Doel van deze wedstrijd voor ons is: Gaan voor de handicap en de line honours en zodra daar een conflict komt, kiezen voor alleen de line honours (omdat onze handicap alleen met windkracht één of twee goed te varen is)Het weekend voor de race moet de boot nog bevoorraadt en de laatste dingetjes afgewerkt.Dinsdagmorgen de boot uit het water om de onderkant schoon te maken en daarna onderweg naar Muiden, samen met Peter van der Schaaf. ’s Avonds met een ploeg eten bij graaf Floris en daarna naar de briefing bij ome Ko. Nadat alle attributen in ontvangst zijn genomen, naar de boot voor de laatste normale nachtrust. Na een slechte nachtrust ging de wekker om 05.45 uur. Contact met Jan, baankeuze voorlopig baan 1 of 3.Woensdag 27 september 2006 Ik heb de grote Genua erop gezet. Afspraak was om zo snel mogelijk te starten, maar omdat je in je eentje langer werk hebt dan vol bemand en de kleine M1 boei in de mist slecht te vinden was werd het iets later. Kanaal 01 gaf om 07.15 uur zicht van 1 tot 4 kilometer, dus om 07.21 uur als 4e boot gestart. Ze hadden bij de meldpost waarschijnlijk een feestje gehad, want het eerste halfuur was er maar 100 meter zicht. Op grootzeil en grote gennaker afgekruist naar het paard van Marken. Easy Going en Jolly J snel ingehaald, alleen Tzigane lag nog voor mij, maar Harry was toch onderweg naar zijn werk. Mn/GZ gerond om 09.22.Daarna plat voor de wind naar de Sport E. Hier houden J-boats niet van, dus afgekruist met weinig wind. De spinakerboten kwamen weer dichterbij. De kleine sport E boei om 10.30 uur gerond en onderweg naar Lelystad. De OVD 3 moest er om 11.59 uur aangeloven. We gaan baan 3 varen. Als enige soloboot door de sluis. De EZ 13 om 13.25 gerond, we zijn weer in de race, dus de grote gennaker erop en knallen. Dus niet, bij het hijsen zit alles in de knoop. Waarom mag je van Jan je voordekker niet meenemen??? Dat is toch veel veiliger. Na veel geworstel de 120 m2 naar beneden en de kleine gennaker gehesen. Halverwege het rak trekt de wind wat aan en komt wat hoger uit. Na 2 keer uit het roer gelopen te zijn moet ook deze gennaker er af, maar de kleine is evengoed nog bijna 90 m2. Onder grote genua en vol grootzeil naar de WV 5 bij den Oever. Wat legt dat kreng ver weg. Om 17.25 uur gerond. Mooi de tijd om met licht naar mijn thuishaven Enkhuizen te varen. Ik heb met Jan (mijn mentall coach) afgesproken 3 mijl voor elke boeironding met hem te bellen en we besluiten in de compagnies- haven voor anker te gaan. De KG laat zich om 19.40 verschalken. Motor aan en tegen de wind in naar de haven. Omdat de ankergrond in de compagnieshaven niet zo best is laat ik de boot aan de grond lopen achter de schoeiing van het Zuiderzee museum en gooi daarna het anker uit. Jan komt met zijn bijboot aanvaren voor een paar biertjes en om de dag van morgen door te nemen. We besluiten om donderdag vroeg te starten, omdat op het eind van de dag de wind waarschijnlijk inzakt. Nog even warm eten en om 11.00 uur naar bed. De adrenaline pompt nog door mijn aderen en ik slaap weer niet zo best.Donderdag 28 september 2006 Wekker om 04.00 uur gezet, wat een tijd, voor je baas zou je dit nooit doen. Genua 2 eraf, no. 3 erop en om even over 5 uur varen we weer. De KG gerond om 05.24 uur en ruime wind naar Breezanddijk, de Sport B. In mijn eentje in het stikkedonker wil ik de gennaker niet zetten, maar de boot loopt lekker en de stuurautomaat heeft alles onder controle. Voor Stavoren om de werkschepen van de gasleiding heen gestuurd en door een daar varende vrachtbak even van dichtbij in zijn aller grootste schijnwerper gevangen. 10 minuten later had ik weer wat zicht. De sport B om 07.53 uur achter ons gelaten en op naar de VF-A. Met 25 knopen wind over dek toch iets teveel zeil op, dus snel het eerste rif gezet. Dit is een kort rakje van 4 mijl en hoog aan de wind ben ik daar om 08.31 uur. Kruisen om het vrouwezand heen en daarna hoog aan de wind naar Urk. De UK-14 wordt om 11.49 uur gerond. Met een knik in de schoot naar Medemblik. De zon komt erdoor en het zeilpak kan eindelijk uit. De stuurautomaat doet al het werk en ik geniet. Met een gemiddelde van boven de 7 knopen komen we bij de WP-6 aan om 14.17 uur. Het gaat lekker, de mijlen vliegen onder de kiel door. Pal voor de wind naar Makkum. De wind is behoorlijk vlagerig en ik besluit niet met gennaker af te kruisen, maar pal voor de wind, met uitgeboomde fok recht op mijn doel af te gaan. 16.41 uur de VF-8 gerond. Niet zo’n snel rak maar ik heb lekker warm kunnen eten en ben er weer klaar voor. (misschien vannacht door naar Lelystad???). De wind begint nu inderdaad in te kakken en na overleg met Jan besluiten we in Hindelopen onze 2e rust te pakken. (de wind zal vannacht iets aantrekken en iets draaien). Om 17.29 uur de H-2 geklokt. Wat een luxe, met licht de haven in. De havenmeester ziet mijn solo vlag en roept; “dezelfde wedstrijd waar Piet Bakker (Hindelopen) aan meedoet???, mooi, leg je boot daar maar neer, je hoeft niets te betalen want je dondert waarschijnlijk vannacht wel weer op. In de haven ben ik de enigste solozeiler. Eerst de boot aan kant, grote genua erop en alles controleren en klaarleggen voor vannacht. Wekker op 24.00 uur en nog even een paar uur slapen.Vrijdag 29 september 2006 Midden in de nacht het water op, de H-2 gaat er om 01.07 uur aan. Er staat een prachtige 7 knopen ware wind. Hier houd je J-Action van.Hoog aan de wind in een keer naar de VF-B, waar wij om 01.52 uur omheen gaan. Vanaf hier een pal kruisrak naar Lelystad. Met een vlakke zee, sterren aan de hemel, zonder maan, is het pikkedonker, maar prachtig. De stuurautomaat heeft er lol in en stuurt de boot om 06.02 uur rond de Sport D. Wat ligt die boei dicht bij de dijk. Het is een stroom van auto’s over de dijk en ik vraag mij af welke busjes van ons bedrijf zijn. Onze jongens zullen niet snappen dat de baas op dit uur in het donker met zijn bootje, in de kou, vlakbij de dijk, zijn hobby aan het uitoefenen is. Door de sluis naar de verenigingshaven, waar ik wederom een paar uur slaap kan pakken. De vrouwelijke havenmeester verteld dat alle 200 mijls deelnemers gratis aan de passantensteiger mogen leggen, en ze wijst mij de gratis douches. Komt dit door mijn charmes, of doordat ik misschien wat stonk, na een nacht in mijn zeilpak? Na hevig rekenwerk komen Jan en ik uit op een herstart tijd van 14.15 uur bij de OVD-3. Doordat het vlagerig weer met enkele buien is heb ik de grote Genua geruild voor de no. 3. Enkele vlagen met 25 knopen wind over dek. De Sport-E bij Hoorn is pas op enkele honderden meters te zien, maar de plotter zet mij er bijna bovenop. Om 15.44 uur rond richting Volendam. Het wordt pal kruisen met schifterige wind, maar ik ruik de stal en de line honours kan mij niet meer ontgaan. 17.06 uur de GZ-2 gerond, en begonnen aan het laatste stuk. Bij het Paard de grote genua er weer op en pal kruisen naar de finish. Vlak voor de finish begint de My safety uit zich zelf wat te piepen. Het blijkt achteraf dat Jan Luyendijk mijn positie aan het controleren was.
Woensdag 11 oktober, bij de prijsuitreiking was het als vanouds gezellig. Bart Desaunois
|
Amsterdam, 13 oktober 2006
Mailtje Jaap Homan
Waarde Jan,
Nog even een wat serieuzer commentaar op de mist bij de start.
Toen ik de haven uit voer kwam ik meteen in een dikke mist terecht. Na het passeren van de M3 ben ik meteen BB uit gegaan en heb de boot vrijwel stil gelegd. Formeel had ik mogen starten, uitgaande van de officiële mededeling van Lelystad.
Ik vond het op dat moment voor mijzelf absoluut niet verantwoord om te starten. Heb meteen de radar ingeschakeld op een bereik van 1 Nm.
De elektronische kaart gaf duidelijk aan waar ik mij bevond. Ik realiseer mij dat niet iedereen een radar aan boord heeft.
Heel geleidelijk werd het zicht beter. Ook de mededeling van Lelystad dat er minimaal 1000 meter zicht was moest toch ergens op slaan. Ik nam aan dat de mist vrij plaatselijk was. Pas tegen negen uur vond ik het voor mijzelf verantwoord om te starten. De radar bleef nog enige tijd aan. Het feit dat voor een paar mensen Pampus als een verrassing in de weg lag toont aan dat de mist een reëel gevaar was.
In mijn verslag ben ik er erg luchtig mee omgegaan, maar ik was zeer serieus bezig.
Achteraf denk ik dat het startvenster opgerekt had moeten worden tot 12.00 uur.
m.vr.gr.
Jaap Homan
Beste 200mylsliefhebbers/sters,door Gerrit Schuur, 10 oktober 2006
Heb weer genoten van het 200 mylsgebeuren ! De start begon al behoorlijk chaotisch (voor mij althans ) want dacht slim m`n gennaker te zetten , net voor de M1 die uit de mist kwam opdoemen.
Doch dat werd weer het bekende geklooi ( met de wind precies achter werkt dat doek niet goed ) en daarom kreeg ik er geen vaart in en hoorde opeens achter mij ,heel gedecideerd ,”bakboord”—-ik keek schichtig om waar dat lawaai vandaan kwam en zag Bart Boosman met Grote SPI erop, met ongeveer 200 km/uur aan komen vliegen.
Ik zat volgens mij al binnen de twee bootlengten van de boei M1 maar op zo`n moment heb je weinig aan diskussies en die felle blik in de ogen van Bart— dus dacht “laat maar gaan, die houd jij tóch echt niet bij–!
Dus een soort kamikazemaneuvre om èn Bart èn de M1 niet te raken en wonder boven wonder lukte dat (tussen m`n Myrlette en de boei was nog ruimte voor dat ene beroemde /beruchte haartje )waarop Bart weer gedecideerd constateerde “Nou dat heb je allemaal net mooi gemist” , en verdween toen in —de mist—!
U begrijpt allen wel , toen was ik echt helemaal wakker.
De rest van de trip op het Markermeer was ook nogal ontluisterend voor Myrlette en mij omdat het uitstekende SPI-omstandigheden waren en geen gennaker-wind. En sommigen hadden een SPI—daar kon je die bewuste boot wel 4x inwikkelen en had je nog genoeg doek net zo groot als mijn gennaker—!!
Dus zag alle “spi-boten” langzaam maar zeker verdwijnen ,eerst in de mist later aan de horizon.
Op streng advies van Jan heb ik,op de eerste dag v/d wedstrijd ,ditmaal niet zo lang doorgedouwd en ben in Lelystad voor anker gegaan .
Wat een slechte en vieze ankergrond aldaar en was blij dat het niet te hard ging waaien. Donderdagnacht merkte ik aan de boot dat het wat harder ging waaien en besloot voor” rte 2″ te kiezen en ging meteen op weg. Wist wel dat het beslist niet de route was met hoog snelheidspotentieel (vooral Vlieland-Texel zou lastig kunnen zijn ),maar doe dit nu eenmaal graag dus–. Mooie nacht/ochtendtocht naar Kornwerd ,liep als een tierelier ,denk boven de 6 KTS gemiddeld.
Blijft toch apart dat nachtzeilen , prachtige sterrenhemel ,niemand op het water, en dan de kleurveranderingen van de lucht tijdens zonsopkomst ,altijd weer indrukwekkend .
In Kornwerd gewacht op gunstig tij naar Vlieland en misschien gelijk buitenom door. Kreeg tussen Harlingen en Vlieland een Trog over me heen en dat gaf gelijk een hoop werk, slecht zicht, zeil wisselen, rif zetten maar duurde niet zo lang en de ZS13 was precies te bezeilen.
Had waarschijnlijk iets verkeerd gegeten of gedronken want voelde me bij ZS13 niet sterk genoeg om door te gaan buitenom dus schoof Vlieland binnen.
Had daar vrijdagmorgen geen spijt van,voelde me een stuk beter en zat op dat mooie eiland ,op een terrasje ,in de zon,jawel ,(hoezooooo”wedstrijd”!!)m`n volgende plan uit te broeden.
Op gunstig tij buitenom in één keer door naar Kornwerd en misschien wel Enkhuizen (wat een optimist —)
Dus op het juiste moment op weg met een inderdaad heel gunstig “halve wind” naar de Eierlandse Gronden etc. etc.
Tot die Gronden bleef m`n plan goed overeind ,doch het Molengat naderende ,begon de wind te ruimen naar pal Zuid en later Z/West en nam af in kracht van ruim 4 naar 2-3.
Dat kost echt veel tijd ,bovendien veel onweer om me heen mooi gezicht hoor al die flitsen en het werd al donker , maar toen “Den Helder” voor de hele nacht onweer en “windje 6” voorspelde hield ik het bij Oude Schild voor gezien en schoof weer mooi naar binnen.
Net op tijd ,want m`n Myrlette lag nog niet eens behoorlijk vast toen “windje 6” al door het want joeg.
Inmiddels was het al wel zaterdagmorgen en had dus nog tot zondag 12 uur en lag nog heerlijk op–juist ja ,Oude Schild.
Sorry Jan dit werd dus toch weer het bekende doordouwwerk want ik moest en zou ,op z`n minst op tijd in Muiden zijn !!
Dus die zaterdagmorgen ,mooi op het tij , eerst naar Kornwerd gescheurd Had geen tijd om thee te zetten ,zo snel ging het.
Maar na Kornwerd , naar Enkhuizen —wind precies tegen en werd gewoon variabel in richting en sterkte (zwak tot minimaal) veroorzaakt door grote onweersbuien die opbouwden aan de Friese Kust bij Hindeloopen/Stavoren . Wederom een prachtig gezicht maar een goed zeiplan maken was er echt niet bij.
Het werd èèn grote laveer- en drijfpartij en om een (te)lang verhaal wat kort te houden :het werd verder “gewoon doorgaan tot de laatste snik bij IJM18”
Maarrrr we (Myrlette en ik) waren zondagmorgen om 1038 uur bij die IJM18 en echt niet zo heel erg moe—zie je wel ,alles went.
Ik vind die 200 myls net een schaakspelletje , de opening gaat meestal wel redelijk geroutineerd (hoewel dit keer niet zó– door Bart)
Maar tijdens het “middenspel ” doen die weergoden een paar verrassende zetten waardoor je nooit je plan waar kunt maken en er weer een hoop geïmproviseerd moet worden–.
Al met al , ben blij dat ik weer mee heb kunnen genieten van een uniek gebeuren die met vaste hand (en) en op unieke wijze geleid en begeleid wordt!
Jan en alle medewerkers en medewerksters —-BEDANKT en tot ziens.

200myls solo 2006
De taktische racedoor Bouke IJntema, Catootje, 10 oktober 2006
26-09
Na het gebruikelijk palaver en de diverse discussies over welke baan nu het best zou kunnen zijn voor de komende 200myls, aan boord van Catootje weer lekker gaan puzzelen met de routes en de windvoorspellingen. Eerst met Menno gebeld ( mijn persoonlijke windguru). De voorspellingen zijn wat lastig te interpreteren. W/zw misschien een kans op zuid oost in de avond.
Voor de langere periode lijkt het veel z of zw te blijven. Vorig jaar was de weersinfo van Menno doorslaggevend voor het uiteindelijke succes. Dit jaar blijkt het ‘weer’, wel wat onvoorspelbaarder dan vorig jaar. Maar Menno zijn info is ook nu weer geweldig en ook Erik (mijn mentalcoach) is erg belangrijk voor me om onderweg even mee te kunnen overleggen als ik twijfel over de te voeren tactiek.
Route 2 valt af, alhoewel ik dit de leukste route vind.
Na veel gepuzzel lijkt route 1 de beste keuze mits ik zonder te kruizen van Lelystad naar Amsterdam kan komen.
Route 3 of eventueel 4 houd ik als alternatief. Morgen tijdens de eerste rakken maar verder zien en de laatste wind info afwachten.
27-09
Mist en weinig wind. Zal later aantrekken. Dus zo laat mogelijk starten. Start uiteindelijk maar om 10 voor 10 omdat het wel erg druk bij de M1 dreigt te worden. Net achter John v.d Starre en Bart Boosman. ( wel grappig dat wij samen later de 3 kanshebbers blijken te zijn). Door de mist zet ik een boei van de vaargeul in de GPS zodat ik weet wanneer ik de vaargeul over steek. Na de geul klaart het ook al op en krijgen we zicht op het mooie kleurige deelnemersveld Het is echt plat voor de lap en veel deelnemers gijpen een keer. Ik blijf strak voor de wind varen ik kan de spi. prima volhouden en kies voor de kortste weg naar het paard.
Het blijkt dat de schepen die ruimer gevaren hebben en een keer hebben gegijpt daar niks mee hebben gewonnen. Halve wind spinakkerend naar de GZ2 gaat net. Ik zie dat Bart er mee stopt. Ik blijf door varen wil mijn eerste taktische rust in Lelystad nemen. Het gaat vlot genoeg naar de sport E en loop langzaam in op Albert en Age.
Ga vlak achter Age om de Sport E.
Mooi halve windsrak naar de OVD 3. Kijken of ik de Spirit 32 ook voorbij kan komen. (bijna dezelfde handicap). In het begin lukt het niet om hem voorbij te komen. Na het nodige trimwerk en iets minder wind, schuif ik toch langzaam de Foddebosk voorbij. Na de OVD3 14.08u ga ik voor anker achter de dijk in het oostvaardersdiep. Ik ben prima tevreden over de eerste 3 raken. Even later komt Anjo Veerman me gezelschap houden. Onderweg nog contact met Menno gehad en de wind zal vanavond z.zo worden maar hoeveel oost is onzeker en het zal maar een zwak windje zijn. Heb met Anjo nog telefonisch contact en hij wacht ook op de zuidoostenwind. Ik probeer wat te slapen wat niet erg lukt. Rond 18.00uur uitgebreid gekookt en afgewassen. Draait de wind al? Is er wel genoeg wind?
Er lijkt zo onder de dijk wel erg weinig of helmaal niks meer te staan. Uiteindelijk na achten het anker gelicht en maar eens buit gaan kijken hoe het lijkt.
Dat de modder daar in het Oostvaardersdiep zo kan stinken! Een dag later ruikt mijn zeiljack er nog na. Rond negenen gestart en het gaat wonder goed! De P9 is precies aan te lopen met een snelheid tussen de 5.5 en 6 kn. op lekker vlakwater. Ik bel Anjo nog op dat hij niet langer moet wachten. Hij blijkt ook al te varen en achter me te zitten.
Het laatste stukje (0.8 mijl)naar de P9 ruimt de wind een tikje waardoor ik moet knijpen en raakt de snelheid er een beetje uit. 23.15u gefinisht en op naar Ijmuiden.
28-09
De tocht door Amsterdam is wel boeiend in het donker maar het is toch wel een klere eind op de motor varen! Ik ben rond 4en in de marina en probeer nog even te slapen. (wat uiteindelijk 1 uurtje lukt) Wil om 4 uur starten. Dat is bewust zo laat want ik wil maar tot Den Helder en daar het volgende tij afwachten dan pas naar Kornwerderzand.
Ik ben toch al om 6,30 buiten en besluit maar te starten. Op zee staat een lastige deining en al een aardige wind tegen de 20kn. Ik probeer de spi. voor de boei te hijsen, maar dat gaat fout. Een dikke zandloper er in. Trek de boel weer naar beneden en besluit eerst de boel te klaren en dan pas te starten. Uiteindelijk net na 4uur gestart vlak achter Paul Peggs. De spinaker gaat nu goed over bakboord omhoog. Het is wel weer plat voor de wind wat het sturen lastig maakt omdat je door de golven snel binnen de wind gaat varen.
Ik ben eigenlijk al doodop en kijk nu al uit naar de aankomst in Den Helder! Maar moet eerst nog 4 uurtjes sturen! Het gaat best hard en constant boven de 8kn. Soms een surfje van boven de 10 -11kn. Na een onvrijwillige gijp de spi. aan bakboord gezet (na een klein gevecht op het voordek) De stuur automaat kan het net aan maar niet te lang. Snel weer een schoon T-shirt aangetrokken! Bijna alles zelf sturen want het schip rolt behoorlijk! Eén keer helt het schip erg vervaarlijk over naar loef! Het water staat in het bakboord gangboord en de spi raakt bijna het water en de giek lijkt naar de hemel te wijzen! Ik denk daargaatie! Maar Catootje rolt gelukkig weer terug. Opgelucht haal ik adem en blijft alerter sturen op de golven om dit te voorkomen.
Een paar mijl voor Den Helder belt Menno me op. Het is beter om door te varen naar Kornwerd omdat de wind in de nacht veel minder zal zijn, ook lijkt de wind morgenochtend naar zuid of misschien wel z/zo te gaan, wat ideaal is voor het rak naar Medemblik .
O, nou ja ik had net zo’n zin om lekker naar Den Helder te gaan, maar dan maar even door zetten. Ik ben dan eigenlijk wel een uur te laat vertrokken uit Ijmuiden maar als ik de snelheid er wat inhoud moet het nog net met hoog in Kornwerd kunnen aankomen. Ik twijfel nog even of de spi kan blijven staan onder Den Helder, maar ik besluit hem er toch maar af te halen. Ik ben dat ding eigenlijk nu wel zat! Even halve wind varen op de stuurautomaat en tot me zelf komen. Ik flikker de spi ongecontroleerd in het luik en denk niet dat ik hem het eerste rak weer nodig heb, wind zat toch! Na de MH4 weer plat voor de lap richting Oudeschild. Stuur iets noordelijk om met stroom de juiste richting te behouden. Een krappe 6 kn.
De spi had er weer op gemoeten. Stom dat ding ligt als spaghetti voorin. Ik maak de spi onder tussen maar klaar, maar het is voor dit rak de moeite niet meer.
Kan richting de afsluitdijk nog een mooi stuk afsnijden buiten de betonning. Paul Peggs doet dat ook maar heeft blijkt later wel en 20min vast gezeten. De laatste mijltjes gaan voorspoedig en vlak voor de BO2 bij Kornwerderzand meet ik een 0,2 mijl tegenstroom. Vanaf de Brandaan naar de BO2 in iets minder dan 7 uur is toch niet slecht lijkt me.
Ik kom diverse route 4 gangers tegen die starten. Zullen toch de nodige slagen moeten maken zoals het er dan uit ziet. Maak voor de sluis nog een praatje met Dick Geurts en Jaap Broer die daar nog liggen te wachten om het wad op te gaan. Aan de ander kant van de sluis gezellig naast de andere 1 gangers aangelegd. Nadat ik met John v.d. Starre heb gesproken kom ik er achter dat wij en Bart Boosman de kanshebbers zijn, of er moet nog een verassing uit route 3 komen.
Ik voel me gebroken en ben blij dat ik nu een normale nacht kan maken. Iedereen is blijkbaar moe want we zijn allemaal vroeg te kooi. Met Menno nog de verwachtingen besproken. We spreken af om rond 8 uur te gaan starten, dan zou de wind gunstig moeten zijn.
29-09
Paul had mij al gemeld dat hij rond 6 uur weg wilde. Ik besluit maar mee te gaan en het op het meer nog even te bekijken. De wind blijkt gunstig en ik start dan ook maar om 7.06u. Later met Menno contact. Die is blij dat ik vroeger ben gestart! De grote diep stekende schepen lijken het allemaal te kunnen bezeilen. Ik moet toch langzaam wat prijs geven en kom zo’n 0,7 mijl onder de boei uit. Toch vind ik dat het lekker gaat. Tjeerd (de bouwvaan) stuurt perfect en we lopen toch zo’n 5,7kn aan de wind. Dit zijn voor de schipper de ontspannendste rakjes. Alleen een beetje trimmen en lekker de walkman aan met mijn favoriete muziek en ik heb het super naar mijn zin.
Van de WP6 naar de H2 is een lastige. Kan ik wel of niet spinakeren? Ik besluit eerst even een mijl een paar graden hoger te varen en dan af te vallen tot 110graden schijnbaar zodat ik bij deze wind 15/16kn toch de spi er voor kan houden. Het lukt me om te spinkaren en zelfs tot aan de H2 maar ik denk dat ik zo ongeveer 8 keer uit het roer ben gelopen! De helmstok kraakt er soms over! Maar het gaat wel hard! Vlak bij de boei kom ik Jos Valkering? (een blauwe ¼ tonner) tegen. Hij heeft net de boei gerond en is nog druk met de trim van zijn zeilen bezig en ziet mij niet. Ik kan hem net ontwijken. Hij kijkt wat verbaast als ik vlak langs hem schiet. 12.02u H2-W1 gerond. Het zou tactisch beter zijn om door te varen naar de Breezandijk maar ik wil naar Hindelopen. Daar hebben ze douches, een viskraam en ook nog het zangkoor grietjesprot wat een optreden geeft aan de haven. Ook speelt het mee dat je in Breezand slechte aanleg mogelijkheden hebt. Ik denk dat ik met een lekker zw wind het rak naar de sport B ook minsten zo snel kan varen als met een bakstagwind wat dan net weer geen spi rak zou zijn. De voorspeling is dat de wind weer zw wordt tussen 8 en 10 uur?? Voorlopig is deze zuid.
Ik denk eerst dat ik in de nacht kan vertrekken met zw wind en dan misschien wel de rest van de race in één keer kan afmaken. Het is erg gezellig in Hindelopen. Er komen veel bekenden binnen die aan de oktoberraces meedoen. Ook is er een weekend van oude reddingsboten die één voor één binnen komen. Van af 20.00 uur regelmatig kijken of de wind ook ruimt. Maar dat doet ze nog niet. Wel komt er een onweersbui over met flink veel wind. Ik probeer zo nu en dan wat te slapen en controleer regelmatig de windrichting.
Uiteindelijk ruim de wind na 4 uur. Ik maak de boel klaar en vertrek. Het is wel erg donker. Ik kan m.b.h.v de zaklamp net de reflectors van de onverlichte tonnen buiten bij Hindelopen ontwaren. Tijdens het optuigen blijft de bakboord bakstag achter het grootzeil hangen. Het zeil wil niet omhoog en als ik het dan toch omhoog heb blijkt de bakstag uitgehaakt te zijn! In het donker voel ik een ware spaghetti van touwwerk in de kuip liggen. Nou ja eerst maar varen. Als het straks licht wordt ruim ik wel op.
De volgende 3 rakken gaan volgens planning supersnel tot aan de WV5, daar neemt de wind flink af. Na de WV5 richting Lelystad neemt de wind geleidelijk weer toe, maar het gaat me eigenlijk niet hard genoeg. Ik blijf hard werken om de maximale snelheid eruit te halen.
De wind is ondertussen gaan krimpen en het is maar net bezeild naar het Enkhuizerzand. Op de lijn Stavoren – Enkhuizen haalt de wind plotseling aan tot een flinke windkracht 4. Ik pas de trim aan (zou bijna een rif kunnen steken) en blijf geconcentreerd zelf sturen. De wind ruimt later weer iets zodat ik de sport D boei mooi kan aanlopen. De wind neemt geleidelijk weer af en om 13.58 uur gerond. De route in één keer uitzeilen zal niet gaan. Voorspelling zuid windkracht 2 tot 3. Later op de avond z/zo 2. Wachten in Lelystad door naar Hoorn? Ik besluit om bij de OVD3 maar te kijken hoe de wind is en of ik misschien kan spinakeren.
Samen met Jan Smink en Geert Bosch in de sluis. Geert heeft ook zijn spi spullen klaar liggen. Ik ga eerst eens op koers liggen voor de boei en kijk het eens aan. Ik denk eerst dat het op de spi niet kan. Hijs de halfwinder. En dobber naar de boei. Dit is ook niks!!. Toch die blauw gele rakker van 70m2 er maar voor getrokken net voor de boei. 15.55u OVD gerond en met 65 tot 70 graden reachend richting de sport E. Het gaat net!! en lekker snel ruim 6 tot 6.5kn. Onderweg nog contact met Erik en later nog met Menno. Tot nu toe is het allemaal redelijk vlekkeloos verlopen, maar wat is nu de beste optie? Gebruik maken van de zo wind in de nacht lijkt de enige optie. Deze zal dan wel zwak zijn. De voorspelde harder zw wind op zondag, dat wordt te laat. Ga lekker nog even naar Hoorn.
Tref daar nog veel andere 200myls gangers. Ik ga naast John v.d Starre en Jan de Bruin voor anker. Samen een wijntje met drogeworst en later nog een paar heerlijke pannenkoeken van John gekregen. Dan even een paar uurtjes slapen. Om 23.00 uur weer paraat. De wind is z/zo en ik besluit maar vast richting de sport E te varen en daar maar te beslissen. De wind is nog niet 100% zo, maar er staat wel en 8-10 knopen wind.
01-10
Ik besluit toch maar gelijk te starten (00,05u) en het maar te nemen zoals het is. Kan de GZ2 niet aanlopen maar de snelheid zit tegen de 5.7kn. Maak halverwege het rak een slag bakboord . Als de wind toch nog oostelijker wordt zit ik aan de goede kant. De wind krimpt inderdaad nog iets maar eigenlijk pas als ik bijna bij de boei ben. Na de GZ2 een bakboord slag richting oost om het paard vrij te zeilen en dan gelijk de Ijm 18 bezeilt recht voor. De wind haalt nog iets aan en kan met ruim 6kn de laatste mijltjes varen. John is ruim achter mij gestart maar zijn toplicht komt gestaag dichterbij. Ik wil proberen om toch nog voor hem te finishen. Maar vlak voor de boei zeilt de Happy me voorbij.
Mooi gezicht die donkere zeilen in de nacht. 3.31 uur klok ik de IJM18. Ik heb een prima gevoel over de race en ik heb weer fantastisch genoten.
Overdag nog een vreselijk gezellige dag in Muiden gehad, met diverse andere zeilers nagepraat. Pas maandags naar huis gezeild met zw 7 voor de wind naar Workum. In 6 uur van Muiden naar Workum incl. sluis in Enkhuizen is voor mij ook een record.
De hele week na de race nog moeite met afkicken. Steeds dwalen mijn gedachten weer af naar de afgelopen week. Even op internet kijken, zijn er nog nieuwe verslagen , wat is de stand?Bauke Yntema, S/Y Catootje
![]() |
||||||||
| Nieuwtjes | ||||||||
| 01-10-06 | ||||||||
|
||||||||
Hoi Jan,
Ik kan niet bij de prijsuitreiking zijn a.s. woensdag, om overigens heel gezonde redenen “hij moet werken om z`n hobby`s te betalen”.
Sinds het einde van de editie 2006 zit ik mij af te vragen waar ik de extra snelheid uit de Brandaen moet halen, goed; een beetje meer oefening in het rap hijsen en strijken van de spi zal helpen, en ook wat meer bekeken varen (ik heb volgens mij veel teveel mijlen gemaakt) scheelt een slok natuurlijk.
Dat die 7,5 Ton niet in plane te krijgen zijn weet ik, dus dat proberen we maar niet weer, en het is een troost natuurlijk wanneer ik in het klassement kijk en zie dat er nog meer “stalen mannen” in de gemoedelijke achterhoede zijn gefinished met Hans Pietersma voorop.(feliciteer Hans van mij!)
Is het zo langzamerhand niet aardig om naast de hoofdprijzen van beide kunne ook iets te introduceren als “de roestige lummel” of “de ijzeren wil” een “stalen sukkel op sokkel” voor de minst trage ijzeren boot?
Veel plezier alvast bij de uitreiking van de prijzen, en dat je maar een heleboel applaus mag ontvangen, want dat verdien je (jullie).
Groeten,
Nico Benink
09 oktober 2006
200 myls Matchracen Verslag van 200 myls solo 2006, door Geert Bosch, SWELL
Ik doe dit jaar voor ’t eerst mee.
De dagen voor de start besteed ik (te) veel tijd aan weerberichten, bestuderen van getijden en het analyseren en in mijn plotter stoppen van de routes. Op dinsdagmiddag voor de start ontdek ik tot mijn schrik dat er een bevestigingsbout bij één van de zalingen los zit. Ik laat me door een hulpvaardige passant omhoog lieren en zie dat ook enkele popnagels slecht zijn. Later realiseer ik me dat dit het gevolg is van een harde aanvaring met een boei, enkele weken geleden in de Solo Northsea Race. Het middendeel van de mast heeft zo’n zwieper gemaakt dat de boel is ontzet.
Wat zal ik doen? Nu al opgeven? Is het wel verantwoord om met deze verzwakking te starten? Ik sla de bout met een hamer terug en doe er een nieuwe splitpen in. Ik weet dat het niet helpt, maar ook de popnagels geef ik een klap met de hamer. De voorspelde winden zijn zwak tot matig.
Ik besluit om toch maar te starten en neem me voor om voortdurend de bakstagen te gebruiken, zodat de mast goed gefixeerd blijft. Popnagels: doe je best!
Woensdagochtend vertrek ik vroeg uit mijn thuishaven Muiderzand. Het is erg mistig. Ik heb zowel radar als plotter nodig om de weg te vinden naar de startboei bij Muiden. Daar aangekomen blijkt de mist een beetje op te trekken en ik zie andere deelnemers, waar-van er enkele starten.
De meeste dralen nog wat, net als ik. Om 10 voor 10 start ik, tegelijk met Ruud Roos van de Samiël. Snel de spinaker omhoog en bij het paard van Marken gijpen richting Volendam. Mooi gezicht als die spinakers. Ik haal schepen in en wordt ingehaald.
Af en toe een blik op de lijst met handicapgetallen in het goed verzorgde logboek. Soms levert dat een goed gevoel, soms denk ik: “Zo, die gaat hard!
Voor Lelystad neem ik de beslissing: ik ga baan 1 varen, via Noordzee en Wad, met het stroomvoordeel als bonus.
Maar eerst zal ik moeten investeren in de vorm van een kruisrak richting Durgerdam. Als ik bij de boei OVD oploef en overstag ga, blijk ik de enige te zijn van de mij omringende schepen. Ik ga twijfelen of dit wel de juiste keuze is, maar ik kan nu niet meer terug.
Het opkruisen valt mee. Een korte slag vanaf het Paard terug naar de geul en dan weer overstag naar de P9, die dan zo goed als bezeild is.
Eenmaal bij de Oranjesluizen belt Jan Smink van de Nicky Deux me op en zegt dat hij voor de sluis op me wacht. Vanaf dat moment zullen onze twee oude Dufours voortdurend bij elkaar in de buurt varen: het wordt 200 mijl matchracen. Jan heeft deze eerste dag 4 minuten op me gewonnen.
Ik vind dat niet leuk en neem me voor alles op alles te zetten om die tijd weer terug te winnen.
We varen in het donker naar IJmuiden.
Ik ben bepaald niet ontspannen. Dat komt door de zorgen om de popnagels en de zaling, maar ook door het verhaal van de aanvaring van Peter van den Driesche. Hij voer in het Noordzeekanaal met zijn Dufour 35 met 6 knopen tegen een stalen aanmeerpaal. De schade is enorm. Ik durf in het Noordzeekanaal niet langer dan enkele seconden benedendeks te zijn. Maar alles gaat goed en in IJmuiden haalt Peter van den Driesche ons (Jan Smink, Bram van de Loosdrecht en mij) met de auto op om op verjaardagsvisite te gaan bij zijn vrouw Noor. Dat is erg gezellig en te laat belanden we in bed.
De volgende morgen start ik om 6.06 uur bij de boei Baloeran, net buiten de pieren van IJmuiden. Het is donker en ik voel me een beetje ‘unheimisch’. Ik vraag me af waar ik mee bezig ben. Ik dwing mezelf om alle voorbereidende handelingen één voor één en zorgvuldig uit te voeren. Dan kan er niets mis gaan…..
Ik start onder spinaker en dat gaat inderdaad goed.
Gelukkig is het een paar uur later licht. Ter hoogte van Petten moet ik de spinaker gijpen omdat de wind ruimt van zuid naar zuidwest. Dat durf ik met de inmiddels tot windkracht 5 toegenomen wind en de vrij hoge golven niet aan en ik besluit om de spinaker weg te halen. Ook dat gaat goed, maar tijdens het weghalen van de spi slaat de genua 5 slagen om de voorstag en vormt daar samen met de schoten en de rolreeflijn een onontwarbare kluwen. Er volgt een langdurig gevecht. Uiteindelijk win ik, ten koste van twee zeer pijnlijke knieën, heel veel zweet en waarschijnlijk een mijl of anderhalf, omdat ik een uur niet hard genoeg heb gevaren.
Met uitgeboomde genua gaat het met 8,5 knoop richting Den Helder. Daar in vlak water ontwar ik de laatste restanten van de genua-knoop door 5 keer met de spinakerval rond het voorzeil te lopen.
Ik realiseer me dat ik nu pas een beetje ontspan: waarschijnlijk zit het zwaarste stuk er op en de popnagels, de zaling en de mast bevinden zich nog daar waar ze horen te zijn.
Het rak via Oude Schild naar Kornwerderzand gaat snel: soms mét en soms zonder spinaker, gemiddelde 7 knopen. Ik ben er ruim voor de kentering van de stroom, om 13.11 uur. Later blijkt dat ik mijn achterstand op Jan Smink in dit rak heb omgebouwd tot een voorsprong van 3 minuten.
Na de sluis meren we af om te wachten op het draaien van de wind van zuidwest naar zuid tot zuidoost. Het wachten is aangenaam. Samen met Jerry Freeman, Harry Vogel en Bram van de Loosdrecht eten we bij Jan aan boord: hachee met rode kool en dito wijn.
Het is maar goed dat er met culinaire prestaties geen punten te verdienen zijn, want anders stond ik nu hopeloos ver achter op Jan.
Op vrijdagochtend blijkt de wind inderdaad naar het zuidoosten gedraaid te zijn. Nicky Deux en Swell varen met niet meer dan enkele tientallen meters onderlinge afstand richting Medemblik, Hindelopen en Breezanddijk. Ik ben voortdurend aan het trimmen en omdat mijn stuurautomaat ver beneden de maat presteert, stuur ik vrijwel voortdurend met de hand. Alleen zo kan ik Jan van me af houden. Na 5 ½ uur varen is er geen verschil: gelijkspel.
Bij Beezanddijk stoppen Jan en ik. Wederom om op betere wind te wachten. Nu moet de wind draaien van zuidoost naar zuidwest. We ankeren en weer eet ik bij Jan aan boord. Dit keer een tournedos met gebakken aardappelen en doperwtjes. Ik wordt door Jan culinair ‘overklast’ en knock-out geslagen.
Als ’s nachts de wind wat toeneemt gaat het anker krabben en we belanden aan lager wal. Gelukkig bestaat deze uit riet en niet uit een werkschuit of ander hard en hoekig object. Ik haal het anker op we verhalen naar een steiger. We gaan weer slapen en om de beurt kijken Jan en ik elke 3 uur of de wind al gedraaid is. Om 5.00 uur wekt Jan me: “Geert de wind is gedraaid!”
We starten in het donker en varen wederom voortdurend dicht bij elkaar.
We houden elkaar weer erg scherp. De windrichting is gunstig: alle rakken zijn goed bezeild en alleen van het Enkhuizerzand naar de boei sport D bij Lelystad moeten we een paar kleine slagen maken. Na 8 uur varen ben ik met veel moeite 4 minuten op Jan uitgelopen.
Van Lelystad naar Hoorn is eerst 70 graden aan de ware wind.
Ik heb sinds enkele weken een nieuwe spinaker en weet niet zeker of ik met dat ding zo hoog en hard genoeg kan varen. Daarom probeer ik het eerst met de genua. Catootje van Bauke Yntema en de Nicky Deux starten enkele minuten na mij. Beiden onder spinaker. Na een half uur varen blijft de afstand tot Jan gelijk, maar Catootje loopt duidelijk in. Als de wind langzaam ruimt besluit ik om ook de spinaker te zetten. Ook met deze grote oranje sinasappel lukt het niet om op Catootje uit te lopen.
Dat ding vaart echt (te) hard.
Catootje stopt bij Hoorn, maar Jan en ik ruiken de stal en wij varen door.
Achteraf bleek dat we beter hadden kunnen stoppen, maar we hadden eigenlijk gewoon zin om de klus af te maken. We kruisen naar Volendam. Jan kiest er voor om dicht bij de Noordhollandse kust te blijven. Ik maak een slagje weg van de kust. Als we weer bij elkaar komen blijkt dat ik in een periode van 20 minuten een voorspong van 6 minuten verspeeld heb! Jan had een mooie windschifting van 20 graden, die ik geheel gemist heb. Foutje!
Van Volendam naar Muiden valt de wind eerst even helemaal weg. Met 2 knopen en Muiden stik in de wind zal het lang gaan duren. Ik bel mijn vrouw dat ze die avond niet meer op me hoeft te rekenen. Gelukkig komt er bij het Paard een mazzelwindje uit het zuidoosten. Muiden is ineens weer bezeild! Met een acceptabele vaart van 4,5 knoop finish ik om 10 voor 10 bij de boei YM 18. Het is gelukt: de mast staat nog, ik heb de legendarische ‘200 mylsolo’ volbracht en ik ben op line honeurs voor die andere Dufour 4800 ‘Nicky Deux’ gebleven.
Jan Smink komt een paar minuten later uit het donker opdoemen.
Ik zet hem in de schijnwerper en blaas eens flink op de toeter. We hebben een onvergetelijk mooie en spannende race gevaren. We hebben ongeveer 34 uur gevaren en het verschil tussen Nicky Deux en Swell was slechts 11 minuten.
![]() |
![]() |
| Jan Smink praat (weer) eens na over z’n …… | Schol, bier en whiskey bij de opname-schipper Andries |
In de haven van Muiden worden we warm ontvangen door de ‘opvangbemanning’ van de Ludgerdina Smeltekop.We eten schol, drinken bier en luisteren naar de opgewonden verhalen van andere schippers. Gelukkig komt die avond de grote aanstichter van dit alles ook de steiger oplopen.
Als dank voor het organiseren van dit mooie evenement drinken we zijn whisky op.
Zoals gezegd, dit was mijn eerste 200mylsolo. Hopelijk nog lang niet mijn laatste.
Het was onvergetelijk, leuk, gezellig, inspannend en spannend.
Veel dank aan Jan en de andere organisatoren. Zij bezorgen soloschippers onvergetelijke (match)races!
DE AURUM IN DE ELFDE 200 myls ‘SOLO’
| Ook dit jaar ben ik een van de gelukki- gen die mag meedoen aan de 200 myls ‘SOLO’, met mijn Dehler 39CWS van bijna 12 meter lang, met vleugelkiel, de Aurum. Voor de vierde keer, na 2003, 2004 en 2005.Dinsdag 26 september 06. De dag voor de start. Ik lig al in Muiden. Routes uitwerken, in de GPS program- meren, klusjes, zoals een bulletalie op- tuigen, de 220 volt AC repareren, an- ders kan ik niets met mijn laptop zee- kaarten, en niet e-maillen en internet- ten.Op het palaver lijkt het wel minder druk dan vorig jaar, Jan heeft ook nogal wat afmeldingen te melden. Slapen lukt niet erg, de koffie bij Ome Ko was lekker sterk en ook de muggen houden me wakker. Of zou het toch de pre-tocht stress zijn?Woensdag 27 september 06. Om zes uur op, want buurman Gio wil om 7 uur starten. Wilde, want nu wil hij niet meer, want het mist en het is windstil. ![]() |
Na negenen is het rondom de M1, de startboei, vreselijk druk met schepen die allemaal zeil aan het hijsen zijn. Zicht 50 tot 100 meter. Mist? Dan word je toch uitgesloten als on- danks dat vertrekt? Zie reglement punt 10. Kennelijk kent iedereen het reglement op zijn duimpje, want ik heb niemand niet zien starten. Was ook moeilijk met dat zicht trouwens om wel te zien dat iemand niet startte. In het reglement staat dat je bij mist minder dan 1000 meter niet mag starten als dat op het betreffende marifoon kanaal wordt gemeld (cursief van mij, AV), op straffe van uitsluiting. Dus iedereen uitgesloten, zou je zeggen. We kunnen direct stoppen. Mis: op het betreffende marifoon kanaal VHF1 hebben ze van geen mist gehoord, In Lelystad is het zicht 1 tot 4 km. Dus iedereen start of er niets aan de hand is, ik overvaar bijna Pampus, roep nog aan: wedstrijd, maar Pampus weet van geen wijken, dus wijk ik tenslotte zelf maar uit.Ik kom zonder kleerscheuren door de shipping lane (mijn acoustisch alarm gaat niet af en al die beroeps hebben toch zeker radar?) en dan klaart het op.Intussen is het me gelukt om een minuut of tien na de start de lijnen van mijn spi correct om alle stagen, wanten etc geleid te hebben. Ik had alles klaar voor een start over SB, maar het werd BB. Zodat ik eerst alles moest verande- ren. Later draait de wind wat en moet ik toch over SB verder, zodat ik alsnog |
moest gijpen. Met weinig wind kun je ook zonder ervaring best een spi van 90m2 gijpen hoor, ik deed het nu voor het eerst, en het ging prima. Alleen wilde later de slurf er maar halverwege omheen. Dat was trouwens nadat de neerhouder op het halfwindse rak was geknapt, de boom sky-high wees, en de spi wat fladderde. Nou ja, even voor de wind varen, spi gestreken achter het grootzeil, de hele bende door mijn mooie grote voorluik gepropt en alles weer ship-shape. Wel waren intussen 10 a 15 concur- renten zonder spi problemen voorbij gedenderd. Nou ja, ik deed dit als prestatie tocht toch? En niet om te winnen. Met veel spi en andere problemen lever je eigenlijk een veel grotere prestatie dan die lieden bij wie alles gladjes verloopt: de spi staat bij hen direct, een slurf hebben ze niet, neerhouders zijn van kevlar met een breeksterkte van 3 ton, aan de wind kunnen ze hun carbon grootzeil nog vol varen bij 6Bf, kortom dat zijn de winners. OK en terecht ook.Gelukkig is het na de nieuwe Sport E boei bij de wind en kunnen we zonder al die fratsen eens lekker gewoon met de HA fok op aan een inhaal race beginnen.De route keuze is nog een probleem, want route 2 lijkt me dit jaar ongeschikt, om van Vlieland met SW 5 naar Den Helder te geraken, tegen tijzee en grondzeeën in. Route 3, alleen IJssel- |
| meer, ja dat heb ik nu drie keer gedaan. Dus het wordt route 1 of 4. Mijn favoriet is nr. 1, alleen het volgende rak naar Amsterdam is voorlopig stik in de wind. Ik ga maar vast 6 uur ankeren pakken, hebben we dat gehad. Naast Bouke met de Catootje, die zich ook af vraagt of wij de enigen zijn met dit plan: wachten tot de wind draait. Intussen krijg ik een SMS van Bob: mijn My Safety/ SOS apparaat geeft geen posities door. Wat doe ik fout? Het ding is tot barstens toe vol geladen, het piept volgens de handleiding als ik 5 seconden op de knop druk, wat kan ik nog meer fout doen? Dus ouderwets per e-mail mijn passage tijden doorgegeven. Na een uur op de bank plat, is de wind inderdaad gedraaid, gauw het anker op, route 1 wordt het! Bouke is al weg. Na een half uurtje gaat mijn mobiel. Bouke aan de lijn: wakker worden! het waait. Ja zeg ik, ik vaar vlak achter je, ik zie je achterlicht, zie jij mijn voorlicht? Dat doet hij.Donderdag 28 september 06. We zien elkaar weer in de sluis bij IJmuiden. Daar volg ik dappere dodo, Douwe Dabbert, een Dutch Dandy-achtige, Fokke dus, met lokale bekendheid. Ik volg hem, leg aan naast hem in de marina, dan pak ik vast het goede tijdstip voor het tij. Wisten jullie dat de tijden van de getijden in de Reeds almanak helemaal niet kloppen? Ze zitten er allemaal 2 uur naast. Nou ja, gelukkig wist FokkE uit zijn hoofd dat we niet om 7, of 15, maar om 05:00 weg moesten. Hij krijgt van mij een halve liter bier, als tegenprestatie maakt hij me na drie kwartier doezelen blij met een kop koffie en de mededeling dat het tij(d) is om te vertrekken.Wie kiest nu ook een route met getijden. Aan dek lijnen en zo opruimen valt niet mee, de marina is erg krap en buiten vliegen de loodsboten je om de oren. Met een swell van een meter is werken aan dek ook niet lekker. Uiteindelijk denk ik, hier is het me te link, buiten hijs ik wel. Niet dus, daar is het nog linker.Er staat een dijk van een zee voor de pieren, de giek zwaait als een gek van SB naar BB, ik durf de bulletalie niet van het voordek te halen, laat staan aan het eind van de giek vast te maken. Dat had dus wel in de haven gemoeten. Maar zonder bulletalie om het grootzeil en mijzelf tegen een klapgijp te behoeden wil/durf ik ook niet. Dus grootzeilsval weer terug op eind giek, dat lukt nog wel, alles snaarstrak en de giek is getemd. Fokje uit rollen en we lopen 6 knopen door het water, aanvankelijk 8 over de grond. Zo nu en dan word ik ingehaald door lieden met een vol grootzeil (soms zonder dat ik iets kan ontwaren wat op een bulletalie lijkt trouwens), en een fok op de spiboom of zelfs met spinnaker. Jazeker, maar als je ziet hoe weinig het snelheids verschil is….Om half twaalf in Den Helder, In krap 5 uur Op het log 27 mijl, afstand 32 mijl. Op de website sta ik genoteerd als om 15 uur zoveel aankomst tijd. Dat klopt dus ook van geen kanten. Binnen de 5 uur 32 mijl op alleen de fok, helemaal niet gek toch, die route 1? Morgen verder, dat komt ook beter uit met het tij. Laat die anderen maar doorzeilen op dood water, met aan het eind nog kans op een vuil tij.Ik ontbijt om 12 uur, neem een douche, en ga dan twee uurtjes slapen. In de laatste 30 uur lag ik precies twee keer een uur op de bank. Dan klussen. Spi op de steiger recht leggen en lijnen ontwarren, logboeken bijwerken. En, oja: de My Safety. Omdat die niet mijn posities doorgeeft, sta ik niet op de website en |
| kreeg ik verscheidene telefoontjes van ongeruste familie. Bob bellen, tja, Den Helder, te ver weg om een nieuwe te brengen. Maar doet de alarm functie het? Vraag ik. Proberen zegt Bob. Ik probeer. Krijg een lieve damesstem die meldt dat mijn beltegoed op is, en dat ik het gratis (!) kan opwaarderen op nummer zoveel. In elk geval duidelijk waarom het systeem niet werkte. Alleen: er zit helemaal geen toetsenbord op het apparaat dus opwaarderen wordt dan een probleem, Je zal in het water liggen, je schip zien weg zeilen en dan zo’n bericht… Elke 5 minuten komt vervolgens dezelfde boodschap. Behalve na 15 minuten, dan komt er een andere boodschap: ‘Met Bob, ik kan nu even niet antwoorden, spreek een boodschap in…’ Ja hij was in gesprek (met mijzelf nota bene) toen de noodoproep doorkwam. Dus ik spreek een boodschap in. Je zult in het water liggen en op de alarmknop krijg je een voicemail… Weer een kwartier of zo later begint het apparaat opnieuw te kwekken: het is dezelfde dame weer, maar nu met een ander bericht: de voicemail van Bob is bijna vol, nog 10 seconden, wilt U stoppen, anders verbreken wij de verbinding. Stoppen? Dat kan helemaal niet met dat ding. Maar gelukkig, alles komt goed, opwaarderen kan vanuit Muiden. Dus geregeld zou je zeggen.Helaas blijken later mijn posities na den Oever weer niet doorgegeven te zijn. Zou dat komen omdat het beltegoed van het apparaat weer op was vanwege die |
voicemail van 15 a 20 minuten? Maar goed, we staan op de website, alleen loopt mijn traject nu regelrecht van Lelystad naar Den Helder, dwars door dijken, dorpen en Noord Holland. En Jan had ons nog zo gezegd om bij elke hoek in het vaarwater op de knop te drukken zodat ons traject niet over land zou lopen.Maar zonder gekheid, ik vind het een fantastische uitvinding, en heb dit apparaat liever dan een positie melder die aan de boot vast zit. Dan kun je altijd op het internet zien waar de boot is, maar niet waar de schipper is.Deze donderdag blijf ik dus verder in Den Helder, Een andere solist, Herman,![]() |
route 4 kruist hier route 1, komt een glaasje wijn bij me drinken. Dan is het voor mij op de boot diner en vroeg te kooi.Vrijdag 29 september 06. Om 05:55 gaat de wekker, heerlijk geslapen. Om 08:08 passeer ik de startboei van vandaag, de MH4 vlak voor den Helder. Lichte wind, ruim invallend, dus de topgenua van 60m2 gaat omhoog en wordt uitgerold. We knallen met 8 knopen door het water en met 10 over de grond. Bij Texel kan ik niet vlak langs de T12, want een bruin schip komt de haven uit en draait om de boei waar ik binnen 15 meter langs zou moeten. Even verderop is de wind langzaam toegenomen tot 5Bf, daardoor gaat het inrollen van de topgenua niet. Dus een hoop tijd verloren voordat het grote loeder, nog maar half ingerold, in het gangboord ligt. Even later gaat er ook nog een rif in het grootzeil. Maar het tij is deze keer goed uitgerekend, de hele weg 2-3 knopen stroom mee.De brug in Kornwerd draait zodra ik er aan kom, sluis op groen, in no time door de afsluitdijk. Het blaast nog steeds lekker, dus in de haven zet ik het tweede rif. Dat blijkt een goed besluit, met 7-8 knopen gaan we op de WP6 bij Medemblik af. Maar waar is die nu gebleven? Blijkt bijna een mijl meer zuidelijk te liggen dan in de papieren van de 200 myls staat. Dus eigenlijk vaar ik de 202 myls ‘SOLO’, want eerst twee extra slagen om er te komen, en dan diezelfde extra mijl weer |
| terug. Intussen is de wind ingezakt, reven er uit, en ruimwinds terug naar Hindeloo-pen. De topgenua is intussen in het gangboord zoet gespoeld, en hang ik nu te drogen. Dat schiet lekker op.Ook het rak naar Breezanddijk gaat gezwind. Ik ben er al om half zeven ‘smiddags. Dan maak ik de tactische fout om nog door te zeilen, terwijl Stavoren stik in de wind is. Maar ja, weerbericht spreekt van SW, bezeild dus, en morgen en zondag weinig tot geen wind, dus als ik wil finishen binnen de tijd moet ik verder. Dacht ik. Maar de wind blijft zuid, dus hele stuk opkruisen, en de wind is zwak, dus het schiet niet echt op.En het is een stikdonkere nacht, boven me sterren, maar overal op de horizon buien met weerlicht, maar zover weg dat ik geen donder kan horen. Uiteindelijk, na drie en een half uur opkruisen, om 21:59 ben ik er. Afstand hemelsbreed 11,2 mijl, maar 21 mijl opgekruist. Nog even 4 mijl op de motor terug varen naar de haven van Stavoren, en proberen de onverlichte tonnen mis te varen. Dat lukt met behulp van de twee kaartplotters, en om 23:00 lig ik vast en om 23:45 is dit verslag bijgewerkt. Nu nog even versturen en dan slapen. Nog 61 mijl te gaan, moet lukken voor zondag 12:00.Zaterdag 30 september 06. Laat op, tja geen getijden, dan word je lui. Pas om 10:08 weer bij de LC9 boei, tegen flinke golven in. Met ruime wind nu weer naar het Noord- |
westen. Helemaal naar den Oever. Aldaar topgenua er af en de high aspect fok uitgerold, want hoewel het bezeild is is het wel hoog aan de wind. Ik zeil tactisch wat beneden de koerslijn(ten zuid-westen, want daar gaat straks de wind vandaan komen, dat scheelt straks opkruisen. Deze keer komt het nog uit ook. Boven Medemblik sta ik met de topgenua aan dek, want de wind is afgenomen, ik zie nog net in de verte schuimkopjes mijn kant op komen. Topgenua vliegensvlug weer door het voorluik gepropt. Voor ik bij het stuurwiel ben wordt de Aurum door een heftige windvlaag scheef gedrukt. Zelfstuur er af en zelf weer sturen. Met de toegenomen wind gaat het nu zeer zoef, en door de extra hoogte die ik had genomen (ten westen van de koerslijn en het Vogeleiland) kan ik net de hoek van het Enkhuizerzand boven de dijk bezeilen.Daarna wordt het met afnemende wind wel weer opkruisen naar de Sport D boei, vlak boven de dijk bij Lelystad. Vlot geschut, en dan de vraag: gaan we verder of blijven we hier? Gezien de huidige wind, op de sluis woei het Zuid 3-4 Beaufort, beter doorgaan, want de voorspelling is minder wind uit zuidoost. Ook deze beslissing blijkt tactisch geheel onjuist. Om 18:18 passeer ik de OVD3 boei, start van het laatste gedeelte van de 200 myls. Helaas blijkt de wind verder buitengaats slechts 1 a 2 Bf. En ook al zuidoost. Leermoment: weersvoorspellingen komen zelden uit, behalve wanneer het je niet uit komt. Maar terug gaan en opnieuw aan dit rak begonnen morgen-ochtend mag niet van het reglement. |
Dus dan maar verder. Topgenua er op, op het voordek zitten om het natte oppervlak van de boot zo klein mogelijk te maken en het mijne wat te vergroten met een klein glaasje wijn (klein, ik moet nog varen). De zon schijnt, lekkere temperatuurtje, dit is mooi zeilen. Als de zon onder gaat rustig dineren.Zo glijden we rustig voort de vallende nacht in, een solist achter me blijft steeds verder achter. Zo te zien is het Fokke met de Douwe Dabbert weer, die weet me aardig bij te houden zeg! Alleen ![]() |
| En daar hebben ze geen lichtje op gezet, alleen wat reflecterend tape. Wat zijn die kaartplotters tegenwoordig dan toch een zegen. Zowel om blinde tonnen te vinden als om ze te omzeilen. De Buitenhaven van Hoorn is dan nog een uurtje varen. Anker uit, het ligt er vol met geankerde schepen, maar ik kan er nog net bij.Zondag 01 oktober 06. Om 03:30 word ik wakker, wat is er aan de hand? De Aurum beweegt anders. We krabben gelukkig niet, maar de wind is gedraaid, naar Zuidzuidoost 4 Bf. Redelijk ideaal om naar Muiden en de finish te komen, want de voorspelling is ruimend naar zuid tot zuidwest, en toenemend tot 6 Bf. En buien met 40 knopen wind, onweer en hagel. Dat lijkt me minder gunstig dan wat we nu hebben. Het anker zit muurvast in de modder, dus het kost even om dat er uit te krijgen. Op de motor weer naar die Sport E boei bij de Nek. Als er geen reflecterende gele band op zat had ik hem denk ik niet gevonden, want het is nog steeds heel donker als ik er om 05:00 in de buurt ben. Met de koplamp op vind ik hem, zeil hijsen, langs varen en tegelijk de knop op de My Safety 5 seconden ingedrukt houden, en hoog aan de wind ploegen we met 6-7 knopen door de golven.Ik trim de zeilen zo dat het stuurwiel iets naar lij vast gezet kan worden. Op die manier stuurt de Aurum zich zelf door het donker. Met alle vlagen loeft hij keurig mee. Zelf sturen gaat nauwelijks beter. Ik schuil onder de buiskap, houd uitkijk, de kaartplotter in de hand. Beetje regen deert dan niet. Weer veel onweer boven Noord Holland, maar gelukkig niet waar ik ben. Bij Volendam overstag, ik zeil een eindje voorbij Marken, genoeg om de finish in een keer te bezeilen. Kom fraai uit, en finish om 08:28 bij de IJM18 boei. Achter me dezelfde blauwe boot die na Lelystad ook al achter me lag. De Douwe Dabbert, een stalen boot rating 113 of zo.Die moet dus de hele nacht hebben door gevaren. Grote klasse!Wat was dit een fantastisch mooie tocht. Heel fraai weer, alleen het stuk Noordzee was erg ruig en grauw. Weer van alles mee gemaakt. Drie keer in het donker gezeild. Spinnaker leren temmen. Topgenua gezouten en later weer zoet en schoon gespoeld. Jammer dat de positie op het internet niet klopte, dat ik 64e sta, nou ja, who cares. Maar helaas had ik familie en kennissen ingelicht over het feit dat ze me konden volgen. En aanvankelijk kon dat niet, omdat ik ontbrak op de website, en toen het wel kon klopten de posities niet, en eindigt mijn spoor zo maar in den Oever. Diverse ongeruste telefoontjes gehad van wat er aan de hand was. De uiteindelijke uitslag gaat heus wel precies kloppen aan de hand van het logboek. Maar dan kijkt niemand van mijn kennissen meer op de website. Bij dezen voor allen die dit lezen: de echte uitslag staat vanaf 11 oktober op de website. Allemaal nog een maal gaan kijken graag, want hoewel het doel is bereikt: uitzeilen met intact schip en schipper, een beetje hoger in het klassement mag toch ook nog wel na al die stroom mee op Noordzee en Wad.Als ik goed heb gerekend heb ik 37 uur en 54 minuten in de tocht gezeild, en 56 uur 51 minuten ‘rust’ gehad, dat is niet alleen haven of ankerperiode, maar ook sluispassages en de 5 uur durende tocht van IJ naar IJmuiden in de duistere nacht. Al met al ook nog 15 motor uren gemaakt. Al met al bijna vier maal 24 uur gevaren.Na het inleveren van de papieren en het localisatie apparaat vertrek ik snel naar Amsterdam, want het weer dreigt ten ongunste te veranderen. In Amsterdam krijg ik 24 uur extra om bij te komen, want het nachtconvooi is gestremd, spoorbrug stuk.Dus heerlijk geslapen aan de beschutte Houtmankade, terwijl storm en regen Amsterdam teisteren. En daarna de hele dag opruimen, verslagen schrijven, e-mail beantwoorden van mijn werk. En ja, ook afspraken verzetten voor morgen. En waarnaar luistert de solo zeiler op zo’n dag? Jawel, naar de Dire Straits (Ruige Zeestraat? Of ‘He is in dire straits’: hij zit in de problemen). En dan natuurlijk speciaal naar het nummer Single Handed Sailor. Wie het allemaal begrijpt mag het zeggen. Anjo Veerman a/b Aurum |
website Happy zeilen van John v.d. Starre
http://www.happyzeilen.nl
De voorbereidingen voor mijn 200 mijls zijn dit jaar anders verlopen dan voorgaande editie’s.
Na een druk wedstrijdprogramma in de zomer , we hebben de Van Uden Reco Cup, North Sea Regatta, North sea Race , Vuurschepenrace en Deltaweek meegevaren, dacht ik me in rust te kunnen prepareren voor de 200 mijls. Echter wat onderhoud gooide roet in het eten.
Ik was al vele jaren van plan om het profiel van mijn kiel te optimaliseren. Na de deltaweek in juli heb ik de HAPPY op de wal gezet om groot onderhoud en de kiel te doen. Dus ook mast eraf en o.a.zalingverbindingen vernieuwen, dit was trouwens hard nodig, nog een heftig windje en het hele tuig was denk ik naar beneden gekomen. Dus iedereen met Z-Spar mast, check af en toe die dingen! Als ik achteraf aan de Vuurschepenrace denk waarbij we met dik 40 knopen wind van Scheveningen naar Harwich moesten kruisen ben ik blij dat we het toen met zwabberende zalingen heel gehouden hebben. Het shapen van een kiel is een heel werk , eerst de juiste profielen van internet vissen dan omzetten in mallen (dank aan Marcel!)en kiel opzetten en schuren (dank aan Horst!),opzetten schuren opzetten schuren……… Maar het eindresultaat mag er zijn, een volledig symmetrisch profiel, en in je hoofd het idee dat het onder water helemaal o.k. is.
Altijd was er een snelheidsverschil van ongeveer 0,4 knoop tussen de bakboord en stuurboord koers , dat is nu bijna verdwenen. Het verschil in profiel BB en SB bedroeg dan ook meer dan 9mm, wat dit verschil zou kunnen verklaren.
Alleen de tijd die dit kostte had ik vooraf niet voorzien. Ik denk dat ik bij elkaar 20 uur heb zitten schuren , niet echt m’n hobby..
Begin dit jaar hadden we besloten ook te proberen de ORC –Competitie te winnen , hiervoor tellen de 3 beste resultaten uit een 8-tal wedstrijden. Na de deltaweek stonden 3 boten, waaronder de HAPPY met een gelijk aantal punten bovenaan de ranglijst. Wilden we winnen dan moesten we nog een wedstrijd extra varen om meer punten te vergaren.
De Zuiderzeeweek in Hoorn zou een goede optie zijn, het weekend voor de start van de 200-mijls. Hier zouden we een 1e of 2e plaats moeten varen en onze grootste concurrent “Jack in the Box”achter ons moeten laten. Boven de 15 knoop loopt de boot in verhouding tot andere schepen het beste, alleen was ook de Zuiderzeeweek evenals de andere ORC evenementen weer een licht weer evenement. Nou ja , als het dan niet waait dan hopelijk meer wind de week erna. Tijdens de races in Hoorn bleek dat onze hoogte aan de wind en snelheid bij weinig wind veel beter waren dan vroeger. De nieuwe kiel vorm werkt! We zeilden 4 paaltjes en hadden een te vroege start welke we konden aftrekken.ORC –kampioenschap is binnen!
Hoewel de 200-mijls voornamelijk een race is waarbij je natuurlijk zo veel mogelijk met meer en ruime wind je rakken probeert te varen , gaf me dit wel rust. De speed is goed!
Zondag na de laatste wedstrijd de boot van Hoorn naar Muiden gevaren, mede scheveninger en 200-mijls deelnemer Jan de Bruin van de ESCXAPE had voor ons al een plek bij de Koninklijke gereserveerd. Boot vrij geparkeerd , nu geduld tot dinsdagmiddag..
De dagen tot dinsdag zijn toch altijd hectisch, ik probeer gewoon te werken om niet constant met die race bezig te zijn. Wel steeds een pen en papier bij de hand om de dingen die me te binnen schieten op te schrijven anders vergeet ik ze echt weer, ja je wordt ouder papa.
Verder is de ondersteuning van het “walteam”fantastisch, Marcel met de ontwikkeling van het Excel sheet voor de voorspelde raktijden, Fred houdt samen met mij het weer in de gaten.
Dinsdag middag is het weerzien met de andere deelnemers en Jan Luyendijk weer zeer hartelijk, helaas moest ik het aanbod om mee te gaan chinezen met z’n allen afslaan ,er was nog ’t een en ander te doen op de HAP. Ondertussen zag ik nog Bart Boosman fanatiek in z’n onderbroek zijn onderwaterschip schoonsnorkelen.
‘s Avonds het palaver waar we onze logboeken en XMark uitgereikt kregen onder het genot van koffie en appeltaart. Tijdens de uitleg van de XMark vloog er bij mijn apparaat al een sticker af, waarna de SIM-kaart vanuit het apparaat het biljart opvloog. Ik hoopte na de problemen van vorig jaar toen mijn meldingen op o.a. ’t wad slecht doorkwamen dit m’n enige XMark probleem zou zijn…Helaas ,toen ik na het palaver het apparaat aan boord in de lader stopte werkte deze niet. Snel weer terug naar cafe Ome Ko om de problemen op te lossen,met een andere lader en een stuk van de SIM-kaart geknipt leek het weer OK.
Later bleken weer veel meldingen niet doorgekomen te zijn, jammer voor het thuisfront
Zij dachten op een gegeven moment dat ik over land kon varen.
Na altijd een onrustige nacht waarin alle banen diverse keren in gedachten gevaren zijn zat het ’s ochtends potdicht . Niet meer dan 200 meter zicht, mogen we wel starten?
Op het blokkanaal werd melding gemaakt van zicht van 1-4km ,we mochten dus starten, alleen melding onder de 1km mogen we niet. Samen met Jan de Bruin die naast me ligt alles rustig klaargemaakt en besloten tot een late start , er zou dan iets meer wind zijn.
![]() |
![]() |
| Foto links de Happy | Foto rechts: De X van Jan de Bruin, foto: Piet Bakker (Huizen). |
Foto links de Happy- Foto rechts: De X van Jan de Bruin, foto: Piet Bakker (Huizen).
Als een dief in de mist om 9.48 gestart , Bart zat net een 5 min voor me en Bauke iets achter me.Spi op en gaan ,eerst maar een BB slag. Fanatiek trimmend aan de spi realiseer ik me ineens dat er voor Muiden ook nog zoiets als Pampus ligt, ik storm naar beneden ,kijk op m´n plotter, blijk ik er in de mist recht op af te gaan , snel de gijp (hoewel snel, alles voorbereiden, dubbele schoten ordenen , boom dippen, nieuwe schoot erin, boom weer omhoog ,insturen .grootzeil om , blijft hangen aan achterstag….al met al toch een paar minuten ) net op tijd alles geklaard .
Ik lag nu al bijna voor Pampus.
Na een half uur zie ik dat ik inloop op Bart , hij heeft volgens mij zijn hele zeilgarderobe gehesen heeft, spi + gennaker + waterzeil+ grootzeil, het lijkt wel een galjoen.
Doemt er uit de mist ook nog wat beroepsvaart op,maar die zijn goed te ontwijken,. Bart roept nog dat hij waarschijnlijk in Volendam een tussenstop gaat houden om op meer wind te wachten.
Na het Paard heb ik 14 knopen op m´n klokkie, ik besluit door te gaan naar Hoorn.
Bij de GZ2 zie ik Jan de Bruin die problemen heeft met z´n spi en daar wat minuten verspeeld.
![]() |
![]() |
| Foto links van de Happy gemaakt door: Arie Petrus |
Foto rechts: De Bashford H.36 de Kim van Martin Selles |
Op weg naar de Sport E zie ik achter me een boot met blauwe spi steeds dichterbij komen , hoe ik ook m´n best doe. Het blijkt Martin Selles met de KIM te zijn, een Bashford 36, welke gelukkig ook een stuk sneller dan mij moet varen .
Bij de Sport E hebben we nog een spannend gijpduel en vergeten we in de hectiek allebei soms onze stuurautomaten bij te sturen , zodat de 2 boten soms eng dicht bij elkaar komen.
Martin stuurt hem kort om de boei en ik prik hem ertussen. De volgende 5a 6 mijl blijf ik kort in z´n spoor, maar als door krimpende wind ik besluit m´n spi te zetten en deze in een zandloper omhoog trek is hij weg.
Achter me zie ik Henk Bulthuis bij Sport E afnokken, ook Dick Geurts stopt even in Hoorn zo belt hij me door.
De beslissing welke baan is steeds nog onzeker, in overleg met Fred en Marcel (walteam of zoals Fred zei de `walnoten`) wachten we tot Lelystad om te zien ,of de voorspelde winddraaiing naar ZZO plaatsvind.
Ik besluit daarom na de OVD3 een ankerperiode te nemen en te wachten of de wind werkelijk naar ZZO gaat en en de P9 te bezeilen is en dan voor baan 1 te gaan.
Persoonlijk ga ik graag over zout ,vooral met stroom mee! Maar 3 uur kruisen naar de P9 is zelfmoord. Indien de wind niet draait ga ik voor baan 3 of misschien zelfs 2 ,er zit een ZO shift op vrijdagochtend vroeg,precies de tijd dat je bovenlangs de eilanden moet.Een groot nadeel vind ik echter dat je dan van Kornwerd tot Lelystad alleen in Noord Zuidelijke richting vaart, wat met de dan voorspelde overwegend zuidelijke wind op vrij middag en zat ochtend recht in de wind is. Als het kan graag baan 1!!
Om 20.00 is de wind om en gaat het anker op . Ik start bij de OVD3 een uurtje later en Jan enige minuten na me terwijl ik een derde boot vanuit Hoorn op hetzelfde moment de OVD zie ronden. Wie het is kan ik niet zien ,eerst denk ik dat het Dick Geurts is ,hij lag in Hoorn, later belt hij me op en zegt dat hij in Lely ligt. Wie is het dan??
De bewuste zeiler verliest behoorlijk afstand, het is dus iemand met een langzamere boot.
Later hoor ik van Jan dat het Bart Boosman was, hij doet dus ook Route 1.Concurrentie!!
De schutting van de Oranjesluizen gaat supersnel na de dienstdoende vrouwelijke ambtenaar gebeld te hebben en deelgenoot gemaakt te hebben aan onze 200-mijls.Bij de kraan in Marina Ijmuiden kan ik zodoende nog een uurtje pitten. Ik lig toevallig voor de STAMPEDE ,onze grootste concurrent tijdens de Ijspegelwedstrijden, hij ligt hier om glad en strak gemaakt te worden en ons over 2 weken het leven weer zuur te kunnen maken.
Donderdag 28 september
Het tij bij de Baloeran loopt ongeveer vanaf 05.30 , vanaf 05.15 kan ik de sluis/vaartijd als een rustperiode tellen, die pik ik in ieder geval maar mee.
De planning van de vertrektijd is altijd zeer lastig ,wil je het volle tij op het wad of op zee?
Gezien de nog niet zo sterke wind besluit ik niet al te laat weg te gaan, zodat ik in ieder geval goed in het tij op ´t wad zit. Alleen de wind wordt snel sterker en spi-end met 20 knopen wind gaat tie als de brandweer, zodat ik achteraf wat later had kunnen vertrekken en meer tij mee had gehad op ´t eerste stuk.
´T is niet anders , eerst maar effe een gijpje , ik vaar over BB recht op Bergen aan Zee aan.
Alleen met 20 kts wind en behoorlijke zeegang in de nacht niet echt een pretje.
Ik vind tot 20-25 knopen eigenlijk de beste manier eerst het grootzeil strak midscheeps zetten en precies voor de wind varen . Dan de spi kort op de achterste schoten varen ,de voorste schoten los en boom vast laten zakken waarbij de spi niet gehinderd wordt door ´t grootzeil en mooi vol blijft staan. Ook draait hij dan niet zo snel om ´t voorstag als je de boom tript. Vervolgens naar het voordek ,rustig nieuwe schoot in de boom , boom weer omhoog en dan zelf weer naar de kuip , iets insturen ,grootzeil vieren en voila je ligt over de nieuwe boeg. Een goede stuurautomaat (´Harry`) is wel een vereiste om de boot goed voor de wind te houden met het grootzeil midscheeps, anders pakt ´t grootzeil in een slinger te veel wind en wordt je platgeslagen. De grens ligt bij mij bij de wind en golven die we nu hebben , toch maar geprobeerd, het bleek net te gaan.
Na de gijp weer rustig ademhalen en moed verzamelen voor de volgende , die zowieso volgt om over BB het Marsdiep binnen te kunnen lopen. Harry krijgt het wel steeds moeilijker en ik stuur maar zo veel mogelijk zelf, bovendien vind ik dit nog steeds kicken , ruime wind golfjes af surfen.
Tijd om de genua klaar te leggen voor het rak bij Den Helder naar de MH4 heb ik zo niet, maar ik ga gewoon met de mindere wind die daar onder de wal staat de MH4 onder spi te halen.. Foutje, niet te halen bleek , dus met 85 ° ware wind spi eraf, wapperend achter de boot ,in de kajuit gepropt, snel genua omhoog, shit.. schoot zit nog niet vast, effe tobben en het staat weer. Aan de wind naar de MH4 ,ik haal ´m net , dan weer ruime wind naar de T12. Spi moet er weer op alleen die is nog een puinhoop , gelukkig zitten alle schoten en val er nog aan en lukt het om hem vanuit de kajuitopening te hijsen.
Bij de T12 moet hij er weer af, nu wel gepland keurig in het voorluik, klaar om straks voor de laatste 6,5 mijl naar Kornwerd na de D8 weer te hijsen.
![]() |
| Bart Boosman – foto: Jurrien Baretta |
Op ´t wad zit ik vol in het tij , de HAPPY is happy en ik ook !!! 10-11 knopen over de grond, dit zijn stappen! Net niet binnen de 6 uur klok ik af bij de BO2, 55mijl met een gemiddelde van meer dan 9 knopen ,top!
Bij de sluizen van Kornwerd zie ik veel Route 4 zeilers de andere kant opgaan, volgens mij niet bezeild. Ook zie ik daar weer Dick Geurts en Eric Jan Wiebinga beiden komen even aan boord voor het laatste weerbericht vanuit het Happy media centre.
Vrijdag 29 september
Ik wens ze beide sterkte en ga door de sluis aan de remming wachten op de shift naar ZZO om het rak naar Medemblik te kunnen bezeilen. De verwachting is een korte shift tussen 03.00 en 06.00 daarna weer ruimend Z , dan is de WP6 niet meer te bezeilen. Ik wil dus niet te laat weg, en als we (Jan en ik) om 04.00 losgooien liggen alle andere route 1 gangers nog in diepe
rust… Verslapen? ..of taktiek? Na gestart te zijn met een 10 kno-
pen wind uit ZZO neemt hij toe tot 15 knopen, de WP6 is op 50 meter na bezeild. Op naar de H2 . Spi erop bij 120° ware wind en 17 knopen wind geen makkie, super concentreren ,het gaat net , vallen in de vlagen ,loeven in de stiltes, keihard werken.
Na de gijp bij de H2 zie ik op weg naar de Sport B Bart hoog aan de wind op weg naar de WP6 , ik pijl zijn koers en zie dat de wind nog niet veel gedraaid is en hij heeft meer wind dan ik had in dat rak. Toch te vroeg weg gegaan? Achteraf misschien wel, maar op dat moment leek het me een juiste beslissing en een kans om afstand te nemen van de rest.
Na 4h 54m finish ik bij de Sport B. Jan zie ik niet meer , hij had zijn spi dacht ik niet gezet van WP6 naar H2 en ik zie hem toch in de verte aankomen met zijn halfwinder op. Bel hem met het idee naar Makkum te varen en daar onze rust te nemen +douche+gebakken eitje.
In Makkum zie ik nog Han Beijersbergen voorbij varen, hij verteld dat hij helaas vanwege zijn gezondheid niet mee kon doen, jammer, ik hoop dat hij er volgend jaar weer bij is!
Volgens de verwachting gaat de wind na 14.00 weer terug naar de ZW , dit zou gunstig zijn om het volgende rak naar Stavoren , bijna bezeild te laten zijn.
Echter hij neemt dan ook af, en draait dan in de ochtend weer naar ZZO daarna weer ZZW neemt iets toe ,maar is zat middag na 15.00 weer weg. Verwachting zondag is Z. Tricky senario.
Ik kan dus niet te lang wachten , om niet in de stilte van zaterdagmiddag terecht te komen. Wachten op de draaiing….
Ik besluit vast terug te varen naar Breezanddijk en daar te wachten op de verwachte draaiing naar ZZW.
Daar blijken ook Bart, Theo ,Paul en nog wat anderen te liggen. 18.00 geen draaiing, 19.00 geen draaiing, ik word toch wat ongeduldig. Wel verschijnen er tijdens de schemering tientallen ratten op de steiger waar Bart en ik aangeknoopt liggen, zij doen zich tegoed aan de vogelpoep die daar op ligt. Ik besluit toch maar even aan een vrije paal te gaan liggen om onverwachte verstekelingen te vermijden.
Jan , mijn brave schaduw ESCXAPE, is door een onderling misverstand al wel begonnen aan het kruisrak naar Stavoren. Hij meld slechte omstandigheden, niet veel wind ,lastige golfslag en wind recht op de neus.VMG 3,5 . Niet echt een rak om daar de 200 mijls mee te winnen. 20.00 nog geen draaiing.. Het is nu gaan of 6uur wachten omdat ik anders te vroeg in Den Oever ben en dan nog geen gunstige ZZW wind heb om naar Lelystad te varen. Wacht ik nog een uur dan kan ik geen 6 uur rust in Den Oever nemen omdat ik dan in de latere voorspelde stilte terecht zou komen..
Na overleg met walnoot Fred besluit ik in ieder geval naar buiten te gaan en te kijken hoe de koersen liggen en hoeveel wind er is. Ook meld hij wat buienactiviteit met kans op wind ,ook Marcel belt dat er noodweer is in Den Haag, ik vraag nog : is er wind? Meer dan zat, hoor ik.
20.30 nog steeds geen draaiing naar ZZW,is eerder ZO …. Ik word gek , lig ik hier , waarom klopt ´t niet?
O.K. met ZO is hij iets minder ongunstig, ik besluit even te wachten of de shift stabiel is.
Om 20.46 ga ik met een onbehaaglijk gevoel op weg. Kost dit me dit de overwinning of levert me dit juist punten op, het blijft een moeilijke race. Onderweg naar de LC9 neemt de wind weer toe en blijft ZO, dus een lange slag SB.
Ik ben benieuwd wat Bart gedaan heeft, hij zei dat hij eerst zou kijken hoe ik ging en dan zou beslissen wat te doen. Ik denk dat ook hij vertwijfeld is.
Ook hij blijkt uiteindelijk gegaan te zijn
Als meervoudig winnaar zei hij nog in Breezanddijk de mooie woorden tot me: “Met de kunst van het wachten win je een 200 mijls“. En nu vaar ik hier….en hij ook.
Achteraf blijkt Bauke hier zijn winst gepakt te hebben (en op het enkhuizerzand) hij vertrok om 06.06 en voer dit rak sneller dan Bart en mij., de verwachtte windstilte zaterdag middag bleef uit ,dus ook hij kwam met prima wind later zaterdag in Hoorn aan. Mazzel??? Misschien wel,of misschien had hij betere informatie…
Na Stavoren op naar den Oever, de buien naderen snel. Fred ziet op de buienradar dat ik rond 00.30 de klos ben, net de tijd dat ik bij WV5 zou zijn. Haal ik het of niet ?
De spanning stijgt ,maar de snelheid ook, spi trekt als een beer, 140° ware wind met 22 kts haal ik net, maar hij neemt verder toe, Harry trekt ´t niet meer, ik moet zelf sturen…
Den Oever is alleen net een mijnenveld, veel onverlichte boeien, veel ondiepten.
Binnen op de plotter kijken is er nu niet bij, ik ga op gevoel en dieptemeter.
De wind piekt soms naar de 29 knts, ik moet echt laag sturen, speed 9,9 , wanneer en hoe gaat die spi eraf?
Als iemand dit met een webcam van boven zou kunnen zien, zou hij zeggen , “die is gek“
Ondertussen veel hoge bliksemontladingen om me heen, ook een reuzeklap in die toren van Den Oever, het ziet er allemaal heel surrealistisch uit..
Op het moment dat de spi eraf gaat val ik even naar voor de wind om de druk eraf te krijgen.
Eerst genua omhoog, spival achter de boot overboord, dan stopper open en met alle hens spi in de kajuitopening wegproppen.
Snel even binnen kijken , shit,ik ga recht op een bankje van 1,90m af ,daarna 1,40 , snel oploeven!
Onder genua verder , het hoost nu van de regen ,slecht zicht. Nog wat verwarring welke boei maar om 00.38 afgeklokt.
Ik ben redelijk stuk, weinig geslapen, heftig rakje, ik ben blij even 6 uur te kunnen pakken in Den Oever.
Zaterdag 30 september
De wekker om 05.00 gezet, alle puinhoop opgeruimd en weer voorbereid voor het rak naar Lelystad.
Even paniek, Harry doet ´t niet!
Alle zekeringen gechekt,lijkt goed, blijkt de afstandbediening sluiting te maken, was nat.
Gelukkig na wat vaselinespray werkt hij weer.
De wind is nu wel zoals voorspeld naar ZZW en is het rak goed bezeild , zelfs na onder de rook van Den Oever uit te zijn , de spi erbij gezet. 100° ware wind ,12 knopen ,gaat net. Snelheid is zeker een halve knoop tot knoop meer dan zonder spi.
Alleen de laatste 3,5 mijl van Enkhuizerzand tot Sport D moet ik kruisen, wel balen, wetende dat Bauke met zijn 1,35 kiel hier waanzinnig de bocht afsnijdt en rechtdoor over het zand vanaf Den Oever naar Sport D koerst. Voor me zie ik nog een solo man of vrouw. Het blijkt vrouw , het is Pamela , ook kruisend naar Sport D.
Na de sluispassage twijfel ik nog even tezamen met het walteam of ik doorga naar Hoorn of niet. Als de spi erop kan besluit ik wel te gaan , de HAP loopt dan zo 7-8 knoop.
Gelukkig blijkt dit het geval, onderweg krimpt de wind nog iets waardoor het nog beter loopt.
Na 1h 41 min ben ik bij de Sport E en klok daar af.
Ik besluit weer voor anker te gaan om de wind ,hij moet weer naar ZZO, goed te kunnen voelen en zien. Na een kleine 2uurtjes volgt Jan ! en komt langszij ,gevolgd door Bauke.
We drinken een wijntje en ik bak wat pannekoeken ,hartstikke gezellig, ook dit is 200 mijls !!
Zondag 1 oktober
Om 00.00 is de wind om , Bauke is al weg, wat is taktisch juist?
Nog even wachten op meer wind, of draait de wind dan weer tegen?
Ongeveer 40 minuten na Bauke start ik ook met de gedachte ,die wil ik voor Muiden pakken.
Het is een lange SB slag naar Volendam, dan langBB naar het Paard en vervolgens bezeild over SB naar de IJM18.
Net voor de IJM18 haal ik de Catootje van Bauke nog in ik finish om 03.31.
Als ik finish heb ik weer een onwijs voldaan gevoel, dit is verslavend ,deze race,
Alle hoogte en dieptepunten, verlies en overwinningen op jezelf maken dit tot een onvergetelijk avontuur ongeacht je klassering!
Na wat rekenwerk heb ik uiteindelijk ook vertrouwen in een goede klassering, wat na 2 dagen bevestigd wordt in de voorlopige uitslag: een mooie 2e plaats, dik tevreden, de stijgende lijn zit er nog steeds in…
Tot volgend jaar!
John van der Starre
S/Y Happy
Tot mijn genoegen zie ik dat ik weliswaar verloren heb, maar toch op de derde plek sta. Drie fouten gemaakt, toch nog de derde plek.
In geval van discussies over mijn tijden; ik heb de foto’s afgedrukt en je kan alle tonnen prima zien. De foto’s van de GPS, vooral in het donker, zijn bijna allemaal teveel bewogen om ook de tijd te kunnen aflezen, maar je kan wel gewoon op de kajuitklok zien hoe laat het was. Op verzoek kan ik ze je toesturen, ik neem ze in ieder geval mee naar de prijsuitrijking.
Groeten, Bart
1e fout: Toen in het donker op de noordzee de spi ontplofte had ik onmiddellijk de tweede spi moeten zetten, en niet de genaker. Het had een paar tiende knoop gescheeld over een grote afstand.
2e fout: Gaande van OVD naar Nek, op de terugweg, had ik de positie van die staak een mijl verkeerd ingevoerd. En kon vervolgens de boei niet vinden. Terugvaren kostte minstens tien minuten.
3e fout. Op het laatste stuk, vanaf Volendam, had ik de keus tussen wachten op mogelijke ZO wind (die waarschijnlijk heel zwak zou zijn) en kruisen met een lekker windje. Ik vond de gok om hierop te wachten te groot. Het pakte anders uit: zondagochtend vroeg stond er al een flinke wind. Bauke heeft hiervan geprofiteerd en prompt gewonnen.
Ook een paar dingen heel goed gedaan:
– Wachten in Volendam. Als enige.
– Route 1 bleek de beste
– Wachten in Breezand. John vd Starre was te ongeduldig. Tijdens het onweer draaide de wind 45 graden en nam sterk toe. Ziehier de winst! Wel heftig zeilen! Maximaal 38 knopen wind, helse regen. Vol zeil gehouden. Vervolgens doorgevaren tot Lelystad. Tot Nek geen slag hoeven maken.
Vandaag een beetje stram, met een rode kop en onwennig op kantoor.
Prettige herinneringen van de race komen meerdere keren per uur naar boven. Niet goed voor de productiviteit….
Zie de vloot op woensdag uit de mist opdoemen, de vele spinakers richting Hoorn, voel de twijfel kort na de keuze van baan 1. Nog pijnlijke knieen van een gevecht met de genua voor de kust bij Petten en de voldoening tijdens vele bezeilde rakken op het IJsselmeer.
En natuurlijk de gastvrije ontvangst met schol en bier op zaterdagavond. de verhalen van de andere schippers. Jan en alle andere (onzichtbare) organisatoren: Heel veel dank.
Jullie bezorgen deze soloschippers onvergetelijke races.
Groeten, Geert
(Foto : Zeilen. Harry Vogel & Geert Bosch tijdens de Flevomarina Dualhanded)
Eigenlijk nog steeds niet helemaal weer gewend aan het normale bestaan na een weekje uitwaaien.
Ik heb dramatisch slecht gezeild. Misschien is dat werken tussendoor niet zo’n geweldig idee geweest.
Tot nu toe zak ik elke dag een stukje verder in de uitslagenlijst. Ik neem aan dat jullie er nog steeds mee bezig zijn en ik begrijp dat de uislag pas vast staat op de prijsuitreiking maar…..
Er is in m’n track-staatje een klik niet doorgekomen: de passage van de OVD3 op de terugweg. In m’n logboek is die tijd uiteraard wel vermeld. (zal rond de 00:57 uur geweest zijn).
Volgend jaar graag weer een 200 mijls, dan zal ik toch eens overwegen te stoppen met dat werken.
Het doorkruist je hobby’s zo hè.
groeten,
Harry a/b Tzigane
(Foto : Harry vertelt het allemaal in het opname-schip)
De Douwe Dabbert in de 200 myls van 2006:een beknopte terugblikpalaver
Bij daglicht heb ik besloten dat, met de wind recht achterin en de deining schuin van achteren, meer zeil niet handig was. Ik kon nauwelijks bij het roer weg waardoor ritsen geen optie was. Op het vlakke water van het wad kreeg ik alsnog m’n kans. Bij de MH4 aangekomen, had ik niks voorbereid omdat het oorspronkelijke plan was al in Den Helder een tijstop te maken. Het zetten van de spi, na het ronden van de ton, ging gehaast, ongeconcentreerd en vol ongeduld. Dit had een dubbele zandloper tot gevolg. De boel zat muurvast en wilde niet meer naar beneden. In het zicht van de haven en de T12 (6 mijl verder) is dat uiteindelijk toch gelukt. De warboel heb ik maar een beetje aan dek gebonden en later in de marina uit elkaar gepeuterd. Een scheur vlak boven het onderlijk is na afloop van de race door Zwaan Sails (jawel official sponsoring partner van de 200 myls, die dus) hersteld. Voor de rest van de race moest ik me zien te redden met m’n gewone voorzeiltjes. Dat heeft in de verdere tocht tot veel extra zeiltijd geleid. De spi wordt namelijk ook als halfwinder ingezet. weer onweer windstilte
Groetjes, Fokke van der Valk DD-team |
| 200 myls solo 2006 “INGESTAPT IN DE VERKEERDE BUS”Age van der Bles a/b zs FoddeboskHet kan weer beginnen na een redelijk succes in de 24-uurs, op naar Muiden.Het verwrongen oog van de spinnakerschoot achterop nog even vervangen voor een degelijke wandputting. En we zijn er klaar voor! Het kijken op “guru” en “windfinder” neemt bijna epidemische vormen aan. In de laatste week gaan we dan ook nog op de site lekker elkaar opjutten. Lekker inkomen heet dat volgens mij. In het weekend van 26/27 september de boot naar Muiden brengen. Zonder wind op zaterdagmorgen op de motor naar Lelystad. En na Lelystad waait het Zuid Oost, spi erop en nog lekker even zeilen. We zijn om zes uur al in Muiden. Lekker eten en wachten op de eerste solisten. Mattieu komt als eerste maar gaat gelijk naar huis. Jan komt met Jerry Freeman als het donker is. Zondags gaat Jerry nog even naar Engeland en passen wij op zijn boot. Als alle weekenders weg zijn leggen we ons in startpositie aan de steiger. We nemen er alvast een met Albert, die binnen komt vallen met een smerige neus. Nu Albert er is laat ook ik mijn boot met een “gerust hart” achter in de gezellige haven van Willem. Plicht roept en dinsdagmiddag kan ik pas terug zijn.Dinsdag 26 september Dinsdagmiddag om een uur of vier aankomen. De haven is weer klem vol gelegd en de deelnemers zitten gezellig bij elkaar aanboord elkaar te begroeten. Na alle oude bekenden even de nieuwe Lady A bekijken. en we verzeilen aan boord bij een Hylper horica uitbater. Niet slecht om aan te stoten en een gerookte paling aangeboden te krijgen. Gezelligheid kent geen tijd en via graaf Floris komen we bij ome Co terrecht. De appelpunt slaan we over na een uitgebreid maal maar de koffie smaakt best. Na uitreiken van de zwarte tassen met inhoud en een weerpraatje dat net zo warrig is als het weer zelf gaan we richting haven. Daar ploffen we gezellig achter in de kuip. Na even de afspraak: “eerlijk of verlinken”, komen de plannen voor de komende dagen op tafel. Mij worden de ogen nog even geopend dat een rust bij een boei altijd 6 uur moet zij anders is het zeiltijd. Dat had ik dus niet gelezen maar staat een artikelen verder in de convocatie.Woensdag 27 septemberNa een rustig nacht sta ik laat op want vroeg varen levert geen wind op. Die gedacht hadden er meer want ik heb zelden zo’n lamlendige start van een wedstrijd gezien. Nou ja gezien? Het was redelijk dicht van de mist. 1 km zicht??? Ik heb mij twijfels. Maar als iedereen om kwart voor tien om de boei cirkelt ga ik weg, het is me te link en de kans op een aanvaring is niet ondenkbeeldig. In de mist is weinig te zien, naast mij op ca 200 m vaart Bart met alles wat hij heeft spi, halfwinder en grootzeil. Toch loopt hij niet harder dan mij. Oké, dat gaat in de mist op Maken aan.
Plots komt er een J achter me langs scheren en verdwijnt weer net zo snel. Na de passage van de vaargeul klaart het iets op en ontdek in voor mij Ericjan en Albert Brooshuis. Het voordeel van gekleurde zeilen is dat je ze eerder ziet.
De wind trekt wat aan en met de zon in de rug gaat het lekker met 6,3 mijl langs de thuis polder. Bij de NM2 is de wind nog Zuidwest dus hoog aan de wind, dus hopen dat hij onderweg draait naar het zuid.
Donderdag 28 september S’morgen om acht uur de haven, uit het waait hard 4,5-5 Bft maar Kornwerd is ruim voor de wind. Hijsen dat ding! Maar zonder boom is de spi erg onrustig. Durf ik dit wel en kan ik dit nog aanpassen? Afsturen, de stuurautomaat erop en de boom en loefschoot zetten. Vrijdag 29 september Vrijdagmorgen is het rustig. Achter het bos valt de wind mee, moeten we wel weg? Eric jan blijkt ook nog binnen gekomen te zijn. En om negen uur komt een verkleumde BertJan v Delft met de Utopia binnen dwarrelen. Gelukkig maken vele handen licht werk en kan Bertjan na een minuut of vier de spi-schoot wel loslaten als voor en achter alles vastliggen. Zaterdag 30 september Zaterdag vroeg op maar achteraf niet vroeg genoeg. Pamela, Ron en Bertjan zijn al weg. Snel varen en op naar Lelystad. Als het zonnetje erbij komt lig ik dwars van Stavoren en kan de sport D aanlopen. Wel jammer dat het Enhuizerzand in de weg ligt. Samen met Ron bij de sport D afgeklokt en op naar de sluis. Ron tikt af en gaat hier voor anker. Ik ga door. Blijft het gevoel van de “verkeerde bus” en zo. Maar al met al redelijk fit en stevig gevaren. Er zijn nog punten voor verbetering vatbaar en dat is gelijk het doel voor volgend jaar.
Verslag: Age van der Bles |
De 200 myls ‘SOLO’door: Frits Brattinga(gepikt van z’n website: http://www.lady-a.nl)
21-09-2006
De boot is gereed. De bemanning staat op scherp. Nu nog het weer, de wind, het water, de zeilvrienden, de spanning, de start, de 200 Mijls, het wordt weer genieten.
Hier leest u alles tijdens de race.
26-09-2006 Drukte in de haven van Muiden voor de start van de 200 Mijls Solo
29-9-2006
Vlak voor de herstart bij Lelystad (foto Piet Bakker) Eindelijk….. de Easy Going kan lezen wat de thuishaven is, al duurt dit maar tot de UK 18 (foto Frits Bartels)
30-09-2006
Onweer
Het was weer een uitzonderlijke 200 Mijls. De gezellige stuurhut van Andries Honing. (van links naar rechts Frits, Frits, Andries en Jan, fotograaf Gerrit moest via de ramen de foto maken om ons er allemaal op te krijgen) 30-09-06
Frits Brattinga |
200 mijlen 2006
Alweer een verslag met hetzelfde? Ja en nee. Ja, want weer 200 mijlen. Neen, want iedere 200 mijlen heeft zijn eigen bijzonderheden.
Dit keer de vraag of de depressies ja of nee roet in het water zouden gooien. Als het hoogdruksysteem in tact blijft dan weinig wind voornamelijk uit Z tot ZO. De route via de Noordzee van IJmuiden naar Kornwerderzand zou dan absoluut de voorkeur genieten. Het tij bepaalt dan in hoge mate de uitslag. Als de depressies doorbreken dan veel meer wind. De weervoorspellingen veranderden de afgelopen week per dag. Tot woensdagmorgen wist ik niet welke baan ik zou kiezen.
Dinsdagavond 26-9.
Na een bezoek aan de plaatselijke chinees met gelijkgestemden het palaver bij ome Ko. De noodzakelijke attributen worden uitgereikt: Logboek, cap, GPS-GSM apparaatje, en dit keer ook een fraai T-shirt.
![]() |
![]() |
Woensdagochtend:
Rond half zeven word ik wakker. Een blik naar buiten. Volstrekte rust. Hier en daar verraadt een verlicht raam enige activiteit. In de haven is het windstil. Waarom dan vertrekken? Rustig wachten tot er wat wind is. Ga toch op tijd weg. Buiten blijkt alleen de radar inzicht te geven in de omgeving. Toch beweert Lelystad uur na uur dat het zicht minstens 1 km is. De grens die in het logboek genoemd wordt als vaarverbod. Is Lelystad omgekocht door Jan Luyendijk? Is de km is gedevalueerd, of is Lelystad niet komen kijken. Even voor 9 uur vertrek richting Paard. Af en toe een schim van een medezeiler. Of is het de vliegende hollander? Komt en gaat in stilte. Het eerste rak is plat voor het laken. De spi gaat erop en kan tot aan de sportE blijven staan. Bij Lelystad valt de beslissing. Het wordt baan 3. Na een snelle schutting door naar Den Oever. Daar ga ik voor anker. Een rustige avond en nacht. Een kant en klaar maaltijd en Irish coffee toe. Aantal mijlen: 53
Donderdag: Rond 19.00 uur meer ik af in de haven van Urk. De hele tijd volgt mij een dehler met meer vasthoudendheid dan ik aangenaam kan vinden. Tot mijn niet geringe verrassing kom ik even later Jan L. met zoon Bob tegen op de kade. Dit valt samen met de aankomst van Jacqueline van de Xinia. Zij heeft een niet werkende GSM-GPS unit. Bob heeft een goed werkend exemplaar bij de hand. Even later een bezoek aan de chinees met Jan, Bob en Clemens. Onverwacht en heel gezellig. In de vroege ochtend begint een deining naar binnen te lopen. De wind was gedraaid naar ZO! Onrustig liggen.
Vrijdag: Na het ontbijt meteen maar weg. De dehler in mijn kielzog.
Hij had de genua verwisseld voor een kleinere fok. Bij mij precies
andersom. Na het passeren van de UK14 blijkt het mogelijk de spi
te zetten. Er volgde toen een soort rodeo. De snelheid liep behoor-
lijk op.
Om 7.36 uur bij de UK14 en om 12.28 bij Makkum! De wind
is pal zuid en nogal vlagerig. Ik besluit Makkum binnen te lopen.
Goed uitrusten, een stevige douche en alles gereed maken voor het
kruiswerk naar Muiden. Tot nu toe 145 Nm. Morgenochtend draait de
wind naar WZW. (zegt de windgoeroe).
Zaterdag:
Rond half acht meld ik mij weer bij de VF8. Wind genoeg uit WZW. Heel mooie wolkenluchten boven Friesland.Vlot naar Hindeloopen. Daarna opkruisen naar de VF-B. De wind neemt af en draait naar ZZW. Kom met moeite om het vrouwenzand. Genua erop en nu hoog aan de wind naar het enkhuizerzand en door naar de sport D. Onderweg in gevecht met een J92. Het is een mooie gezicht zoals die door het water gaat.Na de sluis vrolijk op weg naar de sportE. Samen met de Francis bij de OVD3. Onderweg naar de sportE zakt de wind in elkaar en gaat krimpen. Toch zet ik door naar de GZ2. Wordt kruisen met geleidelijk zwakkere wind.( 4 tot 5 knoopjes…)
![]() |
![]() |
Ga daarom weer een rustperiode nemen. Ik vaar door naar Marken.
Er is nog net een box vrij bij het Y. Morgen vroeg op.
Nog 9 mijlen te gaan.
Zondag 1 oktober:
De weersvoorspelling geeft aan dat het pas in de middag ZW wordt. Vertrek dus toch maar op tijd. De genua wordt vervangen door de 100%. Ook steek ik een rif. Rond half negen bij de MNGZ. Veel wind en vlagerig. Ben ruim voor 12 uur bij de IJM18.
Afwachten wat de uitslag brengt.
Joep Homan,
S/Y Almare.
Dagjournaal
200 myls ‘SOLO’ – 2006,
Gisteravond palaver bij ‘Ome Ko’, dit maal zonder shantykoor, en dat was ook wel gezellig.
De XMARK is weer samen met het logboek uitgedeeld, de vertrouwde pet en polo mochten ook niet ontbreken.
Zoals gewoonlijk wachtte iedereen gespannen op ‘het weerbericht’, maar dat kwam niet, in zoverre, dat er gezegd werd: “Het kan windstil worden, maar de rook kan ook van het water af slaan.” Hoewel het bericht evenveel waarde had, als hetgeen ‘Helga’ ons steeds doet geloven, vonden velen dit geen goed weerbericht.
Na het palaver nog even zitten praten met Jurgen Huizinga van de Scylla. (een ‘Kroes’, maar dan van hout) over bootjes en dus werd het laat.
27 september 2006
Vanmorgen vroeg op (06:00) en ruim op tijd om als een van de eersten te vertrekken, het lijkt wat dampig op ’t water. Na een paar klusjes toch vertrokken en de observatie vanuit de haven blijkt juist. Het zicht schommelt tussen de 100 en 400 mtr. Velen aarzelen om toch te vertrekken en dralen bij de M 1.
Wanneer de verkeerspost IJsselmeer deze 1 tot 4 nm bevestigt, vertrek ik ook (08:24).
De wind is aanvankelijk 2 maar neemt snel toe naar 3 a 4 Bft. Zowel spinakeren als de dagelijkse gang zijn te riskant met dit zicht van 1 tot 4 km, de eerste laten we dan ook achterwege en het tweede verwijnt rechtstreeks achter de hekstoel.
De beslissing om route 1 te nemen was snel & pijnloos. en zo bevonden we ons na een heerlijke zeildag om 19:35
bij de P9.
Na het “nemen” van de Schellingwouder-brug en Oranje-sluizen worden we op het Noordzeekanaal van het water gepakt door een paar muiters in nette pakjes. Aan de strepen op de epouletten is af te lezen, geen hoogwaardigheidsbekleders. (leuk als je dit apart schrijft)
Na een bloemlezing over navigatie-verlichting aangehoord hebbende, en zijn constatering, dat mijn verlichting absoluut niet door de beugel kan, mocht ik doorvaren. Die verlichting zit de afgelopen 30 jaar al zo, en wanneer dat misdadig was, dan is het nu dus verjaard..
Zonder problemen ver in IJmuiden aangelegd. Morgen zee op, lekker !
P.S. Benieuwd, wanneer die ansicht aankomt.
Ben je door Amsterdam gekomen en niet aangehouden, dan is je navigatie-verlichting in orde ……
| De oplettende lezer heeft zich op dit punt allang afgevraagd “Geen gezeur of gezever over ’trackebility’ en stroomvre-tende transponders ?” Neen, het apparaatje deed wat het moest doen. (gezellig piepen, als je erin drukt) Het ding heeft alleen de destructieve gevolgen van het zijn in mijn nabijheid niet kunnen pareren. Het clipje is d’r al af …. sorry ! |
28 september 2006
05:00 uur uit de kooi, en dat zijn dan 3 riante uren slaap. Want dat Noordzeekanaal neemt toch wel veel tijd en dat is op zijn beurt geen probleem wanneer de vloed niet zo vroeg begon.
We willen bij de Baloeran zijn op HW HvH(0:46) en dat lukt.
Wanneer je het maximale wilt halen, dan kun je voor 2 uur HW HvH al weg. In dat geval pak je niet de max. stroming op de Noordzee, maar heb je voldoende tij(d) op het wad om op Kornwerd te komen.
Leuk, dat we erg veel deelnemers van route 4 tegenkomen op de Boontjes en Doove Balg. Iets minder is dat enkelen dermate ‘Into the game’ zijn, dat ze niet groeten. Nu is dat groeten een gebruik dat snel aan het verdwijnen is en eigenlijk is dat wel jammer, want ik vraag mij af of de gemiddelde Jan Kaas wel weet, dat het ‘groeten’ niets meer is dan bevestigen dat alles goed is aan boord.
Het is dus een gebaar waar geen KNRM tegenop kan, maar dat vlaggetje hangt dan ‘Kijk mij eens maritiem bezig zijn’ ergens in het want.
‘200 mylers’ als solisten zijnde kun je niet typeren als de gemiddelde Jan Kaas, maar waarom je dan niet groet ?
De tocht was geheel bezeild en het feit, dat ik de spinaker niet gezet heb, heeft er toe geleid, dat ik niet het maximum uit route 1 heb gehaald. Meer oefenen in het donker en op zee met dat ding !
29 september 2006
Na een ‘boerennacht’ met dito tijden, dus weer gelukkig vroeg opgestaan. (Het is altijd in meerdere opzichten fijn om op te staan) Bij het startritueel valt de lonthouder, en het vissen naar dit kleinood heeft wat voeten in de aarde. (Is daar geen maritieme term voor ?) De VF 8 rond half 7 gepasseerd en zo beginnen we de lange dag ‘IJsselmeer’. Je sjokt op zo’n dag keurig van boei naar boei, de mijlen aftikkend, waarbij soms een boei niet ligt bij de verwachte plaats, (WV 5) of je moet uitwijken voor 695 meter overstekende pijpleiding. Ze zijn heel aardig, die mannen van Rijkswaterstaat, maar zeilen ?
Al spinakerend wordt ik vriendelijk doch dringend verzocht, met ingang van nu mijn koers met 90° te verleggen om zo’n leiding de vrije doorgang te verlenen. Mijn : “Dan moet je wel NU aan de kant”, was iets minder vriendelijk, dan bedoeld, maar minstens zo dringend als hun verzoek.
Na de WV 5 het dillemma : blijven we hier, of gaan we door ? We gaan door en dat was een erg frisse beslissing, want ter hoogte van Enkhuizen kwam er een onweersbui van formaat naar beneden. De buiskap, die ik ‘s-morgens nog in de Biotex had gezet, is mooi schoon gespoeld.
Bij de sportboeien is het eender als bij de WV 5. Je hebt de C al ‘geklikt’, wanneer je bedenkt: Het moest toch ‘D’ zijn ?
De reden van dit suffige gedrag is mijn manier van omgang met de GPS. Ik weet waar ik zit en dat is dan voldoende. Wanneer je dan even te vluchtig op de kaart kijkt, mis je snel. Het leermoment is dan ook: “Goed op de kaart te kijken”
Vandaag het prototype hoofdlamp gefabriceerd, welke geproduceerd gaat worden door de nu nog geheime alliantie van Tenson en Maclite met Marlow twijngaren, leveranties als alleenrecht.
30 september 2006
Na de Houribsluis voor anker gegaan, nabij de jachthaven.
Het is perfect weer, wanneer ik wakker word, wederom na 3 riante uren slaap. Net als de afgelopen dagen werden de mouwen flink weer opgestroopt, want een beetje nabruinen kan geen kwaad.
Van de OVD 3 naar de Sport E is natuurlijk maar een hupje, maar dan begint de wind langzaam af te nemen, zodat de GZ 2 wel erg ver lijkt.
Weet je wat de oude naam is van de Sport E ? Juist ja V 15 ! Als je nu iets niet wilt, dan zijn dat ‘blinde boeien’, maar als je iets helemaal niet wilt, dan zijn dat ‘blinde boeien’ met een heel klein reflectortje. Waarom vervang je dan die mooie NEK door de Sport E ?
We moeten laveeren (in oude spelling) en na de GZ 2 is het helemaal gedaan met de wind.
Bij het Paard ‘geklikt’ en overstag. Binnen 20 minuten draait de wind, zodat voor mij de IJM 18 bezeild is. Sommigen noemen het geluk
Mijn ‘4e’ uitgevaren 200 myls was weer een feest, met prachtig weer en een goed werkende XMark
Nico Benink
S/Y Brandaen
Tweehonderd mijl op zee Leeuwarder Courant, 28 september 2006
| Woensdag steken ze af, de 87 solo- zeilers die meedoen aan de 200 mijl wed- strijd over Noordzee, Waddenzee en IJsselmeer. Er doen veertien Friese deelnemers mee, onder hen Piet Bakker uit Hindeloopen en Anje Valk uit Harlingen. Maar liefst 297 zeilers blijven teleurgesteld achter, zij staan op de wachtlijstDe zeilers komen op Dinsdag om 20:30 uur bij elkaar in Muiden voor het palaver. Woensdag gaan ze van start, tussen 7 en 10 uur. Dan moeten ze goed het weer en de wind-verwachting bestuderen, want eenmaal op een van de vier routes, kunnen ze daar niet mee van afwijken.De hele reis zijn ze alleen verantwoor- |
delijk, zowel voor de weerkunde als voor de aan- en afvaart in rusthavens. Overleg met het thuisfront, bijvoorbeeld over het weer, is wel handig. ‘Vorig jaar hadden we steeds windkracht 7 a 8, toen was je steeds aan het zeilen en had je geen tijd voor andere dingen’, zegt Bakker.Uiteraard moeten schippers en jacht in goede conditie zijn. ‘Je doet het niet zomaar even’stelt Bakker. Ook zijn de nodige veiligheidsmiddelen vereist. De organisatoren Jan en zijn zonen Bob en Marco Luyendijk geven iedere deelnemer een zendertje mee. In hun kantoor kunnen ze de positie van de schepen daardoor aflezen. Bij het ronden van een ton, moet de deelnemer op een knop drukken, zodat ook te zien is of hij de ton op de juiste |
manier rondt. Bakker: ‘Geen gesjoemel, dus’. In geval van nood dient de zender als communicatiemiddel.Om ervoor te zorgen, dat de schippers niet kapotzeilen, moeten ze minimaal 27 uren rusten onderweg. In ieder geval drie periodes van zes uur, waarvan een ankerperiode. Bakker verwacht dat de deelnemers tussen zaterdag- en zondagochtend aankomen. Wie zondag na 12 uur arriveert, telt niet meer mee in het klassement.Muiden, haven, zeiltocht start woensdag 7-10 uur, zie ook www.200myls.nl, op deze zijn ook de verrichtingen van de zeilers te volgen tijdens de race. |
Vakantie Helgoland met de Fram, 12 augustus 2006
Ik heb zelf ook een prachtige tocht gehad. Ook al was ik alleen. Eigenlijk ben ik wel eens bang dat ik alleen dubbel geniet. Als ik weer terug ben van zo’n tocht heb ik gewoon de blues.Prachtig vindt ik het, de angst overwinnen om het zeegat te kiezen. Keuzes maken, die goed uitpakken. Fouten opvangen en leren. Bijzondere mensen ontmoeten die ook ooit eens zo’n solozeiler met zo’n vlaggetje ontmoet hadden in Schotland. Hoe heette hij ook weer, die boot, die boot heette Nan geloof ik. Even later heb ik Herman gebeld en hadden Herman en Klaus een warm wederhoren. Prachtig!Ondertussen vaar ik weer alleen rond Helgoland in een zee, die de Middelandse had kunnen zijn, zo mooi is het weer. In elke haven heb ik aanspraak. Hoe kan het ook met zo’n mooie boot, of vinden ze me gewoon een rare snuiter?De tocht om het Noorder haaks zal ik me lang heugen. Plat voor het laken. Lagerwal de haaks en oplopend een groot vrachtschip, terwijl ik mijn roer bijna niet meer over durf te laten aan de windvaan. Toch gedaan en de vaan deed wat het moest. Ondanks een paar bijna gijpen. Het vrachtschip opgeroepen en daar moet een zeiler hebben gezeten. “Vaar maar rustig door ik houd je wel vrij…”Ik was een potje erg dankbaar! Zes uur in de ochtend voer ik voldaan met de Fram de LKMJC binnen. Ik had er 20 uur opzitten en vele ervaringen. Veel in de praktijk gebracht wat ik in de 200 myls ‘SOLO’ heb geleerd. Niet alleen dus zeilen, maar ook de dankbaarheid en het genieten.Ed Megens, S/Y Fram |
|
|
Jan Luyendijk
Op vrijdagmorgen 28 april jl. ontving ter gelegenheid van Koninginnedag Kustzeiler Jan Luyendijk een koninklijke onderscheiding. Hij werd benoemd tot Lid van de Orde van Oranje Nassau. Jan organiseert sinds 1995 de solo zeilwedstrijd “200 Mijls Solo”. Hij werd voor deze benoeming voorgedragen door deelnemers en sympathisanten van deze wedstrijd. Onze vereniging behoort tot deze sympathisanten en het aantal deelnemende Kustzeilers neemt jaarlijks toe. Daarmee ook ons ledenaantal, want uit dit evenement kwam er al een flink aantal voort. Jan zet zich tevens op veel gebieden in voor de zeilsport. Zo vervult hij aan aantal functies bij de zeilvereniging AVOH uit Huizen en is hij wedstrijdleider voor het KNWV. Alle reden voor de burgemeester van Huizen om Jan de bijbehorende versierselen op te spelden.
|
maart 2006
Ha werkend Nederland,
Hier een groet uit de Azoren.We liggen in de jachthaven van Sao Miguel-Ponta Delgada. Het leven aan boord de Audacious, de JOD 35 van Paul Peggs, bevalt ons goed. Wel hebben we te veel wind om de 160mijl naar Horta over te steken (windkracht 6 en 8) Ons zeilersleven bestaat nu uit dagtochtjes op de oceaan. (tussen de stormfron- ten door)De golven zijn metershoog, maar dat maakt het surfen op de golven erg leuk. Het leven op Sao-Miguel is goed, veel van het eiland gezien. Op`de top van de vulcaan gelo- pen, dat is erg indrukwekkend.De heetwater bronnen bestaan inderdaad uit heet water! Dus vooral niet je vingers insteken, weet ik nu uit eigen ervaring.Gegroet koud Nederland. Wij gaan weer verder met koffiedrinken op een terras aan de boulevard van Ponta Delgada.SAIL NOW, WORK LATER DUDE!Judith & Theo (Obelix sailing team on board Audacious) |
![]() |
|
| Nieuwtjes | |
| 01-03-06 | |
Kort HISWA nieuws – Namen en coordinaten van boeien op het IJsselmeer totaal veranderd. Op de Hiswa, de Nederlandse bootshow was het even schrikken bij de Dienst der Hydrografie. Iets wat nogal rampzalig is voor elke zeil-race organisator en voor elke zeiler die dit seizoen een zeiltrip op het IJsselmeer heeft gepland.Het is fijn om te weten, dat deze watersporters alle oude hydrographishe kaarten meteen in de vuilcontainer kunnen gooien, alsmede hun plotter software en waypoints van voor het jaar 2006. De meeste boeien, namen daarvan en de coordinaten zijn veranderd en/of zelfs totaal verdwenen.De veranderingen zijn zo drastisch, dat we nog van geluk mogen spreken, dat de havens (hopen we althans) nog op dezelfde plek liggenNieuwtje 2 De zwaarste singlehanded zeilrace in en om de Nederlandse wateren de 200 myls ‘SOLO’ is weer voor de inschrijvings-opening van 01 maart 2006 al totaal volgeboekt met 90 schippers, dus ook vandaag, de 1e. maart officieel gesloten.Tweehonderdenzevenennegentig (297) schippers kregen geen startbewijs en waren daarover nogal teleurgesteld.Nieuwtje 3 Jan Luyendijk de organisator van de 200 myls ‘SOLO’ is ook trots om te melden, dat voor de 200 myls editie 2006 het Ocean Race Track programma zal worden gebruikt.Dit programma kan nu voor elke Nederlandse zeilrace en/of zeilers gratis beschikbaar worden gesteld, zodat de zeiler of zeilwedstrijdorganisatie, die van o.a. de x-trace, my-bodyguard of van de tracker van Ocean Race Track gebruik maakt d.m.v. de gps/gprs of sms signalen, visueel door het thuisfront kan worden gevolgd op het internet. Een goed veiligheidsaspect.www.hiswa.nl www.hydro.nlReacties: Gerben | ip: 86.81.184.225 06-03-06 Het is inderdaad een punt en er is de totale verwarring onder, jawel binnenschippers, zeilwedstrijd-organisaties en zeilers.Zelfs de vissen zijn totaal van slag en weten niet meer waar zij moeten paaien. |
|
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
Hand. Factor |
| 1 | 2005 | 1 | 6 | Bauke Yntema | Winner 950 * 1.35 | Catootje | Workum | 98.60 |
| 2 | 2005 | 2 | 5 | Gerben Bos | F & F 95 | Frequent Flyer | Medemblik | 91.00 |
| 3 | 2005 | 3 | 4 | Egbert v.d. Waal | Waarschip 1010 *1.90 | Fast Good | Workum | 92.00 |
| 4 | 2005 | 4 | 3 | Bart Smulders | Compromis 888 | Bondi II | Huizen | 107.0 |
| 5 | 2005 | 5 | 2 | John van der Starre | Sun Fast 37 | Happy | Scheveningen | 88.00 |
| 6 | 2005 | 6 | 2 | Pamela van der Vleuten | Seamaster 925 | Lady Blanche | Eindhoven | 108.0 |
| 7 | 2005 | 7 | 6 | Peter v.d. Schaaf | Stern 33 | Jager | Medemblik | 87.00 |
| 8 | 2005 | 8 | 1 | GertJan Kos | First Class 8 | Obsession | Huizen | 95.50 |
| 9 | 2005 | 9 | 1 | Fred Knitel | Dehler 39 | Suntiki | Blocq v.Kuff. | 85.00 |
| 10 | 2005 | 10 | 2 | Hans Colenbrander | Waarschip 1/4T *1.2 | Hebbus | Huizen | 111.0 |
| 11 | 2005 | 11 | 8 | Kees Corts | First 305 * 1.4 | Jean Dix | Huizen | 99.00 |
| 12 | 2005 | 12 | 4 | Jan Smink | Dufour 4800 | Nicky Deux | Muiden | 98.00 |
| 13 | 2005 | 13 | 3 | Gilles van Delft | Waarschip 1010 *1.90 | Lightning | Kats | 92.00 |
| 14 | 2005 | 14 | 10 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Makkum | 93.10 |
| 15 | 2005 | 15 | 5 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 86.00 |
| 16 | 2005 | 16 | 3 | Theo Hin | X-362 | Obelix | Hoorn | 88.00 |
| 17 | 2005 | 17 | 6 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 102.0 |
| 18 | 2005 | 18 | 1 | Peter van den Driesche | Dufour 35 | Vagebond | IJmuiden | 99.00 |
| 19 | 2005 | 19 | 3 | Anjo Veerman | Dehler 39 CWS*vk155 | Aurum | Amstelveen | 92.00 |
| 20 | 2005 | 20 | 6 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 99.50 |
| 21 | 2005 | 21 | 1 | Harry Vogel | Cayenne 42 | Tzigane | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 22 | 2005 | 22 | 2 | Albert de Brouwer | Waarschip 900 | ’t Waere Hout | Naarden | 100.0 |
| 23 | 2005 | 23 | 2 | Paul Peggs | Feeling 850S | Adopo | Hamble (UK) | 97.10 |
| 24 | 2005 | 24 | 9 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 25 | 2005 | 25 | 7 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 99.00 |
| 26 | 2005 | 26 | 8 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 27 | 2005 | 27 | 6 | Fred Avezaat | Dehler Optima 830 | Sun Dance Kid | Strand Horst | 108.6 |
| 28 | 2005 | 28 | 5 | Paul Heijmerink | F&F 65 | Funky Feet | Naarden | 98.00 |
| 29 | 2005 | 29 | 3 | Michiel Tasseron | Bavaria 32 | Passie | Huizen | 98.00 |
| 30 | 2005 | 30 | 1 | Age van der Bles | Spirit 32 * 1.80 | Foddebosk | Lemmer | 98.00 |
| 31 | 2005 | 31 | 2 | Riaan van ’t Veer | Mini Transat Coco | Piccolo | Lelystad | 101.0 |
| 32 | 2005 | 32 | 3 | Peter Mueller | Vision 32 | Cassiopeia | Huizen | 101.0 |
| 33 | 2005 | 33 | 4 | Ruud Kapteyn | IMX-38 | Mango | Muiden | 81.00 |
| 34 | 2005 | 34 | 6 | Kees Riemer | Gib’Sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 35 | 2005 | 35 | 6 | Jaap Homan | Spirit 32 * 1.80 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 36 | 2005 | 36 | 4 | JanKees Lampe | Puffin 50 | Little Sarah | Rotterdam | 91.30 |
| 37 | 2005 | 37 | 4 | Henk Bulthuis | J-109 | ChillOut! | Lelystad | 83.00 |
| 38 | 2005 | 38 | 6 | Arie Nauta | Grinde 820 | Scarlet | Warns | 102.0 |
| 39 | 2005 | 39 | 5 | Barend Peters | First 35 * 1.9 | Layam | Monnickendam | 90.00 |
| 40 | 2005 | 40 | 3 | Ids Witteveen | Granada 27 | Rocinant | Makkum | 108.0 |
| 41 | 2005 | 41 | 4 | Piet van der Zwaan | Dehler 34 | NN | Lelystad | 93.00 |
| 42 | 2005 | 42 | 4 | Otto Maitimu | Contrast 362 | Content | Lelystad | 91.00 |
| 43 | 2005 | 43 | 8 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Den Oever | 93.00 |
| 44 | 2005 | 44 | 5 | Bart Boosman | One Off | Alca Torda | Bergen | 117.7 |
| 45 | 2005 | 45 | 1 | Gert Hoogeveen | Bavaria 30 | Vire | Muiderzand | 102.0 |
| 46 | 2005 | 46 | 8 | Arie Petrus | First 285 *1.2 | Adventure | Almere-Haven | 104.9 |
| 47 | 2005 | 47 | 3 | Henk Euverman | Vd Stadt 34 Staal | Cygnus | Kampen | 100.0 |
| 48 | 2005 | 48 | 2 | Marjan van de Vrie | Aquila * 1,60 | Mathilde | Tilburg | 105.2 |
| 49 | 2005 | 49 | 10 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 100.0 |
| 50 | 2005 | 50 | 3 | Kees Rijniersce | Etap 26 | Baraka II | Ermelo | 109.0 |
| 51 | 2005 | 51 | 3 | Onno Benink | Koopmans One Off | Exuperantia | Zutphen | 113.0 |
| 52 | 2005 | 52 | 1 | Bart Desaunois | J-109 | J-Action | Enkhuizen | 83.00 |
| 53 | 2005 | 53 | 1 | BertJan van Delft | Waarschip 1220 | Utopia | Kats | 89.00 |
| 54 | 2005 | 54 | 1 | Piet Bakker(hn) | J-92 | Jolly J | Hindeloopen | 86.50 |
| 55 | 2005 | 55 | 2 | Bertus Buys | Standfast 40 | Sea-Beryl | Scheveningen | 88.00 |
| 56 | 2005 | 56 | 3 | Gerrit Schuur | Etap 30i | Myrlette | Harderwijk | 100.0 |
| 57 | 2005 | 57 | 6 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 58 | 2005 | 58 | 4 | EricJan Wiebenga | Vanwiele 11.10 | Indra | Zaandam | 101.2 |
| 59 | 2005 | 59 | 1 | Jurgen Huizinga | Scyth | Scylla | Kampen | 105.0 |
| 60 | 2005 | 60 | 1 | Ron Bree | First 30 * 1.7 | Serenity | Den Helder | 98.00 |
| 61 | 2005 | 61 | 7 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 99.00 |
| 62 | 2005 | 62 | 6 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy MK IV | Douwe Dabbert | Amsterdam | 116.0 |
| 63 | 2005 | RET | 5 | Frits Bartels | Contest 40 S | Easy Going | Hindeloopen | 93.00 |
| 64 | 2005 | RET | 9 | Dik Geurts | F & F 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 65 | 2005 | RET | 4 | Jon v.d. Weide | Offshore 34 | Silent Lucidity | Harlingen | 101.0 |
| 66 | 2005 | RET | 1 | Jurrien Baretta | Etap 22 *1.45 | De Vrijheid | Termunterzijl | 116.0 |
| 67 | 2005 | RET | 5 | Gio Schouten | Freedom 44 Cat | Airborne | Marken | 93.00 |
| 68 | 2005 | RET | 3 | Jaap Broer | Waarschip 725 | Di Vagi | Sneek | 111.0 |
| 69 | 2005 | RET | 6 | Guus Milani | Impala | Wigulida II | Kampen | 95.00 |
| 70 | 2005 | RET | 1 | Andre Rijnbeek | Etap 22i | On-rust | Heerenveen | 114.0 |
| 71 | 2005 | RET | 1 | Ruud Roos | Freedom 35 | Samiel | Monnickendam | 104.0 |
| 72 | 2005 | RET | 6 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 103.0 |
| 73 | 2005 | RET | 8 | Albert Broshuis | Winner 9.50 | Scheerling | Ketelhaven | 94.50 |
| 74 | 2005 | RET | 1 | Jan de Bruin | X-332 | EsXape | Scheveningen | 88.00 |
| 75 | 2005 | RET | 6 | Henjo Ruiter | Meridian | Cras factus est | Medemblik | 115.0 |
| 76 | 2005 | RET | 4 | Nico Benink | Kroes platgatkits | Brandaan | Hasselt | 113.0 |
| 77 | 2005 | RET | 1 | Ronald Boontje | North Beach 24 | Tadorna | Teroosterzijl | 117.3 |
| 78 | 2005 | RET | 1 | Harry Immink | Banner 41 | Banzare | Durgerdam | 86.00 |
| 79 | 2005 | RET | 2 | Rene Pluymert | X-332 | Libel | Lelystad | 88.00 |
| 80 | 2005 | DNS | 10 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 108.2 |
| 81 | 2005 | DNS | 7 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 82 | 2005 | DNS | 3 | Frans Hoving | Waarschip 900 | Zeebeer | Amsterdam | 100.0 |
| 83 | 2005 | DNS | 10 | Jan Luyendijk | Sun Light 30 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 84 | 2005 | DNS | 3 | Menko Poen | Spirit 28 | Laughing Gull IV | Naarden | 104.0 |
| 85 | 2005 | DNS | 7 | Jaap Verkerk | Comet 910 * 1.40 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||

| 2e. prijs | 2e. prijs | Vrouwentrofee | 2e. prijs | M 1 prijs |
| Gerben | Egbert | Pamela | Bauke | Dik |
| Bos | v.d. Waal | v.d. Vleuten | IJntema | Geurts |
Woensdag, 12 oktober 2005 21:30 uur
Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer, het voordeel in de routekeuzes en passagemeldingen door de gps/gsm-unit de X-Trace .
Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. Dat het na 4 weken met heel weinig wind, de wedstrijd met een dikke wind tot 7 Bft tot een echt zeilfestijn werd gemaakt.
Opvallend waren de tegengestelde berichten van de Kustwacht en Meldpost IJsselmeer op 29 oktober. Per saldo werd art. 10 in de convocatie, niet varen bij waarschuwing, meldpost in je vaargebied, 7 bft. door iedere schipper nauwkeurig nageleefd.
Door vele schippers werd de top-speed van hun boten gemeld. Iedereen, die zich niet had teruggetrokken of niet was gestart, had eigenlijk de mogelijkheid de race binnen kantoortijden te verzeilen.
Weer werden alle 4 routes verzeild.
6 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, IJmuiden, Oude Schild, Kornwerd.
2 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen.
56 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4, ook IJsselmeer, door
12 schippers, als de meest tactische baan werd gekozen.
Op het laatste ogenblik vlak voor de OVD 3 bij Lelystad werden er nog routekeuzes veranderd. Wat het gevolg was van deze tactische (route)keuzes, blijkt uit de eerste 2 plaatsen en verder, dat in route 4 er geen uitvallers (RET) zaten.
Dan de GPS/GSM-units X-Trace, welke door XMark BV werden geleverd en gesponsord. Razend enthousiast waren de fans en het thuisfront, die nu hun favoriete schippers, life op internet konden volgen, als zij hun merktekenpassages doorklikten.
De te korte termijn voor diverse schippers om gewend te raken aan de units (met sigarenaanstekerplug) en om deze correct aan het boordcircuit aan te sluiten of in een stroom af en stroom aan situatie zaten, veroorzaakte een verschil in reeele wedstrijd uitslagen op de finishdag.
De wedstrijd/passagetijdgegevens van de logboeken werden volgens de convocatie weer toegepast en als bewijslast de meldingen van de X-Trace.
In ieder geval zijn we zo razend enthousiast voor wat de X-Trace met Mark Wilbrink van XMark voor de 200 myls ‘SOLO’ heeft gebracht, dit in verband met de directe verslaggeving en ….. veiligheid, zodat we absoluut naar een mogelijkheid zullen zoeken om deze X-Trace als basis voor alle toekomstige wedstrijden aan te schaffen.
Veel prachtige digitale fotosessies werden er gemaakt. Ruim 30 vergrotingen in A4 formaat werden grif door de schippers na de prijsuitreiking van het wandbord gehaald.
Graag had ik ook nog de foto’s van andere schippers ontvangen, zodat we daarvan een gezamelijke cd kunnen branden om tegen kostprijs te kunnen verdelen.
Er waren talloze positieve en sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en ….. vooral van het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 4 weken ruim 160.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden, van hun favorieten nauwlettend in de gaten en hadden al snel ontdekt, dat men in de X-Webmap met een ‘request location’ de positie van de schipper van op dat moment kon opvragen.
De opgevraagde positiemeldingen werden ook op de sites van de solo-schippers zelf kenbaar gemaakt, wat af en toe tot wat verwarring leidden.
Onderweg naar Muiden op dinsdag 27 september bedenk ik me dat ik dit jaar toch echt een gooi naar de winst moet doen. Na de laatste 3 jaar 2 x 4e en vorig jaar 3e moet het toch een keer mogelijk zijn om te winnen. Nou ja vanavond/ morgen eerst maar eens de juiste route keuze maken en als dat goed uitpakt dan gewoon zo hard mogelijk varen. Ik neem me voor om hard te duwen en geen fouten te maken. Ik heb dit jaar ondersteuning van Menno Sappe die mij op de hoogte gaat houden van de wind voorspelling. Menno blijkt voor mij een belangrijke ondersteunende factor te zijn, zowel op het gebied van weersinfo en mij scherp te houden.
Na het palaver rustig op de boot met de verschillende routes zitten te puzzelen.
Het zou 1 of 3 moeten worden. Maar route 1 is risicovol. Dus waarschijnlijk route 3. Ik zie het morgen nog wel even aan als ik de laatst weersinfo heb.
Om een uur of 1 nachts lig ik nog wakker in bed en denk nog eens over de routes na. Er wordt donderdag NW 5/6 voorspeld. Ik spring uit bed. Toch route 4 nog eens bekijken. Ik kom er achter dat route 4 toch meer bied dan 3 met nw op donderdag.
Woensdag 28 september
Ik vaar vroeg uit de haven om ruimte te maken voor de overige deelnemers.
De wind is nog zwak en ik wacht eerst nog een half uurtje. Om 7.43 uur gestart. Twijfel nog, nog geen wind genoeg eigenlijk, maar de spi staat al en besluit maar te starten in de wetenschap dat de wind zal toenemen en ruimen. Na pampus neemt de wind iets toe.
We lopen al gauw boven de 6 knopen. Als er een bui over komt gaat het even flink waaien. Door tijdens de vlagen af te vallen kan ik de spi er net op houden. veel spinakers van de concurrenten gaan er af. Zo loop ik voor het paard verschillende boten voorbij.
Bij het paard even de spi eraf na de GZ2 gaat hij gelijk weer omhoog. Kan ik hem er tot de nek op houden? De wind zal gauw gaan ruimen. Na 20 minuutjes ruimt de wind snel en haalt ook aan.
Ik kan de spi er niet meer voor houden en besluit deze er halve wind af te halen. Hoe weet nog niet. Na wat mislukte probeersels besluit ik hem maar onder de giek door te halen. Na 10 minuten zweten en ploeteren heb ik hem binnen.
De fok er bij en door!! Ik zit Kees Corts op zijn hielen. Na de nek boei richting Lelystad is het eigelijk weer een spinakerrak. Ik kijk het eens aan, 130 graden schijnbaar, 20 tot 23 knopen schijnbaar. Moet kunnen! Ik had de spi in het vorige rak al klaar gezet en ik besluit hem te zetten! Na 2x om de voorstag en 2x uit het roer te lopen te zijn heb ik hem ondercontrole en spuiten we met 8.5 tot 10 knoppen er door. Ik loop Kees Corts voorbij. Dit betaald uit!
0.8 mijl voor de OVD3 haal ik de spi er af en dat gaat zonder problemen. 11.54 uur de OVD3 geklokt.
Ben inmiddels zeker van route 4 en de wind gaat tegen de avond krimpen naar zw en ik heb reeds besloten dat ik na de sluis het anker er in gooi en rust tot 18.00 / 19.00 uur .
Menno zijn voorspeling komt exact uit. Tussen 18.00 en 19.00 uur krimp de wind weer naar ZW en trek weer aan. Een ideale wind om halve wind naar Medemblik te varen.
18.55 uur de EZ29 gerond en op weg naar Medemblik. Het gaat weer hard. In de vlagen moet ik het grootzeil iets laten vieren om niet uit het roer te lopen. De snelheid zit constant boven de 7 knopen! Ik heb zelf een waypoint in gevoerd om zo dicht mogelijk langs het Enkhuizerzand te kunnen varen. Voorgaande jaren ging ik er ook wel overheen, maar het schijnt al winterpeil te zijn en dan wordt het wel erg krap. Als ik de boeitjes van het Enkhuizerzand passeer loopt de diepte meter snel op naar 1.6 m. Ik zou toch nog net in het 2 meter diep stukje van de uiterste betoning moeteen zitten. De snelheid loopt terug naar ruim 6 mijl door de zuiging. Plotseling geeft de diepte meter nog maar 1.4 m aan. Gelijk voel ik de kiel de grond een paar keer raken.
Shit wat nu? Terug of afvallen? In een seconde neem ik het besluit en trek het grootzeil flink door om meer heling te maken en maar te hopen dat ik er overheen kom. Na zo.n 50 meter zo nu en dan over de grond geschuifeld te hebben loopt de diepte meter weer op en kan ik weer opgelucht adem halen. Als ik later mijn waypoint controleer blijkt dat ik een druk fout in de coordinaten heb zitten waardoor ik 1 mijl zuidelijker zat dan gepland!
In de buurt van de GZ1 kom ik veel collega’s tegen die route 3 doen en onderweg zijn naar Enkhuizen. Het is inmiddels donker en kan niet meer onderscheiden wie ik tegen kom.
Boven het vogeleiland neemt de wind iets af maar het blijft hard gaan. 21.51 uur de WP8. Als ik dat snel bereken is dat een gemiddelde van 7.1 over dit rak! De eerste dag ging in ieder geval al goed. Ik heb naar Bob Hanenberg (havenmeester van haven bij het regatta centrum) gebeld en gemeld dat ik vanavond nog aan kom. Ik mag wel aan de meldsteiger gaan liggen.
Nog contact met Menno gehad en samen besloten om de volgende dag rond 9.00 uur te starten bij de WP 8 en tot Urk door te varen.
Donderdag 29 september
S,ochtens na het ontbijt even bij Bob in het havenkantoor bij gepraat en nog enkele weersites bekeken. De verwachtingen komen overeen met wat Menno al aangaf.
Er ligt een solozeiler voor anker net buiten de haven. Het blijkt Gert Jan Kos te zijn. Ik zie dat hij het anker licht en ik moet ook opschieten, want 9.00 uur starten bij WP 8 haal ik niet meer.
Ik heb tel.contact met Menno. Hij zegt dat ik moet opschieten en moet zorgen dat ik voor 17.00 uur bij UK 16 ben! Nou dat knoop ik in mijn oren en ik zal mijn best doen. 9.21 uur WP 8 gestart. Gert Jan Kos voer eerst voor mij uit naar de boei maar wisselt nog een fok voordat hij start. Het waait weer lekker hard 19 tot 26 knopen. Ik moet toch maar een rif zetten want ik loop te vaak uit het roer. De snelheid blijft goed en zit weer constant ruim boven de 7 knopen. Gert Jan volgt mij en ik zie dat hij me niet echt in loopt. Bij Makkum zie ik enkel scheepjes voor me uit de haven komen en starten bij de VF04. Dat zijn dus deelnemers die ook route 4 doen.
Bij de VF04 aangekomen een storm rondje gemaakt en snel het rif er uit gehaald. De koers is nu ruimer. Ik heb ben moe van het sturen en heb het wel even gehad. Ik stel Tjeerd onze bouwvaan in en laat deze voorlopig sturen. Zo kan ik even rustig plassen, eten en drinken. Even tijd voor mijzelf. Na een uurtje bedank ik Tjeerd voor zijn diensten en ga weer fanatiek zelf sturen. Scheelt toch zo een paar tienden van een knop!
Ik krijg zo nu en dan een bui over met 27 tot 36 knoppen wind. Bij de eerste 2 buien heb ik het rif er net op tijd in zitten en kan ik de wind stoten aardig opvangen. Bij Enkhuizen GZ2 is het even rustig voor de bui en kan ik gijpen. Ik zie dat ik duidelijk ben in gelopen op het groepje boten voor me.
In het rak richting lemmer krijgen we nog 2x een bui over. Bij de eerst bui ben ik te laat met reven en sta te kloten met een vast geslagen smeerreep om de giek. met een half gereefd zeil besluit ik eerst maar in de bui door te varen. Als de wind afneemt lukt het me om de smeer reep los te krijgen. Lemmer komt al in zicht maar er dient zich nog een bui aan. Ik besluit nu niet te reven maar af te vallen tot ruime wind. Dit is cool!!! 35 knopen schijnbare wind en dan er lekker door spuiten! Na de bui loef ik weer op en zie dat ik de eerste van het groepje boten voor mij al aardig ben genaderd. Het is Pamela die ik nog voor Lemmer voorbij schuif.
Door een vlottere boei ronding ga ik Kees Riemer met de Poespas voorbij.
Het blijft heerlijk hard gaan en met die bootjes voor me blijf ik hard duwen om ze nog voor Urk te passeren. ETA UK 16 rond 17.00 uur. Menno, het gaat nog lukken ook!! 17.02 uur UK 16 gefinshd! Het is gezellig druk bij de boei. Er zijn ook veel route 3 deelnemers die nu naar Urk gaan.
In Urk naast Arie Nauta gaan liggen. Ik nodig Arie en Gert Jan uit voor het diner. Als je nu kookt voor één of meerdere personen dat maakt niet uit. En vooral voor Gert Jan die weinig luxe aanboord heeft is dit een welkome uitnodiging. Gezellig met zijn drieen gegeten en daarna lekker gedoucht, nog een borrel en vroeg in de kooi. Dit mijn 6e 200 myls maar ik ben nog nooit zo goed aan mijn nachtrust gekomen. Normaal had ik nog wel eens last van onrustige nachten waar ik slaap maar niet kon vatten. Dit jaar geen enkele last en ben elke ochtend fit om er dan weer fanatiek tegen aan te gaan.
Vrijdag 30 september
Er zijn al verschillende deelnemers die vroeg vertrekken. Een paar deelnemers blijven wachten waaronder ik. Met Menno contact gehad en die adviseerde me pas na 11.00 uur te starten. Vandaag gaan we tot Breezandijk.
Om 10.55 gestart. het waait nog niet echt hard. Weer halve wind naar de …. (zw). Naar de vz wordt hoog adw net aan te lopen? Na 10 minuten komt de voorspelde wind door en het is weer ragen met voltuig. Regelmatig het zeil laten vieren om niet uit het roer te lopen. Weer ruim boven de 7 knopen! Na het ronden van de ??? aan de wind naar de ?? het is net een knik in de schoot. In het vorige rak al 1 rif gestoken maar de 2e kan er ook wel bij. door dat we een knikje kunnen varen blijven we tussen de 6.7 en 7 mijl adw lopen! Het gaat heerlijk!!
Na het ronden van de VZ?? gaan we met een bakstag wind naar de sport B. Het waait nog steeds hard. Windkracht 6 en het water is hier voor het vrouwenzand erg onrustig. Ik besluit de spi niet te zetten. (achteraf spijt van) Ik boom de fok uit en dat gaat in het begin best aardig.
Na een uurtje vind ik toch dat het harder moet. Ik hijs daarom de halfwinder er bij. Dit gaat beter. Finish om ???? bij de sport –b . Benm nog wat onhandig aan het klungelen met de halfwinder voor ik die binnen heb ben ik al erg dicht bij afsluitdijk. Het grootzeil op doeken aan lagerwal met flinke wind en golfslag blijft altijd een hele toer en kost weer flink zweet.
Binnen in Breezandijk is het al aardig druk. De hele route 4 ploeg ligt hier zo’n beetje. We hadden met Arie afgesporken dat we vanavond bij hem zouden eten, maar deze ligt voor anker en ik kan naast Bart Smulders gaan liggen. We liggen 4/ 5 dik aan een werkschip.
Gerben Bos kom nog wat later binnen en gaat weer naast mij. Gerben heeft wel op spi gevaren en heeft erg hard gevaren. Via de zijn thuisfront worden we op de hoogte gehouden van de stand.
Van de route 4 deelnemers liggen de eerste 3 toevallig naast elkaar. Bart 1e Gerben nu 2e en ik 3e van route 4. Gerben stond vanochtend nog achter me en heeft blijkbaar over deze dag toch beter gevaren dan ik. Ik verbaas me ook hoe goed bart Smulders het met zijn Compromis doet. Ik ben niet helemaal tevreden over mijn voorlopige resultaat.
Van Menno krijg ik door dat ik na 3 dagen een gemiddelde snelheid van boven de 7 knopen heb gemaakt! Dat zou toch snel genoeg moeten zijn. Ik leg me er voorlopig bij neer dat er nog anderen zijn die met deze wind het ook erg goed doen, en dat ik het zeker nog niet gewonnen heb. Na een goede maaltijd weer contact met Menno.
De wind ruimd morgen ochtend vanaf 5.00 uur naar het noorwesten en blijft hard 5 tot 6. Menno adviseert om vroeg te vertrekken. Ik wil dan ook tussen 5 en 6 uur vertrekken. Gerben lgt naast me maar heeft geen haast en de ander deelnemers willen om 7??? uur vertrekken. We besluiten om dan gezamenlijk dan morgen maar om 6.30 uur te vetrekken. Achter af heb daar de volgende dag wel spijt van.
Bauke IJntema (Catootje)

| 2e. prijs Gerben Bos |
3e. prijs Egbert v.d. Waal |
Vrouwentrofee Pamela v.d. Vleuten |
1e. prijs Bauke IJntema |
M 1 prijs Dik Geurts |
200 myls ‘SOLO’ 2006 januari 2006 – door: Peter v.d. Schaaf
Dit jaar doe ik voor de vijfde keer mee aan deze solo wedstrijd voor kajuitjachten.
Nou ja solo is wel een groot woord want de sociale saamhorigheid is dermate groot dat je nooit het gevoel hebt dat je alleen bent. Je vaart je boot alleen, maar daarna is het sologevoel wel weg.
De 200 myls ‘SOLO’ is een wedstrijd die 200 mijlen duurt, verder moet je tenminste een drietal rustperiodes aanhouden van minimaal 6 uren, terwijl de minimale rusttijd 27 uren is. Kortom aan rusttijd geen gebrek.Op dinsdag vaar ik de boot van Medemblik naar Muiden. Ja waait hard, tot aan Enkhuizen is dat geen probleem, want dat is bezeild en schiet het lekker op. Op het Markermeer staat de wind pal tegen, ik besluit het stuk maar te motoren om zo nog een beetje op tijd in Muiden te zijn.
Er staat 25 knopen wind en op de korte golfslag maakt de boot geweldige klappen. Ondertussen begint het nog te regenen ook, zodat de stemming behoorlijk daalt.
De boot is een one off naar een ontwerp van Peter Bosgraaf. Het casco is in Estland gebouwd en de verdere afbouw heb ik eigenhandig gedaan. De boot is 10 meter lang, 3,37 meter breed en steekt 2 meter.
De boot is ontworpen als high performance cruiser, in gewoon Nederlands betekent dat de boot akelig snel is. Om dat te bereiken is er alles aan gedaan om het gewicht zo laag mogelijk te houden. Een voorbeeldje het interieur is gemaakt van schuimplaten met een fineerlaagje. Dat gecombineerd met een fors zeiloppervlak resulteert in een boot met een hoog snelheidspotentieel met name op de ruime windse rakken. Wel betekent het dat de rating navenant zwaar is en dus zul je ook snel moeten varen.
Dinsdagavond is er het gebruikelijke palaver bij Ome Ko. Teveel mensen op een te kleine plaats, ik hou er niet van. Dit jaar krijgen we een geavanceerd GSM/GPS apparaat mee die onze posities naar het regattabureau zendt. Eén druk op de knop en de boeipassage wordt doorgegeven.
Handig en van dat geklooi met de wegwerpcamera ben je af. Later zal blijken dat het systeem niet onfeilbaar is. Op moment van schrijven staat Egbert van de Waal op de zesde positie terwijl volgens zijn eigen logboek een derde plaats zijn deel is.Dag 1 woensdag 28 september
Op de woensdagochtend wekt de wekker mij om halfzeven. Het week lijkt rustig, al kun je daar in de haven niet altijd op vertrouwen. Er is nog weinig animo om te vertrekken, rond kwart voor acht gooi ik de meerlijnen los en start onder spinaker om 7.59 uur.
Niet erg slim achteraf, wachten op meer wind werd beloond.
Tot aan het Paard van Marken kan de spinaker blijven staan, daarna tot Volendam is het te hoog voor het rode gevaar en gaat hij in de kajuit. Om het snelheidsverlies te compenseren denk het cardinale boeitje bij het Paard wel af te kunnen snijden. Vorig jaar ging het immers ook. Nou nu niet dus, met een paar verontrustende klappen loop tegen iets erg hards aan. Albert de Brouwer van ’t Waere Hout, die enkele tientallen meters voor me vaart, kijkt verschrikt achterom. Gelukkig blijft de boot niet haken en kan ik mijn weg vervolgen.
Na de MN1GZ2 is het rak naar de NEK boei aan de beurt. Snel staat de spinaker weer, maar er zijn buien op komst waarin de wind en toeneemt en behoorlijk schift, zodat het niet verstandig is de spinaker te laten staan, dus na een kwartier ligt hij weer in de kajuit. Na de Nek is het door naar Lelystad, het waait circa 20 knopen de wind komt schijnbaar 130 graden in, maar ik ben te schijterig om de spinaker te zetten, bovendien het loopt wel lekker; zo’n 8 knopen is niet verkeerd en in de surf loopt de snelheid op naar 10 knopen. Bovendien haal ik Bouke Yntema, die wel spinakerd in, dus waar maak je je druk om.
Fout, dit kost minuten.
De routekeuze dient nu gemaakt te worden; route 1 en 2 vallen af in verband met de windverwachting voor de donderdag. Men verwacht 7 Beaufort en bij deze waarschuwing mag niet worden uitgevaren. Verder lijkt route 2 niet gunstig omdat de wind donderdag uit het zuidwesten zal komen en dan moet je op zee kruisen. Nee volgens Egbert, Albert en mijzelf is route 3 of 4 de keuze dit jaar, helaas geen stroomvoordeel dit jaar. Na de sluispassage besluit ik voor route 3 te kiezen, het rak naar de WP8 (route4) is hoger aan de wind dan de WV14 en daarna kun je mooi halve wind naar Enkhuizen. Het waait nog steeds 20 knopen en met een rifje gaat het naar Den Oever.
Ik start bijna gelijktijdig met Frits Bartels van de Easy Going. Na een tijdje zie ik hem veel hoger varen en begin ik argwaan te krijgen als ik recht op Stavoren lijk aan te sturen. Caramba, de verkeerde boei staat actief in de GPS, nu moet ik veel hoger varen om de WV14 te halen, gelukkig is het nog bezeild. Ik kom een paar minuten voor Frits bij de boei en daarna gaat het rif eruit en is het rak naar Enkhuizen prachtig bezeild. Zo mooi dat ik vergeet op te letten en vast loop op de Kreupel. Het lukt om de boot te laten gijpen en door de ontstane helling komt de boot langzaam los van de plaat.
Bij de EZ1KG2 vind ik het genoeg voor vandaag, er worden veel buien met zeer veel wind verwacht voor de komende nacht, dus ik meer veilig af in de Compagnieshaven. Bart van de J-action helpt me bij het aanmeren en we kletsen nog even na over dit mooie zeildagje.
Allengs loopt de haven vol, het lijkt wel of de hele vloot voor route 3 heeft gekozen, zo druk is het. Albert en Jaap Broer van de Di Vagi liggen naast me en samen met Egbert nemen we de dag nog even door. Egbert is het laatste gestart en heeft veel voordeel gehad van de toenemende wind.
Het loont om te wachten op wind.
Dag 2 donderdag 29 september
De volgende ochtend worden we gewekt met de beloofde windwaarschuwing 7 Beaufort. Wachten dus. In de haven lijkt het alsof het met de wind wel meevalt. Als om kwart over acht kanaal 1 niet meer waarschuwt voor windkracht 7, maakt een ieder aanstalten om los te gooien. Het deert ons blijkbaar niet dat de windverwachting 6 tot 7 is.
Omdat ik aan de steiger lig ben ik laat op het water, de helft van boten voor is weggegaan zonder rif, maar al snel besluiten ze dat deze zeilvoering toch echt teveel is voor een aan-de-winds rak naar Sport B. Zo kan ik de kunst afkijken en in de luwte van de bomen het eerste rifje zetten. Ik start vlak achter Egbert met de Fast Good een waarschip 1010. Ooit was ik de trotse bezitter van een dergelijke boot en weet daarom dat een aan-de-windse koers niet tot favorieten van een 1010 behoort.
Na een aantal mijlen heb de 10 minuten dan ook goedgemaakt, daarna krimpt de wind echter en kan de Sport B met een kleine knik in de schoot worden bezeild. Op deze koers is een 1010 met 25 knopen wind slecht te verslaan. Urk is het volgende doel, tot aan Stavoren is het halve tot ruime wind en Egbert blijft zo’n 2 minuten achter mij hangen. Ik kan dat rooie ding maar niet kwijtraken. Voorbij Stavoren wordt het plat voor het laken, echter door buiige karakter van het weer durf ik de spinaker niet te zetten. Wel als een mijltje of vijf voor Urk de wind iets afneemt besluit ik het rif uit het grootzeil te halen. Op het moment dat de wind iets afneemt loop ik weg bij Egbert, neemt de wind weer toe komt Egbert ook weer dichterbij. Gelukkig voor mij blijft de wind vlakbij de UK16 wat weg en kom ik eerder bij de boei. Omdat het rak naar Medemblik niet bezeild besluit ik maar te blijven liggen, dat denkt ook de halve vloot want het is druk in Urk.
De kade waaraan we liggen is een ramp, de Sahara is er niks bij. Samen met Albert en Egbert willen we visje gaan halen, maar dan blijkt Urk toch niet het vissersdorp van Nederland te zijn; na zeven uur is alles gesloten wat ook maar iets met vis te maken heeft. Toch blijkt Egbert weer op handicap- sneller te zijn dan mijn racemonster en dat knaagt.
Een Waarschip 1010 is zo gek nog niet.
Dag 3 Vrijdag 30 september
Op vrijdag word ik wakker van gestommel op mijn dek. Het is halfacht en er is weinig wind, welke idioot is er nu zo gek om nu al te vertrekken. Wanneer ik mijn hoofd uit het luik steek is Albert al druk bezig om los te gooien. Wel potverdorie. Hij is jarig vandaag en had mij nog een ontbijtje beloofd. Dat loop ik nu mis. Later zal Albert verkondigen dat hij een prachtig relaxed zeiltochtje heeft gehad. Met Egbert, die naast me ligt, bomen we over de juiste vertrektijd. Het thuisfront van Egbert meldt dat later in de ochtend de wind gaat toenemen. Om halfelf waait er een mooi viertje en om elf uur word ik onrustig en besluit te vertrekken.
Achteraf toch weer te snel, want een uur later staat er een nog mooier vijfje. Het rak naar Medemblik is overigens wel heel erg mooi. Halve wind en de snelheid ligt continue zo rond de 8 knopen. De ene na de andere boot wordt ingehaald. Dan plotseling circa 3 mijl voor de WP8 een luide knal, de giek schiet omhoog en weg snelheid. Eerst denk ik dat er iets met de mast is. Gelukkig niet, dan zie ik dat een carbon wartel die de giekneerhouder met de mast verbind compleet doormidden is gescheurd. Met een verschrikkelijke twist in het grootzeil maak ik het rak af en besluit naar Medemblik te varen. Ik denk namelijk nog een wartel in aluminium te hebben liggen, alleen past deze niet goed. Snel op de fiets naar huis en de wartel op maat gezaagd en gevijld. Het spul weer monteren en ik race weer. Nog geen drie uurtjes later ben ik weer bij de WP8. Intussen denk ik dat de wind is afgenomen en besluit de heavy spinaker te zetten, het immers bijna plat voor het laken. Al snel blijkt dat het een tijdelijke winddip is geweest en halverwege neemt de wind toe tot 25 knopen. De boot gaat fantastisch, blijft goed sturen en gaat steeds meer versnellen.
De GPS geeft continue snelheden van 9, 10, 11 knopen aan. Zo nu en dan begraaft de boeg zich in de volgende golf, met als resultaat een spray van water over het dek. Dan gebeurt het een flinke vlaag en een prachtige golf, roerdruk minimaal en de boot blijft maar versnellen. 10, 11, 12, 13……….en dan 14 knopen bootsnelheid. YESSSSSSS. Het lawaai is niet van de lucht, de boot ramt gewoon door het water. De VF4 komt naderbij en dan zit ik toch met kromme tenen aan het roer, de waterdiepte is daar slechts 2,2 meter en de boot steekt 2 meter en met 10 knopen aan de grond lopen lijkt mij niet prettig. Ik besluit de spinaker 3 mijl voor de boei weg te halen. James aan, loef los, lijschoot pakken en rustig de val vieren. Binnen 30 seconden ligt de spinaker in de kajuit. Zo, dat is weer een probleem minder. Oploeven naar de geul en volgens voor de wind naar de boei. Het scheelt wel wat snelheid, maar safety first.
Over het rak doe ik één uur en drie kwartier: 9 knopen gemiddeld. Op de steiger verwonderde blikken waar ik nu weer vandaan kom.
Ik was toch veel eerder vertrokken? Op rating pak ik Egbert eindelijk: 2-1. We vieren Albert’s verjaardag op ’t Waere Hout, samen met Egbert en Fred Knitel. Schade levert soms ook wat op.
Voorlopig lig ik aan de steiger, maar ik moet nog 6 uren ankeren. Ik val in slaap en wordt om één uur wakker. Het waait nog steeds stevig en het miezert. In het Makkumerdiep gaat het anker de plomp in, krabt en de boot loopt vast. Met veel moeite krijg hem weer los. Tenslotte houdt het anker en keert de rust terug.
Dag 4 Zaterdag 1 oktober
Op zaterdag lijkt de wind gunstig om in één keer naar Muiden te varen. Om circa halfnegen vertrek ik weer. Het rak naar Hindeloopen is eerst mooi bezeild maar naarmate de tijd vordert krimpt de wind iets, hierdoor wordt het rak naar Stavoren nog maar net bezeild.
Na Stavoren kan ik afvallen en gaat de spinaker ervoor. Het is wat hoog aan de wind, maar met de heavy spinaker (reacher) gaat het net. Wel moet ik in vlagen flink afvallen. De wind gaat steeds meer toenemen tot 15 knopen en krimpt nog meer, hierdoor is de HR-B niet meer bezeild met de spinaker en besluit ik hem eraf te halen.
Bij de boei zie ik een mededeelnemer worstelen met zijn gennaker. Hij probeert deze aan de wind zeilend eraf te halen, maar dat gaat niet erg vlotjes. Het schutten duurt even omdat er iets met een stroomstoring aan de hand is. Het wordt door het oponthoud ook erg druk met al die japannertjes. Door de krimpende wind is de NEK boei bijna bezeild dus dat is gunstig. Ik de trim de zeilen geheel vlak en loop verschrikkelijk hoog ten opzichte van de overige deelnemers. Uiteindelijk moet ik een slagje van één mijl maken. Daarna is het via Volendam naar Muiden bezeild. Het is een lange dag en hoewel de spinaker er langs de dijk van Marken er waarschijnlijk op had gekund, laat ik deze in de zak zitten. Om 19.25 uur finish ik bij de IJM17. Het zit er (helaas) weer op. In de stichtingshaven krijg ik een leuk plekje. Het is alleen jammer dat de schipper die via mijn achterdek op de kant moest komen, verzuimde te vertellen dat hij de antenne van de weerontvanger heeft gesloopt.
Met Truus en Egbert pak ik op de goede afloop een chinees. En onze strijd, och die bijl hebben we maar begraven.
Je leert je boot steeds beter kennen.
Naschrift.
Uiteindelijk levert een competitie tussen drie boten wel wat op. Albert eindigt uiteindelijk op rating op een 21 ste plaats, ikzelf op een zevende, met maar 50 seconden verschil met nummer 6 en Egbert doet het fantastisch met een derde plaats.
Meer informatie op www.200myls.nl
Peter van der Schaaf
S/Y Jager
’10 jaar 200 myls ‘SOLO”door Ad Beringen :’de Drietand’, 33e. jaargang, nr 8, december 2005,Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers
|
http://www.schuttevaerrace.nl/
Motivatie om mee te doen aan de Schuttevaer race – 2006 Overgenomen uit :http://www.schuttevaerrace.nl
Mijn motivatie…… daar moet ik eens goed over nadenken. Met welke sport dan ook doe ik graag in de voorhoede mee, bij de Schuttevaerrace is dit meestal niet het geval dus dat kan het niet zijn. Ook wanneer ik terug kijk op de andere Schuttevaerraces weet ik dat ik niet voortdurend aan het genieten ben. Soms vervloek ik die gekke wedstrijd en zou wat graag de motor willen starten. Dus dat kan het ook niet zijn. Wanneer de fietser in Harlingen zijn traject gefietst heeft en we moeten vertrekken ben ik moe, eigenlijk nog helemaal nog niet geslapen, en door en door koud.
Een slecht gevoel en niet bepaald motiverend. Ook wanneer ik merk dat, wanneer we langs de Pollendam Harlingen weer verlaten, de wind zo is gedraaid dat juist wij nu weer moeten opkruisen word ik niet bepaald vrolijk. En wat te zeggen van het laatste “rakje” naar de kardinaal vlak boven Vlieland, deze ligt altijd veel verder weg dan je ook ooit maar in kunt schatten. Om dan nog maar niet te praten over het rakje daarna wanneer je waarschijnlijk net stroom tegen krijgt. Niet veel maar net genoeg om Vlieland nét niet te halen want uiteraard is in dat latere avonduur de wind ook wat afgezwakt. Dan kun je ook wel nagaan dat de loper al uren klaar zit in zijn maillotje en denkt dat hij “zo” de wal op kan en zijn truckje mag doen. Ook zijn motivatie krijgt dan wel eens een deukje.
Dus wat mag dan wel niet mijn motivatie zijn om voor de 7e keer mee te doen?! Wel weet ik dat ik sta te kicken wanneer ik in het donker met een ruim koersje van Vlieland naar Harlingen zeil, ook al komt de regen met bakken uit de hemel. Mijn jas en capuchon stijf dicht getrokken alleen een spleetje over om het nodige te kunnen zien. En genieten van een kippepootje wanneer de meeste normale mensen allang op één oor liggen. Mijn vrouw zegt ook wel eens dat ik mij na moet laten kijken, want een dergelijke “passie” is niet normaal. Maar ja, nu die motivatie, ik zou het niet weten. Misschien dat we eens moeten informeren naar een groepskorting voor een psychologische check. Misschien zit het wel in ons nieuwe ziektekosten pakket. Ik zal het eens opzoeken.
Met vriendelijke groet Piet Bakker – Hindeloopen – S/Y Jolly S
BAUKE YNTEMA WINT 200 MYLS SOLO
Bauke Yntema uit Workum is met zijn jacht Catootje, een Winner 950, winnaar geworden van de tiende 200 myls ‘SOLO’. In 2004 won Yntema al het brons. Gerben Bos met een F&F 95 won het zilver en Egbert van der Waal met een Waarschip 1010 sleepte het brons in de wacht. De vrouwentrofee ging dit jaar naar Pamela van der Vleuten. De gouden M 1-prijs werd gewonnen door Dik Geurts.
De weersomstandigheden tijdens de race, die eind september/be- gin oktober werd gehouden, wa- ren fantastisch.
Na 4 weken met heel weinig wind, kwam juist tijdens de wedstrijd een dikke wind tot 7 beaufort op- zetten.
Opvallend waren de tegengestel de berichten van de Kustwacht en Meldpost IJsselmeer op 29 ok- tober.
Dankzij de gps/gsm-units de X-Trace, die door XMARK bv werden geleverd en gesponsord, konden fans en familieleden de deelnemers thuis op internet nauwlettend volgen, tenminste als de deelnemers tijdens hun wedstrijd hun merktekenpassages doorklikten.
De te korte termijn voor diverse schippers om gewend te raken aan de units en om deze correct aan het boordcircuit aan te slui- ten, veroorzaakte een verschil in reële wedstrijduitslagen op de finishdag.
De volledige uitslagenslijst van de tiende 200 myls ‘SOLO’ is te vinden op de website van het evenement: www.200myls.nl
Aan de tiende 200 myls op het IJsselmeer en de Wadden namen in totaal 76 boten deel. Daarvan zijn er uiteindelijk 59 gefinisht.
door: Herman Tieman
S/Y Nan Verdwaald in Petit Bateau
Pettit Bateau,een Engelse club zeilliefhebbers, die zich inzet voor het shorthanded tour/wedstrijdzeilen op zee.
Goed idee .
Boten vanaf 30ft. Kunnen zich inschrijven maar kleiner is niet per definitie uitgesloten.
Omdat ik mijn 28 footer voldoende zeewaardig acht en het vaargebied een beetje ken, besluit ik in te schrijven.
Mijn inschrijving wordt geaccepteerd en na het overmaken van 150 engelse ponden, definitief.
Tot mijn grote vreugde zijn er nog 2 andere 28 ft’s die hebben ingeschreven. Dat belooft dus een leuk mini competitie veldje te worden
Deze boten, verdwijnen na enige tijd, om wat voor reden dan ook, uit de inschrijvingslijst. Weg competitie…….
Toch heb ik er wel zin in. Ik maak mij echter weinig illusies over het wedstrijd element als ik de overige deelnemers op de lijst bestudeer; Grote “petit bateau’s “,hightech uitgerust .
Op 11 juni verlaat ik mijn thuishaven, de Blocq van Kuffeler, richting Lymington, waar op 19 juni de start van de PB zal plaats vinden.
Mijn vriend Laurens vergezelt mij op de tocht daar naar toe.
Met een N.W’ster wind verloopt de tocht voorspoedig .
De enige minpunten zijn dat; bij een naderende bui, tijdens het wisselen van het voorzeil deze halverwege blijft steken, niet meer te hijsen of te strijken valt, wij het zeil, in heftige wind met het val weten te sjorren, vervolgens in toenemende wind en zeegang uitwijken naar Oostende om daar de boel te klaren, vervolgens in Oostende ook nog een stuk net in de schroef krijgen, maar toch de boot keurig weten af te meren .
Diezelfde avond nog een duiker bestelt die net uit schroef lossnijdt en mij complimenteert met mijn “kloeke“ schroef. Is ook net nieuw, van het klap type, die mij moet doen opstomen in de vaart der volkeren.
Met buitengewoon creatief inzicht van Laurens, die nooit de makkelijkste weg zoekt, maar veel plezier beleeft aan het vinden van ogenschijnlijk ingewikkelde oplossingen, weten we ook de problemen met het voorzeil te klaren .
De volgende dag vertrekken we monter richting Dover.
Veel hoog aan de wind stampen in het Chenal de Four. Al motorzeilend bereiken we de westelijke ingang van de haven van Dover en vragen of we asjeblieft daar naar binnen mogen i.p.v. de gebruikelijke oost-ingang. Gelukkig krijgen we toestemming. Tussen de pieren stopt plotseling de motor .We hijsen een zeil en weten vrij te blijven van in en uitvarende ferry’s.
De havendienst stuurt een bootje die ons naar een veilige plek sleept .
De volgende dag blijkt er een stevige wind uit Z.W 6 tot7 te waaien. We vertrekken toch..
Na een uur op zee, hoog aan de wind, met heftige golven, kijken we elkaar aan; Nee,dit voelt niet goed, terug naar Dover.
Verstandig zeemanschap, niet waar?
Ondertussen begin ik mij af te vragen of ik nog wel op tijd voor de start in Lymington arriveer.
De volgende dag is de wind iets afgenomen en meer naar het zuiden gedraaid.
Dit is onze kans. We besluiten te vertrekken en non stop naar Lymington te zeilen. We komen daar op 17 juni aan en blijken de eerst gearriveerde deelnemer te zijn. Dat is alvast binnen.
De verzamelhaven in Lymington is een sfeerloze en peperdure Marina waar ik mij niet op mijn gemak voel en besluit, na mij aangemeld te hebben, af te meren aan een steiger in de binnenstad, die ik van vorige bezoeken ken.
De volgende dag druipen de overige deelnemers binnen die wel in de Marina gaan liggen
Ik ben een beetje verwend door de 200 myls solo. De start daarvan is in Muiden. Er is een plek gereserveerd voor de deelnemers. Je ontmoet elkaar en groeit naar de wedstrijd toe.
Zoniet hier. Iedereen ligt verspreid en moet elkaar maar zien te vinden.
Uiteindelijk lukt dat, maar een beetje sfeerloos is het wel.
Zaterdagavond palaver met diner .
Zondagochtend dan eindelijk de start. Eerste traject is van Lymington naar Cherbourg. Weinig wind. Voordewinds rak. De spinakers gaan omhoog maar kakken in .
Na het ronden van de Needles is het halfwinds en gaat het met een knik in de schoot richting Cherbourg.
Prachtig weer, heerlijk zeilen.
Dan opeens…………. Een oproep van Paul Peggs aan de Engelse kustwacht; ”Lig naast een boot van een medezeiler, niet bemand, reddingsvlot aan boord, kennelijk over boord gegaan.
Alle deelnemers horen dit bericht en schrikken zich rot. Iedereen strijkt de zeilen, noteert positie van verlaten boot en probeert aan de hand van wind en stroom zoekslagen uit te rekenen om de verloren man op te sporen. Ondertussen doet de Engelse kustwacht hetzelfde en in samenwerking met de Franse kustwacht wordt door laatste besloten een helikopter te lanceren.
De man wordt gevonden. Levend en wel. Het blijkt dat hij overboord gegaan is door dat hij op zijn achterdek probeerde rommel uit zijn schroef te halen. Onaangelijnd, dat wel en ook zonder zwemvest. Hij heeft 3 uur rondgezwommen in water van 14 graden en het overleeft .
Een godswonder.
Zwaar aangeslagen varen de deelnemers op de motor naar Cherbourg. Geen wedstrijd meer . Wederom blijkt het makke/onervarenheid in de organisatie. In het bijna donker scharrelen we de haven van Cherbourg in. De behoefte aan informatie is groot maar niemand weet iemand te vinden. Dus richt iedereen zich maar op de start van de volgende dag.
Maandag.
Start in de haven van Cherbourg. Eindbestemming, Peters Port op Guernsey. Cape La Hague dient gerond te worden om vervolgens in de ziedende stromen van de race koers te zetten naar Peters Port.
Het begint met een kruisrak in pittige wind. Fantastisch zeilen. Ik geniet. Bij het ronde van Cape la Hague ontvangt de Race mij met een spectaculair stroombeeld; golvend, kolkend water.
De stroom is vaak sneller dan mijn bootsnelheid. Soms verlies ik druk op het roer en ben speelbal van de stroom.
Een inderhaast gemaakte berekening leert mij dat als ik zo door ga, ik te laat kom om Peters Port met tij mee aan te lopen. Ik besluit de motor te starten en in rechte lijn op mijn doel af te gaan .
Ik waardeer mijzelf met het gevoel een verstandige, zeewaardige beslissing te hebben genomen.
In Peters Port geen spoor van mijn medezeilers te bekennen. Ik ben een beetje teleurgesteld. Wat een sfeerloos gebeuren.
Dan gaat de telefoon …Henk aan de lijn,of ik in de jachtclub kom genieten van hapjes en drankjes. Op de een of andere manier hebben de deelnemers elkaar gevonden en hebben de verloren zonen opgespoord. Het wordt een buitengewoon gezellige avond en vanaf dat moment verandert er veel in de Petit Bateau. Het gemis aan saamhorigheid blijkt die avond duidelijk en vanaf dat moment wordt er met succes naar verbetering gestreefd .
Dinsdag.
St.Peters Port /Treguier .
Een droomzeildag. Ruime wind. Ik hijs de spinnaker en die gaat er tot aan de finish in Treguier er niet meer vanaf. Het blijkt met mijn 14e plaats mijn beste zeildag te zijn tussen al die racemonsters.
Ik beleef wat angstige momenten bij het opvaren van de rivier. De gegevens op mijn detail kaart kloppen van geen kant, totdat ik erachter kom dat ik sta te turen op de aanloop naar Lezardieux. Das heel wat anders. Eenmaal de goede detailkaart voor mijn neus is het een makkie.
De rivier is oogverblindend mooi en eindigt in een prachtige haven waar de stroom nog flink doorzet. De havenmeester is zeer deskundig. Hij kent zijn haven, is op de hoogte van onze komst en plannen en wijst mij een goede plek aan om af te meren. Treguier is een oase.
Aan de gemeenschappelijke avonddis is ook de overboordgeslagene aanwezig.
Hij heeft die dag weer meegevaren en zowaar de trip gewonnen.
Ik informeer naar zijn drenkelingavontuur maar krijg daar weinig weerwoord op. Wel blijkt dat hij zich schaamt over wat hem, als zeer ervaren zeiler, is overkomen .
Hij toont erg rustig en beheerst.
Mijn conclusie is dat hij binnen het jaar zwetend en gillend uit zijn angstdromen ontwaakt.
Woensdag.
Treguir/Plymouth .
Laat in de middag verlaat het konvooi “Petit Bateau” de haven van Treguier.
In de late middagzon varen we zwaansgewijs de prachtige rivier af richting zee .
Er is totaal geen wind.
Bij gebrek aan deze valt er, op de startplek aangekomen, helemaal niets te starten.
Er wordt besloten dat we gezamenlijk op motorkracht richting Plymouth varen.
Niet sneller dan 5 knots . En dicht bij elkaar blijven.
Het is zowaar een zeer genoeglijke tocht. Twintig boten met stoomlichten over een volstrekt rimpelloze zee moet wel een feeëriek ofwel onwezenlijke aanblik bieden aan schepen die ons tegemoet komen .
Bij tijd en wijle wordt ik overmand door slaap en geef hier aan toe, nadat ik mijn kookwekkertje op 15 minuten heb gezet. Ik dommel meer in dan mij lief is en elke keer dat het alarm afgaat schrik ik mij wezenloos en heb enkele seconden nodig om mij te realiseren waar ik ben.
Zo rond middernacht begint het te waaien .Ik hijs mijn zeilen en constateer dat ik nagenoeg dezelfde snelheid vaar als op de motor. Om mij heen zie ik andere boten hetzelfde doen.
Na marifooncontact met Paul Peggs wordt besloten een start op zee te maken. Paul Peggs manoeuvreert zijn boot in een positie.
Wij dienen achter zijn spiegel langs te varen en zijn vervolgens gestart.
Het wordt een weergaloze zeilnacht. Iedereen zeilt de afgelopen motorfrustratie van zich af .
Opeens is er weer tactiek, opeens is er weer strijd.
Ikzelf ben klaarwakker en tot de tanden toe gewapend.
Ik heb 2 tegenstanders in de strijd waarmee ik mij redelijk kan meten.
Na de start varen we aardig met elkaar op. Dan plotseling zie ik hen oploeven en vraag ik mij af; Waarom? Ik besluit mijn half winds koers te volgen. Ik loop tenslotte zeer geriefelijk mijn rompsnelheid en soms meer. Enige tijd later snap ik waarom de andere twee opgeloefd zijn.
Het is tactiek. Door te loeven lopen zij meer snelheid. Als zij een bepaald punt bereikt hebben zullen zij voorwinds de spinaker hijsen om vervolgens met haviksnelheid op hun doel af te stormen, mij ver achter zich latend. Zo fantaseer ik dat.
Ik zeil uiterst geconcentreerd en probeer de volledige snelheid uit mijn boot te halen.
Dat lukt erg goed.
Ondertussen bereid ik mijn spinnaker voor. Boom erin met op en neerhouder bevestigd, schoten klaar. Spinaker zak op de juiste plek aan de reling. Top en schoothoeken aangeklikt. Ik ben er klaar voor.
En jawel, in de vroege ochtenduren zie ik de twee over stuurboord uit het niets aanstormen.
Onder spinaker zoals ik verwacht had. Ik aarzel geen moment. Hijs de spi en al reachend ga ik de strijd aan.
Het wordt een spectaculaire tocht.
Ik bereik snelheden van soms wel 9 knopen en dat is erg snel voor mijn boot. Het onderlijk van de spinnaker sleurt regelmatig door het water. Maar ik heb het aardig onder controle.
Ik ontmoet de eerste boot. De tweede ligt op forse afstand. Gezamenlijk varen we richting finish. Dan hij voor, dan ik .
En dan gebeurt het onwaarschijnlijke .Vlak voor de finish valt de wind totaal weg. Wat een frustratie.Na meer dan 20 uur en 100 mijl onderweg te zijn geweest blijkt het doel, dat nog nauwelijks 2 mijl verderop ligt, niet haalbaar te zijn .
Ik probeer wat dichter onder de kust te kruipen om daar nog wat landwind op te pikken.
Ik ben echter verder van de kust dan mijn directe tegenstander. Hij haalt het. Tegen de tijd dat ik arriveer is het echt windstil en kom ik geen meter meer vooruit.
Alle deelnemers liggen te dobberen voor de finish. Je zou je er wel naar willen toezuigen.
Ik ga zelfs zover dat ik in de giek ga zitten met gespreide armen en benen om nog enig profiel aan het grootzeil te geven. Dat lijkt soms te helpen. De snelheid loopt op van 0.01 naar 0.03 knopen. Net genoeg om overboord te pissen en je broekspijpen droog te houden maar te weinig om de 2 mijl naar de finish te halen, voor de kentering van het tij .
Dit besef is ook de organisatie toegedaan. Via de marifoon wordt meegedeeld dat de wedstrijd om 16.00 uur eindigt. Ieder wordt verzocht zijn positie op dat moment te noteren en dan naar de haven te gaan .
En zo gaat het ook. Ik heb toch wel bewondering voor mijn directe tegenstander in deze trip die vakkundig en op tijd gebruik wist te maken van de landwind.
Hij is de enige die op zeil gefinisht is. Ik was wel een beetje jaloers op hem.
Iedereen is die avond brak en oververmoeid. Toch een gezellige en hartelijk samenkomen met diner in het clubhuis.
Plymouth-Falmouth.
Uitgeslapen of niet; De tocht gaat verder .
Bij de start is er weinig wind. Iedereen experimenteert met de juiste zeilvoering ; Spi erop, spi eraf, genua uitgeboomd, over bakboord over stuurboord. Dan toch maar de spi. Werkt ook niet .
Dan maar gewoon afwachten .
Ik word lui en besteedt mijn tijd aan het verzenden van sms berichtjes.
De bedoeling is vanuit Plymouth, de Eddy Stone Rock te ronden om van daar uit koers te zetten naar Falmouth. Eddy Stone is een eenzaam baken van fallusachtige afmetingen op een paar vierkante meters rots. Het gebied is tevens militair oefenterrein en ik ben dan ook omgeven door oorlogsvaartuigen waaronder duikboten die hun naam geen eer aan doen. Ik drijf er aangenaam tussendoor.
Na het rondde van Eddy Stone, is er plotseling wind. Ik staak halverwege een zin mijn sms bericht en concentreer mij volledig op het zeilen.
Wat houd ik daar toch van…..Ik, boot en wind
Naar Falmouth is het hoog bezeild. Ik wil snelheid maken en toch niet te hoog varen of teveel afvallen. Ik besluit tot een experiment. Ik laat mij leiden door de eta. van mijn gps.
Dat betekent dat als mijn tijd ten opzichte van mijn waypoint oploopt, ik overstag ga en over de andere boeg verder vaar. De tijd loopt dan terug tot op een bepaald moment. Als de tijd weer oploopt ga ik weer overstag, enz, enz.
Best een goede tactiek. Wel hard werken door veel overstag te gaan.
Maar het betaalt zich uit. Ik vaar op met een Contessa 32 en ik kan hem goed bijhouden en vaak voorblijven. Door mijn voortdurend tacken, wat hij niet doet, loopt hij iets op mij uit .
Uiteindelijk komen we bij de finish met ongeveer 3 minuten verschil .
Ik ben in Falmouth. Bijna het einde van de tocht. Ik ben beretrots, dat ik het gehaald heb en bovenal veel zeilplezier beleefd heb. Ik ben zo langzamerhand ook wel een beetje opgebrand.
Inclusief de overtocht uit Nederland toch ongeveer 500 mijl in 2 weken verzeilt, waarvan 350 mijl solo.
De laatste dag is er nog een wedstrijd voor de kust van Falmouth. Doordat ik mijn boot moet verhalen mis ik het palaver. Aan de start is het mij niet duidelijk hoe en wanneer gestart gaat worden. En eigenlijk vind ik het ook niet zo van belang. Ik ben in Falmouth en daar ging het om.
Ik start dus veel te laat en op de verkeerde manier. Er is weinig wind. De baan is ingekort.
Ik soezel wat dromerig achteraan. Spinnaker op en genietend van de zee en herinneringen oproepend aan de voorbije dagen.
Overmorgen komt mijn vriendin aan boord.
Zij heeft de vakantie bij haar dochter in Italie doorgebracht .
Ik zal haar weer ontmoeten en zal de stap van solo op zee naar zijn twee moeten maken.
We hebben samen een mooie maar beetje gestresste terugtocht omdat ik op tijd wil zijn voor het eindexamenfeest van mijn dochter.
Op de terugtocht voel ik mij moe.
Ik vraag mij af waarom.
Elk jaar op nieuw laat ik mij verleiden door dromen en geef daar een invulling aan. Zo ook deze Petit Bateau.
Weet je wat …..(Denk ik dan). Ik stop ermee en ga volgend jaar lekker met mijn vriendin in Zeeland zeilen. Op de terugweg belanden wij in Vlissingen.
Mijn plan is om buitenom naar IJmuiden te varen .
Mist en gebrek aan wind voorkomen dat. Dus gaan wij noodgedwongen binnendoor. Veerse meer, Oosterschelde, Haringvliet.enz…………Ik voel mij opgesloten…..wat een vaarwater………..tonnetjes, tonnetjes. Mensen die de regels niet kennen. Files van boten…….
Ik stik…..ik wil weg……. Naar ruimte…..de zee……..
Nee, ik wil; geen Petit Bateau meer.
Ik ben moe.
Ik wil gewoon lekker zeilen.
Het is nu ver in de herfst.
Zojuist ontvang ik een uitnodiging van Petit Bateau.
Zal ik……………..?
Verslag Otto Maitimu
woensdag 28 september 2005
Vanmorgen om 07.41u voor de 4de maal gestart in de 200 mijls solo race.
De wind is zuidelijk kracht 3 en het wordt een spinnaker start.
De eerste boei is de M3 voor Muiden. Met ingang van dit jaar hebben alle deelnemers een apparaat meegekregen aan boord, waarmee de positie via de satelliet voortdurend wordt doorgegeven aan het regattabureau. Zodra je een boei passeert (moet binnen 5 meter) moet je op een knop op het apparaat drukken, waarmee tijd en positie worden doorgegeven. Deze tijd en positie zijn vervolgens voor het thuisfront te volgen op de website www.200myls.nl. Het apparaat moet wel voortdurend aan de stroom hangen, maar gelukkig is het snoer net lang genoeg om aan de ene kant ingeplugd te zijn op het schakelpaneel en aan de andere kant de drukknop in de kuip te hebben. Ik moet dan wel voor het stuurwiel staan in plaats van erachter en het is even wennen met sturen, omdat je soms geneigd bent de verkeerde kant op te sturen.
Overigens een geweldig hulpmiddel, hoewel ik het fotograferen van de boeien ook altijd wel leuk vond.
Al snel trekt de wind aan tot 4 Bft. Het loopt lekker en in een mum van tijd zijn we bij het Paard van Marken. Mijn spinnaker is eigenlijk een ATS (asymmetrische toer spinnaker) ook wel een gennaker genoemd. Het grote voordeel is dat je die van de boeg kunt varen, zodat je hem tot 60 graden aan de wind kunt laten staan. Bovendien is die wat kleiner dan een volwassen spinnaker en dat maakt dat je hem ook met toenemende wind kunt laten staan.
Dat voordeel buit ik uit, want als we vanaf Marken richting Volendam gaan, varen we ca 60 graden aan de wind en ik zie veel spinnakers opgeborgen worden, maar de mijne dus niet. Helaas is het stuk van Marken tot Volendam slechts een mijl of 2.
Vanaf Volendam gaat het weer omhoog richting Hoorn. Het gaat nu serieus waaien, WZW 5. Het schip dreigt een aantal malen uit het roer te lopen en vlak voor de boei NEK besluit ik om de spinnaker binnen te halen. Dat is echter bij deze wind makkelijker gezegd dan gedaan.
Als ik de schoot losgooi kost het tamelijk veel kracht om de slurf over het wapperende doek te trekken. De slurf alleen vangt echter al zoveel wind dat ik de onderzijde met een lijn vast moet zetten op het dek. Nu komt het volgende probleem: het spinnakerval wordt bediend vanuit de kuip; als ik hem daar laat vieren, valt de slurf in het water. Ik laat het val een klein stukje vieren, maar kan het stukje slurf dat ik nu in het geopende voorluik kan proppen niet op zijn plaats houden. Na 10 keer heen en weer lopen tussen kuip en voordek en door steeds het uit het luik stekende stuk slurf met een lijn vast te zetten, lukt het uiteindelijk. Hier moet ik toch eens iets anders op verzinnen, want dit duurt te lang.
Vanaf de NEK gaat het richting Lelystad. De wind is inmiddels 5 à 6 en op marifoonkanaal 1 wordt een actuele wind Lelystad W 6 gemeld. Ik loop onder vol tuig op een ruimwindse koers en zit bijna voortdurend aan de theoretische rompsnelheid van het schip, ca 7,7 knopen. Alleen als we van een golf afsurfen neemt de snelheid nog toe. Bij Lelystad zitten we aan de lage wal en de golven zijn hier duidelijk hoger dan aan de westkant van het Markermeer. De maximale snelheid die de electronica heeft vastgehouden is 9,5 knoop. Inmiddels ben ik al aardig wat schepen voorbijgelopen (en zelf door weinig schepen ingehaald), zodat ik nu nog 11 schepen voor me tel. Helaas heeft de Content een lage SW-factor en dus zegt het voorbijlopen van andere schepen nog helemaal niks.
Met harde wind wil elk schip wel lopen, dus ik kan verwachten dat bijna iedereen tegen zijn maximale snelheid vaart.
De sluispassage in Lelystad gaat tamelijk snel en vandaar gaan we naar Den Oever. Ik heb daarmee besloten om route 3 te volgen. Vooraf had ik gedacht route 1 te doen, dwz van IJmuiden over de Noordzee naar Den Helder en dan over het wad tot Kornwerderzand. Tijdens het palaver op dinsdagavond is alle deelnemers nog eens op het hart gedrukt om bij windkracht 7 een haven op te zoeken op straffe van diskwalificatie. De verwachtingen voor donderdag zijn dat het mogelijk windkracht 7 of 8 wordt op de Noordzee, dus je loopt het risico dat je 24 uur moet blijven liggen en dan moet je wel erg doorvaren om voor zondagmiddag 12.00u te kunnen finishen.
Het weer is fantastisch! Een stralende zon, een lekker lopend windje en alles is bezeild. Om 17.44u ben ik bij de WV14 bij Den Oever en ik ga nog een stukje doen tot Enkhuizen. Daar moet ik dan net tegen dat het donker wordt aan kunnen komen.
Ik heb nog even overwogen om door te zeilen tot Breezanddijk, maar de weersverwachting voor de komende nacht is buiïge regen, mogelijk met onweer en hagel met windstoten tot 45 knopen (9 Bft). Ik voel er weinig voor om in dergelijke omstandigheden de aan lager wal liggende vluchthaven van Breezanddijk aan te lopen.
Tegen 19.30u zie ik de KG2 bij Enkhuizen voor me liggen. De wind is inmiddels weer ZW 6. Gio Schouten zit vlak voor me en hij heeft pech, want hij moet uitwijken voor een vrachtschip dat ook langs de KG2 wil. Het kost hem tijd en meters, maar hij blijft toch voor me. Ik wil de KG2 aan stuurboord houden, maar als ik er vlakbij ben, komt er een windvlaag en loopt het schip uit zijn roer.
Op het allerlaatste moment besluit ik om de boei dan maar aan bakboord te houden en dat gaat op het nippertje goed. Na het passeren van de boei, wil de rolfok niet goed oprollen en er blijft een stuk zeil staan, waardoor het voorstag er nu uitziet als een zandloper. Ik loop vanaf het gangboord de kuip in, maar verlies mijn evenwicht door een onverwachte golf. Daardoor stap ik bovenop de contactsleutel van de motor en breekt het hele slot af.
Nou, dat is lekker, nu kan ik de motor dus niet starten en de haven ligt precies tegen de wind in. Na inspectie zie ik dat de sleutel in ieder geval niet afgebroken is.
Het deel wat overgebleven is van het contactslot bungelt nu ergens in de bakskist achter het motorpaneel. Het grootzeil laat ik nog maar even staan en ik ga eerst maar op een wat comfortabeler koers liggen. Nu de bakskist openen en op mijn kop hangend met een zaklamp probeer ik de sleutel in de slot te krijgen. Na enig gewurm lukt het zowaar en kan ik de motor starten.
De sleutel valt overigens onmiddellijk weer uit het slot, maar het contact is gemaakt en de motor blijft lopen. Morgenochtend zal ik eerst kijken of in Enkhuizen een ander contactslot te krijgen is en anders laat ik het zoals het is en doe ik het in en uitschakelen van de stroom wel met de hoofdschakelaar van de motor.
donderdag 29 september
Afgelopen nacht zijn er flinke buien gevallen, maar om 07.30u is het heel rustig in de haven van Enkhuizen. Om 07.50u zie ik het licht aangaan bij de Enkhuizer Yacht Service waar ik enkele tientallen meters vandaan lig. Een nieuw contactslot blijkt hier niet op voorraad te zijn, maar het is wel in Andijk: dat kunnen ze morgenochtend hier hebben. Dat schiet natuurlijk niet op. In overleg met de monteur komen we tot de conclusie dat we het contactslot beter kunnen overbruggen met een gewone schakelaar. Om 08.30u zal hij aan boord komen.
Terug aan boord kan ik nog net naar het weerbericht van de Nederlandse Kustwacht op kanaal 83 luisteren. Windwaarschuwing 7 Bft voor IJsselmeer en Markermeer; dat wordt dus binnen blijven.
Om 08.15u is het uurbericht van de Centrale Meldpost IJsselmeer en die geeft een windverwachting van W – NW 6 – 7, een actuele wind Lelystad W 6 en een windwaarschuwing van W – NW 6.
Hier snap ik niks van; ik roep de Centrale Meldpost op en vraag wat ze bedoelen met een windverwachting van 6 – 7 Bft en een waarschuwing van 6 Bft. Dat klinkt alsof je 7 Bft toch niet verwacht.
Ik krijg als uitleg, dat hij ook maar opleest wat ze van het KNMI krijgen en dat hij vermoedt dat de wind mogelijk wel even 7 Bft kan aantippen, maar dat dat onvoldoende is om een waarschuwing van 7 Bft te geven. Verwarring alom op de steiger. We liggen hier met ca. 10 schepen zullen we wel, zullen we niet. De deelnemers die geankerd hadden in de havenkom zien we overigens gewoon vertrekken. Iedereen die ik spreek, is het er eigenlijk wel over eens dat Urk de volgende haven wordt. Als ik tegen 11.00u vertrek, ben ik ruim voor donker binnen en dat lijkt me mooi. Doorgaan tot de volgende ton bij Medemblik is eigenlijk niet handig, omdat de wind in de WNW hoek zit.
Om 10.56u lig ik naast de KG2 en ben ik vertrokken NNW richting de Sport B ton voor Breezanddijk. De wind is WNW, een dikke 6 Bft, en ik heb een dubbel rif gestoken en de high aspect fok opstaan. Tegen de wind in staat er regelmatig meer dan 30 knopen op de windmeter en de hellingshoek is dermate groot dat ik besluit de fok een paar slagen in te draaien en het zeiloppervlak te verminderen. Het IJsselmeer is berucht om zijn korte en steile golfslag en dat is hier te merken. Regelmatig boort de punt van het schip zich in een golf, wordt opgetild en dendert dan met een klap op de volgende golf. Ik zie voortdurend het deksel van de ankerbak omhoog komen in het geweld en de golven spoelen door de gangboorden tot op het achterschip. Op een gegeven moment zie ik dat het deksel van de ankerbak open blijft staan; dat is niet goed. Ik haak de lifeline in en ga aangelijnd naar voren. Een scharnierpen van het deksel van de ankerbak is verdwenen en het deksel zit nu met slechts één scharnier vast. Op dit moment kan ik niets anders doen dan het deksel weer op zijn plaats leggen. Eenmaal terug in de kuip stuur ik met wat meer voorzichtigheid. Ik had wat hoogte gewonnen en als ik nu weer 2 korte hoge golven achter elkaar zie komen, val ik snel af om de golven wat meer dwars te nemen. Het werkt maar even, want al snel zie ik het deksel weer scheef open staan; dat gaat niet goed, nog een paar golven en het deksel is verdwenen. Opnieuw aanlijnen en naar voren, nu met een lijntje dat ik tussen de bakboord en stuurboord toerail over het deksel span: nu kan het in ieder geval niet meer omhoog komen.
5 mijl voor de Sport B lijkt het erop dat ik een extra slag zal moeten maken. Dit is het moment om de fok maar weer helemaal te uit te rollen. Het geeft wel meer helling, maar ik kan ook wat hoger zeilen. Het werkt en ik loop de ton nu zonder problemen aan.
Om 14.05u ben ik bij de Sport B en kan ik omkeren richting Urk. Met enige regelmaat trekken buien over en de windmeter geeft in een bui 27 knopen wind mee aan, terwijl we al zo’n 7 knopen over de grond lopen. Bij het Vrouwezand voor Stavoren lopen de golven altijd wat hoger en op een gegeven moment wordt surfend van een golf 11,0 knopen snelheid geklokt. Ik kan me niet herinneren dat we al eerder zo snel voeren. Voorbij Stavoren zie ik Han Beijersbergen met zijn Anne-Sophie achter elkaar uit het roer lopen. Volgens mij heeft hij gewoon teveel zeil opstaan voor deze wind. Tot mijn verbazing zet hij de fok op de spiboom aan de loefkant. Als je de wind tussen de 140 en 180 graden hebt, kun je dat natuurlijk proberen en daarmee creëert hij een tegenmoment om het oploeven tegen te gaan. Ik vind het riskant en zal het hem niet nadoen. Het effect is overigens wel dat hij nu bij me vandaan loopt, terwijl we voordien redelijk met elkaar opvoeren.
Om 17.31u ben ik bij de UK16 en kan ik de haven van Urk gaan opzoeken. Het is naar schatting 15 jaar geleden dat ik hier binnenliep en ben benieuwd hoe het ernu uitziet.
Tot nu toe 108 mijl van de baan gevaren, dus al over de helft. Morgen van Medemblijk naar Makkum en vervolgens Hindelopen. Gezien de verwachte wind(richtingen) in de komende dagen, denk ik dat ik morgen niet verder ga dan Hindelopen. Alles bij elkaar slechts 40 mijl. Naar verwachting zal het morgenochtend vrij kalm zijn, dus ik denk dat ik morgen maar wat langer in de kooi blijf liggen.
vrijdag 30 september
Om 08.00u vertrekken de eerste schepen al; naar mijn mening veel te vroeg, want het waait nog niet genoeg. De wind zit inmiddels al wel in de zuidhoek en dat is gunstig. Mijn buurman is Paul Peggs, de enige Engelse deelnemer. Het lijkt me een beroepszeiler en hij baalt een beetje van zijn slechte klassering. Al pratend komen we tot de conclusie dat de tussenstanden eigenlijk niets zeggen, omdat ze gebaseerd zijn op gezeilde afstand en niet op gemiddelde snelheid. We weten pas echt wat de klassering is als het zondagmiddag 12.00u is.
Ik loop nog even het dorp in voor een brood. Aan een passerende mountainbiker vraag ik waar de bakker is en hij begint te zuchten. Dat is heel lastig uitleggen en het is een klere eind. In Urk ?!
Hoe groot is het hier? Hij biedt aan met me mee te fietsen om de weg te wijzen en inderdaad het was 7 minuten lopen. Voor een Urker waarschijnlijk een hele afstand.
Om 10.15u ben ik weer aan boord en ga me klaar maken voor vertrek. De wind is inmiddels aangetrokken tot ZZW 5. Ik had vanmorgen nog even twijfels of ik de high aspect fok niet zou moeten vervangen voor de genua, maar met deze wind is de HA prima.
Om 11.12u lig ik weer naast de UK16 en nu is het ruim 18 mijl naar Medemblik. We zeilen halve wind en na ca 10 mijl moet er gereefd worden, want er staat inmiddels weer een dikke 6 Bft. Het schip is nu beter hanteerbaar en het scheelt niets in snelheid. Om 13.41u ben ik bij de WP18 en gaan we richting Makkum. De koers is 027 graden en met ZZW wind is dat bijna voor de wind. Ik zet de spiboom uit om de fok te loevert te houden. Op deze wijze lopen we regelmatig tegen de 8 knopen en van een golf afsurfend is de maximale snelheid vandaag 10,1 kts. De aan het begin van het seizoen vernieuwde stuurautomaat werkt uitstekend en ook bij de achterop lopende golven blijft het schip goed op koers. Toch stuur ik het meeste op de hand om het risico van een klapgijp te beperken en om de accu´s te sparen.
Om 15.51u rond ik de VF04 bij Makkum. Ik heb nu 33,8 mijl gevaren in 4u 39min, dat is een gemiddelde van bijna 7,3 knopen; dat is tenminste opschieten. Nu ben ik in twijfel of ik zal doorgaan naar Hindelopen. De wind is niet echt doorgedraaid naar ZW, maar is ZZW gebleven en Hindelopen ligt in ZZO richting en is net niet bezeild. Dat betekent dus slagen maken en dat is extra af te leggen afstand tegen een lagere snelheid omdat je tegen de wind in moet. Ik besluit door te gaan, maar al snel dreig ik in de ondiepte voor Makkum te verdagen en ik ga overstag. Eenmaal goed onderweg heb ik er spijt van niet naar Makkum te zijn gegaan. De windmeter geeft nu regelmatig boven de 30 knopen wind aan en ik moet de fok weer een stukje wegdraaien om het schip overeind te houden. Het is hakken tegen de golven.
Als ik de H2 boei op 140 graden heb, ga ik weer overstag. Nog ruim 5 mijl te gaan en het is knijpen, want als ik teveel afval heb ik wel snelheid, maar dan haal ik de boei niet en als ik teveel oploef dan haal ik de boei wel, maar heb ik geen snelheid meer. Ik doe van allebei een beetje, eerst een beetje afvallen en snelheid maken en dan weer oploeven om hoogte te winnen tot de snelheid over de grond onder de 5 knopen zakt, dan val ik weer af, enz. Ik troost me met de gedacht dat de wind morgenochtend waarschijnlijk behoorlijk ingezakt is. Hij zal dan wel uit het westen waaien, maar als je vanuit Makkum moet vertrekken, moet je toch bijtijds weg en kun je niet wachten tot het gaat waaien.
Misschien is dit al met al niet eens zo´n slechte keus. Om 17.27u lig ik eindelijk bij de H2 ton en kunnen we de haven van Hindelopen opzoeken. Gemiddelde snelheid over het laatste baanstuk van 6,1 mijl was slechts 3,8 knopen.
In de klassering ben ik nu omhoog geschoten van de 30ste plek naar de 15de. Helaas voor mij zijn er een stuk of 15 deelnemers in Makkum gebleven; die staan dus alleen maar na mij omdat ze tot nu toe minder mijlen gemaakt hebben. Ik was even blij, maar me dit realiserend sta ik weer met 2 benen op de grond.
Morgen via Stavoren en Lelystad naar Hoorn. Daar zal ik voor anker gaan voor de verplichte rusttijd achter het anker. Gezeilde baanafstand tot nu toe is 148 mijl.
zaterdag 1 oktober
Bij het wakker worden realiseer ik me dat ik een tactische blunder heb gemaakt door naar Hindelopen te varen. Het waait nog behoorlijk, zeker 5 Bft, en uit het NW. Om 07.30u loop ik de dijk op om te zien of er al mede 200 mijlers uit Makkum aankomen en ja hoor, ik zie een behoorlijk aantal richting de H2 komen. Die hebben nu een goede wind mee. Dit gaat me waarschijnlijk 10 tot 15 plaatsen schelen in het klassement.
Om 09.16u ben ik weer in de race. Het eerste stuk tot Stavoren is net bezeild, de wind neemt echter steeds verder af. Vanaf Stavoren is het ongeveer halve wind richting de hoek van het Enkhuizer Zand. Ik besluit om de gennaker te hijsen, hoewel de wind inmiddels toch wel weer 5 Bft is. Als de gennaker omhoog is, krijg ik de slurf niet omhoog omdat het bovenin gedraaid zit; alles weer naar beneden en opnieuw proberen. Als alles staat, lopen we toch weer 7,5 knoop.
Vanaf de hoek van het Enkhuizer Zand moeten we nog iets oploeven. De wind komt nu met 20 knopen op ca 60 graden binnen en dat is teveel voor mooi. Maar het is nog maar een mijl of drie en daarna is dit rak klaar, dus ik wil geen tijd verliezen met het binnenhalen van de gennaker en het zetten van de high aspect. De hellingshoek is nu zo groot dat de onderkant van de gennaker door het water sleept en regelmatig loopt het schip uit zijn roer. Het is echt sleuren aan het stuurwiel om koers te houden en ik bedenk me dat ik dit niet verstandig vind van mezelf; maar ja, het is nu nog maar anderhalve mijl. Ik stuur iets hoger op dan nodig is, zodat ik bij het aanlopen van de ton HR-B wat ruimer kan koersen en ik minder druk op het roer heb. Zo kan ik met één hand sturend en in de andere hand het knopje van de Xtrace de boei binnen 5 meter passeren zonder het risico te lopen hem te raken.
In de sluis bij Lelystad duurt het nog al even voordat we eindelijk geschut zijn. Twee uur later hoor ik op de marifoon dat door een stroomstoring de brug van de Houtribsluizen niet meer bediend kan worden. De doorvaarthoogte is beperkt tot 7 meter nog wat. Pfff, voor mij is dat geluk hebben, maar dat is dus heel erg pech voor iedereen die na ons nog door de sluis moet.
Van Lelystad gaat het weer richting de NEK bij Hoorn. Het is niet bezeild en iedereen moet kruisen. Ik zeil zo lang mogelijk door tot de Westfriese kust in de hoop dat door de windschifting onder de kust ik iets hoger kan opsturen en dat er daar wat minder golven zullen staan zodat we meer snelheid kunnen maken. Eenmaal daar zijn er wel minder golven, maar de windschifting is een illusie.
Met nog een extra slag is de NEK vervolgens probleemloos aan te lopen.
Omdat ik nog minimaal 6 uur moet ankeren, heb ik besloten dat bij Hoorn te doen, omdat je daar vrij beschut ligt. Al snel wordt duidelijk dat de meeste andere deelnemers doorzeilen tot Marken. Alleen Herman Tieman van de Nan gaat ook naar Hoorn en we gaan naast elkaar voor anker. Ik nodig Herman uit voor een biertje en hij vertelt van zijn ervaringen in de Petit Bateau race dit jaar in het Engels Kanaal tussen Engeland en Frankrijk. Met zijn Spirit 28 was hij de kleinste deelnemer, maar ik heb in deze race al een aantal keren gezien dat hij zijn mannetje staat en dat hij niet makkelijk voorbij te lopen is; op handicap gaat hij mij voor.
De wekker voor morgenochtend wordt gezet op 06.00u, want na alle ontberingen, sensaties en emoties van de afgelopen dagen wil ik natuurlijk niet na de deadline van 12.00u finishen.
zondag 2 oktober
Terwijl ik dit schrijf, ben ik al weer onderweg naar de thuishaven Lelystad. Vanmorgen om 06.00u opgestaan en het lijkt nauwelijks te waaien. De centrale meldpost IJsselmeer geeft als verwachting NW 4 – 5 Bft, maar dat is dan zeker ergens anders, want hier is het W 3. Herman Tieman en ik varen gelijk op naar de NEK, die nog 3 mijl buiten Hoorn ligt. Tegen half acht zijn we er en Herman start 1 minuut voor mij. Tot mijn verbazing gaat hij direkt overstag. Dat lijkt me niet goed, want als de wind inderdaad nog naar NW draait, kun je beter over bakboord naar het zuiden. Na 200 meter ziet hij zijn vergissing in en gaat hij opnieuw overstag en komt me achterna. De koers in 191 graden, maar we kunnen hooguit 185 graden lopen; dat zal dus een extra slag worden.
Als we bijna bij Volendam zijn, komt er een bui achter ons met een prachtig felle regenboog van Volendam tot Hoorn. Op 1,5 mijl van de GZ2 besluit ik zolang mogelijk over deze boeg door te zeilen in de hoop dat de achteropkomende bui een draaiing van de wind met zich brengt. En inderdaad op het laatste moment draait de wind en kan ik zover oploeven dat ik toch geen extra slag hoef te maken.
Van de GZ2 naar het Paard van Marken is het ruimwindse koers. De wind blijft nu in de NW hoekj zitten en ik zet de gennaker in de hoop dat ik die op kan houden tot de IJM17, de finishboei. Herman heeft zijn spi gezet en loopt nu op me in. Het is ongelooflijk, hij heeft een veel hogere handicap en loopt me voorbij zodra de wind inzakt. Ik ga aan alle lijntjes sjorren om te kijken wat er mis is, maar dat helpt natuurlijk niet en de afstand wordt alleen maar groter. Om 10.31u ben ik gfefinished. Eenmaal binnen hoor ik dat ik voorlopig op de 24ste plaats sta. Vooraf had ik me tot doel gesteld in de bovenste kwart te eindigen van de 84 deelnemers en dat is dus net niet gelukt. Ik ga nog eens uitrekenen wat mijn plaats geweest zou zijn, als ik niet naar Hindelopen was gegaan, maar in Makkum was gebleven. Maar ja, als …Al met al ben ik toch niet ontevreden over mijn klassering.
Op het start- en finishschip van Peter en Tine moeten Xtrace, camera en logboek ingeleverd worden en het is daar altijd gezellig met voor iedere schipper een kop kofiie en een stuk boterkoek. Altijd leuk om naar de belevenissen van de andere deelnemers te luisteren, de sterke verhalen, de opgelopen schades of wat er allemaal misging, etc.
Met dank aan mijn lieve echtgenote voor al het kostelijke bootvoer. Nou ja, bootvoer: de eerste avond at ik chili con carne, de tweede avond tagliatelle met huisstijl pastasaus, de derde avond een Indische schotel en gisteravond goulash. Er zullen er best bij zijn, die het met minder hebben moeten doen. Ik zal niet zeggen dat de 200 mijls een eitje is als je maar goed voor jezelf zorgt, maar helpen doet het zeker.
Helaas kan ik niet bij de prijsuitreiking zijn op 12 oktober in verband met zakelijke verplichtingen, maar volgend jaar doe ik gegarandeerd weer mee.
Otto Maitimu o/b S/Y Content
De 200 myls ‘SOLO’ door: JanKees Lampe
28 september 2005
Ik vaar de 200 myls ‘SOLO’ met Little Sarah. Het is mijn weer. Voor woensdag en donderdag staat er 6 bft en meer op het programma. Na de start in Muiden gaan we voor de lap met vol grootzeil en gennaker (145m2!) naar het noorden. Bij het ronden van ‘het paard’ (vuurtoren Marken) krijg ik de gennaker niet omlaag. Ik ga voor anker en klim de mast in maar heb niet de geode klimspullen aan boord. Ik stoom rap naar Volendam en vind daar een stuurman grote vaart die mij in no time naar boven takelt en naar beneden viert. Alles zit vast en dus gaat het mes in de val. Een uur later zit ik weer in de wedstrijd.
Ik kan over stuurboord vooralsnog geen gennaker meer zetten. Maar de wind is doorgekomen en met 27 knopen op de teller gier ik via Hoorn naar Lelystad. Daar wacht ik op de voorspelde windshift en zet dan koers naar Den Oever. Prachtig bezeilt en met een gemiddelde boven 7.3 knopen gaat het hard. Voor Sarah dan. 29 september 2005 Het is Woensdag. Het is Den Oever, Enkhuizen, Breezanddijk en Urk. Dit is een dag uit duizenden, het ultieme Onedin-gevoel! Met een rif, de fok en een 70 procent kluiver loopt zij niet onder zes-en-een-halve knoop, hoog aan de wind. Ik stuur uren aaneen met de hand. Het water staat vast in het gangboord. Volslanke Sarah heft met haar 34 ton maling aan golven en paaltjes! Zware vrouwen zijn niet altijd lelijk! Sport B is zowaar bezeild. Alleen in buien maakt de wind tot 45 graden shifts! Dan weer lig ik voor op Sport B, dan weer op Makkum. Het kan mij niet deren.
Terug naar Urk gaat het zo mogelijk nog harder. Ik ben volop in mijn element. Evenzo Sarah, die mij onverdroten brengt waar ik gaan wil. We ronden Kaap Vrouwezand en zwaaien naar ‘t vrouwtje van Stavoren.
Aan de grijszwarte einder gloort de vuurtoren van Urk. Waarom nog niet wat verder weg. Waarom nog niet wat verder weg. Daar zal ik liggen. Daar zal ik slapen. Medemblik is niet bezeild.
Morgenochtend wel, zo luidt de Guru. Wat zal ik slapen. Wat zal ik slapen. 30 september 2005Onder het moto “als de wind mocht inkakken, dan maken wij die zelf wel” doseert Bart (Boosman) de uien in zijn, voor mij inmiddels, fameuze omeletten. Ik schuif een deel van de ronde vruchten naar de rand van mijn bord omdat twee netjes mij teveel is. Maar het ontbijt is geweldig. Als laatste van vijftig boten verlaten wij Urk. Gewacht op de meeste wind en uit de goede hoek stuif ik op Medemblik aan.
Ineens bezeild en in buien weer dertig knopen op de meter. De centrale meldpost heeft de windmeter binnen staan, zoveel is wel duidelijk. Van Medemblik gaat het op grootzeil, fok en passaatfok met ruim acht knopen op Makkum aan. Daar zal ik ankeren, daar zullen we ankeren! Pasta Bolognese, Rose. Proost!
A/b Little Sarah
mobile +31 6 54 90 89 11
jankees@littlesarah.com
http://www.littlesarah.com
Online Verslag Erik Jan Hardonk (2005)
Maandagavond ben ik alvast naar de boot gegaan, met de bedoeling dinsdagmorgen vroeg naar Muiden te kunnen vertrekken. Het is altijd een goede opwarmer voor de 200 Myls Solo.
Om 23:00 uur is alles ingeruimd. Het weerbericht voor morgen belooft weinig goeds: zuidwesten wind. Het is nu nog zuidelijke wind. Ik hoef niet lang te twijfelen: ik ga nu nog varen, zolang de wind nog goed is. In het donker langs de onverlichte staken richting Friese Hoek. Gaat allemaal goed. Enkhuizen is in 1 slag te doen. Het is aarde donker en ik ben alleen op het water.
Om 04:00 meer ik af in Enkhuizen.
Dinsdagochtend blijkt de nachtelijke tocht niet echt nodig geweest te zijn. De wind zit nog steeds in de zuid hoek. Maakt niet uit, ik heb lekker in het donker gevaren.
Onderweg naar de sluis valt me op dat er witte damp uit de uitlaat komt. Op een gegeven moment verandert het geluid van de uitlaat: er komt geen koelwater meer uit. Ik ga de oude haven in en controleer de motor. Niets te zien, alles (koelwatersysteem) lijkt in orde. Als ik de motor weer start komt er gewoon weer koelwater uit. Misschien een plastic zak oid om de saildrive?
Uiteindelijk is het pas rond lunchtijd dat ik door de sluis ga. Muiden is niet bezeild, het is kruisen. Hemelsbreed 22 mijl blijkt 34 mijl kruisen te zijn. Om 19:30 ben ik in Muiden. De haven ligt stampvol, allemaal boten met een Japanse vlag in het achterstag.
Het palaver is ouderwets gezellig. Jan krijgt het voor elkaar gezelligheid en professionaliteit op een aardige manier te combineren. Ook dit jaar weer veel aandacht voor de vervanger van de bekende camera. Dit jaar een Xtrace. Een apparaatje om de positie en tijd tijdens het ronden van de boeien door te geven aan het regattabreau.
Van Nita (thuisfront) krijg ik de laatste windverwachting van windguru. Conclusie: route 3 en proberen om woensdag Enkhuizen te bereiken. In de nacht van woensdag op donderdag zal het hard gaan waaien, donderdag elf lijkt ook geen mooie dag te worden (WNW 5 Bf). Ik zet de wekker op 05:00 uur en ga slapen.
Op woensdag word ik rond 06:40 uur ruw uit een hele mooie droom gewekt door gebonk op het schip. Han Beijersbergen wil er tussen uit. Ik ben kennelijk gewoon door de wekker heen geslapen. Als Han er tussenuit is, ga ik weer op zijn plekje liggen. Eerst een goed ontbijt. Dan de spi gereed maken. Het lijkt een rustig windje te zijn. Maar ja, je ligt hier in de luwte.
Rond 0800 start ik, in een lang lint van zeilboten, meest onder spinaker, richting het Paard van Marken. Bij het Paard moet de spi eraf om richting de GZ2 te varen.
Bij de GZ2 aangekomen is de wind zover gedraaid, dat de NEK niet met spi te doen is. Ik ruim de spullen maar weer op. Van de NEK naar de OVD3 is het hetzelfde liedje: net te hoog aan de wind voor de spi. Achter me zie ik Peter van den Driesche zijn halfwinder zetten. Na een paar keer uit het roer gelopen te zijn, heeft hij zijn boot onder controle en loopt me voorbij.
Tegen de tijd dat ik bij de EZ29 ben, belt Peter me op. Hij zit in Lelystad achter een uitsmijter te wachten op meer SW wind.Tevens weet hij te melden dat ik op een 6e plaats lig in het tussen klassemnt. De eerste plaats is voor de schipper die als enige zij spi durfde te zetten tussen de NEK en de OVD3. Peter dus.
Na de EZ29 gaat het om het puntje van het Enkhuizerzand richting de WV14 (Den Oever). Het is nog licht als ik die rond (het waait inmiddle 5 à 6 Bf), ik ga nog naar Enkhuizen. In het donker rond ik de KG2. De wnd is inmiddels weer tot boven de 20 knopen aangetrokken, een halfc uur tje geleden heb ik het zeil nog ontreefd. Na de KG2 vaar ik richting kant om de zeilen te strijken. IN de kom van de Compagnieshaven ga ik voor anker. Er liggen nog meer boten, maar het is te donker om ze te onderscheiden.
Even afwassen, kop kofiie, borrletje erbij, verslagje typen en dan te kooi. Morgen weer vroeg op.
Donderdagmorgen gaat de wekker weer vroeg. De hele nacht heb ik slecht geslapen. Door de harde wind lag ik niet rustig en ben ik elk uur gaan controleren of het anker nog wel hield. Rond 8 uur start ik weer en ga ik onderweg naar de Sport B. Er zijn duidelijk meer mensen die hetzelfde plan hebben, een hele rij zeiltjes begeeft zich naar het noorden.
Van de Psort B met harde wind van achteren richting Urk. Dat gaat lekker. Als ik achterom kijk zie ik dat er één is die zijn spi durft te zetten. Peter van den Driesche misschien weer?
Onderweg heb ik telefonischcontact met het thuisfront. Volgens Windguru draait de wind morgen naar het zuiden en blijft hij vandaag nog in het noord-westen. Ed en ik besluiten door te gaan richting Medemblik (da’s even kruisen) om vervolgens allemaal bezeilde rakken tot aan Lelystad te pakken. Daar rusten en dan het laatste stukje naar Muiden.
En dan vaar je door terwijl je anderen de haven op ziet zoeken. Het plan komt uit, de wind neemt wat af, maar blijft in de westhoek. Rond 05:30 uur meren we naast elkaar af in Lelystad. We nemen nog een borrel en gaan snel te kooi.
Vrijdag gaat om 0930 uur de wekker al weer. Het kost me moeite op te staan, maar uiteindelijk ben ik rond 10:30 helemaal klaar. Ed blijk zijn ankerbak vol met water te hebben als gevolg van een verstopt afvoerpijpje. Als dat verholpen is, vertrekken we richting OVD3. We hebben de indruk dat we vooraan in het veld liggen. Vanaf de OVD3 gaat het in vliegende vaart richting NEK. Met zuidenwind, rond de 5 – 6 Beaufort, onder vol tuig, scheuren we naar Noord Holland. Het lukt me niet Ed in te halen (dat was een paar jaar geleden anders, wat doe ik nu toch niet goed? Of is Ed anders gaan varen?). Van de NEK naar Volendam is niet bezeild. Voor het klassement zou je nu een rust in Hoorn moeten pakken; wij hebben onze zinnen gezet op de line honours en gaan door naar Volendam. Daar pakken we de verplichte 6 uur rust. Vanavond gaan we door naar Muiden.
Als we toch in Volendam zijn, maken we van de gelegenheid gebruik om een visje te eten. Nog even wat slaap pakken, vanavond om 22:00 uur het laatste stukje zeilen. Naast de harde wind, regent het er nu ook bij. Geen fijn vooruitzicht.
Red. in het verslag van de 200 myls ‘SOLO’ Vrijdag, 30 september – 20:00 uurHet schijnt dat het aandewindse rak naar de IJM 17 nog wordt uitgesteld door Ed en Erik Jan , wegens het volmaken van de rusttijd.
Het fanfare orkest wordt dus naar huis gestuurd, de menigte op de wal schreeuwt niet meer en keert teleurgesteld met opgetrokken kragen in de regen naar huis terug, de pers en het vuurwerk worden op non actief gesteld.
Zaterdag, 01 oktober – 03:00 uur
Line honeurs Erik Jan Hardonk met z’n ‘Nescio’
![]() |
![]() |
Vrijwel tegelijkertijd passeerden Ed en Erik Jan de IJM 17. De champagne stond klaar. Ed Megens had de pech vlak na de start bij de GZ 2, dat z’n grootschoot door het uitstaande grootzeil bij het rakelings passeren van een MN staak daarin bleef hangen met ….. bijna alle gevolgen van dien. De schoot werd spontaan doorgesne den door het driehoekige MN plaatje boven op de staak ! |
Eric Jan Hardonk
Nescio
200 myls ‘SOLO’ – 2005Overgenomen uit website Happy zeilen van John v.d. Starre
http://www.happyzeilen.nl
John’s eigen verhaal over de 200 myls ‘SOLO’ 2005

Vanaf begin september begint ‘t al weer te broeien, de 200mijls solo komt er aan! Na de deelname van vorig jaar ben ik toch behoorlijk door het 200 mijls virus gegrepen. Op zich is solo varen voor mij een ideale manier van ontspannen, m’n grenzen opzoeken en het verbeteren van de boothandling. Zo heb ik deze zomer dan wel geen OSTAR, Petit Bateau of ander groot solo evenement gevaren, maar als ik de kans had om alleen wat langere trajecten solo te varen , zoals bijvoorbeeld de aanbreng van de SCHUTTEVAERRACE van Scheveningen naar Stavoren via Den Helder en ook na het evenement weer terug, probeerde ik toch om lekker door te pushen. Was het voor mij voor enkele jaren ondenkbaar om bij 25-30 knopen wind in m’n eentje te spi-en, inmiddels lukt dat al aardig en leer je door schade en schande allerlei trucs om alles heelhuids boven te krijgen en vooral heelhuids er weer af te krijgen. Zo had ik terug van de Schuttevaerrace enkele angstige momenten toen ik 20 mijl N. van Scheveningen toch zo’n 30-35 knopen wind over dek had met m’n zwaar weer spi op. Op de automaat (“Harry” genaamd) was ‘t niet meer te doen, ik moest zelf sturen om alles in het spoor te houden. Alles O.K., maar voor Scheveningen moest die spi er toch een keer af. Die 20 mijl sta je dan met het zweet in je handen je af te vragen , hoe pak ik dit aan? Waar is nou m’n bemanning? Nou ja , dan maar plat voor de wind ,risico op ‘n chinees, automaat erop, jump naar de pit,snel loef los, val los en als een waanzinnige die spi naar binnen klauwen, hopende dat “Harry” het ondertussen aankan en het geheel in het spoor houdt. Al deze idioterie onderneem ik met in m’n achterhoofd “straks in de 200 mijls moet ik dit ook kunnen”. Gaat alles goed , niks aan de hand. Gaat het fout dan is het weer een duur leermoment…. Zo heb ik voor deze 200mijls menig ‘peentjes’ moment opgezocht.
De weken voor de wedstrijd zijn bovendien altijd de periode dat de HAPPY weer in topconditie gebracht wordt, zo is weer een nieuwe laag antifouling aangebracht, de tuigage nagekeken samen met Wim onze voordekker en ook een poetsbeurt hoort erbij. Het is net als met een auto, als hij glimt, rijdt hij lekkerder. Ook helpt de rest van het HAPPY team helpt waar ze kunnen, George met de voorbereidingen en delivery, Marcel en Herman met het up to date houden van de site en mij voorzien van extra informatie.
De dagen voor de race kan ik het niet laten om toch regelmatig de sites van o.a. Windguru en Windfinder te bekijken en de voorspellingen te spiegelen op de desbetreffende banen. Na vorig jaar had ik me voorgenomen dit niet steeds opnieuw te doen, je wordt er namelijk helemaal gestoord van ,iedere 6 uur als je internet opgaat, kom je vaak weer op een andere gunstige baan uit. Maar ja, ik kan het toch niet laten om te kijken wat het gaat worden. Een ding is dit jaar zeker, wind gaat er komen. Vrijdag m’n auto in Muiden neergezet,George heeft me daar weer opgepikt. Zondag de boot samen met George naar Muiden gevaren en hem gestald in de Koninklijke ,vorig jaar lag ik op woensdagochtend helemaal klemvast, dat wil ik dit jaar zien te voorkomen, hier kan ik vertrekken wanneer ik wil. Uiteindelijk heb ik woensdagochtend met Gerben Bos om 07.30 nog een bakkie gedaan en zitten bomen over z‘n nieuwe boot, haast was er dit jaar niet, de wind leek later gunstiger.
Woensdag 28 september
Na een slechte nachtrust ,mede omdat ik nog steeds geen vaste keus over de baankeuze heb kunnen maken, kijk ik maar weer eens op internet voor de laatste weersvoorspelling. Baan 1 lijkt me de beste keuze, alleen moet er in het begin 15 mijl gekruist worden van OVD3 naar de P15. Deze investering (nadeel 2,5 knopen/uur) moet wel terugverdiend worden door de 6-7 uur varen over tij (voordeel 1,5-2 knopen /uur). Dit lijkt iets voordeel te geven. Bovendien lijken baan 3 en 4 later in de race ook met kruisen te maken te krijgen.Alleen hoe zit het met windwaarschuwingen? Op het palaver is ons ingepeperd: Als er waarschuwing bft.7 is mogen we niet uitvaren of moeten we zo snel mogelijk een haven opzoeken. Aan de kust zal meer wind staan, echter in de loop van donderdag is de verwachting bft.6. Dus voor mij een voorkeur voor baan 1, ook historisch gezien zijn de banen op stroom meestal de winnende.
Na de start om 09.00 (omdat de wind dan wat sterker is) koers ik naar Marken onder spi.Ik zie bijna het hele veld voor me . Alleen de 2 waarschepen Lightning en Fast Good zie ik achter me evenals mede scheveninger Jan de Bruin met de Escape. Na Marken richting Volendam gaat de spi eraf en de Genua 1 erop. De koers is nu helaas te hoog om te spinakeren. Na passage van de GZ2 richting Nek (Hoorn) trekt de wind aan naar een 16 knopen. Tijdens dit rak probeer ik te kijken of de deelnemers die de Nek gepasseerd zijn de spi opzetten. Ik zie er inderdaad enkele omhoog gaan, waarna ik besluit de spi klaar te maken
In de week voor de race kreeg ik ineens een idee om een nog onder in de kast liggende spi-slurf zo om te bouwen dat ik vanuit de kuip de spi kan ontvouwen en wurgen.Ideaal voor extreme omstandigheden. Na ronding van de Nek besluit ik m’n geheime wapen op te zetten. Piet Bakker van de Jolly J moet in z’n vuistje gelachen hebben toen hij mijn getob aanzag. Spi en slurf gehesen, vanuit de kuip slurf omhoog en…. Alles vast!Net begonnen en nu al vast. Met de spi half ontvouwd en zich ondertussen wikkelend om de bedieningslijnen vaar ik met een vreemd soort 8-vormig gevaarte zwabberend voor de mast mijn eerste mijlen na de Nek. Uiteindelijk weet ik met veel moeite de boel te ontwarren en de spi weer vol te krijgen. Ondertussen is de wind toegenomen tot een 23 knopen. Te veel om te kruisen met m’n Genua 1. Ik moet die dus eraf halen, door t luik proppen,dan Genua 3 aanslaan en omhoog. Veel tijd heb ik niet. Ik besluit dat wanneer ik alles voor de OVD gereed heb , voor baan 1 te gaan,omdat ik dan meteen moet kunnen doorvaren. Krijg ik niet alles gereed dan klok ik OVD3 ,ga links af en ga voor baan 3 of 4 . Met rusttijd om alles te klaren. Precies voor de OVD3 heb ik spinaker en slurf naar beneden, Genua 3 staat inmiddels. Wat een hectiek. Dus:
Te koop: slurf voor spinaker, z.g.a.n. nauwelijks gebruikt,inclusief revolutionair bedieningssysteem .T.e.a.b. tel…….
Tussen het omtuigen door probeer ik nog te kijken hoeveel deelnemers ook voor baan 1 kiezen. Het blijken er bitter weinig te zijn. Ik zie slechts 3 boten voor mij rechtsaf richting P15gaan. Twijfel slaat toe, zie ik het weer anders, mis ik iets??? Niet zeuren ,je tactische keus is gemaakt, het zout roept.. Hoe je uiteindelijk je definitieve baankeuze maakt… Tijdens het schutten komt reeds de waarschuwing ZW bft7 door. Toch wel teleurgesteld. Hierdoor moet ik het eerste tij om 24.00 laten lopen. De windrichting was uitermate gunstig om een toptijd naar de MH4 (Den Helder) te zetten. De verwachting voor morgen is WNW 6bft, waardoor dit rak minder gunstig bezeild is .
Donderdag 29 september
Weer onrustige slaap, om 03.00 het Marifoonbericht van
het KNMI bekeken. Yes!! De waarschuwing is eraf : Ijmuiden en Texel WNW 6bft. Maar:Marken en Ijsselmeer 7bft,! Volgend bericht 14.00 Ik kan dus morgen met het tij vertrekken terwijl de rest nog op slot ligt. Na de wedstrijd wordt gezegd dat dit Marifoonbericht van het KNMI niet door alle marifoonblokken is overgenomen… Volgende keer ga ik ook maar eens een kanaal zoeken waarop misschien geen waarschuwing gegeven wordt, kan veel schelen. Tijdig probeer ik naar buiten te gaan, Gilles van Delft met de Utopia maakt ook aanstalten , de andere 3 IJmuidengangers blijven nog een tij wachten. Voor de pieren is het behoorlijk ruig,golven van 3- 3,5 meter , af en toe brekend,wind WNW 6. Angst voel ik niet, wel wat spanning, in m’n surftijd wel grotere golfjes gehad. Na het passeren van de Baloeran komt de reddingsboot van de KNRM kijken welke idioot daar het zeegat kiest. Na een mijltje mee op gevaren te hebben heb ik blijkbaar hun vertrouwen gewonnen en gaan de duimen omhoog en gaan ze terug richting Ijmuiden.
De boot maakt behoorlijke klappen maar houdt zich goed , speed 7-7,5 knts, rif gezet ,Genua 2 op rol 1/3 verkleind. Voor het Schulpengat ter hoogte van het “Franse Bankje” krijg ik nog een historisch stukje schuim te verwerken. Water tot de kajuitlieren, kuip vol bruin water,verder alles ok. “Harry” krijgt even een stuurverbod, het is echt weer een beetje surfen. Zig zaggen , kijken , snelheid houden en ontwijken. Blauwe lucht , in de verte een bui, wit schuim , dit is zeilen! Bij het passeren van de MH4 blijkt er een probleem met de X-track , z’n knop heeft teveel water gezien vrees ik, wel piepen niet piepen,ik tape hem maar in een plastic zak. Hier gaat het tij echt lopen, 2-3 knopen, en na de T12 Oude Schild gaat de spi er weer op, uiteraard zonder slurf ,want die staat te koop. Wederom kicken, water glad achter de boot, niet eventjes maar minutenlang in plane. Alleen met 7 ton boot. Bootspeed constant 10-11 knopen. Waanzinnig! Na het schutten bij Kornwerd blijkt het gunstig om nog door te varen naar Medemblik en Hindeloopen , daar deze beide rakken nu goed bezeild zijn. Morgen draait de wind naar Z-ZW en is het hier kruisen. Rond 24.00 klok ik af bij de H2 Hindeloopen, en vaar naar de haven. Opeens ben ik gedesorienteerd , ik ben vaak in Hindeloopen geweest, maar dit herken ik niet! Blijk ik de verkeerde geul genomen te hebben en vaar ik in Het Zool. Stikdonker ,onbekend, ondiep ,vastlopen, wegwezen! Uiteindelijk lig ik om 01.30 bij de kraan in de jachthaven van Hindeloopen. Tegenover mij ligt de Escape, maar Jan de Bruin slaapt dus ik doe maar rustig.
Vrijdag 30 september
Mijn plan is zo vroeg mogelijk te starten om de draaiende wind te benutten. Als ik via Breezanddijk Stavoren kan bezeilen voordat de wind in de voorspelde ZZW hoek zit , zou dat mooi zijn. Als ik om 5.30 uit Hindeloopen vertrek slaapt Jan nog steeds. Ik wist toen nog niet dat hij die avond ervoor een genuaschoot in zijn schroef had gekregen en door de reddingsdienst naar binnen was gesleept, waarna hij zich afmelde voor de verdere race. Het traject loopt volgens plan, alleen het laatste stuk naar de VZ1(Stavoren) is net niet meer bezeild, Een slagje van een halve mijl is het gevolg. Later op de dag wordt beduidend meer wind voorspeld,ik besluit hier wederom 6 uur rust te nemen ,wachtend op deze wind, Bovendien kan ik dan deze periode benutten om te ankeren. In de afwateringskom van het gemaal vind ik een mooi ankerplekje. 6 uur later waait het inderdaad 25 knopen ,zoals voorspeld. Het rak van Stavoren naar Den Oever gaat weer zeer snel. Na ronding van de WV14 (Den Oever) iets minder, tot het Enkhuizerzand bezeild, daarna weer een slagje naar de HR-B Lelystad.
Inmiddels is de duisternis ingevallen en is het extra oppassen voor beroepsvaart. Een van de leuke dingen van de 200mijls is dat iedereen zo ontzettend meeleeft. Het is soms alleen jammer dat iedereen die steun kenbaar wil maken door voortdurend mijn mobiel te laten rinkelen. Ik moet Jan Luyendijk eens vragen of een telefoniste aan boord telt als een bemanningslid of als een veiligheidseis. Vorig jaar kan ik me herinneren dat mijn mobiel afging, ik even naar binnen liep om hem op te nemen,kort sprak,weer naar boven kwam en me helemaal kapot schrok van een gigantisch donkere schim welke ik ternauwernood kon ontwijken. (De groeten van “Het Statenjacht” Muiden).
Na schutting besluit ik nog door te varen naar de Nek (Hoorn) gezien de gunstige windrichting. De OVD 3 lijkt wel aan de rand van de wereld te liggen. Door het slechtere weer ,donkere water, weinig boeien/lichten op het Markermeer lijkt het wel of ik een zwart gat inga. Ik zet zelfs de verlichting van mijn meters uit om een beetje zicht te houden. Ondertussen loop ik ook nog een deelnemer voorbij in de nacht. Maar wie? Nog 3 mijl te gaan zie ik het groene isolicht van de Nek. Harry stuurt me strak ernaartoe. De regen komt met bakken naar beneden, Hoorn ziet eruit als een sprookje, onder de scheepsjongens vind ik rust.
Zaterdag 1 oktober
Vannacht goed geslapen,ik kan er weer helemaal tegen. Denk ik. Of ben ik toch niet meer zo fris als een hoentje? Er zijn wat signalen dat ik toch wat minder scherp ben. De voorspelling is WNW 4 ,rond 12.00 het meest NW, daarna wat meer W. Om het rak goed bezeild te hebben besluit ik rond 12.00 te vertrekken,en motor ik daarvoor rustig naar de Nek. Ondertussen kan ik mooi mijn genua2 op het rolsysteem wisselen voor de Genua 1,beter voor deze wind. Dus de 2 naar beneden, door het luik gepropt,de 1 uit de bakskist gepakt, aangeslagen en hijsen maar, shit hij loopt uit de groef, weer naar beneden , weer hijsen ,weer ernaast, pre-feeder zit te hoog, deze verder naar beneden vast geknoopt, weer hijsen, staat. Inderdaad staat top…..die Genua 3! Heb ik de verkeerde zak gepakt en de 3 erop gezet. O.K. de 3 er weer af, ook in het vooronder proppen, de 1 uit de bakskist etc,etc. Gelukkig is dit alles voor de start, maar toch , ik ben al kapot voordat ik moet beginnen. Ondertussen belt mijn broer Dick , die mij gedurende de gehele race overlaad met gemiddelden,feiten, berekeningen etc, met de mededeling dat een aantal boys (en girl) op baan 4 ook wel een erg hoog gemiddelde hebben, en mij waarschijnlijk voor zijn. Nee he, heb ik een top gemiddelde van 7,3 red ik het nog net niet. Nou ja ,dit motiveerd wel om het laatste stukje extra gas te geven.Dus na Volendam gaat de spi voor die paar mijl naar het Paard van Marken nog even omhoog, het laatste rak wordt ingezet , wel wat hoog aan de wind , kost snelheid, de IJM 17 in zicht. Op naar de finish!
Na aankomst is de warme ontvangst op het finishschip altijd weer zeer aangenaam,ervaringen worden uitgewisseld. Het rekenen kan beginnen. Na voorlopige berekening een vierde positie, niet verkeerd,een hoog avontuurgehalte dit jaar, volgend jaar nieuwe race nieuwe kansen! Ik ben er op zeker weer bij!
Online verslag
![]() |
![]() |
Als maar werken en controleren. Niets wordt aan het toeval overgelaten (zelfgemaakte foto’s).
![]() |
![]() |
Onderlinge fotowedstrijd en een verlossende kreet na het passeren van de finish(zelfgemaakte foto)
Update 2 oktober; 11:05 (Marcel)
Alweer terug in Scheveningen!
Nadat John gisteren het papierwerk in de haven in orde had gemaakt, begint het alweer te kriebelen. Als ik nu ga, kan ik nog om 24:00 uur in schevingen zijn. Jan de Bruin van de EsXape trok hetzelfde plan en vertrok even voor John naar Scheveningen. Net een sluislichting eerder verkoos de EsXape al het ruime sop, en kort na elkaar kwamen beide “Scheveningers” weer in hun thuishaven aan. John assisteerde Jan nog even bij een ietwat ongelukkig uitgevallen aanlegmanoevre en even later sms-de John het thuisfront dat hij veilig en wel in zijn box lag. Op het voorstel of we morgenochtend nog even zouden gaan trainen reageerde John voor het eerst afwijzend. Nu ging hij slapen.
We blijven in afwachting van de definitieve uitslag. De website geeft nu nog geen goede positie op voor John. Echter wij denken (na enig rekenwerk) dat de uiteindelijke positie toch hoger zou moeten uitkomen. We houden u op de hoogte.
Update 1 oktober; 15:58 (Marcel)
John gefinshed
Om 13:49 finishde John met zijn Happy. In totaal heeft er 27:27 uur over gevaren, wat neerkomt op gemiddeld 7,29 mijl/uur. De website van de 200myls meldt dat John 5e staat in het klassement. Ik denk dat er nog wat berekeningen gemaakt moeten worden, maar voorlopig is zijn strijd gestreden. John voelt zich nog goed en denkt er sterk over na om direct weer los te gooien. Een beetje zeiler als hij is niet te houden, want hij wil alweer naar zee. Als hij nu aan de reis naar scheveningen begint, kan hij morgen weer in zijn box liggen. Een lekker vooruitzicht… Waarschijnlijk geen biertje in Muiden vanavond.
Update 1 oktober; 09:05 (Marcel)
Veel rekenwerk aan boord van de Happy.
George (genuaman a.b. van Happy) belde me zojuist wakker. Nog tijdens dit gesprek wisselgesprek: John. Niemand van het team zit op het water, maar de wedstrijd leeft bij iedereen. John was vanmorgen vroeg al wakker en heeft even naar de posities gekeken. Wie blijkt er ook nog een grote concurrent:Dik Geurts, nota bene onze reserve PIT-man! Dik zit op Vlieland en moet nog ongeveer 120 mijlen en heeft hiervoor 16,24 uur. Dan vaart Dik 7,5 kn gemiddeld en eindigt hij sneller dan John. De wind ruimt voor Dik (en John) de goed kant op. Dik zal nog een beetje last hebben van het tij en moet wellcht nog kruisen naar Hoorn later op de dag….. het bluhft afwachten.
Je ziet maar weer, de 200myls is een bijzondere wedstrijd !
Update 1 oktober; 00:55 (Marcel)
John in Hoorn !!
Om ongeveer 23:06 kwam John aan in Hoorn Hij had een TOP-dag. Hij is er van overtuigd dat hij wederom goede zaken heeft gedaan. Als we even snel rekenen zit de gemiddelde snelheid nu net boven de 7,2 kn. gemiddeld. 184 myl in ca 25,5 uur Wij blijven hoop houden. Wanneer John de resterende mijlen binnen 2:31 uur bezeild, heeft hij een gemiddelde snelheid van 7,2 kn. gevaren!!!
Na het ankerop gaan in stavoren liep het allemaal fantastisch. Voor morgen ziet de wind er redelijk goed uit. Even wachten tot hij uit de goede wind waait en dan: KNALLEN!!
John meldt dat het wachten één van de moeilijkste dingen van deze 200 myls is. In zijn berekeningen moest hij bijvoorbeeld niet gelijk starten, maar pas om ca 11:00 uur. En dan fluitend alle bootjes zien gaan varen, wetende dat je in een wedstrijd zit en NIETS doen…aaaargh zenuwslopend. Vervolgens toen hij achter het veld aanhobbelde en daar totaal niemand voor baan 1 zag kiezen, werd hij wederom wat nerveus. Had hij het dan toch verkeerd berekend wat doe ik verkeerd, het kan toch niet dat ik de enige ben die er zo over nadenkt. Waarom gaat niemand voor baan 1? Op het laatste moment ging nog één andere boot ook voor baan 1 en na John volgden er nog 3. Met zijn vijfen op baan 1… Wachten is en blijft uitermate spannend
Later meer over de finishtijd en gezeilde tijd van John met zijn Happy!
Update 30 september; 14:00 (Marcel)
Strijdbaar na goede “nacht”rust
John belde zojuist vanuit Stavoren. Heerlijk geslape en er helemaal klaar voor. Hij deed nog even verslag over zijn kapriolen gisteren op het wad: “Het was wááánzinnig om gisteren spi-end over het wad te denderen. Conrinue onderspi in plané over een vrijwel vlakke zee. Ik denk dat ik nog nooit zo lang aan één stuk zo hard gevaren heb. Echt Super!” We rekenen zojuist na, dat dit 11 knopen gemiddeld betekend!
Vandaag nog even goed naar de weersvoorspellingen kijken, wat doet de wind?
Update 30 september; 8:50 (Marcel)
Huidige positie 4e plaats!!!
Het gaat goed! Na gisteren optimaal geprfiteerd te hebben van tij en wind staat John 4e in het klassement. Op dit moment plot hij de boei van Stavoren. John meldde zojuist dat hij daar (gezien het weerbericht) een leker uiltje zal knappen, om daarna de strijd weer aan te vangen onder aanzienlijk meer wind.
Gisteren heeft John een enorme tocht gevaren, vanuit IJmuiden, naar Den Helder, Oude Schild, Kornwerderzand, Medemblik en ook nog maar even naar Hindeloopen. John wordt geleefd door weerberichten. Vanmorgen om 05:00 uur vertrok hij alweer omdat de windrichting gunstig was om Breezandijk en Stavoren nog even te pakken. Hier neemt hij 6 uur rust, want vanmiddag staat er veel meer wind.
Het blijft spannend. Het ziet er op zich allemaal gunstig uit, maar de strijd is nog niet gestreden Nog 3 posities omhoog…
We houden u op de hoogte
Update 29 september; 16:50 (Marcel)
Den Helder en Oude schild al voorbij!
John is nu op weg naar Kornwerderzand! In ons korte telefoongesprek wist hij te melden dat het goed gaat. Wel ruig en bakken water binnen, er stond een behoorlijke zee en dat blijkt ook uit de gegevens van actuele waterdata. Er kwam daardoor veel water binnen…
We kunnen aannemen dat het allemaal goed gegaan is, want op dit moment loopt John onder spi met tij mee over het wad met een enorme gang richting Kornwerd.
We keep you informed!.
Update 29 september; 9.45 uur (Herman)
Afgelopen nacht is een behoorlijke storm over Nederland getrokken. John heeft enkele minuten 55 knopen wind over dek gehad. Gelukkig lag hij toen in zijn kooi. Na enkele uren goed slapen is het plan voor vandaag getrokken. De huidige weersituatie is gunstig voor diegenen die in IJmuiden liggen. Inmiddels is de windwaarschuwing ingetrokken voor IJmuiden. Op zijn vroegst wordt de waarschuwing voor het IJsselmeer pas om 12 uur vandaag ingetrokken. Pas dan wordt de nieuwe KNMI weer- en windverwachting bijgesteld voor het IJsselmeer. Zoals John deze situatie zo keurig weet te verwoorden; het wordt vandaag JACKPOT!
Zodra het tij gunstig is zal de Happy IJmuiden verlaten om naar Den Helder te zeilen. Met een goede planning heeft John een aantal knopen stroom mee op de Noordzee, en minimaal 3 op het Marsdiep. Vanuit het Marsdiep wordt langs Texel gezeild naar de sluizen bij Kornwerderzand, om daar weer het zoete water van het IJsselmeer op te gaan. Het uiteindelijke doel is om een aantal rakken op het IJsselmeer te zeilen om in Stavoren te eindigen. Een hele klus, die valt af staat bij een juiste planning en de juiste windveranderingen. Mocht het zeilplan voor vandaag gehaald worden, dan doet John zeer goede zaken. Hij heeft dan ruim 140 mijl van de 200 mijl afgelegd. Dit kunnen alle solo zeilers die op het IJsselmeer zijn gebleven niet zeggen. Vanzelfsprekend is het afwachten wat de concurrentie doet. Er hebben vannacht in totaal vijf zeiljachten overnacht in IJmuiden. We gaan er vooralsnog van uit dat John over voldoende zeilcapaciteiten beschikt om de andere ‘IJmuidengangers’ zijn heklicht te laten zien. Dus alle fans van meneer Van der Starre hopen inderdaad op een jackpot voor hem en een vroege thuiskomst.
Update 29 september; 8:00 uur (Marcel)
Soms ziet het mee en soms zit het tegen (Hé misschien een nieuwe sponsor benaderen?)
Het ziet er naar uit det hat toch meezit. Berichtten we jullie gisteren al over de gok die met de baan genomen is. Het ziet er nu naar uit dat de eerdere keuze toch nog gunstig uitkomt. John mag varen NOg even wachten op de juiste tijstroom en dan met een knallende bloedspoed naar Den Hleder. 200 myls deelnemers beware, de vier route 1 mannen komen er aan!
Update 28 september; 22:00 uur (Marcel)
Het leuke is wanneer je met meerdere mensen aan 1 site werkt je elkaar kunt aanvullen.
Onderstaand plaatje laat zien waar John nu is (bron www.200myls.nl) Net opnieuw met John gesproken. Hij is niet blij. In deze race kun je kiezen uit een 4-tal wedstrijdbanen. John heeft er voor gekozen om de zee route (baan1) te kiezen, omdat er lekker veel zuidenwind zou zijn, waarmee hij dan spi-end naar Den Helder zou kunnen varen. Een logische keuze. Echter op dit moment ligt John met ca 4 andere schepen VAST in IJmuiden. Eén van de wedstrijdbepalingen is dat men niet mag uitvaren bij windkracht 7. Het was een gok of het zou kunnen en zonder geluk vaart niemand wel. We houden hoop. de wind kan nog minderen en over 12 uur loopt eer een nieuw tij de goede kant op…

klik op het plaatje voor de meest actuele gegevens.
Update 28 september; 19.30 uur (Herman)
John zojuist over de telefoon gesproken, terwijl hij net voorbij Amsterdam vaart het Noordzeekanaal op, en direct voor u een update over zijn verrichtingen van vandaag.
Alle solo zeilers hebben hun eerste traject afgelegd met voldoende wind. Hoewel het vanochtend matig was, zwol de wind aan op het zuidelijk IJsselmeer tot wel 25 knopen. John heeft flink wat mijlen met de spi kunnen zeilen. Onderwijl heeft hij de genua-1 verruild voor de genua-3. Ook de lichtweer spi werd na een aandewinds rak ingeruild voor de zwaarweer spi. Vanaf Lelystad heeft John besloten richting Amsterdam te zeilen, het Noordzeekanaal over naar IJmuiden. Het plan is dat hij vannacht rond 24 uur langs de kust zeilt naar Den Helder. Het beloofd een heel zwaar rak te worden. De verwachtingen laten een toename van de wind zien tot ruim 27 knopen uit het zuidwesten, ruimend naar het noordwesten. De golven zullen zich opbouwen tot een hoogte van ruim 2,5 meter. John heeft dus zijn volle concentratie nodig om snel, maar bovenal heelhuids, Den Helder te bereiken.
Zodra Den Helder bereikt is, zal eerst een beetje diesel opgeruimd moeten worden. De reserve jerrycan heeft iets gelekt, net voldoende om een penetrante lucht te veroorzaken. Daarna is het tijd om de kooi op te zoeken voor een welverdiende rust.
Hoewel het op dit moment helemaal niets zegt, toch even de positie van John doorgeven. Bijna de hele dag bezette John de 7e plaats. Als een van de weinigen heeft hij voor de Noordzee route gekozen, terwijl de meesten het noordelijke IJsselmeer op gegaan zijn. Door deze beslissing is John tijdelijk gezakt naar een 68e positie in het tussenklassement.
Via deze website doet John iedereen de hartelijke groeten vanaf de Happy en laat weten dat het goed met hem gaat en uitziet naar een paar uur lekker slapen in Den Helder.

Ook Henk de Velde, Neerlands bekendste solo-zeiler, leeft mee!
John van start in zijn 2e 200 Myls Solo.
We schrijven woensdag 28 september 2005. Voor John is zijn tweede 200 Myls Solo van start gegaan. Hij had zelf een ligplaats gereserveerd bij de Koninklijke om dinsdagavond nog even het water op te kunnen gaan. Tevens was het voordeel dat hij kon starten wanneer hij wilde, er waren namelijk geen andere zeiljachten die de Happy kunnen inbouwen.
Woensdagochtend is John met de Happy in alle vroegte gestart bij het forteneiland Pampus. Rond negen uur viel het startschot en de 200 Myls Solo 2005 heeft zijn aanvang genomen. Al met al wordt het een tactische wedstrijd. Men verwacht wat ruiger weer rond het weekend, en met name aankomende vrijdag. Vanmiddag zal John moeten gaan kiezen welke route hij zal gaan volgen.
Volg de verichtingen dagelijks op de website.
|
|
![]() |
woensdag 28 september 2005, 22.30 uur
Beste Jan, ik heb vernomen dat je opgegeven hebt. Misschien wel heel verstandig. Het weer is nogal wild. Ik zag een paar boten na de OVD3 richting Amsterdam vertrekken. Er is eind van de middag voor de kust een waarschuwing ZW7 afgegeven.
De dag begon zo rustig. ZZW bijna niets. Dus de spi erop en varen maar. X-trace WERKT!!! Eerder vanavond Bob gebeld. Positie en tijd wordt correct doorgegeven. Murphy zit in ieder geval niet bij mij aan boord. Het is tenslotte een Solo race.
Nu even over deze dag: Even na 8 uur vertrokken onder Spi richting paard. Even voor het paard de Spi weg en onder genua 2 verder. Na de MNGZ spi weer op. Duurde misschien 10 minuten. Het begon stevig door te waaien. Vanaf dat moment boord aan boord met de Scheerling. Enig fanatisme was ons niet vreemd. Of zat er toch een stiekem een touwtje tussen ons in. Op weg naar de OVD3 leek het verstandig om uit te bomen. Niemand zag ik dat doen, ik dus ook niet. Even voor half één bij de OVD3.
Na een vlotte schutting op mijn gemak richting EZ29. Ik wissel de genua 2 voor de 100%.Ook zet ik twee riffen. Het lange rak naar de WV14 moet niet overtuigd worden afgelegd. Even na twee andere spirits bij de WV14. Het is nog geen 6 uur, dus door naar Enkhuizen. In ieder geval de Nan en de Foddebosk van mij kunnen afschudden op weg naar de EZKG. Het is inmiddels erg koud geworden. In Enkhuizen wil men de vloot solisten niet hebben. Na het ronden van de boei wordt de deur wijd open gezet met 25 knoopjes wind uit ZW. Ik zoek beschutting in de Buyshaven
Donderdag 29 september 2005, 16.10
Nu op Urk. Met mij veel andere schepen. Allen lijken baan 3 gekozen te hebben. Een onstuimige dag. De wind hield zich niet aan de afspraak met het KNMI. Ruimde in de loop van de dag naar NW 5-6. Dat zou pas zaterdagnacht gebeuren.
![]() |
![]() |
Dus op tijd op weg naar de sport B. Was met moeite bezeild. Daarna door naar de UK16.
Vanaf de vrouwenzand plat voor het laken. Vlak voor de UK16 nog een windbui met 36 knopen wind. Ben blij dat ik binnen ben. Vannacht zou de wind naar ZW draaien. Misschien klopt dit wel. Samen met een hoop andere solisten de locale middenstand financieel ondersteund door massaal bij de chinees te gaan eten. Solisten bestaan niet, ze zoeken elkaar altijd weer op. De barometer is de afgelopen 24 uur tijd veranderd van 1020 via 1011 naar 1020!Vrijdag 30 september.
Het begint zo mooi! Met een ZW voldoende voor de volle snelheid op weg naar de WP8. Vlak water en heel relaxed. Na de WP8 door naar de VF4.
Dit rak is plat voor het laken. Ik aarzel om de spi te zetten. Het begint geleidelijk door te waaien. Geen spi dus, wel uitbomen. Denk dat het rak naar Lelystad bezeild is. Ik zet dus kruisend door naar de LCVZ1, om daarna met ruime wind door te zetten naar Lelystad en Hoorn. Is het echter net niet. Ik kom 15 graden te kort voor de HRB, de verkenningston noord van de houtribsluis. Achteraf leek het verstandig een rustpauze in te lassen in Makkum of Hindeloopen. De zeegang was nogal wild. Na Lelystad voor anker in Hoorn. Onderweg daar naar toe ijskoud weer en veel buien. Dus de kachel gestart voor enig comfort.
Tegen 12 uur afgemeerd in de kom. Een tamelijk strakke wind maakt dat ik alert ben voor het krabben van het anker. Pas vrij laat de kooi opgezocht.
Zaterdag 1 oktober.
Om ca. 6 uur gaat het ankeralarm af. Een korte controle geeft aan dat de wind naar WNW gedraaid is. Kom wel erg dicht bij het dammetje te liggen en bij die stokken . Ik ga om 7.15uur van anker af. Rustig richting NEK boei.
Het water is heerlijk vlak. De genua 2 gaat er weer op en om 8.15 uur rond ik de boei. Nog voor de MNGZ word ik voorbijgelopen door de Chill Out. Om 11.12 uur bij de YM16.
In Muiden blijkt dat er maar een paar boten binnen zijn. Het duo Lupa Maris en Nescio hebben onderling een verschrikkelijke strijd gestreden voor de line honours. Ik geloof dat ik als vierde schip binnengekomen ben.
Tot mijn verbazing ben ik eerste in het algemeen klassement. Ik neem het maar aan. Er zijn veel te weinig schepen binnen. Zal vast nog wel ernstig veranderen.
Joep Homan,
S/Y Almare.
WV de Schinkel – 2005
De 200 mijls 2005 van Henk Euverman
Wat een geweldig spektakel was het weer dit jaar. Maar eigenlijk te kort. Na een paar dagen kom ik pas goed in mijn ritme, stoot me niet meer overal tegen aan en wordt steeds meer gedisciplineerd in het terug leggen van spullen op z’n vaste plek, zodat ik, ‘s nachts niet steeds hoef te zoeken. Volgend jaar een 400 mijls ?
Het zag er dit jaar gunstig uit. Een zware stalen boot heeft veel wind nodig. En wind was er genoeg. Mijn handicap was vorig jaar nog 102 en dit jaar 100. De SW-mensen hebben deze bijstelling vast niet gedaan naar aanleiding van mijn prestatie van vorig jaar. (42 e) Dan was 104 meer op zijn plaats geweest. De bescheiden doelstelling: hoger dan plaats 42! Vanwege de harde wind moest dat toch kunnen lukken. Dag 1 ging heel goed. De eerste klap is een daalder waard. Tot aan Enkhuizen was alles bezeild. Midden in de nacht ben ik toch maar de haven binnen gegaan omdat het anker niet goed hield. (Uiteindelijk brak me dat nog lelijk op omdat ik dus nog een periode moest ankeren).
De volgende ochtend hadden we een uitgebreid dispuut met andere solisten over wel of niet uitvaren. Wat was het geval ? De kustwacht gehad gewaarschuwd voor alle districten windkracht 7. Ook voor het Ijsselmeer. Lelystad berichtte van windkracht 6-7 maar hield de waarschuwing bij 6. Wat nu te doen en wat zegt het reglement hierover? De meningen waren verdeeld. Samen met een aantal anderen heb ik het bericht van 9.15 afgewacht.
Toen door Lelystad nog steeds voor slechts 6 werd gewaarschuwd ben ik uitgevaren. Volgens mij moet je uitgaan van de waarschuwing die door het blokkanaal van jouw gebied wordt gegeven. En als het bericht spreekt van 6-7 maar de waarschuwing blijft bij 6 kun je ook uitvaren.
Van Enkhuizen naar de sport B en vervolgens naar Urk. Ik heb geloof ik nog nooit zo hard gevaren. 9.5 op de gps in een surf. Ongekend voor dit schip. En toch komt dat blauwe waarschip me weer voorbij (’t ware hout , ook sw 100). Dan lijkt het noodlot toch nog toe te slaan. Na de uk16 keurig te hebben geklokt maak ik bij het strijken van het grootzeil een enorme klapgijp. Wat een stommiteit! Hier is het lummelbeslag niet tegen bestand en een van de twee ogen van het giekbeslag breekt af. Einde wedstrijd.
De halve nacht heb ik liggen denken of er een oplossing mogelijk was want opgeven wilde ik niet. Desnoods maar alleen op de voorzeilen verder. Ik kan ook dan nog redelijk hoog aan de wind komen, maar van een wedstrijd is natuurlijk geen sprake meer. Het wordt dan meer en meer een prestatietocht. (was het toch al wel een beetje). Maar…, met een oog ben je dan wel gehandicapt maar je kunt nog steeds zien! Dus met een “lummeloog” moet je ook kunnen zeilen.
Ik heb het ene oog van de giek met een flinke sjorring aan de mast geknoopt en ben gaan zeilen. Eerst met een dubbel rif om niet teveel kracht te zetten op de constructie. Toen dat tot aan Medemblik en Makkum goed ging ben ik weer voluit gegaan. Het zaakje is tot aan Muiden heel gebleven.
Zaterdag was weer een prachtige zeildag. Helaas kon ik na de Nek niet doorgaan naar de ijm 17 omdat er nog moest worden geankerd. Dus naar Hoorn en na 6 uur weer terug naar de Nek. De beloofde “6 uit NW” is niet gekomen. Ik had twee favoriete cd’s voor het nachtzeilen: bach voor windkracht 2 en guns ‘nd roses voor 6. Het werd bach. (totdat de cd er vanwege lage voltage mee ophield, weg bach..) Hoewel ik een aantal slagen moest maken en met deze wind veel te lang deed over de laatste etappe was het een prachtige zeilnacht. Uiteindelijk ben ik gefinisht om 06.15u.
Natuurlijk zul je zien dat de giek niet meer wordt gemaakt en dat ik een compleet nieuwe exemplaar moet aanschaffen. Dus als iemand nog ergens een oude isomat giek heeft liggen, ik houdt me aanbevolen.
Henk Euverman
S/Y Cygnus
|
Eind augustus werd ik door Jan Luyendijk uitgenodigd om mee te doen aan de 200 mijls. Op een wildcard, zoals hij dat noemt. Een kadootje!! Maar jeetje, wat voor een! Ik schrik me rot, durf ik dat wel, kan ik dat wel? Ik heb daar nog lang niet genoeg ervaring voor, ik begin nét met zelf varen. Solo heb ik zowiezo nog nooit gevaren…
Maar aan de andere kant, varen met twee meiden en een kotsende hond is misschien wel moeilijker dan solo varen…?
Na een nacht heel slecht slapen en peptalk van mijn zusje, Bart en EricJan Wiebenga (die met de doorslaggevende argumenten komt) haal ik diep adem en zeg ik ‘Ja, graag!’
Er volgen nog meer slapeloze nachten, een proeftocht solo naar Borkum – die vlekkeloos verloopt, een op de valreep besteld nieuw grootzeil, mét derde rif en dan moet het maar zo ver zijn. Eerst de lange tocht van mijn thuishaven Termunterzijl naar Muiden. Bart vaart mee, gezellig. Het plan is buiten de eilanden om over de Noordzee maar in het bewuste weekend waait het dat het rookt dus dat plan wordt snel bijgesteld in een tochtje binnendoor.
Met Bart erbij is het strijken van de mast gelukkig een fluitje van een cent dus we vorderen rap en zien kans in drie dagen tot in Edam te komen. Het doel was Durgerdam maar op zondagmiddag was zowel het weekend als de wind op.
Het laatste stukje van Edam naar Muiden zeil ik een weekend later, samen met mijn oudste dochter Jiske. Het is stralend weer, de meldpost IJsselmeer rept over een oostelijke wind kracht 4 dus dat moet prima gaan. Waar die meldpost zijn windmetingen vandaan haalt is me na afgelopen week helemaal een raadsel want de wind die wij ter plaatse waarnemen is niet krachtiger dan hoogstens 2 Beaufort.
Langzaam sukkelen we richting Muiden. Uiteindelijk starten we de motor (dat mag nu tenminste nog) en arriveren gelijktijdig met Bart die de Alca Torda vanuit Zaandam heeft gevaren.
In Muiden ligt het mudvol. De vrouw van de havenmeester denkt niet dat we er nog bij kunnen maar zodra de havenmeester hoort dat we aan de 200mijls meedoen grijpt hij in en zegt: “Voor de 200mijls doe ik alles”. We mogen De Vrijheid onder zijn hoede achterlaten tot dinsdagavond.
Dan, dinsdagavond. De boot ligt volgestouwd met warme kleren en voorraden eten en drinken. Ik kan een weeshuis kleden, een dierentuin voeden (heb veel bananen meegenomen, dat blijkt een goede keus) en heb drank genoeg mee om een kroeg te beginnen. Na een gezellig palaver met veel onbekende maar gelukkig ook een paar bekende gezichten rommel ik nog wat op mijn bootje. Ik haal de huik er af, de leuvers van het grootzeil vast op hun plek (lijkt me zo’n rotgezicht als ik dat in de stress vergeet: grootzeil hijsen dat dan als een soort ballonfok aan je mast hangt… geen goede binnenkomer). Ik leg de fokkeschoot uit, maak de motor startklaar. Het wordt route 3. Mijn zusje en zwager vormen het walteam en voorzien me van wind informatie.
Om mijn eigen grenzeloze optimisme wat in realistische banen te leiden – ik denk namelijk altijd dat alles bezeild is, behalve pal tegen de wind in, heb ik van tevoren een ’tegenwindroos’ gemaakt. Uit een cirkel heb ik een hoek van 90° geknipt. Even nagedacht en er toen nog 15° meer afgeknipt. Midden in de ontbrekende hoek heb ik een pijl gemaakt. Als ik nu deze tegenwindroos op de kaart leg kan ik precies zien wat redelijkerwijs bezeild zou moeten zijn.
Woensdagochtend om 6 uur gaat de wekker. Om kwart over zes luisteren naar het weerbericht. Er wordt windkracht 4 tot 5 voorspeld, ZW, ruimend W. Ik besluit de gewone fok te kiezen. Snel nog een thermoskan thee maken voor onderweg.
Ik lig helemaal achteraan in de haven maar er komt snel ruimte. Voor mij vertrekt Ed Megens met de Lupa Maris. Om 7.40 passeer ik de M1. Later blijkt dat ik het knopje van de X-trace niet lang genoeg heb ingedrukt en SMS ik de starttijd naar het regattabureau. Met tellen heb ik zowiezo een probleem. Bij mij kan een seconde iedere tijdseenheid tussen 0.5 en 3 seconden duren. Dat levert onhandige situaties op bij ISO tonnen. Als ik een beetje doortel is een ISO 4 ton precies hetzelfde als een wat langzamer getelde ISO 2. Toch maar wat mee oefenen nog. Of op mijn horloge kijken..?
Al gauw word ik aan alle kanten gepasseerd door kleurige spinnakers. Daar ga ik dan met mijn kleine fokje, met een wind die eerder 3 dan 4 Beaufort is. Dus, genua er op. Dat scheelt meteen enorm en ik loop 6,5 knoop. Bij de NEK ton neemt de wind toe en moet ik de genua er weer af halen.
Het gaat allemaal lekker vlot tot de sluis. Het is voor het eerst dat ik zonder bemanning een sluis door ga dus ik vind het wel spannend. Mijn lijnen liggen klaar, de stootwillen hangen buiten en ik heb een plekje aan hogerwal op het oog. Dan gaat Wim Schreurs met de Mon Ami ineens dwars in de sluis liggen. Dat gaat helemaal niet goed maar gelukkig kan ik heelhuids langs hem laveren (zonder dat mijn motortje afslaat, wat ie graag doet op kritieke momenten) en langszij een andere deelnemer gaan liggen. Bijna maak ik nog een fatale fout door af te willen meren op een leeg stukje kade verderop, achter de brug. Die nog dicht is. Gelukkig realiseer ik me dat op tijd en wijzig het plan. Poeh.
Achter me is Bart met de Alca Torda komen liggen en na de sluis meren we even af aan een paal om thee te drinken. Jan Kees Lampe voegt zich al snel bij ons met de Little Sarah. Bart denkt dat het stuk tot Den Oever voor hem nog niet bezeild is en wil nog even wachten. Ik check met mijn tegenwindroos of ik niet wat te optimistisch was over de koers maar besluit dat het voor mij toch wel bezeild moet zijn en vaar tegen vieren weer verder. Mijn doel voor vandaag is Den Oever. De voorspelde buien met 45 knoop wind er in boezemen me wat angst in dus ik wil het liefst zo min mogelijk in het donker varen.
De wind is toegenomen tot kracht 6 dus ik steek een dubbel rif. Dat blijkt een goede keus en samen met mijn gewone fok vaar ik hoog aan de wind langs Enkhuizen naar het noordwesten.
Als snel komt Jan Kees mij voorbij. We maken foto’s van elkaar en hij belooft het bier vast koud te zetten. Het kost Bart (godzijdank) iets meer moeite om mij voorbij te lopen (in theorie ben ik sneller maar in de praktijk natuurlijk absoluut niet). De wind neemt verder toe en ik wissel met enige moeite de fok voor de stormfok. De boot loopt nu weer mooi en ik zie kans om een plas te doen en een boterham te smeren. Een mens kan zo tevreden worden van kleine dingen…
Het wordt langzaam donker en een hele meute deelnemers komt op tegenkoers langs, op weg naar Enkhuizen. Die schieten lekker op! De wind kakt wat in en na enig aarzelen haal ik er een rif uit en zet de gewone fok. Dat komt de snelheid zeer ten goede en zoals wel vaker, dat had ik eerder moeten doen. Maar voorlopig ben ik liever wat ondertuigd dan overtuigd. Met overtuiging!
Tegen 22.30 kom ik in Den Oever aan. Moe maar zeer tevreden. Wat een heerlijke zeildag! Jan Kees heeft inderdaad het bier koud staan en we kijken met z’n drieën wat de Windguru in petto heeft. Veel wind! Het zal noordwestelijk worden, wat gunstig is voor het rak naar Enkhuizen maar daarna naar Sport B niet zo prettig. Ik ben te moe om nog te koken en kruip dicht tegen Bart aan, aan boord van de Alca Torda. Hoezo solozeilen?
De volgende ochtend luisteren we naar het weerbericht van 6.15. Windwaarschuwing kracht 7! Verplicht uitslapen dus. Wat vervelend J Een uur later is de waarschuwing weer ingetrokken en staan we snel op. Bart is plots vertrokken. Ik vind de krachtige wind (6 tot 7) erg spannend wat mijn eetlust niet ten goede komt. Met moeite eet ik 1 boterham, maak een kan thee klaar en vertrek. Omdat het voor de wind is lijkt me 1 rif zonder fok wel een aardige zeilvoering. Voor de zekerheid zet ik de bulletalie want een klapgijp is niet heel fijn met deze wind. De golven rollen nogal en mijn stuurautomaat Harriët (Jetje voor intimi) is niet altijd even alert. Ik zet de bulletalie vast op de schootlier zodat ik hem snel los kan gooien als dat nodig is.
Het stuk naar Enkhuizen gaat uitstekend. Af en toe komt er een fikse bui over dus ik moet de luikjes van mijn kajuit dicht maken. Dat is onhandig want dan kan ik niet snel de kaart raadplegen. Maar ik weet dat ik het vogeleiland moet zien te ontwijken en dat er verder op dit stuk niet zoveel aan de hand is.
Regelmatig verschijnen er prachtige regenbogen aan de hemel, afgewisseld door indrukwekkende wolkenluchten. Erg mooi!
Na de EZ1/KG2 moet ik een aandewindse koers gaan varen en heb ik duidelijk veel te veel zeil op. Ik had vlak voor het ronden van de ton de fok gehesen maar ik had beter voor de stormfok kunnen kiezen. Met moeite steek ik een tweede rif en zet alsnog de stormfok. Ik overweeg het derde rif maar besluit het eerst zo te houden. Als snel blijkt dat de boot erg lijgierig is en dat de stuurautomaat het niet houdt.
Dat is vervelend vooral als we vlak daarna een enorme, pikzwarte bui met heel veel wind over ons geen krijgen. Ik kan nog steeds de kaart niet raadplegen maar weet dat het vrouwenzand niet ver weg is, aan lagerwal. Ik moet in ieder geval zien te voorkomen dat ik daar op terecht kom, dan is de ellende niet te overzien.
Als de bui over me heen giert weet ik op een gegeven moment niets beters te doen dan de boot te wenden en met halve wind weg te lopen. Iets verder op zie ik twee schepen aan de grond lopen.
Na de bui draai ik weer en wil de koers weer oppikken richting Sport-B. Als er een kwartier later weer een forse bui over ons heen komt en ik het niet voor elkaar krijg om het derde rif te steken besluit ik terug te keren naar Enkhuizen, daar rust te nemen en dan de tocht weer te vervolgen vanaf de EZ1/KG2.
Met flinke spierpijn en vol blauwe plekken de volgende ochtend om kwart voor vijf op.
Ik maak wat thee (onderweg kan ik niets koken, mijn gasstel is dwarsscheeps en niet cardanisch) en vertrek na het weerbericht van kwart over. Windkracht 4 tot 5, ZW ruimend W. Dat lijkt me een aangename wind. (Maar… waar heb ik dit bericht eerder gehoord? Zou dit een bandje zijn van 2 dagen geleden..?)
Op het moment van vertrek lijkt het eerder windkracht 2 en ik besluit te kiezen voor de genua. Op de tast de haven uit, lastig met al die verblindende lichtjes. Eenmaal buiten blijkt mijn GPS het voor gezien te houden. Gisteren is hij hard gevallen waardoor er een scheurtje in het glas is gekomen. Waarschijnlijk zit er nu vocht in. De KG2 is een iso 2s ton. Dus eenentwintig aan en eenentwintig uit. Ik zie hem al vlakbij. Een snelle blik op de kaart leert dat de koers ook wel ongeveer klopt. Hij blijkt nog verder weg dan gedacht maar om 6.40 klok ik hem dan toch. Toch? Een kwartier later dringt tot me door dat ik de verkeerde had!! Wat ontzettend stom! Dit was een iso 4s! Als je te langzaam eenentwintig doet… Shit! Met de huidige zwakke wind kost het me twee uur om de drie mijl terug en weer heen te varen. En zelfs zonder tegenwindroos is het niet bezeild.
Ik besluit door te gaan, dan maar strafpunten of diskwalificatie. De tijd dringt toch al na de terugtocht van gisteren. In de nacht doorzeilen, wat het plan was, wordt ook moeilijk zonder GPS.
De wind trekt gelukkig wat aan en met een prachtige zonsopgang zeil ik richting Sport-B. Kopje thee erbij, zelfs een uurtje lezen in mijn spannende boek, het leven is goed.
Tijdens het palaver werd al opgemerkt dat je onderweg toch niks te doen hebt dus ik mijmer wat over de dikke eend die over mijn zeil vliegt. Hij kijkt zo trots dat hij met zijn dikke lijf en korte vleugeltjes toch echt kan vliegen. Klaargemaakt als Canard à l’Orange smaakt hij vast ook heel erg goed…
Als later de wind nog wat verder aantrekt en ik het eerste rif gezet heb begin ik luidkeels te zingen. Het is maar goed dat alleen de canard het kan horen want zingen is niet een van mijn talenten. Het voelt wél lekker.
Om 10.10 rond ik Sport-B. Nu op naar Urk! De wind is inmiddels al aangewakkerd tot een stevige ZZW 6. De VZ8 is het eerste doel, om het vrouwenzand te omzeilen, maar is niet bezeild.
Het gaat flink tekeer en ik ploeter om het tweede rif te steken. Er slaan een paar flinke golven naar binnen, recht mijn kajuit in. Gelukkig heb ik de kussens bij de ingang in plastic gestoken maar het water staat wel onder de vloerborden. Ik merk dat ik echt veel te weinig gegeten heb de afgelopen dagen en heb bibberhanden en -benen. Ik word onhandig, moet steeds van voor naar achter omdat er een schoot nog vastzit of een val blijft steken.
Ineens weet ik dat het genoeg is geweest. Qua tijd kan ik het niet meer halen omdat ik niet de nacht wil doorvaren zonder GPS. Ik moet nog 116 mijl…
De wind neemt toe in plaats van af en het is voor mijn beperkte ervaring gewoon te veel. Ik heb het niet meer in de greep.
Bij Hindeloopen keer ik om en vaar terug naar Makkum. Het was een wijs besluit maar ik voel toch ook teleurstelling. Later hoor ik van Jan Kees Lampe dat hij die dag regelmatig 30 knopen wind op zijn windmeter registreerde dus het woei niet alleen om mijn vermoeide hoofd zo hard.
![]() |
![]() |
Foto links :Bart Boosman & Jurrien na afloop 200 myls ‘SOLO’ – 2005 en rechts: Jurrien en Eric Jan Wiebenga
Volgend jaar een nieuwe kans! Het komend jaar vooral flink oefenen op bijliggen en onder zware omstandigheden reven, zeilvoering beter inschatten, iets bedenken om met mijn luikjes dicht toch op de kaart te kunnen kijken, mijn GPS deugdelijk bevestigen, mezelf dwingen om beter te eten en vooral véél zeilen!!
Hoe dan ook, ik heb er van genoten. Die boot is echt fantastisch, die geeft geen krimp bij stevige wind. Ik heb de voetrails onder water gezeild en geen moment het gevoel gehad dat het te ver ging.
Dus nogmaals: Jan, bedankt dat ik mee mocht doen!
Jurrien Baretta.
| ‘Easy Going’ in de tiende 200 mijls solo 2005 door Frits Bartels :’de Drietand’, oktober 2005, Nederlandsche Vereeniging van KustzeilersDe tiende 200 myls solo was onstuimig.28 september tot en met 2 oktober 2005. Dinsdag ’s middags melden de schippers zich met hun schepen in de Stichtingshaven van Muiden bij de havenmeester de heer Derks, die er werkelijk alles aan doet, om alle schepen in de kleine haven een plekje te geven, zodanig, dat ook de Vecht nog bevaarbaar blijft.Het is een gezellige drukte en er is al enige spanning voelbaar bij de elkaar ontmoetende deelnemers. ‘Easy Going’ krijgt een plekje langszij de motorvlet ‘Capella’ van gastvrije opname-schipper Peter Capel,die er ook dit jaar weer bij is. Het weer is goed en een ieder lijkt er zin in te hebben. ’s Avonds is er het palaver in het welbekende café ‘Ome Ko’. Omdat deze 200 mijls race de tiende is, wordt organisator Jan Luyendijk in het zonnetje gezet. Zo is er een shantykoor met een speciaal voor dit evenement geschreven lied. De logboeken en de herinnerings caps worden uitgedeeld.De wedstrijd kent een noviteit. Iedere schipper krijgt op zijn schip een ‘X-trace’ mee, gebaseerd op GPS/GSM. Zo kan elk schip continu gevolgd worden, ook -zoals bij deze 200 myls- op internet. ‘X-trace’ is eigenlijk ontwikkeld als een mobiel alarmeringssysteem voor de bewaking van mobiele objecten, zoals ook zeilschepen. Tijdens de race moet bij elke te passeren ton, sluis, rustplaats (haven) de ‘X-trace’ door een druk op de knop geactiveerd worden, waarbij de exacte positie van het schip met de GPS satelliet tijd automatisch mobiel worden doorgebeld naar een centrale. ‘X-trace’ werd ter beschikking gesteld door ‘X Mark B.V.’. Woensdagochtend kan er tussen 7 en 10 uur gestart worden bij de M1 boei bij Muiden, waarbij de eigen race door een druk op de knop begint.. Gevaren wordt onder de s.w. handicap. De s.w. cijfers zijn via www.sailsupport.nl op te vragen. Hans Colenbrander, ook deelnemer -met een Waarschip kwart tonner- , gaat er over. De baan, circa 200 mijl, zonder sluis en haven passages, dient geheel ‘solo’ volgens een van de vier te kiezen routes, gevaren te worden, in de beschreven volgorde. In de achterstag wappert cijferwimpel 1 ten teken, dat er ‘solo’ gevaren wordt. De omstandigheden met betrekking tot het weer waren goed. Alleen de donderdag was nogal onstuimig met een windwaarschuwing 6 Bf. Onder de vele buien uit kwam steeds veel wind en fikse regen. Met de nodige windschiftingen. Het zou zo een snelle race kunnen worden voor diegenen, die uit waren op de ‘line honours’.Voorin werd die strijd geleverd door Ed Megens met ‘Lupa Maris’ (Dehler 34), door Eric Jan Hardonk met ‘Nescio’ (Etap 30) en door ondergetekende met ‘Easy Going’ (Contest 40S). Uiteindelijk werd het een heel spannend slot, net beslist in het voordeel van Eric Jan Hardonk, die vlak voor Ed Megens in de nacht van vrijdag op zaterdag rond middernacht de finish boei bij Muiden weer wist te passeren. Helaas moest ‘Easy Going’ de strijd staken, doordat de fokroller bij een fokwissel slechts 27 myl van de finish geheel naar de barrebiezen ging, zodat de fok niet meer gebruikt kon worden. Jammer. In de voorlopige einduitslag, ook te zien op de voortreffelijke website www.200myls.nl, lijkt Bauke Yntema met ‘Catootje'(Winner 9,50) op s.w. handicap de winnaar. Al met al was het een mooie race, waarin bij dit over het algemeen nogal onstuimige weer, veel van de deelnemers werd gevraagd. We kunnen ons nu weer gaan voorbereiden op de 200 myls 2006! Frits Bartels, ‘Easy Going’. |
Verslag 200 mijls 2005 Wachten op het weer?
Dit jaar is het de tweede keer dat ik meedoe aan de 200 mijls. Vorig jaar bewezen dat het bootje en ik het samen wel kunnen, dit keer eens kijken of de schipper iets intelligenter kan varen dan de vorige keer! Zondag komen we aan in de haven en mag Mathilde tussen de andere vroege vogels op de start gaan liggen wachten.
Na een verfrissende avondwandeling naar Weesp de trein terug om thuis nog wat te werken en de tocht voor te bereiden, de gps te programmeren en allerlei andere dingen te doen die ik een half jaar tevoren ook al had kunnen doen. Dinsdagmiddag zijn we, vriend Tiny en ik, weer terug in Muiden. Het stopcontactje voor de X mark wordt nog aangelegd, en ik drentel wat heen en weer aan boord onder het motto dat alles op zijn plaats moet liggen. Tijdens een droog moment worden zelfs de lieren nog een keer gesmeerd, want het oude liervet bleek niet goed bestand tegen het zeewater van het afgelopen seizoen. Ik heb eigenlijk het geduld niet meer om te klussen. Ik wil gewoon op pad.
Bij de chinees ontmoeten we een clubje medesolisten, waaronder een aantal PetitBateau zeilers.
Tijdens een gezellig etentje horen we waarom de een die race nooit meer wil zeilen en de andere beslist weer wil starten.
Aan mijn motivatie verandert het niets, ik wil hem gewoon een keer zeilen.
Afscheid van Tiny, die zich vanaf dan op het weerbericht gaat storten, en nauwelijks nog aan werken toekomt, en op naar het palaver. Bij Ome Ko is het lekker druk. Het shantykoor zingt nautische liedjes, en het is leuk weer bekende gezichten te zien. De waarschuwingen voor het weer zijn dit keer geen onbelangrijk onderdeel van het palaver, want er zou best wat wind kunnen komen. Alles beter dan weer een nacht dobberen naar Urk!
Op tijd vertrekt iedereen weer naar zijn boot. Ik leg alles alvast klaar voor de volgende morgen. De vorige keer was de start zo snel gegaan dat ik bij de M3 nog van alles onderuit de boot moest vissen. Dit jaar gaan we voorbereid op pad.
De wekker gaat vroeg. Het is nog donker wanneer ik het bovenste luik uit de opening pak. Orion staat helder aan de hemel. Rondom zijn al wat schippers met hun boten bezig.
De wind is nog niet zo krachtig als voorspeld, wanneer ik rond half acht de M1 passeer. Toch de spi nog halen? Ik besluit het niet te doen. Tegen de tijd dat die staat waait het vast weer te hard. Beter eerst een kopje thee, en de stuurautomaat klaarleggen. Het kriebelt wel wanneer je de boten voorbij ziet komen, maar bij het Paard van Marken begint het al wat meer te waaien. Vlak voor Hoorn zie ik heel wat gedoe met spinnakers en halfwinders om me heen en ben blij dat ik hem niet heb gezet. Tijd voor een eerste rifje.
Naar de sluis gaat het super. Surfend haal je leuke snelheden!
In de sluis liggen we naast de Bondi. De Vire kwam gevaarlijk aangedreven, die waait erg snel af door zijn hoge opbouw, ik was blij toen hij eenmaal zonder schade langszij lag. In de sluis het overleg welke baan. Wordt het 3 of 4? Voor allebei was wat te zeggen. Uiteindelijk hebben de Bondi en ik van route geruild. Gezien de windverwachtingen leek Makkum me niet echt leuk die avond, zoveel wind aan lagerwal.
Dan maar naar Enkhuizen. De WP 8 was prettig bezeild, en Mathilde had het naar haar zin.
Hogerwal een haven aanlopen is ook niet alles, bleek later die nacht. Ik was blij met de buiskap, want elke golf spetterde over de boeg. In de haven van Enkhuizen was ik nog niet eerder geweest. Op de kaart zag ik een stadshaven, en dat leek me wel wat. Voor me voer Gilles, bleek later. Die zag ik tijdens het strijken van het grootzeil en het voorbereiden van de touwtjes de jachthaven indraaien, en ik besloot ook maar niet verder te zoeken en die kant op te gaan.
De beroepsvaart werd een beetje nerveus van me, met hun zoeklampen. “Kun je het vinden?” riep iemand van een donkere steiger? Nou nee, eigenlijk niet, nergens een bordje ‘passanten’. Het bleek een soloschipper te zijn, die in Enkhuizen een vast ligplaats heeft. Hij riep hoe naar de passantenplek te varen, en daar aangekomen lagen er al wat meer solisten te slapen.
Die nacht heerlijk beschut gelegen tegen alle buien die overkwamen. De wekker stond op 6 uur. Het weerbericht van 6.15 op kanaal 1 gaf een windwaarschuwing windkracht 7, dus ik draaide me nog eens lekker om. 7.15 zat er nog geen verandering in, tijd voor douche en ontbijt. 8.15 was de windwaarschuwing een 6. Mooi, tijd om eens op pad te gaan. Zeilpak aan, zwemvest om, motor gestart, springetje los, Herman Tieman op de steiger om te waarschuwen voor een windwaarschuwing 7 van de kustwacht op kanaal 23. Die had ik dus niet gehoord, maar voor alle zekerheid toch maar even gewacht. Wind zat die dag, het was helemaal niet erg om even wat te praten met andere solisten. 9.15 nog altijd windwaarschuwing 6 op kanaal 1, en we gaan gewoon maar weer van start.
Op naar de sport B. Het was maar net bezeild, met gereefde zeilen loopt Mathilde niet zo hoog. Toch ging het aardig door ondanks de helling, en het lukte zonder een slag te maken bij de ton aan te komen. Er was onderweg nog een verfrissend buitje, met een paar stevige vlagen. Paul Peggs zag ik in de verte worstelen met zijn gecharterde boot. Bij de ton zelf was het droog. Onvoorstelbaar dat ik vorig jaar dacht dat de dijk zo dicht bij de ton zat. In het donker ziet alles er heel anders uit.
Terug naar het zuiden, naar Urk. Een mooie ruime koers, met een gemiddelde snelheid die we niet iedere dag halen. De donkerste wolken probeerde ik te ontwijken door wat hoger te sturen. Het zeilde als een speer.
In de haven van Urk waaide het net zo hard als daar buiten. Je moest snel zijn om de fenders op te hangen en je zeil te strijken. Er lagen onwaarschijnlijk veel ‘japanners’ in de haven. Ook voorin de haven was de wind nog erg krachtig, dus ik besloot weer terug te gaan en langszij te gaan bij Paul. Die was gelukkig buiten bezig, want het was zo goed als onmogelijk om hogerwal aan te leggen zonder boten te beschadigen. Er moest behoorlijk aan touwtjes gesleurd worden om Mathilde op haar plek te krijgen.
Voor de verandering weer even wat gekookt, een boekje gelezen en lekker aan boord gezeten. Wat kan het leven toch vervelend zijn!
De volgende dag weer op het gemakje vertrokken richting Makkum. Weer wind genoeg, wat een luxe. Naar de WV 14 was het een prettige koers. Halve wind. Daarna voor het lapje naar Makkum. Het tweede rif stond in het grootzeil en het voorzeil was nog helemaal uitgerold.
Na een gijpje was de vraag of de buiskap dit of volgend jaar vervangen ging worden voorgoed de wereld uit. De boot liep voor geen meter. Het ging wel goed vooruit, maar geen balans! Toen toch het voorzeil maar wat ingedraaid en met nauwelijks verlies aan snelheid liep het al een stuk beter.
Het ging allemaal erg snel. 142 mijlen gevaren, ongeveer hetzelfde op het log, en tijd zat. Het was nog maar het begin van de middag. Ik weet het, het is tactisch niet slim om een niet bezeilde koers te gaan varen wanneer de verwachtingen voor de dag erna wel goed zijn, maar het zeilde gewoon nog zo fijn. Na zoveel rusturen had ik het idee nog niet echt gewerkt te hebben en dat hoort er wel bij. Halfverwege de middag in een haven gaan liggen, of voor anker in Makkum wat daar waarschijnlijk wel zou kunnen, ik had er gewoon geen zin in. Ik was gekomen om te zeilen, toch? Op het schermpje thuis zag Tiny dus een stipje afdraaien richting Hindelopen…
Lekker een stukje bikkelen, zeilen al wat je geleerd hebt om zo hoog te gaan als kan met deze wind. Een heel klein beetje balen van de lagere snelheid, maar kicken omdat Mathilde het als lichte boot toch maar flikt bij deze puist wind, al is het gereefd niet haar sterkste hoek. De windvaan bakte er niets van, al deed hij het nog net goed genoeg om een handje te helpen bij het aandraaien van de genua na een overstag, dus ik heb niet op hem gemopperd. (Dat had ook niet gemogen, want terug in Muiden werd duidelijk dat de vaan beschadigd was door een aanvaring eerder dat jaar.) Het logboek lag ondertussen al ergens onderin de boot, samen met de kaart, en het aflezen van de gps was een hele kunst omdat die aan een touwtje in de buiskap hing te bungelen. En toch was het gewoon leuk. Dit is waarom je gaat!
Na de passage van de ton toch de kaart maar weer naar boven gehaald, en me verbaasd over de betonning van Hindelopen. Het Ijsselmeer is toch wel wat aparts al zit er uiteindelijk wel een soort logica achter.
De keuze viel op het haventje in het dorp. Daar lagen al wat solisten die ook doorgegaan waren naar Makkum. Ik maakte kennis met Cees de Wit van de Scampi 30, en samen met de schipper van Ellship en Arie Petrus zaten we gezellig even op het dek.
De havenmeester kwam langs, een echte. Pet, jas, snor. Zo zie je ze niet vaak. Grote meevaller was de supermarkt op een paar passen van de haven, die ook ’s avonds open was. Even wat verse dingen gehaald want oud brood ben je snel zat. Er lagen meer solisten die die middag ook nog doorgegaan waren, in de marina.
Het was wachten op de goede windrichting. Voorspeld was dat de volgende dag rond het middaguur de wind weer vanuit het zuiden naar het noordwesten zou gaan, maar toen ik ’s morgens wakker werd, was hij al gedraaid. Ik besloot na het klaarmaken van wat brood en thee maar meteen te vertrekken. Buiten was het prima zeilweer. Naar de VZ1 was het goed bezeild, en een rifje dat ik nog maar had laten staan, ging halfverwege het rak eruit. Fokke was een half uurtje daarvoor gestart, en vaarde met zijn stalen scheepje zijn eigen koers. Ook hij had waarschijnlijk wat zeil te weinig, want toen ik in de buurt kwam zat hij op het voordek te prutsen aan zijn voorzeil.
Het laatste stuk naar de sluis liep een groot aantal boten me weer voorbij. Dat was een van de weinige momenten dat ik toch liever een 150 dan een 135% genua had gehad. Maar goed, de gemiddelde snelheid was uiteindelijk toch niet zo slecht.
Bij de sluis was ik van plan mijn ankertijd te gaan nemen, daar wist ik nog van vorig jaar dat er goede ankerplekken waren. Maar onderweg hoorde ik het weerbericht. Er werden die avond en nacht buien afgegeven met onweer. Een beetje wind of buien is geen ramp, maar onweer, daar heb ik het niet op. Afgelopen zomer nog op het Grevelingen geankerd en ’s nachts in een onweersbui ankerop moeten gaan omdat de wind 180 graden draaide. Ik voelde er niets voor dat nog eens te doen, zeker niet op een water wat ik relatief slecht ken. Soms moet je leren van je leermomenten. Het was prachtig zeilweer, zon, wind, alles wat je wilt. En dan bij de sluis achter je anker gaan wachten op slecht weer of te weinig wind op zondagmorgen? Dat gaat bij mij tegen alles wat logisch is in. Dus ging ik door, al vind ik dat het ankeren er wel bij hoort. Na de sluis maar weer een rifje gezet. De boot helde teveel om aan de wind goed vooruit te komen. Het voorzeil ook maar wat ingerold. Nog een slagje moeten maken om uiteindelijk bij de NEK aan te komen.
Achter me werd het steeds leger op het meer. De Houtribsluizen waren gestremd, dus achtervolgers waren er niet meer. Voor Volendam zag ik de Kim varen, een Dehler 36 met tot mijn verbazing een dubbel gereefd grootzeil. Zat de schipper wat lekkers te koken? Ziek? Iets gebeurd? Ik vertrouwde het niet helemaal, want wie heeft nu zo weinig zeil staan als er zulke zwarte wolken achter je hangen, en stuurde zijn kant op. Er kwam een tegenligger aan, en gelukkig zag ik nu wel iemand aan boord zitten en zijn hand op steken. Niks aan de hand dus. Alleen een kapot zeil, bleek later.
Bij het Paard was er nog aardig wat wind, al was het ondertussen donker. Er kwamen wat sms’jes binnen van ‘supporters’ die thuis de stand volgden. Hardstikke leuk. En toen het laatste stuk. Het begon als halve wind, het ging naar aan de wind, en daarna was er aan de windrichting geen touw vast te knopen. Vreemde kruisrakken heb ik gemaakt, met wat flitsen van onweer die gelukkig in de verte bleven. Het laatste stukje duurde het langst. De regen kwam met bakken en ijskoud naar beneden. Achter me kwam een toplichtje, waar later een groot wit zeil onder zat. De Kim? Het bleek uiteindelijk Paul Peggs te zijn, die verbaasd was dat ik zijn krachttermen wegens de windshifts niet had gehoord. Hoe kon het ook met die regen?
Toen werd het toch weer droog. Tussen de wolken de sterren, voor me de laatste ton. Een laatste zachte bries, druk op het knopje, en Mathilde was weer aangekomen!
Deze 200 mijls was een supermooie tocht, en ik heb hem met veel plezier gezeild.
Mathilde heeft het volgens mij ook prima naar haar zin gehad. Naast het feit dat de wind prima was, de organisatie perfect, de steun van het thuisfront meer dan je mag wensen, vond ik het ook een bijzondere ervaring dat tijdens deze tocht de boten van andere deelnemers niet meer zomaar boten zijn gebleven, maar eigen karakters zijn geworden. Er werd in mijn ervaring erg vriendelijk gevaren. Geen gedoe bij tonnen, een beetje voor elkaar uitkijken als dat kan. Uiteindelijk vaar je deze wedstrijd voornamelijk tegen jezelf, maar je meet je ook een beetje aan anderen. Op deze manier is dat heel erg leuk. De tiende was voor mij één groot feest!
Marjan in Petit Bateau polo en Tiny op de steiger
Marjan van de Vrie,
‘Mathilde’
‘I did it again, at least’
Zondagavond, 2 oktober 20.30 uur loop ik half slaapwandelend van Amsterdam CS via het nog drukke Damrak en Rokin tussen struinend toeristen- en uitgaanspubliek naar huis in plaats van tram te nemen. Veel kilometers had ik de laatste paar dagen immers niet gelopen, evenmin overigens als uurtjes slaap gehad.… In mijn gedachten evalueer ik de laatste 4 dagen. Het CS nog maar nauwelijks verlaten, klonken de eerste sirenes me als bijna wereldvreemd in de oren en moest ik zowaar bewust opletten bij het oversteken van de eerste straat; wat een contrast met de laatste paar dagen !
De eerst (woens-)dag begon geweldig met zon en bescheiden ZW windje, zodat onder Spi het eerste rak van alweer de 4e editie van de ‘Indra’ aan de 200 myls solo, ook voor mij om 8.01 uur was begonnen. Een schitterend gezicht al die spin- en genakers groot en klein, op het verder nog erg lege Markermeer te zien varen.
Allemaal solo zeilers enerzijds (in ieder geval voor de komende paar dagen), anderzijds toch ook duidelijk één collectief! Met het passeren van ‘Het Paard’ waarmee de koers richting Volendam hoger aan de wind kwam te liggen, verdwenen niet alleen de spinakers maar ook de meeste genakers. Bovendien nam de wind toen al, al aardig toe…
Op weg naar de ruimbezeilde Nek ton gingen links en rechts weer een aantal de spin- en genakers omhoog, die overigens ook weer niet lang bleven staan; de wind nam nog meer toe… zou het dan toch windkracht 7 worden ? De diverse weersverwachtingen spraken elkaar steeds erg tegen, voor mij (met name) van belang, want ik had nu éénmaal m’n zinnen gezet op route 1!
Met het stuurboord uitgaan bij de OVD3 richting de P15 Amsterdam, was de route keuze definitief gemaakt. Vorig jaar had ik route 1 namelijk als een hele mooie route ervaren. Maar met een stevige ZW 5/6 was de P15 pal tegen en moest dit 15 mijl lange rak, wel erg duur worden betaald met een tijd van 4 uren en 12 minuten. Maakt niet uit !, begon ik mezelf al op de eerste dag moed in te praten, met het ‘uitgerekende’ stroomvoordeel over maar liefst 53 mijl van IJmuiden in één keer door naar Kornwerd, was de afspraak dat ik dit rak naar de P15 als een soort investering daarvoor zou zien.
Zoiets als een belegging, je weet wel met die verplichte waarschuwende teksten als ‘behaalde resultaten in het verleden, bieden geen garanties voor de….’, juist ja, die !!
Op het Noordzeekanaal richting IJmuiden werd in het weerbericht van 19.05 uur op kanaal 83 de gevreesde 7 dan toch genoemd ! De bedoeling rond de klok van 23.30 uur ook al de Baloeran ton te klokken, konden we dus wel vergeten, althans voor deze eerste dag. Ik schrijf inmiddels ‘we’, want ‘we’ waren niet helemaal alleen ( ). Namelijk ook Hans, Ron, Bert Jan en John van respectievelijk de ‘Francis’, ‘Serenity’, ‘Utopia’ en de ‘Happy’, hadden hun kaarten ingezet op route 1.
Na wat mobiel overleg op weg naar IJmuiden, besloten we de altijd bijna statig ‘uitgesproken weersverwachtingen voor de Nederlandse kustwateren’(zou die man thuis ook zo tegen z’n vrouw praten ?) , van 23.05 uur af te wachten.
Rond de klok van 22.00 uur lagen we in de ongezellige en onpersoonlijke ‘Sea Port Marina’, en hielden we (Ron, Hans en ik) ons eigen palaver in de kuip van de Francis.
Toen ook in het weerbericht van 23.05 uur de 7 (uiteraard) nog in de verwachtingen werd genoemd, ontzegelden we ons eerste biertje en deden we elkaar onze eerste sterke verhalen. Nauwelijks een slok genomen, brak de aangekondigde ZW 7 vergezeld met onweer los en verhuisden we van kuip naar kajuit, maar wat blij dat we niet op het water waren !
De eerstvolgende mogelijkheid de Baloeran te klokken was rond de klok van 11.00 uur de volgende (donder-) dagochtend. Maar de uitkomst van ons ochtend palaver was dat we zouden wachten tot ‘s avonds 23.00 uur en wel om reden dat het met een NW6 nog steeds erg hard waait, onze boten met een hoog aan de wind koers richting Den Helder eerder als duikboot dan als zeilboot zouden moeten fungeren en er zeer wel waarschijnlijk ook een slag zou moeten worden gemaakt. Bovendien zou de wind die avond krimpen naar het westen tot een meer bescheiden 4 tot 5. Met een verwachtte ETA van rond de klok van 8.00 uur vrijdagochtend in Kornwerd, zouden we ook dan nog mooi op schema liggen. Vier argumenten dus die we met goed fatsoen als excuus konden gebruiken ook de donderdagochtend niet uit te hoeven varen.
De vrijdag werd ingevuld met uitgebreid ontbijten, douchen, koffiedrinken, ouwehoeren en laatste klusjes aan boord die er altijd weer blijken te zijn. Inmiddels had ook Bert Jan van de ‘Utopia’ zich bij ons aan de steiger gevoegd, terwijl John van de ‘Happy’ er wél voor had gekozen ’s ochtends op weg te gaan naar Den Helder.
Om 22.00 uur (donder-) dagavond negeerden we zo veel als mogelijk onze zenuwen, en gooiden we onze touwtjes los, op weg naar de Baloeran. Nog tussen de pieren hezen we de zeilen waarbij ik meteen al (mijn eerste ?) ‘probleem’ het hoofd moest bieden: bij het doorzetten van het onderlijk en het zetten van het eerste rif, lag in één keer mijn lier hiervoor in onderdelen op het kajuitdak ! Shit !! Snel pakte ik de vette onderdelen bij elkaar en vluchtte naar de kuip. In het schijnsel van de zaklamp kon ik Goden-zij-dank, concluderen dat de 2 kleine palletjes plus bijbehorende veertjes, nog keurig op haar plek zaten en ik daar dus niet hopeloos in het donker naar op zoek hoefde. Vlug pakte ik de imbussleutels uit de gereedschapskist en kon de lier zonder problemen weer terug op de mast gemonteerd worden. Oefff, dat begon lekker!
Eénmaal op zee stond er nog behoorlijk deining van de afgelopen dagen harde wind, terwijl de wind hoe langer hoe minder werd en al snel afzwakte tot een ‘dikke’ W3. Het eerste rif kon er dus al snel weer uit, wat echter niet mocht helpen tegen de nog behoorlijke deining versus de te weinige wind. Een katterig gevoel was hiervan het resultaat, waartegen ook een handvol gemberpillen niet meer mocht baten. Het stuk naar Den Helder was dan ook niet prettig !
Om 5.46 uur inmiddels vrijdagochtend, kon de MH4 worden geklokt. Een mager resultaat waarmee we ons beoogde stroomvoordeel nauwelijks hadden uitgebuit, en het nog maar de vraag was of nog wel de volledige stroom naar Kornwerd mee zouden hebben. Doorgaan ‘moesten’ we echter toch ook wel, want ons tijdsschema begon toch ook te dringen.
Na het ronden van de T12 (Texel) ging de genaker omhoog die er eigenlijk al veel eerder op had gemoeten. Maar met katterig gevoel, een behoorlijke deining en in het donker, waren deze psychologische impacten klaarblijkelijk te groot de lust op te brengen de genaker laat staan de spinaker, eerder te zetten… Met een gemiddelde 5,5 knoop richting Kornwerd, klokten we dan ook teleurstellend de BO3 om 9.54 uur vrijdagochtend…
Moe maar weinig voldaan ging het ankertje Oost van de sluizen bij Kornwerd op het IJsselmeer overboord, voor de verplichte 6 anker uren.
Met een ZW 5/6 lag de ‘Indra’ onbeschut al na de eerste poging stevig achter haar anker. Zelfs zo stevig dat bij het anker op gaan, het anker muurvast bleek ! Aangezien mijn Delta anker dit wel vaker doet, is de oplossing nog altijd geweest er simpelweg overheen te varen, en had ik dat ook deze keer zo bedacht. Ongelofelijk maar helaas toch echt waar, brak mijn 10 millimeter dikke ketting !!! Kun je nagaan met wat voor een enorme (natuur-)krachten je op een boot te maken kunt hebben, en dan is het nog maar krachtje 6 ! Het kan niet anders dan er een zwakke schakel tussen heeft gezeten, maar wat als dit midden in een nacht gebeurt en je veronderstelt veilig achter je anker te liggen ? M.a.w., moet je nog blij zijn ook dat dit gebeurt bij het anker op gaan!? Hoe dan ook, weg duur Delta anker dus…
Goed, dan de zeilen maar omhoog op weg naar Medemblik, waarvoor de heren Luijendijk dit jaar de verlichte (!) WP8 hadden uitgezocht, hiervoor eeuwige dank ! Want donker was het deze nacht! Was het Nieuwe Maan ? Zo donker heb ik werkelijk ’s nachts nog nooit gezeild; ik kon mijn eigen voorzeil niet eens zien ! Géén mist, maar pure nacht !! Met mijn deklicht in het achterstag was ik dan ook erg gelukkig, en kon ik tenminste zien wat ik met al die lijnen in de kuip moest doen. Want werken was het ook dit rak ! Met een vette ZW6 was de WP8 pal tegen, voer ik dubbel rif, kotterfok en de genua een paar slagen weggedraaid.
Dit lijkt wellicht overdreven, maar een collega-concurrent met vergelijkbaar (Koopmans ?) schip, zag ik (toen het nog licht was) met alleen dubbel gereefd grootzeil en kotterfok zeilen, terwijl De Centrale Meldpost doodleuk een actuele wind Lelystad ZW5 durfde te meldden. Wanneer hebben ze die meter voor het laatst geijkt !? Toen ik in ten noorden van me dan ook een schip richting Kornwerd doodleuk onder Spi zag varen, dacht ik dat ik echt gek werd!
Tijdens deze nacht moest ik nog wel een paar keer denken aan de bemoedigende tekst die Bert Jan van de ‘Happy’ boven zijn kaartentafel had opgeplakt, en zich daarmee openlijk afvroeg “of het niet veel goedkoper is wanneer solo zeilers zich vanaf de wal door een psychiater laten redden”…
Onder het mom van binnen zie ik meer dan buiten (bovendien is het er warmer én droog !), zeilden we met neus op GPS en radarscherm geplakt, vervolgens met resp. een backstag- en halve wind met een bloedgang richting de H2 bij Hindeloopen en naar de Sport B bij Breezanddijk.
Het was inmiddels 01.00 uur ’s nachts en met het feit dat Stavoren met ZW niet bezeild was, vond ik het eigenlijk wel welletjes ook. Het oorspronkelijke idee bij Breezandijk een plekje te zoeken, liet ik met dit pikke donker snel voor wat het was, en besloot terug te varen naar daar waar ik eerder deze dag zo onfortuinlijk ankerop was gegaan..
Toen ik 8.00 uur ’s ochtends met veel bombarie door de sluismeester van Kornwerd werd wakker gemaakt omdat ik op een plek lag waar ik in zijn ogen op voorhand bijna ten dode zou zijn opgeschreven, gingen (moesten!) de touwtjes binnen het kwartier weer los, wederom naar de Sport B, richting Stavoren. Ach, lang genoeg geslapen het was weer hoog tijd een stukje te varen…
Het beloofde vandaag (de zaterdag) een schitterende zonnige zeildag te worden, die de donkere, koude en natte nacht van slechts een paar uren geleden, snel zouden vergeten. De wind was West 4 tot 5 en dus Stavoren nu wel bezeild. Met de genaker het eerste stuk er nog op, werd dit 11 mijl lange rak voorspoedig in 1 uur en 3 kwartier afgelegd, 6,2 knoop gemiddeld. Het rak naar Den Oever was hiermee net niet bezeild en moest er uiteindelijk een klein slagje worden gemaakt.
Met het ronden van de WV14 bij Den Oever, lag er een mooi lang rak van 23 mijl naar Lelystad in het vooruitzicht. Hoog tijd om de schade eens in te halen, en dus ging de genaker omhoog ! Met m’n kont tegen de helmstok en één been schrap zettend tegen de kuiprand, had ik 3,5 uur lang bij tijd en wijle mijn volledige gewicht tegen de helmstok nodig om de ‘Indra’ op koers te houden! Dikke hekgolven trekkend, soms minuten lang, meende ik dan ook regelmatig bewonderende blikken van mede watersporters te ontdekken. Dit was schitterend zeilen en maakte dit rak tot mijn absoluut hoogtepunt van deze 200 myls !!
Om 17.11 uur klokten we de HR-B bij Lelystad. Bij de sluizen aangekomen, kreeg ik te maken met een stroomstoring waardoor de brug niet kon worden gedraaid. Tijd genoeg dus voor een welverdiende warme prak en sterke bak koffie !
Om 20.05 uur werd de OVD3 geklokt voor de laatste loodjes richting de NEK ton, die tegen de verwachting in, keurig bezeild bleek. Volledig tegen de melding van de Centrale Meldpost in, nam de wind af in plaats van toe en kromp deze naar ZW in plaats van te ruimen naar NW! Halverwege het rak moest ik dus 20 graden afvallen en was Volendam daarmee maar nauwelijks bezeild ! Draait de Centrale Meldpost wel het juiste bandje af, begin ik me nu toch echt af te vragen !? Niet te geloven, zo vaak als men er naast zit met hun voorspellingen !
Met alsmaar afnemende wind (…), werden de laatste 9 mijlen naar de IJM17 ton afgelegd, die uiteindelijk om 01.40 uur zondag ochtend werd gepasseerd…. Qua klassering dit jaar waarschijnlijk niet een al te fraaie notering, maar goed ‘I did it again, at least’….!
Bob, Marco en Jan Luyendijk, ook dit jaar weer hartelijk dank voor dit geweldige zeilevenement !
Eric-Jan Wiebenga s.y. ‘Indra’
Mijn primeur in de 10e 200myls soloAge van der Bles a/b zs FoddeboskWaar begint een verslag? Twee jaar terug met het lezen en uitpluizen van de website?
Het drammen om erbij te komen? De teleurstelling dat het in januari is volgeboekt?
Of het moment, op maandagavond in februari, dat je vrouw roept: “Mailtje van Jan, je mag inschrijven!!”.
Ik denk het laatste. Dus een half jaar voorbereiden, boot klaarmaken, zeiltje erbij gekocht voor alle weersoorten. En na de vakantie alles nogmaals nalopen.
De boot is klaar, nu ik nog!
Helaas dat schiet erbij in. En dat knaagt eigenlijk het meest.
Dan is het zover, uiteraard ben ik al veertien dagen met “wind-guru” en vriend Paulusma in gevecht over het weer. Ik besluit om mijn eerste solomijlen op zaterdag richting Enkhuizen te maken.
Met een noordelijk windje 3 tot 4 Bft. moet dat lukken en slinger ik lekker in. Dat gaat goed en na de stress bij een volle sluis en alleen het zeil zetten zit ik bij de Steilebank met mijn eerste zelf gezette kop koffie met speculaas.
En dat is gelijk de reden waarom deze groot ingekocht wordt als krachtvoer.
Na een galgemaal in Enkuizen ga ik op zondag het echte werk tegemoed, zuid west 4 tot 5 Bft. Er tegen in naar Muiden.
Dat ik een andere Spirit 32 eruit zeil voor Volendam geeft moed. Aankomend in Muiden leg ik aan naast een kleine stalen sloep. Ik lig naast Bart Boosman! Nou en? Je kunt wel zien dat ik nieuw ben!
De haven is al half vol en maandag ligt hij vol.
‘s Avonds kennis gemaakt met de echte kerels die al langer solovaren, zelfs over veel grotere plassen dan het IJsselmeer.
Met een genie als havenmeester worden erop dinsdag nog dertig boten bij gelegd en past zelfs “Little Sarrah” van vijftien meter nog aan de steiger. Nu is het echt vol!
Na een gezellig palaver met de koffie en appeltaart komt een uitleg over de X-trace. Daarmee zend je jou positie door bij passage van de boeien. Dit moet binnen tien meter van de boei en vijf seconden lang. Weet je hoever je vaart in vijf seconden? En hoe dichtbij de boei je moet, in donker op lagerwal?
Woensdagmorgen zes uur is er al rumoer. Het regent en waait amper, eigelijk geen lekker weer.
Maar Bart wil weg want zijn sloep is wat traag dus hij heeft alle tijd nodig. Helaas, dat om 6.30u de motor aangaat maant niemand echt tot haast en dus klok ik pas om 7.56u bij de M1 mijn eerste positie. We zijn begonnen!
Gelijk breek ik met mijn eerste voornemen: “Ik ga niet spinnakeren”. Helaas, hij staat al, want er is heel weinig wind en in een heel veld met gekleurde lappen laat je je niet kennen. Dus naar het Paard van Marken gaat het vlot. Ik loop nog enkele eerder gestarte deelnemers voorbij en voel me een hele kerel. Niks geks doen, van Marken naar Volendam is hoger op, dus spi in de hoes en fok erop. Na de GZ2 weer ruimer, wel, niet, niet, wel dus weer de spi omhoog. Dat duurde nog geen 10 minuten dan gaan er voor mij een paar plat of lopen uit het roer, weg dat ding. En daar begint het te waaien (ik wist nog niet dat dit doorging tot zaterdagavond).
![]() |
![]() |
Met een mooie gang naar de Nek alwaar de eerste deelnemers stormrondjes draaien en vallen de mast invliegen. Spoorslags gaat het naar Lelystad. Joelend en gillend komen de deelnemers met planerende schepen langs suizen, of dit van angst is of van plezier is niet geheel duidelijk.
In de sluis gaat het goed, netjes twee aan twee. De eersten gaan voor anker de meesten gaan door. Snel soep en een broodje eten en een reef of twee in het zeil trekken. Het waait 5 en soms iets meer. Bij de EZ 29 op naar het Enkhuizerzand, stiekem een hoekje meenemen en dan onder Enkhuizen een oppertje. Boven het eiland “De Kreupel” langs naar WV 14. Hier rond ik net achter de “Nan”, Spirit 28, van Herman Tieman en vóór Jaap Homan met z’n Spirit 32.
Gezamenlijk varen de drie Spirits terug naar Enkhuizen. Daar heb ik een probleem: we varen met tien schepen in een rij, maar ik ben dwars en wil nog naar Breezand terwijl de rest bakboord uit gaat naar Enkhuizen. Ik vind een gaatje en ga voor de wind de nacht in. Het gaat lekker snel en het waait weer een stuk of zes. Onderweg bereikt mij het bericht dat er een foutmelding op de site is.
Geen probleem, we bellen even met Bob Luijendijk aan de wal. Niets aan de hand, meld Bob: “ik kijk wel even”. Hoezo kijk wel even?
Bob:”Nou als je op de lijst op je “naam” klikt dan kan ik direct zien waar je zit. Klopt, je vaart tussen Medenblik en Stavoren. Dit is ook leuk voor je thuis front die kan ook via de website op de X Trace button drukken en kijken waar je zit”. Age: “Dank je, dat is leuk”. Helaas dit zou nog een staartje krijgen.Met mij vaart nog een deelnemer, wie dat is, is niet te zien (blijkt later Gerrit Schuur te zijn geweest).

Bij de sport B haak ik af naar binnen. Shit, wat waait het hard!!. Met dikke golven het zeil neer en de fok opgerold, op de motor naar de haven. Haven??!! Er is alleen een tankstation met veel verkeerd licht en een velen rotlampen van een militaire oefening of zo! Maar een haven? Alleen grijze massa!
Ik laat de boot tegen de dijk aan drijven en weet dat ik dan recht vooruit een ingang moet vinden.
Een klein wit lichtje schuift voor me langs als dat de strekdam is??
De golfslag vermindert iets, gokken? Langzaam vooruit, de wind giert ondertussen in het wand. Dan ben ik binnen maar waar binnen? Er is geen verschil tussen water, basalt en lucht.
Als ik langs een baggerpontton vaar en deze in de schijnwerper zie, lijkt dit een stevige optie want verder zie ik geen steek.
Stootwillen vast, lijn voorop, aanvaren, voorzichtig het is staal, dan snel afstappen en gelijk je landvast meenemen. Dat gaat goed. Even kijken: ja dit kan, dus trek de kop er bij, shit lijn los!!! Ik kan nog net de preekstoel pakken en met mijn royale gewicht de op drift zijnde boot stoppen. Anders had ik haar van de keien kunnen plukken. Als alles is geklaard schuif ik om tien over twaalf het luik dicht en neem een biertje, dit om de adrenaline te blussen. Dan valt de eerste regen. Ik verbaas mij nog even dat mijn medezeiler niet komt en kruip in mijn slaapzak.
Om half vijf word ik wakker de wind joelt door het want. Hoor ik iets? Nee, kennelijk niet, ik kijk even op de klokken 7,5 Bft gemiddeld. Ik vind het best en kruip er weer in.
Om zeven uur word ik weer wakker een beetje katterig. Van één biertje? Nee, ik lig al zeker een half uur zwaar aan lagerwal.
Na aankleden zie ik dat Frits Bartels lekker in de andere hoek van de haven aan hogerwal heeft gelegen.
Ik maak ontbijt en warm mij op voor de spurt naar Urk. Ondertussen komt Frits langs en roept nog iets maar dat waait weg, een hand, een duim en dan is hij weg. Een half uur later ontworstel ik mij van lagerwal en een ijzeren roestbak, die wel magnetisch lijkt en volg ik Frits. Bij het uitvaren ligt er een waarschip alleen met zijn achter landvast aan een steigertje vast.
Ik herken Hans Colenbrander niet en denk dat die caravanbewoners hun eigen schepen maar moeten klaren. Zo leg je toch je schip niet vast?
![]() |
![]() |
Voor de wind gaat het hard vanaf de Sport B. Ik heb mij verkeken, de stuurautomaat trekt het niet. Dus eten en drinken pakken is uit den boze. Ik kom nog net bij de kaart en zie dat ik voor het Vrouwenzand iets om moet varen. Dat kan ook zuiniger en dus even binnendoor.
Maar straks in de wind naar Medenblik?? In buien meet ik weer 7 Bft. Het water slaat plat van de regen. Het lijkt op beelden uit de “Perfect storm”.
Ik zit stuk. Om half twee loop ik Urk binnen. Douchen en even eten en slapen helpen mij er weer bovenop. Bovendien belooft een dame uit Emmeloord mij een gezellig etentje voor twee die avond.De volgende morgen gaan we er weer tegenaan. Het liedje “The long way Home” van de Eagels speelt door m’n kop. Als ik vandaag nou eens via Makkum met een kort slagje naar Hindelopen kan komen en dan om Stavoren heen wip dan ben ik vanavond in Lelystad. Heb ik mijn off-day van gisteren weer goed gemaakt.
Naar Medemblik gaat soepel, dan plat voor het lapje naar VF3, da’s niet lekker.
Spi is bluffen, zelfs de boom in de fok is oorlog als je voor Kornwerd dat ding er weer uit moet halen.
![]() |
![]() |
Nee, krachten sparen en ruime wind via sport A naar de VF3. Het beetje tijdsverlies maak ik aan de wind weer goed. Oeps, bij de VF3 waait het weer als vanouds 6Bft. Geen gelul nu moet het gebeuren. De “Nan” gaat net voor mij uit. Het gaat goed, een slag langs de kust en dan omhoog zee in.
Ik loop tweehonderd meter voor Herman langs. En net als ik denk overstag te gaan: knal! De fok scheurt van achter naar voor finaal in tweeën. Einde verhaal?
Ik zie kans om de stukken om het voorstag op te rollen en zeil nu voor de wind richting Makkum.
Veel dingen spelen door mijn kop. Mag dit, ik was het rak al in gegaan. Kan ik morgen gewoon weer starten bij de VF3? Wat nu, krijg ik de stukken uit de rail? En welke fok nu, de Genua 2 is 10 m² groter als deze maar de storm fok is maar 6 m².
Guru! Help! Wat is morgen de wind? NW4, dan de genua2 maar. Ik kan nu het nuttige met het aangename verenigen. Al is dat wel een doekje voor het bloeden want mijn winst in de kruisrakken kan ik nu wel vergeten.
Voor anker in Makkum: eerst mijn poolankertje, maar na drie keer houdt die nog niet. Dan anker wisselen. Ik haal mijn nieuwe ploegschaaranker uit de bakskist en deze pakt meteen. Naast “Little Sarah” lig ik in Abrahams schoot.
Als slimme jongens hun anker ophalen in het Makkumer zool drijft er plots een waarschip los. Had ik dat al niet eerder gezien? Maar voor ik het weet loopt het vast op de Waard.
Na een stevig kwartier brullen en janken van een buitenboordmotor komt hij los.
Bij het langsvaren vraagt een ietwat verzeild heerschap of ik vast lig? Ja, dat denk ik wel. Of hij aan mag leggen?
Natuurlijk, solisten onder elkaar, toch.
Hans Colenbrander is de naam. Samen nuttigen wij een maaltijd en drinken een kop koffie. Het beetje meer ruimte is toch heel aangenaam.‘s Morgens verslaap ik mij, maar voordat Hans weg gaat klopt hij mij wakker. Als de gesmeerde bliksem ontbijten, brood en koffie klaarmaken (ja er komt enige routine) en dan nog even anker op.
Het lijkt wel of de hele Waard eraan hangt en stinken! Als Bertus dan ook al langs vaart, als laatste, voel ik mij echt hekkensluiter. Ja jongens, ik veeg de steiger wel schoon.
Maar bij de VF4 klokken we af en het weer lijkt niet verkeerd. NW 4/5 Bft en het lijkt op te klaren.
Ik zie Erik-Jan Wiebinga uit Kornwerd vertrekken en waag er een telefoontje aan. Hij blijkt zijn anker verspeelt te hebben, bij het anker op gaan zat het zo vast dat de 10mm schalm van de ketting het niet meer hield en spontaan knapte. Hij moet nog hoog aan de wind naar de Sport B en dan via VZ1 en WV14 naar Lelystad.
Ik ga ondertussen ruimschoots naar Hindelopen en vanaf daar aan de wind naar de VZ1 en ruimschoots naar de HR-B. Onderweg haal ik Bart weer in, hij kwam laat in Makkum tussen “Little Sarah” en mij in liggen. Volgens mij had hij damesgezelschap maar die had het opgegeven, beweerde ze. Wat precies werd opgegeven is echter niet duidelijk
Als ik hard motor kan ik misschien de sluis nog net halen. Helaas net voor Gilles van Delft met zijn 1010 en mij gaat de rechter sluis, met wel dertig solisten, dicht. Wij worden vriendelijk verzocht in de andere sluiskolk te gaan liggen wachten.
Waarop??? Als even later Bart weer binnen stoomt gaan de sluisdeuren dicht en de brug eindelijk open.
Nu doorzetten. Met een dikke 5 en zelfs 6 Bft gaat het los van lagerwal. Eerst nog een paar binnenvaarders voorbij en dan met een grote boog om de OVD 3 aan de wind. Genua 2 is nu toch erg veel. Of leer ik mijn schip beter kennen?
Hoog aan de wind, het gereefde grootzeil staat er voor spek en bonen bij. Ik loop hoog, zo’n 30° aan de schijnbare wind en 5,5 knts. Dit gaat goed! Het hele veld voor me zakt langzaam weg, op een enkeling na. Als ik twee uur later maar een halve mijl van de Nek af ben heb ik een heleboel collega’s achter me gelaten. Vlak achter Pamela van Vleuten ga ik om de boei, de laatste broodjes naar binnen en onder Volendam uit reven. Het blijft een mooi gezicht, een heel veld boten in de ondergaande zon richting Volendam.
Bij de GZ2 duiken er nog verschillende solisten richting Gouwzee. Ik mag door en achter “Little Sarah” aan, ga om het Paard van Marken nog een keer aan de wind richting IJM 17. Daar is het donker als ik om haf negen voor de laatste keer de knop in druk.
De aankomst is geweldig. De sfeer van “we hebben het weer geflikt” is heerlijk.
Jan is net je vader: “heb je het goed gehad, jongen?”.
En een ieder heeft zijn verhaal.
De hardzeilers hebben alleen oog voor tijden en snelheidsrecords, welke verwerkt in laptops, de mooiste resultaten geven. De doeners, zoals ik deze keer, zijn blij dat ze het hebben gehaald en een dag over hebben om het schip weer naar de thuishaven te varen.
Organisatie: het is super zoals jullie het neerzetten. De web-site is een groot succes en maakt het voor de thuisblijvers spannender als voor de deelnemers zelf. Het succes van X-Trace is gebleken ook al zit daar nog een financieel staartje aan zoals Jan zondagmorgen bekend maakte.
Jan Luijendijk, heel hartelijk dank voor het mogen meevaren. Ik heb genoten, verdroten en mezelf gezien. Toch is het mij meegevallen. En eigelijk kwam zaterdag het ritme er pas in. Wel weet ik dat bij een eventuele volgende keer een stage in een krachthonk geen overbodige luxe is. Want stuurautomaten zijn leuke speeltjes maar als het echt waait moeten het mannen met ballen zijn!
Age van der Bles a/b zs Foddebosk
200 myls ‘SOLO’ – 2005
Maandag 26 september gaan we naar Lelystad. Het weekend daarvoor heb ik met een vriendin de boot naar Lelystad gevaren, omdat de werf (Schaap Shipcare uit Lelystad) een aantal dingen heeft laten liggen na de aanvaring vorig jaar.
Het blijkt echter dat ze nog niets aan de Lady gedaan hebben. Met een hoop moeite weten we te bereiken dat ze diezelfde dag nog actie ondernemen. Ik wil namelijk op tijd in Muiden zijn om zoveel mogelijk van de sfeer vooraf mee te krijgen. Om 4 uur zijn ze klaar en kunnen we weg. We moeten opkruisen tegen een ZW 5-6. Goede gelegenheid dus om alvast wat in te slingeren.
De volgende ochtend ga ik met het openbaar vervoer naar Lelystad om de auto op te halen. Jan heeft dit jaar toch al niet veel gevaren en ik vond dat hij maar mee moest varen. Ook zijn er nog een aantal dingen die aan de boot moeten gebeuren.
Na de aanvaring vorig jaar hebben we telkens problemen met de navigatieverlichting op de preekstoel (agv knullige reparatie werk van de werf). Nu blijkt alleen het lampje kapot te zijn, wat makkelijk te verhelpen is. Ook is de genoarail net iets te kort om de high aspect goed te trimmen en ik heb al een oplossing bedacht, maar deze moet nog gerealiseerd worden.
Ook bel ik nog met Wim Braun (man van Jacqueline van Amstel) die heeft aangeboden om te helpen met de tactische beslissingen. We komen tot de conclusie dat route 3 of 4 onder de gegeven omstandigheden de beste zijn. Dit vanwege de overwegend westelijke wind. De truck is om de route zo te plannen dat alles netjes bezeild is. Ook thuis heb ik al de nodige tijd achter de computer doorgebracht om een en ander voor te bereiden.
Jan doet boodschappen voor me en maakt een lekkere diner (27 september is onze trouwdag).
Die avond het palaver met de inmiddels bekende “toespraken” van de organisatoren. Vanwege het feit dat het de 10e 200 mijls is hebben ze een stel stoere zeebonken overgehaald liedjes te zingen. Dat slaagt wonderwel, maar helaas is het moeilijk te verstaan omdat sommigen menen door te moeten gaan met hun conversatie.
Na het palaver neem ik afscheid van Jan en loop ik naar de boot.
Na een onrustige nacht (een beetje spanning?) wordt ik om half zes wakker van de wekker. Vorig jaar was ik net aan de late kant en het haasten beviel me niet. Bovendien lig ik nu helemaal buitenop.
In het havenkanaal belt manlief me op om de laatste weerinformatie te geven (beetje laat), want ik heb inmiddels gezien dat het nog niet echt waait. Vandaar dat ik nog maar de boot induik om de halfwinder te voorschijn te toveren. Het lukt om deze netjes omhoog te krijgen voor de M1 die ik om 7:13 rond. Met een lekker maar niet spectaculair vaartje lopen we richting Paard van Marken. Heel langzaam wordt ik door de J-action ingehaald. Om dat echt voor elkaar te krijgen moet hij echter wel zijn grootste? spi hijsen. Mijn reden om vroeg te vertrekken was dat de wind zou ruimen. Het rak naar de GZ2 was dan met de halfwinder nog bezeild. Dat bleek ook goed te kloppen. Op het rak naar de NEK liep ik langzaam in op de Sun Dance Kid. Fred heeft een rating die net ietsjes hoger is, dus ik moet hem voorblijven. Vorig jaar hadden we op ditzelfde rak een wedstrijd in een wedstrijd. Terwijl ik hem voorbijliep verontschuldigde ik me daarvoor, en vertelde dat het alleen maar was om een foto van zijn voorkant te maken. Fred heeft een kleinere spinaker dus was op dat moment niet echt een partij. De wind was langzaam aan het ruimen, en ik was me aan het voorbereiden op het volgende rak.
De halfwinder stond op de boom en ik maakte hem op de punt vast om bij de NEK te kunnen gijpen. Aan het loefoog zit een touwtje dat ik hiervoor gebruik. Schijnbaar heb ik het niet goed vastgemaakt want een paar minuten later flapperde mijn halfwinder lekker ik de wind.
Inmiddels was het wat harder gaan waaien en het koste me veel moeite om hem weer terug aan boord te krijgen en de boot aan de gang te krijgen. Toen ik dat voor elkaar had was de wind nog verder toegenomen en kon hij er weer af. In de tussentijd zag Fred zijn kans schoon en ontglipte me weer. Hij heeft het tot de NEK volgehouden met zijn spi wat ik gezien de wind een behoorlijke prestatie vond. Ik hees de Genoa 1 en liep met een snelheid ruim boven de 6 knopen naar Lelystad.
Mogelijk was het echter beter geweest later te vertrekken omdat er dan meer wind was. Dit eerste stuk is altijd wennen. Je moet als het ware in het wedstrijdritme komen. Van vorig jaar weet ik nog dat ik heel gespannen was, en echt tot het uiterste ging om alles eruit te halen wat erin zit. Ook dit jaar was dat zo. Die combinatie kost nogal veel energie.
Na Lelystad moest ik een keuze maken tussen route 3 of route 4. Dat was moeilijk want mijns inziens waren ze wat windrichtingen betreft gelijkwaardig. In route 4 bood echter meer ruimte voor veranderingen ten opzichte van de voorspelde situatie. Als je bij de EZ29 (Lelystad) vertrekt hoef je nog niet echt een keuze te maken omdat de banen vrijwel met elkaar oplopen. Na een uurtje was echter te zien dat de meeste route 3 kozen. Omdat ik niet zo’n massa mens ben leek het me daarom beter voor route 4 te kiezen, ook al was dat deels een onderbuik beslissing.
De baan naar de WP8 was netjes bezeild. Een graad of 10 ruimer als aan de wind, en de Lady loopt dan als een trein. In de loop van de middag nam de wind wat af en ik besloot maar meteen te gaan ankeren. Dan heb je dat vast gehad. De volgende ochtend was meer wind voorspeld, en dan kun je dus meer snelheid maken. WP8 wordt Medemblik genoemd, maar de vluchthaven Oude Zeug is veel dichterbij. Dat scheelt zeker een uurtje slapen dacht ik. Ik besloot buiten de haven van Oude Zeug te ankeren en lag daar een beetje in de beschutting van de strekdam. In het donker kwam ook de Frequent Flyer de Lady gezelschap houden. Omdat het hard zou gaan waaien gaf ik veel ketting uit. In combinatie met een ploegschaaranker gaat dat perfect. In modder is mijn anker nog nooit uitgebroken. Eerst kon ik niet in slaap komen omdat de wedstrijd met al zijn beslissingen door mijn hoofd maalde. Later niet vanwege de golfslag. In de vroege ochtend was het dik 25 knopen wind.
Het weerbericht gaf niet meer dan 6 Bft aan en er was dus geen probleem om uit te varen. Naar de VF4 ging als een speer. Met grootzeil met rif en genoa2 was ik wel wat overtuigd maar kon met af en toe de nodige inspanning de boot toch goed op koers houden. De Lady is altijd goed op ruime rakken, en vandaag zouden er 4 zijn. Bij de VF4 aangekomen werd deze net voor mij gerond door de Bondi, Poespas en Passie.
Een goede gelegenheid om aan te haken en te proberen ze in te halen. Dat koste de nodige moeite.
Onderweg naar de KG2 zag ik een klein bootje met rode streep op de romp aan de wind varen. Ik vroeg me af of het Jurrien was en verlegde mijn koers om naar haar te zwaaien. Ze was het inderdaad en ze riep terug dat ze het naar haar zin had. Zelf heb ik ook in een 22 voeter solo gezeild, en met deze windhoek en golfslag is dat een hele onderneming. Jurrien: petje af!!!
Pas na 21 mijl lukte het me eindelijk om de Poespas in te halen. De Passie kon ik inhalen op het rak naar Urk. Dit lukte me echter alleen maar omdat hij in buien zijn Genua indraaide. In de tussentijd werd ik zelf nog ingehaald door de Cassiopeia, maar aangezien hij een rating van rond de 101 heeft, heeft het geen zin daar achter aan te jagen.
Het weer was ronduit slecht. In buien liep de wind op mijn teller op tot soms wel 34 knopen. Aangezien dat het weerbericht het bij 6 Bft hield, en ik mijn windmeter niet echt vertrouw kon ik netjes doorvaren, en gebruik maken van de gegeven wind. Mijn tactiek was om als het minder hard (21 knopen) woei iets hoger te sturen dan de gegeven koers en iets af te vallen als de wind toenam. Op die manier hoefde ik niet verder te reven. Soms hou je dat niet en loop je uit het roer.
Op zo’n 2e dag zit je in het wedstrijdritme, en stuur je zonder problemen uren achter elkaar. En ben je eigenlijk niet meer als een zeilmachine.
Aangezien het rak naar Den Oever (WV14) niet bezeild was stopte ik in Urk. De volgende dag bood weer gelegenheid om goed bezeild weer
een goede dagafstand te maken. Volgens planning kon je route 4 goed bezeild varen in stukjes van 50 mijl.
In Urk was het druk en gezellig. Zowel route 3 als route 4 komen hier, en ik heb dan ook een groot deel van de avond geborreld op de Nicky Deux.
De volgende ochtend weer weg toen de wind naar het zuiden draaide. Ook nu was het weer flinke wind (5- 6 Bft) en het liep geweldig. Ook nu voer ik weer achter het route 4 rijtje van gister aan. De Poespas kon ik net na het ronden van de WV14 inhalen omdat hij een rif stak, maar het koste me moeite mijn voorsprong te behouden. Vlak voor de VZ1 zat hij nog maar 15 meter achter me. Bijna ging het mis omdat ik net naast de boei uit het roer liep. Maar een echte X Babe kan tegelijkertijd schoten losgooien, sturen, op X track knopjes drukken, en ook nog de passagetijd en routeafstand opnemen en onthouden. (Een X-Babe is eigenlijk een soort verbeterde versie van Barbie!!!) Na de VZ1 in de richting Sport B. De windhoek was 150 graden bakboord, en het was bij deze harde wind en golfslag lastig om op koers te blijven. De truck was om niet teveel op te loeven, omdat je dan nog een extra slag naar de boei nodig hebt.
Op golven surfte de Lady tot 9,5 knoop gedurende
wel 20 seconden. Op dit rak haalde ze een gemiddelde van 6,8 knopen. Dit terwijl ze met normale harde wind niet boven de 6,6 uitkomt!!!
In Breezanddijk bleek het dan ook ruim 6 Bft te waaien.
Uiteindelijk haalde ik Sport B niet direct maar had een crosstrack error van 0,2 mijl naar bakboord. De Poespas zat aan stuurboord achter me.
Met een gijp zou ik zonodig over bakboordsboeg voor hem langs kunnen kruisen, maar dat leek me zo vlak voor de boei niet netjes. Door gebrek aan (korte afstand) wedstrijd ervaring gijpte ik veel te vroeg en moest voor de wind naar de boei, waarbij ik tussendoor ook nog een klapgijp kreeg. Met een flapperende Genua kon ik hoewel niet elegant maar toch wel eerder dan de Poespas de Sport B klokken.
Met ZZW wind was het volgende rak niet bezeild. De volgende ochtend zou de wind echter draaien, en in de loop van de dag op het Markermeer afnemen. Kunst dus om zo vroeg mogelijk te vertrekken. In die zin was route 4 gunstiger als route 3 omdat het rak naar Lelystad veel eerder bezeild was.
In Breezanddijk was het lastig om aan te meren vanwege de harde wind. Ik maakte een tactische vergissing door direct aan de wal te gaan liggen. Naast mij lagen de Poespas en de Obsession. S’middags nog wezen borrelen op de Bondi, en daar gebroederlijk mijn recente informatie over het weer gedeeld.
Het weerbericht beloofde winddraaiing voor 5 uur UTC, en ik stond dus om 4 uur op. De avond van te voren hadden we afgesproken vroeg te vertrekken. Om 5 uur stond er WNW wind van 15 knopen, maar de buren waren nog aan het opstaan. Al snel draaide de wind door zodat hij ons tegen het werkschip duwde. Ook werd hij harder. Uiteindelijk toen de wind afnam toch weg, maar wel bijna 2 uur later als gepland. Een beetje de balen had ik wel dat ik het niet beter geregeld had.
Buiten woei het dik 6 en ik voer weg met grootzeil en genoa 2. Voor me waren twee andere route-4ders maar ik kon niet onderscheiden wie het waren. Na een uurtje nam de wind iets af, en werd het tijd voor de halfwinder. Hiermee liepen we weer een behoorlijk vaartje.
Mijn 1 jaar oude kaart gaf aan dat ik net een stukje af kon snijden van het Vrouwezand, en met een piepende dieptemeter lukte dat ook. Onder de dijk werd de wind wat minder, en kromp hij. Met mijn halfwinder kan ik bijna aan de wind varen, maar haal dan niet meer snelheid als met de genoa 1. Het scheelde echter de tijd van een zeilwissel, en op die manier bereikte ik de HR-B net na de Fast Good.
Inmiddels was ik behoorlijk uitgeput. Vanwege de sluisstoring kon ik even rust nemen. Na het schutten wilde ik niet langer wachten omdat de wind nog minder zou worden. De wind was zo rond de 16 knopen, net zo’n grensgeval voor de high aspect. Maar omdat hij er soms ook onderzat en er redelijke golven stonden koos ik toch voor de genoa 2. Die bovendien al klaar lag.
Door vermoeidheid en concentratieproblemen kostte het me moeite de boot goed aan het lopen te krijgen. Op een gegeven moment leek het er zelfs op dat de Alca Torda me voorbij zou lopen. Achteraf bleek de schade nogal mee te vallen. Na de NEK was er een mooi bezeild rak, waarop ik filosofeerde over de uitdrukking “knik in de schoot”.
Naar de NEK toe was het een heel veld van boten, maar na de NEK werd dat meer een optocht. Bij Volendam werd de wind steeds minder, en daalde zelfs onder de 10 knopen. Ik meende te ver van de dijk af te zitten om daar nog last van te hebben, en haalde daarom de Genua 1 te voorschijn. Na het ronden van het Paard was er echter weer meer wind, en stond de Genua 1 (een hele oude) te klapperen en te flodderen.
Daarom toch maar weer de Genua 2 erop. Werd toen ook voorbij gelopen door Waarschip “’t Ware Hout”. In eerste instantie leek het erop dat de IJM17 niet helemaal bezeild was, maar de wind draaide genoeg om het wel te halen.
Uiteindelijk finish ik net een paar seconden voor de Lightning. Inmiddels was het net donker. Zeilen opruimen en rustig naar binnen tuffen.
Uit een telefoongesprek met Jan bij Volendam heb ik begrepen dat hij met Sandra (een vriendin) komen naar Muiden komt. Als ik in de haven aankom zijn ze er gelukkig nog niet. De kajuit ligt namelijk helemaal vol met 5 zeilen, en er is is maar een klein hoekje vrij om te zitten. Maar voor ik kan beginnen zijn ze er. Sandra is erg geïnteresseerd in hoe dat allemaal gaat. Ze heeft afgelopen voorjaar mijn oude boot gekocht, en is
druk doende het zeilen onder de knie te krijgen. Wie weet over een tijdje een nieuwe 200 mijls deelneemster??
Bij een kopje thee vul ik het logboek verder in, en na een uurtje gaan we naar de Capella om een en ander in te leveren. We blijven een beetje hangen en praten met de andere schippers. Na de nodige borrels en glaasjes wijn vertrekt Sandra naar huis en Jan en ik gaan lekker slapen.
Sandra probeert een weddenschap af te sluiten dat ik de volgende dag de Lady naar huis (Dintelmond) zal varen. Jan denkt van niet.
Jan en ik hebben het er die middag door de telefoon al over gehad; het weer op de Noordzee is goed, maar red ik het??
Als ik de volgende ochtend wakker wordt ben ik weer goed uitgerust, het zonnetje schijnt, en ik besluit om toch maar te gaan varen. Natuurlijk moet er eerst uitgebreid ontbeten worden, nog wat nagekletst. Eigenlijk duurt het me allemaal te lang, ik neem snel afscheid van Jan, gooi de land- vasten los en schakel weer naar X Babe mode. Naar de P15 heb ik lichte wind tegen en ik motor rustig. Ik kijk om me heen en geniet, denk terug aan de wedstrijd…. Maar toch voel ik me niet prettig: zou het weer op de Noordzee echt wel goed zijn?, ben ik toch niet te moe?; Zal ik wel op tijd terug zijn?; moet Jan weer in z’n eentje naar huis….
Ik besluit de Lady toch maar een weekje in Amsterdam neer te leggen, en bel Jan op of hij om wil draaien om me te komen halen. Ik zeg dat ik niet alleen naar Dintelmond wil varen, maar dat met hem wil doen. Dan komen de tranen en de spanning van de wedstrijd komt eruit. Na 4 dagen ben ik weer gewoon een mens in plaats van een zeilmachine.
We spreken af in de Sixhaven. Met een snelle brug- en sluisbediening komen we daar bijna tegelijkertijd aan.
Pamela van der Vleuten
Wim Schreurs had weer een nieuw idee en ontwierp speciaal voor deze tiende 200 myls ‘SOLO’ een schitterende eenmalige prijs, die zal worden uitgereikt op de prijsuitreiking op 12 oktober 2005 aan diegene die de meeste keren is gefinisht en daarbij de beste prestaties heeft neergezet ! Wim ontwierp verder en zijn vrouw Sonja boetseerde een nieuwe vrouwentrophee de ‘Ellen Mac Arthur Trophee’. |

verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’
De tiende 200 myls ‘SOLO’ was er weer een om van te smullen. Niet alleen voor de solo schippers zelf, maar nu ook voor het thuisfront en belangstellenden, die vanwege de meldingen met de gesponsorde gps/gsm-units, de X-Trace, elke passage van de wedstrijdboeien en de eventuele rusthavens konden volgen op de 200 MYLS website. Op deze website onder de button ‘verslag’ zijn al heel wat enthousiaste verhalen van de deelnemers gepubliceerd.
Ongemeen spannend en goed te volgen was de nachtelijke strijd om de line honeurs, die werd gewonnen door Eric Jan Hardonk met de Nescio. Ed Megens met de Lupa Maris, een Dehler 34 , die deze strijd met Erik Jan aanging had de pech om na de GZ2 passage bij Volendam voor de wind met ruim 6 knopen, rakelings een van de MN staken te passeren. Het ijzeren MN plaatje bleef in zijn grootschoot hangen en sneed deze tegelijkertijd door. De reparatie had tot gevolg, dat de passage van de finishboei de IJM 17op luttele seconden niet genoeg was voor het verdienen van de line honeurs-prijs ‘het bootsmanfluitje’.
De wind varieerde van Zuid tot Noordwest, af en toe zeven Bft met stoten van acht Bft in felle buien. Van de 84 ingeschreven schippers, trokken er zich 17 terug, wegens materiaalpech, gescheurde zeilen, aan barrels gezeilde rolgenua-voorstag profielen, roerproblemen en zelfs 2 jachten met lekkage, vanwegen de klappen op de gemeen steile golven van het IJsselmeer. 5 schippers, waaronder de organisator Jan Luyendijk, meniscus, startten er niet. Het overgrote deel van de vloot verkoos door de windverwachting de zekerheid van een IJsselmeerroute. 2 schippers, die de waddenroute 2 kozen, kwamen van de koude kermis thuis. Zij konden door de harde wind Vlieland niet meer op tijd verlaten.
Schippers met de Noordzeeroute kwamen in diverse kruisrakken terecht, die het voordeel van de getijden met stroom mee, niet meer goed konden maken. Bauke Yntema uit Workum met zijn Catootje, een winner 950 won de tiende editie van deze race. Tweede werd Gerben Bos met een FF 95, de Frequent Flyer en derde Egbert van der Waal met een Waarschip 1010, Fast Good uit Workum. Verleden jaar kwamen de winnaars uit route 1.
Dit jaar blijkt het had route 4 zijn duidelijke voordeel. De nieuwe vrouwentrofee, de Ellen Mac Arthur trophee, gegoten in het brons en ontworpen door Sonja en Wim Schreurs, is met overmacht, 5e plek door Pamela van der Vleuten, ook route 4, met haar jacht de ‘Lady Blanche’ gewonnen. Vanaf palaver tot en met de finish, qua weer, qua zeilen en resultaten van de schippers, qua techniek met de directe sms/gps meldingen naar internet, qua belangstelling en enthousiasme was deze tiende editie van de 200 myls ‘SOLO’ een totaal zeilend feest en een genot om mee te mogen maken.
foto © www.200myls.nl
De derde 200 myls van de Rocinant.Door: Ids Witteveen
| Op weg naar Muiden:Na zondag avond laat uit Brabant gekomen te zijn haalden we (mijn vrouw Renée en ik) maandag ochtend, nog niet geheel uitgerust, een ex collega op, die het wel leuk leek om mee te varen naar Muiden. Nadat Renée ons in Makkum had uitgezwaaid, gingen we op weg naar Enkhuizen. Nog niet zo lang weg, of we hadden water in de boot tot boven de vloer!. Wat was het geval? Het weekend er voor had ik nog een extra accu geplaatst. Om de draden goed te kunnen trekken had ik het opstapje (aanrechtblad) iets opgetild om er goed bij te kunnen. Door die handeling is de afvoer van het wasbakje los geraakt en wat naar beneden gezakt, zodat aan de wind zeilend er regelmatig een klots water door naar binnen liep. Simpel gevalletje maar je bent toch weer even bezig om de boot droog te maken. Omdat de wind ook de volgende dag tegen zou zitten en ik niet te laat in Muiden wilde zijn, lagen we dinsdag ochtend om 7.30 uur al in de sluis van het naviduct. Voor mijn opstapper was het daarna wel even schrikken! Lagerwal Markermeer bij wind 5-6 is toch wat anders dan de lagerwal van het Snekermeer bij diezelfde wind. Hoewel mijn opstapper normaal gesproken het hoogste woord heeft, was het die overtocht beduidend stiller aan boord dan gisteren. Hij hield zich echter goed (vast aan de lier).Om 15.00 uur liepen we Muiden binnen. Helaas mocht ik niet buitenop de Lady Blanche blijven liggen omdat m/s Capella er nog tussen moest. Dan maar buitenop bij de andere boten voor het Slot. Wel lag ik gelukkig zo dat ik slechts één buurman had die voor mij weg moest zijn. Een zeilvriend van mij, André Rijnbeek deed dit jaar voor het eerst mee. Hij lag met de Onrust helemaal ingebouwd. Ik had er op gerekend met hem te eten, maar omdat zijn vrouw ook op vakantie ging, gingen ze nog even samen uit eten. Ik nam eerst maar een douche, was dat vast maar gebeurt. Brood had ik maandag al ingeslagen. Oud brood is oud brood, dan maakt een dag ook niet meer uit. Voorlopig voor de laatste keer verse groente gegeten en wat restjes van de chinees uit Enkhuizen opgebakken. Daarna mij even officieel melden bij de Capella. Dit jaar was er, vanwege het lustrum, voor iedere deelnemer die zich melde een fraaie polo. Daarna met André naar het palaver met het gebruikelijke appelgebak en de uitreiking van het logboek, de fotocamera, de X-trace en de cap. Vanwege de 10e 200myls werd deze bijeenkomst dit jaar opgevrolijkt door de stemmen van een chantykoor. Die avond vroeg te kooi om er morgenvroeg weer fit uit te kunnen. De race.Woensdag ’s Morgens was ik dermate op tijd weg dat ik heel rustig aan moest doen om niet te vroeg te starten. Om 07.03 naar ik meen als vierde schip bij de M 1. Met de geleende halfwinder op liep het lekker maar niet spectaculair. Omdat mijn spinnaker er eentje is van eigenlijk een maatje te groot (van een Dufour arpege) en een leeftijd heeft van meer dan 30 jaar durfde ik die niet te zetten omdat er aan de horizon toch behoorlijke buiige luchten waren. De stuurautomaat aangesloten op het stopcontact van de nieuw geplaatste accu werd meteen al geen succes. Het had geen goed contact. Dus de stuurautomaat op de normale lichtaccu gezet en binnen 3 mijl na de start al weer aan de gang met de striptang e.d. om er een wel werkend stopcontact van te maken. Even later flapperden er in een bui verscheidene spinnakers. Ik blij met mijn keuze om die niet te zetten! Samen met Easy Going om het paard. Om zijn halfwinder van tig vierkante meter aan te trekken hoeft Frits slechts met geringe kracht een knopje in te drukken, zodat er een electrisch circuit wordt gesloten. De meeste schepen konden hun gekleurde zeiltjes er met wat moeite op houden naar Volendam. Een mijltje na Volendam, weer een ruim bezeild rak, begon ik toch wel erg te twijfelen. Moest ik echt niet de spinnaker zetten?. Ja dus. Maar niet voor lang. Hij stond nog maar net of de wind nam behoorlijk toe zodat de overbemeten spinnaker Rocinant finaal uit het roer deed lopen. Dus er maar weer af. Dat er meer met voorzeilen hadden geworsteld bleek wel uit het feit dat één van ons met een aantal vallen in de knoop halverwege de mast, na de Nek ton eerst wat te klaren had alvorens richting Lelystad te kunnen koersen. Met een windje 5 surfde Rocinant regelmatig met 8 knopend richting Lelystad. De vaart zat er goed in. Om 12.20 uur mocht de motor al weer aan na het ronden van de OVD 3. Het schutten in de Houtribsluis ging nu nog vlot. Op het IJsselmeer met één rifje en standaard fok aan de wind naar de met groen/witte staken afgebakende ondiepte. Onderweg nog een tweede rifje gezet zodat de boot goed in balans is.Daarna hoog aan de wind naar Den Oever. Met behulp van twee stukjes shock-koord aan de helmstok stuurt Rocinant zich dan zelf. De eerste SMS-jes met goede wensen komen binnen. Ik ontreef weer eens veel te laat en verlies dus tijd op mijn concurenten. Vlak voor de WV 14 komt Fred Avezaath mij al weer tegemoet. Omdat de Sun Dance Kid bijna dezelfde handicap heeft als Rocinant, denk ik dat hij voor ligt, ook al weet ik niet precies zijn starttijd in Lelystad. Op de terugweg naar Enkhuizen in het donker langs het vogeleiland. Dan opeens een vreemd toplicht, even verwarring en dan zie ik het, het is een vliegtuig. Enkhuizen lijkt mij voor vandaag een prima eindpunt. Gezien de stevige wind die voor vannacht voorspeld wordt, lokte het mij niet om door te gaan naar Brezandijk. Om 20.58 rond ik de KG 2. Varend naar een ligplaats realiseer ik mij bij het zien van de geankerde schepen voor het museum dat als ik nu ga ankeren dat maar vast achter de rug is. Die eis uit het regelement kan dan geen belemmering meer zijn om later door te zeilen. Ik weet dat de ankergrond bij het museum niet geweldig is, maar de kom ligt redelijk beschut. Ik ga het proberen. Regelmatig peilend durf ik mij om 22.30 uur neer te geven met de wekker op 0.30 uur voor een extra ankerpeiling. Volgens mij lagen we toen in een dikke wind nog steeds op dezelfde plaats. Rond 01.00 was het echter “boem” en zat Rocinant tegen de Luppa Maris aan. Snel de jollenbroek en een jas aan en op blote voeten naar buiten. Motor aan en anker op. Toch maar opnieuw proberen daar de nacht al zo ver gevorderd was dat ik deze rustperiode toch voor anker af wilde maken. Het anker viel 3 meter achter de spiegel van een in zijn box liggende boot. Extra lijn gestoken, motor nog even in zijn achteruit en peilen maar weer. Na een uur durfde ik mij weer neer te geven. Wel een aantal keren de wekker gezet. Het ging goed, maar een rustige nacht was het niet. Bij daglicht bleek dat ik de jollenbroek binnenste buiten had aangetrokken. Zo hing hij aan het haakje om wat te luchten. De modder van het anker zat zodoende op de voering.Donderdag: Om 08.05 werd voor het IJsselmeer windkracht 7 voorspeld op VHF 23/83. Daar dit om 08.15 niet werd herhaald op VHF 1, toch maar weer vertrokken. Op dat moment had de wind even rust genomen. Ik haalde het rif uit het grootzeil en verving de kleine fok voor de standaard fok. Toen ik bij de KG 2 aan kwam werd al snelduidelijk dat dit geen goede keuze was. Voor het starten de oude zeilvoering in ere hersteld. Onderweg naar de net bezeilde SPORT B zelfs het 3e rif gezet. Dan waait het 6 a 7! Een extra grote golf liep zo onder mijn schuifluik en buiskap door (ik heb geen garage) en deed ± 3 liter water op mijn kooi belanden. Als solozeiler heb je gelukkig altijd keuze uit meerdere kooien zodat er toch droog geslapen kan worden. Met geweldige buien, waarin de wind toenam tot kracht 8, op Urk af. Regelmatig 9 knoop op het log en één keer zelfs 10 knoop in een surf geklokt. Kicken, maar wel vereist het opperste stuurconcentratie. Vrijdag: Hoewel de stuurautomaat er veel moeite mee had, moest hij het toch even alleen doen toen ik naar voren moest om de boom in de fok te loevert te zetten. Bijna het hele stuk met de hand gestuurd. Niet er na, daar ik dan hoogte zou verliezen. Beter iets langzamer varen dan hoogte verliezen zo redeneerde ik. Nog net voor een vrachtschip langs kon ik over de zelfde boeg naar de ton toe. Ergens in mij zat een drang om mijlen te maken. Gezien het vroege tijdstip van 13.19 uur kwam het nog niet bij mij op dat het tactisch beter zou zijn om hier te stoppen en morgen met een ruimende wind en dus waarschijnlijk een bezeilde koers op Hindelopen en Lelystad af te gaan. Kruisend naar Hindelopen nog een kleine fok gezet, zodat ik naast de extra mijlen nog wat extra tijd verspilde. Dat Hindelopen voor vandaag het eindstation zou zijn werd snel duidelijk. Bij het strijken van de zeilen ging het nog bijna mis. Aan de wind varend gooi ik de grootschoot los en laat de boot dan koers houden. Als het zeil bij de mast naar beneden is loop ik terug naar de kuip om de schoot door te zetten en vervolgens doek ik de zeilen op, nog steeds op een aandewindse koers. Zaterdag: Tot voorbij de VZ 1 met de halfwinder gevaren. Achterom kijkend zag ik allemaal gekleurde zeiltjes zodat ik vond dat het tijd werd voor de spinnaker. Zo hard woei het niet. Helaas, na een paar minuten waaide die uit de lijken. Gezien de windsterkte moet de spinnaker echt totaal gaar zijn geweest. Na van de spinnaker met gigantische ventilatiegleuf een fotootje geschoten te hebben de zaak geklaard en de halfwinder er weer op. Een gegeven paard (spinnaker) mag je niet in de bek kijken (hij gaf ook wel wat weg!). Het houdt je bezig zulke acties, maar voor het klassement is het niet goed. Ids Witteveen |
Kort verslag met aanvullende informatie t.b.v. het logboek. door Peter van der DriescheEindelijk ben ik in staat om de 200 myls te varen. Tot voor kort was ik met mijn vrije dagen gehouden aan de schoolvakanties.
Palaver heb ik gemist omdat mij echtgenote ( sponsor) jarig is. Zeilvriend Jan Smienk van de Nicky Deux zal voor mij waarnemen. Nadat de verjaardagsvisite weg is brengt mijn zoon me naar Muiden. Met Jan alles wat verteld nog even doorgenomen en hij geeft me mijn logboek en mij x-trace.
’s Morgens om 8 uur maak ik de Vagebond (een Dufour 35 van 1973) klaar. Ik heb geen haast want ik verwacht dat er straks meer wind komt.
Bij het vertrek uit de haven van Muiden wordt de lucht achter ons pik zwart. Ik besluit de kleine spi erop te zetten en ga onder vol tuig langs de M1. De x-trace 3 seconden ingedrukt en mijn positie. Jan Smienk start nagenoeg gelijk met mij. Zijn “nieuwe Dufour heeft een sw faktor van 98. De Vagebond 99. Dat betekend dat ik mijn uiterste best moet doen om bij hem te kunnen blijven. De Vagebond loopt erg goed.
Vele schepen loop ik voorbij. Nico Benink van de Brandaen maakte bovenstaande foto van de Vagebond. Zelf maak ik ook een aantal mooie foto’s.
Ik loop zelfs Bertus Buis voorbij. Zijn Stanfast 40 moet wel veel harder kunnen.
Misschien heeft hij te weinig wind. Bij de GZ2 waait het al aardig. Ik haal mijn spi weg en leg de halfwinder klaar. Naast mij Hijst Harry Immink met de Banzare de spinnaker. Hij krijgt zijn boot niet onder controle en verliest heel veel hoogte. Ik besluit de halfwinder op het voordek te laten. Hij is toch al zeiknat. De wind trekt verder aan. Ik zie dat bij de Nek niemand een spi of halfwinder zet. Het verbaast me. Als ik zelf de Nek passeer begin ik te twijfelen. Waarom de halfwinder niet hijzen.
Waarom doet niemand het. Ik besluit hem te zetten. Hij zit in een slurf en ik kan hem als het te veel is weer eenvoudig weghalen. Als ik hem omhoog heb en de wind zet hem vol loop ik een paar keer uit het roer. Waarschijnlijk een spectaculair gezicht en een reden voor de andere deelnemers er maar niet aan te beginnen. Maar!!!! Ik krijg de Vagebond met de halfwinder onder controle en vaar dwars door het hele veld. Erik Hardonk ziet met lede ogen dat ik hem voorbij vaar.
Aan eten en drinken kom ik niet toe omdat ik continu aan het sturen ben. Soms staat het roer er dwars onder maar ik houd de controle.
De knop van de x-trace ligt op de grond in de kajuit. Het is een beetje tricky om de helmstok even te verlaten maar het lukt toch om de knop bij de OVD 3 paraat te hebben.
Het weghalen van de halfwinder kan ik na de OVD 3 doen. Geeft geen tijdsverlies. Wel kruist er een Bavaria 30 van een andere deelnemer vlak voor me langs zodat ik met een noodgang naar achteren moet om een aanvaring te voorkomen.
We varen naar de Flevomarina en nemen daar uitgebreid de tijd om een uitsmijten te verorberen.
Ook gaan we naar de Heiner zeilacademie om op internet het weer te analiseren. Er zit een bekende en we krijgen alle gelegenheid om de weersites te bekijken en discussieerden over de prognose.
We besluiten nog wat rond te lummelen tot we merken dat de wind ging krimpen. Paul Peggs lag er ook. Hij had ook internet aan boord.
Het werd naar de WV14 een voortreffelijke tocht, goed bezeild maar wel veel blinde boeien. De wind was zo gekrompen dat het naar de KG2 weer goed bezeild was.
We besluiten in de oude haven van Enkhuizen te overnachten. Het is daar erg luuw maar ‘s morgens liggen er toch veel takken en bladeren op het dek. Om 7.05 hoor ik de kustwacht 7 BF voor het IJsselmeer waarschuwen. Dan moet je blijven liggen en dat is niet echt de bedoeling. Gelukkig waarschuwt om 7.15 post IJsselmeer voor 6 BF. Ik trommel Jan Smienk op om onmiddellijk los te gooien. Je kan maar onderweg zijn voordat de post IJsselmeer zich bedenkt. Opweg naar de Sport B. Een rif in het grootzeil en de grote genua er op. Hoog aan de wind maar het is bezeild. Ik vaar de Joly J een J 92 voorbij. Voorwaar een prestatie van de Vagebond. De Joly J heeft maar een rif in het grootzeil zodat hij duidelijk overtuigt aan het Zeilen is.
Ik word voorbijgevaren door de Connector van Rob Jaspers. Hij vaart vlak boven me langs en ik vervloek hem. Als je zo hard kan kan je ook wel wat meer ruimte houden. Wel krijgt hij nu mooie foto’s van me, van heel dichtbij gemaakt.
Na de sport B naar Urk. Het is ruime wind en we varen hard. Ik vaar al een tijdje gelijk op met de Pion van Gert Vink. Hij heeft de zelfde SW factor als ik. Na het Enkhuizer Zand Probeer ik de Harfwinder weer. Ik zie wel een dikke bui achter me maar verwacht dat die naar Friesland wegtrekt. Helaas, met heel veel wind sla ik plat en moet de halfwinder weghalen. Het lukt niet de slurf er omheen te krijgen en na veel geploeter op het voordek heb ik mijn dagelijkse fittness inclusief douchen weer achter de rug. De tijdverlies door het gestunt is goed op de elektronische kaart te zien.
Gert Vink heeft een mooi schouwspel gehad en ligt weer voor me. Gelukkig loop ik weer langzaam in en finish bij de UK 16 een meter voor hem.
In Urk voegt vriend Harry Vogel zich met de Cayenne bij ons. Hij heeft in Lelystad een lange tussenstop gemaakt om op de muziekschool vioolles te geven. Dat is nog eens een manier van je rusttijd besteden.
’s Morgens vertrekken we weer op tijd maar ik activeer de x-track bij de verkeerde boei. Daarna ook nog bij de UK16. Ik hoop maar dat dat niet per ongeluk als starttijd gekozen wordt. Op weg naar de WP8. Niet zo gek veel wind zodat ik de halfwinder weer eens kan zetten. Het gaat goed maar later neemt de wind toe en moet hij weg. Ik vaar samen met de Vire naar de WP8. Daar activeer ik de x-trace maar hij doet het niet.
Ik bel naar de organisatie om dit te vermelden. De passagetijd is 11.32.
De Vire maakt een klapgijp en vaart me bijna aan.
Dat is al de 2 de keer deze trip!
Ik heb het niet zo op Bavaria’s maar dat ze me op deze manier willen elimineren lijkt me ook niet nodig.
Het waait hard en het is plat voor de wind naar VF04 bij Makkum. De spi kan ik niet zetten omdat de bevestiging van de boom aan de mast afgebroken is. Wel zet ik de lichtweergenua tegenover de gewone genua. Ik loop weer als de brandweer. Na de passage van de VF04 overnachten we in Kornwerderzand omdat het naar Hindelopen niet bezeild zal zijn.
Bij de herstart bij de VF04 gaat meteen de halfwinder er op. Tot Hindelopen kan hij blijven staan. De snelle schepen zoals de Cayenne van Harry Vogel en de X362 en de IMX 38 Mango zetten geen bol voorzeil. Ze lopen niet echt uit. De Nicky Deux (Dufour 4800) gaat gelijk rond de boei. Onder halfwinder naar Lelystad. Daar blijkt mijn motor niet te starten. de brandstofmeter is stuk en ik vul bij uit een jerrycan. De sluits geeft nogal wat oponthoud wat niet goed uit komt. De Nek was namelijk bezeild. Tot mijn verbazing zie ik harry Vogel voor anker liggen. Ik bel hem en wijs hem er op dat de Nek nog steeds bijna bezeild is.
Hoog aan de wind met een goede snelheid vaar ik naar de Nek. Ik moest slechts een slag van zo’n 2 mijl maken.
Met Harry Vogel en Jan Smienk spreken we af dat we de nacht voor anker gaan in de Gouwzee. Daarna moeten we nog 9 mijl. Dus als we ’s morgens om 10 uur vertrekken zijn we ruim voor sluitingstijd (12 uur) bij de finish. Na een gezellige avond word ik rond 7 uur wakker in een complete windstilte. Wachten tot de wind aantrekt en dan vertrekken. Bijna een misrekening. Om 9.30 staat er nog steeds bijna geen wind. Snel anker op en dan hebben we 2.5 uur om de 9 mijl te overbruggen. Het lukt en ik houd bij de finish 20 minuten over.
Niet eens zo moe maar wel voldaan en met zeker wetend dat ik volgend jaar weer meedoe vaar ik naar Muiden.
Peter van den Driesche
VAGEBOND

verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’
De 64 jarige Huizer Jan Luyendijk organiseert wederom voor de tiende maal de 200 myls ‘SOLO’, vanaf 28 september t/m 02 oktober 2005. Deze bijzondere, loodzware singlehanded zeilwedstrijd wordt in en om de Nederlandse wateren verzeild.
De 85 uitverkoren schippers (ruim 400 aanmeldingen) dienen geheel solo, in hun kajuitzeiljachten, binnen 5 dagen, in weer en wind, een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.
De solisten kunnen zelf hun taktiek bepalen door te kiezen uit een van de 4 routes van elk exact 200 mijl over het Marker-, IJsselmeer, Wad en/of Noordzee.
In elk der 4 banen zijn er 17 boeien die moeten worden gerond. Het deelnemersveld bestaat uit een schakering van vele soorten jachten, mannelijke en vrouwelijke schippers, uit alle delen van het land, waaronder heel wat oceaanveteranen vanuit Ostar, Petit Bateau, Mini Transat, etc. die strijden, volgens het SW handicap-systeem voor de hoogste klassering.
Dienden deze merktekens in vorige wedstrijden nog te worden gefotografeerd en de passages per gsm te worden gemeld aan het Regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ als bewijslast van deze passage, nu krijgen de deelnemers een gps/gsm-unit, de X-Trace gesponsord door XMark BV, mee.
Bij een druk op de meldingsknop van de X-Trace wordt de gps-positie, lengte- en breedtegraden ogenblikkelijk, alsook de wedstrijdstanden , door middel van het door organisator Jan Luyendijk, ook deelnemer, zelf geschreven computerprogramma, aan het Regattabureau doorgezonden en op internet kenbaar gemaakt.
De toch al zo populaire 200 myls ‘SOLO’ www.200myls.nl is weer bijzonder trots op deze nieuwste ontwikkeling en is de enige Nederlandse zeilrace, met de X-Trace, die de spanning en verslaggeving van de 200 myls ‘SOLO’ binnen de huiskamers brengt !
©Copyright Clubracer
Bert | ip: 213.10.71.180 21-09-05
Het is inderdaad weer zover, het hele jaar hebben wij uitgekeken naar deze prachtige race.
De mooiste solorace als afsluiter van het zeilseizoen, dit jaar volgen we alles vanuit het warme zuiden via internet. De online standen en het ‘live’ verslag zijn iedere jaar weer bijzonder spannend.
Bert
85 solozeilers aan de start van 200 myls solo
![]() |
![]() |
Jan Luyendijk organiseert voor de tiende maal de 200 myls ‘SOLO’, vanaf 28 september t/m 02 oktober 2005. Deze bijzondere, zware singlehanded zeilwedstrijd wordt in en om de Nederlandse wateren verzeild. 85 Schippers dienen geheel solo, in hun kajuitzeiljachten, binnen 5 dagen, in weer en wind, een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.
De solisten kunnen zelf hun tactiek bepalen door te kiezen uit een van de 4 routes van elk exact 200 mijl over het Marker-, IJsselmeer, Wad en/of Noordzee. In elk van de 4 banen zijn er 17 boeien die moeten worden gerond. Het deelnemersveld bestaat uit een schakering van vele soorten jachten, mannelijke en vrouwelijke schippers, uit alle delen van het land, waaronder heel wat oceaanveteranen vanuit de Ostar, Petit Bateau, Mini Transat en dergelijke.
Ze strijden volgens het SW-handicap-systeem voor de hoogste klassering. Dienden deze merktekens in vorige wedstrijden nog te worden gefotografeerd en de passages per gsm te worden gemeld aan het Regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ als bewijs van passage, nu krijgen de deelnemers een gps/gsm-unit mee, de X-Trace gesponsord door XMark.
Bij een druk op de meldingsknop van de X-Trace wordt de gps-positie, lengte- en breedtegraden, alsook de wedstrijdstanden, door middel van het door de organisator zelf geschreven computerprogramma aan het Regattabureau doorgezonden en op internet kenbaar gemaakt.

VERSLAG VAN DE 200 MYLS SOLO RACE 2004Frans Hoving v/b Zeebeer
Dit jaar hebben we aan boord van de Layam gegeten in plaats van bij Graaf Floris. De Layam is Barends verlangen naar de zee. Barend had een prima Mediterrane pot gekookt, om ons nog even het naderende herfstweer te laten vergeten. Albert de Brouwer van het Waere Hout, een enthousiast verteller, en Hans Pietersma van de Francis aten ook mee.
Dit keer aten we in alle rust en kwamen we mooi op tijd bij Ome Ko.
Behalve de gebruikelijke goede adviezen, het logboek en de pet kregen we dit keer niet alleen een fotocamera mee, maar ook een GSM/GPS-unit met een rood en een groen knopje.
Door op het groene knopje te drukken, zend je tijd en positie door naar een centrale en wordt deze direct op Internet weergegeven. Druk nooooiiit op het rode knopje, maar waarom toch niet? Dat is een van de vragen die mij de komende vijf dagen zal bezig houden. Vele malen heb ik op het punt gestaan het rode knopje toch in te drukken, maar de angst voor diskwalificatie weerhield mij. En als het donker was, pakte ik eerst de zaklantaarn om te controleren of ik wel op de juiste kleur drukte.
Ook mocht je niet zomaar het rode en groene knopje tegelijk indrukken, maar daar kregen we wel een uitleg bij. Dat zou nl. de verkeerspolitie in Driebergen alarmeren. Een beetje onhandig dacht ik nog, je hebt meer aan Den Helder Rescue, maar toen ik weer thuis was, snapte ik de logica. Onze doorgegeven posities werden namelijk getoond op een wegenkaart van Nederland! En daar weten ze in Driebergen alles van.
Ook kregen we een pakket doping mee, bestaande uit poeders en pillen, waarvan ik me direct voornam deze niet tot mij te nemen, voordat ik het wedstrijdreglement opnieuw bestudeerd had. Het zou wel eens een list kunnen zijn van de organisatie om de wankelmoedigen onder ons te verleiden tot diskwalificatie.
Tot slot droeg Jan Luyendijk ons op om vooral weer leuke anekdotes in het logboek te noteren. Daar sloeg de schrik mij om het hart. Ik weet niet hoe dat voor de andere deelnemers ligt, maar ik maak nooit wat mee onder het zeilen! Ik zit vier en een halve dag aan het roer, kijk een beetje naar de zeilen, zwaai naar andere deelnemers, luister naar de radio, lees een boek, overdenk mijn leven en dat is het wel. En als ik wel iets meemaak, is het nooit leuk, dan loopt het schip uit het roer, vaar ik op een onverlichte ton of stoot ik mijn hoofd.
Met een bezwaard gemoed zocht ik die avond mijn kooi op en viel al snel in een onrustige slaap. Ik droomde dat we tijdens de prijsuitreiking om de beurt naar voren werden geroepen om een leuke anekdote te vertellen en dat de zaal stemmen uitbracht met de GSM-units. Woensdag Aan de wind zeilen is een kunst Ik word wakker van de schippers om mij heen, die hun schepen in gereedheid brengen. Ik besluit eerst te douchen en te ontbijten. Onder de douche hoor ik Barend: “Ben jij dat Frans? Ik herkende je schoenen.” We wensen elkaar succes voor de komende dagen. Het loopt al tegen achten als ik mijn ontbijt achter de kiezen heb.
Dit is de tweede keer dat ik mee doe. Vorig jaar met een Waarschip Kwartton, zonder stuurautomaat, dit keer met een Waarschip 900+, mét automaat (en wat voor één, een Autohelm 4000). Ik heb dit schip dus nog maar net, maar lang genoeg om te ontdekken dat het héél anders zeilt dan mijn oude trouwe Iguana Iguana.
Ik maak los en wurm mezelf de box uit. Aan het eind van de Vecht komt Peter van de Schaaf me tegemoet. “Even voorzeil wisselen”, antwoordt hij op mijn verbaasde blik. Ik besluit om ook maar te reven, er komen flinke buien over. Om 8.30 ben ik gestart.
Erg hard gaat het niet, ik heb eigenlijk te weinig zeil op. Ik heb een high aspectfok van 20 m2 en een hoog opgesneden stormfok van 4,5 m2. Dat verschil is te groot.
Bovendien hang ik de theorie aan dat een Waarschip 900+ rechtop gezeild dient te worden. Ik ga in de loop van de wedstrijd steeds meer aan mijn theorie twijfelen, want op deze manier aan de wind zeilen is geen succes. Voor mij uit vaart de Batavus, een zeer zwaar rond schip, maar zelfs die haal ik niet in. Vertwijfeld grijp ik naar mijn ANWB boekje over zeiltrim, dat helpt iets, maar niet voldoende. Mijn gemiddelde snelheid ligt rond de 3,5 knoop. Dat is toch beneden alle peil. Als ik het later vergelijk met de snelheid op hetzelfde traject (M1 – NEK) van het Waere Hout, ook een 900, maar dan zonder +, dringt pas goed tot me door hoeveel beter het moet kunnen. Hij vaart twee knopen sneller!
Enfin, de lucht klaart langzaam op en het wordt een genoeglijke tocht. Jas en zeilbroek gaan uit en ik zit bij een voordewindse koers vanaf NEK heerlijk in het zonnetje. Bij de OVD 3 aangekomen besluit ik route 1 te laten vallen. Hoewel voor morgen de wind uit de goede hoek voorspeld is (ZW) voor een tochtje over de Noordzee, lijkt er zo weinig wind te zullen staan, dat een spi absoluut vereist is. Die heb ik nog niet op dit schip en ik wil niet net als vorig jaar bij Zuiderhaaks moeten ankeren omdat het tij tegenloopt. Dus zeilen omlaag en meteen de motor aan, dat heb ik ook geleerd van vorig jaar, zorg dat je accu’s op peil blijven. Dat is dubbel zo belangrijk nu ik zo een stroomvretende stuurautomaat aan boord heb.
In de sluis praat ik met Henk van de Batavus. Naast mij maakt een Duits jacht vast, met vijf stormvast ingepakte en gezekerde opvarenden, die geïnteresseerd vragen aan welke wedstrijd ik heb meegedaan. Als ik vertel dat die net begonnen is, kijken ze wat bevreemd naar mijn outfit van katoenen broek en lamswollen trui, die in hun ogen geschikter is om te tuinieren dan om mee te zeilen.
Even denk ik dat ik hekkesluiter ben, maar later volgen nog een paar deelnemers. Route 2 laat ik nu ook vallen, het volgende rak is nu niet bezeild en morgenavond boven de eilanden langs naar Texel lijkt me geen optie bij een zwakke ZW. Ik doe als de rest en ga voor anker onder de dijk. Ik kook een heerlijke maaltijd, verse groenten, sla, een stukje thuis gebraden lamsbout en rijst. Vandaag heb ik geen enkele afstand van betekenis afgelegd, maar ik ben zo moe als een hond. Ik hijs de olielamp onder de zaling en kruip in mijn slaapzak. Om acht uur ’s avonds ben ik in diepe slaap. Donderdag I need spi(ed) Om 02.00 ’s nachts steek ik mij hoofd uit het luik, de maan schijnt en het is een prachtige nacht. Helaas is de wind nog steeds NW, dus weer slapen. Om een uur of 7 word ik weer wakker. De zon komt prachtig op, dit wordt een zomerse dag! De wind is inmiddels gedraaid naar ZO, maar wat is ie zwak. Ik sta geamuseerd naar de schipper van de Cygnus te kijken, die onder het ophalen van het anker de ketting schoonborstelt. Hoe ver kan een mens gaan in zijn liefde voor het schip, denk ik. Dan haal ik mijn eigen anker op en zit de kortste keren onder de zwarte pikzwarte smurrie. De schipper van de Cygnus stijgt weer in mijn aanzien…
Direct na de EZ 29 spuit de Magic mij voorbij, een Waarschip Kwartton getooid met een spi en een gennaker, terwijl ik zuur naar mijn slaphangende genua zit te kijken. Dan maar insmeren met zonnebrand en mijn boek gepakt. Ik lees In Europa van Geert Mak, bij uitstek geschikt om te lezen onder het zeilen, omdat het uit allemaal korte stukjes bestaat. De hele dag kijk ik naar de halfwinder van de Cygnus, die een paar mijl voor mij uitvaart.
Urenlang ligt de snelheid rond de 1,5 à 2 knopen. Pas bij de Kreupel trekt het iets aan en als ik keer voor het rak naar Urk gaat de boot zowaar een beetje hellen. Ik stuur maar achter de Cygnus aan en ga een potje koken. Het zomerweer is inmiddels verwaaid en het gaat regenen. Langzaam wordt het donker terwijl ik me voor de variatie op de pasta met gehaktballen stort. Urk is niet bezeild en ik maak in het donker een paar lange slagen. Vlak bij mij zitten twee andere deelnemers, waaronder de Cygnus. Het is lastig oriënteren bij Urk in het donker, er liggen veel te veel tonnen daar. Het valt nog niet mee om de goede boei er tussen uit te halen. Wat ook niet meevalt is dat ik tegenwoordig een leesbril nodig heb, om in het donker kaart te kunnen lezen.
Ik ben al een paar keer in de schijnwerpers gezet door oplopende binnenvaarders, die mij steeds op ruime afstand inhalen. Een ander vaart dwars voor mij langs richting Urk. Plotseling wordt ik weer in een fel licht gezet, maar nu van voren. Die binnenvaarder die voor me langs voer is gedraaid en komt nu recht op me af! Als de hazen val ik 90 graden af en blijf in de wedstrijd. Helaas kost me dit weer een extra slag om bij de boei te komen.
Inmiddels heb ik uitgepuzzeld hoe ik het beste de haven kan binnenlopen zonder op een van de tientallen onverlichte staken te varen. Ik heb het niet op Urker vissers en niet op Urk en mijn vooroordeel wordt hier weer bevestigd. Dit lijkt het verkeerspark in Assen wel! Mijn ligplaats is ook al niet je dat, ik lig te rijen aan de passantenkade in de havenmond. De wind stuwt de golven recht de haven in. Ik zet het roer vast, klem vier stootwillen tussen het schip en de zanderige kade en hoop er het beste van. Ik maak nog een praatje met de schipper van de Cygnus en bel mijn vriendin, die prompt vraagt wanneer ik nou op hou met die onzin. Zij respecteert mijn hobby, maar dit vindt ze zwaar overdreven. Na deze peptalk maak ik maar een biertje open. Ik ben nog steeds niet tevreden over mijn zeilprestaties, na twee dagen heb ik 63 mijl afgelegd. Vrijdag Hoop doet leven Het is een beetje heiig, maar wel droog als ik vertrek. Vlak voor mij uit vaart de Cygnus en deze loopt langzaam van mij weg. Ik baal ervan dat ik geen groter zeil dan mijn genua kan zetten. En er staat wat meer wind dan gisterenochtend. Het hele rak naar de Sport B is voor de wind, dus ik zet de genua ver uit met de spiboom. Erg hard gaat het allemaal niet.
Ik luister naar de radio. Eerst gaat het over de kwalen die je kunt oplopen van pijnstillers. Een vrouw belt op met de mededeling dat zij veel baat heeft bij de bandjes van het RIAGG. De presentatrice heeft geduld en langzaam wordt duidelijk dat het gaat om geluidscassettes met ontspanningsoefeningen. Daar laat ze graag iets van horen over de telefoon, dus ze start het bandje en houdt de hoorn voor de speaker. Ze is blijkbaar vastbesloten ons het hele bandje te laten horen, want ze komt zelf niet meer aan de telefoon. De presentatrice draait een plaatje en probeert het nog eens. Nog steeds die kalme stem die ons tot rust maant. En zo gaat het nog een hele tijd door, totdat het nieuws gelezen wordt en een nieuw programma begint. Nu gaat het over de manifestatie van zaterdag aanstaande tegen het afschaffen van VUT en pre-pensioen.
Vroeger protesteerde men tegen honger en kinderarbeid, nu tegen een jaartje langer doorwerken. Aangezien ik nu al voorzie dat ik tot mijn 75e moet doorwerken om de 55-plussers van vandaag te laten tuinieren, vind ik het allemaal maar flauwekul. Tussendoor doemen steeds schepen op uit mist en lossen dan weer op. Ik bel met Barend en zeg dat ik er mee stop, als het niet wat meer opschiet. Daar houdt Barend niet van, ik moet niet zo snel opgeven vindt hij. En gelijk heeft ie. Maar een mens mag wel eens zeuren.
Na de Sport B doemt er een soort van perspectief. Ik kan in een paar lange slagen tot onder Stavoren komen, het stuk naar Lemmer is exact bezeild en de verwachte draaiing van de wind naar ZW blijft uit. Dat betekent dat Enkhuizen vanaf de SB 10 ook bezeild is!
Onderweg naar de SB10 valt het duister in. Ik zie aldoor een vage vlek voor me uit die ik houdt voor een beginnende staar. De dokter maar eens bellen als ik terug ben. Pas als ik er vlak bij ben, zie ik een platbodem die net ten noorden van de tonnenlijn voor anker ligt. Zijn ankerlicht brandt wel, maar dat is niet te zien vanaf de kant waar ik vandaan kom. Volgens mij hangt zijn wimpel er overheen. Sukkels! Bij de SB 10 doet de GSM-unit het niet, dus ik maak een extra rondje voor een foto en besluit de passagetijd door te bellen. Prompt wordt me gevraagd alle tijden vanaf de M1 door te geven, omdat de units niet goed werken.
Nu vaar ik in het pikkedonker met halve wind naar Enkhuizen. De boot loopt lekker door en ik zit in de opening met mijn benen op het trappetje. Onderweg passeer ik twee zeilschepen, maar kan niet schatten hoe groot ze zijn. Achter mij zie ook nog een zeiljacht, dat langzaam oploopt. Vlakbij de shipping lane Enkhuizen – Urk valt de wind even weg. Gaat ie dan nu draaien, nu ik er bijna ben? Nee, met wat vertraging kom ik toch nog bij de boei. Terwijl ik naar de Compagnieshaven motor, doek ik de zeilen op.
Op een gegeven moment besluit ik toch maar wat op te sturen en 5 seconden later glij ik vlak langs een onverlichte ton. Is dat nu instinct, voorzienigheid of is het gewoon het geluk dat met de dommen is? Ik hou het op het laatste.
Het jacht dat achter me voer, heeft me bij het kruisen van de shipping lane ingehaald.
De volgende ochtend weet ik wie het was, inderdaad, de Cygnus. Dat stemt mij weer tevreden, blijkbaar ben ik bij deze zwakke wind op de aandewindse rakken sneller. In de haven maak ik vast aan een houten kotter en ben tevreden. Ik zie iets dat ik vanmorgen nog niet zag, nl. dat ik binnen de tijd ga finishen. Ik heb nog ruim 24 uur voor 66 mijl, het zou gek zijn als dat niet gaat lukken.
Zaterdag De langste dagHet waait lekker door als ik samen met de Cygnus bij de KG2 vertrek naar de H2. Met een harde ruime wind zijn we in een wip bij Hindeloopen. Als we Stavoren naderen, kom ik er achter dat je wel een rechte lijn kunt trekken tussen de KG2 en de H2, maar dat nog geen vaarbare koers is. Handig zo’n GPS!
Als ik gekeerd ben bij de H2 loopt de Cygnus voorgoed van me weg, hij heeft minder last van de holle golfslag dan ik, bij deze aandewindse koers. Ik vaar met te weinig zeil om hard te gaan, maar voel er niets voor om te ontreven. In de buien is de zeilvoering precies goed, daartussendoor is het duidelijk te weinig. Het is helder weer, ik kan sturen op de Flevocentrale. Onderweg kruis ik een jacht waarvan de driekoppige bemanning lekker achter de genua zit weggedoken. Ik vaar zo dicht onder ze langs dat ik hun koffie kan ruiken en roep dan heel hard BAKBOORD. Dat vinden ze niet grappig. Ik wel.
Naarmate ik Lelystad nader zakt de wind steeds meer in. Nu ontreef ik wel. Bij de Sport wordt ik voorbijgelopen door de Fast Good. Zulke mooie zeilen, daar kan ik alleen maar van dromen. Na de EZ 29 loop ik nog even een jachthaven binnen voor vers drinkwater, ik heb niet veel meer over. Tijdens het schutten kook ik een potje en maak een fraaie foto van Dik Geurts op het voordek van de Bandos.
Nu komen de laatste loodjes. Met een paar lange slagen geraak ik in het invallend duister bij de PH boei. Op de marifoon hoor ik een waarschuwing voor een onverlicht jacht, dat gezien is bij de OVD 3. Ik denk dat het hetzelfde jacht is, dat ik onverlicht heb zien varen bij de BVK. Vlak voor het ronden van de PH kom ik in een heel veld van niet meer zo geconcentreerde solozeilers terecht, die allemaal richting finish zeilen. Eerst wordt ik bijna overvaren door een over stuurboord varende deelnemer, die op het laatste moment uitwijkt. Daarna trekt het gebruis achter me de aandacht van een oploper die van geen wijken weet. Ik sta al achterop met een stootwil in mijn linkerhand en wil net de schipper met de schijnwerper van mijn aanwezigheid op de hoogte stellen, als hij het zelf doorkrijgt. Na het ronden van de PH komt er een derde jacht op me af, maar deze schipper heeft me wel gezien en wil alleen even gedag zeggen.
Ik vaar nu plat voor de wind naar NEK. De maan schijnt, de boot loopt als een tierelier. Wel voel ik steeds vaker een koude windvlaag in mijn nek, wat er op wijst dat de wind weer toeneemt. Als ik dan een keer naar voren reik om de thermoskan te pakken gaat het fout. De boot loopt totaal uit het roer en loeft met een rotgang op. Nu race ik op de kust af. Ik gooi de fok omlaag en breng de boot weer tot rust. Verder naar NEK, nog steeds met ruim 6 knopen. Na de boei zet ik de stormfok er weer op en wil ik eigenlijk eerst een slag maken naar een punt ten zuiden van Hoorn om uit de deining te raken, maar ik verlijer te veel. Dan maar richting Lelystad. Het gaat wel hard, maar ik houd onvoldoende hoogte. Wat ik aan efficiëntie verlies, win ik aan rust. Ik zet de radio aan, kijk naar het maanlicht op de golven, maak soep en vermaak me weer prima.
Dan maar wat later finishen, een wereldtijd zit er toch niet in. Ik ben helemaal alleen op het water, hoe ik ook rondkijk, er is geen andere solozeiler te bekennen.
Van Volendam naar de Blok van Kuffeler gaat weer lekker snel. Wat ze daar aan het doen zijn weet ik niet, maar de hele hemel is oranje gekleurd van het natriumlicht. Over vervuiling gesproken! Dan mag ik eindelijk het laatste rak varen, terwijl het langzaam licht wordt. Het is net niet bezeild met deze zeilvoering en hoewel de wind weer wat is afgenomen, heb ik geen zin meer in een zeilwissel. Ik geloof het wel.
In Muiden aangekomen neemt Al- bert een lijntje aan. Ik ga op zoek maar Barend maar die is gisteren avond al gefinished en slaapt thuis in zijn eigen bed. Na een douche en koffie vertrek ik weer voor het tochtje naar Amsterdam. Voor de Schellingwoude brug geef ik de ruimte aan twee zwervers in een roestige Domp. Met een knallende motor lopen ze op me in en sturen gevaarlijk dicht langs mij. Ze lijken me niet te zien. Staal gaat voor hout!
Bij de sluis wordt ik nog aangesproken door een stel op een Colin Archer. Ik heb de solovlag nog niet gestreken en ze kennen de wedstrijd. Vol trots wijzen ze op hun eigen schip, daar gaan ze volgend jaar een wereldreis mee maken. Tja, baas boven baas!
Na het schutten ga ik naar Aeolus. Ik krijg een box toegewezen en ruim wat op. Als ik ga zitten om een broodje te smeren, zak ik onderuit en wordt een uur later weer wakker van de telefoon. De laatsten zullen de laatsten zijnWelgemoed stap ik 13 oktober in de auto voor een ritje van 20 kilometer. Wat ik gemist heb, is dat er op de rondweg een totale verkeerschaos is ontstaan door een gekantelde tankwagen. Doorijden ho maar. Als ik dan om 21.00 binnenloop, zie ik de toepasselijkheid er wel van in. Als een van de laatsten gefinished, als een van de laatsten in het clubhuis. Gelukkig nog net op tijd voor het officiële gedeelte. En in 2005? Ik denk niet alleen met positieve gevoelens terug aan deze 200 mijls. Ik heb nl. een staatje gemaakt net daarin de prestaties van een aantal deelnemers met dezelfde rating die ook route 4 gezeild heeft. De cijfers spreken voor zich. Mijn gemiddelde snelheid over het gemeenschappelijke traject (M1 – OVD3) bedroeg 3,65 knopen, die van de vergelijkingsgroep hele traject bedroeg 3,52 knoop, die van de controlegroep 5,45. Dat is treurig. Gelukkig deed ik het op route 4 iets beter, mijn gemiddelde snelheid bedroeg daar 3,91, terwijl de controlegroep daar met een gemiddelde van 4,45 iets minder presteerde ten opzichte van het eerste deel.
Mijn voornemen voor 2005 is helder, het gat moet dicht!Frans Hoving
S/Y Zeebeer
|
Dus bij licht weer loont het om te sla- pen. Ik deed 5 uur over het stuk van Hoorn naar Lelystad. Snelheid soms 0,5 kn, alleen op het laatst kwam er een vlaagje en liep ik 6 knopen. Dege- nen die op wind wachtten, deden er 3 kwartier over. Tja. Maar de bonus was dat na 24 uur de Aurum op nummer 4 naar rating staat. Ankeren voor de Houtribhaven. Het reglement stelt ook een ankerperiode verplicht. Dus die hebben we alvast. Huisgemaakte Chili als diner, glaasje wijn er bij, ankerlicht aan en slapen.Bijna tegen blinde ton Donderdag om 02.00 op, met de bedoeling om om 03.00 te vertrekken. Maar het zit dicht van de mist. Te link met onverlichte tonnen en beroepsvaart. Ik gebruik de tijd goed om de rits van de grootzeilshuik los te maken. Dat kost in het donker een uur, hij is vastgelopen. Intussen is het nat en koud. Uiteindelijk klaart het een klein beetje op en om 04.30 haal ik het anker op. Na een close encounter met, inderdaad, een blinde ton (de EZI5) en een tweetal vrachtvaarders ben ik bij de start van het volgende rak: de EZ 21. De vrachtvaarders zagen mij geen van beiden op de radar: reden 1: ik had alleen de kleine radarreflector op. Zo’n pijpje van 50 cm hoog. Dat doet dus echt niks. Daarna de grote reflector gehesen. Dat hielp aanvankelijk ook niet vanwege reden 2: ik zat vlak bij een boei met radarreflector en dan zien ze maar een blip op het scherm. Even later ziet de vrachtvaarder me prima, maar dan ben ik al buiten het vaarwater van de beroepsvaart. Het waait intussen SW2, ik loop 6 knopen met de High Aspect fok. Beetje klein voorzeil met weinig wind, maar ik wil onderweg geen gedonder met voorzeil |
| wisselen. Dat is namelijk erg lastig op je eentje met een voorzeil in een gleuf op voorstag. Leuvers zijn handiger. Maar ja, die zitten niet op mijn snelle zeilen. Op weg naar Den Oever komt de zon op. Wind neemt wat toe. Maar toch, wat een ontzettend eind.Genua vliegend aan loef Dan naar Enkhuizen en vandaar terug naar de afsluitdijk (Sport B-boei bij Breezanddijk) en dan nog naar Stavoren en verder naar Urk. Al met al 92 mijl. Laatste stuk ruimwinds. Nu ik op mijn gsm hoor dat ik op het internet als vierde sta genoteerd, word ik nog fanatiek: de genua gaat er vliegend aan loef bij op de spi-boom. Dat gaat bijna even hard als met een echte spinnaker. Naar Urk toe worden de golven hoger en de wind harder. Het bergen van de genua |
| en de spiboom wordt nog een zware en niet ongevaarlijke klus. Dus aan de life line. Ik doe er zowat een uur over. Nu moet ik onder zeil de boei bij Urk nog fotograferen. Maar ik zie hem niet meer. En de GPS heeft de route al gewist (we waren er immers al voorbij). Dus moet Eduard (de Autohelm stuur- automaat hoor, dat mag) het stuur overnemen, terug op westelijke koers want op de Vormt vastlopen aan lager- wal, brrr. Ik aan de kaartentafel. OK, koers naar boei gevonden, foto, Urk. Naast me komt een zusterschip, de Dehler 36DB Kim, die ook de solorace doet. Een racer met Kevlar zeilen, een kaartcomputer en wat niet al. Hij komt een glaasje bij me drinken. Hij legt me ook uit dat die vierde plaats niets zegt, hooguit dat ik gewoon ben doorgezeild (inderdaad, ik eindig later als 33e). Daarna hutspot (home-made, door mijn lieve echtgenote). Heerlijk. En nog 8 uur slapen daarna (ook solo, ja, je moet er wat voor over hebben).Op het enige zandbankje Vrijdagochtend. Bewolkt. Snel ontbijt en bij het eerste licht weer op weg. Bui- ten staat er een stevige 5 Beaufort. Dus rif er in. Na een half uur zakt de wind weer in, dus rif er uit. Helaas als je van Urk naar Medemblik moet (en dat moet ik), en de wind is WNW, dan staat die vrijwel recht op kop. Dat wordt dus opkruisen. Maar daar is de Aurum erg goed in. Eduard is daar niet zo goed in want er zit een draadje los in de windrichtingverbinding. Dus het hele stuk aan het stuurwiel. Voor Medemblik voel ik plotseling grond. Jawel, ik zit op het enige bankje in het hele IJsselmeer zowat, waar ik niet overheen kan: De Hop. Normaal 1,60 meter, waar ik met 1,55 m net over heen zou moeten kunnen, maar op 1 october is het Ijsselmeer winterpeil ingegaan, en dat is 2dm lager. Gelukkig kan ik me gewoon terug weer los zei- len, en daarna op de diepte meter er omheen. Honderd meter verder is het 6 meter diep. Meer wind. Met ruime wind van Medemblik naar Stavoren. Rif in het grootzeil en aan de wind nog te veel zeil. Maar ja, over een half uur moet ik ruimwinds terug dus ik ga niet nog een rif zetten. Dan het grootzeil maar wat lozen in de vlagen. Kan gemakkelijk want ik heb speciaal daarvoor een extra drielopertje op de groot- schoot gezet. |
In de nacht naar Hoorn Bij Makkum rechtsomkeert. Ik kom een paar andere solozeilers tegen, te her- kennen aan de nr. 1 wimpel in de ach- terstag. Lig dus kennelijk voor. En inderdaad, ik lig nu tweede volgens de website. Weer langs Stavoren en voor de wind kruisend naar Lelystad. Snel- heid loopt op tot 9,4 kn met kleine fok en een rif in het grootzeil. Tegen de avond ben ik dan tenslotte bij Lelystad, benoorden de Houtribsluizen. Ankeren, met het zware anker met ketting, want nu waait het stijf. Tijdens het diner hoor ik Jan Visser het weerbericht voor morgen geven. Noordwest 6-7, met regen. En nu is het droog en de wind is afgezwakt tot NNW 4. Beter vannacht maar naar Hoorn: minder wind en bijna bezeild. Vanaf de lage wal met 7Bf opkruisen in de regen is niet aan- trekkelijk. Anker op lukt niet op de hand, dus de Central Winch moet er aan te pas komen. In het stikkeduister te middernacht door de sluis, met vlak achter mij een gigantisch binnenschip. In het Oostvaardersdiep zeil hijsen, langs de OVD3 boei, foto, aan de wind naar Hoorn. Vlak achter me kruist de binnenvaarder de OVD3, dat schip had ik dus even niet gezien tegen de achter- grond van de lichten van Lelystad, brrrr…Licht van vallende sterren Daarna prachtige zeiltocht. De Aurum zeilt zichzelf aan de wind met het roer vast. Rif er nog in. Nieuwe maan. Ik kijk naar de sterren, probeer de sterren- beelden te herkennen. Lekker warm in mijn nieuwe Ocean zeiljack onder de buiskap. Geen schip te zien, wel veel lichtboeien. We varen met 5 a 6 kn aan de wind. Dan plotseling een vallende ster. Even later staat de hele kuip in het licht van nog een vallende ster. Later lees ik dat de aarde de Tauriden, een meteoren zwerm, is gepasseerd in die nacht. De boei bij de Nek is nog best |
lastig te vinden. Die heeft maar een slap groen lichtje. Foto met flits, en door naar Hoorn voor nachtrust. Om 03.00uur lig ik weer achter anker in de Buitenhaven.Camera om weg te gooien Zaterdag. Om 07.15 het anker weer op. Het regent en het waait een dikke vijf. Met halve wind kan Eduard het prima aan, dus ik schuil onder de buiskap, maak koffie, houd het log bij enzo- voort. Meer regen, meer windvlagen. Bij de een na laatste boei weigert de camera verdere dienst. Ik overweeg hem een zeemansgraf te geven, het is tenslotte een wegwerpcamera, maar laat hem toch maar blijven. Had te veel strafpunten gekost. Iedere gemiste boei telt voor 3 mijl zeilen. Wind neemt toe, we zeilen magistraal. Om 11.17 uur passeer ik de finishboei. Inderdaad, dezelfde MI van de start. Totaal gezeild 200 mijl, totale afstand 263 mijl, dat is inclusief havens, sluizen en kruisen. Gezeilde tijd 39 uur en 35 minuten. Totale rusttijd 35 uur en 40 minuten (dat is inclusief haven en sluis- passage). Mooi op tijd, er zijn nog maar twee schepen binnen. Van de 68 inschrijvers finishen er slechts 44 regle- mentair.Wat drijft een zeiler om 200 mijl wed- strijd te willen zeilen in october, solo? Ik weet het nog steeds niet, maar het was een fantastische ervaring. Anjo Veerman – S/Y Aurum PS. Voor wie het allemaal in detail wil
Gepubliceerd in |

Reüni, 06 februari 2005
Te gast bij de watersportvereniging Hoorn.Veel solo-schippers, al dan niet met vrienden/partners wilden de reüni bijwonen. Organisator Theo Hin had vliegensvlug zijn alternatief klaar en vond in Jan Dekker een enthousiast plaatsvervanger. Zijn verhaal en film over de reis op een vrachtboot, visa versa Rouen, ingevroren in het ijs in het koude Noorden met hout en daarna met papier geladen, was indrukwekkend. Daarna hield Henk Bulthuis van de ChillOut! een betoog over de Petit Bateau 2005, een race die de rechtgeaarde shorthand zeiler eigenlijk niet mag missen. De erwtensoep, de borrel, de verhalen, de plannen, de kontakten. Echt een heel bijzondere middag …. |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
De 200 myls ‘SOLO’ – 2004/05
| november 2004Ha JanHet is nu de derde week na de 200 myls en ik heb pas sinds gisteren het gevoel dat ik ervan uitgerust ben. Deze 200 myls vond ik de zwaarste van die ik gedaan heb. Het was de zevende alweer. Maar het was eigenlijk de eerste waar ikzelf het meest tevreden over ben. Dat had alles met mijn instelling te maken. Ik had mij niet vantevoren gespitst op een goede classering maar als doel het uitvaren van de tocht binnen de bepaalde tijd gesteld. Mijn tegenstanders betrof dan ook niet mijn medezeilers maar het weer en bovenal mijzelf. Ik heb van beide gewonnen en dat stemt mij tevree. Naar mijn gevoel zijn er 2 soorten deelnemers in de 200 myls. Degene die gaan voor een classering en degene die hem willen uitvaren. Wat beide kampen delen is de spanning. Vooral voor het vertrek. Met name de ochtend van het vertrek. Eigenlijk schandalig dat medezeilers zonder overleg hun bootje losgooien en er als een blinde van door gaan. Ook een merkwaardige opvatting vind ik (en dat hoor je steeds meer ),dat je dapper gevonden wordt en zelfs bejubeld als je na een aanvaring alsnog de 200 myls uitvaart . Ik zou weleens willen weten hoe het mogelijk is dat iemand zijn boot tegen een ander zet. Voorrangsregels niet kennen ? Oververmoeid ? Niet goed opgelet ? Ik ken mensen die de 200 myls een kamikaze noemen. Man\Vrouw, weer en boot. Dat is waar het omgaat. Misschien kun je daar wel nummer 1 in worden of bij de eerste 80 eindigen. Jan, je organiseert die tocht fantastisch. Waak ervoor dat het geen kamikaze tocht wordt. Ik groet je, Herman |
februari 2005Ha Jan,Wat een succes die 200 myls van jou. Nog even en je kan het naar de beurs brengen. Ik lees dat je andere startplaatsen overweegt en dat vind ik een beetje (erg )jammer. De 200 myls is, ondanks de 70 a 75 deelnemers, een kleinschalig en intiem gebeuren. Het is ook elitair omdat het voor belangstellende heel moeilijk is om er tussen te komen. Maar wat geeft dat. Het is niet alleen de wedstrijd die de deelnemers zo aantrekt. Ook het hele gedoe eromheen. De dagen voor de start, dat de deelnemers binnendruppelen weer de (h)erkenning van elkaar. De groepjes die zich vormen. Het warme welkom als je Muiden binnenvaart. Het uit eten met deze of gene bij Floris of de Chinees. Het speculeren over de routes. Ook dat is de 200 myls solo. Ik heb iets met die mensen, met de koorts die er heerst. De deelnemers worden je vrienden. Niet altijd persoonlijk, maar je weet dat elke deelnemer in dezelfde sfeer is ondergedompeld als jijzelf. Voor al die mensen die (nog) niet aan bod gekomen zijn. Er is hoop. Ik doe nog maar een stuk of 20 keer mee. Dus in 2025 is er weer een plek vrij. Verder, er zijn nog andere mooie zeilevenementen. Ik groet je Jan, Herman. |
Mailtje Nico Benink Hoi Jan,Ik werd in een lichte paniek gebeld door mijn vrouw of ik me maar meteen voor de 200 myls wilde opgeven want anders was er de kans achter het net te vissen (daar moeten ze toch treiler netten mee bedoeld hebben, want er zijn best wel netten waar je heel goed achter kunt vissen).Wat een schat van een mens is het toch, want als ik me straks weer opperbest zit te vermaken in stikdonkere nachten met een fris windje, dan zit ze toch weer thuis met een knoop in haar maag. Ga je toch nog een groot evenement maken van de 200 myls ? ik weet dat je daar al een paar jaar over loopt te denken, en een 10e editie zou een mooie gelegenheid zijn, maar aan de andere kant………Blij dat ik er niet over hoef na te denken. Ik heb vandaag ingeschreven en hoop dat er nog niet meer dan 70 me voor zijn geweest
Ik heb nog een paar sfeerbeeldjes bijgevoegd, waarbij het aardig is te weten dat de betonnen poten 24,5 meter hoog zijn
|
| 1 2 3 |
A12090 | B134 | C150 | D1 | E1 | ETC. |
2090 minuten zijn 34 uren en 50 minuten
Ingeschreven solo-schippers – 2004
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
Hand. Factor |
| 1 | 2004 | 1 | 0 | Bart Boosman | Boosman JB | De Franschman | Bergen | 97.00 |
| 2 | 2004 | 2 | 0 | Bart van Breeschoten | Waarschip 660 | Mary Bryant | Naarden | 108.8 |
| 3 | 2004 | 3 | 0 | Bauke Yntema | Winner 950 * 1.35 | Catootje | Workum | 99.60 |
| 4 | 2004 | 4 | 0 | Egbert v.d. Waal | Waarschip 1010 *1.90 | Fast Good | Workum | 90.00 |
| 5 | 2004 | 5 | 0 | EricJan Wiebenga | Vanwiele 11.10 | Indra | Zaandam | 101.2 |
| 6 | 2004 | 6 | 0 | John van der Starre | Sun Fast 37 | Happy | Scheveningen | 89.00 |
| 7 | 2004 | 7 | 0 | Gilles van Delft | Waarschip 1010 *1.90 | Lightning | Kats | 90.00 |
| 8 | 2004 | 8 | 0 | Theo Hin | X-362 | Obelix | Hoorn | 88.00 |
| 9 | 2004 | 9 | 0 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 86.00 |
| 10 | 2004 | 10 | 0 | Jacquel ine van Amstel | X-362 | Xinia | Dintelsas | 88.00 |
| 11 | 2004 | 11 | 0 | Gio Schouten | Freedom 44 Cat | Airborne | Marken | 93.00 |
| 12 | 2004 | 12 | 0 | Jaap Homan | Spirit 32 * 1.80 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 13 | 2004 | 13 | 0 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 102.0 |
| 14 | 2004 | 14 | 0 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 88.00 |
| 15 | 2004 | 15 | 0 | Dik Geurts | F & F 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 16 | 2004 | 16 | 0 | Gerben Bos | F & F 95 | Frequent Flyer | Medemblik | 91.00 |
| 17 | 2004 | 17 | 0 | Paul Peggs | JOD 35 | Audacious | Hamble (UK) | 81.30 |
| 18 | 2004 | 18 | 0 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Den Oever | 93.00 |
| 19 | 2004 | 19 | 0 | Henjo Ruiter | Meridian | Cras fuctum est | Medemblik | 115.0 |
| 20 | 2004 | 20 | 0 | Gerrit Schuur | Etap 30i | Myrlette | Harderwijk | 100.0 |
| 21 | 2004 | 21 | 0 | Peter v.d. Schaaf | Stern 32 | Jager | Medemblik | 91.00 |
| 22 | 2004 | 22 | 0 | Barend Peters | First 35 * 1.9 | Layam | Muiderzand | 91.00 |
| 23 | 2004 | 23 | 0 | Albert Broshuis | Winner 9.50 | Scheerling | Ketelhaven | 96.00 |
| 24 | 2004 | 24 | 0 | Kees Corts | First 305 * 1.4 | Jean Dix | Huizen | 99.00 |
| 25 | 2004 | 25 | 0 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 99.00 |
| 26 | 2004 | 26 | 0 | Pamela van der Vleuten | Seamaster 925 | Lady Blanche | Eindhoven | 108.0 |
| 27 | 2004 | 27 | 0 | Frits Brattinga | Maxi 999 * 1.45 | Lady A | Sneek | 99.00 |
| 28 | 2004 | 28 | 0 | Bart Smulders | Compromis 888 | Bondi II | Huizen | 107.0 |
| 29 | 2004 | 29 | 0 | Paul Heijmerink | Elan 295 | Ami Bai | Naarden | 97.00 |
| 30 | 2004 | 30 | 0 | Michel Capel | Freedom 35 Cat | Tumlare | Makkum | 104.0 |
| 31 | 2004 | 31 | 0 | Nico Benink | Kroes | Brandaan | Hasselt | 106.0 |
| 32 | 2004 | 32 | 0 | Henk Bulthuis | J-109 | ChillOut! | Lelystad | 83.00 |
| 33 | 2004 | 33 | 0 | Guus Milani | Impala | Wigulida II | Kampen | 95.00 |
| 34 | 2004 | 34 | 0 | Jan Smink | Dufour 4800 | Nicky Deux | Muiden | 98.00 |
| 35 | 2004 | 35 | 0 | Anjo Veerman | Dehler 39 CWS*vk155 | Aurum | Amstelveen | 92.00 |
| 36 | 2004 | 36 | 0 | Albert de Brouwer | Waarschip 900 | ’t Waere Hout | Naarden | 99.00 |
| 37 | 2004 | 37 | 0 | Ids Witteveen | Granada 27 | Rocinant | Makkum | 108.0 |
| 38 | 2004 | 38 | 0 | Fred Avezaat | Dehler Optima 830 | Sun Dance Kid | Strand Horst | 108.6 |
| 39 | 2004 | 39 | 0 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 40 | 2004 | 40 | 0 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 41 | 2004 | 41 | 0 | Peter Mueller | Vision 32 | Cassiopeia | Huizen | 101.0 |
| 42 | 2004 | 42 | 0 | Henk Euverman | Vd Stadt 34 Staal | Cygnus | Ketelhaven | 102.0 |
| 43 | 2004 | 43 | 0 | Michiel Tasseron | Bavaria 32, k.mst | Passie | Huizen | 100.0 |
| 44 | 2004 | 44 | 0 | Bauke Jager | Ocean 25 *1.35 | Mira | Balk | 105.9 |
| 45 | 2004 | 45 | 0 | Riaan van ’t Veer | Mini Transat Coco | Piccolo | Lelystad | 96.00 |
| 46 | 2004 | 46 | 0 | Bertus Buys | Standfast 40 S | Sea-Beryl | Scheveningen | 88.00 |
| 47 | 2004 | 47 | 0 | Kees Rijniersce | Etap 26 | Baraka II | Ermelo | 109.0 |
| 48 | 2004 | 48 | 0 | Anje Valk | Vancouver 27 | Warber | Harlingen | 109.2 |
| 49 | 2004 | 49 | 0 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 103.0 |
| 50 | 2004 | 50 | 0 | Frans Hoving | Waarschip 900 | Zeebeer | Amsterdam | 99.00 |
| 51 | 2004 | 51 | 0 | Marjan van de Vrie | Aquilla *1,60 | Mathilde | Tilburg | 105.2 |
| 52 | 2004 | 52 | 0 | Onno Benink | Koopmans One Off | Exuperantia | Zutphen | 102.0 |
| 53 | 2004 | 53 | 0 | Jules Banffer | Rush 21 | Dondersteen | Huizen | 104.0 |
| 54 | 2004 | RET | 0 | Jan Luyendijk | Sun Light 30 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 55 | 2004 | RET | 0 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 100.0 |
| 56 | 2004 | RET | 0 | Jaap Broer | Waarschip 725 | Di Vagi | Sneek | 111.0 |
| 56 | 2004 | RET | 0 | Piet van der Zwaan | Dehler 34 | Zwaantje | Lelystad | 93.00 |
| 58 | 2004 | RET | 0 | Jon v.d. Weide | Offshore 34 | Silent Lucidity | Harlingen | 97.00 |
| 59 | 2004 | RET | 0 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J.Leeuwerik | Ketelhaven | 103.6 |
| 60 | 2004 | RET | 0 | Eric ten Bos | Comfortina 35 | Dondersteen | Amstelveen | 91.00 |
| 61 | 2004 | RET | 0 | Otto Maitimu | Contrast 362 | Content | Lelystad | 91.00 |
| 62 | 2004 | RET | 0 | Jos Valkering | Waarschip 725 | Magic | Akersloot | 111.0 |
| 63 | 2004 | RET | 0 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Lelystad | 93.10 |
| 64 | 2004 | RET | 0 | Frits Bartels | Contest 40 S | Easy Going | Hindeloopen | 93.00 |
| 64 | 2004 | RET | 0 | Ruud Kapteyn | IMX-38 | Mango | Muiden | 83.00 |
| 66 | 2004 | RET | 0 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Naarden | 107.3 |
| 66 | 2004 | RET | 0 | Klaas Kreuze | Friendship 28 *1.20 | Mon ami | Huizen | 106.0 |
| 68 | 2004 | RET | 0 | Adrie Jansen | Contest 33 * 1.65 | Jade | Ossenzijl | 107.5 |
| 69 | 2004 | RET | 0 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 108.2 |
| 70 | 2004 | RET | 0 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 71 | 2004 | RET | 0 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Enkhuizen | 106.0 |
| 72 | 2004 | DNS | 0 | Hans Colenbrander | Waarschip 1/4T *1.2 | Hebbus | Huizen | 111.0 |
| 73 | 2004 | DNS | 0 | Hinse Koning | Marieholm 26 | Tawhiri | Balk | 110.0 |
| 74 | 2004 | DNS | 0 | Arie Nauta | Grinde 820 | Scarlet | Warns | 101.0 |
| 75 | 2004 | DNS | 0 | Arie Petrus | Eygthene 24 *1.40 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 76 | 2004 | DNS | 0 | Rene Pluymert | X 332 | Libel | Lelystad | 87.00 |
| 77 | 2004 | DNS | 0 | Iddo Schenk | Contest 30 * 1,72 | Blue Ribbon | Medemblik | 104.2 |
| 78 | 2004 | DNS | 0 | Ernst Steinmeier | Mini Transat Pogo | Bling Blong | Lelystad | 92.30 |
| 79 | 2004 | DNS | 0 | Henk Steltenpool | First 305 * 1.4 | Little One | Spakenburg | 99.00 |
| 80 | 2004 | DNS | 0 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 99.00 |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||

| 3e. prijs | Vrouwentrofee | 1e. prijs | 2e. prijs |
| Bauke | Jacqueline | Bart | Bart |
| Yntema | van Amstel | Boosman | Breeschoten |
Woensdag, 13 oktober 2004 21:30 uur
Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en het voordeel in de routekeuzes.
Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. De nerveuze chaos, tijdens het vertrek uit de haven en de start. Het gevecht met de wind en de talloze verschillende weerberichten/omstandigheden. Over de finishdag. Dat het toch een hele klus was voor de meesten om op tijd te finishen.
Weer werden alle 4 routes verzeild.
24 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, IJmuiden, Oude Schild, Kornwerd.
8 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen.
15 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3,
terwijl de route 4, ook IJsselmeer, door 24 schippers, als de meest tactische baan werd gekozen.
Op het laatste ogenblik vlak voor de OVD 3 bij Lelystad werden er nog routekeuzes veranderd.
Wat het gevolg was van deze tactische (route)keuzes, is nu heel duidelijk te bemerken uit de uitslag.
Dan de GPS/GSM-units MY Safety. 4 weken geleden wisten we allemaal nog niet, zowel organisatie als deelnemers, dat deze high tec unit door MY-Freedom zou worden geleverd en gesponsord.
Nu kunnen we al spreken van een behoorlijk succes, ondanks een paar aanloop-probleempjes met het opladen van gps en het de verwerking van de nog niet geheel (te korte termijn) geautomatiseerde hoeveelheid datagegevens.
Mark Wilbrink van MY Safety lichtte nog het e.e.a. toe en beloofde de 200 myls ‘SOLO’ volgend jaar naar een meer geautomatiseerde verwerking en met een ge-uopate versie te komen.
Verder waren er prachtige fotosessies, zowel van de gepasseerde boeien, alsook van de deelnemers onderling. We hadden weer het geluk met de sponsor, die ook zorg droeg voor de afdrukken. Van de mooiste foto’s werden ook vergrotingen op A4 formaat gemaakt.
Er waren talloze positieve en ….. vooral sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 3 weken ruim 50.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden, zo goed en kwaad als het ging, van hun favorieten nauwlettend in de gaten :
Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.
| 2004 |
Iedere deelnemer kreeg zijn herinne-ringsplaatje, het logboek, foto’s en negatieven terug, alsmede het blad fragmenten uit deze logboeken en natuurlijk de uitslagenlijst.Daarna was er de prijsuitreiking, waarin de tinnen borden aan de drie prijswinnaars werden uitgereikt.Bart Boosman kreeg niet alleen de eer- ste prijs en de wisseltrofee, ook kreeg Bart een flesje schipperbitter omdat hij ook nog eens jarig was. Jacqueline mag nu (voor de derde
Pamela v.d. Vleuten kreeg van Stichting |
Door de enorme stroom MY Safety (500)positie-meldingen meteen op de eerste dag al, was het niet mogelijk deze alle- maal met de te kleine Regattabureau-be- zetting te verwerken. Vandaar dat we e- norm blij waren met de Kodak-camera’s en Mediamarkt, die de bewijslast van de merktekenpassages zeker kon stellen !Vele schitterende foto’s werden gemaakt en vergrotingen afgedrukt. Anjo Veerman kreeg voor de meest orgi-nele foto : zijn dubbele handeling bij de WP 12 Klikken en hiervan de foto te ma- ken een setje place mates door fotograaf wsv AVOH lid Herman Scholte gemaakt en aangeboden. |
| Jacqueline van Amstel ontving van en de door Wim Schreurs ontworpen vrouwen-wisseltroffee voor de derde maal achtereen en …. mag hem nu behouden. Weer was Jacqueline ongenaakbaar. Met haar 10e. plek, nu in deze negende 200 myls ‘SOLO’, heeft Jacqueline weer een prachtige prestatie neergezet. Konden de drie andere vrouwen, Pamela v.d. Vleuten, Marjan v.d. Vrie en Anje Valk, de winnares Jacqueline niet van haar troon stoten, het uitzeilen van deze race is so wie so al een prachtige prestatie. |
Ook diegenen , die tijdens de wedstrijd
veel werk hadden verzet, kregen een fles en/of bloemen.
![]() Marco Luyendijk webmaster, Nieuws tijdens de race ![]() Peter & Tine Capel opname en finishschipper |
![]() Jan Luyendijk organisator ![]() Solo-schippers bij de prijsuitreiking |
![]() Bob Luyendijk regattabureau en meldingen ![]() Esther Luyendijk telefonische meldingen |
| Uitgebreid bedankt werden : Marco Luyendijk, die de opzet en een gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is. Bob Luyendijk voor het vele extra werk wat hij deze keer moest verzetten, vanwege toch de kontakten/passagemeldingen met de schippers, uitslagverwerking en de coordinatenvergelijkingen. Ook Esther Luyendijk voor haar gewaardeerde assistentie bij deze vele telefonische meldingen Peter Capel, de start- en opnameschipper, alsook natuurlijk de schipperse Tine Capel voor hun gastvrijheid en ontvangst voor de uitgezeilde solisten op de M/Y Capella. wsv AVOH om ook voor deze keer hun clubhuis beschikbaar te stellen voor de 200 myls ‘SOLO’ prijsuitreiking. Wim Dercksen havenmeester van de Stichtingshaven Muiden, vanwege z’n extra inzet om de maximale in- en uitstroom van jachten voor en na de 200 myls ‘SOLO’ in goede banen te leiden.Frits Bartels bedankt, vanwege zijn adviezen inzake de weersvoorspelling en handicaps. Joke Bartels voor haar treffende – 200 myls ‘SOLO’ – gedicht, welke werd gepubliceerd achter op het logboek.
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
de tiende 200 myls ‘SOLO’ Jan Luyendijk, Huizen,
Zondag, 3 oktober 2004, 12:00 uur – Einde wedstrijd
namens het regattabureau 9e 200 myls ‘SOLO’ – 2004 |
Zondagochtend, 3 oktober tot 12:00 uur
Zaterdag, 2 oktober 2004, 23:13 uur
Dik Geurts legt om middernacht aan in de Stichtingshaven van Muiden, nadat hij om 23:13 uur is gefinisht bij de IJM 17 en wordt opgewacht door fotograaf Albert Broshuis.
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Zaterdag, 2 oktober 2004, 16:30 uur
Drama aan boord van de Happy.
Tijdens het zeilen liep de snelheid van de Happy langzaam terug. De oorzaak kon niet direct achterhaald worden. John heeft alles nagelopen om de reden te vinden van de vertraging. Hij voelde duidelijk dat de boot niet op snelheid kwam en geremd werd. Opeens werd duidelijk dat de spinaker uit de zak in het water terecht was gekomen. Ruim 100 vierkante zeil werd door het water gesleept. Snel binnen halen van de spinaker lukte niet.
Het zeil leek vast te zitten om de kiel of het roerblad. Alle zeilen werden neergelaten en de Happy kwam tot stilstand. Vliegensvlug werd het surfpak aangetrokken en John dook het water in. Met de grootste moeite kon hij de spinaker bevrijden van de kiel én het roerblad. Uitgeput klom hij aan boord om opnieuw te proberen de spinaker binnen te halen.
Tijd om bij te komen was er niet. Als de wiedeweerga zeilen hijsen en koers zetten na het volgende waypoint. Zodra de boot op snelheid was kon de spinaker worden gezet, hetgeen ook gedaan werd. Bron: www.happyzeilen.nlOok Dik Geurts had de pech minstens een uur en een kwartier te hebben vastgezeten, ook hij moest de Bandos zwemmend bevrijden. waardoor hij ’n waarschijnlijke betere klassering is misgelopen.
Zaterdag, 2 oktober 2004, 15:49 uur
Pamela van der Vleuten krijgt de schrik van haar leven en heeft een aanvaring.
De voorstag is gebroken en de preekstoel van haar Lady Blanche is totaal ontzet. Even denkt Pamela aan opgeven, maar dat strookte niet met haar karakter. Ze gaat naar voren, bindt de voorstag met lijnen aan de nog aanwezige verbogen zaken op het voordek. Ze hijst de zeilen en zet haar aandewindse koers naar de finishboei voort.
Om 22:49 uur na de finish blijkt ook nog haar motor niet te starten. Gelukkig dat reddende engel Anje Valk Pamela dit na haar finishpassage bij de YM 17 in de gaten heeft en de Lady Blanche naar de haven sleept.
Zaterdag, 2 oktober 2004, 12:15 uur
Om vijf uur vertrok ik uit Hindelopen. Het eerste rak (het eind in Lelystad, maar eerst naar de VZ4 bij Stavoren) was meteen niet bezeild. Kruisen dus op een hobbelig meer. Zowaar op dit rak -’s ochtends net licht- een voorrangsvraag met een mede 200 mijler: de Catootje. Ik had voorrang (en zag hem kijken) dus hij moest wijken: het is tenslotte een wedstrijd.
Uit het verslag van Kees Rijniersce :
Verslag Kees (Update 03-10-2004 8:30)
Zaterdag, 2 oktober 2004, 12:00 uur
line honours – Frits Brattinga met zijn Lady A, een Maxi 999
Om 10:23 uur finishte Frits bij de IJM 17
Nummer 2 om 11:35 uur had ook Bertus Buijs met de Sea-Beryl zijn 200 mijls erop zitten en vond het toch hard werken op de rakken met telkens overstag te gaan op zijn aandewindse koersen. Op de oceaan, vindt Bertus, heb je het toch makkelijker, met wat zal ik doen … ga ik morgen of overmorgen overstag ….
De derde doorkomst was voor Henk Bulthuis, met de Chill Out.
Zaterdag, 2 oktober 2004, 11:30 uur
Diverse meldingen van schippers komen binnen, die zich hebben afgemeld. Het zijn weer de stuurautomaten en electrische systeem, die maar niet opgewassen zijn tegen een paar dagen knalhard zeilen.
De wind is zuid op de terugweg voor de schippers.
Heen noord en terug dus zuid. Veel, heel veel kruisrakken, In baan 3 en 4 meer dan 50% (Het lijkt wel een kruisweg vertelt een van de solisten).
Zaterdag, 2 oktober 2004, 11:00 uur
Theo Hin stuurde onderstaande foto’s
Heb helaas moeten besluiten om me terug te trekken uit de race. In de uitslagenlijst (www.200myls.nl) zal dus RET achter mijn naam staan. Ik heb gisteren goed kunnen zien dat een schip dat ik normaal makkelijk voorbij moet kunnen lopen, sneller en hoger vaart. Zonder stuurautomaat kan ik de boot nog wel mannen en bij aan de windse koersen kun je het roer best even los laten. Maar bij de ruimere koersen loeft de boot op zodra je het roer loslaat, kun je niet weg bij het roer om de zeilen trimmen, kun je niet naar het voordek om de fok te wisselen voor de genua als het wat minder waait, kun je niet spinnakeren op de voordewindse koersen, is het overstag gaan niet vloeiend te doen en kost dat dus teveel tijd, is er nauwelijks tijd om te navigeren, en dan heb ik het nog niet over de niet aan zeilen gerelateerde activiteiten.
Ik heb me afgemeld bij het regattabureau en met een knik in de schoot zeil ik van Den Oever met WZW 5-6 Bft in no time terug naar de thuishaven Lelystad, waar mijn lieve echtgenote klaar staat om het voorlandvast aan te pakken bij de box.
Deze winter wordt het dus sparen voor een nieuwe stuurautomaat, want ik heb het vaste voornemen om volgend jaar weer mee te doen en hoog te eindigen.
Otto Maitimu
o/b S/Y Content
Vrijdag, 1 oktober 2004, 22:00 uur
Om een beetje voortgang te boeken al om half vijf opgestaan. Tot mijn verbazing had ik voor anker liggend toch prima geslapen. De olielamp, die ik als ankerlicht had aangestoken, brandde nog en niemand was tegen mij aangevaren. Het woei nog fors, dus een rif gelegd. Ik had mij wat zorgen gemaakt over het anker op gaan, maar het verliep zonder enig probleem. Wel werd de hele boot meteen met klei besmeurd. Uit het verslag van Kees Rijniersce :Verslag Kees (Update 01-10-2004 21:00)
Vrijdag, 1 oktober 2004, 16:00 uur
Eric ten Bos met z’n nieuwe schip een Comfortina 35, de Dondersteen vaart aan het einde van de Dove Balg een overstekende boei aan.
De schade blijkt behoorlijk, dat Eric z’n boot in Harlingen op de wal moet laten hijsen en de strijd staakt.
De nog in de strijd liggende jachten van alle vier routes komen er zolangzamerhand achter, dat er moet worden opgekruisd vanuit het noorden naar het zuiden om hun nog resterende boeien te ronden. Het is druk op het IJsselmeer met de vele 200 myls ‘SOLO’ schippers. Ze zien elkaar wel, maar hebben nog geen idee, wie welke baan moet hebben gevaren,
Vrijdag, 1 oktober 2004, 13:46 uur (WP 12)
Anjo Veerman van de Aurum klikt hier op de gsm/gps-unit MY-Safety en maakt tegelijkertijd de foto.
De positie, alsook datum en tijd worden ogenblikkelijk naar de server van het regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ verzonden. Hierdoor kunnen de data, die door de klik is verstrekt, worden verwerkt en op het internet gezet.
3 weken geleden wisten we allemaal nog niet, zowel organisatie als deelnemers, dat deze high tec unit door MY-Freedom zou worden geleverd en gesponsord. Nu kunnen we al spreken van een behoorlijk succes, ondanks een paar aanloop-probleempjes met het opladen van gps en het de verwerking van de nog niet geheel (te korte termijn) geautomatiseerde hoeveelheid datagegevens.
Vrijdag, 1 oktober 2004, 01:00 uur
In dikke buien, 6 bft met onweer, zeilen nog vele soloschippers op het wad en de Noordzee naar hun rusthavens.
In Breezanddijk loopt een schip van zijn anker af en knalt 60 meter verder tegen het schip van een medezeiler aan.
De volgende morgen blijkt, dat er een grote baksteen zat tussen de bladen van het Danforth-anker.
Donderdag, 30 september 2004, 20:00 uur
De dag begon met een windkrachtje 2 a 3 en prachtige luchten. In de loop van de dag werd het dobberen met windkracht 1. Nu regent het en kan er lekker gezeild worden met een windje 4 a 5.
Prachtige lucht met de zonnestralen door de wolken, een mooi plaatje!
Donderdag, 30 september 2004, 16:30 uur
Om acht uur werd ik wakker vanmorgen, met een strakblauwe lucht boven me. Als ik later weer boven dek rondkijk, ben ik de enige die er nog ligt. Onbegrijpelijk dat de anderen vertrokken zijn, de wind zou immers pas iets aanwakkeren in de middag. Ik wil wachten tot ik weg moet om binnen de 24-uurs limiet van stilliggen te blijven. Gelukkig genoeg te doen aan boord; nog eens het weer checken, het dek schrobben, en er achter komen dat mijn watertank weer is leeggelopen in de bilge. Uit het verslag van Michel Capel :Verslag Michel (Update 30-9-2004 16:30)
Donderdag, 30 september 2004, 16:00 uur
Veel schippers lopen na hun passage van het merkteken de Sport B, zie foto hierboven van Peter Mueller van de Tam Tam van Jan Luyendijk, de werkhaven Breezanddijk aan om aldaar in de prut proberen te ankeren. Er is vannacht wel slecht weer op komst, 6 bft en dikke buien.
Donderdag, 30 september 2004, 14:00 uur
Kees Riemer, diverse malen deelnemer van de 200 myls ‘SOLO’ heeft de pech, dat z’n schip de Poespasop de wal ligt voor reparatie. Uit frustratie vliegt Kees met z’n vrouw naar Madeira. Meldt op de terugvlucht, terwijl hij op de de aanvliegroute naar Schiphol zit, boven IJmuiden: “Heel wat zeilboten van baan 1 in de nabijheid van de Baloeran,” en geniet (met weemoed) van dat uitzicht…..
Donderdag, 30 september 2004, 00:30 uur
Om 06.15u start mijn buurman (nr 3 vanaf de steiger) zijn motor en ik neem aan dat hij niet aan de walstroom kon liggen en daarom nog even stroom gaat draaien. Tot mijn verbazing gooit hij echter los van mij en het gevolg is dat de hele zwik boten nu stuurloos ronddrijft. Als vervolgens schippers de motor starten en voor- en achteruit gaan manoevreren, klinkt al gauw het gekraak van preekstoelen in hekstoelen: de drieletterige woorden zijn niet van de lucht, maar de veroorzakende schipper blijft er stoïcijns onder. Uit het verslag van Otto Maitimu :Verslag Otto (Update 30-9-2004 00:30)
Woensdag, 29 september 2004, 22:00 uur
Het was een prachtige zeildag. Genoeg wind om heerlijk te zeilen, zon, regen en prachtige wolken partijen. Nu schijnt de volle maan over het water, wat een licht, welke er vannacht voor zal zorgen dat het water verlicht zal zijn. En dat betekend voor de schippers die een gat in de nacht willen zeilen dat het een stuk prettiger varen is. Het regattaburo heeft het druk met alle meldingen. De gegevens die daar binnen komen moeten ‘helaas’ nog handmatig worden overgezet naar het uitslag programma. Veel werk, tevens zullen de GPS meldingen en de logboeken na de race naast elkaar worden gehouden. De uitslag welke nu op het internet staat is daarom ook onder voorbehoud.
Woensdag, 29 september 2004, 12:00 uur
Foto’s : Jan Luyendijk
Piet van der Zwaan – Dehler 34 en Jules Banffer op z’n Rush 21 opweg naar de OVD 3 bij Lelystad
Woensdag, 29 september 2004, 08:00 uur
Woensdag, 29 september, 07:00 uur
Het is weer de nerveuse drukte in de Stichtingshaven op deze vroege ochtend. De solo-schippers willen snel jk naar de M 1 om te starten voor de negende 200 myls ‘SOLO’, nu er nog wind staat. Later in de race zal naar alle waarschijnlijkheid de wind afnemen. Nu is dus de kans om veel mijlen te maken.
De schippers hebben hun zeilen klaarliggen en moeten richting het noordwesten aandewinds de eerste rakken zeilen. Het is droog en de temperatuur is prima om lekker bezig te zijn.
Palaver, 29 september, 20:30 uur
In het barstensvolle cafe Ome Ko werd weer het traditionele palaver gehouden met de bekende appelgebak met slagroom en koffie.
Alle schippers kregen hun overlevingspakket aangeboden om mee te nemen met de morgenvroeg startende 200 myls ‘SOLO’.
Naast de groene (super) caps met het logo van de 200 myls, de Kodak foto wegwerpcamera’s en logboeken, dit keer ook een pakketje met oplosbare voeding om extra energie op te doen.
Daarnaast werd uitleg gegeven over de My Freedom GPS/GSM positie melders. Deze zullen bij iedere boei worden gebruikt en zenden dan een SMS naar het regattabureau. In het regattabureau zullen de data worden verwerkt en op het internet worden geplaatst. Het weer voor de komende dagen werd voorspeld door Frits Bartels. Woensdag nog wel wat wind, maar langzamerhand als de race vordert komt er minder wind. Dus de solo-zeilers zullen vooral de eerste dagen veel mylen moeten maken. Daarna werden de eerste GPS/GSM klikken op de MY Safety uitgeprobeerd. Diverse cameraatjes werden al uitgepakt en o.a. werden de 4 deelnemende vrouwen op de kiek gezet. V.l.n.r. Anje Valk, Pamela v.d. Vleuten, Jacqueline van Amstel en Marjan v.d. Vrie.
Dinsdag, 28 september 2004, 17:00 uur
De haven ligt vol, barstensvol. Voor het opnameschip met Tine & Peter Capel werd nog een plaatsje aan de steiger gevonden.
Om 20:30 uur is er bij Ome Ko het alom bekende palaver met de koffie en appelgebak met slagroom. Er is al een stukje spanning merkbaar bij de schippers op de steiger ….
Maandag, 27 september 2004, 19:15 uur
De Stichtingshaven is al redelijk vol met de vele solo-jachten, die hebben aangemeerd. Wim Dercksen en z’n vrouw hebben in ieder geval hun handen vol om de schepen een goed plekkie te geven.
Handen worden geschud en de verhalen verteld. Het weer is goed, lichte bewolking, droog met een prima temperatuurtje.
De gsm/gps unit geeft uitstekend zijn meldingen door en worden door de server goed ontvangen.
Zondag, 26 september 2004, 16:55 uur
De testen gaan door.
Vanaf nu staat de server dag en nacht aan in het Regattabureau.
De programmering is vrijwel gereed en kan vanavond worden afgesloten in afwachting van het grote werk beginnende bij het Palaver en vervolgens de start op woensdag de 29e.
Zaterdag, 25 september 2004, 12:00 uur
Een drukte van belang in het Regattabureau, waar de server, sms receiver en wat dies meer zij wordt geplaatst door MY Freedom BV, Mark Wilbrink, Rob Kuipers, Bob & Marco Luyendijk. De testen zijn in volle gang …..
In de korte termijn waarin de gps/gsm-unit MY Safety en de 200 myls ‘SOLO’ met elkaar in kontakt kwamen, amper twee weken geleden was het nog niet mogelijk de waterkaarten zichtbaar te maken aan de websitebezoekers. Op de server van het Regattabureay echter staan alle merktekens in hun juiste posities ……
Ook werd de produktie aangepast, de MY Safety voorzien van een batterijlader met sigaren-aansteker-plug, klittenbandset en de riemclip.
Vrijdag, 24 september 2004, 10:00 uur
Vele ongeruste e-mailtjes komen binnen over het barre weer, wat de afgelopen week heerste en wat de komende week zal brengen. De halve 200 myls vloot is al onderweg en zal bij aankomst in de Stichtingshaven te Muiden, dit weekend of in de twee dagen erna, er al een halve of meer 200 myls op hebben zitten.
Het is nu nog rustig in de haven …….
200 myls ‘SOLO’ versus Singlehanded door : Henk Bulthuis
‘de Drietand’, Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers
Dé Nederlandse solo wedstrijden vergeleken
InleidingDit jaar heb ik voor het eerst in één seizoen de 2 vooraan- staande solo zeilwedstrijden op het Nederlandse water gezeild: de 200 myls ‘SOLO’ en de Singlehanded. Aan beide heb ik reeds eerder deelgenomen maar niet in hetzelfde sei- zoen. Met de ChillOut!, een J/109, zijn beide solo tochten uitgezeild, een prachtige reden om deze wedstrijden aan een vergelijkend onderzoek te onderwerpen.De tweede reden is dat deze wedstrijden door Henk Bezemer in zijn voorwoord van het prachtige boek “Sailing Solo” van Nic Compton over de geschiedenis van shorthanded zeilen worden afgedaan als Hollandse kneuterigheid. Terecht of onterecht?
|
| De overeenkomsten Beide tochten zijn voor de solozeiler bedoeld en wordt de 1 vlag gevoerd:Er wordt gevaren in het najaar, in de maand oktober, zodat het relatief rustig is op het water en de solozeiler minder kans heeft andere scheepvaart tegen te komen. Het weer is meestal winderig, nat, mistig en koud. Als vaargebied geldt voor beiden IJsselmeer, Waddenzee en Noordzee en moet er 1 maal geankerd worden voor een aantal uren. Het invullen van een gedetailleerd logboek is verplicht, evenals het regelmatig nemen van voldoende rust. Het motorverbruik is sterk gelimiteerd, want zeilen voert de boventoon. De duur van tochten is maximaal 4 dagen, waarbij tussen de 200 en 300 mijl moet worden afgelegd. 95% van de deelnemende schepen is een monohull. Het zijn zeer sociale evenementen, wat in tegenspraak klinkt met het solo varen. In havens en ook op het water is er veel contact; menige borrel en maaltijd wordt gedeeld in de verschillende havens en gezelligheid is troef! De uitslag wordt bekend gemaakt tijdens een aparte bijeenkomst, echter niet direct na afloop van de wedstrijd. Deelnemers die de tocht reglementair hebben uitgevaren ontvangen een herinneringsplaatje met het jaartal als aandenken. Om de kosten hoef je het niet te laten: een meerdaagse tocht met aandenken, gratis liggen voor en na de start, goede organisatie en reünie bijeenkomst voor 40 euro. Je moet wel bereid zijn 3 dagen vrij te nemen. Zo op het oog dus 2 maal hetzelfde recept: echter niets is minder waar!De verschillen De verschillen zijn legio en die bepalen ook in belangrijke mate het verschillende karakter van de beide tochten: een wedstrijd versus een prestatie tocht. Zo is de 200 myls ‘SOLO’ ontstaan uit een stuk onvrede met de Singlehanded. Een deelnemer had een logboek ingeleverd in de vorm van een |
stripverhaal en won op basis daarvan de wisselprijs. Jan Luyendijk dacht toen: “dat kan anders en professioneler”. Dat heeft hij geweten: de 200 myls is uitgegroeid tot een groot evenement met maximaal 80 deelnemers, terwijl hij voor de afgelopen editie wel 200 solo schippers heeft moeten teleurstellen! Hierbij steekt de deelname aan de Singlehanded een beetje schril af: al jaren zo’n 35 deelnemers. Ik behandel de verschillen tussen beide a.d.h.v. een aantal onderwerpen en voeg daar eigen ervaringen aan toe.
Imago en bekendheid
|
Blad 2
| Bij de 200 myls ‘SOLO’ is ChillOut! volgens de SW factor de snelste boot op handicap in 2003. Een rating die gebaseerd is op 6 man in de reling. Dus op basis daarvan zijn we al kansloos. Gelukkig doet Paul Peggs dit jaar mee met een JOD 35 met waterballast. Hij moet nóg sneller zijn. Bij de Singlehanded is ChillOut! ook niet de snelste:
de Octavus doet mee, een Arcona 400, die volgens de ORC rating sneller moet. Op het traject van Terschelling naar Kornwerderzand varen we samen op en ontspint zich een prachtige matchrace. Tijdens de passage over de Boontjes krijgen we een bui over ons heen en lopen we 8 knopen terwijl we maximaal 10 meter uit elkaar varen. Geweldig en beide schippers hebben een enorme grijns op het gezicht. Vooral bij mij als ik toch een paar minuten eerder bij Kornwerd aankom….
Ik start bij de 200 myls ‘SOLO’ bijna als laatste want ik lig achterin de overvolle haven en mag een lekkere inhaal race houden. Als ik langzaam maar zeker de collega deelnemers inhaal valt mij op hoeveel niet witte zeilen er gehesen zijn. Daar steek ik met mijn witte zeilen wel wat eenvoudig bij af. Gelukkig kan ik op het rak van Hoorn naar Lelystad de gennaker zetten en die is knalgroen en loopt ChillOut! geweldig. Anderen lopen uit het roer of verliezen schoten. Behoorlijke ravage om ons heen. Hier bewijst het J/Concept zich weer en zeilen we zonder problemen naar de OVD 3 bij Lelystad en zo nu en dan raakt mijn fijne scheepje in planné. |
van de Flevo Race betrof, maar na goed kijken blijkt er helaas een nieuwe scheur in te zitten. Zeil naar beneden en de scheur van 50 cm aan dek repareren met duck tape. Wat is dat toch geweldig spul. En het is blijven zitten tot het einde! Zelf ben ik wel een fanatieke wedstrijdzeiler. Ik heb daar natuurlijk ook een boot voor en dus probeer ik altijd zo snel mogelijk te varen. Dat geldt voor alle deelnemers aan de 200 myls ‘SOLO’.
De routes |
Blad 3
| de deelnemers bij de start een envelop mee waarin de plaatsen staan vermeld waar een stempel gehaald dient te worden.
Tijdens de 200 myls ‘SOLO’ had ik dit jaar het vaste plan om route 1 te gaan zeilen om zoveel mogelijk stroomvoordeel te hebben. Echter de dag voor de start wordt voor dag 2 van de tocht, als de Noordzee bedwongen moet worden, geen wind voorspeld. Dus op dag1 bij Lelystad toch maar besloten om op het IJsselmeer te blijven. Ben ik een uur bezig tegen de wind in hoor ik de weersverwachting voor morgen op de marifoon: en jawel hoor morgen ZO 4 tot 5 in het Noordelijk Kustgebied. Als dit bewaarheid wordt ben ik nu al kansloos voor een goede klassering. Verkeerd gegokt! Maar we gaan vrolijk door want het zeilen is prachtig en meedoen is toch belangrijker dan winnen… Na de start van de Singlehanded besluit ik evenals vele collega’s eerst naar Urk te gaan. We doen de elfsteden tocht. Daarna gaat bijna iedereen plat voor het laken naar Lemmer. Dat is met de ChillOut! niet zo fijn want ik beschik alleen maar over gennakers. Dus dat moet op de terugweg maar. Staveren is een perfecte koers voor ons met gennaker en we houden een 37 voet trimaran goed bij. Van Staveren in het donker lekker naar Den Oever. Als ik daar lig kijk ik nogmaals op de stempel lijst en zie dat daar ook Medemblik op staat. Oeps. Dan moet ik dus op de terugreis van de eilanden nog even naar Medemblik en Lemmer. Dat is een flink eind om. De wedstrijd/tocht
|
Tijdens de Singlehanded probeer ik kruisend in het Krabbersgat door een dikke mist de haven van Enkhuizen te halen voor weer een broodnodig stempeltje. Daar mag alleen stuurboord wal gehouden worden en ik krijg ook direct de verwensing van een bruine vloot schipper naar mijn hoofd gesmeten, dat hier niet gezeild mag worden, als ik in zijn buurt overstag ga. We varen hier met zijn vijven richting de sluis en mij bekruipt toch de vraag waarom dit nu nodig is. |
Blad 4
| steeds de motor standby. Maar soms gaat toch behoorlijk mis, zoals in Vlieland. Mijn buurman gaat eerder weg uit zijn box en ligt met de boeg in de wind. Hij hijst eerst zijn grootzeil en gooit daarna het schip los. Ik lig nog te slapen en hoor een ferme dreun tegen de ChillOut! Ik spring uit mijn bed en zie nog net dat hij met zijn anker op de boeg langs mijn bakboord achterpreekstoel schraapt, blijft hangen en toch weer losschiet voordat ik wat kan doen. De schipper durft mij vervolgens niet aan te kijken en roept alleen dat het niet helemaal goed ging. Helaas geen excuses, zal wel de spanning zijn. Als ik de schade opneem constateer ik dat ik mijn 2e kras op de boot heb en weer niet door eigen toedoen. Foute regel dat zeilen in de haven!
De verplichte rustperiodes tijdens de 200 myls ‘SOLO’ zijn bij uitstek geschikt om de juiste wind af te wachten. Zowel in 2003 als dit jaar heb ik de eerste nacht gerust in Urk. Beide keren wordt ik na een heerlijke nachtrust wakker en getrakteerd op geen wind. In 2003 gelijk maar mijn ankerrust genomen van 6 uur en lekker in de zon liggen lezen. Alleen om 20.00 uur moet ik weer varen (max. 24 uur rust). Het wordt spannend, maar een half uur voordat ik weg moet begint het heel voorzichtig te waaien. Ik vertrek met de gennaker op en wordt het een prachtige nacht zeilen. Ook in 2004 precies dezelfde situatie. Alleen is de verwachting dat er ’s nachts helemaal geen wind is. Dus niet gewacht en na de middag van wal gestoken. Na veel dobberen en afkruisen met de gennaker kom ik tegen het donker aan bij Breezanddijk. En het begint te waaien! Lang leve het weerbericht. Dus vaar ik door naar Enkhuizen via Lemmer. Veel tegenwind en regen maar toch voldaan als ik in Enkhuizen aankom. Alleen wel met het gevoel dat ik beter had kunnen wachten zoals vorig jaar. Aantonen gezeilde route
Tijdens de laatste 200 myls ‘SOLO’ werd ik de eerste rakken |
echt enthousiast over de MySafety. Bij een boei even op de knop drukken en je kunt verder. Met de camera is dat wat lastiger. Je moet naar de boei varen, de zeilen vieren en binnen 4 meter een kiekje maken. Overdag gaat dat nog wel maar in het donker is het een regelrecht drama. Als je door de zoeker kijkt zie je niks en dus ook niet waar je naar toe gaat. Bij een verlichte boei is het contrast tussen het aan en uit zo groot dat je moet gokken. En soms weigert de flitser en kun je terugvaren. Dat er in het verleden niet meer boten tegen boeien zijn aangevaren is voor mij een raadsel, of zou dat tussen schipper en boei blijven…. Dus zeker in het donker lijkt de MySafety een uitkomst. Het ding hangt om je nek en drukken en klaar. Alleen dan moet ie het wel doen. De mijne werkte helaas na 2 boeien niet meer. Gelukkig had de organisatie ook nog een camera ter beschikking gesteld. Dus die maar weer in ere hersteld. De finish
De 200 myls ‘SOLO’ heeft meer finishers. Komt dat doordat deze tocht minder zwaar is of door het fanatisme van de “echte” wedstrijdzeiler? Beide tochten finishen in dezelfde plaats als is gestart. Als je als solo schipper na vele omzwervingen het karwei geklaard hebt verwacht je wel een ontvangst: dat heb je wel verdiend… |
Blad 5
Op dinsdagavond om 22.00 leg ik aan in de Houtribhaven. De Singlehanded zit er op. Blij, voldaan en toch ook wel een beetje vermoeid meer ik af. Ik tel slechts een 4 tal andere deelnemers zonder dat er nog een teken van leven is. Het restaurant is wel open. Dus ik ga daar naar toe voor het stempeltje, een echt tapbiertje en het ontmoeten van de andere gefinishte collega’s. Echter tot mijn grote spijt is er niemand behalve de barkeeper. Van hem krijg ik mijn stempel, maar de tap is dicht en zo eindig ik met een flesje bier op de boot. Dat is in Muiden toch wel anders! Na het douchen lekker babbelen met andere deelnemers en gewoon met 15 man eten en drinken bij Graaf Floris.
De uitslag
Conclusie |
Nederland en internationaal: denk daarbij aan de Driehoek Noordzee, de Round Britain & Ireland, de AZAB en natuurlijk de STAR. Het aantal wedstrijden neemt toe en het Nederlandse aandeel groeit internationaal sterk: op dit moment zijn er reeds 5 Nederlanders ingeschreven voor de STAR 2005, waarvan het merendeel ooit is begonnen in de Singlehanded en/of de 200 myls ‘SOLO’.
Henk Bulthuis |
|
![]() |
![]() |
|
Gepubliceerd in ‘Zeilen’, december 2004

My son Victor (13) and I set sail from Lowestoft on the afternoon of 29 June heading for Ramsgate, on our way to the Scilly Isles, where the rest of the family planned to join us for a holiday. Our yacht, Laughing Gull III, is a 32ft GRP fin-keeled boat, built in 1981 in Amsterdam.
The weather was a squally SW Force 6 to 7, veering and easing to westerly Force 5. Keeping clear of sandbanks in the Thames Estuary, I plotted our position on the chart regularly and although it was wet and windy and hard work in the squalls, it was also exhilarating sailing.
We were 25 miles north-east of Ramsgate and I was on watch, while Victor rested in his bunk below, when at around at 0130BST, I heard a bumping sound and the boat’s speed dropped.
She was also pushed to port. Although this seemed consistent with the conditions, I felt something was wrong.I turned my head and listened, waiting for the sound to come again. But it didn’t. I leaned through the companionway and asked Victor if he had noticed anything. He told me he’d heard a sound like a loud knock on a door. He’d also noticed we were pushed to port. Still not sure what had happened, I checked the bilges and saw to my horror they were full of water. I couldn’t see any damage and the keel bolts seemed fine. Soon the water level was above the floor and, despite bailing with a bucket, continued to rise, pouring into my boots.
I checked the seacocks. If something was wrong with them, I could stop the flow with a wooden plug. But they were OK.
This meant there must be damage to the hull itself. I continued bailing and considered pulling a sail around the outside of the hull to try and stem the flood. But with a fin keel, it was unlikely I’d get the sail close enough to the hull to have any effect. I thought of breaking off the cupboards and interior fittings to inspect the hull for damage, but the water was pouring in so fast, there wasn’t time.
By now, water was up to my knees and rising. I told Victor we had to abandon the yacht. I stressed there was nothing to be afraid of and discussed what had to be done: sending out a Mayday, firing flares (if appropriate) and preparing the liferaft.
I didn’t want to go on deck to lower the sails in case this caused the boat to capsize. I trimmed the sails so the movements were steady. I sent Victor into the cockpit to help stabilise the yacht and started to send the first Mayday on VHF Channel 16. I had an instruction booklet handy to remind me of the procedure. I also had the ship’s name written out in the phonetic alphabet.
I transmitted five to 10 Maydays, but with no response. By now, I realised, the batteries were completely underwater. As I was transmitting the last Mayday, the water was up to my chest as I sat at the chart table,

LEFT: Sørlandetscrew offered hot drinks and dry clothes after the Poen’s ordeal, but most of all kindness and understanding !
At 0210 BST we cut the liferaft loose from Laughing Gull III – an emotional moment as it meant a final goodbye to my yacht.
ebb. Taking into account the tide and our approximate position, I realised we were slowly drifting towards the Traffic Separation Scheme (TSS). I looked back at Laughing Gull III and could still see her masthead light. Just before sunrise the light suddenly disappeared, meaning that she had
sunk, or the batteries had gone dead.
In the liferaft it was cold, with a water temperature of only 9°C. Keeping up our morale was my number-one priority. I was completely soaked and my muscles were aching. I was also very tired, but I was still and the switchboard was half underwater. Before I left the cabin, I wrote on a piece of paper that the crew had abandoned the sinking yacht and were all OK – in case Laughing Gull III was found afloat.
I carried the liferaft from the front cabin, wading through the water in the saloon, into the cockpit. On the horizon, I spotted two ships. I fired two parachute flares and lit one red hand-flare. Although I estimated the ships were only a few miles away, they didn’t respond.
Not all our hand and parachute flares worked, although they were almost brand new.
We deployed the liferaft, after carefully studying the instructions. We tied it to the stern and dropped it overboard, yanking the rope to activate automatic inflation when it was about 10m away. We pulled the raft against the stern and I told Victor to jump – but safely!
A horrifying moment it was! Then I followed Victor, remembering the phrase: ‘Only use your liferaft when the step into it is a step upwards!’ I can assure readers that we were just in time!
The only things we took with us were two torches, a knife, my passport and credit cards.
Everything else we left behind.
At 0210 BST we cut the liferaft loose from Laughing Gull III – an emotional moment as it meant a final goodbye to my yacht. Until then, I was still hoping for rescue by a lifeboat or any other vessel with an electrical pump. The weather was fair: it was dry, the wind was westerly Force 5, with good visibility and a moon shining through the clouds. I remember thinking it was beautiful sailing weather.
It was almost High Water and the tide was soon going to turn with the north-going
Verslag Leon Bart (2004)
Leon Bart met z’n trimaran Houd van Hout moet z’n zeemijlen maken om mee te doen aan de Star 2005.
Evenals Bart Boosman en Bertus Buys heeft Leon Bart zich daarvoor al gekwalificeerd.
Koste wat kost wilde Leon de 200 myls mee verzeilen, al was het maar buiten mededinging. Onderstaand verslag werd geschreven vlak na de race.
De daaronderstaande e-mail werd verzonden aan de Petit Bateau group
Na de start liep ik lekker en passeerde op weg naar het Paard vele makkers. Na de Nek lag ik na een kort kruisrak nog steeds in tweede positie (1, ik dacht Jacqueline van Amstel en 3 Dick Geurts)
In de frisse bries was ik niet van plan te gaan spinakeren, maar toen 1 en 3 dit wel deden, kon ik niet achterblijven.
Tot halverwege de OVD 4 ging het redelijk, maar toen hield mijn stuurautomaat het niet meer en liep met 15 knopen uit het roer! De spi klapte in en schoot aan de haal. Voor dat ik het wist voer ik over de spi heen. Gelukkig bleef hij nergens aan haken. Ik zag nog een rood puntje boven het water uit steken. Ik lag letterlijk achter een parachute ten anker.
Het kostte me minstens een uur om het zaakje te klaren. Zie foto van de Gordiaanse knoop. Later in het Noordzeekanaal was ik pas in staat alles weer voorelkaar te maken.
Bij vertrek uit IJmuiden ging de stroom om 03:00 uur meelopen. Dus :”Go with the fow”. De slimmerikken keerden echter weer terug toen er geen wind bleek te staan.
Als enige zette ik door en haalde precies op kenteren van het tij Den Helder, anders had ik ergens moeten ankeren en was de trip naar de KMJC (waar ik wilde rusten) wel erg lang geworden.
Van Den Helder zeilde ik via Oude Schild naar Kornwerd, waarbij ik van de T 12 naar BO 8 geen slag behoefde te maken en over de banken zeilde en het volle profijt had van weinig diepgang.
Als ik volgend jaar terug ben van de Star 2005 doe ik weer buiten mededinging mee !
De GPS/GSM-unit deed het prima.
Bij het passeren van Lelystad ben ik in mijn box gaan liggen (thuishaven) voor een rustperiode.
De GPS/GSM-unit deed het prima. De volgende morgen ontmoette ik de havenmeester, die me vroeg :”Heb je opgegeven ?”. Waarop ik verbaasd reageerde: “Hoe weet jij, dat ik aan de 200 myls meedoe ?”.
De GPS/GSM-unit deed het prima. Antw.: “Via internet” Vraag :”Sta ik er dan op ?” Antw.:”Ja, en je ligt in je box, ook dat kon ik zien”.
Ik ben even naar zijn kantoortje gelopen om dat wonder zelf te aanschouwen.
Na mijn ankerperiode bij Makkum was ik het zo zat (stampen e
n slingeren, Bart Boosman had me nog gewaarschuwd) dat ik na 6:00 uur rust maar weer ben gaan zeilen.
Het woei flink en de WP 12 was goed te bezeilen. Wel ontmoette ik een palingvisser, die tijdens het oplopen plotsklaps SB uitkwam, waardoor ik met een klapgijp een aanvaring nog kon voorkomen. Door zijn vele werklichten neem ik aan, dat ze mij nog niet eens hebben gezien.
Het aanlopen van de ‘blinde’ WP 12, was dankzij een perfecte positie in de GPS toch vrij eenvoudig. Op het moment, dat deze piepte, had ik de WP 12 ook recht vooruit op ongeveer twee meter.
Mooiste stuk ? Van de Nek naar het Paard, waarop ik regelmatig 15 mijl klokte
(zie foto hiernaast als bewijs !)
Leon Bart
a/b Houd van Hout
E-mail Leon Bart (2004)

Hi all and Bart in particular,
Bart congratulations!
Bart sailed a great race indeed, he managed to sail when there was enough wind to let the Franschman (his remarkeble self designed and build live-aboard open 30) fly. During the 200 miles we had all kinds of weather from zero to Bf. 6, rain and sun. In this race it is the trick to sail when there is wind and take your rest during calms. I sailed (indeed without competition, multis where excluded although the locks are wide enough Jerry) the same course as Bart and many others like Paul and Dick, but no one could manage to sail out Bart with his handicap (as you understand I had none). Sometimes also now the PB virus strucked me when I left IJmuiden without wind at all, while Bart took another 10 (!) hours rest.
Nevertheless it was a very good experience. Paul (Peggs) is really a brave man to sail the Waddenzee during a drizzleling black night with a strong current/wind and plenty blind bouys around, waters where all the other dutchies where familiar with. He is not stranded but flew to Greece the same day he finished his 200 miles. (He justed phoned me, had a sunny sky and 28 degr. C., lucky guy).
Cheers,
Leon
Houd van Hout
Muiden 29-09-2004 – Het palaver is weer geweest, en zoals altijd is dat een gezellig, en lekker rommelig gebeuren waarin een enorme hoeveelheid info zit.
Wat ik nu met die “My Safety” moet dat is mij nog niet duidelijk, want my safety zit vooral in mijzelf, en als ik er niet meer uitkom dan doen we wel een roepie op kanaal 16 (wedden dat het ook goed komt zonder “imei nummer”).
Oké, ik ben altijd een beetje sceptisch wanneer het gaat om nieuwe gadgets, en de gedachte erachter “trackability” (volgbaarheid) is natuurlijk goed in het kader van de wedstrijd.
De routekeuze is een groot dilemma dit jaar, en met de voorspelde 2 dagen wind vaar je natuurlijk geen 200 mijl. Vooralsnog lijkt route 1 een aantrekkelijke trip, want voor de kuststreek wordt wat meer wind voorspeld dan in de rest van het land, en je kunt de woensdag ten volle benutten door tegen de tijd (ingeschat) dat de wind wegvalt in A`dam te zijn.
Nouja, onder het motto; hoe moeilijker de opgave hoe groter de uitdaging, gaan we er weer helemaal voor!
Seaport marina 30-09-2004
Vijf voor half 8 langs de M1 met een stevige WNW wind 4 bft, voor “Het paard van Marken” komt er uit de buien nog een Beaufortje bij. Voor het mooie heb ik net te laat gereefd, en er moeten twee slagen gemaakt worden om bij de GZ2 te komen (09.37). Met bezaan, 2 x gereefd grootzeil (dan loopt ze wat hoger aan de wind), en de genua, verder aan de wind naar de NEK boei. Bij het in de kajuit stappen om wat te controleren (of wat te snaaien) ruikt het anders; normaal hangt er een lichte petroleum lucht, maar dit was duidelijk : rode wijn azijn! In een van de foerage kastjes was het flesje omgevallen, (dat doen ze anders nooit) waarbij het dopje (van inferieure makelij) losgeschoten moet zijn. Het mag duidelijk zijn dat dit soort producten niet het “200 myls proof” keurmerk kunnen krijgen!
Om de NEK heen om 12.10, en op weg naar de OVD 3 Murphy tegengekomen. Echt alles wat maar fout kan gaan………..
14.25; Murphy op de OVD 3 boei achtergelaten, en zeldzaam lekker gezeild naar de P 15 waar ik om 17.34 aankwam. Rustig aan doortokkelen op het motortje en voor de Schellingwoude brug gaat het licht bij aankomst meteen op groen/rood. Een trosje 200 mylers dat aan de remming lag maakt zich los, en gezamenlijk passeren we brug en Oranje sluis. Noordzee kanaal over (was ik nog nooit geweest, maar heel leuk met al die lampjes) en om 22.30 in de marina van Ijmuiden waar nog een stel 200 mylers liggen. Indra, De Franschman,Connector,Lady Blanche, Cras fuctum est,Aurum, onder andere.
Terugkijkend was het een leerzame dag, zo moet je niet de neerhaler van de spi boom uit zijn klemmetje trappen, want daar krijg je niet alleen schade, maar ook een heleboel werk van!
Oude Schild 01-10-2004
Vanmorgen de spinakerboom “gerepareerd” met behulp va Gio z`n telefoon en een harp met snapsluiting.
Wachten op het tij duurt altijd lang, en iets over enen hield ik het niet meer uit, voor het eerst alleen en op eigen kiel de Noordzee op, en dat is toch anders dan meereizen als opstapper naar noordelijke wateren, of raggen met de “man over boord rescue boot”. De reparatie aan de spi boom werkt goed, en na de “baloeran” om tien voor 2 gepasseerd te hebben, het hele rak gespinakerd. We hadden ongeveer 5 uur en een kwartier nodig om van de Baloeran naar de MH 4 te komen, op 33 mijl is dat ongeveer 6 knoop en een beetje (niet gek voor de oude dame).
De wind begon eenmaal op het wad nog wat meer aan te trekken, en dat is mooi zolang je lange bezeilde rakken vaart, op het gedeelte richting afsluitdijk staat nu wind tegen stroom en moet je kruisen. Dit in combinatie met “blinde” tonnen doet mij besluiten om in Oude Schild te blijven voor dit tij, en over 6-7 uur weer verder. Lekker even warm eten, en douchen natuurlijk (ik had nog zo`n SEP key overgehouden van de zomer, dus havenmeester; de ligplaats is niet betaald voor die paar uur, maar met het warme water zit het wel goed!)
De windverwachting voor morgen is: Wadden; 3-4 bft. Zuidzuidoost, en later ook op het IJsselmeer wat meer wind , en dat tot zaterdag nacht aan toe.
Het plan is om morgen een flink gat in het aantal mijlen te slaan. Het was een meesterlijke zeildag vandaag. “My Narigheid” (of is dat narrigheid van mij?) maar weer eens aan de lader gezet.
Ergens tussen WV14, en de EZ29 02-10-2004
Ja het is nu eenmaal de 200 Myls, en die moeten ook echt allemaal gemaakt worden.
Jasses vroeg opgestaan, wassen, afwassen (niet verder vertellen), boot gereed gemaakt en om 06.42 langs de T12, gelijk word je met 7,5 knoop naar Kornwerd gesleurd, en het stuk dat zuid oost loopt van de Texelstroom richting afsluitdijk moet gekruist worden (was de wind gisterenavond toch niet iets gunstiger?). De Boontjes 8 wordt om 09.55 gepasseerd , en voor de Lorentz sluizen in Kornwerd sluiten de Frequent Flyer en de Nescio aan. Gerben doet als een van de weinigen route 2 en heeft daar nu al spijt van. Alles weer terugspoelen naar zoet water (dat bruist lang niet zo fris in de pot!), en Mevr. Benink geruststellen dat “hij” weer op `t IJsselmeer zit. De WP12 is wat lastig te bezeilen, daar de windrichtingen tussen oost- en westzijde van het IJsselmeer duidelijk verschillen. De WP12 wordt om 16.11 gerond samen met de “Airborne”, en dan de spinaker weer omhoog. Tegen de tijd dat de spi staat, en dat is zo`n 10 minuten later, is Gio uit het zicht verdwenen (toch minder zicht dan dat ik dacht, of……) Op naar de H2, en deze ronden om 18.28, omdat de spiboom nu maar aan een zijde aan de mast kan, wordt het gijpen van de spi een speciaaltje (volgens mij zit Murphy nog steeds op de OVD 3).
Door naar de “Sport B” een klein stukkie 20.15, en dan naar de VZ1. Dit laatste stuk was een lang rak tegen de wind in, en die wind zakte ook iets in naar mijn gevoel , bijna 6 uur verder wordt dan toch de VZ1 gerond (en dat voor een stukje van 10 mijl, dat is gemiddeld 1 knoop onder 200 myls minimum).
Dan Met 4,5 knoop op de Wieringer Vlaak 14 af, en wanneer deze gerond is om 03.52 komt het gevoel “ik ga in ieder geval finishen!” los, terwijl we nog 49 stuks te gaan hebben met voetangels en klemmen.
Muiden 03-10-2004 04.00 uur
Dit weer met regen en vlagerige wind is vermoeiender dan de editie 2003 (of wordt ik nu een oude man?)
Vanmorgen in Lelystad bij de Houtrib sluizen gearriveerd, er staat een stevig windje 5-6 bft (en een windwaarschuwing 6-7bft is later op de dag van kracht)
Om 10 over 11 langs de OVD3 (Murphy was weg, en kan dus makkelijk bij jou aan boord zijn gaan zitten.), en aan de wind op weg naar de NEK. Als het hier golft dan golft het goed (zou een songtekst kunnen zijn) en wat een drukte op het Markermeer zo op een zaterdag wanneer je van een nachtelijk rustig IJsselmeer af komt.
Na de NEK gefotografeerd te hebben om 13.11 (heerlijk ouderwets; fotograferen, en bellen met Bob, zo hoort het ook), nog even doorhobbelen naar het kommetje van Hoorn voor de verplichte 6 uur ankerrust. Bij het wakker worden om 18.00 uur ligt de Airborne hier ook.
Bakje koffie opdrinken, en de genua wisselen voor fok-1 Het giert laag in het want, en dat is een hoge 5 bft, of een lage 6bft (zintuiglijke sport eigelijk wel dat zeilen).
Terughobbelen naar de NEK, en zien dat we de IJM17 op de gevoelige plaat kunnen vastleggen. Oh, ja waarom foto`s? Vanmorgen was mijn accu zo plat, dat bij het indrukken van de motor startknop de GPS uitfloepte, en de oude Sabb alsnog op gang geslingerd wenste te worden met behulp van een startlontje en een kneepje olie. “My problem” is leeg, en blijft dat ook.
03.03 uur (en dat op 03-10, je bedenkt het niet) foto gemaakt van de IJMeer 17, uiteindelijk weinig wind na een onstuimige dag met veel windvlagen en buien, de déjà vu met vorig jaar is treffend.
De 200myls was weer niet eenvoudig dit jaar, en dan heb ik het nog niet eens over de ploeteraars die alles zonder hulp van stroming moesten doen, maar het was wel weer een mooie wedstrijd.
Uitvaren blijft het belangrijkste, maar op welke plaats ik nu kom te staan gaat ook tellen, ambitieus? Neuhoor!
P.s. Die rode wijn azijn lucht begint langzaam te wennen.
Nico Benink
Brandaan
Verslag Michel Capel
Donderdag, 30 september 2004, 12:47, a/b Tumlare
Een weemoedig gevoel overvalt me als ik me realiseer dat ik waarschijnlijk de hekkesluiter ben van de 80 boten die deelnemen aan de 200 mijls 2004. Zelfgekozen hekkesluiter, dat wel, want het past in mijn plan. De start, gisteren, was weer de gebruikelijke nerveuze chaos.
Elk jaar wordt het erger, want elk jaar zijn er meer deelnemers. Gedwongen door de buren vertrek ik ook maar, om kwart voor acht passeer ik de startlijn. Eerst is het nog redelijk bezeild naar marken, maar met een bui ruimt de wind wat en moet het paard laten gaan. De volgende twee rakken kruisen, fijn! Omdat het kruisen vrij redelijk gaat – ik heb me voorgenomen wat minder te knijpen en niet meer naar de VMG meter te kijken – kan ik aardig bijblijven.
Na de Nekboei nog even ge- twijfeld, maar dan toch de bezaanspinnaker omhoog, en kijk, we vliegen meteen weg en laten de anderen achter ons. Die eerste paar rakken tot Lelystad geven altijd het meeste wedstrijdgevoel, omdat je allemaal met elkaar opvaart. Goed om scherp te blijven en je best te doen voor een halve knoop extra. De sluis in Lelystad. De achterblijvers komen gezellig met ons de sluis in, zodat we toch weer gelijk op kunnen varen.
Samen met Marjan van de Mathilde en Peter van de Jager ga ik even aan de remming liggen om het plan voor het vervolg te bepalen. Peter heeft kennelijk al een plan, want hij loopt macaroni etend over de remming heen en weer en vertrekt al weer snel. Ik weet het nog niet, en zet mijn pc aan om mijn favoriete weerwebsites om raad te vragen. Leuk dat het kan, internetten via je mobieltje, maar langzaam! Als ik drie kwartier later naar buiten kijk, lig ik alleen. Het is inmiddels over drieën, en ik besluit in de spuikom te ankeren en het voor die dag voor gezien te houden. Ik ben niet de enige; we liggen er met zeven boten, waaronder de Batavus van Henk.
Een rustige middag en avond, met een prachtige zonsondergang. Tussen de lagen grijs van de wolken vallen door een paar gaten in het dek rood-oranje stralen omlaag. Alleen het verkeer op de dijk Enkhuizen-Lelystad, waar we vlak onder liggen, verstoort de rust.
Om acht uur werd ik wakker vanmorgen, met een strakblauwe lucht boven me. Als ik later weer boven dek rondkijk, ben ik de enige die er nog ligt. Onbegrijpelijk dat de anderen vertrokken zijn, de wind zou immers pas iets aanwakkeren in de middag. Ik wil wachten tot ik weg moet om binnen de 24-uurs limiet van stilliggen te blijven. Gelukkig genoeg te doen aan boord; nog eens het weer checken, het dek schrobben, en er achter komen dat mijn watertank weer is leeggelopen in de bilge. Een klein potje thee pers ik nog net uit de leidingen. Ik koppel het expansievat af en stop de slang dicht; daar lijkt de lekkage vandaan te komen. Een anti-insectenbetenstick past precies in de slang. In de jachthaven haal ik water en ga daarna inderde dijk, zo dicht mogelijk bij de boei, weer voor anker. Over een uur moet ik weg, maar ik rek het zo lang mogelijk, want de wind zou moeten toenemen. Als de voorspelling niet uitkomt….oei….dan heb ik een probleem. Gisteren had ik weinig zin in een heel lang kruisrak, naar Medemblik 18 mijl of nog verder, naar Den Oever, 25 mijl. 25 mijl kruisen, daar doe ik makkelijk 10 uur over. Vandaag lukt het me, zelfs met dit lichte windje, wel in een uur of vijf-zes. In Den Oever gooi ik de haak er dan weer in, om te wachten op de beloofde Westenwind. Zaterdag geeft de verwachting zelfs W tot ZW 5 tot 6, en daar wil ik zoveel mogelijk van profiteren. Mijn keuze is route 3, en daar heb je Westenwind bij nodig. Zometeen achter het anker optuigen en naar de EZ29 voor het rak naar Den Oever.
Donderdag 30 september 2004, 16:27, a/b Tumlare Nog vier uur naar Den Oever, en ik ben al drie uur onderweg. De wind is toch zwakker dan voorspeld. Net Gio van de Airborne aan de telefoon gehad. Hij zat voor Egmond en hoopte op tijd in Den Helder te zijn voor de blauwe hap in de Marine Yacht Club. Hij heeft vier Beaufort en loopt 6 -7 knopen. Ik sukkel voort met een gangetje van nog geen 4 knopen. Maar ja, morgen zal alles beter zijn, want morgen is er meer wind. Zeggen ze.
Michel Capel, startnummer 21
Online Verslag Erik Jan Hardonk (2004)
200 Myls 2004
Dit jaar doe ik voor de vierde keer mee aan de 200 mijls. Dit jaar hoop ik het resultaat van vorige jaar te evenaren. Als je naar het deelnemersveld kijkt, zal dat wel weer moeilijk worden.
Dinsdag 28 september begon de race met het palaver. Dit jaar is er een nieuwtje. In plaats van de geronde boeien met een wegwerpcamera te fotograferen, moeten we nu een melding doen met behulp van een GSM/GPS apparaatje.
Verder is het palaver als vanouds, er is koffie, appelgebak en veel sterke verhalen.
Woensdag 29 september, rond 6 uur wordt het al onrustig in de haven. Om 7 uur mag er gestart worden. Nu er nog wind staat, uit de goede hoek, wil iedereen weg. In een lange rij varen de deelnemers naar de start. Bij de M1 dit keer geen foto’s, maar een druk op de knop.
Automatisch wordt tijd en positie naar het regattabureau verzonden.
De wind is goed, stevige bries. Na een paar mijl gaat er toch maar een rif in het grootzeil. De boot gaat nog steeds hard, maar minder schuin. Het rak naar het Paard van Marken is bezeild, maar om de MN1/GZ2 te bereiken, moeten toch een paar extra slagen worden gemaakt.
Op weg naar de Nek weer bezeild, de wind blijft goed doorstaan, een goeie 4 Bf. Na de Nek op weg naar Lelystad. Dan moet de spi erop. Het doel is immers bovenin het klassement te eindigen en dan moet je wel. Als de spi staat, blijkt de stuurautomaat het allemaal niet aan te kunnen. Dus sleept de zeilzak van de spi door het water en moet ik noodgedwongen de fok laten staan. Ik probeer het een keer, maar voor ik bij de mast ben, begint de boot al enorm te loeven. Snel weer terug en met de hand sturen. Het hele stuk naar de Nek probeer ik de Mary Bryant voor te blijven. Dat lukt niet, hoe ik ook mij best doe. Toch geen schande om de winnaar van de 24-uurs race (in de ORC klasse geloof ik) voor te moeten laten gaan. Hij blijkt naar Amsterdam te gaan. Ik ben benieuwd of het een beetje waait oop de Noordzee. Ik heb ook aan de Noordzeeroute gedacht, maar de noordelijke wind weerhoudt me. Te riskant.
In de sluis gaat het gedisciplineerd. Het lijkt wel beheerster te gaan naarmate er minder bemanningsleden aan boord zijn. Na de sluis op naar de EZ29. Daar hoog aan de wind richting Vrouwezand. De wind is nog steeds noordwest, dus moeten we kruisen.
Het is inmiddels donker als ik de H2 bij Hindeloopen rond. Vlak voor me zit de Lupa Maris. Bij Kornwerderzand ga ik voor anker, naast de Lupa Maris. Daar aan boord drink ik nog een borrel, maar het lampje gaat snel uit.
Donderdag 30 september kan ik uitslapen. Om 10:00 moeten we met het laatste restje tij mee naar Harlingen. Om half tien liggen we in de sluis. Er blijjken toch meer mensen voor deze route gekozen te hebben. In de sluis liggen we met vier deelnemers, direct na de sluis ligt er nog een, de Myrlette. Ook een Etap 30, maar dan een ‘i’.
Op de Boontjes gaat de spi erop.
Ondanks de lichte wind, maar dankzij de stroom, gaan we nog ruim boven de 4 knopen over de grond.

de Pollendam moet de spi eraf, maar in de Blauwe Slenk kan hij er weer op. Ed heeft gisteren zijn spi verspeelt, maar heeft hem kennelijk niet nodig om hard te varen. Het lukt me niet om hem in te halen. In Vlieland liggen we naast elkaar. De havenmeester vraagt of het toeval is dat er zoveel boten met een ‘Japanse vlag’ varen, of dat het race is. We vertellen hem waar het om gaat. We zijn prettig verrast om te horen dat we geen havengeld hoeven te betalen, omdat we ’s nachts toch weer weg gaan. Er liggen een stuk of zes deelnemers in de haven, waaronder de Myrlette. Waarschijnlijk hebik hem op dit rak wel achter me gehouden. Na de douche nog even het verslag bijwerken. Vanavond captain’s dinner bij Ed aan boord, later vanavond gaan we weer op pad, richting Den Helder.
Vrijdag 1 oktober, om 0:45 uur sta ik op. De wind giert door het want en de regen roffelt op het dak. Toch maar vertrekken. Buiten op het water valt het eigenlijk wel mee. De wind is een goeie 5 Bf, uit het zuidoosten. De regen is grotendeels weg. Bij de ZS13 druk ik op de groene knop en ga ik richting zee. Ik verbaas me erover dat de Lupa Maris nog zo ver weg is. Toch maar doorvaren. Ik heb het druk genoeg met de navigatie. Als ik eenmaal over het Stortemelk ben (stukje afgesneden, vlak langs het strand), krijg ik Ed aan de marifoon. Wat het karakter en de positie van de ZS 13 is. Het blijkt dat op zijn kaart (met de nieuwe inlegvellen!) de positie niet juist is opgenomen. Kost hem al met al een uur. Met een goeie vaart gaat het in het donker naar Texel. Onderweg word ik voorbij gelopen door een deelnemer, maar ik kan niet zien wie het is.
Bij Den Helder aangekomen is het nog steeds donker. De boei is goed te vinden, daarna door richting Oudeschild.
Als ik daar kom, is het inmiddels licht. Met een paar slagen kan ik doorvaren naar Kornwerderzand. De wind is lekker, een kleine 4. Samen met de Frequent Flyer en de Brandaen door de sluis. De Frequent Flyer gaat voor anker, de Brandaen doet route 1 en gaat meteen richting WP12. Ik twijfel nog, het is niet echt bezeild.Via de telefoon verzamel ik wat weerinformatie en besluit toch te gaan.Later zal de wind richting ZW draaien en dat is nog minder aantrekkelijk. Met een paar klapjes kom ik bij de WP12, daarvandaan richting VZ1, Stavoren. Dat gaat met een goeie vaart. In Stavoren leg ik onder zeil aan, bij het gemaal.
Even uitrusten na bijna 16 uur in touw geweest te zijn. Dutje doen, eten, schoon schip maken.
En wachten op de zuidwesten wind om naar Lelystad te gaan.
Zaterdag 2 oktober
Om kwart voor zes steekt Ed zijn hoofd in de kajuit en roept me wakker. De wind staat goed! Van mijn voornemen om in de nacht een paar keer te kijken hoe de wind staat, is weinig terecht gekomen. Kennelijk toch te vermoeid.
Tegen half acht ronden we de VZ1. Om het Enkhuizerzand is de EZ29 net te bezeilen. Naarmate het lichter wordt, zie ik steeds meer zeilen aan de horizon. Er zijn er kennelijk meer vroeg op pad. Vlak voor de EZ29 haal ik de Piccolo in, een Mini Transat van 6.5 meter lang. Petje af voor de schipper, zo’n boot heeft een stuk minder comfort dan een groter jacht.
Zijn prestatie is eigenlijk groter dan die van iemand met een groot jacht.
Na de sluis gaat het met een klein knikje in het schoot naar de Nek. Af en toe trekt een bui over en komt er een dikke 6 Bf over dek. De boot loopt lekker. Voor me vaart Ed, het lukt me niet echt om dichterbij te komen. Als ik mijn genua wissel voor de high aspect fok, laat ik de vokkeval schieten. Die wappert als een vaantje achter de mast. Tot overmaat van ramp komt er ook nog een golf over en natuurlijk had ik mijn zeilpak niet aan. Nat tot op het vel.
Na een paar minuten krijg ik de val weer te pakken en kan ik verder. Onder een mooie buienlucht met felle zon ertussen gaat het naar Volendam. Daarvandaan meteen door richting het Paard van Marken. Bij het ontreven breek ik de klem van de grootzeilval. Toch meteen maar een oplossing regelen. Ik laat het zeil zakken en zet de val op de klem van de spinakerval. Die heb ik vandaag toch niet meer nodig.
Het laatste stukje naar de IJM17 bij Muiden moet ik kruisen. Om 16:20 ben ik er. Ed en ik zijn als nr. 7 en 8 op line honours gefinished. Nu wachten op de einduitslag op handicap.
Maandag 4 oktober
Lang sta ik op de 10e plaats. In de loop van de week zak ik naar de 13e plaats. Ed start op 17 en eindigt op 18. Deze keer was de Waddenroute niet de snelste. In tegenstelling tot vorig jaar heeft deze keer de Noordzeeroute gunstig uitgepakt.
Juist die dingen maken deze race zo spannend. Je kiest een route, vaart zo hard mogelijk, maar uiteindelijk is de routekeuze een allesbepalende
Eric Jan Hardonk
Nescio
Donderdag, 30 september 2004 – 00:30 uur

Het palaver op dinsdagavond in het café van Ome Ko in Muiden stond in het teken van de nieuwe positiemeldingen. Iedere deelnemer (inmiddels 80 in totaal) kreeg een GPS-GSM unit mee, waarmee je bij het passeren van een merkteken in jouw route via de satelliet een positiemelding doet aan het regattabureau. Een hele vooruitgang ten opzichte van een camera, waarmee het in enige zeegang al knap lastig is om de boei sowieso in de zoeker te krijgen.
Peter Mueller tracteerde vervolgens alle deelnemers nog op een doos met astronautenvoeding, die volgens hem ook tijdens de laatste Olympische Spelen in Athene werd gebruikt. Daar heeft het voor zover ik weet ook niet geholpen. Een zwangere uitzwaaier had in de gauwigheid al in de bijsluiter gelezen dat het niet geschikt is voor zwangere vrouwen, maar ik heb geen enkel woord daarover gehoord van Peter in de richting van de 4 vrouwelijke deelnemers. Wel goed trouwens dat Jacqueline nu wat concurrentie krijgt.
Omdat ik de boot afgelopen weekend al naar Muiden heb gevaren, lig ik dicht tegen de steiger: als nr 2 om precies te zijn. De Stichtingshaven ligt nu zo vol met deelnemers dat er geen roeiboot meer bij kan. Ik hoef me derhalve niet druk te maken over vroeg vertrekken en zet de wekker op 06.25u. Ruim voor zessen word ik echter wakker van stampende voeten op mijn dek: een nadeel als je zelf dicht tegen de steiger aan ligt met nog een hele rits boten die weer aan jou liggen.
Om 06.15u start mijn buurman (nr 3 vanaf de steiger) zijn motor en ik neem aan dat hij niet aan de walstroom kon liggen en daarom nog even stroom gaat draaien. Tot mijn verbazing gooit hij echter los van mij en het gevolg is dat de hele zwik boten nu stuurloos ronddrijft. Als vervolgens schippers de motor starten en voor- en achteruit gaan manoevreren, klinkt al gauw het gekraak van preekstoelen in hekstoelen: de drieletterige woorden zijn niet van de lucht, maar de veroorzakende schipper blijft er stoïcijns onder.
In de haven worden nog snel de laatste nieuwtjes uitgewisseld – het waait buiten 6 Bft, er staat een file op de A1 – en even na 07.00u ben ik echt op weg. Ik hijs de zeilen pas buiten de haven en om 07.40 passeer ik de boei M1 en ben ik gestart. Van Muiden gaat het naar het Paard van Marken. De wind is 5 – 6 Bft en ik zeil onder vol tuig. Vlak voor het Paard zie ik een bui aankomen en het lijkt me verstandig alvast een rif te steken. Binnen 5 minuten waait het 7 Bft over dek. Een klein half uur later is alles voorbij en haal ik het rif er weer uit. De wind is NNW 21 – 24 knopen en dat gaat bij de huidige zeegang nog net zonder rif. Van Marken moet iedereen naar Volendam en vervolgens naar de Nek bij Hoorn. Nu moet er echt gekruist worden, want de Nek ligt pal tegen de wind in. Onderweg word ik voorbij gelopen door Paul Peggs, de enige Engelse deelnemer, in zijn HOD 35.
Vanaf de Nek krijgen we een ruimwindse koers naar de OVD3 bij Lelystad. Hier besluit ik de genaker te zetten om wat meer snelheid te maken. Voor mij zie ik de Lupa Maris met bijgezette spinaker tot 2 keer toe uit het roer lopen en daarna zie ik dat hij dikke problemen heeft: zijn spinaker ziet eruit als een zandloper, dwz een knoop in het midden, terwijl het zeil daarboven en -onder wind vangt. De schipper draait bij en probeert halve wind de zaak te klaren, wat na een half uur ook inderdaad lukt. De wind neemt ondertussen toe tot een echte 6 Bft en ik concentreer me volledig op het in balans houden van schip en zeil. Maar mij lukt het uiteindelijk ook niet en ik besluit om de genaker te strijken. Maar nu ontstaat een probleem: de stuurautomaat kan de boot niet echt op koers houden bij de achterop lopende golven. Als ik de koers te ruim kies, loop ik het risico van een klapgijp en als ik wat scherper ga varen, vangt de genaker zoveel wind dat hij niet te strijken is. Dan slaat de genaker ook nog eens om de opgerolde fok en tot overmaat van ramp schiet de lijn van de slurf los (waarmee de genaker opgeborgen wordt). Uiteindelijk besluit ik om het spinakerval maar te laten zakken en alles door het voorluik naar binnen te proppen: de rest zien we wel als het weer wat rustiger is.
In de sluis van Lelystad hoor ik van de schipper van de Silent Lucidity dat hij ook al problemen met zijn spinaker had: het topoog was uitgescheurd waarna de spinaker horizontaal wegwoei. Nog een geluk dat die niet onder het schip gekomen is!
Na de sluis motor ik rustig naar het volgende deel van de etappe om wat tijd te maken voor een lunch.Vanaf de EZ29 zijn we weer in de race. Ik heb gekozen voor route 2, dwz van IJsselmeer naar Harlingen, Vlieland, over de Noordzee naar Den Helder en dan weer over het wad naar Kornwerderzand. Helaas waait de wind precies uit de richting waar ik heen wil, dus moet er gekruist worden. Onderweg merk ik dat de bilgepomp spontaan staat te draaien; het lampje brandt op het schakelpaneel en als ik de buikdenning optil, hoor ik hem ook echt lopen. Na korte tijd houdt het weer op.
Bij Stavoren wil ik overstag, maar als ik daarvoor de stuurautomaat bedien, gebeurt er niets. In de afgelopen zomervakantie hebben we dat ook al eens gehad en ik dacht dat het nu verholpen was, maar dat is kennelijk niet zo. De stuurautomaat doet het niet meer, dus moet vanaf nu met de hand gestuurd worden. Op zich is dat geen probleem, zolang je aan de wind vaart. Bij voor de windse koersen is dat veel lastiger, omdat je niet goed de kuip kunt verlaten om naar het voordek te gaan om de genaker te zetten of te strijken.
Als ik tegen 20.27u eindelijk bij Hindelopen ben, vind ik het wel mooi geweest. Vandaag bijna 80 mijl gevaren (mede door opkruisen en sluispassage) en in Hindelopen is een werkplaats waar ze me wellicht kunnen helpen met de stuurautomaat. Het strijken van het zeil gaat niet echt handig, omdat de boot niet goed met de kop op de wind te houden is en de zeilwagentjes niet lekker door de mast lopen als je het zeil probeert te strijken terwijl de kop niet in de wind ligt. Uiteindelijk lukt het en tuf ik rustig naar de haven van Hindelopen. Er ligt hier een ondiepte aan weerszijden van het vaarwater; dat vaarwater is wel betond, maar de betonning is niet verlicht. Geen probleem, want daar heb ik een radar voor, maar die verdomt het. Hier begrijp ik niets van, want dit heb ik afgelopen zondag nog gecontroleerd.
In stationair loop ik naar het knipperende licht op het havenhoofd van Hindelopen. Op de kaart staat er niets over aangegeven, maar het knipperende licht staat boven een vast licht en het lijkt me verstandig om dat aan te houden. De rode tonnen moet ik aan bakboord houden en er is één groene ton die dus aan stuurboord moet blijven.
Op 50 mtr voor de golfbreker van de haven zie ik plotseling dat ik de groene ton op 3 meter aan bakboord heb. Ik realiseer me dat ik fout zit en op hetzelfde moment voel ik de boot opgetild worden en lig ik zo vast als een huis. Motor in zijn achteruit en weer in zijn vooruit, niets helpt; de groene ton kan ik bijna aanraken, maar wel van de verkeerde kant. Na een half uur martelen kom ik toch los en kan ik Hindelopen binnenlopen. Een dag met een gaatje …
vrijdag 1, oktober 2004 22:05 uur
De wekker staat op 00:45u, maar ik word al eerder wakker door een forse regenbui. Van de dingen die ik doe, is maar weinig waar ik een hekel aan heb, maar in het holst van de nacht een nat zeilpak aantrekken hoort daar zeker bij. Als ik buiten kom, zie ik dat we al 90 graden gedraaid zijn en het is dus doodtij. Anker op gaat soepel en om 01:17 passeer ik het merkteken van de volgende etappe. De wind is OZO 4 – 5 Bft, dus het eerste stuk langs de Pollendam gaat voor de wind. Spinakeren in het donker op stromend water lijkt me geen optie, maar ik zou de fok te loevert kunnen zetten met de spiboom. Dat betekent dan wel dat de boot enige tijd op de stuurautomaat moet varen en dat lijkt me met de huidige stand van zaken geen goed plan. Don’t push your luck.
De Furlex rolt nu wel voortdurend heen en weer en ik heb al eens meegemaakt dat de furlexlijn gaat lussen en klem komt te zitten. Ik kan het vanaf de stuurstand niet zien en ik kan ook niet naar het voordek.
Doordat het vaarwater nogal kronkelt, moet ik voortdurend gijpen. Om de stuurautomaat niet te gebruiken doe ik dat vanachter het stuurwiel, dwz met een hand sturen en met de andere hand de hele grootschoot naar de andere kant trekken. Handig is anders en soms lukt het niet om goed voor de wind te blijven varen, waardoor het mislukt. Doordat het stevig waait, zwiept de giek bij het gijpen met een rotgang naar de andere kant en ik probeer dan af te remmen door de grootschoot zoveel mogelijk tegen te houden. Op een gegeven moment word ik door de krachten op de grootschoot behoorlijk tegen het stuurwiel aangetrokken en opeens hoor ik een plof en blaast mijn reddingsvest spontaan op. Waarschijnlijk is de zouttablet verpulverd, waardoor de CO2-patroon afging. In eerste instantie laat ik het zitten, maar zo’n opgeblazen reddingsvest klemt behoorlijk om de borst en bovendien kan ik alleen nog maar rechtuit kijken. Als we even een stukje rechtdoor kunnen varen, zet ik de stuurautomaat aan en ga in het vooronder zoeken naar het reddingsvest van mijn echtgenote. Solo-zeilen heeft zo zijn voordelen.
Om 03:21u ben ik bij de ZS13 en een uurtje later kan ik mijn kooi opzoeken in de haven van Vlieland.
Omdat het tij pas na de middag gaat meelopen, kan ik de wekker op 09:45u zetten. Om acht uur ben ik echter al wakker van alle bedrijvigheid in de haven, maar ik blijf mooi liggen: vandaag heb ik vrij.
Om 11:30 gooi ik weer los en om 12:20 passeer ik opnieuw de ZS13 voor het vervolg van de race. Ik hoop vanavond weer in Kornwerderzand te liggen. De wind is matig, 3 Bft en zit bovendien in de verkeerde hoek. Tot de Eierlandsche Gronden, het zeegat tussen Vlieland en Texel is het bezeild, maar daarna moet er gekruist worden. En dan gebeurt waarvoor ik al bang was: de stuurautomaat begeeft het opnieuw. Eigenlijk zou ik bij de geringe wind van vandaag de high aspect fok willen wisselen voor de genua 1, maar zonder stuurautomaat naar het voordek vind ik maar niks. Het gevolg is wel dat de snelheid behoorlijk terugloopt en ik krijg er flink de ziekte in. Nu kom ik te laat bij het Molengat, waardoor de stroming tegen gaat lopen. Wind tegen, te weinig wind en nu ook nog de stroom tegen. Kornwerderzand kan ik wel vergeten en als ik om 19:49u voor Den Helder lig, besluit ik om de Marine jachthaven binnen te lopen. Ik zal er nog een nachtje over slapen, maar ik vrees dat de tijd te kort is geworden om de race te kunnen uitzeilen.
zaterdag, 02 oktober 2004 – 22:10 uur
Heb helaas moeten besluiten om me terug te trekken uit de race. In de uitslagenlijst (www.200myls.nl) zal dus RET achter mijn naam staan. Ik heb gisteren goed kunnen zien dat een schip dat ik normaal makkelijk voorbij moet kunnen lopen, sneller en hoger vaart. Zonder stuurautomaat kan ik de boot nog wel mannen en bij aan de windse koersen kun je het roer best even los laten. Maar bij de ruimere koersen loeft de boot op zodra je het roer loslaat, kun je niet weg bij het roer om de zeilen trimmen, kun je niet naar het voordek om de fok te wisselen voor de genua als het wat minder waait, kun je niet spinnakeren op de voordewindse koersen, is het overstag gaan niet vloeiend te doen en kost dat dus teveel tijd, is er nauwelijks tijd om te navigeren, en dan heb ik het nog niet over de niet aan zeilen gerelateerde activiteiten. Ik heb me afgemeld bij het regattabureau en met een knik in de schoot zeil ik van Den Oever met WZW 5-6 Bft in no time terug naar de thuishaven Lelystad, waar mijn lieve echtgenote klaar staat om het voorlandvast aan te pakken bij de box. Deze winter wordt het dus sparen voor een nieuwe stuurautomaat, want ik heb het vaste voornemen om volgend jaar weer mee te doen en hoog te eindigen.
Otto Maitimu
200 mijls Solo 2004
29 september t/m 3 oktober 2004
www.200myls.nl

– Foto toegevoegd –
– Op schrijffouten nagekeken –
– uitslag toegevoegd –
– conclusie aangevult –
– GPS track in JPG en PDF formaat toegevoegd –
Verslag s/y “LAYAM” # 46 (Barend Peters)
Het is alweer de 4de keer dat ik mee aan de 200mijls Solo van Jan Luyendijk meedoe. Nu met een ander schip, een Beneteau First 35, iets groter, iets confortabeler, iets minder uren varen als het goed is. Ik heb er zin in ieder geval. De week ervoor dagelijks vele keren de weerkaartjes van de KNMI en de rekenmodellen van Weeronline.nl bekeken.. Een hoge druk komt over Noordzee en Nederland. Als dat maar goed gaat, want weinig wind zou dus kunnen.. De route’s 1 en 2 zijn van te voren al bekeken en berekend qua stroom en weer. Route 1 is ongunstig vanwwege het vertrektijdstip midden in de nacht of 12 uur later in de mddag. Route 2 over het Wad lijkt goede tijden te hebben. Vanaf ong. 11 uur vertrekken vanaf Harlingen. Met voldoende wind en snelheid zou het mogelijk moeten zijn om dit in een tij van Harlingen naar Oude Schildd te gaan. Route 3 & 4 vind ik minder belangrijk om te plannen omdat het alleen IJsselmeer is.
Dinsdag 28 september 2004
Mijn schip in orde en hoef daar weinig aan te doen. Laad de accu de avond ervoor nog goed op, doe paar boodschappen en maak even schoonschip. Met een mooi windje ga ik dinsdag vanuit Monickendam (m’n tijdelijke ligplaats) middag richting Muiden. Rond 16:30 arriveer ik in de inmiddels bomvolle haven en krijg van de havenmeester een mooi plekje naast een stoer (huur)race schip… Goed plekkie dus, geen schepen langszij. Zoek m’n zeilmaatjes Albert (” t Waere hout” ) en Frans (” Zeebeer ” ). Even bekijken Albert en ik het racemonster van Peter v/d Schaaf. Ik frons en kijk bedenkelijk als ik zijn SW rating (91) hoor en het totale scheepsgewicht. Dezelfde rating en de helft van het gewicht van mijn schip met moderne en nieuwe zeilen!!.. “Moet ik hier tegen strijden” denk ik nog. (later blijkt het verschil in uitslag heel erg mee te vallen). Rond etenstijd arriveerd mijn vriendin Jolanda en gaan we samen met Hans Pietersma (Francis), Frans, Albert mijn Marokaanse stoofpot “A la Layam” eten. Na de afwas richting palaver… Uiteraard is het te verwachten weer en de dit jaar nieuwe manier van melden via een GSM/GPS ding de hoofdmoot van deze avond. Nog wel krijgen we een fototoestel mee om mooie fotos te maken…
Woensdag 29 september 2004
s’Morgens de wekker om 06:45 om dan om 07:40 te vertrekken. Om 07:58 passeer ik de M1 boei en is mijn wedstrijd begonnen. Wind WNW 5 en ga met enkel rif richting Paard van Marken en na het Paard is het een kruisrak naar de GZ2 boei. Ook de Nek boei die ik om 11:36 passeer is niet bezeild. Leuk om zo met meerder schepen op te varen. Voorgaande jaren moest ik met mijn 22 voeter iedereen voor later gaan. Nu kan ik door te trimmen sommige schepen zelfs goed inhalen.. Dit is leuk!. Het is mooi en stevig zeilweer. De NEK boei wordt om 11:36 gerond en ga de zuid in richitng naar de OVD3 boei een mooi ruim rak en hijs de gennaker… Dit is wel zwaar zeilen maar wel leuk…” Welke route, welke route” spookt door m’n hoofd.. Leg me er bij neer dat ik pas na de Houtribsluis en halverwege het IJsselmeer hoef te beslissen want route 1 lijkt toch geen optie volgens de laatste weersberichten.
Echter om 13:05 vertelt de kustwacht een iets ander bericht op VHF Ch 23/83 ong. 15 min voor de OVD3 boei en dus net op tijd.
capable of thinking clearly. Victor was in a bad condition and was severely seasick and unable to swallow water. He had to pee and he asked me where he should do that. I told him I had just done so myself a moment ago in my trousers and the warmth on my legs had been very welcome to me. We both tried to sleep for a while or at least closed our eyes. When we noticed vessels in our vicinity, we fired red parachutes and hand flares. Although the ships were close – we could see their navigation lights reflected in the water – they didn’t respond. After sunrise, more ships in the TSS became visible. They were moving to the SW and, as the wind was blowing us to the east, there was a risk of being run down. LESSONS LEARNEDBe mentally prepared for shipwreck. Do not panic. Be prepaired for failures, but maintain morale. Have the VHF Mayday-procedure at hand, including your ship’s name in the phonetic alphabet. Being able to drop the mainsail and take all speed off the yacht might have reduced the flood of water. Make sure you have your emergency grab bag in a place, where it can be easily found. We left ours behind, with its orange dye and signalling mirror. A |
handheld VHF would have been useful, too. Have the liferaft stowed on deck, if possible, or in the cockpit or a locker. Stowing it in the forward cabin is not the best place. In case of collision. There might not be time to carry it through the saloon in case of fire aboard. Reading the instructions for deploying your liferaft when you are abondoning ship is not the best time! Find time to rehearse your emergency procedures on a normal sailing outing. Make sure you have wooden plugs tied to the seacocks and |
they are the right size. Make sure your bilge pump is not blocked by debris. Do you have an emergency kit aboard so you can make provisional repairs on the hull? Don’t count to much on VHF Ch 16. These days a DSC VHF is better. And an EPIRB (Electronic Position Indicating Radio Beacon) is even better. A Search and Rescue Transponder (SART) also improves your chances of detection by SAR. Even with just two of us, we found space in the four-man liferaft limited and suffered cramp and fatique.I looked at the liferaft’s solitary paddle, which was very small. I decided to wait until the ebb, which would push us in a N to NE when looking ahead from the ship’s bridge. I waited for the right moment before using our last two orange smoke signals and our last red hand flare. Almost immediately after using the red hand flare we saw the ship’s three masts becoming one. The ship had turned in our direction! We were saved and we embraced each other! After eight hours adrift in our liferaft, we were taken onboard the Norwegian Tall Ship Sørlandet on her way to Dunkirk at 1010. Dover Coastguard and the French authorities were informed. Victor and I were offered hot drinks and a meal, dry clothes and even a bunk, but, above all, a lot of understanding, warmth and kindness. Later, the crew of the Sørlandet told me that they could smell but not see the smoke from our flares, being on our leeside. direction. By paddling, with the help of tide and wind, I hoped we could move to the NE, alongside the TSS. I calculated that the ebb would start running again at about 1400. So, I still had time to rest. Then I heard an aeroplane above us. I regretted that I hadn’t had time to grab our emergency bag with the orange dye. It would have coloured the water to draw the aircraft’s attention. I also missed a mirror to give light-signals to ships. A handheld VHF would have been useful, too. Most of the time I kept a lookout with one of my hands holding Victor’s ankle to reassure him I was there. The silhouettes of the ships in the TSS were visible for some time when I saw a dot on the horizon slowly becoming a vertical line, then changing into two larger lines and finally transforming in three larger lines. It was a ship with three masts, slowly heading SW and closer than all other vessels. This could be our opportunity! We still had left one red hand flare, two orange smoke signals and three white parachute flares. I reasoned that I had to wait until the ship was close enough but, on the other hand, our liferaft still had to be visible. Menko Poen is a 49-years physician who started sailing 30 years ago and who extensively cruised the North sea, the Channel and the Baltic, mostly singlehanded. He took part in the North sea Race, the Driehoek Noordzee and the 200 myls ‘SOLO’.His wife is therapist and his second son, Rednar (15), works as a part time sailing-instructor. Menko Poen, SYLaughing Gull IIIGepubliceerd in ‘Yachting Monthly’ – DECEMBER 2004 –www.yachtingmonthly.com |
| A warning to shipping : IJsselmeer bft 614:00 untill 02:00 Marken N 4/5 later W 3/4 IJsselmeer N 5/6 decr. W 3/402:00 untill 14:00 IJmuiden W 3/4 incr. Z 4/5 IJsselmeer W 3/4 incr. Z 4/5. |
Dus dit geeft andere mogelijkheden voor route 1 die buitenom loopt.. Jhippieeeee!!!.. 1 & 2 blijven mijn voorkeursroute’s misschien vanwege het zoute water in m’n bloed. Bel nog even m’n vriendin of die het weerbericht nog eens controleerd met Weeronline.. Ook daar komt een gunstige wind uit voor de volgende dag uit… Bel nog even met m’n zeilmaatje Zeebeer Frans maar hij kiest toch voor het IJsselmeer.. Tijdens het hijsen van de gennaker schoot de haallijn van de slurf de hoogte in en het voorzeil ontvouwde zich dus zelf spontaan. Met de gedachte “wie dan leeft wie dan zorgt” denk ik nog maar niet over hoe ik het zeil weer naar beneden krijg. De Engelsen hebben een gezegde wat zegt ” You will get what you deserve”. Dit blijkt soms echt zo te zijn!.. 8 kabels (0,8 mn) voor de OVD3 boei schiet de sluiting op het ankerboegbeslag los en een stukje duur RSV verdwijnt voorgoed naar de IJsselmeer bodem. De gennaker kiest de weg van de minste weerstand en duikt achter het grootzeil. Ik ren naar voren, en laat de gennaker zonder problemen in het voorluik zakken. “Dank u, en kijk naar boven. Ik groet mijn engeltje”. Om 13:28 ga ik half aan de wind ga ik richting P1 boei die ik om 15:52 klok.. Te laat voor de Schellingwouderbrug maar dat geeft niet want kan ik ff rustig koken aan de remming. Enkele solozeilers en -zeilster meren na mij af. Ik kook pasta, met zalm en roomsaus. Heb nog geen honger maar wil dit op het NZK al varend nuttigen. Om 18:00 gaan we door de brug en gelijk de Oranjesluis door. Om 18:25 vaar ik op samen met andere solisten richting IJmuiden. Een saai stuk door de Amsterdamse haven. Ik eet onderweg m’n pasta met zalm met een wit wijntje.. Nee, het (solo)zeilers leven is niet verkeerd. 21:20 – 21:40 passage kleine sluis IJmuiden. Om 22:10 gemeerd langszij de steiger in Seaport Marina. De “Lady Blanche” van Pamela en de “Cras Fuctum est” (wat betekend “morgen klaar”) van Henjo Ruiter meren naast mij af. Even een babbeltje over de volgende etape. Het plan is om om 02:30 op te staan en dan met het ochtendtij en vermoedelijke zuidelijke wind 2-3-4 naar Den Helder te vertrekken. OK, vroeg slapen dus. Nog een borrel en de wekker zetten.
Donderdag 30 september 2004
02:45 steek slaperig m’n hoofd boven het luik uit en er blijkt geen wind. Vorig jaar hadden we precies dezelfe situatie!! Rook v/d hoogovens gaat recht omhoog dus varen heeft geen zin. Om 06:00 word ik nog eens wakker maar nu waait het wel iets uit het SSE-en maar een snelle blik in de HP33 leert mijn dat varen niet handig is omdat het tij in Den Helder dan tegen stroomt. Slaap dus lekker uit en sta om 10 uur op. Beetje knutselen en laad mijn GPS met alle boeien en route voor het komende traject totaan de Lorenzsluis. Om 14:00 vertrek ik samen met Henjo en Pamela richting de Baloeran boei. Deze passeer ik om 14:35 middels een druk op de GSM/GPS unit en ga met grootzeil en gennaker richting Den Helder. Mooi weer en de snelheid is goed… Even vaar ik op met de Seamaster (9mtr) van Pamela en maak een paar foto’s van haar schip en zij van mijn schip. (leuk! krijg ik ze nog?). Na een beetje zeiltrim loop ik haar goed uit. De “Catootje” (Winner 9.5) zit net echter me en we varen uren precies gelijk op. HIj heeft een grote spi staan dus het zou kunnnen. Voorbij Petten gaat de stroom echt meelopen en geeft de GPS ong. 8.5 kts aan. Later in de buurt van de Lange Jaap loopt dit op tot max. 9.7 kts. Bij Den Helder moeten we loeven en laat ik de gennaker zakken en rol de genua uit. MH4 boei om 18:58 (75 baanmijlen gevaren). Aan de wind naar T12 bij Oude Schild. De wind trekt aan tot bft. 5 en ik zet een rif. In de tussentijd loopt de “Catootje” me op en we varen boeg aan boeg samen op.. T12 om naast de 19:33 en wil met dit tij gelijk door naar Kornwederzand. Ik denk aan mijn lijfspreuk:
|
Je moet zeilen bij de wind van vandaag |
Met een snelheid van 9 knopen aan de wind ga ik de Texelstroom geul bij Oude schild in en het word al bijna donker. De geul is echter goed verlicht en dit geeft geen probleem. Alleen een klein stukje geul vanaf de T26 tot de Doove Balg is niet bezeild en moet gekruisd worden. Voor strooms gaat het lekker snel. De “Catootje” vaart naast me en ik slack even af en laat haar voorgaan en rol mijn genua verder in om beter overstag te gaan en beter zicht te hebben. Ben wel blij dat ik allen boeien van deze route in m’n GPS heb staan en de GPS als plotscherm kan gebruiken. Hoef daardoor maar zelden op de kaart te kijken alleen af en toe voor de diepte. Af en toe heeft mijn dieptemeter kuren en dient dan gereset te worden. Ja. juist nu, tijdens het kruizen in een smal geultje, voorstrooms met een wind SE 5 nokt dat K-ding er mee. Dus ik durf niet te ver achter de boeien door te varen.. Neem even geen risico qua diepte. Er zit nog een (solo?) schip voor me uit. Later blijkt dit de “Indra” van Eric-Jan te zijn die net voor me bij de sluis arriveerd. Ik ben precies 8 keer overstag gegaan zie ik later op de door laptop gelezen GPS-track. Als ik het kruisrakje gepasseerd ben en de Texelstroom overgaat in de Doove Balg ga ik lekker zeilend richting sluis. Het is druilerig regenachtig en zwaar beworkt en donker weer en geen maan te zien. Toch genieten zo lekker alleen op het Wad met alleen wat knipperende boeien.. Het laatste stukje geul naar de sluis, het begin van de Boontjes is net niet bezeild en moet nog een slagje maken.. Om 22:38 passeer ik de BO8 boei en heb ik 98 baanmijlen gevaren. De stroom in de Boontjes in nagenoeg nul dus precies met het hele tij van IJmuiden naar Kornwederzand gevaren… Goed uitgerekend dus. Ik strijk zeilen, start motor en ga richting sluis. De “Catootje” en de “Indra” liggen al te wachten voor de brug. Samen schutten we naar binnen. Tijdens uitvaren krijgen we nog een opmerking over de laudhailer van de sluismeester : Hij wenst ons goede reis verder raadt ons aan voorzichtig te doen omdat we alleen aan boord zijn” Vriendelijke mensen en geef nog even antwoord op de VHF. Na de sluis gaan de “Catootje” en de “Indra” zeil zetten en door naar Medemblik, een rak van 16 mijl. (~ 2,5 uur zeilen).. Eric Jan roept nog of ik mee ga. Ik twijfel even maar wil eigenlijk gaan rusten. Buiten de zuidelijke pieren wil ik ten anker om mijn verplichte ankerperiode te doen maar het is niet echt rustig daar en draai om en vraag de sluis om een plekje voor de nacht; “zuidelijke remming kleine sluis” krijg ik te horen.. Ik ben moe en ga na een welverdient borreltje slapen.
Vrijdag 1 oktober 2004
Vrijdag ochtend sta ik om 8 uur op en wordt langzaam wakker (Ja, bij mij gaat dat net andersom ;~) ). Wind S 4. Gooi om 09:00 los en ga naar VF4 waar om 09:19 de wedstrijd weer begint. Kruisrak naar Medemblik dus.Had ik dit toch vannacht met de SE wind moeten doen? Nee, rust is ook belangrijk. Het is niet helder en schat het zicht niet meer dan 1 tot 1,5 mijl. Onderweg kom ik de “Warber”, een stoer met bruine zeilen en voor zeereizen uitgerust scheepje van Anje Valk tegen op mijn koerslijn. Ik loop haar bovenlangs en maak een paar foto’s en zij van mijn schip. We praten wat heen en weer en ik loop weer iets uit op haar en vaar ook iets hoger door mijn diepe kiel (2 mrt). De wind zakt in tot SSE2-3. Enkele lange slagen naar de WP12 die ik om 13:15 passeer. Ga nu gelukkig op het bezeilde rak naar de H2 bij Hindeloopen. Dit is een gennaker rak en het schiet gelukkig weer op. De H2 boei passeer ik om 15:20 en gijp de gennaker naar de andere boeg. Dit loopt niet lekker en moet dit eens vaker oefenen. De “Lady Blanche” zit weer achter me zie ik en gaan gezamelijk naar de Sport B boei die om 16:23 gepasseerd wordt en de wind is nog S 3. Nu een kruisrak naar de LC6-VZ1. Het weer wordt langzaam aan bewolkt en passeer de LC6-VZ1 om 19:38. Volgende rak is een voor de winds rak naar de WV14 boei nabij Den Oever.. Het wordt donker en besluit geen gennaker te zetten en een beetje al varend eten te koken en koffie en thee te zetten. Dat is de luxe van dit grotere schip, dat kom met m’n vorige bootje echt niet. Zittend op de kajuitingangdrempel met armen op het schuifluik hou ik di goed uit, de Autohelm zacht brommend en goed sturend richting Den Oever. Van Den Oever naar de EZ 29 bij het Commissarislicht is met deze wind niet bezeild en volgens de Weeronline gegevens zou de wind rond 02:00-05:00 s’nachts naar het SSW of SW draaien.. Na het ronden van de WV14 boei om 21:41 probeer ik nog even het aan de windse rak maar ik kom niet hoger dan 120-130 graden terwijl de koers 145 RW moet zijn. Zo’n lang kruisrak is niet handig. Dus besluit om ten anker te gaan iets onder de dijk bij het haventje “Oude Zeug”.Om 22.15 plopt het anker het water in en drink een borrel. Even later komt Pamela -“Lady Blanche” -ook vlak bij me ten anker liggen. We praaien wat heen en weer over wat we willen gaan doen. Op een licht deinend schip val ik een diepe slaap.
Zaterdag 2 oktober 2004
Als s’morgens de wekker afloopt on 05:30 is de wind inderdaad SSW- tot SW kracht 3/4. Om 06;15 haal ik het anker op en en vaar onder vol tuig naar de WV14 boei waar om 06:40 ik aan een van de laatste rakken begin. Goed dat ik de avond ervoor op de SSW of SW wind heb gewacht want het is nu een mooi bezeild rak. Met mooi zeilweer ga ik richting het nieuwe vogeleiland “de Kreupel” nabij Medemblik. In vaar net onder langs het eiland en overweeg even in de luwte van het eiland de gennaker te zetten. Nee, de wind trekt toch aan denk ik en doe het niet.
Net na het eiland lijk ik heel langszaam vast te lopen en gooi het roer om. Nee, ik zit nu echt vast… Het is nu 07:57. Onder zeil en vol motorvemogen probeer ik los te komen in de richting waar ik vandaan kwam. Zit dus aan lagerwal op het bankje. Ik stop de motor en zet even de positie nauwkeurig in de kaart. 1,7 mtr zegt de kaart en dat is niet genoeg vooor mijn 2 mtr. diepe schip. Balen zeg… “Vaar je de avond ervoor in het donker met SE 5 het halve Wad over met de ene bank na de andere en een diepte meter die het soms even niet doet” denk ik nog… Loop je met mooi weer, lekker uitgerust en genietend van een kopje koffie op klaarlichte dag aan de grond. Na een 15 min besef ik dat ik zelf niet los kom, strijk de zeilen en besluit op Ch 16 Den Helder Rescue maar te roepen of ze “toevallig” een reddingsboot hebben. Gaan ze voor zorgen beweren ze.. Ik blijf stand-by op Ch 16 en hoor een reddingsboot uit Andijk zich melden voor een actie. Evenn later, rond 08:35 komt een snelle RIP aanstuiven met 6 man aan boord. Snel zetten ze 2 mensen over op mijn schip en we stellen on voor. “Met 6 man sterk” merk ik op, en krijg het antwoord ” ach, het is zaterdagochtend en het is mooi weer” Ze suggeren dat ze zo’n actie ook wel leuk vinden.. Ik weet uit mijn werk dat deze mensen van de reddingsdienst zo fanatiek zijn in hun (vrijwillige) taak. Daar kun je een bepaald respect voor hebben. Op het voordek wordt snel een sleepverbinding belegd op de beide kikkers en de redddingsboot gaat langszaam trekken. Met eigen vermogen volaan komt het schip langzaam los en rond 08:40 vaar ik weer op eigen kiel. De 2 bergers aan boord willen nog wat gegevens vann het schip hebben en vertel dat ik met een zeilwedstrijd bezig ben.. “Waar is de rest van het veld dan?” vraagt een andere berger.. Ik vertel van de “200 mijls solo” en geef het www adres. Ik vul een donatieformulier in voor hun broodnodige financieele steun en bedankt de mensen hartelijk. Hijs m’n zeilen en ga met een “ruime boog” om de (voor mij gevaarlijke?) ondiepte heen. Weer terug in de strijd met eeen beetje schaamrood op de kaken…
![]() |
![]() |
Verder richitng de EZ27 boei. Op het laatste stukje zie ik meerdere solovaarders hoger varen en begin het vermoeden te krijgen dat ik niet naar de juiste boei vaar. Inderdaad, het moet de EZ29 zijn en ga snel loeven, en moet uiteindelijk de laatste kabels nog een kleine slag maken. Om 11:52 klok ik deze boei middels en druk op de groene knop. Telkens moet ik denken daan de waarschuwing om de rode knop niet te gebruiken. Wat voor effect zou dit hebben houdt me bezig. Snel motor aan en naar de Houtribsluis. Tussen 12:10 en 12:30 passeer ik de sluis en ga richting OVD3 boei. Ga samen met een Etap 30 ( Baraka II ) het gat uit daar en jammer dat die iets verder weg zit want ik zie deze Etap flinke sprongen maken op de best wel hoge golven. Dit zou leuk zijn voor foto’s!!. Om 13:39 passeer ik de OVD3 boei en ga op een mooi bezeild half/aan de winds rak naar de Nek boei. Best wel hoge golven in dit hoekje van het Markermeer merk ik op. Dit zeilen is echt genieten, goede snelheid ( 6,8 tot 7,2 kts) en bereken later een gem. van 6.8 kts. Maak een paar foto’s van andere zeilschepen, en loop enkele schepen voorbij. Ik bel met het thuisfront over een mogelijke aankomsttijd in Muiden. Besluit na de Nek boei (ETA 13:15) een betere ETA Muiden te geven. Na de Nek boei blijkt mijn vermoeden waar en het rak naar het Paard en de IJM17 boei is niet bezeild. Enkeke hele donkere buien trekken over en zie soms 35 kts (dikke 7 kleine 8 Bft) wind op de windmeter staan maar het gaat goed en vaar nauwelijks overtuigd. Zie Paul Heijmerink met zijn “Ami Bai” in noordelijke richting varen met dubbel rif en geen fok. Die verwacht zeker ook de voorspelde windstoten, en vriendelijk wijst ie op de donkere wolken in de ZW hoek van het Markermeer. Maak een lange slag richting de Block van Kuffelen en ga net voor de dijk overstag. het laatste stuk een nek aan nek gevecht met de “Almare” (Spirit 32) van Jaap Homan. Hij wisseld zijn voorzeil voor een HA fok en loop iets uit op ‘m. Hij heeft een snel tuig zo te zien en besef dat ik iets aan m’n tuig en trim moet doen want ik zou in pricipe sneller moeten kunnen. We gaan beide overstag wat hij sneller doet met zijn HA dan ik met mijn volle genua en loopt.
Ondertussen mijn ETA Muiden doorgegeven aan mijn vriendin die me komt verwelkomen in Muiden. Nabij de IJM geul zie ik de “Almare” doorvaren richting Muiden en vermoed dat ie vergeten is naar de IJM 17 te varen ipv de M1. Even twijfel ik ook en kijk nog even in het Logboek. Nee, alle banen moeten naar de IJM 17. Om 18:51 klok en fotografeer traditiegetrouw ik de boei en is mijn 4de 200 mijls solo wedstrijd een feit!!. Ik heb het weer gehaald, genoten en nog redelijk goed gevaren vind ik zelf. Baankeuze 1 was een topper. “Well done, Beetje!” zeg ik tegen mezelf. Strijk zeilen, start motor en ga al opruimend richting Muiden. Meer het schip in een nauwe opening naast een Transat genaamd “Piccolo”. Ben wel benieuwd hou hij heeft gevaren.
Na een warme ontmoeting met vriendin en wat gegroet en geklets met medezeilers op de kade besluiten we bij de hinees in de hoofdstraat te gaan eten en heb een voldaan gevoel over de afgelopen dagen. Na een comfortabele nacht thuis gaan we de volgende ochtend het logboek inleveren op het start-finishschip en ons afmelden voor deze wedstrijd. Begin middag zeilen Jolanda en ik samen (de solo vlag gestreken) en relaxed met gennaker op richting (tijdelijke) thuishaven Monickendam waar we om rond 17:00 meren en opruimen.
Nu ik dit schrijf (11 oktober ) en af en toe de 200mijls site heb gezien en als ik denk aan de mensen die ik voor, tijdens en na de wedstrijd tegenkwam valt het me op dat dit zo’n enthousiast groepje mensen is. Op foto’s lacht iedereen, iedereen is tevreden lijkt het wel. Een wedstrijdleiding die daar zo veel tijd en energie instopt en dit met een geweldig fanatisme doen.
Jan Luijendijk, Bob en Marco Luijendijk, Fam. Capel, sponsors en iedereen die meegeholpen heeft; allemaal bedankt voor jullie inspanning. Ik waardeer het! Een inschrijfformulier voor volgend jaar! Zou dat kunnen??.
Op dagen erna zie ik op de site dat de voorlopige wedstrijdstand 22 is en wat ik prima vindt..


– 80 solo schippers hebben ingeschreven w.o 4 vrouwen
– alle 4 de vrouwen voeren de wedstrijd uit
– 71 solo schippers zijn gestart
– 53 soloschippers zijn gerelementair gefinshed
– 16 schippers hebben de wedstrijd gestaakt
Uitslag wedstrijd
1e prijs : Bart Boosman ( Boosman JB )
2de prijs : Bart van Breeschoten ( Waarschip 660 )
3de prijs : Bauke Yntema ( Winner 950 *130 )
Vrouwentrofee : Jacqueline van Amstel ( X-362 )
Van de 15 gezeilde rakken 5 kruisrakken waarvan 15 mijl de langste was (Nek – IJM17).
Van Bart v Breeschoten geleerd ” een geduldig schipper heeft altijd de juiste wind” dus soms proberen te wachten op de juiste wind en zo proberen kruisrakken te voorkomen of juist s’nachts doorvaren als de wind goed is..
met vriendelijke zeilersgroeten
Barend Peters
s/y “Layam” NED 7359
Beneteau First 35
startnummer 46
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Je moet zeilen bij de wind van vandaag |
Verslag 200 mijls 2004. Bauke IJntema met Catootje
29-09-04 Woensdag Muiden.
Om 6.30 uur maken de eerste schepen los, om de schepen die achter in de haven liggen ook de kans te geven om op tijd te starten. Ik lig in de voorste rij dus ben ik vroeg het water op.
Ik besluit om nog een even te wachten omdat ik route 1 wil gaan varen en vanmiddag niet te vroeg bij de P15 (Durgerdam) wil zijn vanwege de maximale rust tijd van 24 uur die waarschijnlijk nodig zal hebben om met het juiste tij te start te kunnen maken bij IJmuiden.
Ik lig aan een platbodem en zie zo een groot deel van de deelnemers voorbij varen naar de start. Maak van divers foto’s van optuigende collega’s. Ik wil rond 15.00 uur bij de P15 zijn en besluit om 7.30uur maar te starten. Ik heb een rif gezet maar als ik buiten ben besluit ik toch maar vol te gaan. Het is op laatst een wedstrijd. Het waait w/nw 4 tot 5. Vlak voor het paard van Marken ruimt de wind naar n/nw en neemt toe tot een kleine 6 in een bui. Gelukkig op tijd het rif weer gezet! Ik loop niet goed aan de wind en heb eigelijk nog te veel zeil.
Besluit door te zeilen omdat na de bui de wind wel weer zal afzwakken. Ik ben net achter Erik Jan Hardonk gestart en ben hem na de GZ2 nog niet voorbij. Zit me niet lekker. Ik moet sneller kunnen. Bij de Nek aangekomen zit ik wel dichterbij hem. Als ik de Nek boei rond geeft mijn GPS/GSM melder geen enkel sjoege. Geen piepje of lampje! Nou ja het is ruime wind naar de OVD3 (Lelystad) dus eerst maar de Spi omhoog! Na wat geworstel met de spi gaat het super! Lekker surfend op de golven. Ga nu eindelijk Erik Jan voorbij!
Voor de OVD3 op tijd de spi er af. Ik begin daar 0.7 mijl voor de boei mee en dan kan dat net. Het is wel hard werken. Dan bij de boei gps/gsm indrukken (misschien doet hij het nog) log stand en tijd noteren en ook nog een foto maken en snel gijpen, Sjit de bak stag staat nog door! Dit soort momenten is het wel zweten! Tjeerd (de windvaan) aangekoppeld en de boel lekker getrimd en we stuiven met 6.5 tot 7.2 knop richting Durgerdam. Eta 14.45 uur! Komt mijn inschatting van 15.00 uur aardig uit. Zo nu eerst even uitgebreid lunchen terwijl Tjeerd stuurt. Om 14.51 uur gefinisht bij de P15. Samen met Gio Schouten de tocht door A’dam en het Noordzeekanaal gemaakt. Rond een uur of 19.00 uur de Marina binnen. Het was een mooie zeildag! Morgen wordt het spannen of er genoeg wind zal staan om Den helder te bereiken.
Donderdag 30-09-04
Ik had graag willen uitslapen maar ik ben te onrustig en ben voor achten al op. Vandaag alle tijd ik hoef pas om 14.50 te starten. Later kan niet i.v.m de maximale 24 uurs rust periode. Het tij begint pas om 16.00 uur mee te lopen. De meeste andere deelnemers die ook in IJmuiden liggen moet al eerder weg dus zullen toch al gauw de eerste 2 uur stroom tegen krijgen. De verwachtingen die ik van Erik Opmeer (mijn steuntje op de wal) door krijg van de windguru beloven niet veel goeds. De kustwacht en de windlijn voorspellen wel wind.
Rond 14.00 uur al buitengaats en er is een prima zuid oostenwind kracht 4. Er staat duidelijk nog stroom tegen bij de boei dus besluit ik maar zo lang mogelijk te wachten. Om 14.44 uur dan toch gestart.
Het gaat erg hard op spinaker. Ondanks een klein beetje stroom tegen toch nog 6.5 tot 7 knopen op de gps. Doordat het schijnbaar halve wind is loop ik zelf enkelmalen uit het roer.
Ik loop op een paar voor mij gestarte schepen in. En door niet door het schulpengat te gaan maar dicht onder de Noord-Hollandse kust en heel dicht om het kaap hoofd haal ik er weer een paar in ik kan dierdoor ook net de kardinale boei (MH14) voor de haven ingang van denhelder aanlopen zonder een slag te maken. Na deze boei gaat het loeihard naar Oudeschild.
Ik was van plan geweest om te stoppen bij oude schild maar de het gaat nu zo lekker dat ik besluit om door te varen en dan kan ik de Z.O wind voor het eerste rak op het ijsselmeer nog goed uit nutten.
Ik zeil samen op met Barend Peters. Samen duiken we nacht in op de Texelstroom richting Kornwerderzand. Er is een stuk niet bezeild en de wind zet flink door. Eerst maar een rif steken.
Het stuk tussen de Texelstroom en de Dove balg lijkt eindeloos en als ik mooi de ton kan bezeilen dan lijkt het er weer op of de wind krimpt naar het oosten. Uiteindelijk in de Dove balg kan er weer een knik in de schoot en zijn we zo maar bij Kornwerderzand. Barend Peterse heeft me niet bij kunnen houden met beneateau 35 voet! Geeft me wel voldoening.
Met 3 solo zeilers gaan we door de sluis. De sluis wachter vraagt of er soms een race is. Ik leg hem uit wat we aan het doen zijn. Als we de sluis uitvaren wenst hij ons een goed tocht en of we wel voorzichtig doen zo alleen op het water. Ik vaar gelijk door richting de VF4 waar ik opnieuw start en halve wind met windkracht 5 richting de WP12 stuif. (ligt in de buurt bij het nieuwe eiland bij Medemblik). Het eerste eind laat ik Tjeerd (windvaan stuur inrichting) sturen. Kan ik even rustig aan doen en wat eten en een lekker muziekje op de walkman maakt het weer een prachtig tocht. Het is wel k. weer. Veel regen en slecht zicht. Dat belooft nog wat bij de wp12 die is namelijk onverlicht! Op een gegeven moment komt de maan door de wolken heen en dat geeft de burger moet. Met dit licht kan ik de boei toch zeker wel vinden.
Vrijdag 1- 10-04
Maar helaas als ik bijna bij de WP12 ben en ik moet gaan opletten, begint het flink te regen en ik zie helemaal niks! Ik rol de fok in en zwalk even rond op het waypoint maar kan geen boei vinden. Ik besluit nog een stukje (0.2 mijl ongeveer richting Medemblik te varen zodat ik zeker ben dat ver genoeg geweest ben. Ga dan overstag en vaar door richting Hindelopen. Noteer mijn geschatte tijd en druk toch nog maar even op de gsm/gps zender voor de zekerheid. Ik denk dat die het toch niet doet.
Helaas geen foto van de WP12. Ook naar Hindelopen gaat het weer hard. 6.7 tot 7 knopen snelheid. Ik meer af in de oude haven vlak naast het sluisje. Het is nu kwart over 4 s,ochtends.
Ruim de zooi op en neem nog een flinke bak soep en ga slapen. 2 uurtjes later krijg ik een buurman. Het is Bart Breeschoten met een Waarschip 660. Hij heeft dezelfde route en is ook uit IJmuiden vertrokken.
Om 9.00 uur maak ik Bart wakker ik wil naar buitenom te ankeren. De wind zou west worden maar blijkt vandaag ook nog in de z/zo hoek te blijven. Dan wil ik gelijk mijn ankertijd in vullen. Bart gaat mee naar buiten en zo liggen we beide voor de rede van Hindelopen.
Ik twijfel zal ik blijven liggen totdat de wind draait of toeneemt? Ik besluit maar naar de sportb te varen en dan in Breezandijk mijn 3e rust periode te pakken. 16.24 uur gestart. Op spi gaat niet erg hard maar ben mooi voor donker binnen in Breezandijk.
s’nachts komt Bart weer naast me liggen. Hij houd me wel uit de slaap zeg!
Zaterdag 2-10-04 Ik had verwacht dat de wind in de nacht zw ging worden maar pas in de ochtend is het zover. Ik wil zo spoedig mogelijk vertrekken, als het een beetje mee zit wil ik vanavond in Muiden zijn.
Na de start bij de sport b begin ik te twijfelen. Nog maar weinig wind en nog niet eens bezeil ook! De wind zou vanochtend nog ruimen was de voorspeling. Nou niks aan te doen, doorzetten. Inderdaad als ik bijna bij de VZ1 (Stavoren) ben, ruimt de wind flink en loop ik met een kink in de schoot naar de ton. Dit betekend wel dat het volgende rak naar de WV14 (Den Oever) bijna niet meer bezeild is! Ach je kunt niet altijd geluk hebben! Ik had toch beter wat later kunnen starten. Na de WV14 is het een lang rak richting Lelystad. Ik vaar samen op met Martin Selles.
Ik gaat lekker hard. Doordat ik afsteek over het Enkhuizerzand komen we toch bijna gelijk aan in Lelystad. Plotseling zie ik Albert Broshuis ook varen en rond na mij de ton. In de sluis even bij praten. Het is 14.51 uur Als ik weer van start ga bij de OVD3 (Lelystad zuid) op naar de Nek (Hoorn). Een prachtig halfwinds rak. Eerst wat weinig wind maar op het laatste stukje komt er een bui over en ik loop 2x uit het roer. Toch maar even reven. De reef zit er in maar kan er na 15 minuten ook wel weer uit. Ik ben bijna bij de Nek, eerst maar even kijken maar het is op dit moment niet bezeild naar het Paard v Marken. Ik twijfel. Passeer de ton foto, plaatsbepaler indrukken, logstand en tijd. Ben ondertussen overstag gegaan. Alles gaat mis. Schoot blijft hangen, de stuurautomaat schiet los, Ik vloek een keer hard en besluit niet door te gaan maar een rustig anker plek op te zoeken aan hoger wal. Bewust ga ik niet Hoorn binnen omdat ik nu beter de het weer en de wind in de gaten kan houden. Ik ga vannacht of morgen ochtend wel verder. Het weer wordt er ook niet fraaier op. De ene bui naar de andere.
Een lekker potje koken, logboek bijwerken en even rusten. Ondertussen luister ik diverse weersberichten af. Als ik het goed begrijp kan het tussen 00.00 uur en de ochtend wat rustiger worden en kan de wind iets gaan ruimen. Op zondag ochtend wordt weer z zo voorpelt. Ik besluit maar rond middernacht te starten. Om 23.00 uur anker op en op naar de Nek. Het is nog 4.5 mijl varen naar de Nek.
Zondag 3-10-04 00,17 uur gestart. Het is nog steeds buiig en het paard v marken is nog niet bezeild over bakboord. Eerst maar een slag over stuurboord richting de Hollandse kust.
Later ruimt de wind inderdaad en kan ik met een klein knikje flink snelheid maken naar het paard. Op het IJ meer neemt de wind inderdaad af en kan het rif er uit. Het wordt een hele mooie heldere nacht met een bijna volle maan als feest verlichting erbij. Het is nu wel een vol kruis rak naar Muiden. Maar het gaat best goed. Catootje met haar korte kiel presteert met lichter weer beter aan de wind. Dus denk ik dat ik toch een goede keuze heb gemaakt.
Ik geniet echt met volle teugen en zit lekker zelf te sturen. finish om 4.19 uur bij de M1. Als ik binnen loop ben ik best tevreden over deze 200 myls. Ik denk dat ik best wel aardig mee tel in de uitslagen. Mij gevoel zegt me dat ik wel bij de eerst 5 kan zitten. Nou ja afwachten.
Binnen in de haven is het al erg druk met solo schepen. Ik ga maar naast het statenjacht liggen op de buitenzijde.
Vul eerst mijn logboek nauwkeurig in voordat ik op bed ga. Tot mijn grote verbazing ontdek ik dat ik niet bij de M1 moest finishen maar bij IJM 17!! Alle jaren was de finish bij de M1 en dit jaar dus niet!
Ik baal vreselijk!
Ten eerste was dat dichterbij dus had dat zeker een 15 tot 20 minuten zeiltijd gescheeld en ten tweede, hoe gaat de organisatie hier mee om? Nou ja mopper, mopper, de boel in gevuld en klaar gelegd zodat ik dat straks kan inleveren. Ik wil vanochtend nog richting huis. (Workum)
Eerst nog maar even slapen.
In de paar uurtjes dat ik nog slaap heb ik de vreselijkste visioenen van boeien dit ik moet ronden en fotograferen maar niet kan bereiken.
Bauke IJntema (Catootje)

Heb Ernst met zijn Pogo ook gemist. Had dat snelle bootje graag van dichtbij gezien, maar heb niet het gevoel dat hij er dit jaar veel wedstrijden mee heeft gevaren.
Voor mij was de 200 myls in- derdaad een erg pittige wed- strijd.
De eerste dag hield mijn stuurautomaat er mee op.
Op de terugweg bij Lelystad viel mijn gps stuk in de kajuit en bij de Nek-boei woei mijn kaart overboord. toen ik in het donker de gz2 niet kon vinden, ben ik naar het open Markermeer gezeild en heb de Blocq van Kuffeler opgezocht.
Even rust in de boot. Daarna de tocht dus weer uitgezeild.
Ik zie dat mijn logboek niet duidelijk genoeg is ingevuld, dus de tijden op internet kloppen niet. Dat is niet zo’n probleem, want dicht bij de laatste was ik toch wel geeindigd en voor mij blijft alleen al het uitzeilen een geweldige prestatie.
Welliswaar noem je de Rush 21 een Mini, maar het model is al 20 jaar oud (eerder een Mini IOR-racer) en ik heb absoluut niet zoveel zeil op als Riaan of Ernst.
Het is buffelen en beulen op 21 voet, maar het blijft een geweldige tocht.
Groeten en hopelijk lukt het me om er woensdag 13 oktober bij te zijn.
Jules Banffer
Dondersteen
Harderwijk 07-10-2004
Woensdag “Gehaktdag”
Door: Gerrit Schuur
Ik weet niet , of dit gezegde algemeen in Nederland bekend is , maar in elk geval wel voor de Veluwe en omstreken , is het een bekende kreet . Op de bewuste woendag kun je dan goedkoop alle soorten van vermalen vlees krijgen en , mits goed bereid , is het best lekker .
Woensdag 29 – 10 -2004 was voor mij een echte “gehaktdag” , maar dan meer in het persoonlijke vlak , ik voelde mezelf als gemalen vlees , als een “gehaktbal” aan het einde van het eerste stuk van de 200-myls .Ik moest en zou nou eens een keer het Wad op gedurende deze 200 myls en zo geschiedde dus —.
Bijna het gehele traject Muiden- Kornwerderzand was hakken en nog eens hakken tegen die wind in.
Dan blijkt ook , dat je met een kortere kiel (1,42 M ) niet mee kan komen met boten met ongeveer dezelfde waterlijn maar met meer diepgang .
Al met al , toch redelijk heel , in het donker ,met buien , aangekomen ,waarbij de VF 5 bij druk verkeer gepasseerd werd en zie m`n werkte mooi—-niet!!
Ondanks het opladen (dacht ik!) bleek er onvoldoende power in te zitten.
Jammer dan.
Het ding had voor die tijd feillos gewerkt ,dus werd gewoon verrast.
Donderdag ,30-09-`04 beloofde een mooie dag te worden dus wonden gelikt en gewoon doorgaan.
Na geschut te hebben,alles klaar gemaakt voor de trip Kornwerderzand – Oost-Vlieland.
Moest wachten op gunstig tij en zie , daar kwamen nog drie andere “Wadgangers” aan!
Na goed positie te hebben gekozen t.o.v. BO 8 werd de gennaker gezet met het doel nu eens even fluitend naar Oost-Vlieland te sprinten , maar het werd toch een beetje kommer en kwel omdat continue zeil gewisseld moest worden tussen die gennaker en de genua omdat met de wind precies achter die gennaker niet werkt , en met lede ogen moest ik toezien dat de anderen met normale spi op , weer wegliepen!
Maar het was toch een heel mooie trip en je krijgt weer ontzag voor die sterke stroom met springtij in die geulen en het was echt oppassen met die tonnen , dat je er niet opgezet werd met die variabele zwakke wind.
`tWas lekker rustig in de haven en kon m`n eigen “batterijen” weer wat opladen.
V.w.b. die gsm/gps–problematiek , het bleek dat het ding niet goed genoeg in de oplader bleef zitten (vooral als het wat bumpy was ) waardoor het niet genoeg oplaadde na een gemelde positie
Na hier wat aandacht aan te hebben gegeven ging het een stuk beter (vond ik teminste!)
Vrijdag , 01-10-`4 moest het dan maar gebeuren ,lekker “buitenom” weer naar Kornwerderzand via Marsdiep en het Wad.
Dacht toch echt zorgvuldig geplanned te hebben maar aan gekomen dicht bij het Schulpengat bleek de stroom al tegen te staan en er moest gelaveerd worden dus—–“tel uit je winst”!!
Doch eenmaal Texel gerond te hebben via het Marsdiep floten de boeien langs.
Was nog nooit in het donker het Wad over geweest en zeker niet alleen maar het moest er nu toch maar eens van komen .
Is me best meegevallen , goed plannen en het systeem van de boeien even doorhebben EN redelijk zicht houden zijn wel belangrijke voorwaarden , heb ik gemerkt .
Zelfs een klein stukje laveren is me meegevallen ,dus dit smaakt naar meer.
Kon het hele stuk over het Wad met de genua doen hoewel er , zo nu en dan , wel wat veel wind voor stond maar kwam moe , maar voldaan weer in Kornwerderzand binnen.
Daar hadden ze typisch op me zitten wachten want ik kon zo naar binnen om te schutten en een plekje om af te meren was gauw gevonden.
Daarna begon het flink te regenen wat het slapen allen maar aangenamer maakte!!
Zaterdag , 02-10-`04 , tja , ik moest nog een keer ankeren en de wind zat nu natuurlijk pal Zuid/Zuid-West.
Dan maar in een keer door ,via Medemblik , Stavoren , Lelystad ,naar Hoorn waar een goede ankerplaats is en vandaar het niet ver meer is naar Muiden.
Dus weer een hoop “hakwerk” tot aan Lelystad en daarna naar de NEK en Hoorn.
Het hele stuk tot aan Lelystad werd weer “high-aspect” en grootzeil met een à twee riffen erin.
Bij de OVD 3 was de wind weer wat afgezwakt en waagde ik weer de genua-grootzeil –combinatie —en jawel hoor , halverwege de NEK werd het erg donker in de verte en kon de genua er dus weer afhalen .
Beetje aan de late kant , want de wind was al toegenomen en had een aardige klus om die grote lap naar beneden en geborgen te krijgen .
Dat kostte me dus weer de zeilinvoer van het voorstagprofiel ,welke met een triomfantelijke “pinggg” uit het profiel sprong en in de plomp verdween.
Je zit dan met een kale voorstagprofiel met heel scherpe randjes en hijs daar dan maar eens een zeil in—!!
Maarrrr je wordt inventief , — gewoon zodanig voor de wind gaan varen dat je voorstag bijna afgedekt wordt en krijg je toch die High-Aspect er weer op.
Ankeren in Hoorn in het donker was ook wel aardig , `twas erg druk en vond een goed plaatsje dicht tegen de wal van de baai.
En ja hoor , de eerste keer hield het anker voor geen meter, gauw ophalen —–bleek er een jute zak om m`n anker gewikkeld te zitten !!
Er zat gelukkig niemand in (je verbaast je tegenwoordig toch nergens meer over??!!) ,zelfs geen “kat in de zak” dus gauw die handel er af en de tweede poging was raak en rust in de tent dus —SLAPEN.
Zondag 03-10-`04 , was vroeg wakker want was niet helemaal zeker wat die wind zou doen.
Dat `ie “tegen” stond , had ik me al mee verzoend maar blijft `ie ook waaien , want ik herinner me nog dat het weekend windstil zou zijn—–.
Nou het werd geen probleem hoor, het werd weer high-aspect/grootzeil met rif , zo nu en dan ,en natuurlijk was niets ineen keer te bezeilen .
Om iets voor elf uur werd de IJM 17 vastgelegd en was deze “Happening” ook weer teneinde.
Het geheel overziend , was het weer een leerzame en mooie reis en houd me weer aanbevolen voor volgend jaar !!
Met vr. zeilgroet
Gerrit Schuur met “Myrlette”
| Is er nog clementie ?Door : Cees de Wit 200 myls ‘SOLO’ 2004 Dinsdag 28 september palaver bij ’ome Ko’ in Muiden.Een hartelijk ontvangst met koffie en gebak, ik begroet oude bekenden en de andere ook maar tegelijk. We krijgen onze cap(een groene dit jaar) logboek, fototoestel en GPS uitgereikt. Deze laatste is nieuw in de wedstrijd, hij moet worden geactiveerd binnen 5 meter van de ‘aan’ te varen boei, en geeft de preciese positie en tijd door. Verder ‘weer’ adviezen en er werden energie-pillen uitgedeeld: Wham dit is TOPSPORT.Woensdagmorgen 29 september koos de Foetsie het ruime sop tegelijk met een Trimaran, slechts 7 min, heb ik deze kunnen bewonderen toen was ze uit het zicht verdwenen: Wat een speed!!!!!
Bij de O.V.D. was ik compleet uitgewoond dus maar een rustpauze inlassen. In de Bataviahaven lag de oudste deelnemer al afgemeerd en met een hartelijk ‘ha die Kees’ wilde hij zijn pannetje eten wel met mij delen. De gedachte alleen al! Met een smakelijk Harm, dook ik de kooi in. Hendrik gegroet Kees is op weg naar de EZ.29 een zeldzaam schitterende zonsopgang. Spi er op en richting Wieringer Vlaak 14, speed 2,5-5,2 zm. In twee dagen slechts 66 zm, ‘Cornelis dat red jij niet’! Opgeven? Mooi niet! Zondag dan zien wij wel verder. Morgen om 5.30 uur varen. Bij Staveren Piet Zwaan,’wat een mooie spinaker, zeilmaker zeker’!! vandaag, vrijdag 1 oktober, (dag van de oudjes) mooie zeildag alleen mijn hoop op zw 4 wordt niet gehonoreerd, ik moet kruisen naar de UK 16 en kon hem pas om 20.02 uur ronden. Ik zou wel de hele nacht door willen zeilen tot aan Kornwerd, maar de te ronden onverlichte WP 12 kun je in het donker nooit vinden. ‘Jan doe je dat niet meer’! Dat betekent voor mij 24uur zeilen, of ik lig er uit …….. offf…krijgen 70 plussers clementie? De boegmannen schreeuwen dat ik moest maken dat ik weg kwam, maar dan moest ik gijpen, zij in de wedstrijd ….. ik in de wedstrijd ….ik wees naar mijn 1 vlag en je zag ze na denken …maar het geschreeuw verstomde. Zondagmorgen 2 oktober om 5.30 uur starten: in het vaarwater Friesche Vlaak, de 04, geklokt en op naar Hindeloopen 2, een prachtige sterrenhemel, iedereen aanwezig: de Orion, de grote en de kleine Beer en een ster zo groot als een bouwlamp. Het schone van de ochtend duurde niet zo lang, snel wakkerde de wind aan tot een dikke 5 a 6 zzw en regen.
Geklokt . Om 22,30 uur in de haven met 292 zm op mijn conto en een goed gevoel in mijn lijf. p.s. |
Kees de Wit
S/Y Foetsie

Wolkenridder Actueel 29 september 2004
KLM’ers in zeilrace 29 september 2004 –
KLM’ers Gerben Bos, copiloot 737, en Theo Hin, change manager bij het Data Control Centre, nemen deel aan de negende 200 mijls solo zeilwedstrijd van 29 september tot en met 3 oktober.
Beide KLM’ers verschenen met een eigen schip aan de start in de haven van Muiden. Het bijzondere aan deze wedstrijd is het solovaren. Normaal wordt er gezeild met een team van 4 à 5 personen. Nu varen de deelnemers de 200 mijl – ongeveer 350 kilometer – helemaal alleen. De regels schrijven voor dat minimaal zes uur per etmaal moet worden gerust. Dat wordt bijgehouden in een logboek. Nieuw dit jaar is een GPS-systeem dat de afstanden tussentijds peilt.
Het evenement is live te volgen via internet www.200myls.nl, waar Gerben terug is te vinden onder startnummer 12 en Theo onder startnummer 30.
Met de “Rocinant” in de herkansing.
Door: Ids Witteveen
Geplubiceerd in het clubblad van De Nederlandse Vereniging van ToerzeilersMijn tweede 200myls
Vorig jaar heb ik na 150 zeemijl opgegeven met de mededeling dat ik het in 2004 weer zou proberen. Nu was het dan zover. Dit jaar had ik mijn kooktoestel cardanisch gemaakt zodat ik ook onder helling wat warms kon maken. Op de andere pit een klein “tafeltje” gemaakt. Prima voor een kop koffie e.d. Tevens een spinnaker geleend. Mijn grootste angst was dat mijn beperkte lichtaccu te weinig capaciteit zou hebben om evt. een hele nacht het 25 watt 3 kleurentoplicht brandende te kunnen houden als ik overdag ook veelvuldig van mijn stuurautomaat gebruik zou maken.Maandagochtend vertrokken uit de thuishaven Makkum. Via een overnachting in Enkhuizen, alwaar ik nog met Fries sprekende Amerikaanse toeristen in gesprek raakte, beland ik ’s middags in Muiden. Daar voorlopig de laatste uitgebreide maaltijd met verse groenten klaar gemaakt te hebben nog even een douche en dan op naar Ome Ko.Daar waren bijna allemaal oudgedienden. Dat is ook logisch met het voorrangssysteem op de inschrijving. Wel een paar nieuwe dames in ons midden om het Jacqueline van Amstel, meestal de enige vrouwelijke deelnemer, wat moeilijker te maken. Dit keer kregen we naast het bekende fototoestel, om de boeien op de foto te zetten, ook een pakketje vitamine krachtvoer in 3 verschillende “smaken”, 2 x poeders en 1 x pillen. Dat alles in een veelvoud van vijf zodat we de hele reis optimaal konden presteren. Ook kregen we hier een GSM-GPS apparaatje in bruikleen (kost een vermogen maar is voor het regattabureau natuurlijk een uitkomst om tijdens de wedstrijd de stand op het internet te kunnen laten zien). Dit apparaatje geeft door een druk op de knop (bij de verplichte tonnen) exact de tijd en positie door. Als gevolg van problemen met het opladen werd toch weer het oude systeem van het ’s avond doorbellen van de tijden van die dag gepasseerde tonnen in ere hersteld. Niet iedereen heeft de hele dag een sigarettenplug aan boord over om het apparaat van voldoende stroom te voorzien.De race:Woensdag Na een goede nachtrust en een stevig ontbijt, brood voor onderweg klaargemaakt evenals een thermoskan koffie. Ook de gekregen vitamine preparaten tot mij genomen onder het motto: baat het niet, schaadt het niet. In de haven liggend was ik weer te optimistisch met betrekking tot de zeilvoering. Buiten de haven snel de genua voor de standaard fok verwisselt en op weg. Lekker zeilweer met een windje 5 Bf. Tot Volendam bezeilt. Daarna gaat het rif er uit. Bij een ongelukkige overstag manoeuvre raakt de sluiting van mijn fokkeschoot los. Dat valt niet mee om de fok met de hand in bedwang te houden om de snapsluiting weer te bevestigen, maar het lukte na een aantal moeizame pogingen. Van Hoorn (de NEK-ton) naar Lelystad was een ruim bezeild rak. Hoewel ik een spinnaker geleend had, vond ik het te hard waaien om daar mee aan de slag te gaan. Er zit namelijk geen slurf bij en alles aan boord is wat tijdelijk geïmproviseerd, lees: niet optimaal. Teruggevallen op het extra aan loef uitgeboomde voorzeil liep “Rocinant” ook fantastisch. Regelmatig 7 knoop! Vandaag moesten er flink wat mijltjes gemaakt worden. De verwachting voor morgen was namelijk weinig wind uit zuidelijke richtingen. Dat betekende dus lang doorvaren. Daar ik op het IJsselmeer wilde blijven had ik de keuze tussen route 3 en 4. Vorig jaar route 3 gevaren. Dat zou met de huidige weersvoorspelling een moeilijke worden was mijn inschatting. Gekozen dus voor route 4. Dat betekend na Lelystad (tot Lelystad is de baan voor alle vier de routes gelijk, namelijk vanuit Muiden via Volendam en Hoorn naar Lelystad) voorlopig via Medemblik en Urk naar Breezanddijk. Het was al weer donker toen ik in de buurt kwam van de onverlichte ton WP 12 bij het nieuw aangebrachte vogeleiland voor Medemblik. Het bleek dat mijn kompasverlichting, hoewel vorige week nog gecontroleerd, het niet deed en ook niet aan de praat te krijgen was. Het verlichte schermpje van mijn GPS dan maar als stuurreferentie. Eigenlijk te fel om continue naar te kijken (slecht voor mijn nachtzicht en irritant) maar er was geen andere keuze. Toen ik volgens mijn GPS ongeveer op de positie van de WP-12 moest zitten liet ik mijn schijnwerper rondgaan. Na enig gezwaai blinkte daar het reflectorbandje om de staak van de WP 12 op. Hebbes! Gezien de voorspelling van afzwakkende wind en draaiend naar het zuidoosten, zou het wel erg fijn zijn om vannacht nog in Urk te komen. Dan morgen tenminste weer een bezeilde koers met licht weer naar Breezanddijk. Het lukte. De wind, hoewel niet sterk, bleef doorstaan tot na middernacht. “Rocinant” stuurt zichzelf op aan de windse koersen, evt. geholpen door een elastiekje. Voor dit ruimwindse traject wilde ik toch de stuurautomaat voor het eerst vandaag gebruiken. Blijkt er een slecht contact in de stekker te zitten. Dan maar op de hand en morgenvroeg de stekker even opnieuw monteren. Om 00.33 uur de UK16 op de gevoelige plaat vastgelegd en voorzichtig tussen de onverlichte tonnen mijn weg gezocht naar de haven voor wat rust. Over het traject heb ik 4 uur 23 minuten gedaan. Marjan van de Vrie, met een theoretisch sneller schip (handicap 105,2), die het traject 4 uur later zeilde deed er 7 uur en 7 minuten over! En kwam pas om 7.30 uur in Urk aan toen het al weer licht was. Zij had de hele nacht doorgehaald! DonderdagHet vertrek uit Urk benauwde mij. Vorig jaar te vroeg vertrokken met te weinig wind. Dat zou me niet weer overkomen. Geen haast dus. Na de reparatie van de stuurautomaat en na meting geconcludeerd te hebben dat het het lampje van het kompas moet zijn dat stuk is, toch maar los gegooid. Dit echter niet nadat de havenmester nog langs was geweest om het speciale tarief voor ’s nachts binnengelopen solozeilers te ontvangen, voor “Rocinant” het vermogende bedrag van welgeteld € 3,nogwat. Buiten met twee andere schepen nog even gedobberd om te kijken wat de wind gaat doen. Voor een goede classificatie in de wedstrijd moet je pas gaan varen als het hard genoeg waait. Daarbij loop je altijd de kans, als er veelvuldig weinig wind is, dat je misschien juist te lang wacht en daardoor niet voor de uiterste tijd van 12.00 uur zondag middag in Muiden terug bent. Daar ik het reglementair uitzeilen van de tocht als hoogste doel had gesteld, toch bij een klein zuchtje om 10.59 vertrokken. De geleende spinnaker kon nu dienst doen. Ondanks al die vierkante meters doek kwam de snelheid de eerste uren nauwelijks boven de 2 knoop. Daar word je niet echt vrolijk van. Juist op dat moment komt er een sms-je binnen van een paar collega’s die mij veel sterkte wensen en mijn prestaties op het net volgen. Dat geeft de zeilende burger weer moed. Later trok de wind gelukkig aan. Helaas begon het ook te regenen. Voor de kajuit span ik dan een kleedje zodat het niet al te nat wordt binnen maar ik er toch gemakkelijk in kan. Met de paraplu op viel het wel uit te houden en bleef mijn zeilpak grotendeels droog. Met een stevige bries klokte ik, samen met nog een aantal deelnemers, in de schemering om 18.57 de SPORT-B ton. Hoewel de totale afstand na twee dagen pas op 88 mijl stond, genoeg voor vandaag. Eén van de drie rustperioden moet voor anker doorgebracht worden. Daar ik mijn rusttijd het liefst slapend in het donker doorbreng zitten er op route 4 niet veel goede ankermogelijkheden. Breezanddijk is een uitstekende beschutte ankerplaats. Anderen deelden die mening, want de nacht werd daar met minstens tien andere solisten, al dan niet geclusterd, voor anker doorgebracht. Een aantrekkende wind en veel regen bevestigden de keuze om niet nog een rak door te gaan. Hoewel mijn anker beslist niet overbemeten is, had ik er wel vertrouwen in. Op de motor achteruit bleef het goed zitten. Prima geslapen zonder de wekker op een anker controle tijdstip te zetten. Vrijdag
Naast finishen is thuiskomen ook altijd erg prettig. Alles op zijn tijd. Vorig jaar aan de race geproefd. Volgend jaar voor een classificatie? Ids Witteveen |
|
|
|
|
| Oceaanveteranen in 200 myls ‘SOLO’ 7 oktober, 2004De negende 200 myls ‘SOLO’ kende een internationale deelname en niet de minste. Tweevoudig Mini-Transatzeiler Paul Peggs uit Engeland meldde onomwonden: “The finest race I ever sailed.”Hij was een van de maar liefst 71 deelnemers, die op 29 september startten. Hiervan finishten 59 op 3 oktober. De soloschippers die voor de Noordzeebaan, route 1, hadden gekozen waren duidelijk in het voordeel gedurende deze 200-Myls solo. De IJsselmeerbanen bleken met eerst een wind uit het noorden en vervolgens een uit zuidelijke richting, te veel kruisrak. Ostar-veteraan Bertus Buijs, ingeschreven voor de Star 2005, vond baan 3 maar ‘verrekte lastig’ vanwege het vele kruisen. “Op de oceaan heb ik het makkelijker,” vertelde Bertus, “met de vraag of ik morgen of overmorgen overstag zal gaan.” Een van de vier deelnemende vrouwen, Pamela van der Vleuten, toonde karakter door toch door te zeilen naar de finish, na een aanvaring. Het voorstag brak en de preekstoel raakte ontzet. Na noodreparaties wist ze te finishen. De line honours was voor Frits Brattinga uit Sneek met de Maxi 999 Lady A. De officiële uitslag wordt op 13 oktober a.s. bekend gemaakt. Dit vanwege het puntensysteem, die gecombineerd wordt met de uitslag op handicap.Zie ook voor de uitslag www.200myls.nl
|
Jantje huilt, Jantje lacht !
Door Eric-Jan Wiebenga
| Het is nu maandagavond 4 oktober en ik kruip achter de PC om toch ook mijn verslag van de 9e 200 myls in elkaar te flansen. Maar voordat ik me hierop concentreren zal, surf ik als een bijna automatisme de laatste paar weken, eerst weer eens naar die schitterende website van Jan Luyendijk: ik geloof m’n ogen niet als ik zie dat de ‘Indra’ niet meer op 25 staat, maar nummer 6 !!!Met een kreet van geluk en ongeloof, verdring ik in één keer mijn teleurstelling over de oorspronkelijke 25e plaats, en deel ik verrukt mijn sprong in het weliswaar nog steeds voorlopige klassement aan mijn Moniekje mee. Haar droge opmerking dat de 25e plaatst toch ook een mooi resultaat was, heeft niet het ontnuchterende effect op mijn prille euforie. Ineens ga ik rechtop zitten om aan m’n verslag te beginnen.Als één van de laatste boten rond ik op woensdag 9 september om 7.44 uur de M1 ton waarmee de 9e 200 Myls solo ook voor mij daadwerkelijk is begonnen. Met een straffe NW 4/5 is het Paard van Marken mooi bezeild. Al snel is het zetten van een 1e rif nodig als in een dikke bui de wind aantrekt tot een dikke 6. Als de bui al snel weer over is, kan het 1e rif er weer uit. Na het ronden van het Paard is de MN1-GZ2 niet bezeild en kan ik de andere deelnemers trots laten zien hoe hoog aan de wind mijn ‘Indra’ wel degelijk kan zeilen. Genieten doe ik hier dan ook van, als blijkt dat ik zowel qua snelheid als qua hoogte nauwelijks hoef onder te doen voor de moderne schepen van vandaag de dag. Als het maar waait, dan loopt ze wel !Nog voor het Paard waait m’n ‘200 Myls 2001’ pet me van het hoofd en drijft terug naar Muiden. “Pik ik over 5 dagen wel weer op” denk ik nog, maar balen doe ik er wel een beetje van. Die pet is (was….) voor mij als een soort trofee, als wat een elfsteden-kruisje is voor een ander.Op weg naar de NEK ton, die ook niet bezeild bleek, nog snel de laatste weerberichten voor de komende dagen bij het thuisfront opgevraagd. De voorlopige route keuze nummer 1, moest immers vóór de OVD3 namelijk nog wel definitief gemaakt worden !
Na het ronden van de NEK ton hezen we de genaker. De Spi had wellicht ook gekund maar daar woei het me toch net even te hard voor. Mijn spi is namelijk nog gloed hageltje nieuw en pas de vrijdag voor de 9e 200 myls opgehaald. Met m’n prille spi ervaringen van nog geen 2 seizoenen lang, heb ik het al gepresteerd om er 2, weliswaar beide 2e handsjes, om zeep te helpen. Wellicht hierom ben ik toch iets terughoudender geworden in het zetten ervan… Even later kon ik me deze terughoudendheid goedpraten, toen ik links en rechts bij andere deelnemers de nodige vierkante meters spinakerdoek wild om zich heen zag wapperen. Met inmiddels de routekeuze definitief gemaakt te hebben, was ook de P15 ton onder genaker grotendeels bezeild. Bij het begin van de vaargeul naar het buiten IJ moest ik de genaker echter weg halen en met de genua verder. Ook hier was ik achteraf niet rauwig om want met de genaker op tussen de snel in- en uitvarende binnenvaartschepen met een nauwelijks (niet) bezeilde (genaker) koers, had wellicht vragen om moeilijkheden geweest… Met het draaien van de Schellingwouderbrug had ik mooi mazzel; iedere keer weer vergeet ik namelijk dat deze brug niet draait tussen 16.00 en 18.00 uur… Rond de klok van 20.00 uur meerde ik af aan een kopsteiger in Seaport Marina IJmuiden, waar Gio Schouten van de Airborne attent een lijntje van me aanpakte. De touwtjes nog niet eens vast, kwamen op hoge poten de heren Marechaussee mij vragen waar ik vandaan kwam, met hoeveel mensen ik aan boord was en of ik ook papieren bij me had die konden bewijzen wie ik was. Duidelijk geïrriteerd door de wijze waarop ik werd benaderd, wees ik naar mijn vlag met rode stip en antwoordde uit Japan te komen, maar dat ik heus geen 15 illegale Chinezen aan boord had ! Niet echt gecharmeerd van mijn antwoord deed men mij uitleg over ene meneer Schengen en vroeg men mij om paspoort of rijbewijs. Dit laatste kon ik ze tonen waarop men driftig begon te bellen, waarschijnlijk om na te gaan of het ik werkelijk was die op de foto van het rijbewijs stond, o.i.d…..Toen de heren mij klaarblijkelijk op geen enkele overtreding konden betrappen, kreeg ik m’n rijbewijs terug en wensten we elkaar schijnheilig een prettige avond toe. Na de rommel op de boot weer enigszins georganiseerd te hebben, de waypoints op Noordzee en Wad in GPS ingevoerd en studie van de getijden gemaakt te hebben, trakteerde ik mezelf op 2 potjes babyvoeding waarvan ik er 20 had ingeslagen. De (dins-)dag ervoor was een verstandskies van me getrokken en kon ik m’n mond nauwelijks nog open krijgen. De keuze viel op de spaghetti bolognese; met een beetje knoflookpoeder en wat zout en peper best in te nemen ! ’s Avonds nog paar biertjes samen met Paul Peggs en Bart Boosman in ‘de clubkantine’ gedronken waarna het rond 23.00 uur weer welletjes was.
Rond de klok van 17.00 uur begon de stroom behoorlijk mee te lopen en met een dikke 8 knoop over de grond schoot dit mooi op ! Om 18.48 uur passeerden ‘we’ de MH4 bij Den Helder en stoof ik vervolgens met een continue speedalarm (gaat bij mij af boven de 8 knoop) richting de T12 Oudeschild, Texel die ‘we’ 19.25 uur passeerden. |
Gewapend met een vooraf opgesteld lijstje met daarop in volgorde de te ronden tonnen en hun kleur en ISO kenmerken, stoof ik met een noodgang in het donker over het wad. In het begin best spannend, maar viel al snel ook wel weer mee als je bedenkt dat het varen op de verlichte tonnen misschien zelfs wel duidelijker is dan overdag. Alleen die onverlichte tonnen, die moet je zien te vermijden….Het laatste stukje was de BO8 ton hoog aan de wind keurig bezeild, ware het niet dat mijn aandacht toch verslapte. Zo’n 50 meter voor de ton werd ik pijnlijk herinnerd aan de sterke stroom die er toch nog steeds stond waardoor ik toch nog 10 meter te laag uitkwam. Met de ‘My Freedom’ in de hand was de verleiding groot op het groene knopje te drukken, maar de waarschuwende woorden van BOB Luyendijk tijdens het palaver “We kunnen de positie op de meter nauwkeurig bepalen !!” schoten door m’n hoofd. Ik kon de verleiding weerstaan toch op het groene knopje te drukken, maar moest daardoor nog wel weer over stag. Dit ging natuurlijk met te weinig gang weer niet vlekkeloos en had ik nu bovendien de stroom tegen! Met een hoop geklungel in het donker bij de BO8, kostte me dit zeker 2 kostbare minuten. Jammer, maar ook stom !Inmiddels had ik mobiel contact gehad met grote vriend Bart, die de sluis van Kornwerd al lang had gepasseerd, en had mij over zijn besluit geïnformeerd door te varen naar Medemblik. Er stond nog een dikke ZO 4 en waarom ook eigenlijk niet ? De brug en het schutten ging redelijk snel waardoor ik een uur na het ronden van de BO8 ook de positie van de VF4 aan Bob kon ‘door GPS’en’. Met een stevige halve wind liep de Indra soms 7 knoop richting de WP12, waarvan ik er halverwege achterkwam dat dit een onverlichte ton betrof…. Nee hé, daar gaan we weer !! Met de pijnlijke ervaring van de onverlichte V15 2 jaar geleden, werd ik een beetje zenuwachtig en besloot de positie van de WP12 nog maar eens heel nauwkeurig na te meten. Zo’n 0,20 mijl voor de WP12 draaide ik de genua weg en ontkoppelde de automatische windvaan stuurinrichting, zodat ik meer zicht rondom zou hebben, makkelijker kon manoeuvreren, maar ook niet met een noodgang er langs zou kunnen varen. Gewapend met handschijnwerper en My Safety in de hand, dook in enen de silhouetten van de WP12 aan stuurboordzijde op ! Oefff, dat ging goed.Vrijdag 1 oktober 10.50 uur verzond ik wederom de coördinaten van de door velen ongetwijfeld gewraakte onverlichte WP12 ton richting Bob. Met een windje Z3/4 ging het spinakeren deze keer goed en kreeg ik de smaak ervan weer te pakken. Ook het gijpen met de Spi bij de H2 (Hindelopen) richting de Sport B, ging in één keer goed. Aangezien de verwachtingen waren dat de wind verder zou ruimen naar het ZW met bovendien iets meer wind, gooide ik m’n ankertje ’s middags rond de klok van 14.30 uur in de vluchthaven bij Breezanddijk uit. Ik lag bovendien mooi op schema, zo vond ik zelf. ’s Ochtends 2 oktober had ik om 5.00 uur m’n wekker gezet. Buurman Martin Selles van de ‘Kim’ was toen al weer op pad, althans hij lag er in elk geval niet meer. De wind was inmiddels geruimd naar de beloofde ZW hoek en na ruimschoots te hebben ontbeten en koffie gezet te hebben, ging ook ik anker op. Om 6.44 uur passeerde ik wederom de Sport B ton, waarbij aanvankelijk bleek dat de VZ1 (Stavoren) toch niet bezeild zou zijn. De wind was klaarblijkelijk toch meer Z dan ZW althans het eerste haf uur want even later was de VZ1 ruim bezeild en moest ik hoog aan de wind de WV14 (Den Oever) nog maar zien te halen. Dit ging goed.
Het daarop volgende lange rak van 23 mijl lang naar de EZ29 beloofde een makkie te worden. Met een inmiddels stevige ZW 4/5 besloot ik toch maar niet de genaker te zetten op dit ruim bezeilde rak, wat tegelijk mijn enige goede ingeving dit rak zou blijken. Nog geen 20 minuten later stootte op een heel knullige manier de lierhandel uit m’n handen, plons het water in. Shit, heb ik weer, maar gelukkig heb ik een reserve ! Even later bleek ik het pas opgespoten vogeleiland (wat een werelduitvinding !) toch wel erg dicht te passeren. Een (te) snelle blik op de kaart leerde me dan ook beter meer afstand te houden, en dus viel ik iets af. Met het passeren van het eiland dacht ik het ondiepte gevaar gehad te hebben, ware het niet dat ik even later alsnog door een ‘Bonk, Bonk, Bonk’ werd opgeschrikt. Snel afvallen en goed helling houdende, kwam ik gelukkig op eigen kracht van deze ondiepte af die ik over het hoofd had gezien. Dat was niet handig ! Tussen Stavoren en Enkhuizen werd de aandacht opgeëist door het feit ik dwars door het wedstrijdveld van de deelnemers aan de Bolkoppenrace moest. Deze grote jongens stoven met een rotgang voor en achter me langs en was het een kwestie van even goed anticiperen om hier fatsoenlijk door heen te komen. Met een dikke ZW 4/5 was het overigens wel een schitterend gezicht deze grote bolle koppen onder vol tuig door het water heen te zien banjeren. Ongeveer 4 mijl voor het ronden van de EZ 29 had ik m’n 3e onfortuinlijke actie die dag: óók mijn reserve lierhendel viel overboord, en had ik er dus geen één meer !! Twee lierhendels op één dag over boord, zo iets bedenk je toch niet ? Ik klaarblijkelijk wel. Gelukkig verplichte de koers naar de EZ29 me niet de genua strak door te moeten zetten en kon ik door de kop even in de wind te gooien de schoot ook met de hand voldoende aantrekken. Om 14.08 uur passeerde ik de EZ29. Alvorens naar de sluizen te varen, schoot ik eerst nog snel de jachthaven van Roy Heiner in, om aldaar een veel te dure Harken lierhandel aan te schaffen; maken ze die dingen van goud of zo ? Rond de klok van 16.00 uur werd ik tezamen met Albert de Brouwer met zijn Waarschip ’t Waere Hout’ geschut. Albert had voor route 3 gekozen en wist me te vertellen dat hij tot dan toe maar liefst 26 mijl van de 170, bezeild had gehad ! Route 3 was dit jaar dus niet de juiste route, zoveel was duidelijk. Om 16.37 uur passeerde ik onder genaker de OVD3 richting de NEK ton voor de laatste loodjes. De genaker stond hooguit 20 minuten want toen de lucht dreigend zwart begon te worden verruilde ik deze voor de genua. Vlak voor de Nek ton trok de wind nog even stevig aan en besloot ik met een kruisrak voor de boeg, ook maar vast een rif te zetten. Echt veel harde wind kwam er steeds niet uit die dreigende luchten en dus kon het rif na het ronden van de NEK ton (18.12 uur) er ook weer vrij snel uit. Het Paard van Marken was met 180 graden in ieder geval bezeild. Het begon inmiddels al weer donker te worden en het lampie van de ‘My Safety’ verried zijn aanwezigheid weer onder de buiskap: best gezellig zo’n groen flikkerend lampje ! Hoewel de spanning van het ’s nachts correct fotograferen van een ton binnen 4 meter afstand ervan, ook wel iets had. Ook het bij tijd en wijle zien flitsen van de camera’s van andere deelnemers elders op het water, had iets gemeenschappelijks….
Marco, Bob en Jan hartelijk dank ook dit jaar weer voor dit geweldig evenement ! Eric-Jan Wiebenga, s.y. ‘Indra’ |
![]() |
||||||
|
||||||

De koorts.
Sinds ik er voor het eerst van hoorde wist ik het: ik moet mee doen, de 200 myls solo varen.
Een uitdaging voor schip en schipper. Verrassend was het toen half maart mijn naam in de lijst van deelnemers opgenomen was. 2004, dit jaar moet het dus gebeuren.
Gelukkig is het schip in de afgelopen jaren aangepast voor deze tocht der tochten. Alle lijnen zijn nu vanaf de kuip te bedienen, het elektrische systeem is verbeterd, er hangt een nieuw roer onder het schip en dit voorjaar is een sterkere stuurautomaat aangeschaft met afstandsbediening. Een van de laatste voorbereidingen was het solo varen van “het Paard van Marken”. Dit is een 50 myls race van Waarschepen tegen Kolobri’s. Een dag lang hakken op het IJsselmeer met 6Bft, goed gevaren, alles heel gehouden, gaf mij een positief gevoel over de mogelijkheden de 200 myls uit te varen.
De laatste week voor de start kwam de koorts. Avonden over de kaarten gebogen, iedere weersite wel 101 maal geraadpleegd, alle opties de revue laten passeren. Ook de site van de organisatie regelmatig geraadpleegd om oude verhalen te lezen, tactieken te bestuderen, kortom mijn leven draaide maar om een ding: de 200 myls.
Maar werd ik er ook wijzer van?? Nou, ja en nee. Uit de oude verhalen bleek dat de tijd die gegeven wordt om de 200 myls te varen met een beetje wind voldoende is. Dat schepte vertrouwen. De weersverwachtingen wisselde enorm naarmate de start dichterbij kwam, daar was geen zinnig woord over te zeggen. Mijn meteo-team kwam tot dezelfde conclusie als ik: gokken en hopen dat het goed uitpakt.
Dag 0. (28 september 2004)
Eerst even langs mijn werk geweest voor een periodieke medische keuring om op de weg terug bij de plaatselijke supermarkt inkopen gedaan. Drinken, brood, beleg, warme hap en chocolade vormden de hoofdmoot. Vervolgens weer snel achter de computer voor de laatste weerberichten . Hierna rustig naar Naarden gereden, ’t Waere Hout geladen en vaarklaar gemaakt. Een domper was dat, ondanks de belofte van de zeilmaker, mijn nieuwe genua 2 niet klaar was. Toch vol goede moed, maar met de nodige spanningen in de maag, rond 15.00 uur vertrokken naar de Muiden. Na een klein uurtje varen (op de motor) kwam ik aan in de drukke stichtingshaven. De havenkom lag al vol en maakte ik vast naast de “Jager” van Peter vd Schaaf in de doorvaart. Deze non-alcoholist had een lekker biertje aan boord. Na nuttiging hiervan op de steiger kennis gemaakt met wat medestanders waarbij de discussie over het weer de boventoon voerde. Ondertussen uitgenodigd door Barend Peters om bij hem aan boord te komen eten. Hij, of was het zijn vriendin Jolanda, serveerde een naar eigen zeggen “Marokkaanse stoofpot”. Deze heerlijke pot werd vier man en een dame soldaat gemaakt. Daarna was het haasten naar Ome Ko voor het palaver. In de drukte aldaar koffie met appeltaart, de nodige zegjes van oa organisator Jan Luyendijk, het uitreiken van het logboek met de wedstrijd bescheiden. Speciaal dit jaar was een apparaat “My-Safety”. Met een druk op de knop wist het regatta bureau hoe laat ik waar was en zou het thuisfront via de site binnen enkele minuten dat ook weten. Ook het weer werd aangehaald, weinig wind en waarschijnlijk moeilijk om de 200 myls uit te varen. Het zal eens mee zitten op mijn eerste. Na nog een laatste borrel aan boord de kooi opgezocht.
Dag 1. (29 september 2004)
Half zeven ging de wekker en buiten was het al een drukte van jewelste. Gedurende de nacht drie keer eruit geweest en slecht geslapen, de zenuwen spelen op. Tien minuten later vertrokken de eerste schepen al richting start. Eerst maar aankleden en de PV (persoonlijke verzorging)uitvoeren. Tijdens het warmen van water voor de koffie genua 1 aangeslagen, er was tenslotte weinig wind voorspeld. Na het ontbijt, het zetten van koffie en vullen van het etensvak onder de overloop werd ook mijn buurman Peter een beetje actief. Hij wist te melden dat er 20 knopen wind stond. Gevolg: nog in de haven vond de eerste zeilwissel plaats, genua 3 de High Aspect erop. Op de motor en de stuurautomaat aan het roer onderweg naar de M1 zeil gezet. Om 7.23.44 uur was het moment daar; mijn start van de 200 myls 2004. Er stond een dikke 4 Bft en samen met de andere schepen op weg naar de tweede boei in de wedstrijd, bij Volendam. Tot het Paard van Marken was het bijna bezeild, daarna begon het kruisen. Om 09.18 de MN1GZ2 gerond en verder stampen naar de NEK met iets meer wind. Jos Valkering van de Magic was ik net na de MN1 voorbij en Bart van Breeschoten was voor de NEK het haasje. Hoewel ’t Waere Hout licht overtuigd was bleef hij wonderwel veel snelheid houden, onder toch wel forse helling. Om precies 11 uur om de NEK en bakstag naar Lelystad. Met de huidige tuigage schoot het niet op, voor de spinnaker vond ik het te hard waaien. Ik heb een kwartier met lede ogen rondgekeken hoe de schippers, die beter geoefend waren dan ik, het grote bolle zeil hezen en er vandoor gingen. Er liepen schepen uit het roer, er hingen spinnakers alleen aan de val zodat ik besloot de genua 1 vliegend te hijsen. Het zeil vatte gelijk wind, het hijsen moest dus via de lier. Half uitgeput trok ik aan de schoot en de snelheid nam direct toe. Om 12.45 uur bij de OVD3. Een aantal schepen voeren richting Amsterdam, route 1 dus voor hun. Na het problematische hijsen was ook het strijken van de genua een enorme klus, na vieren van de val lag 50% van het zeil in het water. Op het voordek van een stampend Waarschip 900 heeft uiteindelijk domme kracht het gewonnen en kon koers gezet worden naar de sluis. Na een minuut of tien wachten, samen met meerder solisten, werden we geschut. De weerberichten gingen over en weer. Achter de sluis even vast gemaakt en samen met Jaap Broer en later ook Peter vd Schaaf een goede lunch genuttigd. Onderling overleg had de tactiek voor de rest van de dag bepaald. Ten westen van het eiland langs Medemblik. Daar (bij de WP12) kijken of we route 3 of 4 gaan doen. Tijdens de herstart bij Lelystad (EZ29 om 15.41 uur) werkte My Safety niet, accu leeg, en men had gezegd dat hij minstens 24 uur mee zou gaan. Onder HA en vol grootzeil begonnen aan de trip naar het noorden. Niet bezeild maar dat zullen we komende dagen wat vaker tegenkomen. Onder een kleine 30 graden helling ben ik gaan knutselen om My Safety op te kunnen laden. Op mijn schip is een klein 12V contact waar de meegeleverde plug niet in past. Met wat draden en plakband lukte het om de elektronen vanuit de grote accu te transporteren naar het blauwe apparaat. Ondertussen werd het donker, waren de toeristen van het water af en nam de wind af en af, zo ook de snelheid van het schip dit ondanks dat ik gewisseld had naar genua 1. Eindelijk, na 7 uur en een kwartier (22.54 uur) was ik bij de WV14. Ik had het licht van deze boei al zo lang in zicht maar kwam zeer langzaam dichterbij. Het laatste uur rond de 2 knp gevaren. Plan was om onder spinnaker naar Enkhuizen te gaan maar het gebrek aan wind heeft ervoor gezorgd dat in Oude Zeug werd overnacht. Met de schippers van de Jager en later ook de Di Vagi een borrel gedronken. Moe maar voldaan de kooi opgezocht.
Dag 2. (30 september 2004)
Wakker geworden door een zonnetje dat de kajuit in scheen. Vandaag, op mijn verjaardag, zit het weer in ieder geval mee. Een vroeg SMS-je van mijn zoon en een telefoontje van mijn vrouw maakt de feestvreugde compleet. Eerst even rustig rondgekeken in de haven waar veel bieten overgeladen werden van vrachtwagens in binnenvaartschepen. Vervolgens het weer bekeken en samen met de anderen grappen gemaakt over de solisten die in IJmuiden liggen. Wij hadden namelijk 0,2 knp wind uit het noorden. Ontbeten, de PV gedaan en gezamenlijk nog een kop koffie (thee voor Peter) gedronken. Na alles klaargemaakt te hebben voor vertrek rustig richting de WV14, de startboei voor vandaag, gevaren. Na wat treuzelen, en balen (de wind was naar zuid gedraaid) ben ik om 11.14 begonnen aan het kruisark naar Enkhuizen. Weer tegenwind, weer weinig wind onder vol tuig met zeker 3 knp. In het gangboord, met de stuurautomaat als roerganger, naar het “bruisende”water gekeken en de nodige foto’s gemaakt van mijn medesolisten. Net als gisteren, de boei reeds lang in beeld maar nog o zo ver weg. Hemelsbreed, volgens het logboek, was de afstand 13 mijl. Ik heb er ruim 4,5 uur over gedaan. Onderweg wel opgevrolijkt door de nodige felicitaties per telefoon. Bij de EZ1KG2 werd het spannend. Voor het eerst helemaal alleen met spinnaker varen. Ik had het zetten al vaak alleen gedaan, ondertussen sturen en alleen strijken echter nog niet. Het begon rustig met een knoop of 4 maar het weer betrok en de wind nam toe. Steeds harder werd ’t Waere Hout achter de spi aan door het water gesleept, de golfhoogte nam toe en de stuurautomaat kon het niet meer aan. Handmatig sturend dacht ik na over het hoe en wanneer strijken van de spi. Eigenlijk ging het best lekker snel en kon ik voor donker binnen zijn als ik hem liet staan, eigenlijk ging het net iets te hard om het 110% onder controle te hebben. Besloten om toch tot een mijl voor de Sport B de spi er bij te houden. De snelheid liep op tot 8 knp en het water kwam ondertussen ook van boven. Op een wild Waarschip 900 met gehele bemanning aan dek (ik dus) op een zeer nette manier de spi gestreken. Het ging, mede door een goede voorbereiding, vlekkeloos. Alleen de schoten waren een beetje nat geworden. De boei om 19.36 uur gerond, 18 mijl in een kleine 4 uur. Op de motor richting Breezanddijk en daar voor anker, aan de Jager gelegen. Blij dat mijn grote anker aan boord was gebleven want dat gaf gedurende de nacht een rustig gevoel. Voor het eerst sinds de start weinig deelnemers op het water gezien maar de haven aan de Afsluitdijk ligt redelijk vol. Ook Jaap Broer komt bij ons liggen en we vertellen de sterke verhalen van vandaag. Na de warme hap en een goede borrel (ik was tenslotte jarig) lekker geslapen. Nog wel even gedacht aan de solisten uit IJmuiden die een wereld dag gehad moeten hebben met deze wind.
Dag 3. (1 oktober 2004)
Vandaag weer een mooi rak, van de Sport B naar de UK 16 bij Urk. Redelijk op tijd opgestaan en alles geregeld voor vertrek. Er schijnt vannacht nog wel het eea gebeurd te zijn maar ik had daar weinig van meegekregen. De organisator van dit evenement was van zijn anker geslagen en bijna bij een mede-solist naar binnen gevaren. Jan had zich bij deze actie zo erg bezeerd dat hij moest opgeven, enorm jammer voor hem. Met goede moed begon ik om 08.08 aan het 24 mijl lange rak. Het begin, onder HA en vol grootzeil gaat vrij snel. De wind neemt al snel af en, zo handig als ik ben, ga ik precies voor de haveningang van Stavoren de fok wisselen. Onder alleen grootzeil voor drie charters uit moeten wijken. Na het Vrouwenzand gaat het steeds langzamer en het kost me ruim 7 uur om bij de UK 16 te komen. Ik rond de boei, op naar Medemblik, zet de spinnaker maar het 75 meter extra doek levert geen extra snelheid. Ik maak eten, rijst met een blik stoofvlees, en ga binnen aan tafel eten onder de verbluffende snelheid van 2,5 knp. Niemand in de buurt en hard gaat het dus niet. Net voor donker zie ik de onverlichte staak van de WP 12. Ik strijk de spi, zet genua 1 en lig compleet stil. Het begint te regenen en ik ga binnen een boek lezen. Na een minuut of 15 hoor ik de zeilen klapperen en buiten staat een weer een briesje, op naar Stavoren. Het briesje neemt toe tot een 4 Bft en ik stuif, met eigenlijk te veel zeil om de LC6VZ1 en stuur op richting Makkum. Shit, de verlichting van de GPS houdt het voor gezien. Door de regen weinig licht en op Noord is het zo wie zo gewoon enorm donker. Met een zaklantaarn in mijn mond voor de koers (ook de kompasverlichting was nog nooit aangesloten) en de kaart op schoot vaar ik via de midvaarwaterboeien naar de VF4. Onderweg vraag ik me meerdere malen af waarom ik dit doe. Makkum komt in zicht en met moeite vind ik de VF4 tegen de vele lichten van de sluizen. Ik haal de zeilen omlaag en vaar richting de haven. Op dit stukje bel ik Peter uit zijn bed en maak moe aan hem vast, de tijd 23.47. Van hem hoor ik dat Jaap is uitgevallen met een kapotte overloop, sneu voor hem.
Ik laat de boel de boel, kleed me om en val als een blok in slaap.
Dag 4. (2 oktober 2004)
Volgens de planning kan dit de laatste dag zijn van mijn eerste. Ik start niet te fanatiek dus ontbijt uitgebreid want het kan wel eens een lange dag worden. Het weer is goed en zelfs de wind is gunstig. Onder HA en een enkel rif start ik om 09.15 richting Hindelopen. Een bezeilde koers naar de H2. Het bestaat!! Bij de H2 vaar ik slim door een groot wedstrijdveld, de deelnemers vonden het iets minder slim geloof ik. Met twee klappen voorbij het Vrouwenzand om vervolgens iets af te vallen richting Lelystad. Het schip loopt prima en ik schiet lekker op. Om 14.37 klok ik de EZ 29 en heb 173 wedstrijdmijlen op de teller staan. Vol vertrouwen dat ik de finish ga halen vaar ik naar de sluis waar, met diverse mede-solisten, snel geschut wordt. Weer komt vervolgens de vraag: Welke zeilvoering nu??
Na de sluis, bij de OVD3 start ik met HA en vol grootzeil. De buien die rond hangen dwingen me tot zeilwissels. Van de genoemde set tm genua 4 met dubbel rif. Bij de NEK staat eigenlijk weinig wind maar ik bij in storm uitrusting varen en inderdaad, tegen de schemer neemt de wind toe tot een dikke 5 Bft. Via de MN1GZ2 bij Volendam en de PH-boei vaar ik het laatste stukje naar de IJM 17. Om 22.20 klok ik de finish van mijn eerste 200 myls. Ik geef ’t Waere Hout een klopje op het kajuitdak en bedankt haar voor het vertrouwen en de goede zorgen. Trots start ik de motor en vaar naar de haven van Muiden.
Bij mij aan boord wordt het nog gezellig en laat door een aantal lotgenoten die net als mij hun verhaal kwijt moeten. Moe maar zeer voldaan val ik in de kleine uurtjes in slaap.
De day after. (3 oktober 2004)
Het is een drukte van belang in de haven als ik mijn hoofd naar buiten steek. In een mooi ochtend zonnetje worden sterke verhalen verteld en wordt Jan Luyendijk regelmatig bedankt voor de mooie tocht.
Een aantal deelnemers vertrekken reeds want die moeten nog een lange weg. Zij kruisen de solisten die de nacht bezig zijn geweest om Muiden te bereiken. Halverwege de ochtend vertrek ik, op de motor, naar Naarden. Ik ruim het schip een beetje op en pak de auto naar huis. Onderweg merkt ik hoe moe ik eigenlijk ben. De 200 myls heeft meer energie gevergd dan ik had gedacht.
Thuis nog even rekenen. Bezeild waren 105 mijl van de 200. De gemiddelde snelheid over de 200 myls was 4,2 knp.
Van de 80 ingeschreven schepen, zijn er 71 gestart en 53 gefinishte. Met een totaal gezeild tijd van 47 uur en 31 minuten ben ik 36ste geworden. Ik ben er trots op.
|
|
|
De 200 myls ‘SOLO’
voor de negende keerDe singlehanded zeilwedstrijd van 200 mijls ‘SOLO’ wordt op 29 september t/m 3 okto- ber voor de negende keer gevaren. Deze wedstrijd wordt gevaren onder 80 schippers die in kajuitjachten binnen 5 dagen een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.De solozeilers kunnen kiezen uit 4 routes over Markermeer, IJsselmeer, Wad en Noordzee. In elke baan zijn er 17 boeien die gerond moeten worden. Dienden de geronde merk- tekens in vorige edities van de zeilwedstrijd te worden gefotografeerd en de pasages per gsm te worden gemeld aan het regattabureau als bewijs van passage. Nu krijgen de deelnemers een gps.gsm-unit mee. Info: www.200myls.nl
![]() |
De 287 mijls.Door : Marjan van de Vrie
Ik ben dus weer thuis, en aan het bijkomen van de tocht. Ik heb nog nooit zo’n zware en intensieve tocht gevaren. 200 mijls heet het, maar op het log zijn het er toch bijna 290! Als ik de windvaan niet had gehad, de gps niet, en het overlevingspak van Martine, dan had ik hem nooit uitgevaren.
Mijn tocht was relatief wat zwaarder omdat ik de eerste dag zoveel mogelijk mijlen wilde maken, en daardoor uiteindelijk wat vaker ’s nachts moest varen. Op zich was dat plan meteen veel mijlen te maken goed. De windverwachting was toen we vertokken 2, soms 3, NW draaiend naar ZO, maar ik had de pech dat bij de WP12 de wind helemaal wegviel. Een uurtje of 7 heb ik gedobberd om naar Urk te komen.
De eerste dag was meteen de zwaarste. Het begon er al mee dat ik nog nooit solo met de nieuwe Mathilde had gevaren, de stuurautomaat nog niet had gewerkt op deze boot, en dat ik de windvaan nog niet meteen had ingezet. De start was te vroeg, althans te ongeorganiseerd. Meteen had ik al een dobberende aanvaring met de M3 omdat ik wat spulletjes nog niet boven had, enz enz. De wind was een NW4, en al gauw moest ik een eerste rifje steken.
Overdag was een leuke dag, veel andere boten in zicht. Alleen naar de NEK was het kruisen, de rest was bezeild. Na de sluis kwam nog een stuk wat weliswaar kruisen was, maar toen had ik mijn duitse windvaan ‘Kurt’ aan de praat en kon ik zelfs even eten opwarmen onderweg.
Langzaamaan raken dan alle boten buiten beeld, want erg veel zijn toch wel sneller, alhoewel Mathilde zeker niet traag is. In het donker de WP12 gezocht, en dat viel niet mee. Geen maan, en geen idee waar nu dat eiland was waar ze het op de kaart over hadden. Uiteindelijk dankzij de gps en goed kijken de staak toch gespot, en op pad richting Urk. Na een half uur was er bijna geen wind meer, maar gek genoeg bleef ik toch een knoop of anderhalf varen gemiddeld.
En dan duurt de nacht heel erg lang. Het was erg moeilijk om wakker te blijven, maar het anker uitgooien en slapen vond ik geen optie. Dat zou in de wedstrijd teveel tijd kosten. Motor aan en ergens naartoe? Ik dacht dat je in Medemblik geen officiële rustplaats had, dus dat heb ik niet gedaan, want ik wilde de tocht wel erg graag uitvaren. Er was gelukkig geen scheepvaart, maar wel een mooie sterrenhemel. Ik heb nog een meteoor gezien en een planeet zo helder dat ik hem bijna voor een toplicht aanzag toen hij in het begin van de nacht nog erg laag stond.
’s Morgens dan eindelijk aangekomen in Urk. De beroepsvaart begon ook weer tot leven te komen. In de haven lagen al een aantal bootjes, en meteen vroegen een paar solo’ers of ik zin had in een ontbijt met warme broodjes. Erg lekker, maar ik wou alleen maar slapen.
Toen ik wakker werd waren de meeste boten weer vertrokken, alleen de Chill Out en de Scheerling lagen er nog. Die laatste moest nog op een accu wachten. We luisterden even naar het weerbericht op de marifoon. Er zou die middag wat meer wind komen, een 3. Ik besloot eerst maar eens te gaan douchen, want ik had een houten kop waar je u tegen kunt zeggen. Nee, daar kan geen drank tegenop!
Vervolgens toch maar vertrokken, want alleen achterblijven in Urk leek me ook maar saai. En ik had geen zin om te gaan slapen. Op pad dus voor het volgende stuk. Eerst voor de wind op grootzeil en uitgeboomde genua. Mathilde liep 2, soms 3 knoopjes. Eigenlijk niet zo snel. Voor me stonden al heel wat spinnakers, dus ik besloot Truus de stuurautomaat maar eens aan het werk te zetten en de spinnaker maar eens te hijsen. De boom stond toch al.
Eenmaal onder zeil liep het een stuk lekkerder. De 3 knopen waren nu constant, tot tijdelijk de wind wegviel, en de spinnaker in begon te vallen. Even later begon de wind aan te trekken, en kwamen we al aan de 6 knopen, soms wat meer. Dat schoot tenminste op. Lastiger was wel dat de wind in vlagen kwam, en daarin ruimde. Zonder neerhouder kwam de spi wel erg hoog te staan.
Het Vrouwenzand kwam in zicht, en ook wat charterboten, dus viel ik wat af en gooide ik de lijschoot los. De boom stond inmiddels zo hoog dat ik moest rekken om erbij te komen, maar uiteindelijk kon ik de spi zonder verdere problemen binnenhalen. De genua uitgerold, en met ruime wind verder.
Mathilde liep lekker door. Het eerste rifje volgde niet veel later. Voor een ruime koers was het misschien niet noodzakelijk, maar het zit ook niet in de weg. Des te makkelijker zeilt het mocht je uit moeten wijken. In het donker kwam ik bij de Breezanddijk aan, Sport B. Het was er echt donker. Het stuiterde vrij aardig, en het was niet in te schatten hoe ver de ton van de dijk stond. Ik was blij toen ik hem ‘aangetikt’ had en weer terug naar het zuiden kon, naar de LC 9, die net niet bezeild was. Uiteraard begon het juist wat donkerder en natter te worden tussen het Vrouwenzand en het eiland in. Mijn voornaamste bezigheid was een koers zoeken buiten de onverlichte tonnen om. Lang leve de gps en de windvaan die maakte dat ik mijn handen vrij had voor navigatie.
Het was weer erg laat toen ik eindelijk in Stavoren in de haven lag, een uurtje of 2. De Skua was vlak voor me aangekomen, en er lag nog een andere solo’er. Liggen is dan slapen, echt meteen vertrokken. De volgende morgen een wandelingetje naar de havenmeester, en naar de supermarkt. De waspeentjes waren op, maar het winkelpersoneel was erg aardig en ontgroende een bosje worteltjes voor me. Onderweg was dat lekker knabbelen. Terug in de haven kwam ik Bart tegen, die op zoek was naar een warme bakker. De broodjes waar hij het waarschijnlijk op had staan, had ik al in de supermarkt te gescoord.
Met nog warme, verse broodjes met kaas vertrok ik weer naar de LC 9. Een uurtje motoren, om stroom te draaien voor de gps, navigatieverlichting en het gps/gsm kastje dat ook graag opgeladen wilde worden. Het was een beetje heiig, maar gelukkig was het zicht best goed. Halve wind naar het oosten, en onderweg gezelschap van een vogeltje dat plotseling achter me op de kuipbank zat. Het was een groenig beestje, met een lange staart, een kwikstaartje, denk ik. In de kruimeltjes die ik op de kuipbank legde was hij niet geinteressseerd, maar toen hij een minuut of tien later vertrok was de boot ontdaan van alle insecten.
Bij de B8 kwam ik de ocean 25 tegen. Gek dat hij wel zo dicht langs de ton voer, maar niet naar 226 graden opstuurde daarna. Zou hij een andere route varen? Eerst maar eens het logboek invullen. B8? B10 had je moeten hebben! Wat een sufferd. Gauw weer afgevallen, naar de B10, en de positie nog een keer doorgeseind.
Aan de wind ging het verder met de windvaan aan het werk, lekker opschieten naar de volgende ton. Beetje eten maken, even lekker zonder overal onder de buiskap zitten, pauze houden en uitrusten. Daarna weer een voor de windse koers tot ruime koers naar de VZ4. Van daaruit door naar Hindelopen. Ook dit rakje begon weer erg rustig zodat ik de spi weer overwoog. Maar zonder neerhouder vond ik het toch minder prettig zeilen, dus liet ik het maar achterwege. Dan maar wat wat langzamer.
Bij de ton van Hindelopen was het druk. Vissersboten en jachten die allemaal de haven in wilden. Goed opletten, en weer zo snel mogelijk weg daar. Ik had nog heel wat mijltjes te gaan naar de volgende stop. Mathilde liep lekker door aan de wind, en de windvaan deed het prima. Zelf zat ik onder de buiskap en keek goed om me heen om zeker geen andere schepen te missen.
Weer het stukje tussen Vrouwenzand en het onzichtbare eiland in het donker! Goed opletten, zeker zo stuiterend en in het donker. Het verbaasde me dat het me zo makkelijk viel om wakker te blijven. Ik was erg geconcentreerd, ik wist niet dat dat kon na zo weinig slaap in de afgelopen dagen. Wanneer de boot maar snelheid heeft, kostte het bijna geen moeite. De wereld is op zo’n moment erg klein. Jij en je boot, het water en het weer, het wordt bijna een eenheid. Af en toe een smsje van het thuisfront, heel af en toe een lampje in de verte van een andere solo’er, en verder denk je niet meer.
Voorbij de VZ4 kwam ik weer op ruimer water. Helaas was het wel kruisen. Alles deed ik met extra voorzichtigheid, vooral in de laatste nachten. Zo weinig mogelijk naar beneden, alleen als het echt moet. Aangelijnd, de weinige keren dat je naar voren moet. Bij overstagmanoevres gewoon jezelf de commando’s geven, zodat je daar geen fouten bij maakt. Alles twee keer controleren bij het navigeren. Jezelf voor alle zekerheid niet vertrouwen. Alles ging vlekkeloos.
Het was bijna licht toen ik bij Lelystad in de buurt van de sluizen kwam. Nog voor de sluis, vlakbij de zendmast lag een zeilboot voor anker. Dat leek me een prima plek om het nieuwe anker uit te proberen. Bal ophangen, een lampje was niet meer de moeite. Tussendoor een keertje wakker geworden toen de wind wat aantrok, maar het anker hield het goed.
Het voelde weer als erg vroeg toen ik bij de sluis aankwam, al was het al middag. Er lagen nog wat bootjes te wachten. De Xinia, de Airborne, de Warber, en de Cras Factum Est.
De schipper van het laatste bootje vroeg meteen of de tocht me beviel. En ook Anje maakte in de sluis aangekomen een foto van mij en Mathilde en vroeg of ik volgende keer weer mee ging doen. Dat was echt niet het moment om dat te vragen. Het was vroeg, er zat een ouder echtpaar voor me dat zo traag de sluis in ging dat ik bijna klem kwam te zitten tussen hen en de Airborne, en ik was de motor vergeten in z’n vrij te zetten zodat die nog vrolijk de boot aan het achteruit trekken was terwijl ik de touwtjes om de bolders had gelegd. Nee, dit was mijn moment niet.
Maar ook dat kan veranderen.
De brug ging omhoog en de sluisdeuren open. Rustig aan naar buiten, achter me wat geroep van andere schippers. En boven op de sluismuur stond Tiny! Die had op internet gezien waar ik uithing, en was ‘even’ vanuit Brabant komen kijken. Hij moest rennen toen hij een bekende mast boven de sluismuur uit zag steken, en dus kon hij nog even zwaaien. ‘Hij houdt van je’ riep de schipper van de Airborne naar me. En ik denk dat er stiekem wel een aantal schippers een klein beetje jaloers waren.
Ik zat nog in de wedstrijd, dus het was jammer, maar ik moest wel meteen door. Geklooi met de stuurautomaat om ook eens te proberen of dat nu handiger ging om het grootzeil te hijsen terwijl je nog voortgang maakt zoals alle andere schippers. Daarna meteen besloten dat nooit meer te proberen. Gewoon kop in de wind, en terwijl je wat afvalt het zeil omhoog. Veel makkelijker, rustiger en meer contact met de wind. Het tweede rifje gelijk erin, want de verwachting was ZW 5. Dat ZW klopte bij nader inzien alleen in buien, verder was de wind puur Z.
Het kruisrak naar de PH duurde en duurde maar. Ontevreden was ik niet over het bootje. De windvaan stuurde strak, net niet hoog aan de wind, en alles bij elkaar liepen we toch een knoopje of 5 op het log. Die snelheid haal je zelf niet, omdat je teveel wilt knijpen om je doel te bereiken. Een paar slagen en een paar uur later rondden we de PH. De Skua was vlak voor me, Net voor me rondde hij ook de NEK.
De lucht was behoorlijk donker vooruit, en ik was blij dat het tweede rifje stond en het voorzeil grotendeels was ingerold. De wind varieerde tussen 3 en 6 Bf. De Skua had erg weinig zeil, alleen zijn grootzeil met een tweede rif. Ik zag de boot twijfelen toen we de wind uit de bui voor ons kregen. Allebei vielen we af naar het westen. Halve wind.
Ik besloot eens te kijken wat Mathilde van een meer aan de windse koers vond. Het gaf wat meer helling, maar het maakte ook dat ik meer naar het zuiden kon. Weg van de bui en het open water op, dat werd mijn keuze. Mij niet gezien met veel wind onbekende havens aanlopen. En wat meer helling en door in minder goed weer, met Rudy samen vaak genoeg gedaan, dus dat voelde gek genoeg als vanouds. De Skua zag ik achterblijven in het slechte weer, ik dacht dat hij waarschijnlijk naar de Hoornse Hop o.i.d. zou gaan. Hogerwal, maar wel in de bui.
Eenmaal verder naar buiten bleef het hard waaien. Maar op het water was het verder rustig. Het zicht was goed, nauwelijks regen gehad. Liever dat dan bij de kust met meer kans op boten, tonnen en andere obstakels. Na een uurtje of anderhalf maar weer eens overstag, naar de GZ2 bij Volendam. Een vervelende ton om aan te lopen. In die buurt zit een ondiepte en ik vond het lastig om in te schatten hoeveel ruimte ik daar had. Tijdens een overstag om de ton aan te varen was er een vlaag, draaide de wind en kon ik me niet orienteren. Terug naar de koers die ik eerst had maar weer, en nog eens opnieuw proberen.
Eindelijk zag ik de vorm van de ton. Het knopje ingedrukt om de positie door te seinen, en dan zo snel mogelijk weer weg van het land. Mij niet gezien om daar te blijven, teveel wind. Mijn telefoon piepte: een sms’je, je gaat het halen!
De BVK was prettig bezeild, daarna werd het een stukje onoverzichtelijker. De wind zakte weer in, wat ik helemaal niet erg vond. Er was ten westen van me zoveel water gevallen, waar ik een klein staartje van meepikte, dat ik blij was dat het niet zo hard ging. Even kijken of het door zou zetten, en anders gewoon de vluchthaven in of desnoods terug het ruime water op, was mijn plan. Een race is leuk, maar het moet wel een beetje te doen zijn.
Uiteindelijk viel het allemaal mee. De wolken trokken weg, en af en toe was het net of iemand een schijnwerper op de zeilen zette. De maan gaf zoveel licht dat ik er bijna bij kon lezen. Ik moest nog een lang stuk doorvaren voor ik overstag kon naar de laatste ton, de IJM17. Nog twee toplichtjes in de buurt van andere solo’ers, wie gaat er anders op dat moment daar varen?
Met een lekkere vaart en een rustig windje op naar de IJM 17. Wat een klein lampje, maar beter dan niets. De gps/gsm unit begon weer te piepen, maar ik kon mijn stopcontact niet missen. De gps heeft voorrang.
Om half vijf kon ik dan voor de laatste keer het knopje indrukken.
Gefinished, het bootje nog heel, mijn doel bereikt.
Ik rolde de genua in, streek het grootzeil en moterde op m’n gemakje in het maanlicht onder Pampus door. De haven lag al vol met boten, maar naast een stalen schip was nog een plekje vrij. Touwtjes vast, nog even een telefoontje dat ik goed was aangekomen, en slapen! Rond een uur of tien hoorde ik buiten wat gepraat, en stak ik toch maar eens m’n kop naar buiten. Leuk, zoveel boten die ook waren aangekomen. En lekker douchen, verhalen luisteren en vertellen over de tocht. Bootje verzorgd, en eind van de middag weer thuis. Na zo’n tocht is het genieten van de kleine dingen. Alsof je maanden bent weggeweest.Marjan van de Vrie, Mathilde
Op 29 oktober is de start van de negende 200 myls ‘Solo’. Maar de eigenlijke start vindt al plaats voor 1 maart als de inschrijving is geopend. Dit jaar was ik er weer als de kippen bij om me in te schrijven. Niets is dan mooier als eindelijk de foto van de ‘Lady A’ op het scherm verschijnt ten teken dat je definitief tot de gelukkige deelnemers behoort.
In de winter zijn er al nieuwe Kevlar zeilen en een spinaker besteld zodat er dit jaar serieus kan worden gezeild. Vele deelnemers kom ik het hele jaar door al tegen en iedereen heeft het over “De Race”. Het is voor mij net als voor vele andere deelnemers dan ook de afsluiter van het vaarseizoen. Na de ‘24 uurs race’ wordt de boot geprepareerd voor de 200 myls.
De uitrusting die net als de inhoud van de vele kastjes zo tegen het einde van het seizoen de boot uitpuilt wordt kritisch onder de loep gehouden en al de overbodige spullen gaan van boord.
Omdat ik dit jaar een route over zee wil gaan doen gaat het reddingsvlot aan boord. En de dacron zeilen worden vervangen door de Kevlar garderobe.
Op vrijdag 24 september word ik uitgezwaaid door de familie en via wat omzwervingen gaat het richting Muiden. Op maandag 27 oktober kom ik in Muiden aan. Het is hier al een drukte van belang.
Een drukte van belang in Muiden
Als Jaap Broer met zijn Di Vagi in de haven arriveert wordt de traditie, die wij voor iedere wedstrijd hebben, in ere gehouden namelijk het gezamenlijk verorberen van enige gerookte palingen terwijl we ze wegspoelen met gerstenat uit Enschede. Het was dit keer de beurt voor Jaap om de palingen te verzorgen. En eerlijk is eerlijk de omweg via Volendam was dit jaar een goede keuze want de palingen waren weer overheerlijk.
Als Dik Geurts de haven binnen komt en hij zijn boot en de Scheerling tooit met zijn sponsorvlaggen kunnen Jaap en ik het niet nalaten ook onze boten te tooien met de Friamco vlaggen.
Zowaar we krijgen positieve reacties en Jan Luyendijk vraagt zelfs of ik ook een vlag voor hem heb, helaas, maar Jan volgend jaar heb ik ook een vlag voor jou aan boord ??
Sponsorvlaggen in de Muider haven
![]() |
![]() |
Dinsdag is iedereen druk bezig de laatste aanpassingen aan de boot te doen en heerst er een gezellig sfeertje. Iedereen is bij elkaar aan het buurten en probeert elkaar de tactiek te ontfutselen. Iets waar meestal met een kwinkslag op wordt gereageerd. Dat het ieder jaar steeds serieuzer wordt blijkt wel uit het volgende, er worden namelijk op enkele schepen havenbemanningen gesignaleerd, vooral op de ‘Xinia’ is men daar heel serieus mee bezig en tijdens de race zal Jacqueline vanaf de basis op de wal van advies worden voorzien wanneer en welke baan zij moet zeilen. (Bij Lelystad gaat ze eerst mee naar de sluis, als wij de telefoon bij haar aan boord horen gaan, keert ze op slag om en gaat route 1 zeilen).Op dinsdagavond wordt de plaatselijke Chinees weer door velen bezocht, waarna bij ‘Ome Ko’ de appeltaart met slagroom en de koffie klaar staat. Hier wordt het Palaver verzorgd. Dit jaar is er veel nieuws in het bijzonder de MySafety is nieuw. Dit is een GPS/GSM positiesignalering systeem kompleet met alarmknop en zal de telefoontjes met ‘200 Myls Bob’ vervangen. Het gehele systeem is nieuw en uniek in de wedstrijdzeilerij. Omdat de race zwaar belooft te worden krijgen we een soort peppillen en astronautenvoeding van een sponsor mee. Ik houd het geloof ik maar op mijn vertrouwde maaltijden en probeer een en ander wel op een ander moment uit.
Het weerbericht wat door Frits Bartels wordt verzorgd beloofd weinig wind en de wind die er is zal variabel zijn en in hoofdzaak in de nacht actief zijn. Na het palaver gaat ieder snel terug naar de haven en worden de laatste zaken nog even geregeld onder andere het fotograferen van de eigen boot, waarna door velen de wekkers worden gezet.
Op woensdag 29 september begint 5 uur 30 de telefoon te piepen ten teken dat de dag van de start is aangebroken. Ik steek mijn hoofd uit het luik en helaas voor onze weerman, maar gelukkig voor ons zeilers, het waait! Snel koffie zetten en bacon met eieren bakken voor mijn ontbijt. Links en recht komt er beweging in de haven. Alle afsluiters dicht zetten en de zeilen aanslaan. Om 6 uur 30 vertrekken de eerste boten, enkele deelnemers krijgen opeens een waas voor de ogen en zonder opkijken word er een hele rij boten losgegooid. Dan opeens een enorme knal en mijn boegverlichting is uit. De buurman voor mij is volgas achteruit tegen mijn boeg gevaren. Het gehele twee kleurenlicht is verdwenen. Met een sorry verdwijnt hij snel in de duisternis. Ik hoop dat hij nog eens het fatsoen heeft om zich te melden. Wij liggen met zijn allen nu los en als Frits Bartels probeert weg te varen vertikt zijn boegschroef het. Ik geef hem een zet en hij heeft nu de ruimte om weg te varen.
Omdat er nu ruimte is kan ik weg waarna de ‘Xinia’ van Jacqueline ook weg kan varen. Buiten de haven zet ik mijn zeilen. Nu blijkt ook dat het stevig waait. Om klokslag zeven druk ik de MySafety in en vertrek richting Marken. Voor mij zeilt al een Bavaria, ik meen de Passie te herkennen, deze is waarschijnlijk te vroeg gestart.
Ik besluit om boven Pampus langs te zeilen waardoor ik het Paard van Marken ruim kan bezeilen. Het gaat snel, 6 tot 7 knopen. De trimaran die buiten mededinging mee doet spuit me voorbij. Om het Paard van Marken heen gaat het scherp aan de wind richting de GZ2 bij Volendam. Tijdens een dikke regenbui krimpt de wind en kan ik door één extra slag te maken de boei ronden. Nu gaat het richting Nek, John van der Starre zeilt me voorbij ik lig nu vierde. John heeft het nu wel veel gemakkelijker dan tijdens de surf 11-stedentocht waarbij wij hem massaal steunden om in de februari kou de finish te laten halen, ondanks de kou bleef hij dan lachen, iets wat diepe indruk op velen maakte.
Met één keer kruisen kan om 10 uur 10 Nek gerond worden. Nu een ruime koers richting de OVD. Ik ga de spi zetten, tijdens een dikke windvlaag loop ik uit het roer en schieten de 2 nieuwe titanium sluitingen los. En de nachtmerrie van iedere zeilers is een realiteit. Als een vlag wappert de spinaker hoog in de mast voor mij uit. Eerst laat ik de val vieren, resultaat een spi die hoog in de lucht op 14 meter van de mast afwaait, ik draai het hele zaakje weer in en vaar eerst voor de wind en val dan in een keer af en zie daar de spi zakt in de luwte van de zeilen tegen de boot en kan ik de kletsnatte spinaker binnen halen. Doodmoe zit ik in de kuip.
Na een poosje probeer ik de kleine spi te zetten, en jawel daar schieten de haken weer los. Vloekend bedank ik George Kniest voor de kwaliteits sluitingen. Na enige tijd heb ik de hele kajuit vol liggen met een 130 m2 nat spinakerdoek. Ik ben bekaf en nat van het zweet, ik geloof het wel en zet de genua weer en vergeet het hele spinaker gebeuren. Door dit alles zijn vele boten mij ondertussen voorbij gelopen. Ondertussen beslis ik dat het In verband met de wind vooruitzichten beter is om route 1 maar te vergeten en ik besluit om het noordelijke IJsselmeer op te gaan en route 2 te kiezen.
Vrouwtje van Amstel vaart ook richting Lelystad, bij de sluis gaat haar telefoon en prompt keert ze terug om route 1 te zeilen. Ik zeil Solo en besluit het ook Solo te blijven doen, vrijheid blijheid. Na twee en een half uur is de herstart bij de EZ 29 en stuur ik weer mijn positie via de MySafety naar de sterren. Ik ben er nu achter dat als je het apparaat tijdig rechtop zet hij de satellieten beter vind en het signaal correct wordt verstuurd. Met een scherp aan de winds rak blijkt al snel dat Harlingen niet tijdig is te halen en ik kies nu definitief voor route 4, dus op naar de staak WP 12. De ‘Scheerling’ en de ‘Bondi 2’ zeilen mee. De ‘Chill Out’ passeert ons. Kruisend ronden we achter elkaar om 18 uur 30 de WP 12. Omdat ik ondertussen de spinakers heb opgeruimd overweeg ik om de grote spi weer te zetten. Ik haal de sluitingen weg en knoop de schoten aan de schoothoeken, en warempel zonder problemen bolt de spi zich. En een machtig spinakerrak richting Urk volgt. Bij Urk wordt bijna gelijktijdig met de Scheerling en de Bondi 2 de UK 16 gerond.
Ik besluit hier om de haven op te zoeken. En al is het traditie ook de ‘Chill Out’ ligt hier, hij was net een half uur eerder afgemeerd. Na een dag zeilen vind ik dat ondanks de ellende die ik met de spi’s heb gehad ik toch een goede dag heb gezeild. Na het omkleden even eten bereiden, kip kerrie met rijst, lekker en gemakkelijk waarna ik samen met Henk Bulthuis een biertje drink. Donderdag, de tweede dag, begint met zonneschijn echter de windgoeroe voorspeld voor later op de dag en in de nacht windkracht 4 tot 5. Om een uur of negen laat de wind zich gunstig voelen en ik vertrek richting Sport B. Na bij de UK 16 mijn positie weer verstuurt te hebben ga ik onder spinaker richting het noorden. Het beloofd een schitterende dag te worden.
Onder spi richting Sport B.

Het is volop genieten en met een gangetje van 5 tot 6 knopen vliegen de mijlen voorbij. Ik zet een CD met klassieke muziek snoeihard aan en de klanken van “Sailing” welke tijdens de finish van de ‘Flyer’ werd gespeeld vliegen over het water.
Dit is genieten en achterom ziend ligt er een schitterend zog achter de Lady A.
De Jager
Bij Stavoren zie ik de Peter van der Schaaf met zijn ‘Jager’ en Jaap Broer met de ‘Di Vagi’ onder de wal kruisen. Om een uur of drie wordt het bewolkt en begint de wind iets aan te wakkeren en nadert de Sport B spoedig.
Tijdens het ronden zet ik de voor route 4 verste boei op de foto en gaat het richting LC 9. Na een dik uur op tegenliggende koers kom ik de achterop zeilende boten tegen.
Om een uur of 5 begint het te regenen en wordt het zeilpak weer aangetrokken. Als ik Ids Witteveen met de ‘Rocinant’ tegen kom zie ik met verbazing dat hij, terwijl het regent, onder een enorme parasol weggedoken is, de optimist.
Ids Witteveen onder de parasol
Ondertussen draait de wind naar het zuidoosten en ik kom er achter dat ik de verkeerde boei ben gerond in de verte zie ik de LC 9 en moet een slag maken om alsnog de juiste ton te ronden. Vanaf de LC 9 welke om 19 uur 9 word gerond gaat het kruisend naar de SB 10 en terwijl de wind aanhaalt kruis ik in de vallende duisternis richting Lemmer.
Ondertussen meld ik me telefonisch bij Bob om alle posities door te geven.
Ik maak eerst een slag richting de Friesche kust om tijdig over stag te gaan want ik blijf zoveel mogelijk ten zuiden van de rode tonnenlijn, dit omdat hier enkele onverlichte tonnen liggen. Ook bij de meetpaal liggen nog twee gele onverlichte staken.
Genietend van een lekkere kop hete koffie zie ik achter mij nog een vaag toplichtje schijnen.
Om 21 uur 45 wordt de SB 10 gerond. Omdat Enkhuizen nu ook met een ruime wind is te bezeilen besluit ik om door te gaan en eventueel bij het museum te ankeren. Met een dikke wind die ruim invalt vlieg ik richting Enkhuizen soms verschijnt er 8 knopen op de GPS.
In een kleine twee uur ben ik bijna bij de KG2. Ik stuur mijn positiemelding weer met de MySafety richting regattabureau, en omdat het heerlijk zeilweer is besluit na het ronden van de KG2 koers te zetten richting Hindelopen.
Terwijl Queen haar klanken over het IJsselmeer schalt, vliegt de Lady met 8 knopen naar het noordoosten. Dit zijn mooie rakken. Bij Stavoren moet ik warempel nog uitwijken voor een visser.
Strak om de pieren van Stavoren zeilend besluit ik definitief om in Hindelopen te ankeren.
Om half twee zie ik het witte schijnsel van de H2 oplichten en om tien voor twee rond ik de H2.
Als ik de zeilen laat zakken komt er nog een grote rode Rib met een enorme schijnwerper bij me om te zien welke idioot nu weer op de drempel bij Hindelopen is vastgelopen. Ik zwaai maar en beduid hem dat er niets loos is.
Om twee uur vind ik een heerlijk rustig plekje achter de dijk bij Hindelopen en laat ik mijn anker zakken. Nog een keertje gas geven met de motor in zijn achteruit om het anker in het zand te trekken en dan gaat de motor uit en lig ik lekker te deinen op een zachte golfslag achter het anker. De stormlamp aan de giek en de natte zooi uit waarna, terwijl ik geniet van een BB’tje, het logboek wordt bijgewerkt.
Ik geniet van een heerlijke nachtrust en om half acht word ik spontaan wakker.
Eitje met spek bakken, koffie zetten, straatje schrobben, scheren, wassen en Frits is weer klaar voor een lekkere dag zeilen.
Om half negen rond ik weer de H2, en omdat de afgelopen nacht de flitser het niet deed zet ik de boei nu op de gevoelige plaat. Met ruime wind richting de pieren van Stavoren. Nadat deze gerond zijn zeil ik ruim om de ondieptes heen om daarna koers te zetten naar de EZ 29.
Helaas een dikke tegenvaller op dit rak de wind is gedraaid en zwakt ook nog af, dus kruisend met zwakke wind richting Lelystad. Op het laatste stuk is de wind helemaal weg en over twee mijl doe ik dik een uur.
Wat kan zo’n rotboei dan ver weg liggen. Nadat ik om drie uur de EZ 29 heb gerond gaat het op de motor richting sluis, het gaat voorspoedig dit keer en anderhalf uur later ben ik al bij de OVD. Hier is YachtVision bezig met televisieopnames. Uiteraard geen belangstelling voor mij maar alleen voor de Primeur van een C-Yacht.
Terwijl ik onder de aantrekkende wind richting de PH boei zeil bak ik voor mezelf een heerlijke maaltijd gebakken aardappelen met spekjes.
Het rak naar de PH is goed te bezeilen echter de spi kan niet omhoog en blijft beneden deks. Daar ik aan de zuidkant van de vaargeul blijf mis ik door het slechte zicht de boei bijna.
Na het ronden om 18 uur 20 gaat het richting Marken. Terwijl k bij Marken contact met het regattabureau zoek om mijn posities door te geven, komt er een pikzwarte lucht opzetten waaruit lekker veel wind komt.
Om een uur of half negen rond ik de NEK boei. Nu zet ik koers naar mijn overnachtingshaven, Volendam.
Dit Rak van Nek naar Volendam nekt me bijna. Tot vijf keer toe een windschifting van 180 graden.
Mijn stuurautomaat weet het niet meer en geeft de geest, da’s pech. Gelukkig heeft ‘Aeolus’ nu medelijden met me en hij begint krachtig uit het westen te blazen. En kan ik de GZ 2 Scherp aanzeilen.
Om 22 uur 02 rond ik de GZ 2 en zoek achter in de haven van Volendam een rustig plekje voor de nacht op. Nu hoef ik morgen maar 12 mijl te zeilen.
Als ik ’s de haven verlaat regent het. Nu de stuurautomaat de geest heeft geven is het zetten van de zeilen nu moeilijker en omdat ik tijdens het zeilen zelf moet sturen heb ik wat koekjes en drinken in de nestkasten gelegd.
Om negen minuten voor acht rond ik weer de GZ2 en met een strak windje uit het zuidwesten gaat het richting de BVK. Ik kan de mijlen nu aftellen en met deze wind gaat het voorspoedig. Onder een mooie bewolkte hemel met zo nu en dan een vriendelijk zonnetje rond ik om zeven minuten over half negen de BVK, nu nog zes mijl al is dit wel kruisend. Mijn GPS geeft een aankomsttijd aan die varieert tussen kwart over tien en half elf. Door de schiftende wind kan ik de hoek van de Pampushaven niet halen en moet nog een keer een slag richting de Hollandse kust maken.
Als mijn GPS een peiling van 80 graden op de IJM 17 geeft ga ik nog een keer overstag en rond om 10 uur 23 de laatste boei terwijl ik nog een keer mijn positie naar de sterren stuur.
Ik verwacht dat er al vele deelnemers in Muiden zijn en dat ik zeker niet de “line honors” heb.
Wat schetst echter mijn verbazing als ik door Jan Luyendijk word gefeliciteerd met het behalen van de ‘Line Honors’.
Als ik later met Jan napraat blijkt dat hij helaas moest opgeven.
Dit nadat hij eerst hard tegen een stag was geknald en de volgende dag zijn oog dicht zat. Dit vind ik hartstikke sneu voor de vader van de 200 Myls. Maar Jan een ding moet me nog van het hart “Het was dit jaar weer Bjusterbaarlijk” en ik wil jou, het team van het Regattabureau en de familie Capel hartelijk bedanken voor alles.
Oant sjen, oant oktober twatûzend en fiif.
(tot ziens, tot oktober tweeduizend en vijf)
Frits Brattinga,
s/y Lady A.
200 mijls 2004, de race van 200 weerberichten.
door : Jaap Homan
vrijdag 1 oktober.
Het is nu even na 8 uur. Ben op weg naar de WP12. Het is koud en typisch herfstweer. De wind is nu ZO 15 kn. Schiet wel lekker op.. Voor mij enige andere solisten. Kan niet zien wie dat zijn. Hoe anders waren de vorige dagen.
Woensdag 29 november de start:
Vanuit de propvolle haven vertrekken bijna 80 schepen. We zijn allen voorzien van de bekende attributen: cap, logboek en fototoestel. Daarbij nog iets heel speciaals: My Safety, een klein apparaatje dat tegelijk GPS en GSM is. Als je op de knop drukt wordt de positie, tijd en identificatie doorgestuurd. Alle boeipassages worden zo perfect vastgelegd.
Alleen Bob Luyendijk heeft het nu nog zwaarder, want hij moet alle beschikbare gegevens intikken. Daarna zet hij de tussenstanden ook nog op internet. Alleen die van mij weet niet waar hij is. Er zijn meer defecte apparaten. Zenden doet hij wel. Lijkt mij een heel nuttig instrument. Heel veel toepassingen zijn denkbaar.
De weerberichten spreken elkaar tegen. Ruimende wind, krimpende wind, geen wind.
De race:
Start voor mij om 7.14 uur. Tot aan het paard ruim bezeild. Opkruisen naar de MN1GZ2.
Niet echt leuk door een stevige windbui. Meer dan 20 knopen uit NNW. Ook de Nek is niet meer bezeild. Kom een halve mijl onder de boei uit. Daarna onder spi op weg naar de OVD3. Gaat oerend hard. Ben een paar minuten voor 12.00 uur bij de boei. Omdat de wind heel zwak dreigt te worden kies ik voor route 1.Ga dus door naar de P15, direct naast de Y-toren. Op motor door naar de marina in IJmuiden. Met mij enige anderen. De bedoeling is om rond 02.00 uur donderdagmorgen te vertrekken richting Kornwerderzand. Afstand 59 mijl.
Alleen, er is geen wind, totaal niets. Onder de zeilers verwarring. Als eerste moet je binnen 24 uur na de passage van de P15 bij de Baloeran zijn. Als tweede geldt uiteraard het tij. Dat gaat pas meelopen rond 15.30 uur. Uiteindelijk vertrek ik maar. Meld me om 13.20 uur bij de boei.
Onder spi naar het noorden. De wind is globaal ZO 8 knoop. Zal later toenemen. Heel relaxed allemaal. Word opgelopen door alle grotere boten. Als eerste door de Bandos, later door onder meer twee waarschepen 1010. Bij Den Helder even opsteken naar de MH4, voor de deur van de haven van Den Helder. De spi gaat eraf. Het tij staat voluit mee. Met 9 knopen richting Oudeschild. Daarna met veel regen en maar net bezeild richting Kornwerderzand. Ben eigenlijk een beetje overtuigd. Laat het grootzeil maar leeglopen als alternatief voor een rif. Heel slecht zicht. Start de laptop voor de elektronische kaart. In combinatie met de zichtbare boeien een uitstekend hulpmiddel. Om 21.33 uur bij de BO8. Kom tegelijk met de Xinia en even na de Franschman in Kornwerd. Door de sluis en afgemeerd in Makkum. Ben doodmoe. Alles is drijfnat:Zeilen, Spi, Zeilpak. Allemaal niet leuk. Een paar boten gaan door naar Medemblik.
Vrijdag wordt heel bijzonder. Ik meld mij om 7.49 uur bij de VF4. Daarna bezeild naar de WP12.
Dat dacht ik, maar de wind begon te ruimen en af te zwakken. Werd niet leuk. Na de Bandos en de Indra rond ik de boei. Daarna onder spi door naar Hindeloopen. Een gijp en door naar de sport B. Heel moeilijk te verkennen door het nevelige weer. Lang leve de GPS. Met zwakke wind door naar de VZ1 en daarna weer onder spi door naar Den Oever. Achter in de kom nabij het sluisje voor anker. Heerlijk rustig. Hier liggen onder meer de Connector en de Audacious .
Vroeg te kooi. Even later roffelt de regen op het dek. Mooi al het zout van de wadden eraf. Om 6 uur eerst de kachel aan. Een zwak windje waait over de haven..Na een stevig ontbijt maar weer op weg. Om 7.45 uur bij de WV14 tegelijk met een zwart schip waarvan ik de naam niet kan zien. Prachtige wolkenlucht en een zware bui boven Enkhuizen.
Nu twee uur later geen wolk meer te bekennen. De barometer is inmiddels twee punten gestegen! De wind is iets aangetrokken. De Audacious speert mij voorbij. Na de sluis maar door met de HA fok. Is een juiste beslissing.
Bezeild naar de NEK boei. Daarna niet meer bezeild naar de finish. Een zware bui nog voor het Paard. Ook een waarschuwing 6 beaufort van Lelystad. Wissel de HA fok voor de werkfok. Blijkt niet juist, want een half uur later weer de HA. Daarna een gevecht gevoerd met de Layam, een first 35 voet.
Traditiegetrouw gefinisht bij de M1 om 18.54 uur….
Joep Homan,
S/Y Almare.
WV de Schinkel – 2004
|
|
oktober 2004

nieuws op de website van de ‘wsv AVOH’
| Het is nu de derde week na de 200 myls en ik heb pas sinds gisteren het gevoel dat ik ervan uitgerust ben. Deze 200 myls vond ik de zwaarste van die ik gedaan heb. Het was de zevende alweer. Maar het was eigenlijk de eerste waar ikzelf het meest tevreden over ben. Dat had alles met mijn instelling te maken. Ik had mij niet vantevoren gespitst op een goede classering maar als doel het uitvaren van de tocht binnen de bepaalde tijd gesteld. Mijn tegenstanders betrof dan ook niet mijn medezeilers maar het weer en bovenal mijzelf. Ik heb van beide gewonnen en dat stemt mij tevree.Naar mijn gevoel zijn er 2 soorten deelnemers in de 200 myls. Degene die gaan voor een classering en degene die hem willen uitvaren. Wat beide kampen delen is de spanning. Vooral voor het vertrek. Met name de ochtend van het vertrek. Ik was blij dat ik niet in die volle kom lag en mij met ellebogen en schouders er tussen uit hoefde te wringen.Eigenlijk schandalig dat medezeilers zonder overleg hun bootje losgooien en er als een blinde van door gaan. Zeilen is niet zo moeilijk. Kwestie van die lappen hijsen en dan ga je wel. Het manoeuvreren en rekening houden met andere vereist daarentegen nogal wat inzicht. Degene die dat niet beheersen zouden niet eens mee mogen doen of achteraf alsnog gediskwalificeerd moeten worden . |
Ook een merkwaardige opvatting vind ik (en dat hoor je steeds meer ),dat je dapper gevonden wordt en zelfs bejubeld als je na een aanvaring alsnog de 200 myls uitvaart . Ik zou weleens willen weten hoe het mogelijk is dat iemand zijn boot tegen een ander zet. Voorrangsregels niet kennen ? Oververmoeid ? Niet goed opgelet ? Ikzelf moest onderweg wijken voor een medezeiler die geen voorrang had op mij. Er was echter niemand aan dek om mij waar te nemen, terwijl het zicht slecht was. Ik vind dit alles getuige van slecht zeemanschap. Of wat te denken als iemand in het holst van de nacht in de fuiken vaart, overboord springt, zich lossnijd en vervolgens doorvaart. Is dit dapper? Bedenk dat je met het doorsnijden van fuiken iemands broodwinning naar de klote helpt. Laat in ieder geval je kaartje achter en vergoed de schade.Ik ken mensen die de 200 myls een kamikaze noemen. Ik ben het niet met hen eens. Het is een fantastische tocht waarbij je je grenzen kunt verkennen en verleggen (soms moet je een stap terug doen).Man\Vrouw, weer en boot. Dat is waar het omgaat. Misschien kun je daar wel nummer 1 in worden of bij de eerste 80 eindigen.Jan, je organiseert die tocht fantastisch. Waak ervoor dat het geen kamikaze tocht wordt. Met groet en dank, Herman Tieman. Nan |
![]() |
|
| 200 myls SOLO – 2004 geplande schietoefeningen opgeschort |
|
| Jan Luyendijk | 02-09-04 | |
MUIDEN (NED) – Op 29 september a.s. start voor de negende maal de 200 myls ‘SOLO’. Maandag kreeg de organisatie te horen, dat er in deze 40e. week weer eens schietoefeningen waren gepland, in het schietgebied nabij Breezanddijk. Diverse banen, ook i.v.m. kruisrakken (niet te verwarren met kruisraketten) lopen door dit schietgebied heen.Na intensieve onderhandelingen echter is het gelukt de schietoefeningen 2 weken te laten opschorten, zodat de 80 solo-schippers Wad en IJsselmeer probleemloos kunnen bezeilen.foto © marine.nlwww.200myls.nl |
|
![]() |
Amsterdam, 9 juni 2004Waarde Jan,Afgelopen week iets bijzonders meegemaakt. Zoals je weet is de V15 niet meer. Voor altijd weg. Wat je nog niet weet, is dat in stormachtige nachten op de plaats van de V15 vreemde lichtverschijnselen zijn waar te nemen. Alsof iemand met een schijnwerper een spelletje speelt. Tevens is het silhouet waar te nemen van een jacht met een Japanse vlag. Allemaal heel onduidelijk.Op weg naar de ronde van Texel dit verschijnsel wetenschappelijk benaderd. De GPS gaf de positie van de V15. Ik dacht, dan maak ik meteen een foto van het water. Allemaal digitaal dus hoogst onbetrouwbaar. Wie schetst mijn verbazing als heel onduidelijk een scheepje zichtbaar is. Zelf zag ik niets maar het fototoestel legde het toch vast…. Hierboven dan die twee fotos. Straks op 10 juli start de Colin Archerrace. Jaap Homan |
VERSLAG VAN DE 200 MYLS SOLO RACE 2004Frans Hoving v/b Zeebeer
Dit jaar hebben we aan boord van de Layam gegeten in plaats van bij Graaf Floris. De Layam is Barends verlangen naar de zee. Barend had een prima Mediterrane pot gekookt, om ons nog even het naderende herfstweer te laten vergeten. Albert de Brouwer van het Waere Hout, een enthousiast verteller, en Hans Pietersma van de Francis aten ook mee.
Dit keer aten we in alle rust en kwamen we mooi op tijd bij Ome Ko.
Behalve de gebruikelijke goede adviezen, het logboek en de pet kregen we dit keer niet alleen een fotocamera mee, maar ook een GSM/GPS-unit met een rood en een groen knopje.
Door op het groene knopje te drukken, zend je tijd en positie door naar een centrale en wordt deze direct op Internet weergegeven. Druk nooooiiit op het rode knopje, maar waarom toch niet? Dat is een van de vragen die mij de komende vijf dagen zal bezig houden. Vele malen heb ik op het punt gestaan het rode knopje toch in te drukken, maar de angst voor diskwalificatie weerhield mij. En als het donker was, pakte ik eerst de zaklantaarn om te controleren of ik wel op de juiste kleur drukte.
Ook mocht je niet zomaar het rode en groene knopje tegelijk indrukken, maar daar kregen we wel een uitleg bij. Dat zou nl. de verkeerspolitie in Driebergen alarmeren. Een beetje onhandig dacht ik nog, je hebt meer aan Den Helder Rescue, maar toen ik weer thuis was, snapte ik de logica. Onze doorgegeven posities werden namelijk getoond op een wegenkaart van Nederland! En daar weten ze in Driebergen alles van.
Ook kregen we een pakket doping mee, bestaande uit poeders en pillen, waarvan ik me direct voornam deze niet tot mij te nemen, voordat ik het wedstrijdreglement opnieuw bestudeerd had. Het zou wel eens een list kunnen zijn van de organisatie om de wankelmoedigen onder ons te verleiden tot diskwalificatie.

Tot slot droeg Jan Luyendijk ons op om vooral weer leuke anekdotes in het logboek te noteren. Daar sloeg de schrik mij om het hart. Ik weet niet hoe dat voor de andere deelnemers ligt, maar ik maak nooit wat mee onder het zeilen! Ik zit vier en een halve dag aan het roer, kijk een beetje naar de zeilen, zwaai naar andere deelnemers, luister naar de radio, lees een boek, overdenk mijn leven en dat is het wel. En als ik wel iets meemaak, is het nooit leuk, dan loopt het schip uit het roer, vaar ik op een onverlichte ton of stoot ik mijn hoofd.
Met een bezwaard gemoed zocht ik die avond mijn kooi op en viel al snel in een onrustige slaap. Ik droomde dat we tijdens de prijsuitreiking om de beurt naar voren werden geroepen om een leuke anekdote te vertellen en dat de zaal stemmen uitbracht met de GSM-units. Woensdag Aan de wind zeilen is een kunst Ik word wakker van de schippers om mij heen, die hun schepen in gereedheid brengen. Ik besluit eerst te douchen en te ontbijten. Onder de douche hoor ik Barend: “Ben jij dat Frans? Ik herkende je schoenen.” We wensen elkaar succes voor de komende dagen. Het loopt al tegen achten als ik mijn ontbijt achter de kiezen heb.
Dit is de tweede keer dat ik mee doe. Vorig jaar met een Waarschip Kwartton, zonder stuurautomaat, dit keer met een Waarschip 900+, mét automaat (en wat voor één, een Autohelm 4000). Ik heb dit schip dus nog maar net, maar lang genoeg om te ontdekken dat het héél anders zeilt dan mijn oude trouwe Iguana Iguana.
Ik maak los en wurm mezelf de box uit. Aan het eind van de Vecht komt Peter van de Schaaf me tegemoet. “Even voorzeil wisselen”, antwoordt hij op mijn verbaasde blik. Ik besluit om ook maar te reven, er komen flinke buien over. Om 8.30 ben ik gestart.
Erg hard gaat het niet, ik heb eigenlijk te weinig zeil op. Ik heb een high aspectfok van 20 m2 en een hoog opgesneden stormfok van 4,5 m2. Dat verschil is te groot.
Bovendien hang ik de theorie aan dat een Waarschip 900+ rechtop gezeild dient te worden. Ik ga in de loop van de wedstrijd steeds meer aan mijn theorie twijfelen, want op deze manier aan de wind zeilen is geen succes. Voor mij uit vaart de Batavus, een zeer zwaar rond schip, maar zelfs die haal ik niet in. Vertwijfeld grijp ik naar mijn ANWB boekje over zeiltrim, dat helpt iets, maar niet voldoende. Mijn gemiddelde snelheid ligt rond de 3,5 knoop. Dat is toch beneden alle peil. Als ik het later vergelijk met de snelheid op hetzelfde traject (M1 – NEK) van het Waere Hout, ook een 900, maar dan zonder +, dringt pas goed tot me door hoeveel beter het moet kunnen. Hij vaart twee knopen sneller!
Enfin, de lucht klaart langzaam op en het wordt een genoeglijke tocht. Jas en zeilbroek gaan uit en ik zit bij een voordewindse koers vanaf NEK heerlijk in het zonnetje. Bij de OVD 3 aangekomen besluit ik route 1 te laten vallen. Hoewel voor morgen de wind uit de goede hoek voorspeld is (ZW) voor een tochtje over de Noordzee, lijkt er zo weinig wind te zullen staan, dat een spi absoluut vereist is. Die heb ik nog niet op dit schip en ik wil niet net als vorig jaar bij Zuiderhaaks moeten ankeren omdat het tij tegenloopt. Dus zeilen omlaag en meteen de motor aan, dat heb ik ook geleerd van vorig jaar, zorg dat je accu’s op peil blijven. Dat is dubbel zo belangrijk nu ik zo een stroomvretende stuurautomaat aan boord heb.
In de sluis praat ik met Henk van de Batavus. Naast mij maakt een Duits jacht vast, met vijf stormvast ingepakte en gezekerde opvarenden, die geïnteresseerd vragen aan welke wedstrijd ik heb meegedaan. Als ik vertel dat die net begonnen is, kijken ze wat bevreemd naar mijn outfit van katoenen broek en lamswollen trui, die in hun ogen geschikter is om te tuinieren dan om mee te zeilen.
Even denk ik dat ik hekkesluiter ben, maar later volgen nog een paar deelnemers. Route 2 laat ik nu ook vallen, het volgende rak is nu niet bezeild en morgenavond boven de eilanden langs naar Texel lijkt me geen optie bij een zwakke ZW. Ik doe als de rest en ga voor anker onder de dijk. Ik kook een heerlijke maaltijd, verse groenten, sla, een stukje thuis gebraden lamsbout en rijst. Vandaag heb ik geen enkele afstand van betekenis afgelegd, maar ik ben zo moe als een hond. Ik hijs de olielamp onder de zaling en kruip in mijn slaapzak. Om acht uur ’s avonds ben ik in diepe slaap. Donderdag I need spi(ed) Om 02.00 ’s nachts steek ik mij hoofd uit het luik, de maan schijnt en het is een prachtige nacht. Helaas is de wind nog steeds NW, dus weer slapen. Om een uur of 7 word ik weer wakker. De zon komt prachtig op, dit wordt een zomerse dag! De wind is inmiddels gedraaid naar ZO, maar wat is ie zwak. Ik sta geamuseerd naar de schipper van de Cygnus te kijken, die onder het ophalen van het anker de ketting schoonborstelt. Hoe ver kan een mens gaan in zijn liefde voor het schip, denk ik. Dan haal ik mijn eigen anker op en zit de kortste keren onder de zwarte pikzwarte smurrie. De schipper van de Cygnus stijgt weer in mijn aanzien…
Direct na de EZ 29 spuit de Magic mij voorbij, een Waarschip Kwartton getooid met een spi en een gennaker, terwijl ik zuur naar mijn slaphangende genua zit te kijken. Dan maar insmeren met zonnebrand en mijn boek gepakt. Ik lees In Europa van Geert Mak, bij uitstek geschikt om te lezen onder het zeilen, omdat het uit allemaal korte stukjes bestaat. De hele dag kijk ik naar de halfwinder van de Cygnus, die een paar mijl voor mij uitvaart.
Urenlang ligt de snelheid rond de 1,5 à 2 knopen. Pas bij de Kreupel trekt het iets aan en als ik keer voor het rak naar Urk gaat de boot zowaar een beetje hellen. Ik stuur maar achter de Cygnus aan en ga een potje koken. Het zomerweer is inmiddels verwaaid en het gaat regenen. Langzaam wordt het donker terwijl ik me voor de variatie op de pasta met gehaktballen stort. Urk is niet bezeild en ik maak in het donker een paar lange slagen. Vlak bij mij zitten twee andere deelnemers, waaronder de Cygnus. Het is lastig oriënteren bij Urk in het donker, er liggen veel te veel tonnen daar. Het valt nog niet mee om de goede boei er tussen uit te halen. Wat ook niet meevalt is dat ik tegenwoordig een leesbril nodig heb, om in het donker kaart te kunnen lezen.
Ik ben al een paar keer in de schijnwerpers gezet door oplopende binnenvaarders, die mij steeds op ruime afstand inhalen. Een ander vaart dwars voor mij langs richting Urk. Plotseling wordt ik weer in een fel licht gezet, maar nu van voren. Die binnenvaarder die voor me langs voer is gedraaid en komt nu recht op me af! Als de hazen val ik 90 graden af en blijf in de wedstrijd. Helaas kost me dit weer een extra slag om bij de boei te komen.

Inmiddels heb ik uitgepuzzeld hoe ik het beste de haven kan binnenlopen zonder op een van de tientallen onverlichte staken te varen. Ik heb het niet op Urker vissers en niet op Urk en mijn vooroordeel wordt hier weer bevestigd. Dit lijkt het verkeerspark in Assen wel! Mijn ligplaats is ook al niet je dat, ik lig te rijen aan de passantenkade in de havenmond. De wind stuwt de golven recht de haven in. Ik zet het roer vast, klem vier stootwillen tussen het schip en de zanderige kade en hoop er het beste van. Ik maak nog een praatje met de schipper van de Cygnus en bel mijn vriendin, die prompt vraagt wanneer ik nou op hou met die onzin. Zij respecteert mijn hobby, maar dit vindt ze zwaar overdreven. Na deze peptalk maak ik maar een biertje open. Ik ben nog steeds niet tevreden over mijn zeilprestaties, na twee dagen heb ik 63 mijl afgelegd. Vrijdag Hoop doet leven Het is een beetje heiig, maar wel droog als ik vertrek. Vlak voor mij uit vaart de Cygnus en deze loopt langzaam van mij weg. Ik baal ervan dat ik geen groter zeil dan mijn genua kan zetten. En er staat wat meer wind dan gisterenochtend. Het hele rak naar de Sport B is voor de wind, dus ik zet de genua ver uit met de spiboom. Erg hard gaat het allemaal niet.
Ik luister naar de radio. Eerst gaat het over de kwalen die je kunt oplopen van pijnstillers. Een vrouw belt op met de mededeling dat zij veel baat heeft bij de bandjes van het RIAGG. De presentatrice heeft geduld en langzaam wordt duidelijk dat het gaat om geluidscassettes met ontspanningsoefeningen. Daar laat ze graag iets van horen over de telefoon, dus ze start het bandje en houdt de hoorn voor de speaker. Ze is blijkbaar vastbesloten ons het hele bandje te laten horen, want ze komt zelf niet meer aan de telefoon. De presentatrice draait een plaatje en probeert het nog eens. Nog steeds die kalme stem die ons tot rust maant. En zo gaat het nog een hele tijd door, totdat het nieuws gelezen wordt en een nieuw programma begint. Nu gaat het over de manifestatie van zaterdag aanstaande tegen het afschaffen van VUT en pre-pensioen.
Vroeger protesteerde men tegen honger en kinderarbeid, nu tegen een jaartje langer doorwerken. Aangezien ik nu al voorzie dat ik tot mijn 75e moet doorwerken om de 55-plussers van vandaag te laten tuinieren, vind ik het allemaal maar flauwekul. Tussendoor doemen steeds schepen op uit mist en lossen dan weer op. Ik bel met Barend en zeg dat ik er mee stop, als het niet wat meer opschiet. Daar houdt Barend niet van, ik moet niet zo snel opgeven vindt hij. En gelijk heeft ie. Maar een mens mag wel eens zeuren.
Na de Sport B doemt er een soort van perspectief. Ik kan in een paar lange slagen tot onder Stavoren komen, het stuk naar Lemmer is exact bezeild en de verwachte draaiing van de wind naar ZW blijft uit. Dat betekent dat Enkhuizen vanaf de SB 10 ook bezeild is!
Onderweg naar de SB10 valt het duister in. Ik zie aldoor een vage vlek voor me uit die ik houdt voor een beginnende staar. De dokter maar eens bellen als ik terug ben. Pas als ik er vlak bij ben, zie ik een platbodem die net ten noorden van de tonnenlijn voor anker ligt. Zijn ankerlicht brandt wel, maar dat is niet te zien vanaf de kant waar ik vandaan kom. Volgens mij hangt zijn wimpel er overheen. Sukkels! Bij de SB 10 doet de GSM-unit het niet, dus ik maak een extra rondje voor een foto en besluit de passagetijd door te bellen. Prompt wordt me gevraagd alle tijden vanaf de M1 door te geven, omdat de units niet goed werken.
Nu vaar ik in het pikkedonker met halve wind naar Enkhuizen. De boot loopt lekker door en ik zit in de opening met mijn benen op het trappetje. Onderweg passeer ik twee zeilschepen, maar kan niet schatten hoe groot ze zijn. Achter mij zie ook nog een zeiljacht, dat langzaam oploopt. Vlakbij de shipping lane Enkhuizen – Urk valt de wind even weg. Gaat ie dan nu draaien, nu ik er bijna ben? Nee, met wat vertraging kom ik toch nog bij de boei. Terwijl ik naar de Compagnieshaven motor, doek ik de zeilen op.
Op een gegeven moment besluit ik toch maar wat op te sturen en 5 seconden later glij ik vlak langs een onverlichte ton. Is dat nu instinct, voorzienigheid of is het gewoon het geluk dat met de dommen is? Ik hou het op het laatste.
Het jacht dat achter me voer, heeft me bij het kruisen van de shipping lane ingehaald.
De volgende ochtend weet ik wie het was, inderdaad, de Cygnus. Dat stemt mij weer tevreden, blijkbaar ben ik bij deze zwakke wind op de aandewindse rakken sneller. In de haven maak ik vast aan een houten kotter en ben tevreden. Ik zie iets dat ik vanmorgen nog niet zag, nl. dat ik binnen de tijd ga finishen. Ik heb nog ruim 24 uur voor 66 mijl, het zou gek zijn als dat niet gaat lukken.
Zaterdag De langste dagHet waait lekker door als ik samen met de Cygnus bij de KG2 vertrek naar de H2. Met een harde ruime wind zijn we in een wip bij Hindeloopen. Als we Stavoren naderen, kom ik er achter dat je wel een rechte lijn kunt trekken tussen de KG2 en de H2, maar dat nog geen vaarbare koers is. Handig zo’n GPS!
Als ik gekeerd ben bij de H2 loopt de Cygnus voorgoed van me weg, hij heeft minder last van de holle golfslag dan ik, bij deze aandewindse koers. Ik vaar met te weinig zeil om hard te gaan, maar voel er niets voor om te ontreven. In de buien is de zeilvoering precies goed, daartussendoor is het duidelijk te weinig. Het is helder weer, ik kan sturen op de Flevocentrale. Onderweg kruis ik een jacht waarvan de driekoppige bemanning lekker achter de genua zit weggedoken. Ik vaar zo dicht onder ze langs dat ik hun koffie kan ruiken en roep dan heel hard BAKBOORD. Dat vinden ze niet grappig. Ik wel.
Naarmate ik Lelystad nader zakt de wind steeds meer in. Nu ontreef ik wel. Bij de Sport wordt ik voorbijgelopen door de Fast Good. Zulke mooie zeilen, daar kan ik alleen maar van dromen. Na de EZ 29 loop ik nog even een jachthaven binnen voor vers drinkwater, ik heb niet veel meer over. Tijdens het schutten kook ik een potje en maak een fraaie foto van Dik Geurts op het voordek van de Bandos.
Nu komen de laatste loodjes. Met een paar lange slagen geraak ik in het invallend duister bij de PH boei. Op de marifoon hoor ik een waarschuwing voor een onverlicht jacht, dat gezien is bij de OVD 3. Ik denk dat het hetzelfde jacht is, dat ik onverlicht heb zien varen bij de BVK. Vlak voor het ronden van de PH kom ik in een heel veld van niet meer zo geconcentreerde solozeilers terecht, die allemaal richting finish zeilen. Eerst wordt ik bijna overvaren door een over stuurboord varende deelnemer, die op het laatste moment uitwijkt. Daarna trekt het gebruis achter me de aandacht van een oploper die van geen wijken weet. Ik sta al achterop met een stootwil in mijn linkerhand en wil net de schipper met de schijnwerper van mijn aanwezigheid op de hoogte stellen, als hij het zelf doorkrijgt. Na het ronden van de PH komt er een derde jacht op me af, maar deze schipper heeft me wel gezien en wil alleen even gedag zeggen.
Ik vaar nu plat voor de wind naar NEK. De maan schijnt, de boot loopt als een tierelier. Wel voel ik steeds vaker een koude windvlaag in mijn nek, wat er op wijst dat de wind weer toeneemt. Als ik dan een keer naar voren reik om de thermoskan te pakken gaat het fout. De boot loopt totaal uit het roer en loeft met een rotgang op. Nu race ik op de kust af. Ik gooi de fok omlaag en breng de boot weer tot rust. Verder naar NEK, nog steeds met ruim 6 knopen. Na de boei zet ik de stormfok er weer op en wil ik eigenlijk eerst een slag maken naar een punt ten zuiden van Hoorn om uit de deining te raken, maar ik verlijer te veel. Dan maar richting Lelystad. Het gaat wel hard, maar ik houd onvoldoende hoogte. Wat ik aan efficiëntie verlies, win ik aan rust. Ik zet de radio aan, kijk naar het maanlicht op de golven, maak soep en vermaak me weer prima.
Dan maar wat later finishen, een wereldtijd zit er toch niet in. Ik ben helemaal alleen op het water, hoe ik ook rondkijk, er is geen andere solozeiler te bekennen.
Van Volendam naar de Blok van Kuffeler gaat weer lekker snel. Wat ze daar aan het doen zijn weet ik niet, maar de hele hemel is oranje gekleurd van het natriumlicht. Over vervuiling gesproken! Dan mag ik eindelijk het laatste rak varen, terwijl het langzaam licht wordt. Het is net niet bezeild met deze zeilvoering en hoewel de wind weer wat is afgenomen, heb ik geen zin meer in een zeilwissel. Ik geloof het wel.
In Muiden aangekomen neemt Al- bert een lijntje aan. Ik ga op zoek maar Barend maar die is gisteren avond al gefinished en slaapt thuis in zijn eigen bed. Na een douche en koffie vertrek ik weer voor het tochtje naar Amsterdam. Voor de Schellingwoude brug geef ik de ruimte aan twee zwervers in een roestige Domp. Met een knallende motor lopen ze op me in en sturen gevaarlijk dicht langs mij. Ze lijken me niet te zien. Staal gaat voor hout!
Bij de sluis wordt ik nog aangesproken door een stel op een Colin Archer. Ik heb de solovlag nog niet gestreken en ze kennen de wedstrijd. Vol trots wijzen ze op hun eigen schip, daar gaan ze volgend jaar een wereldreis mee maken. Tja, baas boven baas!
Na het schutten ga ik naar Aeolus. Ik krijg een box toegewezen en ruim wat op. Als ik ga zitten om een broodje te smeren, zak ik onderuit en wordt een uur later weer wakker van de telefoon. De laatsten zullen de laatsten zijnWelgemoed stap ik 13 oktober in de auto voor een ritje van 20 kilometer. Wat ik gemist heb, is dat er op de rondweg een totale verkeerschaos is ontstaan door een gekantelde tankwagen. Doorijden ho maar. Als ik dan om 21.00 binnenloop, zie ik de toepasselijkheid er wel van in. Als een van de laatsten gefinished, als een van de laatsten in het clubhuis. Gelukkig nog net op tijd voor het officiële gedeelte. En in 2005? Ik denk niet alleen met positieve gevoelens terug aan deze 200 mijls. Ik heb nl. een staatje gemaakt net daarin de prestaties van een aantal deelnemers met dezelfde rating die ook route 4 gezeild heeft. De cijfers spreken voor zich. Mijn gemiddelde snelheid over het gemeenschappelijke traject (M1 – OVD3) bedroeg 3,65 knopen, die van de vergelijkingsgroep hele traject bedroeg 3,52 knoop, die van de controlegroep 5,45. Dat is treurig. Gelukkig deed ik het op route 4 iets beter, mijn gemiddelde snelheid bedroeg daar 3,91, terwijl de controlegroep daar met een gemiddelde van 4,45 iets minder presteerde ten opzichte van het eerste deel.
Mijn voornemen voor 2005 is helder, het gat moet dicht!
Frans Hoving
S/Y Zeebeer
Menko Poen neemt een foto van zichzelf op z’n Bries
de Laughing Gull II tijdens de 200 myls ‘SOLO’ – 2002
|
![]() |
|
| 200 myls totaal volgeboekt voor de inschrijvingen | |
| Jan Luyendijk | 26-02-04 | |
HUIZEN (NED) – Was het de bedoeling met 69 schippers eind september 2004 te starten in de 200 myls ‘SOLO’, dan is dat niet helemaal gelukt. 80 solo-schippers, waaronder 4 vrouwen, zijn na een hectische inschrijfperiode verzekerd van hun startbewijs.Ongeveer 250 teleurgestelde schippers sturen een niet aflatende stroom mailtjes om te proberen, alsnog te worden geplaatst.Helaas ’t is niet anders.Eigenlijk te gek. Het is pas februari en een wedstrijd eind september is al volgeboekt !Alles over de 200 MYLS: www.200myls.nl |
|

stuurde in ‘Exel’ een wedstrijdanalyse – 2004. De daarvan naar HTML overgezette Exel-file nam zoveel Kb’s in beslag, dat de conclusie in onderstaande jpeg is vervat ….
Korresponderen over deze analyse kunt u met Martin … m.h.selles@planet.nl
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
Hand. Factor |
| 1 | 2003 | 1 | 8 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Lelystad | 93.10 |
| 2 | 2003 | 2 | 4 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 104.0 |
| 3 | 2003 | 3 | 3 | Gerben Bos | F & F 95 | Frequent Flyer | Medemblik | 91.00 |
| 4 | 2003 | 4 | 4 | Bauke Yntema | Winner 950 * 1.35 | Catootje | Workum | 99.60 |
| 5 | 2003 | 5 | 2 | Jacqueline van Amstel | X-362 | Xinia | Dintelsas | 88.00 |
| 6 | 2003 | 6 | 2 | Ruud Kapteyn | IMX-38 | Mango | Muiden | 85.00 |
| 7 | 2003 | 7 | 7 | Dik Geurts | F & F 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 8 | 2003 | 8 | 1 | Gerrit Schuur | Etap 30i | Myrlette | Harderwijk | 99.00 |
| 9 | 2003 | 9 | 2 | Henk Bulthuis | J-109 | ChillOut! | Lelystad | 84.00 |
| 10 | 2003 | 10 | 6 | Kees Corts | First 305 * 1.4 | Jean Dix | Huizen | 103.0 |
| 11 | 2003 | 11 | 2 | EricJan Wiebenga | Vanwiele 11.10 | Indra | Zaandam | 101.2 |
| 12 | 2003 | 12 | 1 | Theo Hin | X-362 | Obelix | Hoorn | 88.00 |
| 13 | 2003 | 13 | 4 | Henjo Ruiter | Meridian | Cras fuctum est | Medemblik | 115.0 |
| 14 | 2003 | 14 | 3 | Frits Bartels | Contest 40 S | Easy Going | Hindeloopen | 95.00 |
| 15 | 2003 | 15 | 5 | Michel Capel | Freedom 35 | Tumlare | Makkum | 101.9 |
| 16 | 2003 | 16 | 3 | Paul Heijmerink | Elan 295 | Ami Bai | Naarden | 98.00 |
| 17 | 2003 | 17 | 6 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 93.50 |
| 18 | 2003 | 18 | 1 | Jaap Broer | Waarschip 725 | Di Vagi | Sneek | 111.0 |
| 19 | 2003 | 19 | 2 | Jos Valkering | Waarschip 725 | Magic | Akersloot | 111.0 |
| 20 | 2003 | 20 | 5 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 100.0 |
| 21 | 2003 | 21 | 4 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 88.00 |
| 22 | 2003 | 22 | 5 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 99.00 |
| 23 | 2003 | 23 | 2 | Otto Maitimu | Contrast 362 | Content | Lelystad | 91.00 |
| 24 | 2003 | 24 | 2 | Menko Poen | Bries | Laughing Gull II | Naarden | 112.0 |
| 25 | 2003 | 25 | 4 | Jaap Homan | Spirit 32 * 1.80 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 26 | 2003 | 26 | 2 | Hinse Koning | Marieholm 26 | Tawhiri | Balk | 111.0 |
| 27 | 2003 | 27 | 1 | Eric ten Bos | Comfortina 32 | Dondersteen | Amstelveen | 98.00 |
| 28 | 2003 | 28 | 1 | Peter Mueller | Vision 32 | Cassiopeia | Huizen | 101.0 |
| 29 | 2003 | 29 | 1 | Kees Rijniersce | Etap 26 | Baraka II | Ermelo | 109.0 |
| 30 | 2003 | 30 | 2 | Jan Smink | Dufour 4800 | Nicky Deux | Muiden | 98.00 |
| 31 | 2003 | 31 | 1 | Michiel Tasseron | Bavaria 32, k.mst | Passie | Huizen | 103.0 |
| 32 | 2003 | 32 | 2 | Nico Benink | Kroes | Brandaan | Hasselt | 102.9 |
| 33 | 2003 | AFK | 6 | Arie Petrus | Eygthene 24 *1.40 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 33 | 2003 | AFK | 1 | Bart Smulders | Compromis 888 | Bondi II | Huizen | 107.0 |
| 35 | 2003 | AFK | 3 | Barend Peters | Jaguar 22 | True Blue | Naarden | 121.0 |
| 36 | 2003 | AFK | 1 | Frans Hoving | Waarschip 1/4T *1.2 | Iquana Iquana | Amsterdam | 109.2 |
| 37 | 2003 | FTL | 3 | Bart Boosman | Boosman JB | De Franschman | Bergen | 95.00 |
| 38 | 2003 | FTL | 1 | Gilles van Delft | Waarschip 1010 *1.90 | Lightning | Kats | 90.00 |
| 39 | 2003 | RET | 2 | Egbert v.d. Waal | Waarschip 1010 *1.90 | Fast Good | Workum | 90.00 |
| 40 | 2003 | RET | 5 | Kees Riemer | Gib’Sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 40 | 2003 | RET | 1 | Ids Witteveen | Granada 27 | Rocinant | Makkum | 108.0 |
| 42 | 2003 | RET | 2 | Frits Brattinga | Maxi 999 * 1.45 | Lady A | Sneek | 99.00 |
| 43 | 2003 | RET | 6 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Blocq v.Kuff. | 107.3 |
| 43 | 2003 | RET | 6 | Bauke Jager | Ocean 25 *1.00 | Mira | Balk | 111.0 |
| 43 | 2003 | RET | 6 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 46 | 2003 | RET | 2 | Jon v.d. Weide | Offshore 34 | Silent Lucidity | Harlingen | 97.00 |
| 47 | 2003 | RET | 3 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 87.00 |
| 48 | 2003 | RET | 4 | Fred Avezaat | Wibo 830 | Wilfred | Strand Horst | 130.0 |
| 48 | 2003 | RET | 1 | Henk Euverman | Vd Stadt 34 Staal | Cygnus | Ketelhaven | 102.0 |
| 48 | 2003 | RET | 8 | Jan Luyendijk | Sun Light 30 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 48 | 2003 | RET | 4 | Arie Nauta | Grinde 820 | Scarlet | Warns | 101.0 |
| 48 | 2003 | RET | 2 | Iddo Schenk | Contest 30 | Blue Ribbon | Ewijksluis | 105.2 |
| 48 | 2003 | RET | 2 | Henk Steltenpool | First 305 * 1.4 | Little One | Spakenburg | 103.0 |
| 48 | 2003 | RET | 6 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J.Leeuwerik | Ketelhaven | 104.6 |
| 55 | 2003 | RET | 3 | Kees Lampe | Puffin 50 | Little Sarah | Lelystad | 89.30 |
| 56 | 2003 | RET | 4 | Adriaan van Berkel | Sabina 11.00 | Mallemok | Medemblik | 98.30 |
| 57 | 2003 | RET | 5 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 57 | 2003 | RET | 4 | Guus Milani | Impala | Wigulida II | Kampen | 95.00 |
| 57 | 2003 | RET | 7 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 60 | 2003 | RET | 2 | Gert Keizer | Brise de Mer | Lotte | Huizen | 106.0 |
| 61 | 2003 | RET | 6 | Albert Broshuis | Winner 9.50 | Scheerling | Ketelhaven | 97.50 |
| 62 | 2003 | RET | 5 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 98.00 |
| 62 | 2003 | RET | 5 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Amsterdam | 116.0 |
| 64 | 2003 | RET | 6 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Enkhuizen | 106.0 |
| 64 | 2003 | RET | 8 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 98.50 |
| 66 | 2003 | RET | 4 | Adrie Jansen | Contest 33 * 1.65 | Jade | Ossenzijl | 107.5 |
| 67 | 2003 | RET | 1 | Mathieu Geeratz | Kelt 800 * 1.40 | Tricheur | Goes | 107.0 |
| 68 | 2003 | DNS | 8 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 110.0 |
| 68 | 2003 | DNS | 1 | Onno Benink | Koopmans One Off | Exuperantia | Zutphen | 107.8 |
| 68 | 2003 | DNS | 5 | Klaas Kreuze | Friendship 28 *1.20 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 68 | 2003 | DNS | 4 | Peter v.d. Schaaf | Stern 32 | NTB | Medemblik | 0.000 |
| 68 | 2003 | DNS | 3 | Gio Schouten | Freedom 44 | Airborne | Marken | 92.00 |
| 68 | 2003 | DNS | 6 | Jaap Verkerk | Comet 910*1.40 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 68 | 2003 | DNS | 1 | Arend Hansma | Contest 27 | Sounens | Ljouwert | 108.0 |
| 68 | 2003 | DNS | 4 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 105.0 |
Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2003
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() Vrouwentrofee 3e. prijs 2e. prijs 1e. prijs Jacqueline Gerben Erik Jan Han van Amstel Bos Hardonk Beijersbergen |
Woensdag, 15 oktober 2003 21:30 uur
Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en het voordeel in de routekeuzes.
Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. De fascinerende start met een lange rits aandewindse schepen tot aan de horizon. Het gevecht met de wind, soms urenlange totale blaktes. Over de finishdag, waarin gelukkig in de dikke buien wind zat die veel solo-schippers nog net op tijd lieten finishen.
Het was de tweede maal, dat alle de 4 routes werden bezeild, 12 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, te verzeilen. 4 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen. 45 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4 door 6 schippers werd verzeild.
Wat de gevolgen van hun tactische (route)keuzes waren, was duidelijk te bemerken uit de uitslag.
Verder waren er prachtige fotosessies, zowel van de gepasseerde boeien, alsook van de deelnemers onderling. We hadden het geluk een sponsor te vinden, die ook zorg droeg voor de afdrukken i.p.v. zoals voorafgaande jaren alleen de printplaatjes. Toch blijft de foto-controle alleen een heikel punt.
Er waren talloze positieve en ….. vooral sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 3 weken ruim 50.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden van hun favorieten nauwlettend in de gaten :
Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.
Ook diegenen, die tijdens de wedstrijd veel werk hadden verzet, kregen een fles en/of bloemen.
Uitgebreid bedankt werden :
Marco Luyendijk, die een groot gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is.
Bob Luyendijk voor de kontakten/passagemeldingen met de schippers en de uitslagverwerking. Ook
Esther Luyendijk voor haar gewaardeerde assistentie bij deze vele telefonische meldingen
Peter Capel, de start- en opnameschipper, alsook natuurlijk de schipperse
Tine Capel voor hun gastvrijheid en ontvangst voor de uitgezeilde solisten op de M/Y Capella.
Piet Bakker , vanwege de kontrole foto’s, etc.
wsv AVOH voor de voorlopige adoptie van deze 200 myls ‘SOLO’ in de afgelopen jaren en het vertrouwen, dat het hierin tot nu toe stelde.
Wim Dercksen havenmeester van de Stichtingshaven Muiden, vanwege z’n extra inzet om de maximale in- en uitstroom van jachten voor en na de 200 myls ‘SOLO’ in goede banen te leiden.
Ook op foto hier linksonder …. :
Frits Bartels bedankt, vanwege zijn adviezen inzake de handicaps.
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
| De wisselprijs van de 200 myls ‘SOLO’ kon op de prijs-uitreiking, wegens het in totale ongerede raken (lees helemaal onderaan deze site) werd op 07 november 2003 alsnog uitgereikt aan Han. Er staat nu voor de derde maal op deze wisselprijs de naam Han Beijersbergen gegraveerd !de negende 200 myls ‘SOLO’ wordt verzeild van 29 september t/m 03 oktober 2004 >Jan Luyendijk, Huizen, 08 november 2003 |
| Foto : Jaap Homan, 05 oktober 2003 |
verslagen van zeilers :
Erik Jan Hardonk (update 5 oktober 09:30 uur)
Otto Maitimu (update 5 oktober 17:25 uur)
Kees Rijniersce (update 5 oktober 23:15 uur)
Cees de Wit (5 oktober 09:00 uur)
Jaap Homan (5 oktober 20:33 uur)
Frits Brattinga (5 oktober 22:15 uur)
Sailto (06 oktober 12:00 uur)
Jacqueline van Amstel (6 oktober 16:46 uur)
Martin Selles (6 oktober 19:58 uur)
Frits Bartels (6 oktober 21:13 uur)
Gilles van Delft (6 oktober 23:01 uur)
Eric-Jan Wiebenga (7 oktober 18:20 uur)
Arie Petrus (8 oktober 22:10 uur)
Han Beijersbergen (8 oktober 23:19 uur)
Ids Witteveen (10 oktober 08:52 uur)
Nico Benink (10 oktober 10:40 uur)
Gerrit Schuur (10 oktober 14:08 uur)
Peter Müller (14 oktober 12:39 uur)
Peter Müller (14 oktober 12:39 uur)
Sander Bakker (17 oktober 15:19 uur)
Barend Peters (27 oktober 17:49 uur)
Henjo Ruiter (15 november 13:14 uur)
Jacqueline van Amstel (18 december 21:50 uur)
Menco Poen (09 maart 20:59 uur)
Frans Hoving (14 maart 13:58 uur)
Maandag, 6 oktober 2003, 12:00 uur
Fotoserie : Frits Bartels De foto-cameraatjes zijn weggebracht …..
Heel wat logboeken zijn er te controleren. Het blijkt dan, dat passagetijden van sluizen en overnachtingen niet goed en zelfs niet zijn doorgegeven of doorgekomen met de sms, e-mail of telefonische meldingen. E-mailtjes en telefoontjes van zenuwachtige schippers, die zich afvragen, waarom zij op die of die plaats zijn terechtgekomen. Terwijl pas op 15 oktober a.s. de definitieve uitslagen bekend worden gemaakt.
Zijn de foto-opnames van de merktekens correct gemaakt ? De controle op voortgang en plaatselijke wind. De meldingen van andere schippers en …….. staan de juiste tijden wel in de logboeken t.o.v. die meldingen tijdens de wedstrijd ? Allemaal zaken, die nauwkeurig moeten worden nagelopen en gecontroleerd.
Wie weet het …. Het zal niet meer zoveel stuivertje wisselen zijn als vanmorgen, maar zal niet ophouden tot die vijftiende oktober a.s. als de berekende punten worden toegevoegd of afgetrokken ………………….
Zondag, 5 oktober 2003, 17:00 uur
Nog niet eerder zijn er op de zaterdagavond en aansluitend de zondagmorgen zoveel schippers binnen komen varen. Na 11.59.59, dus 12:00:00 uur exact werd door opname-schipper Peter Capel op deCapella de scheepshoorn ingedrukt ten teken van het einde van de achtste 200 myls ‘SOLO’.
Na dit geluidssein kwamen er nog een aantal schippers binnenvaren, die tussen 11:45 en 12:00 uur de finishboei de M 1 hadden gefotografeerd en dus waren gepasseerd.
Om 12.40 kwam de laatste schipper binnen die volgens de door ons gebruikte ‘zomertijd’ 40 minuten te laat was, echter volgens zijn gehanteerde ‘GPS’ op UTC tijd een kleine anderhalf uur over had.
Om 15.10 uur zijn de laatste standen geplaatst op het net;
Als met ’n open bootje meert Ed Megens onder zeil zijn Lupa Maris af in de havenkom …..Zondag, 5 oktober 2003, 13:00 uur
Iedereen is binnen of heeft zich gemeld, de achtste 200 myls stond dan ook in het teken van de windstiltes en daardoor een record aan uitvallers. De voorlopige uitslagen staan vanmiddag nog op het internet. Hierin zullen nog vele veranderingen optreden door onder andere logboekcontrole en boeien foto’s.
Zondag, 5 oktober 2003, 10:00 uur
Er komen steeds meer schippers binnen varen. Al dan niet opgewacht door familie en vrienden. Moe, doodmoe van uren, uren zeilen, zelfs 30 uren achtereen. Toch worden de verhalen en ervaringen nog verteld. Geduld, doorzettingsvermogen om toch te proberen te finishen. We wachten maar af.
Zondag, 5 oktober 2003, 8:00 uur
Fotoserie : Jos ValkeringZaterdag, 4 oktober 2003, 23:30 uur
De zeilers zijn moe, soms moedeloos, struikenlend op ’t schip, vastgelopen of een paar gekneusde ribben. Er resten nog maar een kleine 13 uur voor de zeilers, die nog niet binnen zijn, om te finishen. Intussen hebben al 28 solisten de strijd gestaakt. 2 hebben hun baan ingekort. Waren het vorig jaar de stuurautomaten, die de vele schippers het leven zuur maakten, dit keer zijn het de windstiltes.
Zaterdag, 4 oktober 2003, 16:25 uur
09:00 uur, Lelystad. Vannacht om 00:27 uur vertrokken vanaf de V 15 …. ….. Klik eens
Bauke Yntema, van de Catootje heeft nu even tijd voor een praatje in de sluis …. en daarna op naar de finish.
Rond 3 uur vanacht heeft Ruud Kapteyn als eerste de 200 myl volgemaakt, daarmee is hij ruim de snelste, want rond 13:45 uur is Martin Selles als tweede door de finish gegaan met op ongeveer 20 minuten Gerrit Scheur. Ondanks het kleine beetje wind is het een kleine groep gelukt om alle boeien op de foto te zetten. Er zijn schippers die hun baan hebben ingekort, omdat ze anders nooit voor zondagmiddag de finish konden halen.
De Chill Out van Henk Bulthuis en hij legt aan na de finishpassage in Muiden
Zaterdag, 4 oktober 2003, 13:10 uur
Een thuisblijver schrijft : Het is zaterdag 4 oktober. het is niet te geloven; de halve 200 myls vloot is naar Urk gegaan (25 schepen). Er is daar zeker kermis? Dat is zo’n honderd mijl van huis. Als ze maar weten dat ze zondag voor 12 uur thuis moeten zijn!
Vrijdag, 3 oktober 2003, 23:00 uur
Alweer 3 dagen 200 myls en al 3 dagen weinig wind. Heel anders dan verwacht werd wil de wind niet meewerken. Ruud Kaptyen heeft nog 17 myl te gaan en is daarmee de schipper die het voor zover het snelste heeft gedaan. Met pijn en moeite hebben de meeste zeilers er net iets meer dan 100 myl uitgeperst in 3 dagen tijd. Ieder zuchtje wind wordt dan ook volop benut. 15 zeilers hebben het al opgegeven, maar of dat verstandig is? Want volgens de voorspellingen gaat het morgen harder waaien, in de avond windkracht 6. Helaas dat daar wel onweer en windstoten bij zitten, dus dat wordt nog even tanden bijten met de finish in zicht.
Vrijdag, 3 oktober 2003, 15:00 uur
(Foto’s : Bart Smulders en Jan Luyendijk)De Tam Tam in strijd met de Bondy van Bart van vele uren, vrijwel windstil op weg naar de UK 16,
Vrijdag, 3 oktober 2003, 14:00 uur
De wind laat zich vandaag van zijn slechte kant zien, met anderhalve knoop dobberen de schepen vooruit. Door het dobberen komen er diverse schippers in de problemen omdat deze nooit op tijd bij de finish kunnen komen. Daarom heeft Harm Veenstra vanmiddag het wedstrijdtoneel verlaten. Ook Fokke van der Valk is gestopt, de reden van zijn opgaaf is nog niet bekend.
Vrijdag, 3 oktober 2003, 00:15 uur
Foto rechts : Otto Maitimu zet z’n schijnwerper op de V 15 en zet ‘m op de kiek.
Ga eens met je muis over de rechter foto … De V 15 is te zien
Gerrit Schuur staat op de tweede dag bovenaan de resultatenlijst. Hij overnacht in Medemblik samen met de Martin Selles en Rob jaspers die tweede en derde staan in het klassement. De meeste zeilers overnachten in Breezanddijk.
Cees de Wit, Ad beringen, Mathieu Geeratz en Adrie Jansen hebben het strijdtoneel verlaten.
Donderdag, 2 oktober 2003, 18:00 uur
Foto hiernaast : Aanloop naar de haven van Breezanddijk bij zonsondergang. Een dag met wind uit alle hoeken en zelfs 3 uur dobberen zonder wind.
Donderdag, 2 oktober 2003, 16:00 uur
Harm Veenstra deelt ons het volgende mede : 7 mijl en 4,5 uur na de KG2 en alle meters op 0. Ik heb nooit eerder een studie van de schuimvormen gemaakt, maar zo langzaam voortdrijvend door de algenculturen, zie je de mooiste vormen in het spiegelgladde kielzog verdwijnen. De enige troost voor de solist is dat in zijn naaste omgeving ook anderen zich aan die studie wijden en nagelbijtend wachten op wind.
Donderdag, 2 oktober 2003, 09:00 uur

Een van onze deelnemers had een probleem met de rolgenua-val in de top van de mast tussen de NEK (Hoorn) en de OVD3 (Lelystad). De harp was uitgebogen en zat vast. Na een hoop geklooi was dit, dacht hij, na een half uur opgelost. Hierdoor verloor hij niet alleen snelheid, maar ook veel hoogte aan de wind. Na de sluis van Lelystad wilde hij herstarten bij de EZ 21 voor route 3.Hij Kreeg echter met geen mogelijkheid zijn rolgenua los. Terug naar de Marina in Lelystad konden ze hem direct helpen door alleen maar ’n nieuwe harp te zetten en met de hamer de vastgeraakte genuaval terug te halen. De reparatie moest boven in de mast gebeuren.
Jaap Broer met z’n Di Vagi en de Ellship van Paul Schrier
Ruud Kapteyn met z’n Mango heeft net de OVD 3 op de kiek voor de sluis van Lelystad, waarin o.a. ook Jacqueline van Amstel met haar nieuwe Xinia op de schutting lag te wachten.
Donderdag, 2 oktober 2003, 00:30 uur
De eerste solozeildag zit er weer op, Kees Corts is na de eerste dag de leider en heeft 64 mijl afgelegd. De meeste schippers, 49 stuks, hebben gekozen voor route 3 & 4 en blijven dus op het ijsselmeer, van 4 schippers hebben we geen melding gehad en de overige 14 hebben gekozen voor de routes 1 en 2, welke door noordzee en de wadden op gaan. De wind is harder dan verwacht en de komende dagen blijft het hard waaien en wordt het echt hersft. Zaterdagnacht wordt het ook koud en gaat de temperatuur naar de 6 graden en windkracht 8.
Woensdag, 1 oktober 2003, 10:45 uur
Het is prachtig zeilweer, wordt er enthousiast geroepen, want de meeste schepen zijn al de NEK gepasseerd (nabij Hoorn) en zijn onderweg naar Lelystad. Het is windkracht 4 a 5 en veel schepen hebben zelfs een rif in het zeil getrokken! In een lang lint van zeilschepen zullen de eerste zeilers nog voor half twaalf bij de OVD3 (Lelystad) verwacht worden. Dan zullen de schippers hun routekeuze gemaakt moeten hebben en zullen er zeilers door de sluis gaan en ook zullen er zeilers zijn die kiezen voor route 1 en naar het zuid-westen varen.
Woensdag, 1 oktober 2003, 8:55 uur
Voor zeven uur vanmorgen zijn vele schippers al vertrokken uit de haven om net na 7 uur van start te gaan met de achtste 200 myls SOLO. In de haven leek de wind bijna weg te zijn, maar op het ijsselmeer staat er toch een lekker windje. Een oostenwind zorgt voor een startveld dat op 1 oor richting het noorden vertrekt. Rond 8 uur waren op een enkeling na alle schippers vertrokken uit de nu weer lege haven. De opkomende zon geeft op de frisse ochtend wel mooie beelden aan ons.
Dinsdag, 30 september 2003, 22:45 uur
De sfeer zat er weer eens goed in bij Cafe Ome Ko te Muiden, alle schippers hebben er weer volop zin in. Jan Luyendijk wees vooral op de veiligheids-zaken, Bob gaf z’n uitleg aan de meldingsverplichting en Piet Bakker legde de werking van de fotocamera’s uit. Daarna werden de logboeken uitgedeeld, de fototoestellen op scherp gezet, plus dat schippers weer eens de mooie 200 myls Solo Cap kregen.
De komende dagen, vertelde onze eigen weerman Frits Bartels, gaat het langzamerhand meer waaien. “Wie thuis wil komen zal lang en veel moeten varen”, was de stelling van Frits. Het wordt woensdag windkracht 2 en loopt langzaam op tot maximaal windkracht 8 op zondag. Het is vanavond al koud en vochtig, maar de komende dagen zal de temperatuur iets toenemen.
De zeilers willen graag alles van elkaar weten, vooral voor welke route er gekozen gaat worden. Waarvoor ze gekozen hebben of er veel zeilers de Noordzee of het Wad op gaan, we zullen het morgen wel zien …..
Tot slot wenst Jan de solo-schippers een behouden vaart toe !
Dinsdag, 30 september 2003, 16:30 uur
![]() |
| Het controle-opname-schip tijdens deze achtste 200 myls ‘SOLO’ is de Valkvlet ‘Capella’ van Tine en Peter Capel. Vooral bij aankomst zullen de solo-schippers hier een gastvrij onthaal krijgen en de mogelijkheid hier de camera’s en de logboeken af te geven, indien ze reglementair zijn gefinisht. |
Dik Geurts ligt nu ook in de haven met z’n Bandos en wel geheel intact ? Hij laat de resten zien van de totaal onooglijke, ontmaste wisselprijs, welke verleden jaar aan hem als winnaar van de 200 myls ‘SOLO’ – 2002 was toevertrouwd. Was van de schoorsteen afgeknald. Nadat het zeilbootje bij de juwelier was opgekallefaterd viel de prijs, op weg naar de slager, weer van de achterbank. Weer ontmast ! Dus kunnen we wel een nieuwe wisselprijs gebruiken voor de aankomende winnaar.
In ieder geval is het vandaag een prachtige dag. De spanning is al merkbaar bij de schippers. Vele weersvoorspellingen als ook weerprogramma’s worden getoond. De taktieken, de tijden en de routes worden bekeken. Weinigen weten het al wat morgen tijdens de race de echte beslissing wordt …….
Dinsdag, 30 september 2003, 11:30 uur
Dat niet alleen de sluis van Den Oever de scheepvaart de vrije doortocht belemmeren, waardoor er nieuwe wedstrijdbanen moesten worden gemaakt en geschreven, blijkt wel uit het telefoontje net van Wim Schreurs van de Mon Ami, vanuit z’n ligplaats Leiden. Hij bemerkte, dat de staande mastroute, zowel door Amsterdam en Haarlem deze week door brugreparaties is gestremd. Met behoorlijke tegenzin moest Wim, ontwerper van de vrouwentroffee, dus afzien van zijn 200 myls ‘SOLO’
Verder komen steeds meer solo-jachten de Stichtingshaven binnenlopen. Nog even en er kan geen spie meer bij.
Maandag, 29 september 2003, 07:30 uur
Er liggen al heel wat jachten van solo-schippers in de Stichtingshaven van Muiden en …… het is er al gezellig. Veel oude bekenden en handjes schudden. De meesten zijn echter nog onderweg om morgen toch op tijd, voor het Palaver bij ‘Ome Ko te Muiden’ om 20:30 uur, deze haven binnen te lopen.
De maandag voor de race met een koningsmaal gemaakt door Adri Jansen aan boord van de Wigulida II van Guus Milani
Dat er ook deelnemers zijn die nogal in spanning ziitten of het wel allemaal zal lukken, getuigt de e-mail dd 27 september van de winnaar van vorig jaar Dik Geurts. Hij schrijft aan het regattabureau :
” Het jacht dat jullie aan mijn hoede hebben toevertrouwd is ten onder gegaan.
Van buiten komend onheil heeft hem ernstige averij doen oplopen. De mast inclusief staand en lopend wand en zeilen is verdwenen en de romp is ontzet. Naarstig geprobeerd om voor de 200 myls te kalefateren, maar ik ben zojuist geïnformeerd dat hij wederom ontmast is. De restanten zal ik je op korte termijn tonen. Nader overleg lijkt me zeer wenselijk daar de 200 mijls zonder dit schip geen echte race kan zijn!!!!! ”
© 200 myls ‘SOLO’ 2003
‘Easy Going’ in de achtste 200 mijls solo 2003
door Frits Bartels :’de Drietand’, 31e. jaargang, nr 7, oktober 2003, Nederlandsche Vereeniging van KustzeilersVeel gevraagd van doorzettingsvermogen en geduld.
| Nu voor de derde maal aan deze race deelgenomen met onze Contest 40S ‘Easy Going’. Even in het kort: Het betreft een single handed zeilwedstrijd over 200 Nm. Start en finish in Muiden. Maximale duur vier en een halve dag Start op de woensdagmorgen tussen 7 en 10 uur, waarbij je wedstrijd is begonnen door het fotograferen van de M1 boei bij Muiden. De tijd van passeren van de boei moet exact genoteerd worden in het logboek. Finish uiterlijk op zondag vóór 12.00 uur.
Op de dinsdagavond, voorafgaande aan de wedstrijd, is er het palaver in het inmiddels alom bekende bruine café ‘Ome Ko’. Daar worden alle deelnemers verwacht Ze krijgen er hun logboek en camera uitgereikt. En als voorproefje op de te leveren prestatie de speciale cap. Natuurlijk wordt er een kop koffie en/of een biertje gedronken. Oude bekenden kunnen weer bijpraten. Nieuwe kennissen worden gemaakt En verder is er natuurlijk discussie over de keuze van de te varen banen. Er zijn er vier. Het was dit jaar duidelijk, dat de omstandigheden sterk wisselend en moeilijk zouden worden. Welke van de vier routes moest je nu kiezen? Ik koos voor route 3, die op Markermeer en IJsselmeer bleef. De eerste dag, woensdag, ben ik ’s morgens al omstreeks 7.20 uur gestart. Het liep allemaal als een duivel. ‘s Avonds na ongeveer 90 Nm gevaren te hebben, werd omstreeks 21.45 uur de Sport B boei bij Breezanddijk aangelopen. Het was er pikdonker. Geen maan. Het bleek heel lastig te zijn de smalle ingang van deze oude werkhaven te vinden. Gelukkig kon ik goed (met hulp van de schijnwerper) langszij een groot schip afmeren. Langszij bij mij kwam even later nog de Kim van Martin Selles.en de volgende ochtend bleken |
er later ’s nachts nog enkelen te zijn binnengelopen. Op de donderdag heb ik met veel moeite in ongeveer 8 uren het ongeveer 25 mijl lange traject Breezanddijk Urk afgelegd . Op een rimpelloos IJsselmeer met totale blakte en af en toe gelukkig even een klein zuchtje wind. De verplichte ankerperiode van tenminste 6 uren heb ik toen bij Urk genomen. Met naast mij nog enkele deelnemers, die er kennelijk net zo over dachten.De volgende dag gingen de 18 mijlen tussen Urk en Medemblijk zelfs in ruim tien uren. En het leek eerst zo aardig te beginnen. Bij de Ven hebben de daar aanwezige deelnemers enkele uren achtereen volkomen stil gelegen. En maar wachten op de wind, die trouw elk uur weer werd aangekondigd door de man van de weerberichten op marifoon kanaal 1. De radio heeft me er door heen gehaald. Er waren steeds interessante en spannende zaken rond de liefdesgeschiedenissen binnen ons koningshuis aan de orde. De tijd ging zo nog aardig vlug voorbij. Gelukkig kwam ‘s avonds de wind weer door, zodat er flink gevaren kon worden. Gezien de tijd moest je wel beslissen tot laat in het donker door te varen Een enkeling haalde zelfs de gehele nacht door. Wanneer je ergens een rustperiode neemt, liggen er eigenlijk altijd wel andere deelnemers. Langszij afmeren, praatje maken. En voor het te kooi gaan even samen een afzakkertje. Op zaterdag moest ik nog 65 mijl varen om te kunnen finishen. Met het onstuimige weer, dat er was met wind uit het noordwesten leek dat een gemakkelijke opgave. Tussen de buien door was het prachtig zeilweer met een zonnetje. En dan kwamen er weer loodgrijze luchten, waaruit dikke bakken water en veel wind tot ruim boven de dertig knopen. Dan komt het er even op aan. Maar zoiets duurt meestal toch niet langer dan een minuut of tien.
Van de zeventig deelnemers zijn er twee niet gestart. Drie hebben hun baan ‘afgekort’, omdat ze anders niet meer op tijd in Muiden konden komen. Dertig deelnemers kregen RET achter hun naam. |
Frits Bartels
200 myls ‘SOLO’- 2003
door : Jaap Homan
Dinsdag 30 november:
Mooi en rustig herfstweer. Wenny heeft mij naar Durgerdam gebracht met de laatste noodzakelijke zaken: Laptop, camera en nog een paar etenswaren. Gisteren diesel bijgetankt. Straks nog even de watertank bijvullen. Het is nu (ca 3 uur) al gezellig druk. De racedame, vorig jaar met een contessa 32, verrast ons allemaal met een Xjacht 362…. Het ziet er naar uit dat we straks allemaal achter haar aan varen. Heb net van Jan L gehoord dat Wim Schreurs niet door Amsterdam en Haarlem heen kan komen i.v.m. brugonderhoud. Echt vervelend voor hem. Hij had zich erg verheugd op deze wedstrijd. ’s Avonds gegeten met een aantal lotgenoten bij de chinees. Erg goed en vooral erg gezellig. Daarna bij het bekende palaver koffie, appelgebak en enige wijze woorden van de organisatie. Uiteraard ook de uitreiking van de zo noodzakelijke attributen: logboek, camera en hoofdbedekking.
Woensdag 1 oktober
De weergoden blijven ons iedere keer weer verrassen. De eerste dag met ruim voldoende wind op weg naar het noorden. De hele route tot aan de OVD3 is bezeild. De weersverwachting gaf weinig wind voor donderdag. Dit sloot baan 1 uit van deelname. Toch zijn tenminste drie schepen na de OVD3 richting Amsterdam vertrokken. Hoop dat deze mensen het redden. Na de schutting zag ik een duidellijke scheiding der geesten. Baan 2 (richting Harlingen) mocht vanaf de EZ27 richting Staveren en Kornwerderzand.
Enige schepen zie ik die kant uitgaan. Ik kies voor baan 3. Met mij veel anderen. Eerst op genua en later onder spi op weg naar Den Oever. Daarna door naar Enkhuizen. Ik kom even over half negen aan. Het is inmiddels echt donker. Door naar de kom en voor anker. Ben doodmoe en verlang naar veel slaap.
Donderdag 2 oktober:
Enige tientallen deelnemers, allemaal voor anker. Slaperige koppen kijken voorzichtig de wereld in. WAAR IS DE WIND?? Die verzamelde zich bij Lelystad volgens welingelichte bronnen.
Ik stoom op naar de haven voor een goede douche. Er lijkt een briesje op te gaan steken. Eerst onder genua en later op spi onderweg naar de B boei. Het is nu twee uur en de wind is echt op. Nog negen mijl te gaan. Geschatte aankomsttijd blijft in de schoot der toekomst verborgen. Mooie tijd om aan dit verslag te werken. De uitgereikte pet is uitstekend tegen de zon. Op het vlakke water allerlei ondefinieerbare groene vormen. Net pretletters. De bakboord spischoot raakt het water en verschiet meteen van kleur. In de kajuit is het 23 graden. Is het echt 2 oktober? Eindelijk komt er een briesje doorzetten uit N. Op genua de laatste 7 mijlen afgelegd. Een groot gedeelte van de deelnemers uit Enkhuizen ligt nu in Breezanddijk. Straks de irish coffee en dan slapen.
Vrijdag 3 oktober
Nog 120 mijl te gaan. Betekent nu lange dagen maken. Ga om 6.45 uur losgooien. De buren zijn het hier niet mee eens. Even over half acht bij de B boei. Voor mij de Nan. In plaats van een leuke zeildag werd het weer afzien: attent varen, spi op en spi weg, blakte bij Staveren. Gijpen met spi. Eindelijk bij de Urkboei. Meteen door naar de V15. Voortdurend in gevecht met de Dondersteen, een comfortina 32. Gelukkig steekt er wat wind op. Even leek het er zelfs op dat de V15 bezeild was. De wind trekt verder aan. Meeklappen met de windbui levert winst op. WAAR IS DE V15…. Net een zwarte kat en in donkere kamer. Waarom moet het nu net hard gaan waaien. ( 26 knopen) Grootzeil weggenomen en alleen op Genua 2 door.
Start de laptop en de elektronische kaart helpt mij met zoeken. In het licht van de schijnwerper zie ik even een gele flits. Hebben ze dat ding toch nog geverfd. Met de schijnwerper erop gericht de foto genomen. Tijd: 23.33 uur. De wind zakt uiteraard daarna weer wat in. Daarna op mijn gemak richting V1.
Zaterdag 4 oktober
Onderweg gedineerd met koffie toe. Na de V1 nam de wind weer geleidelijk toe. Bij Staveren heeft men iemand in dienst voor het maken van veel deining. Lukt veel te goed. Het rak naar Kornwerd is met een knik in de schoot goed te doen. Rond half vier bij de V15. Een aantal deelnemers ligt hier al. Ik schat een stuk of tien. Als ik om 8 uur mijn hoofd uit het luik steek zie ik dat ze allemaal vertrokken zijn, op een na. Een waarschip. Hij had zich verslapen. Even voor mij vertrekt hij richting Medemblik. Even na half tien maar weer op weg. De wind zit in de NNW hoek rond 12 knopen. In de buien trekt de wind aan tot ver in de 20 knopen. Tot aan het vrouwenzand nog betrekkelijk rustig. Daarna, terwijl ik uitgeboomd onder weg ben naar de EZ21 prachtig zicht op zware buien en wolkenpartijen. In de windvlagen begint de boot te galopperen. Boven Lelystad zie ik een enorme bui hangen. De verkeerspost IJsselmeer meldt op kanaal 1 NW 6 af en toe 7. In tegenstelling tot op de heenweg een heel vlotte schutting. Om half vijf bij de OVD3 en op weg naar de Nek. WINDSTILTE ????. Langzaam bouwt de wind weer op en rustig aan op weg naar Muiden. Kwart voor twaalf binnen. Wil meteen een douche nemen en gaan knorren. Geen sprake van. Wordt binnengehaald alsof ik de wereld ben omgezeild.
Tikje overdreven. Samen met andere binnenkomers, waaronder twee waarscheepjes tot in de kleine uurtjes bij Frits Bartels aan boord. Beerenburg en hapjes.
Daarna toch nog gedouched en gaan knorren, min of meer bewusteloos.
Zondag 5 oktober
Er staat nog steeds wind. Er komen nu nog wat deelnemers binnen. Schip klaren, zeilen bergen en verslag tikken. Dit verhaal op diskette gezet en aan Jan gegeven.
Joep Homan,
S/Y Almare.
WV de Schinkel – 2003
Relatie sluismeester door Cees de Wit 200 myls ‘SOLO’ 2003
Om 07:01 uur was ik weg, Henk van de Batavus in mijn kielzog, 10 ton zwaarder dan de Foetsie. Van Breda zat veel te laag en even had ik het idee, dat hij met zijn 13 tonner onder Marken door de dijk zou gaan …..’t is wel korter …. maar !!!! Bij Lelys ankeren en wat rusten, wat later bij de sluis (dat vond ik toch wel erg sympathiek van die jongens) zag ik dat iedereen op me gewacht had, of kwam het door de al 40 jaar goede relatie met de sluiswachter ? Over de marifoon meende ik hem te horen zeggen :”Kees de Wit is er …. iedereen mag naar binnen”. Wie oh wie, kan mij het merk van een stuurautomaat geven, die, op een krap spi-rak het royaal bij kan sloffen ? Die van mij geeft pas reaktie als ik al plat lig. Naar 2 was een makkie, met een elastiekje aan de wind.
Jan, 9 jaar goede relatie, krijg ik volgend jaar nog een kans ? |
Kees de Wit
S/Y Foetsie
Mijn eerste 200myls met de “Rocinant”
Door: Ids Witteveen
Geplubiceerd in het clubblad van De Nederlandse Vereniging van Toerzeilers
Bij het surfen over het net kwam ik toevallig bij de 200myls site terecht.
Dat leek mij wel wat. Na toestemming van het thuisfront wilde ik mij opgeven. Nog net las ik ergens dat het maximum aantal schepen al lang was bereikt. Toch maar contact met Jan gezocht. Wat heen en weer gemaild en gehoopt op uitvallers, waarbij het geluk mij goed was gezind. Ik kon meedoen.
Ik had mij direct al voorgenomen om op het Ijsselmeer te blijven. In een spreadsheet wat gerekend met de routes 3 en 4, windrichtingen en kruiskoersen. Theoretisch natuurlijk, maar wel een stukje voorpret!
Twee van de deelnemers waren bekenden; Frits Brattinga en Arie Nauta.
Maandag ochtend 29 september bracht mijn vrouw mij naar de boot in Makkum. Rocinant was al bevoorraad. Daar er geen wind was kon ik direct op de motor weg en werd ik nog uitgezwaaid. Mooi weer, maar waar blijft de wind?
Zoals aanbevolen alle klokken op GPS tijd gezet. In de middag in Edam beland. Daar was ik nog niet eerder geweest.
De schroefjes in de scharnieren van mijn ankerbak-deksel vertrouwde ik niet meer. Ik had daarvoor boutjes meegenomen. Helaas, te lang. Met een ijzerzaagje en een combinatietang als bankschroef werden de zes M5 boutjes op maat gemaakt. Wat sikaflex ertussen, morgen de laatste slag doorzetten en dan zit ook dat weer vertrouwd.
De twee oude slaapzakken (ik zal wel niet fris blijven deze week) bleek ik die nacht beide nodig te hebben. Een kapotte rits werd vooraf nog even met naald en draad vastgezet. Ik zou nu niet weten wat niet gereed was voor de tocht.
De volgende dag even de Blocq van Kuffel ingevaren. Je moet tenslotte een beetje weten hoe een potentiële rusthaven er van binnen uitziet. Dan op naar Muiden.
Op aanraden van Frits Brattinga de exacte positie van de M1 even in de GPS gecheckt. Als ik al bij donker hier langs kom hoef ik tenminste niet zo lang te zoeken. In Muiden was het nog betrekkelijk rustig. Ik had al meer drukte verwacht. De routiniers komen natuurlijk 5 minuten voordat ze bij Ome Ko moeten zijn. Eerst maar vers brood gehaald voor de komende dagen. Gezellig met Jaap Broers bij Frits Brattinga in de kuip zitten kletsen. Voorlopig voor het laatst onder de douche. Na bij Ome Ko de cap, het logboek en de camera ontvangen te hebben, snel te kooi. Best spannend!
Als achtste buitenste schip in een rij dreef ik met mijn buurman om 7.00 uur los in de haven. Wat een haast. Hoewel in de haven nauwelijks waarneembaar, stond er een lekker briesje. Ik ben zo ver.
Na twee extra rondjes bij de M1 (dat fototoestel moet je handmatig doordraaien) om 7.19 op weg. Even opletten bij de geul. Achteromkijkend zie ik de opkomende zon met al die scheepjes in de ochtendnevel. Het is een prachtig gezicht. Ik geniet nu al echt. Bij “het Paard” kom ik er achter dat ik mijn log niet op 0 heb gezet. Dat doen we dan maar bij de GZ2, daar die precies op 10 zm. van de M1 ligt. Daar ik verwacht naar Lelystad op te moeten kruisen en de koers naar Volendam wat rustiger is dan naar de Nek besluit ik om voor de zekerheid de standaard fok vast maar aan te slaan.
Op weg naar de Nek steek ik een rifje. Koers Lelystad is voor mij goed te bezeilen. Bij de overstag gaat mijn klemmetje van de overloop stuk. Ik kan de overloop niet meer aan loef vast zetten. Met een extra lijntje met een paalsteek om het grootschootblok lier ik met de fokkeschootlier de schoot naar loef. Met de genua en een eerste rifje in het grootzeil gaat het prima bij dit windje 4 à 5. Vlak voor de OVD3 in de geul tussen twee elkaar tegemoet varende vrachtschepen door. Dan kan de motor bij. Voor mij kan de dag zo niet lang genoeg duren. Bij de sluis even wachten. De vloot dikt in. Gezellig zo met zijn allen in de sluis.
Nog even stroom draaien en dan gaan we weer op weg naar Den Oever (route 3). Ik moet er maar aan wennen dat je zonder lichtweer voorzeil regelmatig ingehaald wordt. Terug van Den Oever naar Enkhuizen is het al donker. Ik ga ook nu ruim oostelijk langs het visserijgebied om geen blinde tonnen op mijn route tegen te komen. Onbegrijpelijk dat met dit lekkere zeilweer zoveel schepen er bij de KG2 al mee ophouden voor vandaag, zeker gezien de windverwachting voor morgen! Ik ga door naar Breezanddijk. Daar er hier nauwelijks scheepvaart is, laat ik mij lekker wegzakken. De keukenwekker roept mij om het kwartier weer tot de orde, maar niet voor lang. Zo kachel ik de laatste mijltjes verder De wind wordt duidelijk ook moe. De Sport B, welke ik om 02.29 op de gevoelige plaat vastleg heeft 1 flits in 5 seconden. Dat betekent dat je in die 4 donkere seconden goed moet oppassen niet tegen de ton op te varen, wil je binnen de flitsafstand van 3 meter blijven.
In Breezanddijk ligt de Tumlare al voor anker. Mijn kleine danfordje zal mij hier ook wel op mijn plaats houden. Lekker pitten.
De volgende morgen al weer vroeg actief. “Te” denk ik achteraf! Bij deze race moet je rust nemen als je niet zeilt. Je weet maar nooit hoe lang je ’s avonds weer door moet.. Onder de kuipvloer vind ik al de onderdeeltjes van mijn overloopklemmetje. Een popnagel was afgebroken. Alles was aan boord voor reparatie. Accuboormachine, de juiste boor, popnageltang en de juiste maat popnagel. Zo dat zit ook weer.
In een wedstrijd lekker voor anker blijven liggen kost mij moeite. Ik ben wat nerveus. Hoezo tactiek, ik wil gewoon voor zondag 12.00 uur in Muiden zijn! De Tricheur komt ’s morgens ook binnen.
Heeft de hele nacht doorgezeild. Ben ik toch blij dat de wind niet eerder uitgeput raakte. ’s Middags houd ik het niet meer. Ga anker op om even een uurtje stroom te draaien. De Tumlare komt ook naar buiten en gooit daar zijn anker uit. Ik kom nog een uurtje langszij. Gezellig gekletst met Michel onder het genot van een hapje en een drankje. Zodra er om 16.00 uur wat wind komt ga ik weg.
De Tricheur is dan ook al weer in de race. Met de standaard fok uitgeboomd aan loef, genua en grootzeil loopt het relatief best wel, 3 knoop op een gladde zee. De Tumlare komt een half uurje later ook achter ons aan. De Tricheur heb ik dan al weer ingehaald. Ik vaar weer te netjes. Ik ga westelijk van de VZ3 langs, hetgeen voor de wedstrijd niet nodig is. De Tumlare, met ophaalbare kiel, zit zeer dicht onder de kust. Richting Urk wordt het druk. Beroepsvaart tussen Lelystad, Kampen en Lemmer gaat de hele nacht door. Met wat windschiftingen is het moeilijk je goed te oriënteren. Krijg zowaar nog te maken met een tegenligger onder spinaker. Dacht eerst voor hem langs te kunnen, maar ging toch maar achterlangs. Dat ik en beetje laat reageerde vond hij niet leuk aan zijn geschreeuw te horen. Middels het met een zaklamp beschijnen van de eigen zeilen hadden we elkaar al laten weten dat we elkaar in de gaten hadden. Ik maakte bij het passeren een opmerking over nachtblindheid omdat ze me recht in het gezicht schenen. Gezien het meervoud ga ik er inderdaad van uit dat het niet een van ons was (ik kon die koers en het tijdstip niet met één van de vier routes in verband brengen). Ook nu deed de keukenwekker weer dienst. Hoewel het moeite kostte, wilde ik hier niet in slaap sukkelen. Als dat toch zou gebeuren zou ik snel weer gewekt worden (wekker op 8 minuten).
Er moest nog even een slag gemaakt worden. Vlak voor de UK16 liep ik de Tumlare weer op die mij in het donker dus voorbij gelopen was (had ik de VZ3 ook maar niet moeten ronden!). Regelmatig werden we door de schijnwerpers van vrachtschepen in het zonnetje gezet, ook al lagen wij helemaal niet op hun koers!. Wat mij verbaasde was dat de vrachtschepen gewoon binnen de betonning van “het Vormt” varen. Het kan zijn dat op de foto van de UK 16 (00.43 uur) de Tumlare te zien is, of op zijn foto de Rocinant. Ik voer bijna op zijn spiegel. Omdat ik ook hier niet zo bekend ben volg ik de onverlichte betonning naar de haven. Vastmaken voor de Little One en dan snel horizontaal. Nee, geef mij dan het zeilen van gisteren maar. Nog niet wetende wat mij morgen te wachten staat.
Ik heb toch echt de vlaggen zien wapperen vanmorgen. Ik ging dus weer op pad. Fout, fout, fout. Dat had ik al snel in de gaten. De enige winst die ik behaalde met het voor 9.00 uur losgooien was dat de havenmeester naast mij kwam staan toen het schip al los was van de kade. “Laat maar” zei hij lachend en ging zijn geld bij de Tumlare halen. Het zicht was niet veel meer dan 1,5 zm. De windsnelheid was ook zoiets in meters per seconde. Die dag naast veel op de hand sturen ook bijna een boek uitgelezen. Bij de KG2 kreeg ik de Lady-A van Frits Brattinga in het vizier Noch op VHF, noch op GSM enige respons. Dan maar met oerklanken. Water draagt immers ver! Even later roept Frits mij op via de marifoon. Zijn spinaker vult zich niet genoeg om zijn elastiekjes te laten knappen.
Als er dan eindelijk een beetje wind komt, is de V15 niet bezeild. Het kost toch meer energie dan ik had gedacht om de boot met zo weinig wind een beetje de goede richting op te laten varen. Besluit om door te gaan als ik de V15 ruim voor donker kan ronden. Helaas, de schijnwerper moet er aan te pas komen om hem te vinden. Om 19.47 is ook hij vereeuwigd. In Medemblik afgemeerd voor het havenkantoor langszij een Duitse Bavaria. Even gratis douchen, schoon schip maken en ook dan slaap ik als een roos.
De wekker doet zijn wekwerk prima. Meer wind vanmorgen. Ik zet daarom, voorzichtig als ik ben (wedstrijdzeiler?) de kleine fok en een rifje. Nog voordat de motor uit gaat is die kleine fok al weer vastgebonden aan de zeerailing en ligt de standaard fok klaar om gehesen te worden. Vlak voor mij zet de True Blue de V15 op de foto. Die ton weet ook niet wat hem overkomt. Een heel jaar heeft niemand belangstelling voor hem en dan opeens wordt hij zo vaak gekiekt als ware het een beroemdheid. Buiig weer met prachtige luchten. Hoewel je de buien wel kunt zien aankomen, kun je niet zien hoeveel wind er uit komt. Even na de VZ1 gerond te hebben raak ik in een heftige bui verzeild. Gelukkig zeil ik er even later ook weer uit. Ging behoorlijk tekeer. De golven bouwden zich ook zeer snel op. Aan de wind in die golven bij sterk afnemende wind moet je toch weer wat zeildruk maken om een beetje snelheid te houden. Dat gaat zo een tijdje door. Rifje er bij, rifje er uit, kleine fok op, standaard fok op. Vermoeiend! De buien geven nu niet meer zoveel wind als vanmorgen bij Stavoren.
Het begint in mijn hoofd te malen. Als ik zo door ga (Makkum is niet bezeild) zal ik tegen donker in Lelystad aankomen. Om zondag voor 12.00 uur te kunnen finishen moet ik dan minimaal in het donker naar de NEK (kruisen?). In het donker zie je de buien echter niet aankomen. Het weer zal zo mogelijk nog iets slechter worden. Vermoeidheid begint ook mee te spelen. Met de slechter wordende weersverwachting moet ik wel maandag weer in Makkum zijn. Mijmer, mijmer, mijmer! Bij Makkum weet ik het zeker. Daar stop ik niet, dat is te gemakkelijk. Varende naar Hindeloopen neem ik mijn beslissing. Tot nu toe volop van de race genoten. Lekker grensverleggend bezig geweest. Ik denk dat ik een dag rust ook wel kan gebruiken voordat ik weer aan het werk moet (daar had ik geen rekening mee gehouden, verkeerd ingeschat). Moet ik nu het risico aangaan om nog in de ellende verzeild te raken?
Ik weet het, anderen gaan er voor. Alles is nu nog heel en dat wil ik zo houden. Deze race was voor mij vooral een race tegen mijzelf. Heb ik die dan nu verloren? Ik vind van niet. 81 zeemijl gezeild de eerste dag voelt erg goed. Lekker in het donker gevaren. Hele dagen dobberen. Alles meegemaakt. Ik weet nu wat deze race betekent. Volgend jaar is het weer weer totaal anders. De hele race is dan weer anders. Het logboek en de camera stuur ik deze keer wel op. Volgend jaar wil ik ze beide zondag voor 12.00 uur persoonlijk in Muiden afgeven.
Bedankt Jan, dat ik op ’t laatst nog mee kon doen. Tot volgend jaar.
Ids Witteveen
S/Y Rocinant

MUIDEN – Solozeiler Han Beijersbergen uit Lelystad heeft met zijn boot Anne Sophie (Bavaria 37) vrijwel zeker de achtste editie van de ‘200 mijls solo’ gewonnen. Van de 67 gestarte schepen kwamen er slechts 32 reglementair over de finish. Ruim de helft van de deelnemers hield er vroegtijdig mee op vanwege de vele windstiltes tijdens het evenement.
Volgens de voorlopige uitslagen legde Beijersbergen van 1 tot en met 5 oktober een traject van 200 mijl na berekening van de handicap het snelste af. Alvorens het definitieve resultaat vaststaat, moeten de logboeken en de foto’s van de boeien nog worden gecontroleerd Erik Jan Hardonk uit Lemmer met Neskio (Etap 30) is vooralsnog tweede geworden en Gerben Bos uit Medemblik is met Frequent Flyer (F&F 95) als derde geëindigd. Op dinsdagavond 30 november zat bij het palaver in café Ome Ko in Muiden de sfeer er goed in. Daar werden de logboeken en wegwerpcamera’s uitgedeeld en de schippers kregen een mooie 200 myls Solo cap als herinnering. De zeilers wilden graag alles van elkaar weten, vooral voor welke route er werd gekozen om zo snel mogelijk 200 mijl af te leggen. Op woensdag hadden veel schippers al vroeg de haven van Muiden verlaten om kort na 07.00 uur bij de boei M1 van start te gaan. Op het IJsselmeer stond een aardig oostenwindje, waardoor het veld op één oor naar het noorden kon vertrekken. De meeste schepen gingen met een windkracht 4 tot 5 via de NEK bij Hoorn naar de OVD3 bij Lelystad. Tijdens de tocht moeten geronde boeien of andere merktekens worden gefotografeerd. Na de eerste dag was Kees Corts uit Huizen met Jean Dix (First 305) de leider in het klassement met een afgelegde afstand van 68 mijl.
De meeste deelnemers (49 schippers) kozen voor de banen op het IJsselmeer. Dat was mede ingeven doordat de sluis bij Den Oever op het laatste moment gestremd bleek te zijn. De organisatie kon nog net voor de start van de wedstrijd nieuwe banen schrijven. Slechts 14 boten kozen voor de twee routes met een traject over de Noordzee en de Waddenzee. Snel ging het niet getuige het verslag van Harm Veenstra. “Na de KG2 stonden alle meters op 0. Ik heb nooit eerder een studie van de schuimvormen gemaakt, maar zo langzaam voortdrijvend door de algenculturen, zie je de mooiste vormen in het spiegelgladde kielzog verdwijnen. De enige troost voor de solist is dat in zijn naaste omgeving ook anderen zich aan die studie wijden en nagelbijtend wachten op wind.” Na de tweede dag voerde Gerrit Schuur met Myrlette (Etap 30i) de resultatenlijst aan. Hij overnachtte in Medemblik samen met Martin Selles met Kim (Dehler 36DB) en Rob Jaspers met Connector (Impact37) die tweede en derde stonden in het klassement. De meeste zeilers brachten de nacht door in Breezanddijk. Op vrijdag wilde de wind ook al niet meewerken. Met zo’n 1,5 knoop dobberden de schepen vooruit. Diverse schippers kwamen in de problemen omdat ze nooit op tijd in Muiden konden komen. Daarom verlieten de eerste schippers het wedstrijdtoneel, onder wie Harm Veenstra met zijn Jonker Leeuwerik (Friendship 28).
Na drie dagen hadden de meeste zeilers er net iets meer dan 100 mijl uitgeperst. Ieder zuchtje wind werd volop benut. Ruud Kapteyn had met zijn Mango (IMX-38) nog 17 mijl te gaan. Op zaterdagochtend rond 02.00 uur maakte Kapteyn als eerste zijn 200 mijl vol en pakte daarmee de line honours. Om 13.45 uur arriveerde Martin Selles als tweede schipper, na ongeveer 20 minuten gevolgd door Gerrit Schuur. Vanwege de geringe wind was het slechts een kleine groep gelukt om alle boeien op de foto te zetten. In totaal staakten 30 deelnemers de strijd en moesten vier schippers moesten hun baan inkorten, omdat ze anders nooit voor zondagmiddag bij de finish zouden zijn. Toen begon het werk voor organisator Jan Luyendijk om aan de hand van de SW-handicapformule en de logboeken de uitslagen te berekenen. De winnaar van vorig jaar, Dik Geurts met Bandos ( F&F110) uit Herkingen, werd 7de na zijn finish op zondag om 10.27 uur. Jacqueline van Amstel met Xinia (X-362) uit Dintelsas kwam een half uurtje later aan en eindigde als 5de in het voorlopige klassement. Zij mag waarschijnlijk net als vorig jaar de vrouwenbokaal in ontvangst nemen. Op woensdagavond, 15 oktober worden de winnaars officieel bekendgemaakt en de prijzen van de achtste ‘200 mijls solo’ uitgereikt.
Icif Koeling
|
Verslag Otto Maitimu (2003)5 oktober 2003
De wekker gaat om 05.30u voor de laatste etappe. De wind fluit door het want en ik zie 24 knopen wind op de meter staan. Buiten zal het wel harder waaien. Gauw een kop thee zetten, een boterham met pindakaas naar binnen proppen, een snelle inspectieronde over het schip en om 06.00u gooi ik los. Boven de dijk zie ik twee zeillichten in de richting van de OVD3 bewegen. Ik ben niet de enige die hier overnacht heeft.
Inge heeft gisteravond om twaalf uur nog gebeld voor het laatste weerbericht. In de ochtend N 5 tot 6 Bft, om ca. 09.00u draaiend naar NW en later in de middag verder krimpend tot W. In buien winstoten tot 15 m/s.
De wind zit inderdaad in de noordhoek en dat is prachtig, want nu is de NEK bij Hoorn bezeild. Om hoog aan de wind te blijven zeilen kan de stuurautomaat niet gebruikt worden. Om stroom te sparen staat hij enigszins ruim afgesteld, zodat hij niet op iedere graad koersverandering reageert. De consequentie is dat je een beetje zwabbert en dat is normaal niet erg, maar niet voor hoog aan de wind. Het sturen tegen wind en golven vraagt enige concentratie om snelheid te houden en zo hoog mogelijk tegen de wind op te sturen.
Bij de eerste bui die overkomt, waait het 7 tot 8 Bft over dek. Als je daar tegenin staat te kijken, waaien de lenzen bijna uit je ogen.
Om 08.24u ben ik bij de NEK en vrijwel direct na het ronden van de boei draait de wind en valt hij nagenoeg weg. De snelheid valt terug tot soms onder de 3 knopen. Ik dacht prima op tijd te zijn, maar als dat zo doorgaat, wordt het nog spannend of ik voor de deadline van 12.00u de M1 bij Muiden kan passeren. Een paar mijl voor Volendam komt er toch weer wind en lopen we weer vlot over de 7 knopen. Maar ook dat is even later voorbij. Ik rond het Paard van Marken zo dicht mogelijk langs de dijk met één oog op de dieptemeter, want ik steek 1,90m. Gelukkig genoeg water. Het begint nu toch echt penibel te worden met de tijd.
Richting de PH boei voor Zuidelijke Flevoland gaat het weer een beetje waaien en kan ik goed halve wind varen. Het zit er nog steeds in, maar de wind mag nu niet meer wegvallen.
Om 11.30 mag de M1 niet verder weg zijn dan 3,25 mijl anders is het verkeken. Het is 3,18 mijl en we lopen nog steeds tegen de 7 knopen over de grond. Om 11.40 wil ik max 2,2 mijl tot de M1: het is een beetje minder. Om 11.45 is het nog 1,6 mijl. In het laatste stukje valt de wind eerst nog even weg, maar trekt dan toch weer aan. Ik ben van nature geen nagelbijter, maar je zou het spontaan worden. Om 12.00 exact (satelliettijd op de GPS) fotografeer ik de M1. Na het solo zeilen ben ik nu aan het solo juichen.
Bij het inleveren van het logboek en de fotocamera hoor ik dat ongeveer de helft van de deelnemers is uitgevallen. Dat is heel spijtig, maar het was ook een rare race. Je moest eigenlijk alle dagen ’s-avonds en ’s-nachts varen om de mijlen te kunnen maken en je overdag niet druk maken.
Jan Luyendijk, weer bedankt dat ik mee heb mogen doen. Tijdens een windstilte las ik in het reglement dat oud-deelnemers voorrang hebben bij de inschrijving en daar kan ik van harte mee instemmen. Mij kun je alvast noteren voor volgend jaar.
4 oktober 2003
Het is een kort nachtje geworden. Nadat ik om half drie had vastgemaakt, wilde ik nog even het bericht van 3 oktober afmaken en verzenden, maar dat laatste lukte niet via de GPRS. Om half vier heb ik het opgegeven en het licht uitgedaan. Om kwart over acht wakker en nu een gewone telefoon verbinding gemaakt met de mobiele telefoon en dat werkte wel.
Na alle nachten geankerd te hebben is het nu wel luxe om op de jachthaven even te douchen en te scheren. De wind verwachting is NW 5 tot 6, maar als ik buiten kom waait het hooguit 4. Het rif van gisteravond zit er nog in, maar dat kan er wel uit. Het grootzeil is net weer helemaal gehesen of er komt een hagelbui over met 34 knopen wind. Rif er dus weer in.
Om 10.50u passeer ik weer de V15 op weg naar de VZ1 bij Stavoren. Halverwege zakt de wind weer in, dus rif er uit. Dit herhaalt zich vandaag een paar keer. Ik hoef niet naar de sportschool om calorieën kwijt te raken: solozeilen is al voldoende.
Vanaf Stavoren gaat het richting Makkum en helaas draait de wind verder door naar NNW en moeten er slagen gemaakt worden. Onderweg weer een paar stevige buien, maar af en toe ook windstiltes. Van Makkum naar Hindeloopen gaat de genua er weer bij en die kan blijven staan tot Lelystad. Als we bij het Vrouwenzand richting de EZ21 gaan, gaan we plat voor het laken en kan de genua te loevert gezet worden op de spinakerboom. De achteropkomende golven lopen onder het schip door en van tijd tot tijd zit er een hogere golf tussen. Op zo’n golf kun je een stukje surfen en loopt de snelheid flink op. De hoogst snelheid op de klok is 8,9 knopen. Dit is wel kicken. Vlak voor de EZ21 valt de wind opnieuw weg en lig ik weer een uur te drijven. Dat is wel balen.
En natuurlijk, als je dan eindelijk de ton gepasseerd bent, gaat het weer stevig waaien.
De sluiswachter bij Lelystad heeft kennelijk iets goed te maken, want hij doet het licht op groen zodra ik aankom, laat de bellen rinkelen voor de slagbomen, doet direct achter mij de sluisdeuren weer dicht en zonder vast te hoeven maken, kan ik onder de brug door en aan de andere kant weer door de inmiddels geopende sluisdeuren.
Met NW 5 tot 6 heb ik weinig trek om te ankeren achter de leidam en tegen twaalven loop ik de jachthaven van Lelystad binnen om te overnachten. Morgen moet er gefinished worden, dus dat wordt vroeg op.
3 oktober 2003
Gisteravond zijn Michiel Tasseron en Peter Mueller langszij komen liggen. Michiel trekt een fles wijn open en nodigt ons uit voor een borrel. Met zijn mobiel belt hij iemand die achter de computer zit en zo horen we de laatste stand van zaken. Momenteel lig ik op de 16e plek en ben ik dus een plaatsje omhoog geschoven. Michiel en Peter willen morgenochtend om 6 uur weg, maar dat lijkt me veel te vroeg aangezien het morgenochtend nog nauwelijks zal waaien.
Ik wens ze succes en vraag ze om heel zachtjes te doen.
Om kwart over zes word ik wakker. Michiel heeft de marifoon loeihard staan en ik kan het weerbericht van de meldpost IJsselmeer letterlijk volgen in mijn kooi. Dan roept Michiel naar Peter of hij het ook gehoord heeft. Peter heeft vast zelf geen marifoon aan boord.
Om acht uur sta ik op en zie dat Breezanddijk leeggelopen is. Alleen Bart Boosman ligt er ook nog. Tegen half tien waait het nog steeds nauwelijks, maar ik ga toch maar op weg. De onverlichte V15 boei bij Medemblik wil ik liever bij daglicht aanlopen en ik wil niet het risico lopen dat ik hem in het donker niet kan vinden. Bovendien wordt er voor later vandaag regen voorspeld, dus dat maakt het zoeken naar een dunne staak in het donker extra moeilijk.
Bart blijft liggen tot het gaat waaien. Hij doet route 4 en heeft de V15 dus al gehad. Hij baalt van de windstille dag van gisteren en vindt dat hij het heeft verprutst doordat hij veel te vroeg vertrokken was.
Aangekomen bij mijn startton van vandaag, is de wind helemaal weggevallen. Dit heeft natuurlijk geen zin en ik besluit om de start maar uit te stellen totdat er wind komt. Tegen half twaalf is er nog steeds geen wind en trekt het dicht van de mist. Het zicht is niet meer dan 500 meter. De centrale meldpost IJsselmeer meldt dat de actuele wind in Lelystad ONO 2 Bft is, dus ik kan wel aannemen dat het nergens waait waar ik moet zijn. Dan maar koffiebonen malen en een vers bakkie koffie zetten. Ik heb geen anker uitgegooid, maar lig gewoon te drijven. Om half twee lig ik nog op 300 meter van de de Sport B. Dan gaat het een klein beetje waaien en ik gok het erop. Om 14.03 passeer ik de ton en loop met een gangetje van 3 tot 4 knoop richting Stavoren. Na anderhalf uur is de wind op en heb ik alweer spijt dat ik vertrokken ben. Langzaam komt Stavoren dichterbij en daarna zet ik koers naar Urk om de UK16 te ronden. De meldpost IJsselmeergebied blijft maar ieder uur roepen dat het windkracht 4 tot 5 wordt, maar voorlopig is het nog niks.
Zo’n 2,5 mijl voor de UK16 komen er een stuk of 5 solozeilers mijn kant op. Die moeten van dezelfde route zijn, want in route 4 ligt de UK16 al veel eerder in het schema. Zij liggen dus ca. een uur op mij voor, maar zijn wel 7 uur eerder vertrokken uit Breezanddijk. Dat geeft de burger moed.
Vlak voor de UK16 verwissel ik de genua voor de high aspect, zodat ik zo dadelijk wat hoger aan de wind kan lopen, want de V15 ligt precies tegen de wind in.
Om 20.34 ben ik bij de UK16 en een kwartier later begint het plotseling zo te waaien dat ik een rif moet steken. Dan komt ook de beloofde regen. Steeds als er een bui overkomt, geeft de windmeter 25 tot 30 knopen wind aan (6 à 7 Bft en als de bui weer over is 14 tot 18 knopen (4 Bft). Na twee keer rif steken en weer loshalen, hou ik het voor gezien. Het rif blijft erin en ik varieer de hoeveelheid zeil met het in- of weer uitrollen van de fok.
Onderweg bedenk ik een strategie om de V15 in een keer te vinden. Met de radar moet ik hem kunnen zien, maar het probleem is dat er meer schepen in de buurt zullen varen om dat ding te vinden en dan zie ik op de radar allemaal stippen, waarvan er maar één die ton kan zijn.
Ik meet de positie van de ton zo nauwkeurig mogelijk in de kaart. Weer een probleem: sinds dit jaar is de kaart 1810 van het IJsselmeer een dubbele kaart die gevouwen wordt. En natuurlijk ligt de V15 precies op de vouw en na een seizoen open en dicht vouwen kun je niet meer precies zien waar die ligt. Zo goed als het gaat, meet ik de positie en zet die in de GPS. Ga eens met de muis over de rechter foto, hij is te zien …
De stuurautomaat stel ik in op deze positie en ik zorg dat ik 1,5 mijl voor de ton een dusdanige koers heb, dat ik niet in de wind kan komen te liggen. Dan blijf ik op de radar kijken en de ton moet dan al recht voor liggen. Alle andere stippen zijn schepen, die van plaats veranderen. Als ik tot op een halve mijl genaderd ben, draai ik de fok in en zet de grootschoot wat losser, zodat ik niet teveel vaart loop.
De strategie werkt als een trein en ik heb de ton direkt te pakken. Ik roep naar de andere schepen waar de ton ligt en houd mijn zaklantaarn erop gericht. In mijn logboek noteer ik 01:31u. Nu snel een ligplaats zoeken in het regatta center in Medemblik en om 02.30 lig ik vast en aan de walstroom om de accu’s bij te laden. Nog snel een borrel en ik ga slapen.
2 oktober 2003
Omdat er weinig wind voorspeld is voor vandaag, heb ik maar besloten om een beetje uit te slapen. Even na achten ben ik wakker en er is inderdaad zo weinig wind ,dat het helemaal geen zin heeft om uit te varen. Na een uitgebreid ontbijt, de afwas van gisteren en het wisselen van de high aspect voor de genua maak ik tegen 11.00u toch maar aanstalten; ik kan toch ook niet de hele dag in Enkhuizen blijven liggen. Het eerste rak van vandaag leidt van de KG2 naar de Sport B bij Breezanddijk. Bij de KG2 aangekomen liggen er nog een stuk of 5 schepen te wachten tot er wat wind komt. De foto van de boei moet binnen 4 meter afstand van het schip genomen worden en ik ga zo langzaam dat ik hem pas neem als ik er 4 meter voorbij ben. Scheelt toch gauw 5 minuten in aanvangstijd.
Als na enige tijd de wind begint te ruimen naar ZO weet ik dat ik het voor vandaag wel kan schudden. Met licht weer is op een ruimwindse koers een spinaker een absolute must.
Een uur na de start valt de wind helemaal weg en wordt het een drijfpartij. Op een gegeven moment ligt de boeg weer richting Enkhuizen, omdat het schip niet meer naar het roer luistert door gebrek aan snelheid. Dan draait de wind door naar NNO en is Breezanddijk ineens niet meer bezeild. Het is een weinig enerverende dag, maar het positieve is dat het prachtig nazomerweer is. In korte broek en blote bast is het absoluut genieten in deze tijd van het jaar.
Als je de mogelijkheden van de wind combineert met de routes 3 en 4, dan zullen er vanavond waarschijnlijk heel wat schepen de vluchthaven van Breezanddijk opzoeken.
Om 19.25u passeer ik eindelijk de Sport B na een tocht van zo’n 7 uur over een stukje van 17 mijl. Dat is niet goed voor het gemiddelde, maar ik troost me met de gedachte dat de anderen er evenveel last van hadden.
Mijn lieve echtgenote heeft mij ruim voorzien van proviand en voor vanavond kies ik de chili con carne. Moest nog wel even naar huis bellen om te vragen waar ze de bonen verstopt had.
Bij het afwassen ga ik me toch enige zorgen maken over de watervoorraad. Voor vertrek uit onze thuishaven in Lelystad had ik de watertank helemaal gevuld. Gisteren tijdens het aandewindse rak van Hoorn naar Lelystad kwamen de golven schuin van voren in en kreeg ik het idee dat de gevulde watertank mij parten speelde. De tank bevat maximaal 120 liter water en is geplaatst in het vooronder. Bij iedere golf moet die 120 kg omhoog en door de beruchte korte golfslag van het IJsselmeer klapt die massa weer in de volgende golf, waardoor het schip behoorlijk afremt. Het leek me beter om wat van dat gewicht kwijt te raken, maar ik geloof nu dat ik daar wat te enthousiast in geweest ben en de kraan te lang opengelaten heb. Als eerste zullen we nu het afwassen inperken om water te sparen. Wil bijtijds mijn kooi in, want morgen moeten er weer mijlen gemaakt worden.
1 oktober 2003
Vanochtend gestart in de achtste editie van de 200 mijls solo race. Als om 6 uur de wekker gaat, is het steenkoud aan boord.
Ik kruip mijn kooi uit en doe de verwarming aan. Althans dat was de bedoeling, maar na 10 minuten komt er nog steeds koude lucht uit de uitblaasopeneningen van de hetelucht verwarming. Als het dan ook nog naar diesel gaat stinken, zet ik hem maar gauw uit. Dat moeten we maar eens onderzoeken bij daglicht.
Tegen half zeven begint er iemand in zijn handen te klappen. Die wil er kennelijk uit, maar kan dat niet omdat hij ligt ingeklemd. De kleine Stichtingshaven in Muiden ligt dan ook propvol met boten van de 69 deelnemers.
Om 07.32 passeer ik de groene M1 boei die voor de haveningang van Muiden ligt, fotografeer hem met de meegekregen camera, noteer de passagetijd in het logboek en ik ben weg. Er ligt al een behoorlijk veld voor me, maar ik ben zeker niet de laatste die vertrekt. Voor alle deelnemers is het eerste deel hetzelfde: eerst naar Volendam, dan naar Hoorn en vervolgens naar Lelystad. Daar moet je je keus maken uit één van de vier routes. Voor mij valt route 1 af, de route die o.a. van IJmuiden naar Den Helder leidt. Dit stuk is een goede 32 mijl en als je dat niet in één tij haalt, heb je een probleem. Voor donderdag wordt weinig wind verwacht, dus er is een risico dat het tij tegen gaat lopen voordat je bij Den Helder bent en bij weinig wind wordt je misschien wel achteruit gezet en ga je negatieve mijlen maken.
Route 2 gaat o.a. via Harlingen buitenom Vlieland en Texel naar Kornwerderzand. De tijden van hoogwater en laagwater op 2/3 oktober zijn echter dermate ongunstig dat die route ook afvalt. Het zal dus route 3 of 4 worden.
De wind is ONO 4 Bft en dat maakt dat alle rakken tot Lelystad bezeild zijn. Het schiet lekker op en tegen de tijd dat ik bij Lelystad ben, ben ik nog niet helemaal “en tête de la course”, maar ik heb er al veel ingehaald en ben zelf door twee schepen voorbij gelopen. De plaats in het veld zegt echter helemaal niets over de klassering, want de Content is een snel schip (theoretisch) met een lage handicap (en dat is realiteit).
Bij de boei OVD 3 kies ik voor route 3, omdat ik dan naar verwachting de meeste mijlen kan maken vandaag. Bij de sluis in Lelystad loopt het echter tegen, want er is kennelijk maar één sluiskolk beschikbaar. Nadat de sluiswachter ons een uurtje heeft laten dobberen, besluit hij om toch ook de andere kolk maar open te zetten. Inmiddels heeft een groot deel van het veld zich bij de kopgroep gevoegd en als de sluisdeuren eindelijk voor ons opengaan, wordt de sluis bijna geheel gevuld met deelnemers van de 200 mijls solo.
Van Lelystad gaat het naar Den Oever en ik zie dat vele anderen voor route 3 gekozen hebben. De wind staat nog lekker door en ik vaar regelmatig boven de 7 knopen. Als de wind in de loop van de middag wat gaat inzakken, vervang ik de High Aspect fok voor de lichtweer genua, vliegend gehesen, dwz het voorlijk is niet aan de voorstag bevestigd, maar alleen tophoek en halshoek zijn bevestigd. Dit heeft het grote voordeel dat de fok op de furlex kan blijven zitten en dat de genua snel gehesen en gestreken is. Tegen het einde van de middag zakt de wind nog verder in. De schepen met spinaker vliegen me voorbij.
Naast me zie ik de Ami Bai een halfwinder hijsen, die echter niet helemaal ontplooit. Hij bolt bovenin en onderaan, maar in het midden zit een knoop. De schipper doet verwoede pogingen om het zeil goed te krijgen, maar het wil niet lukken. Ik kan hem niet horen, maar hij zal wel achteruit bidden. Uiteindelijk laat hij het spinakerval een eind vieren en kan hij de zaak klaren.
Om 18.43 u kom ik aan bij de WV14 voor Den Oever. Het is nog een goed uur licht en ik besluit om nog niet een haven op te zoeken, maar door te varen naar Enkhuizen. De zonsondergang boven Noord-Holland geeft een prachtig gekleurde hemel. Ik vaar goed vrij van het nieuwe vogeleiland voor de kust van Medemblik, maar heb nu de vaargeul tussen mijzelf en de baggerschepen die daar aan het werk zijn. Door de vele lichten op de baggerschepen zijn de lichten van passerende binnenvaartschepen pas laat te zien en moet ik goed uitkijk houden. Tegen 21.30 laat ik het anker vallen in de havenkom van de Compagnieshaven in Enkhuizen en lees op het log dat ik bijna 80 mijl gevaren heb.Voorwaar een goede start. Voor tussentijdse klasering, zie www.200myls.nl.
Otto Maitimu
|
200 myls ‘SOLO’- 2003 met de Lady A
Even spande het er om dat ik in verband met mijn gezondheid mee kon doen, maar nadat ik rustig naar Muiden was gezeild besliste ik, dat indien het niet te zwaar zou worden, ik de race wel uit kan zeilen. Winnen zit er dit keer echt niet in, dit door gebrek aan conditie.
Daags voor de race kwam ik in Muiden aan waar het al gezellig druk op de haven was. ‘s Avonds met een grote groep wezen Chinezen. Daarna naar het altijd weer gezellige palaver.
Hierna naar de kooi, nadat de wekker op 5 uur 45 was gezet.
1-10-03
Om 5.45 schrik ik me rot, wat een herrie op de vloer, er kruipt een lichtgevend en trillend ding rond. Als ik mijn ogen uitwrijf blijkt het mijn telefoon te zijn die ik als wekker gebruik. Snel koffiezetten en wassen en scheren, hierna de zeilen aanslaan. Om 6 uur 30 lig ik samen met de meeste deelnemers klaar. Uiteraard is er weer een slaapkop die de zaak blokkeert. Na drie keer roepen en kloppen komt er heel voorzichtig beweging in de beste man. (had hij wakker geweest hadden we met de eerste schutting mee gekund nu hebben we twee en een half uur verspeeld). Eerst blijkt dat er geen wind is maar buiten de haven valt het dik mee. Om 7 uur 16 zet ik de M1 op de foto waarna mijn race is gestart. Een mooie aan de windse koers naar het paard van Marken. Bij de geul even uitwijken voor een zandschip. Na Marken een ruim rak naar Volendam.. Als ik water op de koffie wil gieten breekt spontaan het handvat van de ketel en krijg ik kokend water over mij heen, ik heb het geluk dat ik mijn zeilkleding aan heb en mij niet brand. Na de GZ 2 , is de koers naar Nek, ook dit rak is te bezeilen. Dan richting OVD3. Om 11 uur 46 passer ik de OVD waarna de motor aan kan richting sluis, deze draait net voor onze neus dicht.
Drukte in de Houtribsluizen
Om 14 uur 39 start ik op het IJsselmeer door de EZ 21 op de foto te zetten, ik kies voor route 4 richting Medemblik, samen met 5 anderen die de zelfde route hebben gekozen.
Schitterend weer maar iets te weinig wind. Om 17 uur 39 rond ik de staak V 15. Het is te vroeg om te overnachten dus op naar Urk. Op de weg erheen kom ik nog drie anderen tegen, voor mij liggen de Chil Out en de Xinia. Eerst maar een nassie maaltijd maken, na het eten lig ik dwars van Enkhuizen. De avond valt vroeg in oktober het is pikkenacht als ik eindelijk de UK 16 om 20 uur 49 rond. Na mij komt Bart Boosman met de Fransman over de streep. Ik meer eerst af, of is het aanmeren, in de verenigingshaven maar dat is niks, in de almanak ontdek ik dat er meer naar het stadje toe ook ligplaatsen zijn. Hier meer ik naast de Chil Out. Het is nog lekker weer dus we blijven nog even in de kuip zitten kletsen en dan naar de naar de kooi.
2-10-03
Om 8 uur 30 wakker als ik mijn hoofd uit het luik steek ontdek ik de Xinia, de Fransman en de Little Sarah aan de andere kant van de haven. Na het ontbijt, eieren met spek, even water tanken en op weg voor een nieuwe ketel. Een paar inboorlingen van Urk verwijzen mij naar de lokale galanterie waar ik de keuze heb uit drie ketels. 1 van 2 liter van RVS, een andere van 2 liter van RVS en nog een andere van 2 liter van RVS. Uiteindelijk kies ik er een uit van 2 liter van RVS, want die vond ik toch wel de mooiste.
Als ik terugkom willen de Oosterburen waaran wij zijn afgemeerd die IJsselsee op, zodoende zoeken de Chil Out en de Lady gezamenlijk een andere oever op en liggen we naast de andere solozeilers.
Om 11 uur begint het zowaar een beetje te tochten en worden er hier en daar lichtweer zeilen aangeslagen.
Ik overweeg om eerst nog 6 uur te ankeren, maar als Bart Boosman samen met de Xinia en de Little Sarah vertrekt ga ik mee. Snel de Spi zetten maar deze moet ik al snel verwisselen voor de bolle jan. Als ik de Uk 16 heb gerond zeilen de Xinia en de Fransman voor mij. De Xinia draait redelijk snel terug richting Urk zodoende zijn de Fransman, de Little Sarah en de Lady A de enigen die doorzeilen. De Little Sarah haal ik redelijk snel in (Little Sarah, voortaan de zeilen maar ietsje losser zetten met licht weer) hierna op weg naar de Fransman.
Langzaam maar zeker loop ik op hem in en loop ik hem voor bij. Bart is boosman. Steeds stuivertje wisselend drijven we richting Breezanddijk ( ik hoop dat ik dat voor de winter haal want ik heb wel skeelers aan boord maar geen schaatsen en nik heb zin in een Magnum).
Hoera een snelheidsrecord -0,08 knopen, ik zeil achteruit.
De Fransman in de blakte
Een eindje verder zeilen de Catootje en de Easy Going, Ik herken Frits Bartels van verre aan zijn rode broek, hij is druk aan het spinakeren, dus ik bel hem even op zodat ik hem stoor tijdens dit zware werk het waait ook een 1 knoop dus Frits heeft het zwaar. Hij beweert dat hij ’s morgens zeven knopen heeft gevaren ( op de motor vanuit Breezanddijk naar Sport B).
Als ik weer in de kuip verschijn licht de Fransman weer op kop, dus er moet wat gebeuren. Ik hijs weer mijn Spi en loop hem weer voorbij. Even latere verschijnt de Xinia ook weer aan de horizon, vrouwtje van Amstel ment de boot als een kerel. Onder de Friese kust ontdek ik zowaar een nieuw eiland. Net als ik overweeg om de vlag te planten zie ik dat het eiland uit duizenden aalscholvers bestaat. Om 15.00 uur een opleving van Aeolus zowaar 5 knopen wind ja ja. De Xinia loopt mij voorbij, dus ik moet beter mijn best doen. Ondertussen lig ik een mijl voor op de Fransman. Om 16 uur 46 rond ik eindelijk de VZ 5, dus nu op weg naar mijn Magnum bij de benzinepomp op de dijk.
Hoe meer ik naar het noorden zeil hoe meer solozeilers ik ontdek. Zouden ze allemaal in de vluchthaven op de dijk overnachten? Ondertussen heb ik verschrikkelijk last van mijn knie en mijn liezen gekregen ik hoop dat het weer afzakt anders zie ik problemen voor de rest van de race. 17.00 uur eindelijk wind we lopen weer 5 knopen “sa moat ut” zeggen we in Friesland. Om 20 uur 07 rond ik Sport B, dik voor Bart Boosman als ik de zeilen opruim komt hij langs om mij te feliciteren, maar morgen pakt hij mij, tenminste dat beweert hij. We zullen zien. In de kom is het druk, veel boten voor de wal en voor anker, ik kan mijn anker nog net ergens tussen prikken. Als ik alles heb opgeruimd komt Henk Euvelman tegen mij aan liggen, onder het genot van een borrel en een hapje bespreken we onder andere de dag en de tocht tot nu toe.
3-10-03
Om 4 uur 15 wordt ik wakker van de wind, snel toilet maken en anker op. Dit valt enorm tegen mijn heup doet zeer en ik kan niet op mijn knie zitten, shit. Na veel geploeter ligt het anker aan dek, spoelen en in de bak. Buiten de haven de zeilen omhoog. Om 5 uur 13 zet ik Sport B weer op de plaat en lig ik een koers voor richting LC 9, dit is een mooi beloopbare koers en ik klok regelmatig 6 knopen op de GPS. Om 5 uur 35 passeren twee schepen elkaar in de nacht ik op weg naar LC 9 en hij op weg naar Sport B. Gelukkig doet mijn automaat het uitstekend zodat ik niet hoef te sturen en iets kan uitrusten van het gedoe met het anker (ik lijk wel een oude kerel). Ondertussen pruts ik wat aan mijn log want dat heeft de geest gegeven, uiteindelijk doet hij het weer. Ik hoop dat de gegevens nog kloppen dit moet Jan maar controleren aan de hand van het logboek. Om 7 uur 22 passeer ik de LC 9, ik had gehoopt dat de wind zou ruimen maar hij krimpt en de SB 10 is krap te bezeilen (is het niet zo dat krimpende winden en uitgaande vrouwen niet zijn te vertrouwen), om 10 uur moet ik kruisen om de boei te bezeilen. In de verte zie ik hem aan de vale horizon maar kruisend met 2 knopen per uur schiet niet op om 10 uur 15 nog 25 meter, om 11.00 nog 15 meter, om 11 uur tien op de plaat en wat voor plaat dit is kunst een rode boei zwevend in de lucht.
Een rode boei zwevend in de lucht
Ik bel de weerlijn, deze beloven me wind dus ik zet door richting KG 2. Ondertussen is het zicht slecht. Al drijvend vorder ik gestaag maar over de 10 mijl doe 4 uur. Bij de KG 2 drijft Ids Witteveen ook rond via de marifoon hoor ik dat hij veel leest dat hij hoopt om tijdens de nacht op de Friese te zijn.
Ik hijs de spi, het waait zo hard dat de elastiekjes om welke ik gebruik bij het spi hijsen niet eens knappen.
Om een uur of vier verschijnen er rimpels op het water en om vijf uur heb ik moeite met de spi, dus de Genua er weer op. Na deze actie zit ik te puffen als een oude locomotief. Ik besluit om de nacht in Hindeloopen te blijven. Om 19 uur 21 rond ik de H2, bekaf. Vlak voor de haven loop ik ook nog vast, met moeite kom ik los. Eindelijk in de haven, ik hoop dat ik me morgen beter voel.
De hele nacht het heen en weer naar het toilet, als ik eindelijk slaap rammelt de wekker aan mijn oor. Doodmoe en met een pijnlijk lijf maak ik de boot klaar, dit wordt een zware dag. Verstandige mensen haken nu af, ik probeerde race toch af te maken. Als ik de H 2 weer rond zeilen in de verte nog 2 deelnemers, vlak bij de LC 9 gaat het lichtje bij me uit en offer ik mijn ontbijt aan de vissen, ik besluit dat het genoeg is geweest en keer terug naar Stavoren. In de haven liggen veel skûtsjes de bemanning hiervan zien dat mijn krachten op zijn en vangen mij bij de sluis op (bedankt), door het Johan Willem Friso kanaal scharrel ik naar Sneek en meld mij af.
Deze keer geen voltooide tocht helaas, maar ik hoop in 2004 weer mee te doen.
Frits Brattinga
S/YLady A
|
De 200 myls ‘SOLO’ – 2003Door :Jacqueline van Amstel, PZV Zeezeilen – December 2003
Thuis staat de fraaie trofee van de 200 myls te pronken in de woonkamer. Als in maart de uitnodiging van Jan Luijendijk, de enthousiaste organisator van dit leuke evenement komt, hoef ik dan ook niet lang na te denken en geef mezelf spontaan weer op om de 8e 200 myls te zeilen.
Al snel blijkt dat ik ook dit jaar als enige vrouw ingeschreven ben. Zijn er bij de PZV vereniging geen enthousiaste zeilsters, die volgend jaar met mij om de troffee willen strijden??
Er zijn mannen die wat afgunstig reageren en opmerken, dat ik de race alleen maar uit hoef te zeilen voor de trofee. Dat gaat mijn eergevoel toch te na. Ik wil meer dan alleen maar de wedstrijd uitzeilen, ik wil in elk geval mijn prestatie van afgelopen jaar verbeteren.
Daarvoor hebben we dus maar een sneller schip aangeschaft. De Xinia, een spiksplinternieuwe X-362, deze zomer opgehaald op de werf in Haderslev, Denemarken.
Een nieuw schip brengt echter heel wat nieuwe uitdagingen met zich mee. Kan ik deze snelle 11 meter lange boot wel alleen zeilen? Een pessimistische voorbijganger op de steiger in Muiden, voorspelt dat ik de boot niet alleen zal kunnen zeilen. Dat zullen we nog wel eens zien, en ik probeer stoer te kijken, inwendig voel ik me nog wat minder overtuigd.
Er zijn wel wat aanpassingen nodig aan de boot:
Naast aanpassingen aan de boot, is wat oefening ook geen onbelangrijke factor bij de voorbereiding. Belangrijk of niet, de tijd om veel te oefenen is er niet, en als er al tijd is, dan laat de wind het afweten.
Dit gebrek aan oefening en ervaring met de boot, kan me er toch niet van weerhouden van start te gaan. Proberen kan ik het toch? Opgeven kan altijd nog. Uiteindelijk heeft het oefenen met het lichte weer dat we deze zomer hadden, toch zo z’n resultaat opgeleverd.
Tijdens het palaver voor de start werden we ervoor gewaarschuwd dat het halen van de finish een uitdaging zou worden, niet vanwege harde wind, maar door gebrek eraan. Dat hebben we geweten.
Woensdag 1 oktober,
de startdag was een fantastische zeildag, zon en wind. De boot is echter zo snel en bewerkelijk dat ik vergeet logstand en tijd op te schrijven bij het ronden van de eerste boei. De definitieve baankeuze moet in de loop van de dag gemaakt worden. Bij deze keuze is van belang zoveel mogelijk bezeilde rakken te hebben en mogelijk stroomvoordeel.Voor stroomvoordeel is er de keuze uit baan 1(Noordzee) of baan 2(Waddenzee). De superlichtweervoorspelling van donderdag en vrijdagochtend, doen mij van deze keuze af zien. Als de stroom draait, voor je een rak beëindigd hebt, heb je niets aan het stroomvoordeel. Na intensief telefonisch overleg met Wim is de de keuze op baan 4 gevallen, met als reden de windvoorspelling vanaf vrijdag middag: Noordwest 4 tot 6 BFt. Dan wil je geen kruisrakken achter in de baan. Er zijn slechts weinig deelnemers die voor deze baan kiezen. Baan 3 blijkt in de praktijk favoriet.
De 2e en 3e dag van 200 mijls kenmerkten zich door afwezigheid van de wind.
Logboek: Als ik bij Urk over de dijk kijk is het water spiegelglad, een horizon is niet te zien. Eén groot blauwgrijs gat. Nu ben ik in het voordeel.( Dat blijkt echter pas achteraf. Zelf ben ik die dag erg ontevreden, zie logboek, waarin ik met grote letters schrijf: SUPER SLECHTE MIJLEN) De Xinia blijkt een geweldige boot en als om me heen de concurrentie stilligt, ga ik nog vooruit. Niet spectaculair, maar genoeg om winst te behalen.
Als ik verslagen van medezeilers lees over deze windstille dagen, staat erin vermeld over de dikke boeken die ze onderweg lezen uit verveling. Op de Xinia verveel je je niet. Niets boeken lezen. Trimmen, elk zuchtje wind benutten, op het juiste moment in een windbaan overstag. De winst op die dagen heb ik echt niet kado gekregen, ik heb er hard en geconcentreerd voor gewerkt.
Regelmatig is er telefonisch overleg met Wim over de wind. Wanneer gaat het nu eens waaien? Wim kan echter ook geen wind maken. De omslag komt pas vrijdag tegen donker, als ik de spi op heb staan en een boei moet ronden! Ineens is er wind(en regen), en niet zo zuinig ook. Uit het logboek: Gevecht geleverd op voordek en gewonnen van de spi!
Vrijdagavond weet Wim te vertellen dat er, tot mijn verbazing , op dag 3 al veel hebben schepen opgegeven. Zij denken de eindstreep niet op tijd te gaan halen.
Ik moet dan nog 80 mijl en heb daar dan de zaterdag en zondag tot 12 uur voor. Het plan is zaterdag 60 mijl te zeilen en zondagochtend de laatste 20 mijl. De voorspelling van 5 tot 6 Bft komt uit, alleen zijn de weersdeskundigen vergeten te vertellen, dat dat alleen in buien zo is. Tussen de buien door is het veel rustiger. Reven hebben we nog nauwelijks geoefend. Nu draai ik er mijn hand niet meer voor om.
Alle gebrek aan oefening is in 1 dag ingehaald. Eigenlijk ziet het IJsselmeer er op zaterdag fantastisch uit, als ik er nu thuis achter de PC zittend, aan terug denk. Het begint zonnig, dan wordt de lucht inktzwart en verschijnt er een prachtige regenboog. Vervolgens in proberen te schatten of de bui wel of niet over me heen zal gaan en het juiste moment beslissen om te reven.
Dan volgt er dus die bui, waarin alle denkbare nattigheid in striemende vlagen naar beneden komt en dan keert de rust weder en is het weer zonnig.
Of dit onderdeel uitmaakte van de wedstrijd, dat heeft de wedstrijdleiding me nog steeds niet verklapt, maar de buien met regen, hagel en 25 knopen wind vielen steeds neer bij het ronden van een boei, als een soort extra handicap.
Lastig ook waren de grote windshifts tijdens de buien. Tip van Wim: Ga (op kruisrak) een bui in over bakboord. Dat heb ik dus uitgeprobeerd en het klopt. Zaterdag avond ben ik moe van de lange inspannende zeildag en het constante reven. De geplande 60 mijl zitten er keurig op. Liefst wil ik niet in het donker zeilen, nu het weer een omslag heeft gemaakt. Overdag zie je de buien goed aankomen en geven ze al genoeg spanning…

De laatste dag vergt onverwacht nog het meeste van mijn zenuwen. Rond 7 uur in de ochtendschemering ga ik vanuit Hoorn op weg voor de laatste mijlen.. De halve vloot lijkt zich hier op dit tijdstip verzameld te hebben voor een eindsprint. Het water is vlak. Dat kan niet! Er was harde wind voorspeld.
Tergend langzaam dobber ik vooruit, 2,5 knoop op de log, gefrustreerd bel ik Wim. Wat was dat voor weersvoorspelling? Ik moet me even af reageren. Arme Wim, hij zit net zo in spanning als ik. Met om me heen, net als de dag ervoor, dreigende buien durf ik de spi er niet goed op te zetten. Moet ik het risico wel nemen? Daarvoor heb ik nog niet genoeg ervaring met deze boot.
Logboek: gisteren baalde ik van een bui, nu wil ik niets liever dan een bui. Een bui betekent wind, en dat is wat ik nodig heb om te finishen.
Om 11.13 uur maak ik de verlossende laatste foto van de M1 bij Muiden.
Een hele blije en opgeluchte Wim staat me daar, dit jaar met 2 prachtige rode rozen, op te wachten.
Jacqueline van Amstel
Xinia
oktober 2003
|
|
200myls Solo 2003
Door : Arie Petrus – Fighter
Ook dit jaar waren natuurlijk de gebruikelijke voorbereidingen getroffen. De BAZ’tjes (Bericht aan Zeevarenden) waren van internet gehaald, de kaarten bijgewerkt en de weerberichten waren met argusogen gevolgd, i.v.m. de keuze van 1 van de 4 te kiezen routes.
Route 1
Een route via een rondje op het Markermeer (Muiden, Volendam, Hoorn, Lelystad naar Amsterdam), dan via het Noordzeekanaal naar de Noordzee, om dan via Den Helder en Texel door de sluizen bij Kornwerderzand terug te keren naar het IJsselmeer (Kornwerderzand, Medemblik, Hindelopen, Breezandijk, Stavoren, Den Oever en Lelystad) en dan bij Lelystad weer naar het Markermeer (Lelystad, Hoorn en Muiden) om uiteindelijk bij deze laatste haven te finishen.
Route 2
Een route via een rondje op het Markermeer (Muiden, Volendam, Hoorn, Lelystad), dan via het IJsselmeer naar de sluizen bij Kornwerderzand, om daar de Waddenzee op te gaan waar een rondje gemaakt moest worden langs Harlingen, Vlieland, Den Helder en Texel en dan weer terug naar het IJsselmeer (Kornwerderzand, Hindelopen, Medemblik en Lelystad) en via de sluis bij Lelystad terug te keren naar het Markermeer waar dan uiteindelijk gefinished moest worden in Muiden.
Route 3
Een route via een rondje op het Markermeer (Muiden, Volendam, Hoorn, Lelystad), om vervolgens een route op het IJsselmeer (Lelystad, Den Oever, Enkhuizen, Breezandijk, Urk, Medemblik, Stavoren, Makkum en Hindlopen) en dan via de sluizen bij Lelystad terug het Markermeer om dan via Hoorn, Volendam en Pampushaven weer terug te keren naar Muiden.

Route 4
Een route via een rondje op het Markermeer (Muiden, Volendam, Hoorn, Lelystad), om vervolgens een route op het IJsselmeer (Medemblik, Urk, Breezandijk, Stavoren, Enkhuizen, Hindelopen en Lelystad) en dan via de sluizen bij Lelystad weer naar het Markermeer (Lelystad, Pampushaven, Hoorn, Volendam en Blocq van Kuffler) terug naar Muiden om daar te finishen.
Het maakt dus nogal verschil of je kiest voor een route over de Noordzee, de Waddenzee of de routes op het IJsselmeer.
Bij route 1 kan men gebruik maken van de langdurige stroming langs de Nederlandse kust en vervolgens van de stroming op de Waddenzee.
Bij Route 2 maakt men nog meer gebruik van de sterke stromingen op de Waddenzee, waar natuurlijk veel winst kan worden geboekt. De keuze van route 3 en route 4 hadden deze voordelen van de stromingen dus niet. Bij de keuze van de route is de windrichting en de windsterkte en het moment een belangrijke factor. Bij b.v. wind uit NW, N of NO is route 1 natuurlijk niet haalbaar. Nu was echter de verwachting dat de wind de 2e dag zwakker zou worden. Ook dit is natuurlijk een handicap.
Dit gold op alle routes, maar met name op de routes waar men te maken heeft met stroming kunnen dit soort dingen finaal verkeerd uitpakken.
De keuze tussen route 3 en route 4 is altijd moeilijk. Hier moet dus een keus worden gemaakt aan de hand van de wind op een betreffende dag.
Dit jaar zou er voor alle routes worden gekozen.
In de loop van de week en uiterlijk dinsdagavond waren de meeste al met hun schip in Muiden gearriveerd. Na een voortreffelijke maaltijd bij de lokale chinees of bij Graaf Florisz ging het richting palaver.
Tijdens dit palaver, bij Ome Ko in Muiden, werden de visjes uitgegooid. Welke route neem jij? En jij dan? Hier werden de al vooraf gemaakte keuzes nog dikwijls bijgesteld.
Er moest worden gestart op Woensdag tussen 07.00 uur en 10.00 uur. Ik passeerde om 07.28 uur de startlijn, bij de de boei M1 bij Muiden, en was dus de 200mijls Solo 2003 voor mij begonnen. Het 1e rak naar de boei MN1GZ2 bij Volendam was prima bezeild en om 09.18 uur werd deze 2e boei van het traject gerond.
Doordat de wind de eerste dag niet erg sterk was, waren de verschillen tussen de kleinere en grote schepen, de kleinste 22 ft (6m60), en de grootste 50 ft (15m), niet zo groot als andere jaren.
Het was dan ook een prachtig gezicht die hele rij schepen, als een lang gerekt lint langs de Noordhollandse kust van Volendam tot aan Hoorn te zien varen.
De volgende boei van de wedstrijd was de Nek, de boei in de buurt van Hoorn. Deze werd om 10.30 uur gerond en kon aan het laatste stuk op het Markermeer worden begonnen. Om 12.07 uur werd de boei OVD3 bij Lelystad gerond en was het 1e deel van de wedstrijd achter de rug. Hier moest er door iedereen dus de keus worden gemaakt welke route men zou kiezen.
Voor mij was dit jaar de keuze op route 3 gevallen.
Bij aankomst bij de sluis in Lelystad lagen bijna alle schepen nog voor de sluis te wachten, wat inhield dat de sluis nagenoeg geheel gevuld werd met deelnemers aan de 200 mijls Solo. Na het verlaten van de sluis was ook nu weer het verschil in grootte tussen de schepen zichtbaar, want hoe groter hoe meer motorvermogen en des te sneller werd de 9 NM, die naar de startboei voor dit deel moesten worden gevaren, overbrugd.
De 1e boei EZ21, ten noorden van Lelystad, van het 1e rak op het IJsselmeer, werd om 15.03 uur gepasseerd en gingen we met ruime wind, al snel werd de spinnaker er weer bijgezet, naar de boei WV14, bij Den Oever. Na het ronden van de de WV14, ging het richting EZ1KG2 de boei bij Enkhuizen. In verband met het opbouwen van het Vogelrustgebied voor Medemblik was er een druk verkeer van zandschepen, die af- en aanvoeren en door welke de deelnemers dan ook regelmatig in een felle schijnwerper werden gezet.
Na het ronden van de boei EZ1KG2 bij Enkhuizen ging het richting Compagnieshaven waar de nacht achter anker in de havenkom werd doorgebracht. Tientallen schepen van de 200 mijls Solo hadden hetzelfde idee gehad, want de havenkom lag redelijk vol met van die Japanners. (voor niet watersporters: De deelnemers moeten de vlag die het getal 1 vertegenwoordigd voeren. En deze vlag is een witte achtergrond met een rode bol, dus net de Japanse vlag. Vandaar!!!)
Op Donderdag wilde ik vroeg starten. De wekker stond om 05.45 uur maar er was geen zuchtje wind, dus maar weer de luiken gesloten en nog even in de slaapzak gekropen. Om rond 10.30 uur vertrok ik toch maar uit de havenkom bij Enkhuizen. De wind was op dat moment slechts 1,5 knoop (dit is windkracht 0 tot 1) en dit zou pas in het eind van de middag veranderen en dan zou het nog bij zeer weinig wind blijven. Maar dat viel gelukkig nogal mee.
Om 11.03 uur werd de EZ1KG2 opnieuw gepasseerd en was de 2e dag officiëel begonnen. Nu moesten we naar de Sportboei B, bij Breezandijk, in het midden van de afsluitdijk. Deze boei werd om 19.17 uur gepasseerd.
De 2e dag kenmerkte zich dus door zeer weinig wind en regelmatig dreven de schepen dan ook met een snelheid 0,0 over het IJsselmeer en werd menige schipper tot wanhoop gebracht. Ook de 2e nacht werd voor anker doorgebracht. Wederom met vele metgezellen.
De Tam Tam van Jan Luyendijk op weg naar Sportboei B
Op Vrijdag liep de wekker om 07.00 uur af en werd de Sportboei B om 08.27 uur gepasseerd voor het volgende traject. Ook nu was er weer niet veel wind. Dit veranderde gelukkig weer in de loop van de dag en ’s avonds zou er zelfs in de buien windkracht 7 Bft kunnen ontstaan.
De volgende boei was de UK16, bij Urk. Deze werd gerond om 19.32 uur en toen was de wind al aardig aangezet en diverse zeilers die nog door zeilden, gingen met gereefde zeilen naar de volgende boei.
Voor mij was het even afgelopen. Door problemen met de elektriciteit aan boord moest ik mijn accu’s gaan opladen. Dus aan de kade in Urk en een patatje met bij de snackbar.
Zaterdag wederom de wekker om 06.00 uur gezet en met volle accu’s werd om exact 08.00 uur de UK16 opnieuw gepasseerd. De vierde dag was begonnen en het zou een lange dag worden.
Nu moest ik naar de boei V15, nou ja, boei!!, bij Medemblik. Deze boei lag precies achter het nieuw gebouwde vogelrustgebied, zodat de keus moest worden gemaakt, onderdoor of bovenlangs.
Zij die onderdoor gingen maakten eerst een slag richting Enkhuizen om dan richting Medemblik te varen en zij die bovenlangs gingen gingen eerst richting Stavoren en dan richting Medemblik. Ik maakte de keuze boven langs en achteraf gezien was dit misschien een verkeerde keuze, omdat ik richting Stavoren tegen de toch redelijke golven heb moeten hakken.
op weg van de V15 naar de LC6VZ1 De V15 werd gerond om 13.40 en het ging weer richting Stavoren naar de LC6VZ1, die om 14.48 uur werd gerond om nu naar de noordelijkste boei van mijn traject te gaan de VF4 bij de sluis van Kornwerderzand.
Als het plaatsje Makkum is gepasseerd, komen er een paar gigantische windvlagen terwijl er gelijktijdig een draaiing in de wind was en met een klap werd mijn Genua aan flarden geblazen.
Na het vervangen van de Genua valt vervolgens met nog een paar honderd meter te gaan, naar mijn meest noordelijke boei, de wind helemaal weg en heb ik meer dan een uur liggen dobberen voor de friese kust.
Door de stroming die daar heerst door de spuisluizen bij Kornwerderzand werd ik weer helemaal teruggezet tot voor bij Makkum. Stom natuurlijk!! Ik had even mijn anker uit moeten gooien. Maar ja, je zit op wind te wachten en je denk dat die elk moment kan komen.
Als de wind dan weer terugkomt, wordt om klokslag 20.00 uur alsnog de VF4 gerond. Nu gaan we weer aan de terugweg beginnen en de volgende boei is de H2W1 de aanloopton voor Hindelopen. Op enige afstand van de ton zie ik dat 2 medestrijders de H2W1 op grote afstand passeren. Ik ben om 21.30 uur bij de H2W1.
Nu nog de laatste ton op het IJsselmeer de EZ21, ten noorden van Lelystad. Want, als ik het wil halen zal ik de hele nacht door moeten zeilen.
Op Zondagnacht om 02.00 uur ben ik op 100 meter van de EZ21 en dan valt de wind helemaal weg en lig ik daar 1,5 uur lang te dobberen met dat groene knipperlicht op 100m en verder niemand in de buurt. De moed zakt je in de schoenen en denk je, zal ik hem starten, die motor. Maar je doet het niet, want je bent een wedstrijd aan het zeilen en als dan uiteindelijk er weer een paar buien overkomen en er dus weer wind komt is het bijna 04.00 uur en om 03.51 wordt de EZ21 alsnog gepasseerd.
De motor met de hand gestart om electriciteit te sparen, wat inhoudt; motorluik open, plunjer verwijderen, motorolie in de opening spuiten en met de plunjer de olie in de verbrandindingsruimte van de cylinder persen en dan vervolgens de motor met een handle aanslingeren en dan natuurlijk oppassen voor de terugslag. Maar, dat gaat prima.
Bij het naderen van de Houtribsluizen bij Lelystad staan de sluisdeuren aan mijn kant open en kan ik direct naar binnenvaren, de deuren gaan dicht, de brug open en de andere deuren weer open. In nog geen kwartier ben ik de Houtribsluizen gepasseerd.
Gauw op weg naar de OVD3, ten zuiden van Lelystad, want het rak OVD3 naar de Nek, bij Hoorn, is bezeild.
Dan vallen plotseling mijn instrumenten en de navigatieverlichting uit. Dat is schrikken, want je kunt je niet voorstellen hoeveel licht die instrumenten en je navigatieverlichting toch nog geven.
Inmiddels is het 05.00 uur en nog hartstikke donker en ik vind het onverantwoord om zonder instrumenten en navigatieverlichting het IJsselmeer over te steken. Ik besluit terug te gaan om te zien wat er aan de hand is.
Het blijkt dat beide accu’s sluiting hebben, waarschijnlijk door te ver ontladen. Ook de dynamo was al defect, dat had ik al eerder geconstateerd, omdat mijn accu’s in de motortijd naar de sluis toe niet werden bijgeladen.
Het is nu bijna 07.00 uur en het begint weer een beetje te dagen. Nu nog het hele traject zeilen is niet meer mogelijk. Dus afkorten.
Om 07.10 uur passeer ik de OVD3 en ga op weg naar de PH, bij Pampushaven, welke boei ik om exact 09.00 uur passeer. Nu nog naar de finishboei, de M1, bij de haveningang van Muiden, deze wordt om 09.58 uur gepasseerd.
Nu nog het laatste deel van het logboek invullen en dan samen met de fotocamera, waarmee de verplicht geronde boeien zijn gefotografeerd (als bewijs van passage), inleveren.
Om 12.00 uur, het moment dat de wedstrijd sluit, blijkt dat van de 67 gestarte deelnemers er slechts 32 op regelementaire wijze en op tijd zijn gefinished. 2 deelnemers waren slechts enkele minuten te laat en het is altijd zuur als je dan in het zicht van de finish toch nog strand. 4 deelnemers hebben gebruik gemaakt van een afkorting en waren daardoor voor 12.00 binnen en 29 deelnemers hebben zich tijdens de wedstrijd teruggetrokken.
Ondanks de problemen (weinig wind en technische problemen), het daardoor moeten inkorten van de wedstrijd en het dus niet reglementair uitvaren, kan ik met voldoening terugkijken op een prachtige en voor mij vreemde tocht. Nog nooit heb ik zoveel passages op exacte hele uren en dat dan echt op de minuut af meegemaakt.
Voorlopige uitslag van de 200 mijls Solo 2003
| Plaats 1. 2. 3. 4. 5. |
Naam Han Beijersbergen Erik Jan Hardonk Gerben Bos Bauke Yntema Jaqueline van Amstel |
Scheepsnaam Anne Sophie Nescio Frequent Flyer Catootje Xinia |
Plaats Lelystad Lemmer Medemblik Workum Dintelsas |
Type Bavaria 37 Etap 30 F&F 95 Winner 950 X-362 |
Route 2 2 1 3 4 |
Finishtijd 05-10-2003 10:52 uur 04-10-2003 21:22 uur 05-10-2003 10:59 uur 04-10-2003 15:15 uur 05-10-2003 11:13 uur |
Arie Petrus
Fighter
|
|
Met “Myrlette” op 200 myls estafette in 2003
Door: Gerrit Schuur
Voor het eerst meegedaan aan deze “happening”, mag ik toch wel zeggen.
Begint uit Harderwijk naar Muiden op dinsdag 30-09 en bij aankomst lag de haven al aardig vol , maar zoals je kan verwachten met
zo`n stel enthousiastelingen , er wordt soepel een plekje voor iedereen “geregeld”.
Om 2030 Palaver bij – – -Ome Ko – – – dus bij binnenkomst meteen maar een pilsje in de hand – – -en zie daarna dat bijna iedereen aan “koffie met gebak” zit- – !
Goed ,daarna mij aan wat mensen voorgesteld , want je merkt echt , dat zowat iedereen , iedereen kent en er heerst een zeer gemoedelijke en gezellige sfeer.
Na Jan Luyendijk bedankt te hebben voor de uitnodiging , (want het valt niet mee om bij die hechte groep te komen!) laat ik alles wat gelaten over me heen denderen en luister daarbij slecht naar de uitleg van de bediening der foto-camera, waardoor de eerste drie foto`s dus grandioos mislukken (geen flits).
Lichte paniek slaat toe als ik zie dat er “maar” 27 opnamen opzitten en sla dus snel aan het tellen hoeveel ik er in totaal moet maken!!
Het blijkt nog voldoende te zijn , dus ,nadat iemand mij nog eens heeft uitgelegd hoe het wel moet ,de volgende morgen op weg naar de M1, met kloppend hart!
Het werkt en de eerste foto is binnen.
OK – – de wedstrijd is begonnen realiseer ik me nu – – (was nog duidelijk meer met de camera bezig – -!!) en nu moet er maar eens flink aan getrokken worden!!!
Eerste gedeelte loopt voor iedereen gelijk t/m OVD3 , hier valt de eerste “master decision”, of door de Houtrib , of stuurboord uit voor route 1.
Echt , op “instinct” heb ik toen voor ROUTE 3 gekozen en er valt verder ook niets uit te leggen.
Die eerste zeildag en nacht zijn geweldig , veel met de ATS (asymm.spi) gewerkt , waarbij vermeld dat de schipper v/d “CATOOTJE” te veel achterom kijkt , waardoor hij ziet dat ik flink op hem inloop en hij dus een “geheim wapen” nl. een grote spi bijzet – – jammer dus !!
Bij Enkhuizen aangekomen zie ik er toch nog een paar naar Breezandijk sluipen – – dus ik ook , want de omstandigheden zijn nog goed , en ben dus van plan om in Breezandijk te ankeren of aan te leggen, doch, aangekomen bij ” SPORT B” besluit ik toch nog maar “URK” te pakken en zo gezegd zo gedaan!
Na “UK16” geflitst te hebben naar Urk om eens wat te rusten (was toen ongeveer 23 uren in touw geweest) “Heerlijk slapen”, denk ik nog en ben weg van die heerlijke zeilwereld – – – – – tot er om 0815 zeer nadrukkelijk op mijn scheepje gebonst wordt – – – “de havenmeester , goede morgen1”
Daarna komt er van slapen niet veel meer en rommel wat rond , daar er bijzonder weinig , tot geen wind is.
Doch tegen de middag kan ik met m`n ATS aan een heel dun lijntje toch naar Medemblik scharrelen en weet net voor het donker wordt de onverlichte boei bij Medemblik te “kieken”.
In overleg met de havenmeester aldaar N. van de oude haven geankerd en perfekt geslapen – – Heeeeerlijk dat ankeren , geen havenmeesters meer!!!
De volgende morgen blijkt er nog een “windje 3″ te staan uit gunstige hoek voor Stavoren , dus ,”op weg”!!
Na 5 uren echt martelen kan ik eindelijk de boei bij Stavoren op de camera zetten en besluit weer te ankeren in Stavoren in afwachting van meer wind.
Besluit klaar te maken voor de nacht , doch om ongeveer 1815 steekt er een mooie wind op uit West – – – -gunstig voor Kornwerderzand , immers , die wind moet gaan ruimen naar NW volgens die “weergoden” , dus snel weer “anker op” en weer op weg – – – – .
Nu wordt het echt het vermoeiendste van die hele 200 myls .
Het foto`s maken wordt (voor mij tenminste) nu soms een echt avontuur , zo binnen 4 m. langs die grote tonnen scheren met een nogal vlagerige wind op automaat en in de nacht!!
Dan sta je daar te balanceren dicht bij die ton – – “oh ja , denk aan doordraaien en laat die flits op – -!!”, en dan wil je natuurlijk net afdrukken en dan gaat die , inmiddels heel grote lamp van die verd. boei aan en zie je niet veel meer , dus druk je af als een soort “Guus Geluk”!!
Zo kom ik inmiddels , nog steeds aardedonker , bij de Houtrib aan om weer te schutten (voor mij erg onbekend terrein) en zoek voorzichtig mijn weg , waarbij ik echt 2x verrast wordt door twee grote vrachtboten , die mij gelukkig WEL gezien moeten hebben maar ik NIET – – -!!
Neem maar van mij aan dat ik echt goed uitkijk maar zag ze gewoon te laat door al die omgevingverlichting!!
Na `t schutten het “gat” voor het Markermeer vinden – – – heb maar gewacht tot een groot schip het me mooi voordeed en toen op weg naar Hoorn , 2 riffen, 1 rif , 2 riffen , geen rif etc. etc.
Moet echt het hele stuk laveren , waarbij de wind ruimt of krimpt , juist als het helemaal niet uitkomt – – (heb IK dat nou alleen???)
Het is nu al zaterdag en weer licht dus besluit om dat laatste “kleine “stukje dan maar af te maken vooral omdat ik weer met de ATS kan spelen- – Nou , `t wordt dan ook echt “spelen” – – – hijsen/zakken/hijsen/zakken etc. etc., vanwege de zeer frequente buien die overtrekken , waarbij het moeilijk inschatten is hoeveel wind er in die bui zit , een paar keer gaat het goed en kan ik de ATS laten staan , maar vraag echt op deze manier om moeilijkheden – – en krijg die dus volop !! “Kunt je nagaan” op weg naar de M1 , nog steeds met de spi op , behoorlijk aan de wind , achter een mooie Dehler 36 aan , die me net voorbij gelopen is , onderschat ik nu toch echt een forse bui – – – nou dat heb ik geweten – – veeeeeel te veeeel wind en aan lagerwal en er was niets meer met de boot te beginnen , de spi-zak liep na 1/3 zakken vast – – –
Na veel gerommel en geklooi waarbij de spi zo ongeveer onder de boot verdwijnt , krijg ik toch alles weer aan boord (wist niet dat ik nog zo sterk ben!!)
Goed , lik m`n wonden , hijs eerst de reef-genua om vaart te maken en dan in de wind om grootzeil te zetten en als dat klaar is zie ik dat we toch nog redelijk opkoers liggen voor de laatste foto van de M1!!
En dan komt ook weer een bui langs met zo giganties veel wind en water , dat mij niets anders rest dan het grootzeil naar beneden te halen , wat op te binden en de foto , met de reefgenua alleen op, snel te nemen – – !!
Bij het afmeren in Muiden worden “MYRLETTE” en ondergetekende geholpen door een zeer hulpvaardige havenmeester en , als ik me nog goed herinner , door Jan Luyendijk, want alleen vastmaken – – , dan was ik er nu nog mee bezig geweest – – – -zo moe was ik!!
Maar vond het allemaal prachtig en hoop volgend jaar weer mee te mogen doen , da`s zeker !!
Met vr. zeilgroet aan U allen
Gerrit Schuur en “MYRLETTE”
Een Bries in de 200 myls ‘SOLO’ – 2003
gepubliceerd in Bries Brief 2004
De “200myls” 2003 werd verzeild van 1 t/m 5 oktober. Van de 69 inschrijvingen finishten maar 36 schippers reglementair.
Als eerste is Han Beijersbergen geëindigd met zijn Anne Sophie, een Bavaria 37.
De Laughing Gull II werd 24-ste. Hoewel het op grond van de weersverwachtingen voor de hand lag om voor een Route op het IJsselmeer te kiezen, koos ik toch voor Route 1. Zee op!
Verdaagd in een oefening van onze Marine
Route 1 gaat via het IJsselmeer naar IJmuiden, vervolgens over zee naar Den Helder en via het Wad verder naar Kornwerderzand om vandaar over het IJsselmeer naar de finish te gaan in Muiden.
De weersomstandigheden varieerden van lichte NO wind en zeer dichte mist tot krachtige NW wind met flinke regenbuien met windstoten. In totaal legde de Laughing Gull II 265 M af in iets minder dan vier dagen. Langs de kust en op het Marsdiep was een grote, internationale oefening van de Koninklijke Marine aan de gang. Ratelend afweergeschut, fregatten en mariniers die vanuit helikopters neerdaalden op kleine bootjes. Door de slechts lichte NO wind vorderde de Laughing Gull II onvoldoende om met het staartje van de vloedstroom Den Helder te bereiken. Hierdoor lag ik, na de kentering, urenlang in het Marsdiep met bijna-geen-wind (door de wind op stroom) te kruisen! Waardoor ik weer extra lang kon genieten van de verrichtingen van onze Marine!
Aan de grond tussen de havenhoofden
In Den Helder trof ik de Scheerling, de Francis, de Lightning en de Mallemok. Wegens de zeer dichte mist konden we de volgende ochtend pas relatief laat vertrekken. Pal naast het westelijk havenhoofd was de (Belgische!) visser Stephanie in de mist aan de grond gelopen. Doordat ik het laatste stuk op weg naar Kornwerderzand opnieuw stroom tegen kreeg – wederom door de lichte wind – ging ik pas ‘s avonds laat door de sluis.
Ik koos ervoor om meteen door te zeilen naar Lelystad en om daar mijn laatste verplichtte rustperiode van acht uur door te brengen.
Onbemand op drift
Om het mezelf makkelijk te maken bij het aanleggen had ik op de genuarail een afneembare kikker – als middenbolder – bevestigd. Behoedzaam manoeuvreerde ik de Laughing Gull II richting steiger en stapte met een landvast aan wal. Ik maakte vast. Maar tot mijn ontsteltenis stond ik plotseling met een “losse” landvast in mijn handen met daaraan bungelend de afneembare kikker!! Mijn scheepje dreef – onbemand – de havenkom in! Ik spurtte naar de boot vóór mij die een pikhaak in de verstaging had hangen. Deze was echter gezekerd alsof het het goud van de Bank van Engeland betrof en wilde – ondanks mijn wild gesjor – niet loslaten. De Laughing Gull II dreef inmiddels midden in de havenkom met zijn motor rustig stationair draaiend alsof er niets aan de hand was. Ik zette het nu op een lopen naar de lage wal waar enkele bewoonde binnenvaartschepen lagen. En daar waren de goden weer met mij want de zoon van één van de schippers had toevallig zijn rubberboot vaarklaar liggen en met zijn hulp meerde ik de Laughing Gull IItenslotte keurig af. Zonder schade!
Ik had hem wel willen zoenen (maar heb dat toch maar niet gedaan).
Eind goed al goed
Om zondag op tijd te kunnen finishen, had ik alle tijd hard nodig en moest ik dus zo vroeg mogelijk bij de OVD 3 zijn. Dat betekende reveil midden in de nacht.
Op weg naar de Nek kreeg ik nog een indrukwekkende bui met veel wind(stoten) over me heen.
Een toepasselijk einde van deze weer geweldige “200myls”. Ik behoor inmiddels weer tot de gelukkigen – bijna uitverkorenen – met een startbewijs voor de “200myls” 2004!
Menko Poen, SY Laughing Gull II
februari 2004
|
Dakar, 17 oktober 2003
| Hoi Jan,
foto links: Sander Bakker tijdens de prijsuitreiking 200 myls ‘SOLO’ 1999 |
Door: Henjo Ruiter
Gepupliceerd bij wsv Bestevaer, Medemblik en bij wsv De Kreupel te Andijk
DE 200MYLS ERVARING.
Even een introductie: de 200mijls is een solo presta- tietocht met een wedstrijd karakter die begin oktober gevaren wordt.
Het evenement staat open voor kajuitboten van klein tot groot en er wordt gevaren op handicap en wel de oude SW factor. De start is op woensdag tussen 07.00 en 10.00 uur. Alle deelnemers moeten de zondag erna voor 12.00 uur weer gefinisht zijn. De start en finish zijn in Muiden.
Tijdens de wedstrijd ben je verplicht 27 rust uren te nemen waarvan 3x 6 uur aaneengesloten, waarbij er 1x 6 uur geankerd moet worden.
Met een fotocamera die door de organisatie ter beschikking wordt gesteld, moet je de boeien van de te zeilen baan fotograferen en de tijden van het ronden van de boei in je logboek noteren. Bij diverse boeien is de wedstrijd stil te leggen door de boei bij het vertrek weer te fotograferen. Er kan naar eigen inzicht gekozen worden uit 4 routes: 2 IJsselmeer routes, 2 IJsselmeer / Wad / Noordzeeroutes.
De ervaring: we hebben met 4 Medemblikker boten ingeschreven, waarvan 3 clubleden
Adriaan van Berkel ( lid) met een Sabina 2 – een 11.50 m stalen S-spant
Gerben Bos (lid) met een F en F95
Iddo Schenk met een Contest 30
Henjo Ruiter (lid),de schrijver van dit epistel met een Meridian 25.
De maandag voor de wedstrijd ben ik richting Muiden gevaren en daar s’avonds aangekomen.
De dag voor de start heb je dan nog de tijd om met diverse oude bekenden van vorig jaar bij te praten en nog wat laatste voorbereidingen te treffen.
Dinsdagavond om 20.00 uur palaver bij café Ome Ko in Muiden. Hier worden onder het genot van koffie en gebak de logboeken en de camera’s uitgedeeld.
Na het officiële gedeelte wordt er door diverse schippers druk overleg gepleegd over de te volgen route, weersvoorspelling en andere wetenswaardigheden. Hoe lang varen we door de eerste dag, waar stoppen we, waar ankeren en vooral wat doet het weer. Iedereen denkt te weten. Hoe het zit? Welnu zoals altijd, weten we dat zondag na de finish.
Woensdagochtend om half 6 op: wassen, eten, koffie zetten. Koffie en brood maken voor onderweg. De eerste boot op de rij uit zijn bed getrommeld. De man dacht kennelijk dat hij de enige was dus hij maakte zich niet zo druk. Er liggen namelijk in de stichtingshaven in Muiden 68 deelnemers. Dat is wel erg overbevolkt en uitermate gezellig maar ook frustrerend als je op tijd om 07.00 wilt starten. Maar goed, door deze slaapkop start ik dus pas om half 8 door de M1 te fotograferen
Er staat een matig briesje uit ono, op weg naar Volendam om de GZ 2 te ronden. Dan door naar de Nek. Richting OVD3, de genua verwisselt voor de ha fok Onderweg nog even het thuisfont gebeld voor de laatste weers- verwachting. Bij de OVD 3 moet er beslist worden welke van de vier banen er gevaren wordt en mijn voorkeur gaat uit naar route 1. via IJmuiden naar Den Helder en via Konwerd weer het IJsselmeer op.
Hoewel, als de voorspelling blijft zoals die is en niet verandert, is dat geen optie omdat er geen wind voorspeld wordt en je het dus niet redt om in één een tij in Den Helder te komen laat staan in Konwerd, wat met een beetje wind uit de goede richting wel te doen is.
Nog even gebeld met Adriaan van Berkel en gevraagd wat die gaat doen. Adriaan gaat toch maar route 1 varen. Zijn motivatie is: Dan kan ik jou zondag vertellen wat je gemist hebt! Ik besluit om route 3 (IJsselmeer route) te nemen. Staat er geen wind dan word je in ieder geval niet achteruit gezet door de stroom en je hebt meer mogelijkheden de wedstrijd stil te leggen . De ovd3 op de foto, de zeiltijd stopt, de motor aan door de sluis en op weg naar de EZ 21 waar de wedstrijd weer verder gaat .
Op weg naar de WV 14 bij Den Oever spinaker erop en als de wind zo blijft, is het hele stuk bezeild. Maar helaas, zoals altijd, de wind draait naar het wnw en neemt ook nog af. Je kunt niet alles hebben in het leven!
Via de marifoon Iddo opgeroepen en die blijkt ook voor route 3 gekozen te hebben en zit ongeveer een mijltje voor me. Ondertussen wordt het donker en met het laatste streepje licht rond ik de WV 14 op weg naar de EZ1_KG2 bij Enkhuizen. Ondertussen is de wind weer gedraaid, ssw en nog verder afgenomen en dus blijft de SPI beneden.
Om 22.50 uur gaat de EZ1 op de kiek, de motor aan, de wedstrijd stopgezet en op weg naar Enkhuizen om in de kom van de Compagniehaven te ankeren.Warme maaltijd bereid, de wekker gezet op half 5 zodat ik om half zes weer bij de EZ1 kan zijn zodat ik precies 6 uur rusttijd heb. Donderdagochtend half 5 rinkelt de wekker. Als ik mijn hoofd uit het vluchtluik steek, constateer ik dat er helemaal geen wind staat, dus weer gauw de kooi in.
Om 8 uur nog steeds geen wind. Ik zie Iddo liggen en ik bel hem op en even later komt hij langszij. De rest van de solozeilers die er liggen, hebben ook geen haast want er is toch geen wind. Dan maar weer een uiltje knappen want je weet nooit wanneer je weer kunt slapen en om half twaalf brult Iddo, “Er komt wind!!”
Dus snel anker op en naar de KG2.Hier wordt de wedstrijd hervat en onder uiterst variabele omstandigheden op weg naar de sport B bij Breezanddijk. De wind draait regelmatig 360 graden en varieert van 0 tot 2 bft. Dit is erg vermoeiend zeilen: spi erop, spi eraf en ga zo maar door. Tegen de avond begint het wat te waaien uit het zuidoosten en tegen kwart voor negen avonds ronden we pas de sport B. Nog even overwogen om hier de wedstrijd weer stil te leggen en voor anker te gaan maar er staat nu wind, dus dan maar door naar de UK16. De wind draait nog wel maar blijft wel doorstaan, nou ja doorstaan, 1 a 2 bft.
Vrijdagochtend om 4uur de UK16 gerond en nog steeds wind, dus dan toch maar door naar de V15 bij Medemblik. Iddo roept mij op. Hij stopt en gaat naar Urk om te slapen. Ik wens hem geluk en zeil onder spi richting V15. De wind blijft lekker door staan. Het gaat goed! Bij de Ven begint de wind weer kuren te krijgen en wordt steeds zwakker. Ik doe een schietgebedje: als de wind er maar in blijft tot de V15!!! Dit gebed wordt bijna verhoord maar ongeveer 300 meter voor de V15 valt de wind er echt uit. En dan ook echt! Dit worden de langste 300 meter van de hele race en ik doe er 45 minuten over om de V15 te ronden. Het is halftien vrijdagochtend en ik zet ik de wedstrijd stil, vaar naar Medemblik voor de volgende 6 uur rust mag dus om half vier weer starten bij de V15. Ik ga wat boodschappen doen en dan naar huis om te douchen, scheren en een tukje te doen.
Om kwart voor drie ‘s middags vaar ik weer richting V15 als ik de haven uitvaar, zie ik de boot van Iddo in zijn box liggen met de cijfervlag 1 uit het want gehaald. Hij heeft dus opgegeven. Om halfvier fotografeer ik de V15 weer en de wedstrijd is weer begonnen. De Catootje van Bauke Ytema, een winner 950 komt net aan en vertelt mij:” Toen de wind weg zakte van ochtend was ik net bij de Ven”. Hij heeft er dus bijna zes uur over gedaan om van de Ven naar de V15 te varen. Tel uit je winst! Het gaat nu richting Staveren om de VZ1 te ronden. De weersverwachting is drastisch veranderd en er wordt een wnw wind voorspeld, regenbuien met windstoten en een toenemende wind in de nacht en ochtend tot 6 a7 btf. Ondertussen heb ik kontact gehad met Adriaan. Hij en de meeste anderen die ook route 1 of 2 twee gekozen hebben, waren in de problemen gekomen omdat ze niet in één tij in Den Helder konden komen en dus onderweg moesten ankeren om het tegenlopende tij af te stoppen. Voor een aantal zeilers die te ver uit de kust zaten was dat ook niet mogelijk zodat ze met een vaartje van 1 tot 2 mijl terug gezet werden.
Onder spi richting VZ1 met een zwaar naar regen hangende lucht die er behoorlijk dreigend uit begon te zien, maar goed, zolang de wind niet verder toenam ging het nog wel. Het zicht werd ook steeds minder zodat de boeien niet meer van ver te zien waren een gps doet dan wonderen. Persoonlijk maak ik zomin mogelijk gebruik van het apparaat om mijn gevoel voor richting via wind en golven niet kwijt te raken. Maar nu toch de gps maar aangezet.
De VZ1 gerond en op weg naar Makkum om daar om de VF4 heen te varen. De wind neemt nog wat toe en is onder tussen 3btf geworden en draait ook weer, maar nu eens een keer de goede kant op. Makkum is onder spi prima aan te lopen maar helaas niet voor lang. De wind ruimt een graad of 20 en begint toe te nemen, dus spi eraf, Genua erop.Ondertussen is het donker geworden wanneer de VF4 in zicht komt. Nu wordt het wel even heftig. De eerste bui komt over met aardig wat geweld, zodat er eigenlijk te veel zeil gevoerd wordt, maar goed, eerst een foto van de boei maken en dat gaan we toch met bakstagwindje richting H2W1.
Bij de VF4 ligt een zeilboot met klapperende zeilen en deklichten aan. De bemanning blijkt erg geschrokken van de vlagen in de bui een probeert de zeilen te strijken als ik de boei fotografeer. Plotseling hoor ik iemand schreeuwen: “Wie fotografeert er nou boeien in het donker met dit weer en doe wat aan je zeilen. Straks gaat het fout!! Na wat geruststellende kreten van mijn kant ben ik alweer uit het zicht verdwenen en op weg naar Hindelopen. Onder tussen is de mist verdwenen en de wind steeds verder toegenomen maar wel uit de goede richting NNW en het gaat dus eindelijk als een speer. Het log geeft voor het eerst in deze wedstrijd meer dan 5 knopen aan. Na het ronden van de H2W1 neemt de wind nog verder toe en gaat het halve wind met groot zeil en genua, wat eigenlijk te veel zeil is, richting Lelystad. De telefoon gaat. Annemiek m`n vriendin of het nog goed gaat en of het nog leuk is. In Medemblik waait en regent het vreselijk! Nou bij Staveren ook en ik vermaak me prima, roep ik haar toe door het mobieltje . Nou ja, ze had altijd al gedacht dat er ergens iets niet met mij in orde was. Bij Staveren doe ik een schietgebedje in de trant van: laat me aub niet tegen een blinde ton eindigen. Dit gebed wordt wonderwel verhoord maar zoals alles heeft het wel een prijs. Na Staveren gaat het plat voor het laken richting EZ21. De wind doet er nog een tandje bij en de boot graaft zich in een golf en verdwijnt tot aan de mastvoet onder water. Goed, dan toch maar reven en nu mis ik mijn deklichten toch wel. Die had ik eigenlijk dit voorjaar willen monteren! De lucht is schoon gewaaid, het is nieuwe maan dus helemaal donker is het dan ook toch niet. De schoten losgegooid omdat de stuurautomaat het onder deze omstandigheden af laat weten.
De boot is eigenlijk zwaar overtuigd voor dit weer. Een rif gestoken in het grootzeil, de genua eraf, HA fok erop en de stuurautomaat neemt het nu weer over zodat ik even tijd heb voor wat drinken en een boterham. Ik installeer mij op het achterdek met de verrekijker en heb daar uitgebreid de sterren bestudeerd wat een wonderbare ervaring is omdat er bijna geen lichtvervuiling optreed. Op zaterdagochtend om kwart voor drie wordt de EZ21 gerond en kan de laatste rustperiode van 6 uur beginnen. Eerst de sluis door en naar Lelystad haven marina gevaren en daar een warme maaltijd gemaakt. De wekker gezet op halfzeven zodat ik om een uur of 8 bij de OVD3 kan zijn.
Ik ga te kooi en kan nog even 2 uurtjes slapen. Als ik wakker word, gooit een collega solo zeiler net de trossen los en ik hoor hem roepen “je lichten branden nog”.
Dat zijn dus mijn navigatielichten. Helemaal vergeten uit te zetten.
Maar goed, nog een uur of wat en het zit er op. Even ontbijten, koffie maken en dan gauw richting OVD3. De weersverwachting voor vandaag is: wind wnw, draait noord met veel buien en in de buien af en toe onweer met zware windstoten, kracht 6 met een storm- waarschuwing 7, dus de HA fok erop en met 2 reven gestoken van de OVD 3 op weg naar de NEK. De luchten zijn prachtig met al de buien rondom, de wind draait van west naar noord en terug naar zuidwest, voor de bui afzakkend tot 2 btf, op de nadering toenemend en ruimend in de bui, uitschietend naar storm 7 tot 8, dan weer afzakkend tot 2. Zo gaat het door tot Volendam. Vanwege de zeer uiteenlopende windsnelheden, de reven maar weer uit het grootzeil gehaald, grootschoot in de hand tijdens de buienpassages en de stuur- automaat eraf. In de windstoten vier ik de grootschoot helemaal uit zodat de boot alleen op de fok zeilt. Ik gebruik het grootzeil alleen als een trimflap om zoveel mogelijk hoogte vast te houden. Soms lijkt het, als de bui over is en de wind wegvalt, dat ik eigenlijk de genua er wel op zou kunnen zetten maar dat vind ik toch te riskant dus zet dat idee uit mijn hoofd. Na het ronden van de Nek is het bezeild naar de GZ2 bij Volendam. De buien zakken er nu ook uit, het weer wordt een stuk stabieler en de wind draait naar west noord west kracht 3. Na Volendam richting P_H boei en als ik het Paard van Marken rond, vaart er een charterschip op ram koers met de strekdam en ja hoor, het schip schuift de droogte op en zit muurvast.
De passagiers vinden dit wel prachtig want ze lachen en joelen dat het een lieve lust is.
De schipper vraagt via de marifoon om sleepboothulp. Adriaan belt met de mededeling dat hij op weg is naar Den Oever. Hij moet nu nog dik 60 mijl varen, waarvan het grootste deel kruisen. Ik probeer hem wat moet in te praten, maar zeg hem wel dat hij volgens mij, om op tijd te finishen zondagochtend om ongeveer 3 uur bij de OVD 3 moet zijn. Dan heeft hij nog een kans als er tenminste wind genoeg is om op tijd te finishen. Anders kan hij volgens mij nu beter opgeven en naar Medemblik, zijn thuishaven varen. Daar zit hij toch dicht bij. De P_H boei wordt om halfvier gerond, nog een klein stukje naar Muiden en we zijn er bijna.
Bijna in het zicht van de haven ten onder gegaan! Een zandschipper zit hier ver uit de geul en komt mij achterop lopen maar geeft geen waarschuwingssignalen of wat dan ook. Hij passeert mij rakelings. Ik had wat ik meestal doe, af en toe achterom moeten kijken, maar helaas bijna” foutje bedankt”. Het weer is helemaal opgeklaard. Het is nu een prachtig laatste stukje zeilen, zonnetje en een lopend windje. Ik finish om 16.28 uur met het nemen van de laatste foto van de M1.
Als ik in de haven kom, blijk ik de vierde gefinishte boot te zijn en dat is toch wel heel mooi!
Ik ga nu mijn logboek nog even bijwerken en inleveren bij het finishschip, samen met de foto- camera. Dan uitgebeid bijpraten met de al gearriveerde deelnemers onder het genot van een pilsje en andere versnaperingen.Er blijken al vele deelnemers opgegeven te hebben omdat de finish toch niet meer haalbaar was, is de moed hen in de schoenen gezakt.
Ik bel met Annemiek Zij komt morgen met Ria en Frank, die met mij terug zal varen naar Medemblik. Zondagochtend, na een boeren nacht van dik 14 uur slaap, blijkt de haven toch weer redelijk vol te liggen met deelnemers die tijdens de nacht gearriveerd zijn.
Als ik samen met Frank Muiden uitvaar zo tegen een uur of twaalf, komen we nog diverse mede solozeilers tegen die de finish niet meer op tijd zullen halen. Het is wel heel zuur om na 200 myl zeilen net te laat te arriveren maar goed dat is onderdeel van het spelletje
Nu nog even de uitslagen van de vier Medemblikkers. De rest kunnen jullie opzoeken op www.200myls.nl .
Gerben Bos (ons clublid) met de Frequent flyer wordt 3de overall. Dit is wel een geweldige prestatie want het is ook de eerste keer dat hij mee doet. Adriaan van Berkel met de Mallemok heeft opgegeven omdat hij toch niet meer op tijd in Muiden kon zijn.
Iddo Schenk met de Blue Ribbon heeft al eerder opgegeven. Hij had o.a. stuurautomaat problemen.
De schrijver van dit stukje wordt 13de overall.
Van de 67 deelnemers hebben er 27 opgegeven, 3 hebben de baan afgekort en 2 zijn er te laat gefinisht.
Groet Henjo Ruiter
s/y Cras factum est
![]() |
||||||||||||||||||||||||
| 200 myls ‘SOLO’ viel bijna in duigen! | ||||||||||||||||||||||||
| redactie | 20-09-03 | ||||||||||||||||||||||||
| De achtste 200 myls ‘SOLO’ viel bijna in duigen wegens het BAZ bericht 480-489, dd 04-09-03, (bericht aan zeevarenden) over de aankondiging van de stremming eind september t/m begin november van de sluis van Den Oever. Waren het twee jaar geleden de extreme schietoefeningen nabij Breezanddijk, waardoor geen der routes konden worden verzeild en er op het laatste moment een noodroute/baan moest worden geschreven. Nu zijn het er twee, die gebruik moesten maken van deze sluis. De organisatie kon echter net op tijd, voor het drukken van de logboeken, door noeste arbeid de wedstrijdbanen wijzigen. Het knappe is dan weer dat er ook na deze wijziging er weer 4 keuze-routes zijn van exact 200 mijl elk.Vraag is wie het bedenkt om zomaar een sluis af te sluiten, hetgeen voor de scheepvaart een enorme omweg via Kornwerderzand betekent en zelfs in het IJsselmeergedeelte extra gevaar wegens ondieptes en/of schietoefeningengebied …Meer informatie: www.200myls.nl | ||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 2002 | 1 | 6 | Dik Geurts | FF 110 | Bandos | Herkingen | 86.50 |
| 2 | 2002 | 2 | 5 | Kees Corts | First 305 *1.35 | Jean Dix | Huizen | 103.0 |
| 3 | 2002 | 3 | 5 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 97.50 |
| 4 | 2002 | 4 | 3 | Bauke Yntema | Winner 950 *1.35 | Catootje | Workum | 99.60 |
| 5 | 2002 | 5 | 1 | Egbert v.d. Waal | Waarschip 1010 | Fast Good | Workum | 94.60 |
| 6 | 2002 | 6 | 3 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 104.0 |
| 7 | 2002 | 7 | 2 | Bart Boosman | Boosman JB | De Franschman | Bergen | 95.00 |
| 8 | 2002 | 8 | 4 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 101.0 |
| 9 | 2002 | 9 | 1 | Henk Steltenpool | First 305*1.35 | Little One | Spakenburg | 103.0 |
| 10 | 2002 | 10 | 3 | Lex Sablerolles | First 31.7 | Friske | Huizen | 93.20 |
| 11 | 2002 | 11 | 2 | Frits Bartels | Contest 40S | Easy Going | Hindeloopen | 95.00 |
| 12 | 2002 | 12 | 7 | Jan Luyendijk | Sun Light 30*1.45 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 13 | 2002 | 13 | 2 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 87.00 |
| 14 | 2002 | 14 | 3 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 15 | 2002 | 15 | 4 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 103.0 |
| 16 | 2002 | 16 | 4 | Rodney Clark | Dehler 31 | Sundancer | Huizen | 101.0 |
| 17 | 2002 | 17 | 4 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 100.0 |
| 18 | 2002 | 18 | 3 | Guus Milani | Impala 33 | Wigulida II | Kampen | 95.40 |
| 19 | 2002 | 19 | 3 | Jaap Homan | Spirit 32 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 20 | 2002 | 20 | 1 | Jan Smink | Dufour 4800 | Nicky Deux | Muiden | 96.50 |
| 21 | 2002 | 21 | 1 | Frits Brattinga | Maxi 999 | Lady A | Sneek | 97.80 |
| 22 | 2002 | 22 | 5 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 93.50 |
| 23 | 2002 | 23 | 1 | Jacqueline van Amstel | Contessa 32 | Wandering Moon | Dintelsas | 102.0 |
| 24 | 2002 | 24 | 4 | Michel Capel | Freedom 35 | Tumlare | Makkum | 102.0 |
| 25 | 2002 | 25 | 2 | Paul Heijmerink | Etap 26i | Rapaz | Naarden | 105.4 |
| 26 | 2002 | 26 | 1 | Jos Valkering | Waarschip 725 | Magic | Akersloot | 112.0 |
| 27 | 2002 | 27 | 5 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 28 | 2002 | 28 | 2 | Barend Peters | Jaquar 22 | True Blue | Naarden | 121.0 |
| 29 | 2002 | 29 | 1 | Jon v.d. Weide | Pion | Holle Bolle | Harlingen | 100.0 |
| 30 | 2002 | 30 | 1 | Menko Poen | Bries | Laughing Gull II | Naarden | 112.0 |
| 31 | 2002 | 31 | 3 | Joep Dirkx | Waarschip 1/2T *1.65 | Razende Bol | Lelystad | 104.6 |
| 32 | 2002 | 32 | 5 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Blocq v.Kuff. | 107.0 |
| 33 | 2002 | 33 | 4 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 34 | 2002 | 34 | 1 | Anjo Veerman | Dehler 39 CWS*vk155 | Aurum | Amstelveen | 92.00 |
| 35 | 2002 | 35 | 4 | Kees Riemer | Gib’sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 36 | 2002 | 36 | 1 | Hinse Koning | Marieholm 26 | Tawhiri | Balk | 110.0 |
| 37 | 2002 | 37 | 7 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 98.50 |
| 38 | 2002 | 38 | 1 | Otto Maitimu | Contrast 362 | Content | Lelystad | 91.00 |
| 39 | 2002 | 39 | 3 | Henjo Ruiter | Meridian | Cras fuctum est | Medemblik | 110.0 |
| 40 | 2002 | 40 | 1 | EricJan Wiebenga | Vanwiele 11.10 | Indra | Zaandam | 101.2 |
| 41 | 2002 | 41 | 5 | Bauke Jager | Ocean 25*1.00 | Mira | Balk | 109.0 |
| 42 | 2002 | 42 | 1 | Nico Benink | Kroes | Brandaan | Hasselt | 103.3 |
| 43 | 2002 | 43 | 1 | Ruud Kapteyn | IMX 38 | Mango | Muiden | 85.00 |
| 44 | 2002 | AFK | 7 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 110.0 |
| 44 | 2002 | AFK | 3 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 108.0 |
| 46 | 2002 | DNF | 5 | Arie Petrus | Egythene 24*1.40 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 46 | 2002 | RET | 4 | Klaas Kreuze | Friendship 28 *1.20 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 48 | 2002 | RET | 2 | Kees Lampe | Koopmans 39 | Copain | Lelystad | 97.40 |
| 49 | 2002 | RET | 3 | Jan Smeele | Waarschip 1/4 | Sybarite | Medemblik | 112.0 |
| 50 | 2002 | RET | 3 | Peter v.d. Schaaf | Waarschip 725 | Jonas | Medemblik | 112.0 |
| 51 | 2002 | RET | 5 | Jaap Verkerk | Comet 910*1.40 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 52 | 2002 | RET | 6 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 53 | 2002 | RET | 3 | Fred Avezaat | Wibo 830 | Wilfred | Strand Horst | 130.0 |
| 54 | 2002 | RET | 5 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J.Leeuwerik | Ketelhaven | 104.6 |
| 55 | 2002 | RET | 3 | Adriaan van Berkel | Sabina 11.00 | Mallemok | Medemblik | 103.3 |
| 56 | 2002 | RET | 3 | Roderik Bijlard | Mini Transat | Arcahambault Coco | Huizen | 96.30 |
| 56 | 2002 | RET | 3 | Adrie Jansen | Contest 33*1.65 | Jade | Ossenzijl | 107.5 |
| 58 | 2002 | RET | 1 | Nico Budel | First 40.7 | Hayai | Scheveningen | 87.00 |
| 58 | 2002 | RET | 2 | Gio Schouten | Freedom 44 | Airborne | Marken | 92.00 |
| 60 | 2002 | RET | 5 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Enkhuizen | 106.0 |
| 60 | 2002 | RET | 4 | Gert Kuik | V.d.Stadt 34*staal | Denethor | Blocq v.Kuff. | 102.0 |
| 62 | 2002 | DNS | 7 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Lelystad | 95.10 |
| 62 | 2002 | DNS | 2 | Thom Bierenbroodspot | Great Dane 12.70 | De Anders | Blocq v.Kuff. | 103.0 |
| 62 | 2002 | DNS | 2 | Gerben Bos | FF 95 | Frequent Flyer | Medemblik | 91.00 |
| 62 | 2002 | DNS | 1 | Henk Bulthuis | J 109 | ChillOut! | Lelystad | 84.00 |
| 62 | 2002 | DNS | 3 | Arie Nauta | Grinde | Scarlet | Warns | 101.0 |
| 62 | 2002 | DNS | 2 | Govert Ramselaar | Mariholm IF | Knackebod | Muiderzand | 110.0 |
| 62 | 2002 | DNS | 4 | Govert Riksen | Friendship 33*vl.k | Rubato | Makkum | 102.0 |
Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2002
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Woensdag, 16 oktober 2002 22:00 uur
![]() |
| 3e. prijs Vrouwentrofee 1e. prijs 2e. prijs Albert Jacqueline Dik Jan Kees Broshuis van Amstel Geurts Corts |
Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en de routekeuze.
Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. De schitterende start met een lange rits spinakers tot aan de horizon. De langzaam aan toenemende wind op de dagen erna tot een dikke 6 a 7 Bft. op de finishdag. Het grote voordeel voor de solo-schippers was dat de wind op woensdag zuidelijk was en daarna draaide naar de Noordwesthoek.
Het was de eerste maal, dat alle de 4 routes werden bezeild, 2 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, te verzeilen. 4 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen. 23 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4, welke eigenlijk was bedoeld als reservebaan, om in het uiterste geval het schietoefeningengebied op ’t Noordelijk IJsselmeer te omzeilen, door 26 schippers werd verzeild.
Wat de gevolgen van hun tactische (route)keuzes waren, was duidelijk te bemerken uit de uitslag.
Verder, ondanks de prachtige fotosessies, zowel van de gepasseerde boeien, alsook van de deelnemers onderling, werd de wens uitgeproken om voor bewijsvoering, dus kloktijd van de gepasseerde merktekens, zoals in het internationale vrachtverkeer tegenwoordig gebruikelijk is, ook ooit een dergelijk systeem bij de 200 myls te kunnen toepassen.
Er waren talloze positieve en ….. vooral sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 3 weken ruim 21.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden van hun favorieten nauwlettend in de gaten :
Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.
|
|
2002 |
|
Iedere deelnemer kreeg zijn her- |
De Kodak Flash Fun foto-printjes gaven deze |
|
|
|
|
Barend Peters kreeg van Stichting |
Alle boeien van de 4 verzeilde banen werden |
|
UITREIKING Wim Schreurs ontwierp en maakte speciaal Jacqueline van Amstel zeilde niet alleen |
|
|
|
|
![]() |
![]() |
Ook diegenen , die tijdens de wedstrijd veel werk hadden verzet, kregen een fles en/of bloemen.
Uitgebreid bedankt werden :
wsv AVOH voor de voorlopige adoptie van de 200 myls ‘SOLO’ – 2002 en het vertrouwen, dat het hierin stelde.
Bob Luyendijk voor de kontakten/passagemeldingen met de schippers en de uitslagverwerking.
Marco Luyendijk, die een groot gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is.
Piet Bakker, vanwege de algemene werkzaamheden, zoals kontrole foto’s etc., etc.
Peter Capel, de start- en opnameschipper, alsook de schipperse voor hun gastvrijheid en ontvangst voor de uitgezeilde solisten op de M/Y Capella.
Jan Luyendijk als organisator, kreeg ook nog een flesje, dat al op de tafel stond. Deze heeft hij echter toch maar aan de plaatsvervangend havenmeester Wim Dercksen van de Stichtingshaven Muiden geschonken, vanwege z’n extra inzet om de maximale in- en uitstroom van jachten voor en na de 200 myls ‘SOLO’ in goede banen te leiden.
![]() |
![]() |
|
Bob vertelt over de telefonische meldingen, |
Herman Tieman geeft Harmen Veenstra z’n prijs |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde ervoor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
Jan Luyendijk, Huizen,
16 oktober 2002
door : Marco Luyendijk
Zondag 06 oktober 2002 12:00 uur Einde wedstrijd !
Ondanks de harde wind en pittige buien zijn alle solo-schippers gefinished of hebben zich afgemeld. Dus pure enthousiasme en teleurstelling, ’t hoort er allemaal bij. De mening van de meeste schippers was, dat ze deze zevende 200 myls ‘SOLO’ een pittige, tactisch lastige wedstrijd vonden, vooral door de windschiftingen gedurende de gehele wedstrijd. De wind heeft werkelijk vanuit elke hoek gewaaid en er zaten stukken bij van 0 tot een dikke 7 bft.
In totaal kwamen er 45 schippers over de finish, 2 deelnemers konden op zondag de finish niet meer halen, 15 vielen er uit en zijn er 6 niet gestart.
![]() |
| De haven van Muiden ligt alweer vol met gefinishde schepen. |
Zondag 06 oktober 2002 07:00 uur
![]() |
|
|
| Rob Jaspers en z’n Connector | Dik Geurts en z’n Bandos | Martin Selles en z’n Kim |
|
|
| Vroege zondagochtend. Veel schippers moeten nog finishen. Foto’s : Jaap Homan Foto van Jaap als achtergrond van de achtste 200 myls ‘SOLO’ |
![]() |
De meldpost IJsselmeer geeft aan, dat er een windkracht 7 staat. Er dient nog gefinisht te worden door nog 18 schippers. Gelukkig komt de wind uit het Noord-westen, zodat de zeilers met een beetje geluk de haven van Muiden in komen waaien, want 12:00:00 is het einde van de wedstrijd en dienen al de logboeken, fotocamera’s bij het opnameschip te worden afgegeven.
|
|
|
De Nek is weer een van de te fotograferen merktekens op de terugweg |
De verslagen van Otto Maitimu (06 oktober 09:50) vind je onder de button ‘oude koeien – 2002’,
alsook de verslagen van Erik Jan Hardonk en Jaap Homan
Zaterdag 05 oktober 2002 20:30 uur
Er zijn nu nog heel wat schippers onderweg. Het is al pikkedonker. Veel dikke buien met vlagen van een windkracht 6 a 7 Bft. De doorzetters, koud tot in het bot in hun natte regenpakken, trotseren dit weer en lopen tot midden in deze barre nacht Muiden binnen.
Zaterdag 05 oktober 2002 15:30 uur
![]() |
![]() |
| Piet Bakker in z’n Balder | Bauke Jager met z’n Mira |
Zaterdag 05 oktober 2002 11:40 uur
Paul Heijmerink voer de sluis in en had zijn niet altijd even betrouwbare stuurautomaat aanstaan. Hij was zijn stootwillen vergeten uit te gooien, dus moest dat nog snel even gebeuren. Terwijl Paul op zijn dek staat, besluit z’n stuurautomaat naar stuurboord te gaan. Zijn Etap 26 komt tegen de sluiswand aan en zijn boegspriet is daardoor kapot. Gelukkig is er verder geen schade.
Vannacht is even voor half 3 Frits Brattinga gefinished. Anjo Veerman is met z’n Aurum rond kwart over elf vanmorgen gefinished en in de Stichtingshaven gearriveerd.
|
|
| foto: Cees de Wit – Jacqueline van Amstel met haar Contessa 32 ‘Wandering Moon’ – Kodak Flash Fun |
Vrijdag 04 oktober 2002 23:40 uur
De eerste zeiler is over de finish en heeft de zevende 200 myls ‘SOLO’ volbracht. Ruud Kapteyn heeft met zijn Mango, de IMX 38 zijn 200 mijlen erop zitten en z’n camera, alsook ’t logboek afgegeven bij opname-schipper Peter Capel.
Vrijdag 04 oktober 2002 22:00 uur
De sneltste 200 mijlers worden tussen 22:00 uur en 01:00 uur verwacht bij de finish!! Hierover zullen wij gelijk, als het mogelijk is, berichten via deze website!
Een prachtige dag, mooie luchten en een lekker windje, de schippers hebben geen klagen over het weer.
|
|
| Bij het ochtendkrieken rondt de ‘Poespas’ van Kees Riemer het merkteken Sport B nabij Breezanddijk |
Vrijdag 04 oktober 2002 07:30 uur
Het blijkt nu, dat alle 4 de routes worden bezeild. Dat betekent, dat alle merktekens dit jaar worden/zijn gefotografeerd. Wil je het weten klik dan op : Alle merktekens van de 200 myls ‘SOLO’ – 2002
|
|
| De VL 6 nabij Vlieland/Terschelling in beeld. foto: Egbert v.d. Waal met Kodak Flash Fun |
|
|
| De Baloeran voor IJmuiden in beeld. foto : Dik Geurts met Kodak Flash Fun |
|
|
| De T 5 in het Marsdiep in beeld. foto: Menko Poen met Kodak Flash Fun |
Via onze email hebben we weer een verslag gekregen:
Donderdag 03 oktober 2002 23:10 uur
Anjo Veerman met z’n Aurum heeft zichzelf nog op de tweede plaats weten te zetten, hij heeft 06 mijl gevaren en daardoor is Henk Steltenpool naar de derde plaats gegaan. Tot nu toe hebben 5 solisten zich afgemeld bij het regattabureau en zijn de wedstrijd gestopt, totaal doen er nog 57 zeilers mee. Gert Kuik is gestopt vanwege te weinig wind en kwam niet meer vooruit, hij probeerde Den Oever te bereiken wat helaas niet is gelukt en heeft aan het einde van de middag opgegeven.
Donderdag 03 oktober 2002 23:00 uur
Ruud Kapteyn uit Muiden wil snel weer over de finish vlak bij zijn thuishaven, hij staat na de tweede dag zeilen aan kop. Tot nu toe heeft hij de meeste mijlen van iedereen gezeild en zit op 2/3e van de race met een totaal van 130 mijl. Henk Steltenpool met z’n ‘Little One’ is hierdoor naar de tweede plaats verwezen.
Donderdag 03 oktober 2002 21:00 uur
Het weer was vandaag een winkrachtje 3 a 4. Vele schippers hebben alweer een haven opgezocht om de nacht door te brengen. diverse zeilers zijn bezig een gat in de nacht varen!
Via onze e-mail hebben we verslagen gekregen van de zeilers :
![]() |
![]() |
|
Enkele plaatjes van: |
Frits Bartels |
|
|
|
![]() |
| Cees de Wit spinakert in de Foetsi, z’n Scampi 30′ De witte spinaker van Herman Tieman met z’n Nan Foto’s : Harm Veenstra |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| Dik Geurts Bandos |
Foto’s en de spi van Albert Broshuis Scheerling |
Egbert v/d Waal Fast Good |
![]() |
| Foto: Gio Schouten. Heeft iets met tweemasters. Is dit solo ? Frits Brattinga’s Lady A & de Tam Tam van Jan Luyendijk |
![]() |
![]() |
| Gio Schouten met z’n Freedom 44, Airborne | De Gib’sea 84 van Kees Riemer met halfwinder |
![]() |
![]() |
| Wim Schreurs met z’n Mon ami en Bauke Jager met z’n Mira onder spinaker |
![]() |
| Bouke Yntema op zijn ‘Catootje’ weer vol in de strijd met z’n opnieuw verstaagde mast en neemt op het rak naar de NEK de ‘Tam Tam’ 2 maal op de kiek |
![]() |
![]() |
Woensdag 02 oktober 2002 23:00 uur
De eerste plaats wordt na een dag zeilen aangevoerd door Henk Steltenpool in een First 305. Hij is eerst naar de Nek gevaren en heeft rond het middaguur een rustpauze genomen om in de avond weer verder te varen. De eerste dag van de 200 myls’SOLO’ was er weinig wind en zelfs een tijdelijke totale windstilte. 17 schippers brengen de eerste nacht door in Lelystad, waarschijnlijk wordt het daar weer zeer erg gezellig!
Woensdag 02 oktober 2002 7:00 uur
![]() |
![]() |
![]() |
De haven in Muiden is vol, overvol. 7 dik lig- gen de schippers klaar om te vertrekken voor de 7e editie van de 200 myls ‘SOLO’. Ze heb- ben er allemaal erg veel zin in. Enkele minu- ten voor zeven gaat de eerste solist al in de richting van de eerste boei, het startmerkte- ken de M 1, alwaar hij zeilend met de motor uit, een foto van moet maken als bewijsvoe- ring, dat hij is gestart. De passagetijd dient de schipper dan exact in z’n logboek te note- ren. Iedereen heeft zijn eigen taktiek en dat is belangrijk, vooral nu er bijna geen wind staat en dit ook niet is voorspeld voor van- daag. |
| Ook Jacqueline spinakert naar de start- passage, de M1, de haven van Muiden uit. |
|
![]() |
![]() |
|
Onder het voeren van een spinaker of |
bolle jan vertrokken de meeste deelnemers |
![]() |
![]() |
Dinsdag 01 oktober 2002 20:30 uur
![]() |
![]() |
Het palaver wordt weer gehouden in cafe Ome Ko te Muiden. Jan Luyendijk brengt de sfeer er weer in. Volgens de voorspellingen van Frits Bartels (met microfoon op foto links onder) gaat het tot morgen met een zuidelijk windje niet echt hard waaien, maar komt er vrijdag een behoorlijk guur front aan met een stevige noordelijke wind. Verder legt Piet Bakker (zittend op foto links onder) de werking van de Flash Fun van Kodak uit.
Foto rechtsonder : Opnameschipper Peter Capel houdt de presentielijst nauwkeurig bij.
![]() |
![]() |
Dinsdag 01 oktober 2002 15:00 uur
![]() |
![]() |
Peter Capel, de oud voorzitter van het KNMC, en echtgenote assisteren, blijkt later, op een bijzonder
gastvrije wijze de 200 myls ‘SOLO’ als opnameschipper op hun Valkvlet ‘Cappella’.Maandag 30 september 2002
![]() |
| De gastvrijheid van Albert Broshuis van de Scheerling kent geen grenzen |
![]() |
![]() |
Het is al gezellig in Muiden. Dik Geurts maakt ook het onderwaterschip van Albert Broshuis schoon !
Door :Jacqueline van Amstel, PZV Zeezeilen – December 2002
Onze PZV-‘ster’ Jacqueline zeil-de de 200-mijls wedstrijd SOLO-2002 en won de damestrofee. En dat niet alleen, zij bleek ook voor de mannen een geduchte tegenstander, door te eindigen op de drieëntwintigste plaats in een veld van achtenzestig. Lees hier haar verslag en kijk ook op www.200myls.nl hoe mooi het was.Welkom bijde ex-mannenclub… “Neem je volgend jaar vijftig vriendinnen mee?” |
Er zijn deelnemers die tevoren voor alle vier de banen een schema gemaakt hebben met de te zeilen koersen in percentages en mijlen om zo, op grond van de meest recente weerberichten, een baankeuze te kunnen maken. ‘s Avonds laat voor de start ga ik dat ook uit zitten werken. Helaas is juist het weer altijd de meest onvoorspelbare en onbeïnvloedbare factor.2 oktober, de startdag
06.00 uur 12.00 uur: |
onder de vijf knopen te maken, komt zo niets terecht. Vier uur varen over tien mijlen. Wat een slecht begin. Bij het eerste merkteken bij Volendam ga ik dus meteen gebruik maken van m’n eerste rustperiode. Mooi en perfect weer om te ankeren, en – veel belangrijker – om weer anker op te gaan. Dat is met weinig wind een stuk makkelijker.
15.00 uur 3 oktober 06.30 uur |

Zeventien uren verstreken zonder mijlen te maken. Nu moet ik wel gaan zeilen, anders kom ik nooit op tijd bij de finish.
Razendsnel aankleden en het anker lichten. Zo snel mogelijk naar de boei Nek bij Hoorn. Zo snel mogelijk betekent dus de spi erop en reachen. Dit heb ik alleen met heel licht weer (2 Bft) geoefend. Ik laat me natuurlijk niet kennen. Achter me gaat overal de spi erop. Ik kan niet achterblijven. Hoe ik straks moet gijpen en hoe ik de spi er in m’n eentje weer af krijg, is een zorg van later.
| 09.00 uur De Nek is in zicht. Nu wordt het even stressen. Eén: binnen vier meter langs de boei zeilen. Twee: tegelijkertijd een foto van de boei maken. Drie: tijd en logstand noteren. Vier: vooral niet te ver doorvaren. Vijf: spi gijpen (het gehannes op het voordek met die zware boom verdient niet de schoonheidsprijs). Zes: boot op nieuwe koers leggen. Zeven: spi trimmen. Acht: alles controleren. En negen: zweet afwissen van m’n voorhoofd. Ik doe iets niet goed, de achtervolgers halen me in. Goed kijken hoe zij de spi getrimd hebben en meteen proberen. De nieuwe trim scheelt een halve knoop snelheid. 6,5 knoop op de log. Dit voelt goed. Na het ronden en fotograferen van de OVD3 gaat de spi er keurig af. Een opluchting! De wedstrijd op zich is al spannend genoeg, maar er is nog een extra handicap. De keerkoppeling van de motor slipt. Vooruitzicht: op elk moment kan de keerkoppeling ophouden met werken! De wil en vastberadenheid om deze wedstrijd te varen is echter zo groot, dat dit me niet kan stoppen. Ik kan tenslotte altijd nog achter uit een haven of sluis in. Hoewel ik er uiterlijk luchtig over doe, voelt het niet echt goed en is het een extra bron van spanning. Heel rustig varen en schakelen op de motor is het advies. De sluispassage – dit is officiële rusttijd – kost me hierdoor veel extra tijd. Kostbare tijd, want de wind draait door van W naar NW en staat nu tegen op het volgende rak naar Medemblik. Dat betekent extra mijlen zeilen. De foto van de V15 levert vast strafpunten op. Eerst is deze slecht te vinden tegen de laag staande zon in kijkend en vervolgens staat het opschrift net niet aan de kant waar ik langs zeil. Een overhaaste overstagmanoeuvre en nu ga ik te ver weg langs de boei. Die wordt een onherkenbaar |
klein geel streepje in de verte.18.00 uur Voor de wind terug naar Urk en de spi er weer op. Ik ga er handigheid in krijgen. De wind neemt langzaam, ongemerkt haast, toe. Het wordt donker. Een prachtige zonsondergang. 7,5 knoop op de log. Het sturen wordt zwaarder. Hoe kan ik in het donker voor Urk aan lagerwal de spi eraf krijgen? Misschien flauw, maar dat durf ik niet aan en het laatste beetje avondschemering benut ik om de spi eraf te halen. Had ik nu maar even vier armen in plaats van twee. 4 oktober 5 oktober |
te zien tegen de grauwe achtergrond. Alles is nat. Buiten, maar ook binnen. Passagetijden en logstanden worden met doorweekte handen op natte blaadjes gekriebeld en gauw weer in een tupperware bakje gepropt. Het aftellen kan beginnen. Nog vijftien mijl, tien, vijf, twee. Dan: piep, piep, piep, het alarm van de dieptemeter. Twee meter water. Wat gaat er fout, met de eindboei al in zicht? Opsturen, en – opluchting – ineens weer in vijf meter water.18.41 uur, de finish De laatste foto, de M1 voor Muiden. Yés, yés, het is gelukt. Glunderend vaar ik de haven binnen, waar ik door Wim word opgewacht met mooie rode rozen. Een warm welkom. Daar kan menig man jaloers op zijn. Tenslotte Voor belangstellenden was de race op internet te volgen. Elke avond moest telefonisch onze positie doorgegeven worden. Deze verscheen dan op de website. De tussenstanden gaven echter een heel erg vertekend beeld omdat die gebaseerd waren op het aantal gevaren mijlen tot op dat moment. |
komen, hebben in het algemeen snellere mijlen gemaakt en dus een betere eindklassering gehaald.Van de 68 deelnemers zijn er uiteindelijk vijf niet gestart en achttien niet gefinisht. Op handicap( SW) ben ik op de drieëntwintigste plaats geëindigd, met een totale gezeilde tijd van 40,44 uur en een gemiddelde snelheid van 4,9 knoop. |
Gepubliceerd bij De vereeniging van Waarschippers en bij de A.R.Z.V.
Solo in de 200 myls – 2002door : Jos Valkering, MAGIC
In 1995 werd ik besmet met het zeilvirus. Hiervoor deed ik niets aan watersport, wel een keer meegevaren op een motorboot maar dat domweg slaapverwekkende rondjes varen (sorry motorboot eigenaren) vond ik maar niets.
Totdat ik op een zeilbootje terechtkwam en ontdekte dat hier toch even meer te doen was dan alleen sturen. Na wat informatie bij collega’s en kennissen opgehaald te hebben kocht ik mijn eerste zeilboot, een Kolibrie 560 en al snel deed ik ook met de SW-wedstrijden mee van de ARZV. Twee jaar later schafte ik een Waarschip 725 aan, een ware ¼ tonner, sterk verwaarloosd maar gaaf. Na een wintertje klussen was het weer een juweeltje. Het schip ging vanaf dat moment onder de naam Magic. Om mijn horizon te verbreden ging ik mee doen aan de 24-uurs van Medemblik, de 16-uurs van ABN AMRO en de Nacht van Spakenburg. Hier heb ik diversen trofeeën mee binnengesleept, ook bij de ARZV viel ik met regelmaat in de prijzen, het ging me zogezegd voor de wind.
Tijdens een Waarschippers-evenement zat ik tijdens de maaltijd naast Harris Visser, natuurlijk werd er over zeilen gesproken. Harris vertelde over de 200-myls solo en dat noemde hij pas een echte uitdaging. Daar had ik ook wel oren naar: een nieuwe uitdaging kon ik wel gebruiken. Inschrijven voor 2000 ging niet meer – die was al vol – dus moest ik nog een jaartje wachten.
Ik wachtte te lang want binnen een week was de lijst met deelnemers weer vol dus moest ik weer een jaartje wachten. Nu zat ik er bovenop. Ik heb regelmatig op de website van 200myls.nl gekeken, maar er was iets vreemds met de aanmeldingsformulieren en ik belde de organisator Jan Luyendijk op om opheldering over hetgeen wat ik gevonden had. Na wat over en weer gepraat te hebben en vertelde ik hem dat ik een Waarschip had, waarop hij vertelde dat er al een heel nest Waarschepen meededen. Dat was in 2002 zeker het geval, meer dan 10% van de deelnemers voer met een Waarschip. Jan gaf nog een tip om een geslaagde aanmelding te doen dus zat ik op 1 maart op 0.00 uur met mijn vinger bij de knop om het aanmeldingsformulier te verzenden, maar dat deden op dat moment waarschijnlijk meer mensen want het ging fout aan de andere kant: het werd niet ontvangen. Na diversen pogingen is het per e-mail gedaan en om ongeveer 6 uur hoogstpersoonlijk bij Jan in de brievenbus gestopt. En ja hoor ‘s morgens om 8 uur stond ik tussen de deelnemers! Ik mocht meedoen met de 200-myls solo!
Voor diegenen die niet helemaal weten wat de opzet is, hier een kleine uitleg. Solo: dus alleen 4 ½ dag zeilen: woensdagmorgen starten en zondagmorgen voor 12.00 uur de finish. 27 uur verplicht rusten en daarin zitten 3 periodes van 6 uur en 1 daarvan moet je voor anker. Je hebt keuze uit 4 routes, 2 op het IJselmeer, 1 via de Noordzee en 1 over het Wad..
Maandag 30 september
Na enige voorbereidingen zoals het aanvullen van de watervoorraad, accu’s laden en diversen dingen nog even nalopen vertrek ik met mijn vrouw Marian met de Magic via de Zaan richting Muiden en na de Schellingwoudebrug hijsen we de zeilen. Er stond niet veel wind maar met een gangetje van 4 knopen was het toch aangenaam vertoeven zo op het eind van het seizoen. Na nog een rondje om Pampus heen gezeild te hebben zijn we richting Muiden gegaan. Daar in de Stichtingshaven aangemeld, kregen we een plaatsje toegewezen waar ik me letterlijk in moest persen, na de boot te hebben afgemeerd zijn we opgehaald en naar huis gegaan.
Dinsdag 1 Oktober.
Rond een uur of drie laat ik me door Marian naar Muiden brengen, bij aankomst zijn de meeste deelnemers aanwezig en is het in de haven overvol. Na de laatste spullen aan boord gestouwd te hebben en alles nog even te hebben nagelopen op de hoop dat ik toch maar niets zal vergeten, ga ik een ommetje maken om hier en daar kennis te maken. Even later kom ik terecht bij de afdeling hout. Met totaal 5 waarschippers (jammer genoeg zijn er 2 afgehaakt) zitten we bij Egbert v/d Waal op zíjn Waarschip 1010 aan de koffie en hebben het – hoe kan het ook anders – over de routes en tactiek. In de avond is er palaver in het café van Ome Co en daar krijgen we nog het een en ander uitgelegd onder het genot van koffie met gebak.
Tevens krijgen we het logboek uitgereikt; daar moeten alle gegevens in genoteerd worden. Daarnaast ook een fototoestel van Kodak waarmee elke gepasseerde boei op de foto gezet moet worden en ook de felbegeerde 200-myls cap om het hoofd warm te houden. Wat later ga ik terug naar de boot, zet de wekker en ga de kooi in.
Woensdag 2 oktober
Om 6 uur gaat de voor dit evenementaangeschafte bellenwekker af en zit door die teringherrie rechtop in mijn bed. Na het in de kleren hijsen maak ik een lekker ontbijtje klaar en ga daarna de boel voorbereiden. Er is in de haven bijzonder weinig wind en ik besluit maar om op het meer te gaan kijken of daar wat meer wind is. Ik wring mij uit de te krappe ligplaats en vaar de haven uit. Het is zover, nog even en we gaan starten.
Er zijn ondanks windkracht 2 toch al diverse boten gestart en het is een fleurig gezicht zo met die gekleurde spinakers. Ik zelf zet een halfwinder, neem een foto van de boei M1 en ben daarmee gestart.De vaart zit er aardig in want met ruim 4 knopen ga ik richting het Paard van Marken. Ik word al snel opgelopen door Jan v/d Weide maar daarna is het dan mijn beurt en “pak” ik ook een paar deelnemers. Naar Volendam is het plat voor het laken.
Aangezien er geen restricties zijn wat zeilvoering of hulpmiddelen betreft haal ik een geheim wapen voor de dag en heb daardoor de mogelijkheid er ook nog een spinaker bij te zetten samen goed voor 70 m² felgekleurd spinakerdoek en dat op een ¼ tonner.
Nu naar Hoorn, weer loop ik een paar boten op terwijl ze op handicap sneller zouden moeten zijn dan mijn Magic. Dit is echt genieten! Tegelijk met de Poespas van Kees Riemer kom ik bij NEK. Het wordt hoog tijd voor zeilwissel en verbaas me er over zo snel als ik de halfwinder strijk en de Genua weer heb staan. Ik ben net op tijd om samen met Kees de boei te ronden. We binden de strijd aan maar ik loop net iets hoger dan Kees en na een paar uur ligt Kees een aardig stuk onder mij. Maar dan wordt het compleet windstil, alsof ik voor anker lig. Na ±45 minuten komt de wind terug maar wel uit een totaal andere hoek. We liggen nu beiden over de andere boeg en omdat ik voor de windstilte lekker hoog kon zeilen moest ik nu nog een extra slag maken. Nu is voor Kees de boei bezeild en is er daarom ook 10 minuten eerder dan ondergetekende. Het is 17:41 als ik voor deze dag de laatste foto maak. Nadat we geschut zijn in de sluis van Lelystad zoeken we een plaatsje aan de noordkant en gaan voor anker. Op de wind na was dit een schitterende dag en tot nu toe was de praktijk makkelijker dan de inschrijving voor de 200-Myls.
Donderdag 3 oktober
De wekker gaat zo rond een uur of 6, ik verwen mezelf met een eenvoudig doch voedzaam ontbijt en nadat ik alles weer aan kant heb, wordt het tijd om de boot zeilklaar te maken. Het is nog schemerig als ik de motor start en naar de EZ21 vaar. Het is 9 over 8 als de tijd weer loopt, er is gelukkig iets meer wind dan gisteren maar wel heiig en verre van warm. Het is een klein wereldje om me heen, de instrumenten moeten mij de weg wijzen dus geef ik het roer over aan m’n “maatje”; die houdt beter de koes aan dan ik. Om half tien komt de zon er doorheen maar warmte zit er niet in. De route gaat naar Medemblik en vlak voor de V15 komt Gert Vink in het zicht. Maar hij zal toch na mij de boei op de gevoelige plaat zetten. We hijsen beide de spinaker en gaan naar Urk.
Gert is natuurlijk ruim voordat we bij Urk zijn al uit het zicht verdwenen. Het is 15:12 als ik er aankom, ik heb dit rak gezeild met een gemiddelde van ruim 5 knopen. Ik ben dan ook dik tevreden met dit resultaat en ga nu op naar Breezanddijk. De boot ligt op koers, vol tuig, een knik in de schoot en schitterend weer, wat wil een mens nog meer?
Jammer was deze situatie maar van korte duur, na 20 minuten ruimt de wind naar het NW en is het een kruisrak geworden. De wind trekt aan tot 5Bft en veel te laat wissel ik de Genua voor de Fok dit kost me denk ik een mijl. Het begint langzaam donker te worden en ik doe de navigatie verlichting aan. Het is echt donker als ik Sport B zie oplichten, je denk – nog even en dan zijn we er – maar dat even duurt heel lang. Als het licht is vind je die boeien slecht maar bij nacht zie je ze van mijlen ver, tenminste als het achter de boei donker is. Het is 22:15 als het rak ten einde is. Voor de veiligheid strijk ik eerst de zeilen want dat scherpe witte licht verblind je en als het uit is zie je de boei niet meer, het is veel te link met deze wind en onder zeil op 4 meter afstand die foto te moeten maken, vaar terug op de motor en vereeuwig Sport B. Ik ga naar de Afsluitdijk en ontdek het seinlicht van de vluchthaven. Het is er pikdonker; als je hier naar toe moet vluchten door zwaar weer en je ziet geen hand voor ogen is het toch raar binnenlopen. Ik meer af aan de Tawhiri van Hinse Koning waardoor ik dan ook wordt geholpen met het afmeren. Als nieuweling kon ik Hinse niet en dat bleef op dit moment ook zo want het lampje op zijn hoofd verblinde mij totaal. Na de inwendige mens versterkt te hebben met een flinke hoeveelheid snert vul ik het logboek in, neem nog een paar berenburgers en ga plat.
Vrijdag 4 oktober
Het is 4 uur als ik wakker word en ook niet meer kan slapen, als alle nodige dingen gedaan zijn is het 5 uur, wat nu? Het meer maar op en starten, dus maak ik de boot los start voorzichtig de motor en vertrek met stille trom. Het is tegen zessen als ik een foto neem van Sport B en ik ga richting Stavoren, er staat een windje 4 die half binnen komt. De Genua wil ik verwisselen voor de halfwinder om er nog een ½ mijltje meer uit te persen – je bent tenslotte met een wedstrijd bezig – maar het is nog stikdonker. Na veel wikke en wegen gaat hij er dan toch op en alles verloopt voorspoedig. Bij het krieken van de dag zijn er twee watervogels die me stomverbaasd aanstaren. Ik zie ze denken: “goeiemorgen, idioot” en misschien hebben ze gelijk. Van Stavoren naar Lemmer, dan naar Enkhuizen. Er komt halverwege dit rak een donkere lucht aanzetten en ik besluit te reven. Dit gebeurd op tijd want er zit een bult wind in die ook nog ruimt naar het NW, dus met een knik in de schoot ga ik met hoge snelheid naar de KG2. Daar aangekomen heb ik er 120 mijl opzitten, zet de boei op de foto noteer de gegevens voor in het logboek en groet ondertussen een Duitse schipper met zijn vrouw. Daarna ga ik overstag en dit alles wordt nauwlettend in de gaten gehouden door de Duitsers. Als ik dan de zeilen trim komt er snelheid in de boot en als ik nog even achterom kijk staan die mensen me uit te zwaaien, een heel grappig gebeuren. Op het rak naar Hindelopen moet er flink geknepen worden maar is bezeild, voordat ik bij de H2 ben word ik opgelopen door Frits Bartels, een snelle jongen met zijn Contest 40S. Na het ronde van de H2 nog een rak van maar liefs 24 mijl naar Lelystad. Met de stevige wind van 5 Bft moet dat lukken voor het donker wordt. Na het Vrouwenzand geef ik het roer over aan mijn “maatje”, wissel de fok voor de Genua en ga met vol tuig surfend naar de EZ27. De laatste paar mijl zwakte de wind wat af en had ik mooi even de kans om mijn stijven spieren wat los te maken. Met een gemiddelde van exact 6 knopen maak ik om 19:20 de laatste foto voor die dag. Vandaag 70 mijl afgelegd en met een schitterende zonsondergang word het langzaam donker. Na het strijken van de zeilen ga ik op de motor naar de sluis, het duurt even voor de sluiswachter aan de gang gaat maar als dit gebeurd is vind ik een steiger om de nacht door te brengen.

Zaterdag 4 oktober Pluk de dag, dus de wekker gaat om half zeven, dan weer het bekende ochtendritueel en voor je het weet leg ik onder vol tuig op het Markermeer klaar om van start te gaan. Het is een kruisrak naar Pampushaven, er staat een bries van tegen de 5 Bft. Ik verwissel toch maar de Genua voor de werkfok. Het is me nog te gek en moet uiteindelijk ook nog een rif zetten; om 8:10 gaat de tijd weer in. Ben samen gestart met Henjo Ruiter, moest flink mijn best doen maar liep dan ook wel bij Henjo vandaan. Het mooie weer van de laatste dagen is overgegaan in smerig nat weer. Soms regent het flink hard, maar het zeilt fantastisch, alleen moet er door het kleine wereldje wel constant op de instrumenten gestuurd worden. Buiswater en regen water het houd niet op totdat het wat lichter wordt en het zo goed als stopt met regenen.
Dit is een rak van 10 mijl en om 11:12 kom ik aan bij de PH, na 3uur lang gebokst te hebben tegen de golven en dat heeft toch wel wat. Zeker als je later aan de weet komt dat je het 48 minuten sneller hebt gedaan dan Henjo die zelfs een iets gunstiger handicap heeft dan de Magic. Dan op naar Hoorn, met een bakstag windje van dik 5 Bft haal ik omgerekend gemiddeld toch weer 6 knopen. Na Hoorn terug naar Blok van Kuffellen, daarna nog 7 mijl naar de finish bij Muiden. De windmeter geeft een totaal verkeerde richting aan, zal vocht de oorzaak zijn? Voordat ik bij de finish ben word ik nog even getrakteerd op een plensbui.
Maar als de M1 op de foto gaat, is de wedstrijd gestreden. Een tevreden gevoel gaat door me heen, afwachten wat de uitslag is, zit ik bij de eerste helft ja of de nee? Ik strijk de zeilen voor de laatste keer, alleen is alles zeiknat dat belooft dus een vochtig nachtje te worden. Als achtste kom ik de haven binnenlopen en daar staat tot mijn grote verbazing Marian op de steiger te wachten. Dat wordt thuis lekker douchen en in een droog bed. De Magic meerden we af aan het startfinish-schip van Peter Capel. Ik moet nu nog even de laatste gegevens in het logboek noteren en na het inleveren bij Peter Capel,
konden we huiswaarts gaan.Al met al is de wedstrijd bijzonder meegevallen want lees je voorgaande verhalen dan hebben de schrijvers het over “bekaf zijn” of er is er een in slaap gevallen achter het roer en komt tegen de dijk tot stilstand, weer een ander word net optijd wakker om de boei te ronden.Daar heeft ondergetekende totaal geen last van gehad en bedankt bij deze de organisatie voor dit mooie zeilevenement.
Zondag morgen zijn we weer in Muiden om de Magic op te halen. Als we de haven uitgaan en het meer opvaren staat er windkracht 7 en of ik de afgelopen 4 dagen nog niet genoeg gezeild heb zet ik de zeilen en gaan we boksend tegen de golven in naar huis!
Jos Valkering ,
S/Y MAGIC
2003, het clubblad van de Nederlandse Marieholm Vereniging door : Hinse Koning 200 myls ‘SOLO’ – 2002.
Vorig jaar las ik in het blad “Zeilen” een artikel over de “Single handed”, een solo race/prestatietocht over een afstand van 200 mijl, op het IJsselmeer, de Wadden- en Noordzee. Dit leek mij wel een uitdaging, maar op dat moment maakte ik daar geen werk van. Je kent het wel, veel woorden, maar geen daden.
Zo’n half jaar later vroeg een vriend van me of ik hem kon helpen een boot met motorproblemen naar Workum te varen. Deze boot was van zijn vader die met een defecte motor was uitgevallen tijdens de “200 myls solo”, ongeveer net zo’n race als de “Singlehanded”. Zo begon het balletje weer te rollen wat resulteerde in deelname met mijn Marieholm 26 “Tawhiri” aan de “200 myls solo 2002”.
Wat is de 200 myls?
De naam zegt het al, het is een wedstrijd voor solozeilers over een afstand van 200 mijl. Door de organisatie zijn er 4 routes uitgezet van elk 200 mijl, met start en finish in Muiden. De eerste 28 mijl van de 4 routes zijn identiek, daarna moet er een keuze gemaakt worden uit één route. Route 3 en 4 beperken zich tot het Marker- en IJsselmeer, route 1 en 2 gaan ook over de Wadden- en Noordzee. Tijdens de race moet je minimaal 27 rusturen kunnen aantonen, waarvan tenminste 3 maal, 6 uur aaneengesloten, waarvan tenminste één van deze periodes ten anker. Kom je hier niet aan dan worden er strafpunten in rekening gebracht. De start is woensdagochtend tussen 07:00 en 10:00 uur. De wedstrijd sluit zondag om 12:00 uur. Om het verloop van de wedstrijd te kunnen controleren en registreren wordt iedere deelnemer uitgerust met een wegwerpfotocamera en een logboek. Met de camera moet ieder waypoint (boei) van de route worden gefotografeerd. In het logboek moet bij elk waypoint de datum, tijd, logstand, windkracht en -richting, barometerstand en zeilvoering worden genoteerd. Eveneens moet je iedere deelnemer die je gedurende de race tegen-komt noteren. De deelnemers zijn te herkennen aan de seinvlag nummer 1 in het achterstag, in plaats van de nationale vlag.
Elke avond moet tussen 18:00 en 22:00 uur het laatstgepas-seerde waypoint en tijd worden doorgegeven aan de wedstrijd leiding. Dit wordt verwerkt in een tussenstand die via internet te bekijken is op www.200myls.nl, leuk voor de thuisblijvers.
Woensdag, 2 oktober 2002.
06:30 Opgestaan, ontbeten en koffie gezet.
Tussen 07:00 en 10:00 uur kan er door de 68 deelnemers gestart worden. Door dit aantal schepen, variërend van een Jaquar 22 tot een Freedom 44, ligt de Stichting Haven van Muiden, bij het Muiderslot, bomvol. Dit heeft tot gevolg dat ik behoorlijk ingesloten lig en pas laat kan starten. Ondanks dat ik graag vroeg had willen vertrekken is het geen straf, het is een leuk gezicht om druppelsgewijs de deelnemers te zien vertekken voor hun tocht.
09:39 Een beetje nerveus maak ik mijn eerste wedstrijdfoto, van de M1, mijn 200 myls is gestart. Het eerste waypoint is de GZ2 bij Volendam. De wind is ZO 2, een beetje weinig, maar zeer geschikt om de spinnaker te zetten. Van Muiden tot Marken is het één lint van bont gekleurde spinnakers, je moet dus wel wil je een beetje mee komen. Ik ben nog maar nauwelijks onderweg en het eerste probleem dient zich al aan. De windex boven in de mast blijft maar in één positie staan en dat komt niet door de wind. Ik vermoed dat een spin zich afgelopen nacht uit de naad heeft gewerkt in dienst van de concurrentie en mijn windex in zijn web heeft gevangen. Het zuchtje wind dat er op het moment staat is te weinig om hier verandering in te brengen, het is geen onoverkoombaar probleem, maar toch wel een handicap.
10:38 De “Bandos”, een FF110, loopt me op en passeert me zo dichtbij dat z’n spinnaker mijn zaling toucheerd. Hij heeft geluk dat ik de uiteinden van de zalingen heb beschermd en afgetaped. Had ik dat niet dan was de kans groot dat hij zijn spi aan flarden had getrokken.
13:00 Net het Paard van Marken gerond. Het beetje wind dat er stond is in de loop van de ochtend helemaal verdwenen, het Markermeer ligt er rimpelloos bij en zelfs de spinnaker hangt moedeloos slap naar beneden. Afgezien van de wind is het weer heerlijk, geen wolkje aan de lucht, zo’n 23 graden en ik zit in alleen m’n zwemshort in de kuip, en dat begin oktober! Een paar honderd meter aan bakboord van me dobbert de “De Franschman”, de winnaar van vorig jaar. Zo te zien is hij deze drijfpartij zat, hij springt overboord en gaat z’n boot onder slap hangend grootzeil en spinnaker zwemmend voort trekken. Tot mijn grote verbazing houdt hij dit wel een half uur vol en zwemt hij langzaam bij me weg.
13:57 GZ2. Een groot aantal schepen voor me besluit hier te wachten op meer wind. Dat was ik ook van plan, maar op het moment dat ik de boei rond neemt de wind toe en loop ik weer meer dan 3 knopen, ik besluit door te varen naar de NEK, Hoorn. Een half uur later zakt de wind weer helemaal in en baal ik behoorlijk.
17:10 NEK. Aangezien het nog steeds zeuren is met de wind, windkracht 0 tot 2 ga ik hier de eerste rust nemen en wachten op wind. Achteraf gezien had ik al in Volendam moeten blijven, over het stuk GZ2 – Nek, van 7 mijl heb ik 3 uur en 13 minuten gedaan. Bij de NEK boei liggen 4 medestrijders ten anker. Ik voel er echter weinig voor om hier, midden op het Markermeer, te ankeren. Regelmatig denderen hier grote binnenvaarders voorbij en die verwachten natuurlijk geen ten anker liggende jachten midden op het Markermeer. Ik vaar 3 mijl door en anker in de buitenhaven van Hoorn. Ik ben niet de enige, er liggen nog drie deelnemers. Nu ik hier ten anker lig heb ik alle tijd om mezelf eens culinair te verwennen. Hier steek ik echter niet veel tijd in, daarvoor heb ik mevrouw Struik meegenomen. Zo in de pan, zelfs zonder boter, even opwarmen en klaar is de jachtschotel. Ideaal als je aan het zeilen bent en niet veel tijd hebt, en ik moet eerlijk toegeven dat het nog redelijk smaakt ook. Vandaag heb ik 17 mijl gevaren, in 7 uur en 31 minuten, dat is een gemiddelde van 2.3 knopen. Ik hoop van harte dat het de komende dagen wat harder gaat waaien anders ga ik de 200 mijl niet eens halen.
Donderdag, 3 oktober 2002.
03:00 Opgestaan.
03:40 Anker op.
04:22 NEK gefotografeerd, weer in de race. De eerste foto van een boei in het donker. Ik moet zeggen dat het niet mee valt om met een wegwerpfotocamera solozeilend onder vol tuig in het donker een herkenbare foto van een boei te maken. Het flitsbereik van zo’n onding is ongeveer 4 meter, dat is knap dichtbij als het een beetje waait. De wind is gelukkig wat sterker dan gisteren, zuid 3, 4 knopen op het log. De handicap van gisteren heeft zichzelf opgelost, de windex doet het weer, hoera! Het is wel heiig. In het 04:00 radiojournaal waarschuwden ze het autoverkeer voor mist. Hier, boven het relatief warme Makermeer water valt dat dus mee.
06:51 OVD3, Lelystad Zuid. De dag is goed begonnen, behoorlijke winst gepakt op schepen die gisteren in het lichte weer zijn doorgevaren naar Lelystad. Met het fotograferen van de OVD3 is mijn wedstrijdtijd gestopt. Deze gaat weer lopen als de EZ21, ten noorden van Lelystad, op de gevoelige plaat wordt vastgelegd. Lelystad is de plek waar een keuze gemaakt moet worden uit de vier verschillende routes. Route 1 valt bij mij als eerste af. Ik heb geen zin om m’n tijd te verdoen op het Noordzeekanaal (Achteraf bleek dit de meest gunstige route). Route 2 laat ik ook schieten. Ik mag graag op stromend water varen, maar omdat dit m’n eerste 200 myls is wil ik dat “rustig” aan doen, ook om de thuisblijvers gerust te stellen.
De keuze tussen route 3 en 4 is niet gemakkelijk, Medemblik of Den Oever? De meerdaagse windverwachting helpt me ook niet echt verder. Ik besluit de keuze aan de wind over te laten. Op het moment is deze zuid/zuidwest en de voorspelling is dat die later op de dag gaat ruimen naar het noordwesten. Als Den Oever nog te bezeilen is als ik ter hoogte van Medemblik ben dan kies ik voor route 3 en vaar door naar Den Oever. Zit de wind al in het noordwesten als ik ter hoogte van Medemblik ben dan wordt het route 4.
De OVD3 was nog redelijk te vinden in de heiige duisternis, maar als ik dichter in de buurt van land (Lelystad) kom gaat de heiigheid over in echte mist. Vanaf de OVD3 is het volgende boeienpaar niet te zien, laat staan de havenhoofden. In deze situatie is de GPS, naast het kompas, een zeer welkome bron van informatie.
Ik heb geluk met de sluis, als ik ter hoogte van de Bataviawerf vaar zie ik dat de deuren van de westelijke sluiskolk nog open staan. Het lijkt wel als of ze op me gewacht hebben. Zodra ik binnenvaar gaan de deuren achter me dicht en meer ik af achter de “Sybarite”, een ¼ tonner Waarschip, een medestrijder in deze 200 myls. Na de sluis start de race weer bij de EZ21, dit is 7 mijl ten noorden van de sluis, dik een uur varen, wat een takke stuk. De mist begint gelukkig wat op te lossen, het zicht is alweer een mijl en ondertussen is het ook licht geworden.
09:15 EZ21, wind, zuidwest 4, de “Tawhiri” loopt lekker, ruim 5 knopen, iets hoger dan halve wind. Nu maar hopen dat de wind de komende uren nog in die hoek blijft zitten, mede omdat ik toch een lichte voorkeur heb voor route 3.
12:00 De wind draait langzaam naar het westen met als gevolg dat het nu aan de wind is richting Medemblik.
Ter hoogte van Medemblik zit de wind nog niet in het noordwesten en is Den Oever nog te bezeilen.
Hier besluit ik definitief voor route 3 te kiezen, door naar Den Oever. Al het hele rak word ik langzaam opgelopen door twee concurrenten, deze gaan beide overstag richting de V15, Medemblik, en kiezen dus voor route 4.
14:10 WV14, Den Oever. De wind zit nog steeds in het westen maar is wel iets toegenomen tot kracht 5 en het is beginnen te regenen. Het volgende waypoint is de KG2 bij Enkhuizen. Dit is wel een leuk rak omdat het zo ongeveer 180 graden tegengesteld is aan het vorige en ik zo verscheidene deelnemers ontmoet die op tegenkoers liggen, o.a. het Waarschip waarmee ik in de sluis lag, hij rondt de boei een paar minuten na mij evenals een Contrast 362. Ook kon ik nog even zwaaien naar een Contessa 32 met de enige deelnemende vrouw aan boord. Ondertussen zit de wind in het noordwesten kracht 5. Na de KG2 moet koers worden gezet naar de SPORTB bij Breezanddijk. Aangezien dit rak niet te bezeilen is, en de “Tawhiri” onder fok iets hoger loopt dan onder de genua, voer ik vlak voor de KG2 een voorzeilwissel uit. Ruime wind varend op de stuurautomaat is dit, ondanks het rolfokprofiel goed te doen.
17:05 KG2, met nog steeds het Waarschip en de Contrast vlak achter me. Op weg naar Breezanddijk wat niet te bezeilen is. Het waait nog steeds NW 5 en ik heb er nu al spijt van dat ik de genua voor de fok heb verwisseld. Op vlak water was het waarschijnlijk wel een goede keus geweest, maar in de korte steile golfslag van het IJsselmeer kom ik voortstuwingskracht te kort. Het Waarschip loopt bij me weg.
Ik begin zo langzamerhand trek te krijgen en ga eerst maar even kokkerellen. Ondertussen laat ik het sturen over aan Ela. Dit is een stuk elastiek die ik als “stuurautomaat” gebruik op koersen van halve wind tot hoog aan de wind. Als de boot goed is getrimd doet het elastiek niets onder voor een electrische stuurautomaat. En het grote voordeel is dat Ela geen aanslag doet op de accu capaciteit, dat is wel zo praktisch als je nog veel in het donker moet varen, licht moet voeren, en je niet weet of er zich een gelegenheid voordoet om de accu’s te laden. Op de rakken ruimer dan halve wind doet Ela niet zo haar best en vervang ik haar door de electrische stuurautomaat.
Ondertussen begint het te schemeren en wordt het tijd om het driekleurenlicht aan te zetten. Als ik weer in de kuip zit en naar boven kijk is het nog steeds donker in het topje van de mast. Ik weer naar binnen en de schakelaar een paar keer aan- en uitgezet, dit mag niet baten, het blijft donker. De binnenverlichting geprobeerd, die doet het wel. Multimeter opgezocht en accuspanning gemeten, 12.6 volt, oké. Schakelaar doorgemeten (wat niet mee valt, op een aan de wind stampend schip met hoofd vooruit de hondekooi in te kruipen), deze werkt goed. Het probleem kan nog in de stekker aan dek zitten, of verder in de mast. De mast kan ik alleen sowieso niet in en er komt teveel water over om de stekker aan dek door te meten, dat moet morgen dan maar.
Dit is even een tegenvaller. Vanochtend deed ie het nog. Ik besluit door te varen zonder licht en als ik andere schepen zie naderen dan doe ik de stoomlichten wel aan. Ik heb nog even geprobeerd om continu onder stoomlicht te varen. Dit was geen succes omdat ik enigszins wordt verblind. Het zicht vooruit wordt minder door de straling van de boordlichten die op de preekstoel gemonteerd zijn, hierdoor zie je de onverlichte boeien niet meer op tijd. Eveneens is het een aanslag op de accu’s, er branden dan 4 lampen in plaats van 1. Door de wind is de hemel schoongeblazen van wolken en het is vrij helder. Breezanddijk is niet te bezeilen, ik kan net Kornwerderzand halen. Dat is een tegenvaller, dit leed wordt enigszins verzacht door het plaatje rond om me heen. Ik vaar ter hoogte van Hindelopen en kan de “zwaai” van de vuurtorens van Texel, Vlieland en Terschelling zien, onder een heldere sterrenhemel.
22:13 Na een pittig aan de winds rak de foto van de SPORTB. Ik heb het wel een beetje gehad en vind het wel mooi geweest voor vandaag. 81 Mijl afgelegd van de 200, dat is weer te overzien, na de slechts 17 mijl van gisteren. Ik wend de steven richting het haventje van Breezanddijk. Hier ben ik nog nooit geweest, en er is weer die gezonde spanning van een nieuwe haven aanlopen in het donker. Als ik met m’n handschijnwerper het “haventje” rond schijn zie ik dat ik hier niet alleen ben, er liggen een stuk of 12 medestrijders en om 22:45 uur meer ik als 4e in de rij af langszij de “Razendebol”, een ½ ton’s Waarschip.
Na het logboek te hebben bijgewerkt is het tijd om de inwendige mens te verzorgen. Ik ga onder de bakboordsbank opzoek naar mevrouw Struik, die tref ik daar al zwemmend aan. Ik schrik er zelfs van hoeveel water daar staat en pieker me suf via welke weg dat daar kan zijn gekomen. Ik heb mijn Marieholm 26 nu voor het 3e seizoen en denk haar al aardig te kennen, maar dit water blijft voorlopig een raadsel.
Vrijdag 4 oktober 2002.
05:45 Gewekt door de concurrentie die willen gaan vertrekken. Dit is een goede stok achter de deur om ook weer op tijd te gaan varen.
07:20 SPORTB, de wind is west 4, voor vertrek de fok weer gewisseld voor de genua en onder genua en grootzeil op weg naar Urk.
De stekker van het driekleurenlicht aan dek plus de kabel in de mast doorgemeten, stekker is goed maar de kabel in de mast geeft een oneindige weerstand, daar zit dus ergens het probleem en daar ga ik alleen niet bij komen, einde verhaal wat het driekleuren licht betreft.
09:40 Rond het Vrouwenzand, van hier is het ruime wind richting Urk. Het waait nog steeds west 4 en er is nauwelijks een wolkje aan de lucht, strak blauw, vol op zon en een graad of 15, heerlijk zeilweer. Ik besluit de Spinnaker te zetten wat wederom flitsend gaat. Voordat ik aan de 200 myls begon was ik wat huiverig om solo zeilend te spinnakeren. Het zetten en strijken is voor één persoon een heel gedoe, maar als je alles goed voorbereid is het goed te doen.
10:00 Net een sociaal praatje gemaakt met de “Balder”, een Maxi 77, ik liep hem voorbij op praai afstand, hij was nog bezig zijn spi op te tuigen.
12:10 UK16. Het volgend waypoint is de V15, ten noorden van Medemblik. Dit gaat een pittig rak worden, recht in de wind die is toegenomen tot 5 à 6. Ik vaar onder grootzeil en genua en dat gaat super, net even meer power om door/over de golven te gaan dan gisteren onder grootzeil en fok. Ik weet al dat het een lang kruisrak gaat worden, maar het belangrijkste is dat ik de V15 nog bij daglicht bereik. De V15 is namelijk één van de twee onverlichte boeien, nou ja boei, stok op een drijvertje. Ik had al ../fotoos/foto2002/ gehoord en gelezen dat er in het verleden al meerdere deelnemers zijn geweest die deze boei in het donker niet hebben gevonden. En ook dit jaar waren er weer een paar.
Terwijl ik even binnen zit om een positie in de kaart te zetten en de tactiek in dit kruisrak te bepalen, over bakboord zeilend, windkracht 5 à 6, aan de wind stevig stampend, zie ik af en toe water uit de kraan komen. Het lijkt er op dat dit wordt veroorzaakt door de stampende beweging van de boot.
Aangezien ik zeilende altijd de afsluiter van de afvoer van het wasbakje dicht zet kan dit water niet weg met als gevolg dat de wasbak vol loopt en als de boot een haal maakt loopt dit water via het “aanrechtblad” naar bakboord waar het onder een plint verdwijnt en via de binnenkant van de romp in de kastjes onder de bank belandt. Gisteren in het donker viel dit natuurlijk niet op,……. Hoera !!!, bij deze het waterprobleem achterhaald. Helaas ook weer een punt op de altijd groeiende werkzaamhedenlijst, namelijk een kogelkraantje in de waterleiding plaatsen.
17:52 V15 “Ik ben helemaal blij” dit is de letterlijke tekst van mijn dictafoon. Bijna 6 uur hakken aan de wind op het IJsselmeer waar met het fotograferen van de V15 een einde aan komt. Op de finishboei na was dit de meest voldane foto. Op naar de VZ1, Stavoren, heerlijk ruime wind, een uurtje relaxen en even tijd om wat te eten.
19:07 VZ1, wind west/noordwest 5 à 6, op naar de VF4 bij Makkum, die ruim te bezeilen is. Tot nu toe gaf het varen in het donker geen moeilijkheden. Bij Makkum (VF4) is het wel flink oppassen, hier liggen namelijk een behoorlijk aantal boeien waarvan maar een klein deel verlicht is, de VF4 moet worden gevonden en af en toe komt er een groot schip uit de sluis van Kornwerderzand die je pas ziet als het de havenhoofden verlaat. Daar bij komt dat het nog steeds stevig waait en het ondertussen bewolkt is geworden, dus ook geen hulpverlichting in de vorm van de maan, maar echt donker. Ook moet er nog een herkenbare foto van de VF4 worden gemaakt zonder deze te raken. Ik krijg het dus weer druk.
21:35 VF4, hij staat er op. Na dit “getob” zie ik het niet zitten om met dit weer Hindelopen aan te lopen (volgend waypoint). Lager wal, een slecht verlichte smalle aanloop en een aanzienlijk aantal onverlichte tonnen weerhoud me hiervan. Ik ga rust pakken in de Verenigingshaven van Makkum.
22:15 Gemeerd, 143 mijl van de 200 mijl zijn al onder de kiel doorgespoeld. Wederom lig ik hier niet alleen. Ik spreek nog even met de schipper van de “Foetsie”, een Scampi 30. Hij vertelde dat hij vlak voor de haven een aanvaring met een onverlicht drijfbaken heeft gehad, gelukkig zonder al te veel schade.
Eenmaal gemeerd neem ik het er van, ik verwen mezelf met een warme douche, dit is de eerste gelegenheid hiervoor in drie dagen, en nodig ook.
Zaterdag 5 oktober 2002.
De wind is in de nacht nog wat toegenomen, er staat nu een dikke 6 uit het west/zuidwesten. Het lijkt me verstandig om de genua te vervangen voor de fok, dit doe ik dan ook voor vertrek.
06:06 Ontmeerd.
06:47 VF4, na enig gekloot in verband met lagerwal, wind, golven en duisternis, toch weer de VF4 weten te fotograferen. Onder fok en grootzeil gaat de “Tawhiri” als een speer en ik krijg het gevoel dat ik vandaag kan gaan finishen.
07:48 H2, 7 mijl afgelegd in 1 uur en 1 minuut, yeah, ik wist dat het hard ging maar een gemiddelde van bijna 7 knopen heb ik nog niet eerder meegemaakt. Op naar de EZ21, het laatste waypoint op het noordelijk deel van het IJsselmeer. Maar zover is het nog niet, eerst nog rond Stavoren. Dit is hoog aan de wind en het zal er omhangen of ik dat zonder overstag te moeten ga halen. Het weer wordt er niet beter op, het is stevig beginnen te regenen. Eén ding is echter wel leuk, het is net licht geworden en vlak achter me ligt de “Foetsie”. Ik geloof dat we elkaar qua snelheid niet veel ontlopen en het gaat weer echt een wedstrijd worden.
08:54 Met hangen en wurgen rond de havenhoofden van Stavoren gekomen. Dit stuk, van Hindelopen naar Stavoren, aan de wind aan lagerwal is een anti climax na de geweldige start van de dag. Nog steeds gaat het gelijk op met de “Foetsie”, hij is op het aan de windse rak iets ingelopen. We kunnen nu iets afvallen richting het Vrouwenzand. Mijn concurrent ligt zo’n 100 meter aan lij van me en ik kan hem dus goed in de gaten houden. Op een gegeven moment begint hij sterk af te vallen en is er niemand in de kuip te zien. De boot blijft maar afvallen totdat de wind van de andere kant in het grootzeil komt wat een rare klapgijp tot gevolg heeft. Ik blijf die boot voor de zekerheid in de gaten houden en zie de schipper uit de kajuit komen, overstag gaan en z’n oorspronlijke koers vervolgen. Hij steekt nog even z’n hand omhoog als bevestiging van alles oké. Na het Vrouwenzand kunnen we nog wat afvallen en gaat het iets ruimer dan halvewind richting Lelystad. Het waait nog steeds een stevige 6 uit west/zuidwestelijke richting met zo nu en dan een regenbui. Dit heeft windvlagen tot gevolg en in die vlagen begin ik me toch een beetje zorgen te maken of ik niet te veel zeil heb staan. De wijzer van het log bevindt zich continu in het gebied tussen de 6 en 9 knopen.
Onder deze omstandigheden doen zich ook een aantal praktische problemen voor. Probeer maar eens een kop koffie in te schenken, of te plassen in een kermisattractie. Met Ela op de helmstok houdt “Tawhiri” wel koers, maar de koffie blijft door het geslinger niet vrijwillig in de mok en het kost behoorlijk wat moeite om je evenwicht te bewaren, puts vast te houden en de inhoud van je blaas in de puts te doen belanden, ook nog gehinderd door een volledige zeiloutfit. Dit ging dus ook wel eens mis, maar daar zal ik niet verder over uitweiden. Ik vraag me af hoe de vrouwelijke schipper dit doet als het een man met hulpstuk al zoveel moeite kost. Halverwege het Vrouwenzand en de EZ21 liggen er zomaar 3 schepen ten anker, midden op het IJsselmeer! Ik begin me af te vragen wat daar aan de hand kan zijn tot het moment dat ik daar ook een wedstrijdboei zie liggen en aan mijn stuurboordzijde uit de regen een hele armada platbodems zie opdoemen, de Bolkoppenrace. Het is maar goed dat ik daar niet een kwartiertje later was, dan was ik namelijk midden in het veld terecht gekomen. Alhoewel ik over bakboord lig vraag ik me af of ik ook het recht van de weg zou hebben gekregen. Niet veel later ligt er een zeiljacht op tegenkoers die me wel heel bekend voorkomt, niet het schip maar wel het ontwerp. Het is een Marieholm 26 met zeilnummer 16, die onder fok en dubbel gereefd grootzeil aan de wind vaart. Altijd leuk om een “soortgenoot” tegen te komen ook al doet die niet mee aan de race.
11:52 EZ21, mijn directe concurrent was daar een paar minuten eerder, maar op handicap maak ik dat ruim goed. Wat een heerlijk rak. Nu op weg naar de sluis, het Markermeer op voor de laatste 28 mijl. Op weg naar de sluis zet ik het eerste rif in het grootzeil, dit lijkt me geen overbodige luxe voor het aan de windse rak richting de NEK boei bij Hoorn. In de sluis kom ik weer een deelnemer tegen, het is de “Tumlare”, een Freedom 35, wel een aparte verschijning, een tweemaster zonder voorzeilen maar met een soort windsurfgiek en zeilen. Hij vaart route 4 en moet na de sluis richting Pampus haven.
14:30 OVD3, ik start ongeveer gelijktijdig met de “Catootje”, een Winner 950, die de zuid in gaat en dus ook route 4 vaart. De wind is zuidwest 6 met zo af en toe een bui. De NEK is helaas niet te bezeilen. De foto van de OVD3 was een behoorlijke klus. Wederom aan lagerwal wat met deze wind weer een aanzienlijke golfhoogte oplevert, weer flink stampen. Het gaat zelfs zo te keer dat de fluitketel uit de borgklemmen van het kooktoesel vliegt en met inhoud en al door de kajuit gaat. Zo wordt het nog een grotere puinhoop dan dat het al was. In het weerbericht wordt gemeld dat de wind in de loop van de dag naar het noordwesten gaat ruimen. Dat doet hij ook, maar niet zomaar. Onder invloed van een grote bui neemt de wind eerst af tot 3 à 4. Na een half uur draait de wind 40 graden en neemt toe tot 5, waarna die inzakt tot kracht 2 als ik de NEK nader. Eerste rif er maar weer uit.
18:06 NEK gerond samen met de “Rapaz”, een Etap 26 en een niet te identificeren concurrent. De wind neemt weer toe tot een stevige 5 en nestelt zich eindelijk in het noordwesten, ruime wind richting Volendam.
19:17 GZ2, nog 11 mijl en 2 foto’s te gaan, op naar Pampus haven. Ter hoogte van het Paard van Marken wordt het voor de laatste keer deze race donker. Dit wordt in eerste instantie veroorzaakt doordat de avond valt, maar het wordt versneld door een dikke bui. De Rapaz zet onder spinnaker koers naar het Blocq van Kuffeler (route 4), ik wens hem er veel succes mee in het donker en de dreigende bui ik hoop voor hem dat er niet teveel wind uit komt. Ondanks dat het regent en donker is geworden is m’n stemming super. Ik weet dat ik binnen 2 uur ga finishen.
20:19 PH, het laatste rak naar Muiden is ingezet, nog 5 mijl te gaan. De laatste foto zal niet eenvoudig worden. De M1 is namelijk de tweede onverlichte boei. Voor Muiden liggen 4 onverlichte boeien en wederom is het bewolkt, dus goed donker, ik hoop dat ik niets ga raken. Ondanks het getuur in het donker en af en toe een flits met de handschijnwerper, schrik ik me rot als er op een paar meter aan bakboord de M2 voorbij schuift. Het heeft echter ook een voordeel, ik weet waar ik ben, ik lig op koers en nog zo’n 200 meter te gaan. Met de schijnwerper speur ik de duisternis voor me af, volgens het gevoel moet de M1 in het zicht komen en heb ik al lang 200 meter afgelegt, maar die boei komt maar niet, totdat ik hem recht voor de boeg in de schijnwerper vang en zie dat ik er nog 50 meter van verwijderd ben. Voor de laatste keer cameracheck, doordraaien, flits aan en ….. klik.
21:07 M1, wat een voldaan gevoel, mijn eerste 200 myls zit erop. Deze 200 wedstrijd mijlen leverde als gevolg van kruisen op niet te bezeilen rakken, sluizen en havens aanlopen, 240 mijl op het log op. Na het controleren van de logboeken, het ontwikkelen van de wegwerpcamara’s en het toepassen van de SW factoren ben ik 36e geworden in de einduitslag. Ik vond het een geweldige ervaring om de 200 myls te zeilen, organisatie bedankt, volgend jaar ben ik er weer bij.
Hinse Koning,
S/Y “Tawhiri”.
Balk
door : Jeroen Groenendijk, “Swan of Tuonela”
Het is woensdag 2 oktober 2002.
Terwijl ik me afvraag waarom zoveel andere deelnemers na de GZ-2, bij de ingang van de Gouwzee, voor anker gaan, maak ik mijn eerste en grootste strategische fout van deze wedstrijd. De oostenwind is zwak en haalt nauwelijks de twee Beaufort, maar ondanks die geringe wind zit er nog net voortgang in de boot. Ik zeil dus door, halfwinds onder spinnaker naar de NEK-boei bij Hoorn en vervolgens met een lang aandewinds rak naar Lelystad, waar ik halverwege de avond in het duister arriveer. Pas later, in een helder moment, daagt het besef: de rest wacht op meer wind, haalt daardoor een hogere gemiddelde snelheid, en zal dus hoger op rating eindigen dan ik. OK; het leven is één leerproces.
Terwijl heel de Leidse regio zich in de draaimolens en de suikerspinnen werpt doe ik mee aan de Tweehonderd Mijls Solo, een zeilwedstrijd waarvan de naam al voldoende zegt. Tweehonderd mijl zeilen in je eentje, via een route die naar keuze over het IJsselmeer, IJsselmeer en Wad, of IJsselmeer, Wad en Noordzee loopt. Iedere route ligt tevoren vast, en je krijgt een wegwerp-camera mee om de geronde boeien vast te leggen – als bewijsmateriaal achteraf. Je hebt vier en een halve dag de tijd. In totaal moet minimaal 27 uur rust worden genomen; sluis- en brugpassagetijden en de vaartijd tussen boei en ligplaats gelden ook als rusttijd. Het is een eenvoudige formule die aanslaat. De race kent een gestaag groeiend aantal deelnemers.
Ditmaal verzamelen zich zo’n zestig schepen voor de start in Muiden – drie jaar geleden was dat nog de helft. Het varieert van relatief kleine maar degelijke toerschepen als een 26-voets Wibo uit 1972, tot een gracieuze Koopmans van 12 meter en een hitsige IMX-38. De opvarenden verschillen al evenzeer als de schepen: van baardige scheepsbonken met pijp tot nerveuze epoxyfanaten, en zelfs een elegante Zeeuwse schone die haar “mannetje” staat. Het is overigens voor het eerst dat een vrouwelijke deelnemer zich heeft aangemeld. . Van onze vereniging neemt ook Wim Schreurs met zijn “Mon Ami” weer deel. Jammer genoeg komt hij nèt voor de finish nog onzacht in aanraking met de PH-boei voor Pampushaven. Het is gewoon pech, en het kan de beste overkomen. Kop op, Wim!
De eerste dag heeft een hoog gin-palace-gehalte: een vriendelijk zonnetje, een vlak Markermeer en zoals gezegd weinig wind.
Voor alle deelnemers loopt het begin van de tocht van Muiden via het Paard naar de ingang van de Gouwzee, dan de NEK-boei en door naar Lelystad. Daar maak je effectief pas de keus voor de route die je verder wilt zeilen. Omdat de windverwachting ook voor de volgende dag gering is, wagen de meeste deelnemers zich niet aan de routes over stromend water. Bij Beaufort-2 maak je tegen het tij immers absoluut geen voortgang met een relatief zwaar schip – zoals de “Swan of Tuonela” bijvoorbeeld. Later blijkt de wind nog alleszins mee te vallen, en uiteindelijk zijn degenen die wel over zee of het Wad zijn gegaan vooraan in het veld te vinden (dat zijn niet toevallig ook de lichtere en snellere schepen). In het donker laat ik na de sluis bij Lelystad tegen de dijk het anker vallen, om de volgende ochtend vroeg wakker te worden in de mist.
Er is weinig wind. In de loop van de dag wordt het zicht beter en neemt de wind toe tot een mooie westnoordwestelijke Beaufort 4-5. Het wordt buiig weer en af en toe valt wat regen. Maar het is ruim genieten. Ik maak een pannetje soep en eet er het restant pasta bij, probeer het logboek nauwgezet bij te houden. Het aardige van solozeilen is, dat je overal zelf verantwoordelijk voor bent – van de navigatie en de zeilvoering tot het maken van een maaltijd en de communicatie. Elke beslissing ligt helemaal bij jezelf.
Echt moeilijk is het niet; met enkele basisvoorzieningen kom je een heel eind. Lastig is soms het aanleggen in sluizen of havens en de spinnaker-handling – vooral als het stevig waait. Het is een kwestie van zo goed mogelijk voorbereiden en vooruitdenken bij alle handelingen die zich aandienen. “Prepare for the worst, expect the best”, zeggen de Engelsen.
Lelystad, Medemblik, Urk, Vrouwenzand, Stavoren – het gaat kris-kras het IJsselmeer over en het loopt lekker. De Navik stuurt de boot, het is bewolkt en prima zeilweer. De deelnemers die elkaar soms tegenkomen begroeten elkaar uitbundig zwaaiend. Ze zijn allen herkenbaar aan de “1”-wimpel in het achterstag – officieus signaal dat het gaat om een solozeiler. De mijlen stapelen zich geduldig op.
Gelukkig kan ik de exuberante betonning van het Vrouwenzand nog net ronden bij het laatste stukje licht. De zon verdwijnt met veel lawaai van oranje, geel en rood bij Medemblik achter de kim. Wanneer ik daarna in het duister noordwaarts ga, schiet het voorlijk van de genua uit het rolfokprofiel. Mijn eigen stommiteit – het profiel is al lang aan vervanging toe maar ja… één van de klusjes die al te lang op het lijstje staan. Zonder voorlijk maak ik onvoldoende hoogte voor het aandewindse rak naar Breezanddijk, en ik besluit daarom in Stavoren binnen te lopen voor reparatie, en daar maar gelijk mijn rustperiode te nemen. Ik ben niet bekend met de zuidelijke haven en verlies bij de aanloop het zicht op de havenhoofden tegen de achtergrond van de honderden lichtjes op de wal. Als ik dicht bij de ingang ook nog bijna in de netten verstrikt raak is mijn humeur tot een nederig niveau gedaald. Dat wordt er niet beter op als ik, in de inmiddels stevige wind, op zoek ga naar het steigertje dat op de kaart staat aangegeven. Midden in de havenkom ligt een onverlicht schip voor anker, dat de doorgang flink belemmert. En iets verder blijken allerlei onverlichte palen in het vaarwater te staan. Na veel rondjes draaien en gehannes met de schijnwerper vind ik de ligplaats en kan ik de boot weer ship-shape maken.
De volgende ochtend, tegen de schemering, vaar ik weer weg en constateer dat ik veel meer manoeuvreerruimte had dan ik dacht. Weer wat geleerd. De zon komt met evenveel geweld op als-ie de avond daarvoor was ondergegaan.
Bij Breezanddijk trekt vanaf het Wad een enorme bui over – zo’n laaghangende wolk die zich als een loodgrijze deken langzaam over je heen spreidt. Net na het ronden van de boei valt de wind eerst helemaal weg, om even later met een vlaag uit een 90° andere richting terug te komen. De spi, die ik net gezet heb, draait zich met nog veel meer graden om het voorstag. Gelukkig krijg ik hem weer los, en daarna gaat het met een bakstagwind kracht 5 zuidwaarts. Onderweg grote groepen aalscholvers, die zo laag vliegen dat het lijkt of de horizon beweegt. Bij het Vrouwenzand moet ik gijpen en opsteken richting Lemmer. Vanwege de golfslag kan ik de manoeuvre niet goed voorbereiden, en de gijp gaat jammerlijk de mist in. Alle lijnen zijn verward, de spi zit in de knoop en trekt de boot halfwinds scheef, de Navik heeft er op deze koers al he-le-máál geen zin in, en juist hier en nu lijkt zich de halve scheepvaart van het IJsselmeer te verzamelen. Het publiek kijkt ongetwijfeld meewarig toe. Bij het strijken belandt de spi in het water en liggen we stil als een huis. Omdat de wind toch ook noordelijker blijkt in te vallen dan ik dacht gaan we verder op genua en grootzeil en maken alsnog een heel acceptabele knoop of zes.
Van Lemmer door naar Enkhuizen – ook bezeild – en daarna aandewinds weer naar het noorden om de boei bij Hindeloopen te ronden. Ik kom de andere Contessa 32 tegen, de “Wandering Moon” van Jacqueline van Amstel. Zij ligt op ongeveer twee uur achter mij omdat zij tijdens de windstilte, gisteren, heeft afgewacht. Heeft daardoor wel een hogere gemiddelde snelheid – zoiets blijft natuurlijk knagen.
Na Hindeloopen valt het donker weer in, en pal voor de wind zeil ik het lange rak naar Lelystad. Het zicht is goed en boven mij ontvouwt zich zelfs een sprankelende sterrenhemel. In de verte zie ik de horizon oplichten boven Lemmer, Enkhuizen en Stavoren. Het is een fantastisch gezicht. In de verte wenkt de vuurtoren van Urk. De boeien zijn goed te zien, net als meer naar het zuiden de twee enorme schoorstenen van de centrale bij Lelystad – bijna mooi van lelijkheid. Af en toe kruist een ander schip mijn koers; ik kan niet zien of het een deelnemer is. Het is knap lastig in het donker de verplichte boeien te fotograferen. De wegwerp-camera heeft een flitsbereik van vier meter, en dat is verrassend weinig op een hobbelend schip met de helmstok tussen je knieën en één hand om je camera vast te houden.
Tegen middernacht maak ik vast in de jachthaven ten noorden van de sluis. Ik ben bekaf.
Bijtijds de volgende ochtend vaar ik tegelijk met een andere deelnemer de haven uit. De wind is toegenomen tot een WSW-5/6 en het zicht is beroerd. In de sluis worden we gemaand snel door te varen tot helemaal vooraan; de brug die over de sluiskolk ligt staat al open. Een visserschip volgt ons op maar een paar meter afstand. Na de sluis zetten we zeil in het vlakke water achter het dijkje, om daarna flink stampend naar buiten te gaan.
Er volgt een lang kruisrak, de trechter in richting Pampushaven. Het zijn lange slagen langs de Oostvaardersdijk en korte naar het westnoordwesten. Op de dijk trekken de auto’s lange waaiers stuifwater achter zich aan. Gelukkig kan ik – zeker aandewinds – het sturen prima overlaten aan de Navik. Regenbuien trekken als gordijnen over. Na de PH-boei volgt een lang halfwinds rak langs het Paard naar de NEK-boei. Boterhammen en gebakken eieren, een pak melk erbij. Het is zaterdagochtend en er is nog aardig wat scheepvaart. Van de andere deelnemers zie ik niemand meer. In de buien is de NEK-boei niet te vinden. De GPS meldt stellig dat hij op een halve mijl moet liggen. Mijn verrekijker wordt voortdurend nat en biedt geen soelaas. Maar zoals gebruikelijk valt het oog ook nu pas op de boei als je er vlak náást kijkt. Vlak voor het ronden neemt de wind verder toe. Ik zet een rif, dat er een uur later weer uit kan. Het houdt je aardig van de straat, dit gedoe.
Na wederom de Gouwzee-boei, de Blocq van Kuffeler- en de Pampushaven-boei te hebben gerond ben ik eind van de zaterdagmiddag, tegen half zes, bij Muiden. Als bewijs van de finish fotografeer ik de aanloopboei, de M-1, en strijk de zeilen.
Na het logboek en de camera te hebben ingeleverd bij de organisatie maak ik de boot in orde. Ik blijk als negende binnen te zijn. Uiteindelijk halen 43 van de 60 starters reglementair de finish. Mijn plaats op SW-rating, die een paar dagen later volgt, is tamelijk ontnuchterend: een 33e. Een schrale troost is dat de IMX-38 op rating nog tien plaatsen lager staat…
Gekheid natuurlijk. De Tweehonderd Mijls zeil je niet voor de knikkers maar voor het spel. Het geeft je de motivatie het water op te gaan als je dat normaal misschien niet zou doen, en te zien hoe je schip en jijzelf het er vanaf brengen als er eens wat andere eisen worden gesteld. En laten we wel zijn: solozeilen doe je niet in de eerste plaats voor de gezelligheid – al heerst er voor de start en na de finish een heel bijzondere sfeer van saamhorigheid. De uitdaging zit ‘m in het feit dat je er gewoon helemaal alléén voorstaat. Zo af en toe is dat best leuk. Als het fout gaat valt niemand anders iets te verwijten, als het goed gaat mag je daarvoor ook alle credits nemen. En verder is het gewoon een kwestie van simpelweg genieten – en daar gaat het natuurlijk om.
Jeroen Groenendijk,
S/Y Swan of Tuonela
Waterwederwaardigheden
Hans Pietersma strijdt met de elementenWie via de e-mail aankondigt dat hij meedoet aan een grote zeilwedstrijd vraagt erom dat we dan ook willen weten hoe het hem vergaan is. Hans Pietersma deed mee aan de 200 myls race en bracht het tot de vijftiende van de zestig deelnemers. De 200 myls is een solo zeilrace, je zeilt dus alleen. Als schipper heb je keuze uit vier routes, twee blijven op het Marker- en IJsselmeer en twee routes gaan ook nog over het Wad en Noordzee. De routes lopen langs een aantal tonnen, die tonnen moet je fotograferen en tevens de tijd noteren. De foto’s de tijdnotering en je logboek vormen het bewijs dat je de route ook werkelijk gevaren hebt. Even voor het beeld, 200 zeemijl is gelijk aan de afstand retourtje Nederland – Engeland over de Noordzee. |
Twee oktober om 9.55 uur fotografeer ik deeerste ton, de M1 en daarmee start mijn race. Je mocht tot 10 uur starten, en ik heb zo lang mogelijk gewacht in de hoop dat het zou gaan waaien. De eerste 10 mijl voert naar Volen- dam langs het paard van Marken, de meest gefotografeerde vuurtoren van de wereld. Mijn boot heeft er ruim een uur stil gelegen, het waaide absoluut niet en ik heb hem heel goed kunnen bekijken. Na vijf en een half uur “varen” ben ik bij Volendam voor anker gegaan, om een aantal verplichte rusturen op te nemen. Hoog aan de wind De donderdag start ik vroeg, ik wil de route |
het getij s’avonds in Harlingen zijn. Gelukkig waait het een windkracht 4 en vaar ik s’avonds om 8 uur in het donker het Wad op voor de laatste 5 mijlen tot Harlingen. Ondertussen waait het 5 beaufort, hoog aan de wind varend in het donker tussen deels onverlichte tonnen is mijn hartslag hoger dan normaal. Later blijkt dat ik iets geraakt heb, bij de boeg heb ik lakschade en een deuk ter grootte van een A4tje. Er ligt nu ergens een ton met een deuk of er zwemt een zeehond rond met hoofdpijn. De vrijdag vroeg gestart in verband met het getij, ik heb berekend dat ik met afgaand water de stroom mee moet hebben tot voorbij Vlieland. Ongeveer tussen Vlieland en Texel op de Noordzee zal het tij kenteren, en moet ik met opkomend water het Wad weer opspoelen tot Den Oever. Het komt allemaal uit, alleen de wind is hard ca. 5 á 6 beaufort en moet ik boven Vlieland in 3 meter hoge golven de Noordzee opkruisen. Hierna gaat het geweldig met ruime wind helemaal tot Den Oever.Snacken en plassen Vervelend is alleen dat ik de boot |
Opnieuw in het donker vaar ik het IJselmeer op en loop om drie uur s’nachts Medemblik binnen. In de nacht zeilen blijft een hele aparte ervaring. Zonder maan en omgevingslicht zie je de hele melkweg. Ik zag zelfs een komeet in een rechte lijn tot op het water, het licht verlichtte de zeilen van de boot.Hondsmoe Na slecht en kort geslapen te Resultaat : hondsmoe, alle eelt Volgend jaar bij de eerste Intercom – Veenendaal, |
|
|
|
|
de Uitkijk – Nieuwskrant van de Waterkampioen – 25 oktober 2002 Dik Geurts wint 200 mijls solotocht
| Van de 62 gestarte schepen in de 200 myls ‘SOLO’ kwamen er 45 reglementair over de finish. Jan Kees Corts uit Huizen met zijn Jean Dix (First 305) eindig- de in het eindklassement als tweede. en Albert Broshuis werd met de Scheerling (Winner 950) derde. Evenals Dik Geurts voer Broshuis een zeer tacti- sche race in een route buiten- om via IJmuiden en Den Oever. Het was alweer de zevende keer dat de wedstrijd voor solo- zeilers over 200 mijl op het IJsselmeer en de Waddenzee plaatsvond. Er waren dit jaar weer vier routes waaruit de zeiler kon kiezen. Enkele maanden voor de race had organisator Jan Luyendijk een |
oproep aan vrouwen gedaan om zich als soloschipper in te schrijven. Daarop reageerde Jeaqueline van Amstel uit Dintelsas die de tocht met een Contessa 32 maakte. Zij werd voor haar drieentwintigste plaats beloond met een specia- le damesbeker. Op donderdag voer Ruud Kapteyn uit Muiden met zijn jacht Mango (IMX-38) na twee dagen zeilen aan kop. Hij lag met 130 mijl al op twee- derde van de race en verwees de snelste zeiler van de eerste dag, Henk Steltenpool met zijn Little One (First 305) uit Spakenburg, naar de tweede plaats. Donderdagnacht staak- te vijf zeilers de wedstrijd, waardoor er nog 57 zeilers op het water waren. Elke solo- |
schippers kreeg een wegwerpca- mera mee om geronde boeien of andere merktekens te foto- graferen en moest een logboek bijhouden. Iedereen kreeg 27 rusturen waarbij het verplicht was om minstens 3 keer zes uur achtereen te slapen. De tocht kent geen enkele beper- king met betrekking tot de zeilvoering, navigatieappara- tuur, stuurautomaten of ande- re hulpmiddelen. De einduit- slag wordt berekend aan de hand van de SW-handicapfor- mule. De line honours waren voor Ruud Kapteyn (die in het klassement plaats 38 noteerde door zijn hoge handicap). Vrij- dagavond 4 oktober kwam hij om 21:44 uur met zijn IMX-38 als eerste zeiler over de finish- |
| lijn bij de M 1-boei voor de kust van Muiden. De meeste zeilers druppelden in de loop van de zaterdag binnen. Jan Kees Corts arriveerde om 9:36 uur. Organisator Luyendijk finishte met zijn Tam Tam (Sun Light 30) om 22:30 uur en kwam uit op plaats 12. De winnaar van vorig jaar Bart Boosman kwam zondag om 10:57 uur aan en steeg naar een zevende plaats in het klassement. Door de elke dag steeds meer oplopende wind en niet goed werkende stuurautomaten kende de race dit jaar in totaal zeventien uitvallers.(Icif Coelingh) |
Van 0 tot 7 B04
![]() |
Verslag van de 200 mijls Solo wedstrijd van 2 t/m 6 oktober:Route : 4 / Scrip : “True Blue” en Jaguar 22 / Schipper : Barend Peters Start : woensdag 2 oktober, Finish uiterlijk zondag 6 oktober 12:00 |
Een paar dagen voor de 200 mijls wedstrijd ga ik naar mijn boot om alles nog even op te ruimen, accu’s te laden en nog een paar dingen aan het tuig te doen. O.a. plaats ik een achterstagspanner om tijdens het zeilen me mast toch wat makkekijker te kunnen kromtrekken. Kan handig zijn als het per ongeluk wat meer zou gaan waaien. Gezien het hele grote hogedrukgebied wat er nu boven Europa hangt is het niet te verwachten. Maar ja, je weet het ‘tuurlijk nooit met het Nederlandse weer. OK, het schip is opgeruimd, schoonschip gemaakt en alles wat ik niet nodig zal hebben is goed opgeborgen of vastgezet en voor de rest werkt alles zo te zien. Hoef alleen nog maar boodschappen te doen en die op te ruimen en ben dan klaar. Een keer niet eens alles op het allerlaatste moment!
Dinsdag 1 oktober 2002
S’ middag ga ik nog even shoppen bij AH en op m’n gemak naar Muiden. Het is mooi weer en weinig wind. Heb geen zin om de zeilen te hijsen en laat ze netjes ingepakt zitten. In Muiden staat Jan Luyendijk, de organisator van de wedstrijd op de steiger een plaatsje aan te wijzen. Ga langszij Arie Petrus z’n boot liggen die ik nog van vorig jaar herkende. Het is passen en meten om iedereen een plekje te geven maar het lukt toch allemaal. Een drukte op de steiger van mensen die elkaar blijkbaar goed kennen. Even later bestuiten we met enkele andere zeilers om bij Graaf Floris te gaan eten. Er zit al een grote groep aan een lange tafel en hebben gelukkig nog een paar plekken over. Gezellig en lekker eten met natuurlijk het gebruikelijke praatonderwerp, zeilen en boot. Tegen achten gaan we gezamenlijk naar Ome Ko waar het gebruikelijke palaver zal plaats vinden. Uitleg en bijzonderheden van de wedstrijd en de uitreiking van logboek, de pet en de Kodakfotocamera. Koffie en gebak van het 200 mijls “huis” is mede de bijdragen van sponsors weer prima geregeld. Nog even bijpraten met oude bekende w.o. mijn zeilmaatje van vorig jaar, Iddo en enkele zeilers die ook uit Naarden komen en die ik herken van de woensdagavond wedstrijden. S´avonds na het palaver ben ik gaan slapen om voldoende uit te rusten
Woensdag 2 oktober 2002 te Muiden: Schip in het weiland?
S‘morgens werd ik wakker en blijkt mijn boot in het weiland tussen de bomen achter de dijk te liggen! Hoe kan dit nu, ik heb toch de hele nacht aan boord geslapen en er helemaal niets van gemerkt. Toen ik van boord stapte stond ik helemaal verbaasd in het gras. Wat was dit een geintje van de wedstrijdleiding? Kon de humor er niet van inzien, ik was hier om een zeilwedstrijdje te varen, ver. . . . . . brr!ç!&”èbr@@è’(éé@é‘à§à(@§”é&§.. Piep piep piep piep piep Piep piep piep piep piep piep; het wekkertje van mijn mobiel wekt me. Verbaasd word ik wakker en sta op. Gelukkig voel ik mijn boot bewegen en ligt gelukkig gewoon in het water. Wat een rara droom, zou deze een betekenis hebben en wat zou de boodschap zijn? Terug naar de orde van de dag. Mijn hoofd boven het luik uitstekend blijkt er helemaal geen wind te zijn. Buren besluiten al om nog niet te vetrekken. Enkele vroege starters zijn teruggekomen. Na de broodnodige koffie besluit ik dan toch maar zeilklaar te maken en rond 9 te vertrekken. Tijdens het naar buiten varen een harde gil van mijn BB kant en het blijkt Iddo Schenk te zijn. Iddo is mijn zeilmaatje van vorig jaar die toen ook met een Jaguar 22 de 200 mijls voer. Hij lag met zijn nieuwe boot ( een Contest 30 ) bij de Koninklijke te liggen. Schiet even langszij om zijn schip te bewonderen en te feliciteren met zijn nieuwe aanwinst. Na een kort praatje ga ik richting de startboei M1. Het waait iets maar houd niet over, de wind in SE kracht 2. Om 09:20 maak ik een foto van de M1 boei en dan is mijn wedstrijd begonnen. Bijna 95 procent van het veld vaart net als ik met een spi. Een leuk gezicht en waag er een paar foto’s. Tussen het Paard van Marken en de GZ2 boei valt de wind helemaal weg en zie meerdere solozeilers nabij de GZ2 ten anker gaan. Ook besef ik dat doorgaan een negatieve invloed heeft op de wedstrijdtijd. Een voordeel is dat ik met deze “op de windwachtperiode” ik/we de in de wedstrijdbepalingen opgenomen verplichte ankerperiode al hebben gehad. Tegen 20:00 gaan enkele na 6 uur ten anker te hebben gelegen varen maar er staat nog steeds (te?) weinig wind. Wat is wijsheid??? Gaan varen of niet? Uiteindelijk besluit ik het nog af te wachten en later in de avond/nacht te kijken of er meer wind zou komen. Later besefte ik dat dit een foute beslissing zou zijn. Want heb nog maar 10 mijl gevaren en al 23 uur onderweg. Gedurende de nacht heb ik meerdere keren de wekker gezet om even het weer te checken. Elke keer als ik uit het luik kijk nog steeds bijna geen wind.
Donderdag 3 oktober:
In de ochtend rond 08:15 als ik zeker 4 a 5 keer wakker ben geweest zie ik dat iedereen al weg is. Ik heb me verslapen dus en ga als een gek het anker lichten en de spi hijsen en snel richting de Nek boei die ik rond 10:35 ( 17 mijl gevaren) en ga richting Lelystad. De wind is nu WSW 3. Onderweg naar Lelystad moest ik gaan nadenken over de route die ik zou gaan volgen. Voor het begin van de wedstrijd had ik rekening gehouden om via IJmuiden buitenom te gaan. Deze route 3tijdens een rondje Noord Holland meerdere malen gevaren ook solo zelfs. Daar IJmuiden mijn thuiswater is het geen probleem dit zelfs s’nachts te doen. Maar met de windstilteperiode bij Volendam heeft zoveel tijd gekost dat de optie via IJmuiden niet meer interessant is. De wind gaat al van SW naar NW draaien en toenemen. Zou nooit meer op een gunstig tijdstip qua stroom betreft in IJmuiden zijn en daar wachten op de stroom mee heb ik geen tijd meer voor. OK, dan maar een IJsselmeer route. Gezien de Noordelijke wind die verwacht kies ik voor route 4. Deze heeft een rak richting Lemmer wat dan gunstiger wou zijn met de N op NW wind. Baan 3 heeft is m.i. meer kruisrakken. Om 13:06 passeer ik de OVD3 boei ( 28 mijl gevaren) en neem de beslissing om naar het IJsselmeer te gaan.
Ga nu richting sluis en ga langszij een medesolozeiler liggen, de “Indra” een stoer stalen 11mtr. van Wiele schip. Na een snelle schutting gaan we beide op de motor richting de EZ27 waar de wedstrijd weer begint om 15:27. De wind is NWtelijk wat een lang kruisrak zou worden richting de V15 nabij Medemblik. Het is wel redelijk rustig zeilen wen kan dus nog varend koken. Tgv de lange anker periode bij Volendam moest ik wat tijd inhalen en zeker vanavond lang doorvaren. Wind is inmiddels NW 4/5 en bewolkt met af en toe een bui. Om 21:08 fotografeer ik de V15 ( 45 mijl gevaren) en noteer de tijd. Ga op weg naar de UK16 nabij Urk wat dus een voordewinds rak is. Gezien de windkracht en de duisternis besluit ik maar geen spi te zetten en vaar met de genua uitgeboomd. Heb nog niet zo heel veel meer wind spi-ervaring dus neem maar geen risico maar de snelheid is goed. Mooi zeilweer in een donkere nacht, laat de automaat soms sturen en schijf het logboek bij. Nog een beetje bellen met vrienden en het thuisfront en ‘tuurlijk niet vergeten de tijden aan het regattabureau door te geven. Besef dat ik pas laat in Urk zal zijn en is het dan nog de moeite om even te rusten in Urk? Het duurt zeker een uur na de UK16 voordat ik in Urk vast lig en uiteindelijk in bed. Dus 4 uur slapen en dan weer vroeg op? Als avondmens na 4 uur opstaan en weer voor dag en dauw vertrekken lukt me nooit. Nachtje doorvaren naar de Breezanddijk en daar ff slapen?
Vrijdag 4 oktober:
Om 01:24 passeer ik de UK16 ( 63 mijl gevaren), wind nog steeds NW 4/5 en stuur de True Blue richting Sport B nabij Breezanddijk. Gezien mijn onregelmatige werktijden ben ik ook wel gewend om een nachtje door te staan. Bij Breezanddijk kan ik altijd nog een paar uur slapen. Richting de Spoort B boei is het een aan de winds rak en maar eerst een lange slag richting de Rotterdamse hoek en dan een kortere slag tot aan de Enkhuizerzand boeienroute. Het gaat goed en de snelheid aan de wind is niet verkeerd, ong. 5 knopen. S’morgens dwars van Stavoren krijg ik toch wel slaap en ga een beetje dommelen in de kuip terwijl de automaat aanstaat, met een stootwil als kussen. Volgens het GPS schermpje zouden er voorlopig geen boeien komen. Dus die gok maar wagen;-0..
Na 2 uurtjes “rust” voel ik me weer fit en heb eigenlijk niet eens behoefte om bij Breezanddijk te gaan slapen. Om 10:03 keer ik de boeg bij de Sport B boei ( pas 88 mijl gevaren) ga weer richting LC9 wat de volgende boei is. Wind bij Breezanddijk is NW 4 en het is mooi zonnig zeilweer met hoge stapelwolken aan de horizon. Besluit even later toch om de spi te hijsen. Let even niet op en de spi-val schiet los en de mast in, shit… shit… straks weer de mast strijken. OK, de fokkeval heb ik nog. Ze in de verte ook een collega-zeiler met zijn spi klungelen want het duurt wel heel erg lang daar op het voordek. Nadeel van solozeilen dus. Dwars van Stavoren trekt de wind aan naar NW 5 en is mijn spi eigelijk te veel. Een paar keer oploeven met water in de kuip omdat ik d’r niet meer kan houden is het gevolg. Noemen ze dit nu een Chinese gijp? Ga de spi binnenhalen en hijs de genua. Een rif is nog niet nodig op het volgende rak. Om 12:37 passeer ik de LC9. Bij deze boei heb 100 mijl gevaren en dus precies halverwege de wedstrijd berekend volgens de wedstrijd baan, de log geeft 133 mijl aan. Het rak naar de SB 10 boei is een mooie ruime koers en ga als een speer, een dikke 6,5 – 7 knoop gaaf zeilweer “Cool-vet” als ik mijn dochters taal gebruik. Door het vlakke onderwaterschip van mijn boot is ze op deze ruime en voor de windse rakken wel snel. Op de aan de windse rakken lever ik daar weer dik op in ;-((… Haal zelfs enkele andere grotere schepen wat wel leuk is. Na 14:32 als de SB10 gefotografeerd ( 109 mijl gevaren) en gerond is ga ik even bijliggen een rif zetten met deze aantrekkende wind. Het wordt een aan de winds rak richting de EZ1KG2 ( 120 mijl gevaren) bij Enkhuizen. Strak aan de wind zeilend kom ik daar precies uit om 16:49. Wind nog steeds NW 5. Zet nu koers naar de H2W1 ( 134 mijl gevaren) bij Hindelopen wat weer strak aan de wind zeilen naar Stavoren en dan iets ruimer naar Hindelopen. Kom de Contessa 32 met de mooie naam “Wandering Moon” van Jacqueline van Amstel nog tegen, onze enigste vrouw in het wedstrijdveld Besluit eigenlijk om in Hindelopen te gaan rusten maar luister het weerbericht op VHF kanaal 83 om 19:05 en hoor de voorspelling voor de volgende dag; NW 7!!. He, balen want heb niet zo’n zin in een lagerwal met NW7. Doorzeilen naar Lelystad heb ik eigelijk niet zo’n zin meer ik maar er is eigelijk geen optie over als Hindelopen afvalt. Wordt wel weer nachtwerk dus. Passeer om 19:33 de H2 en ga direct de zuid in en bij de Trintelhavendroogte draai ik de kiel omhoog en ga er maar gewoon overheen. Dit scheelt weer iets tijd.
Zaterdag 5 oktober
Het is een donkere nacht, zware bewolking maar lekker zeilweer als ik de EZ27 om 00:27 ( 158 mijl gevaren) fotografeer en log. Vermoeidheid valt mee ondanks dat ik een nacht heb gemist maar een goede nachtrust zou wel wenselijk zijn al is dit nog zwak uitgedrukt. Zeil snel richting Houtribsluis en wil eigelijk aan de zuidkant van de sluis gaan slapen. S’nachts schutten gaat snel dacht ik nog… Fout, fout, fout dus. Roep ze even op over de VHF maar krijg geen antwoord. De westelijke kolk staat open en vaar de sluis binnen en een paar minuten later gaat de deur achter me dicht. Ga even binnen opruimen, m’n verstopte toiletje even openmaken en klaren. Na een 30 – 40 minuten is er nog geen beweging in de brug of sluisdeur. Roep de Houtrib op CH 20 en krijg een chagrijnig antwoord van ze “Wie zit er met de marifoon te spelen”. Ben een beetje pissig om deze opmerking daar ik in mijn dagelijkse werkzaamheden al ruim 20 jaar de VHF gebruik en zou dan niet fatsoenlijk kunnen aanroepen??? Vaak maak ik mee dat ik als jachtschipper aanroep en de sluis of brugmensen en zeggen ze; “we zien u niet, waar zit u dan? Ohhh, u bent een jacht!” Ze moeten me nog schutten en vraag vriendelijk of ze nog “ergens op wachten” omdat het zolang duurt. Verbaast zeggen ze me niet te zien, terwijl overal camera’s hangen. Geïrriteerd en kortaf geef ik antwoord dat ik al meer dan een half uur in de westelijke kolk lig en graag verder de zuid in wil. De sluiswachters hebben geen zin om te schutten midden in de nacht, dat is wel duidelijk. Denk even om as maandag even met hun leidinggevende te bellen over deze manier van werken. Doorgaans hebben deze mensen min of meer een hekel aan jachten weet ik uit ervaring van mijn eigen werkomgeving in IJmuiden. Dit is niet klantvriendelijk werken zo. Later in de week vergeet ik om over deze klacht te bellen en vergeet het voorval maar. Na de “snelle“ schutting (45 minuten ;-) ga ik naar de passantensteiger waar meerdere solozeilers liggen en zet om 02:15 de motor af. Ben wel moei maar voldaan duik ik snel m’n kooi in voor m’n verdiende nachtrust. Volgende ochtend slaap ik redelijk languit omdat ik niet zo’n ochtendmens ben en sta om 11:00 pas op. Na de koffie en het ontbijt even een babbeltje met medesolozeilers die er ook nog liggen leg ik een rif in het grootzeil. Ga even wat kopen bij de bootwinkel en vertrek rond 13:30 richting de OVD3 boei. Wind is WSW 4/5 en zal later NW 5/6 worden volgens de voorspelling. Heb nu nog zo’n 42 mijl te gaan en nog 23 uur voor het einde van de wedstrijd te gaan. Tijd genoeg dus maar moet nog een rustperiode van minimaal 6 uur houden volgens de reglementen, zonde om hier strafpunten voor te krijgen. Ff kijken hoe het loopt maar het zal wel de laatst mogelijke rusthaven Block van Kuffelen worden. Passeer de OVD3 boei om 14:14 en ga richting de PH boei. Helaas is dit net niet bezeild en moet een paar korte slagen maken richting de dijk van Lelystad. Enkele andere solozeilers met grotere schepen varen sneller en hoger aan de wind dan ik. Verder op schift de wind blijkbaar iets en is het bijna bezeild volgens de GPS track. Uiteindelijk kom ik net iets beneden de PH boei uit en ga overstag en passeer ‘m om 17:01 ( 169 mijl gevaren).
Lig nu gelijk op koers naar de Nek boei wat gelukkig net bezeild is en ga strak aan de wind varen. Snelheid is goed zo’n 5 – 5,5 knopen. Het is een zwaar bewolkte lucht met regelmatig buien en dus beetje triest weer maar het gaat lekker. Om 19:24 de Nek boei gerond ( 180 mijl gevaren) en zet koers naar de GZ2 boei bij Volendam. Tijdens dit stuk valt stuurautomaat en later mijn GPS uit en baal een beetje.. OK, zonder lukt ook maar het is gewoon handig. Tijdens het bijwerken van mijn logboek binnen zie ik dat de accuspanning sterk is gedaald en sluit een reserve accu aan. Lampjes branden weer fel en GPS en automaat doet het gelukkig weer. Word nog opgelopen door een groter schip die een schijnwerper op me zet en brullend vraagt wie ik ben. Ik kan zijn scheepsnaam niet lezen en zijn naam niet goed verstaan en groet schreeuwend terug. Later bleek dit Jan Luyendijk met zijn Tam Tam te zijn. Bij de GZ2 boei gaat Jan richting Muiden wat dus betekend dat ie route 3 vaart. De GZ2 passeer ik om 20:46 en zet koers richting de BVK boei die ik om 21:55 passeer. Wind is NW kracht 5/6 maar op ruime koersen is dit geen probleem. Bel nog even met het regattabureau om de passagetijden van de merktekens door te geven en spreek deze in op het antwoordapparaat van Bob. Dan kunnen ze mijn wedstrijdverloop op internet bijwerken voor het thuisfront. Ga nu richting de Block van Kuffelen waar ik mijn laatste rustperiode zal houden. In de haven schuif ik aan op het passantensteigertje in het begin van de haven. Eindelijk eens op een redelijke fatsoenlijke tijd langszij ;-).. Even wat eten en een flinke borrel voor het slapen gaan.
“Rusthaven” in de Block van Kuffelen;
Om 23:05 het weerbericht geluisterd op ch 83 en deze geeft ; N – NW 5/6 mogelijk 7 ruimend N – NO later afnemend 3/4. Ik heb alleen een probleempje wat mijn nachtrust aardig zou verstoren. Tijdens het zeilen in mijn mobiele telefoon blijkbaar nat geworden en het belletje werkt niet meer. Nu werkt ook de wekker die ik voorheen gebruikte niet meer. Nu moet ik morgenochtend wel op tijd wakker worden!. Tijdens het luisteren naar het VHF weerbericht van 23:05 bedacht ik opeens iets “slims”. Ik laat de VHF aanstaan op ch 83 en dan word ik morgenochtend om 08:05 gewoon wakker van het volgende weerbericht. OK, ik ga heerlijk slapen en rond tweeën schalmt een stormwaarschuwing door de VHF luidspreker even later gevolgd door een navigatiewaarschuwing wat me alweer wekt.
Zondag 6 oktober
Tegen vieren voel ik het schip nogal rijen langs de steiger maar hij hangt in de trossen en bonkt niet tegen de steiger. Dit betekend dus dat de wind naar het NO is gedraaid. Het schip begint meer en meer te rijden en komt er zelfs buiswater over en dit terwijl ik gemeerd lig. Tegen zessen en na verschillende storm en navigatiewaarschuwingen sta ik op, trek iets warm aan en ga aan dek. Blij dat ik s´avonds aan deze kant van de steiger ben gaan liggen want aan de andere kant zou ik toch een probleempje hebben gehad. Het is misschien slecht zeemansschap op met dit weerbeeld in het begin van de haven te gaan liggen maar daar heb ik s´avonds niet bij stilgestaan.. De wind is inmiddels naar het NNO gedraaid en is een dikke 6 begin 7 volgend meldpost Lelystad en de golven staan recht in de havenopening. Op de enkele andere scheepjes die langszij de steiger liggen zijn ze druk bezig om meer trosjes te zetten. Enkele lopen zelfs met houtjes-touwtjes knopen over de hele steiger heen. Mijn boot ligt prima en trossen zijn dik genoeg, leg alleen de lus om de hele paal ipv alleen door de ring voor de zekerheid. Ga nog even naar m’n kooi maar van slapen kot niets meer. Gelukkig lag ik er gisteravond op tijd in want na vieren niet meer geslapen. Voel me een beetje gebroken.. Een “rusthaven” noemt de wedstrijdleiding dat, niks rusten dus!!… Tegen zevenen sta ik maar op en ga even ontbijten en koffie zetten. Ga aan dek en de genua en fok opruimen want die heb ik niet meer nodig denk ikJ.. Voor de eerste keer in jaren gebruik ik de stormfok en zet het tweede rif. Wil eigenlijk aan de steiger al zeilzetten want de stuurautomaat houdt mijn scheepje nooit op koers… Ga opkorten en maak een lange lus om de paal vanaf de voordekkikker. Heb mensen van een andere boot gevraagd of ze even willen helpen met losgooien.
Mensen kijken verbaasd op en zeggen iets van “onverantwoord om te gaan zeilen”, “moeilijkheden opzoeken” enz.. Mensen zien je als een gewone “huis-tuin-en keuken zeiler” wat ik ´tuurlijk ook ben. In mijn vorige baan (als kapitein op zeeschepen) kwam ik wel eens na een zeereis met veel zwaar weer op kantoor terug met de melding “Wel slecht weer gehad daar en daar, zus en zo” dan kreeg ik steevast het antwoord “daarom hebben we jouw ook naar dat schip gestuurd”J. Ben dus niet echt bang van wat meer wind en zeegang. Maar dit staat gelukkig niet op mijn voorhoofd geschreven. “Bescheidenheid siert de mens” zegt men wel eens en zou het hier eigenlijk ook niet moeten schijven, haha..
Als de zeiltjes (want er blijft weinig zeiloppervlak over) staan en alles is opgeruimd en vastgezet houdt ik de stormfok bak om zeker te zijn dat de kop de goede kant opwaait. Mensen gooien los en gooien deze aan dek en zwaaien vriendelijk. Ik zie geen vinger naar hun voorhoofd wijzen maar dit denken ze waarschijnlijk alleen.. Met enkele slagen en killend grootzeil ga ik gewoon de haven uit en het geeft wel een goed gevoel om zo zelfverzekerd te zeilen met dit wee. Motor uit en uit het water en op naar de BVK boei die ik dan om 0855 fotografeer en log en ga aan mijn laatste 9 mijl beginnen. 193 wedstrijdmijlen en 243 mijlen volgens de GPS log. De golven schat ik op 1 tot 1,5 mtr want zittend in de kuip (ooghoogte 1 mtr) kijk ik soms tegen de bergjes op. Voor de wind richting Muiden en snelheid valt een beetje tegen moet ik zeggen voor een NNO 7, zo´n 5,5 – 6 mijl. Weken geleden deed op dit stuk met NNO 4 en onder voltuig met een spi halve wind het hele stuk Lelystad – Naarden 6,5 – 7 mijl. Binnen no time ben ik nabij Muiden en fotografeer de M1 boei om 10:16.. Einde wedstrijd, ik heb het weer volbracht!..
Een fikse bui komt over en besluit maar om niet af te tuigen maar direct naar mijn thuishaven Naarden te gaan, met deze wind een 3/4 uur varen.. En wil dan op de terugweg met de auto even afmelden en het logboek afgeven.. Ik bel het regattabureau en krijg Bob aan de lijn die dan zegt dat ik voor 12 uur het logboek moet inleveren.. Shit, daar heb ik niet aan gedacht, en ging er van uit dat de M1 tijd de sluitingstijd was. Dus snel naar Naarden, boot vooraan in de haven meren en in de auto springen dan maar. Onder de Hollandse brug maakte ik nog even een vreemd fenomeen mee, en lag daar opeens stil met een ruime windse koers onder de brug door met 6 tot 7. Kijkend naar de brugpeilers zie ik een noordgaande stroom lopen.. Het “hele” Gooimeer loopt leeg en ze zijn waarschijnlijk flink aan het spuien waarschijnlijk om het Gooi-, en Markermeer op winterpeil te brengen. Met deze wind en dan niet tegen de stroom in kunnen lijkt toch beetje vreemd over tekomen. OK, de wind schift natuurlijk tussen de pijlers maar ben toch verbaasd. Snel start ik de motor en ga op de autopilot sturend volgas naar de haven en strijk ondertussen de zeilen. Met een noodgang “gooi” ik de boot tegen de kant, spring met logboek, fototoestel en zeilpak en al in de auto richting Muiden. Na 10 min. – 15 min loop ik de steiger op waar alle soloschepen liggen en begeef me naar het schip van Peter Capel die de start en opname schipper is. Nog even de laatste gegevens in het logboek schrijven en lever het in.. Een gezellig praatje met de wedstrijdleiding en collega-zeilers en heelrijke koffie en cake maakt dat ik de 200 mijls met een goed gevoel afsluit.. Ga terug naar de boot om allens op te ruimen en leg d´r in de box.. Moe maar voldaan ga ik huiswaarts..
7 oktober 2002 prijsuitreiking in Huizen
Woensdagavond 7 okt is de prijsuitreiking in het clubgebouw van wsv AVOH in Huizen. Deze vereniging heeft de 200 mijls solo “geadopteerd”. Jan Luyendijk verwelkomt iedereen en alle medewerkers die voor, tijdens en na de wedstrijd veel werk hebben verricht hebben hun bevindingen even verwoordt. De bijzonderheden waaronder het weerbeeld en de opmerkingen uit de logboeken werd besproken en de logboeken en herdenkingsplaatsjes werden aan ieder uitgereikt. De derde, tweede en eerste prijs werden respectieverlijk uitgereikt aan Albert Broshuis, Jan Kees Corts en Dik Geurts. De jaren geleden in het leven geroepen Dameswissel trofee werd aan Jacqueline van Amstel uitgereikt die met haar mooie Contassa 32 “Wandering Moon” als eerste schipperse de wedstrijd voer. Ze heeft zelfs nog een hele mooie wedstrijd gevaren gezien de eindstand. Zelf werd ik ook nog even vernoemd en kreeg de doorzetters prijs uitgereikt omdat men vond dat ik een enorme positieve insteling had en lang moest doorvaren. Dat heb je met eenmaal met een kleiner scheepje, dan “mis” je een klein stukje waterlijn
De prijs bestond uit drie handgeschilderde mokken met afbeeldingen van schildpadden. Later begreep ik dat dit Bob Luyendijk zijn grote passie is. Opmerkelijk was te horen dat Bob die toch zoveel werk voor de 200 mijls verzette zelf helemaal geen zeiler is. En dit terwijl ie uit een door en door gewinterde zeilersfamilie komt.. Zijn organisatie is te zien op www.schildpad.nl .. en www.turtleinfo.com.
Ben niet ontevreden met de behaalde 28ste plaats, een middenmoot dus.. Vorig jaar eindigde in op een 38ste plaats en had toen zoiets van “als ik de wedstrijd uitvaar ben ik al tevreden”.. Mede door het varen met een spinaker waarschijnlijk toch iets meer snelheid of ben ik misschien iets meer tactisch gaan denken..


Bij deze wil ik iedereen van het regattabureau, fam. Luyendijk, Piet Bakker en Peter Capel bedanken voor hun inzet en de professionele begeleiding van deze wedstrijd.. Hou me aanbevolen voor de 200 mijls 2003. Jan, mag ik dan weer een inschrijfformulier?
Barend Peters S/y “True Blue” Inschrijfnummer 39
![]() |
Gemelde posities route 4 Barend Peters True Blue – Naarden 02/10 – 09:20 – M 1 – Muiden – 0 02/10 – 13:29 – GZ 2 – Volendam – 10 03/10 – 09:02 – GZ 2 – Volendam – 10 03/10 – 10:35 – NEK – Hoorn – 17 03/10 – 13:06 – OVD 3 – S/Lelystad-Z – 28 03/10 – 15:22 – EZ 21 – S/Lelystad-Z – 28 03/10 – 21:08 – V 15 – Medemblik – 45 04/10 – 01:24 – UK 16 – Urk – 63 04/10 – 10:03 – SPORT B – Breezanddijk – 88 04/10 – 12:37 – LC 9 – Stavoren – 100 04/10 – 14:32 – SB 10 – Lemmer – 109 04/10 – 16:41 – KG 2 – Enkhuizen – 120 04/10 – 19:33 – H 2 – Hindelopen – 134 05/10 – 00:27 – EZ 27 – S/Lelystad-N – 158 05/10 – 14:14 – OVD 3 – S/Lelystad-N – 158 05/10 – 17:01 – PH – Pampushaven – 169 05/10 – 19:24 – NEK – Hoorn – 180 05/10 – 20:46 – GZ 2 – Volendam – 187 05/10 – 21:55 – BVK – Blocq V.Kuff. – 193 06/10 – 08:55 – BVK – Blocq V.Kuff. – 193 06/10 – 10:16 – M 1 – Muiden – 200Wedstrijdstand 28 |
Barend Peters,
S/Y True Blue
Vanochtend om 08.51 gestart met de 200 mijls solo race vanaf de ton M1 bij Muiden. Na het palaver gisteravond in het café van Ome Ko werd al snel duidelijk dat een groot deel van de 68 deelnemers zou kiezen voor route 3 uit de voorgeschreven routes.
Route 1, bij IJmuiden naar buiten en via Den Helder weer terug, heeft het risico dat je door het lichte weer niet met één tij Den Helder kunt aanlopen. Route 2 gaat via Harlingen en Oost-Vlieland buitenom Vlieland en Texel naar Den Helder. De wind is nu nog zuidoost, maar zal naar verwachting in de komende dagen naar zuidwest tot west draaien en dan heb je het risico dat je naar Den Helder moet kruisen. Route 4 tenslotte, oogt niet aantrekkelijk door het heen en weer jojo-en over het Markermeer aan het einde van de race. Voor mij dus route 3.
Het deelnemersveld is verder in tactisch opzicht gesplitst in twee kampen. Een deel wil zo vroeg mogelijk vertrekken (reglementair mag er tussen 07.00u en 10.00u gestart worden) om te proberen vanavond in Den Oever te liggen.
Dit was ook mijn eerste plan. Maar de verwachting is dat het vandaag niet veel gaat waaien en dus kun je beter weinig mijlen maken deze eerste dag en dat goed maken verderop in de week als het harder waait. De andere deelnemers zullen dus later vertrekken en ik sluit me daarbij aan door de wekker op 07.45u te zetten.
Bij de start blijkt het eerste deel starters al uit het zicht te zijn en de rest is kennelijk van plan om zo laat mogelijk te starten, want ik zie maar éen boot voor me en één achter me bij de M1.
Nog geen 10 minuten na de start begint het een beetje te waaien. Met halve wind staat er al snel 10 knopen op de windmeter en onder genua en grootzeil loopt het scheepje bijna 6 mijl per uur. Dat schiet lekker op. Helaas zakt de wind na een uur weer in en even later is de wind helemaal op.
Om 12.32 kom ik langszij de GZ2, de rood/groene scheidingston voor Volendam, die gefotografeerd moet worden als bewijs van de gevolgde route. De gezeilde tijd is 3 uur en 41 minuten over een afstand van 10,2 mijl; een gemiddelde snelheid van 2,78 knoop. Dat is te weinig en ik besluit om voor Volendam voor anker te gaan. In de 2 uren daarna komen de latere starters langs en praktisch iedereen houdt het na de GZ2 voor gezien en gooit het anker uit. We liggen met zo’n 20 boten voor anker en boven de dijk naar Marken zie ik nog ca. 10 masten uitsteken. Als die er ook bij horen, ligt het halve deelnemersveld hier.
Ik lig wel lekker, maar het zit me niet lekker. We hebben op de eerste dag maar 5% van de totale route afgelegd en donderdagmiddag draait de wind misschien al naar NW. Dan moeten we vanaf Lelystad kruisen en dan gaat de tijd erg dringen. Tegen 16.45 besloten om ankerop te gaan en toch nog in Lelystad zien te komen. Eerst moet de “Nek” nog gerond worden bij Hoorn en daarna kruisen naar de OVD3. Na de Nek gaat het lekker; 4 soms 5 knopen bij nog steeds een lichte tot matige wind.
Onderweg warm ik de meegenomen ” chili con carne” op, met echte Taco kruiden en kikkererwten. Het glaasje wijn sla ik maar over en ik neem een blikje koude Spa blauw.
Bij de OVD3 ton aangekomen kom ik helaas niet goed uit met mijn slag en moet nog een extra slag maken; dat scheelt gauw 15 minuten. Een passerende binnenvaartschipper begrijpt niets van de manoeuvre en zet me vanaf 200 meter in het daglicht met 2 enorme zoeklichten. Om 23.15 kan ik hem dan eindelijk fotograferen, althans ik hoop dat het de goede is, want als het groene licht 2 seconden aan is, zie ik niks en als het vervolgens 2 seconden uit is, ben ik nog verblind.
Het schutten in de sluis bij Lelystad gaat vlot en om 00.30u laat ik het anker vallen even ten noorden van de Deko Marina.
200 mijls solo race – donderdag 3 oktober
Omdat het de avond ervoor nogal laat geworden is, zet ik de wekker om 08.30u. Hoewel ik af en toe wakker wordt door de golfslag van passerende vrachtschepen, slaap ik als een blok. Na een goed ontbijt en het wassen van de vaat van gisteren, gaat om 09.15u het anker omhoog en tuf ik op de motor naar de EZ21.
Het is rustig weer, WZW 3Bft, soms niet meer dan 500 meter zicht, maar toch ook af en toe een zonnetje.
Vlakbij de EZ27 zie ik Adriaan van Berkel met zijn gele tweemaster op een bijna haakse koers. Die is kennelijk vanaf de EZ27 vertrokken voor route 2. Het lijkt erop dat hij ca 315 graden voorligt en ik probeer me voor te stellen wat zijn vaarplan is. Zo te zien gaat hij uitkomen bij de Trintelhaven, maar dat kan toch niet de bedoeling zijn? Voor route 2 moet hij na de EZ27 naar Stavoren en dat is bij deze wind prachtig bezeild, dus geen reden om te kruisen. Uiteindelijk kom ik tot de conclusie dat Adriaan helemaal niet route 2 zeilt, maar route 3 en dat hij zich vergist heeft tussen de EZ27 en de EZ21. Als ik hem een halve mijl voorbij ben, zie ik dat hij van koers verandert en mij achterna komt.
De voorspelling is dat in de middag de wind naar NW draait. En daar ligt ook Den Oever waar ik de WV14 moet vereeuwigen. Omdat de wind nu nog steeds WZW is, besluit ik om na de ondiepte van het Enkhuizer Zand zo hoog mogelijk aan de wind te zeilen om wat reserve te hebben voor het geval de wind al gaat ruimen voordat ik bij de WV14 ben. Het loopt lekker bij deze wind met genua en grootzeil; er is nog weinig golfslag en we varen regelmatig meer dan 6 knopen bij 11 tot 14 knopen schijnbare wind.
Aan het begin van de middag ziet het ernaar uit dat we het niet langer droog houden. Zeilpak aan, laarzen aan en reddingsvest om. Nog snel even wat eten, want het gaat nu ook harder waaien.
Als ik nog 3 mijl van de WV14 ben, moet ik uitwijken voor een charterschip, daarna kan ik de koers weer vervolgen, maar tot mijn schrik merk ik dat de koppeling van de stuurautomaat niet pakt. Dat is lelijk, want de stuurautomaat is onontbeerlijk in het solo zeilen. Tot overmaat van ramp blijkt de stuurwiel blokkering niet echt te blokkeren. Het stuurwiel kan wel wat stroever gezet worden, maar van vastzetten is geen sprake. Omdat de genua het schip tamelijk loefgierig maakt (meestal varen we met de high aspect fok) kun je met maximaal vastgedraaide stuurwiel blokkering niet langer dan 20 seconden bij het stuur weg.
Voorlopig zit er niets anders op dan op deze aandewindse koers met de hand te sturen tot de WV14 en daarna kunnen we met ruime wind richting Enkhuizen nadenken over de situatie.
Het ronden van de WV14 moet nauwkeurig gepland worden. De camera had ik binnen neergelegd in verband met de regen. Roer vastzetten, luik open, naar binnen storten, camera grissen, omhoog, luik dicht en weer bij het roer. Het regent nog steeds, dus de camera gaat in de jaszak. Vlakbij de boei pak ik de camera weer en zit er allemaal troep uit mijn jaszak op de lens. Met natte vingers probeer ik zo goed mogelijk de lens een beetje schoon en doorzichtig te krijgen. Ondertussen lopen we een kleine 7 knopen en ligt het lijboord bijna onder water.
De WV14 ligt voor mij aan de stuurboordskant van de vaargeul en na het ronden van de boei moet ik zien zo snel mogelijk de vaargeul over te steken om aan de andere kant weer terug te varen. Een tegemoetkomend schip van de bruine vloot, de vaargeul aanhoudend, moet ik dan nog net voor kunnen blijven bij die manoeuvre.
Nu moeten er veel dingen in kort tijdsbestek gebeuren: de boei fotograferen, tijd en log aflezen en onthouden, overstag, stuurboord genuaschoot los, grootschoot uitvieren, bakboord genuaschoot aan, tegemoetkomend schip in de gaten houden, daartussendoor steeds het roer corrigeren en tot slot de passagetijd en de logstand noteren in het logboek. Dit is leuk voor een keer, maar een kruisend rak wordt niets.
In de 2,5 uur tot Enkhuizen heb ik telefonisch contact met het thuisfront en overleg ik de opties. Er moet gerepareerd worden, maar waar? Den Oever had ik al overgeslagen, want het winkeltje van de havenmeester lijkt mij absoluut ontoereikend. Enkhuizen is de eerste optie, gevolgd door Stavoren als tweede optie en Medemblik als laatste in volgorde van plaatsen langs de route. Na een half uur belt Inge weer terug. In Enkhuizen is wel een Yacht Service, maar geen onderdelen voor een Autohelm ST4000. Ook niet in Stavoren, maar wel in Medemblik waar een dealer zit van Autohelm. Dat schiet dus niet echt op. Eigenlijk voel ik er weinig voor om door te zeilen naar de VZ3 bij Stavoren – mijn doelstelling voor vandaag – omdat ik daar in het donker ga aankomen en er een rijtje onverlichte tonnen op mijn route liggen. Dat is normaal geen probleem, de radar pikt ze wel op, maar daar heb ik nu niets aan, want die is binnen en ik ben buiten.
Ik besluit om even voorbij de KG2 bij Enkhuizen voor anker te gaan en te proberen of ik de zaak zelf kan repareren. Al snel is het probleem duidelijk. De koppeling bestaat uit een excenter dat een getande riem strak trekt rond een krans die bevestigt is op het stuurwiel. Door het excenter loopt een asje dat vastgezet is met 2 minuscule pennetjes. De pennetjes zijn versleten en daardoor draait het excenter over het asje en is er geen koppeling.
Na 2 uur heb ik alles weer gemonteerd met omgedraaide pennetjes. Hoera, het werkt. Inmiddels is het 19.00u en het lijkt me verstandig om eerst maar wat te eten. De ankerplek is niet ideaal. De wind is inmiddels NW en regelmatig 5 Bft. De golven lopen vanaf Den Oever op tegen het Enkhuizer Zand waar ik nu voor lig. Het is net of je in de branding voor anker ligt en ik zie vanuit de kajuit dat het stuurwiel enorme slagen maakt en soms hoor ik het roer slaan. Ik zet het stuurwiel in de middenstand en zet hem vast met de koppeling van de stuurautomaat. Althans, dat was het plan want de pennetjes in het excenter houden het weer niet en de bedieningshandle draait zonder weerstand in mijn hand (%$#@!!)
Dat wordt dus niks meer vanavond. Ik kan nog kiezen tussen 10 mijl tegen de wind in motoren naar Medemblik in de wetenschap dat ik morgenochtend om 8 uur geholpen kan worden door de dealer, waarna ik weer 2 uur terug moet varen naar de KG2 om de draad weer op te pakken, of Enkhuizen binnenlopen en hopen dat de klus hier morgenochtend geklaard kan worden. Eigenlijk heb ik het helemaal gehad voor vandaag en ik kies voor het laatste. Voor mijn part lassen ze dat asje aan het excenter; ik heb nooit om pennetjes gevraagd.
200 mijls solo race – vrijdag 4 oktober
Om 08.15 ben ik gedouched en geschoren en hang ik aan de lijn met Yachtservice Medemblik. Na uitleg van het probleem blijkt het gevraagde onderdeel niet in de revisiekit te zitten, maar wel aanwezig te zijn bij de Yachtservice in Enkhuizen. Dat is geluk hebben! Ze blijken zelfs gevestigd te zijn op de Compagnieshaven waar ik nu lig.
Om 10.00 uur is alles weer gefixed en als ik om 10.38u de KG2 weer gefotografeerd heb, ben ik weer in de race. Na een uur zijn er toch weer problemen met de stuurautomaat, want de bedieningshandle wil niet in gekoppelde toestand blijven. Met een elastieken zeilbandje is dat opgelost, maar het is nu dubbel opletten op schepen op een kruisende koers omdat je het stuurwiel nu niet snel kunt ontgrendelen.
Het eerste rak gaat naar Breezanddijk en is krap aan bezeild. Onderweg komen diverse andere deelnemers me op enige afstand tegemoet, die het keerpunt bij de Sport B ton al gemaakt hebben. Om 14.09u rond ik de Sport B en vliegen we ruime wind richting Urk, soms meer dab 8 knopen over de grond. De wind is aangetrokken tot een dikke 5 en inmiddels is er wat zeegang opgebouwd voor de kust van Friesland zodat de stuurautomaat hard moet werken om het schip op koers te houden in de achterop lopende golven.
Om 18.01u rond ik de UK16 en begint het kruisrak naar Medemblik, mijn volgende bestemming. Ineens merk ik dat het nu goed mis is met de stuurautomaat want ik zie het stuurwiel grote zwaaien maken in de golven. Ondanks dat de handle in de vergrendeling staat, kan ik het stuurwiel met gemak heen en weer bewegen; kennelijk slipt de tandriem over de krans. Dit is goed waardeloos.
Bij het doormelden van mijn positie aan het regattabureau hoor ik dat ieder jaar 5 tot 10 deelnemers uitvallen door problemen met de stuurautomaat.
Aangezien de Yachtservice Medemblik dealer is van ” Autohelm” besluit ik door te varen naar Medemblik. Met een rif in het grootzeil draai ik de genua zover in totdat het schip goed in balans is en praktisch zichzelf vaart op een aandewindse koers. Er zijn wel groter dan normale koersuitslagen, maar in de wind draaien is er nauwelijks bij.
Tegen twaalven ben ik in de buurt van de V15 ton bij Medemblik; de ton is onverlicht en het is knap donker door een boven ons hangende wolk. Ik probeer zo aan te sturen dat ik de lichtjes van Medemblik op de achtergrond heb in de hoop dat ik de ton zal zien.
Dat gaat niet lukken, ik denk dat ik de ton pas zie als ik ernaast lig. Ik laat het roer het roer en ga binnen op de radar kijken of ik wat zie. In totaal zie ik 4 stippen, 3 van andere zoekende deelnemers en de laatste moet dan de ton zijn. Maar wat is wat? Als ik inzoom op 0,5 mijl zie ik dat 1 stip kleiner is dan de andere en heb ik de ton snel gevonden. Gelukkig is de wind afgenomen tot een kleine 3 wat het zoeken en manoeuvreren vergemakkelijkt. Vlak voordat ik de foto met flits neem, roep ik heel hard in de richting van de andere boten: HIER-IS-T-IE.
Om 00.45 meer ik af in een box in de buitenhaven van Medemblik. Morgen weer een dag.
200 mijls solo race – zaterdag 5 oktober 2002
Om 09.15 sta ik in het havenkantoor op het Regatta Center in Medemblik om te informeren wanneer de Medemblik Yacht Service (MYS) opengaat. Op zaterdagen is dat hier om 14.00 uur, maar misschien dat er in de hoofdvestiging elders in Medemblik iemand vanaf 10.00u aanwezig is. Shoot! De havenmeester belooft te bellen en te komen melden indien ik er terecht kan. Omdat het regent, verwacht ik niet dat de havenmeester op de steiger komt en om 10.15u ben ik weer op het havenkantoor; hij was vergeten te bellen, maar doet het nu onmiddellijk. Er is een juffrouw die de telefoon aanneemt en die meldt dat om 10.30u een directeur aanwezig is. De havenmeester biedt mij een fiets aan en in de stromende regen fiets ik zo hard ik kan in mijn zeilpak naar de andere kant van Medemblik. Onderweg bedenk ik me dat als iemand mij zal vragen of ik veel regen gehad heb onderweg, ik moet antwoorden: alleen op de fiets; dat gelooft toch niemand! Bij aankomst ben ik binnen mijn zeilpak net zo nat als er buiten, maar het zal blijken dat ik tijd genoeg heb om op te drogen.
De directeur, Bouwe Hiemstra, is in gesprek met een Duitser die –overigens op beschaafde toon- vrij omstandig zijn ongenoegen komt uiten over een rekening en de kwaliteit van de uitgevoerde reparaties. Gedurende 20 minuten ben ik getuige van het gesprek en zit ik op een bankje geduldig te wachten. Hiemstra schat ik in als een man met hoog EQ, die goed meebeweegt met de klager, hem niet tegenspreekt maar belooft de zaak te zullen onderzoeken. Zijn aanpak heeft duidelijk een de-escalerend effect, maar wanneer de twee als goede vrienden beginnen te spreken over het voorbije vaarseizoen en de dingen des levens, interrumpeer ik met: ” Heren, ik wil niet onbeleefd zijn ….”.
Om 12.30u heb ik de meegenomen onderdelen weer gemonteerd en kan ik weg. Eerst wil ik nog even mijn inktzwarte handen wassen met garagezeep. Echt schoon worden ze niet, maar ik wil er niet teveel tijd aan besteden; de rest gaat er wel af in bed.
Om 13.38u passeer ik opnieuw de V15 en ben ik op weg naar Stavoren. Na passage van de VZ1 gaat de tocht naar Makkum. De wind zit in de NW hoek en ik moet opboksen tegen een dikke 6 Bft; gelukkig is het net bezeild. Na Makkum gaat de tocht naar Hindelopen en met de ruime wind en achterop lopende golven wordt dit de ultieme test voor de gereviseerde stuurautomaat: hij houdt het prima. Na Hindelopen moet ik om het Vrouwezand bij Stavoren en vaar ik weer richting Lelystad. Inmiddels is het donker geworden en ik geniet met volle teugen van de wind, het zeilen en de snelheid die tegen de rompsnelheid van het schip ligt. Ik maak een warme maaltijd klaar en denk aan het liedje van Henk Wijngaard: “met de vlam in de pijp”. Dit is dan wel niet de Brenner, maar het IJsselmeer en geen 30-tonner diesel, maar een zeilboot, maar ik scheur wel en voel me ook in m’n sas.
Even na 21.00u fotografeer ik de EZ21 en begin ik aan de sluispassage. In totaal is dat zo’n 10 mijl dus dat duurt nog wel even. Vanaf de EZ21 ligt er een aantal onverlichte tonnen precies op mijn koerslijn, maar die moet ik met de radar kunnen omzeilen.
Terwijl ik binnen op de radar zit te kijken valt ineens alles uit: accu’s leeg. Dat is natuurlijk ook stom. Ik ben onderweg sinds woensdagochtend, heb nauwelijks gemotord, nergens aan de walstroom gelegen, heb geen windgenerator of zonnepanelen, maar wel 24 uur per dag de koeling aan, de stuurautomaat gebruikt als die het deed, de radar zeer frequent gebruikt, nacht- en ankerverlichting gevoerd, etc. Ik storm naar buiten en laat het schip eerst afvallen zodat ik uit de tonnenlijn kom. Omdat ik nu eigenlijk voor deze koers en wind teveel zeil voer, rol ik de genua in en start de motor zodat de service accu’s weer bijgeladen worden.
Om 23.00u laat ik het anker vallen ten zuiden van de sluis bij Lelystad en bel ik nog even naar het thuisfront.
200 mijls solo race – zondag 6 oktober 2002
Om 05.00u gaat de wekker voor de laatste etappe. Ik houd er rekening mee dat de wind nog steeds NW zal zijn, zodat ik het eerste stuk naar de Nek bij Hoorn moet kruisen.
De Centrale Meldpost IJsselmeergebied meldt een actuele wind in Lelystad van 7 Bft. Hoewel ik goed geslapen heb, heb ik inderdaad wel gemerkt dat de wind fors door het want floot. De harde wind heeft het CQR anker diep ingegraven; inderdaad very secure, maar hoe krijg ik het er nu weer uit? Ik heb geen ankerlier dus er zit niets anders op dan het anker met handkracht proberen te lichten. In het donker is vanaf de stuurstand niet te zien waar de ankerlijn loopt, dus op goed geluk vaar ik op de motor een stukje vooruit in de hoop dat ik zo wat loos in de ankerlijn krijg. Het laatste stuk van de lijn is een voorloop van 10 meter ketting en die moet toch echt met de hand naar binnen gesleurd worden. Het valt echter niet mee om een schip van 6.000 kg tegen windkracht 7 naar voren te trekken. Na een worsteling van 20 minuten is de klus geklaard en zijn we onderweg. Om 05.55u passeer ik de OVD3 en start mijn volgende etappe.
De Nek is niet helemaal bezeild, maar volgens de verwachting zou de wind naar NO draaien, wat inderdaad om ca. 07.00u gebeurt, zodat ik de Nek alsnog kan aanlopen.
Wanneer ik onderweg op de windmeter 37 knopen zie staan, denk ik dat ik niet goed zie; maar het is toch echt zo. De schijnbare wind, de wind over het dek, is een dikke 8 Bft. Het wordt me nu toch een beetje te gortig en met dubbel gereefd grootzeil en weggedraaide fok loop ik nog steeds een ruime 6,5 knoop aan de wind.
Omdat ik niet zeker weet of de draaiing van de wind tijdelijk is of permanent besluit ik om over te gaan op handbesturing om zodoende maximaal hoogte te winnen. Het nadeel daarvan is wel dat ik achter het stuurwiel sta en bij tijd en wijle buiswater in mijn gezicht krijg. Overigens is het prachtig om de dageraad te zien aanbreken boven het Markermeer.
Na de passage van de Nek gaat het ruime wind langs Volendam en het Paard van Marken richting Muiden, alwaar ik na het aanlopen van de M1 ton om 10.36u finish en de 200 mijls solo is volbracht.
Uiteraard ben ik benieuwd naar mijn classering, maar toch overheerst de voldoening van het uitzeilen van deze prestatietocht. Jan Luyendijk, bedankt dat ik mee mocht doen en als het even kan, ben ik volgend jaar weer van de partij!
Otto Maitimu
o.b. S/Y Content
Dit jaar doe ik weer eens mee aan de 200 myls Solo. Deze start op woensdag 2 oktober vanuit Muiden. Omdat onze boot, de Nescio, in Lemmer ligt, ga ik dinsdag al op pad om de boot naar Muiden te varen.
Na het bowlen op maandagavond (waarbij ons team heeft gewonnen van CSS) meteen naar Lemmer gereden om op de boot te overnachten. Kan ik vroeg vertrekken. Om 6 uur gaat de wekker. Koffie zetten, ontbijtje maken. In de kajuit is het fris (12 graden), buiten is het nog donker en koud.
Om kwart voor zeven de motor gestart. Het waait nauwelijks, dus het eerste stuk wordt motoren. Lemmer ligt er donker en verlaten bij als ik uitvaar. Na de Friese Hoek gaat de steven naar het zuidwesten. Er steekt een mooi windje op, dus de zeilen kunnen omhoog. Uiteindelijk loopt de boot nog 6 knopen. Intussen is de zon al weer een tijdje op. Het lijkt een prachtige dag te worden.
![]() |
![]() |
Ter hoogte van Urk draait de wind verder naar het zuiden en neemt weer af. Uiteindelijk moet ik toch de motor maar weer starten. Lelystad komt langzaamaan in zicht.
Bij Lelystad heb ik een vlotte sluispassage, de sluisdeuren stonden al open. Ruim tien minuten later vaar ik op het Markermeer, richting Pampushaven. Het is inmiddels rond 12 uur ’s middags en inderdaad een prachtige dag.
De wind laat het afweten, dus vaar ik nog steeds op de motor. Nu kan dat nog, morgen mag dat niet meer. Rond 14 uur vaar ik langs Pampus, nog een paar mijl naar Muiden. Eenmaal in Muiden blijkt de haven al behoorlijk vol te liggen met deelnemers. Een handje schudden, bijpraten (veel van de deelnemers kennen elkaar nog van vorige edities of van andere wedstrijden). Er wordt druk gespeculeerd over het weer, de te volgen route.
’s Avonds palaver in het Café van Ome Ko. We krijgen allemaal een kop koffie, appelgebak en natuurlijk een camera, logboek en pet uitgereikt.
Woensdagochtend, 6:00 uur.Iedereen is druk in de weer. Vanaf 7 uur mag er gestart worden. Ik moet even ruimte maken voor mijn buurman, die al vertrekt. Achter hem aan vaar ik naar de start, om even te kijken hoeveel wind er op het water staat. Niet veel (een kleine Bf 2). Omdat ik tot 10:00 uur mag starten, ga ik weer terug naar de haven. Wachten op iets meer wind.
Anderen kunnen niet wachten en starten toch. Wie weet haal ik ze later nog in.
Woensdag 2 oktober
VERVOLG Ik vaar mee naar de start, om te kijken naar de mensen die wel starten en of er wat wind staat. Die staat er niet, dus ik ga weer terug naar de haven (je mag starten tot 10:00 uur). Uiteindelijk ben ik om 9:45 uur gestart.
Dit lijkt een goede keuze, er staat iets meer wind dan ’s morgens vroeg. Meteen de spinaker gehesen, de boot loopt toch nog zo’n 4,5 knopen bij 7 knopen wind.
Naarmate het Paard van Marken dichterbij komt, neemt de wind steeds verder af. Na het Paard van Marken afvallen richting Volendam. Meteen is de vaart uit de boot, er staat erg weinig wind hier. Over de laatste 2,5 mijl doe ik ruim een uur. Na de GZ2 haal ik de spi naar beneden. Ik ga bij Volendam alvast mijn verplichte ankerrust nemen. Hopelijk trekt de wind in de tussentijd wat aan. Er zijn meer deelnemers die dit van plan zijn, we liggen intotaal met tien schepen voor anker.
Bij Ed aan boord van de Lupa Maris eet ik een deel van zijn voorraad op. Hij heeft nog Lapskaus uit het ruim opgeduikeld, die maken we soldaat. De rest van de dag steekt er geen wind op, dus we brengen ook de nacht door achter het anker. Vandaag slechts 10 van de 200 mijlen gemaakt. Dat wordt doorvaren de komende dagen.
Donderdag 4 oktober
Vanmorgen om 6 uur even buiten gekeken naar de wind. Nog steeds niks. In overleg met Ed besloten om om 8 uur te vertrekken. Eerst een kop koffie, eieren met spek etc.
Om 8 uur waait het dan toch een beetje. Spinaker weer omhoog, MN1/GZ2 op de foto en op naar de NEK. Ook richting Lelystad kan de spi erop blijven. Bij Lelystad moet de eerste keuze gemaakt worden. Amsterdam is niet bezeild, dus route 1 (over de Noordzee) valt af. Wie weet is route 2 aantrekkelijk. Moet je wel vanavond bij Kornwerderzand zijjn. We zullen zien. In de sluis een weerberichtje beluisterd. Ook route 2 valt af (ongunstige wind op het Wad).
Dan blijven 3 en 4 over. Vanwege de voorspelde NW wind en het geringe aantal NW rakken in route 4 kiezen we (Ed en ik) voor 4. Jammer van de Wadden, die bewaren we voor een volgende keer.
Vanaf Lelystad richting Medemblik. Krap over het Enkhuizerzand (je hoeft er niet helemaal omheen). Het laatste stuk naar Medemblik moet er toch gekruist worden. De wind is inmiddels toegenomen tot 5 Bf.Na de V15 gaan we richting Urk. De spi kan er weer op. De stuurautomaat doet het prima, dus ik kan de kajuit in om eten klaar te maken. Na de afwas zijn we alweer bij Urk. In het donker de spi naar beneden gehaald, ging niet helemaal vlekkeloos.
Uiteindelijk zit de spi dan toch in de zak. In Urk liggen nogal wat deelnemers, ik leg aan naast de Tumlare. Na schoon schip gemaakt te hebben, komt Ed nog wat drinken. Daarna te kooi, morgen weer vroeg op. Vandaag ruim 60 mijl afgelegd.
Vrijdag 5 oktoberOm 6 uur gaat de wekker. Na het ontbijt en de koffie de zeilen aanslaan, trossen los en varen. Na de foto van de UK16 op naar de Sport B (bij Breezanddijk, halverwege de Afsluitdijk). 25 mijl aan de wind, met het Vrouwenzand bij Stavoren ertussen. Ik heb geen zin om daar een grote omweg voor te maken. Met flink opletten en danzij de GPS kan ik er vlak langs, met slechts 20 cm water onder de kiel.
Vanaf de Sport B naar Stavoren. Hoewel het inmiddels hard waait, probeer ik toch te spinakeren. Als je wilt winnen moet zoiets wel. Dit keer gaat het niet goed. De combinatie van harde wind en flinke golven is de stuurautomaat teveel. Als ik op het voordek bezig ben de genua te ruimen, loeft de boot op en gaat behoorlijk schuin. Is dit nou een zogenaamde broach?
Snel naar achteren, stuurautomaat uit en loefschoot los. Daar wappert de spi aan de mast. Vrij makkelijk krijg ik hem uiteindelijk naar beneden. Dan maar weer de genua erop. De Nicky Deux en de Jean Dix hebben weer een mooi schouwspel gehad.
Van Stavoren naar Lemmer en daarvandaan naar Enkhuizen. Ed is uit het zicht verdwenen.
Later belt hij op met de melding dat hij wat schade heeft en voor reparatie in Enkhuizen blijft. Ik ga door naar Hindeloopen. In het donker rond ik de boei en besluit door te gaan naar Lelystad. Daar kom ik uiteindelijk om 00:15 bij de verplichte boei. Een uur later lig ik in de Houtribhaven. Vandaag ruim 90 mijl gevaren. Morgen naar de finish.
200 mylsSolo, deel 3
Zaterdag 5 oktober
Vanmorgen iets na 8 uur vertrokken uit de Houtribhaven (Lelystad). Gelijk met de Almare van Jaap Homan door de sluis. Jaap heeft route 3 gekozen en kan vanaf Lelystad zo naar de NEK zeilen. Omdat ik route 4 heb, moet ik eerst naar Pampushaven. Dat blijkt recht tegen de wind in te zijn, dus ga ik bij Lelystad Haven weer naar binnen. Kan ik meteen kijken of ze daar een stekkertje voor mijn GPS hebben. Tegen het eind van de ochtend heb ik even contact met Ed. Hij blijkt vannacht om 1 uur vanuit Enkhuizen te zijn vertrokken en is nu bij de sluis van Lelystad. Als hij aankomt is er koffie, soep en suikerbrood.
Zo mooi als het gisteren was,
Zo grijs is het vandaag
Uiteindelijk is het een uur of twee ’s middags voordat de wind ver genoeg gedraaid is. Met vliegende vaart (het waait W 5 à 6 Bf) gaan we op Pampushaven af. Dan blijkt dat er meer mensen hebbe gewacht, overal zijn zeiltjes te zien die dezelfde kant op gaan en bij dezelfde boeien keren.
Vanaf Pampushaven naar de NEK. Er komen af en toe zware buien over drijven. In de regen die daarbij hoort is er weinig zicht. Soms wordt het water helemaal vlak geslagen door de regen. Heeft ook wel wat, maar op een gegeven moment is het wel genoeg met die regen. De wind zakt wat in dus het tweede rif kan eruit. Even later volgt het eerste rif en vaar ik weer onder vol grootzeil. Vanaf de NEK naar de boei bij Volendam gaat in een uurtje. Voor mij zitten een stuk of drie schepen, achter volgen er een stuk of zes. De vaart zit er goed in en de boot loopt als een trein. Nauwelijks druk op het roer, dus de zeilen staan goed getrimd.
Vanaf Volendam plat voor de wind naar de Blocq van Kuffeler. Daarvandaan de laatste etappe naar Muiden. Net op dat moment geeft de GPS er helemaal de brui aan. Lekker als je net die ene onverlichte ton moet vinden (het is inmiddels een uur of negen ’s avonds. Vlak voor ik er moet zijn, slaat de GPS weer aan. Het was echter al wel duidelijk waar de boei moest liggen, want af en toe ging er een flitslicht af van weer een foto die ervan gemaakt werd.
Om iets voor tien uur maak ook ik mijn laatste foto.
De wedstrijd zit erop. In de haven is het gezellig druk, je kan overal aan boord voor een kop koffie of een drankje. Nita komt aan boord om morgen het stuk terug naar Lemmer te varen.
Zondag 6 oktober
Niet al te vroeg opgestaan. In de haven is het druk. Ik krijg het nieuws dat ik op een voorlopige tweede plaats sta, Ed op acht. Dat stemt tot tevredenheid!
Erik Jan Hardonk
o.b. S/Y Nescio
– IN FEITE |
In oktober gaan 2 befaamde solotochten van start : de 200 myls ‘SOLO’
en de Singlehanded. De eerste wordt voor de zevende keer verzeild, de
tweede voor de 26ste maal. Beide zijn solotochten op het IJsselmeer, de
Waddenzee en de Noordzee. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen?
| Wat – Grootste verschil: de 200 myls ‘SOLO’ is een wedstrijd en de Singlehanded een prestatietocht. Voor de 200 myls ‘SOLO’ moeten de schippers elk gepasseerd merk- teken fotograferen: geen foto levert straf- punten op. Het gaat om deze wedstrijd om de best gezeilde tijd (berekend via de SW handicap) en de minste strafpunten. Bij de Singlehanded mag er ook gejaagd, ge- boomd, gewrikt of geroeid worden. Volgens de traditie moeten er zo min mogelijk mo- torminuten gemaakt worden. Bij deze tocht zijn er punten te verdienen voor het best bijgehouden logboek. Het beste reisjour- naal, de kortste motortijd, vaartijd en ge- zeilde tijd. Ook de geschatte zeiltijd telt mee. De schippers moeten in de eerste haven een brief op de bus doen, waarin zij voorspellen hoe lang zij over het totale traject gaan doen.Historie – De 200 myls ‘SOLO’ is bedacht door Jan Luyendijk. Hij had meegedaan aan de Singlehanded en wilde een solo tocht met meer wedstrijdelement. De Singlehan- ded is bedacht door architect Reid uit Wor- kum. Hij wilde oorspronkelijk zeilers in re- latief goedkope schepen zee-ervaring laten opdoen.Start en Finish De 200 myls ‘SOLO’ start en finisht in Muiden. De schippers zeilen tot aan Lelystad dezelfde route, daarna kunnen ze kiezen uit 4 trajecten, die elk exact even lang zijn. De Singlehanded start en finisht in Lelystad. De vaarroute is elk jaar anders, rond de 200 mijlen. De schippers moeten stempels halen in een aantal havens. |
De volgorde mogen ze zelf bepalen. Voor beide tochten geldt een verplicht aantal rusturen. Minder slaap levert strafpunten op.Deelnemers – Beide tochten zijn populair. Voor de 200 myls ‘SOLO’ meldden zich 121 schippers aan. Om practische redenen kunnen er 68 meedoen, Hoeveel deelne- mers er voor de Singlehanded zijn, is nog een verrassing. Vorig jaar deden er 58 schippers mee. Het zijn mannen-tochten. Voor het eerst doet een vrouw mee aan de 200 myls ‘SOLO’. Bij de Singlehanded heeft een paar keer een vrouw meegedaan. maar ze zijn niet reglementair gefinisht.Prijs – Voor de 200 myls ‘SOLO’ zijn er voor de plaatsen 1 – 2 – en 3 tinnen gegraveerde borden. De Overall winnaar krijgt een wissel- prijs, een zeilboot op een blok hout. Zeven jaar geleden was er nog geen geld voor een dure beker, Voor het eerst dit jaar is er een wisselprijs voor vrouwen. De prijs bij de Sing- lehanded is een zilveren Brijlepel. Wanneer – De 200 myls ‘SOLO’ is van 2 tot |
|
Eenzaam maar niet alleen
![]() |
Het is weer zover : de 200 myls ‘SOLO’. De 24-uursrace is natuurlijk reuze stoer, maar echte mannen doen het solo. Dat wil zeggen, ze varen groepsgewijs, maar zijn alleen op hun bootje. Van 2 tot en met 6 oktober is de krachtmeting en alles is goed te volgen op de eigen website. De bedoeling is om zo snel mogelijk 200 mijl af te leggen. Tussentijdse rust is verplicht en aan veiligheid worden hoge eisen gesteld. De lijst met veiligheids- eisen is zeer leerzaam voor iedereen die wel eens op het IJsselmeer of ruimer water bevaart. |
links naar andere Apple- sites. |
| Ondanks het al laat in het seizoen is, kan het weer zich van alle kanten laten zien. Op de leuke site veel nieuwtjes, tussenstanden en niet te vergeten berichten uit voorgaande jaren. De deelnemers kunnen kiezen uit vier trajecten, dus inzicht in het weer en strategie zijn nodig. Twee gaan over het IJsselmeer, de twee anderen nemen Noordzee en Wadden- zee mee. Start en finish zijn in Muiden.Op veel plaatsen op internet kun je program- ma’s downloaden. Demo’s, betaalde programma’s of gratis freeware. Het is verbazingwekkend wat er allemaal tussen zit. In elk geval kun je stellen dat veel van het (bijna) gratis aanbod helemaal niet slecht is. Op de site van Yoroen vind je na een taalkeuze een doorschakeling naar Downloads. Hier kun je alleraardigste programma’s ophalen. Sommige zijn demo’s, andere complete, werkende programma’s. Voor de gebruikers van antieke lap- tops aan boord: er zitten ook een paar prima DOS- programma’s bij. Aanraders zijn in elk geval : ra- darsimulatie (ook in het Russisch), nautische berekeningen in een gewoon spreadsheet (Exel) en het onvolprezen Navrules om te oefenen met het herkennen van verlichting. Heel bijzonder is een Linux-versie van het bekende getijdenprogramma |
Wat te denken van het meespelen van zeeslagen uit de Eerste Wereldoorlog met Battle Fleet Commander ? Of het besturen van een heuse driemaster ? Klassiek zijn inmiddels de talloze programma’s om waypoints van en naar je gps te sturen. In veel navigatieprogramma’s is deze func- tie ingebouwd, maar werkt ze vaak omslachtig. Meestal zijn specialistische programma’s beter en ook veel sneller. Een greep van twee uit een groot aanbod zijn gpsdb voor Garmins en het grotere gpsu. Dit laatste kan veel meer, maar in de gratis versie kun je in elk geval zeer eenvoudig verschil- lende sets van Waypoints bijhouden en uitwisse- len met de gps. Groot voordeel is dat het vrijwel alle gangbare merken kent. (Willem Melching, willem.melching@hum.uva.nl)De adressen 200 myls ‘SOLO’ www.200myls.nl/index.htm |
de Uitkijk, Nieuwskrant van de Waterkampioen
Nummer 18, 27 september 2002
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 2001 | 1 | 1 | Bart Boosman | Boosman JB | De Franschman | Bergen | 99.00 |
| 2 | 2001 | 2 | 1 | Bart van Breeschoten | Waarschip 660 | Mary Bryant | Naarden | 109.8 |
| 3 | 2001 | 3 | 6 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 95.10 |
| 4 | 2001 | 4 | 4 | Kees Corts | First 305 *1.35 | Jean Dix | Huizen | 103.0 |
| 5 | 2001 | 5 | 5 | Dik Geurts | FF 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 6 | 2001 | 6 | 1 | Frits Bartels | Contest 40S | Easy Going | Hindeloopen | 95.00 |
| 7 | 2001 | 7 | 3 | Michel Capel | Freedom 35 | Tumlare | Makkum | 102.0 |
| 8 | 2001 | 8 | 3 | Rodney Clark | Dehler 31 | Sundancer | Huizen | 101.0 |
| 9 | 2001 | 9 | 3 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 101.0 |
| 10 | 2001 | 10 | 3 | Govert Riksen | Friendship 33*vl.k | Rubato | Makkum | 102.0 |
| 11 | 2001 | 11 | 2 | Peter v.d. Schaaf | Waarschip 28ld | Jager | Medemblik | 99.00 |
| 12 | 2001 | 12 | 4 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Blocq v.Kuff. | 107.0 |
| 13 | 2001 | 13 | 4 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 97.50 |
| 14 | 2001 | 14 | 2 | Jaap Homan | Spirit 32 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 15 | 2001 | 15 | 2 | Jan Smeele | Waarschip 1/4 | Sybarite | Medemblik | 112.0 |
| 16 | 2001 | 16 | 1 | Govert Ramselaar | Mariholm IF | Knackebod | Muiderzand | 110.0 |
| 17 | 2001 | 17 | 4 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 93.50 |
| 18 | 2001 | 18 | 2 | Guus Milani | Impala 33 | Wigulida II | Kampen | 95.40 |
| 19 | 2001 | 19 | 3 | Gert Kuik | V.d.Stadt 34*staal | Denethor | Blocq v.Kuff. | 102.0 |
| 20 | 2001 | 20 | 3 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 100.0 |
| 21 | 2001 | 21 | 1 | Paul Heijmerink | Etap 26i | Rapaz | Naarden | 105.4 |
| 22 | 2001 | 22 | 2 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 23 | 2001 | 23 | 2 | Richard Panhuijsen | Waarschip 1/4 | Vega | Amsterdam | 112.0 |
| 24 | 2001 | 24 | 1 | Kees Lampe | Koopmans 39 | Copain | Lelystad | 97.40 |
| 25 | 2001 | 25 | 1 | Gerben Bos | FF 95 | Frequent Flyer | Medemblik | 91.00 |
| 26 | 2001 | 26 | 2 | Joep Dirkx | Waarschip 1/2T *1.65 | Razende Bol | Lelystad | 104.6 |
| 27 | 2001 | 27 | 5 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 28 | 2001 | 28 | 4 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J.Leeuwerik | Ketelhaven | 104.6 |
| 29 | 2001 | 29 | 3 | Kees Riemer | Gib’sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 30 | 2001 | 30 | 6 | Jan Luyendijk | Sun Light 30*1.45 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 31 | 2001 | 31 | 3 | Hans Pietersma | Carena 36 | Francis | Kampen | 103.0 |
| 32 | 2001 | 32 | 2 | Hans de Greeff | Alpha 32 | Zeeraaf | Harderwijk | 103.0 |
| 33 | 2001 | 33 | 2 | Dennis Oudkerk Pool | Optima 106 | Mirakel | Edam | 93.00 |
| 34 | 2001 | 34 | 2 | Arie Nauta | Grinde | Scarlet | Warns | 101.0 |
| 35 | 2001 | 35 | 4 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 36 | 2001 | 36 | 1 | BertJan v/d Woude | First 305*1,75 | Binky Toy | Almere-Haven | 100.9 |
| 37 | 2001 | 37 | 1 | Ben Hoekendijk | Victoire 933 | Shalom IV | Ketelhaven | 99.00 |
| 38 | 2001 | 38 | 1 | Gert Keizer | Brise de Mer | Lotte | Huizen | 103.0 |
| 39 | 2001 | 39 | 1 | Barend Peters | Jaquar 22 | True Blue | Naarden | 121.0 |
| 40 | 2001 | 40 | 4 | Arie Petrus | Egythene 24*1.40 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 41 | 2001 | 41 | 3 | Klaas Kreuze | Friendship 28 *1.20 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 42 | 2001 | 42 | 2 | Adrie Jansen | Contest 33*1.65 | Jade | Ossenzijl | 107.5 |
| 43 | 2001 | 43 | 1 | Gio Schouten | Freedom 35 | Samiel | Marken | 102.0 |
| 44 | 2001 | 44 | 1 | Iddo Schenk | Jaquar 22 | Janet | Ewijksluis | 121.0 |
| 45 | 2001 | 45 | 4 | Danker Daamen | Dragonfly,(Trimaran) | Passion | Enkhuizen | 59.10 |
| 46 | 2001 | 46 | 1 | Johan Deur | Noordsvaarder | Jo An | Blocq v.Kuff. | 114.0 |
| 47 | 2001 | 47 | 2 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 108.0 |
| 48 | 2001 | 48 | 1 | Jules Banffer | Snapdragon 747 | Storm | Huizen | 125.0 |
| 49 | 2001 | 49 | 4 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Enkhuizen | 106.0 |
| 50 | 2001 | 57 | 2 | Fred Avezaat | Wibo 830 | Wilfred | Strand Horst | 130.0 |
| 51 | 2001 | AFK | 2 | Lex Sablerolles | First 31.7 | Friske | Huizen | 91.20 |
| 52 | 2001 | RET | 1 | Thom Bierenbroodspot | Great Dane 12.70 | De Anders | Blocq v.Kuff. | 103.0 |
| 53 | 2001 | RET | 4 | Bauke Jager | Ocean 25*1.00 | Mira | Balk | 109.0 |
| 54 | 2001 | RET | 1 | Bert Koppe | Bavaria 37 | Bribon | Ermelo | 95.10 |
| 54 | 2001 | RET | 2 | Bauke Yntema | Winner 950 *1.35 | Catootje | Workum | 99.60 |
| 56 | 2001 | RET | 6 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 110.0 |
| 56 | 2001 | RET | 2 | Roderik Bijlard | Mini Transat | Arcahambault Coco | Huizen | 86.00 |
| 58 | 2001 | RET | 2 | Adriaan van Berkel | Sabina 11.00 | Mallemok | Medemblik | 103.3 |
| 59 | 2001 | DNS | 2 | Ferdi Costerman Boodt | Mini Transat | Redneck | R.C. Medemblik | 79.10 |
| 59 | 2001 | DNS | 3 | Joop Croonen | Halberg Rassy 352 | Al Wattayah | Naarderbos | 103.0 |
| 59 | 2001 | DNS | 3 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 59 | 2001 | DNS | 1 | Daan Gunnink | Vancouver 32 | V.v.Campen | Ketelhaven | 103.5 |
| 59 | 2001 | DNS | 2 | Marcel de Haan | Dufour 31*1.75 | Alfred J. | Lelystad | 104.0 |
| 59 | 2001 | DNS | 3 | Gert Reedijk | Gib’sea 126 | Breeze | Ketelhaven | 90.00 |
| 59 | 2001 | DNS | 2 | Peter van Rietschoten | Ufo 27 | Beaufort | Almere Haven | 104.0 |
| 59 | 2001 | DNS | 2 | Henjo Ruiter | Meridian | Cras fuctum est | Medemblik | 110.0 |
| 59 | 2001 | DNS | 2 | Bjorne Tazelaar | J 24 | Jambalaya | Muiden | 96.50 |
| 59 | 2001 | DNS | 4 | Jaap Verkerk | Comet 910*1.40 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 69 | 2001 | DNS | 6 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 98.50 |
|

|
3e. Han |
1e. Bart |
2e. Bart |
|
Beijersbergen |
Boosman |
van Breeschoten |
Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun echtgenotes en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en de routekeuze.
Er werd gesproken over de schietoefeningen nabij Breezanddijk, waardoor de 4 keuze-routes kwamen te vervallen. Een nieuwe, verplichte baan werd ‘s-nachts voor de wedstrijd geprogrammeerd. De internetverslaggeving en het regatta-bureau, Bob, Esther en Marco luyendijk werkten op volle toeren. Helaas had Jan Luyendijk een bestandje vergeten door te geven, zodat de eerste gegevens op internet er nogal wat vervormd uitzagen. Na de eerste dag al werd dit door ’t thuisteam perfect opgelost en konden de vele bezoekers van de website meegenieten met de verrichtingen van hun favoriete schippers :
Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.
| Iedere deelnemer kreeg zijn her- inneringsplaatje, alsook ’t log- boek met de foto-prints terug. Daarna de prijsuitreiking, waarin de tinnen borden aan de 3 prijs- winnaars werden uitgereikt Dancker Daamen kreeg van deStichting Schildpad een handge- maakte schildpad, als doorzet- tersprijs bij 3e. deelname voor de 1e. keer uitgezeild en als 1e. (linehoneurs) gefinisht in Muiden. |
De Kodak foto-prints waren weer van uitzonder- lijke kwaliteit en werden uitgebreid gecontro- leerd met loops en de echte voorbeelden bij de hand door Gerda en Piet Bakker. Volgens Piet ging er bij nachtopnames veel kwaliteit verloren door reflectie van flitslicht tegen de boot, sprayhoods, lieren, etc. ![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Ook de de mannen, die tijdens de wedstrijd behoorlijk veel werk hadden te verzetten, kregen een fles en/of bloemen.
Uitgebreid bedankt werden :
wsv AVOH voor de adoptie van de 200 myls ‘SOLO’ – 2001 en het vertrouwen, dat het hierin stelde.
Bob Luyendijk voor de kontakten/passagemeldingen met de schippers en de uitslagverwerking.
Marco Luyendijk, die een groot gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is.
Piet Bakker, vanwege de algemene werkzaamheden, zoals kontrolle foto’s etc., etc.
De start- en opnameschipper Gerard Lenselink, alsook de schipperse voor hun gastvrijheid en ontvangst, ondanks, dat Gerard zich niet wel voelde, voor de uitgezeilde solisten op de S/Y Alegro.
Jan Luyendijk als organisator, kreeg nog een prachtige, ingelijste foto van de Tam Tam, alsmede een T shirt van de 200 myls ‘SOLO’ met daarachterop ‘Boss’. Verder bleek er voor Jan ook nog een flesje op de tafel te staan.
![]() |
![]() |
| Bob vertelt over de kontakten en uitslagverwerking | daarnaast Ad Beringen, Joke en Frits Bartels |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| Waar hebben ze het allemaal over ? |
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
|
WELKE DAME DURFT HET AAN ? Wim Schreurs ontwierp en maakte speciaal voor de dames een wisseltrofee, die het aan zouden durven de 200 myls ‘SOLO’ – 2002 mee te verzeilen. |
![]() |
Jan Luyendijk, Huizen, 17 oktober 2000
door : Marco Luyendijk
07 oktober 2000 20:00 uur
Het zit er weer op, de zesde 200 myls ‘SOLO’ is weer een succes geworden. De solisten kregen deze keer te maken met de betere facetten van ons Hollandse weer. zacht, zon, windkracht 4 á 6. Veel schippers konden dan ook reglementair de opgegeven, verplichte baan 3 verzeilen.
![]() |
![]() |
Voor de race hadden zich 68 deelnemers ingeschreven, 58 schippers zijn er gestart en 51 gefinished. Het aantal uitvallers komt dan op 7. De boosdoenders waren de scheepsmotoren en de stuurautomaatjes, die het begaven. Een van de zeilers is gestopt wegens een aanvaring met een binnenschipper, waardoor de mast plat ging. De schipper kon gelukkig op eigen kracht zijn thuishaven Workum bereiken.
De uitslag zoals deze nu op internet staat is pas na 17 oktober definitief. De logboeken en foto-opnames moeten eerst worden gecontroleerd. Tot bovenstaande datum zullen er nog zeker enkele gewijzigde standen op het internet verschijnen.
Zondag 7 Oktober 2001 11:59:59 uur
De 200 myls ‘SOLO’ – 2001 zit erop.
Helaas heeft opname-schipper Gerard Lenselink met zijn vrouw, zich ’s morgens behoorlijk ziek, af moeten melden en is om 10:00 uur naar zijn ligplaats het Blocq Van Kuffeler vertrokken.
Het traditionele afmeer-borreltje en ’t aftoeteren van de zesde 200 myls ‘SOLO’ komt hierdoor ook helaas te vervallen.
Enkele solo-schippers liggen nog in de haven. De overige deelnemers zijn al naar hun thuishavens vertrokken. De rust is in Muiden teruggekeerd.
Zondag 7 Oktober 2001 11:00 uur
De laatste schipper Jules Banffer komt binnen varen, meldt zich af en overhandigt ons reglementair het logboek met camera.
Zaterdag 6 Oktober 2001 20:30 uur
Op drie solisten na is de 200 myls ‘SOLO’ – vloot in Muiden bij de Stichtingshaven binnengelopen.
![]() |
![]() |
|
|
De gehele dag door wordt er gefinisht door het laatste merkteken de M 1 voor de haven van Muiden te fotograferen en daarvan de passage-tijd te noteren.
De verhalen van de schippers, nu bij elkaar aan boord, tonen weer het enthousiasme voor deze unieke wedstrijd.
![]() |
| Op weg op een van de laatste rakken, de PH naar de Nek |
Vrijdag 5 Oktober 2001 22:25 uur
Dancker Daamen is de eerste zeiler die halverwege de vrijdagmiddag de finish in Muiden bereikte. De trimaran van Dancker was na de problemen van vorig jaar nu wel in staat de eindstreep te halen. Er zijn intussen al 5 schepen in Muiden aangekomen welke zich hebben afgemeld bij het regattabureau. Ondanks dat Dancker de eerste gefinishde deelnemer was, is het niet het eerste in de voorlopige uitslag.
Frits Bartels staat bovenaan de lijst. De oorzaak hiervan is het SW (Handicap) cijfer waardoor Frits er beter voorstaat dan Dancker, alsmede, dat hij als een van de eerste 200 mijl achter zijn naam heeft staan.
Op weg naar Hoorn biedt Dik Geurts Albert Broshuis een biertje aan,
laat z’n boot z’n boot, en stapt bij de Scheerling aan boord.
De Bandos zeilt nu echt soloVrijdag 5 Oktober 2001 11:00 uur
Thom Bierenbroodspot (startnummer 58) heeft zich afgemeld door problemen met de pomp van zijn dieselmotor.
Vrijdag 5 Oktober 2001 9:30 uur
Gerben Bos ligt voorop in de race, tot nu toe heeft hij de meeste mylen afgelegd. In 2 dagen tijd 179 myl varen is een goede prestatie. Niet iedereen is meer van de partij, naast Bauke Yntema heeft ook Piet Bakker de zeilen moeten strijken, bij hem speelt een knieblessure parten die hij tijdens de race heeft opgelopen.
Ook zijn er net als de andere jaren weer stuurautomaten die er de brui aan geven. Een van de oorzaken is dat een schipper er maar gewoon op is gaan zitten, tja en daar kunnen die automaatjes nou net niet tegen.
Jan Kees Lampe en Wim Schreurs hebben beide last gehad van een schootlijn in de schroef. Jan Kees heeft zijn boot uit het water laten halen, de lijn eruit gehaald en vaart weer, Wim moest zelfs aan hogerwal het water in! Alles is nu weer ok na zijn duikactie. Wim heeft trouwens een prachtige wisseltrofee gemaakt voor de eerste dame die mee zou doen in de 200 myls, maar helaas ook dit jaar nog geen dames!
Ook zat het Iddo Schenk niet echt mee, zijn spinakerval zat vast en dat heeft hem een uur van de wedstrijd gekost. Tevens heeft hij zijn enkel zwaar verstuikt, maar de doorzetter zeilt verder.
![]() de Tam Tam |
![]() Harmen Veenstra in de strijd bij Breezanddijk met z’n Jonker Leeuwerik |
![]() de Jo An |
![]() |
![]() De Gambiet van Gert Vink |
![]() |
Govert Riksen had de spinaker als een vaan aan de mast hangen, tussen de NEK en de OVD3 wapperde deze er lekker op los. Natuurlijk is dit goed gekomen maar het is een bijzonder gezicht. Maar ja bij Govert ….
Donderdag 4 Oktober 2001 21:00 uur
De deelnemers melden zich via telefoon, voicemail, sms en email. Om een indruk te krijgen is hieronder een mailtje te vinden van Bauke Yntema, die helaas is uitgevallen na een aanvaring met een binnenvaart schip. Daarnaast hebben we twee voicemail berichten.
Hierbij nog even een berichtje van Bauke.
Ik ben voorspoedig in Workum aangekomen en we hebben vanavond de mast geborgen en de spulletjes opgeruimd. Ik ben nog wel licht aangeslagen door het ongeval maar ben alweer bezig met hoe ik mijn schip weer klaar zal kunnen krijgen (mijn zeilseizoen is dit jaar afgelopen dat mag duidelijk zijn). Morgen komt er al een expert om de schade op te nemen. De schade aan mast en tuig valt mee, maar de romp heeft fikse schade. Vooral de bakboordszijde is ter plaatse van het keukenschot geheel gekraakt en ontzet.
Graag wil ik alle schippers die nog even poolshoogte hebben genomen en mij vroegen of ze wat voor mij konden betekenen bedanken. Ook de vriendelijkheid van de reddingsmaatschappij was hartverwarmend.
Jammer van de wedstrijd, dat was mijn eerste gedachte (absurde gedachte). Maar als dit niet was gebeurd dan waren die 1e 4 nog niet van mij af geweest!
Donderdag 4 Oktober 2001 11:11 uur
De eerste uitvaller heeft zich helaas gemeld. Bauke Yntema met zijn schip Catootje heeft een aanvaring gehad. De materiele schade is aanzienlijk groot, de mast is van zijn boot af en de boeg is zwaar beschadigd. Met Bauke zelf is alles goed en hij is zelfstandig naar een haven gevaren. De te hulp geschoten mede-deelnemers konden hun weg voortzetten.
Woensdag 3 Oktober 2001 23:00 uur
De eerste dag zit erop, alle zeilers liggen in een haven en iedereen heeft zich gemeld bij het regattabureau. Het weer was erg mooi de eerste dag, zon en wind waren de voornaamste ingredieenten. Frits Bartels staat momenteel bovenaan de lijst op de eerste plaats, hij heeft samen met Dik Geurts en Gerben Bos de eerste dag de meeste mylen afgelegd.
![]() Govert Riksen vaart van de Nek naar de OVD 3 onder spinaker |
![]() De Batavus zeilt nu echt onder helling richting Urk |
![]() Bij de V 15 – Medemblik breekt de Catootje de fokkeval |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Woensdag 3 Oktober 2001 10:00 uur
Van de 68 ingeschreven deelnemers zijn er de afgelopen drie uur 58 van start gegaan, 8 deelnemers hebben zich gisteren officieel afgemeld, twee zeilers hebben zich niet bij het startschip gemeld en zijn ook niet bij het palaver geweest ?
![]() Startschipper Gerard Lenselink bezig met het afvinken van de deelnemers en het noteren van de vertrektijden. |
![]() Rond acht uur is het al bijna licht en vaart de Scheerling, een Winner 950, van Albert Broshuis al zeilend de haven uit! |
Woensdag 3 Oktober 2001 7:00 uur
De stichtingshaven ligt vol met zeilboten, allemaal solo-wimpels wapperen aan de masten. Vanaf dit moment mogen de schippers het ruime sop kiezen. Ze starten niet allemaal tegelijk, maar tussen 07:00 en 10:00 uur. Het is een mierennest in de haven, de ruim vijftig schippers die hier hebben overnacht zijn bezig hun messen te slijpen. Terwijl de een met een kop koffie in zijn hand staat te gapen, is de ander op zoek naar de juiste zeilen en loopt gespannen al zijn (het) tuig nog eens na. De schippers bereiden zich allemaal anders voor, terwijl op het startschip de Allegro zich al diversen schippers hebben gemeld om te vertrekken, zijn andere schippers dit nog niet van plan en wachten op nog meer wind.
![]() |
| Het is nog donker als de laatste voorbereidingen worden getroffen. |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Diverse deelnemers hebben de haven geblokkeerd omdat ze 6 dik liggen en andere zitten te wachten totdat er ruimte is om weg te varen. Het is gezellig druk, ook dit is de 200 myls ‘SOLO’.
![]() |
| Het Muiderslot is nog donker als de meeste schippers vertrekken voor de race. |
Dinsdag 2 Oktober 2001 20:30 uur
In Cafe Ome Ko in Muiden is het weer ouderwets vol. De solo zeilers zijn hier aanwezig voor het palaver van de zesde 200 myls ‘SOLO’ zeilrace.Alle schippers krijgen hun felbegeerde 200 myls ‘SOLO’ pet, hun logboek en een fotocamera. In het logboek moet alles worden bijgehouden en wordt er van de eerlijkheid van de zeiler uitgegaan. Tijden voor het ronden van boeien, passeren van sluizen wordt nauwkeurig bijgehouden. Iedere avond tussen 18:00 en 22:00 uur moeten de schippers deze gegevens doorgeven aan het regattaburo waar ze worden ingevoerd en verwerkt. Deze uitslagen zijn vervolgens te vinden op het internet. Als bewijs dat ze bij een boei zijn geweest moet men op maximaal 4 meter afstand van een boei een foto maken, waarbij ’s nachts natuurlijk de flitser wordt gebruikt.

Tijdens het palaver worden er een paar belangrijke mededelingen gedaan. Zo mogen de schippers helaas niet meer een route kiezen, maar zijn ze verplicht baan 3 te varen. Door een miscommunicatie tussen Rijkswaterstaat en defensie worden er op het Noordelijke gedeelte van het IJsselmeer schietoefeningen gehouden ter hoogte van Breezanddijk, dit heeft tot gevolg dat alleen route 3 nog maar gevaren mag worden. Ruim op tijd heeft de organisatie van de 200 myls ‘SOLO’ de aanvraag ingediend om de wedstrijd te mogen houden en de beschikking verkregen. Oefeningen worden door defensie opgeschort voor zeilwedstrijden, helaas was dit twee dagen voor de race niet meer mogelijk. Bij toeval is een van de zeilers een Luitenant van de Landmacht en vroeg of we op de hoogte waren van de speciale oefeningen. Vanwege dit zware geschut heeft de organisatie helaas moeten besluiten om de nieuwe route 3 te verzeilen, omdat boten uit het doelgebied worden gestuurd door de Marine.
Zeilen, maart 2002
| Boei op de kiek.Daar vaar ik, midden in de nacht, de sterren aan de hemel en het water schiet donker en zwart langs de boot. Best bedreigend maar ook fascinerend mooi. Waarom vaar ik hier? Omdat ik meedoe aan een 200 mijl solo wedstrijd op het IJsselmeer, Wadden en Noordzee. Op weg naar een boei die ik moet ronden en fotograferen om te bewijzen dat ik daar geweest ben. Gelukkig heb ik een GPS (Global Position System, werkend op satellieten) die mij de weg wijst, want boeien zijn moeilijk te identificeren s’nachts. De meeste hebben geen lampje en daar vaar je zomaar tegenaan als je niet goed oplet en degene met wel een lampje zijn moeilijk te vinden tegen de achtergrond van het vaste land met allerlei verwarrende lichten.
Nu moet ik even goed nadenken in welke volgorde ik alle handelingen bij de boei ga doen. De gennaker is gehesen en die moet ik binnenhalen omdat ik na de boei een andere koers ga varen t.o.v. de wind. En oh ja, de flitser van de wegwerpcamera moet ik op tijd activeren want anders mislukt de foto van de boei. Als eerste ga ik de fok hijsen zodat deze de wind breekt voor de gennaker. Dan kan ik die binnenhalen. Hoeveel mijl voor de boei ga ik de procedure starten? Als ik te vroeg ben verlies ik kostbare seconden, want zonder gennaker loopt de boot een stuk langzamer. Als ik te laat ben dan kan ik bij de boei de foto niet maken en kan ik niet direct mijn nieuwe koers gaan varen. Shit, met handschoenen aan krijg ik die flitser niet geactiveerd. Ook moet ik even goed opletten dat mijn veiligheidslijn, waarmee ik aan de boot vastzit, niet in de war raakt met alle andere lijnen. Zo wie zo moet ik alle lijnen even netjes neerleggen. Als ik op het voordek sta, de boot op stuurautomaat, om die grote lap zeil binnen te halen en die lijn loopt vast zit ik mooi in de problemen. Goed dan, voor de zekerheid begin ik 0,8 mijl voor de boei met alle handelingen. Handschoenen uit, camera pakken en opstarten, handschoenen weer aan, fok hijsen, de gennaker-lijn losmaken en meenemen naar het voordek, de gen pakken, lijn loslaten en de gen in de zeilzak proppen, terug naar de kuip, waar is die camera, oh daar, mooi ik ben klaar voor het ronden van de boei. Hoeveel mijl nog? Hè, nog 0,3 mijl te gaan. Dat was dus allemaal te vroeg. Nou ja ik ben er in ieder geval klaar voor. Paul Heijmerink, S/Y Rapaz |
![]() ![]() |
| De ‘wedstrijdtocht’ werd dit jaar gevaren onder schitterende omstandigheden, met wind de eerste twee dagen tussen de 4 en 6 Bf. Daarna de volgende dagen afzwakkende wind tot 2 à 3 Bf. met een mooi zonnetje, alles uit zuidelijke richtingen. Dit jaar, vanwege de ‘onverwachte’ schietoefeningen vanuit Breezanddijk richting Den Oever, een voor alle schepen verplichte gelijke route, waarbij verder het gehele IJsselmeer werd benut. Eigenlijk begon het al de avond vóór de start met het gezellige palaver in het oude kroegje ‘Ome Ko’ aan de oude binnenhaven in Muiden, waar onder het genot van een biertje de benodigde logboeken en fotocamera’s worden uitgereikt. De eerste sterke verhalen worden uitgewisseld. Toch gaan de meesten ‘op tijd’ te kooi. |
Tijdens de prijsuitreiking van de 200 myls praten Joke Bartels, Ad Beringen en Frits Bartels nog even na. |
Natuurlijk is een aantal deelnemers aan het solozeilen gewend, zoals onze Ad Beringen met zijn ‘Skua’ en ook de latere winnaar Bart Boosman, die me -tijdens het sluizen bij Lelystad- vertelde met zijn zelf ontworpen en zelf gebouwde schip, ‘De Franschman’ de afgelopen zomer naar IJsland en rond Engeland gevaren te zijn. Gevaren werd onder s.w. handicap.
Daags voor de start had ik in een moedige bui aan organisator Jan Luyendijk gezegd, dat ik tevreden zou zijn met een plaats in de einduitslag bij de eerste tien. En dat is met een zesde plekje uiteindelijk prima gelukt.
Is solo-zeilen leuk?
Met een 60-tal schepen op dezelfde route kun je hier nauwelijks van solo-zeilen spreken. Je komt elkaar op het water steeds tegen en bij het afmeren is er al gauw een helpende hand. Ik heb me geen moment verveeld. De warme maaltijden had ik in ‘eenmans-verpakking’, zo uit de winkel en klaargemaakt door niemand minder dan het team van Joop Braakhekke, prima van smaak en goed van de benodigde kruiderijen voorzien. Een kwartiertje ‘au bain marie’ , op het bord laten glijden en met een biertje erbij aan het diner.
Is het gevaarlijk?
Mijns inziens -bij deze tocht met wedstrijd-karakter- niet meer dan anders. Er zijn voldoende verplichte rustperioden. Bovendien mag er tijdens een windwaarschuwing van 7 Bf. of meer of tijdens mist met een zicht minder dan 1000 meter niet verder gevaren worden en moet een haven worden opgezocht.
We hebben daar dit jaar dus niet mee te maken gehad. We hebben juist kunnen genieten van prachtige wolkenluchten met buien en schitterend de zon daartussen door. Opvallend goed voor de maand oktober. Natuurlijk kan dat ook heel anders uitpakken.
Je moet wel steeds goede uitkijk houden, want er zijn veel meer schepen op het water. Ook beroepsvaart. Ook ‘savonds of ‘snachts en het was goed donker!.
Enkele schepen kwamen in de problemen door niet werkende stuurautomaten. daardoor ook dit jaar net als in de vorige afleveringen, meerdere uitvallers.
De gps maakt de navigatie onderweg wel erg gemakkelijk! Geen gezoek naar de boeien. Recht op het doel af.
Alles bij elkaar een pracht tocht met wedstrijdkarakter. Meerdere schippers schrokken er niet voor terug ook de spi volop te gebruiken. Daar had ik mij dit jaar nog niet op voorbereid. Een volgend keer zal ik proberen ook dit meestal volop gekleurde voordeel te benutten.
Op line honours was Danker Daamen met zijn trimaran ‘Passion’ vrijdagmiddag om 14.49 uur de eerste aan de finish bij de M1 boei te Muiden. Ik was zeer tevreden diezelfde dag nog als vierde met onze ‘Easy Going‘ ,een Contest 40S, binnen te lopen om 17.00 uur. De meeste deelnemers kwamen in de loop van de zaterdag binnen.
Een en ander was voor de thuisblijvers op internet te volgen. Website: http//www.200myls.nl
Voor liefhebbers een prachtig evenement.
Frits Bartels.
S/Y Easy Going
![]() |
Waarde Jan,Moet even wat van mij laten horen.Ik laat je het kaartje doen toekomen van de route van dit jaar. Nabij Breezanddijk ligt het oorlogsschip, klaar om alle solisten van de wereld af te schieten. Helaas zijn de huidige schepen te snel voor de kanonniers. Hoop spoedig van je te horen, Jaap Homan. |
200 myls ‘SOLO’ – 2001
Dit jaar weer meegedaan met de 200 mijls race.
De bedoeling is in een beperkte tijd 200 Nm af te leggen
(91 Euromijl). De start was in Muiden op woensdagochtend 3 oktober. Iedereen moest vóór zondag 7 oktober
12.00 uur binnen zijn.
Normaal gesproken kon er uit vier banen gekozen worden. Dit keer werden alle banen geschrapt in verband met
schietoefeningen met echte dingen nabij breezanddijk. Het is natuurlijk de vraag of ze je wel hadden kunnen
raken. Het resultaat was een nieuwe baan voor alle deelnemers:
Start: M1 bij Muiden
Via MN1GZ2, Nek, OVD3 naar de sluis in Lelystad. Verder vanaf de EZ27 naar de V15 nabij Medemblik. Van daaruit verder naar de UK16 nabij Urk. Verder naar de sport B nabij de afsluitdijk, LC6VZ1 (Staveren), H2W1 (Hindeloopen), EZ1KG2 (Enkhuizen), LC6VZ1, EZ27, OVD3, PH (pampushaven), NEK, MN1GZ2, BvK en de finish bij de M1. Om het niet al te vermoeiend te maken krijgt iedereen minimaal 27 uur rust mee, waaronder ten minste 6 uur voor anker. Ook moet iedere boei van de baan gefotografeerd worden met een wegwerpcamera. Na de race wordt de camera en het logboek afgegeven aan de organisatie.
De race begint voor mij in Durgerdam Een harde wind uit ZW met in de vlagen 37 knopen maken het vertrek zeker niet eenvoudig. Mede omdat het waterpeil 20 cm lager is. Heel lui op motor naar Muiden en afgemeerd bij de Stichtng tegenover de Koninklijke. En passant dus ook de accus goed gevuld.
Er zijn dit jaar 68 inschrijvingen . 58 deelnemers gaan daadwerkelijk van start. 51 schepen maken de race af.
Dinsdagavond een palaver bij Ome Ko.
Hier wordt medegedeeld dat er slechts één baan is. Iedere deelnemer krijgt een wegwerpcamera, petje en logboek mee. De start vindt plaats tussen 7.00 uur en 10.00 uur.
De race:
Woensdag 3-10
Na een ruim ontbijt op weg naar de M1. Precies om 7.30 uur de boei gepasseerd en op weg richting paard. De wind is ZZW3. Rustig beginnen is het motto. Met uitgeboomde fok op weg. Op een aantal schepen zie ik de spinnaker verschijnen.Een prachtig langgerekt veld zover het oog reikt. Via de MNGZ naar de NEK. Daarna met halve wind op weg naar Lelystad. Om 12.00 uur bij
de OVD3. De motor gaat aan en op weg naar de sluis. Ondertussen verwissel ik de 100% voor de genua 2. Vanaf de EZ27 wordt er weer gezeild. De wind trekt echter aan naar een dikke 5. De snelheid loopt op naar gemiddeld 7 knoop.Nabij Medemblik neemt de wind toe tot ZW7. Rond 16.45 rond ik de V15. Een aantal boten wijkt hier uit naar Medemblik voor hun eerste rustperiode. Ik zet door omdat de snelheid hoog genoeg blijft.
Om 19.24 uur aankomst bij de UK16. Een aantal deelnemers heeft hetzelfde gedaan.
Na de eenvoudige doch voedzame maaltijd wordt er bij de buurman koffie gedronken. De sterke verhalen komen tegelijk met de sterke … boven tafel. In de kajuit bij Ed Megens van de Lupa Maris melden zich even later onder meer Ben Hoekendijk en Bart Boosman. Ben mocht genieten van mijn bilgewater speciaal. Bart vertelde hoe hij zelf zijn boot had ontworpen en gebouwd. Een beroerd snel schip moet ik zeggen. Geen lichtgewicht racer. Hij woont aan boord samen met erg veel boek. Een echte solozeiler. Hij had al in zijn eentje IJsland bezocht. Ook had hij al Engeland en Ierland geheel rondgevaren. Hij vertelde dat hij in 1998 geweigerd werd voor de Colin Archerrace. Hij is er nog verontwaardigd over.
Joep Homan – S/Y Almare – Het Y
WV de Schinkel – 2001
| Ed heeft afgelopen zomer meegedaan aan de driehoek noordzee. Vorig jaar had hij de noordkaap bezocht. Ik krijg het gevoel dat de solozeiler het solisme aflegt zodra de vaste wal opdoemt. De 200 mijls race lijkt het raamwerk te worden voor een heleboel fraaie verhalen. ![]() Zonsopgang bij UrkDonderdagochtend op tijd op voor de volgende etappe. Tegen acht uur bij de UK16. Ik kies voor de werkfok in verband met de toch wel herfstachtige omstandigheden. Ruw weer en ruw water is ons deel. De wind is ruim 5 Bf. De snelheid is weer hoog genoeg. Rond half twaalf bij de B-boei. Voortdurend in gevecht met andere schepen. De stuurautomaat werkt zich een electronische bult. Na de B boei via de LCVZ naar Hindeloopen. Daarna hoog aan de wind naar Enkhuizen. Terug naar de LCVZ en door naar Lelystad. De onrustige omstandigheden doen een behoorlijke aanslag op de conditie. Rond 20.45 uur bij de EZ27. De totale afgelegde afstand is inmiddels opgelopen naar 151 Nm. Ik duik de verenigingshaven in. Welverdiende rust. De vijfde landvast verzorgt ondertussen de accus en de warmwatervoorziening. Na mij komen er nog enkele schepen binnen. Een aantal schepen gaan voor anker aan de noordzijde van de sluis. Vrijdag: Na de NEK opkruisen naar de MNGZ. Door zorgvuldig te trimmen kan ik er toch nog een redelijke snelheid Zaterdagochtend: Nog maar 8 Nm te gaan. Het is inmiddels koeler geworden. Met een Z 4 Bf die later Deze race is een schot in de roos. Het is een prachtige combinatie van wedstrijd en najaarstocht. Voor velen
|
de Uitkijk – Nieuwskrant van de Waterkampioen – 26 oktober 2001
| Huizen – Bart Boosman uit Bergen heeft met zijn boot ‘de Franschman’ op handi- cap de 200 myls ‘SOLO’ gewonnen. De race werd van 3 tot en met 7 oktober gezeild. De 29-jarige solozeiler heeft zelf zijn Boosman 30 ontworpen en ge- bouwd. Volgens organisator Jan Luyen- dijk is Boosman een solozeiler pur sang.Boosman rondde al eerder IJsland en Engeland. De inwoner uit Bergen was al na de race voorlopige winnaar. Na controle van de logboeken en foto- opnames van de merktekens werd op 17 oktober zijn zege definitief bekend- gemaakt in het clubgebouw van water- sportvereniging AVOH in Huizen. In de vroege morgen van 3 oktober werd vanaf Muiden gestart met het fo- tograferen vab de boei M 1. Een bolle zuidzuidwestenwind 5 beaufort, zorg- de ervoor dat de zestig gestartte solo- schippers de eerste dag al een behoor- lijk aantal mijlen in het logboek kon- den optekenen. Dat kleine jachten niet onder hoeven te doen voor de grotere bleek uit het feit dat onder meer het Waarschip 660, de Mary Bryant van Bart van Breescho- ten alsook Bart Boosman ‘s-avonds in Breezanddijk al 91 mijl hadden gezeildG.P. |
Voor deze editie van de 200 myls ‘SOLO’ hadden de solisten in hun logboek op het palaver bij ome Ko opdracht gekre- gen een verplichte baan te verzeilen van 200 mijl. De vier keuzeroutes kwamen te vervallen. Een paar dagen voor de race kreeg men te horen dat in het schietoefeningengebied bij Breezand- dijk met een nieuw kanon werd gescho- ten. De opmerkingen van het comman- do dat de kans groter was dat men wel dan niet geraakt zou worden, deel de organisatie ’s nachts nog beslissen een andere baan te maken.De dagen van de race werden bepaald door een vrijwel constante 4/5/6 beau- fort zuidelijke wind, zacht en droog. De line honeurs kwam toe aan Dancker Daamen, die met zijn trimaran Passion in de vroege vrijdagmiddag als eerste in Muiden finishte. In twee vorige 200 mylsraces was Dancker niet aan fini- shen toegekomen. De pechvogel was Bouke Yntema uit Workum met zijn Cato’tje, een Winner 950, die z’n mast verloor vanwege een aanvaring met ‘n binnenschipper bij Urk.Uiteindelijk werd zondag om 12 uur de wedstrijd gesloten. |
In totaal kwamen vijftig deelnemers over de finish, vielen er tien uit en waren er acht niet gestart. Boosman ging dus met de winst aan de haal.foto : Bob Luyendijk Organisator Jan Luyendijk reikt de eersteprijs uit aan Bart Boosman De tweede plaats was weggelegd voor de |
Gooi- en Eemlander, 08 oktober 2001Bart Boosman voorlopige winnaar solozeilrace
|


| Route 3 Datum |
Foto Pass tijd |
Merkteken te fotograferen |
Merkteken na rust/sluis fotograferen |
Rusthaven en/of Sluis |
Route Af- stand |
Log- stand |
Baro- meter |
Wind kr. |
Wind richt |
Zeil- voering |
||||||
| 3-10-01 | 09:49 | Start M 1 | MUIDEN | 000 | 355 | 1028 | 5 | ZW | Grootzeil+genua 1 | |||||||
| M 1 | ||||||||||||||||
| 11:22 | GZ 2 | VOLENDAM | 011 | 365,3 | 1029 | 5 | ZW | Grootzeil+genua 1 | ||||||||
| GZ 2 | ||||||||||||||||
| 12:26 | NEK | HOORN | 018 | 372.7 | 1029 | 5-6 | ZW | Grootzeil+genua 1 | ||||||||
| NEK | ||||||||||||||||
| 13:58 | OVD 3 | S/LELYSTAD | 029 | 383,4 | 1030 | 5-6 | ZW | Grootzeil+genua 1 | ||||||||
| 15:35 | EZ 27 | (EZ 27) | S/LELYSTAD | 036 | 392 | 1030 | 6 | ZW | Grootzeil+genua 2 | |||||||
| 18:45 | V 15 | MEDEMBLIK | 052 | 413 | 1029 | 6 | ZW | Grootzeil+werkfok | ||||||||
| V 15 | ||||||||||||||||
| 21:40 | UK 16 | URK | 070 | 431 | 1030 | 5 | ZW | 1e.rif+werkfok/genua1 | ||||||||
| 4-10 | 09:04 | UK 16 | 436 | 1030 | 5 | ZW | 1e.rif,latereruit,fok | |||||||||
| 12:45 | SPORT B | BREEZANDDIJK | 094 | 461 | 1030 | 5-6 | ZW | Grootzeil+fok | ||||||||
| SPORT B | ||||||||||||||||
| 14:22 | VZ 1 | STAVOREN | 105 | 471.8 | 1031 | 5-6 | ZW | 1e.rif+fok | ||||||||
| VZ 1 | ||||||||||||||||
| 15:40 | H 2 | HINDELOOPEN | 112 | 480 | 1031 | 4-5 | ZW | Grootzeil+fok | ||||||||
| H 2 | ||||||||||||||||
| 18:16 | KG 2 | ENKHUIZEN | 127 | 495 | 4 | 1031 | ZW | 1e.rif,eruit+fok | ||||||||
| KG 2 | ||||||||||||||||
| ZW19:28 | VZ 1 | STAVOREN | 134 | 502,2 | 1031 | 4 | ZW | Gootzeil+genua2 | ||||||||
| 5-10 | 09:20 | VZ 1 | 510,5 | 1030 | 4-5 | Z | 1e.rif+genua2 | |||||||||
| 13:16 | EZ 27 | S/LELYSTAD | 151 | 532,3 | 1030 | 3-4 | Z | Grootzeil+genua2 | ||||||||
| 15:15 | OVD 3 | (OVD 3) | S/LELYSTAD | 158 | 540,7 | 1030 | 3 | ZZO | Grootzeil+genua1 | |||||||
| 16:55 | PH | PAMPUSHAVEN | 167 | 550,9 | 1029 | 3 | ZZO | Grootzeil+genua1+anker | ||||||||
| 6-10 | 09:00 | PH | 557,1 | 1027 | 4 | Z | Grootzeil+genua2 | |||||||||
| 11:05 | NEK | HOORN | 179 | 569 | 1028 | 3+4 | ZZW | Grootzeil+genua2 | ||||||||
| NEK | ||||||||||||||||
| 12:50 | GZ 2 | VOLENDAM | 186 | 578,8 | 1028 | 4-5 | ZZW | 1e.rif+genua2 | ||||||||
| GZ 2 | ||||||||||||||||
| 13:45 | BVK | BLOCQ V.KUFF | 192 | 584,4 | 1028 | 4-5 | ZZW | Grootzeil+genua2 | ||||||||
| BVK | ||||||||||||||||
| 15:27 | Finish M 1 | MUIDEN | 200 | 594.3 | 1028 | 4-5 | ZW | 1e.rif+genua2 |
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 1 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| Woensdag 3 oktober Door alle drukte op mijn werk geen vrije dagen kunnen nemen en doe dan ook een race tegen de klok om de boot min of meer klaar te krijgen. Dinsdagavond met de auto naar Muiden, net op tijd om tot mijn spijt te horen, dat er maar één route over is i.v.m. de schietoefeningen bij Breezanddijk. Het is niet anders. Gauw naar huis voor de laatste klusjes en toch weer te laat naar bed. Een korte nacht. Om 06:00 uur op, spullen verzamelen, een bak koffie en naar de boot. Door de tijd, die ik nodig heb voor opruimen, zeilklaar maken en het voeden van de GPS is het pas tegen 10:00 uur, dat ik kan starten. Ik ben niet alleen. Samen met een Dehler 31, de Maran ? een een gele tweemaster gaan we op weg. De gele tweemaster blijft al snel achter, maar de Maran is een taaie tegenstander. Uiteindelijk is hij een paar minuten voor mij in Lelystad. Tegen die tijd ben ik ook bijna ingehaald door een Bavaria 37, de Bribon. Bij de start heb ik nog even geaarzeld over een spinaker, maar dat idee heb ik al gauw laten varen. Of mijn windsnelheidsmeter klopt niet, of de meldpost IJsselmeer zit er weer eens naast, maar ik heb meer windkracht zes gehad, dan de post Lelystad. Met ruime wind is de genua 1 net te houden, maar ik wissel toch maar in de sluis, snel weer onder zeil en de genua uitgeboomd tot de EZ 27. Richting V 15 vergeet ik bijna het Enkhuizerzand. Ik neem vervolgens geen risico en zeil er helemaal omheen. De Bridon doet dat ook, maar de Maran steekt samen met een paar |
Maran bij de start en alle boeien tot de EZ 27. De Bridon bij Lelystad en bij de EZ 27.De Francis ? net voor mij bij de V 15 en de UK 16 |
||
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 2 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| anderen een stukje af. Dat kan ook makkelijk. Net na het Enkhuizerzand is het vrij hoog aan de wind en ben ik zwaar overtuigd. Ik besluit de ‘II’ eraf te halen, maar vergeet mijn jas en laarzen aan te doen. Na ’n kwartier bijna stil te liggen en worstelen op het voordek, dat uiteraard dapper op en neer stampt, staat er een kleine fok (nog niet eerder gebruikt) op en ben ik kletsnat. Uiteindelijk trek ik ook nog maar een rif en lopen we weer. Droge kleren, een droog zeilpak, laarzen en dan een inhaal-race. Dat valt echter tegen. Ik haal er maar een paar in voor de V 15, waaronder Arie Petrus, en baal een beetje van alle vroege starters en snellere schepen, die allang onderweg zijn naar Urk. Ik besluit toch ook nog maar door te gaan. Dat wordt dan een uur of tien. Het weerbericht blijft stabiel. Bovendien is het volle maan. Even een poosje relaxed gezeild, daarna een beetje eten gemaakt en koffie gezet. Tegen acht uur is de wind weer afgezwakt, dat ik de genua II er toch weer opzet. Het rif laat ik zitten. ’t Wordt een mooi rak naar Urk waarbij ik uiteindelijk nog 3 schepen inhaal. Welke ? Benieuwd of de foto van de UK 16 is gelukt. Dan een lastige aanloop naar Urk. Afgemeerd en opruimen. Da’s wel nodig met de zo opgevouwen zeilen en allemaal nat goed in de kajuit. Ik moet toch ergens slapen. Rond 23:00 uur komt Arie gelukkig ook binnen. |
|||
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 3 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| Hij heeft Urk dus ook gehaald. ’t Zou wel handig zijn om te onthouden, dat de wit/blauwe lijn het 1e. rif is i.p.v. de wit/rode. Dan hoef je niet te wisselen als je je grootzeil weer voor de eerste keer hijst.Donderdag, 4 oktober Slecht geslapen. Het schip naast me ligt wat strak, waardoor het iedere keer stoot. Ik heb ook geen zin om er wat tegen te doen. Toch weer te laat weg. Pas even na 09:00 uur ben ik bij de UK 16. Ik begin aan een inhaalrace, maar als schepen mijlen ver voor liggen, valt dat nog tegen. De wind blijft veranderlijk in sterkte met regelmatig een dikke zes, tenminste op mijn windmeter. Ik heb de hoeveelheid zeil dan ook maar beperkt, maar om het Vrouwezand heen gaat toch het rif eruit. Pas voorbij de Sport B er weer in.Het schieten valt tegen. Zo nu en dan een zware knal, maar geen spectaculaire water zuilen. Al met al is het schitterend weer. Na de VZ 1 het rif er weer uit. Dat gaat er na de H 2 weer in. Aan de wind valt het tegen en ik geef te vroeg hoogte prijs. Resultaat een kleine klap over stuurboord om Stavoren vrij te zeilen. Bij de KG 2 weer het rif eruit. Ik overweeg om onder de dijk Enkhuizen – Lelystad voor anker te gaan. Het weerbericht heeft het echter inmiddels over krimpende wind naar Zuid en later wellicht naar Zuid-Oost. Eigenlijk zou ik vanavond nog naar Lelystad moeten, maar het moet wel leuk blijven. Stavoren wordt het compromis. Rond kwart over acht meer ik af |
Je komt de halve vloot tegen. Helaas zijn de meeste namen niet te lezen.De ‘Rapaz’ is even voor mij gestart, Die haal ik later in.In de buurt van de Sport B onder ande- de Fighter en sw Scarlet. De Fighter gaat een poosje voor me om de VZ 1 |
Ik haal hem in voor de H 2. Bij de H 2 de Nan.Bij de KG 2 de Vega. In Stavo- ren lig ik naast de Denethor. |
|
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 4 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| langs de Denethor. Al 132 mijl van de route gehad. De oude haven, dan kan ik morgen naar de bakker. Het is ook duidelijk, dat mijn log niet helemaal klopt. Dat moet ik eens rustig calibreren. Rijst met ragoût gekookt. Opgeruimd. Bob gebeld en bijtijds naar de kooi. ’t Was een mooie zeildag Nog vergeten te melden, dat er vanmorgen een erg boze havenmeester op de kade stond. “Wie dat organiseerde en waarom dat niet gemeld was en ze voeren allemaal maar weg, etc”. Ik heb geprobeerd uit te leggen, dat dit van te voren niet was te voorzien, dat het puur toeval was, dat er zoveel boten in Urk waren, maar het mocht niet baten. De man bleef boos. ’t Kostte haast nog moeite om hem zover te krijgen, dat ik mijn havengeld kon betalen.Vrijdag, 5 oktober Samen met de Denethor de haven uit. Genua II en het 1e. rif. Nog zeil zat. De VZ1 is inmiddels niet meer bezeild, dus het kost even wat tijd om te starten. Eigen schuld, als je eerst vers brood wilt halen, ben je niet op tijd weg. Overigens maakt de Denethor, Gert Kuik, een foto van de verkeerde boei, de LC1 i.p.v. en snijdt daarmee wel een stuk af. ’t maakt niet uit, want uiteindelijk haal ik hem in het kruisrak naar de EZ 27 ruim in. Wat een rottig eind varen. Die mensen die gisteren zijn doorgegaan, hebben daar, zoals te voorzien, dik voordeel van gehad. |
Bij vertrek de Denethor, die blijft in de buurt tot de PH.Bij de VZ 1 liggen 32 waarschepen in de buurt, die haal ik later in. Een ben ik voor bij de VZ 1. |
Vlak achter me een Dehler 34 ? De naam kan ik niet vinden. Ook die blijft in de buurt tot de PH |
|
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 5 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| Ze hebben dat ook verdiend ! Bij de EZ 27 blijkt het fototoestel kapot. Ik kan blijven doorspoelen. Er is geen stop meer. Ik neem nog een foto en leg hem dan weg. Geen idee wat er anders fout gaat. Dan maar foto’s van mijn eigen toestel. Als het goed is heb ik nog opnames genoeg. Onderweg naar de EZ 27 haal ik de twee Waarschepen 1/4 ton in. Een Dehler, ik kan de naam niet lezen blijft ook achter, evenals de Denethor. Nog een heel eind naar de sluis ’t Schutten duurt ook even. Samen met de Batavus, de Dehler en de Denethor geschut. De genua II van dek, de genua I aangeslagen. Uiteindelijk pas om 15:15 bij de OVD 3. Het blijft wel zeilen, maar ik heb het gevoel, dat de wind er toch uit gaat zakken. Bovendien is de GZ 2 vanaf de NEK niet bezeild, en bij NEK ankeren wordt niets. Nog een weerbericht gebeld, want van de Centrale meldpost word je ook niet wijzer. Morgen weer toenemende wind en mogelijk wat krimpend naar Zuid-Oost. Het wordt dus ankeren in Pampushaven. Samen met de Denethor en de Dehler (volgens mij een 34 voeter) en vlak achter de Batavus om de PH. De drie anderen zeilen nog door, maar ik houd me toch maar aan het ankerplan. Ik ben niet de enige in Pampushaven. De Rubato en de Lupa Maris gaan net voor me voor anker. In de loop van de avond schuiven er nog een paar bij. |
Bij de sluis aan- gemeld met de BatavusNet voorbij de sluis ligt de Tumlare afgemeerd. In Pampushaven |
||
| Bijzonderheden Opmerkingen Blz. 6 |
Deelnemer gezien tijd |
Deelnemer gezien tijd |
|
| Al met al een sterk wisselende zeildag. Vanmorgen veel helling en hakken. In de kajuit een paar keer onderuitgegaan. Het laatste stuk van de middag lekker relaxed onder de genua I. De hele dag heerlijk weer.Zaterdag, 6 oktober Eindelijk een keer een beetje bijtijds op, maar het duurt toch wel even voor ik anker op ben, de modder heb geruimd en onderweg ben. Ik vrees dat de gok om in Pampushaven te blijven, qua windrichting niet goed uitpakt. ZO ruimend ZW, als het tegen zit wordt het veel kruisen. Samen met de Nan bij de PH. Even later komt de Lupa Maris onder spi voorbij. Daar kan ik niet tegenop. De wind zakt er richting NEK een beetje uit, dus de tijd valt tegen. Samen met de Lotte bij de boei. De GZ 2 is niet bezeild. Een lange slag naar de kust. De wind komt weer uit de Gouwzee. Toch weer kruisen, het laatste stuk. De BVK is net bezeild, maar de M 1 niet. Dat laatste koersje ligt toch altijd wat verder weg dan je denkt. Bij Pampushaven ben ik het scheefhangen zat en steek ik toch nog maar een rif. Op deze stukken blijkt, dat ik het toch van kruisrakken moet hebben, want ik haal nog diverse deelnemers in. Uiteindelijk ook nog de Tumlare, die was ver voorbij. De enige schade die ik heb is een vastzittende kraanlijn. Verder heeft de Gambiet het goed gedaan. Het was een mooie 200 myls met schitterend weer, en, denk ik, het voordeel van de vroege starters en doordouwers, maar dat blijkt wel bij de uitslag.Jan, Bob, Marco en alle anderen, weer hardstikke bedankt voor de organisatie ! |
De Nan bij de PH. De Lupa Maris vlak daarna.Bij de Nek de Lotte Bij de GZ 2 en Bij de finish een |
Als je dit verhaal te lang vindt ………… rustig stoppen.
Door: Kees Riemer, 12 oktober 2001
| Jullie kennen allemaal de opzet van de wedstrijd. Solo. Keus uit vier routes. Start op woensdagmorgen, finish vóór zondagmiddag 12:00 uur. Boeien fotograferen en verder een gedetailleerd logboek bijhouden. Minimale rusttijd 27 uur, verdeeld over minstens 3 x 6 uur. Minstens één rustperiode voor anker. Rusten alleen in de havens die in de route zijn opgenomen, in die volgorde. Er wordt gevaren op SW-handicap, de zeilvoering is vrij. Bijgaand een kopie van het logboek dat we bij moesten houden.Dinsdagmiddag 2 oktober om 16:00 uur ben ik naar Muiden vertrokken. Op de motor, want de wind was op het Gooimeer recht tegen. Bovendien was het windkracht 7. Nou dat heb ik gemerkt. Bij Almere waren de golven zo hoog en zo kort achter elkaar dat m’n boot af en toe helemaal stil kwam te liggen. | ![]() |
| Het was regenachtig. Pas bij de Hollandse brug kwam er weer wat snelheid in.In Muiden lagen al zeker 40 boten. Een heleboel van die mannen (ja, Yvonne, helaas alleen maar mannen) ken ik, dus het was een gezellige avond. Eten, van thuis meegenomen, opgewarmd en om 20:30 uur palaver bij ome Ko. Daar kregen we een logboek, dat heel compleet met invulbladen, routes en reglement is, een 200 Mijls cap en een wegwerp-fototoestel.
De opzet van de wedstrijd werd helaas veranderd. Pas kort van te voren werd duidelijk dat er schietoefeningen |
gehouden werden tussen Den Oever en Breezanddijk. Alle vier keuze-routes gingen daar dwars door heen. De wedstrijdleiding heeft daarom kort tevoren een andere route in elkaar gezet, die voor iedereen verplicht werd. Daardoor is het wel een beetje een banenwedstrijd geworden. Maar omdat de wedstrijd over vier tot vijf dagen gaat, zijn er nog genoeg variabelen over, bijvoorbeeld weersveranderingen, om je slag te slaan.De deelnemers zijn zeer variabel. Van jong tot oud, van arm tot rijk. Dat laatste meet ik aan de boten af. Er waren toch een stel grote schepen, dat hou je niet voor mogelijk. Wat te | denken van een Contest 40, een Koopmans 39, twee Bavaria’s 37, een stalen 38-voeter, een Dehler 36 DB, twee Dehlers 34, een FF 110 (die gaat hard!) en een Optima 106. Maar daar tegenover staat dat er ook een Waarschip 660 mee deed, en twee Waarschepen 1/4 ton, twee Jaguars 22, een Egytheme 24, een Wibo 830 (Ron!) en een Ocean 25. Speciaal voor Erwin: Er deden ook twee Dehlers 31 mee (zijn hoog geëindigd). Ik zat er dus met mijn 28-voeter een beetje tussen in, wel onder de middenmoot (middenmaat).Eerste dag Woensdagmorgen mochten we tussen 07:00 uur en 10:00 uur starten. Je start door |
| zeilend een foto te maken van de boei M 1 en de tijd in het logboek te schrijven. Omdat ik de eerste dag ver wilde komen, heb ik om 07:00 uur de motor gestart en heb om 07:30 uur de boei gefotografeerd. Ik was de derde die startte. maar de meesten kwamen er wel snel achteraan. Iedereen wilde kennelijk de eerste dag een goed resultaat neer zetten. De wind was in de luwte van de wal 3 Bft, maar werd al snel 4. Voor de wind naar het Paard van Marken, met de fok te loef. Er werd veel gespinnakerd. Ik heb geen spinnaker, wel een halfwinder. Die heb ik niet gehesen omdat de windvoorspelling windkracht 5 was. Na het Paard moesten we bakboord uit naar de GZ 2 bij Volendam. Halve wind, het liep als een trein.Van de GZ 2 moesten we noord-uit naar de NEK, dat is een boei oostelijk van Hoorn. Pal voor de wind. De wind zakte wat in, dus na verloop van tijd heb ik toch maar de halfwinder gezet. Een heerlijk rak gevaren. Vlak voor de boei begon het harder te waaien, maar ik heb gelukkig een slurf om de halfwinder, dus het binnenhalen was geen probleem. Achteraf moet ik zeggen dat ik een beetje traag ben geweest met meer zeil te zetten. Ik had een beetje het gevoel dat het toch een lange wedstrijd is. Bovendien vaar ik niet om te winnen maar, eerlijk is eerlijk, ik had er op die rakken wel wat meer uit kunnen halen.
Van de NEK ging het naar het zuid- oosten, naar de OVD 3. Dat is een aanloopboei bij Lelystad. Halve wind, lekker snel, de wind trok aan naar 5 Bft. Intussen was ik wel door een boot of vijftien voorbij gevaren. Meestal de grotere boten, dus dat hoort ook zo te zijn. Om kwart over twaalf, bij de OVD 3 heb ik afgetuigd en ben op de motor naar de sluis gevaren. De sluispassage wordt gezien als rusttijd, |
dan mag je doen wat je wil. Ik gebruik onderweg nogal wat stroom door de GPS en de stuurautomaat, dus een beetje stroom- draaien is altijd welkom. Bovendien is dit de gelegenheid voor persoon- lijke verzorging.Na de sluis is het nog een heel eind (3/4 uur) motoren naar de bovenboei, waar weer gestart wordt. De herstart is bij de EZ 27, het rak is naar de V 15. Dat is een gele staak boven Medemblik. Een lang rak dus, van 19 mijl. Daar heb ik ruim drie uur over gedaan, een gemiddelde snelheid van 6 knts. Dat is voor mijn boot een fantastische snelheid. Ik had een rif in m’n grootzeil gezet. De koers was in het begin 60 graden aan de wind was 5, aantrekkend naar 6. Het laatste stuk, van Enkhuizen naar Medemblik was pittig, aan de wind bij windkracht 6, uitschieters naar 7. Ik heb toen de fok verwisseld voor de werkfok.
Ik was om vijf uur bij die V 15. Op zo’n moment is een GPS ideaal. Anders vind je zo’n staak niet eens. De kopgroep keerde om voor het volgende rak naar Urk. Sommigen zag ik afbuigen naar Medemblik voor de rustperiode. Ik ben zelf verder gegaan. Het was ideaal zeilweer en je moet tenslotte mijlen maken. Een snel rak terug naar Urk, weer 19 mijl in 3 uur. Onderweg de fok weer verwisseld en het rif er uit gehaald. Bij de UK 16 was het donker. Het was daar lagerwal. De zeilen opbergen is dan geen peulenschil, kruipend over het dek. Het binnenvaren naar Urk is dan ook nog een truc, want er staan veel onverlichte staken en die wil je natuurlijk niet graag tegenkomen. Om negen uur meerde ik af tegen een stel andere boten van de wedstrijd. Uiteindelijk hebben er ca. dertig boten overnacht. Gezellig. Tevreden over een succesvolle dag met heerlijk zeilen. |
Tijdens het laatste rak had ik gegeten, hutspot van de slager. Ik had geen zin om de worst er bij klaar te maken, dus dan maar zo.Tweede dag Om 06:00 uur opgestaan, om 07:15 los gegooid. Het werd langzaam licht. Er stond nog steeds een stevige ZW wind.
Het eerste rif er weer in gezet. Met 70 graden aan de wind naar het Vrouwe- zand en van daar af iets afgevallen naar de Sport B boei bij Breezanddijk. Een rak van 25 mijl, een schitterende zeiltocht. Van de Sport B moesten we terug naar het zuiden, koers 170, ik heb toen het tweede rif gezet. Lekkere golven daar als het 6 Bft waait! Het was zonnig, dan ziet alles er een stuk vriendelijker uit. Maar het was wel sturen! Je zit ook niet rustig. Op het laatst voelde ik mijn benen, van het schrap zetten, mijn armen, mijn rug en m’n vingers van het getrek aan tou- wen en lierhendels. Om kwart over een bij de VZ 1. Daar omgekeerd voor een rak naar Hinde- loopen, recht voor de wind. Fok te loevert, één rif er uit gehaald. Na een snelle vijf kwartier de H 2 gerond. Vandaar moesten we naar Enkhuizen, koers 190. Dat kon ik niet aanleggen, dus eerst een slag van ca. drie mijl zee in gemaakt. Ik had voor de boeironding het tweede rif er weer in gezet en dat beviel me prima. Ik kon de andere boten goed bijhouden. Toen ik om half zes bij de KG 2 was, ben ik gestopt. Ik was moe en voelde overal spierpijn. De kopgroep ging door, ik dacht naar de VZ 1 om te overnachten in Stavoren. Ik ben de Compagnieshaven van Enkhuizen in gegaan om eens lekker te douchen en aan mezelf te werken. Een fijne zeildag weer, zwaar maar |
| succesvol. Avondeten: Babi Pangang uit blik (keurslager) met rijst, soep vooraf, fruitcocktail toe. Een glaasje wijn er bij. Ik had het verdiend (vond ik).Derde dag Weer om zes uur op gestaan, maar een beetje rustiger aan gedaan. De boei ligt een stukje weg, dus om 08:00 uur gestart. Er was een onaangename verrassing. De wind was gedraaid naar het zuidoosten. Dat betekende dat ik het rak van VZ 1 naar Lelystad zou moeten opkruisen. Achteraf heb ik gemerkt dat de kopgroep van de vorige dag ’s avonds nog doorgezeild is naar Lelystad. Die konden het zo |
aanzeilen. Ik zou nu moeten opkruisen. Dat is fors tijdverlies, maar ja, ik kon gisteravond niet meer. Ik heb daarom geen spijt van mijn beslissing, maar het kostte me wel een heleboel plaatsen. Bovendien zijn die anderen in het late donker in Lelystad aangekomen. Daar liggen ook nog ondieptes van het Enkhuizerzand, dus ….. ze gaan hun gang maar.Eerst pal voor de wind naar het Vrou- wezand. Ik had de fok loef gezet en lag dus heerlijk in balans. Lekker snel gevaren.
Bij de VZ 1 moesten we stuurboord uit, naar de EZ 27 bij Lelystad. Ik |
zette twee riffen. In de loop van dat rak werd de wind steeds minder (de golven waren er nog lange tijd) en heb ik steeds zeil gemeerderd tot ik uiteindelijk met de genua voer. Ook nu moet ik eerlijk- heidshalve zeggen dat ik wat traag was met zeil vergroten. Ik heb me denk ik te veel laten imponeren door de golven en heb af en toe wat te weinig zeildruk gehad. Het kruisrak duurde 5 uur! Wat lag die boei een end weg, zeg.Om kwart over twee bij de boei, waar ik nog een stomme fout maakte. Ik fotografeerde bijna de verkeerde boei, de rood-witte i.p.v. de groene. Ik keek door mijn lensje en denk “Wat staat er nou op?”. |
Toen moest ik weer terug. Uiteindelijk kostte me dat tien minuten, maar erger, het Waarschip waar ik de hele tijd tegen voer was me nu voor. De sluispassage nam twee uur in beslag. Vanaf de OVD 3 koers 240 naar de PH boei bij Pampushaven. De wind werd steeds zwakker, dus bij de PH ben ik gestopt en ben Pampushaven in gevaren om te ankeren. Daar lagen al twee andere boten uit de wedstrijd. Ze hadden nog macaroni over, dus voor ik het wist zat ik bij een ander aan boord te eten met een heerlijk glas wijn erbij. Het werd een gezellige avond, met vijf boten aan elkaar, onder een heldere sterrenhemel. Het is allemaal niet zo eenzaam.
Vierde dag Weer om zes uur op. Rustig aangedaan en om half negen gestart bij de PH boei. Met fok te loef naar de NEK (bij Hoorn). Eigenlijk had ik de halfwinder moeten zetten. Werd ik een beetje lui? Vanaf de NEK moesten we opkruisen tegen een zuidelijke wind naar de GZ 2 bij Volendam. Goed gezeild, in een directe wedstrijd met vier, vijf boten. Ik liep grandioos. Vanaf de GZ 2 overgestoken naar de BvK bij Blocq van Kuffeler. Dat was 60 graden aan de wind, dus dat liep er lekker doorheen. Vanaf de BvK het laatste rak naar Muiden. Helemaal opkruisend. Na de eerste slag kwam ik in de hoek bij Amsterdam terecht, vanaf daar met korte slagen naar Muiden, onder Pampus door. Om 15:34 uur heb ik heel trots de M 1 gefotografeerd, trots omdat ik twee boten vlak achter me had gehouden, maar meer nog omdat ik de wedstrijd tot een goed einde had gebracht. Het is toch een uitputtingsslag. Op 58 gestarte boten waren er zeven uitvallers. Het is een heel snelle wedstrijd geworden, met goede tot stevige wind. Ik heb er geweldig van genoten, en heb het ook goed gedaan vind ik. Geen brokken, dat is al heel belangrijk. Jammer van die beslissing bij Enkhuizen. Daar heb ik twee uur mee verloren. Aan de andere kant, er zaten nog heel veel schepen achter me en die hebben nog meer last van de winddraaiing gehad dan ik. De snellere boten hebben mazzel gehad omdat die de gelegenheid hadden op de tweede dag helemaal naar Lelystad te varen. Er is helaas één aanvaring geweest. Een schipper was ’s morgens in het donker vanuit Urk vertrokken met zijn Winner 950. Bij het zeilen zetten, het was lagerwal dus hobbelig, hoorde hij binnen iets omvallen. Hij is naar binnen gegaan om het op te ruimen. Toen hij weer buiten kwam zag hij een muur van staal voor zich. Hij knalde op een vrachtschip. Stom, maar ja, een ongeluk zit in klein hoekje. De boot was flink ontzet, het boegbeslag kapot en daardoor ging een paar minuten later de mast naar beneden. Gelukkig was met hem zelf alles goed. Hij is op eigen kracht naar Workum, zijn thuishaven, gevaren. Aanstaande woensdag is de prijsuitreiking. Dat Waarschip 660 is heel hoog geëindigd, tweede waarschijnlijk. Ik vind dat heel knap van die man. De uitslag is nog niet zeker omdat de foto’s en de logboeken nog gecontroleerd moeten worden. Er worden dus nog correcties d.m.v. strafpunten doorgevoerd. Ik ben ergens rond de dertigste plaats geëindigd. Vorig jaar zat ik hoger. Dat was het. Is er iemand helemaal aan het eind gekomen van dit lange verhaal? Kees Riemer, 12 oktober 2001 |
’t Fokselmaatje. Verenigingsblad wsv. AVOH – Huizen, eind september 2001
| 200 myls solo 2001 3 oktober as start voor de zesde keer de 200 myls solo. Deze wedstrijd die al in januari was volgeboekt met ruim 50 deelnemers is door onze vereniging ‘geadopteerd’, hoewel het de be- doeling was deze wedstrijd bij de Nederlandse vereniging van Kustzei- lers onder te brengen. De solozeilers komen uit het hele land van Friesland |
tot Zeeland. Ook een respectabel aantal deelne- mers komen uit onze vereniging, Doel is om 200 myl in 4½ dag af te leggen op het IJsselmeer en of Waddenzee of Noordzee Daarbij kan gekozen worden uit 4 verschillende routes. Heeft u interesse in het evenement dan kunt u dit volgen op internet onder www.200myls.nl |
|
|
Gooi- en Eemlander, 03 oktober 2001
Plassen op een potje naast de helmstok
| Naarden – Deelnemer Bart van Breeschoten (36) wist gisteren avond nog niet dat de route van de solowedstrijd was veran- derd, toen hij zich naar zijn boot Mary Bryant in Naarden spoed- de. Hij doet voor de eerste keer mee, maar de winst speelt al door zijn hoofd. ‘Ik heb maar een kleine boot, |
een Waarschip 660. Sommige deelnemers hebben een boot die twee keer zo lang is. Dit wordt de langste solozeilrace die ik ooit heb gevaren. Het is weer een uitdaging, een nieuw spelletje van het zeilen.’ Van Breeschoten heeft zich ter- dege voorbereid. ‘ De ingekleur- de zeekaarten liggen klaar. Ik |
heb met een aantal zeilmaten de weersverwachtingen bestu- deerd, Die zitten nu allemaal in mijn hoofd. Dat moet ook wel, want na 24 uur op de boot ben je zo moe van het zeilen en het gestamp en schudden de hele dag dat je moeilijk nog iets in je hoofd gepompt krijgt.’ Volgens Van Breeschoten |
is voldoende eten aan boord ook een belangrijk punt. ‘Als je moe wordt moet je gaan eten, dat houdt je op de been.’ Normaal naar het toilet gaan is voor hem onmogelijk. ‘Dat wordt plassen op een potje naast de helmstok. Mijn boot is te gevoelig voor de wind om even weg te lopen. |
![]() |
De 24-uurs uitvaren is natuurlijk reuze stoer, maar echte mannen varen solo en wel 200 mijl achter elkaar. Het solozeilen mag zich in een toenemende populairiteit verheugen. De bedoe- ling is om tussen 3 en 7 oktober 200 mijl af te leggen op het IJsselmeer. De deelnemers kun- nen kiezen uit één van de vier mogelijke ‘banen’. Niet alleen de zeilprestatie telt, maar ook de manier waarop het logboek wordt bijgehouden. Wat te denken van het volgende citaat: ‘7 Bf. Nu waait de stront van de dijk en staan de uiers horizontaal onder de koeien’. Om een en an- der veilig te houden, zijn 27 verplichte rusturen ingelast. Door het tijdstip waarop de wedstrijd plaatsvindt, is het weer meestal niet al te vriendelijk. De avonturen van de helden zijn te vol- gen op internet. Je vindt er verslagen van de wedstrijd en uit vorige jaren zijn er fraaie foto’s |
en bloedstollende verhalen.
200 mijl is een heel eind, maar rond de wereld is nog verder. De bekendste zeilrace ter wereld ging 23 september weer van start. De Volvo Ocean Race (voorheen Whitbread) is goed te volgen op het internet. Ook in ons land zullen de verrichtingen van de Nederlanders, die aan de race meedoen nauwlettend in de gaten worden gehouden. Jammer dat er geen Nederlands jacht meedoet. Keer op keer blijkt dat Nederlandse captains of industry over een ruime blik en veel (voor)kennis beschikken, maar een boot sponsoren? Ho maar. Waar blijft Nederlandse glorie? De firma Stentc, bekend voor software voor de watersport, haakt in op de Volvo Race. Er zijn simulatieprogramma’s van de boot van Roy Heiner, waaraan een prijsvraag is verbonden. Zie de site voor details.
Zeilmakers zijn niet bang voor het internet. Al eerder signaleerden we een encyclopodie van zeilmakers met uitputtende informatie. En nu is er weer wat nieuws. Onder de naam sailcloth. com is er een site van een vooraanstaande fabrikant van zeildoek. In principe is de site bedoeld voor proffesionele zeilmakers, maar het spreekt voor zich dat ook de eenvoudige consument heel wat kan opsteken. Zo vind je een uitgebreide (Engelse) woordenlijst en onderhoudstips en rekenmodellen voor je eigen zeilen. Overigens hebben deze Britten niet de enige site met interessante informatie. Ook van de Werf maakt het mogelijk om rekenmodellen op je eigen wensen los te laten.
(Willem Melching: willem.melching@hetnet.nl)
*TIP* Goedkoop winkelen en toch al je geld uitgeven? Dat kan op de bootaccesoiremarkt van 29 september tot en met 7 oktober in Naarden. Voorpret op de site.
De adressen:
200 myls:www.200myls.nl
Volvo:www.volvooceanrace.org/homepage.html
Stentec:www.stentec.com/software/vor6orace2001.html
Sailcloth:www.sailcloth.com
Van der Werf:www.zeilmakerij,com
Bootaccesoiremarkt: http://www.bootaccesoiremarkt.nl/index_2.html
de Uitkijk, Nieuwskrant van de Waterkampioen, 28 september 2001

Verhaal in de Margriet van maart 2001,
waarin 3 vrijgezellen kandidaten zich beschikbaar stellen voor ….
|
De 200 zeemijlen van Jan Luyendijk
| Door Jan Herman BaasHuizen – Nog zes nachtjes slapen en dan begint in Muiden de zwaar- ste solozeilrace van Nederland. Jan Luyendijk(60) is behoorlijk en- thousiast. Hij kan nauwelijks wach- ten totdat hij met het fotograferen van de boei M1 van start gaat. De Huizer begon de door hem geor- ganiseerde uitputtingslag ooit met vier deelnemers. Aan de zesde edi- tie van de 200 myls ‘SOLO’ nemen 68 zeilers deel. ‘Dat hadden er zeker driehonderd ‘Het is eind september/begin ok- Fotograferen De Gooi & Eemlander |
Hun starttijd is het moment waarop zij de boot voor de haven van Mui- den fotograferen. Daarna kunnen ze kiezen voor vier routes: richting Noordzee, Waddenzee of langs de IJsselmeerstadjes. Met het op korte afstand fotogra- feren van merktekens en het mobiel doorbellen van posities en passa- getijden voldoen de deelnemers aan de jury-eisen. Luyendijks zoon Bob verwerkt de standen dagelijks in een computerprogramma, dat Luy- dijk heeft geschreven. Zoon Marco zet het verslag op internet, zodat de wedstrijd op afstand is te volgen en bij te houden. Familie overal, in Zuid Afrika of Canada kan zo mee- kijken hoe ‘papa’ zeilt.’ Er zijn mini- maal 3 rustperiodes van zes uur. Tijdens de race moet een zeiler 27 uur niet zeilen. Daar staat tegenover, dat de schippers niet langer dan 24 uur op een plek mogen liggen.Boven de windkracht zes wordt niet gevaren en ook niet bij een zicht min- der dan 1000 meter. Verder hangt ’t helemaal af van de wind hoe de wed- strijd verloopt. ‘Als je de wedstrijd wil winnen moet je slim zijn. Zeventig, tachtig mijl(een zeemijl is 1852 meter-red) op een dag is moge- lijk, maar de ervaring leert dat het weer nooit zo gunstig is. Sommige deelnemers zijn vrijdagavond (na bij- na drie dagen) al binnen, anderen een minuut voor sluitingstijd op zon- dagmiddag 12.00 uur. ‘De wedstrijd is niet zonder risico’s, maar dat is de verantwoording van de deelnemers’, aldus Luyendijk. De ervaring leertdat zestig pro- cent de wedstrijd uitzeilt. Luy- endijk is niet meer bang voor een golf, sinds hij ergens in de jaren zeventig met schipper Dirk Nauta op het jacht de Prodent met 54 knopen wind over dek, op zee voer.Stramien. Van de wedstrijdzeilers is ongeveer |
![]() Jan Luyendijk op zijn Jeaneau Sun Light 30′ een derde afkomstig uit de omgeving, zoals ’t- Gooi, Eemland en Almere. De anderen komen uit heel Nederland en hebben hun boot veelal in de- ze regio liggen: Muiden, Naarden, Huizen, Muider- zand en Lelystad. ‘Veel ‘kerels’ zegt Luyendijk, ‘die voor vijf dagen ontsnappen aan het stramien. Het zijn allemaal totaal verschillende mensen’ De jongste zeiler is 29, de oudste 70. Allemaal mannen. Luyendijk heeft in die zes jaar nog geen vrouw gevonden die de uitdaging aandurft. ,Reken maar dat je kapot bent aan het eind. Je hebt een paar dagen nodig om te herstellen.’ Toch zijn de deelnemers lang niet allemaal door- gewinterde kerels. Wel zoeken ze voor even de vrijheid op. Luyendijk zelf ook. “Ik ben een workaholic, werk van ’s morgens zes tot ’s avonds half tien. Ik heb in het bedrijfsleven veertig jaar in een spitspositie gestaan. Dan is het prachtig om op het water alleen met jezelf te zijn. Wie weet er nou uit ervaring dat een ster ’s nachts schittert in tegenstelling met een planeet, waarvan het licht gelijkmatig schijnt. |
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 2000 | 1 | 3 | Kees Corts | First 305 *1.35 | Jean Dix | Huizen | 103.0 |
| 2 | 2000 | 2 | 5 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 95.10 |
| 3 | 2000 | 3 | 1 | Rob Jaspers | Impact 37 | Connector | Schokkerhaven | 87.00 |
| 4 | 2000 | 4 | 4 | Dik Geurts | FF 110 | Bandos | Herkingen | 85.00 |
| 5 | 2000 | 5 | 2 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 101.0 |
| 6 | 2000 | 6 | 1 | Martin Selles | Dehler 36 DB | Kim | Block.v.Kuff. | 87.00 |
| 7 | 2000 | 7 | 5 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 110.0 |
| 8 | 2000 | 9 | 2 | Michel Capel | Freedom 35 | Tumlare | Makkum | 102.0 |
| 9 | 2000 | 10 | 2 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 104.0 |
| 10 | 2000 | 11 | 1 | Bauke Yntema | Winner 950 *1.35 | Catootje | Workum | 99.60 |
| 11 | 2000 | 12 | 2 | Govert Riksen | Friendship 33*vl.k | Rubato | Makkum | 102.0 |
| 12 | 2000 | 13 | 1 | Guus Milani | Impala 33 | Wigulida II | Kampen | 95.40 |
| 13 | 2000 | 14 | 1 | Jaap Homan | Spirit 32 | Almare | Het Y | 98.00 |
| 14 | 2000 | 15 | 2 | Kees Riemer | Gib’sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 15 | 2000 | 16 | 2 | Gert Reedijk | Gib’sea 126 | Breeze | Ketelhaven | 90.00 |
| 15 | 2000 | 17 | 3 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 17 | 2000 | 18 | 4 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 110.0 |
| 18 | 2000 | 19 | 1 | Jan Smeele | Waarschip 1/4 | Sybarite | Medemblik | 112.0 |
| 19 | 2000 | 20 | 1 | Henjo Ruiter | Jaquar 22 | Ja net | Ewijksluis | 121.0 |
| 20 | 2000 | 21 | 3 | Arie Petrus | Egythene 24*1.40 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 21 | 2000 | 22 | 3 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J.Leeuwerik | Ketelhaven | 104.6 |
| 22 | 2000 | 23 | 1 | Marcel de Haan | Dufour 31*1.75 | A.J.Kwak | Lelystad | 104.0 |
| 23 | 2000 | 24 | 3 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 93.50 |
| 24 | 2000 | 25 | 3 | Jaap Verkerk | Comet 910*1.40 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 25 | 2000 | 26 | 1 | Richard Panhuijsen | Waarschip 1/4 | Vega | Amsterdam | 112.0 |
| 26 | 2000 | 27 | 1 | Henny v Oortmarssen | Koopmans 36 | Senta | Harlingen | 99.00 |
| 27 | 2000 | 28 | 5 | Cees de Wit | Scampi 30 | Foetsie | Baarn | 98.50 |
| 28 | 2000 | 29 | 3 | Bauke Jager | Ocean 25*1.00 | Mira | Balk | 108.0 |
| 29 | 2000 | 30 | 1 | Adrie Jansen | Contest 33*1.65 | Jade | Ossenzijl | 107.5 |
| 30 | 2000 | 31 | 1 | Wim Schreurs | Cormoran | Mon Ami | De Kaag | 108.0 |
| 31 | 2000 | 32 | 1 | Adriaan van Berkel | Sabina 11.00 | Mallemok | Medemblik | 98.30 |
| 32 | 2000 | DNF | 4 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 33 | 2000 | DNF | 3 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 97.50 |
| 33 | 2000 | RET | 3 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Enkhuizen | 106.0 |
| 33 | 2000 | RET | 2 | Joop Croonen | Halberg Rassy 352 | Al Wattayah | Naarderbos | 103.0 |
| 33 | 2000 | RET | 5 | Jan Luyendijk | Sun Light 30*1.45 | Tam Tam | Huizen | 103.0 |
| 37 | 2000 | RET | 3 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Blocq v.Kuff. | 107.0 |
| 38 | 2000 | RET | 1 | Jack v.d. Berg | Westerly Solway 36 | Romteskip | Heeg | 104.0 |
| 39 | 2000 | RET | 1 | Fred Avezaat | Wibo 830 | Wilfred | Strand Horst | 130.0 |
| 39 | 2000 | RET | 1 | Roderik Bijlard | Mini Transat | Arcahambault Coco | Rotterdam | 79.10 |
| 41 | 2000 | RET | 3 | Danker Daamen | Dragonfly,(Trimaran) | Passion | Enkhuizen | 59.10 |
| 41 | 2000 | RET | 2 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 41 | 2000 | RET | 2 | Gert Kuik | V.d.Stadt 34*staal | Denethor | Blocq v.Kuff. | 102.0 |
| 44 | 2000 | RET | 1 | Ferdi Costerman Boodt | Mini Transat | Redneck | R.C. Medemblik | 79.10 |
| 44 | 2000 | RET | 1 | Bjorne Tazelaar | J 24 | Jambalaya | Muiden | 96.50 |
| 46 | 2000 | RET | 1 | Ronald Nieuwenhuis | Kalik 30 | Big Bubbles | Almere Haven | 100.0 |
| 46 | 2000 | RET | 1 | Peter v.d. Schaaf | Waarschip 28 | Jager | Medemblik | 99.00 |
| 48 | 2000 | DNS | 2 | Sander Bakker | Mini Transat | X Ray 2 | Vlieland | 79.10 |
| 48 | 2000 | DNS | 1 | Bart Kalksma | Gouwzee Snoopy | Old Buck | Amsterdam | 109.0 |
| 48 | 2000 | DNS | 1 | Dennis Oudkerk Pool | Optima 106 | Mirakel | Edam | 93.00 |
| 48 | 2000 | DNS | 2 | Hans Pietersma | Koopmans 28 | Francis | Kampen | 104.0 |
| 48 | 2000 | DNS | 1 | Peter van Rietschoten | Ufo 27 | Beaufort | Almere Haven | 104.0 |
| 48 | 2000 | DNS | 2 | Gert Vink | Pion | Gambiet | Almere-Haven | 100.0 |
| 48 | 2000 | DNS | 1 | Harm Wijnstra | Victoire 1044*1,50 | Excellent | Almere-Haven | 96.00 |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| 11 oktober 2000 20:00 uur De winnaars : 2e. Han Beijersbergen
1e. Jan Kees Corts 3e. Rob Jaspers Na het welkomswoord tot de deelnemers, die vrijwel allemaal, van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun echtgenotes en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het variabele weer en de routekeuzes. |
![]() |
Verder werd de internetverslaggeving met het probleem van instabiliteit van de providers Worldonline/Tip toegelicht. Zij lieten voor en in het begin van de race telkens alleen hun eigen sites op de monitor zien i.p.v. de websites van de bij hun aangesloten leden. Telkens werd ons verzekerd, dat de problemen zouden zijn opgelost. De noodoplossing, dat Hexan.nl, tijdens de race, de 200 myls ‘SOLO’ sites adopteerde, was een grandioze uitkomst. Het thuisfront werd net voor de wedstrijd met de mededeling, dat het palaver een kwartier eerder zou beginnen, van deze ‘extra’ doorschakeling op de hoogte gebracht.
Ook de logboeken werden uitgebreid behandeld met diverse, humoristische annekdotes per deelnemer. Heel wat verhalen hoorden we, veel foto’s werden getoond met als klap op de vuurpijl de schitterende film van Gert Reedijk, die hij maakte tijdens en over zijn 200 myls.
|
Iedere deelnemer kreeg z’n
herinneringsplaatje, alsook ’t logboek met foto-prints terug. Daarna de prijsuit- reiking, waarin de 3 tinnen borden werden uitgereikt. Adriaan van Berkel kreeg vande Stichting Schildpad ’n hand- gemaakte schildpad, als door- zettersprijs en als troost voor z’n laatste plaats. |
![]() |
Ook de diegenen, die tijdens de wedstrijd
behoorlijk veel werk hadden te verzetten, kregen een fles en/of bloemen.
![]() |
![]() |
![]() |
Uitgebreid bedankt werden :Start/opnameschipper Gerard Lenselink, alsook z’n vrouw voor de gewaardeerde gastvrijheid en o.a. ontvangst voor de uitgezeilde solisten op hun Alegro.
Bob Luyendijk voor de kontakten en het verwerken van de meldingen met en van de schippers, die hun logboeken veelal afsloten met : “De groeten aan Bob”.
Marco Luyendijk, die ‘Nieuws tijdens de race’, foto’s en de voorlopige uitslagverwerking alsmede het Internet, zelfs tot diep in de nacht, voor z’n rekening nam.
Piet Bakker, vanwege de algemene werkzaamheden, zoals kontrolle foto’s etc., etc.
De organisator, als ook Bob & Marco, werden bij monde van Fokke v.d. Valk, namens alle schippers nog eens uitzonderlijk in het zonnetje gezet voor hun inzet en vooral, naar Fokke’s mening, voor het product als de 200 myls ‘SOLO’, waarin alles perfect klopte en op elkaar was afgestemd en ….. vanwege ’t 1e. lustrum , met een fantastisch cadeau.
![]() |
![]() |
![]() |
De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had.
Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.
Huizen, 11 oktober 2000
Prijsuitreiking
Nieuws tijdens de Race
door : Marco Luyendijk
1 oktober 2000 16:45 uur
Het zit er weer op, de eerste 200 myls ‘SOLO’ van het nieuwe millennium is weer een succes geworden. De schippers hebben weer eens te maken gehad met de vele facetten van ons Hollandse weer. Zon, regen, windkracht 6 a 7 en windstilte. Vooral de laatste, de windstilte, heeft zelfs 6 deelnemers doen besluiten om het op te geven.

Voor de race hadden zich 55 deelnemers ingeschreven, 48 schippers zijn er gestart en 32 gefinished. Het aantal uitvallers komt dan op 16. De grootste boosdoenders waren de windstilte op de zaterdag en de stuurautomaten, die het begaven in de eerste 2 dagen van de race. Misschien een tip voor zeilbladen om weer eens een test te doen op de betrouwbaarheid van die maatjes! Een van de zeilers is gestopt door het ontbreken van ervaring met zijn schip, een door onregelementair motorgebruik, een door een aanvaring met een race-genoot en twee door ander materiaal pech.
De uitslag zoals deze nu op internet staat is pas na 11 oktober definitief. Doordat logboeken en foto-opnames ook gecontroleerd moeten worden, zullen hier tot bovenstaande datum nog zeker enkele veranderingen optreden.
30 september 2000 23:00 uur
Af en toe totale windstilte zorgde vandaag voor een behoorlijke schifting in het deelnemersveld.
![]() |
![]() |
De Balder van Pieter Bakker
Ook de aanloop van de solisten naar de finishhaven Muiden, vooral in vroege ochtend, was zeer moeizaam.
![]() |
| De Lupa Maris van Ed Megens |
Na ca. 09:30 uur trok de wind gelukkig weer een beetje aan tot een 3 Bft. Er waren schippers, die voor de KG 27 lagen te wachten tot de windstilte voorbij was. Slim …….De eerst binnenkomende schipper was Jaap Homan met z’n Spirit 32 de Almare De tweede schipper, die finishte en deelnemer van het eerste uur was Cees de Wit met z’n Scampie de Foetsie. Cees passeerde net voor de finishlijn de derde aankomende, de Breeze van Gert Reedijk.
![]() |
![]() |
| De Nescio van Erik Jan Hardonk |
Inmiddels raakt de Stichtingshaven in Muiden voller en voller. Het finishen, dus het fotograferen van de M1 voor Muiden gaat de nacht door tot morgen 11:59:59 uur en dan …. is het einde van de wedstrijd. We wachten maar af, wie het allemaal halen.29 september 2000 23:45 uur
Hier is een foto van Ed Megens in zijn mast. Vanmorgen om een uur of 7 heeft Erik Jan Hardonk Ed Megens nog in zijn mast gehesen. Z’n marifoonantenne was kapot, maar helaas was deze niet te repareren. Er is een afspraak gemaakt, dat Erik Jan voor Ed uitluistert en hem via de mobiele telefoon op de hoogte houdt.
|
|
| Ed Megens in zijn mast. |
Gezien de windverwachting (windkracht 2 uit alle hoeken) gaat Erik Jan Hardonk vannacht toch maar varen om te kijken of hij Muiden toch nog kan halen voor zondag 12:00 uur. Dit zal hoogstwaarschijnlijk wel lukken !
29 september 2000 23:20 uur
Gert Reedijk heeft de eerste plaats van Bauke Yntema overgenomen. Samen met Jaap Hopman heeft Gert al de meeste mylen afgelegd, voor hun is er nu nog 21 myl te verzeilen. Dit zou met de gemiddelde snelheid, die zij tot nu toe zeilden, maximaal 4 uur zijn.
29 september 2000 22:05 uur
De nieuwste update staat weer op het internet. Roderik Bijlaard heeft opgegeven. Hij had te weinig ervaring met z’n nieuwe schip en heeft opgegeven. Hier volgen nog een paar foto’s. De onderste foto is van Ad Beringen, vlak na de passage van de Sport B.
![]() |
![]() |
| Voor anker in Enkhuizen met mede racers! |
Ad Beringen met z’n Skua |
Paul Schrier (no.42) zeilde daarnet zowat in de visstaken, hij gaf een ruk aan zijn roer en zag er toen nog een stuk of 40. Zijn hart klopte in zijn keel, maar hij is er nu voorbij.
29 september 2000 21:30 uur
Erik Jan Hardonk voorziet ons van mooie foto’s tijdens de race. Hier zien we dan ook twee fantastische foto’s van Govert Riksen onder spinaker.
![]() |
![]() |
| Govert Riksen onder spinaker |
29 september 2000 21:05 uur
De eerste tussenstand is binnen. Niet iedereen heeft zich tot nu toe gemeld. De schippers hebben daarvoor nog een uur de tijd. Desondanks is er een globale tussenstand, welke rond 22:00 en 23:00 uur nogmaals wordt bijgewerkt. Verder zijn tot nu toe de belangrijke wijzigingen continu op het internet gezet.
29 september 2000 15:40 uur
Een record aantal bezoekers op de site van de 200 myls ‘SOLO’. De afgelopen dagen is het record aantal steeds weer verbroken. Vandaag staat het aantal geinteresseerden al op 195. Volgens Nedstat kunnen het er 450 worden. Gisteren hebben net niet de 400 grens gehaald. We zijn op 399 blijven steken.
29 september 2000 14:30 uur
Het is prachtig. Dat is de reactie van diverse zeilers vandaag. Een mooi windje, droog en ook regelmatig een zonnetje. Daarnaast is intussen Gert Reedijk doorgestroomd naar de eerste plaats. Deze eerste plaats heeft hij te danken aan het aantal mylen dat hij heeft afgelegd.
29 september 2000 11:15 uur
Wonderen zijn de wereld nog niet uit! Dat blijkt wel uit het feit dat Albert Broshuis, een dag bezig is geweest met het herstellen van zijn boot. Hij was de WV 8 bij Den Oever al gerond. Voor reparatie is hij terug gegaan naar Enkhuizen. Om de race weer te vervolgen rondt hij vandaag omstreeks het middaguur weer het merkteken de WV 8 bij Den Oever. Dus gelukkig een uitvaller minder dan we hadden verwacht.

28 september 2000 23:40 uur
Bauke Yntema staat voorlopig op de 1e. plaats, hij heeft samen met Henny van Oortmarssen tot nu toe de meeste mylen afgelegd, die op de 2e. plaats staat.
Later blijkt dat Marcel de Haan de eerste dag vroeg in de ochtend al Stavoren had berijkt. Schade aan het achterlijk van de rolgenua, kost hem een hele dag omdat door zeilmakerij Zwaan in Stavoren te laten repareren. Pech.
Ook de tweede dag is veel gebeurd, in totaal zijn er nu 10 schippers die de strijd hebben gestaakt. Vandaag hebben we twee jarigen op het water en wel Fred Avezaat, die helaas wegens een blessure heeft moeten afhaken en de nog altijd in strijd zijnde Harm Veenstra. Hij werd vandaag maar liefst 69 jaar, Harm en Fred van harte !!.
Naast Fred Avezaat heeft zich ook nog Ferdinand Costerman Boodt zich afgemeld, de laatste twee ook met een defecte stuurautomaat. Schijnbaar is de 200 myls ‘SOLO’ toch weer een aanslag op deze ‘maatjes’, want de een na de ander begeeft het. Totaal al 7 stuks !
Jeroen Groenendijk heeft zich ook teruggetrokken door een slecht werkende windvaaninrichting.
Bert Jan van de Woude had pech met zijn motor. De gaskabel was afgebroken. Bert Jan gaat na de reparatie verder met de race. Daarnaast kreeg Henk van Breda een klapgijp. De bulletalie werd los getrokken. Z’n stuurinrichting is kapot, morgen gaat hij een nieuwe halen in Leeuwarden. Na reparatie wil ‘IJzeren Henkie’ zijn weg weer vervolgen.
28 september 2000 18:40 uur
Bjorne Tazelaar en Ferdinand Costerman Boot zijn uitgevallen doordat ook hun stuurauto-‘maatje’ weigerde om hun schipper verder van dienst te zijn. De laatst genoemde vertelde, dat het bij hem onbegonnen zaak is om zonder stuurautomaatje te zeilen doordat bij golfslag zijn schroef uit het water komt en de boot niet meer te houden is. Arie Petrus heeft zich al gemeld en heeft een drukke nacht voor de boeg. Door een kapot rubber van een luik op zijn schip staat er 20 cm water in zijn boot. Hij gaat vanacht lensen en hozen, zodat hij morgen weer verder kan zeilen.
28 september 2000 18:00 uur
Vanmiddag was ’t duidelijk meer een afvalrace dan gisteren, vandaag hebben tot nu toe drie zeilers door materiele schade moeten afhaken. Albert Broshuis heeft zich halverwege de middag afgemeld vanwege een kapotte ‘scheckel’ van ’t voorzeil. Daardoor is het voor hem niet meer mogelijk om het voorzeil te hijzen. Zonder voorzeil is de wedstrijd niet te volbrengen en heeft afgehaakt.
Danker Daamen met de enige Trimaran heeft ook de strijd moeten staken, er ontstond een scheur aan de bevestiging in de romp van de lijdrijver. Hij denkt zelf aan een constructiefout aan het schip, want het gebeurde bij 6 Bft. Momenteel ligt hij voor anker en wacht op iets rustiger weer om vervolgens op de moter zijn weg te vervolgen.
|
|
| De Trimaran nog in goede conditie tijdens de start woensdagochtend. |
Als laatste heeft, tot nu toe, ook Gert Kuik de ‘battle of the fittest’ moeten verlaten. Bij hem is zijn stuurauto-‘maatje’ afgebroken (het was toch een solo race). Na deze uitvallers zijn er nog altijd 45 zeilers in de strijd om een van de zo fel begeerde 200 myls ‘SOLO’ prijzen in de wacht te slepen.
28 september 2000 14:30 uur
De schippers hebben het zwaar, windkracht 6 Bft. staat er momenteel en het regent langdurig. Vandaag hebben we weer een paar prachtige plaatjes van de race.
![]() |
![]() |
|
Een losgeschoten spinaker van |
BertJan v.d.Woude |
![]() |
![]() |
| De hekgolf van de Lupa Maris | Erik Jan Hardonk in de achtervolging en zijn spinaker. |
28 september 2000 10:30 uur
De eerste uitslagen zijn binnen. Het gros van de schippers is bij Den Oever gekomen, welgeteld 39 man. Vandaag zijn er twee uitvallers en er zitten nog 46 man in de race.
27 september 2000 19:45 uur
![]() |
![]() |
| Jac.v.d.Berg met z’n Romteskip zeilend naar Den Oever |
Herman Tieman zeilt met zijn Nan de nacht in |
27 september 2000 16:15 uur
Voor de liefhebbers zijn er nu meer foto’s beschikbaar van de start en het palaver. Deze zijn in de reportage van vanmorgen toegevoegd.
Daarnaast heeft een tweede zeiler, ditmaal Ronald Nieuwenhuis, zich moeten terugtrekken uit de strijd. Een rukwind zorgde ervoor dat de verstaging brak. Aangezien een snelle reparatie niet mogelijk was heeft hij zich afgemeld.
![]() |
![]() |
| De Maran van Clemens Sanders voorlangs Pampus |
27 september 2000 13:30 uur
De kop is eraf. De schippers zijn onderweg om hun 200 mijlen te verzeilen. Vanmorgen om 08:30 uur waren alle schippers aanwezig op het palaver. Daar stond voor iedere deelnemer een kop koffie met appelgebak klaar.
![]() |
![]() |
| Het palaver |
De belangrijkste wijzigingen werden doorgenomen. Er werd gecontrolleerd of alle schippers aanwezig waren. Gelijktijdig kregen de schippers het logboek, de fotocamera en de 200 myls ‘SOLO’ cap uitgereikt.
![]() |
| Spinneweb |
Na het palaver was het een hele toer voor de schippers om op de goede manier uit de Stichtingshaven te komen, deze was totaal veranderd in een spinnenweb van zeilschepen, lijnen en masten.
![]() |
![]() |
| De volle haven |
Het startschip de Allegro van Gerard Lenselink lag ruim op tijd op de juiste plaats en om 10:00 uur ging het laatste geluidssein, de 200 myls ‘SOLO’ is weer van start. De met stopwatches gewapende schippers probeerden zich, tot op de seconde nauwkeurig, over de startlijn te manouvreren.
![]() |
![]() |
| De Tumlare van Michel Capel | Vlak voor de start |
Echt een super fantastische start in het prachtige weer. Voor de wind, 4 Bft. zeilden richting Volendam, het merkteken GZ 2. de jachten met hun gehezen spinakers en halfwinders.
![]() |
![]() |
| De Tam Tam en daarachter de Connector | |
![]() |
![]() |
| De start | |
![]() |
![]() |
| Het startschip de Allegro van Gerard Lenselink |

Spinakers en halfwinders
De laatste schipper kwam om 10:07 uur over de startlijn om zijn race te beginnen.
![]() |
| De laatste gestartte deelnemer met Pampus op de achtergrond |
Net over half twaalf belde de eerste uitvaller (no.41 Peter de Schaaf). Na een aanvaring met een andere solozeiler, ter hoogte van het Paard Marken, had hij materiele schade opgelopen. Daarop was hij genoodzaakt de strijd te staken en naar Muiden terug te keren.
27 september 2000 7:00 uur
Het ligt echt mudvol in en om de Stichtingshaven van Muiden. De gastvrijheid van de havenmeester Rebel kent geen grenzen.
De schippers liggen klaar om met de race te beginnen, iedereen is al wakker en over ruim een uur is het Palaver bij ‘Ome Ko’ in Muiden, daar worden de laatste puntjes op de i gezet. Vervolgens is de start.
De vijfde 200 myls ‘SOLO’- 2000
De S/Y Almare tijdens zijn 200 myls ‘SOLO’ – 2000
| Een logboek vermeldt alleen zaken, die van belang zijn voor de goede en veilige vaart. Enige literaire uitspatting is hierbij uit den boze. Al enige jaren hebben we aan boord niet alleen het logboek, maar ook het verhaaltjesboek. Dit gaat dan niet over de exacte posities, maar over de ‘mooie zonsondergang’, het eten en al het andere. Ik ben een uur geleden de UK 16 gepasseerd, routepunt van baan 4. Op tegenkoers enige andere solisten. |
Het duurde veel langer dan gebruikelijk. Op weg naar Den Oever zakte de wind in en was ik genoodzaakt de spi te zetten. Om 20:18 uur de WV 8 gepasseerd. Twee maal gefotografeerd, omdat bij de eerste opname de boei zich niet wenste te identificeren. Het binnenlopen van Den Oever is het binnen- lopen van het bekende zwarte gat: op het laatste moment, maar wel op tijd kon ik de havenlichten verkennen. Onderweg uiteraard in stijl gedineerd |
met een blik zuurkool met worst. Daarbij een glas wijn uit de kelders van Dirk v.d.Broek.28-09-2000 – donderdag. Het gebruik van de rusturen gaat sneller dan wen- selijk. Daarom toch maar redelijk op tijd weg. De buurman van de Batavus kijkt een beetje ongelukkig maar geeft mij toch de ruimte om weg te varen. Om halfacht weer bij de WV 8. De keus is gevallen op baan 4. De route naar de UK 16 moet bezeild zijn. |
| Het schip ligt nu min of meer rechtop. Ik begin bij :26-09-2000 – dinsdag. Een gemakkelijke tocht naar Muiden. In verband met de te verwachte drukte op tijd vertrokken uit Monnickendam. Razend nieuwsgierig naar die andere ‘Einzelgängers’. Prettige kennismaking met o.a. de Lupa Maris en de Nan, die ook had meegedaan met de C.A.M. race. Ook kon ik Wim Schreurs verwelkomen, oud collega en opvarende bij mij van de Schuttervaarrace 1999. De dag werd perfect afgesloten met een gezamen- lijke maaltijd bij Graaf Floris. 27-09-2000 – woensdag. |
![]() Onderweg naar Den Oever |
Het waait inmiddels stevig en de werkfok mag het werk doen. Een rif lijkt mij voldoende.
Na enige tijd trekt de wind aan naar ca. 30 knopen. Nu waait het stront van de dijk en staan de uiers horizontaal onder de koeien. Kort na het passeren van de WV 8 moet ik nodig het toilet bezoeken. Net op tijd. De afsluiter stond niet dicht en er was dus een plasje water. Op het moment dat ik wilde gaan zitten, maakte de Almare extra slagzij: wat in het toilet hoorde, kwam er toen half overheen. Rampzalig. Met 30 graden slagzij alles klaren is niet eenvoudig. Nabij de VZ 1/LC 6 grote grauwheid en nattigheid. Ik zit te overwegen om na Medemblik door te varen naar Breezanddijk.
Het is wel lagerwal, maar morgen minder werk. De V 15 is niet bezeild, wind ca. 26 knopen, onaangenaam en zeer vermoeiend. Gelukkig is het nu droog. Het besluit om door te varen naar Breezanddijk is heel goed. De wind neemt af en er komt duidelijk warmere lucht. (Z.O.wind ??) Het is nu nog 3.2 Nm te gaan naar de Sport B. Langzaam, schommelend en uiterst rustgevend. Een mooie avond na een dag hard werken! Breezanddijk kende ik nog niet, dus rustig naar binnengevaren. Na de gebruikelijke, eenvoudige, doch voedzame maaltijd, vroeg te kooi.
29-09-2000 – vrijdag.
Tot mijn verbazing zijn er in het donker nog wat boten binnengekomen. Een van de schepen lag voor anker Had ik ook moeten doen. (Tumlare)
Om 07:21 uur weer langs de Sport B en op weg naar Enkhuizen. Enige schepen zijn al vertrokken. De zonsopgang is echt indrukwekkend. De wind lijkt verder te krimpen. Grijzigheid heerst weer. Buiten koud. Binnen warm. Rustig lees ik het boek van Joshua Slocum over zijn reis om de wereld met de Spray. Wat een avontuur van die man. Om 09:15 nabij de KR 15 overstag over BB Zover doorgevaren, dat de KG 2 bezeild is. Zon wil toch weer doorbreken. Even na 11:00 uur bij de KG 2. Opruimen en naar de sluis. Ontmoeting met Catootje, alleen niet naar de botermarkt gegaan. De zon is vol doorgebroken.
| Na de KG 27 op weg naar Lelystad, dit stuk in de wind. Onderweg zakt de wind steeds verder in. Gevecht met Catootje in dit kruisrak. Ik ga me voorbereiden op de spi op weg naar de Nek. Kan hij gelijk lekker drogen. Gaat lekker onder spi, snelheid ruim voldoende. Hier neem ik een pilsje op, zeker omdat Catootje ruim achter ligt. Het is nu 16:30 uur en de wind is weg, waarheen weet ik niet. De spi is nog net gevuld. Snelheid ca. 3 knopen. De vliegjes komen massaal aan boord om te helpen. Echt werkt het niet. Ze zitten voornamelijk in de weg. Wind lijkt nu (18:00 uur) voornamelijk naar Oost te krimpen. Misschien reachen naar de MN/GZ 2. Van Catootje mocht ik vernemen, dat ik me teruggetrokken had. Er opent zich voor mij een uiterst nieuw verleden. Via Bob Luyendijk is het misverstand gauw geklaard. Hij vertelt me, dat ik voorlopig de 2e. positie inneem. Afwachten maar. Het anker laten zakken in de Gouwzee. Naast mij, iets zuidelijker lig een groot, donkerblauw zeiljacht afgemeerd. Wie dit is, weet ik niet. Ik vind het te ver gaan om een schijnwerper te gebruiken.30-09-2000 – zaterdag. 01:30 uur. De wekker gaat. Kom tot de ontdekking dat de wind globaal weinig is. (3 knoop) Na het ronden van de GZ 2 op weg naar de BvK. De snelheid is plat voor het laken wel 2.6 knoop ! Koers richting lichtvlek van Almere. Het water is heerlijk vlak. Het zicht is zeer beperkt. De wind neemt uiteraard weer af: 1.2 knoop 06:30 uur. Eindelijk lijkt er weer wat wind te komen. Opkruisen naar de PH boei. Na de PH weer opkruisen naar de M 1. De laatste loodjes……… Finishtijd 30-09-2000 om 08:12 uur, als 1e., dus ‘Line honeurs’ voor : |
Links de Almare, ingesloten door later aankomenden |
Joep Homan – S/Y Almare – Het Y
WV de Schinkel – 2000
Amsterdam, 13 oktober 2000
Waarde Jan,In de archieven kwam ik een fragment tegen van een historische kaart. Deze kaart bewijst mijns insziens dat de 200 mijls ‘SOLO’ veel ouder is dan we dachten. Indertijd was er nog maar 1 route. Vermoedelijk betreft het hier een oude m.vr.gr. Jaap Homan van de Almare.P.S. |
![]() |

Tijdens het varen naar de EZ 27 neem ik het besluit om voor route 4 te kiezen. Gezien de lange termijn verwachtingen lijkt mij dat de beste route. Richting Den Oever kies ik voor wat een hoger koers onder de dijk door over de ondiepte heen (voordeel van een korte kiel) De ander deelnemers sturen wat lager maar wel gelijk op de spinakker. ik hijs eerst de halfwinder. Michel Kapel met zijn 2 jonk masten op zijn schip haalt me langzaam maar zeker in. God wat loopt dat ding! De wind is iets afgenomen en ik zet ook de spi. Zo dat gaat beter.
20.17 uur. Bij de WV8 (denOever) kom ik net achter Albert Broshuis en voor Michel Kapel aan. Albert vaart ook in een Winner, alleen die heeft een dieper kiel. Ik rond de boei en ga gelijk door naar Urk terwijl de meeste deelnemers Den Oever binnen lopen en daar overnachten. Ik doe dit bewust omdat het de volgend dag zuid 6 voorspeld wordt en het is nu nog Z 4/5 en de wind zou gaan krimpen. Mijn schip is geen hoog aan de wind zeiler en zeker niet met harde wind en daarom lijkt het mij beter om deze avond nog door te varen naar Urk.
Ik kan Urk net niet aan lopen. De wind ruimt iets maar te laat voor mij zodat ik een slag van ongeveer 2,5 mijl zuidwestelijk moet maken om de UK16 aan te lopen. Om 1.04 uur de UK 16 gefotografeerd. en om 2.00 uur een plekje in de haven. Onder tussen begint het flink te regenen. Ik was al aardig nat van het zweet nu is alles nat! Nog wat opruimen en wat eten en dan wordt het toch echt wel tijd voor wat slaap. Mijn hoofd gonst en ik heb me vandaag met wat aspirines er door heen gesleept. Om 3.00 uur te kooi.
28-09-00
7.00 uur. ik ben wakker en kijk wat voor weer het is. Zuid 6 zoals voorspeld. Ik had langer willen slapen maar ik vind het zonde om nu te blijven liggen. Dus Ontbijten en varen! Ik ben nog steeds zo duf als een konijn maar een aspirine doet weer wonderen.
Ruime wind naar Stavoren de VZ1. Het gaat hard. Het gaat vreselijk hard. Vol tuig met fok. Ik kan vaak boven de 9 knopen van de golven surfen. Een paar keer haal ik 10.5 knop op het GPS. Machtig werk. Ik moet wel zelf sturen want mijn beide stuurmaatjes kunnen die hoge snelheden er niet uit halen. 10.30 uur de VZ1. Ik haal een gemiddelde van ruim 7.5 knop op dit rak. Van de VZ1 gaan we naar Hindelopen de H2 W1. Dit is plat voor het lapje. Ik wil graag wat eten maar de beide maatjes maken er wat een rommeltje van voor de wind. De windvaan doet het nog het best, maar als je de kortste weg wilt varen en de hoogst mogelijke snelheid kun je op zo’n moment beter zelf sturen. Voorbij Stavoren kruip ik wat in de luwte van de dijk en kan ik even rustig een soepje maken en lekker lunchen zonder dat dat te veel ten koste gaat van de snelheid. Na de H2W1 is het een kruis rak naar de V15 richting Medenblik. Het waait stevig aan de wind en het is dan wel weer even heftig zo’n stampend schip. Ik overweeg nog even om Hindelopen aan te doen en daar te rusten en gunstiger wind af te wachtte. Maar nee, 2e rif er in en de windvaan er op en dit wordt ook weer een perfect tochtje. Ik maak een slag tot onder de kust van Friesland om zo wat luwte te krijgen en kan de V15 dan ook bijna aanlopen. Als de windvaan er op staat en het schip is goed getrimd loopt Catootje er prachtig door heen. Onder tussen lees ik wat of ik luister wat muziek. Best wel ontspannend zo’n kruisrakje.
Van de V15 gaan we naar de Sport B Boei en mijn plan is om daar rust te nemen en te overnachten. De voorspelingen zijn dat de wind morgen zal ruimen naar Z/ZO en wat zal afnemen. Ik heb hier en daar wel wat deelnemers gezien maar niemand die dezelfde route vaart. Zou ik de enigste zijn die route 4 doet? ( Later zou blijken dat ik het verste was met de route en dat de meeste deelnemers route 4 hadden gekozen) Ik kom er achter dat ik water in het schip heb. Vergeten de toilet kranen dicht te doen vanmorgen met mijn duffe kop! Nou ja straks in Breezandijk de schade maar eens opnemen. Voorlopig drijft de macaroni in de bilge! Om 16.14 uur bij de Sport B. Zeilen strijken op het ijselmeer bij windkracht 6 aan lager wal is lastig!
Breezandijk is nou niet wat je noemt uitgerust met aanlegplaatsen voor jachtjes. Dus na wat creatief aan meren tussen een remingswerk en een steiger lig ik prachtig. Hé, er zit een stekker aan de steiger, zouden ze misschien wal stroom hebben? Even proberen maar helaas. Dan maar de motor aan om wat stroom te draaien en de kachel om wat kleren te drogen. Er staat me nog een klusje te wachten. Water uit het schip halen en alles schoon maken. Had ik maar een S-spant dan heb je tenminste een echte bilge waar het water zich in kan verzamelen. In zo’n moderen platbodem heb je het water en die troep echt overal! Later op de avond komen er meer schepen Breezandijk binnen. Waaronder Jaap Holman met zijn Spirit 32 en Henny v Oortmarssen die naast me komt liggen. Ik ga om 22.00uur naar kooi en zet geen wekker want ik wil nu toch wel een goede nacht gaan maken
29-09-00
Voor 6 uur wakker. De wind is al gekrompen en afgenomen. ZO 4. Ik wil vandaag een flinke ruk maken. Dus opstaan en ontbijten. Ik maak Henny wakker en meld hem dat ik met een kwartiertje wil vertrekken. Hij besluit om gelijk mee te gaan.
6.52 uur sport B gefotografeerd. Henny zit een paar minuten achter me. Onze handicap scheelt niet veel. Hij moet zelfs iets sneller. Maar na een uurtje varen blijkt wel dat Henny mij met dit windje aan de wind niet bij kan houden. Naar Enkhuizen de KG2 is nog een behoorlijk kruisrak. Het is prachtig varen zo op de vroege ochtend en Tjeerd stuurt en ik luister wat muziek en schrijf wat aan mijn verslag. Ik zie een wit schip achter me hoog aan de wind duidelijk op me in lopen. Dat moet Jaap Homan zijn. Hij loopt beduidend hoger dan ik.
10.53 uur de KG2 Jaap zit dan nog een kwartiertje achter me. We gaan samen in de sluis. Na de KG27 is het wind pal tegen naar de OVD3. Ik ga in duel met Jaap. Door goed gebruik te maken van de windschiftingen kan ik de eerste helft van het rak net voor jaap blijven. Een mooi staaltje van close racing. Ik ga tot twee maal toe vlak voor hem langs. De wind neemt af en Jaap blijft nu dezelfde slagen maken als ik en hij neemt daarna flink afstand en gaat 6 minuten eerder om de OVD3 dan ik.
Na de OVD3 gaat de spinakker er weer op we gaan op weg naar de NEK. De wind is nu nog zo’n ZO 3 en het schiet lekker op. Ik kan Jaap weer wat inlopen. Voor de wind komen we Henny nog tegen die zit in het rak naar de OVD3. Ik maak een paar foto’s van hem. Het is een prachtig schip. Halverwege valt de wind geleidelijk helemaal weg. Zeer frustrerend! Later valt zelfs de spi in. Ik ben wat aan het pielen met lichte touwtjes als schoot maar het helpt allemaal niks.
Ik heb een paar maal telefonisch contact met Jaap en hij wil na de NEK nog door naar de Gouwzee. Ik niet en ben het helemaal zat en wil naar Hoorn om daar te ankeren. Nog 2 mijl met een snelheid van 1.1 knop! Ik speel met de gedachten om het rak af te breken en terug te varen naar Lelystad. Ik weet niet of dit wel kan en mag. Ik ga eerst maar wat eten koken en daarna maar verder zien. Er komt weer een zuchtje van uit oostelijke richting. Nog 1 mijl en besluit toch maar om het rak af te maken.
19.03 uur. Eindelijk de NEK gepasseerd. Ik ben het spuug zat. Met dit rakje heb ik mijn kansen voor een goede klassering aardig verprutst! Op de motor naar Hoorn. Allemaal vliegjes in het zeil en spinakker. Eerst flink wapperen en dan opruimen. In Hoorn voor anker, net voor donker. Eerst het logboek bij werken. Ik baal als een stekker 3.45 uur over 8 mijl! Ik probeer het van me af te zetten. Had ik maar in Lelystad geankerd of in Enkhuizen of had ik toch de route maar afgebroken. . Nou ja , niks aan te doen en ik probeer te genieten van deze rustige avond. Ik lees nog wat en zet weer geen wekker want vannacht is er toch geen wind. Ik zie het morgen wel weer.
30-09-00
7.30 uur. Wakker. Buiten kijken. Is er wind? Ietsje uit W of ZW. Nog niet veel maar gauw anker op en de motor gestart en op naar de NEK. Ik kan daar altijd nog wachten tot dat er meer wind komt. Onder weg eten en de zeilen aan slaan. Bij de NEK aangekomen staat er inmiddels al een windje 2 tot 3 beaufort. Ik wou op de halfwinder naar de GZ2 maar het is maar net bezeilt. Dus de halfwinder er af en de fok uitgerold. Maar hopen dat deze wind blijft staan tot Muiden. Het gaat steeds harder en ik loop toch zo’n 5.5 knop. Vlak na de GZ2 kom ik Wim Schreurs tegen (9.42 uur) die in het zelfde rak zat maar nog een slag over Stuurboord naar de boei moet maken. Ik heb nu wel de halwinder er op gezet en het waait op het moment een dikke 3 en ik kan op dit rak ruim 6 knoop lopen.
10.37 uur. Na de BVK neemt de wind af. Tot 0.8 mijl voor de PH gaat het nog redelijk vooruit maar dan valt deze geheel in en ben ik bijna een half uur aan het pielen met de halfwinder/en/of fok om wat snelheid te ontwikkelen om de PH te bereiken. 12.09 De PH gefotografeerd. 12.30 uur wordt de wind weer constant en de laatste 5 mijl leg in een uurtje af.
Finish tijd: 13.39 uur.
Ik blijk als 5e binnen te zijn. Toch niet geheel ontevreden met het resultaat, misschien toch nog bij de eerste 10? (Op internet stond ik op dat moment 5e.) Het waren in ieder geval vier onvergetelijke dagen en Familie Luyendyk hartstikke bedankt dat jullie dit organiseren en dat ik mee mocht doen.
Bouke Yntema
S/Y Catootje
1999
mededelingenblad van de Vereniging van Waarschippers
Sybarite en de 200 myles SOLO
In het voorjaar werd door Peter van der Schaaf op een feestje gekscherend geopperd om met Waarschepen mee te gaan doen aan de 200 myles solo tocht, die elk jaar door Jan Luyendijk wordt georganiseerd. Er werd lauwtjes gereageerd door de aanwezige Waarschippers. Ik liet het ook even bezinken, maar vond het toch een mooie uitdaging. Toen ik hem 2 weken later vertelde er wel zin in te hebben, schrok hij toch een klein beetje; nu moest hij ook! Snel hebben we ons aangemeld. Net op tijd bleek.
| Er konden zich eerst maar 40 deelnemers inschrijven, wij waren 38 en 39. Later, toen er extra sponsers gevonden waren, konden er 55 schepen inschrijven. Een foto moest gemailed worden, alle deelnemers waren op internet te zien. (www:hexan.nl/solo) De start zou woensdag 27 september plaats vinden, dus mooi na het Fluessen evenement. Het weekeinde van 22 september varen Anita, Nick en ik onze Sybarite op ons gemak naar Muiden, waar de start zal plaatsvinden. |
![]() |
Ik heb de boot nog even na gezien, maar behoudens een rondgaande lijn langs de 4 bolders, om mijn safelijn aan te kunnen bevestigen, onder gaat onze kwarttonner geen modificaties. Alleen wordt er een extra accu aan boord gestouwd om eventueel het stroomgebruik van James, de stuurautomaat, te kunnen aanvullen.Met mooi weer bereiken we de stichtingshaven aan de voet van het Muiderslot. Hier liggen al enkele deelnemers afgemeerd. Ook Peter arriveert en met een door ons gecharterde auto met chauffeur keren we huiswaards. De weersverwachtingen worden goed beluisterd alhoewel ik gezien eerdere ervaringen dit jaar, bedenkingen heb over hun juistheid. Overwegend oostelijke winden, donderdag op zijn hardst, dan afnemend en zondag zonder wind. |
Samen met Richard Panhuizen zijn wij met onze kwarttonners het een na kleinste bootje van het deelnemers veld. Als je naar de rating kijkt, behoeven wij slechts 3 schepen achter ons laten.
Het plan is, mede omdat wij relatief langzaam zijn, de eerste dagen zo ver mogelijk te komen en dan, i.v.m. de voorspelde windstilte, als het even kan al op de zaterdag te finishen. De deadline van de race is zondag middag 12.00 uur.
Er zijn door het wedstrijd comité 4 banen van elk 200 mijlen uitgezet. 2 blijven er op het IJsselmeer, één gaat de Waddenzee op en één zelfs de Noordzee op met een rak van Den Helder naar IJmuiden en weer terug.
Met Anita spreek ik af als solozeiler niet de Wadden op te gaan. Met de oostelijke wind heeft baan 4 mijn voorkeur, maar pas in Den Oever moet er beslist worden, omdat n de 4 banen zich daar pas splitsen.
Van elke boei van de baan moet met een door de organisatie verstrekte wegwerpcamera goed zichtbare opnames gemaakt worden. Dit betekent binnen de 4 meter passeren en de foto maken. ’s Nachts blijkt de flits zelfs de 4 meter niet te halen. Op de later afgedrukte nacht foto’s is slechts heel vaag een schim van de boei zichtbaar, laat staan dat je kunt zien welke boei het is.
Toch keurt de organisatie al mijn opnames goed en krijg ik geen straftijd wegens het missen van boeien.
Ook moet er een logboek bij gehouden worden, waarin boeipasseertijden , barometer standen, logstanden, zeilvoering etc. genoteerd dienen te worden. Er is ook een hele pagina beschikbaar voor notatie van andere deelnemers en voor bijzonderheden. Ook dit logboek telt bij de uiteindelijke stand.
Verder moeten de deelnemers zich iedere avond melden met hun posities. Deze worden elke avond op internet gezet met bijbehorende tussenstanden. Zo kan het thuisfront de tocht goed volgen. Een fraaie site van de deelnemers met route kaartje is op het internet voorhanden.
Dinsdag avond zet Anita mij af in Muiden. De hele haven ligt stampvol met deelnemers, 7 rijen dik en een spinnenweb van meerlijnen vormend.
De meeste schippers zijn al aanwezig. Smeuige verhalen van eerdere edities doen de ronde. De beide kwarttonners vallen in het niet tussen de andere deelnemers met o.a Impact 37, Bavaria 37, Westerly 36, FF110, Dehler 34. Er doen zelfs twee tweemasters mee. Er doen ook 2 Mini Transatlanters mee, die dus bijna net zo groot zijn, maar er wel 3x zo snel uitzien. Maar wij laten ons niet intimideren en duiken vol goede moed de kooi in.
Woensdag 27-9-00
Om 8.30 uur is het palaver in het café “Ome Ko” gelegen bij de sluizen. Ome Ko zelf blijkt al enige jaren geleden begraven te zijn, maar zijn familie runt de tent nog steeds voorbeeldig. Hier krijgen al de deelnemers koffie, appelgebak, hun logboek, het fototoestel waarmee direct een proefopname dient te worden gemaakt en een zeilpet. 45 deelnemers zullen ook daadwerkelijk starten.
Om 10.00 uur is de start. Koortsachtig worden de laatste voorbereidingen getroffen. De voorspellingen zijn wind 3-4 Bft. en toenemend uit zuidelijke richting. Bij de M1 is de startlijn uitgelegd en deze blijkt pal voor de wind te zijn.
Eindelijk kunnen ook wij (de kleinere bootjes lagen wat opgesloten) los gooien en tuffen op de motor de haven uit.
Buiten de havenhoofden twijfel ik of ik mijn flasher ( een soort gennaker ) zal hijsen. Maar ja, het is wel mooi plat voor het laken en de wind neemt ook iets af.
Dobberend op het grootzeil, terwijl James stuurt, maak ik op het voordek het zeil in gereedheid en zet ik alvast de boom. Ik zie dat meerdere spinakers klaar voor hijsen worden gemaakt.
Een mooi gezicht zo veel schepen met de cijfervlag 1 in het achterstag zo kriskras door elkaar te zien varen. Langzaam begeeft de vloot zich naar de startlijn. Met de flasher op vaar ik vlak na het schot over de lijn. Je moet wel je best doen om je tussen al die grote schepen vrij te zeilen. Op internet blijkt een mooie start foto van de Sybarite te staan: klein duimpje tussen de grote reuzen met spinakers.
Een machtig gezicht zo, al die schepen voortsnellend onder die gekleurde zeilen richting het Paard van Marken. De eerste boei is de GZ2 bij Volendam. Om het Paard heen moet worden opgestoken en is het rak niet meer met spinaker te bezeilen. Deze voorzeilen worden veel te laat gestreken en menig spinaker fladdert gestrekt uit de top van de mast, of komt te water.
Ik doe het wat rustiger aan, gijp zodat de flasher achter het grootzeil kom, strijk deze rustig, ontrol de genua en stuur nu pas op rond het Paard.
Ook Peter van der Schaaf heeft spinaker problemen. Terwijl hij dit staand op zijn voordek klaart, krijgt hij een aanvaring met een andere deelnemer.
Terwijl hij voor top en takel dobbert passeer ik hem. In het voorbijgaan roept hij iets van boegschade en zegt de race te moeten staken. Dit is wel wrang al na 5 kwartier zeilen. Later hoor ik dat de schade aanzienlijk is en heel de boegsectie ontzet is.
Ik vaar lekker tussen de grotere schepen. De wind neemt iets toe. Om 11.48 u zit de eerste foto er op. De boei lachte niet eens naar het vogeltje! Op naar de NEK boei bij Hoorn. Dit is weer ruime wind, maar het gaat mij te hard om de flasher weer te hijsen. Vlak voor de boei wissel ik de grote genua ( 16 m2) voor die van 14 m2. Zo vaart het aan de wind wat lekkerder naar de OVD3 bij Lelystad. Wij varen heerlijk in de zon, terwijl bovenland de buien voorbij drijven. Zo hoort het!
Om 14.48 u fotografeer ik de boei en stopt mijn zeiltijd. Op het gemak vaar ik richting de sluizen. Met zo’n 25 deelnemers schutten we. Er heerst een tevreden gevoel in de sluis.
Bij de EZ27 begint om 16.52 de tijd weer te lopen. De wind wordt weer minder en ik besluit halve wind de flasher weer te zetten. Zo houd ik de grotere schepen bij, die op dit rak geen spinaker kunnen voeren. De ondiepere schepen steken een stuk af over het Staart, de grotere moeten om deze plaat heen. Het is schitterend om zo in de ondergaande zon te zeilen.
Om 19.30 kook ik spagetti bij 6 knopen snelheid. Het is 21.28 u als ik in het donker de WV8 bij Den Oever fotografeer. De eerste 61 mijlen zitten er op. Mobiel meld ik mijn boeitijden bij de organisatie en ga voor anker in het kommetje bij Den Oever. Bij het naar binnen varen van het havenmond zie ik in het donker een medezeiler, die het even mis had en aan de verkeerde kant van het havenhoofd in de fuiken belandde.
De reddingsboot is al bij hem om hem er uit te slepen.
Deze race ben je verplicht 27 uur te rusten waarvan 6 uur voor anker. Daar ik niet weet waar ik de volgende nachten zal zijn bedenk ik dat ik nu maar alvast kan ankeren. De eerste uitvallers zijn er ook al. De meesten met stuurautomaten pech.
Donderdag 28-9-00
Na een goede nachtrust ontbijt ik met eieren met spek en maak in de ochtendschemer Sybarite weer zeilklaar. Het waait flink en ik sla de fok (10 m2) aan. Omdat de boei waar de tijd middels een foto weer gaat lopen wat verder uit de kant ligt, is het al 8.45 u als mijn zeiltijd weer loopt. Door de windrichting besluit ik vanaf hier route 4 te nemen naar Urk. De meeste deelnemers kiezen hiervoor. Slechts 2 volgen de route over de Noordzee, naar IJmuiden en weer terug. Niemand neemt route 2 over de Wadden en slechts een handje vol besluit tot route 3 naar Hindelopen.
De ZW wind is kracht 5. Met een boot of 10 starten we nagenoeg gelijk. Veel boten hebben nog de genua staan en gaan erg plat. Klapperend wordt er dan een rif gestoken. De Sybarite ligt heerlijk op een oor en hoog aan de wind zeilt zij er grotere schepen op hoogte en snelheid uit. Dit is genieten! Als de wind na een uurtje nog meer toeneemt besluit ik ook een rif te steken en neemt zij de golven weer gemakkelijker.
Als ik even binnen wat te eten klaar maak, pikt James, mijn stuurautomaat, een flinke golf. Het is een enerverende ervaring om dan James en de zitbank waaraan hij vast zit dwars in de kuip te zien liggen. Het kost mij een 360° draai, waarbij gelukkig geen brokken vallen.
Het is flink knokken tegen de golven in. James doet het iets minder soepel dan ik zelf en neemt een golf over, waarbij het gehele voorschip verdwijnt en het water ter hoogte van de mast zeker een meter hoog massief over komt. Een ventilatie kapje op de kajuit laat nu water door, dat via de antennekabel die onder het kajuitdak loopt, zo mijn marifoon in stroomt. Op het display komen allemaal chinese tekens: einde zend installatie.
Vlak voor Urk is het zoutkristal van mijn reddingsvest zo doorweekt, dat het vest zich spontaan opblaast. Half opgeblazen houd ik hem om.
Vlak voor de UK1 ontreef ik het grootzeil, omdat het na de boeironding met ruime wind naar Stavoren zal gaan. De UK1 wordt om 13.10 gefotografeerd. De zon komt er ook nog bij en surfend met 8 tot 9 knoop speren we naar de VZ1. De wind neemt in de vlagen toe tot 7 Bft. Dit is genieten! Dit is heerlijk spelen met de golven! Surfend staat de meter van het log tegen zijn stuitje. Ruim 11 knopen! De grotere schepen lopen slechts langzaam op mij in.
15.30 rond ik de VZ1 en dan moet het bijna plat voor het laken naar Hindelopen. James kan de achterop komende golven niet aan, zodat ik niet naar het voordek durf om de fokkeboom te gaan gebruiken. Door het geregeld inklappen van de fok raakt het bedieningsltouwtje van de rolfok in de knoop. Nu moet ik wel naar het voordek om het te klaren. Ik verleg de koers tot halve wind, nu kan James het, zij het met grote slingers, wel aan.
Met mijn safelijn vast gehaakt, klaar ik de fok op het puntje van de boot, af en toe overspoeld door golven. Terug in de kuip besluit ik geconcentreerd sturend de boot pal voor de wind te sturen, zodat de fok te loevert vol blijft staan. Ondanks de hoge golven lukt dit aardig. Als de boei van Hindelopen met een bakstagwind te bezeilen is ( dit zie ik op mijn GPS ), gijp ik en speren we naar de H2, die ik om 16.45u op de gevoelige plaat vast leg. Ik sta in tweestrijd om te stoppen of door te zeilen. Het is wel vroeg om nu al te stoppen, maar door varen betekent kruisen naar Medemblik en in het donker de V15 boei zien te vinden. Ik besluit omdat het nog zo lekker waait en de voorspellingen voor morgen minder wind geven, Geepy, de GPS te vertrouwen op het vinden van de boei. Achterom kijkend zie ik andere zeilers afbuigen naar de haven om in Hindelopen te overnachten. In het kruisrak loop ik nog twee andere zeilers achterop en in de vallende duisternis vind ik om 19.50u de boei precies op de plek waar Geepy hem verwacht. Gauw de motor starten en tegen de nu iets afgenomen wind naar de haven. Ik meld het wedstrijdcommitee de passeertijden van de boeien en het thuisfront van mijn aankomst in de thuishaven Medemblik. Omdat een hete douche mij wel lekker lijkt, ga ik die thuis even halen.
Het thuisfront is in een jubelstemming. Op internet is zoals eerder is vermeld, de tussenstand te lezen. Toen Anita vanmorgen op het net keek, prijkte de Sybarite boven aan de lijst! Helaas was er een foute eindtijd bij Den Oever gebruikt, maar na correctie was ik nog altijd 4e. Niet slecht voor zo’n klein bootje. Ik ben benieuwd waar ik morgenochtend sta na verwerking van de gegevens van vandaag.
Terwijl ik thuis aan de koffie zit belt Peter op om aan Anita verslag te doen van zijn pech. Omdat ik opneem is zijn eerste reactie: “Jij ook al uit de race!”, maar ik stel hem gerust. De schade aan zijn boot is groot, heel de boegsectie is ontzet. De verzekering is al ingeseind.
Ik ga terug naar de Sybarite. Omdat ik morgen vroeg wil vertrekken slaap ik aan boord.
Vrijdag 29-9-00
Bij het ochtendlicht ruim ik de kajuit op, hier had ik gisteren geen puf meer in. Ik ontdek nu waarom ik gisteren water onder de vlonders had: de thermoskan met heet water ligt aan gruzelementen. Het kost veel moeite om alle glasflinters te verwijderen. De stekkers trek ik uit de marifoon, zodat deze zo goed en kwaad als het gaat kan drogen. Bij het opschieten van de schoten in de kuip vind ik een visje van zo’n 7 cm, die klem tussen het touwwerk zat. Zo veel water heb ik gisteren dus over me heen gekregen. Helaas is de vis al overleden en ik besluit hem te gaan drogen om hem als trofee te kunnen bewaren. Al met al is het alweer 8.00u als ik de havenhoofden passeer. Ook de andere kwarttonner van Richard Panhuysen steekt net naar buiten. We varen samen naar de V15. Hij blijkt om 22.00u Medemblik te zijn binnen gelopen. Helaas kon hij en nog een ander schip in het donker de onverlichte boei niet meer vinden en mist hij nu een foto. Als compensatie fotografeert hij de boei nu 2 maal. Ik fotografeer de boei ook met hem als achtergrond. 8.36u de tijd loopt weer.
Anita belt op en meldt dat ik momenteel 6e sta. Ik houd mijn hart vast voor als het vandaag minder waait, Sybarite doet het met licht weer altijd minder.
Halve wind loopt de Vega van Richard harder. Het is tenslotte een wedstrijd en ik besluit de flasher te hijsen. Met dit zeil op haal ik hem in en met een ZO 4 Bft varen we naar de Sport B bij Breezanddijk. Deze rond ik om 10.50 uur. Richard hoogstens 5 minuten later. Hoog aan de wind gaat het terug naar de KG2 bij Enkhuizen. De wind wordt steeds minder, de snelheid loopt terug tot 2 knopen. Dit kost me mijn gemiddelde. De wind draait naar zuid, het wordt een kruisrak. In het zicht van de boei valt om 16.00u de wind geheel weg. Stuurloos liggen de boten op een spiegelglad IJsselmeer op wind te wachten. Alleen de grote jongens genereren nog eigen wind en varen om ons heen.
Frustrerend! Van verveling ga ik mijn logboek maar alvast invullen en maak ik de kajuit schoon. De marifoon weigert nog steeds, maar piept alweer bij het stroom inschakelen. Met een heel klein zuchtje wind bereik ik om 17.45u de boei en verlos met een foto van de boei, Sybarite uit haar lijden. Ik dobber rond en wacht op de Vega, die qua afstand vlak achter mij zit, maar qua tijd nog even te gaan heeft. Op de motor varen we samen naar de sluis. Na met 5 solovaarders geschut te zijn, ankeren we achter de sluis om 19.00 uur naast elkaar. Er liggen hier zo’n 13 boten op wind te wachten. Omdat voor morgen weer zo’n dag met weinig oostelijke wind voorspeld is, besluiten we de wekker op 6.00u te zetten en begeven we ons te kooi. We moeten morgen naar het oosten, naar Lelystad. Dat belooft wat! Zullen we op tijd de finish in Muiden halen? Nog steeds geen zuchtje te voelen.
Zaterdag 30-9-00
00.30u word ik wakker van draaiende wieken van de windmolens. Wind!! En we zijn gedraaid, de wind is noord-west. Wat zal ik doen? ….Wachten tot de ochtend? …. Richard wekken? …. of alleen vertrekken?…. De windmolen wiekt en wenkt; ik klop op het dek van de Vega …. geen reactie …. zal ik toch maar blijven liggen? …. Nee, de windrichting is nu gunstig, dan maar harder gebonkt. Slaperig klinkt Richard’s stem als hij vraagt wat er loos is. “Er staat wind, ik ga zeilen” zeg ik hem. Lange tijd blijft het stil in de kajuit van de Vega. Dan besluit Richard ook zijn kooi uit te kruipen en anker op te gaan. In het donker graai ik in de bagger van de ankerketting. Op de motor varen we naar de KG27, 3 mijl verder op, waar de tijd weer begint te lopen middels de flits van onze camera’s. De wind is wel heel zacht, maar tenminste uit een goede richting. Ik hijs de flasher. Voor ons zien we nog een wit toplichtje van een andere zeiler die al voor ons vertrokken is. Een visser komt met house muziek galmend en met deklichten volop brandend, hard voorbij gevaren. Plat voor het laken varend probeer ik elk zuchtje te vangen dat mij oploopt. De zuchtje schiften erg en bijna elk kwartier moet ik gijpen of zelfs de zeilen naar halve wind stellen, terwijl James exact de goede koers behoudt. Met hazeslaapjes van 5 minuten weet ik mij toch alert te houden. Soms loop ik wel 2 knoop, meestal geeft Geepy slechts iets meer dan 1 knoop aan. Toch loop ik weg van de Vega en haal ik onze voorganger in. Achter mij zie ik nog 3 lichtjes van andere zeilers. Het is ook een beetje mistig. Als de flasher door de weinige wind de romp raakt, blijft hij hier tegen plakken. Een waterstraaltje loopt uit de flasher, toch is het niet koud en zijn de sterren af en toe te zien.
Later hoorde ik dat toen de andere grotere zeilboten Richard inhaalden, hij opzij moest voor een van de oplopers. Terwijl deze hem zachtjes voorbij ging, scheen Richard met een schijnwerper in diens kuip maar zag niemand. Het overlaten gaan van het mobieltje aan boord van de slaper doet de man pas wekken.
Ook Richard doet een slaapje met zijn wekkeralarm op een half uurtje ingesteld, maar omdat de wind iets toeneemt wordt hij net 50 meter voor de te ronden boei gewekt. Het is maar goed dat zijn boot niet nog iets sneller zeilde.
Evenzo zet een andere zeiler op zijn Dutch Dandy tijdens dit rak de wekker, maar vergeet het palletje van zijn wekker op scherp te zetten. Hij wordt pas wakker als zijn schip de dijk raakt. Gelukkig weet hij zijn stalen schip zonder noemenswaardige averij weer vlot te krijgen. Om 4.00u besluit ik knakworsten te warmen, maar deze vallen verkeerd want na het halve blikje leeg gegeten te hebben moet ik kokhalzen. De verdere nacht leef ik op droge biscuits en een mondje Cola. Op mijn rug op het voordek liggend zie ik vallende sterren even oplichten en wens ik wind. 10 minuten voor ik de boei bereik komt een constant briesje; gebed verhoord!
Als ik de OVD3 om 7.06u rond, draait de wind in eerste instantie mee, zodat ik met de flasher op weer terug stuur naar de NEK boei bij Hoorn. Al na 10 minuten wordt het echter een kruisrak, de wind neemt gelukkig toe tot 1 à 2 Bft. In het opkomende licht draait de wind naar ZW en hoog aan de wind wordt de NEK boei net te bezeilen. Met een windje 2 wordt de boei gerond. Met de andere kwarttonner houd ik een vriendschappelijk boord aan boord gevecht. En dat na 180 mijl! Geen andere deelnemer is verder te zien.
Na het ronden van de GZ2 bij Volendam loopt Richard ruime wind bij mij weg en besluit ik de flasher weer te hijsen. Kan deze meteen mooi drogen in de zon. Ondanks dat Richard een dubbele fok hijst loop ik hem moeiloos weer voorbij. Inmiddels hoor ik van het thuisfront dat de Sybarite door de windstilte van gisteren naar een 28e plaats is gekelderd. Hopelijk voor ons gaat de wind net als gisteren weer liggen en was de tactische overtocht naar Lelystad met zo weinig wind achteraf toch slim. Maar met zulke relatief kleine en dus langzame schepen als onze kwarttonners kun je de gok om op wind te gaan liggen wachten niet nemen. Later in de haven horen we dat verschillende grote racejongens deze gok wel hadden genomen en dus met meer wind de trajecten hadden gezeild.
Om 13.04u rond ik de BvK en kruis ik naar de PH1. Het waait nu een stabiele 2 Bft. Het ene rak stuur ik, het andere James. Met zo weinig golven doen we het beiden even goed. Is James zo goed, of ben ik zo vermoeid? Tijdens het ronden van de PH1 zit ik opgesloten tussen 3 binnenvaartschepen. Wat zullen zij wel niet gedacht hebben dat ik op 4 meter van de boei een foto maak? Op het laatste hoog aan de windse rak naar de finish komt met dit lichte weer Richard mij weer voorbij. Deze boot wisselingen houden je na zo een lange tocht gelukkig nog wat scherp. Anders was ik denk ik toch wel iets ingedommeld. Voor Muiden worden andere zeilwedstrijden gehouden en dwars door dit veld zeilend bereik ik om 16.12u de M1, waar ik met een fraaie foto deze 200 myls Solo zeilrace beeindig.
Mijn log geeft aan dat ik 222,5 mijlen heb afgelegd. Dit is dus inclusief van en naar de havens varen en inclusief kruisen. In totaal duurde mijn race 80 uur en 12 minuten. De enige schade bedroeg een onklare marifoon, die het echter aan het eind van de race weer deed en een kapot getrokken koordje van mijn cappuchon.
Ik ben blij het gehaald te hebben, maar ben nog niet gesloopt. In de haven liggen al verschillende andere deelnemers. Ik lever mijn logboek en fototoestel bij het wedstrijdcomitee in. Na een gezellige maaltijd met tochtgenoten duik ik op tijd mijn kooi in. Er staat weer weinig wind.
Zondag 1 oktober
Tot 12.00u hebben de deelnemers de tijd om te finishen. Door de weinige wind zijn er meerdere schepen die deze limiet niet halen. Mijn vader komt aan boord om de boot mee terug naar Medemblik te varen. Door de weinige wind doen we dit bijna geheel op de motor.
Vanaf Enkhuizen varen we de rest van de tocht in de regen. Blij dat ik dit gisteren niet had.
Om 18.00u meren we af in onze box en mag Sybarite gaan uitrusten van een mooie, maar zware tocht waar ik zeer van genoten heb. Tijdens de prijsuitreiking een week later blijk ik, mede door het niet hebben van strafpunten wegens missende boeifoto’s of een incompleet logboek, 19e te zijn geworden.
Na een gezellige prijsuitreiking, waarbij leuke anekdotes uit de logboeken worden voorgelezen wordt er voor een jaar afscheid van elkaar genomen.
Ben ik ook besmet door het 200 myles Solo virus?
Jan Smeele, december 2000
S/Y Sybarite
door Fokke van der Valk
Het IJ-Journaal van ZV Het IJ. nr. 8, 16 december 2000.
DE 200 MIJLS ‘SOLO’ VAN DE DOUWE DABBERT
| De 200 mijls editie 2000 zit er weer op. Dit keer heeft de Douwe Dabbert de finish niet gehaald. Tijdens de schippersvergadering in Café ‘Ome Ko’ in Muiden scoorde de DD-schipper ook dit jaar weer traditiegetrouw een uitsmijter en cappuccino. Na twee dagen stond het DD-team er goed voor. De boot voer mee in de voorste helft van het deelnemersveld. Als de gezeilde tijd dan op handicapfactor wordt gecorrigeerd, behoort een plaatsbij de eerste 15 voor onze relatief kleine 26-voets Dutch Dandy tot de mogelijkheden. Gedurende de gehele race is er zo veel
mogelijk gespinakerd, ook op halve windse koersen. De 18 mijl Na overnachting in Den Oever begon de tweede dag met een Als ik bij het vallen van de duisternis Hindelopen binnen vaar |
Op diens suggestie gaan we ter afsluiting van een heerlijke dag zeilen in zijn kajuit een borreltje nuttigen. Na een stevig ontbijt start ik de derde dag bij de H2 voor het rak naar de V15. Er staat dan al een zwakke Zuidoosten wind. Reachend op de spi wordt hier een gemiddelde van 5 knopen gehaald. Op het daaropvolgende (ruimwindse) rak hou ik de onder standaardtuig varende 33-voeter van Paul Schrier (zie foto) net niet bij. Bij de SPORT-B aangekomen, ga ik niet direkt het kruisrak naar Enkhuizen in, maar neem ik vanwege de zwakke wind een tactische rustperiode op in de schuilhaven van Breezanddijk. Bij het tankstation op de Afsluitdijk koop ik alsnog een Telegraaf die ik eigenlijk ’s ochtends in Hindelopen al had moeten raadplegen. De weerkaart en de meerdaagse weersvoorspelling uit ‘de krant van wakker Nederland’.zien er zeer slecht uit: de wind zal nog verder afnemen. Wél zal de
omstandigheden 9 uur en 5 minuten doet over de 18 mijl van
boei ligt Michel Capel met zijn Freedom ‘Tumlare’ voor anker.
|
Jan Kees Corts opnieuw winnaar 200 mijls
Dik Geurts legt het passeren van de finishboeibij Muiden op de gevoelige plaat vast. MUIDEN – De vijfde aflevering van de 200 mijls solo zeilrace over het IJsselmeer was dit jaar weer een heel bijzondere. De race was in maart al gesloten bij 55 inschrijvingen. Op 27 septem- ber zijn 48 solozeilers gestart en 32 haalden vijf dagen later de finish in Muiden. Na een grondige bestudering van de logboeken en ander reken- werk werd op 11 oktober Jan Kees Corts uit Huizen, de schipper van de Jean Dix, gehuldigd als winnaar op punten. Zijn eeuwige rivaal Han Beijersbergen uit Lelystad werd tweede en Rob Jaspers uit Diepeveen derde. |
De 200 mijls solotocht begon in 1996 met 5 deelnemers. Organisator en bedenker van het raceconcept Jan Luyendijk: ‘Het aantal deelnemers groeit gestaag. Vorig jaar waren er 44 solisten en nu deden er 48 schippers mee. Er bestaat grote belangstelling voor de race. We hadden wel 300 extra deelnemers kunnen hebben, maar de organisatie heeft niet het geld om het evenement zo groot op te zetten.’De deelnemers kregen dit jaar te maken met de vele facetten van het Nederlanse weer: Zon, regen, strakke wind tot 7 Beaufort en ook absolute windstilte. Ze gin- gen op woensdag van start met het bekende weggooicameraatje. Daarmee moesten de merktekens op de route worden vastgelegd, foto’s van de geronde boeien, de gepasseerde sluizen en de rusthavens. Er zijn vier routes van 200 mijl |
De grootste boosdoeners voor de uitvallers waren de windstilte op zaterdag en het begeven van de stuurautomaten op de eerste twee dagen van de race.Een van de solozeilers is gestopt door het ontbreken van ervaring met z’n schip en een omdat hij 45 minuten onreglementair op de motor had gevaren. Peter van der Schaaf moest bij Danker Daamen uit Leiden gaf (Icif Koeling) |
Nieuwskrant van de Waterkampioen de Uitkijk – 27 oktober 2000

Solo maar niet alleen
1344). Wie oude spullen kwijt wil of nieuw en/of tweedehands wil shoppen moet naar Naarden. De adressen: Correctie moest toen zijn : http://www.solo.club.tip.nl Foto’s: http://www.eventphoto.nl |
de Uitkijk, Nieuwskrant van de Waterkampioen, 15 september 2000
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1999 | 1 | 2 | Kees Corts | First 305 *1.40 | Jean Dix | Huizen | 103.0 |
| 2 | 1999 | 2 | 1 | Govert Riksen | Friendship 33 *vl.k | Rurato | Makkum | 102.0 |
| 3 | 1999 | 3 | 3 | Dik Geurts | X-102 | Idefix | Herkingen | 91.50 |
| 4 | 1999 | 4 | 2 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 97.50 |
| 5 | 1999 | 5 | 1 | Gert Vink | Pion | Diewertje | Almere-Haven | 100.0 |
| 6 | 1999 | 6 | 2 | Harm Veenstra | Friendship 28 *1.60 | J. Leeuwerik | Enkhuizen | 104.6 |
| 7 | 1999 | 7 | 3 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 109.0 |
| 8 | 1999 | 8 | 2 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Naarden | 104.5 |
| 9 | 1999 | 9 | 1 | Jeroen Groenendijk | Contessa 32 | Swan of Tuonela | Warmond | 102.0 |
| 10 | 1999 | 10 | 1 | Joop Croonen | Halberg Rassy 352 | Al Wattayah | Blocq v.Kuff. | 102.0 |
| 11 | 1999 | 11 | 1 | Arie Nauta | Grinde | Scarlet | Warns | 101.0 |
| 12 | 1999 | 12 | 1 | Gert Reedijk | Gib’sea 126 | Breeze | Ketelhaven | 83.30 |
| 13 | 1999 | 13 | 1 | Hans Pietersma | Koopmans 28 | Francis | Kampen | 104.0 |
| 14 | 1999 | 14 | 1 | Hans de Greeff | Alpha 32 | Zeeraaf | Harderwijk | 103.0 |
| 15 | 1999 | 15 | 1 | Michel Capel | Freedom 35 | Tumlare | Makkum | 104.3 |
| 16 | 1999 | 16 | 1 | Gert Kuik | V.d.Stadt 34 | Excalibur | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 17 | 1999 | 17 | 2 | Hans Hofstee | Victoire 933 *1.80 | Onedin | Blocq v.Kuff. | 99.00 |
| 18 | 1999 | 18 | 3 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 19 | 1999 | DNF | 1 | Adri Hidding | Duetta 94 | Con Fuogo | Huizen | 102.0 |
| 20 | 1999 | DNF | 4 | Jan Luyendijk | Jeann.Sun Light 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 21 | 1999 | DNF | 1 | Ronald Fredriksz | Kings Cruiser 33 | Quest | Medemblik | 102.0 |
| 22 | 1999 | RET | 1 | Sander Bakker | X 79 | X Gray | Vlieland | 95.50 |
| 23 | 1999 | RET | 4 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 95.10 |
| 23 | 1999 | RET | 2 | Arie Petrus | Egythene 24 | Fighter | Almere-Haven | 108.0 |
| 23 | 1999 | RET | 2 | Jaap Verkerk | Comet 910 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 23 | 1999 | RET | 3 | Cees Zeilstra | Lohi 34 | Zeemuis | Lelystad | 102.0 |
| 27 | 1999 | RET | 2 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Blocq v.Kuff. | 104.0 |
| 28 | 1999 | RET | 2 | Rodney Clark | Dehler 31 | Sundancer | Huizen | 101.0 |
| 28 | 1999 | RET | 1 | Joep Dirkx | Waarschip 1/2T *1.65 | Razende Bol | Lelystad | 104.6 |
| 28 | 1999 | RET | 2 | Klaas Kreuze | Friendship 28 *1.20 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 28 | 1999 | RET | 1 | Kees Riemer | Gib’sea 84 | Poespas | Huizen | 105.0 |
| 32 | 1999 | RET | 2 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Ketelhaven | 106.0 |
| 32 | 1999 | RET | 2 | Bauke Jager | Ocean 25 | Mira | Balk | 109.0 |
| 32 | 1999 | RET | 1 | Ed Tuik | Vanquard II *1.20 | Singly | Almere-Haven | 111.0 |
| 35 | 1999 | RET | 1 | Martin de Jonge | Waarschip 570 | Solo | Zeewolde | 114.0 |
| 36 | 1999 | RET | 4 | Piet Bakker | Maxi 77 *1.45 | Balder | Huizen | 108.2 |
| 37 | 1999 | RET | 1 | Lex Sablerolles | Victoire 933 *1.45 | Friske | Huizen | 101.1 |
| 37 | 1999 | RET | 1 | Clemens Sanders | Dehler 31 | Maran | Huizen | 101.0 |
| 39 | 1999 | DNS | 1 | Hans Althuis | Platgat-toren | Njord | Kampen | 107.0 |
| 39 | 1999 | DNS | 1 | Wim Bergman | Rheinke S10 | Bess | Monn’dam | 102.0 |
| 39 | 1999 | DNS | 2 | Danker Daamen | Dragonfly,(Z.meded.) | Passion | Enkhuizen | 40.00 |
| 39 | 1999 | DNS | 1 | Erik Jan Hardonk | Etap 30 | Nescio | Lemmer | 104.0 |
| 39 | 1999 | DNS | 2 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 93.50 |
| 39 | 1999 | DNS | 4 | Cees de Wit | Scampie 30 | Foetsie | Baarn | 98.50 |
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Prijsuitreiking
![]() De avond voor de start was het al een gezellige drukte in de Stichtingshaven voor het Muiderslot |
![]() Palaver bij ‘Ome Ko’ in Muiden met koffie en de appelgebak met slagroom |
![]() Voor de start nog even de groepsfoto van de deelnemers aan de 200 myls SOLO’ 1999 |
Op 29 september 1999 werd er, na het Palaver bij ‘Ome Ko’, gestart met windkracht 5 Bf. ZZW met als startschip de tweemaster ‘Allegro’ van schipper Gerard Lenselink. Het was af en toe droog met later wat meer regen en onweersbuien. De temperatuur 16 à 17º Celcius, het zicht 1 à 2 myl. Een visserschip, die er niets van begreep gooide nog even voor de start zijn netten uit tussen de 38 deelnemers, waaruit zich hachelijke situaties voordeden.
![]() Vlak voor de start. |
![]() Een uurtje na de start achterom kijkend. |
|
Na de start zeilden de solo-schippers met de ZZW wind mee richting
’t Paard van Marken, de GZ 2 en via de Nek naar de OVD 3. Veel schippers bleven in de havens van Enkhuizen overnachten. Zij die doorzeilden naar Den Oever kregen een knallend onweer over zich heen. De Rubato zette helemaal door en kwam zelfs tot Stavoren.Op donderdag 30 september bleek, dat vrijwel iedereen voor route 4 had gekozen. 3 Deelnemers namen route 3, wat later een route bleek met nogalwat kruisrakken daar in. Een deelnemer nam de route 2, op z’n thuiswater ’t wad. |
![]() |
De wind was Westelijk 5 a 6 Bf. en nam later in de avond toe. De barometer was toen al dramatisch gezakt tot 989 mb.
De tonnetjes werden gerond en dienden te worden gefotografeerd. Het ronden van de juiste merktekens, de tijden daarvan te noteren, het fotograferen lukte niet bij iedere deelnemer, ten nadele van hun wedstrijduitslag.
![]() |
![]() |
![]() |
Vrijdag, de 1e. oktober, begon de ochtend met stevige onweersbuien. De wind was toegenomen tot een WZW 7 Bf. De schippers met kleinere jachten met bb motor, die van Hindelopen of Stavoren hun route wilden vervolgen, zagen geen kans hun havens aan lager wal te verlaten en zaten zich behoorlijk te verbijten.
![]() De Jean Dix van Kees Corts |
De een hield dus rust, de ander zeilde verder. Een totaal verspreid veld van zeilers en van genoteerde tijden. ’s Avonds om ca. 23:00 uur finishte de eerste, Govert Riksen met z’n Friendship 33, de RubatoZaterdag 2 oktober, wind 8 Bf. ZW, met uitschieters naar 9+ Bf. Het was gelukkig wel droog. |
![]() De Poespas van Kees Riemer |
Langzamerhand druppelden op deze stormachtige zaterdag de doorzetters de haven van Muiden binnen.
Op zondag 3 oktober finishten, met een windje 5 a 6 Bf., de laatste schippers en gaven hun logboeken en camera’s af aan opnameschipper Gerard Lenselink, die samen met z’n vrouw voor een prima afsluiting van de wedstrijd zorgdroegen.
Dat het ’n zware wedstrijd was blijkt wel uit het aantal niet gefinishte solisten.
2 Deelnemers moesten zelfs met behulp van de KNRM van het water worden gehaald.
Van de 44 ingeschreven deelnemers waren er 38 gestart en maar 18 gefinisht.
![]() wsv AVOH – Huizen |
>Op 13 oktober was de .. 200 myls ‘SOLO’ .. te gast bij wsv AVOH aan de Oude Haven te Huizen en vond de prijsuitreiking plaats voor de solo – schippers Een terugblik op de wedstrijd, alsmede het bespreken van de in de race bijgehouden log- boeken met leuke en minder leuke annekdotes.Door de Stichting Schildpad werd een prijs, een met de handgemaakt waterschildpadje voor de grootste doorzetter van de race uitgeloofd. Fokke was zaterdagmorgen met z’n Dutch Dandy, de Dauwe Dabbert uit Makkum, met windkracht 8, volkomen aan lager wal, vertrokken en zeilde vervolgens de nacht door om ’s zondags nog op tijd te kunnen finishen ! |
![]() Fokke v.d. Valk |
Alle deelnemers, ook zij die niet finishten of door het ruige weer hadden opgegeven kregen ’t herinneringsplaatje 1999. Talloze gemaakte foto’s door o.a. de deelnemers gingen van hand tot hand. Het was tot vlak voor het einde van de avond (de prijsuitreiking) niet helemaal duidelijk wie de prijzen in ontvangst zou nemen, daar het beoordelen van het logboek, alsmede de controle op de (niet) gemaakte foto’s van de te ronden merktekens voor de deelnemers een onzekere faktor vormden. Uiteindelijk was er duidelijkheid ……………..
3e. Dik, 1e. Kees, 2e. Govert |
>De trotse winnaar was Jan Kees Corts, die door het constante trimmen en blijven trimmen zijn ‘Jean Dix’ naar een zekere 1e.plaats zeilde. De prestaties van nr.2 Govert Riksen was er zeker niet minder om. Govert liep als 1e. in Muiden binnen. Dik Geurts, als 3e. zeilde gewoon als ’n tierelier en had verder een perfect logboek en fotosessie. Bob en Marco kregen ’n fles, vanwege inzet inzake de schippersmeldingen/ rescuebegeleiding en resp. internet- verzorging voorlopige standen/uitslag- verwerking en foto’s. |
Bob, Marco en Jan Luyendijk |
Natuurlijk ook voor de start/opnameschipper Gerard Lenselink en echtgenote was er een flesje en resp. bosje bloemen, als dank voor het opvangen van de uitgestreden en gefinishte deelnemers. Tevens was Gerard erg druk met het innen van het havengeld als tegenprestatie voor de drukte in de Stichtingshaven en de gastvrijheid, die havenmeester Rebel te Muiden aan ons …. de 200 myls ‘SOLO’ …. bood.
Tot laat, tot in de kleine uurtjes, toonden de mannen achter de tap van de wsv AVOH te Huizen hun bereidwilligheid om aan de trotse solo-schippers nog een extra glaasje (fris) in te schenken.
Jan Luyendijk – Huizen – 16 oktober 1999
Pion nieuws – 1999
door : Gert Vink, S/Y Dieuwertje, Pion
Waarom begin je aan zo iets?
Eén van de vaste deelnemers aan de door ons georganiseerde Eenzame Noord Race, een solowedstrijd van ruim 50 mijl nonstop van Almere Haven naar Broekerhaven en terug, is Jan Luyendijk. Jan heeft het concept van de 200-mijls solo bedacht, organiseerde deze wedstrijd vorig jaar al weer voor de 4e keer en had me bij de Eenzame Noord Race al een paar keer gevraagd om ook eens mee te doen. Ik hou wel van dit soort uitdagingen en bovendien vind ik het plezierig om zo nu en dan eens een poosje alleen weg te gaan. Een paar dagen geen verplichtingen van werk of thuis aan je hoofd en gewoon kunnen doen waar je zin in hebt. Nou ja, doen waar je zin in hebt? Voor zover een wedstrijd daar ruimte voor laat natuurlijk.
Deze 200-mijls kwam daarvoor dit jaar op het goede moment.
“200 mijl solo” lijkt misschien erger dan het is, want het hoeft niet nonstop. Dat mag zelfs niet. Je moet minimaal 27 uur rusten, verdeeld over minimaal 3 rustperiodes van minimaal 6 uur, waarvan er één geankerd moet worden. Extra rusturen worden – in tegenstelling tot eerdere jaren – niet bestrafd zodat je je rusttijd ook nog tactisch kunt gebruiken. Verder zijn de regels ook eenvoudig. Er moet 200 mijl solo worden gezeild waarbij het gebruik van stuurautomaten e.d en iedere zeilvoering is toegestaan. Je kunt kiezen uit 4 routes die tot Den Oever allemaal hetzelfde zijn.
De start is woensdag om 10.00 uur bij Muiden en de finish sluit zondag om 12.00 uur ook weer bij Muiden. Van de boeien die gerond moeten worden en de havens waar wordt gerust moeten foto’s worden gemaakt met de uitgereikte wegwerpcamera (Dat valt tegen!) en er moet een uitgebreid logboek worden bijgehouden. Iedere avond moet je je positie doorgeven en die informatie wordt voor geïnteresseerden op Internet gezet. De einduitslag wordt bepaald door de gezeilde tijd, gecorrigeerd voor de standaard SW en door extra- of strafpunten voor een goed of slecht logboek, gemiste foto’s, motorgebruik, te weinig rust, een deel van de route overgeslagen, niet geankerd e.d.. (Ik ben er overigens nog niet achter hoe het allemaal precies berekend wordt.)
| Voor díe 200 mijls vertrek ik dus de avond van dinsdag 28 september richting Muiden om de volgende dag na het palaver bij Ome Ko voor de haven te starten. De weersverwachtingen zijn niet best. Een onstabiele zuidwestelijke stroming met voor de komende dagen buien, kans op zware windstoten en veel wind. Desondanks liggen er 37 deelnemers aan de start in grootte variërend van 5.70 tot ruim 12 meter. Achteraf gezien werd het voor de kleinere schepen echter een onmogelijke opgave.Met Z-ZW 6 spuit het hele veld naar het noorden. Via Volendam en de NEK naar Lelystad en dan naar Enkhuizen. Op dat rak zakt de wind terug naar een ZW4 en is Diewertje met de werkfok ondertuigd. Schutten in Enkhuizen gaat onverwacht snel en op de motor varend in het Krabbersgat wissel ik de werkfok voor een genua. In de haast en niet goed oplettend blijk ik een oude genua 1 aangeslagen te hebben in plaats van de 2. Ik laat het maar zo. Met een ZW 5-6 gaat het verder naar Den Oever. Intussen trekt het vanuit het westen steeds verder dicht en rond een uur of 6 krijgen we een bui met onweer en meer dan 30 knopen wind over ons heen. Het regent zo hard dat ik een schip op zo’n 200 meter afstand nog maar net kan zien. Er staat nu meer dan genoeg zeil op en ik hoop dat het niet te lang duurt. Net op tijd om de boei nog te kunnen fotograferen klaart het op. Het is mooi geweest voor de eerste dag en net voor donker meer ik af in Den Oever. De eerste 58 mijl zit er op. Het deelnemersveld is al aardig uit elkaar getrokken en ik schat dat maar ongeveer de helft in Den Oever overnacht. Napraten, logboek bijwerken, bellen, eten koken, weerberichten, nadenken over de route en naar kooi. Het is een buiïge nacht.De routes over de Noordzee en het Wad vallen af door het weer en ongunstig tij. De meerdaagse weersverwachtingen hebben het inmiddels over W tot ZW 7 á 8. Ik besluit tot de route die me de meeste gelegenheid geeft om een haven aan de hoge wal op te zoeken en boodschappen kan doen als ik verwaaid kom te liggen. |
Donderdagochtend vertrek ik als een van de laatsten met een windverwachting van Z-ZW 6-7. Zoveel wind komt er echter niet en het wordt een fantastische zeildag met een vrij constante W-ZW 5 met zo nu en dan uitschieters naar 6 en vrij zonnig. Halve wind naar Urk en halve wind terug via Stavoren naar Hindeloopen. Voor het aan-de-windse rak naar Medenblik wissel ik onder de dreiging van buien genua2 voor de werkfok, maar dat blijkt achteraf onnodig. Na één stevige bui klaart het op en zakt de wind terug naar 5 en later 4. ‘t Is heerlijk weer en op de hoge kant zittend en relaxed de boot over de nog even doorlopende steile golven sturend hou ik ondanks de werkfok genoeg gang en hoogte om de Wagenpad8, de boei die bij Medenblik hoort, te bezeilen. Een paar van de andere deelnemers in de buurt gaan nog door richting Breezanddijk. De wind is gunstig maar vanuit het westen trekt de lucht langzaam zwart dicht en het loopt tegen de avond. Ik voel er niets voor om in het donker met buien en toenemende wind een mij onbekende vluchhaven aan te lopen en ik neem de extra mijlen naar Medenblik voor lief. ’s Nachts trekt de ene na de andere bui over en giert het door het want. Ik ben blij dat ik in de veilige beschutting van de binnenhaven lig. Het weerbericht de volgende ochtend is W-ZW 6 á 7, mogelijk 8 en in buien kans op zware windstoten. Er komen een paar andere deelnemers op de koffie en met z’n vieren overleggen wat we gaan doen. Het volgende weerbericht meldt wegtrekkende buien en er is geen sprake meer van windkracht 8 zodat ik besluit om toch richting Breezanddijk te gaan. De drie anderen korten in en gaan rechtstreeks naar Enkhuizen. Met een dubbel rif en de werkfok en uiteraard – zoals alle dagen – met een reddingsvest om en aangelijnd, zeil ik in de loop van de ochtend de haven uit. Met de vrij constante 6 á 7 bakstagwind is de boot uitstekend te sturen en het gaat hard. De snelheid loopt regelmatig op naar een dikke 8 knopen. Het log geeft later een max aan van 9.2. Alleen in een bui waarin de wind toeneemt tot meer dan 40 knopen kost het moeite om de boot op koers te houden. |
Buiten de beschutting van de hoge wal bouwen de golven flink op met soms kuilen van naar schatting wel bijna twee meter. Bruisend lopen de golven achterop en zo nu en dan probeert er eentje binnenboord te klimmen maarDieuwertje wipt iedere keer weer op tijd haar kont omhoog en glijdt dan schuimend in het dal tot de volgende golf haar weer optilt en surfend vooruit stuwt. Het is eigenlijk schitterend zeilen, maar tegelijk ben ik me er wel scherp van bewust dat er onder dit soort omstandheden geen enkele ruimte is voor onvoorzichtheid of fouten.
Gelukkig is er GPS want de kleine SportB bij Breezanddijk is tegen de drukke achtergrond van de afsluitdijk in deze uithoek van het IJsselmeer maar lastig te vinden. Een foto en dan met een knik in de schoot richting Enkhuizen. ‘t Gaat nog steeds hard en een andere deelnemer met een Bavaria37 heeft vrijwel het hele stuk tot Enkhuizen nodig om de achterstand van ruwweg en halve mijl goed te maken. Het IJsselmeer maakt ook wat goed en sproeit nu regelmatig grote wolken buiswater over de boot. Uiteraard iedere keer als ik net mijn capuchon weer heb afgedaan.
Het waait een vrij constante ZW 6 en op het laatste moment besluit ik om onder de hoge wal ten noorden van de dijk nog door te gaan naar Lelystad. Tegen de tijd dat ik om het Enkhuizerzand heen ben is de wind echter gekrompen, is Lelystad niet meer bezeild en wordt het hakken tegen een nare korte golfslag in. Het is dan ook al weer zes uur als ik moe afmeer in de Houtribhaven. Ik heb 163 mijl van de route gehad en geniet van een heerlijk warme douche.
De zaterdag begint slecht. Zelfs in de beschutting van de jachthaven waait het hard en van het weerbericht met W-ZW 7-8, buien en zware windstoten en het rak naar Volendam voor de boeg wordt je ook niet vrolijk. Met een boek bij de marifoon en zo nu en dan een telefonisch weerbericht is het afwachten. Via de marifoon hoor ik ook dat Jan Luyendijk op het Markermeer in moeilijkheden is geraakt en dat zijn “TamTam” water maakt. Gelukkig is de KNRM op tijd bij hem en kan zijn boot in Enkhuizen op de kant worden gezet.
Begin van de middag veranderen de weerberichten: W-ZW 6-7, later afnemend 4-5 en in de avond en nacht mogelijk weer toenemend 7 met kans op onweer. Dit is een kans om de wedstrijd alsnog uit te zeilen. Tegen de tijd dat ik de sluis door ben en bij de zuidelijke uitloop van het Oostvaardersdiep onder zeil ga is de wind al flink afgenomen. Geleidelijk krimpt hij ook wat naar ZZW zodat Volendam net bezeild is. Dan bijna plat voor de wind weer naar het noorden naar de NEK en daarna met lange en korte slagen kruisend naar de Block van Kuffeler. Met een voet sturend probeer ik in het donker de BVK op een paar meter te passeren en in de zoeker te krijgen om een flitsfoto te maken.
Het is helder weer en met een schitterende sterrenhemel boven me is de verleiding groot om door te zeilen naar Muiden. Omdat ik eigenlijk nog een rustperiode moet ankeren loop ik toch de Block binnen. Het anker wil echter in de slappe modder niet houden, zodat ik uiteindelijk afmeer langszij een andere boot in de nieuwe jachthaven. Ik heb geen zin meer om alsnog naar Muiden te zeilen.
Zondagochtend zeil ik met een ZW 6 de laatste 8 mijl naar Muiden. Het is na de nachtelijke buien mooi helder weer en ik heb het eerste uur voor zover ik kan kijken het hele Markermeer voor mij alleen. Als Diewertje en ik om 9.59 uur de havenlichten van Muiden passeren hebben we volgens het log vanaf de start 225 afgelegd. Het is gelukt.
Anderhalve week later bij de prijsuitreiking in Huizen zijn bijna alle deelnemers aanwezig en wordt ook aan alle deelnemers aandacht besteed. Van de 37 gestarte schepen blijken er uiteindelijk 17 de 200 mijl reglementair te hebben gezeild en ben ik tot mijn verrassing 5e geworden. In Huizen hebben ze natuurlijk ook bier en in een plezierige sfeer wordt er uitgebreid nagepraat en uiteraard worden de verhalen daarbij ook steeds sterker.
Complimenten voor de organisatie en wat mij betreft volgend jaar weer, maar dan toch liever met wat minder wind.
Gert Vink – Dieuwertje – Almere Haven
Uit ‘De Drietand’ Oktober 1999 ‘Solo’ ?“Waarom doe jij niet mee met de 200 myls ‘SOLO’ ?”
Die vraag zette me opnieuw aan het denken over het thema ‘grenzen verleggen’.
Ik heb nog nooit ‘alleen’ gezeild.
Althans niet met m’n eigen zeiljacht, niet op het IJsselmeer, niet op zee. ‘Alleen’ handelingen verrichten, terwijl er elders aan boord vertrouwde bemanning aanwezig is, is toch heel anders dan ‘alleen aan boord’ alles doen. De haven uit, hijsen, trimmen, navigeren, corrigeren, koken, logboek bijhouden, weerberichten bijhouden. Schrikken en weer van de schrik herstellen. genieten en het genot verwerken, snel in aktie komen of juist heel lang volhouden en geduld tonen.
In mijn gedachten laat ik het allemaal door me heen gaan. Wind en water, de elementen van de zeiler, boezemen me tegelijk ontzag in en ik realiseer me, dat ik aan die solo-stap niet toe ben. Maar het laat me niet los. Ik ging eens toch ook van Friesland naar het IJsselmeer ? Van IJsselmeer naar wad ? Van wad naar zee ? Van dag naar nacht ? Wanneer nu eens van ‘samen’ naar ‘solo’?
Ik schrijf me niet in, maar volg in mijn gedachten de mij bekende deelnemers. Ik bel m’n mede-Drietand-redacteur, hoe het hem vergaat. Ik rij van kantoor naar huis langs het IJsselmeer en zie de buien naar beneden denderen, hoor de windwaarschuwingen tot 9 Bf oplopen.
Hoe zou ’t zijn ??
Thuis volg ik de race op Internet.
Ik surf langs deelnemers, routes en uitslagen.
Verdorie, denk ik, die durven ! Waarom zit ik er niet bij ?
Ik weet, dat ik er (nog) niet aan toe ben, begin te mijmeren en te beschouwen.
Groeien gaat met sprongen. Grenzen verleggen ook. Soms verleg je ze snel na elkaar, en verplaats je de grens heel ver. En dan heb je wellicht een lange periode nodig van nieuwe gewenning, gewoontevorming, opdoen van ervaring. Je voorbereiden op een volgende sprong, of juist ervaren dat deze grens niet verlegd kan worden, of dat je dat niet wenst…..
Overpeinzingen en Internet vormen voorbereidingen voor het verleggen van mijn grenzen.
Wanneer ik ‘Solo’ ga ? Ik weet het niet ……………………………………..
E.D.

e-mail-adres : vbij@worldonline.nl
VERENIGING TOT BEHOUD VAN HET IJSSELMEER
Postbus 1,
1135 ZG Edam,
Tel: 0299-371351
door Joep Dirkx,
gepubliceerd in ‘Zeilen’ november ’99
| In barre weersomstandigheden tijdens de vierde ‘200 mijls ‘SOLO’ zorgden voor een record aantal uitvallers. Enkele deelnemers raakten in moeilijkheden en moesten hulp inroepen, waaronder organisator Jan Luyendijk zelf. Terwijl hij in een stormachtige wind richting Muiden zeilde, kreeg hij een lijn in z’n roer en schroef. Toen bleek dat hij bovendien veel water maakte, sloeg hij alarm. De reddingsboot van Enkhuizen rukte uit en sleepte het stuurloze jacht binnen. Later bleek dat de schroefas finaal uit het schip was getrokken.Een andere deelnemer raakte bij Breezanddijk verstrikt in visnetten. Die remden z’n boot zo bruusk af, dat een flinke klapgijp volgde. |
De schipper verwondde daarbij z’n hoofd ernstig en hij werd door redders naar het ziekenhuis in Den Helder afgevoerd.Daags na de start in Muiden op woensdag 29 september stopten al enkele deelnemers. Maar vooral de stormachtige wind op zaterdag was voor veel deelnemers aanleiding om de handdoek in de ring te gooien, Ruim de helft van de 38 gestartte schepen haakten uiteindelijk af.Slechte weersomstandigheden zijn bijna een traditie bij de ‘200 mijls solo’. Desondanks was de belangstelling dit jaar erg groot, “Ik had er wel honderd kunnen inschrijven” aldus Luyendijk, die echter het maximaal aantal deelnemers op veertig had gesteld. |
De deelnemers mogen uit 4 routes kiezen. De tonnen, waarlangs die zijn uitgezet, moeten ze tijdens het ronden zien te fotograferen. Bovendien worden ze geacht een administratie bij te houden, die ambtenaren van de belastingsdienst rode koontjes zou bezorgen. Dat alles om te controleren of ze ook werkelijk het hele traject hebben gezeld. Van de schepen die daar wel in slaagden, liep de eerste al in de nacht van vrijdag op zaterdag Muiden binnen.Joep Dirkx |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
Gedeeltelijk gepubliceerd in de Waterkampioen, 5 november 1999
donderdagmorgen (30 september 1999)
Zojuist m’n positie in de kaart gezet: 52° 55′ 4 Noord 05° 09′ 2 Oost. De GPS geeft aan dat het nog 8 mijl is op een koersje van 74° naar de H2W1, een keerton bij Hindelopen en Workum. Volgens het apparaatje varen we 5,8 knopen op een koersje van 83°. Ik lig over bakboord met een Zuidenwind en hou wat extra hoogte. De log zegt trouwens 4,8 knopen.
Over een minuut of tien wordt het oppassen geblazen. We zijn dan ter hoogte van het van rijkswege geplaatste onverlichte obstakel “V17”.
Het wordt hoog tijd voor een handtekeningenaktie tegen die onverlichte kleretonnen.
Die dingen horen in het Zuiderzeemuseum. Je zal er maar op varen met je polyester bootje. Moeten er soms eerst dooien vallen? Ik heb liever dat de heren de schuilhavens op diepte houden.
Het weerbericht donderdagochtend: actuele wind Lelystad Zuid vijf, verwachting Zuid-Zuidwest vijf à zes.
| woensdag (29 september 1999) Gisteren was een mooie zeildag. Tijdens het palaver (schippersvergadering) in cafe Ome Ko was er traditioneel appelgebak met slagroom. Net als de vorige keren was ik ook nu pas in de nacht van dinsdag op woensdag te Muiden gearriveerd. Na een korte nachtrust is het lastig op gang komen. Eigenlijk heb ik al een achterstand nog voor de race begint. Tijdens de briefing ook nu maar weer een uitsmijter (ham-kaas meegebakken) laten aanrukken. De start van de 200 myls is bijna altijd met het windje achterin. Bovenwinds van de startlijn zet ik het grootzeil en dub tussen de genua en de spi. Wat doen de anderen? Terwijl ik met blote billen boven de emmer hang tuur ik door de verrekijker. Dick Geurts ken ik als iemand die er niet voor terugdeinst solo een stukje te spinakeren. Dit keer zie ik nergens een slurf in de voordriehoek hangen. Als één van de laatsten ga ik over de startlijn. Met de genua bak uitgeboomd geeft de log regelmatig waarden boven de de zes knopen. |
Fokke ontvangt dedoorzettersprijs |
Tot het paard (de vuuroren van Marken, bekend van de Heineken-winterreclame) win ik aardig terrein. Net achter het paard heb ik nog even een betonblok te pakken. Met de genua tegen ben ik gauw weer los. Op het stuk naar Volendam (MN1GZ2) wordt het wat ongemakkelijk met zoveel zeil.” Ik wil genua liefst laten staan vanwege het ruime rak naar de NEK-boei.
Halverwege NEK moet de genua voor de grote fok gewisseld worden.
Van NEK (bij Hoorn) vaart de kudde naar de OVD3 (Oostervaardersdijk ) bij Lelystad.
De Douwe Dabbert gaat gelijk op met twee polyester boten van 24 en 25 voet. Deze Dutch Dandy (8 meter staal) naar ontwerp van G.W.C. Baron van Höevell is zeker een ton zwaarder. Als eerste rond ik de OVD3.
Als ik halverwege het ruimwindse rak naar Enkhuizen aan de warme chocomel zit, zie ik dat de “Fighter” van Arie Petrus z’n naam eer aan doet: Hij reeft uit. Het enige dat ik er tegenover kan stellen is de grote genua maar in de verte pakken zich donkergrijze wolken samen. Als daar wind onder zit wordt de boot gauw onhandelbaar. Met nog een uur gaans naar het Krabbersgat geloof ik het wel.
De grijze wolken blijken wél regen maar geen wind te brengen. Uiteindelijk gaat toch weer die grote lap omhoog waardoor ik als tweede bij de sluizen aankom. Na de sluis laat ik de wedstrijd even voor wat het is. De drie boten uit de achterhoede die gelijk met mij geschut werden gaan direkt door naar het IJselmeer. De Douwe Dabbert dobbert dan inmiddels op een lange lijn aan lij van de steiger bij de spuisluizen.
Uit de denkbeeldige toverknapzak diep ik een Struik-maaltijd op. Genietend van een rode wijn hoor ik de regen op het dek kletteren.
Nadat ik lekker gegeten en gedronken heb zet ik in de stromende regen zeil.
Als ik het IJselmeer op ga keert Martin de Jonge met zijn Waarschip 570 net terug. Ik kan me dat goed voorstellen want het onweert zo hier en daar en het is bijna donker. Onder m’n stalen buiskap heb ik daar toch minder last mee.
In de stromende regen zeil ik naar Den Oever. ’s Avonds om tien uur gooi ik daar het grote anker erin.
vrijdag (01 oktober 1999)
Gisteravond heb ik om zeven voor één ’s nachts de “Sport B” gefotografeerd. Daarna bij Breezanddijk naar binnen en afgemeerd langszij een beroeps-sportvisser.
Om half zes wordt ik wakker van iets wat aan dek klappert. Buiten gaat het flink te keer. In de stromende regen zet ik nog een extra elastiekje om een zeil. Dan weer pitten.
’s Ochtends spreek ik Michel die meedoet met zijn 38-voets wishbone getuigde tweemaster. Tevreden vertel ik hem hoe ik gister in drieënhalf uur het rak van de WP 8 naar de Uk 16 gevaren heb. Da’s toch een stuk van twintig mijl. De tweemaster zette op dit ruimewindse rak af en toe tien knopen op de klok, maar wil aan de wind niet zo best, aldus Michel.
Van hem verneem ik dat een andere deelnemer twee rake klappen van de giek heeft gehad en in het ziekenhuis van Den Helder is opgenomen.
Ik kruip nog even in m’n kooi en wordt pas tegen elven weer wakker. De wind giert door het want. Dat wordt een ruig dagje zeilen, eerst maar ‘ns stevig ontbijten.
Als ik de boot bijna ‘shipshape’ heb, komt de beroepsvisser vragen of ik iets van die andere zeilboot weet. Samen verhalen we de Dehler van de onfortuinlijke solozeiler. Als zaterdag de sportvissers komen kan deze vrijbuiter die al vijfentwintig jaar in Breezanddijk woont ten minste met z’n gasten uitvaren.
Binnen zet ik twee reven. Buiten hijs ik de werkfok. Het rak naar Staveren is bij de wind. Ik moet vrijwel direkt het derde rif zetten. Eigenlijk had ik in de haven de grote fok van de reling moeten halen en de stormfok klaar moeten hangen. Het kan maar nodig zijn. Voor is het een natte boel.
Pas als ik op het rak van Staveren naar Kornwerderzand ruime wind vaar wissel ik deze twee zeilen. Nu heb ik het dan toch voor elkaar: al m’n voorzeilen zijn nat.
In Kornwerderzand aangekomen, meer ik in de voorhaven van de Lorentz-sluizen aan een steiger in de luwte van de dijk.
Vanuit een telefooncel aan de sluis geef ik m’n positie door, zodat Marco Luyendijk, die op de internet-site van de 200 myls kan zetten. Dan eten en m’n dagboek inkloppen. Vanavond om tien uur naar bed.
Morgen wil ik bij dagenraad uitvaren.
zaterdag/zondag (02 otober/03 oktober 1999)
Twee dagen voor de wedstrijd heb ik bij de zeilmaker een nieuw grootzeil en een grote fok afgehaald. Het doek is zwaarder dan van het oude zeil. De grote fok (of is het een kleine genua?) heeft een wat hoog uitgesneden schoothoek, zodat er niet zo snel golven in vallen en er vanonder de buiskap probleemloos uitkijk gehouden kan worden.
Met het oude grootzeil lag de boot met werkfok en het derde rif bij windkracht zeven mooi in balans. Voor als er meer wind staat heeft het nieuwe grootzeil een vierde rif. Ik verwacht dat dat goed met de stormfok gecombineerd kan worden.
Qua weer wordt ik tijdens deze 200 mijls op m’n wenken bediend: als het een beetje doortocht wordt het tobben op de kleine polyester boten die m’n directe concurrenten zijn. Met staal heb je dan minder last. De wind zit in de Zuidwesthoek, kracht zeven met mogelijk acht beaufort in de nanacht en ochtend.
Kornwerderzand is met dit weer het Noordoostelijke puntje van de trechter. Het experiment van vanochtend moet antwoord geven op de vraag of onder deze omstandigheden van lagerwal weggekruisd kan worden.

Merktekens, gefotografeerd door Fokke met de meegekregen Kodak wegwerpcamera
Een uur voor dagenraad loopt de wekker af en na een uitgebreid ontbijt haal ik de werkfok van de reling en zet ik de smeerreep van het vierde rif door. Direkt buiten de havenhoofden de hijs ik de stormfok. De motor laat ik in z’n vrij stand-by staan.
Om drie over negen ben ik weer bij de VF4. In het begin moet ik korte slagen maken.
Bij Makkum is het ondiep en onder de afsluitdijk is een visserijgebied waar netten kunnen staan.
Om vijf over tien loop ik kort boven de VF7 en de VF10 langs. In een uur tijd heb ik krap twee mijl naar het Zuiden gewonnen.
Ongeveer tweeënhalve mijl Oost van Breezanddijk wordt ik enkele keren door grotere golven enigszins op m’n zij gedrukt waardoor water over de kuiprand loopt. De RVS M10-moeren waarmee de bakskistenluiken gezekerd kunnen worden zijn onder deze omstandigheden geen overbodige luxe. Vlak voor de golf dwars in komt loef ik nu telkens op om aan de achterkant van de golf weer af te vallen.
Soms lijkt het alsof ik op deze manier wat weinig snelheid heb. Ik heb de motor weer stand-by, maar hij hoeft niet in de versnelling.
De wind geeft minder problemen. Bij windstoten beeft het tuig, maar niet op een manier dat ik me ernstige zorgen maak.
De boot ligt goed op het roer en je kan je een stuurfoutje veroorloven. Gelukkig heb ik deze gevaarlijke golven niet langer dan een uur. Daarna kan ik de stuurvaan weer inschakelen om is beneden te gaan kijken.
Om half twee heb ik Staveren dwars en kan er uitgereefd worden. De stormfok gaat neer en de werkfok komt er weer voor.
De tien mijl naar het Zuiden zijn in vierenhalf uur afgelegd. De schipper is doorweekt. Het vermogen om bij hardere wind van lagerwal te kunnen wegkomen c.q. vrij te blijven is een veiligheidsfactor die gekend moet worden.
Op het stuk naar Enkhuizen zet ik later toch weer een rifje. De windverwachting is op dat moment vijf à zes.
In de Krabbersgatsluizen spring ik even op de wal om m’n positie aan de organisatie door te bellen.
Na de sluis, aan de remming, eet ik bruine bonensoep en tosti’s. Een losgeschoten harp van het vioollok van de grootschot wordt eenvoudig vervangen. Aan de remming hijs ik het grootzeil met twee reven. Met de werkfok erbij (motor stand-by) zeil ik in de avondschemering de haven uit. Daarna volgen een paar korte slagen om enerzijds niet tussen de onverlichte tonnen van de aanloop van Enkhuizen te komen en anderzijds vrij te blijven van het Enkhuizerzand en het visserijgebied waarvan het begin door de onverlichte staak “V13” wordt gemarkeerd.
Om kwart over tien zet ik bij Wijdenes het derde rif.
Na elven flits ik de boei “NEK”. Als ik de passage in mijn logboek noteer kom ik er achter dat ik in tegenstelling tot de voorgaande jaren direkt naar de MNGZ2 had gekund.
Het wordt een nachtje doorhalen om op zeker tijdig te kunnen finishen. Ik had me nog wel zó voorgenomen nu eens een 200 mijls te varen waarbij ik alle nachten in m’n warme slaapzak zou liggen.
De hemel vertoont grote open plekken met goed zichtbare sterren. Voorts zijn er velden sluierbewolking op grote hoogte. Regelmatig licht het in de verte op. Bliksemschichten zie ik echter niet. Het onweert daarboven. Gerommel hoor ik evenmin. Wellicht speelt dit alles zich af op een afstand van tussen de vijftig en honderd kilometer. Ik vraag me af of ter plaatse de bliksem überhaupt wel de aarde treft. Het gaat de hele nacht door.

Na de MN1GZ2 bij de ingang van de Gouwzee gaat het bij de wind naar de BVK bij “De Blocq van Kuffeler”, een schuilhaven aan de achterkant van Almere. De hiermee gemoeide 5,3 mijl worden in een uur en zeven minuten afgelegd.
Met het vinden van de boei PH (bij Pampus Haven) verlies ik al gauw drie kwartier. Het is maar goed dat niemand me heeft kunnen horen.
’s Ochtends om tien voor zes fotografeer ik dit kreng dat slechts één keer in de tien seconden een flits geeft. Daarna reef ik uit en kruis ik over het IJmeer langs Pampus.
Het start- en finishschip roep ik op deze vroege zondagochten één keer op. Als ze niet reageren laat ik ze lekker uitslapen.
Om zeven over acht fotografeer ik de M1 bij Muiden. Daarna nog een kiekje van m’n zeilen en dan maak ik de boot klaar om af te meren. Het regent ondertussen stevig.
Na in Muiden te hebben gedoucht en gezellig aan boord van het startschip onder genot van koffie te hebben bijgepraat verlaat ik de haven.
Op het IJmeer gaat het anker over boord om eerst een behoorlijke uil te knappen.
Groetjes,
Fokke
DD-Team
Enkele quote’s:
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1998 | 1 | 3 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 94.20 |
| 2 | 1998 | 2 | 1 | Hans Hofstee | Victoire 1044 | Dundazi | Muiderzand | 98.00 |
| 3 | 1998 | 3 | 1 | Albert Broshuis | Winner 950 | Scheerling | Ketelhaven | 98.00 |
| 4 | 1998 | 4 | 1 | Rob Bijnsdorp | Colin Archer 14.00 | Zilveren Maan | Lelystad | 96.50 |
| 5 | 1998 | 5 | 2 | Cees Zeilstra | Lohi 34 | Zeemuis | Muiderzand | 102.0 |
| 6 | 1998 | 6 | 2 | Dik Geurts | X-102 | Id‚fix | Herkingen | 92.30 |
| 7 | 1998 | 7 | 3 | Cees de Wit | Scampie 30 | Foetsie | Baarn | 101.0 |
| 8 | 1998 | 8 | 3 | Jan Luyendijk | Jeanneau Sunlight 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 9 | 1998 | 9 | 1 | Herman Tieman | Spirit 28 | Nan | Muiderzand | 104.0 |
| 10 | 1998 | 10 | 2 | Jan de Ruiter | X 99 | Explosion 11 | Lelystad | 90.10 |
| 11 | 1998 | 11 | 1 | Ed Megens | Dehler 34 | Lupa Maris | Monnickendam | 95.00 |
| 12 | 1998 | 12 | 1 | Henk Van Breda | Van Breda 38 | Batavus | Naarden | 106.0 |
| 13 | 1998 | 13 | 3 | Piet Bakker | Maxi 77 | Balder | Huizen | 111.0 |
| 14 | 1998 | 14 | 2 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 109.0 |
| 15 | 1998 | 15 | 1 | Rodney Clark | Jeanneau Sangria | Southern Cross | Huizen | 111.0 |
| 16 | 1998 | 16 | 1 | Bauke Jager | Ocean 25 | Mira | Balk | 109.0 |
| 17 | 1998 | 17 | 1 | Philip Heil | Polka 34 | Polkados | Lelystad | 99.70 |
| 18 | 1998 | 18 | 1 | Jaap Verkerk | Comet 910 | Stella Filante | Ketelhaven | 104.0 |
| 19 | 1998 | 19 | 2 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 20 | 1998 | DNF | 1 | Jurren Gunnink | Friendship 28 | The Roost | Loosdrecht | 107.0 |
| 20 | 1998 | DNF | 1 | Harm Veenstra | Friendship 28 | Jonker Leeuwerik | Lelystad | 107.0 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Ad Beringen | Ohlson 29 | Skua 4 | Ketelhaven | 106.0 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Jan Bijleveld | First 43.5 | Bontekoe | IJmuiden | 85.70 |
| 22 | 1998 | DNF | 1 | Danker Daamen | Dragonfly (Trimaran) | Passion | Enkhuizen | 89.70 |
| 25 | 1998 | DNF | 1 | Henk Katgert | Duetta 94 | Sygnus | Hasselt | 100.0 |
| 25 | 1998 | DNF | 2 | Arnold van Lottum | Kolibri 560 | Lotje | Nijmegen | 116.0 |
| 25 | 1998 | DNF | 1 | Arie Petrus | Egythene 24 | Fighter | Almere-Haven | 109.2 |
| 28 | 1998 | DNF | 1 | Rob van Dam | Trintella 2 | Mary Ann | Uitdam | 113.0 |
| 28 | 1998 | DNF | 1 | Martin Hulzebosch | Victoire 822 | Cydaris | Hasselt | 107.0 |
| 30 | 1998 | DNS | 1 | Frits Boer | Finerre 24 | Davies | Oost Mahorn | 111.0 |
| 30 | 1998 | DNS | 2 | Piet van der Zwaan | Selecta 31 | Zwaantje | Scheveningen | 102.0 |
|
![]() Start-, opnameschipper Gerard Lenselink van de Allegro neemt de logboeken in ontvangst van Henk Van Breda van de Batavus en Cees Zeilstra van de Zeemuis |
>31 inschrijvers 29 deelnemers gestart 10 deelnemers uitgevallen 19 deelnemers gefinisht |
![]() Muiderslot vanuit de StichtingshavenAchtergrond homepage : de staak V 15 |
Op 30 september wordt er, na het Palaver bij ‘Ome Ko’, gestart met windkracht 5 Bf. Oost met als startschip de tweemaster ‘Allegro’ van schipper Gerard Lenselink. Het is droog met later regen, 8 à 10º Celcius. Het zicht is 1 à 2 km.
| >Op 1 oktober blijkt, dat iedereen route 1 kiest. De wind neemt toe, evenals de regen, 6 Bf. In het noordelijk gebied af en toe 7 Bf. Het is stervenskoud op ’t water, ong. 8º. Een van de deelnemers krijgt door een klapgijp de giek tegen zijn gezicht en breekt z’n bovenkaak op 4 plaatsen en tevens zijn neus. Op 2 oktober stijgt de barometer en de regen houdt op. De temperatuur schommelt om de 10º en de wind zakt weer iets af naar 5 à 6 Bf. ONO Dat het zwaar is, blijkt wel uit het percentage uitvallers. De doordouwers houden vol ook zonder stuurautomaat. ’s Avonds breekt de maan tussen de wolken door en is het prachtig zeilen met een aflopend windje uit Oostelijke richtingen van 4 à 5 Bf. De eerste jachten meldden zich al af bij opnameschip de ‘Allegro’. Op 3 oktober verflauwt de wind naar een drietje à viertje en op één na finishen de deelnemers in de motregen en meren af op de gezellige steiger van de stichtingshaven. Op 4 oktober komt na lang wachten de laatste schipper binnen en geeft om 11.30 uur z’n logboek en camera af, waarmee deze wedstrijd/tocht officieel voorbij is. |
![]() De Spirit 28, de Nan van Herman Tieman en de Jonker Leeuwerik, de Friendship 28 van Harmen Veenstra zeilen Nek aan Nek bij de Nek-boei |
De meldingen en verwerkingen van de wedstrijd op de Internetsites waren prima verzorgd door Marco en Bob Luyendijk en zijn in deze 5 dagen bekeken door ruim 500 geïnteresseerden.
De meeste deelnemers waren ondanks het weer, laaiend enthousiast en zegden toe het volgend jaar zeer zeker weer van de partij te zijn bij de 200 myls ‘SOLO’ 1999, die, indien er voldoende sponsering aanwezig is, zal worden verzeild in week 39, van woensdag 29 september t/m zondag 03 oktober.

De winnaars van de 3e., 1e. en 2e. prijs. Albert
Broshuis, Han Beijersbergen en Hans Hofstee.
Voor de 2e maal won Han Beijersbergen de eerste
prijs en de 200 myls wisseltrophee.
Jan Luyendijk – Huizen – 15 oktober 1998
(9 pagina’s, overgeschreven en gekopieerd, uit ‘Zeilen’ november 1998)

Muiden, acht uur’s ochtends. De herfstnevel trekt langzaam op.
In een rokerig café zitten gebreide mutsen achter uitsmijters.
Twee uur later vertrekken ze. leder op z’n eigen boot.
Na drie à vier dagen en tweehonderd mijl liggen ze weer voor
het Muiderslot. Ongeschoren, moe en vol verhalen.
Rob Bijnsdorp was een van deze mannen en beleefde de
200 Myls ‘SOLO’ mee, vanuit de kuip. …………. (Redaktie ‘Zeilen’)

| De solozeilerij op het IJsselmeer en het aansluitende kustwater is springlevend. Bijna dertig jaar na de eerste reeks legendarische ‘singlehanded’ prestatietochten vanuit Workum kan de leifhebber nu kiezen uit maar liefst 4 varianten. Zeilen pikte er de jongste uit : de 200 myls ‘SOLO”, die deze herfst voor de derde maal is verzeild. Rob Bijnsdorp wierp zich met zijnZilveren Maan in de strijd. |
> Na bijna twintig jaar onthouding gaat het weer gebeuren. De wervende aankondiging van de ‘200 myls’ wekt een zelfde soort voorpret op als ooit de gestencilde papierwinkel voor m’n eerste vierdaagse solotocht. Dat heeft waarschijnlijk iets te maken met de romantische kanten van dit soort evenementen. Man en boot samen op weg en beslist anders dan gewoonlijk. Intensiever, een vleugje heldendom (ik herinner me zelfs sneeuw op dek), een daad stellen. Dat laatste is zeker fysiek zeer voelbaar. |
| >Nadat dit soort algemene kenmerken van meerdaagse solo – wedstrijden zie ik veel verschillen met de Singlehanded uit mijn herinnering. De oude, ooit door de Workummer vuurtorenwachter Reid bedachte tocht was een oefening in de oprechte zeilerij met jachtjes. Er heerste toen een streng regime, behalve een goede radio – ontvanger was electronica verboden. De meeste deelnemers hadden daar geen problemen mee. GPS bestond nog niet. Decca werd voor sommigen net betaalbaar. De eerste generatie auto – pilot deed aarzelend z’n intrede en slechts een enkeling had een marifoon. “Verzegelen die boel.” bepaalde het regime. ‘Goed schipperen, dat zit in jezelf en niet in de spullen, die kapot kunnen.’ |
>En omdat parool kracht bij te zetten werd reglementair verlangd, dat er in ieder geval een handlood en een potje vet aan boord was. Nieuwelingen, die daar niets van begrepen, leerden al gauw dat een kloddertje vet in het bolletje van het lood een bodemmonster boven water bracht. Een ‘oprechte schipper’ behoort te weten of hij zand of slib onder de kiel heeft. De essentie van de Workummer tochten was echter, dat een schipper zichzelf en de boot moet kennen en een juiste inschatting moet kunnen maken van wat beide aankunnen in de geldende omstandigheden. Het vergelijk tussen het daarop gebasseerde persoonlijke vaarplan en de werkelijk geleverde prestatie vormde bij de jurering het belangrijkste criterium. |
![]() |
Appeltaart en wegwerpcameraatjes in Muiden. foto : Ruud Kattenberg
| >Uitdaging om optimaal te zeilen. Hoe anders is de sfeer die spreekt uit de 200 myls ‘SOLO’ – papieren. Ik pluk ze in full colour van internet. De keuzebuttons leggen verbindingen naar pagina’s met allerhande wetenswaardigheden, waaronder een bloemlezing van journaal – fragmenten uit de twee voorgaande tochten. Uit alles spreekt een opzet die uitgaat van omstandigheden, die voor alle deelnemers gelijk zijn. Er is een route uitgestippeld die zo snel mogelijk moet worden afgelegd met zo min mogelijk strafpunten voor motorgebruik, teveel rust of te weinig rust. Na ruim een kwart van de totale afstand kan er een keuze worden gemaakt voor drie varianten die ook over de Waddenzee en Noordzee voeren. Ze zijn zo uitgekiend dat ook dan bij benadering 200 mijl wordt gevaren. Eigenlijk is dat het enige moment dat de deelnemers een strategisch besluit kunnen nemen. Een route over zee kan in gunstige omstandigheden bijvoorbeeld het voordeel van de tijstroom opleveren. De grootste en zwaarste boten zeilen bij een stevige wind bovendien in diep water een halve tot een hele knoop sneller, dan op het ondiepe IJsselmeer. Veel meer dan kiezen uit een van de route variantenis qua vaarplan niet mogelijk. Wel is er ruimte voor een persoonlijke tactiek. De verplichte 27 uur rust in havens die op de route liggen, kunnen naar eigen inzicht worden ingedeeld. Al met al komt de opzet van deze tocht op mij over als een stevige uitdaging om ‘optimaal’ te zeilen. Om iedere deelnemer een perspectief te bieden dat de overwinning binnen zijn bereik ligt, wordt voor elke boot een SZ cijfer berekend (Snelheidsfactor Zeilsport). Ik begrijp niets van de formule, die daarvoor wordt gebruikt. Onbekendheid wordt argwaan, als ik daags na mijn inschrijving op internet zie, dat mij 23 ton zware rondbuikige langkieler pal achter een X 99 als het op twee na snelste van de dan 23 aangemelde boten is gekwalificeerd, Dat moet in de berekening het effect zijn van de lengte van de waterlijn. Maar enig mogelijk voordeel daarvan ga ik pas merken bij een halve storm of meer. In lichte to matige wind vaart alles mij voorbij. Dit gegeven blijft mij bezig houden tot aan de dag van de start.Appeltaart en wegwerpcamera’s. Woensdag 30 september. Even over twee in de middag. Ik nader de startlijn bij Muiden, ruim 4 uur later dan de anderen. Helaas verhinderd om het ochtendceremonieel in de kroeg van Ome Ko mee te maken. Koffie met appeltaart was er beloofd; tevens nog eens de laatste onduidelijkheden bespreken, logboeken uitdelen, een groen petje met 200 mijls embleem ontvangen en natuurlijk ook de wegwerpcamera waarmee alle markante routepunten als bewijsmateriaal moeten worden vastgelegd. Lang niet iedereen is vertrouwd met zo’n wonderdoosje. Zeilen collega Ruud die het palaver meemaakte, zag hoe sommige deelnemers de gele kartonnen verpakking alvast open peuterden en tot hun verbazing ineens de film in hun handen hielden. Ook ik heb nooit eerder met zo’n camera gewerkt. Ik vond hem een half uur geleden onder de buiskap, tesamen met petje, het logboek en een stuk appeltaart, goede zorgen van zeilmakker Flip. Bij het passeren van de startlijn neem ik de eerste groene ton van het geultje naar Muiden in het vizier, druk het knopje in …… er klikt iets. Daar heb je het weer ! We zijn verwend. Automatische filmtransport is tegenwoordig standaard. Dit ding moet je eerst spannen. Ik ga er niet voor terug. |
>Iedereen heeft de boot in Muiden zien liggen, een ander bewijs lijkt me niet nodig.IJsselmeer vol roepende mannen. Uit het Oosten waait een matige, klamme wind. Het vuur van Marken is op de route naar de volgende boei (uiterton voor de Gouwzee) goed bezeild. Het zicht is slecht door motregen en andere nattigheid. Het is zo’n dag met alleen maar grijstinten, maar ik vind het prima. Man en boot samen op weg. Eigenlijk wel lekker, dit late vertrek. Dit is de verstilling van het solzeilen. De anderen zijn nu tussen de 20 en 25 mijl voor me, ergens halverwege het traject NEK – Lelystad. Sommigen varen ver aan de kop uit het zicht, achter een gordijn van motregen, anderen loeren naar elkaars boeg of spiegel. Ik schakel de marifoon in op het schip – schipkanaal 13 en heof niet lang te wachten op een teken van leven uit het peleton, daar ergens in het Noorden. Men roept elkaar toe over de positie en de snelheid van sommige anderen. Ik hoor dat Enkhuizen een goede eerste rustplaats is of dat het beter is om de eerste dag een hele lange ruk te maken, of dat juist morgen de dag is voor de meeste mijlen omdat er dan meer wind kan zijn, en dat je vanavond maar beter een goede pot kan koken en wat men zoal van huis heeft meegebracht. Het IJsselmeer is vol roepende mannen. Dit solozeilen heeft een sterk sociale inslag. Het is geen tocht voor ‘lonely wolves’. Dat blijkt trouwens ook uit de samenstelling van de groep deelnemers. De meeste kennen wel een of meerdere andere uit dezelfde verenigingshaven of van bestaande vriendschappen. Samen alleen, voor velen de meest aantrekkelijke manier van solzeilen. Ik heb mijn zeilmakker Flip geronseld. Als ik op weg ben van de boei NEK (bovenin de Hoornse Hop) naar een van de tonnen voor de zuidelijke ingang van de haven van Lelystadhaven, vaart hij me met bolle zeilen tegemoet. Wat doet hij hier ? Lelystad is niet te bezeilen, ik lig voor een lange slag over stuurboord op een veel te zuidelijke koers. Dat zal ik vanavond wel horen in Enkhuizen, want daar zal hij waarschijnlijk z’n eerste rust nemen.Meteen al pech. De boei bij Lelystad moet worden geflitst. Het fotodoosje heeft daarvoor een knopje. Ik span de camera, druk het flitsknopje in, scheer in verband met het beperkte bereik van m’n flits rakelings langs de boei en druk net op het moment waarop hij me vriendelijk groen aanstraalt. Maar heb ik wel een flits gezien ? Ik bekijk nog eens de tekst en de symbooltjes op het gele doosje en ontdek geen voorschrift, dat er op wijst, dat ik iets verkeerd heb gedaan. Nog eens proberen: spannen, flitsknopje indrukken, thermoskan koffie in het vizier en …. geenflits. Men zal wat mij betreft bij de beoordeling moeten uitgaan van vertrouwen in plaats van bewijs. Zouen er mensen zijn, die op dit soort tochten smokkelen ? Ja, waarom niet. Dat komt in alle leeftijdsgroepen voor tijdens gezelschapsspelletjes waarin iets valt te scoren. Weer een roepende man. Een ander antwoordt. Ik ga binnen een paar boterhammen smeren en volg hun gesprek. “…ja ik moest ook nog een gedeelte van de binnenbetimmering weghalen en al met al heb ik al zes uur van m’n rusttijd verspeeld.” ja Martin, dat is heel beroerd voor je, dat je al meeteen zoveel pech hebt …” Etcetera. Ik kijk op de deelnemerslijst. Er is een Martin bij. Hij heeft kennelijk averij. |

Woensdagochtend, de mannen gaan op weg voor 200 koude mijlen. Foto: Ruud Kattenberg
| >”…en ik ben zojuist uit Hoorn vertrokken op weg naar NEK, maar ik denk dat ik meteen maar door ga naar Enkuizen, want met zo’n achterstand heeft het geen zin meer.” “Nou, Martin, ik zie je dan straks wel, maar voor mij is het echter samen uit, samen thuis hoor. Als jij stopt, hou ik er ook mee op.” “Die zijn gek,” hoor ik mezelf zeggen. Ik weet dat dat niet mag, want ieder stelt z’n eigen grenzen en je hebt het recht niet om dat dat te betwisten, maar ik heb het er wel uitgeflapt. Het gaat ook niet zozeer om personen, maar meer om de idee erachter. Ga nou na : je maakt je lang van tevoren vrij uit de dagelijkse dingen om vier dagen lekker te zeilen, dan krijg je bij aanvang pech en natuurlijk heb je daar de pest over in, maar zodra dat is gerepareerd ga je om dat te compenseren natuurlijk vreselijk hard genieten van de hele tocht, die nog voor je ligt. Hoe kan zeilen ineens niet meer de moeite waard zijn als vast staat dat er geen overwinning is te behalen ? En schiet Martin er iets mee op als die maat van hem met een groot gevoel van samen uit en thuis ook afhaakt en mee gaat zitten somberen ?Overal een feestje van maken. De regen houdt op. Het zicht verbetert. De lichtjes van Enkhuizen twinkelen stuurboord uitnodigend voor de boeg. Er is nog een dik half uur te gaan wanneer ik plotseling merk, dat de paar boterhammen bij Lelystad niet echt de gebruikelijke warme hap vervangen. Soep maken. Keuze uit drie smaken. Nog iets stevigers erbij. Voorraadkast open. Ja, een gebraden haantje ! Tien tot vijftien minuten in kokend water. Jongens, dat wordt smullen. En terwijl ik de tweede gaspit aansteek, besluit ik ook tot een toetje boerenland – yoqurt met persik. |
>Je moet overal een feestje van maken, maar nu eerst weer even buiten kijken want het IJsselmeer is eigenlijk niet meer, dan een pierenbadje en voor je het weet ligt er weer iets in de weg. Meer nog dan vroeger erger ik me aan de slechte verlichting van de zuidelijke aanloop van Enkhuizen. Ergens tussen Oosterleek en Venhuizen ligt een groene lichtboei, dan voert een rijtje onverlichte tonnen tot aan de havenlichten die ongeveer de sterkte hebben van een fietsachterlicht. In ieder geval vele malen zwakker zijn dan het licht erachter. Tot slot is er een even zwakke lichtenlijn die je pas ziet als je bijna op de lijn zit. Een van de lampen is nu zelfs gedoofd. Voor wie hier maar zelden komt is het tobben. Tegen de tijd dat ik helemaal zeker ben van de situatie heeft het instant – haantje al veel te lang staan opwarmen. Ik moet trouwens opschieten met die hap, want ik wil in de ruimte buiten de havenhoofden de zeilen bergen. Water afgieten. Pannetje en bestek mee naar buiten. Blik in de rondte. Geen andere schepen. Plastic open snijden. De haan vliegt samen met een plas vettige jus in het pannetje. Geen licht maken, want dan verlies ik de omgeving. Op de tast prik ik met de vork in de pan, Als ik wel eens zo’n beest eet verwijder ik altijd eerst de onderdelen die er smerig uitzien. Dat zijn de donkerbruine derrie aan weerzijden van de ruggegraat, het lillende vel en in ieder geval dat hele achterstuk van de poepert, vetknobbeltje en iets waarvan ik vermoed dat het ooit geslachtsorganen zijn geweest. Nu de vork geen vat meer krijgt op het vlees, lepel ik blind de pan leeg en selecteer slechts de botjes. Het smaakt prima. Geen tijd meer voor het toetje, want de havenlichten zijn ineens, akelig dichtbij. Zeilen weg. De sluis staat al open. |

In je eentje zeilen zetten of overstag gaan is werken op de Ziveren maan. Foto : Ruud Kattenberg
| >In de Spoorweghaven voeg ik me bij de bruine vloot. Het is rond elven. Aan de overkant ligt de boot van Flip. Er komt nog wat zwak schijnsel uit zijn kajuit. Ik vind hem lezend. Vanwege de kou is hij al in zijn slaapzak gekropen. Om de accu te sparen branden er slechts olielampjes. Op de tafel staat de borrel klaar naast wat kaasjes en crackers.Groot tegen klein. Donderdag, 1 oktober. Geen spat kleur in de wereld en dat zal de hele dag zo blijven. Het is een stuk kouder dan gisteren en het waait flink. De bruine vloot is nog in diepe rust als Flip en ik en nog drie andere deelnemers ongeveer gelijktijdig de haven verlaten. Tijdens het zeil zetten overweeg ik even de voo- en nadelen van groot en zwaar tegen kleiner en licht. De Zilveren maan blijft geduldig lang genoeg tegen wind liggen om in ieder geval in een handeling het grootzeil goed omhoog te krigen. Op de kleinere jachten moet dat in een oogwenk gebeuren, want ze waaien alle kanten uit. Maar tegen de tijd dat ik klaar ben, heb ik kramp tussen m’n schouderbladen en voelen m’n handen nog rouwer aan dan ze al deden. Dan is er het plezierige moment van weldadige rust wanneer het tuig er weer glad bij staat en de boot op koers gelegd aan snelheid wint. Het gaat nu met halve wind richting Den Oever. De snelheid schommelt tussen de 7,5 en 8 knopen. Dwars van De Ven vaart een andere deelnemer me tegemoet. Achter het glas van een heel gesloten dekhuis gaat een dikke duim omhoog. |
>Als hij daarmee bedoelt: ‘Zie mij hier is lekker warm zitten’, heeft ie gelijk. Het is weer gaan regenen en tegen de wind in naar Urk is een lange en koude onderneming.Veradelijke ondieptes. Ik moet op het traject naar Den Oever goed rekening houden met de waterdiepte. De rechte lijn naar Den Oever voert over de ondiepte Kreupel. Daar staat op sommige plaatsen minder dan twee meter water. De Zilveren maan steekt twee – tien. Neem ik de veilige route zuidelijk van de rode boeienlijn van het Wagenpad, dan hangen de voorzeilen erbij als nat wasgoed. Tot voorbij de ondiepte met de dreigende aanduiding ‘Stenen’ jongleer ik daarom over de Kreupel en zet daarbij om de vijf minuten de positie in kaart. Even onder Den Oever is vlak naast de betonde geul nog zo’n veraderlijke ondiepte, maar zover komen we niet, want de lichtboei Wieringer Vlaak 14 is het keerpunt richting Urk. Een mijl voor me liggen twee tochtgenoten. Als zij rond de boei zijn heb ik kans op een paar actiefoto’s. Dat is niet zonder risico, want als ik recht op hun af koers moeten ze maar raden naar mijn bedoelingen. Ik zet de stuurautomaat aan en ga demonstratief met de camera in de aanslag aan de reling staan. Het werkt. De boot die me nadert, reageert heel subtiel op de geringe schommeling in mijn koers en manuvreert zich in de positie, waarin hij het liefst wil worden gezien. Als de kiek is gemaakt, zie ik vanaf mijn plek, hoog aan dek, dat de werkloze kluiverschoot aan loef verward is geraakt met de schoot aan lijzijde. Actie ! |

Luid mopperend schiet ik op te grote afstand de boei voorbij. Als de zaak is geklaard, zie ik dat mijn achtervolgers al bijna bij de boei zijn, terwijl ik een plek nader waar met het winterpeil nog maar 1.40 meter water staat. In een paar grote sprongen ben ik terug bij het roer.
Adraline, zo’n tocht, maar niet altijd. Want nu bijvoorbeeld begint een lange koude en natte weg naar de lichtboei de UK 16 bij Urk. Dit traject is niet bezeild. We komen in de straffe oostenwind wisselend twintig tot dertig graden tekort. We zijn behalve de Zilveren maan, de Polkados van Flip en nog een ander, waarvan ik de naam niet kan lezen. Polka Dos is een aluminium Koopmans. Hij vaart, gereefd en met een werkfokje, lichtvoetig, dansend over de golven. Zo komen Flip en ik elkaar keer op keer tegen in een sportieve strijd om het voorrang over bakboord. We maken niet al te lange slagen, want de wind waait niet stabiel uit een en dezelfde hoek, Er is dus winst te behalen uit de keuze voor steeds de gunstigste boeg.
Hardop praten.
Na een paar uur krijg ik het koud. Het soort kou dat alleen maar erger kan worden en waar je tijdig iets aan moet doen, omdat je er ander niet meer overheen komt. Ik kan de boot zonder automaat rustig aan zichzelf overlaten. Om de vijf minuten een blik in het rond voor de uitkijk is voldoende om in de kajuit even goed voor mezelf te zorgen. Water op het vuur voor een mok soep. Boterhammen smeren met een of andere vetzooi met de naam ‘vleespastei’. Kommetje yoqhurt voor de frissigheid.
Behalve de Zilveren maan en de Batavus (een andere Colin Archer), zijn de Enkhuizenstoppers gelijktijdig gestart. De zeiltijden op het traject van gisteren liggen tussen de 6 uur en 42 minuten en 9 uur 45 minuten. Dit verschil is groter dan de handicapberekening was te verwachten. Meer conclusies zijn nog niet mogelijk.
Met een beetje spijt zie ik dat de kleinste deelnemer, een Kolibri 560, niet verder is gekomen dan Volendam. Het had me zo leuk geleken om ergens onderweg nog een eindje met zo’n dappere David op te varen. Dat brengt me weer terug op de eeuwig rondcirkelende puzzel over de juistheid van de handicapberekening. Stel dat je daarvoor een formule vindt, waarin ook de windkracht is verdisconteerd, dan nog is er een groot verschil in prestatie. Wie langzaam vaart is immers langer in touw, zit langer in de kou, heeft een kleinere boot met minder comfort en in de regel minder mogelijkheden om de boot zelf z’n weg te laten volgen. De man die in een Kolibri het laatste finisht, presteert wat mij betreft meer dan de winnaar die het in de helft van de tijd doet met een jacht, waarin permanent de kachel brandt en electronica de navigatie heeft overgenomen.
Nat oliepak uit. Klamme trui uit en poolpak aan.
Terwijl ik de dingen doe, praat ik hardop tegen mezelf. Dat is in dit geval geen ouderdomsverschijnsel of kluizenaarstik maar een beproefde manier om de razende snelheid waarvan je hoofd soms van de ene gedachte naar de andere flitst te temperen: een soort extra regulator tussen denken en doen. Daar komt bij, dat je eigen stemgeluid er toe bijdraagt dat je in de omgeving van alleen maar krachtige, opdringerige elementen ook zelf heel duidelijk aanwezig blijft. Jezelf verliezen in het lawaai van de wind in het want, de wind in je oren, geraas van zeilen, knallende golven op de scheepshuid … dat is het begin van opgeven.
Een solozeiler moet altijd het middelpunt zijn van zijn eigen kleine omgeving.
Ik kijk buiten weer even in het rond, zie in de gauwigheid dat Flip heeft besloten tot een lange slag in Noordelijke richting en ga de kaartentafel opruimen. Uit de printer steekt een bericht van Ruud op deZeilen redactie. Hij geeft me de posities door waarmee alle deelnemers gisteren hun eerste dag hebben afgesloten. Elke avond worden deze door de schippers doorgebeld naar de wedstrijdorganisatie, die ze op ineternet zet. Het overzicht laat zien hoe tweederde van de negenentwintig deelnemers zijn eerste stop heeft gemaakt in Enkhuizen. Vier tochtgenoten zijn doorgevaren naar Den Oever en een man is helemaal doorgezeild naar Urk. Die boot, een X 99, heet niet voor niets ‘Explosion’ Wie op zo’n boot vaart wordt erdoor gegijzeld: Hetzelfde effect als je ziet bij mensen op een racefiets.

Het glorieuze traject recht in de zonnebaan naar Enkhuizen.
Het lijkt me een goed onderwerp voor de nabespreking tijdens de prijsuitreiking over twee weken.
Rusttijd bijna op.
Zover is het nog niet. Eerst nog de ton bij Urk. Flip maakt inderdaad een te lange slag naar het noorden en is tien minuten later bij het keerpunt. Daarna wordt de afstand snel groter. Met een bakstagwind gaat mijn scheepslengte meetellen. Regelmatig zit ik boven de acht knopen.
Als Flip in Staveren naast mij afmeert, kan de zuurkool met worst direct dampend op tafel. Daarna zijn we allebei toe aan een verbale ontlading en voor we het weten is onze bedoelde rusttijd al filosoferend al voor de helft in het niets opgegaan. We besluiten toch maar een goede nacht te maken.
Daarmee zijn we bijna door onze reglementaire rusttijd heen. Dat betekent dat ik, op een korte ankerstop na, de rest van de tocht in een keer moet afleggen. Dat is van Staveren via Hindelopen naar Medemblik en vandaar naar Breezanddijk, Enkhuizen, Lelystad, Volendam, NEK, Blocq Van Kuffeler, Pampushaven en uiteindelijk Muiden.
Tesamen 104 mijl, nog meer dan de helft. Als de wind niet onder de vijf Beaufort zakt en uit dezelfde hoek blijft zitten, moet dat kunnen. We zullen zien.
Perfecte dag.
Vrijdag 2 october. In mijn logboek noteer in het vrije gedeelte maar twee woorden: ‘Perfecte dag’. De zon schijnt. De wereld heeft weer kleur en het waait steevast tussen de 22 en 27 knopen. Ik besluit deze dag geheel te wijden aan het serieuze zeilen en alles uit de boot te halen wat er in zit. Alles op de hand en de trim geen moment uit het oog. Het maakt verschil. Het maakt verschil. Ik vaar tot mijn eigen verbazing hoger en sneller dan de drie anderen, die gelijktijdig Staveren verlaten. De voorsprong neemt op het ruime rak naar Medemblik nog meer toe en na nog een aandewinds rak naar Breezanddijk zie ik geen achtervolgers meer.
De fax met posities van de vorige avond wekt verbazing. Negen mensen hebben opgegeven, waarvan de helft met problemen aan de stuurautomaat. Ik kan het niet helpen, dat de gedachte opkomt: ‘Als ze nou hun roer hadden verloren….’.
Dan het glorieuze trajecht recht in de zonnebaan naar Enkhuizen. Voor me aan de horizon zie ik twee zeiltjes. Een ervan haal ik in bij De Ven, met de ander lig ik samen in de Sluis. Voort gaat het weer naar Lelystad. De hele dag blijf ik jagen, totdat op het voordewinds rak naar Volendam de zeilen wijduit kunnen worden gezet en de automaat me in staat stelt een maaltijd van drie gangen te koken. Vlak voor de boei van Volendam hang ik de natte theedoek aan het haakje en ruim de schone vaat weg.
Vermoeidheid.
Op weg naar de NEK zie ik aan stuurboord de boten aankomen, die samen met deZilveren maan de sluis verlieten. Ik hou ze een kwartier lang in het oog tot ze bij de boei zijn en zie dan kort na elkaar twee flitsjes in de nacht. Daar is de boei NEK. Het einde begint invoelbaar te worden. Weer een ruim rak naar de Flevodijk bij het gemaal Blocq Van Kuffeler. De wind trekt nog wat aan. De boot jaagt door de nacht. Geen onverlichte tonnen op dit traject. Dat geeft rust. Oppassen voor de scheepvaart. Rekening houden met m’n vermoeidheid. Alle observaties tijdens de uitkijk dus dubbel overdoen en checken. Een vergissing is heel gauw gemaakt. BoeiPH, ankerstop bij Pampushaven. Probleem bij ankeropgaan wegens gebrek aan electriciteit. Slimme oplossing vinden met wat hulpkabels naar andere accu’s. Rond half twee afmeren in Muiden. Wat een dag.
De volgende dag komen de verhalen. Iedereen heeft elkaar zien varen. Er wordt vergeleken. Iedereen is op een onschuldige manier trots of voldaan. Een vluchtig incidenteel broederschap.
In ieder geval een annekdote zal in de komende jaren onverbrekelijk verbonden blijven aan deze tocht : Een deelnemer mist in zijn boot op de terugweg de boei bij Lelystad. Hij had bij het passeren van de boei een pakje met theezakjes van Pickwick Ceylon Melange in zijn handen. Dit pakje is ook van vouwkarton en in afmetingen ongeveer gelijk en bijna even geel als het fototoestel. Toen hij de echte camera had gevonden was de boei al zover achter hem, dat hij hem maar liet liggen ….
Rob Bijnsdorp

door Bauke Jager,
gepubliceerd clubblad wsv Sleattemermar – Balk en de Ocean club ’98
| Voor de derde maal werd op 30 september in Muiden het startsein gegeven voor deze prestatie-tocht. Nadat ik ervan had gehoord, besloot ik me op te geven met onze boot Mira, een Ocean 25. Op mijn verzoek om me een reglement en dergelijke toe te sturen, wees de organisator mij op de mogelijkheid dat alles van het internet af kon worden gehaald. De wedstrijd wordt verzeild op basis van een puntentelling (SW faktor+punten logboek), er zijn tenminste 3 rustperioden van in z’n totaal 27 uur verplicht, die variabel mogen worden opgenomen, waarvan een anker periode. Verder is er een keuze uit 4 routes. ![]() Na een moeizame tocht vanuit Stavoren (mist en windstilte) naar Muiden, maak ik kennis met enige deelnemers. Eentje moet er zo nodig de mast in, terwijl ik de importeur van mijn GPS probeer te bereiken over een afwijking van 60 graden t.o.v. mijn kompas. |
Op Woensdagmorgen zit iedereen aan de stamtafel van cafe Ome Ko voor het palaver. We krijgen een logboek en een foto toestel uitgereikt en veel goede raad voor veiligheid, meldings- en afmeldingsplicht. Om 10:10 uur gaat het startschot, ik ben nog niet klaar, zet nog vlug een reef in het zeil en vaar als een der laatste van de 29 gestartte deel nemers over de startlijn, nagestaard door 3 fotograferende heren op het startschip. Het eerste te ronden punt is een ton bij Volendam. Alle bakens, die in de route staan dienen gefotografeerd te worden. Dus om een redelijk plaatje te krijgen, m oet je er ook nog behoorlijk dichtbij langs varen.; de tijd van ronding dient in ’t logboek te worden vermeld met verder de windrichting en kracht, barometerstand en zicht.Door de oostelijke wind stonden op dit stuk vervelende golven, wat je tot veel bijsturen verplichtte. Van tegenstanders had je niet veel last,. De grote schepen gingen er als hazen vandoor. |
De schepen van mijn maat had ik op dit punt nog om me heen, Via Hoorn ging het naar Lelystad. Vandaar naar Enkhuizen. In de sluis lagen nog 2 deelnemers. Op m’n vraag of ze doorgingen, zeiden ze: “We gaan hier slapen. Morgen maar verder.” In de jachthaven liggen bijna alle deelnemers en als ik tegen negen uur de wal even opga, kom ok m’n buurman uit Muiden tegen en vraag hem hoe het gaat. Hij antwoord, dat er veel mis gaat. Z’n accu’s zijn leeg, doordat de stuurautomaat overuren maakt in de hoge golven en door onze relatief kleine schepen (onder de 8 meter) zijn we ten opzichte van de grotere in het nadeel. Ook had hij bij een klapgijp de giek tegen zijn hoofd gekregen.Toen hij met de zaklantaarn op zijn gezicht scheen, zag ik een vreselijk opgezet deel van z’n hoofd. “Ik denk, dat ik m’n neus heb gebroken, maar ik heb asperines bij me voor de pijn,” zegt hij. |
Later zou blijken, dat hij z’n kaak op 4 plaatsen had gebroken.
De volgende morgen gaat om 06:00 uur de wekker, ik maak brood en koffie voor de hele dag en vertrek nog in het donker richting Den Oever. Weldra wordt ik ingehaald door andere deelnemers. Allemaal grotere schepen. De schippers achter hun sprayhood, het sturen overlatend aan de stuurautomaat. Ik moet daarentegen altijd zelf sturen, omdat ik er geen heb. Alleen hoog aan de wind lukt het me om met vastgezet roer de zeilen zo te trimmen, dat de Mira z’n eigen weg vindt.
| Om 10:00 uur ben ik bij het baken van Den Oever. Nu naar Urk,. Het langste rak, hoog aan de wind, het waait 6 Bf., hoge golven, regen van boven en (zo blijkt later) ook van onderen. Water, al mijn kleren zijn nat. ‘s-avonds schep ik in Stavoren zo’n zes liter water uit de boot. De volgende dag, vrijdag, weer vroeg op en via Workum naar Mecemblik. Het zicht is prima vandaag. De zon schijnt, maar het waait bijkans nog harder. De temperatuur komt ook niet veel hoger dan een graad of 6. Als ik het baken van Medemblik heb gefotografeerd, besluit ik de volgende onder de afsluitdijk over te slaan en gelijk naar Enkhuizen te zeilen. Ik moet hiervoor weer hoog aan de wind. Met nog een reef erin gaat het boven verwachting en besluit toch maar om te keren en m’n route helemaal te verzeilen. Als ik om 17:00 uur bij het Krabbersgat kom is het een drukte van belang. Het weekend van de Bolkoppen race, vandaar. Met nog 3 collega-solo-zeilers gaan we richting Lelystad, waar ik om 20:00 uur aankom. Het is zoeken in het donker maar vind de ingang en ga slapen. In de sluis nodigde eentje me uit om |
![]() |
lekker door te varen naar Volendam, automaatje aan, fokje erop, lekker eten maken onderweg. Ik ga er niet op in. Hij komt daar om 22:10 uur aan en blijft de volgende dag tot 10:00 uur uitslapen. Dus ben ik hem weer voor, want tussen Hoorn en Muiden nemen we foto’s van elkaars schip. Vandaag ga ik finishen. De wind is afgenomen tot 3-4 Bf. Dus meer zeil erop en een wat rustiger IJsselmeer. |
Als ik om 17:00 uur de finishlijn passeer, heb ik met een gemiddelde van 4,5 mijl per uur 200 myl afgelegd en 43,37 uur gezeild, 33,00 uur gerust en 1,00 uur op de motor gevaren bij sluizen en havens en word hiermee 17e. van de 29 gestartte schippers.
Bauke Jager,
S/Y Mira – Balk,
1998
| 200 myls ‘SOLO’ 199830 september – 4 oktober aantal deelnemers ingeschreven: 31 gestart: 29 gefinished: 19 |
| Het palaver was op woensdagmorgen om 09.00 uur, waarna er om 10.00 uur gestart zou worden. Dus aan het eind van het palaver iedereen snel naar zijn boot terug, de laatste kleine dingetjes regelen en zo snel mogelijk naar het startschip. Vlak bij de M1 lag het startschip. De startlijn lag tussen het startschip en deM1. Die lijn passeerde ik om 10.10 uur en werd ik vriendelijk uitgezwaaid door het startschip. De 200mijls Solo 1998 voor mij begonnen.Ik starte onder vol tuig, maar al snel moest ik de Genua 1 verwisselen voor de Genua 2 . Na het passeren van het Paard van Marken was de wind al aardig toegenomen en moest het 1e rif al in het grootzeil worden gezet. Om 12.05 uur werd de MN1GZ2 gerond. Om 13.35 uur werd de Nek gerond en om 15.25 de OVD 3. Hierna besloot ik langs de zuidzijde van de dijk Lelystad – Enkhuizen naar Enkhuizen te varen en daar de sluis te passeren, vanwaaruit het naar de WV14 bij Den Oever zou gaan. Hier moest de keus worden gemaakt voor de te varen route. Maar dat zou heel anders uitpakken.Tussen Lelystad en Enkhuizen ter hoogte van het in de kaart getekende visserijgebied wilde ik even wat aan de verstaging veranderen. Even wat strakker zetten, omdat met die stevige wind het babystag toch iets doorzakte. Dus de boot op de stuurautomaat en naar voren om de verstaging wat strakker te draaien.Bij het terug gaan naar de kuip, kwam er plotseling een golf en een windschifting, waar door de boot een klapgijp maakte. Dit alles ging zo snel, dat ik de overkomende giek niet kon ontwijken en die vol op de zijkant van m´n gezicht kreeg en dat bij zo’n 6 Bft. Het eerste resultaat was een hoop bloed, een gebroken neus en veel pijn in het gelaat. Het eerste bloeden trachten te stoppen met een handoek en dat lukte na een tijdje, na wat watjes in de neus ging dat redelijk.Inmiddels was Rodney Clarck, die op zo’n 300 m bij me vandaan voer langszij gekomen en vroeg hoe de situatie was. Groot houdend, zei ik dat het wel ging en dat ik door zou varen naar Enkhuizen, naar de Compagnieshaven.Na enige tijd was de pijn weggezakt, doordat het continue regende en het erg koud was, maar voelde ik wel dat alles nogal gezwollen was. In de sluis keken de mensen me nogal vreemd aan, maar zeiden verder niets. Aangekomen bij de Compagnieshaven stonden er al een aantal zeilers op me te wachten, o.a Rodney Clarck en Herman Tieman.Het blijkt dat je in zo’n situatie rare dingen doet, want ik wilde gewoon doorgaan. Tenslotte had ik maar een gebroken neus en dat was wel vaker gebeurd. Zo te voelen stond hij er nu beter bij dan voorheen. Eerst maar eens wat eten. Van thuis had ik voor de eerste dag Chili-Concarne meegenomen en bij de eerste hap al wist ik dat er meer aan de hand was. Ook bij mijn bovenkaak was er het een en ander mis, dus zou het toch een dokter worden. Maar onbekend als je bent in Enkhuizen, hoor je dan dat er in Enkhuizen geen ziekenhuis is en dat het dichtsbijzijnde ziekenhuis in Hoorn is. Maar door inpraten van de mannen en mijn echtgenote toch besloten een dokter op te zoeken. Na een tijdje door Enkhuizen te hebben gelopen, en natuurlijk geen dokter opgezocht (lekker eigenwijs), weer terug naar de boot. Inmiddels was ik er wel van overtuigd, dat ik de 200myls niet verder kon uitzeilen dit jaar. Ik besluit, wat een kronkel eigenlijk, na een wat paracetamol en een paar Berenburgers te gaan slapen en de volgende morgen terug te varen naar Almere. Want stel dat ze je in dat ziekenhuis houden en dan ligt je boot in Enkhuizen.De volgende morgen nadat een ieder vertrokken is en na weer een paar paracetamolletjes weer de sluis door richting Almere. Gelukkig regende het nog steeds en was de temperatuur ook nog zeer laag, zodat ik nagenoeg geen pijn voelde.Ter hoogte van Muiden het startschip opgebeld en me afgemeld. Natuurlijk waren die allang door anderen op de hhogte gesteld van mijn ongevalletje. Mijn zoon gebeld dat hij me in de haven van Almere moest ophalen met de auto en dat hij de papieren voor het ziekenhuis moest meebrengen. Die stond dus in de haven te wachten met een draaiende motor en omdat het zo koud was een bijstaande kachel. Nou dat heb ik geweten. Had ik tot nu toe nagenoeg geen pijn gehad, dat haalde het nu in.In het ziekenhuis aangekomen werden er bij de Eerste Hulp foto’s gemaakt. Na het opmaken van het verslag, waarbij ik vertelde dat het gisteren gebeurd was en dat ik terug was komen zeilen vanuit Enkhuizen, kreeg ik van de betreffende arts verschrikkelijk op m’n flikker, om het zo maar eens te zeggen, want het bleek dat buiten m’n neus, de bovenkaak op een paar plaatsen was gebroken en dat een deel naar binnen was gedrukt. Thuis gekomen dorst ik voor het eerst in de spiegel te kijken. Een paar blauwe ogen en een blauw gekleurd gezicht konden toch nog terug glimlachen. Gelukkig is dat allemaal, na een snel volgende operatie, weer goed gekomen en zag het er na verloop van tijd weer redelijk uit.SlotbeschouwingHet gekke is, dat je als in zo’n wedstrijdtocht bezig bent dat je eigenlijk ten koste van alles verder wilt gaan. En toen ik daar dan, na die klap, op dat dek lag, dat er dan alléén maar door je heengaat, bijblijven, bijblijven, anders ga je overboord en dat bijblijven lukt dan ook nog. Voor mij was deze 200 myls dus eigenlijk al op de 1e dag voorbij. Maar gelukkig is er volgend jaar weer een 200 myls ‘SOLO’. |
| https://www.200myls.nl/Arie Petrus S/Y Fighter |
door Jan Luyendijk (Huizen, 11 oktober 1998)
N.T.P.november
| >Even snel de afspraken nakomen, toch problemen, even bellen, nog wat lijftocht inkopen voor de reis, avondeten tot me nemen, ‘t vrouwtje gedag kussen, wat goede raad aannemen, zoals, onder andere, doe voorzichtig en … maak er wat van … dan als de gesmeerde bliksem, lopend, naar de boot. Buiten adem, nog navibrerend, door de laatste spurt en net nog voor 18:00 uur, kan ik op de dinsdagvond 29 september, in de oude haven van Huizen de touwtjes van de Tam Tam losgooien om met m’n maatjes, die al in ‘t kommetje, buiten de havens, op me liggen te wachten om naar Muiden te varen en ook ons te melden voor de 200 myls. Onderwijl we naar Muiden varen, denk ik aan de andere deelnemers, die van verre komend, al in Muiden in de Stichtingshaven zullen liggen of hun laatste lootjes aan het leggen zijn. |
De ‘Tam Tam’ in de Oude Haven van Huizen |
>Bijvoorbeeld Dick Geurts, woont in Zetten , z’n boot ligt in Herkingen aan ’t Grevelingenmeer. Zo’n lange reis en dan nog, als het een beetje tegen zit, 5 dagen in je uppie er tegen aan in de 200 myls ….. en hij heeft er nog plezier in ook, wat wel bleek uit z’n commentaar, een jaar geleden.
Verder nog zo’n uiterste, Frits Boer uit Bellingwolde, die z’n Finerre 24 in Oostmahorn heeft liggen. Hij moet 2 wantijen over. Als het meezit, een paar dagen heen varen, de 200 myls verzeilen en dan weer terug. Vooruitzichten, koud, rond de 10° celsius, regen, 5-6-7 Bf, dus eigenlijk gewoon pokkeweer. Op basis van ’t gewogen gemiddelde van afgelopen tijd zou de beste beslissing zijn om ……….maar ja, zo zitten de meeste zeilers niet in elkaar, die willen, ’t liefst, zoveel mogelijk, gewoon ‘knoeperen’.
Toch is het wel leuk om zo’n soort wedstrijd te organiseren. Iedereen wil weten, waar hij aan toe is. Je hebt dus met vrijwel alle deelnemers gesproken, met ze getelefoneerd of ge-e-maild.
Een ding is me wel duidelijk geworden, iedereen heeft echt er zin in.
Het mooiste waren m’n laatste 3 telefoongesprekken van gisterenavond met een paar deelnemers, die in de veronderstelling waren, dat de race i.p.v. woensdagochtend de 30e., op donderdagochtend de 01e zou beginnen. Die moesten dus even alles uit de kast halen om hun zaakjes een dag eerder voor elkaar te krijgen.
Zo mijmerend vaar ik met de andere jachten onder de Hollandse brug door …
Nou we zullen wel zien wie er in Muiden zijn.
in MuidenPiet Bakker en z’n ‘Balder’ |
Het noordwestenwindje van nu zou morgen Oost worden. We moteren dus maar verder. Piet Bakker met z’n Balder, onze Australier Rodney Clark, de Foetsie met Cees de Wit en de aangestelde start/opnameschipper Gerard Lenselink met de Allegro met z’n tijdelijke bemanning en ook mijn Tam Tam komen ongeveer gelijktijdig de Stichtingshaven binnenvaren. De jachten met de solovlag in de |
achterstag liggen al rijen dik aan de langssteiger. Vrijwel iedereen is al binnen. Daar staat Cees Zeilstra van de Zeemuis, zo langzamerhand een e-mailvriendje ge- worden en Dick Geurts met z’n Idefix, Han Beijersbergen van de Ann Sophie. Ik meer de Tam Tam af aan de Exploision II, een X 99, het nieuwe schip van Jan de Ruiter. Aan de wal van de Koninklijke ligt de Explosion I, de Dynamic 37, het schip, waarmee Jan verleden jaar als eerste in de 200 myls finishte. |
| De oud-deelnemers herken ik allemaal, maar ook veel nieuwe gezichten. Handjes schudden, praatje maken, belangstelling, informatie over en weer. Allemaal ‘solozeilers’ maar wel typisch jongens van stavast en met een sociale inslag, wat me toch altijd opvalt bij die kerels, die veel alleen zeilen. Het is behoorlijk fris, de vallen beginnen al te tikken en af en toe mottert ‘t wat.We spreken af om in de kroeg van ‘Ome Ko’ een ‘bakkie’ of ‘gele rakker’ te pakken. Daar zal het wel warm zijn. Er blijven toch nog schippers, wat onwennig met ‘t contactueuse gedoe, in hun boten hangen. Uiteindelijk na hier en daar een praatje, zitten vrijwel alle schippers om de grote gelagtafel in ‘Ome Ko’ en al spoedig komen de verhalen los. Het is er tenminste echt warm, met ‘n prachtig sfeertje, rokerig, maar wel gezellig. De dochter van Henk Van Breda belt me op met de mededeling, dat haar vader er zo aankomt. Ook hij had ‘t idee, dat de wedstrijd pas overmorgen zou beginnen. Laat op de avond komt Henk nog even binnenvallen. Hij komt wel op ‘t palaver om 09:00 uur, maar hij moet nog zoveel dingen zakelijk afregelen, dat hij pas laat in de middag zal starten. |
Dit zal wel ten koste van z’n reglementaire rusttijd gaan.Tegen half twaalf is de kroeg weer leeg.Aan de lange walkant ligt ook de Colin Archer van Rob Bijnsdorp. Jammer, dat hij niet even bij Ome Ko of in de Stichtingshaven was, dan had hij alvast het sfeertje kunnen proeven, wat toch wel informatief zou kunnen werken, als hij zijn artikel moet schrijven voor ‘ons’ superblad ‘Zeilen’, tenminste als het over de 200 myls gaat.Ook Fokke van der Valk is inmiddels binnengelopen met z’n gehuurde Drifter 25’. Z’n stalen, oude getrouwe Dutch Dandy, de Douwe Dabbert, had probleemjes met lekkage bij de hennegatskoker. Veel werk heeft hij gehad om te proberen de 200 myls naar buiten, onder de aandacht van de pers te krijgen. Fokke zorgde er ook voor dat Eduard Rijnja, hoofdredakteur van ‘Zeilen’, Rob Bijnsdorp enthousiast maakte om deze wedstrijd mee te zeilen en er verslag van te doen.Om 00:10 ga ik te kooi. |
Om 05:30 uur ben ik uit de veren, een kwartiertje voordat die hatelijke wekkers van mij hun gebrul kunnen laten horen.
Er is toch nog heel wat voor te bereiden. Eerst douchen en scheren, 2 thermoskannen, koffie en een met heet water, eventueel voor de soep. Brood smeren, beleggen. Ontbijten met jus d’orange, warme pistoletjes met beenham, mijn dag kan niet meer stuk. Dan even de caps, logboeken en de fototoestellen klaarleggen en het palaver voorbereiden.
| Het is toch wel een beetje spannend. Vandaag zal het moeten gaan gebeuren. Maandenlange voorbereidingen, o.a. achter m’n computer. Bedenken en aan- passen van een goedlopend en korrekt wedstrijdadministratie-reken-programma, speciaal voor de 200 myls, met z’n han- dicaps, puntenaftrek en banen (route- mijlen). Eventuele problemen proberen af te vangen. De routes, de DOS formu- lieren, het schrijven van een programma om de databasefiles, automatisch in en naar de HTML te pompen, zoals de deelne mers, status- en uitslagformulieren. |
![]() |
Met Marco, die de frames en opzet van de Internetsites gemaakt heeft de sites met Java en HTML aanpassen. Er ’n attractief verhaal, met ‘n beetje logica, om er een z.g. gelikte wedstrijd van te maken.Nu komt ’t er op aan, dat iedereen, ondanks het weer, er zin in heeft, in de wed- strijd als opzet en in ’t idee gelooft. |
| Tegen achten komen de eerste schipperskoppen al boven de kajuit uit. De eerste blik gaat dan steevast naar het windvaantje en het kompas, daarna wordt er voorzichtig het handje opgestoken om weer snel onderdeks te gaan om de laatste voorbereidingen te treffen voor de wedstrijd. Om half negen lopen Piet Bakker en ik, gepakt en gezakt met de 200 myls attributen, alvast naar Ome Ko.Inmiddels is Ruud Kattenberg, de redakteur van ‘Zeilen’, ook al gearriveerd. Hij neemt vele foto’s en stelt z’n vragen. |
Hij toont zich gezellig en stelt zich zeer enthousiast op, hij geniet duidelijk van het gedoe, van de schippers, die al wat gespannen voor de wedstrijd het emplacement binnen komen waaien en aan de gelagtafel plaatsnemen. Hij vertelt, dat ‘Zeilen’, wel wat meer met deze wedstrijd zou willen gaan doen. De Driehoek Noordzee voor ‘t buitenwater en de 200 myls ‘SOLO’ voor het binnenwater. Het lijkt me wel een fantastisch idee. Maar ja … ??Een enkeling neemt nog even snel de bekende gebakken eieren met kaas en bacon van Ome Ko tot zich. |
| Palaver Het is 09:00 uur exact. Het palaver kan beginnen. Een dictafoon wordt door Ruud Kattenberg onder me geschoven. Iedereen welkom heten en vertellen, dat we door ‘t palaver heen zullen knallen. Elke schipper krijgt alvast z’n logboek, z’n cap en z’n wegwerpcamera overhandigd door Piet Bakker. Het is heerlijk rommelig. De koffie en appelgebak met slagroom wordt tijdens het doornemen van de presentielijst opgediend.Het blijkt, dat 3 schippers niet op zijn komen dagen. Frits Boer uit Bellingwolde. Dat is toch wel jammer. Het zal hem toch te slecht en te ver zijn geweest. Piet v.d. Zwaan, de sponsor, die de appelgebak en koffie voor me zou betalen. Ondanks de zekere belofte, dat hij zou komen, laat ie het jammer genoeg afweten.Rob Bijnsdorp had zich al afgemeld, hij scheen een te belangrijke bespreking elders te hebben en zou later op de dag evenals Henk van Breda, ten koste van z’n rusttijd, de start maken. Wat voor een verhaal zal dat worden van Rob, want ook ‘t palaver is toch een wezenlijk onderdeel van het sfeertje en de wedstrijd. We zullen met 29 deelnemers moeten starten. Inmiddels is ook onze Bob gearriveerd. |
De veranderde merktekens, de OvD3 voor de LS, De staak V 15, bij Medemblik, i.p.v. de windmolens. Een toegestane overnachting in Enkhuizen op de heenweg worden doorgesproken. Ik maak de opmerking, dat ik absoluut de V15 op de foto wil zien.De positiemeldingen voor ‘t Internet dienen kort en krachtig te zijn. Met Bob en Marco is deze procedure, denk ik, redelijk doorgesproken. Bob zal de vertrektijd – aankomsttijd en de rusthaven per deelnemer telefonisch, elke dag tussen 18:00 uur en 22:00 uur, aanhoren en verwerken op een daglijst. Marco zal dan de Internetpagina ‘Positie Deelnemers’ tussen 22:00 en 23:00 uur aanpassen.Iedereen , die belangstelling heeft voor de 200 myls ‘SOLO’ en over Internet beschikt, kan dan de posities van de deelnemers opzoeken en vergelijken.Alleen of op vrijdagavond, 2 oktober, de meldingen, tijdens het trouwfeest van onze neef Bas met z’n Leore, goed zullen doorkomen, staat nog te bezien. Bob en Marco zijn echter creatief en inventief genoeg om de eventuele problemen goed op te lossen. |

| Verder worden er nog wat aangepaste reglementen besproken. Ook Piet Bakker geeft met een toelichting een extraatje over de veiligheid tijdens de race.Tijdens het palaver hebben diverse schippers hun wegwerpcameraatje helemaal uitgepakt, dus geen kartonnetje met gebruiksaanwijzing er meer op. Ongerust komen ze een nieuwe vragen. Behalve Rodney Clark, die met kale cameraatje zegt, dat ’t zo ook allemaal zou moeten lukken. Na de race komt naar voren, dat hij de beste en de mooiste fotosessie heeft gemaakt. Ik ruil echter de meeste kale camera’s om, die er niet uitzien zonder verpakking, en kom later tot m’n schrik tot de ontdekking, dat alle cameraatjes zijn ingenomen door de schippers, dus zal ik het met m’n eigen camera moeten doen. Het is nog steeds lekker rommelig in ‘Ome Ko’. |
Alle resten appelgebak verdwijnen in de monden van de hapgrage schippers. De koffie wordt opgedronken. Ik geef wat uitleg over de startprocedure, waarbij ik vooral de schippers van de wat grotere jachten waarschuw vooral voorzichtig te zijn bij ondieptes, zoals ook bij de start, ten oosten van de M 1.Ik wens de schippers een goede vaart en een behouden thuiskomst.Het 10 minutensein zal exact om 10:00 uur worden gegeven, waarna om 10:10 uur zal worden gestart. In een oogwenk is de gelagtafel leeg en betaal de totale vertering van f. 300.– voor de koffie en appelgebak met slagroom……. |
![]() |
Nadat het unieke, mooie stukje Muiden, langs de Vecht, tussen ‘Ome Ko’ en de Stichtingshaven is afgelegd zien we al de eerste deelnemers met hun ‘1 wimpel’, de geadopteerde singlehanded vlag, op weg gaan naar de startlijn, bij de M 1.Ruud Kattenberg, krijgt van mij een lift naar het startschip de Allegro. De tweemaster ligt al majestueus voor anker ten westen van de M 1. De startlijn is ruim bemeten, zodat er hopelijk geen startproblemen kunnen ontstaan. Ruud is nog steeds enthousiast. Motorend en pratend manouvreer ik de Tam Tam naast de Allegro en Ruud springt soepel over om z’n verslaggeving en foto’s van de race op de Allegro voort te zetten. Door de organisatie van de 200 myls ook nog eens zelf in de hand te houden, het afzetten van Ruud op de Allegro , heb ik zelf nog niet echt de kans gehad me goed op de wedstrijd en de start voor te bereiden. Toch weet ik me na het 5 minutensein al in een vrij gunstige posite te manouvreren en zeil, vrijwel gelijk na het startsein, over de startlijn.Vrijwel de hele vloot lelt, gedreven door een Oostelijke 5 Bf met een noodgang richting Paard van Marken. De Ann Sophie en de Idefix nemen vrijwel meteen de leiding. Arno van Lottum met z’n Kolibri 560, Bauke Jager met de Mira, Arie Petrus met z’n Fighter, Rodney met z’n Southern Cros liggen in de beginfase vrijwel bij elkaar, zodat ze zich meteen voluit in de wedstrijd kunnen meten. |
| De Trimaran, de Passion van Danker Daamen heeft rechts omkeert gemaakt. Rustig huppelt de Passion weer terug naar Muiden. Na ruim 10 minuten, werkelijk fluitend, komt de Trimaran, als een speer voorbij zeilen. Zeker met 15 knopen. Nou, die heeft morgenochtend al z’n 200 myl gevaren en met een handicapfaktor, voor die snelheid, van ‘lik m’n vessie’, daar klopt helemaal niets van. Ik vraag me af hoe je dergelijke schepen, monohulls tegen multihulls, echt zou moeten berekenen. Het heeft me al een avond gekost om de voors en tegens, de berekeningen, adviezen over de deelname van de Passion aan te horen. Ik vind nu eenmaal dat elk zeilschip mee moet kunnen doen, als de schipper maar aan de juiste kriteria voldoet. Al snel is de Passion verdwenen. Het zicht is ongeveer anderhalve kilometer, maar zo snel uit zicht, dat is echt ongefooflijk. De wind trekt iets meer aan en ’t log schommelt tussen de 6 en 7 knopen. |
Met Piet Bakker, die me op de hielen blijft zitten en Cees de Wit ronden we om 11:20 uur de GZ 2.De Nan, een Spirit 28 van Herman Tieman en de Jonker Frederik van Harmen Veenstra varen ruim voor me uit. M’n Jeanneau Sunlight 30 is groter, dan een Maxi 77, een Spirit of een Friendship 28. Qua waterlijn, met m’n favoriete, knik in de schoot-koers, moet ‘t voldoende zijn om deze tegenstanders, lager gewaardeerd met hun handicapfaktor, voorbij te zeilen.Wat doe ik verkeerd. Moet ik m’n 1e. rif eruit halen, m’n grootzeil iets boller maken. Het staat er allemaal tof bij. Eigenlijk heb ik er helemaal geen zin in om me uit te sloven. Het gaat lekker hartstikke lekker zo. Het mottert af en toe, maar de wedstrijd loopt. De grijze massa om me heen hebben de meeste andere 200 myls deelnemers opgezwolgen. |
![]() |
Om 12:50 uur gaat de Nek op het kiekkie met de passerende Nan en Jonker Frederik erop. Mooi plaatje voor m’n Internetsite. De koers wordt verlegd naar de OvD 3 bij Lelystad. Helaas niet bezeild. Het automaatje er maar op en 35° à 40° aan de wind instellen en knoeperen maar weer.Even is er tijd om o.a. Gerard Lenselink van het startschip met de GSM op te bellen om te vragen of de start en het bezoek van Ruud Kattenberg verder goed is verlopen.Ruud blijkt te zijn afgezet en is op weg naar z’n volgende artikel. |
| De start was verder goed verlopen, maar ervoor, nog in de haven, had zich een incident voorgedaan. Cees Zeilstra was tijdens z’n achteruit-manouvre bij het wegvaren nogal behoorlijk in aanvaring gekomen de preekstoel van de Cydaris van Martin Hulzebosch. Deze kon daarom niet meteen wegvaren en moest in ieder geval een noodreparatie uitvoeren, ook ten koste van z’n rusttijd. Dus pech voor Martin. Hij scheen behoorlijk gedesillusioneerd te zijn.Inmiddels waren Rob Bijnsdorp en Henk van Breda aangemeld en zouden gaan starten. Beide Colin Archers te laat. Mijn vraag aan Gerard of dit een toevalligheid was of een typische Colin Archer-schipper-instelling …..bleef niet helemaal onbeantwoord. Ook Rob van Dam met de Trintella I had problemen. Hij was de Nes binnengelopen met verstagings problemen. Rob zou deze verstaging proberen te repareren en zich weer aanmelden, als hij eventueel z’n wedstrijd zou voortzetten.‘t Kruisrak naar de OvD 3 was puur genieten. Wel moest ik wat terugnemen van de rolgenua. Inmiddels was ik ook voorbijgelopen door Jan Bijleveld, de schipper van de ‘Bontekoe’ een First 43.5. Hij had duidelijk m’n raad aangenomen en was wat later gestart om zich niet in het strijdgewoel te mengen. Zo’n groot jacht met een diepte van 230, met die lappen zeil erop laat zich toch iets ongemakkelijker sturen op de vierkante meter. |
Door m’n aandacht te richten op de telefoongesprekken was m’n achterstand ten opzichte van de andere jachten iets toegenomen. Dan m’n automaat er maar af. Om 15:50 uur rondden o.a. de Foetsie, om 15:55 uur de Balder en om 16:00 uur exact de Tam Tam de OvD3. Riffen eruit en proberen de snelheid op te voeren. Met af en toe ruim 9 knopen, lelde ik na 10 minuten Piet Bakker en na 20 minuten Cees de Wit voorbij, op weg naar Enkhuizen. De lucht werd grouwer, t zicht minderde, de motregen zette door en de wind trok iets boven de 6 Bf. aan.Vlak voor de Krabbersgatsluizen van Enkhuizen stoof er met volle vaart een reddingsboot voorbij. Toch niet voor een van ons hoop ik.Voor de sluis lag Jan Bijleveld rustig voor anker. Even later haalde Jan ’t anker van z’n Bontekoe op en maakte zich klaar voor de schutting door de sluis met de Zeemuis van Cees Zeilstra, de Nan, Cees de Wit en later de Balder en m’n Tam Tam. Om 18:35 uur voeren we met z’n allen door de havenlichten van de Compagnieshaven. De Scheerling van Albert Broshuis en de Lupa maris van Ed Megens lagen in ‘t kommetje voor de steigers reeds achter hun anker. Even zwaaien, duim en omhoog. Wij voeren door en kregen een achterafplaatsje, helaas onbetaald door ons, aan de westwal vlak voorbij het havenkantoor. |
Enkhuizen
Eindelijk rust. Ik vond het wel genoeg, half zes op, voorbereiding palaver, dan ‘t palaver, aandacht, organisatie, start, wedstrijd. Even tijd voor een pilsje, wat droge kleren, en op m’n gemak ‘n hap eten. Oven en olielampje, warmte en rust!
De welbekende 1e. dagzeilmaaltijd, de bami van Thea, werd snel in de oven gezet. De notities van koersen en rondingstijden van de merktekens werden in ‘t net genoteerd. Een beetje schoonschip maken, want door het kruisrak naar de OvD waren er wel een paar zaken op de vloer van de kajuit terechtgekomen. Een behoorlijk potlood was er b.v. niet meer te vinden.
Inmiddels was het al donker geworden en zag ik buiten, dat de andere schippers ook orde op zaken probeerden te stellen
Dan de bami uit de oven, satehsaus erover, een beetje ketjap en sambal oelek, de eetstokjes pakken en de eerste boem, boem, boem op m’n schip waren alweer te horen. Na het uitnodigende …. Joeh, kom maar binnen, stak de kop van Jan Bijleveld door de kajuitingang.
Ik wenkte Jan naar binnen en gaf ‘m een pilsje, terwijl ik lekker kon doorsmakken. Jan vertelde, dat hij al een uur voor anker lag om te wachten voor ‘n helpende hand van een van de deelnemers bij het aanleggen in de sluis. In de haven op weg naar de walkant liep hij met z’n 2.30 meter diepgang 3 keer aan de grond.
Met z’n 58e. was Jan gestopt met werken en had eerst in Griekenland, voor een wereldreis te maken, een ander groot zeilschip gekocht, deze werd binnen een paar maanden al gestolen. Na veel ellende met de verzekering etc. kocht hij zijn Bontekoe, de First 43.5, in Nederland van een buurman in z’n haven. Met o.a. zijn zoon, af en toe wat trajecten met z’n vrouw, zeilde Jan via de Canarische eilanden naar het Caraïbisch gebied, daar bezeilde hij, in drie jaar, met z’n vrouw de talloze eilanden op en neer. Na die tijd hadden ze het wel gezien in de Caribic.
In het septembernummer van Zeilen, een reportage van Ruud Kattenberg, staan o.a. Jan en z’n zoon met een glaasje prik op de foto voor Cafe Sport op het eiland Faial in de Azoren. Voor veel zeilers een droom, althans voor mij, om dat eens een mee te maken. Een bladzijde verder in deze reportage bespeelt hij de trekharmonica, als de ultieme sailorman.
Ik spreek nog wat andere schippers en zie, dat zowat de helft van de 200 myls vloot deze nacht in Enkhuizen ligt.
Maar even onze Bob opbellen om te vragen of iedereen wel de positie en tijden had opgegeven. Ook ik had me voorgenomen om me kort en krachtig te melden, maar Bob is zo enthousiast over het feit, dat hij de centrale meldpost is, zodat ik in geuren en kleuren hoor, hoe de andere schippers het maken.
De enige dissonant, die zich nog niet had gemeld is Fokke v.d. Valk.
Martin Hulzebosch was zo gedesillusioneerd door de aanvaring in Muiden op z’n Victoire 822 en door de schade, die voor hem toch te veel zichtbaar bleef, lekkage, binnenbetimmering los, dat hij had besloten om de pijp aan Maarten te geven. Ik kon me er wel wat bij voorstellen.
Arno van Lottum met de Kolibri 560 had ook opgegeven. Hij schrijft later in z’n logboek. De Lotje is niet op koers te houden met 2 reven in het grootzeil en de kleine fok. Hij loopt niet boven de 2 knopen . Naar de OvD 3 duikt de boeg steeds onder de golven door. Het water komt overal naar binnen, via de gangboorden. Dat Arno wel wat golven gewend zou moeten zijn, bewijst z’n tocht op de Lucia, in de race van IJmuiden – Lissabon in Juli j.l. Hij vertelde, dat de golven hier en zelfs nog op het Markermeer, erger waren, dan tijdens die race. Arno waait dan maar terug naar Volendam om rustiger weer af te wachten. Verleden jaar uitgevallen met een gebroken roer en nu …… de golven.
Rob van Dam heeft zich nog niet in de wedstrijd gemeld en zal wel hebben opgegeven. Jan de Ruiter was de laatste deelnemer, die Bob heeft opgebeld met de mededeling, dat hij nog een mijl of vijf van de UK 16 was verwijderd. Hij zou de enige zijn , die op de eerste dag al tot Urk kwam.
Na Bob belde ik Marco, die bevestigde, dat alle gegevens waren doorgefaxt. Deze stonden al keurig op de Internetsite.
Nog even aan de wal voor een praatje, maar iedereen is te kooi. Voor het havenkantoor ligt inmiddels ook de Drifter van Fokke. Ik keer terug naar de Tam Tam en na een glaasje whiskey en nog wat schrijfwerk ga ik om 00:30 uur te kooi.
| Om 05:10 uur, weer ruimschoots voor de wekker gaat, spring ik m’n kooi uit en kijk meteen naar buiten. Ik zie al een rood toplicht voortgang maken richting IJsselmeer. Aan de halen van ’t licht is te zien, dat het toch al flink moet waaien. Later kom ik erachter, dat de vroege vogel, vast en zeker, de Ann Sophie van Han Beijersbergen moet zijn geweest.Na de de ontbijtceremonie, koffie en heet water klaarmaken, beluisteren van het weerbericht, overdenkenken of route 3 nog haalbaar is, even de hydrografische kaarten bekijken. Allemaal zaken, die toch hun tijd kosten.De Zeemuis en de Foetsie vertrekken, terwijl ik nog een 2e. rif in het grootzeil aan het trekken ben.’t Waait nu al een stevige 6 Bf. De wind zal vandaag in het noordelijk kustgebied tot en met ’n 7 Bf. aanlopen. In de komende dagen zal de wind meer naar het Noordoosten gaan, dus route 3 met de visa versa Den Helder – IJmuiden, vergeet ik maar. Het is nu nog stervenskoud, rond de 5° celsius. Als ik de havenlichten van de Compagnieshaven op een lijn heb, zowel bak- en stuurboord, wordt 06:35 uur genoteerd. Een groot donkere gat kijkt me aan. Gelukkig is het droog, geen al te best zicht. | ![]() |
Ineens zie ik de Foetsie terugkomen en vraag me af waarom. Er wordt even bijgedraaid. Hij roept me toe,dat ’t nu voor hem te donker is, dat ie nog een uurtje voor anker gaat, totdat het wat lichter wordt. Ik hijs de zeilen en zet koers, om wat ruimte voor de tonnen en m’n positie beter te kunnen inschatten, naar de het licht van de KG 2.
Als de duisternis verdwijnt, wordt koers richting Den Oever gezet. De Tam Tam en ik zijn weer alleen op de wereld.
Net iets harder lopend, dan de golven, met een bakstag- Oostenwind, knalt de Tam Tam in de brekers af en toe over de 10 knopen heen. De boot giert af en toe wel een beetje, doordat de automaat, die ‘t stuurwerk heeft overgenomen, niet helemaal kan inschatten, waar de golven vandaan komen, maar het is wel weer puur genieten.
Eigenlijk zou ‘t 2e. rif …… Neen, laat er maar in, anders moet ik echt op het handje gaan sturen. Nu kan ik me lekker met de zeiltjes bezighouden, af en toe naar onderen gaan voor een bakkie koffie, de marifoon uitluisteren en behoorlijk op de kaart kijken. In het grouwe kijk ik om me heen en zie af en toe, vaag, een zeiltje.
10,64 knopen ! Het absolute record tot nu toe.
Als ik, terug op de wal in Muiden, van dit record aan Ruud Kattenberg vertel, vraagt hij mij of ik nog garantie op dat log heb.
Een mijl of vier voor de WV 14 blijkt, dat m’n drift en deviatie verkeerd is ingeschat. Het nieuwe kompas heeft een veel kleinere afwijking, dan m’n oude. De koers moet minstens met ruim 10° naar stuurboord worden verlegd. De gegevens van de GPS worden veel te weinig gebruikt. Slordig, want al loopt m’n bootje als een tierelier, in zo’n rak als dit, tijd verliezen door de afstand te overzeilen, is doodzonde en vooral niet nodig.
![]() |
Om 09:13 uur wordt de WV 14 gerond en m’n koers verlegd naar het zuiden, richting de UK 16. Harmen Veenstra met z’n Friendship 28, naar alle waarschijn- lijkheid komend vanuit Den Oever, ligt ongeveer ’n mijl of 2 voor me.Het wordt een kruisrak en bereken, dat er ongeveer een 7 myl extra moet worden gezeild. Dit is dus met een aan de windse koers met een aangetrokken wind van ruim 6 à 7 Bf. met dito golven, ongeveer vijf en een half tot zes uur naar het volgende merkteken, de UK.De grouwheid, de kou en de regen nemen toe. De wind giert. Met deze koers ben ik maar wat blij, dat ik toch m’n sprayhood heb gemonteerd. |
![]() |
De Scheerling en de Lupa Maris hebben na mij de Wieringer Vlaak 14 gerond en lopen me voorbij, op net herkenbare afstand.
In de verte komt de Zilveren Maan van Rob Bijnsdorp me tegemoet. Maar even m’n koers verleggen, want ik heb ‘m nog niet begroet als deelnemer van de 200 myls. Het blijkt, dat Rob ook zijn koers heeft bijgesteld. Onder vol tuig, een lichte helling makend, stuift de Zilveren Maan majestues de Tam Tam voorbij. Demonstratief staat Rob aan loefzij met z’n camera in aanslag voor weer een mooie foto. Al fotograferend, wuivend, duim omhoog is dit tafreel in een oogwenk weer voorbij. Volgens mij herkende Rob mij niet, wel als deelnemer, maar niet als Jan Luyendijk. Prima zo.
Inmiddels zie ik de Foetsie op me inlopen. Het voordeel van m’n voordewindse rak is alweer teniet gedaan.
Als Cees onder me doorvaart zie ik z’n gemene grijns. Hij kijkt me zo aan, van die smiecht heb ik tenminste weer te pakken. Die ziet me nooit meer terug.
Toch blijft ie m’n vriend, want met z’n 64 jaar, vindt ik het toch wel een prestatie wat hij aan ‘t doen is met z’n Scampi 30. Ondanks dat Cees de Wit gelouterd is met vele overwinningen in vele zeilraces, o.a. in diverse Flevoraces, Nachten van Spakenburg, 24 uurs en 18 uurs, onderlinge wedstrijden, vertelt hij aan iedereen, dat er voor hem op dit moment 2 evenementen zijn in het jaar, waar hij naar toe leeft. De vierdaagse van Nijmegen, voor de tichtste keer en de 200 myls ‘SOLO’, nu voor de derde keer.
Na ruim een half uurtje is de Foetsi in ‘t grauwe pokkenweer verdwenen.
Nog een schip loopt op me in, nou dat gaat lekker zo, ik voel me net een klaar over, straks maar overstag naar de Friesche kust, dan ben ik die oplopers tenminste kwijt
Hans Hofstede met de Dundazi, de Victoire 1044, loopt over me heen of ik er niet ben. Z’n prachtig staande, smal tot de top gesneden voorzeil valt me op. Dat is ‘t. De vaart aan de wind, vooral met een zessie, zeven wordt bepaald door de eerste 15 à 20 cm. van het doek, de rest er achter remt maar af.
De duim van Hans gaat naar beneden en door de GSM hoor ik, dat hij gisteren onder de dijk Lelystad – Enkhuizen ruim anderhalf uur heeft vastgezeten op het Enkhuizerzand. Vandaar die reddingsboot gisterenmiddag, die het Krabbersgat uitstoof. Hans had een vastgelopen Duitser, die hem om hulp vroeg, losgetrokken. Eindelijk lukte hem dat na veel vijven en zessen. Op zijn beurt kwam Hans echter weer vast te zitten. De mof hield het voor gezien.
Hans was nog geemotionneerd, aan z’n toon te horen. Het ging nu in ieder geval weer lekker en hij genoot er van.
Een tijd lang zag ik geen herkenbare jachten. Het regende nog af en toe. De windmeter blijf steeds tussen de 5,5 en 6,5 Bf, hangen. Het gehusseklus van de boot was niet echt prettig, de soep was al omgelazerd. De kaarten en het logboek lagen op de kajuitvloer, alsmede m’n brood, de boter en een deel van het bestek. M.a.w. , een grote troep in het schip.
Ineens, na ongeveer 17 myl, ligt de Idefix van Dik Geurts over bakboord. Ik moest, als de gesmeerde bliksem, snel ruimte geven.
De wind kromp iets meer naar het oostnoordoosten. De windmeter bereikte af en toe de 7 Bf.
In de verte zie ik de Idefix de UK 16 ronden. Tot m’n grote verbazing merk ik de wit, blauw gestreepte spinaker van Dik op.
Heeft hij geen windmeter aan boord of zou zijn wind anders waaien, dan de mijne. Hij zeilt wel ruimwinds, maar toch wel een beetje ….. kamikaze. Plat ging ie, rechtte zich weer en ging opnieuw plat. Even later stond de spi prachtig bol. De X 102 zag je niet meer, alleen de schuimende streep met de spinaker ervoor.
Martin Drienhuizen belt me op om te vragen hoe het gaat en of er nog calimiteiten zijn te verwachten. Even begrijp ik deze vraag niet, zo gecontreerd ben ik aan het zeilen. Ja, calimiteiten, als ik dat zou weten en ik wil het niet weten ook, alleen ‘ns een keer lekker zeilen. Ik bel ook meteen maar even de startschipper op. Gerard van de Allegro gaat het goed en wacht rustig af hoe de finishpassages, vanaf morgen op ‘m afkomen.
De telefoon gaat weer is een keer. Nu is ‘t Marco. Pa, ik heb een zo’n raar telefoontje gehad. Ik weet niet wat ik er mee aan moet. Gaat alles goed met je ?
Na ‘t met goed bevestigende antwoord, is m’n vraag natuurlijk :”Wat voor een telefoontje ?”
Na een beetje heen en weer gepraat begrijp ik het nog niet helemaal, dus zo ernstig zal het allemaal niet zijn.
|
Om 15:15 uur, eindelijk de UK 16. In de verte
zie ik de Jonker Leeuwerik, afnokkend, richting Lelystad varen. Harmen met z’n 67 jaar, de oudste deelnemer, hield ’t voor gezien wegens stuurautomaatproblemen. De dit jaar gekochte Autohelm 2000, had ie me voor de start verteld, werkte niet naar behoren. Toch al een hele prestatie om met die leeftijd, aan zo’n 200 myls te beginnen. Ik voel me nu al, met m’n pas 57 jaar, aan het einde van m’n krachten komen. Hoeveel kerels van 67 jaar doen Harmen Veenstra ’t 1e. stuk al na.Rust, ruimwinds op weg naar de VZ 1/LC 6. Ik laat m’n dubbele rif er lekker in zitten. Ik vind ’t prima zo. Van mij mag iedereen boven mij eindigen. Ik heb ’t wel gezien. Zo drijf ik door tot een mijl voor de VZ 1. Weer verkeerde drift en koers. Ik moet een boel afvallen, dus weer de mijltjes en tijd cadeau geven. Het is niet anders. Ik rol daarom mijn genua maar naar binnen en zeil verder rustig op het grootzeil naar en vrijwel in de Marina van Stavoren. Om 18:05 meer ik af. Ik ben ’t zat ! |
![]() |
![]() |
![]() |
Stavoren Ik zie geen deelnemers van onze wedstrijd in de Marina liggen. Wel zeilt vlak na mij de Zilveren Maan richting de Buitenhaven van Stavoren. Even later zie ik nog meer toplichten voorbijvaren. Ik hou me rustig en vind het prima zo.Oventje aan, wegens gebrek aan de kachel, wat droge kleding. Kijken wat de pot schaft. De door mij, even snel voor de wedstrijd, ingekochte kant en klaar maaltijden blijken over de datum te zijn. De gebakken eieren met veel spek met een Grieks toetje van Mona smaken overheerlijk.Nadat ik wat ben bijgekomen is het weer tijd om me kort te melden bij Bob. Maar het is weer ‘Bobby’s babble’ Er is genoeg te melden en hij vindt, en dat is eigenlijk wel zo, dat ik het een en ander wel moet weten.Hij vertelt, dat Arie Petrus zijn kaak en neus had gebroken. De babystag van Arie stond verkeerd gespannen, zodat hij besloot de terminals wat te verdraaien. Zonder lifeline en reddingsvest aan ging Arie op z’n Fighter, de Egythene 24 naar voren. Hij zette zich neer bij de babystag. Tegelijkertijd zette een golf de boot opzij en gijpte. Hij viel achterover en de giek sloeg tegen z’n gezicht. Toevalligerwijs ………, nog een geluk bij een ongeluk, ………. kwam hij in de kuip terecht. |
Rodney Clark en Bauke Jager voeren vlak achter de Fighter aan en hoorde de klap en het luide geschreeuw. Ze probeerden Arie te helpen, die toen versuft in de kuip lag. Wat bijgekomen wilde Arie toch doorgaan met de wedstrijd en in ieder geval proberen tot Den Oever te komen. Rodney en Bouke keken naar het gezicht. Het zag er niet uit. Ze raadden Arie aan om terug en naar een dokter te gaan. Hij voelde geen pijn meer (door de kou) en kon ….gemakkelijk….op eigen kracht thuis komen en zo gebeurde het ook. Later bleek, dat de neus en de kaak op 4 plaatsen was gebroken.
Om als organisator een beetje radeloos van te worden.
Hij had door de reddingsbrigade opgehaald moeten worden en naar huis of anders begeleid moeten worden. Ik vroeg me af hoe dat draaiboek bij andere wedstrijdorganisaties in elkaar steekt en hoe je ‘t echt allemaal zou kunnen regelen.
Bob had Arie al aan de lijn gehad. Hij verteld : “Arie had praatjes voor tien, ondanks de pijn, die hij toch zou moeten hebben.”
Danker Daamen en Ad Beringen waren vandaag in Den Oever gebleven. Ad bleef wegens rugklachten maar een dagje in dat oord van vertier en plezier en Danker Daamen kon vanwege z’n met een paar pk’s gevulde buitenboordmotortje van z’n trimaran, vanwege de harde wind, niet van lager wal vandaan komen.
Jurrien Gunnink heeft opgegeven wegens verstagingsproblemen.
Henk Katgert wegens een onbestemd gevoel van samen uit en samen thuis met Martin Hulzebosch. Voor de wedstrijd vertelde Henk me al, dat hij problemen met z’n oren had, maar dat hij voor Martin toch had doorgezet om in de eerste instantie mee te doen, dus dat zal ook zeker hebben meegespeeld.
Jan Bijleveld is ook gestopt wegens stuurautomaatproblemen, net zoals Harmen Veenstra.
Diverse andere deelnemers, die zich meldden bij Bob, hadden door de harde wind, vermoeidheid en kou met de gedachten gespeeld om op te geven.
Er zijn nu nog 19 schippers in de race. Als ‘t tempo afvallers zo doorgaat, betekent ‘t, dat er 2 of 3 deelnemers zullen finishen.
Dat schiet lekker op. In ieder geval, is het te hopen, genoeg voor de 1e., 2e. en 3e. prijs.
![]() |
![]() |
Bob wordt verder bedankt voor z’n enthousiaste inzet.
Door de marifoon hoor ik Cees Zeilstra en Hans Hofstee. Ze besluiten te overnachten in Medemblik. Piet Bakker heeft het ook gehoord en meldt zich in het gesprek. Hij vertelt, dat hij in de haven in Stavoren ligt, waarop Cees zegt :”Kom toch gezellig even naar Medemblik, even een bakkie halen.” Ze lachen wat en even later gaat bij mij de GSM weer over. Piet Bakker heeft van Bob gehoord, dat ook ik in Stavoren lig. De Balder is afgemeerd in de oude haven, vlak tegenover het vrouwtje van Stavoren. Rob Bijnsdorp en Philip Heil van de Polkados liggen er ook. Piet heeft tevergeefs naar me gezocht. Hij is z’n logboek kwijt, vraagt of ik er nog een heb en waar we elkaar dan kunnen ontmoeten.
We spreken af, dat hij bij het ‘Vrouwtje van Stavoren’ zal wachten. Ik heb nog een logboek over en pak de GSM mee, je kunt niet weten, en ga op weg naar het vrouwtje.
Het is koud, maar droog. Ondanks de beschutting van de haven giert de wind af en toe nog behoorlijk. De valletjes hoor je overal ratelen en tikken. Onderweg, denk ik, dat ik ben verdwaald, wordt een paar keer door andere deelnemers, en door Thea, Bob en Marco gebeld. Dit gaat niet zo, midden op straat, al lopend, de telefoon te beantwoorden en de zaken te regelen, dus besluit ik maar om terug te keren naar de Marina. Ik wil me afmelden bij Piet, die beantwoord de oproepen niet, want die staat natuurlijk nog bij ‘t vrouwtje te wachten.
In de Marina zie ik dat Paul Schrier met z’n Fellowship 33, de Ellship, naast me afmeert. Het wordt toch nog gezellig. We drinken samen een pilsje en ik hou ‘t voor gezien.
Om 23.50 uur ga ik te kooi.
Om half zes, hoor ik voor de eerste keer echt, dat er een wekker aan boord is.
Het is droog, ongeveer 4° celsius, ‘t windje is rond de 5 à 6 Bf. Oostelijk met goed zicht. Wel bewolkt, maar niet zo grauw als de afgelopen dagen. Als ik vertrek ligt de Ellship van Paul nog in diepe rust.
Het wordt licht en om 07:05 loopt de Tam Tam op de motor door de havenlichten van de Marina. Een minuut later staan de zeilen bij. Achter me zie ik de Polkados, de Mira van Bauke Jager en de Zilveren Maan uit de oude havenmond van Stavoren lopen. Heerlijk dat oppertje van de Friesche kust. Hoog aan de wind richting Hindeloopen. Toch moet ik weer een slag maken voor het ronden van de H 2.
Op weg naar Medemblik met een bakstagwindje, zie ik in de verte meer zeilschepen dezelfde koers varen.
De Colin Archer van Rob Bijnsdorp is de enige, die me met vol tuig voorbij loopt.
‘t Voordeel van ‘t oppertje verdwijnt en de gaten, die achter de Tam Tam vallen, laten zien dat het nog met 5,5 tot 6,5 Bf. nog steeds stevig waait. Met de brekers mee surfend loopt ‘t log af en toe over de 9 knopen heen met nog steeds 2 reven in ‘t grootzeil en een stukje teruggedraaide genua. Het gaat magnefiek, tussen de wolken verschijnt af en toe een stukje blauw. Zelfs de eerste zonnestralen komen te voorschijn.
De kleine sterntjes, ik had ze de vorige dagen niet opgemerkt, hebben er ook weer zin in. Het wordt ondanks de kou weer plezierig op ‘t water. Dit wordt een lange, prachtige zeildag, ik voel ‘t.
| Een myl of 3, bij de Kreil 7, voor de aanloop naar de gele staak V 15, denk ik nog aan die tijd, dat we bij wsv. Gooierhaven met de 18 uurs, als laatste merkteken, ook een gele staak, de V1 moesten ronden. Voordat je er bijna boven op knalde, was dat door vele deelnemers vervloekte ding vrijwel nooit te vinden, totdat we de juiste techniek hadden gevonden. Buiten het bestek, koers en log zeilden we zig- zaggend. Gewoon zigzaggen en goed kijken, maar ja, we hadden toen nog geen AP of GPS. Dus nu maar ’t koersje berekenen, afstand bepalen en zigzaggend op het waypoint af. Nu lette ik dus wel goed op en kon eigenlijk de staak doormidden zeilen.Proberen om een mooi fotootje te nemen voor de homepage van de 200 myls Internetsite, en ronden maar, op weg met een knik in de schoot naar de Sport B bij Breezanddijk. |
![]() |
Voor me zie ik nog steeds de Colin Archer en nog een zeiltje verschijnen. Achter me of in ieder geval zuiderlijker van me zie ik Philip Heil, Paul Schrier en Henk van Breda richting de V 15 zeilend in de zon.
De schittering van het ruige IJsselmeer met z’n wolkenparijen is overweldigend. Dit is toch prachtig, hier hoef je niet de zee voor op.
Route 1 is met dit type weer een weldaad. De wolkenluchten wisselen elkaar snel af, donker, licht, zilver, goud omrand, blauw, heuse zonnestralen.
Voordat ik het besef, zitten er na de V15 alweer 10 mijl op. De zilveren Maan rondt om 12:21 uur de Sport B, terwijl het andere witte zeiltje onderhand bij Breezanddijk loopt, veel te hoog.
Ik heb het vermoeden, dat het een smokkelaar is, die niet herkend wil worden, ook dat wil ik nu niet weten. Onderwijl val ik te vroeg af en moet voor de Sport toch weer een klappie maken om ‘m op de foto te krijgen. Toch wel weer slordig. Nooit heb ik in een wedstrijd zoveel extra, met onnodige klappen, mijltjes moeten maken. Niet geconcentreerd genoeg of ben ik ‘t verleerd. De volgende keer maar zonder fototoestellen ? Voor mij in ieder geval eenvoudiger.
Om 12:40 uur is ‘t klussie weer geklaard en kan ik m’n winst gaan pakken op weg met een bakstagwind naar Enkhuizen via de KG 2. Riffen er uit en knallen maar. Eigenlijk zou ik m’n genaker moeten zetten, want de wind zit nu regelmatig onder de 6 Bf., maar ik voel m’n lijf al aan alle kanten protesteren.
Ten oosten zie ik de Nan van Herman Tieman achter me verdwijnen. Het blijft genieten en zie geen deelnemers meer.
De GSM laat zich weer horen. Ed Megens van de Lupa Maris. “Jan, ik heb meer dan een uur naar de V 15 gezocht, maar ik kon ‘m niet vinden.” “Nou, Ed, blijven zoeken dan.” “Ja, maar Jan, ik ben alweer op het Markermeer, maar het zit me zo dwars, dat ik jou maar even bel. Jan, ben ik nou gediskwalificeerd.” “Nou Ed, zo ernstig zal het toch allemaal niet zijn. We bekijken het wel, als we in Muiden zijn. Dag Ed.”
Vlak bij Enkhuizen, zie ik een bruine vloot hun wedstrijd beeindigen. Het leuke is, dat de Bolkoppenrace ook met m’n zeilwedstrijdadministratiecomputerprogramma wordt berekend.
Via de KG 2 zeil ik voor de wind het Krabbersgat in. Een platbodem voor me geeft me vragend teken of ie voorlangs kan gaan om z’n zeil te strijken. De Tam Tam valt, nog steeds onder vol zeil, voorzichtig, om een klapgijp te voorkomen wat af. De platbodem met een heel platbodemvolk aan boord strijkt de zeilen, zet voluit de motor aan en zet koers naar de haven, de Tam Tam, nog steeds zeilend, opsluitend.
Ik riep hun toe, dat ik ook in een wedstrijd lag en gaf hun een teken, dat ze wat gas moesten minderen, zodat ze achter me langs konden gaan. In plaats daarvan gaf het platbodemvolk nog meer gas bij en sloot me totaal in
De Tam Tam moest tussen wal en schip, binnen ‘n meter of 15, ‘n stormrondje maken, met een dubbele klapgijp. Gevolg een kapotte overloopstopper. Ze voeren lachend door. Ik bedankte de heren op de mij bekende, welluidende manier, zoals dat tussen schippers gewoonlijk is bij dat soort akkevietjes. Je spreekt de taal van de steigers of niet.
De motor aan. De zeilen worden gestreken. Tijden noteren.
Diverse zeilschepen met volle bemanning hebben de grootste moeite om aan te leggen aan de wachtsteiger van de sluis. Schreeuwende schippers, trekkende bemanningsleden, andersom draaiende jachten, allemaal oefeningen waarschijnlijk.
In één poging, met één lijntje, met de Tam Tam in z’n volle achteruit, meer ik af aan de wachtsteiger.
Om 15:30 uur worden de zeilen weer gehezen met nog maar 1 rif in ‘t grootzeil.
Het is een lust om in ‘t oppertje van de dijk richting OvD 3 te zeilen. Een klein knikje in de schoot, vlak water en gaan maar weer. Het windje komt nu af en toe onder de 5 Bf., maar is wel wat warriger geworden en schommelt tussen de 75°en 100°.
Om exact 18:00 uur bel ik Bob, dat ik in Lelystad mijn resterende rusttijd, 2:05 uur, zal verankeren.
Het eventuele nieuws van de andere deelnemers hoor ik morgen dan wel. M’n finishtijd in Muiden zal vannacht tussen de 03:00 en 04:00 uur te verwachten zijn.
Bob, Marco en Thea gaan vanavond naar ‘t groots opgezette bruiloftsfeest van neef Bas Boog met z’n Leore.
Bob neemt z’n GSM en meldingslijst lijst mee. Marco zal vannacht nog, bij thuiskomst, de internetbezoekers weer verblijden met de bijgewerkte sites.
De passage van de OvD 3 gaat het zo voortreffelijk, dat ik maar besluit m’n resterende rust/ankertijd in de Gouwzee bij Volendam te nemen. Het is donker en de GZ 2 is moeilijker te vinden tegen de verlichte kust aan, dan ik dacht. Eigenlijk weer niet goed opgelet. Eindelijk na wat klapgijpen en het bekende zigzaggen wordt ie gerond.
In plaats van ‘t anker, laat ik m’n besluit vallen om in de Gouwzee te rusten..
Kanaal 13 van de marifoon laat weten, waar diverse 200 mylers zich bevinden. Het bekende Zilveren Maan voor de Polkados klinkt weer. Cees de Wit vraagt iemand z’n positie aan Bob te melden. Cees Zeilstra beantwoordt Cees de Wit, als ik dan ook wat zeg, dan hoor ik :” Hé , dat is de baas, hou je rustig boys.”
De maan verschijnt, door de nog steeds jagende wolken. De Nek is van verre, door het groene licht en de donkere achtergrond, goed te herkennen.
De reddingsdienst van Marken blijkt vuurpijlen te hebben gezien. Door de marifoon hoor ik de vragen en antwoorden.
Ik keek achterom en zag ook een vuurpijl. Deze werd gepeild en kwam duidelijk uit de richting van Durgerdam, Uitdam. De hoogte van de paraplue kwam vrijwel niet boven het flitsend licht van de wolkenkrabber van Amsterdam uit.
Als dat een deelnemer van ons was, dan moest ie wel een heel eind van zijn te verzeilen baan zijn afgeraakt. Ik haalde weer opgelucht adem. Een paar minuten later kwam er een rood en groen licht met grote snelheid m’n richting uit.
De reddingsboot praaide me, ik stak m’n duim omhoog, wenkte ze en vertelde hun, wat ik had gezien.
“Dus toch ……” was het antwoord en verdwenen weer even snel als zij waren gekomen in de duisternis.
Op de marifoon hoorde ik niets meer, dan alleen voor de zoveelste keer: “Zilveren Maan voor de Polkados.”
De GSM weer: “Jan, met Albert. Ik ga anker op Jan.” “Oh, Albert. Ik ben blij, dat je dat aan mij meldt” “Jan, ik word net gebeld, dat m’n schoonmoeder in Dronten in de terminale fase zit. Ik ga met de motor met geswinde spoed naar Muiden. Daar word ik over een uur opgehaald door Jeaqueline.” “Albert, sterkte”.
Vlak voor de Nek draaide ik om 21:55 uur m’n steven. Op m’n fototoestel zaten nog 2 opnames, die ik wilde bewaren voor opnames in Muiden van het start-finishschip met Gerard Lenselink erop, dus dan maar geen Nek op de foto.
Het besluit stond bij mij nu vast, via de BVK en PH boei naar Muiden. Niet ankeren, geen rusttijd meer, dan maar strafpunten. Morgen is er nog genoeg te doen en ik voel, dat ik zo langzamerhand aan het eind van m’n latijn ben.
Om 2:05 uur te ankeren, betekent dat je met klaarmaken, plekkie zoeken, snelheid minderen, zeilen strijken enz., er minstens een paar uur verloren gaan. Neen gewoon effen doorbijten.
De wind is aan het afnemen en komt heel af en toe nog aan de 5 Bf.. ‘t Rif gooi ik eruit, de snelheid verminderd niet. Zoals eigenlijk de hele dag door blijft ‘t, ondanks de vermoeidheid, genieten. De zuidelijke halve maan wordt af en toe, gehinderd door de wolken. Het is nu echt prachtig. Ik zeil op een door ‘t maanlicht, weerkaatsende, verlichte laan, omflourst door de duisternis van de nacht. Af en toe zie ik ‘t toplicht van een waarschijnlijke deelnemer achter me.
In de vaargeul, Amsterdam-Lelystad is het een aan- en afkomen van rode, groene en witte lichten, vanuit beide richtingen. De BVK moet echter toch worden gerond. Met een beetje kamikaze gevoel, loef ik om 23:35 uur wat op richting het Blocq, dwars door ‘t scheepsverkeer heen om me wat ten oosten van de vaargeul verder te concentreren op de PH boei.
De Tam Tam loopt nog als een tierelier en voluit in het oppertje koers vlaklangs de PH en Pampushaven. Op weg naar de onverlichte M 1. Voor dit merkteken is het wel lekker een GPS te hebben, want je vergist je al snel in de hoek van de aanloop, vooral ‘s-nachts, naar de havenlichten van Muiden.
De M 1, 00:46 uur. Het log staat nu op 227 myl. De dol-enthousiaste Ed Megens schrijft in z’n logboek :”Eindelijk, FINISH. Schijnwerpers, luidspeakers, ’n joelende menigte, pers.
Neen, niets van dit alles. Alleen een tevreden gevoel van ‘volbracht’. En,…….. volgend jaar, ’n revanche, dan gaan we er echt tegen aan !
Zo voel ik het eigenlijk niet, ik voel eigenlijk helemaal niets meer. Ja, gesloopt en koud. M’n motoriek is schokkend. In de Stichtingshaven meer ik weer af aan de Explosion II van Jan de Ruiter. Ik struikel over alles en voor m’n idee, over elk obstakel, dat hoger is dan een cm.
Han Beijersbergen begroet me, ziet me modderen en komt me helpen. Hij nodigt me uit voor een borrel en zegt ie :”‘t is warm bij me in de kajuit.” Ik weet niet hoe snel ik de troep, de troep latend, aan boord van de Ann Sophie moet komen om de daar warmte van de kajuit op te zoeken. Dick Geurts, ook net binnengelopen zit al aan z’n pilsje. Han denkt, dat ie de wedstrijd wel heeft gewonnen. Hij blijft daar toch wel een beetje over door zeuren,, voorbij gaand aan het feit, dat ook de andere solisten een prestatie hebben geleverd en nog aan het leveren zijn. Binnen ‘t uur lopen ook Hans Hofstee, Cees Zeilstra en Rob Bijnsdorp binnen. Om 02:00 uur ga ik te kooi.
![]() Start-, opnameschipper Gerard Lenselink van de Allegro neemt de logboeken in ontvangst van Henk Van Breda van de Batavus en Cees Zeilstra van de Zeemuis |
![]() Muiderslot vanuit de Stichtingshaven |
Om 06:00 uur weer de reveille, douchen, potten koffie, een beetje de troep opruimen.
Het is zwaar bewolkt, alles ziet er als gewoonlijk dit jaar weer grauw uit en ‘t miezert, de Zuidelijke wind zal hoogstens nog een drietje, viertje zijn.
Terwijl de Stichtingshaven nog in diepe rust ligt, loopt eerst Ed Megens, die meteen de kooi induikt en daarna Cees de Wit met z’n Foetsie binnen. De sporen van de tocht zijn duidelijk op z’n gezicht af te lezen. Hij is zijknat en koud. Ik bied hem de helpende hand en nodig ‘m uit om samen te ontbijten. Bij het woord warme pistoletjes uit de oven, komt er ineens weer ‘n gelaatsuitdrukking op Cees z’n gezicht.
Zolangzamerhand is het weer elkaars rauwe handen schudden, interesse, weer handjes schudden, bespreking op de Allegro met de start/opname schipper Gerard, verhalen aanhoren, en natuurlijk vertellen, Bob en Marco aan de lijn, die de laatste meldingen doorgeven op de sites, binnenlopende schippers opvangen. Gezellig druk, moegestreden, tevreden schippers.
Ruud Kattenberg en Laurens van Zijp, komen hun laatste plaatjes en verhalen van en over de 200 myls kompleteren en schijnen Rob Bijnsdorp te willen ronselen om met hun uit te varen om de resterende schippers op te vangen.
Ruud vertelt, dat hij met mij en de redacteuren van het blad ‘Zeilen’ later de wedstrijd wil evalueren om te kijken, wat ‘Zeilen’ als toegevoegde waarde voor de 200 myls of andersom zou kunnen betekenen. Ik ben er enthousiast over. Even later varen ze uit op weg naar de laatsten van de 200 myls.
Bouke Jager ligt buiten te wachten op een lift van een ander schip. Z’n akku is volledig leeg. Dik Geurts stelt zich beschikbaar en haalt Bouke en de Mira op.
De dag verstrijkt, de resterende schippers finishen op één na, dus moeten we weer wachten op Fokke v.d. Valk, net zo als verleden jaar. Toen was ie werkelijk na de wedstrijd nog een hele tijd zoek met alle gevolgen van dien. Politie, opsporing, enz. De wedstrijd echter is afgelopen, als de laatste schipper is gefinnisht. Maar Fokke neemt z’n tijd met de gedachte van ik zeil en dan zal ik blijven zeilen ook, en wel tot het laatste ogenblik.
Rob Bijnsdorp, komt nog even met z’n blocnote langs.
Vanavond nog, zal ik thuis op de computer, maar de gegevens, tijden van de logboeken uitzoeken en een ‘pro forma’ wedstrijdberekeningen maken en naar Rob z’n huis in Hilversum brengen. Dan kan die de kop en de staart aan z’n verhaal over de 200 myls maken.
De meeste deelnemers hebben weer koers gezet naar hun thuishaven., Degene, die zijn blijven liggen o.a. Cees Zeilstra, Ed Megens en z’n Clarissa, Jaap Verkerk, Herman Tieman, Gerard Lenselink met z’n vrouw en ik, brengen de avond door bij ‘Ome Ko’ met een aansluitend etentje bij Graaf Floris. Eigenlijk een dag om nooit te vergeten.
Om 00:10 uur ga ik te kooi.
06:00 uur. Het is droog. Er staat hooguit een drietje. Het is nog rustig in de haven.
Met een pot dampende koffie kunnen de zaken eindelijk is op een rijtje worden gezet. Gisteren was daar door alle drukte totaal geen tijd voor.
Om 10:30 uur finisht eindelijk Fokke. Hij geeft om 11:30 uur z’n logboek en camera af aan de opname-schipper.
Om 11:35 uur worden alle camera’s en logboeken op aantal en naam gecontroleerd aan mij overgedragen. 10 minuten later vaar ik Muiden uit.
De 200 myls ‘SOLO’ zit erop.
Anders gezegd, kijkend naar de logboeken en camera’s, denkend aan de uitslagberekeningen, de avond van de prijsuitreiking, die nog moet worden voorbereid, al ‘t werk, wat er in m’n uppie nog verricht moet worden.
“Mijn wedstrijd gaat pas nu …. echt beginnen !”
![]() De 200 myls op 14/10/’98 te gast bij wsv AVOH te Huizen. Teruggave van de logboeken, nega- tieven/printplaatjes en prijsuitreiking van oa de wisselprijs en herinneringsplaatjes |
![]() De winnaars van de 3e., 1e. en 2e. prijs. Albert Broshuis, Han Beijersbergen en Hans Hofstee. Voor de 2e maal won Han Beijersbergen de eerste prijs en de 200 myls wisseltrophee. |
door Cees Zeilstra : editie mei 1999, de Drietand (Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers)
De 200 myl’s solo wedstrijd/tocht 1998.
Zoals enkele van u misschien nog weet te herinneren heb ik in het najaar van 1997 een stukje geschreven voor de Drietand over de perikelen rond de tweede 200 myl’s solo wedstrijd op het IJsselmeer/Noordzee. Deze wedstrijd werd toen op de derde dag afgeblazen omdat één van de deelnemers op noodlottige wijze het leven verloor.
Een jaar later hebben de deelnemers een prachtige wedstrijd c.q. tocht gevaren waarvan ik graag verslag wil doen om andere Kustzeilers een goed beeld te geven van deze 200myl’s en hopelijk ook enthousiast te krijgen om deel te nemen aan dit evenement.
| > In 1998 werd deze wedstrijd voor de derde keer gevaren en deden er vier solo Kustzeilers mee. Ad Beringen met de Skua, Jaap Verkerk met Stella Filante, Albert Broshuis met Scheerling en ondergetekende met de Zeemuis. De wedstrijd begon op woensdag 30 september’98 om 10.00 en de laatste finish mogelijkheid was zondag 4 oktober om 11.59:59 uur. Totaal aantal deelnemers was 29 schepen, variërend van de kleinste Kolibrie, via een First 43 naar een Dragon Fly trimaran, de Zilveren Maan van Bijnsdorp was de grootste deelnemer, daar kon met gemak een biljart ingebouwd worden. In Zeilen van november’98 schreef Bijnsdorp er een nogal persoonlijk verhaal over.De pret begint eigenlijk al op de dinsdagavond voor de start. Bijna alle deelnemers zijn dan al aanwezig in de haven van de “Stichting” in Muiden. Weerzien van deelnemers van vorig jaar versterkt het vertrouwen in de goede afloop, uiteraard alleen dan wanneer de verhalen op een gepaste wijze bij Ome Ko worden opgehaald en aangedikt. Nieuwe deelnemers laten zich ook niet geheel wegcijferen en de koude oorlog rondom de wedstrijd is al begonnen met het gegeven wie het laatst naar bed gaat heeft het meeste zelfvertrouwen (of kent zichzelf slecht). Ik ben vergeten wie er gewonnen heeft, maar lol hadden wij wel. Vlak voordat ik de kooi vond, had ik nog snel een weerbericht opgevangen. |
Cees Zeilstra |
Het weer had een grote invloed op de wedstrijd, net als vorig jaar trouwens. Omdat de datum van 30 september nu eenmaal geen hoogzomer betekent, kan het nogal redelijk fris zijn. Dit jaar hadden wij als konstant weerbericht; oost 5-7, lichte regen, barometer 1004, redelijk zicht, temperatuur7-13 graden. Zaterdag klaarde het weer wat op en scheen de zon, maar de wind bleef maar komen uit de oost met kracht 7, pas afnemend op zaterdagochtend tot oost 4-5.
De wedstrijd wordt gevaren met een aantal opdrachten en hindernissen. Men kan 4 routes varen, route 1 op het IJsselmeer en Markermeer, route 2 als 1 met de Waddenzee erbij, route 3 als 1 en via Den Helder op en neer naar IJmuiden en route 4 is als route 3 maar dan naar Scheveningen en via het Noordzeekanaal retour finish in Muiden. Het is verplicht om 27 uur rust te nemen waarvan 1 anker periode, meer en minder rust wordt verrekend via strafpunten. Van elke te ronden boei of staak dient een foto gemaakt te worden. Het logboek dient ordentelijk en juist te worden ingevuld wat goed zeemanschap uiteraard ook inhoudt. En daar doen we het voor, bewijzen dat je ook solo zeemanschap beheerst.
Vanwege het weer werd de Waddenzee en de Noordzee door iedereen gemeden, het strijdtoneel was wederom het Markermeer en IJsselmeer.
Het Palaver was zoals gewoonlijk bij Ome Ko, met koffie en gebak werd alles nog een keer duidelijk uitgelegd, zo duidelijk dat voordat we vertrokken al enkele kamera’s ongewild verkeerd waren geopend en in onbruik waren geraakt, maar dat mocht de pret niet drukken.
De eerste dag ben ik na 46 mijl gevaren te hebben, gestopt in Enkhuizen met een aantal andere schepen. Eigenlijk was iedereen redelijk tevreden over zijn prestaties en de taktieken werden geheim voorbereid voor de volgende dag. Om 24.00 was iedereen onder”zeil”. Ik ben donderdagochtend weer gestart om 06.15, in het regenachtige duister ging ik op pad naar de WV14 bij Den Oever. Het ligt uiteraard aan mij als persoon, maar ik vind dit soort zeilmomenten romantisch en onvergetelijk. Koud, donker, harde frisse wind en geen hond op het water, en je zag ook geen barst. Met gemiddeld 6 ½ knoop dender je dan in het duister naar Den Oever waar om 08.31 de boei gerond wordt. Dan hoogaandewind naar Urk, aankomst 14.04, via de VZ1, Hindeloopen naar de V15 waar ik om 19.15 de staak op de foto probeer te krijgen. Dat is meestal nogal een toer in je eentje, zeker als je de boei hoog aanloopt. Er gaan er tijdens de wedstrijd meestal wel een paar kamera’s de plomp in maar het totale resultaat is redelijk.
Eén deelnemer had zich vergist in het fototoestel om in het donker een foto te maken (er zit een flits op de nognietweggooikamera), en probeerde met een pakje Pickwick thee een foto te maken. Het pakje zag er in het donker net zo uit als de kamera verzekerde hij mij na afloop, ik zei dat ik hem wel geloofde…
Kortom, ik lag om 19.55 in Medemblik met de Dundazi als kompaan. Dag-logstand 76,4, en de wind trok als een streep uit het oosten alsmaar aan tot een dikke 7. Via de marifoon bleek dat wij geen slechte positie hadden opgebouwd.
Elke avond dient de deelnemer zich telefonisch te melden bij het wedstrijdsecretariaat, waarna zijn positie iedere avond op Internet te zien is.
En dat was een groot succes, met 29 deelnemers werd de website ongeveer 500 keer bezocht in de 4 wedstrijd dagen. Zelfs familie vanuit Australië ging naar Nederland bellen omdat ze ongerust waren omdat Pietje zich nog niet gemeld had. Ook goede vrienden van mij hebben vanuit Amerika dagelijks mijn geploeter via Internet gevolgd.
En daar lig je dan, moe, het instant diner zakt maar matig, en de borrel gaat er nog net in voordat je in slaap valt. Tijdens deze nacht heeft de wind aardig zijn best gedaan, en voorzover ik weet, heeft niemand die nacht doorgevaren.
Tja, en dan moet je er om 06.00 weer uit, buiten koud en harde oosten wind, binnen warm en heerlijk rustig (solo!). Zo’n sterk karakter had ik nu ook weer niet om er met een rotgang uit te gaan en hoog aan de wind te gaan hakken naar Breezand. Gelukkig vond mijn maatje Dundazi dat ook en maakten wij elkaar om 09.00 duidelijk dat we ons verslapen hadden.
Gaandeweg bleek dat er vandaag nog oost 7 zou blijven staan en ‘snachts afnemend tot 4.
Dus mijlen maken was het devies, hakken naar Breezand, daarna fantastisch halve wind, met vaak ruim 7 knopen naar Enkhuizen geracet, waarna op het Markermeer voor het eerst wat komfortabeler gevaren kon worden met oost 5-6 en wat rustiger vaarwater. Dat scheelt beduidend als je een keer thee wilt zetten en een eitje bakken. Dat blijft met knobbelig water, solo op het IJsselmeer, toch altijd weer een geknoei, zeker als je de wedstrijdvaart er in wil houden. De Dundazi en de Zeemuis zijn zaterdagochtend om 01.05 gefinshed in Muiden, met als enige toeschouwer de bijna volle glinsterende maan, met de logstand voor vrijdag op 79,8, totaal logstand 202,2, zeiltijd 36 uur, gemiddelde snelheid 5,6 knoop.
Je bent moe, zeer voldaan over je schip en een beetje over jezelf. Alles doet pijn, zeker wanneer het anker er maar niet uit wil (logisch er hingen 2 schepen aan!). Na een korte nacht wil je de anderen zien aankomen, althans diegene die nog moesten finishen.
![]() |
Nu kan ik mij voorstellen dat niet iedereen even enthousiast kan worden van dit soort evenementen, feiten zijn wel dat van de 29 schepen er maar 10 hebben opgegeven (het is opvallend hoeveel stuurautomaten er dan kapot gaan…), er 3 nieuwe Kustzeilers uit deze wedstrijd als nieuw lid bij de club zijn gekomen, de meeste deelnemers alweer hebben ingeschreven voor 1999, het een bijzondere wedstrijd is op een rustig vaarwater in oktober.Toch wil ik een warm pleidooi houden voor het solo zeilen in dit jaargetijde, het is dan rustig op het water, wel fris maar mooi en een prachtige afsluiting van een zomertijd periode, en bovenal wordt je weer eens met je neus op de feiten gedrukt als je alles alleen moet doen op je boot en niemand anders de schuld kan geven. Voor FL.47,50 inschrijfgeld kom je geheel tot inkeer en ben je een aantal goede zeilvrienden rijker.Voor de Internet gebruikers onder u is de website van organisator, en sinds kort NVvK lid Jan Luyendijk, een must, adres www.solo.club.tip.nl. Alle ervaringen van drie jaar 200myl’s, route’s, regels, inschrijfformulier, etc. is daar te vinden. Ik hoop van harte een flink aantal NVvK leden in oktober bij de start als mededinger te mogen begroeten van de 200myl’s van 1999, ik zal mijn uiterste best doen u nederig doch beslist voor te blijven a/b van de Zeemuis. |
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1997 | 1 | 1 | Jan de Ruiter | Dynamic 37 | Explosion | Lelystad | 91.10 |
| 2 | 1997 | 2 | 2 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 94.20 |
| 3 | 1997 | 3 | 1 | Kees Corts | First 28 | Jean Dix | Huizen | 99.90 |
| 4 | 1997 | 4 | 1 | Dik Geurts | X-102 | Id‚fix | Herkingen | 92.30 |
| 5 | 1997 | 5 | 2 | Jan Luyendijk | Jeanneau Sunlight 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 6 | 1997 | 6 | 2 | Cees de Wit | Scampie | Foetsie | Baarn | 101.0 |
| 7 | 1997 | 7 | 1 | Cees Zeilstra | Lohi 34 | Zeemuis | Muiderzand | 102.0 |
| 8 | 1997 | 8 | 1 | Henk van Breda | Colin Archer 38 | Batavus | Naarden | 106.0 |
| 9 | 1997 | 9 | 1 | Klaas Kreuze | Friendship 28 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 10 | 1997 | 10 | 1 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 109.0 |
| 11 | 1997 | 11 | 1 | Arjan Goudsbloem | Dufour 1800 | Allure | Huizen | 110.0 |
| 12 | 1997 | 12 | 2 | Piet Bakker | Maxi 77 | Balder | Huizen | 111.0 |
| 13 | 1997 | 13 | 1 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 14 | 1997 | DNF | 1 | Arnold van Lottum | Kolibri 560 | Lotje | Nijmegen | 116.0 |
| 15 | 1997 | DNF | 1 | Wim Lensink ->I.M.<- | Scorpio Fluch | Best of Life | Huizen | 116.0 |
| 16 | 1997 | RET | 1 | Hans Borremans | Friendship 28 | Fuut | Huizen | 107.0 |
| 17 | 1997 | DNS | 1 | Hans Ykema | Dehler 31 | Twirre | Huizen | 101.0 |
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1997 | 1 | 1 | Jan de Ruiter | Dynamic 37 | Explosion | Lelystad | 91.10 |
| 2 | 1997 | 2 | 2 | Han Beijersbergen | Bavaria 37 | Anne Sophie | Enkhuizen | 94.20 |
| 3 | 1997 | 3 | 1 | Kees Corts | First 28 | Jean Dix | Huizen | 99.90 |
| 4 | 1997 | 4 | 1 | Dik Geurts | X-102 | Id‚fix | Herkingen | 92.30 |
| 5 | 1997 | 5 | 2 | Jan Luyendijk | Jeanneau Sunlight 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 6 | 1997 | 6 | 2 | Cees de Wit | Scampie | Foetsie | Baarn | 101.0 |
| 7 | 1997 | 7 | 1 | Cees Zeilstra | Lohi 34 | Zeemuis | Muiderzand | 102.0 |
| 8 | 1997 | 8 | 1 | Henk van Breda | Colin Archer 38 | Batavus | Naarden | 106.0 |
| 9 | 1997 | 9 | 1 | Klaas Kreuze | Friendship 28 | Mon ami | Huizen | 107.0 |
| 10 | 1997 | 10 | 1 | Paul Schrier | Fellowship 33 | Ellship | Naarden | 109.0 |
| 11 | 1997 | 11 | 1 | Arjan Goudsbloem | Dufour 1800 | Allure | Huizen | 110.0 |
| 12 | 1997 | 12 | 2 | Piet Bakker | Maxi 77 | Balder | Huizen | 111.0 |
| 13 | 1997 | 13 | 1 | Fokke v.d. Valk | Dutch Dandy | Douwe Dabbert | Monnickendam | 116.0 |
| 14 | 1997 | DNF | 1 | Arnold van Lottum | Kolibri 560 | Lotje | Nijmegen | 116.0 |
| 15 | 1997 | DNF | 1 | Wim Lensink ->I.M.<- | Scorpio Fluch | Best of Life | Huizen | 116.0 |
| 16 | 1997 | RET | 1 | Hans Borremans | Friendship 28 | Fuut | Huizen | 107.0 |
| 17 | 1997 | DNS | 1 | Hans Ykema | Dehler 31 | Twirre | Huizen | 101.0 |
|
door Cees Zeilstra (Kersteditie van de Nederlandsche Vereniging van Kustzeilers )
IEDER VOOR ZICH EN ….
Dit jaar had ik veel zin om een solo wedstrijd te varen, zodoende had ik mijn “Zeemuis” (Lohi34) en mijzelf ingeschreven voor de 200 myl’s solorace over IJsselmeer, en eventueel de Wadden en Noordzee. Start was gepland in Muiden op woensdag 1 oktober om 10.00 uur, vooraf gegaan door een palaver om 09.00 uur met briefing en koffie met gebak bij Ome Ko. Organisator is Jan Luyendijk op privé basis.
Het logboek moest zeer nauwkeurig worden bijgehouden en is een belangrijk attribuut voor het berekenen van de winnaar. Ook kreeg elke deelnemer een fotocamera met flits mee met de opdracht de merktekens van de te varen baan ( boeien ) binnen een straal van 5 meter op de foto te nemen. Na Den Oever kon men kiezen uit 4 routes, Scheveningen, Ijmuiden/Den Helder, de Wadden en het Ijsselmeer. Totale rusttijd moest minimaal 27 uur zijn, voor meer rusturen gelden er strafmijlen. Ook was er een verplichte rust voor anker.
Aantal deelnemers was om en nabij de 18 schepen, variërend van een Dynamic 37 tot een Kolibrie. Weerberichten waren niet al te best, regen en NW wind oplopend tot 7/8 Beaufort, maar de stemming was best en onderling was de sfeer uitstekend. Iedereen wist precies waar hij aan begon, organisatie was perfekt, seinvlag nr.1 in het achterstag, er kwam bakken wind aan dus wat wilde je nog meer.
De eerste dag begon met druilerig weer en W4 die spoedig aantrok tot een dikke 5. Na enkele rakken gevaren te hebben ging ik om 16.00 uur door de sluizen van Enkhuizen. Met een ruimende NW7 kwam ik om 21.45 in het donker in Den Oever aan. Een van de boeien die ik moest ronden was de WV14. Dat was niet bepaald makkelijk voor een behoorlijk kleurenblinde als ik, om die boei in het stikke donker, tegen een achtergrond van allerlei andere lichtjes, te verkennen en op de foto te zetten.
De volgende dag woei het hard, NW 7/8, zeilvoering was 2 riffen en high aspect. Voor de wind naar Urk werden de paar laatste haren die ik op mijn hoofd heb er bijna afgeschoren door een geweldige ongewilde gijp, geen schade maar wel de schrik in de benen. Vrijdag was het weer druilerig met eerst weinig wind en later WNW 4. Ik moest nog een 50 mijl varen en kon dus zaterdagochtend finishen.
Toch is deze wedstrijd op vrijdag om 15.20 uur afgeblazen, niet vanwege het weer maar omdat één van de deelnemers tijdens de wedstrijd was overleden. Via kanaal 10 en 1 (met dank aan de betr.instanties) werden de deelnemers op de hoogte gebracht van deze vreselijke gebeurtenis en de wedstrijd werd gestaakt.
Later in de vertrekhaven Muiden, werden wij op de hoogte gesteld waar het ongeluk gebeurd was. Op de 1e dag van de wedstrijd is deze markante zeiler aan een hartstilstand overleden in de voorhaven van het sluiscomplex bij Enkhuizen. Zijn schip werd die woensdag al opgemerkt door een passerende vrachtschipper die het vreemd vond dat dit schip met draaiende motor vast zat in de modder bij de ankerplaats aldaar zonder iemand aan boord te zien. Toen dezelfde schipper 2 dagen later weer de sluis passeerde voor de terugtocht, lag het scheepje nog steeds op dezelfde plek met stationair draaiende motor. Nadat de waterpolitie gealarmeerd was werd het lichaam van de onfortuinlijke schipper van boord gehaald.
Wat mij verontrust en verbaasd is dat niemand ter plekke iets heeft opgemerkt van dit drama. De deelnemers aan de wedstrijd waren allemaal de sluis al gepasseerd toen het betreffende schip arriveerde, maar er zijn daar diverse scheepswerven gericht op de watersport, veel scheepsverkeer, maar niemand is het kennelijk opgevallen dat een schip met draaiende motor 2 dagen en nachten in de modder vast zat in de voorhaven van de drukste sluis van Nederland! Sluiswachters kijken kennelijk ook niet verder dan de sluisdeur vanuit hun riante uitkijktoren, kortom niemand die iets gezien heeft of althans niet de moeite heeft genomen polshoogte te gaan nemen. Op het Nederlandse water is het dus ook geworden: ieder voor zich en god voor ons allen…
Ik vind dit een droeve zaak voor de watersport in het algemeen, die toch al door de steeds grotere aantallen schepen vaker de sfeer ademt van onze snelwegen: file / haast / geen manieren / desinteresse ( uiteraard uitzonderingen daargelaten).
Als fervent solozeiler word je daar vaak mee geconfronteerd. Toen ik in mijn thuishaven weer terugkeerde na deze dramatische gebeurtenis, stond er een man op de steiger, op 2 meter afstand, te kijken welke problemen een solozeiler kan hebben om een 34 ft scheepje in een onbeschutte box te wurmen met een harde dwarse wind, let wel ; zonder één hand uit te steken! Ik heb mij er al op getraind om mijzelf er niet meer aan te ergeren, toch kon ik het niet laten om te vragen of die man last had van koude handen….
Ondanks dat het op de tweede dag afzien was, bleef de schade bij mij aan boord beperkt tot een flinke scheur in de genua, bij andere schepen waren verschillende zeilen ook gescheurd, de Kolibri verloor haar roer en 1 schipper kon niet meer doorvaren vanwege pijn in de rug.
Uiteraard doe ik volgend jaar weer mee, al is het alleen om dat clubje maffe zeilers weer te ontmoeten.
Cees Zeilstra,
“Zeemuis”
| Nr | Jaar dln |
Plt wed |
Aant. maal |
Schipper |
Type jacht |
Naam jacht |
Thuishaven jacht |
SZ Factor |
| 1 | 1996 | 1 | 1 | Han Beijersbergen | Contest 31 HT | Galathea | Enkhuizen | 103.0 |
| 2 | 1996 | AFK | 1 | Piet Bakker | Maxi 77 | Balder | Huizen | 112.0 |
| 3 | 1996 | RET | 1 | Jan Luyendijk | Jeanneau Sunlight 30 | Tam Tam | Huizen | 101.0 |
| 3 | 1996 | RET | 1 | Cees de Wit | Scampie | Foetsie | Baarn | 101.0 |
| 3 | 1996 | RET | 1 | Piet van der Zwaan | Selecta 31 | Zwaantje | Huizen | 102.0 |
|
Tam Tam om de marifoongedeeltelijk gepubliceerd in ‘Zeilen’ april ’97
Een wedstrijd om aan mee te doen, zo scheen het op 2 oktober, toen in 1996.
Een prachtig oktoberzonnetje en een zuidelijk windje van 2 Bf.
Na de koffie met appelgebak in ’t bruine cafe van ‘Ome Ko’ in Muiden werd er een korte palaver gehouden voor de deelnemers, de caps, met het logo van de 200 myls, de logboeken voor ’t kontroleren van de tocht, werden uitgereikt.
Zichtbaar was er al een stukje gespannenheid aanwezig bij de solo-schippers bij het losmaken van de touwtjes.
In min of meer konvooi werd er naar de denkbeeldige startlijn in de nabijheid van de M 1 gevaren, de zeilen gehezen en na een langgerekt hoornsignaal de start aangegeven. Een prachtig gezicht was ’t, hoe snel de spinakers en halfwinders werden gehezen en bollend door ’t bakstag windje naar de noordoost hoek van het Markermeer, richting Lelystad, werden gedreven met voortgang van 2 a 3 knoopjes. Ondanks een paar groeiende stapelwolken, werden de shirts uitgetrokken om nog wat extra revenuen van het najaarszonnetje te kunnen meepakken. Een buitje met een paar windstootjes zorgde ervoor, dat de vloot even een ‘platgeslagen’ indruk maakte. De spi’s verdwenen even snel, als ze waren gekomen om na een stief kwartiertje weer vrolijk het vlakke water op te fleuren.
Tegen een uur of vijf rondden de snelste jachten de rood/witte boei LS bij Lelystad, om daarna weer richting de NEK, de groene boei tussen Hoorn en Enkhuizen, op te zeilen. De achteroplopende jachten, die toch een uur later de LS rondden, besloten in Lelystad hun rustperiode van 9 uur te nemen, te ankeren of ergens aan te leggen, om na die rust te proberen meer voortgang te verkrijgen, mede door de weersverwachting.
Een taktisch juist besluit, zoals later bleek, want de NEK-vaarders ontmoetten een ruimende wind van Zuid naar WNW, die nogeens terugnam van 2 tot 1 Bf. Het was wel een schitterend gezicht, die schepen, die onder mij door voeren en door het silhouet van de ondergaande zon zeilden.
De rust, met alleen de 200 myls-gangers op het rimpelloze water, was alleszeggend. Af en toe dwarrelde en trok de wind iets aan, uit allerlei hoeken, dan zakte ie weer volledig in. Al kruizend tegen bijna niets dreef ik verder.
Om ongeveer 22.00 uur rondde ik de NEK. Een kwartiertje daarvoor passeerde mij de ‘Foetsie’ van Cees de Wit, die zijn koers weer richting Lelystad had uitgezet. Na een uur was er geen van m’n medezeilers meer te zien.
De maan kwam op, als een oranje kaboutermuts, de duizenden sterren, het silhouet van de wal in de verte met de flonkerende lichtjes van het autoverkeer op de dijk. De wolkenkrabber van Amsterdam met z’n steeds maar flitsende lichtbundel. Dit alles zorgde voor een levendigheid in deze doodse stilte, welke af en toe werd onderbroken door het kabbelende water, die m’n 2 myl voortgang veroorzaakte, richting Lelystad. Met m’n spinaker, net bollend, op m’n automaatje, bemerkte ik voor ’t eerst m’n hongergevoel.
De voorafgemaakte bami werd in de oven opgewarmd. Een beetje sateh saus, sambal en ketjap, een toetje van Mona. Het was Nederland op z’n mooist.
Ineens tegen 00.30 uur bemerkte ik, dat m’n navigatie-, alsmede ’t kompas, logverlichting wel erg flauw werd. M’n stuurautomaat gaf ook de geest. De wind trok iets aan en in het nachtelijke duister streek ik, voor de zekerheid, maar m’n spinaker. Ik probeerde de motor te starten om stroom te draaien. Een zwaar kuchend geluid, maar hij sloeg niet aan. Dan maar de slinger op ’t vliegwiel. De decompressieknop uittrekken en slingeren maar. Je moet wel ’n berekracht hebben, want wat ik ook probeerde, de motor sloeg niet aan. Peentjes zwetend gaf ik ’t maar op. Om 02.45 uur al zeilend, meerde ik af aan de wal van Lelystad’s Compagniehaven en dook, danig teleurgesteld over m’n stroomvoorzienings-problemen, m’n kooi in.
‘s-morgens om 08.00 uur werd ik, door geklop op m’n schip, door de havenmeester(es), gewekt. Dat is nog ‘ns service, dacht ik, maar ja, ze kwam alleen maar om d’r havengeld te innen. Tegelijkertijd ging m’n mobiele telefoon. De achterblijvers, die de vorige dag voor Lelystad hadden gekozen, waren om 03.00 uur, terwijl ik afmeerde, vertrokken richting NEK, met een zuidelijk windje 4. Zij hadden de NEK al gerond, waren reeds geschut in de sluis van Lelystad en zeilden nu, onder spinaker, richting Urk, de UK 16.
Dat was balen voor mij, alsook voor diegenen, die voor Hoorn hadden gekozen. De langzamere jachten hadden ons dus behoorlijk in de luren gelegd en lagen nu ruim 5 uur voor, om van het handicap-cijferverschil maar niet te spreken en dit al na pas 50 van de 200 myl. Wat moest dit voor een race worden ?
De LS had ik ‘s-nachts om 02.15 gerond, dus ik had tijd tot 11.15 uur om de stroomstoring bij mij aan boord te verhelpen. Bij de Tagrijn Emma werd ik door een paar gezellige kerels prima geholpen. O.a. met een goede raad om tijdens ’t slingeren van ’t vliegwiel ook de decompressieknop weer naar beneden te doen. De weersverwachting, nu 3 a 4 Bf, maar later in de middag oplopend naar een windje 8 uit het westen, in ’t noordelijk IJsselmeergebied, gaf mij, ondanks het beschutte water, het oppertje langs de kust van Enkhuizen, Medemblik en voorlopig naar Den Oever, was een zorg apart.
Eindelijk 11.15 uur, de trossen los. Het motortje was gestart. De akku’s waren weer goed vol. De meters gaven voor beiden meer dan 10 Volt aan. Begrijpen deed ik het stroomverlies niet. Ook na doormeten bleek, dat m’n oude akku’s voldoende kapaciteit hadden. Vreemd ! De sluis werd genomen en de koers werd gezet richting Urk, waar de UK 16 moest worden gerond. Op ongeveer 2 a 3 mijl voor mij lag nog een nachtelijke Nek ganger.
Onderweg werd ik gebeld, via m’n GSM, dat er besloten was niet meer kanaal 13 van de marifoon te gebruiken, daar deze bij de meesten werd gestoord bij het leven en dat de heren er niet doorheen kwamen, dus s.v.p. alle 200 myls deelnemers naar het oproepkanaal 10.
Na de UK 16 werd bij een windje 5 de genua iets teruggerold en het 1e. rif gestoken. De ‘Tam Tam’ lelde met een noodgang door ’t water. Al zeilend besloot ik toch maar even de beide akku’s te kontroleren. Weer een teruggang naar bijna 9 volt. Ik besloot dus om regelmatig stroom te gaan draaien. In Den Oever moest ik dan maar andere maatregelen nemen.
De lucht werd donkerder. De prachtige wolkenpartijen werden samengetrokken en kregen een onheilspellend aanzien. Op m’n windsnelheidsmeter wees m’n wijzer al 27 knopen p/uur aan. Voor Enkhuizen met m’n windmeter op 30 a 34 knopen trok ik m’n tweede rif erin en rolde m’n genua voor meer dan de helft terug. Met de wind iets achterlijker dan dwars, keilde ik richting Den Oever met 7 … 8 met uitschieters naar 10 knopen per uur.
Bij de WV 14 in de aanloop van Den Oever waaide Cees de Wit’s ‘Foetsie’ me tegemoet. Hij had z’n merkteken net gerond en weer koers gezet richting Stavoren. Met z’n vraag of ik hem zou volgen, maakte ik een wegwerp gebaar. Ik had ’t wel even gehad, 8 keer stroom gedraaid en boven Medemblik was m’n neerhaler uit z’n oogbevestiging geklapt. Dat met een vrijwel achterlijke, stormachtige wind. Met een bulletalie had ik de giek wel wat gefixeerd, maar het was me te onrustig. Al met al was het hard nodig om op de wal het een en ander te inspekteren. De ‘Foetsie’ had inmiddels ook z’n steven gewend en zeilde, met dezelfde noodgang als ik, achter mij aan, tussen de havenlichten van Den Oever door, klokten de tijd, ten teken, dat m’n 2e. rusttijd nu in zou gaan. De motor startte (gelukkig) en ik zeilde weer naar buiten om de zeilen te bergen, de stootwillen en landvasten klaar te leggen voor ’t nachtje aan de wal.
Terwijl ik daar mee bezig ben, zie ik uit de haven op volle snelheid de rubberboot van de havenmeester op me af stuiven. Hij maakte een zwieper en lag stil voor m’n boeg. “Mijnheer, wilt u meekomen, de radiokontroledienst staat in de haven op u te wachten en u wordt verzocht mij te volgen !” “Waarom dat dan”, vroeg ik. “U schijnt vandaag de hele dag ’t marifoonkanaal 10 te hebben geblokkeerd”. “Gisteren bent u ook al de hele dag bezig geweest op kanaal 13”.
Met deze mededeling was ik wel achter de reden van m’n stroomverlies gekomen, maar echt blij was ik niet. Moterend voer ik de Marina van Den Oever binnen, om de zand- en werkboten heen, om aan een aflandige langs-steiger af te meren. Dat is toch wel een klus, in windkracht 8, vooral als je alleen bent. Tot overmaat van ramp schoot ook nog een stuk van m’n rolgenua open, zodat de stormachtige wind nog eens extra vat op me kreeg. Een paar van m’n, reeds gearriveerde, 200 myls wedstrijdgenoten, schoten me te hulp, waarna ’t klusje uiteindelijk gauw was geklaard.
Inmiddels stond de ‘hombre’ van de radio-kontroledienst al een uur op me te wachten, wat duidelijk aan z’n gezicht was af te lezen. Ik nodigde de kontroleur, een midden vijftiger, dus ’n leeftijdgenoot, uit om aan boord te komen. Ik bood ‘m wat te drinken aan. Zelf was ik ook aan een afmeerborrel toe. Met een blik op mijn marifoon stelde hij meteen de oorzaak van de storing vast. De koptelefoon van m’n wereldontvanger hing keurig aan z’n oog boven de marifoonhoornhaak. De verende, bijelkaar komende beugels van de koptelefoon klemden echter tussen de vastgeklikte marifoonhoorn, zodat de seinsleutel bleef ingedrukt. Daardoor stond de marifoon op konstant zenden en zelfs nog op vol vermogen. De stroomstoring was opgelost, maar ik schaamde me mateloos diep, vooral na het verhaal wat de kontroleur mij vertelde.
Op dinsdag 1 oktober was de man teruggekomen van z’n vakantie uit Mexico en dacht woensdag 2 oktober rustig aan en ontspannen weer z’n werk te kunnen hervatten om een beetje te genezen van de ontstane ‘jetlag’. Om 10.00 uur woensdag werd hem echter opgedragen met z’n peilauto een onverlaat op te sporen in het zuidelijk IJsselmeergebied, die met z’n marifoon kanaal 13 blokkeerde. Hij toog dus met z’n speciaal daarvoor ingerichte dienstwagen naar Muiden en peilde de stoorder onderweg naar Lelystad.
Hij dacht: “Ik rij naar Lelystad en wacht hem daar wel op.” Tegen een uur of 5 bemerkte hij, dat de veroorzaker van de storing richting Enkhuizen voer, dus hij naar Enkhuizen. Om 20.00 uur zag ie via een peiling, dat de koers geen Enkhuizen, maar Hoorn was, dus hij weer naar Hoorn. Wat schertste zijn verbazing, dat hij bemerkte, dat tegen 22.00 uur, de koers van het schip weer veranderde en opnieuw naar Lelystad werd verlegd. Inmiddels was het marifoonstroringsignaal zo zwak, tot niet meer hoorbaar geworden, dat hij besloot tegen een uur of elf, hij kwam uit Limburg, maar een hotelletje te nemen en de ochtend daarna rustig weer naar de basis te rijden.
Op donderdag 3 oktober reed de man, nog aan z’n vakantie en aan de rare dag van gisteren terugdenkend, richting Limburg, toen hij om ongeveer 10.30 uur bericht kreeg, dat hij een marifoonstoring op kanaal 10 in de buurt van Lelystad moest opsporen, dus hij weer terug. Hij peilde om ongeveer 11.45 uur de storing bij de sluis van Lelystad. Als een ‘Zoef de haas’ spoorde hij naar de sluis. Bij de sluis bleek de vogel te zijn gevlogen, maar kon duidelijk peilen, dat ’t betreffende jacht naar Urk voer. Kom, dacht ie, ik ga naar Urk, daar wacht ik ‘m wel op. Weer tot z’n verbazing, net in Urk aangekomen, peilde de man, dat de koers was verlegd naar Enkhuizen. Hij werd ’t wel een beetje zat, maar ja, dan maar naar Enkhuizen. Wachtend in Enkhuizen, weer ’t zelfde, richting Andijk. richting Medemblik. De wind nam zodanig toe, dat ie dacht, die gek zal toch niet doorgaan, maar de gek ging door.
Onder Den Oever op de dijk kon hij door middel van een verrekijker en de peiling vastellen welk jacht de storing veroorzaakte en las zelfs ‘Tam Tam’ op m’n spiegel.
Wat hij toen dacht, toen hij mij dit alles vertelde, verraadde z’n ogen duidelijk. We praten nog wat door en nadat ik nogmaals had verontschuldigd, kreeg ik de toezegging, dat ik binnenkort, schriftelijk, ’n officiele waarschuwing zou ontvangen, stapte de kontroleur van de radio opsporingsdienst van boord.
Als er een bon was gegeven, dan had ik ’t nu in ieder geval verdiend.
Jan Luyendijk
S/Y Tam Tam
Huizen, 11 oktober 1996