Title Image

200 MYLS 'SOLO'

Uitslag 2005 (10)

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2005 1 6 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 98.60
2 2005 2 5 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
3 2005 3 4 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 92.00
4 2005 4 3 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
5 2005 5 2 John van der Starre Sun Fast 37 Happy Scheveningen 88.00
6 2005 6 2 Pamela van der Vleuten Seamaster 925 Lady Blanche Eindhoven 108.0
7 2005 7 6 Peter v.d. Schaaf Stern 33 Jager Medemblik 87.00
8 2005 8 1 GertJan Kos First Class 8 Obsession Huizen 95.50
9 2005 9 1 Fred Knitel Dehler 39 Suntiki Blocq v.Kuff. 85.00
10 2005 10 2 Hans Colenbrander Waarschip 1/4T *1.2 Hebbus Huizen 111.0
11 2005 11 8 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 99.00
12 2005 12 4 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
13 2005 13 3 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 92.00
14 2005 14 10 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Makkum 93.10
15 2005 15 5 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 86.00
16 2005 16 3 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
17 2005 17 6 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 102.0
18 2005 18 1 Peter van den Driesche Dufour 35 Vagebond IJmuiden 99.00
19 2005 19 3 Anjo Veerman Dehler 39 CWS*vk155 Aurum Amstelveen 92.00
20 2005 20 6 Clemens Sanders Dehler 31 Maran Huizen 99.50
21 2005 21 1 Harry Vogel Cayenne 42 Tzigane Block.v.Kuff. 87.00
22 2005 22 2 Albert de Brouwer Waarschip 900 ’t Waere Hout Naarden 100.0
23 2005 23 2 Paul Peggs Feeling 850S Adopo Hamble (UK) 97.10
24 2005 24 9 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
25 2005 25 7 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 99.00
26 2005 26 8 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
27 2005 27 6 Fred Avezaat Dehler Optima 830 Sun Dance Kid Strand Horst 108.6
28 2005 28 5 Paul Heijmerink F&F 65 Funky Feet Naarden 98.00
29 2005 29 3 Michiel Tasseron Bavaria 32 Passie Huizen 98.00
30 2005 30 1 Age van der Bles Spirit 32 * 1.80 Foddebosk Lemmer 98.00
31 2005 31 2 Riaan van ’t Veer Mini Transat Coco Piccolo Lelystad 101.0
32 2005 32 3 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
33 2005 33 4 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 81.00
34 2005 34 6 Kees Riemer Gib’Sea 84 Poespas Huizen 105.0
35 2005 35 6 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
36 2005 36 4 JanKees Lampe Puffin 50 Little Sarah Rotterdam 91.30
37 2005 37 4 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 83.00
38 2005 38 6 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 102.0
39 2005 39 5 Barend Peters First 35 * 1.9 Layam Monnickendam 90.00
40 2005 40 3 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
41 2005 41 4 Piet van der Zwaan Dehler 34 NN Lelystad 93.00
42 2005 42 4 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
43 2005 43 8 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Den Oever 93.00
44 2005 44 5 Bart Boosman One Off Alca Torda Bergen 117.7
45 2005 45 1 Gert Hoogeveen Bavaria 30 Vire Muiderzand 102.0
46 2005 46 8 Arie Petrus First 285 *1.2 Adventure Almere-Haven 104.9
47 2005 47 3 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Kampen 100.0
48 2005 48 2 Marjan van de Vrie Aquila * 1,60 Mathilde Tilburg 105.2
49 2005 49 10 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 100.0
50 2005 50 3 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
51 2005 51 3 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 113.0
52 2005 52 1 Bart Desaunois J-109 J-Action Enkhuizen 83.00
53 2005 53 1 BertJan van Delft Waarschip 1220 Utopia Kats 89.00
54 2005 54 1 Piet Bakker(hn) J-92 Jolly J Hindeloopen 86.50
55 2005 55 2 Bertus Buys Standfast 40 Sea-Beryl Scheveningen 88.00
56 2005 56 3 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 100.0
57 2005 57 6 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 87.00
58 2005 58 4 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
59 2005 59 1 Jurgen Huizinga Scyth Scylla Kampen 105.0
60 2005 60 1 Ron Bree First 30 * 1.7 Serenity Den Helder 98.00
61 2005 61 7 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
62 2005 62 6 Fokke v.d. Valk Dutch Dandy MK IV Douwe Dabbert Amsterdam 116.0
63 2005 RET 5 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 93.00
64 2005 RET 9 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
65 2005 RET 4 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 101.0
66 2005 RET 1 Jurrien Baretta Etap 22 *1.45 De Vrijheid Termunterzijl 116.0
67 2005 RET 5 Gio Schouten Freedom 44 Cat Airborne Marken 93.00
68 2005 RET 3 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
69 2005 RET 6 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
70 2005 RET 1 Andre Rijnbeek Etap 22i On-rust Heerenveen 114.0
71 2005 RET 1 Ruud Roos Freedom 35 Samiel Monnickendam 104.0
72 2005 RET 6 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 103.0
73 2005 RET 8 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 94.50
74 2005 RET 1 Jan de Bruin X-332 EsXape Scheveningen 88.00
75 2005 RET 6 Henjo Ruiter Meridian Cras factus est Medemblik 115.0
76 2005 RET 4 Nico Benink Kroes platgatkits Brandaan Hasselt 113.0
77 2005 RET 1 Ronald Boontje North Beach 24 Tadorna Teroosterzijl 117.3
78 2005 RET 1 Harry Immink Banner 41 Banzare Durgerdam 86.00
79 2005 RET 2 Rene Pluymert X-332 Libel Lelystad 88.00
80 2005 DNS 10 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 108.2
81 2005 DNS 7 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
82 2005 DNS 3 Frans Hoving Waarschip 900 Zeebeer Amsterdam 100.0
83 2005 DNS 10 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
84 2005 DNS 3 Menko Poen Spirit 28 Laughing Gull IV Naarden 104.0
85 2005 DNS 7 Jaap Verkerk Comet 910 * 1.40 Stella Filante Ketelhaven 104.0

Verslag 2005 (10)

Oude koeien van 2005

  • Er waren dus mensen die onder het werk elk uur keken naar de site tijdens de wedstrijd. Ik kan je zeggen dat er ook waren die onder het kijken elk uur probeerden te werken ;-).
  • De mensen die er aan meedoen zijn (vrijwel?) allemaal reuze aardige mensen (heb je ze daarop geselecteerd?) en je weet dat ook die mensen op het water zijn en je ze straks weer tegen komt. Ook de organisatie, perfect.
    Een race waarvan ik dacht dat ik er niets aan zou vinden, heeft voorgoed een herinnering in mijn geheugen gebrand.
  • Dan komen de tranen en de spanning van de wedstrijd komt eruit. Na 4 dagen ben ik weer gewoon een mens in plaats van een zeilmachine.
  • Knopje drukken, fotootje nemen, tijd noteren, koers verleggen, zeilen bijstellen. Ik vraag me af of ze wel weten welk bouwjaar ik heb.
  • Toen werd het toch weer droog. Tussen de wolken de sterren, voor me de laatste ton. Een laatste zachte bries, druk op het knopje, en Mathilde was weer aangekomen!
  • Tussen GZ 2 en Nek veel zweet en blauwe plekken
  • Dan over het Wagenpad langs de westkant van het vogeleiland. “Geen wonder dat de vogels de griep krijgen, als ze op zo een raar eiland buiten de bebouwde kom moeten overwinteren”
  • Wind kromp gemeen, dwars van Stavoren en werd onaangenaam 6+bft.
  • Zat te snurken bij wind-toename. Had t moeten zien. Kink in de val. ‘Hopies werk’
  • Wat volgt is een rodeorit met 25 kts wind naar Makkum onder vol tuig en de heavy spi met regelmatig een snelheid van 11 kts.
  • De strategie zal dan ook wel weer worden: varen als er wind is en je nog zin hebt en stoppen als van die twee zaken er een ontbreekt.
  • FINISH. Ik vrees, dat het nu echt weer voorbij is.
    Anderhalf uur voor sluitingstijd. Dat is me noch nooit overkomen. Ik moet iets goed gedaan hebben.
  • Als laatste gaat de SOLO wimpel uit het achterstag. Bijna in een ceremonie, want nu moet ik weer een jaar wachten tot de volgende.
  • Op de grote golven kon ik zelfs heel lang surfen met de boot. Gaaf. Heb nog nooit bij zoveel wind met zoveel tuig gevaren.
  • En dan vaar je door terwijl je anderen de haven op ziet zoeken.
  • Platgeslagen nog 2Nm voor ‘paard. Spi weg ! Grootzeil gescheurd onder 1e.rif. Meteen naar zeilmaker, geregeld in Enkhuizen. Vastgelopen op ’t Hop. Stom, vermoeidheid. Joystick gebroken. Scheur in fok bij Breezand. Scheur bij derde rif. Moet met 3e. rif verder zeilen. Iedereen zeilt me voorbij ! In vlagen kom ik nauwelijks door de golven heen. Dikke knie. Maar ik ben wel gefinished !
  • In de sluis was het drukker met de solisten dan op de heenweg !! (de sluis was stuk en heeft de hele vloot in een keer gevangen en weer losgelaten)
  • Teweinig gegeten, teveel gezeild. Lekker !
  • Achteraf kijk je een koe in z’n kont, ik had ook moeten gaan.
  • ” Wat was die 10e Verschrikkelijk Gaaf”
    (dreunt nog steeds na)
  • Murphey zit in ieder geval niet bij mij aan boord ?
  • Finish…..de 200 myls blijft buffelen en beulen !
  • Een perfecte zeildag, mannen met ballen, zon en wind, wat wil je nog meer ?
  • Ik loop vanaf het gangboord de kuip in, maar verlies mijn evenwicht door een onverwachte golf. Daardoor stap ik bovenop de contactsleutel van de motor en breekt het hele slot af.
  • Aan een passerende mountainbiker vraag ik waar de bakker is en hij begint te zuchten. Dat is heel lastig uitleggen en het is een klere eind. In Urk ?! Hoe groot is het hier? Hij biedt aan met me mee te fietsen om de weg te wijzen en inderdaad het was 7 minuten lopen. Voor een Urker waarschijnlijk een hele afstand.
  • Met dank aan mijn lieve echtgenote voor al het kostelijke bootvoer. Nou ja, bootvoer: de eerste avond at ik chili con carne, de tweede avond tagliatelle met huisstijl pastasaus, de derde avond een Indische schotel en gisteravond goulash. Er zullen er best bij zijn, die het met minder hebben moeten doen. Ik zal niet zeggen dat de 200 mijls een eitje is als je maar goed voor jezelf zorgt, maar helpen doet het zeker.
  • Constant sta ik in dubio en heb ik wel zes …. nee zeven keer m’n plannen bijgesteld
  • Het is aarde donker en ik ben alleen op het water
  • Solozeilers ? Die bestaan niet !
  • Ik voelde het 200 myls genot ….
  • Fantastisch. Bij ruim 11 knopen snelheid gaat de boot harder dan de gloven en graaft zichzelf in, in de volgende golf Regelmatig blijft de boot op een golf meesurfen. Niet even maar wel een minuut lang.
  • Goddomme, wat een dag ‘FANTASTISCH’
  • Wie heb r an die knop van de wind gezeten ?
  • Dan komen de tranen en de spanning van de wedstrijd komt eruit. Na 4 dagen ben ik weer gewoon een mens in plaats van een zeilmachine.
  • Nu we weer langs de wal liggen is het me pas echt goed duidelijk wat een geweldige site je hebt gebouwd en hoe goed die werkt. Ik geloof niet dat er iets dergelijks al eerder is vertoond, proficiat.
  • Al met al weer een enerverende 200-myls.
    De weerberichten leidden logischerwijs tot het kiezen voor route nummer 3, dat doen dus de meesten.
    Maar de weerberichten kloppen nooit, dus de meesten kiezen fout!
    Dus was route 2 een uitdagende optie…………..
    Moraal van het verhaal: Weerberichten kloppen wel als het niet uit komt, waarmee bewezen is dat weerberichten onbetrouwbaar zijn.
  • Het is leuk om jullie vorderingen een te volgen via de fantastische site. Vele goede herinneringen komen boven…
  • Je kunt maar beter onderweg zijn voordat de post IJsselmeer zich bedenkt….
  • Vlak achter me kruist de binnenvaarder de OVD3, dat schip had ik dus even niet gezien tegen de achtergrond van de lichten van Lelystad, brrrr…
  • Helaas, met heel veel wind sla ik plat en moet de halfwinder weghalen. Het lukt niet de slurf er omheen te krijgen en na veel geploeter op het voordek heb ik mijn dagelijkse fittness inclusief douchen weer achter de rug. De tijdverlies door het gestunt is goed op de elektronische kaart te zien.
  • Ja Windguru. Dat is een ding. Ineens word het giswerk over de wind heel anders. Nu is er, net al bij een bushalte, de precieze vertrektijd, sterkte en richting bekend. En net zo als bij een echte bus komt die dan ook meestal op het aangekondigde tijdstip op het aangegeven adres en de aangegeven richting.
  • Je ontmoete weer bekende gezichten, schudde handen en haalde gestreden zeeslagen uit afgelopen 200myls naar voren
  • Met deze beslissing – namelijk nu geen beslissing te nemen – ging ik naar bed.
  • Had het knap gevonden om na een paar uur zeilen zonder boei te zien, de eerste die ik tegenkwam, meteen overhoop te zeilen
  • Het water om me heen is groen met een fluwelen oppervlakte van het terug spattende water. Helaas geen tijd om van de verschijning te genieten. Binnen hoor ik heel hard gebonk. De koelbox heeft besloten op pad te gaan en op eigen houtje de binnenkant van de kajuit te verkennen.
  • De nacht was helder (en koel) en het was al goed gestrooid op de kade. Bij ieder zucht wind kwam er weer een lading zand over dek.
  • Want net toen ik klikte, werd ik door een grote golf richting boei gezet. Het ging nog goed maar was wel schrikken …
  • Die poes is kennelijk achter mij aan gehold en aan boord gesprongen. Ik heb haar nog uitgelegd, dat dit een SOLO-wedstrijd is en dat ik al een was, en een tweede dus een teveel en heb haar abrupt van boord gezet.
    Ik vond het wel brut, maar de nacht was al zo kort.
  • Bij het zetten had ik een paar problemen, omdat die niet uit de zak wilde (ook voor een SPI is het vroeg in de ochtend).
  • De lucht is schitterend, de golven hoog en de kleur van het water heel provocatief
  • Magrietforum: ben ook …. ff aan ’t volgen op internet, kan nl op de site van 200 myls solo zeilrace die woensdag begonnen is, precies zien waar die is en op welke plaats die voorlopig staat op de lijst. en waar ie ongeveer uithangt op het ijsselmeer. handig h;e? mannetje is de hort op (hahaha) en je weet bijna precies waar die uithangt.
    De race duurt 5 dagen, dus ik kan lekker overdwars in mn bed liggen.
  • Voor alle andere deelnemers, zet hem op. Iedere mijl is er een, die jullie dichter bij een herinnering brengen, welke jullie nooit zullen vergeten.
  • Het rif steken ging niet helemaal gladjes. Bij het doorsteken van de reefbandjes ben ik met mij vinger in de giek – zeilvoering gekomen, en heb de nagel van mij pink uit het bed getrokken.- erg pijnlijk. Gisteren hetzelfde met de wijsvinger vandaag de pink. Gelukkig heb ik er nog acht, die te gebruiken zijn
  • Ik had waarschijnlijk een bord achter op de spiegel dat zei: “komt u allen maar gezellig bij me langs varen”. Want daar leek het op.
  • Het is inderdaad weer zover, het hele jaar hebben wij uitgekeken naar deze prachtige race.
    De mooiste solorace als afsluiter van het zeilseizoen, dit jaar volgen we alles vanuit het warme zuiden via internet. De online standen en het ‘live’ verslag zijn iedere jaar weer bijzonder spannend.
  • De nachtrust in Urk was uitputtend. Heel lux om 1:00 naar bed en om 6:30 weer eruit. Klinkt weinig maar voor de 200myls is dat uitslapen
  • Al heerst er wel griep, of nog erger, eind september. Ik bestel een ambulance en vaar de 200-myls ‘SOLO’ in 2005 desnoods liggend op een brancard!
  • Durf het haast niet te schrijven maar misschien moeten we terug naar cameraatjes? Dat lijkt de achterdeur uit maar weet jij of de sponsoring van die bigbrotherdoosjes ook in volgende jaren doorgaat? Vond dat geklooi met die wegwerpertjes ook wel wat hebben
  • Ik wil je eigenlijk vooral ook bedanken voor die prachtige onovertroffen 200myls, waar ik hopelijk nog heel lang aan mee zal kunnen doen, waarin ik solo ervaring op kon doen om de stap naar een solo kanaalrace zoals de PB2005 is, te maken
  • Wat een geweldig aanbod! Ik looop te stuiteren door het huis! Ik heb het gevoel dat ik hier nog helemaal niet klaar voor ben en mijn bootje zeker niet… Maar ja, eigenlijk moet ik het gewoon doen! ’t Lijkt me geweldig, én afzien, én een uitdaging. En zeker als ik bedenk hoeveel mensen tandenknarsend hopen op een kans om mee te doen kan ik dit natuurlijk niet laten schieten…
  • Fantastisch dat ik mee kan doen. Al jaren volg ik de wedstrijd op afstand en had bewondering voor jullie organisatie (geen slijmerij!!). Ik kijk er erg naar uit en verdedig met liefde de kleuren van Frits.
  • Het eerste goede nieuws dit jaar: ik mag meedoen!
  • Er werd zelfs gesuggereerd dat die Ostar eigenlijk niet zo veel voorstelde zonder vergelijk met de 200 mijls. Vandaar m’n vraag aan jou, kun je me op de startlijst plaatsen zodat ik in september mee kan doen?
  • Ik lees dat je andere startplaatsen overweegt.En dat vind ik een beetje (erg )jammer. De 200 myls is ,ondanks de 70 a 75 deelnemers,een kleinschalig en intiem gebeuren. Het is ook elitair omdat het voor belangstellende heel moeilijk is om er tussen te komen.
  • Voor al die mensen die (nog) niet aan bod gekomen zijn.Er is hoop.Ik doe nog maar een stuk of 20 keer mee.Dus in 2025 is er weer een plek vrij.
  • The problem in the house makes the best show outside.
  • Heren ik begrijp u probleem maar voor de aspiranten groeit de frustratie.
  • Ook dat is de 200 myls solo. Ik heb iets met die mensen, met de koorts die er heerst. Je zit er middenin en beleeft het met volle teugen
  • Het feit dat hedenmorgen de inschrijf formulieren voor oud deelnemers van de site is gehaald doet vermoeden dat niet alle resterende namen hebben in geschreven. Gister stonden er nog ca. 29 op de lijst.
  • Wat zijn de mogelijkheden voor nieuwkomers al volg je via deze site al meer dan driejaar dagelijks de ontwikkelingen, er is eigelijk geen perspectief.
  • Vakantie dus. Ik hoop dat je toch ook wel genoten hebt. En je moet maar denken dat veel van die sneeuw uiteindelijk toch weer vloeibaar wordt. Dan kun je wraak nemen.
  • Het is flauw: maar helpt het als ik mijn vrouw inschrijf of een rokje aan trek?
  • Nou weet ik dat old sailors niet alleen never died, maar ook zo’n solo niet aan hun neus voorbij laten gaan. Dus deze jongeman met wat ontluikend grijs aan de slapen vraagt zich af of hij, het veteranenplatform beziend, ooit nog wel eens een 200 myls kan varen…
  • Een zeiltocht is pas goed als er meer bier dan diesel wordt verbruikt …
  • Ik zou in Oktober graag weer aan de Solo meedoen! Dat wordt dan mijn vierde. Hoop van je te horen. Neem ik een goede sigaar voor je mee, voor onderweg!
  • 200Myls race singlehanded which I would recommend everyone should have a go at doing, its great fun.(anyone know of a boat I could charter in Holland for the race). ???

Ingeschreven solo-schippers – 2005

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2005 1 6 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 98.60
2 2005 2 5 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
3 2005 3 4 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 92.00
4 2005 4 3 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
5 2005 5 2 John van der Starre Sun Fast 37 Happy Scheveningen 88.00
6 2005 6 2 Pamela van der Vleuten Seamaster 925 Lady Blanche Eindhoven 108.0
7 2005 7 6 Peter v.d. Schaaf Stern 33 Jager Medemblik 87.00
8 2005 8 1 GertJan Kos First Class 8 Obsession Huizen 95.50
9 2005 9 1 Fred Knitel Dehler 39 Suntiki Blocq v.Kuff. 85.00
10 2005 10 2 Hans Colenbrander Waarschip 1/4T *1.2 Hebbus Huizen 111.0
11 2005 11 8 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 99.00
12 2005 12 4 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
13 2005 13 3 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 92.00
14 2005 14 10 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Makkum 93.10
15 2005 15 5 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 86.00
16 2005 16 3 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
17 2005 17 6 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 102.0
18 2005 18 1 Peter van den Driesche Dufour 35 Vagebond IJmuiden 99.00
19 2005 19 3 Anjo Veerman Dehler 39 CWS*vk155 Aurum Amstelveen 92.00
20 2005 20 6 Clemens Sanders Dehler 31 Maran Huizen 99.50
21 2005 21 1 Harry Vogel Cayenne 42 Tzigane Block.v.Kuff. 87.00
22 2005 22 2 Albert de Brouwer Waarschip 900 ’t Waere Hout Naarden 100.0
23 2005 23 2 Paul Peggs Feeling 850S Adopo Hamble (UK) 97.10
24 2005 24 9 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
25 2005 25 7 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 99.00
26 2005 26 8 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
27 2005 27 6 Fred Avezaat Dehler Optima 830 Sun Dance Kid Strand Horst 108.6
28 2005 28 5 Paul Heijmerink F&F 65 Funky Feet Naarden 98.00
29 2005 29 3 Michiel Tasseron Bavaria 32 Passie Huizen 98.00
30 2005 30 1 Age van der Bles Spirit 32 * 1.80 Foddebosk Lemmer 98.00
31 2005 31 2 Riaan van ’t Veer Mini Transat Coco Piccolo Lelystad 101.0
32 2005 32 3 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
33 2005 33 4 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 81.00
34 2005 34 6 Kees Riemer Gib’Sea 84 Poespas Huizen 105.0
35 2005 35 6 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
36 2005 36 4 JanKees Lampe Puffin 50 Little Sarah Rotterdam 91.30
37 2005 37 4 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 83.00
38 2005 38 6 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 102.0
39 2005 39 5 Barend Peters First 35 * 1.9 Layam Monnickendam 90.00
40 2005 40 3 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
41 2005 41 4 Piet van der Zwaan Dehler 34 NN Lelystad 93.00
42 2005 42 4 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
43 2005 43 8 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Den Oever 93.00
44 2005 44 5 Bart Boosman One Off Alca Torda Bergen 117.7
45 2005 45 1 Gert Hoogeveen Bavaria 30 Vire Muiderzand 102.0
46 2005 46 8 Arie Petrus First 285 *1.2 Adventure Almere-Haven 104.9
47 2005 47 3 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Kampen 100.0
48 2005 48 2 Marjan van de Vrie Aquila * 1,60 Mathilde Tilburg 105.2
49 2005 49 10 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 100.0
50 2005 50 3 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
51 2005 51 3 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 113.0
52 2005 52 1 Bart Desaunois J-109 J-Action Enkhuizen 83.00
53 2005 53 1 BertJan van Delft Waarschip 1220 Utopia Kats 89.00
54 2005 54 1 Piet Bakker(hn) J-92 Jolly J Hindeloopen 86.50
55 2005 55 2 Bertus Buys Standfast 40 Sea-Beryl Scheveningen 88.00
56 2005 56 3 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 100.0
57 2005 57 6 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 87.00
58 2005 58 4 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
59 2005 59 1 Jurgen Huizinga Scyth Scylla Kampen 105.0
60 2005 60 1 Ron Bree First 30 * 1.7 Serenity Den Helder 98.00
61 2005 61 7 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
62 2005 62 6 Fokke v.d. Valk Dutch Dandy MK IV Douwe Dabbert Amsterdam 116.0
63 2005 RET 5 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 93.00
64 2005 RET 9 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
65 2005 RET 4 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 101.0
66 2005 RET 1 Jurrien Baretta Etap 22 *1.45 De Vrijheid Termunterzijl 116.0
67 2005 RET 5 Gio Schouten Freedom 44 Cat Airborne Marken 93.00
68 2005 RET 3 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
69 2005 RET 6 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
70 2005 RET 1 Andre Rijnbeek Etap 22i On-rust Heerenveen 114.0
71 2005 RET 1 Ruud Roos Freedom 35 Samiel Monnickendam 104.0
72 2005 RET 6 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 103.0
73 2005 RET 8 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 94.50
74 2005 RET 1 Jan de Bruin X-332 EsXape Scheveningen 88.00
75 2005 RET 6 Henjo Ruiter Meridian Cras factus est Medemblik 115.0
76 2005 RET 4 Nico Benink Kroes platgatkits Brandaan Hasselt 113.0
77 2005 RET 1 Ronald Boontje North Beach 24 Tadorna Teroosterzijl 117.3
78 2005 RET 1 Harry Immink Banner 41 Banzare Durgerdam 86.00
79 2005 RET 2 Rene Pluymert X-332 Libel Lelystad 88.00
80 2005 DNS 10 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 108.2
81 2005 DNS 7 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
82 2005 DNS 3 Frans Hoving Waarschip 900 Zeebeer Amsterdam 100.0
83 2005 DNS 10 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
84 2005 DNS 3 Menko Poen Spirit 28 Laughing Gull IV Naarden 104.0
85 2005 DNS 7 Jaap Verkerk Comet 910 * 1.40 Stella Filante Ketelhaven 104.0

Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2005

 

Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0
Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10
Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17
Lelystad-Z OVD3 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28
S/N.zeekanaal P 15/B’RAN 43 Hindelopen H 2 53 Den Oever WV14 53 Medemblik WP 8 49
Den Helder MH 4 75 S/Kornwerderz. VF 4/BO 8 59
Oude Schild T 12 80 Harlingen BO 44 65 Enkhuizen KG 2 66 Makkum VF04 64
S/Kornwerderz. BO 3/VF 4 96 Oost Vlieland ZS 13 81 Breezanddijk SPORT B 84 Enkhuizen KG 2 85
Medemblik WP 8 112 Den Helder MH 4 112 Urk UK 16 108 Lemmer SB 10 95
Hindelopen H 2 124 Oude Schild T 12 117 Medemblik WP 8 127 Urk UK 16 105
Breezanddijk SPORT B 130 S/Kornwerderz. BO 4/VF 4 135 Makkum VF04 142 Den Oever WV14 127
Stavoren VZ 1 141 Medemblik WP 8 150 Hindelopen H 2 148 Stavoren VZ 1 135
Den Oever WV14 149 Stavoren VZ 1 156 Stavoren VZ 1 156 Breezanddijk SPORT B 146
S/Lelystad-N HR-B/OVD 3 173 S/Lelystad-N HR-B/OVD 3 173 S/Lelystad-N HR-B/OVD 3 173 S/Lelystad-N HR-B/OVD 3 173
Hoorn NEK 184 Hoorn NEK 184 Hoorn NEK 184 Hoorn NEK 184
Volendam GZ 2 191 Volendam GZ 2 191 Volendam GZ 2 191 Volendam GZ 2 191
Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200

Verslag 2005 > DE TIENDE

2e. prijs 2e. prijs Vrouwentrofee 2e. prijs M 1 prijs
 Gerben  Egbert  Pamela  Bauke  Dik
 Bos  v.d. Waal  v.d. Vleuten  IJntema  Geurts

Woensdag, 12 oktober 2005 21:30 uur

Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer, het voordeel in de routekeuzes en passagemeldingen door de gps/gsm-unit de X-Trace .

Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. Dat het na 4 weken met heel weinig wind, de wedstrijd met een dikke wind tot 7 Bft tot een echt zeilfestijn werd gemaakt.
Opvallend waren de tegengestelde berichten van de Kustwacht en Meldpost IJsselmeer op 29 oktober. Per saldo werd art. 10 in de convocatie, niet varen bij waarschuwing, meldpost in je vaargebied, 7 bft. door iedere schipper nauwkeurig nageleefd.
Door vele schippers werd de top-speed van hun boten gemeld. Iedereen, die zich niet had teruggetrokken of niet was gestart, had eigenlijk de mogelijkheid de race binnen kantoortijden te verzeilen.

Weer werden alle 4 routes verzeild.
6 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, IJmuiden, Oude Schild, Kornwerd.
2 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen.
56 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4, ook IJsselmeer, door
12 schippers, als de meest tactische baan werd gekozen.

Op het laatste ogenblik vlak voor de OVD 3 bij Lelystad werden er nog routekeuzes veranderd. Wat het gevolg was van deze tactische (route)keuzes, blijkt uit de eerste 2 plaatsen en verder, dat in route 4 er geen uitvallers (RET) zaten.

Dan de GPS/GSM-units X-Trace, welke door XMark BV werden geleverd en gesponsord. Razend enthousiast waren de fans en het thuisfront, die nu hun favoriete schippers, life op internet konden volgen, als zij hun merktekenpassages doorklikten.

De te korte termijn voor diverse schippers om gewend te raken aan de units (met sigarenaanstekerplug) en om deze correct aan het boordcircuit aan te sluiten of in een stroom af en stroom aan situatie zaten, veroorzaakte een verschil in reeele wedstrijd uitslagen op de finishdag.

De wedstrijd/passagetijdgegevens van de logboeken werden volgens de convocatie weer toegepast en als bewijslast de meldingen van de X-Trace.

In ieder geval zijn we zo razend enthousiast voor wat de X-Trace met Mark Wilbrink van XMark voor de 200 myls ‘SOLO’ heeft gebracht, dit in verband met de directe verslaggeving en ….. veiligheid, zodat we absoluut naar een mogelijkheid zullen zoeken om deze X-Trace als basis voor alle toekomstige wedstrijden aan te schaffen. 

Veel prachtige digitale fotosessies werden er gemaakt. Ruim 30 vergrotingen in A4 formaat werden grif door de schippers na de prijsuitreiking van het wandbord gehaald.
Graag had ik ook nog de foto’s van andere schippers ontvangen, zodat we daarvan een gezamelijke cd kunnen branden om tegen kostprijs te kunnen verdelen.

Er waren talloze positieve en sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en ….. vooral van het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 4 weken ruim 160.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden, van hun favorieten nauwlettend in de gaten en hadden al snel ontdekt, dat men in de X-Webmap met een ‘request location’ de positie van de schipper van op dat moment kon opvragen.
De opgevraagde positiemeldingen werden ook op de sites van de solo-schippers zelf kenbaar gemaakt, wat af en toe tot wat verwarring leidden.

 

Bauke IJntema met Catootje

Verslag 200 mijls 2005. Bauke IJntema met Catootje

Onderweg naar Muiden op dinsdag 27 september bedenk ik me dat ik dit jaar toch echt een gooi naar de winst moet doen. Na de laatste 3 jaar 2 x 4e en vorig jaar 3e moet het toch een keer mogelijk zijn om te winnen. Nou ja vanavond/ morgen eerst maar eens de juiste route keuze maken en als dat goed uitpakt dan gewoon zo hard mogelijk varen. Ik neem me voor om hard te duwen en geen fouten te maken. Ik heb dit jaar ondersteuning van Menno Sappe die mij op de hoogte gaat houden van de wind voorspelling. Menno blijkt voor mij een belangrijke ondersteunende factor te zijn, zowel op het gebied van weersinfo en mij scherp te houden.

Na het palaver rustig op de boot met de verschillende routes zitten te puzzelen.
Het zou 1 of 3 moeten worden. Maar route 1 is risicovol. Dus waarschijnlijk route 3. Ik zie het morgen nog wel even aan als ik de laatst weersinfo heb.
Om een uur of 1 nachts lig ik nog wakker in bed en denk nog eens over de routes na. Er wordt donderdag NW 5/6 voorspeld. Ik spring uit bed. Toch route 4 nog eens bekijken. Ik kom er achter dat route 4 toch meer bied dan 3 met nw op donderdag.

Woensdag 28 september
Ik vaar vroeg uit de haven om ruimte te maken voor de overige deelnemers.
De wind is nog zwak en ik wacht eerst nog een half uurtje. Om 7.43 uur gestart. Twijfel nog, nog geen wind genoeg eigenlijk, maar de spi staat al en besluit maar te starten in de wetenschap dat de wind zal toenemen en ruimen. Na pampus neemt de wind iets toe.
We lopen al gauw boven de 6 knopen. Als er een bui over komt gaat het even flink waaien. Door tijdens de vlagen af te vallen kan ik de spi er net op houden. veel spinakers van de concurrenten gaan er af. Zo loop ik voor het paard verschillende boten voorbij.
Bij het paard even de spi eraf na de GZ2 gaat hij gelijk weer omhoog. Kan ik hem er tot de nek op houden? De wind zal gauw gaan ruimen. Na 20 minuutjes ruimt de wind snel en haalt ook aan.
Ik kan de spi er niet meer voor houden en besluit deze er halve wind af te halen. Hoe weet nog niet. Na wat mislukte probeersels besluit ik hem maar onder de giek door te halen. Na 10 minuten zweten en ploeteren heb ik hem binnen.

De fok er bij en door!! Ik zit Kees Corts op zijn hielen. Na de nek boei richting Lelystad is het eigelijk weer een spinakerrak. Ik kijk het eens aan, 130 graden schijnbaar, 20 tot 23 knopen schijnbaar. Moet kunnen! Ik had de spi in het vorige rak al klaar gezet en ik besluit hem te zetten! Na 2x om de voorstag en 2x uit het roer te lopen te zijn heb ik hem ondercontrole en spuiten we met 8.5 tot 10 knoppen er door. Ik loop Kees Corts voorbij. Dit betaald uit!
0.8 mijl voor de OVD3 haal ik de spi er af en dat gaat zonder problemen. 11.54 uur de OVD3 geklokt.
Ben inmiddels zeker van route 4 en de wind gaat tegen de avond krimpen naar zw en ik heb reeds besloten dat ik na de sluis het anker er in gooi en rust tot 18.00 / 19.00 uur .
Menno zijn voorspeling komt exact uit. Tussen 18.00 en 19.00 uur krimp de wind weer naar ZW en trek weer aan. Een ideale wind om halve wind naar Medemblik te varen.

18.55 uur de EZ29 gerond en op weg naar Medemblik. Het gaat weer hard. In de vlagen moet ik het grootzeil iets laten vieren om niet uit het roer te lopen. De snelheid zit constant boven de 7 knopen! Ik heb zelf een waypoint in gevoerd om zo dicht mogelijk langs het Enkhuizerzand te kunnen varen. Voorgaande jaren ging ik er ook wel overheen, maar het schijnt al winterpeil te zijn en dan wordt het wel erg krap. Als ik de boeitjes van het Enkhuizerzand passeer loopt de diepte meter snel op naar 1.6 m. Ik zou toch nog net in het 2 meter diep stukje van de uiterste betoning moeteen zitten. De snelheid loopt terug naar ruim 6 mijl door de zuiging. Plotseling geeft de diepte meter nog maar 1.4 m aan. Gelijk voel ik de kiel de grond een paar keer raken.
Shit wat nu? Terug of afvallen? In een seconde neem ik het besluit en trek het grootzeil flink door om meer heling te maken en maar te hopen dat ik er overheen kom. Na zo.n 50 meter zo nu en dan over de grond geschuifeld te hebben loopt de diepte meter weer op en kan ik weer opgelucht adem halen. Als ik later mijn waypoint controleer blijkt dat ik een druk fout in de coordinaten heb zitten waardoor ik 1 mijl zuidelijker zat dan gepland!

In de buurt van de GZ1 kom ik veel collega’s tegen die route 3 doen en onderweg zijn naar Enkhuizen. Het is inmiddels donker en kan niet meer onderscheiden wie ik tegen kom.
Boven het vogeleiland neemt de wind iets af maar het blijft hard gaan. 21.51 uur de WP8. Als ik dat snel bereken is dat een gemiddelde van 7.1 over dit rak! De eerste dag ging in ieder geval al goed. Ik heb naar Bob Hanenberg (havenmeester van haven bij het regatta centrum) gebeld en gemeld dat ik vanavond nog aan kom. Ik mag wel aan de meldsteiger gaan liggen.
Nog contact met Menno gehad en samen besloten om de volgende dag rond 9.00 uur te starten bij de WP 8 en tot Urk door te varen.

Donderdag 29 september
S,ochtens na het ontbijt even bij Bob in het havenkantoor bij gepraat en nog enkele weersites bekeken. De verwachtingen komen overeen met wat Menno al aangaf.
Er ligt een solozeiler voor anker net buiten de haven. Het blijkt Gert Jan Kos te zijn. Ik zie dat hij het anker licht en ik moet ook opschieten, want 9.00 uur starten bij WP 8 haal ik niet meer.
Ik heb tel.contact met Menno. Hij zegt dat ik moet opschieten en moet zorgen dat ik voor 17.00 uur bij UK 16 ben! Nou dat knoop ik in mijn oren en ik zal mijn best doen. 9.21 uur WP 8 gestart. Gert Jan Kos voer eerst voor mij uit naar de boei maar wisselt nog een fok voordat hij start. Het waait weer lekker hard 19 tot 26 knopen. Ik moet toch maar een rif zetten want ik loop te vaak uit het roer. De snelheid blijft goed en zit weer constant ruim boven de 7 knopen. Gert Jan volgt mij en ik zie dat hij me niet echt in loopt. Bij Makkum zie ik enkel scheepjes voor me uit de haven komen en starten bij de VF04. Dat zijn dus deelnemers die ook route 4 doen.

Bij de VF04 aangekomen een storm rondje gemaakt en snel het rif er uit gehaald. De koers is nu ruimer. Ik heb ben moe van het sturen en heb het wel even gehad. Ik stel Tjeerd onze bouwvaan in en laat deze voorlopig sturen. Zo kan ik even rustig plassen, eten en drinken. Even tijd voor mijzelf. Na een uurtje bedank ik Tjeerd voor zijn diensten en ga weer fanatiek zelf sturen. Scheelt toch zo een paar tienden van een knop!
Ik krijg zo nu en dan een bui over met 27 tot 36 knoppen wind. Bij de eerste 2 buien heb ik het rif er net op tijd in zitten en kan ik de wind stoten aardig opvangen. Bij Enkhuizen GZ2 is het even rustig voor de bui en kan ik gijpen. Ik zie dat ik duidelijk ben in gelopen op het groepje boten voor me.

In het rak richting lemmer krijgen we nog 2x een bui over. Bij de eerst bui ben ik te laat met reven en sta te kloten met een vast geslagen smeerreep om de giek. met een half gereefd zeil besluit ik eerst maar in de bui door te varen. Als de wind afneemt lukt het me om de smeer reep los te krijgen. Lemmer komt al in zicht maar er dient zich nog een bui aan. Ik besluit nu niet te reven maar af te vallen tot ruime wind. Dit is cool!!! 35 knopen schijnbare wind en dan er lekker door spuiten! Na de bui loef ik weer op en zie dat ik de eerste van het groepje boten voor mij al aardig ben genaderd. Het is Pamela die ik nog voor Lemmer voorbij schuif.
Door een vlottere boei ronding ga ik Kees Riemer met de Poespas voorbij.
Het blijft heerlijk hard gaan en met die bootjes voor me blijf ik hard duwen om ze nog voor Urk te passeren. ETA UK 16 rond 17.00 uur. Menno, het gaat nog lukken ook!! 17.02 uur UK 16 gefinshd! Het is gezellig druk bij de boei. Er zijn ook veel route 3 deelnemers die nu naar Urk gaan.

In Urk naast Arie Nauta gaan liggen. Ik nodig Arie en Gert Jan uit voor het diner. Als je nu kookt voor één of meerdere personen dat maakt niet uit. En vooral voor Gert Jan die weinig luxe aanboord heeft is dit een welkome uitnodiging. Gezellig met zijn drieen gegeten en daarna lekker gedoucht, nog een borrel en vroeg in de kooi. Dit mijn 6e 200 myls maar ik ben nog nooit zo goed aan mijn nachtrust gekomen. Normaal had ik nog wel eens last van onrustige nachten waar ik slaap maar niet kon vatten. Dit jaar geen enkele last en ben elke ochtend fit om er dan weer fanatiek tegen aan te gaan.

Vrijdag 30 september
Er zijn al verschillende deelnemers die vroeg vertrekken. Een paar deelnemers blijven wachten waaronder ik. Met Menno contact gehad en die adviseerde me pas na 11.00 uur te starten. Vandaag gaan we tot Breezandijk.
Om 10.55 gestart. het waait nog niet echt hard. Weer halve wind naar de …. (zw). Naar de vz wordt hoog adw net aan te lopen? Na 10 minuten komt de voorspelde wind door en het is weer ragen met voltuig. Regelmatig het zeil laten vieren om niet uit het roer te lopen. Weer ruim boven de 7 knopen! Na het ronden van de ??? aan de wind naar de ?? het is net een knik in de schoot. In het vorige rak al 1 rif gestoken maar de 2e kan er ook wel bij. door dat we een knikje kunnen varen blijven we tussen de 6.7 en 7 mijl adw lopen! Het gaat heerlijk!!
Na het ronden van de VZ?? gaan we met een bakstag wind naar de sport B. Het waait nog steeds hard. Windkracht 6 en het water is hier voor het vrouwenzand erg onrustig. Ik besluit de spi niet te zetten. (achteraf spijt van) Ik boom de fok uit en dat gaat in het begin best aardig.
Na een uurtje vind ik toch dat het harder moet. Ik hijs daarom de halfwinder er bij. Dit gaat beter. Finish om ???? bij de sport –b . Benm nog wat onhandig aan het klungelen met de halfwinder voor ik die binnen heb ben ik al erg dicht bij afsluitdijk. Het grootzeil op doeken aan lagerwal met flinke wind en golfslag blijft altijd een hele toer en kost weer flink zweet.
Binnen in Breezandijk is het al aardig druk. De hele route 4 ploeg ligt hier zo’n beetje. We hadden met Arie afgesporken dat we vanavond bij hem zouden eten, maar deze ligt voor anker en ik kan naast Bart Smulders gaan liggen. We liggen 4/ 5 dik aan een werkschip.
Gerben Bos kom nog wat later binnen en gaat weer naast mij. Gerben heeft wel op spi gevaren en heeft erg hard gevaren. Via de zijn thuisfront worden we op de hoogte gehouden van de stand.
Van de route 4 deelnemers liggen de eerste 3 toevallig naast elkaar. Bart 1e Gerben nu 2e en ik 3e van route 4. Gerben stond vanochtend nog achter me en heeft blijkbaar over deze dag toch beter gevaren dan ik. Ik verbaas me ook hoe goed bart Smulders het met zijn Compromis doet. Ik ben niet helemaal tevreden over mijn voorlopige resultaat.

Van Menno krijg ik door dat ik na 3 dagen een gemiddelde snelheid van boven de 7 knopen heb gemaakt! Dat zou toch snel genoeg moeten zijn. Ik leg me er voorlopig bij neer dat er nog anderen zijn die met deze wind het ook erg goed doen, en dat ik het zeker nog niet gewonnen heb. Na een goede maaltijd weer contact met Menno.
De wind ruimd morgen ochtend vanaf 5.00 uur naar het noorwesten en blijft hard 5 tot 6. Menno adviseert om vroeg te vertrekken. Ik wil dan ook tussen 5 en 6 uur vertrekken. Gerben lgt naast me maar heeft geen haast en de ander deelnemers willen om 7??? uur vertrekken. We besluiten om dan gezamenlijk dan morgen maar om 6.30 uur te vetrekken. Achter af heb daar de volgende dag wel spijt van.

Bauke IJntema (Catootje)

2e. prijs
Gerben
Bos
3e. prijs
Egbert
v.d. Waal
Vrouwentrofee
Pamela
v.d. Vleuten
1e. prijs
Bauke
IJntema
M 1 prijs
Dik
Geurts

200 myls ‘SOLO’ 2006 januari 2006 – door: Peter v.d. Schaaf

200 myls ‘SOLO’ 2006 januari 2006 – door: Peter v.d. Schaaf

Dit jaar doe ik voor de vijfde keer mee aan deze solo wedstrijd voor kajuitjachten.
Nou ja solo is wel een groot woord want de sociale saamhorigheid is dermate groot dat je nooit het gevoel hebt dat je alleen bent. Je vaart je boot alleen, maar daarna is het sologevoel wel weg.

De 200 myls ‘SOLO’ is een wedstrijd die 200 mijlen duurt, verder moet je tenminste een drietal rustperiodes aanhouden van minimaal 6 uren, terwijl de minimale rusttijd 27 uren is. Kortom aan rusttijd geen gebrek.Op dinsdag vaar ik de boot van Medemblik naar Muiden. Ja waait hard, tot aan Enkhuizen is dat geen probleem, want dat is bezeild en schiet het lekker op. Op het Markermeer staat de wind pal tegen, ik besluit het stuk maar te motoren om zo nog een beetje op tijd in Muiden te zijn.
Er staat 25 knopen wind en op de korte golfslag maakt de boot geweldige klappen. Ondertussen begint het nog te regenen ook, zodat de stemming behoorlijk daalt.

De boot is een one off naar een ontwerp van Peter Bosgraaf. Het casco is in Estland gebouwd en de verdere afbouw heb ik eigenhandig gedaan. De boot is 10 meter lang, 3,37 meter breed en steekt 2 meter.
De boot is ontworpen als high performance cruiser, in gewoon Nederlands betekent dat de boot akelig snel is. Om dat te bereiken is er alles aan gedaan om het gewicht zo laag mogelijk te houden. Een voorbeeldje het interieur is gemaakt van schuimplaten met een fineerlaagje. Dat gecombineerd met een fors zeiloppervlak resulteert in een boot met een hoog snelheidspotentieel met name op de ruime windse rakken. Wel betekent het dat de rating navenant zwaar is en dus zul je ook snel moeten varen.

Dinsdagavond is er het gebruikelijke palaver bij Ome Ko. Teveel mensen op een te kleine plaats, ik hou er niet van. Dit jaar krijgen we een geavanceerd GSM/GPS apparaat mee die onze posities naar het regattabureau zendt. Eén druk op de knop en de boeipassage wordt doorgegeven.
Handig en van dat geklooi met de wegwerpcamera ben je af. Later zal blijken dat het systeem niet onfeilbaar is. Op moment van schrijven staat Egbert van de Waal op de zesde positie terwijl volgens zijn eigen logboek een derde plaats zijn deel is.Dag 1 woensdag 28 september
Op de woensdagochtend wekt de wekker mij om halfzeven. Het week lijkt rustig, al kun je daar in de haven niet altijd op vertrouwen. Er is nog weinig animo om te vertrekken, rond kwart voor acht gooi ik de meerlijnen los en start onder spinaker om 7.59 uur.
Niet erg slim achteraf, wachten op meer wind werd beloond.
Tot aan het Paard van Marken kan de spinaker blijven staan, daarna tot Volendam is het te hoog voor het rode gevaar en gaat hij in de kajuit. Om het snelheidsverlies te compenseren denk het cardinale boeitje bij het Paard wel af te kunnen snijden. Vorig jaar ging het immers ook. Nou nu niet dus, met een paar verontrustende klappen loop tegen iets erg hards aan. Albert de Brouwer van ’t Waere Hout, die enkele tientallen meters voor me vaart, kijkt verschrikt achterom. Gelukkig blijft de boot niet haken en kan ik mijn weg vervolgen.
Na de MN1GZ2 is het rak naar de NEK boei aan de beurt. Snel staat de spinaker weer, maar er zijn buien op komst waarin de wind en toeneemt en behoorlijk schift, zodat het niet verstandig is de spinaker te laten staan, dus na een kwartier ligt hij weer in de kajuit. Na de Nek is het door naar Lelystad, het waait circa 20 knopen de wind komt schijnbaar 130 graden in, maar ik ben te schijterig om de spinaker te zetten, bovendien het loopt wel lekker; zo’n 8 knopen is niet verkeerd en in de surf loopt de snelheid op naar 10 knopen. Bovendien haal ik Bouke Yntema, die wel spinakerd in, dus waar maak je je druk om.
Fout, dit kost minuten.

De routekeuze dient nu gemaakt te worden; route 1 en 2 vallen af in verband met de windverwachting voor de donderdag. Men verwacht 7 Beaufort en bij deze waarschuwing mag niet worden uitgevaren. Verder lijkt route 2 niet gunstig omdat de wind donderdag uit het zuidwesten zal komen en dan moet je op zee kruisen. Nee volgens Egbert, Albert en mijzelf is route 3 of 4 de keuze dit jaar, helaas geen stroomvoordeel dit jaar. Na de sluispassage besluit ik voor route 3 te kiezen, het rak naar de WP8 (route4) is hoger aan de wind dan de WV14 en daarna kun je mooi halve wind naar Enkhuizen. Het waait nog steeds 20 knopen en met een rifje gaat het naar Den Oever.
Ik start bijna gelijktijdig met Frits Bartels van de Easy Going. Na een tijdje zie ik hem veel hoger varen en begin ik argwaan te krijgen als ik recht op Stavoren lijk aan te sturen. Caramba, de verkeerde boei staat actief in de GPS, nu moet ik veel hoger varen om de WV14 te halen, gelukkig is het nog bezeild. Ik kom een paar minuten voor Frits bij de boei en daarna gaat het rif eruit en is het rak naar Enkhuizen prachtig bezeild. Zo mooi dat ik vergeet op te letten en vast loop op de Kreupel. Het lukt om de boot te laten gijpen en door de ontstane helling komt de boot langzaam los van de plaat.
Bij de EZ1KG2 vind ik het genoeg voor vandaag, er worden veel buien met zeer veel wind verwacht voor de komende nacht, dus ik meer veilig af in de Compagnieshaven. Bart van de J-action helpt me bij het aanmeren en we kletsen nog even na over dit mooie zeildagje.
Allengs loopt de haven vol, het lijkt wel of de hele vloot voor route 3 heeft gekozen, zo druk is het. Albert en Jaap Broer van de Di Vagi liggen naast me en samen met Egbert nemen we de dag nog even door. Egbert is het laatste gestart en heeft veel voordeel gehad van de toenemende wind.
Het loont om te wachten op wind.

Dag 2 donderdag 29 september
De volgende ochtend worden we gewekt met de beloofde windwaarschuwing 7 Beaufort. Wachten dus. In de haven lijkt het alsof het met de wind wel meevalt. Als om kwart over acht kanaal 1 niet meer waarschuwt voor windkracht 7, maakt een ieder aanstalten om los te gooien. Het deert ons blijkbaar niet dat de windverwachting 6 tot 7 is.
Omdat ik aan de steiger lig ben ik laat op het water, de helft van boten voor is weggegaan zonder rif, maar al snel besluiten ze dat deze zeilvoering toch echt teveel is voor een aan-de-winds rak naar Sport B. Zo kan ik de kunst afkijken en in de luwte van de bomen het eerste rifje zetten. Ik start vlak achter Egbert met de Fast Good een waarschip 1010. Ooit was ik de trotse bezitter van een dergelijke boot en weet daarom dat een aan-de-windse koers niet tot favorieten van een 1010 behoort.

Na een aantal mijlen heb de 10 minuten dan ook goedgemaakt, daarna krimpt de wind echter en kan de Sport B met een kleine knik in de schoot worden bezeild. Op deze koers is een 1010 met 25 knopen wind slecht te verslaan. Urk is het volgende doel, tot aan Stavoren is het halve tot ruime wind en Egbert blijft zo’n 2 minuten achter mij hangen. Ik kan dat rooie ding maar niet kwijtraken. Voorbij Stavoren wordt het plat voor het laken, echter door buiige karakter van het weer durf ik de spinaker niet te zetten. Wel als een mijltje of vijf voor Urk de wind iets afneemt besluit ik het rif uit het grootzeil te halen. Op het moment dat de wind iets afneemt loop ik weg bij Egbert, neemt de wind weer toe komt Egbert ook weer dichterbij. Gelukkig voor mij blijft de wind vlakbij de UK16 wat weg en kom ik eerder bij de boei. Omdat het rak naar Medemblik niet bezeild besluit ik maar te blijven liggen, dat denkt ook de halve vloot want het is druk in Urk.

De kade waaraan we liggen is een ramp, de Sahara is er niks bij. Samen met Albert en Egbert willen we visje gaan halen, maar dan blijkt Urk toch niet het vissersdorp van Nederland te zijn; na zeven uur is alles gesloten wat ook maar iets met vis te maken heeft. Toch blijkt Egbert weer op handicap- sneller te zijn dan mijn racemonster en dat knaagt.
Een Waarschip 1010 is zo gek nog niet.

Dag 3 Vrijdag 30 september
Op vrijdag word ik wakker van gestommel op mijn dek. Het is halfacht en er is weinig wind, welke idioot is er nu zo gek om nu al te vertrekken. Wanneer ik mijn hoofd uit het luik steek is Albert al druk bezig om los te gooien. Wel potverdorie. Hij is jarig vandaag en had mij nog een ontbijtje beloofd. Dat loop ik nu mis. Later zal Albert verkondigen dat hij een prachtig relaxed zeiltochtje heeft gehad. Met Egbert, die naast me ligt, bomen we over de juiste vertrektijd. Het thuisfront van Egbert meldt dat later in de ochtend de wind gaat toenemen. Om halfelf waait er een mooi viertje en om elf uur word ik onrustig en besluit te vertrekken.

Achteraf toch weer te snel, want een uur later staat er een nog mooier vijfje. Het rak naar Medemblik is overigens wel heel erg mooi. Halve wind en de snelheid ligt continue zo rond de 8 knopen. De ene na de andere boot wordt ingehaald. Dan plotseling circa 3 mijl voor de WP8 een luide knal, de giek schiet omhoog en weg snelheid. Eerst denk ik dat er iets met de mast is. Gelukkig niet, dan zie ik dat een carbon wartel die de giekneerhouder met de mast verbind compleet doormidden is gescheurd. Met een verschrikkelijke twist in het grootzeil maak ik het rak af en besluit naar Medemblik te varen. Ik denk namelijk nog een wartel in aluminium te hebben liggen, alleen past deze niet goed. Snel op de fiets naar huis en de wartel op maat gezaagd en gevijld. Het spul weer monteren en ik race weer. Nog geen drie uurtjes later ben ik weer bij de WP8. Intussen denk ik dat de wind is afgenomen en besluit de heavy spinaker te zetten, het immers bijna plat voor het laken. Al snel blijkt dat het een tijdelijke winddip is geweest en halverwege neemt de wind toe tot 25 knopen. De boot gaat fantastisch, blijft goed sturen en gaat steeds meer versnellen.
De GPS geeft continue snelheden van 9, 10, 11 knopen aan. Zo nu en dan begraaft de boeg zich in de volgende golf, met als resultaat een spray van water over het dek. Dan gebeurt het een flinke vlaag en een prachtige golf, roerdruk minimaal en de boot blijft maar versnellen. 10, 11, 12, 13……….en dan 14 knopen bootsnelheid. YESSSSSSS. Het lawaai is niet van de lucht, de boot ramt gewoon door het water. De VF4 komt naderbij en dan zit ik toch met kromme tenen aan het roer, de waterdiepte is daar slechts 2,2 meter en de boot steekt 2 meter en met 10 knopen aan de grond lopen lijkt mij niet prettig. Ik besluit de spinaker 3 mijl voor de boei weg te halen. James aan, loef los, lijschoot pakken en rustig de val vieren. Binnen 30 seconden ligt de spinaker in de kajuit. Zo, dat is weer een probleem minder. Oploeven naar de geul en volgens voor de wind naar de boei. Het scheelt wel wat snelheid, maar safety first.

Over het rak doe ik één uur en drie kwartier: 9 knopen gemiddeld. Op de steiger verwonderde blikken waar ik nu weer vandaan kom.
Ik was toch veel eerder vertrokken? Op rating pak ik Egbert eindelijk: 2-1. We vieren Albert’s verjaardag op ’t Waere Hout, samen met Egbert en Fred Knitel. Schade levert soms ook wat op.

Voorlopig lig ik aan de steiger, maar ik moet nog 6 uren ankeren. Ik val in slaap en wordt om één uur wakker. Het waait nog steeds stevig en het miezert. In het Makkumerdiep gaat het anker de plomp in, krabt en de boot loopt vast. Met veel moeite krijg hem weer los. Tenslotte houdt het anker en keert de rust terug.

Dag 4 Zaterdag 1 oktober
Op zaterdag lijkt de wind gunstig om in één keer naar Muiden te varen. Om circa halfnegen vertrek ik weer. Het rak naar Hindeloopen is eerst mooi bezeild maar naarmate de tijd vordert krimpt de wind iets, hierdoor wordt het rak naar Stavoren nog maar net bezeild.
Na Stavoren kan ik afvallen en gaat de spinaker ervoor. Het is wat hoog aan de wind, maar met de heavy spinaker (reacher) gaat het net. Wel moet ik in vlagen flink afvallen. De wind gaat steeds meer toenemen tot 15 knopen en krimpt nog meer, hierdoor is de HR-B niet meer bezeild met de spinaker en besluit ik hem eraf te halen.
Bij de boei zie ik een mededeelnemer worstelen met zijn gennaker. Hij probeert deze aan de wind zeilend eraf te halen, maar dat gaat niet erg vlotjes. Het schutten duurt even omdat er iets met een stroomstoring aan de hand is. Het wordt door het oponthoud ook erg druk met al die japannertjes. Door de krimpende wind is de NEK boei bijna bezeild dus dat is gunstig. Ik de trim de zeilen geheel vlak en loop verschrikkelijk hoog ten opzichte van de overige deelnemers. Uiteindelijk moet ik een slagje van één mijl maken. Daarna is het via Volendam naar Muiden bezeild. Het is een lange dag en hoewel de spinaker er langs de dijk van Marken er waarschijnlijk op had gekund, laat ik deze in de zak zitten. Om 19.25 uur finish ik bij de IJM17. Het zit er (helaas) weer op. In de stichtingshaven krijg ik een leuk plekje. Het is alleen jammer dat de schipper die via mijn achterdek op de kant moest komen, verzuimde te vertellen dat hij de antenne van de weerontvanger heeft gesloopt.
Met Truus en Egbert pak ik op de goede afloop een chinees. En onze strijd, och die bijl hebben we maar begraven.
Je leert je boot steeds beter kennen.

Naschrift.
Uiteindelijk levert een competitie tussen drie boten wel wat op. Albert eindigt uiteindelijk op rating op een 21 ste plaats, ikzelf op een zevende, met maar 50 seconden verschil met nummer 6 en Egbert doet het fantastisch met een derde plaats.
Meer informatie op www.200myls.nl

Peter van der Schaaf
S/Y Jager

’10 jaar 200 myls ‘SOLO”door Ad Beringen

’10 jaar 200 myls ‘SOLO”door Ad Beringen :’de Drietand’, 33e. jaargang, nr 8, december 2005,Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers

Hij heeft het ‘m weer geflikt !Voor de tiende keer een wedstrijd als deze op poten krijgen is een formidabele prestatie. Zeker als men in ogenschouw neemt, dat dit eigenlijk een familieaange-legenheid is. Samen met zijn twee zoons begon Kust- zeiler Jan Luyendijk een wedstrijdje te organiseren
voor een handjevol deelnemers.
En moet je nu eens zien! 85 ingeschrevenen en een veelvoud aan liefhebbers wier gesmeek om deelname steeds luider wordt: “Wanneer komen wij nu eens aan
de beurt, Jan?”
Wat dacht je van de Oosterhaven van Medemblik en
cafe Brakenboer, Jan? Ruimte zat! Maar dit terzijde: Ik heb namelijk makkelijk praten. Ik hoef me niet druk te maken over de organisatie, ofschoon ik best een hand-
je zou willen toesteken.
Als het maar niets met computers heeft te maken.De prijsuitreikingDe ruimte van de gastvrije AVOH in Huizen was weer afgeladen met vele belangstellenden, toen Jan om acht uur de bijeenkomst opende met een praatje dat door-
desemd was met superlatieven, hoe mooi men het gevonden had, maar ook van teleurstellingen. Want vergis u niet, het was dan wel overwegend mooi weer, ook stoof het af en toe behoorlijk, vooral de donderdag. Toevallig was ik ook die dag op het water, dus ik weet waar ik over praat. Gelukkig weerhield dat niemand om toch op pad te gaan, zodat de meesten de finish haalden.Deze tiende aflevering werd gewonnen door Bouke Ynte- ma.
De vrouwenprijs ging naar Pamela v.d. Vleuten. Nee, beide geen Kustzeilers. Hoewel het Kustzeilersgehalte in de 200 myls ‘SOLO’ altijd hoog is, vielen die dit keer niet in de prijzen.Ad Beringen
HuldigingAan het eind van de avond werd Jan verrast met een huldiging, waarvan hij helemaal stil werd. Zonder dat hij daar iets van af wist, had men bij (oud)deelnemers een formidabel bedrag opgehaald, waarvan verschillende cadeaus aangeschaft waren.De belangrijkste daarvan was een Geonav, maar ook een bon voor een etentje met de familie hoorde daarbij. Diep onder de indruk liet Jan alles over zich heen komen. Het was echt een succes en tijdens het slotapplaus begon men prompt te roepen, dat hij ook maar de volgende tien Solo’s voor zijn rekening moest nemen. Daarover hield Jan zich echter wijselijk op de vlakte, maar hij glom wel van alle kanten. En passant werd hij ook nog benoemd tot ‘Commandeur van de 200 myls ‘SOLO’ voor ’t leven.
U begrijpt, daar namen wij er eentje op.Als u meer wilt weten over deze race, bezoek dan Jan’s mooie site: www.200myls.nl
Zeer de moeite waard met links die u zelfs naar de ‘Ostar’ en de ‘Petit Bateau’ kunnen leiden.

Motivatie om mee te doen aan de Schuttevaer race Piet Bakker

http://www.schuttevaerrace.nl/

Motivatie om mee te doen aan de Schuttevaer race – 2006 Overgenomen uit :http://www.schuttevaerrace.nl

Mijn motivatie…… daar moet ik eens goed over nadenken. Met welke sport dan ook doe ik graag in de voorhoede mee, bij de Schuttevaerrace is dit meestal niet het geval dus dat kan het niet zijn. Ook wanneer ik terug kijk op de andere Schuttevaerraces weet ik dat ik niet voortdurend aan het genieten ben. Soms vervloek ik die gekke wedstrijd en zou wat graag de motor willen starten. Dus dat kan het ook niet zijn. Wanneer de fietser in Harlingen zijn traject gefietst heeft en we moeten vertrekken ben ik moe, eigenlijk nog helemaal nog niet geslapen, en door en door koud.

Een slecht gevoel en niet bepaald motiverend. Ook wanneer ik merk dat, wanneer we langs de Pollendam Harlingen weer verlaten, de wind zo is gedraaid dat juist wij nu weer moeten opkruisen word ik niet bepaald vrolijk. En wat te zeggen van het laatste “rakje” naar de kardinaal vlak boven Vlieland, deze ligt altijd veel verder weg dan je ook ooit maar in kunt schatten. Om dan nog maar niet te praten over het rakje daarna wanneer je waarschijnlijk net stroom tegen krijgt. Niet veel maar net genoeg om Vlieland nét niet te halen want uiteraard is in dat latere avonduur de wind ook wat afgezwakt. Dan kun je ook wel nagaan dat de loper al uren klaar zit in zijn maillotje en denkt dat hij “zo” de wal op kan en zijn truckje mag doen. Ook zijn motivatie krijgt dan wel eens een deukje.

Dus wat mag dan wel niet mijn motivatie zijn om voor de 7e keer mee te doen?! Wel weet ik dat ik sta te kicken wanneer ik in het donker met een ruim koersje van Vlieland naar Harlingen zeil, ook al komt de regen met bakken uit de hemel. Mijn jas en capuchon stijf dicht getrokken alleen een spleetje over om het nodige te kunnen zien. En genieten van een kippepootje wanneer de meeste normale mensen allang op één oor liggen. Mijn vrouw zegt ook wel eens dat ik mij na moet laten kijken, want een dergelijke “passie” is niet normaal. Maar ja, nu die motivatie, ik zou het niet weten. Misschien dat we eens moeten informeren naar een groepskorting voor een psychologische check. Misschien zit het wel in ons nieuwe ziektekosten pakket. Ik zal het eens opzoeken.

Met vriendelijke groet Piet Bakker – Hindeloopen – S/Y Jolly S

BAUKE YNTEMA WINT 200 MYLS SOLO

BAUKE YNTEMA WINT 200 MYLS SOLO

Bauke Yntema uit Workum is met zijn jacht  Catootje,  een Winner 950,   winnaar geworden  van de  tiende  200 myls ‘SOLO’. In 2004 won Yntema al het brons.   Gerben Bos  met een F&F 95 won het zilver en Egbert van der Waal met een Waarschip 1010   sleepte het brons in de wacht.   De vrouwentrofee ging dit jaar naar Pamela van der Vleuten. De gouden M 1-prijs werd gewonnen door Dik Geurts.

De weersomstandigheden tijdens de race,  die eind september/be- gin oktober werd gehouden, wa- ren fantastisch.
Na 4 weken met heel weinig wind, kwam  juist  tijdens  de wedstrijd een dikke wind tot 7 beaufort op- zetten.
Opvallend waren de tegengestel de  berichten  van de  Kustwacht en Meldpost IJsselmeer op 29 ok- tober.
Dankzij de  gps/gsm-units de X-Trace, die door XMARK bv werden  geleverd  en gesponsord,  konden fans en familieleden de deelnemers  thuis  op  internet nauwlettend volgen, tenminste als de deelnemers tijdens hun wedstrijd hun merktekenpassages doorklikten.
De te korte termijn voor diverse schippers om  gewend  te raken aan de units en om deze correct aan  het boordcircuit aan te slui- ten,  veroorzaakte  een verschil in  reële  wedstrijduitslagen  op de finishdag.
De volledige  uitslagenslijst  van de tiende 200 myls ‘SOLO’ is te vinden op de website van het evenement: www.200myls.nl

 

Aan de tiende 200 myls op het IJsselmeer en de Wadden namen in totaal 76 boten deel. Daarvan zijn er uiteindelijk 59 gefinisht.

Verdwaald in Petit Bateau door Herman Tieman

door: Herman Tieman
S/Y Nan Verdwaald in Petit Bateau

Pettit Bateau,een Engelse club zeilliefhebbers, die zich inzet voor het shorthanded tour/wedstrijdzeilen op zee.
Goed idee .
Boten vanaf 30ft. Kunnen zich inschrijven maar kleiner is niet per definitie uitgesloten.
Omdat ik mijn 28 footer voldoende zeewaardig acht en het vaargebied een beetje ken, besluit ik in te schrijven.
Mijn inschrijving wordt geaccepteerd en na het overmaken van 150 engelse ponden, definitief.
Tot mijn grote vreugde zijn er nog 2 andere 28 ft’s die hebben ingeschreven. Dat belooft dus een leuk mini competitie veldje te worden
Deze boten, verdwijnen na enige tijd, om wat voor reden dan ook, uit de inschrijvingslijst. Weg competitie…….
Toch heb ik er wel zin in. Ik maak mij echter weinig illusies over het wedstrijd element als ik de overige deelnemers op de lijst bestudeer; Grote “petit bateau’s “,hightech uitgerust .

Op 11 juni verlaat ik mijn thuishaven, de Blocq van Kuffeler, richting Lymington, waar op 19 juni de start van de PB zal plaats vinden.
Mijn vriend Laurens vergezelt mij op de tocht daar naar toe.

Met een N.W’ster wind verloopt de tocht voorspoedig .
De enige minpunten zijn dat; bij een naderende bui, tijdens het wisselen van het voorzeil deze halverwege blijft steken, niet meer te hijsen of te strijken valt, wij het zeil, in heftige wind met het val weten te sjorren, vervolgens in toenemende wind en zeegang uitwijken naar Oostende om daar de boel te klaren, vervolgens in Oostende ook nog een stuk net in de schroef krijgen, maar toch de boot keurig weten af te meren .

Diezelfde avond nog een duiker bestelt die net uit schroef lossnijdt en mij complimenteert met mijn “kloeke“ schroef. Is ook net nieuw, van het klap type, die mij moet doen opstomen in de vaart der volkeren.
Met buitengewoon creatief inzicht van Laurens, die nooit de makkelijkste weg zoekt, maar veel plezier beleeft aan het vinden van ogenschijnlijk ingewikkelde oplossingen, weten we ook de problemen met het voorzeil te klaren .

De volgende dag vertrekken we monter richting Dover.
Veel hoog aan de wind stampen in het Chenal de Four. Al motorzeilend bereiken we de westelijke ingang van de haven van Dover en vragen of we asjeblieft daar naar binnen mogen i.p.v. de gebruikelijke oost-ingang. Gelukkig krijgen we toestemming. Tussen de pieren stopt plotseling de motor .We hijsen een zeil en weten vrij te blijven van in en uitvarende ferry’s.
De havendienst stuurt een bootje die ons naar een veilige plek sleept .

De volgende dag blijkt er een stevige wind uit Z.W 6 tot7 te waaien. We vertrekken toch..
Na een uur op zee, hoog aan de wind, met heftige golven, kijken we elkaar aan; Nee,dit voelt niet goed, terug naar Dover.
Verstandig zeemanschap, niet waar?

Ondertussen begin ik mij af te vragen of ik nog wel op tijd voor de start in Lymington arriveer.

De volgende dag is de wind iets afgenomen en meer naar het zuiden gedraaid.
Dit is onze kans. We besluiten te vertrekken en non stop naar Lymington te zeilen. We komen daar op 17 juni aan en blijken de eerst gearriveerde deelnemer te zijn. Dat is alvast binnen.
De verzamelhaven in Lymington is een sfeerloze en peperdure Marina waar ik mij niet op mijn gemak voel en besluit, na mij aangemeld te hebben, af te meren aan een steiger in de binnenstad, die ik van vorige bezoeken ken.

De volgende dag druipen de overige deelnemers binnen die wel in de Marina gaan liggen
Ik ben een beetje verwend door de 200 myls solo. De start daarvan is in Muiden. Er is een plek gereserveerd voor de deelnemers. Je ontmoet elkaar en groeit naar de wedstrijd toe.
Zoniet hier. Iedereen ligt verspreid en moet elkaar maar zien te vinden.
Uiteindelijk lukt dat, maar een beetje sfeerloos is het wel.

Zaterdagavond palaver met diner .

Zondagochtend dan eindelijk de start. Eerste traject is van Lymington naar Cherbourg. Weinig wind. Voordewinds rak. De spinakers gaan omhoog maar kakken in .
Na het ronden van de Needles is het halfwinds en gaat het met een knik in de schoot richting Cherbourg.
Prachtig weer, heerlijk zeilen.
Dan opeens…………. Een oproep van Paul Peggs aan de Engelse kustwacht; ”Lig naast een boot van een medezeiler, niet bemand, reddingsvlot aan boord, kennelijk over boord gegaan.
Alle deelnemers horen dit bericht en schrikken zich rot. Iedereen strijkt de zeilen, noteert positie van verlaten boot en probeert aan de hand van wind en stroom zoekslagen uit te rekenen om de verloren man op te sporen. Ondertussen doet de Engelse kustwacht hetzelfde en in samenwerking met de Franse kustwacht wordt door laatste besloten een helikopter te lanceren.
De man wordt gevonden. Levend en wel. Het blijkt dat hij overboord gegaan is door dat hij op zijn achterdek probeerde rommel uit zijn schroef te halen. Onaangelijnd, dat wel en ook zonder zwemvest. Hij heeft 3 uur rondgezwommen in water van 14 graden en het overleeft .
Een godswonder.
Zwaar aangeslagen varen de deelnemers op de motor naar Cherbourg. Geen wedstrijd meer . Wederom blijkt het makke/onervarenheid in de organisatie. In het bijna donker scharrelen we de haven van Cherbourg in. De behoefte aan informatie is groot maar niemand weet iemand te vinden. Dus richt iedereen zich maar op de start van de volgende dag.

Maandag.
Start in de haven van Cherbourg. Eindbestemming, Peters Port op Guernsey. Cape La Hague dient gerond te worden om vervolgens in de ziedende stromen van de race koers te zetten naar Peters Port.
Het begint met een kruisrak in pittige wind. Fantastisch zeilen. Ik geniet. Bij het ronde van Cape la Hague ontvangt de Race mij met een spectaculair stroombeeld; golvend, kolkend water.
De stroom is vaak sneller dan mijn bootsnelheid. Soms verlies ik druk op het roer en ben speelbal van de stroom.
Een inderhaast gemaakte berekening leert mij dat als ik zo door ga, ik te laat kom om Peters Port met tij mee aan te lopen. Ik besluit de motor te starten en in rechte lijn op mijn doel af te gaan .
Ik waardeer mijzelf met het gevoel een verstandige, zeewaardige beslissing te hebben genomen.

In Peters Port geen spoor van mijn medezeilers te bekennen. Ik ben een beetje teleurgesteld. Wat een sfeerloos gebeuren.
Dan gaat de telefoon …Henk aan de lijn,of ik in de jachtclub kom genieten van hapjes en drankjes. Op de een of andere manier hebben de deelnemers elkaar gevonden en hebben de verloren zonen opgespoord. Het wordt een buitengewoon gezellige avond en vanaf dat moment verandert er veel in de Petit Bateau. Het gemis aan saamhorigheid blijkt die avond duidelijk en vanaf dat moment wordt er met succes naar verbetering gestreefd .

Dinsdag.
St.Peters Port /Treguier .

Een droomzeildag. Ruime wind. Ik hijs de spinnaker en die gaat er tot aan de finish in Treguier er niet meer vanaf. Het blijkt met mijn 14e plaats mijn beste zeildag te zijn tussen al die racemonsters.
Ik beleef wat angstige momenten bij het opvaren van de rivier. De gegevens op mijn detail kaart kloppen van geen kant, totdat ik erachter kom dat ik sta te turen op de aanloop naar Lezardieux. Das heel wat anders. Eenmaal de goede detailkaart voor mijn neus is het een makkie.
De rivier is oogverblindend mooi en eindigt in een prachtige haven waar de stroom nog flink doorzet. De havenmeester is zeer deskundig. Hij kent zijn haven, is op de hoogte van onze komst en plannen en wijst mij een goede plek aan om af te meren. Treguier is een oase.

Aan de gemeenschappelijke avonddis is ook de overboordgeslagene aanwezig.
Hij heeft die dag weer meegevaren en zowaar de trip gewonnen.
Ik informeer naar zijn drenkelingavontuur maar krijg daar weinig weerwoord op. Wel blijkt dat hij zich schaamt over wat hem, als zeer ervaren zeiler, is overkomen .
Hij toont erg rustig en beheerst.

Mijn conclusie is dat hij binnen het jaar zwetend en gillend uit zijn angstdromen ontwaakt.

Woensdag.
Treguir/Plymouth .

Laat in de middag verlaat het konvooi “Petit Bateau” de haven van Treguier.
In de late middagzon varen we zwaansgewijs de prachtige rivier af richting zee .
Er is totaal geen wind.
Bij gebrek aan deze valt er, op de startplek aangekomen, helemaal niets te starten.
Er wordt besloten dat we gezamenlijk op motorkracht richting Plymouth varen.
Niet sneller dan 5 knots . En dicht bij elkaar blijven.
Het is zowaar een zeer genoeglijke tocht. Twintig boten met stoomlichten over een volstrekt rimpelloze zee moet wel een feeëriek ofwel onwezenlijke aanblik bieden aan schepen die ons tegemoet komen .
Bij tijd en wijle wordt ik overmand door slaap en geef hier aan toe, nadat ik mijn kookwekkertje op 15 minuten heb gezet. Ik dommel meer in dan mij lief is en elke keer dat het alarm afgaat schrik ik mij wezenloos en heb enkele seconden nodig om mij te realiseren waar ik ben.
Zo rond middernacht begint het te waaien .Ik hijs mijn zeilen en constateer dat ik nagenoeg dezelfde snelheid vaar als op de motor. Om mij heen zie ik andere boten hetzelfde doen.
Na marifooncontact met Paul Peggs wordt besloten een start op zee te maken. Paul Peggs manoeuvreert zijn boot in een positie.
Wij dienen achter zijn spiegel langs te varen en zijn vervolgens gestart.
Het wordt een weergaloze zeilnacht. Iedereen zeilt de afgelopen motorfrustratie van zich af .
Opeens is er weer tactiek, opeens is er weer strijd.
Ikzelf ben klaarwakker en tot de tanden toe gewapend.
Ik heb 2 tegenstanders in de strijd waarmee ik mij redelijk kan meten.
Na de start varen we aardig met elkaar op. Dan plotseling zie ik hen oploeven en vraag ik mij af; Waarom? Ik besluit mijn half winds koers te volgen. Ik loop tenslotte zeer geriefelijk mijn rompsnelheid en soms meer. Enige tijd later snap ik waarom de andere twee opgeloefd zijn.
Het is tactiek. Door te loeven lopen zij meer snelheid. Als zij een bepaald punt bereikt hebben zullen zij voorwinds de spinaker hijsen om vervolgens met haviksnelheid op hun doel af te stormen, mij ver achter zich latend. Zo fantaseer ik dat.
Ik zeil uiterst geconcentreerd en probeer de volledige snelheid uit mijn boot te halen.
Dat lukt erg goed.
Ondertussen bereid ik mijn spinnaker voor. Boom erin met op en neerhouder bevestigd, schoten klaar. Spinaker zak op de juiste plek aan de reling. Top en schoothoeken aangeklikt. Ik ben er klaar voor.
En jawel, in de vroege ochtenduren zie ik de twee over stuurboord uit het niets aanstormen.
Onder spinaker zoals ik verwacht had. Ik aarzel geen moment. Hijs de spi en al reachend ga ik de strijd aan.
Het wordt een spectaculaire tocht.
Ik bereik snelheden van soms wel 9 knopen en dat is erg snel voor mijn boot. Het onderlijk van de spinnaker sleurt regelmatig door het water. Maar ik heb het aardig onder controle.
Ik ontmoet de eerste boot. De tweede ligt op forse afstand. Gezamenlijk varen we richting finish. Dan hij voor, dan ik .
En dan gebeurt het onwaarschijnlijke .Vlak voor de finish valt de wind totaal weg. Wat een frustratie.Na meer dan 20 uur en 100 mijl onderweg te zijn geweest blijkt het doel, dat nog nauwelijks 2 mijl verderop ligt, niet haalbaar te zijn .
Ik probeer wat dichter onder de kust te kruipen om daar nog wat landwind op te pikken.
Ik ben echter verder van de kust dan mijn directe tegenstander. Hij haalt het. Tegen de tijd dat ik arriveer is het echt windstil en kom ik geen meter meer vooruit.
Alle deelnemers liggen te dobberen voor de finish. Je zou je er wel naar willen toezuigen.

Ik ga zelfs zover dat ik in de giek ga zitten met gespreide armen en benen om nog enig profiel aan het grootzeil te geven. Dat lijkt soms te helpen. De snelheid loopt op van 0.01 naar 0.03 knopen. Net genoeg om overboord te pissen en je broekspijpen droog te houden maar te weinig om de 2 mijl naar de finish te halen, voor de kentering van het tij .
Dit besef is ook de organisatie toegedaan. Via de marifoon wordt meegedeeld dat de wedstrijd om 16.00 uur eindigt. Ieder wordt verzocht zijn positie op dat moment te noteren en dan naar de haven te gaan .
En zo gaat het ook. Ik heb toch wel bewondering voor mijn directe tegenstander in deze trip die vakkundig en op tijd gebruik wist te maken van de landwind.
Hij is de enige die op zeil gefinisht is. Ik was wel een beetje jaloers op hem.

Iedereen is die avond brak en oververmoeid. Toch een gezellige en hartelijk samenkomen met diner in het clubhuis.

Plymouth-Falmouth.

Uitgeslapen of niet; De tocht gaat verder .
Bij de start is er weinig wind. Iedereen experimenteert met de juiste zeilvoering ; Spi erop, spi eraf, genua uitgeboomd, over bakboord over stuurboord. Dan toch maar de spi. Werkt ook niet .
Dan maar gewoon afwachten .
Ik word lui en besteedt mijn tijd aan het verzenden van sms berichtjes.
De bedoeling is vanuit Plymouth, de Eddy Stone Rock te ronden om van daar uit koers te zetten naar Falmouth. Eddy Stone is een eenzaam baken van fallusachtige afmetingen op een paar vierkante meters rots. Het gebied is tevens militair oefenterrein en ik ben dan ook omgeven door oorlogsvaartuigen waaronder duikboten die hun naam geen eer aan doen. Ik drijf er aangenaam tussendoor.

Na het rondde van Eddy Stone, is er plotseling wind. Ik staak halverwege een zin mijn sms bericht en concentreer mij volledig op het zeilen.
Wat houd ik daar toch van…..Ik, boot en wind
Naar Falmouth is het hoog bezeild. Ik wil snelheid maken en toch niet te hoog varen of teveel afvallen. Ik besluit tot een experiment. Ik laat mij leiden door de eta. van mijn gps.
Dat betekent dat als mijn tijd ten opzichte van mijn waypoint oploopt, ik overstag ga en over de andere boeg verder vaar. De tijd loopt dan terug tot op een bepaald moment. Als de tijd weer oploopt ga ik weer overstag, enz, enz.
Best een goede tactiek. Wel hard werken door veel overstag te gaan.
Maar het betaalt zich uit. Ik vaar op met een Contessa 32 en ik kan hem goed bijhouden en vaak voorblijven. Door mijn voortdurend tacken, wat hij niet doet, loopt hij iets op mij uit .
Uiteindelijk komen we bij de finish met ongeveer 3 minuten verschil .
Ik ben in Falmouth. Bijna het einde van de tocht. Ik ben beretrots, dat ik het gehaald heb en bovenal veel zeilplezier beleefd heb. Ik ben zo langzamerhand ook wel een beetje opgebrand.

Inclusief de overtocht uit Nederland toch ongeveer 500 mijl in 2 weken verzeilt, waarvan 350 mijl solo.
De laatste dag is er nog een wedstrijd voor de kust van Falmouth. Doordat ik mijn boot moet verhalen mis ik het palaver. Aan de start is het mij niet duidelijk hoe en wanneer gestart gaat worden. En eigenlijk vind ik het ook niet zo van belang. Ik ben in Falmouth en daar ging het om.
Ik start dus veel te laat en op de verkeerde manier. Er is weinig wind. De baan is ingekort.
Ik soezel wat dromerig achteraan. Spinnaker op en genietend van de zee en herinneringen oproepend aan de voorbije dagen.

Overmorgen komt mijn vriendin aan boord.
Zij heeft de vakantie bij haar dochter in Italie doorgebracht .
Ik zal haar weer ontmoeten en zal de stap van solo op zee naar zijn twee moeten maken.

We hebben samen een mooie maar beetje gestresste terugtocht omdat ik op tijd wil zijn voor het eindexamenfeest van mijn dochter.
Op de terugtocht voel ik mij moe.
Ik vraag mij af waarom.
Elk jaar op nieuw laat ik mij verleiden door dromen en geef daar een invulling aan. Zo ook deze Petit Bateau.

Weet je wat …..(Denk ik dan). Ik stop ermee en ga volgend jaar lekker met mijn vriendin in Zeeland zeilen. Op de terugweg belanden wij in Vlissingen.
Mijn plan is om buitenom naar IJmuiden te varen .
Mist en gebrek aan wind voorkomen dat. Dus gaan wij noodgedwongen binnendoor. Veerse meer, Oosterschelde, Haringvliet.enz…………Ik voel mij opgesloten…..wat een vaarwater………..tonnetjes, tonnetjes. Mensen die de regels niet kennen. Files van boten…….
Ik stik…..ik wil weg……. Naar ruimte…..de zee……..

Nee, ik wil; geen Petit Bateau meer.
Ik ben moe.
Ik wil gewoon lekker zeilen.

Het is nu ver in de herfst.
Zojuist ontvang ik een uitnodiging van Petit Bateau.
Zal ik……………..?

Verslag door Otto Maitimu

Verslag Otto Maitimu

woensdag 28 september 2005

Vanmorgen om 07.41u voor de 4de maal gestart in de 200 mijls solo race.
De wind is zuidelijk kracht 3 en het wordt een spinnaker start.

De eerste boei is de M3 voor Muiden. Met ingang van dit jaar hebben alle deelnemers een apparaat meegekregen aan boord, waarmee de positie via de satelliet voortdurend wordt doorgegeven aan het regattabureau. Zodra je een boei passeert (moet binnen 5 meter) moet je op een knop op het apparaat drukken, waarmee tijd en positie worden doorgegeven. Deze tijd en positie zijn vervolgens voor het thuisfront te volgen op de website www.200myls.nl. Het apparaat moet wel voortdurend aan de stroom hangen, maar gelukkig is het snoer net lang genoeg om aan de ene kant ingeplugd te zijn op het schakelpaneel en aan de andere kant de drukknop in de kuip te hebben. Ik moet dan wel voor het stuurwiel staan in plaats van erachter en het is even wennen met sturen, omdat je soms geneigd bent de verkeerde kant op te sturen.
Overigens een geweldig hulpmiddel, hoewel ik het fotograferen van de boeien ook altijd wel leuk vond.

Al snel trekt de wind aan tot 4 Bft. Het loopt lekker en in een mum van tijd zijn we bij het Paard van Marken. Mijn spinnaker is eigenlijk een ATS (asymmetrische toer spinnaker) ook wel een gennaker genoemd. Het grote voordeel is dat je die van de boeg kunt varen, zodat je hem tot 60 graden aan de wind kunt laten staan. Bovendien is die wat kleiner dan een volwassen spinnaker en dat maakt dat je hem ook met toenemende wind kunt laten staan.
Dat voordeel buit ik uit, want als we vanaf Marken richting Volendam gaan, varen we ca 60 graden aan de wind en ik zie veel spinnakers opgeborgen worden, maar de mijne dus niet. Helaas is het stuk van Marken tot Volendam slechts een mijl of 2.

Vanaf Volendam gaat het weer omhoog richting Hoorn. Het gaat nu serieus waaien, WZW 5. Het schip dreigt een aantal malen uit het roer te lopen en vlak voor de boei NEK besluit ik om de spinnaker binnen te halen. Dat is echter bij deze wind makkelijker gezegd dan gedaan.
Als ik de schoot losgooi kost het tamelijk veel kracht om de slurf over het wapperende doek te trekken. De slurf alleen vangt echter al zoveel wind dat ik de onderzijde met een lijn vast moet zetten op het dek. Nu komt het volgende probleem: het spinnakerval wordt bediend vanuit de kuip; als ik hem daar laat vieren, valt de slurf in het water. Ik laat het val een klein stukje vieren, maar kan het stukje slurf dat ik nu in het geopende voorluik kan proppen niet op zijn plaats houden. Na 10 keer heen en weer lopen tussen kuip en voordek en door steeds het uit het luik stekende stuk slurf met een lijn vast te zetten, lukt het uiteindelijk. Hier moet ik toch eens iets anders op verzinnen, want dit duurt te lang.

Vanaf de NEK gaat het richting Lelystad. De wind is inmiddels 5 à 6 en op marifoonkanaal 1 wordt een actuele wind Lelystad W 6 gemeld. Ik loop onder vol tuig op een ruimwindse koers en zit bijna voortdurend aan de theoretische rompsnelheid van het schip, ca 7,7 knopen. Alleen als we van een golf afsurfen neemt de snelheid nog toe. Bij Lelystad zitten we aan de lage wal en de golven zijn hier duidelijk hoger dan aan de westkant van het Markermeer. De maximale snelheid die de electronica heeft vastgehouden is 9,5 knoop. Inmiddels ben ik al aardig wat schepen voorbijgelopen (en zelf door weinig schepen ingehaald), zodat ik nu nog 11 schepen voor me tel. Helaas heeft de Content een lage SW-factor en dus zegt het voorbijlopen van andere schepen nog helemaal niks.
Met harde wind wil elk schip wel lopen, dus ik kan verwachten dat bijna iedereen tegen zijn maximale snelheid vaart.

De sluispassage in Lelystad gaat tamelijk snel en vandaar gaan we naar Den Oever. Ik heb daarmee besloten om route 3 te volgen. Vooraf had ik gedacht route 1 te doen, dwz van IJmuiden over de Noordzee naar Den Helder en dan over het wad tot Kornwerderzand. Tijdens het palaver op dinsdagavond is alle deelnemers nog eens op het hart gedrukt om bij windkracht 7 een haven op te zoeken op straffe van diskwalificatie. De verwachtingen voor donderdag zijn dat het mogelijk windkracht 7 of 8 wordt op de Noordzee, dus je loopt het risico dat je 24 uur moet blijven liggen en dan moet je wel erg doorvaren om voor zondagmiddag 12.00u te kunnen finishen.
Het weer is fantastisch! Een stralende zon, een lekker lopend windje en alles is bezeild. Om 17.44u ben ik bij de WV14 bij Den Oever en ik ga nog een stukje doen tot Enkhuizen. Daar moet ik dan net tegen dat het donker wordt aan kunnen komen.
Ik heb nog even overwogen om door te zeilen tot Breezanddijk, maar de weersverwachting voor de komende nacht is buiïge regen, mogelijk met onweer en hagel met windstoten tot 45 knopen (9 Bft). Ik voel er weinig voor om in dergelijke omstandigheden de aan lager wal liggende vluchthaven van Breezanddijk aan te lopen.

Tegen 19.30u zie ik de KG2 bij Enkhuizen voor me liggen. De wind is inmiddels weer ZW 6. Gio Schouten zit vlak voor me en hij heeft pech, want hij moet uitwijken voor een vrachtschip dat ook langs de KG2 wil. Het kost hem tijd en meters, maar hij blijft toch voor me. Ik wil de KG2 aan stuurboord houden, maar als ik er vlakbij ben, komt er een windvlaag en loopt het schip uit zijn roer.
Op het allerlaatste moment besluit ik om de boei dan maar aan bakboord te houden en dat gaat op het nippertje goed. Na het passeren van de boei, wil de rolfok niet goed oprollen en er blijft een stuk zeil staan, waardoor het voorstag er nu uitziet als een zandloper. Ik loop vanaf het gangboord de kuip in, maar verlies mijn evenwicht door een onverwachte golf. Daardoor stap ik bovenop de contactsleutel van de motor en breekt het hele slot af.
Nou, dat is lekker, nu kan ik de motor dus niet starten en de haven ligt precies tegen de wind in. Na inspectie zie ik dat de sleutel in ieder geval niet afgebroken is.
Het deel wat overgebleven is van het contactslot bungelt nu ergens in de bakskist achter het motorpaneel. Het grootzeil laat ik nog maar even staan en ik ga eerst maar op een wat comfortabeler koers liggen. Nu de bakskist openen en op mijn kop hangend met een zaklamp probeer ik de sleutel in de slot te krijgen. Na enig gewurm lukt het zowaar en kan ik de motor starten.
De sleutel valt overigens onmiddellijk weer uit het slot, maar het contact is gemaakt en de motor blijft lopen. Morgenochtend zal ik eerst kijken of in Enkhuizen een ander contactslot te krijgen is en anders laat ik het zoals het is en doe ik het in en uitschakelen van de stroom wel met de hoofdschakelaar van de motor.

donderdag 29 september

Afgelopen nacht zijn er flinke buien gevallen, maar om 07.30u is het heel rustig in de haven van Enkhuizen. Om 07.50u zie ik het licht aangaan bij de Enkhuizer Yacht Service waar ik enkele tientallen meters vandaan lig. Een nieuw contactslot blijkt hier niet op voorraad te zijn, maar het is wel in Andijk: dat kunnen ze morgenochtend hier hebben. Dat schiet natuurlijk niet op. In overleg met de monteur komen we tot de conclusie dat we het contactslot beter kunnen overbruggen met een gewone schakelaar. Om 08.30u zal hij aan boord komen.

Terug aan boord kan ik nog net naar het weerbericht van de Nederlandse Kustwacht op kanaal 83 luisteren. Windwaarschuwing 7 Bft voor IJsselmeer en Markermeer; dat wordt dus binnen blijven.
Om 08.15u is het uurbericht van de Centrale Meldpost IJsselmeer en die geeft een windverwachting van W – NW 6 – 7, een actuele wind Lelystad W 6 en een windwaarschuwing van W – NW 6.
Hier snap ik niks van; ik roep de Centrale Meldpost op en vraag wat ze bedoelen met een windverwachting van 6 – 7 Bft en een waarschuwing van 6 Bft. Dat klinkt alsof je 7 Bft toch niet verwacht.

Ik krijg als uitleg, dat hij ook maar opleest wat ze van het KNMI krijgen en dat hij vermoedt dat de wind mogelijk wel even 7 Bft kan aantippen, maar dat dat onvoldoende is om een waarschuwing van 7 Bft te geven. Verwarring alom op de steiger. We liggen hier met ca. 10 schepen zullen we wel, zullen we niet. De deelnemers die geankerd hadden in de havenkom zien we overigens gewoon vertrekken. Iedereen die ik spreek, is het er eigenlijk wel over eens dat Urk de volgende haven wordt. Als ik tegen 11.00u vertrek, ben ik ruim voor donker binnen en dat lijkt me mooi. Doorgaan tot de volgende ton bij Medemblik is eigenlijk niet handig, omdat de wind in de WNW hoek zit.

Om 10.56u lig ik naast de KG2 en ben ik vertrokken NNW richting de Sport B ton voor Breezanddijk. De wind is WNW, een dikke 6 Bft, en ik heb een dubbel rif gestoken en de high aspect fok opstaan. Tegen de wind in staat er regelmatig meer dan 30 knopen op de windmeter en de hellingshoek is dermate groot dat ik besluit de fok een paar slagen in te draaien en het zeiloppervlak te verminderen. Het IJsselmeer is berucht om zijn korte en steile golfslag en dat is hier te merken. Regelmatig boort de punt van het schip zich in een golf, wordt opgetild en dendert dan met een klap op de volgende golf. Ik zie voortdurend het deksel van de ankerbak omhoog komen in het geweld en de golven spoelen door de gangboorden tot op het achterschip. Op een gegeven moment zie ik dat het deksel van de ankerbak open blijft staan; dat is niet goed. Ik haak de lifeline in en ga aangelijnd naar voren. Een scharnierpen van het deksel van de ankerbak is verdwenen en het deksel zit nu met slechts één scharnier vast. Op dit moment kan ik niets anders doen dan het deksel weer op zijn plaats leggen. Eenmaal terug in de kuip stuur ik met wat meer voorzichtigheid. Ik had wat hoogte gewonnen en als ik nu weer 2 korte hoge golven achter elkaar zie komen, val ik snel af om de golven wat meer dwars te nemen. Het werkt maar even, want al snel zie ik het deksel weer scheef open staan; dat gaat niet goed, nog een paar golven en het deksel is verdwenen. Opnieuw aanlijnen en naar voren, nu met een lijntje dat ik tussen de bakboord en stuurboord toerail over het deksel span: nu kan het in ieder geval niet meer omhoog komen.

5 mijl voor de Sport B lijkt het erop dat ik een extra slag zal moeten maken. Dit is het moment om de fok maar weer helemaal te uit te rollen. Het geeft wel meer helling, maar ik kan ook wat hoger zeilen. Het werkt en ik loop de ton nu zonder problemen aan.

Om 14.05u ben ik bij de Sport B en kan ik omkeren richting Urk. Met enige regelmaat trekken buien over en de windmeter geeft in een bui 27 knopen wind mee aan, terwijl we al zo’n 7 knopen over de grond lopen. Bij het Vrouwezand voor Stavoren lopen de golven altijd wat hoger en op een gegeven moment wordt surfend van een golf 11,0 knopen snelheid geklokt. Ik kan me niet herinneren dat we al eerder zo snel voeren. Voorbij Stavoren zie ik Han Beijersbergen met zijn Anne-Sophie achter elkaar uit het roer lopen. Volgens mij heeft hij gewoon teveel zeil opstaan voor deze wind. Tot mijn verbazing zet hij de fok op de spiboom aan de loefkant. Als je de wind tussen de 140 en 180 graden hebt, kun je dat natuurlijk proberen en daarmee creëert hij een tegenmoment om het oploeven tegen te gaan. Ik vind het riskant en zal het hem niet nadoen. Het effect is overigens wel dat hij nu bij me vandaan loopt, terwijl we voordien redelijk met elkaar opvoeren.

Om 17.31u ben ik bij de UK16 en kan ik de haven van Urk gaan opzoeken. Het is naar schatting 15 jaar geleden dat ik hier binnenliep en ben benieuwd hoe het ernu uitziet.

Tot nu toe 108 mijl van de baan gevaren, dus al over de helft. Morgen van Medemblijk naar Makkum en vervolgens Hindelopen. Gezien de verwachte wind(richtingen) in de komende dagen, denk ik dat ik morgen niet verder ga dan Hindelopen. Alles bij elkaar slechts 40 mijl. Naar verwachting zal het morgenochtend vrij kalm zijn, dus ik denk dat ik morgen maar wat langer in de kooi blijf liggen.

vrijdag 30 september

Om 08.00u vertrekken de eerste schepen al; naar mijn mening veel te vroeg, want het waait nog niet genoeg. De wind zit inmiddels al wel in de zuidhoek en dat is gunstig. Mijn buurman is Paul Peggs, de enige Engelse deelnemer. Het lijkt me een beroepszeiler en hij baalt een beetje van zijn slechte klassering. Al pratend komen we tot de conclusie dat de tussenstanden eigenlijk niets zeggen, omdat ze gebaseerd zijn op gezeilde afstand en niet op gemiddelde snelheid. We weten pas echt wat de klassering is als het zondagmiddag 12.00u is.
Ik loop nog even het dorp in voor een brood. Aan een passerende mountainbiker vraag ik waar de bakker is en hij begint te zuchten. Dat is heel lastig uitleggen en het is een klere eind. In Urk ?!
Hoe groot is het hier? Hij biedt aan met me mee te fietsen om de weg te wijzen en inderdaad het was 7 minuten lopen. Voor een Urker waarschijnlijk een hele afstand.
Om 10.15u ben ik weer aan boord en ga me klaar maken voor vertrek. De wind is inmiddels aangetrokken tot ZZW 5. Ik had vanmorgen nog even twijfels of ik de high aspect fok niet zou moeten vervangen voor de genua, maar met deze wind is de HA prima.

Om 11.12u lig ik weer naast de UK16 en nu is het ruim 18 mijl naar Medemblik. We zeilen halve wind en na ca 10 mijl moet er gereefd worden, want er staat inmiddels weer een dikke 6 Bft. Het schip is nu beter hanteerbaar en het scheelt niets in snelheid. Om 13.41u ben ik bij de WP18 en gaan we richting Makkum. De koers is 027 graden en met ZZW wind is dat bijna voor de wind. Ik zet de spiboom uit om de fok te loevert te houden. Op deze wijze lopen we regelmatig tegen de 8 knopen en van een golf afsurfend is de maximale snelheid vandaag 10,1 kts. De aan het begin van het seizoen vernieuwde stuurautomaat werkt uitstekend en ook bij de achterop lopende golven blijft het schip goed op koers. Toch stuur ik het meeste op de hand om het risico van een klapgijp te beperken en om de accu´s te sparen.
Om 15.51u rond ik de VF04 bij Makkum. Ik heb nu 33,8 mijl gevaren in 4u 39min, dat is een gemiddelde van bijna 7,3 knopen; dat is tenminste opschieten. Nu ben ik in twijfel of ik zal doorgaan naar Hindelopen. De wind is niet echt doorgedraaid naar ZW, maar is ZZW gebleven en Hindelopen ligt in ZZO richting en is net niet bezeild. Dat betekent dus slagen maken en dat is extra af te leggen afstand tegen een lagere snelheid omdat je tegen de wind in moet. Ik besluit door te gaan, maar al snel dreig ik in de ondiepte voor Makkum te verdagen en ik ga overstag. Eenmaal goed onderweg heb ik er spijt van niet naar Makkum te zijn gegaan. De windmeter geeft nu regelmatig boven de 30 knopen wind aan en ik moet de fok weer een stukje wegdraaien om het schip overeind te houden. Het is hakken tegen de golven.

Als ik de H2 boei op 140 graden heb, ga ik weer overstag. Nog ruim 5 mijl te gaan en het is knijpen, want als ik teveel afval heb ik wel snelheid, maar dan haal ik de boei niet en als ik teveel oploef dan haal ik de boei wel, maar heb ik geen snelheid meer. Ik doe van allebei een beetje, eerst een beetje afvallen en snelheid maken en dan weer oploeven om hoogte te winnen tot de snelheid over de grond onder de 5 knopen zakt, dan val ik weer af, enz. Ik troost me met de gedacht dat de wind morgenochtend waarschijnlijk behoorlijk ingezakt is. Hij zal dan wel uit het westen waaien, maar als je vanuit Makkum moet vertrekken, moet je toch bijtijds weg en kun je niet wachten tot het gaat waaien.
Misschien is dit al met al niet eens zo´n slechte keus. Om 17.27u lig ik eindelijk bij de H2 ton en kunnen we de haven van Hindelopen opzoeken. Gemiddelde snelheid over het laatste baanstuk van 6,1 mijl was slechts 3,8 knopen.

In de klassering ben ik nu omhoog geschoten van de 30ste plek naar de 15de. Helaas voor mij zijn er een stuk of 15 deelnemers in Makkum gebleven; die staan dus alleen maar na mij omdat ze tot nu toe minder mijlen gemaakt hebben. Ik was even blij, maar me dit realiserend sta ik weer met 2 benen op de grond.
Morgen via Stavoren en Lelystad naar Hoorn. Daar zal ik voor anker gaan voor de verplichte rusttijd achter het anker. Gezeilde baanafstand tot nu toe is 148 mijl.

zaterdag 1 oktober

Bij het wakker worden realiseer ik me dat ik een tactische blunder heb gemaakt door naar Hindelopen te varen. Het waait nog behoorlijk, zeker 5 Bft, en uit het NW. Om 07.30u loop ik de dijk op om te zien of er al mede 200 mijlers uit Makkum aankomen en ja hoor, ik zie een behoorlijk aantal richting de H2 komen. Die hebben nu een goede wind mee. Dit gaat me waarschijnlijk 10 tot 15 plaatsen schelen in het klassement.

Om 09.16u ben ik weer in de race. Het eerste stuk tot Stavoren is net bezeild, de wind neemt echter steeds verder af. Vanaf Stavoren is het ongeveer halve wind richting de hoek van het Enkhuizer Zand. Ik besluit om de gennaker te hijsen, hoewel de wind inmiddels toch wel weer 5 Bft is. Als de gennaker omhoog is, krijg ik de slurf niet omhoog omdat het bovenin gedraaid zit; alles weer naar beneden en opnieuw proberen. Als alles staat, lopen we toch weer 7,5 knoop.

Vanaf de hoek van het Enkhuizer Zand moeten we nog iets oploeven. De wind komt nu met 20 knopen op ca 60 graden binnen en dat is teveel voor mooi. Maar het is nog maar een mijl of drie en daarna is dit rak klaar, dus ik wil geen tijd verliezen met het binnenhalen van de gennaker en het zetten van de high aspect. De hellingshoek is nu zo groot dat de onderkant van de gennaker door het water sleept en regelmatig loopt het schip uit zijn roer. Het is echt sleuren aan het stuurwiel om koers te houden en ik bedenk me dat ik dit niet verstandig vind van mezelf; maar ja, het is nu nog maar anderhalve mijl. Ik stuur iets hoger op dan nodig is, zodat ik bij het aanlopen van de ton HR-B wat ruimer kan koersen en ik minder druk op het roer heb. Zo kan ik met één hand sturend en in de andere hand het knopje van de Xtrace de boei binnen 5 meter passeren zonder het risico te lopen hem te raken.

In de sluis bij Lelystad duurt het nog al even voordat we eindelijk geschut zijn. Twee uur later hoor ik op de marifoon dat door een stroomstoring de brug van de Houtribsluizen niet meer bediend kan worden. De doorvaarthoogte is beperkt tot 7 meter nog wat. Pfff, voor mij is dat geluk hebben, maar dat is dus heel erg pech voor iedereen die na ons nog door de sluis moet.
Van Lelystad gaat het weer richting de NEK bij Hoorn. Het is niet bezeild en iedereen moet kruisen. Ik zeil zo lang mogelijk door tot de Westfriese kust in de hoop dat door de windschifting onder de kust ik iets hoger kan opsturen en dat er daar wat minder golven zullen staan zodat we meer snelheid kunnen maken. Eenmaal daar zijn er wel minder golven, maar de windschifting is een illusie.
Met nog een extra slag is de NEK vervolgens probleemloos aan te lopen.

Omdat ik nog minimaal 6 uur moet ankeren, heb ik besloten dat bij Hoorn te doen, omdat je daar vrij beschut ligt. Al snel wordt duidelijk dat de meeste andere deelnemers doorzeilen tot Marken. Alleen Herman Tieman van de Nan gaat ook naar Hoorn en we gaan naast elkaar voor anker. Ik nodig Herman uit voor een biertje en hij vertelt van zijn ervaringen in de Petit Bateau race dit jaar in het Engels Kanaal tussen Engeland en Frankrijk. Met zijn Spirit 28 was hij de kleinste deelnemer, maar ik heb in deze race al een aantal keren gezien dat hij zijn mannetje staat en dat hij niet makkelijk voorbij te lopen is; op handicap gaat hij mij voor.

De wekker voor morgenochtend wordt gezet op 06.00u, want na alle ontberingen, sensaties en emoties van de afgelopen dagen wil ik natuurlijk niet na de deadline van 12.00u finishen.

zondag 2 oktober

Terwijl ik dit schrijf, ben ik al weer onderweg naar de thuishaven Lelystad. Vanmorgen om 06.00u opgestaan en het lijkt nauwelijks te waaien. De centrale meldpost IJsselmeer geeft als verwachting NW 4 – 5 Bft, maar dat is dan zeker ergens anders, want hier is het W 3. Herman Tieman en ik varen gelijk op naar de NEK, die nog 3 mijl buiten Hoorn ligt. Tegen half acht zijn we er en Herman start 1 minuut voor mij. Tot mijn verbazing gaat hij direkt overstag. Dat lijkt me niet goed, want als de wind inderdaad nog naar NW draait, kun je beter over bakboord naar het zuiden. Na 200 meter ziet hij zijn vergissing in en gaat hij opnieuw overstag en komt me achterna. De koers in 191 graden, maar we kunnen hooguit 185 graden lopen; dat zal dus een extra slag worden.
Als we bijna bij Volendam zijn, komt er een bui achter ons met een prachtig felle regenboog van Volendam tot Hoorn. Op 1,5 mijl van de GZ2 besluit ik zolang mogelijk over deze boeg door te zeilen in de hoop dat de achteropkomende bui een draaiing van de wind met zich brengt. En inderdaad op het laatste moment draait de wind en kan ik zover oploeven dat ik toch geen extra slag hoef te maken.
Van de GZ2 naar het Paard van Marken is het ruimwindse koers. De wind blijft nu in de NW hoekj zitten en ik zet de gennaker in de hoop dat ik die op kan houden tot de IJM17, de finishboei. Herman heeft zijn spi gezet en loopt nu op me in. Het is ongelooflijk, hij heeft een veel hogere handicap en loopt me voorbij zodra de wind inzakt. Ik ga aan alle lijntjes sjorren om te kijken wat er mis is, maar dat helpt natuurlijk niet en de afstand wordt alleen maar groter. Om 10.31u ben ik gfefinished. Eenmaal binnen hoor ik dat ik voorlopig op de 24ste plaats sta. Vooraf had ik me tot doel gesteld in de bovenste kwart te eindigen van de 84 deelnemers en dat is dus net niet gelukt. Ik ga nog eens uitrekenen wat mijn plaats geweest zou zijn, als ik niet naar Hindelopen was gegaan, maar in Makkum was gebleven. Maar ja, als …Al met al ben ik toch niet ontevreden over mijn klassering.

Op het start- en finishschip van Peter en Tine moeten Xtrace, camera en logboek ingeleverd worden en het is daar altijd gezellig met voor iedere schipper een kop kofiie en een stuk boterkoek. Altijd leuk om naar de belevenissen van de andere deelnemers te luisteren, de sterke verhalen, de opgelopen schades of wat er allemaal misging, etc.

Met dank aan mijn lieve echtgenote voor al het kostelijke bootvoer. Nou ja, bootvoer: de eerste avond at ik chili con carne, de tweede avond tagliatelle met huisstijl pastasaus, de derde avond een Indische schotel en gisteravond goulash. Er zullen er best bij zijn, die het met minder hebben moeten doen. Ik zal niet zeggen dat de 200 mijls een eitje is als je maar goed voor jezelf zorgt, maar helpen doet het zeker.

Helaas kan ik niet bij de prijsuitreiking zijn op 12 oktober in verband met zakelijke verplichtingen, maar volgend jaar doe ik gegarandeerd weer mee.

Otto Maitimu o/b S/Y Content

De 200 myls ‘SOLO’ door: JanKees Lampe

De 200 myls ‘SOLO’ door: JanKees Lampe

28 september 2005
Ik vaar de 200 myls ‘SOLO’ met Little Sarah. Het is mijn weer. Voor woensdag en donderdag staat er 6 bft en meer op het programma. Na de start in Muiden gaan we voor de lap met vol grootzeil en gennaker (145m2!) naar het noorden. Bij het ronden van ‘het paard’ (vuurtoren Marken) krijg ik de gennaker niet omlaag. Ik ga voor anker en klim de mast in maar heb niet de geode klimspullen aan boord. Ik stoom rap naar Volendam en vind daar een stuurman grote vaart die mij in no time naar boven takelt en naar beneden viert. Alles zit vast en dus gaat het mes in de val. Een uur later zit ik weer in de wedstrijd.
Ik kan over stuurboord vooralsnog geen gennaker meer zetten. Maar de wind is doorgekomen en met 27 knopen op de teller gier ik via Hoorn naar Lelystad. Daar wacht ik op de voorspelde windshift en zet dan koers naar Den Oever. Prachtig bezeilt en met een gemiddelde boven 7.3 knopen gaat het hard. Voor Sarah dan. 29 september 2005 Het is Woensdag. Het is Den Oever, Enkhuizen, Breezanddijk en Urk. Dit is een dag uit duizenden, het ultieme Onedin-gevoel! Met een rif, de fok en een 70 procent kluiver loopt zij niet onder zes-en-een-halve knoop, hoog aan de wind. Ik stuur uren aaneen met de hand. Het water staat vast in het gangboord. Volslanke Sarah heft met haar 34 ton maling aan golven en paaltjes! Zware vrouwen zijn niet altijd lelijk! Sport B is zowaar bezeild. Alleen in buien maakt de wind tot 45 graden shifts! Dan weer lig ik voor op Sport B, dan weer op Makkum. Het kan mij niet deren.
Terug naar Urk gaat het zo mogelijk nog harder. Ik ben volop in mijn element. Evenzo Sarah, die mij onverdroten brengt waar ik gaan wil. We ronden Kaap Vrouwezand en zwaaien naar ‘t vrouwtje van Stavoren.
Aan de grijszwarte einder gloort de vuurtoren van Urk. Waarom nog niet wat verder weg. Waarom nog niet wat verder weg. Daar zal ik liggen. Daar zal ik slapen. Medemblik is niet bezeild.
Morgenochtend wel, zo luidt de Guru. Wat zal ik slapen. Wat zal ik slapen. 30 september 2005Onder het moto “als de wind mocht inkakken, dan maken wij die zelf wel” doseert Bart (Boosman) de uien in zijn, voor mij inmiddels, fameuze omeletten. Ik schuif een deel van de ronde vruchten naar de rand van mijn bord omdat twee netjes mij teveel is. Maar het ontbijt is geweldig. Als laatste van vijftig boten verlaten wij Urk. Gewacht op de meeste wind en uit de goede hoek stuif ik op Medemblik aan.
Ineens bezeild en in buien weer dertig knopen op de meter. De centrale meldpost heeft de windmeter binnen staan, zoveel is wel duidelijk. Van Medemblik gaat het op grootzeil, fok en passaatfok met ruim acht knopen op Makkum aan. Daar zal ik ankeren, daar zullen we ankeren! Pasta Bolognese, Rose. Proost!

A/b Little Sarah
mobile +31 6 54 90 89 11
jankees@littlesarah.com
http://www.littlesarah.com

Online Verslag Erik Jan Hardonk (2005)

Online Verslag Erik Jan Hardonk (2005)

Maandagavond ben ik alvast naar de boot gegaan, met de bedoeling dinsdagmorgen vroeg naar Muiden te kunnen vertrekken. Het is altijd een goede opwarmer voor de 200 Myls Solo.

Om 23:00 uur is alles ingeruimd. Het weerbericht voor morgen belooft weinig goeds: zuidwesten wind. Het is nu nog zuidelijke wind. Ik hoef niet lang te twijfelen: ik ga nu nog varen, zolang de wind nog goed is. In het donker langs de onverlichte staken richting Friese Hoek. Gaat allemaal goed. Enkhuizen is in 1 slag te doen. Het is aarde donker en ik ben alleen op het water.

Om 04:00 meer ik af in Enkhuizen.

Dinsdagochtend blijkt de nachtelijke tocht niet echt nodig geweest te zijn. De wind zit nog steeds in de zuid hoek. Maakt niet uit, ik heb lekker in het donker gevaren.

Onderweg naar de sluis valt me op dat er witte damp uit de uitlaat komt. Op een gegeven moment verandert het geluid van de uitlaat: er komt geen koelwater meer uit. Ik ga de oude haven in en controleer de motor. Niets te zien, alles (koelwatersysteem) lijkt in orde. Als ik de motor weer start komt er gewoon weer koelwater uit. Misschien een plastic zak oid om de saildrive?

Uiteindelijk is het pas rond lunchtijd dat ik door de sluis ga. Muiden is niet bezeild, het is kruisen. Hemelsbreed 22 mijl blijkt 34 mijl kruisen te zijn. Om 19:30 ben ik in Muiden. De haven ligt stampvol, allemaal boten met een Japanse vlag in het achterstag.

Het palaver is ouderwets gezellig. Jan krijgt het voor elkaar gezelligheid en professionaliteit op een aardige manier te combineren. Ook dit jaar weer veel aandacht voor de vervanger van de bekende camera. Dit jaar een Xtrace. Een apparaatje om de positie en tijd tijdens het ronden van de boeien door te geven aan het regattabreau.

Van Nita (thuisfront) krijg ik de laatste windverwachting van windguru. Conclusie: route 3 en proberen om woensdag Enkhuizen te bereiken. In de nacht van woensdag op donderdag zal het hard gaan waaien, donderdag elf lijkt ook geen mooie dag te worden (WNW 5 Bf). Ik zet de wekker op 05:00 uur en ga slapen.

Op woensdag word ik rond 06:40 uur ruw uit een hele mooie droom gewekt door gebonk op het schip. Han Beijersbergen wil er tussen uit. Ik ben kennelijk gewoon door de wekker heen geslapen. Als Han er tussenuit is, ga ik weer op zijn plekje liggen. Eerst een goed ontbijt. Dan de spi gereed maken. Het lijkt een rustig windje te zijn. Maar ja, je ligt hier in de luwte.

Rond 0800 start ik, in een lang lint van zeilboten, meest onder spinaker, richting het Paard van Marken. Bij het Paard moet de spi eraf om richting de GZ2 te varen.

Bij de GZ2 aangekomen is de wind zover gedraaid, dat de NEK niet met spi te doen is. Ik ruim de spullen maar weer op. Van de NEK naar de OVD3 is het hetzelfde liedje: net te hoog aan de wind voor de spi. Achter me zie ik Peter van den Driesche zijn halfwinder zetten. Na een paar keer uit het roer gelopen te zijn, heeft hij zijn boot onder controle en loopt me voorbij.

Tegen de tijd dat ik bij de EZ29 ben, belt Peter me op. Hij zit in Lelystad achter een uitsmijter te wachten op meer SW wind.Tevens weet hij te melden dat ik op een 6e plaats lig in het tussen klassemnt. De eerste plaats is voor de schipper die als enige zij spi durfde te zetten tussen de NEK en de OVD3. Peter dus.

Na de EZ29 gaat het om het puntje van het Enkhuizerzand richting de WV14 (Den Oever). Het is nog licht als ik die rond (het waait inmiddle 5 à 6 Bf), ik ga nog naar Enkhuizen. In het donker rond ik de KG2. De wnd is inmiddels weer tot boven de 20 knopen aangetrokken, een halfc uur tje geleden heb ik het zeil nog ontreefd. Na de KG2 vaar ik richting kant om de zeilen te strijken. IN de kom van de Compagnieshaven ga ik voor anker. Er liggen nog meer boten, maar het is te donker om ze te onderscheiden.

Even afwassen, kop kofiie, borrletje erbij, verslagje typen en dan te kooi. Morgen weer vroeg op.

Donderdagmorgen gaat de wekker weer vroeg. De hele nacht heb ik slecht geslapen. Door de harde wind lag ik niet rustig en ben ik elk uur gaan controleren of het anker nog wel hield. Rond 8 uur start ik weer en ga ik onderweg naar de Sport B. Er zijn duidelijk meer mensen die hetzelfde plan hebben, een hele rij zeiltjes begeeft zich naar het noorden.

Van de Psort B met harde wind van achteren richting Urk. Dat gaat lekker. Als ik achterom kijk zie ik dat er één is die zijn spi durft te zetten. Peter van den Driesche misschien weer?

Onderweg heb ik telefonischcontact met het thuisfront. Volgens Windguru draait de wind morgen naar het zuiden en blijft hij vandaag nog in het noord-westen. Ed en ik besluiten door te gaan richting Medemblik (da’s even kruisen) om vervolgens allemaal bezeilde rakken tot aan Lelystad te pakken. Daar rusten en dan het laatste stukje naar Muiden.

En dan vaar je door terwijl je anderen de haven op ziet zoeken. Het plan komt uit, de wind neemt wat af, maar blijft in de westhoek. Rond 05:30 uur meren we naast elkaar af in Lelystad. We nemen nog een borrel en gaan snel te kooi.

Vrijdag gaat om 0930 uur de wekker al weer. Het kost me moeite op te staan, maar uiteindelijk ben ik rond 10:30 helemaal klaar. Ed blijk zijn ankerbak vol met water te hebben als gevolg van een verstopt afvoerpijpje. Als dat verholpen is, vertrekken we richting OVD3. We hebben de indruk dat we vooraan in het veld liggen. Vanaf de OVD3 gaat het in vliegende vaart richting NEK. Met zuidenwind, rond de 5 – 6 Beaufort, onder vol tuig, scheuren we naar Noord Holland. Het lukt me niet Ed in te halen (dat was een paar jaar geleden anders, wat doe ik nu toch niet goed? Of is Ed anders gaan varen?). Van de NEK naar Volendam is niet bezeild. Voor het klassement zou je nu een rust in Hoorn moeten pakken; wij hebben onze zinnen gezet op de line honours en gaan door naar Volendam. Daar pakken we de verplichte 6 uur rust. Vanavond gaan we door naar Muiden.

Als we toch in Volendam zijn, maken we van de gelegenheid gebruik om een visje te eten. Nog even wat slaap pakken, vanavond om 22:00 uur het laatste stukje zeilen. Naast de harde wind, regent het er nu ook bij. Geen fijn vooruitzicht.

Red. in het verslag van de 200 myls ‘SOLO’ Vrijdag, 30 september – 20:00 uurHet schijnt dat het aandewindse rak naar de IJM 17 nog wordt uitgesteld door Ed en Erik Jan , wegens het volmaken van de rusttijd.
Het fanfare orkest wordt dus naar huis gestuurd, de menigte op de wal schreeuwt niet meer en keert teleurgesteld met opgetrokken kragen in de regen naar huis terug, de pers en het vuurwerk worden op non actief gesteld.

Zaterdag, 01 oktober – 03:00 uur
Line honeurs Erik Jan Hardonk met z’n ‘Nescio’

Vrijwel tegelijkertijd passeerden Ed en Erik Jan de IJM 17.
De champagne stond klaar.
Ed Megens had de pech vlak na de start bij de GZ 2, dat z’n grootschoot door het uitstaande grootzeil bij het rakelings passeren van een MN staak daarin bleef hangen met ….. bijna alle gevolgen van dien.
De schoot werd spontaan doorgesne den door het driehoekige MN plaatje boven op de staak !

Eric Jan Hardonk
Nescio

Verslag 200 myls 2004

200 myls ‘SOLO’ – 2005 door John v.d. Starre

200 myls ‘SOLO’ – 2005Overgenomen uit website Happy zeilen van John v.d. Starre
http://www.happyzeilen.nl

John’s eigen verhaal over de 200 myls ‘SOLO’ 2005

Vanaf begin september begint ‘t al weer te broeien, de 200mijls solo komt er aan! Na de deelname van vorig jaar ben ik toch behoorlijk door het 200 mijls virus gegrepen. Op zich is solo varen voor mij een ideale manier van ontspannen, m’n grenzen opzoeken en het verbeteren van de boothandling. Zo heb ik deze zomer dan wel geen OSTAR, Petit Bateau of ander groot solo evenement gevaren, maar als ik de kans had om alleen wat langere trajecten solo te varen , zoals bijvoorbeeld de aanbreng van de SCHUTTEVAERRACE van Scheveningen naar Stavoren via Den Helder en ook na het evenement weer terug, probeerde ik toch om lekker door te pushen. Was het voor mij voor enkele jaren ondenkbaar om bij 25-30 knopen wind in m’n eentje te spi-en, inmiddels lukt dat al aardig en leer je door schade en schande allerlei trucs om alles heelhuids boven te krijgen en vooral heelhuids er weer af te krijgen. Zo had ik terug van de Schuttevaerrace enkele angstige momenten toen ik 20 mijl N. van Scheveningen toch zo’n 30-35 knopen wind over dek had met m’n zwaar weer spi op. Op de automaat (“Harry” genaamd) was ‘t niet meer te doen, ik moest zelf sturen om alles in het spoor te houden. Alles O.K., maar voor Scheveningen moest die spi er toch een keer af. Die 20 mijl sta je dan met het zweet in je handen je af te vragen , hoe pak ik dit aan? Waar is nou m’n bemanning? Nou ja , dan maar plat voor de wind ,risico op ‘n chinees, automaat erop, jump naar de pit,snel loef los, val los en als een waanzinnige die spi naar binnen klauwen, hopende dat “Harry” het ondertussen aankan en het geheel in het spoor houdt. Al deze idioterie onderneem ik met in m’n achterhoofd “straks in de 200 mijls moet ik dit ook kunnen”. Gaat alles goed , niks aan de hand. Gaat het fout dan is het weer een duur leermoment…. Zo heb ik voor deze 200mijls menig ‘peentjes’ moment opgezocht.

De weken voor de wedstrijd zijn bovendien altijd de periode dat de HAPPY weer in topconditie gebracht wordt, zo is weer een nieuwe laag antifouling aangebracht, de tuigage nagekeken samen met Wim onze voordekker en ook een poetsbeurt hoort erbij. Het is net als met een auto, als hij glimt, rijdt hij lekkerder. Ook helpt de rest van het HAPPY team helpt waar ze kunnen, George met de voorbereidingen en delivery, Marcel en Herman met het up to date houden van de site en mij voorzien van extra informatie.

De dagen voor de race kan ik het niet laten om toch regelmatig de sites van o.a. Windguru en Windfinder te bekijken en de voorspellingen te spiegelen op de desbetreffende banen. Na vorig jaar had ik me voorgenomen dit niet steeds opnieuw te doen, je wordt er namelijk helemaal gestoord van ,iedere 6 uur als je internet opgaat, kom je vaak weer op een andere gunstige baan uit. Maar ja, ik kan het toch niet laten om te kijken wat het gaat worden. Een ding is dit jaar zeker, wind gaat er komen. Vrijdag m’n auto in Muiden neergezet,George heeft me daar weer opgepikt. Zondag de boot samen met George naar Muiden gevaren en hem gestald in de Koninklijke ,vorig jaar lag ik op woensdagochtend helemaal klemvast, dat wil ik dit jaar zien te voorkomen, hier kan ik vertrekken wanneer ik wil. Uiteindelijk heb ik woensdagochtend met Gerben Bos om 07.30 nog een bakkie gedaan en zitten bomen over z‘n nieuwe boot, haast was er dit jaar niet, de wind leek later gunstiger.

Woensdag 28 september
Na een slechte nachtrust ,mede omdat ik nog steeds geen vaste keus over de baankeuze heb kunnen maken, kijk ik maar weer eens op internet voor de laatste weersvoorspelling. Baan 1 lijkt me de beste keuze, alleen moet er in het begin 15 mijl gekruist worden van OVD3 naar de P15. Deze investering (nadeel 2,5 knopen/uur) moet wel terugverdiend worden door de 6-7 uur varen over tij (voordeel 1,5-2 knopen /uur). Dit lijkt iets voordeel te geven. Bovendien lijken baan 3 en 4 later in de race ook met kruisen te maken te krijgen.Alleen hoe zit het met windwaarschuwingen? Op het palaver is ons ingepeperd: Als er waarschuwing bft.7 is mogen we niet uitvaren of moeten we zo snel mogelijk een haven opzoeken. Aan de kust zal meer wind staan, echter in de loop van donderdag is de verwachting bft.6. Dus voor mij een voorkeur voor baan 1, ook historisch gezien zijn de banen op stroom meestal de winnende.

Na de start om 09.00 (omdat de wind dan wat sterker is) koers ik naar Marken onder spi.Ik zie bijna het hele veld voor me . Alleen de 2 waarschepen Lightning en Fast Good zie ik achter me evenals mede scheveninger Jan de Bruin met de Escape. Na Marken richting Volendam gaat de spi eraf en de Genua 1 erop. De koers is nu helaas te hoog om te spinakeren. Na passage van de GZ2 richting Nek (Hoorn) trekt de wind aan naar een 16 knopen. Tijdens dit rak probeer ik te kijken of de deelnemers die de Nek gepasseerd zijn de spi opzetten. Ik zie er inderdaad enkele omhoog gaan, waarna ik besluit de spi klaar te maken

In de week voor de race kreeg ik ineens een idee om een nog onder in de kast liggende spi-slurf zo om te bouwen dat ik vanuit de kuip de spi kan ontvouwen en wurgen.Ideaal voor extreme omstandigheden. Na ronding van de Nek besluit ik m’n geheime wapen op te zetten. Piet Bakker van de Jolly J moet in z’n vuistje gelachen hebben toen hij mijn getob aanzag. Spi en slurf gehesen, vanuit de kuip slurf omhoog en…. Alles vast!Net begonnen en nu al vast. Met de spi half ontvouwd en zich ondertussen wikkelend om de bedieningslijnen vaar ik met een vreemd soort 8-vormig gevaarte zwabberend voor de mast mijn eerste mijlen na de Nek. Uiteindelijk weet ik met veel moeite de boel te ontwarren en de spi weer vol te krijgen. Ondertussen is de wind toegenomen tot een 23 knopen. Te veel om te kruisen met m’n Genua 1. Ik moet die dus eraf halen, door t luik proppen,dan Genua 3 aanslaan en omhoog. Veel tijd heb ik niet. Ik besluit dat wanneer ik alles voor de OVD gereed heb , voor baan 1 te gaan,omdat ik dan meteen moet kunnen doorvaren. Krijg ik niet alles gereed dan klok ik OVD3 ,ga links af en ga voor baan 3 of 4 . Met rusttijd om alles te klaren. Precies voor de OVD3 heb ik spinaker en slurf naar beneden, Genua 3 staat inmiddels. Wat een hectiek. Dus:
Te koop: slurf voor spinaker, z.g.a.n. nauwelijks gebruikt,inclusief revolutionair bedieningssysteem .T.e.a.b. tel…….

Tussen het omtuigen door probeer ik nog te kijken hoeveel deelnemers ook voor baan 1 kiezen. Het blijken er bitter weinig te zijn. Ik zie slechts 3 boten voor mij rechtsaf richting P15gaan. Twijfel slaat toe, zie ik het weer anders, mis ik iets??? Niet zeuren ,je tactische keus is gemaakt, het zout roept.. Hoe je uiteindelijk je definitieve baankeuze maakt… Tijdens het schutten komt reeds de waarschuwing ZW bft7 door. Toch wel teleurgesteld. Hierdoor moet ik het eerste tij om 24.00 laten lopen. De windrichting was uitermate gunstig om een toptijd naar de MH4 (Den Helder) te zetten. De verwachting voor morgen is WNW 6bft, waardoor dit rak minder gunstig bezeild is .

Donderdag 29 september
Weer onrustige slaap, om 03.00 het Marifoonbericht van
het KNMI bekeken. Yes!! De waarschuwing is eraf : Ijmuiden en Texel WNW 6bft. Maar:Marken en Ijsselmeer 7bft,! Volgend bericht 14.00 Ik kan dus morgen met het tij vertrekken terwijl de rest nog op slot ligt. Na de wedstrijd wordt gezegd dat dit Marifoonbericht van het KNMI niet door alle marifoonblokken is overgenomen… Volgende keer ga ik ook maar eens een kanaal zoeken waarop misschien geen waarschuwing gegeven wordt, kan veel schelen. Tijdig probeer ik naar buiten te gaan, Gilles van Delft met de Utopia maakt ook aanstalten , de andere 3 IJmuidengangers blijven nog een tij wachten. Voor de pieren is het behoorlijk ruig,golven van 3- 3,5 meter , af en toe brekend,wind WNW 6. Angst voel ik niet, wel wat spanning, in m’n surftijd wel grotere golfjes gehad. Na het passeren van de Baloeran komt de reddingsboot van de KNRM kijken welke idioot daar het zeegat kiest. Na een mijltje mee op gevaren te hebben heb ik blijkbaar hun vertrouwen gewonnen en gaan de duimen omhoog en gaan ze terug richting Ijmuiden.

De boot maakt behoorlijke klappen maar houdt zich goed , speed 7-7,5 knts, rif gezet ,Genua 2 op rol 1/3 verkleind. Voor het Schulpengat ter hoogte van het “Franse Bankje” krijg ik nog een historisch stukje schuim te verwerken. Water tot de kajuitlieren, kuip vol bruin water,verder alles ok. “Harry” krijgt even een stuurverbod, het is echt weer een beetje surfen. Zig zaggen , kijken , snelheid houden en ontwijken. Blauwe lucht , in de verte een bui, wit schuim , dit is zeilen! Bij het passeren van de MH4 blijkt er een probleem met de X-track , z’n knop heeft teveel water gezien vrees ik, wel piepen niet piepen,ik tape hem maar in een plastic zak. Hier gaat het tij echt lopen, 2-3 knopen, en na de T12 Oude Schild gaat de spi er weer op, uiteraard zonder slurf ,want die staat te koop. Wederom kicken, water glad achter de boot, niet eventjes maar minutenlang in plane. Alleen met 7 ton boot. Bootspeed constant 10-11 knopen. Waanzinnig! Na het schutten bij Kornwerd blijkt het gunstig om nog door te varen naar Medemblik en Hindeloopen , daar deze beide rakken nu goed bezeild zijn. Morgen draait de wind naar Z-ZW en is het hier kruisen. Rond 24.00 klok ik af bij de H2 Hindeloopen, en vaar naar de haven. Opeens ben ik gedesorienteerd , ik ben vaak in Hindeloopen geweest, maar dit herken ik niet! Blijk ik de verkeerde geul genomen te hebben en vaar ik in Het Zool. Stikdonker ,onbekend, ondiep ,vastlopen, wegwezen! Uiteindelijk lig ik om 01.30 bij de kraan in de jachthaven van Hindeloopen. Tegenover mij ligt de Escape, maar Jan de Bruin slaapt dus ik doe maar rustig.

Vrijdag 30 september
Mijn plan is zo vroeg mogelijk te starten om de draaiende wind te benutten. Als ik via Breezanddijk Stavoren kan bezeilen voordat de wind in de voorspelde ZZW hoek zit , zou dat mooi zijn. Als ik om 5.30 uit Hindeloopen vertrek slaapt Jan nog steeds. Ik wist toen nog niet dat hij die avond ervoor een genuaschoot in zijn schroef had gekregen en door de reddingsdienst naar binnen was gesleept, waarna hij zich afmelde voor de verdere race. Het traject loopt volgens plan, alleen het laatste stuk naar de VZ1(Stavoren) is net niet meer bezeild, Een slagje van een halve mijl is het gevolg. Later op de dag wordt beduidend meer wind voorspeld,ik besluit hier wederom 6 uur rust te nemen ,wachtend op deze wind, Bovendien kan ik dan deze periode benutten om te ankeren. In de afwateringskom van het gemaal vind ik een mooi ankerplekje. 6 uur later waait het inderdaad 25 knopen ,zoals voorspeld. Het rak van Stavoren naar Den Oever gaat weer zeer snel. Na ronding van de WV14 (Den Oever) iets minder, tot het Enkhuizerzand bezeild, daarna weer een slagje naar de HR-B Lelystad.

Inmiddels is de duisternis ingevallen en is het extra oppassen voor beroepsvaart. Een van de leuke dingen van de 200mijls is dat iedereen zo ontzettend meeleeft. Het is soms alleen jammer dat iedereen die steun kenbaar wil maken door voortdurend mijn mobiel te laten rinkelen. Ik moet Jan Luyendijk eens vragen of een telefoniste aan boord telt als een bemanningslid of als een veiligheidseis. Vorig jaar kan ik me herinneren dat mijn mobiel afging, ik even naar binnen liep om hem op te nemen,kort sprak,weer naar boven kwam en me helemaal kapot schrok van een gigantisch donkere schim welke ik ternauwernood kon ontwijken. (De groeten van “Het Statenjacht” Muiden).
Na schutting besluit ik nog door te varen naar de Nek (Hoorn) gezien de gunstige windrichting. De OVD 3 lijkt wel aan de rand van de wereld te liggen. Door het slechtere weer ,donkere water, weinig boeien/lichten op het Markermeer lijkt het wel of ik een zwart gat inga. Ik zet zelfs de verlichting van mijn meters uit om een beetje zicht te houden. Ondertussen loop ik ook nog een deelnemer voorbij in de nacht. Maar wie? Nog 3 mijl te gaan zie ik het groene isolicht van de Nek. Harry stuurt me strak ernaartoe. De regen komt met bakken naar beneden, Hoorn ziet eruit als een sprookje, onder de scheepsjongens vind ik rust.

Zaterdag 1 oktober
Vannacht goed geslapen,ik kan er weer helemaal tegen. Denk ik. Of ben ik toch niet meer zo fris als een hoentje? Er zijn wat signalen dat ik toch wat minder scherp ben. De voorspelling is WNW 4 ,rond 12.00 het meest NW, daarna wat meer W. Om het rak goed bezeild te hebben besluit ik rond 12.00 te vertrekken,en motor ik daarvoor rustig naar de Nek. Ondertussen kan ik mooi mijn genua2 op het rolsysteem wisselen voor de Genua 1,beter voor deze wind. Dus de 2 naar beneden, door het luik gepropt,de 1 uit de bakskist gepakt, aangeslagen en hijsen maar, shit hij loopt uit de groef, weer naar beneden , weer hijsen ,weer ernaast, pre-feeder zit te hoog, deze verder naar beneden vast geknoopt, weer hijsen, staat. Inderdaad staat top…..die Genua 3! Heb ik de verkeerde zak gepakt en de 3 erop gezet. O.K. de 3 er weer af, ook in het vooronder proppen, de 1 uit de bakskist etc,etc. Gelukkig is dit alles voor de start, maar toch , ik ben al kapot voordat ik moet beginnen. Ondertussen belt mijn broer Dick , die mij gedurende de gehele race overlaad met gemiddelden,feiten, berekeningen etc, met de mededeling dat een aantal boys (en girl) op baan 4 ook wel een erg hoog gemiddelde hebben, en mij waarschijnlijk voor zijn. Nee he, heb ik een top gemiddelde van 7,3 red ik het nog net niet. Nou ja ,dit motiveerd wel om het laatste stukje extra gas te geven.Dus na Volendam gaat de spi voor die paar mijl naar het Paard van Marken nog even omhoog, het laatste rak wordt ingezet , wel wat hoog aan de wind , kost snelheid, de IJM 17 in zicht. Op naar de finish!

Na aankomst is de warme ontvangst op het finishschip altijd weer zeer aangenaam,ervaringen worden uitgewisseld. Het rekenen kan beginnen. Na voorlopige berekening een vierde positie, niet verkeerd,een hoog avontuurgehalte dit jaar, volgend jaar nieuwe race nieuwe kansen! Ik ben er op zeker weer bij!

Online verslag

 

Als maar werken en controleren. Niets wordt aan het toeval overgelaten (zelfgemaakte foto’s).

 

Onderlinge fotowedstrijd en een verlossende kreet na het passeren van de finish(zelfgemaakte foto)

Update 2 oktober; 11:05 (Marcel)
Alweer terug in Scheveningen!
Nadat John gisteren het papierwerk in de haven in orde had gemaakt, begint het alweer te kriebelen. Als ik nu ga, kan ik nog om 24:00 uur in schevingen zijn. Jan de Bruin van de EsXape trok hetzelfde plan en vertrok even voor John naar Scheveningen. Net een sluislichting eerder verkoos de EsXape al het ruime sop, en kort na elkaar kwamen beide “Scheveningers” weer in hun thuishaven aan. John assisteerde Jan nog even bij een ietwat ongelukkig uitgevallen aanlegmanoevre en even later sms-de John het thuisfront dat hij veilig en wel in zijn box lag. Op het voorstel of we morgenochtend nog even zouden gaan trainen reageerde John voor het eerst afwijzend. Nu ging hij slapen.

We blijven in afwachting van de definitieve uitslag. De website geeft nu nog geen goede positie op voor John. Echter wij denken (na enig rekenwerk) dat de uiteindelijke positie toch hoger zou moeten uitkomen. We houden u op de hoogte.

Update 1 oktober; 15:58 (Marcel)
John gefinshed
Om 13:49 finishde John met zijn Happy. In totaal heeft er 27:27 uur over gevaren, wat neerkomt op gemiddeld 7,29 mijl/uur. De website van de 200myls meldt dat John 5e staat in het klassement. Ik denk dat er nog wat berekeningen gemaakt moeten worden, maar voorlopig is zijn strijd gestreden. John voelt zich nog goed en denkt er sterk over na om direct weer los te gooien. Een beetje zeiler als hij is niet te houden, want hij wil alweer naar zee. Als hij nu aan de reis naar scheveningen begint, kan hij morgen weer in zijn box liggen. Een lekker vooruitzicht… Waarschijnlijk geen biertje in Muiden vanavond.

Update 1 oktober; 09:05 (Marcel)
Veel rekenwerk aan boord van de Happy.
George (genuaman a.b. van Happy) belde me zojuist wakker. Nog tijdens dit gesprek wisselgesprek: John. Niemand van het team zit op het water, maar de wedstrijd leeft bij iedereen. John was vanmorgen vroeg al wakker en heeft even naar de posities gekeken. Wie blijkt er ook nog een grote concurrent:Dik Geurts, nota bene onze reserve PIT-man! Dik zit op Vlieland en moet nog ongeveer 120 mijlen en heeft hiervoor 16,24 uur. Dan vaart Dik 7,5 kn gemiddeld en eindigt hij sneller dan John. De wind ruimt voor Dik (en John) de goed kant op. Dik zal nog een beetje last hebben van het tij en moet wellcht nog kruisen naar Hoorn later op de dag….. het bluhft afwachten.
Je ziet maar weer, de 200myls is een bijzondere wedstrijd !

Update 1 oktober; 00:55 (Marcel)
John in Hoorn !!
Om ongeveer 23:06 kwam John aan in Hoorn Hij had een TOP-dag. Hij is er van overtuigd dat hij wederom goede zaken heeft gedaan. Als we even snel rekenen zit de gemiddelde snelheid nu net boven de 7,2 kn. gemiddeld. 184 myl in ca 25,5 uur Wij blijven hoop houden. Wanneer John de resterende mijlen binnen 2:31 uur bezeild, heeft hij een gemiddelde snelheid van 7,2 kn. gevaren!!!
Na het ankerop gaan in stavoren liep het allemaal fantastisch. Voor morgen ziet de wind er redelijk goed uit. Even wachten tot hij uit de goede wind waait en dan: KNALLEN!!

John meldt dat het wachten één van de moeilijkste dingen van deze 200 myls is. In zijn berekeningen moest hij bijvoorbeeld niet gelijk starten, maar pas om ca 11:00 uur. En dan fluitend alle bootjes zien gaan varen, wetende dat je in een wedstrijd zit en NIETS doen…aaaargh zenuwslopend. Vervolgens toen hij achter het veld aanhobbelde en daar totaal niemand voor baan 1 zag kiezen, werd hij wederom wat nerveus. Had hij het dan toch verkeerd berekend wat doe ik verkeerd, het kan toch niet dat ik de enige ben die er zo over nadenkt. Waarom gaat niemand voor baan 1? Op het laatste moment ging nog één andere boot ook voor baan 1 en na John volgden er nog 3. Met zijn vijfen op baan 1… Wachten is en blijft uitermate spannend
Later meer over de finishtijd en gezeilde tijd van John met zijn Happy!

Update 30 september; 14:00 (Marcel)
Strijdbaar na goede “nacht”rust
John belde zojuist vanuit Stavoren. Heerlijk geslape en er helemaal klaar voor. Hij deed nog even verslag over zijn kapriolen gisteren op het wad: “Het was wááánzinnig om gisteren spi-end over het wad te denderen. Conrinue onderspi in plané over een vrijwel vlakke zee. Ik denk dat ik nog nooit zo lang aan één stuk zo hard gevaren heb. Echt Super!” We rekenen zojuist na, dat dit 11 knopen gemiddeld betekend!
Vandaag nog even goed naar de weersvoorspellingen kijken, wat doet de wind?

Update 30 september; 8:50 (Marcel)
Huidige positie 4e plaats!!!
Het gaat goed! Na gisteren optimaal geprfiteerd te hebben van tij en wind staat John 4e in het klassement. Op dit moment plot hij de boei van Stavoren. John meldde zojuist dat hij daar (gezien het weerbericht) een leker uiltje zal knappen, om daarna de strijd weer aan te vangen onder aanzienlijk meer wind.

Gisteren heeft John een enorme tocht gevaren, vanuit IJmuiden, naar Den Helder, Oude Schild, Kornwerderzand, Medemblik en ook nog maar even naar Hindeloopen. John wordt geleefd door weerberichten. Vanmorgen om 05:00 uur vertrok hij alweer omdat de windrichting gunstig was om Breezandijk en Stavoren nog even te pakken. Hier neemt hij 6 uur rust, want vanmiddag staat er veel meer wind.

Het blijft spannend. Het ziet er op zich allemaal gunstig uit, maar de strijd is nog niet gestreden Nog 3 posities omhoog…
We houden u op de hoogte

Update 29 september; 16:50 (Marcel)
Den Helder en Oude schild al voorbij!
John is nu op weg naar Kornwerderzand! In ons korte telefoongesprek wist hij te melden dat het goed gaat. Wel ruig en bakken water binnen, er stond een behoorlijke zee en dat blijkt ook uit de gegevens van actuele waterdata. Er kwam daardoor veel water binnen…
We kunnen aannemen dat het allemaal goed gegaan is, want op dit moment loopt John onder spi met tij mee over het wad met een enorme gang richting Kornwerd.
We keep you informed!.

Update 29 september; 9.45 uur (Herman)
Afgelopen nacht is een behoorlijke storm over Nederland getrokken. John heeft enkele minuten 55 knopen wind over dek gehad. Gelukkig lag hij toen in zijn kooi. Na enkele uren goed slapen is het plan voor vandaag getrokken. De huidige weersituatie is gunstig voor diegenen die in IJmuiden liggen. Inmiddels is de windwaarschuwing ingetrokken voor IJmuiden. Op zijn vroegst wordt de waarschuwing voor het IJsselmeer pas om 12 uur vandaag ingetrokken. Pas dan wordt de nieuwe KNMI weer- en windverwachting bijgesteld voor het IJsselmeer. Zoals John deze situatie zo keurig weet te verwoorden; het wordt vandaag JACKPOT!
Zodra het tij gunstig is zal de Happy IJmuiden verlaten om naar Den Helder te zeilen. Met een goede planning heeft John een aantal knopen stroom mee op de Noordzee, en minimaal 3 op het Marsdiep. Vanuit het Marsdiep wordt langs Texel gezeild naar de sluizen bij Kornwerderzand, om daar weer het zoete water van het IJsselmeer op te gaan. Het uiteindelijke doel is om een aantal rakken op het IJsselmeer te zeilen om in Stavoren te eindigen. Een hele klus, die valt af staat bij een juiste planning en de juiste windveranderingen. Mocht het zeilplan voor vandaag gehaald worden, dan doet John zeer goede zaken. Hij heeft dan ruim 140 mijl van de 200 mijl afgelegd. Dit kunnen alle solo zeilers die op het IJsselmeer zijn gebleven niet zeggen. Vanzelfsprekend is het afwachten wat de concurrentie doet. Er hebben vannacht in totaal vijf zeiljachten overnacht in IJmuiden. We gaan er vooralsnog van uit dat John over voldoende zeilcapaciteiten beschikt om de andere ‘IJmuidengangers’ zijn heklicht te laten zien. Dus alle fans van meneer Van der Starre hopen inderdaad op een jackpot voor hem en een vroege thuiskomst.

Update 29 september; 8:00 uur (Marcel)
Soms ziet het mee en soms zit het tegen (Hé misschien een nieuwe sponsor benaderen?)
Het ziet er naar uit det hat toch meezit. Berichtten we jullie gisteren al over de gok die met de baan genomen is. Het ziet er nu naar uit dat de eerdere keuze toch nog gunstig uitkomt. John mag varen NOg even wachten op de juiste tijstroom en dan met een knallende bloedspoed naar Den Hleder. 200 myls deelnemers beware, de vier route 1 mannen komen er aan!

Update 28 september; 22:00 uur (Marcel)
Het leuke is wanneer je met meerdere mensen aan 1 site werkt je elkaar kunt aanvullen.
Onderstaand plaatje laat zien waar John nu is (bron www.200myls.nl) Net opnieuw met John gesproken. Hij is niet blij. In deze race kun je kiezen uit een 4-tal wedstrijdbanen. John heeft er voor gekozen om de zee route (baan1) te kiezen, omdat er lekker veel zuidenwind zou zijn, waarmee hij dan spi-end naar Den Helder zou kunnen varen. Een logische keuze. Echter op dit moment ligt John met ca 4 andere schepen VAST in IJmuiden. Eén van de wedstrijdbepalingen is dat men niet mag uitvaren bij windkracht 7. Het was een gok of het zou kunnen en zonder geluk vaart niemand wel. We houden hoop. de wind kan nog minderen en over 12 uur loopt eer een nieuw tij de goede kant op…


klik op het plaatje voor de meest actuele gegevens.

Update 28 september; 19.30 uur (Herman)
John zojuist over de telefoon gesproken, terwijl hij net voorbij Amsterdam vaart het Noordzeekanaal op, en direct voor u een update over zijn verrichtingen van vandaag.
Alle solo zeilers hebben hun eerste traject afgelegd met voldoende wind. Hoewel het vanochtend matig was, zwol de wind aan op het zuidelijk IJsselmeer tot wel 25 knopen. John heeft flink wat mijlen met de spi kunnen zeilen. Onderwijl heeft hij de genua-1 verruild voor de genua-3. Ook de lichtweer spi werd na een aandewinds rak ingeruild voor de zwaarweer spi. Vanaf Lelystad heeft John besloten richting Amsterdam te zeilen, het Noordzeekanaal over naar IJmuiden. Het plan is dat hij vannacht rond 24 uur langs de kust zeilt naar Den Helder. Het beloofd een heel zwaar rak te worden. De verwachtingen laten een toename van de wind zien tot ruim 27 knopen uit het zuidwesten, ruimend naar het noordwesten. De golven zullen zich opbouwen tot een hoogte van ruim 2,5 meter. John heeft dus zijn volle concentratie nodig om snel, maar bovenal heelhuids, Den Helder te bereiken.
Zodra Den Helder bereikt is, zal eerst een beetje diesel opgeruimd moeten worden. De reserve jerrycan heeft iets gelekt, net voldoende om een penetrante lucht te veroorzaken. Daarna is het tijd om de kooi op te zoeken voor een welverdiende rust.
Hoewel het op dit moment helemaal niets zegt, toch even de positie van John doorgeven. Bijna de hele dag bezette John de 7e plaats. Als een van de weinigen heeft hij voor de Noordzee route gekozen, terwijl de meesten het noordelijke IJsselmeer op gegaan zijn. Door deze beslissing is John tijdelijk gezakt naar een 68e positie in het tussenklassement.

Via deze website doet John iedereen de hartelijke groeten vanaf de Happy en laat weten dat het goed met hem gaat en uitziet naar een paar uur lekker slapen in Den Helder.

Ook Henk de Velde, Neerlands bekendste solo-zeiler, leeft mee!

John van start in zijn 2e 200 Myls Solo.
We schrijven woensdag 28 september 2005. Voor John is zijn tweede 200 Myls Solo van start gegaan. Hij had zelf een ligplaats gereserveerd bij de Koninklijke om dinsdagavond nog even het water op te kunnen gaan. Tevens was het voordeel dat hij kon starten wanneer hij wilde, er waren namelijk geen andere zeiljachten die de Happy kunnen inbouwen.
Woensdagochtend is John met de Happy in alle vroegte gestart bij het forteneiland Pampus. Rond negen uur viel het startschot en de 200 Myls Solo 2005 heeft zijn aanvang genomen. Al met al wordt het een tactische wedstrijd. Men verwacht wat ruiger weer rond het weekend, en met name aankomende vrijdag. Vanmiddag zal John moeten gaan kiezen welke route hij zal gaan volgen.
Volg de verichtingen dagelijks op de website.

De 2000 myls door Joep Homan

woensdag 28 september 2005, 22.30 uur

Beste Jan, ik heb vernomen dat je opgegeven hebt. Misschien wel heel verstandig. Het weer is nogal wild. Ik zag een paar boten na de OVD3 richting Amsterdam vertrekken. Er is eind van de middag voor de kust een waarschuwing ZW7 afgegeven.
De dag begon zo rustig. ZZW bijna niets. Dus de spi erop en varen maar. X-trace WERKT!!! Eerder vanavond Bob gebeld. Positie en tijd wordt correct doorgegeven. Murphy zit in ieder geval niet bij mij aan boord. Het is tenslotte een Solo race.

Nu even over deze dag: Even na 8 uur vertrokken onder Spi richting paard. Even voor het paard de Spi weg en onder genua 2 verder. Na de MNGZ spi weer op. Duurde misschien 10 minuten. Het begon stevig door te waaien. Vanaf dat moment boord aan boord met de Scheerling. Enig fanatisme was ons niet vreemd. Of zat er toch een stiekem een touwtje tussen ons in. Op weg naar de OVD3 leek het verstandig om uit te bomen. Niemand zag ik dat doen, ik dus ook niet. Even voor half één bij de OVD3.
Na een vlotte schutting op mijn gemak richting EZ29. Ik wissel de genua 2 voor de 100%.Ook zet ik twee riffen. Het lange rak naar de WV14 moet niet overtuigd worden afgelegd. Even na twee andere spirits bij de WV14. Het is nog geen 6 uur, dus door naar Enkhuizen. In ieder geval de Nan en de Foddebosk van mij kunnen afschudden op weg naar de EZKG. Het is inmiddels erg koud geworden. In Enkhuizen wil men de vloot solisten niet hebben. Na het ronden van de boei wordt de deur wijd open gezet met 25 knoopjes wind uit ZW. Ik zoek beschutting in de Buyshaven

Donderdag 29 september 2005, 16.10
Nu op Urk. Met mij veel andere schepen. Allen lijken baan 3 gekozen te hebben. Een onstuimige dag. De wind hield zich niet aan de afspraak met het KNMI. Ruimde in de loop van de dag naar NW 5-6. Dat zou pas zaterdagnacht gebeuren.

Dus op tijd op weg naar de sport B. Was met moeite bezeild. Daarna door naar de UK16.
Vanaf de vrouwenzand plat voor het laken. Vlak voor de UK16 nog een windbui met 36 knopen wind. Ben blij dat ik binnen ben. Vannacht zou de wind naar ZW draaien. Misschien klopt dit wel. Samen met een hoop andere solisten de locale middenstand financieel ondersteund door massaal bij de chinees te gaan eten. Solisten bestaan niet, ze zoeken elkaar altijd weer op. De barometer is de afgelopen 24 uur tijd veranderd van 1020 via 1011 naar 1020!Vrijdag 30 september.
Het begint zo mooi! Met een ZW voldoende voor de volle snelheid op weg naar de WP8. Vlak water en heel relaxed. Na de WP8 door naar de VF4.

Dit rak is plat voor het laken. Ik aarzel om de spi te zetten. Het begint geleidelijk door te waaien. Geen spi dus, wel uitbomen. Denk dat het rak naar Lelystad bezeild is. Ik zet dus kruisend door naar de LCVZ1, om daarna met ruime wind door te zetten naar Lelystad en Hoorn. Is het echter net niet. Ik kom 15 graden te kort voor de HRB, de verkenningston noord van de houtribsluis. Achteraf leek het verstandig een rustpauze in te lassen in Makkum of Hindeloopen. De zeegang was nogal wild. Na Lelystad voor anker in Hoorn. Onderweg daar naar toe ijskoud weer en veel buien. Dus de kachel gestart voor enig comfort.
Tegen 12 uur afgemeerd in de kom. Een tamelijk strakke wind maakt dat ik alert ben voor het krabben van het anker. Pas vrij laat de kooi opgezocht.

Zaterdag 1 oktober.
Om ca. 6 uur gaat het ankeralarm af. Een korte controle geeft aan dat de wind naar WNW gedraaid is. Kom wel erg dicht bij het dammetje te liggen en bij die stokken . Ik ga om 7.15uur van anker af. Rustig richting NEK boei.
Het water is heerlijk vlak. De genua 2 gaat er weer op en om 8.15 uur rond ik de boei. Nog voor de MNGZ word ik voorbijgelopen door de Chill Out. Om 11.12 uur bij de YM16.
In Muiden blijkt dat er maar een paar boten binnen zijn. Het duo Lupa Maris en Nescio hebben onderling een verschrikkelijke strijd gestreden voor de line honours. Ik geloof dat ik als vierde schip binnengekomen ben.
Tot mijn verbazing ben ik eerste in het algemeen klassement. Ik neem het maar aan. Er zijn veel te weinig schepen binnen. Zal vast nog wel ernstig veranderen.

Joep Homan,
S/Y Almare.
WV de Schinkel – 2005

De 200 mijls 2005 van Henk Euverman

De 200 mijls 2005 van Henk EuvermanWat een geweldig spektakel was het weer dit jaar. Maar eigenlijk te kort. Na een paar dagen kom ik pas goed in mijn ritme, stoot me niet meer overal tegen aan en wordt steeds meer gedisciplineerd in het terug leggen van spullen op z’n vaste plek, zodat ik, ‘s nachts niet steeds hoef te zoeken. Volgend jaar een 400 mijls ?

Het zag er dit jaar gunstig uit. Een zware stalen boot heeft veel wind nodig. En wind was er genoeg. Mijn handicap was vorig jaar nog 102 en dit jaar 100. De SW-mensen hebben deze bijstelling vast niet gedaan naar aanleiding van mijn prestatie van vorig jaar. (42 e) Dan was 104 meer op zijn plaats geweest. De bescheiden doelstelling: hoger dan plaats 42! Vanwege de harde wind moest dat toch kunnen lukken. Dag 1 ging heel goed. De eerste klap is een daalder waard. Tot aan Enkhuizen was alles bezeild. Midden in de nacht ben ik toch maar de haven binnen gegaan omdat het anker niet goed hield. (Uiteindelijk brak me dat nog lelijk op omdat ik dus nog een periode moest ankeren).

De volgende ochtend hadden we een uitgebreid dispuut met andere solisten over wel of niet uitvaren. Wat was het geval ? De kustwacht gehad gewaarschuwd voor alle districten windkracht 7. Ook voor het Ijsselmeer. Lelystad berichtte van windkracht 6-7 maar hield de waarschuwing bij 6. Wat nu te doen en wat zegt het reglement hierover? De meningen waren verdeeld. Samen met een aantal anderen heb ik het bericht van 9.15 afgewacht.
Toen door Lelystad nog steeds voor slechts 6 werd gewaarschuwd ben ik uitgevaren. Volgens mij moet je uitgaan van de waarschuwing die door het blokkanaal van jouw gebied wordt gegeven. En als het bericht spreekt van 6-7 maar de waarschuwing blijft bij 6 kun je ook uitvaren.

Van Enkhuizen naar de sport B en vervolgens naar Urk. Ik heb geloof ik nog nooit zo hard gevaren. 9.5 op de gps in een surf. Ongekend voor dit schip. En toch komt dat blauwe waarschip me weer voorbij (’t ware hout , ook sw 100). Dan lijkt het noodlot toch nog toe te slaan. Na de uk16 keurig te hebben geklokt maak ik bij het strijken van het grootzeil een enorme klapgijp. Wat een stommiteit! Hier is het lummelbeslag niet tegen bestand en een van de twee ogen van het giekbeslag breekt af. Einde wedstrijd.

De halve nacht heb ik liggen denken of er een oplossing mogelijk was want opgeven wilde ik niet. Desnoods maar alleen op de voorzeilen verder. Ik kan ook dan nog redelijk hoog aan de wind komen, maar van een wedstrijd is natuurlijk geen sprake meer. Het wordt dan meer en meer een prestatietocht. (was het toch al wel een beetje). Maar…, met een oog ben je dan wel gehandicapt maar je kunt nog steeds zien! Dus met een “lummeloog” moet je ook kunnen zeilen.
Ik heb het ene oog van de giek met een flinke sjorring aan de mast geknoopt en ben gaan zeilen. Eerst met een dubbel rif om niet teveel kracht te zetten op de constructie. Toen dat tot aan Medemblik en Makkum goed ging ben ik weer voluit gegaan. Het zaakje is tot aan Muiden heel gebleven.

Zaterdag was weer een prachtige zeildag. Helaas kon ik na de Nek niet doorgaan naar de ijm 17 omdat er nog moest worden geankerd. Dus naar Hoorn en na 6 uur weer terug naar de Nek. De beloofde “6 uit NW” is niet gekomen. Ik had twee favoriete cd’s voor het nachtzeilen: bach voor windkracht 2 en guns ‘nd roses voor 6. Het werd bach. (totdat de cd er vanwege lage voltage mee ophield, weg bach..) Hoewel ik een aantal slagen moest maken en met deze wind veel te lang deed over de laatste etappe was het een prachtige zeilnacht. Uiteindelijk ben ik gefinisht om 06.15u.

Natuurlijk zul je zien dat de giek niet meer wordt gemaakt en dat ik een compleet nieuwe exemplaar moet aanschaffen. Dus als iemand nog ergens een oude isomat giek heeft liggen, ik houdt me aanbevolen.

Henk Euverman
S/Y Cygnus

De Douwe Dabbert in de 200 myls van 2005 door Fokke

De 10e editie van de 200 myls was voor het DD-team een inkoppertje. De windsterkte is nauwelijks onder de 4 Bft. geweest. Een groot deel van de tijd was er sprake van kracht 5 of meer. Alleen op zaterdagavond en zondagochtend zakte de wind tot een drietje, nog steeds voldoende om vaart te blijven lopen.dinsdagavond, vooravondOp de dag van het palaver werd de boot na een werfperiode van ca. 2 weken te water gelaten. Een klein stukje van het vlak is vervangen en er zijn nu dwarsverbanden over de ballast in de kiel gelast. In geval van doorkenteren blijft de ballast aldus op z’n plaats. Ik hoop zo’n situatie natuurlijk niet mee te maken. Voor het geval de Douwe Dabbert een koprol maakt wordt nu voorkomen dat 900 kg lood en beton als een blok tegen het plafond vallen.
Op weg naar café Ome Ko in Muiden was er net voldoende tijd om bij Albert Heijn proviand in te slaan. Bij Ome Ko de gebruikelijke gezelligheid van het weerzien met oude bekenden. Deelnemers smullen van koffie en appelgebak Er is een chanty-koor voor de muzikale intermezzo’s. Organisator Jan Luyendijk verzorgt de breefing. Zijn secondanten delen aan iedere deelnemer de fotocamera, cap, t-shirt, 200 myls-logboek en gps-module uit. Vanwege werk en studie heb ik een aantal edities van dit evenement moeten missen. Zodoende is laatstgenoemde high tech attribuut nieuw voor mij. Sponsor X-trace heeft voor ieder schip een GPS met een ingebouwd GSM-zendertje beschikbaar gesteld.
Deze apparatuur wordt normaal ter beveiliging tegen diefstal op een verborgen plek ingebouwd in vrachtwagens en dure jachten. Speciaal voor de race is er nu een snoer met een drukknop gemonteerd zodat deelnemers bij het passeren van een boei een signaal naar de computer van de wedstrijdleiding door kunnen geven. Met het fotorolletje uit de wegwerpcamera leverde je voorheen het bewijs dat je de boeien gerond had. Voor de gezeilde tijden was de wedstrijdleiding aangewezen op de gegevens uit de logboeken die deelnemers na afloop van de race inleverden en ’s avonds doorbelde naar Bob Luyendijk. Het nieuwe systeem is exact. Per ongeluk een verkeerde tijd opschrijven of een beetje smokkelen bij het invullen van je logboek heeft nu geen invloed meer op de wedstrijduitslag. Een door Jan ontwikkeld rekenprogramma rekent nu constant de op handicap gecorrigeerde wedstrijdstand door.doelstelling

De Douwe Dabbert is een zwervend kaboutertje dat één keer per jaar aan een wedstrijd meedoet, en dan vooral tegen de Douwe Dabbert vaart. Deelname van het DD-team aan de 200 myls is bedoeld om boot en bemanning te testen, tekortkomingen op te sporen en daar oplossingen voor te realiseren. Bijna iedere 200 mylsdeelname van de DD heeft als deadline gewerkt om bepaalde verbeteringen tot stand te brengen. Zo plaatsten m’n vader (de DD-timmerman) en ik in 1996 (de boot was net gekocht) een windstuurvaan op de dag voor de race begon. Terwijl ik van Monnickendam naar Muiden voer werd het apparaat uitgeprobeerd, letterlijk ter elfder ure. Achteraf denk ik: ‘Had dat niet een week eerder gekund?’ Een hele of halve nacht doorhalen was vaak nodig om op tijd bij de start te zijn.
In de beginjaren van de race, toen het palaver ’s ochtends vlak voor de start was, ontbeet ik tijdens de breefing door een uitsmijter te laten aanrukken. Het eerste doel voor volgend jaar is dan ook ruim op tijd in Muiden te liggen zodat ik de race niet met een slaapachterstand hoef te beginnen. Ook moeten alle
systemen weer werken zodat ik verantwoord naar zee kan en eindelijk eens één van de routes buitenom kan doen.

woensdag, 1e dag

Maar nu de race zélf. Voor de DD is het dus een beetje een toertocht. Om chaos bij de start te voorkomen hoeven de deelnemers niet meer allemaal tegelijk te starten en kan woensdag tussen 700 en 1000 de eerste boei gepasseerd worden.
Terwijl ik enkele vroege vogels onder de deelnemers vanuit Muiden naar buiten zie varen laat ik Noord van het havenhoofd om 700 het anker vallen. Er is dan, zoals vaak ’s ochtends vroeg, weinig wind. Even slapen tot 900, dan rustig ontbijten en vervolgens vlak voor tienen starten lijkt me een goed plan. Om 952 druk ik af bij de M1, een groene ton in de aanloop van Muiden. Voor het eerste rak naar het paard van Marken had ik graag de spinaker gehesen, maar de schoten van de spi waren onvindbaar. Daarmee waren ook de keerschijven die altijd bij de schoten bewaard worden, zoek. Dan maar de genua ervoor. Die trok er lekker aan. Aan de hekgolf te oordelen lag het scheepje, wanneer donkere wolken waar wat meer wind onder zat, overtrokken, op rompsnelheid. Van Marken (MN1GZ2) naar Hoorn (NEK) en vervolgens naar de OVD 3 bij Lelystad is alles goed bezeild. Als de hekkensluiter van het veld kom ik bij de Houtribsluizen (Lelystad). Vanwege de brug die iets voor het eind van de sluis over de kolk loopt vindt de sluiswachter het handig eerst twee binnenschepen binnen te laten varen en dan pas dat ‘jachtje’ (de DD) met die lange mast waarvoor de brug moet draaien. Zo veel mogelijk afstand houdend tot het schroefwater van de binnenmannen meer ik aan stuurboord (i.v.m. linkse schroef, lijzijde van de sluis) met een spring op de middenbolder. De sleper voor me stuwt dermate veel schroefwater weg dat op een gegeven moment de boeg van de DD tegen de sluiswand gedrukt wordt. De RVS-stootrand kan dat wel hebben. Het groene boordlicht niet. Om 1605 ben ik uit de sluis.
Om 1610 staat het grootzeil en zet ik de automaat erop. Rustig doorzeilend is er gelegenheid om ‘ship shape’ te maken: Het boordlichtje wordt gerepareerd en er is gelegenheid tot discreet wildplassen. Daarna haal ik een hinderlijk staalsplintertje uit m’n teen dat vermoelijk afkomstig is van de borstelkop van de haakse slijper. Vervolgens hijs ik de 12-meterfok en zet koers naar de WV14 bij Den Oever, de boei HR-B aan de IJselmeerzijde van Lelystad vergetend. Om een goede eerste dag te maken ga ik vanaf de WV14 (2210) nog naar Enkhuizen. Wanneer ik ’s nachts rond half drie bij de EZ1KG2 ben, is het vlagerig (28-31 kn) en regent het in pittige buien. De boei nu van dichtbij fotograferen terwijl de boot regelmatig uit z’n roer loopt moet om veiligheidsredenen maar wachten tot morgen als ik na m’n rust weer bij dezelfde ton de wedstrijd hervat. Op een wat grotere afstand, met de ton dwars, druk ik af. Een uur later lig ik vast in de Compagnieshaven.

donderdag, 2e dag

De ochtend wordt benut om nog wat aan het want te sleutelen en twee tijdelijke harpen onder aan de beide topwanten te vervangen door passende exemplaren van RVS. Om 1300 gooi ik los en als ik om 1350 opnieuw, maar nu vlak bij EZ1KG2, afdruk zit ik weer in de race. De 9-meterfok staat ervoor en in het grootzeil zitten 2 reven. De sport B passeer ik om 1914. Het haventje van Breezanddijk is vanaf de ton goedzichtbaar en lokt.
Het is regenachtig, winderig en het schemert. Breezanddijk is een schuilhaven van Rijkswaterstaat aan de afsluitdijk. Er zijn geen voorzieningen en er is geen havenmeester. De wat verlaten, desolate sfeer die er tijdens guur najaarsweer kan hangen bevalt me altijd prima. Urk is bezeild en de DD moet ten opzichte van zichzelf, als het kan, een voorsprongetje opbouwen zodat er, als later de wind inzakt, toch nog reglementair gefinisht kan worden. Naar UK16 is een mooi lang rak van 24 mijl. Op het middenstuk van het IJselmeer liggen veel onverlichte tonnen. Met behulp van de GPS worden die secuur misgevaren. Daarna is het tijd om uit te reven en de 9-meterfok te wisselen voor de 12 meter. De zwengel van de mastlieren valt hierbij overboord. ’s Nachts om half twee meer ik in Urk af, vlak voor de watersportwinkel.

vrijdag, 3e dag

Tegen de verwachting in blijkt een nieuwe zwengel uit voorraad te kunnen worden geleverd.De vallen kunnen dus weer strak worden doorgezet. Afgelopen winter heb ik aan stuurboord onder het gangboord een dieselkachel geplaatst. Vanwege eventuele condens en ander vocht heb ik de uitlaat iets aflopend gemonteerd waardoor de uitlaatdoorvoer in de spiegel vrij laag boven de waterlijn zit. In de haven leek dat een prima oplossing want vanwege het relatief lage vrijboord zit alles nu eenmaal laag boven de waterlijn.
Na een ruig dagje zeilen waarbij het water regelmatig door de gangboorden loopt en af en toe de schootlieren raakt denk ik daar anders over. Als ik in Urk de kachel test, doet deze het gelukkig nog. Wél lekt er water uit de inlaat, wat me doet besluiten de spiegeldoorvoer provisorisch af te sluiten. De binnenmaat van het RVS-pijpje stemt aardig overeen met de diameter van de opening van een wijnfles. De schuifmaat geeft ter zake zekerheid dus kan ik een Droë Rooie van m’n favoriete kruidenier opentrekken en tik ik de kurk van buitenaf in de uitlaatdoorvoer. Daarna, het is inmiddels 1015, is het tijd om de tocht te hervatten. Bij de UK16 druk ik de X-trace in om 11:02 en zit ik weer in de race. Met een windje ZZW 5 is het stuk van naar de WP8, nabij Medemblik een halve windsrak. Wanneer ik Zuid van het Enkhuizer Zand beneden kom om koffie te zetten zie ik op de GPS dat we even 6.3 knopen lopen. De zeilvoering is de werkfok (9m2) met een vol grootzeil (10,7m2) Goed zo bootje!
De gemiddelde snelheid op dit rak van 19 mijl bedraagt 5.9 kn. Vanvaf de WP8 naar de VF4 bij Kornwerd gaat het boompje in de fok en doen we voor de wind een gemiddelde van 5.6. Hindelopen ligt (vanaf de VF4) in de wind die volgens de voorspelling later zal ruimen naar West. Tactisch is het verstandig de windschifting af te wachten tijdens een rustperiode in Makkum of Kornwerd. Psychisch is het beter ervoor te zorgen dat de teller na 3 dagen zeilen op 148 mijl staat in plaats van op 142, hetgeen pleit voor doorvaren naar de H2. Bovendien kan een beetje marge geen kwaad om ervoor te zorgen dat wanneer op de laatste dag de wind wegvalt ik toch nog voor 1200 kan finishen. Tijdens de editie van 2000 heb ik zaterdagnacht en zondagochtend liggen dobberen waardoor ik om1200 nog 9 mijl te varen had en dus niet reglementair kon finishen. Herhaling van dit debacle moet voorkomen worden. Het kruisrak naar de H2 wordt ’s avonds in windje 6-7 gezeild met de werkfok en 2 reven. Ter vergelijking trek ik ook nog het 3e rif erin.
Relaxed klieft het scheepje door de golven. In Hindelopen wordt het gezellig met Paul Schrier en Martin Selles.

zaterdag, 4e dag

Zaterdagochtend wordt om 816 opnieuw bij de H2 afgedrukt. Het is licht weer. Vanuit Makkum komt een veld van deelnemers aangezeild die wel in Makkum hebben gerust. Al deze grotere, lichtere boten zullen me voorbijvaren. Na ronding van de VZ1 bij Stavoren hebben we een halvewindsrak naar Lelystad met, aanvankelijk, 4 Bft. Als ik niks doe zal bijna de hele 200 mylsvloot aan me voorbijtrekken. Die spi moet dus omhoog, dan maar zonder keerschijven. Als loefschoot gebruik ik een meerlijn. Een reserveval wordt ingeschoren als lijschoot. Via de (gladde) achterbolders lopen de schoten naar de lieren. Net wanneer ik het boeltje heb staan wordt ik langzaam ingelopen door Cees de Wit met zijn 30-voets Scampi “Foetsie”. Cees is een echte 200 mylsveteraan die er al vanaf ’95 bij is. Hij blijft aan lij bij me hangen zodat we (bijna boord aan boord) een half uur kunnen bijpraten.

De DD weegt ruim 3,5 ton. Onze boten zijn ongeveer even zwaar. De grotere Foetsie voert standaard bijna 2x zo veel zeil, maar door de spinaker van 41,5 m2 kan de Douwe Dabbert hem nu bijhouden. Daar ik aanvankelijk niet van plan was op dit rak te spinakeren heb ik de coördinaten van de HR-B nog niet als waypoint in de GPS ingevoerd.
Nu de wind wat aantrekt kan ik niet lang bij het roer weg en is er geen mogelijkheid dat alsnog te doen. Hierdoor weet ik niet exact of ik voldoende hoogte hou om de boei in één keer aan te varen. Een half uur voor Lelystad gaat de spi daarom naar beneden en zet ik de 12-meterfok. De snelheid op dit rak had dus wat hoger kunnen zijn. Het gemiddelde is nu 5.2 kn. Na de Houtribsluis volgt een rak van de OVD 3 (Oostvaardersdijk, vandaar) naar de NEK. De wind zit in de westhoek en de DD moet een slag maken om bij Hoorn te komen. Op zaterdagavond kom ik om 2301 bij de MN1GZ2. De verplichte 29 rusturen (meer mag ook) heb ik al gemaakt, maar aan de verplichting dat één van de pauzes achter een anker moet worden doorgebracht heb ik nog niet voldaan door het boodschappen doen in Enkhuizen en Urk en de gezelligheid van Hindelopen. Het is nog maar 8 mijl naar de IJ17 waarover ik 13 uur mag doen. Door na het afdrukken even te ankeren voldoe ik aan de eis. Ik heb trouwens best wel zin in een dutje. Traditiegetrouw maak ik een foto van de ankerlijn als bewijs dat ik geankerd heb. Het rolletje van de wegwerpcamera blijkt vol dus gebruik ik m’n eigen digicam. Zekerheidshalve worden 2 wekkers gezet.

zondagochtend, de laatste loodjes

Rond één uur ’s nachts beginnen de wekkers te rinkelen. Na een kop koffie en een ontbijt van kleutertaaien gaat het weer anker op. Om 0124 druk ik nabij de boei de knop in en zit ik weer in de race. Vanaf Het Paard naar de IJM17 loopt de route ter hoogt van Pampushaven langs het eind van de Oostvaardersdijk. Dit stuk heb ik net niet bezeild dus ga ik op 50m van de dijk overstag.
Ik krijg nu een groen knipperende boei voor de boeg (net als de IJM17) waardoor, in het zicht van de finish, een merkwaardig gebrek aan concentratie zich van mij meester maakt. Uren eerder heb ik van de IJM17 zorgvuldig de coördinaten getrokken en die ingevoerd in de GPS waarna de ingevoerde gegevens zijn gecheckt. Nu wordt niet gecontroleerd of de zichtpeiling overeenstemt met de peiling/ afstand die het apparaat aangeeft. De display boven de kaartentafel wordt niet geraadpleegd. Ik ben er bijna.
Ook het lichtkarakter wordt door mij in de vroege ochtend niet uitgeteld en vergeleken met dat wat in de kaart staat. De IJM17 heeft een iso-faselicht van 4 seconden. Vol vertrouwen, op de hand sturend, vaar ik nu door de regen naar een iso 8. Wéér heb ik het niet bezeild en moet ik een slag maken. Terwijl ik daarmee bezig ben ruimt de wind onder een bui 20° en draait daarna nog eens 10° door. Inmiddels vaar ik bijna Noord in plaats van Zuid. Pas nadat ik ongeveer drie kwartier verspeeld heb dringt tot me door dat ik naar de verkeerde boei aan het opkruisen ben. Dit is mijn tonnetje helemaal niet, maar de P1 die in de route van Lelystad naar Amsterdam ligt. Ik moet nu nog 2 mijl naar het zuiden voor ik om 428 bij de IJ17 kan afdrukken.
De DD maakt daarna een slag naar Muiden waar ik om 510 bij de Noordpier het anker laat vallen. Nog even druk ik de X-track in zodat Bob morgenochtend weet waar ik zit. Vanaf dat ik hier vier dagen geleden het anker uit de prut trok heeft de log 259 mijl bijgeschreven. Dit totaal is inclusief extra mijlen op kruisrakken en het varen van en naar sluizen en rusthavens. Na een dutje en een verfrissende duik in het IJmeer gaat om 1100 het anker op en motort de Douwe Dabbert de haven binnen om logboek, camera en X-track in te leveren.

Fokke
DD-team

Wind, zon en regendoor: Jurrien Baretta

Eind augustus werd ik door Jan Luyendijk uitgenodigd om mee te doen aan de 200 mijls. Op een wildcard, zoals hij dat noemt. Een kadootje!! Maar jeetje, wat voor een! Ik schrik me rot, durf ik dat wel, kan ik dat wel? Ik heb daar nog lang niet genoeg ervaring voor, ik begin nét met zelf varen. Solo heb ik zowiezo nog nooit gevaren…
Maar aan de andere kant, varen met twee meiden en een kotsende hond is misschien wel moeilijker dan solo varen…?
Na een nacht heel slecht slapen en peptalk van mijn zusje, Bart en EricJan Wiebenga (die met de doorslaggevende argumenten komt) haal ik diep adem en zeg ik ‘Ja, graag!’

Er volgen nog meer slapeloze nachten, een proeftocht solo naar Borkum – die vlekkeloos verloopt, een op de valreep besteld nieuw grootzeil, mét derde rif en dan moet het maar zo ver zijn. Eerst de lange tocht van mijn thuishaven Termunterzijl naar Muiden. Bart vaart mee, gezellig. Het plan is buiten de eilanden om over de Noordzee maar in het bewuste weekend waait het dat het rookt dus dat plan wordt snel bijgesteld in een tochtje binnendoor.Met Bart erbij is het strijken van de mast gelukkig een fluitje van een cent dus we vorderen rap en zien kans in drie dagen tot in Edam te komen. Het doel was Durgerdam maar op zondagmiddag was zowel het weekend als de wind op.
Het laatste stukje van Edam naar Muiden zeil ik een weekend later, samen met mijn oudste dochter Jiske. Het is stralend weer, de meldpost IJsselmeer rept over een oostelijke wind kracht 4 dus dat moet prima gaan. Waar die meldpost zijn windmetingen vandaan haalt is me na afgelopen week helemaal een raadsel want de wind die wij ter plaatse waarnemen is niet krachtiger dan hoogstens 2 Beaufort.
Langzaam sukkelen we richting Muiden. Uiteindelijk starten we de motor (dat mag nu tenminste nog) en arriveren gelijktijdig met Bart die de Alca Torda vanuit Zaandam heeft gevaren.

In Muiden ligt het mudvol. De vrouw van de havenmeester denkt niet dat we er nog bij kunnen maar zodra de havenmeester hoort dat we aan de 200mijls meedoen grijpt hij in en zegt: “Voor de 200mijls doe ik alles”. We mogen De Vrijheid onder zijn hoede achterlaten tot dinsdagavond.

Dan, dinsdagavond. De boot ligt volgestouwd met warme kleren en voorraden eten en drinken. Ik kan een weeshuis kleden, een dierentuin voeden (heb veel bananen meegenomen, dat blijkt een goede keus) en heb drank genoeg mee om een kroeg te beginnen. Na een gezellig palaver met veel onbekende maar gelukkig ook een paar bekende gezichten rommel ik nog wat op mijn bootje. Ik haal de huik er af, de leuvers van het grootzeil vast op hun plek (lijkt me zo’n rotgezicht als ik dat in de stress vergeet: grootzeil hijsen dat dan als een soort ballonfok aan je mast hangt… geen goede binnenkomer). Ik leg de fokkeschoot uit, maak de motor startklaar. Het wordt route 3. Mijn zusje en zwager vormen het walteam en voorzien me van wind informatie.

Om mijn eigen grenzeloze optimisme wat in realistische banen te leiden – ik denk namelijk altijd dat alles bezeild is, behalve pal tegen de wind in, heb ik van tevoren een ’tegenwindroos’ gemaakt. Uit een cirkel heb ik een hoek van 90° geknipt. Even nagedacht en er toen nog 15° meer afgeknipt. Midden in de ontbrekende hoek heb ik een pijl gemaakt. Als ik nu deze tegenwindroos op de kaart leg kan ik precies zien wat redelijkerwijs bezeild zou moeten zijn.

Woensdagochtend om 6 uur gaat de wekker. Om kwart over zes luisteren naar het weerbericht. Er wordt windkracht 4 tot 5 voorspeld, ZW, ruimend W. Ik besluit de gewone fok te kiezen. Snel nog een thermoskan thee maken voor onderweg.
Ik lig helemaal achteraan in de haven maar er komt snel ruimte. Voor mij vertrekt Ed Megens met de Lupa Maris. Om 7.40 passeer ik de M1. Later blijkt dat ik het knopje van de X-trace niet lang genoeg heb ingedrukt en SMS ik de starttijd naar het regattabureau. Met tellen heb ik zowiezo een probleem. Bij mij kan een seconde iedere tijdseenheid tussen 0.5 en 3 seconden duren. Dat levert onhandige situaties op bij ISO tonnen. Als ik een beetje doortel is een ISO 4 ton precies hetzelfde als een wat langzamer getelde ISO 2. Toch maar wat mee oefenen nog. Of op mijn horloge kijken..?

Al gauw word ik aan alle kanten gepasseerd door kleurige spinnakers. Daar ga ik dan met mijn kleine fokje, met een wind die eerder 3 dan 4 Beaufort is. Dus, genua er op. Dat scheelt meteen enorm en ik loop 6,5 knoop. Bij de NEK ton neemt de wind toe en moet ik de genua er weer af halen.
Het gaat allemaal lekker vlot tot de sluis. Het is voor het eerst dat ik zonder bemanning een sluis door ga dus ik vind het wel spannend. Mijn lijnen liggen klaar, de stootwillen hangen buiten en ik heb een plekje aan hogerwal op het oog. Dan gaat Wim Schreurs met de Mon Ami ineens dwars in de sluis liggen. Dat gaat helemaal niet goed maar gelukkig kan ik heelhuids langs hem laveren (zonder dat mijn motortje afslaat, wat ie graag doet op kritieke momenten) en langszij een andere deelnemer gaan liggen. Bijna maak ik nog een fatale fout door af te willen meren op een leeg stukje kade verderop, achter de brug. Die nog dicht is. Gelukkig realiseer ik me dat op tijd en wijzig het plan. Poeh.

Achter me is Bart met de Alca Torda komen liggen en na de sluis meren we even af aan een paal om thee te drinken. Jan Kees Lampe voegt zich al snel bij ons met de Little Sarah. Bart denkt dat het stuk tot Den Oever voor hem nog niet bezeild is en wil nog even wachten. Ik check met mijn tegenwindroos of ik niet wat te optimistisch was over de koers maar besluit dat het voor mij toch wel bezeild moet zijn en vaar tegen vieren weer verder. Mijn doel voor vandaag is Den Oever. De voorspelde buien met 45 knoop wind er in boezemen me wat angst in dus ik wil het liefst zo min mogelijk in het donker varen.
De wind is toegenomen tot kracht 6 dus ik steek een dubbel rif. Dat blijkt een goede keus en samen met mijn gewone fok vaar ik hoog aan de wind langs Enkhuizen naar het noordwesten.

Als snel komt Jan Kees mij voorbij. We maken foto’s van elkaar en hij belooft het bier vast koud te zetten. Het kost Bart (godzijdank) iets meer moeite om mij voorbij te lopen (in theorie ben ik sneller maar in de praktijk natuurlijk absoluut niet). De wind neemt verder toe en ik wissel met enige moeite de fok voor de stormfok. De boot loopt nu weer mooi en ik zie kans om een plas te doen en een boterham te smeren. Een mens kan zo tevreden worden van kleine dingen…

Het wordt langzaam donker en een hele meute deelnemers komt op tegenkoers langs, op weg naar Enkhuizen. Die schieten lekker op! De wind kakt wat in en na enig aarzelen haal ik er een rif uit en zet de gewone fok. Dat komt de snelheid zeer ten goede en zoals wel vaker, dat had ik eerder moeten doen. Maar voorlopig ben ik liever wat ondertuigd dan overtuigd. Met overtuiging!

Tegen 22.30 kom ik in Den Oever aan. Moe maar zeer tevreden. Wat een heerlijke zeildag! Jan Kees heeft inderdaad het bier koud staan en we kijken met z’n drieën wat de Windguru in petto heeft. Veel wind! Het zal noordwestelijk worden, wat gunstig is voor het rak naar Enkhuizen maar daarna naar Sport B niet zo prettig. Ik ben te moe om nog te koken en kruip dicht tegen Bart aan, aan boord van de Alca Torda. Hoezo solozeilen?

De volgende ochtend luisteren we naar het weerbericht van 6.15. Windwaarschuwing kracht 7! Verplicht uitslapen dus. Wat vervelend J Een uur later is de waarschuwing weer ingetrokken en staan we snel op. Bart is plots vertrokken. Ik vind de krachtige wind (6 tot 7) erg spannend wat mijn eetlust niet ten goede komt. Met moeite eet ik 1 boterham, maak een kan thee klaar en vertrek. Omdat het voor de wind is lijkt me 1 rif zonder fok wel een aardige zeilvoering. Voor de zekerheid zet ik de bulletalie want een klapgijp is niet heel fijn met deze wind. De golven rollen nogal en mijn stuurautomaat Harriët (Jetje voor intimi) is niet altijd even alert. Ik zet de bulletalie vast op de schootlier zodat ik hem snel los kan gooien als dat nodig is.

Het stuk naar Enkhuizen gaat uitstekend. Af en toe komt er een fikse bui over dus ik moet de luikjes van mijn kajuit dicht maken. Dat is onhandig want dan kan ik niet snel de kaart raadplegen. Maar ik weet dat ik het vogeleiland moet zien te ontwijken en dat er verder op dit stuk niet zoveel aan de hand is.
Regelmatig verschijnen er prachtige regenbogen aan de hemel, afgewisseld door indrukwekkende wolkenluchten. Erg mooi!

Na de EZ1/KG2 moet ik een aandewindse koers gaan varen en heb ik duidelijk veel te veel zeil op. Ik had vlak voor het ronden van de ton de fok gehesen maar ik had beter voor de stormfok kunnen kiezen. Met moeite steek ik een tweede rif en zet alsnog de stormfok. Ik overweeg het derde rif maar besluit het eerst zo te houden. Als snel blijkt dat de boot erg lijgierig is en dat de stuurautomaat het niet houdt.
Dat is vervelend vooral als we vlak daarna een enorme, pikzwarte bui met heel veel wind over ons geen krijgen. Ik kan nog steeds de kaart niet raadplegen maar weet dat het vrouwenzand niet ver weg is, aan lagerwal. Ik moet in ieder geval zien te voorkomen dat ik daar op terecht kom, dan is de ellende niet te overzien.
Als de bui over me heen giert weet ik op een gegeven moment niets beters te doen dan de boot te wenden en met halve wind weg te lopen. Iets verder op zie ik twee schepen aan de grond lopen.

Na de bui draai ik weer en wil de koers weer oppikken richting Sport-B. Als er een kwartier later weer een forse bui over ons heen komt en ik het niet voor elkaar krijg om het derde rif te steken besluit ik terug te keren naar Enkhuizen, daar rust te nemen en dan de tocht weer te vervolgen vanaf de EZ1/KG2.

Met flinke spierpijn en vol blauwe plekken de volgende ochtend om kwart voor vijf op.
Ik maak wat thee (onderweg kan ik niets koken, mijn gasstel is dwarsscheeps en niet cardanisch) en vertrek na het weerbericht van kwart over. Windkracht 4 tot 5, ZW ruimend W. Dat lijkt me een aangename wind. (Maar… waar heb ik dit bericht eerder gehoord? Zou dit een bandje zijn van 2 dagen geleden..?)

Op het moment van vertrek lijkt het eerder windkracht 2 en ik besluit te kiezen voor de genua. Op de tast de haven uit, lastig met al die verblindende lichtjes. Eenmaal buiten blijkt mijn GPS het voor gezien te houden. Gisteren is hij hard gevallen waardoor er een scheurtje in het glas is gekomen. Waarschijnlijk zit er nu vocht in. De KG2 is een iso 2s ton. Dus eenentwintig aan en eenentwintig uit. Ik zie hem al vlakbij. Een snelle blik op de kaart leert dat de koers ook wel ongeveer klopt. Hij blijkt nog verder weg dan gedacht maar om 6.40 klok ik hem dan toch. Toch? Een kwartier later dringt tot me door dat ik de verkeerde had!! Wat ontzettend stom! Dit was een iso 4s! Als je te langzaam eenentwintig doet… Shit! Met de huidige zwakke wind kost het me twee uur om de drie mijl terug en weer heen te varen. En zelfs zonder tegenwindroos is het niet bezeild.

Ik besluit door te gaan, dan maar strafpunten of diskwalificatie. De tijd dringt toch al na de terugtocht van gisteren. In de nacht doorzeilen, wat het plan was, wordt ook moeilijk zonder GPS.

De wind trekt gelukkig wat aan en met een prachtige zonsopgang zeil ik richting Sport-B. Kopje thee erbij, zelfs een uurtje lezen in mijn spannende boek, het leven is goed.

Tijdens het palaver werd al opgemerkt dat je onderweg toch niks te doen hebt dus ik mijmer wat over de dikke eend die over mijn zeil vliegt. Hij kijkt zo trots dat hij met zijn dikke lijf en korte vleugeltjes toch echt kan vliegen. Klaargemaakt als Canard à l’Orange smaakt hij vast ook heel erg goed…

Als later de wind nog wat verder aantrekt en ik het eerste rif gezet heb begin ik luidkeels te zingen. Het is maar goed dat alleen de canard het kan horen want zingen is niet een van mijn talenten. Het voelt wél lekker.

Om 10.10 rond ik Sport-B. Nu op naar Urk! De wind is inmiddels al aangewakkerd tot een stevige ZZW 6. De VZ8 is het eerste doel, om het vrouwenzand te omzeilen, maar is niet bezeild.
Het gaat flink tekeer en ik ploeter om het tweede rif te steken. Er slaan een paar flinke golven naar binnen, recht mijn kajuit in. Gelukkig heb ik de kussens bij de ingang in plastic gestoken maar het water staat wel onder de vloerborden. Ik merk dat ik echt veel te weinig gegeten heb de afgelopen dagen en heb bibberhanden en -benen. Ik word onhandig, moet steeds van voor naar achter omdat er een schoot nog vastzit of een val blijft steken.

Ineens weet ik dat het genoeg is geweest. Qua tijd kan ik het niet meer halen omdat ik niet de nacht wil doorvaren zonder GPS. Ik moet nog 116 mijl…
De wind neemt toe in plaats van af en het is voor mijn beperkte ervaring gewoon te veel. Ik heb het niet meer in de greep.

Bij Hindeloopen keer ik om en vaar terug naar Makkum. Het was een wijs besluit maar ik voel toch ook teleurstelling. Later hoor ik van Jan Kees Lampe dat hij die dag regelmatig 30 knopen wind op zijn windmeter registreerde dus het woei niet alleen om mijn vermoeide hoofd zo hard.

Foto links :Bart Boosman & Jurrien na afloop 200 myls ‘SOLO’ – 2005 en rechts: Jurrien en Eric Jan Wiebenga

Volgend jaar een nieuwe kans! Het komend jaar vooral flink oefenen op bijliggen en onder zware omstandigheden reven, zeilvoering beter inschatten, iets bedenken om met mijn luikjes dicht toch op de kaart te kunnen kijken, mijn GPS deugdelijk bevestigen, mezelf dwingen om beter te eten en vooral véél zeilen!!
Hoe dan ook, ik heb er van genoten. Die boot is echt fantastisch, die geeft geen krimp bij stevige wind. Ik heb de voetrails onder water gezeild en geen moment het gevoel gehad dat het te ver ging.

Dus nogmaals: Jan, bedankt dat ik mee mocht doen!

Jurrien Baretta.

‘Easy Going’ in de tiende 200 mijls solo 2005 door Frits Bartels

‘Easy Going’ in de tiende 200 mijls solo 2005
door Frits Bartels :’de Drietand’, oktober 2005, Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers
De tiende 200 myls solo was onstuimig.28 september tot en met 2 oktober 2005.Dinsdag ’s middags melden de schippers zich met hun schepen in de Stichtingshaven van Muiden bij de havenmeester de heer Derks, die er werkelijk alles aan doet, om alle schepen in de kleine haven een plekje te geven, zodanig, dat ook de Vecht nog bevaarbaar blijft.
Het is een gezellige drukte en er is al enige spanning voelbaar bij de elkaar ontmoetende deelnemers.
‘Easy Going’ krijgt een plekje langszij de motorvlet ‘Capella’ van gastvrije opname-schipper Peter Capel,die er ook dit jaar weer bij is.
Het weer is goed en een ieder lijkt er zin in te hebben. ’s Avonds is er het palaver in het welbekende café ‘Ome Ko’.
Omdat deze 200 mijls race de tiende is, wordt organisator Jan Luyendijk in het zonnetje gezet. Zo is er een shantykoor met een speciaal voor dit evenement geschreven lied.
De logboeken en de herinnerings caps worden uitgedeeld.De wedstrijd kent een noviteit. Iedere schipper krijgt op zijn schip een ‘X-trace’ mee, gebaseerd op GPS/GSM. Zo kan elk schip continu gevolgd worden, ook -zoals bij deze 200 myls- op internet. ‘X-trace’ is eigenlijk ontwikkeld als een mobiel alarmeringssysteem voor de bewaking van mobiele objecten, zoals ook zeilschepen.
Tijdens de race moet bij elke te passeren ton, sluis, rustplaats (haven) de ‘X-trace’ door een druk op de knop geactiveerd worden, waarbij de exacte positie van het schip met de GPS satelliet tijd automatisch mobiel worden doorgebeld naar een centrale. ‘X-trace’ werd ter beschikking gesteld door ‘X Mark B.V.’.
Woensdagochtend kan er tussen 7 en 10 uur gestart worden bij de M1 boei bij Muiden, waarbij de eigen race door een druk op de knop begint..
Gevaren wordt onder de s.w. handicap. De s.w. cijfers zijn via www.sailsupport.nl op te vragen. Hans Colenbrander, ook deelnemer -met een Waarschip kwart tonner- , gaat er over.
De baan, circa 200 mijl, zonder sluis en haven passages, dient geheel ‘solo’ volgens een van de vier te kiezen routes, gevaren te worden, in de beschreven volgorde.
In de achterstag wappert cijferwimpel 1 ten teken, dat er ‘solo’ gevaren wordt.
De omstandigheden met betrekking tot het weer waren goed. Alleen de donderdag was nogal onstuimig met een windwaarschuwing 6 Bf. Onder de vele buien uit kwam steeds veel wind en fikse regen. Met de nodige windschiftingen.
Het zou zo een snelle race kunnen worden voor diegenen, die uit waren op de ‘line honours’.Voorin werd die strijd geleverd door Ed Megens met ‘Lupa Maris’ (Dehler 34), door Eric Jan Hardonk met ‘Nescio’ (Etap 30) en door ondergetekende met ‘Easy Going’ (Contest 40S). Uiteindelijk werd het een heel spannend slot, net beslist in het voordeel van Eric Jan Hardonk, die vlak voor Ed Megens in de nacht van vrijdag op zaterdag rond middernacht de finish boei bij Muiden weer wist te passeren. Helaas moest ‘Easy Going’ de strijd staken, doordat de fokroller bij een fokwissel slechts 27 myl van de finish geheel naar de barrebiezen ging, zodat de fok niet meer gebruikt kon worden. Jammer.
In de voorlopige einduitslag, ook te zien op de voortreffelijke website www.200myls.nl, lijkt Bauke Yntema met ‘Catootje'(Winner 9,50) op s.w. handicap de winnaar.
Al met al was het een mooie race, waarin bij dit over het algemeen nogal onstuimige weer, veel van de deelnemers werd gevraagd.
We kunnen ons nu weer gaan voorbereiden op de 200 myls 2006!

Frits Bartels, ‘Easy Going’.

Verslag 200 mijls 2005 Wachten op het weer? Marjan van de Vrie

Verslag 200 mijls 2005 Wachten op het weer?Dit jaar is het de tweede keer dat ik meedoe aan de 200 mijls. Vorig jaar bewezen dat het bootje en ik het samen wel kunnen, dit keer eens kijken of de schipper iets intelligenter kan varen dan de vorige keer! Zondag komen we aan in de haven en mag Mathilde tussen de andere vroege vogels op de start gaan liggen wachten.
Na een verfrissende avondwandeling naar Weesp de trein terug om thuis nog wat te werken en de tocht voor te bereiden, de gps te programmeren en allerlei andere dingen te doen die ik een half jaar tevoren ook al had kunnen doen. Dinsdagmiddag zijn we, vriend Tiny en ik, weer terug in Muiden. Het stopcontactje voor de X mark wordt nog aangelegd, en ik drentel wat heen en weer aan boord onder het motto dat alles op zijn plaats moet liggen. Tijdens een droog moment worden zelfs de lieren nog een keer gesmeerd, want het oude liervet bleek niet goed bestand tegen het zeewater van het afgelopen seizoen. Ik heb eigenlijk het geduld niet meer om te klussen. Ik wil gewoon op pad.
Bij de chinees ontmoeten we een clubje medesolisten, waaronder een aantal PetitBateau zeilers.
Tijdens een gezellig etentje horen we waarom de een die race nooit meer wil zeilen en de andere beslist weer wil starten.

Aan mijn motivatie verandert het niets, ik wil hem gewoon een keer zeilen.
Afscheid van Tiny, die zich vanaf dan op het weerbericht gaat storten, en nauwelijks nog aan werken toekomt, en op naar het palaver. Bij Ome Ko is het lekker druk. Het shantykoor zingt nautische liedjes, en het is leuk weer bekende gezichten te zien. De waarschuwingen voor het weer zijn dit keer geen onbelangrijk onderdeel van het palaver, want er zou best wat wind kunnen komen. Alles beter dan weer een nacht dobberen naar Urk!
Op tijd vertrekt iedereen weer naar zijn boot. Ik leg alles alvast klaar voor de volgende morgen. De vorige keer was de start zo snel gegaan dat ik bij de M3 nog van alles onderuit de boot moest vissen. Dit jaar gaan we voorbereid op pad.

De wekker gaat vroeg. Het is nog donker wanneer ik het bovenste luik uit de opening pak. Orion staat helder aan de hemel. Rondom zijn al wat schippers met hun boten bezig.
De wind is nog niet zo krachtig als voorspeld, wanneer ik rond half acht de M1 passeer. Toch de spi nog halen? Ik besluit het niet te doen. Tegen de tijd dat die staat waait het vast weer te hard. Beter eerst een kopje thee, en de stuurautomaat klaarleggen. Het kriebelt wel wanneer je de boten voorbij ziet komen, maar bij het Paard van Marken begint het al wat meer te waaien. Vlak voor Hoorn zie ik heel wat gedoe met spinnakers en halfwinders om me heen en ben blij dat ik hem niet heb gezet. Tijd voor een eerste rifje.
Naar de sluis gaat het super. Surfend haal je leuke snelheden!

In de sluis liggen we naast de Bondi. De Vire kwam gevaarlijk aangedreven, die waait erg snel af door zijn hoge opbouw, ik was blij toen hij eenmaal zonder schade langszij lag. In de sluis het overleg welke baan. Wordt het 3 of 4? Voor allebei was wat te zeggen. Uiteindelijk hebben de Bondi en ik van route geruild. Gezien de windverwachtingen leek Makkum me niet echt leuk die avond, zoveel wind aan lagerwal.
Dan maar naar Enkhuizen. De WP 8 was prettig bezeild, en Mathilde had het naar haar zin.

Hogerwal een haven aanlopen is ook niet alles, bleek later die nacht. Ik was blij met de buiskap, want elke golf spetterde over de boeg. In de haven van Enkhuizen was ik nog niet eerder geweest. Op de kaart zag ik een stadshaven, en dat leek me wel wat. Voor me voer Gilles, bleek later. Die zag ik tijdens het strijken van het grootzeil en het voorbereiden van de touwtjes de jachthaven indraaien, en ik besloot ook maar niet verder te zoeken en die kant op te gaan.
De beroepsvaart werd een beetje nerveus van me, met hun zoeklampen. “Kun je het vinden?” riep iemand van een donkere steiger? Nou nee, eigenlijk niet, nergens een bordje ‘passanten’. Het bleek een soloschipper te zijn, die in Enkhuizen een vast ligplaats heeft. Hij riep hoe naar de passantenplek te varen, en daar aangekomen lagen er al wat meer solisten te slapen.

Die nacht heerlijk beschut gelegen tegen alle buien die overkwamen. De wekker stond op 6 uur. Het weerbericht van 6.15 op kanaal 1 gaf een windwaarschuwing windkracht 7, dus ik draaide me nog eens lekker om. 7.15 zat er nog geen verandering in, tijd voor douche en ontbijt. 8.15 was de windwaarschuwing een 6. Mooi, tijd om eens op pad te gaan. Zeilpak aan, zwemvest om, motor gestart, springetje los, Herman Tieman op de steiger om te waarschuwen voor een windwaarschuwing 7 van de kustwacht op kanaal 23. Die had ik dus niet gehoord, maar voor alle zekerheid toch maar even gewacht. Wind zat die dag, het was helemaal niet erg om even wat te praten met andere solisten. 9.15 nog altijd windwaarschuwing 6 op kanaal 1, en we gaan gewoon maar weer van start.

Op naar de sport B. Het was maar net bezeild, met gereefde zeilen loopt Mathilde niet zo hoog. Toch ging het aardig door ondanks de helling, en het lukte zonder een slag te maken bij de ton aan te komen. Er was onderweg nog een verfrissend buitje, met een paar stevige vlagen. Paul Peggs zag ik in de verte worstelen met zijn gecharterde boot. Bij de ton zelf was het droog. Onvoorstelbaar dat ik vorig jaar dacht dat de dijk zo dicht bij de ton zat. In het donker ziet alles er heel anders uit.

Terug naar het zuiden, naar Urk. Een mooie ruime koers, met een gemiddelde snelheid die we niet iedere dag halen. De donkerste wolken probeerde ik te ontwijken door wat hoger te sturen. Het zeilde als een speer.
In de haven van Urk waaide het net zo hard als daar buiten. Je moest snel zijn om de fenders op te hangen en je zeil te strijken. Er lagen onwaarschijnlijk veel ‘japanners’ in de haven. Ook voorin de haven was de wind nog erg krachtig, dus ik besloot weer terug te gaan en langszij te gaan bij Paul. Die was gelukkig buiten bezig, want het was zo goed als onmogelijk om hogerwal aan te leggen zonder boten te beschadigen. Er moest behoorlijk aan touwtjes gesleurd worden om Mathilde op haar plek te krijgen.
Voor de verandering weer even wat gekookt, een boekje gelezen en lekker aan boord gezeten. Wat kan het leven toch vervelend zijn!

De volgende dag weer op het gemakje vertrokken richting Makkum. Weer wind genoeg, wat een luxe. Naar de WV 14 was het een prettige koers. Halve wind. Daarna voor het lapje naar Makkum. Het tweede rif stond in het grootzeil en het voorzeil was nog helemaal uitgerold.

Na een gijpje was de vraag of de buiskap dit of volgend jaar vervangen ging worden voorgoed de wereld uit. De boot liep voor geen meter. Het ging wel goed vooruit, maar geen balans! Toen toch het voorzeil maar wat ingedraaid en met nauwelijks verlies aan snelheid liep het al een stuk beter.

Het ging allemaal erg snel. 142 mijlen gevaren, ongeveer hetzelfde op het log, en tijd zat. Het was nog maar het begin van de middag. Ik weet het, het is tactisch niet slim om een niet bezeilde koers te gaan varen wanneer de verwachtingen voor de dag erna wel goed zijn, maar het zeilde gewoon nog zo fijn. Na zoveel rusturen had ik het idee nog niet echt gewerkt te hebben en dat hoort er wel bij. Halfverwege de middag in een haven gaan liggen, of voor anker in Makkum wat daar waarschijnlijk wel zou kunnen, ik had er gewoon geen zin in. Ik was gekomen om te zeilen, toch? Op het schermpje thuis zag Tiny dus een stipje afdraaien richting Hindelopen…
Lekker een stukje bikkelen, zeilen al wat je geleerd hebt om zo hoog te gaan als kan met deze wind. Een heel klein beetje balen van de lagere snelheid, maar kicken omdat Mathilde het als lichte boot toch maar flikt bij deze puist wind, al is het gereefd niet haar sterkste hoek. De windvaan bakte er niets van, al deed hij het nog net goed genoeg om een handje te helpen bij het aandraaien van de genua na een overstag, dus ik heb niet op hem gemopperd. (Dat had ook niet gemogen, want terug in Muiden werd duidelijk dat de vaan beschadigd was door een aanvaring eerder dat jaar.) Het logboek lag ondertussen al ergens onderin de boot, samen met de kaart, en het aflezen van de gps was een hele kunst omdat die aan een touwtje in de buiskap hing te bungelen. En toch was het gewoon leuk. Dit is waarom je gaat!

Na de passage van de ton toch de kaart maar weer naar boven gehaald, en me verbaasd over de betonning van Hindelopen. Het Ijsselmeer is toch wel wat aparts al zit er uiteindelijk wel een soort logica achter.
De keuze viel op het haventje in het dorp. Daar lagen al wat solisten die ook doorgegaan waren naar Makkum. Ik maakte kennis met Cees de Wit van de Scampi 30, en samen met de schipper van Ellship en Arie Petrus zaten we gezellig even op het dek.
De havenmeester kwam langs, een echte. Pet, jas, snor. Zo zie je ze niet vaak. Grote meevaller was de supermarkt op een paar passen van de haven, die ook ’s avonds open was. Even wat verse dingen gehaald want oud brood ben je snel zat. Er lagen meer solisten die die middag ook nog doorgegaan waren, in de marina.

Het was wachten op de goede windrichting. Voorspeld was dat de volgende dag rond het middaguur de wind weer vanuit het zuiden naar het noordwesten zou gaan, maar toen ik ’s morgens wakker werd, was hij al gedraaid. Ik besloot na het klaarmaken van wat brood en thee maar meteen te vertrekken. Buiten was het prima zeilweer. Naar de VZ1 was het goed bezeild, en een rifje dat ik nog maar had laten staan, ging halfverwege het rak eruit. Fokke was een half uurtje daarvoor gestart, en vaarde met zijn stalen scheepje zijn eigen koers. Ook hij had waarschijnlijk wat zeil te weinig, want toen ik in de buurt kwam zat hij op het voordek te prutsen aan zijn voorzeil.

Het laatste stuk naar de sluis liep een groot aantal boten me weer voorbij. Dat was een van de weinige momenten dat ik toch liever een 150 dan een 135% genua had gehad. Maar goed, de gemiddelde snelheid was uiteindelijk toch niet zo slecht.

Bij de sluis was ik van plan mijn ankertijd te gaan nemen, daar wist ik nog van vorig jaar dat er goede ankerplekken waren. Maar onderweg hoorde ik het weerbericht. Er werden die avond en nacht buien afgegeven met onweer. Een beetje wind of buien is geen ramp, maar onweer, daar heb ik het niet op. Afgelopen zomer nog op het Grevelingen geankerd en ’s nachts in een onweersbui ankerop moeten gaan omdat de wind 180 graden draaide. Ik voelde er niets voor dat nog eens te doen, zeker niet op een water wat ik relatief slecht ken. Soms moet je leren van je leermomenten. Het was prachtig zeilweer, zon, wind, alles wat je wilt. En dan bij de sluis achter je anker gaan wachten op slecht weer of te weinig wind op zondagmorgen? Dat gaat bij mij tegen alles wat logisch is in. Dus ging ik door, al vind ik dat het ankeren er wel bij hoort. Na de sluis maar weer een rifje gezet. De boot helde teveel om aan de wind goed vooruit te komen. Het voorzeil ook maar wat ingerold. Nog een slagje moeten maken om uiteindelijk bij de NEK aan te komen.

Achter me werd het steeds leger op het meer. De Houtribsluizen waren gestremd, dus achtervolgers waren er niet meer. Voor Volendam zag ik de Kim varen, een Dehler 36 met tot mijn verbazing een dubbel gereefd grootzeil. Zat de schipper wat lekkers te koken? Ziek? Iets gebeurd? Ik vertrouwde het niet helemaal, want wie heeft nu zo weinig zeil staan als er zulke zwarte wolken achter je hangen, en stuurde zijn kant op. Er kwam een tegenligger aan, en gelukkig zag ik nu wel iemand aan boord zitten en zijn hand op steken. Niks aan de hand dus. Alleen een kapot zeil, bleek later.
Bij het Paard was er nog aardig wat wind, al was het ondertussen donker. Er kwamen wat sms’jes binnen van ‘supporters’ die thuis de stand volgden. Hardstikke leuk. En toen het laatste stuk. Het begon als halve wind, het ging naar aan de wind, en daarna was er aan de windrichting geen touw vast te knopen. Vreemde kruisrakken heb ik gemaakt, met wat flitsen van onweer die gelukkig in de verte bleven. Het laatste stukje duurde het langst. De regen kwam met bakken en ijskoud naar beneden. Achter me kwam een toplichtje, waar later een groot wit zeil onder zat. De Kim? Het bleek uiteindelijk Paul Peggs te zijn, die verbaasd was dat ik zijn krachttermen wegens de windshifts niet had gehoord. Hoe kon het ook met die regen?

Toen werd het toch weer droog. Tussen de wolken de sterren, voor me de laatste ton. Een laatste zachte bries, druk op het knopje, en Mathilde was weer aangekomen!

Deze 200 mijls was een supermooie tocht, en ik heb hem met veel plezier gezeild.
Mathilde heeft het volgens mij ook prima naar haar zin gehad. Naast het feit dat de wind prima was, de organisatie perfect, de steun van het thuisfront meer dan je mag wensen, vond ik het ook een bijzondere ervaring dat tijdens deze tocht de boten van andere deelnemers niet meer zomaar boten zijn gebleven, maar eigen karakters zijn geworden. Er werd in mijn ervaring erg vriendelijk gevaren. Geen gedoe bij tonnen, een beetje voor elkaar uitkijken als dat kan. Uiteindelijk vaar je deze wedstrijd voornamelijk tegen jezelf, maar je meet je ook een beetje aan anderen. Op deze manier is dat heel erg leuk. De tiende was voor mij één groot feest!

Marjan in Petit Bateau polo en Tiny op de steiger

Marjan van de Vrie,
‘Mathilde’

‘I did it again, at least’ door Eric-Jan Wiebenga

‘I did it again, at least’

Zondagavond, 2 oktober 20.30 uur loop ik half slaapwandelend van Amsterdam CS via het nog drukke Damrak en Rokin tussen struinend toeristen- en uitgaanspubliek naar huis in plaats van tram te nemen. Veel kilometers had ik de laatste paar dagen immers niet gelopen, evenmin overigens als uurtjes slaap gehad.… In mijn gedachten evalueer ik de laatste 4 dagen. Het CS nog maar nauwelijks verlaten, klonken de eerste sirenes me als bijna wereldvreemd in de oren en moest ik zowaar bewust opletten bij het oversteken van de eerste straat; wat een contrast met de laatste paar dagen !

De eerst (woens-)dag begon geweldig met zon en bescheiden ZW windje, zodat onder Spi het eerste rak van alweer de 4e editie van de ‘Indra’ aan de 200 myls solo, ook voor mij om 8.01 uur was begonnen. Een schitterend gezicht al die spin- en genakers groot en klein, op het verder nog erg lege Markermeer te zien varen.
Allemaal solo zeilers enerzijds (in ieder geval voor de komende paar dagen), anderzijds toch ook duidelijk één collectief! Met het passeren van ‘Het Paard’ waarmee de koers richting Volendam hoger aan de wind kwam te liggen, verdwenen niet alleen de spinakers maar ook de meeste genakers. Bovendien nam de wind toen al, al aardig toe…

Op weg naar de ruimbezeilde Nek ton gingen links en rechts weer een aantal de spin- en genakers omhoog, die overigens ook weer niet lang bleven staan; de wind nam nog meer toe… zou het dan toch windkracht 7 worden ? De diverse weersverwachtingen spraken elkaar steeds erg tegen, voor mij (met name) van belang, want ik had nu éénmaal m’n zinnen gezet op route 1!

Met het stuurboord uitgaan bij de OVD3 richting de P15 Amsterdam, was de route keuze definitief gemaakt. Vorig jaar had ik route 1 namelijk als een hele mooie route ervaren. Maar met een stevige ZW 5/6 was de P15 pal tegen en moest dit 15 mijl lange rak, wel erg duur worden betaald met een tijd van 4 uren en 12 minuten. Maakt niet uit !, begon ik mezelf al op de eerste dag moed in te praten, met het ‘uitgerekende’ stroomvoordeel over maar liefst 53 mijl van IJmuiden in één keer door naar Kornwerd, was de afspraak dat ik dit rak naar de P15 als een soort investering daarvoor zou zien.
Zoiets als een belegging, je weet wel met die verplichte waarschuwende teksten als ‘behaalde resultaten in het verleden, bieden geen garanties voor de….’, juist ja, die !!

Op het Noordzeekanaal richting IJmuiden werd in het weerbericht van 19.05 uur op kanaal 83 de gevreesde 7 dan toch genoemd ! De bedoeling rond de klok van 23.30 uur ook al de Baloeran ton te klokken, konden we dus wel vergeten, althans voor deze eerste dag. Ik schrijf inmiddels ‘we’, want ‘we’ waren niet helemaal alleen ( ). Namelijk ook Hans, Ron, Bert Jan en John van respectievelijk de ‘Francis’, ‘Serenity’, ‘Utopia’ en de ‘Happy’, hadden hun kaarten ingezet op route 1.
Na wat mobiel overleg op weg naar IJmuiden, besloten we de altijd bijna statig ‘uitgesproken weersverwachtingen voor de Nederlandse kustwateren’(zou die man thuis ook zo tegen z’n vrouw praten ?) , van 23.05 uur af te wachten.

Rond de klok van 22.00 uur lagen we in de ongezellige en onpersoonlijke ‘Sea Port Marina’, en hielden we (Ron, Hans en ik) ons eigen palaver in de kuip van de Francis.
Toen ook in het weerbericht van 23.05 uur de 7 (uiteraard) nog in de verwachtingen werd genoemd, ontzegelden we ons eerste biertje en deden we elkaar onze eerste sterke verhalen. Nauwelijks een slok genomen, brak de aangekondigde ZW 7 vergezeld met onweer los en verhuisden we van kuip naar kajuit, maar wat blij dat we niet op het water waren !

De eerstvolgende mogelijkheid de Baloeran te klokken was rond de klok van 11.00 uur de volgende (donder-) dagochtend. Maar de uitkomst van ons ochtend palaver was dat we zouden wachten tot ‘s avonds 23.00 uur en wel om reden dat het met een NW6 nog steeds erg hard waait, onze boten met een hoog aan de wind koers richting Den Helder eerder als duikboot dan als zeilboot zouden moeten fungeren en er zeer wel waarschijnlijk ook een slag zou moeten worden gemaakt. Bovendien zou de wind die avond krimpen naar het westen tot een meer bescheiden 4 tot 5. Met een verwachtte ETA van rond de klok van 8.00 uur vrijdagochtend in Kornwerd, zouden we ook dan nog mooi op schema liggen. Vier argumenten dus die we met goed fatsoen als excuus konden gebruiken ook de donderdagochtend niet uit te hoeven varen.

De vrijdag werd ingevuld met uitgebreid ontbijten, douchen, koffiedrinken, ouwehoeren en laatste klusjes aan boord die er altijd weer blijken te zijn. Inmiddels had ook Bert Jan van de ‘Utopia’ zich bij ons aan de steiger gevoegd, terwijl John van de ‘Happy’ er wél voor had gekozen ’s ochtends op weg te gaan naar Den Helder.

Om 22.00 uur (donder-) dagavond negeerden we zo veel als mogelijk onze zenuwen, en gooiden we onze touwtjes los, op weg naar de Baloeran. Nog tussen de pieren hezen we de zeilen waarbij ik meteen al (mijn eerste ?) ‘probleem’ het hoofd moest bieden: bij het doorzetten van het onderlijk en het zetten van het eerste rif, lag in één keer mijn lier hiervoor in onderdelen op het kajuitdak ! Shit !! Snel pakte ik de vette onderdelen bij elkaar en vluchtte naar de kuip. In het schijnsel van de zaklamp kon ik Goden-zij-dank, concluderen dat de 2 kleine palletjes plus bijbehorende veertjes, nog keurig op haar plek zaten en ik daar dus niet hopeloos in het donker naar op zoek hoefde. Vlug pakte ik de imbussleutels uit de gereedschapskist en kon de lier zonder problemen weer terug op de mast gemonteerd worden. Oefff, dat begon lekker!

Eénmaal op zee stond er nog behoorlijk deining van de afgelopen dagen harde wind, terwijl de wind hoe langer hoe minder werd en al snel afzwakte tot een ‘dikke’ W3. Het eerste rif kon er dus al snel weer uit, wat echter niet mocht helpen tegen de nog behoorlijke deining versus de te weinige wind. Een katterig gevoel was hiervan het resultaat, waartegen ook een handvol gemberpillen niet meer mocht baten. Het stuk naar Den Helder was dan ook niet prettig !

Om 5.46 uur inmiddels vrijdagochtend, kon de MH4 worden geklokt. Een mager resultaat waarmee we ons beoogde stroomvoordeel nauwelijks hadden uitgebuit, en het nog maar de vraag was of nog wel de volledige stroom naar Kornwerd mee zouden hebben. Doorgaan ‘moesten’ we echter toch ook wel, want ons tijdsschema begon toch ook te dringen.

Na het ronden van de T12 (Texel) ging de genaker omhoog die er eigenlijk al veel eerder op had gemoeten. Maar met katterig gevoel, een behoorlijke deining en in het donker, waren deze psychologische impacten klaarblijkelijk te groot de lust op te brengen de genaker laat staan de spinaker, eerder te zetten… Met een gemiddelde 5,5 knoop richting Kornwerd, klokten we dan ook teleurstellend de BO3 om 9.54 uur vrijdagochtend…

Moe maar weinig voldaan ging het ankertje Oost van de sluizen bij Kornwerd op het IJsselmeer overboord, voor de verplichte 6 anker uren.
Met een ZW 5/6 lag de ‘Indra’ onbeschut al na de eerste poging stevig achter haar anker. Zelfs zo stevig dat bij het anker op gaan, het anker muurvast bleek ! Aangezien mijn Delta anker dit wel vaker doet, is de oplossing nog altijd geweest er simpelweg overheen te varen, en had ik dat ook deze keer zo bedacht. Ongelofelijk maar helaas toch echt waar, brak mijn 10 millimeter dikke ketting !!! Kun je nagaan met wat voor een enorme (natuur-)krachten je op een boot te maken kunt hebben, en dan is het nog maar krachtje 6 ! Het kan niet anders dan er een zwakke schakel tussen heeft gezeten, maar wat als dit midden in een nacht gebeurt en je veronderstelt veilig achter je anker te liggen ? M.a.w., moet je nog blij zijn ook dat dit gebeurt bij het anker op gaan!? Hoe dan ook, weg duur Delta anker dus…

Goed, dan de zeilen maar omhoog op weg naar Medemblik, waarvoor de heren Luijendijk dit jaar de verlichte (!) WP8 hadden uitgezocht, hiervoor eeuwige dank ! Want donker was het deze nacht! Was het Nieuwe Maan ? Zo donker heb ik werkelijk ’s nachts nog nooit gezeild; ik kon mijn eigen voorzeil niet eens zien ! Géén mist, maar pure nacht !! Met mijn deklicht in het achterstag was ik dan ook erg gelukkig, en kon ik tenminste zien wat ik met al die lijnen in de kuip moest doen. Want werken was het ook dit rak ! Met een vette ZW6 was de WP8 pal tegen, voer ik dubbel rif, kotterfok en de genua een paar slagen weggedraaid.
Dit lijkt wellicht overdreven, maar een collega-concurrent met vergelijkbaar (Koopmans ?) schip, zag ik (toen het nog licht was) met alleen dubbel gereefd grootzeil en kotterfok zeilen, terwijl De Centrale Meldpost doodleuk een actuele wind Lelystad ZW5 durfde te meldden. Wanneer hebben ze die meter voor het laatst geijkt !? Toen ik in ten noorden van me dan ook een schip richting Kornwerd doodleuk onder Spi zag varen, dacht ik dat ik echt gek werd!

Tijdens deze nacht moest ik nog wel een paar keer denken aan de bemoedigende tekst die Bert Jan van de ‘Happy’ boven zijn kaartentafel had opgeplakt, en zich daarmee openlijk afvroeg “of het niet veel goedkoper is wanneer solo zeilers zich vanaf de wal door een psychiater laten redden”…

Onder het mom van binnen zie ik meer dan buiten (bovendien is het er warmer én droog !), zeilden we met neus op GPS en radarscherm geplakt, vervolgens met resp. een backstag- en halve wind met een bloedgang richting de H2 bij Hindeloopen en naar de Sport B bij Breezanddijk.
Het was inmiddels 01.00 uur ’s nachts en met het feit dat Stavoren met ZW niet bezeild was, vond ik het eigenlijk wel welletjes ook. Het oorspronkelijke idee bij Breezandijk een plekje te zoeken, liet ik met dit pikke donker snel voor wat het was, en besloot terug te varen naar daar waar ik eerder deze dag zo onfortuinlijk ankerop was gegaan..

Toen ik 8.00 uur ’s ochtends met veel bombarie door de sluismeester van Kornwerd werd wakker gemaakt omdat ik op een plek lag waar ik in zijn ogen op voorhand bijna ten dode zou zijn opgeschreven, gingen (moesten!) de touwtjes binnen het kwartier weer los, wederom naar de Sport B, richting Stavoren. Ach, lang genoeg geslapen het was weer hoog tijd een stukje te varen…

Het beloofde vandaag (de zaterdag) een schitterende zonnige zeildag te worden, die de donkere, koude en natte nacht van slechts een paar uren geleden, snel zouden vergeten. De wind was West 4 tot 5 en dus Stavoren nu wel bezeild. Met de genaker het eerste stuk er nog op, werd dit 11 mijl lange rak voorspoedig in 1 uur en 3 kwartier afgelegd, 6,2 knoop gemiddeld. Het rak naar Den Oever was hiermee net niet bezeild en moest er uiteindelijk een klein slagje worden gemaakt.

Met het ronden van de WV14 bij Den Oever, lag er een mooi lang rak van 23 mijl naar Lelystad in het vooruitzicht. Hoog tijd om de schade eens in te halen, en dus ging de genaker omhoog ! Met m’n kont tegen de helmstok en één been schrap zettend tegen de kuiprand, had ik 3,5 uur lang bij tijd en wijle mijn volledige gewicht tegen de helmstok nodig om de ‘Indra’ op koers te houden! Dikke hekgolven trekkend, soms minuten lang, meende ik dan ook regelmatig bewonderende blikken van mede watersporters te ontdekken. Dit was schitterend zeilen en maakte dit rak tot mijn absoluut hoogtepunt van deze 200 myls !!

Om 17.11 uur klokten we de HR-B bij Lelystad. Bij de sluizen aangekomen, kreeg ik te maken met een stroomstoring waardoor de brug niet kon worden gedraaid. Tijd genoeg dus voor een welverdiende warme prak en sterke bak koffie !

Om 20.05 uur werd de OVD3 geklokt voor de laatste loodjes richting de NEK ton, die tegen de verwachting in, keurig bezeild bleek. Volledig tegen de melding van de Centrale Meldpost in, nam de wind af in plaats van toe en kromp deze naar ZW in plaats van te ruimen naar NW! Halverwege het rak moest ik dus 20 graden afvallen en was Volendam daarmee maar nauwelijks bezeild ! Draait de Centrale Meldpost wel het juiste bandje af, begin ik me nu toch echt af te vragen !? Niet te geloven, zo vaak als men er naast zit met hun voorspellingen !

Met alsmaar afnemende wind (…), werden de laatste 9 mijlen naar de IJM17 ton afgelegd, die uiteindelijk om 01.40 uur zondag ochtend werd gepasseerd…. Qua klassering dit jaar waarschijnlijk niet een al te fraaie notering, maar goed ‘I did it again, at least’….!

Bob, Marco en Jan Luyendijk, ook dit jaar weer hartelijk dank voor dit geweldige zeilevenement !

Eric-Jan Wiebenga s.y. ‘Indra’

Mijn primeur in de 10e 200myls soloAge van der Bles

Mijn primeur in de 10e 200myls soloAge van der Bles a/b zs FoddeboskWaar begint een verslag? Twee jaar terug met het lezen en uitpluizen van de website?
Het drammen om erbij te komen? De teleurstelling dat het in januari is volgeboekt?
Of het moment, op maandagavond in februari, dat je vrouw roept: “Mailtje van Jan, je mag inschrijven!!”.
Ik denk het laatste. Dus een half jaar voorbereiden, boot klaarmaken, zeiltje erbij gekocht voor alle weersoorten. En na de vakantie alles nogmaals nalopen.
De boot is klaar, nu ik nog!
Helaas dat schiet erbij in. En dat knaagt eigenlijk het meest.

Dan is het zover, uiteraard ben ik al veertien dagen met “wind-guru” en vriend Paulusma in gevecht over het weer. Ik besluit om mijn eerste solomijlen op zaterdag richting Enkhuizen te maken.
Met een noordelijk windje 3 tot 4 Bft. moet dat lukken en slinger ik lekker in. Dat gaat goed en na de stress bij een volle sluis en alleen het zeil zetten zit ik bij de Steilebank met mijn eerste zelf gezette kop koffie met speculaas.
En dat is gelijk de reden waarom deze groot ingekocht wordt als krachtvoer.
Na een galgemaal in Enkuizen ga ik op zondag het echte werk tegemoed, zuid west 4 tot 5 Bft. Er tegen in naar Muiden.
Dat ik een andere Spirit 32 eruit zeil voor Volendam geeft moed. Aankomend in Muiden leg ik aan naast een kleine stalen sloep. Ik lig naast Bart Boosman! Nou en? Je kunt wel zien dat ik nieuw ben!
De haven is al half vol en maandag ligt hij vol.

‘s Avonds kennis gemaakt met de echte kerels die al langer solovaren, zelfs over veel grotere plassen dan het IJsselmeer.
Met een genie als havenmeester worden erop dinsdag nog dertig boten bij gelegd en past zelfs “Little Sarrah” van vijftien meter nog aan de steiger. Nu is het echt vol!

Na een gezellig palaver met de koffie en appeltaart komt een uitleg over de X-trace. Daarmee zend je jou positie door bij passage van de boeien. Dit moet binnen tien meter van de boei en vijf seconden lang. Weet je hoever je vaart in vijf seconden? En hoe dichtbij de boei je moet, in donker op lagerwal?

Woensdagmorgen zes uur is er al rumoer. Het regent en waait amper, eigelijk geen lekker weer.
Maar Bart wil weg want zijn sloep is wat traag dus hij heeft alle tijd nodig. Helaas, dat om 6.30u de motor aangaat maant niemand echt tot haast en dus klok ik pas om 7.56u bij de M1 mijn eerste positie. We zijn begonnen!
Gelijk breek ik met mijn eerste voornemen: “Ik ga niet spinnakeren”. Helaas, hij staat al, want er is heel weinig wind en in een heel veld met gekleurde lappen laat je je niet kennen. Dus naar het Paard van Marken gaat het vlot. Ik loop nog enkele eerder gestarte deelnemers voorbij en voel me een hele kerel. Niks geks doen, van Marken naar Volendam is hoger op, dus spi in de hoes en fok erop. Na de GZ2 weer ruimer, wel, niet, niet, wel dus weer de spi omhoog. Dat duurde nog geen 10 minuten dan gaan er voor mij een paar plat of lopen uit het roer, weg dat ding. En daar begint het te waaien (ik wist nog niet dat dit doorging tot zaterdagavond).

Met een mooie gang naar de Nek alwaar de eerste deelnemers stormrondjes draaien en vallen de mast invliegen. Spoorslags gaat het naar Lelystad. Joelend en gillend komen de deelnemers met planerende schepen langs suizen, of dit van angst is of van plezier is niet geheel duidelijk.
In de sluis gaat het goed, netjes twee aan twee. De eersten gaan voor anker de meesten gaan door. Snel soep en een broodje eten en een reef of twee in het zeil trekken. Het waait 5 en soms iets meer. Bij de EZ 29 op naar het Enkhuizerzand, stiekem een hoekje meenemen en dan onder Enkhuizen een oppertje. Boven het eiland “De Kreupel” langs naar WV 14. Hier rond ik net achter de “Nan”, Spirit 28, van Herman Tieman en vóór Jaap Homan met z’n Spirit 32.
Gezamenlijk varen de drie Spirits terug naar Enkhuizen. Daar heb ik een probleem: we varen met tien schepen in een rij, maar ik ben dwars en wil nog naar Breezand terwijl de rest bakboord uit gaat naar Enkhuizen. Ik vind een gaatje en ga voor de wind de nacht in. Het gaat lekker snel en het waait weer een stuk of zes. Onderweg bereikt mij het bericht dat er een foutmelding op de site is.
Geen probleem, we bellen even met Bob Luijendijk aan de wal. Niets aan de hand, meld Bob: “ik kijk wel even”. Hoezo kijk wel even?
Bob:”Nou als je op de lijst op je “naam” klikt dan kan ik direct zien waar je zit. Klopt, je vaart tussen Medenblik en Stavoren. Dit is ook leuk voor je thuis front die kan ook via de website op de X Trace button drukken en kijken waar je zit”. Age: “Dank je, dat is leuk”. Helaas dit zou nog een staartje krijgen.Met mij vaart nog een deelnemer, wie dat is, is niet te zien (blijkt later Gerrit Schuur te zijn geweest).

Bij de sport B haak ik af naar binnen. Shit, wat waait het hard!!. Met dikke golven het zeil neer en de fok opgerold, op de motor naar de haven. Haven??!! Er is alleen een tankstation met veel verkeerd licht en een velen rotlampen van een militaire oefening of zo! Maar een haven? Alleen grijze massa!
Ik laat de boot tegen de dijk aan drijven en weet dat ik dan recht vooruit een ingang moet vinden.
Een klein wit lichtje schuift voor me langs als dat de strekdam is??

De golfslag vermindert iets, gokken? Langzaam vooruit, de wind giert ondertussen in het wand. Dan ben ik binnen maar waar binnen? Er is geen verschil tussen water, basalt en lucht.
Als ik langs een baggerpontton vaar en deze in de schijnwerper zie, lijkt dit een stevige optie want verder zie ik geen steek.

Stootwillen vast, lijn voorop, aanvaren, voorzichtig het is staal, dan snel afstappen en gelijk je landvast meenemen. Dat gaat goed. Even kijken: ja dit kan, dus trek de kop er bij, shit lijn los!!! Ik kan nog net de preekstoel pakken en met mijn royale gewicht de op drift zijnde boot stoppen. Anders had ik haar van de keien kunnen plukken. Als alles is geklaard schuif ik om tien over twaalf het luik dicht en neem een biertje, dit om de adrenaline te blussen. Dan valt de eerste regen. Ik verbaas mij nog even dat mijn medezeiler niet komt en kruip in mijn slaapzak.
Om half vijf word ik wakker de wind joelt door het want. Hoor ik iets? Nee, kennelijk niet, ik kijk even op de klokken 7,5 Bft gemiddeld. Ik vind het best en kruip er weer in.
Om zeven uur word ik weer wakker een beetje katterig. Van één biertje? Nee, ik lig al zeker een half uur zwaar aan lagerwal.
Na aankleden zie ik dat Frits Bartels lekker in de andere hoek van de haven aan hogerwal heeft gelegen.

Ik maak ontbijt en warm mij op voor de spurt naar Urk. Ondertussen komt Frits langs en roept nog iets maar dat waait weg, een hand, een duim en dan is hij weg. Een half uur later ontworstel ik mij van lagerwal en een ijzeren roestbak, die wel magnetisch lijkt en volg ik Frits. Bij het uitvaren ligt er een waarschip alleen met zijn achter landvast aan een steigertje vast.
Ik herken Hans Colenbrander niet en denk dat die caravanbewoners hun eigen schepen maar moeten klaren. Zo leg je toch je schip niet vast?

Voor de wind gaat het hard vanaf de Sport B. Ik heb mij verkeken, de stuurautomaat trekt het niet. Dus eten en drinken pakken is uit den boze. Ik kom nog net bij de kaart en zie dat ik voor het Vrouwenzand iets om moet varen. Dat kan ook zuiniger en dus even binnendoor.
Maar straks in de wind naar Medenblik?? In buien meet ik weer 7 Bft. Het water slaat plat van de regen. Het lijkt op beelden uit de “Perfect storm”.

Ik zit stuk. Om half twee loop ik Urk binnen. Douchen en even eten en slapen helpen mij er weer bovenop. Bovendien belooft een dame uit Emmeloord mij een gezellig etentje voor twee die avond.De volgende morgen gaan we er weer tegenaan. Het liedje “The long way Home” van de Eagels speelt door m’n kop. Als ik vandaag nou eens via Makkum met een kort slagje naar Hindelopen kan komen en dan om Stavoren heen wip dan ben ik vanavond in Lelystad. Heb ik mijn off-day van gisteren weer goed gemaakt.
Naar Medemblik gaat soepel, dan plat voor het lapje naar VF3, da’s niet lekker.
Spi is bluffen, zelfs de boom in de fok is oorlog als je voor Kornwerd dat ding er weer uit moet halen.

 
 

Nee, krachten sparen en ruime wind via sport A naar de VF3. Het beetje tijdsverlies maak ik aan de wind weer goed. Oeps, bij de VF3 waait het weer als vanouds 6Bft. Geen gelul nu moet het gebeuren. De “Nan” gaat net voor mij uit. Het gaat goed, een slag langs de kust en dan omhoog zee in.
Ik loop tweehonderd meter voor Herman langs. En net als ik denk overstag te gaan: knal! De fok scheurt van achter naar voor finaal in tweeën. Einde verhaal?
Ik zie kans om de stukken om het voorstag op te rollen en zeil nu voor de wind richting Makkum.
Veel dingen spelen door mijn kop. Mag dit, ik was het rak al in gegaan. Kan ik morgen gewoon weer starten bij de VF3? Wat nu, krijg ik de stukken uit de rail? En welke fok nu, de Genua 2 is 10 m² groter als deze maar de storm fok is maar 6 m².
Guru! Help! Wat is morgen de wind? NW4, dan de genua2 maar. Ik kan nu het nuttige met het aangename verenigen. Al is dat wel een doekje voor het bloeden want mijn winst in de kruisrakken kan ik nu wel vergeten.
Voor anker in Makkum: eerst mijn poolankertje, maar na drie keer houdt die nog niet. Dan anker wisselen. Ik haal mijn nieuwe ploegschaaranker uit de bakskist en deze pakt meteen. Naast “Little Sarah” lig ik in Abrahams schoot.
Als slimme jongens hun anker ophalen in het Makkumer zool drijft er plots een waarschip los. Had ik dat al niet eerder gezien? Maar voor ik het weet loopt het vast op de Waard.
Na een stevig kwartier brullen en janken van een buitenboordmotor komt hij los.

Bij het langsvaren vraagt een ietwat verzeild heerschap of ik vast lig? Ja, dat denk ik wel. Of hij aan mag leggen?
Natuurlijk, solisten onder elkaar, toch.
Hans Colenbrander is de naam. Samen nuttigen wij een maaltijd en drinken een kop koffie. Het beetje meer ruimte is toch heel aangenaam.‘s Morgens verslaap ik mij, maar voordat Hans weg gaat klopt hij mij wakker. Als de gesmeerde bliksem ontbijten, brood en koffie klaarmaken (ja er komt enige routine) en dan nog even anker op.
Het lijkt wel of de hele Waard eraan hangt en stinken! Als Bertus dan ook al langs vaart, als laatste, voel ik mij echt hekkensluiter. Ja jongens, ik veeg de steiger wel schoon.

Maar bij de VF4 klokken we af en het weer lijkt niet verkeerd. NW 4/5 Bft en het lijkt op te klaren.

Ik zie Erik-Jan Wiebinga uit Kornwerd vertrekken en waag er een telefoontje aan. Hij blijkt zijn anker verspeelt te hebben, bij het anker op gaan zat het zo vast dat de 10mm schalm van de ketting het niet meer hield en spontaan knapte. Hij moet nog hoog aan de wind naar de Sport B en dan via VZ1 en WV14 naar Lelystad.
Ik ga ondertussen ruimschoots naar Hindelopen en vanaf daar aan de wind naar de VZ1 en ruimschoots naar de HR-B. Onderweg haal ik Bart weer in, hij kwam laat in Makkum tussen “Little Sarah” en mij in liggen. Volgens mij had hij damesgezelschap maar die had het opgegeven, beweerde ze. Wat precies werd opgegeven is echter niet duidelijk

Als ik hard motor kan ik misschien de sluis nog net halen. Helaas net voor Gilles van Delft met zijn 1010 en mij gaat de rechter sluis, met wel dertig solisten, dicht. Wij worden vriendelijk verzocht in de andere sluiskolk te gaan liggen wachten.
Waarop??? Als even later Bart weer binnen stoomt gaan de sluisdeuren dicht en de brug eindelijk open.
Nu doorzetten. Met een dikke 5 en zelfs 6 Bft gaat het los van lagerwal. Eerst nog een paar binnenvaarders voorbij en dan met een grote boog om de OVD 3 aan de wind. Genua 2 is nu toch erg veel. Of leer ik mijn schip beter kennen?

Hoog aan de wind, het gereefde grootzeil staat er voor spek en bonen bij. Ik loop hoog, zo’n 30° aan de schijnbare wind en 5,5 knts. Dit gaat goed! Het hele veld voor me zakt langzaam weg, op een enkeling na. Als ik twee uur later maar een halve mijl van de Nek af ben heb ik een heleboel collega’s achter me gelaten. Vlak achter Pamela van Vleuten ga ik om de boei, de laatste broodjes naar binnen en onder Volendam uit reven. Het blijft een mooi gezicht, een heel veld boten in de ondergaande zon richting Volendam.

Bij de GZ2 duiken er nog verschillende solisten richting Gouwzee. Ik mag door en achter “Little Sarah” aan, ga om het Paard van Marken nog een keer aan de wind richting IJM 17. Daar is het donker als ik om haf negen voor de laatste keer de knop in druk.

De aankomst is geweldig. De sfeer van “we hebben het weer geflikt” is heerlijk.
Jan is net je vader: “heb je het goed gehad, jongen?”.
En een ieder heeft zijn verhaal.
De hardzeilers hebben alleen oog voor tijden en snelheidsrecords, welke verwerkt in laptops, de mooiste resultaten geven. De doeners, zoals ik deze keer, zijn blij dat ze het hebben gehaald en een dag over hebben om het schip weer naar de thuishaven te varen.

Organisatie: het is super zoals jullie het neerzetten. De web-site is een groot succes en maakt het voor de thuisblijvers spannender als voor de deelnemers zelf. Het succes van X-Trace is gebleken ook al zit daar nog een financieel staartje aan zoals Jan zondagmorgen bekend maakte.

Jan Luijendijk, heel hartelijk dank voor het mogen meevaren. Ik heb genoten, verdroten en mezelf gezien. Toch is het mij meegevallen. En eigelijk kwam zaterdag het ritme er pas in. Wel weet ik dat bij een eventuele volgende keer een stage in een krachthonk geen overbodige luxe is. Want stuurautomaten zijn leuke speeltjes maar als het echt waait moeten het mannen met ballen zijn!

Age van der Bles a/b zs Foddebosk

200 myls ‘SOLO’ – 2005 door Pamela van der Vleuten

200 myls ‘SOLO’ – 2005

Maandag 26 september gaan we naar Lelystad. Het weekend daarvoor heb ik met een vriendin de boot naar Lelystad gevaren, omdat de werf (Schaap Shipcare uit Lelystad) een aantal dingen heeft laten liggen na de aanvaring vorig jaar.
Het blijkt echter dat ze nog niets aan de Lady gedaan hebben. Met een hoop moeite weten we te bereiken dat ze diezelfde dag nog actie ondernemen. Ik wil namelijk op tijd in Muiden zijn om zoveel mogelijk van de sfeer vooraf mee te krijgen. Om 4 uur zijn ze klaar en kunnen we weg. We moeten opkruisen tegen een ZW 5-6. Goede gelegenheid dus om alvast wat in te slingeren.

De volgende ochtend ga ik met het openbaar vervoer naar Lelystad om de auto op te halen. Jan heeft dit jaar toch al niet veel gevaren en ik vond dat hij maar mee moest varen. Ook zijn er nog een aantal dingen die aan de boot moeten gebeuren.
Na de aanvaring vorig jaar hebben we telkens problemen met de navigatieverlichting op de preekstoel (agv knullige reparatie werk van de werf). Nu blijkt alleen het lampje kapot te zijn, wat makkelijk te verhelpen is. Ook is de genoarail net iets te kort om de high aspect goed te trimmen en ik heb al een oplossing bedacht, maar deze moet nog gerealiseerd worden.

Ook bel ik nog met Wim Braun (man van Jacqueline van Amstel) die heeft aangeboden om te helpen met de tactische beslissingen. We komen tot de conclusie dat route 3 of 4 onder de gegeven omstandigheden de beste zijn. Dit vanwege de overwegend westelijke wind. De truck is om de route zo te plannen dat alles netjes bezeild is. Ook thuis heb ik al de nodige tijd achter de computer doorgebracht om een en ander voor te bereiden.

Jan doet boodschappen voor me en maakt een lekkere diner (27 september is onze trouwdag).

Die avond het palaver met de inmiddels bekende “toespraken” van de organisatoren. Vanwege het feit dat het de 10e 200 mijls is hebben ze een stel stoere zeebonken overgehaald liedjes te zingen. Dat slaagt wonderwel, maar helaas is het moeilijk te verstaan omdat sommigen menen door te moeten gaan met hun conversatie.
Na het palaver neem ik afscheid van Jan en loop ik naar de boot.

Na een onrustige nacht (een beetje spanning?) wordt ik om half zes wakker van de wekker. Vorig jaar was ik net aan de late kant en het haasten beviel me niet. Bovendien lig ik nu helemaal buitenop.

In het havenkanaal belt manlief me op om de laatste weerinformatie te geven (beetje laat), want ik heb inmiddels gezien dat het nog niet echt waait. Vandaar dat ik nog maar de boot induik om de halfwinder te voorschijn te toveren. Het lukt om deze netjes omhoog te krijgen voor de M1 die ik om 7:13 rond. Met een lekker maar niet spectaculair vaartje lopen we richting Paard van Marken. Heel langzaam wordt ik door de J-action ingehaald. Om dat echt voor elkaar te krijgen moet hij echter wel zijn grootste? spi hijsen. Mijn reden om vroeg te vertrekken was dat de wind zou ruimen. Het rak naar de GZ2 was dan met de halfwinder nog bezeild. Dat bleek ook goed te kloppen. Op het rak naar de NEK liep ik langzaam in op de Sun Dance Kid. Fred heeft een rating die net ietsjes hoger is, dus ik moet hem voorblijven. Vorig jaar hadden we op ditzelfde rak een wedstrijd in een wedstrijd. Terwijl ik hem voorbijliep verontschuldigde ik me daarvoor, en vertelde dat het alleen maar was om een foto van zijn voorkant te maken. Fred heeft een kleinere spinaker dus was op dat moment niet echt een partij. De wind was langzaam aan het ruimen, en ik was me aan het voorbereiden op het volgende rak.
De halfwinder stond op de boom en ik maakte hem op de punt vast om bij de NEK te kunnen gijpen. Aan het loefoog zit een touwtje dat ik hiervoor gebruik. Schijnbaar heb ik het niet goed vastgemaakt want een paar minuten later flapperde mijn halfwinder lekker ik de wind.
Inmiddels was het wat harder gaan waaien en het koste me veel moeite om hem weer terug aan boord te krijgen en de boot aan de gang te krijgen. Toen ik dat voor elkaar had was de wind nog verder toegenomen en kon hij er weer af. In de tussentijd zag Fred zijn kans schoon en ontglipte me weer. Hij heeft het tot de NEK volgehouden met zijn spi wat ik gezien de wind een behoorlijke prestatie vond. Ik hees de Genoa 1 en liep met een snelheid ruim boven de 6 knopen naar Lelystad.
Mogelijk was het echter beter geweest later te vertrekken omdat er dan meer wind was. Dit eerste stuk is altijd wennen. Je moet als het ware in het wedstrijdritme komen. Van vorig jaar weet ik nog dat ik heel gespannen was, en echt tot het uiterste ging om alles eruit te halen wat erin zit. Ook dit jaar was dat zo. Die combinatie kost nogal veel energie.

Na Lelystad moest ik een keuze maken tussen route 3 of route 4. Dat was moeilijk want mijns inziens waren ze wat windrichtingen betreft gelijkwaardig. In route 4 bood echter meer ruimte voor veranderingen ten opzichte van de voorspelde situatie. Als je bij de EZ29 (Lelystad) vertrekt hoef je nog niet echt een keuze te maken omdat de banen vrijwel met elkaar oplopen. Na een uurtje was echter te zien dat de meeste route 3 kozen. Omdat ik niet zo’n massa mens ben leek het me daarom beter voor route 4 te kiezen, ook al was dat deels een onderbuik beslissing.

De baan naar de WP8 was netjes bezeild. Een graad of 10 ruimer als aan de wind, en de Lady loopt dan als een trein. In de loop van de middag nam de wind wat af en ik besloot maar meteen te gaan ankeren. Dan heb je dat vast gehad. De volgende ochtend was meer wind voorspeld, en dan kun je dus meer snelheid maken. WP8 wordt Medemblik genoemd, maar de vluchthaven Oude Zeug is veel dichterbij. Dat scheelt zeker een uurtje slapen dacht ik. Ik besloot buiten de haven van Oude Zeug te ankeren en lag daar een beetje in de beschutting van de strekdam. In het donker kwam ook de Frequent Flyer de Lady gezelschap houden. Omdat het hard zou gaan waaien gaf ik veel ketting uit. In combinatie met een ploegschaaranker gaat dat perfect. In modder is mijn anker nog nooit uitgebroken. Eerst kon ik niet in slaap komen omdat de wedstrijd met al zijn beslissingen door mijn hoofd maalde. Later niet vanwege de golfslag. In de vroege ochtend was het dik 25 knopen wind.
Het weerbericht gaf niet meer dan 6 Bft aan en er was dus geen probleem om uit te varen. Naar de VF4 ging als een speer. Met grootzeil met rif en genoa2 was ik wel wat overtuigd maar kon met af en toe de nodige inspanning de boot toch goed op koers houden. De Lady is altijd goed op ruime rakken, en vandaag zouden er 4 zijn. Bij de VF4 aangekomen werd deze net voor mij gerond door de Bondi, Poespas en Passie.
Een goede gelegenheid om aan te haken en te proberen ze in te halen. Dat koste de nodige moeite.
Onderweg naar de KG2 zag ik een klein bootje met rode streep op de romp aan de wind varen. Ik vroeg me af of het Jurrien was en verlegde mijn koers om naar haar te zwaaien. Ze was het inderdaad en ze riep terug dat ze het naar haar zin had. Zelf heb ik ook in een 22 voeter solo gezeild, en met deze windhoek en golfslag is dat een hele onderneming. Jurrien: petje af!!!
Pas na 21 mijl lukte het me eindelijk om de Poespas in te halen. De Passie kon ik inhalen op het rak naar Urk. Dit lukte me echter alleen maar omdat hij in buien zijn Genua indraaide. In de tussentijd werd ik zelf nog ingehaald door de Cassiopeia, maar aangezien hij een rating van rond de 101 heeft, heeft het geen zin daar achter aan te jagen.

Het weer was ronduit slecht. In buien liep de wind op mijn teller op tot soms wel 34 knopen. Aangezien dat het weerbericht het bij 6 Bft hield, en ik mijn windmeter niet echt vertrouw kon ik netjes doorvaren, en gebruik maken van de gegeven wind. Mijn tactiek was om als het minder hard (21 knopen) woei iets hoger te sturen dan de gegeven koers en iets af te vallen als de wind toenam. Op die manier hoefde ik niet verder te reven. Soms hou je dat niet en loop je uit het roer.
Op zo’n 2e dag zit je in het wedstrijdritme, en stuur je zonder problemen uren achter elkaar. En ben je eigenlijk niet meer als een zeilmachine.

Aangezien het rak naar Den Oever (WV14) niet bezeild was stopte ik in Urk. De volgende dag bood weer gelegenheid om goed bezeild weer
een goede dagafstand te maken. Volgens planning kon je route 4 goed bezeild varen in stukjes van 50 mijl.
In Urk was het druk en gezellig. Zowel route 3 als route 4 komen hier, en ik heb dan ook een groot deel van de avond geborreld op de Nicky Deux.

De volgende ochtend weer weg toen de wind naar het zuiden draaide. Ook nu was het weer flinke wind (5- 6 Bft) en het liep geweldig. Ook nu voer ik weer achter het route 4 rijtje van gister aan. De Poespas kon ik net na het ronden van de WV14 inhalen omdat hij een rif stak, maar het koste me moeite mijn voorsprong te behouden. Vlak voor de VZ1 zat hij nog maar 15 meter achter me. Bijna ging het mis omdat ik net naast de boei uit het roer liep. Maar een echte X Babe kan tegelijkertijd schoten losgooien, sturen, op X track knopjes drukken, en ook nog de passagetijd en routeafstand opnemen en onthouden. (Een X-Babe is eigenlijk een soort verbeterde versie van Barbie!!!) Na de VZ1 in de richting Sport B. De windhoek was 150 graden bakboord, en het was bij deze harde wind en golfslag lastig om op koers te blijven. De truck was om niet teveel op te loeven, omdat je dan nog een extra slag naar de boei nodig hebt.
Op golven surfte de Lady tot 9,5 knoop gedurende
wel 20 seconden. Op dit rak haalde ze een gemiddelde van 6,8 knopen. Dit terwijl ze met normale harde wind niet boven de 6,6 uitkomt!!!
In Breezanddijk bleek het dan ook ruim 6 Bft te waaien.
Uiteindelijk haalde ik Sport B niet direct maar had een crosstrack error van 0,2 mijl naar bakboord. De Poespas zat aan stuurboord achter me.
Met een gijp zou ik zonodig over bakboordsboeg voor hem langs kunnen kruisen, maar dat leek me zo vlak voor de boei niet netjes. Door gebrek aan (korte afstand) wedstrijd ervaring gijpte ik veel te vroeg en moest voor de wind naar de boei, waarbij ik tussendoor ook nog een klapgijp kreeg. Met een flapperende Genua kon ik hoewel niet elegant maar toch wel eerder dan de Poespas de Sport B klokken.

Met ZZW wind was het volgende rak niet bezeild. De volgende ochtend zou de wind echter draaien, en in de loop van de dag op het Markermeer afnemen. Kunst dus om zo vroeg mogelijk te vertrekken. In die zin was route 4 gunstiger als route 3 omdat het rak naar Lelystad veel eerder bezeild was.

In Breezanddijk was het lastig om aan te meren vanwege de harde wind. Ik maakte een tactische vergissing door direct aan de wal te gaan liggen. Naast mij lagen de Poespas en de Obsession. S’middags nog wezen borrelen op de Bondi, en daar gebroederlijk mijn recente informatie over het weer gedeeld.

Het weerbericht beloofde winddraaiing voor 5 uur UTC, en ik stond dus om 4 uur op. De avond van te voren hadden we afgesproken vroeg te vertrekken. Om 5 uur stond er WNW wind van 15 knopen, maar de buren waren nog aan het opstaan. Al snel draaide de wind door zodat hij ons tegen het werkschip duwde. Ook werd hij harder. Uiteindelijk toen de wind afnam toch weg, maar wel bijna 2 uur later als gepland. Een beetje de balen had ik wel dat ik het niet beter geregeld had.
Buiten woei het dik 6 en ik voer weg met grootzeil en genoa 2. Voor me waren twee andere route-4ders maar ik kon niet onderscheiden wie het waren. Na een uurtje nam de wind iets af, en werd het tijd voor de halfwinder. Hiermee liepen we weer een behoorlijk vaartje.

Mijn 1 jaar oude kaart gaf aan dat ik net een stukje af kon snijden van het Vrouwezand, en met een piepende dieptemeter lukte dat ook. Onder de dijk werd de wind wat minder, en kromp hij. Met mijn halfwinder kan ik bijna aan de wind varen, maar haal dan niet meer snelheid als met de genoa 1. Het scheelde echter de tijd van een zeilwissel, en op die manier bereikte ik de HR-B net na de Fast Good.

Inmiddels was ik behoorlijk uitgeput. Vanwege de sluisstoring kon ik even rust nemen. Na het schutten wilde ik niet langer wachten omdat de wind nog minder zou worden. De wind was zo rond de 16 knopen, net zo’n grensgeval voor de high aspect. Maar omdat hij er soms ook onderzat en er redelijke golven stonden koos ik toch voor de genoa 2. Die bovendien al klaar lag.

Door vermoeidheid en concentratieproblemen kostte het me moeite de boot goed aan het lopen te krijgen. Op een gegeven moment leek het er zelfs op dat de Alca Torda me voorbij zou lopen. Achteraf bleek de schade nogal mee te vallen. Na de NEK was er een mooi bezeild rak, waarop ik filosofeerde over de uitdrukking “knik in de schoot”.
Naar de NEK toe was het een heel veld van boten, maar na de NEK werd dat meer een optocht. Bij Volendam werd de wind steeds minder, en daalde zelfs onder de 10 knopen. Ik meende te ver van de dijk af te zitten om daar nog last van te hebben, en haalde daarom de Genua 1 te voorschijn. Na het ronden van het Paard was er echter weer meer wind, en stond de Genua 1 (een hele oude) te klapperen en te flodderen.
Daarom toch maar weer de Genua 2 erop. Werd toen ook voorbij gelopen door Waarschip “’t Ware Hout”. In eerste instantie leek het erop dat de IJM17 niet helemaal bezeild was, maar de wind draaide genoeg om het wel te halen.
Uiteindelijk finish ik net een paar seconden voor de Lightning. Inmiddels was het net donker. Zeilen opruimen en rustig naar binnen tuffen.

Uit een telefoongesprek met Jan bij Volendam heb ik begrepen dat hij met Sandra (een vriendin) komen naar Muiden komt. Als ik in de haven aankom zijn ze er gelukkig nog niet. De kajuit ligt namelijk helemaal vol met 5 zeilen, en er is is maar een klein hoekje vrij om te zitten. Maar voor ik kan beginnen zijn ze er. Sandra is erg geïnteresseerd in hoe dat allemaal gaat. Ze heeft afgelopen voorjaar mijn oude boot gekocht, en is
druk doende het zeilen onder de knie te krijgen. Wie weet over een tijdje een nieuwe 200 mijls deelneemster??
Bij een kopje thee vul ik het logboek verder in, en na een uurtje gaan we naar de Capella om een en ander in te leveren. We blijven een beetje hangen en praten met de andere schippers. Na de nodige borrels en glaasjes wijn vertrekt Sandra naar huis en Jan en ik gaan lekker slapen.
Sandra probeert een weddenschap af te sluiten dat ik de volgende dag de Lady naar huis (Dintelmond) zal varen. Jan denkt van niet.
Jan en ik hebben het er die middag door de telefoon al over gehad; het weer op de Noordzee is goed, maar red ik het??

Als ik de volgende ochtend wakker wordt ben ik weer goed uitgerust, het zonnetje schijnt, en ik besluit om toch maar te gaan varen. Natuurlijk moet er eerst uitgebreid ontbeten worden, nog wat nagekletst. Eigenlijk duurt het me allemaal te lang, ik neem snel afscheid van Jan, gooi de land- vasten los en schakel weer naar X Babe mode. Naar de P15 heb ik lichte wind tegen en ik motor rustig. Ik kijk om me heen en geniet, denk terug aan de wedstrijd…. Maar toch voel ik me niet prettig: zou het weer op de Noordzee echt wel goed zijn?, ben ik toch niet te moe?; Zal ik wel op tijd terug zijn?; moet Jan weer in z’n eentje naar huis….

Ik besluit de Lady toch maar een weekje in Amsterdam neer te leggen, en bel Jan op of hij om wil draaien om me te komen halen. Ik zeg dat ik niet alleen naar Dintelmond wil varen, maar dat met hem wil doen. Dan komen de tranen en de spanning van de wedstrijd komt eruit. Na 4 dagen ben ik weer gewoon een mens in plaats van een zeilmachine.
We spreken af in de Sixhaven. Met een snelle brug- en sluisbediening komen we daar bijna tegelijkertijd aan.

Pamela van der Vleuten

De trofeeën van Wim Schreurs

Wim Schreurs had weer een nieuw idee en ontwierp speciaal voor deze tiende 200 myls ‘SOLO’ een schitterende eenmalige prijs, die zal worden uitgereikt op de prijsuitreiking op 12 oktober 2005 aan diegene die de meeste keren is gefinisht en daarbij de beste prestaties heeft neergezet !

Wim ontwierp verder en zijn vrouw Sonja boetseerde een nieuwe vrouwentrophee de ‘Ellen Mac Arthur Trophee’.
Wim stelt deze in het brons gegoten vrouwentrohee voor elk jaar, zolang de 200 myls ‘SOLO’ zal bestaan, voor een jaar aan de desbetreffende winnares van de 200 myls ‘SOLO’ beschikbaar.
De nieuwe vrouwentrophee zal dus het eigendom blijven van de familie Schreurs.

Clubracer verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’

verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’

De tiende 200 myls ‘SOLO’ was er weer een om van te smullen. Niet alleen voor de solo schippers zelf, maar nu ook voor het thuisfront en belangstellenden, die vanwege de meldingen met de gesponsorde gps/gsm-units, de X-Trace, elke passage van de wedstrijdboeien en de eventuele rusthavens konden volgen op de 200 MYLS website. Op deze website onder de button ‘verslag’ zijn al heel wat enthousiaste verhalen van de deelnemers gepubliceerd.

Ongemeen spannend en goed te volgen was de nachtelijke strijd om de line honeurs, die werd gewonnen door Eric Jan Hardonk met de Nescio. Ed Megens met de Lupa Maris, een Dehler 34 , die deze strijd met Erik Jan aanging had de pech om na de GZ2 passage bij Volendam voor de wind met ruim 6 knopen, rakelings een van de MN staken te passeren. Het ijzeren MN plaatje bleef in zijn grootschoot hangen en sneed deze tegelijkertijd door. De reparatie had tot gevolg, dat de passage van de finishboei de IJM 17op luttele seconden niet genoeg was voor het verdienen van de line honeurs-prijs ‘het bootsmanfluitje’.

De wind varieerde van Zuid tot Noordwest, af en toe zeven Bft met stoten van acht Bft in felle buien. Van de 84 ingeschreven schippers, trokken er zich 17 terug, wegens materiaalpech, gescheurde zeilen, aan barrels gezeilde rolgenua-voorstag profielen, roerproblemen en zelfs 2 jachten met lekkage, vanwegen de klappen op de gemeen steile golven van het IJsselmeer. 5 schippers, waaronder de organisator Jan Luyendijk, meniscus, startten er niet. Het overgrote deel van de vloot verkoos door de windverwachting de zekerheid van een IJsselmeerroute. 2 schippers, die de waddenroute 2 kozen, kwamen van de koude kermis thuis. Zij konden door de harde wind Vlieland niet meer op tijd verlaten.

Schippers met de Noordzeeroute kwamen in diverse kruisrakken terecht, die het voordeel van de getijden met stroom mee, niet meer goed konden maken. Bauke Yntema uit Workum met zijn Catootje, een winner 950 won de tiende editie van deze race. Tweede werd Gerben Bos met een FF 95, de Frequent Flyer en derde Egbert van der Waal met een Waarschip 1010, Fast Good uit Workum. Verleden jaar kwamen de winnaars uit route 1.

Dit jaar blijkt het had route 4 zijn duidelijke voordeel. De nieuwe vrouwentrofee, de Ellen Mac Arthur trophee, gegoten in het brons en ontworpen door Sonja en Wim Schreurs, is met overmacht, 5e plek door Pamela van der Vleuten, ook route 4, met haar jacht de ‘Lady Blanche’ gewonnen. Vanaf palaver tot en met de finish, qua weer, qua zeilen en resultaten van de schippers, qua techniek met de directe sms/gps meldingen naar internet, qua belangstelling en enthousiasme was deze tiende editie van de 200 myls ‘SOLO’ een totaal zeilend feest en een genot om mee te mogen maken.

foto © www.200myls.nl

De derde 200 myls van de Rocinant door Ids Witteveen

De derde 200 myls van de Rocinant.Door: Ids Witteveen

Op weg naar Muiden:Na zondag avond laat uit Brabant gekomen te zijn haalden we (mijn vrouw Renée en ik) maandag ochtend, nog niet geheel uitgerust, een ex collega op, die het wel leuk leek om mee te varen naar Muiden. Nadat Renée ons in Makkum had uitgezwaaid, gingen we op weg naar Enkhuizen. Nog niet zo lang weg, of we hadden water in de boot tot boven de vloer!. Wat was het geval? Het weekend er voor had ik nog een extra accu geplaatst. Om de draden goed te kunnen trekken had ik het opstapje (aanrechtblad) iets opgetild om er goed bij te kunnen. Door die handeling is de afvoer van het wasbakje los geraakt en wat naar beneden gezakt, zodat aan de wind zeilend er regelmatig een klots water door naar binnen liep. Simpel gevalletje maar je bent toch weer even bezig om de boot droog te maken.
Omdat de wind ook de volgende dag tegen zou zitten en ik niet te laat in Muiden wilde zijn, lagen we dinsdag ochtend om 7.30 uur al in de sluis van het naviduct. Voor mijn opstapper was het daarna wel even schrikken! Lagerwal Markermeer bij wind 5-6 is toch wat anders dan de lagerwal van het Snekermeer bij diezelfde wind. Hoewel mijn opstapper normaal gesproken het hoogste woord heeft, was het die overtocht beduidend stiller aan boord dan gisteren. Hij hield zich echter goed (vast aan de lier).Om 15.00 uur liepen we Muiden binnen. Helaas mocht ik niet buitenop de Lady Blanche blijven liggen omdat m/s Capella er nog tussen moest. Dan maar buitenop bij de andere boten voor het Slot. Wel lag ik gelukkig zo dat ik slechts één buurman had die voor mij weg moest zijn. Een zeilvriend van mij, André Rijnbeek deed dit jaar voor het eerst mee. Hij lag met de Onrust helemaal ingebouwd. Ik had er op gerekend met hem te eten, maar omdat zijn vrouw ook op vakantie ging, gingen ze nog even samen uit eten. Ik nam eerst maar een douche, was dat vast maar gebeurt.
Brood had ik maandag al ingeslagen. Oud brood is oud brood, dan maakt een dag ook niet meer uit. Voorlopig voor de laatste keer verse groente gegeten en wat restjes van de chinees uit Enkhuizen opgebakken. Daarna mij even officieel melden bij de Capella. Dit jaar was er, vanwege het lustrum, voor iedere deelnemer die zich melde een fraaie polo.
Daarna met André naar het palaver met het gebruikelijke appelgebak en de uitreiking van het logboek, de fotocamera, de X-trace en de cap. Vanwege de 10e 200myls werd deze bijeenkomst dit jaar opgevrolijkt door de stemmen van een chantykoor. Die avond vroeg te kooi om er morgenvroeg weer fit uit te kunnen. De race.Woensdag
’s Morgens was ik dermate op tijd weg dat ik heel rustig aan moest doen om niet te vroeg te starten. Om 07.03 naar ik meen als vierde schip bij de M 1. Met de geleende halfwinder op liep het lekker maar niet spectaculair. Omdat mijn spinnaker er eentje is van eigenlijk een maatje te groot (van een Dufour arpege) en een leeftijd heeft van meer dan 30 jaar durfde ik die niet te zetten omdat er aan de horizon toch behoorlijke buiige luchten waren. De stuurautomaat aangesloten op het stopcontact van de nieuw geplaatste accu werd meteen al geen succes. Het had geen goed contact. Dus de stuurautomaat op de normale lichtaccu gezet en binnen 3 mijl na de start al weer aan de gang met de striptang e.d. om er een wel werkend stopcontact van te maken. Even later flapperden er in een bui verscheidene spinnakers.
Ik blij met mijn keuze om die niet te zetten! Samen met Easy Going om het paard. Om zijn halfwinder van tig vierkante meter aan te trekken hoeft Frits slechts met geringe kracht een knopje in te drukken, zodat er een electrisch circuit wordt gesloten. De meeste schepen konden hun gekleurde zeiltjes er met wat moeite op houden naar Volendam.
Een mijltje na Volendam, weer een ruim bezeild rak, begon ik toch wel erg te twijfelen. Moest ik echt niet de spinnaker zetten?. Ja dus. Maar niet voor lang. Hij stond nog maar net of de wind nam behoorlijk toe zodat de overbemeten spinnaker Rocinant finaal uit het roer deed lopen. Dus er maar weer af. Dat er meer met voorzeilen hadden geworsteld bleek wel uit het feit dat één van ons met een aantal vallen in de knoop halverwege de mast, na de Nek ton eerst wat te klaren had alvorens richting Lelystad te kunnen koersen.
Met een windje 5 surfde Rocinant regelmatig met 8 knopend richting Lelystad. De vaart zat er goed in. Om 12.20 uur mocht de motor al weer aan na het ronden van de OVD 3. Het schutten in de Houtribsluis ging nu nog vlot. Op het IJsselmeer met één rifje en standaard fok aan de wind naar de met groen/witte staken afgebakende ondiepte. Onderweg nog een tweede rifje gezet zodat de boot goed in balans is.Daarna hoog aan de wind naar Den Oever. Met behulp van twee stukjes shock-koord aan de helmstok stuurt Rocinant zich dan zelf. De eerste SMS-jes met goede wensen komen binnen. Ik ontreef weer eens veel te laat en verlies dus tijd op mijn concurenten. Vlak voor de WV 14 komt Fred Avezaath mij al weer tegemoet. Omdat de Sun Dance Kid bijna dezelfde handicap heeft als Rocinant, denk ik dat hij voor ligt, ook al weet ik niet precies zijn starttijd in Lelystad. Op de terugweg naar Enkhuizen in het donker langs het vogeleiland. Dan opeens een vreemd toplicht, even verwarring en dan zie ik het, het is een vliegtuig. Enkhuizen lijkt mij voor vandaag een prima eindpunt. Gezien de stevige wind die voor vannacht voorspeld wordt, lokte het mij niet om door te gaan naar Brezandijk.
Om 20.58 rond ik de KG 2. Varend naar een ligplaats realiseer ik mij bij het zien van de geankerde schepen voor het museum dat als ik nu ga ankeren dat maar vast achter de rug is. Die eis uit het regelement kan dan geen belemmering meer zijn om later door te zeilen. Ik weet dat de ankergrond bij het museum niet geweldig is, maar de kom ligt redelijk beschut. Ik ga het proberen. Regelmatig peilend durf ik mij om 22.30 uur neer te geven met de wekker op 0.30 uur voor een extra ankerpeiling. Volgens mij lagen we toen in een dikke wind nog steeds op dezelfde plaats. Rond 01.00 was het echter “boem” en zat Rocinant tegen de Luppa Maris aan. Snel de jollenbroek en een jas aan en op blote voeten naar buiten. Motor aan en anker op. Toch maar opnieuw proberen daar de nacht al zo ver gevorderd was dat ik deze rustperiode toch voor anker af wilde maken. Het anker viel 3 meter achter de spiegel van een in zijn box liggende boot. Extra lijn gestoken, motor nog even in zijn achteruit en peilen maar weer.
Na een uur durfde ik mij weer neer te geven. Wel een aantal keren de wekker gezet. Het ging goed, maar een rustige nacht was het niet. Bij daglicht bleek dat ik de jollenbroek binnenste buiten had aangetrokken. Zo hing hij aan het haakje om wat te luchten. De modder van het anker zat zodoende op de voering.Donderdag:
Om 08.05 werd voor het IJsselmeer windkracht 7 voorspeld op VHF 23/83. Daar dit om 08.15 niet werd herhaald op VHF 1, toch maar weer vertrokken. Op dat moment had de wind even rust genomen. Ik haalde het rif uit het grootzeil en verving de kleine fok voor de standaard fok. Toen ik bij de KG 2 aan kwam werd al snelduidelijk dat dit geen goede keuze was. Voor het starten de oude zeilvoering in ere hersteld. Onderweg naar de net bezeilde SPORT B zelfs het 3e rif gezet. Dan waait het 6 a 7!

Een extra grote golf liep zo onder mijn schuifluik en buiskap door (ik heb geen garage) en deed ± 3 liter water op mijn kooi belanden. Als solozeiler heb je gelukkig altijd keuze uit meerdere kooien zodat er toch droog geslapen kan worden. Met geweldige buien, waarin de wind toenam tot kracht 8, op Urk af. Regelmatig 9 knoop op het log en één keer zelfs 10 knoop in een surf geklokt. Kicken, maar wel vereist het opperste stuurconcentratie.
Ik verbaas me er over dat het schip het allemaal goed vindt. In de buien wordt het schuim van de golven weggeslagen zodat er een soort heuvelachtig landschap met een soort nevel er tussen ontstaat. Erg jammer dat je op zulke momenten echt geen tijd hebt om foto’s te maken. Na het ronden van de UK 16 kwam het watervliegtuig nog even laag overscheren. Altijd een leuk gezicht. Om 17.05 In Urk afgemeerd achter de Scarlet van Arie Nauta. Mijn GSM, een vooroorlogse koelkast die ik echter bijna uitsluitend aan boord gebruik, is stuk.
Als iemand belt, hoor ik hem/haar wel, maar hij/zij mij niet. Contact met het thuisfront gaat dan ook via SMS. (Ik dacht dat het aan de antenne lag. Later, na de wedstrijd, bleek dat er slechts een minuscuul schroefje los zat. Even aandraaien en iedereen kan mij weer horen). Via Arie’s GSM heb ik even gesproken met het thuisfront.
Lekker alle tijd. Voorgaande keren liep ik hier rond middernacht binnen. Nu tijd om even lekker te douchen. Dat was wel nodig. Even na het Vrouwezand had ik met veel moeite een plas in de puts gedaan (waarom niet gewoon in de kuip?) die ik vervolgens zou legen. Ik stootte tegen de zeerailingdraad, er kwam een golfje boven de rand van de puts uit en de wind deed het vocht in mijn gezicht belanden. Ik moest er wel om lachen. Spoelen met IJsselmeer water maakte al een hoop goed, maar die douche was dus echt wel nodig.

Vrijdag:
’s morgens tegen zevenen mijn buurman gevraagd of ik zo weg mocht. Die was zo weg zodat ik al om 07.05 weer aan het varen was. Nog in de haven de zeilen omhoog. Buiten was het zo rustig dat ik voor de start bij de UK 16 de halfwinder er op zette en het grootzeil volledig ontreefde. Windje SSW 3/4. Na twee uurtjes begon het door te waaien en werd de halfwinder vervangen door de standaard fok. Na de WP 8 was het bijna pal voor het lapje.

Hoewel de stuurautomaat er veel moeite mee had, moest hij het toch even alleen doen toen ik naar voren moest om de boom in de fok te loevert te zetten. Bijna het hele stuk met de hand gestuurd.
Daar het vanaf Makkum naar Hindelopen niet bezeild was en Rocinant met deze windkracht hoog aan de wind toch twee reefjes nodig had, ging ik die net voor de VF 04 zetten.

Niet er na, daar ik dan hoogte zou verliezen. Beter iets langzamer varen dan hoogte verliezen zo redeneerde ik. Nog net voor een vrachtschip langs kon ik over de zelfde boeg naar de ton toe. Ergens in mij zat een drang om mijlen te maken. Gezien het vroege tijdstip van 13.19 uur kwam het nog niet bij mij op dat het tactisch beter zou zijn om hier te stoppen en morgen met een ruimende wind en dus waarschijnlijk een bezeilde koers op Hindelopen en Lelystad af te gaan. Kruisend naar Hindelopen nog een kleine fok gezet, zodat ik naast de extra mijlen nog wat extra tijd verspilde. Dat Hindelopen voor vandaag het eindstation zou zijn werd snel duidelijk. Bij het strijken van de zeilen ging het nog bijna mis. Aan de wind varend gooi ik de grootschoot los en laat de boot dan koers houden. Als het zeil bij de mast naar beneden is loop ik terug naar de kuip om de schoot door te zetten en vervolgens doek ik de zeilen op, nog steeds op een aandewindse koers.
Terwijl ik naar voren ging om de zeilen bij de mast naar beneden te trekken ging de boot echter overstag. Ik dus om de mast heen naar de nieuwe hoge kant. Omdat de fok bak stond draaide de boot erg snel door naar voor de wind, waarbij de giek dus als gevolg van een losse grootschoot dwarsuit kwam te staan. Door het geklapper is de haak van het voetblok van de grootschoot los geraakt. Omdat de boot verder doordraaide was een gijp onvermijdelijk. De giek met het gestreken maar nog los liggende zeil kwam bijna 180° over. Ik kon nog net op tijd bukken in het gangboord!
De oude haven wordt op dit moment teruggebracht in de ouderwetse staat. Het aanleggen daar gaat met de nu aanwezige palen niet meer zo gemakkelijk. Dan maar de marina in, waar een maat van mij woont en werkt. Op internet daar eens gekeken hoe het er voor staat. In de namiddag een borrel gedronken bij Gert Vink van de Gambiet en bij Herman Tieman van de NAN. Gelukkig zijn er meer die niet al te tactisch varen. Weer op tijd op één oor om morgen bij daglicht, zodra de wind zou zijn geruimd, weer op weg te kunnen gaan.

Zaterdag:
Dit zou een belangrijke dag worden. In het vooruitzicht slechts een niet bezeilde koers van Lelystad naar de Nek. Toen ik om 04.00 uur even wakker was bleek dat de wind nog niet was gedraaid. Lekker verder slapen dus. Om 06.10 liep de wekker af. De wind zat in de goede hoek.
Alles klaargemaakt en tegen daglicht weer op pad. Achter mij aan kwam Gert Vink. Enkele solisten waren al veel eerder in het donker vertrokken. Omdat ik als (te) behouden toerzeiler weer te weinig zeil op had, dat voor de start nog maar even aangepast. Gert ging daardoor vòòr mij om de ton. Even na de start ook het laatste rif er uit.

Tot voorbij de VZ 1 met de halfwinder gevaren. Achterom kijkend zag ik allemaal gekleurde zeiltjes zodat ik vond dat het tijd werd voor de spinnaker. Zo hard woei het niet. Helaas, na een paar minuten waaide die uit de lijken. Gezien de windsterkte moet de spinnaker echt totaal gaar zijn geweest. Na van de spinnaker met gigantische ventilatiegleuf een fotootje geschoten te hebben de zaak geklaard en de halfwinder er weer op. Een gegeven paard (spinnaker) mag je niet in de bek kijken (hij gaf ook wel wat weg!). Het houdt je bezig zulke acties, maar voor het klassement is het niet goed.
Dat ik mijn plaats van vorig jaar niet zou verbeteren was mij ondertussen wel duidelijk geworden. Mijn grootste rivaal; de Sun Dance Kid van Fred Avezaath, welke ik vorig jaar net voor ben gebleven, zou waar maken wat hij mij de woensdag ochtend van vertrek nog toeschreeuwde. “Dit jaar blijf ik je voor” Bij het weer hijsen van de halfwinder viel ik op de stuurautomaat. Het pennetje dat in het busje op het schip moet, brak uit het omhulsel. Niet meer te gebruiken dus (wel thuis te maken denk ik). Gelukkig had ik een tweede bij me. Met de centrale op de achtergrond op de HR-B aan.
Daar ik voer op een min of meer bijgewerkte kaart van 3 jaar oud, moest ik nog iets bijsturen om om 11:54 de laatste groenwitte staak te ronden. Ondertussen werd het gezellig druk om mij heen met meeliggende solisten (Vagebond, Scarlet, Lady Blanche) en andere zeilers op tegenkoers. Na de HR-B op de motor richting sluis. Ondertussen wat opgeruimd en wat warms genuttigd. De sluis was redelijk vol toen ik er in voer. “Doe maar rustig aan” zei Gert Vink waar ik bij langszij ging. “Er is een stroomstoring, de brug wil niet omhoog”. Hij was nauwelijks uitgesproken of de bruglichten vertoonden rood en groen.
Voor degene die als eersten de sluis invoeren was dat misschien enig oponthoud, voor mij nauwelijks. Met een stevige bries op de OVD 3 aan. Ik pakte de noordelijke uitgang waardoor ik naar de ton nog een paar mijl tegen de wind in op ruig water moest varen. Anderen gingen binnendoor naar het zuiden. Het werd heerlijk aan de wind zeilen. Een eindje voor de Nek haalde Gert Vink mij in. We schoten een paar foto’s van elkaar. Ik zat heerlijk op de hoge kant in het gangboord terwijl shockkoord het schip op koers hield.
Het viel erg mee wat we te kort kwamen om de NEK te bezeilen. Het werd al duidelijk dat ik vanavond zou gaan finishen. Had ik mooi de hele zondag om weer in Makkum te komen. Op VHF 1 werd twee uur lang gemeld dat de brug van de Houtribsluis niet werd bedient vanwege een stroomstoring. Pech voor de laatkomers. (was dit een paar jaar geleden ook al niet eens gebeurt met het rondje Noord-Holland? Moet RWS toch eens beter naar kijken!).
Na Volendam zwakt de wind af tot een drietje. Het loopt lekker met de halfwinder op, maar niet spectaculair. Tactisch of niet, ik wil finishen. Zodra het donker wordt blijkt mijn toplicht het niet te doen. Omdat ik daar onlangs eerder mee geconfronteerd was en geen oorzaak had kunnen vinden moest het bovenin wel ergens een slecht contact zijn.
Een trap onder tegen de mast bracht bovenin weer licht in de duisternis. Met vele solisten voor en achter mij finishte ik tenslotte om 20.15 uur bij een windje WSW 3. Het zat er weer op. Dit keer erg weinig in het donker gevaren . Hoge gemiddelden gehaald (5,3 knoop over de race en over de gezeilde afstand 5,5). Records gebroken (op het log 10 mijl geklokt in een surf).
Die avond mijn spullen bij Tine en Peter gebracht en daarvoor als dank een borrel gekregen. Al met al was het weer een fantastische 200 myls. Toen ik zondag in de namiddag in Makkum aankwam bleek dat mijn afstandteller van het log er één mijl na de finish mee op was gehouden. (tandwieltje stuk).

Ids Witteveen
S/Y Rocinant

Kort verslag met aanvullende informatie t.b.v. het logboek. door Peter van der Driesche

Kort verslag met aanvullende informatie t.b.v. het logboek. door Peter van der DriescheEindelijk ben ik in staat om de 200 myls te varen. Tot voor kort was ik met mijn vrije dagen gehouden aan de schoolvakanties.

Palaver heb ik gemist omdat mij echtgenote ( sponsor) jarig is. Zeilvriend Jan Smienk van de Nicky Deux zal voor mij waarnemen. Nadat de verjaardagsvisite weg is brengt mijn zoon me naar Muiden. Met Jan alles wat verteld nog even doorgenomen en hij geeft me mijn logboek en mij x-trace.

’s Morgens om 8 uur maak ik de Vagebond (een Dufour 35 van 1973) klaar. Ik heb geen haast want ik verwacht dat er straks meer wind komt.

Bij het vertrek uit de haven van Muiden wordt de lucht achter ons pik zwart. Ik besluit de kleine spi erop te zetten en ga onder vol tuig langs de M1. De x-trace 3 seconden ingedrukt en mijn positie. Jan Smienk start nagenoeg gelijk met mij. Zijn “nieuwe Dufour heeft een sw faktor van 98. De Vagebond 99. Dat betekend dat ik mijn uiterste best moet doen om bij hem te kunnen blijven. De Vagebond loopt erg goed.

Vele schepen loop ik voorbij. Nico Benink van de Brandaen maakte bovenstaande foto van de Vagebond. Zelf maak ik ook een aantal mooie foto’s.

Ik loop zelfs Bertus Buis voorbij. Zijn Stanfast 40 moet wel veel harder kunnen.
Misschien heeft hij te weinig wind. Bij de GZ2 waait het al aardig. Ik haal mijn spi weg en leg de halfwinder klaar. Naast mij Hijst Harry Immink met de Banzare de spinnaker. Hij krijgt zijn boot niet onder controle en verliest heel veel hoogte. Ik besluit de halfwinder op het voordek te laten. Hij is toch al zeiknat. De wind trekt verder aan. Ik zie dat bij de Nek niemand een spi of halfwinder zet. Het verbaast me. Als ik zelf de Nek passeer begin ik te twijfelen. Waarom de halfwinder niet hijzen.
Waarom doet niemand het. Ik besluit hem te zetten. Hij zit in een slurf en ik kan hem als het te veel is weer eenvoudig weghalen. Als ik hem omhoog heb en de wind zet hem vol loop ik een paar keer uit het roer. Waarschijnlijk een spectaculair gezicht en een reden voor de andere deelnemers er maar niet aan te beginnen. Maar!!!! Ik krijg de Vagebond met de halfwinder onder controle en vaar dwars door het hele veld. Erik Hardonk ziet met lede ogen dat ik hem voorbij vaar.
Aan eten en drinken kom ik niet toe omdat ik continu aan het sturen ben. Soms staat het roer er dwars onder maar ik houd de controle.

De knop van de x-trace ligt op de grond in de kajuit. Het is een beetje tricky om de helmstok even te verlaten maar het lukt toch om de knop bij de OVD 3 paraat te hebben.

Het weghalen van de halfwinder kan ik na de OVD 3 doen. Geeft geen tijdsverlies. Wel kruist er een Bavaria 30 van een andere deelnemer vlak voor me langs zodat ik met een noodgang naar achteren moet om een aanvaring te voorkomen.

We varen naar de Flevomarina en nemen daar uitgebreid de tijd om een uitsmijten te verorberen.
Ook gaan we naar de Heiner zeilacademie om op internet het weer te analiseren. Er zit een bekende en we krijgen alle gelegenheid om de weersites te bekijken en discussieerden over de prognose.
We besluiten nog wat rond te lummelen tot we merken dat de wind ging krimpen. Paul Peggs lag er ook. Hij had ook internet aan boord.

Het werd naar de WV14 een voortreffelijke tocht, goed bezeild maar wel veel blinde boeien. De wind was zo gekrompen dat het naar de KG2 weer goed bezeild was.

We besluiten in de oude haven van Enkhuizen te overnachten. Het is daar erg luuw maar ‘s morgens liggen er toch veel takken en bladeren op het dek. Om 7.05 hoor ik de kustwacht 7 BF voor het IJsselmeer waarschuwen. Dan moet je blijven liggen en dat is niet echt de bedoeling. Gelukkig waarschuwt om 7.15 post IJsselmeer voor 6 BF. Ik trommel Jan Smienk op om onmiddellijk los te gooien. Je kan maar onderweg zijn voordat de post IJsselmeer zich bedenkt. Opweg naar de Sport B. Een rif in het grootzeil en de grote genua er op. Hoog aan de wind maar het is bezeild. Ik vaar de Joly J een J 92 voorbij. Voorwaar een prestatie van de Vagebond. De Joly J heeft maar een rif in het grootzeil zodat hij duidelijk overtuigt aan het Zeilen is.

Ik word voorbijgevaren door de Connector van Rob Jaspers. Hij vaart vlak boven me langs en ik vervloek hem. Als je zo hard kan kan je ook wel wat meer ruimte houden. Wel krijgt hij nu mooie foto’s van me, van heel dichtbij gemaakt.

Na de sport B naar Urk. Het is ruime wind en we varen hard. Ik vaar al een tijdje gelijk op met de Pion van Gert Vink. Hij heeft de zelfde SW factor als ik. Na het Enkhuizer Zand Probeer ik de Harfwinder weer. Ik zie wel een dikke bui achter me maar verwacht dat die naar Friesland wegtrekt. Helaas, met heel veel wind sla ik plat en moet de halfwinder weghalen. Het lukt niet de slurf er omheen te krijgen en na veel geploeter op het voordek heb ik mijn dagelijkse fittness inclusief douchen weer achter de rug. De tijdverlies door het gestunt is goed op de elektronische kaart te zien.

Gert Vink heeft een mooi schouwspel gehad en ligt weer voor me. Gelukkig loop ik weer langzaam in en finish bij de UK 16 een meter voor hem.

In Urk voegt vriend Harry Vogel zich met de Cayenne bij ons. Hij heeft in Lelystad een lange tussenstop gemaakt om op de muziekschool vioolles te geven. Dat is nog eens een manier van je rusttijd besteden.

’s Morgens vertrekken we weer op tijd maar ik activeer de x-track bij de verkeerde boei. Daarna ook nog bij de UK16. Ik hoop maar dat dat niet per ongeluk als starttijd gekozen wordt. Op weg naar de WP8. Niet zo gek veel wind zodat ik de halfwinder weer eens kan zetten. Het gaat goed maar later neemt de wind toe en moet hij weg. Ik vaar samen met de Vire naar de WP8. Daar activeer ik de x-trace maar hij doet het niet.
Ik bel naar de organisatie om dit te vermelden. De passagetijd is 11.32.

De Vire maakt een klapgijp en vaart me bijna aan.
Dat is al de 2 de keer deze trip!
Ik heb het niet zo op Bavaria’s maar dat ze me op deze manier willen elimineren lijkt me ook niet nodig.

Het waait hard en het is plat voor de wind naar VF04 bij Makkum. De spi kan ik niet zetten omdat de bevestiging van de boom aan de mast afgebroken is. Wel zet ik de lichtweergenua tegenover de gewone genua. Ik loop weer als de brandweer. Na de passage van de VF04 overnachten we in Kornwerderzand omdat het naar Hindelopen niet bezeild zal zijn.

Bij de herstart bij de VF04 gaat meteen de halfwinder er op. Tot Hindelopen kan hij blijven staan. De snelle schepen zoals de Cayenne van Harry Vogel en de X362 en de IMX 38 Mango zetten geen bol voorzeil. Ze lopen niet echt uit. De Nicky Deux (Dufour 4800) gaat gelijk rond de boei. Onder halfwinder naar Lelystad. Daar blijkt mijn motor niet te starten. de brandstofmeter is stuk en ik vul bij uit een jerrycan. De sluits geeft nogal wat oponthoud wat niet goed uit komt. De Nek was namelijk bezeild. Tot mijn verbazing zie ik harry Vogel voor anker liggen. Ik bel hem en wijs hem er op dat de Nek nog steeds bijna bezeild is.

Hoog aan de wind met een goede snelheid vaar ik naar de Nek. Ik moest slechts een slag van zo’n 2 mijl maken.
Met Harry Vogel en Jan Smienk spreken we af dat we de nacht voor anker gaan in de Gouwzee. Daarna moeten we nog 9 mijl. Dus als we ’s morgens om 10 uur vertrekken zijn we ruim voor sluitingstijd (12 uur) bij de finish. Na een gezellige avond word ik rond 7 uur wakker in een complete windstilte. Wachten tot de wind aantrekt en dan vertrekken. Bijna een misrekening. Om 9.30 staat er nog steeds bijna geen wind. Snel anker op en dan hebben we 2.5 uur om de 9 mijl te overbruggen. Het lukt en ik houd bij de finish 20 minuten over.

Niet eens zo moe maar wel voldaan en met zeker wetend dat ik volgend jaar weer meedoe vaar ik naar Muiden.

Peter van den Driesche
VAGEBOND

Clubracer verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’

verslag 200 myls ‘SOLO’ 08-10-05 200 myls ‘SOLO’

De 64 jarige Huizer Jan Luyendijk organiseert wederom voor de tiende maal de 200 myls ‘SOLO’, vanaf 28 september t/m 02 oktober 2005. Deze bijzondere, loodzware singlehanded zeilwedstrijd wordt in en om de Nederlandse wateren verzeild.

De 85 uitverkoren schippers (ruim 400 aanmeldingen) dienen geheel solo, in hun kajuitzeiljachten, binnen 5 dagen, in weer en wind, een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.

De solisten kunnen zelf hun taktiek bepalen door te kiezen uit een van de 4 routes van elk exact 200 mijl over het Marker-, IJsselmeer, Wad en/of Noordzee.
In elk der 4 banen zijn er 17 boeien die moeten worden gerond. Het deelnemersveld bestaat uit een schakering van vele soorten jachten, mannelijke en vrouwelijke schippers, uit alle delen van het land, waaronder heel wat oceaanveteranen vanuit Ostar, Petit Bateau, Mini Transat, etc. die strijden, volgens het SW handicap-systeem voor de hoogste klassering.

Dienden deze merktekens in vorige wedstrijden nog te worden gefotografeerd en de passages per gsm te worden gemeld aan het Regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ als bewijslast van deze passage, nu krijgen de deelnemers een gps/gsm-unit, de X-Trace gesponsord door XMark BV, mee.

Bij een druk op de meldingsknop van de X-Trace wordt de gps-positie, lengte- en breedtegraden ogenblikkelijk, alsook de wedstrijdstanden , door middel van het door organisator Jan Luyendijk, ook deelnemer, zelf geschreven computerprogramma, aan het Regattabureau doorgezonden en op internet kenbaar gemaakt.

De toch al zo populaire 200 myls ‘SOLO’ www.200myls.nl is weer bijzonder trots op deze nieuwste ontwikkeling en is de enige Nederlandse zeilrace, met de X-Trace, die de spanning en verslaggeving van de 200 myls ‘SOLO’ binnen de huiskamers brengt !

©Copyright Clubracer

Bert | ip: 213.10.71.180 21-09-05
Het is inderdaad weer zover, het hele jaar hebben wij uitgekeken naar deze prachtige race.

De mooiste solorace als afsluiter van het zeilseizoen, dit jaar volgen we alles vanuit het warme zuiden via internet. De online standen en het ‘live’ verslag zijn iedere jaar weer bijzonder spannend.

Bert

85 solozeilers aan de start van 200 myls solo

85 solozeilers aan de start van 200 myls solo

   

Jan Luyendijk organiseert voor de tiende maal de 200 myls ‘SOLO’, vanaf 28 september t/m 02 oktober 2005. Deze bijzondere, zware singlehanded zeilwedstrijd wordt in en om de Nederlandse wateren verzeild. 85 Schippers dienen geheel solo, in hun kajuitzeiljachten, binnen 5 dagen, in weer en wind, een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.

De solisten kunnen zelf hun tactiek bepalen door te kiezen uit een van de 4 routes van elk exact 200 mijl over het Marker-, IJsselmeer, Wad en/of Noordzee. In elk van de 4 banen zijn er 17 boeien die moeten worden gerond. Het deelnemersveld bestaat uit een schakering van vele soorten jachten, mannelijke en vrouwelijke schippers, uit alle delen van het land, waaronder heel wat oceaanveteranen vanuit de Ostar, Petit Bateau, Mini Transat en dergelijke.

Ze strijden volgens het SW-handicap-systeem voor de hoogste klassering. Dienden deze merktekens in vorige wedstrijden nog te worden gefotografeerd en de passages per gsm te worden gemeld aan het Regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ als bewijs van passage, nu krijgen de deelnemers een gps/gsm-unit mee, de X-Trace gesponsord door XMark.

Bij een druk op de meldingsknop van de X-Trace wordt de gps-positie, lengte- en breedtegraden, alsook de wedstrijdstanden, door middel van het door de organisator zelf geschreven computerprogramma aan het Regattabureau doorgezonden en op internet kenbaar gemaakt.

Waterkampioen

200 MYLS SOLO RACE 2004 Frans Hoving

VERSLAG VAN DE 200 MYLS SOLO RACE 2004Frans Hoving v/b Zeebeer

Dit jaar hebben we aan boord van de Layam gegeten in plaats van bij Graaf Floris. De Layam is Barends verlangen naar de zee. Barend had een prima Mediterrane pot gekookt, om ons nog even het naderende herfstweer te laten vergeten. Albert de Brouwer van het Waere Hout, een enthousiast verteller, en Hans Pietersma van de Francis aten ook mee.
Dit keer aten we in alle rust en kwamen we mooi op tijd bij Ome Ko.

Behalve de gebruikelijke goede adviezen, het logboek en de pet kregen we dit keer niet alleen een fotocamera mee, maar ook een GSM/GPS-unit met een rood en een groen knopje.
Door op het groene knopje te drukken, zend je tijd en positie door naar een centrale en wordt deze direct op Internet weergegeven. Druk nooooiiit op het rode knopje, maar waarom toch niet? Dat is een van de vragen die mij de komende vijf dagen zal bezig houden. Vele malen heb ik op het punt gestaan het rode knopje toch in te drukken, maar de angst voor diskwalificatie weerhield mij. En als het donker was, pakte ik eerst de zaklantaarn om te controleren of ik wel op de juiste kleur drukte.
Ook mocht je niet zomaar het rode en groene knopje tegelijk indrukken, maar daar kregen we wel een uitleg bij. Dat zou nl. de verkeerspolitie in Driebergen alarmeren. Een beetje onhandig dacht ik nog, je hebt meer aan Den Helder Rescue, maar toen ik weer thuis was, snapte ik de logica. Onze doorgegeven posities werden namelijk getoond op een wegenkaart van Nederland! En daar weten ze in Driebergen alles van.
Ook kregen we een pakket doping mee, bestaande uit poeders en pillen, waarvan ik me direct voornam deze niet tot mij te nemen, voordat ik het wedstrijdreglement opnieuw bestudeerd had. Het zou wel eens een list kunnen zijn van de organisatie om de wankelmoedigen onder ons te verleiden tot diskwalificatie.

Tot slot droeg Jan Luyendijk ons op om vooral weer leuke anekdotes in het logboek te noteren. Daar sloeg de schrik mij om het hart. Ik weet niet hoe dat voor de andere deelnemers ligt, maar ik maak nooit wat mee onder het zeilen! Ik zit vier en een halve dag aan het roer, kijk een beetje naar de zeilen, zwaai naar andere deelnemers, luister naar de radio, lees een boek, overdenk mijn leven en dat is het wel. En als ik wel iets meemaak, is het nooit leuk, dan loopt het schip uit het roer, vaar ik op een onverlichte ton of stoot ik mijn hoofd.

Met een bezwaard gemoed zocht ik die avond mijn kooi op en viel al snel in een onrustige slaap. Ik droomde dat we tijdens de prijsuitreiking om de beurt naar voren werden geroepen om een leuke anekdote te vertellen en dat de zaal stemmen uitbracht met de GSM-units. Woensdag Aan de wind zeilen is een kunst Ik word wakker van de schippers om mij heen, die hun schepen in gereedheid brengen. Ik besluit eerst te douchen en te ontbijten. Onder de douche hoor ik Barend: “Ben jij dat Frans? Ik herkende je schoenen.” We wensen elkaar succes voor de komende dagen. Het loopt al tegen achten als ik mijn ontbijt achter de kiezen heb.
Dit is de tweede keer dat ik mee doe. Vorig jaar met een Waarschip Kwartton, zonder stuurautomaat, dit keer met een Waarschip 900+, mét automaat (en wat voor één, een Autohelm 4000). Ik heb dit schip dus nog maar net, maar lang genoeg om te ontdekken dat het héél anders zeilt dan mijn oude trouwe Iguana Iguana.

Ik maak los en wurm mezelf de box uit. Aan het eind van de Vecht komt Peter van de Schaaf me tegemoet. “Even voorzeil wisselen”, antwoordt hij op mijn verbaasde blik. Ik besluit om ook maar te reven, er komen flinke buien over. Om 8.30 ben ik gestart.
Erg hard gaat het niet, ik heb eigenlijk te weinig zeil op. Ik heb een high aspectfok van 20 m2 en een hoog opgesneden stormfok van 4,5 m2. Dat verschil is te groot.
Bovendien hang ik de theorie aan dat een Waarschip 900+ rechtop gezeild dient te worden. Ik ga in de loop van de wedstrijd steeds meer aan mijn theorie twijfelen, want op deze manier aan de wind zeilen is geen succes. Voor mij uit vaart de Batavus, een zeer zwaar rond schip, maar zelfs die haal ik niet in. Vertwijfeld grijp ik naar mijn ANWB boekje over zeiltrim, dat helpt iets, maar niet voldoende. Mijn gemiddelde snelheid ligt rond de 3,5 knoop. Dat is toch beneden alle peil. Als ik het later vergelijk met de snelheid op hetzelfde traject (M1 – NEK) van het Waere Hout, ook een 900, maar dan zonder +, dringt pas goed tot me door hoeveel beter het moet kunnen. Hij vaart twee knopen sneller!

Enfin, de lucht klaart langzaam op en het wordt een genoeglijke tocht. Jas en zeilbroek gaan uit en ik zit bij een voordewindse koers vanaf NEK heerlijk in het zonnetje. Bij de OVD 3 aangekomen besluit ik route 1 te laten vallen. Hoewel voor morgen de wind uit de goede hoek voorspeld is (ZW) voor een tochtje over de Noordzee, lijkt er zo weinig wind te zullen staan, dat een spi absoluut vereist is. Die heb ik nog niet op dit schip en ik wil niet net als vorig jaar bij Zuiderhaaks moeten ankeren omdat het tij tegenloopt. Dus zeilen omlaag en meteen de motor aan, dat heb ik ook geleerd van vorig jaar, zorg dat je accu’s op peil blijven. Dat is dubbel zo belangrijk nu ik zo een stroomvretende stuurautomaat aan boord heb.
In de sluis praat ik met Henk van de Batavus. Naast mij maakt een Duits jacht vast, met vijf stormvast ingepakte en gezekerde opvarenden, die geïnteresseerd vragen aan welke wedstrijd ik heb meegedaan. Als ik vertel dat die net begonnen is, kijken ze wat bevreemd naar mijn outfit van katoenen broek en lamswollen trui, die in hun ogen geschikter is om te tuinieren dan om mee te zeilen.

Even denk ik dat ik hekkesluiter ben, maar later volgen nog een paar deelnemers. Route 2 laat ik nu ook vallen, het volgende rak is nu niet bezeild en morgenavond boven de eilanden langs naar Texel lijkt me geen optie bij een zwakke ZW. Ik doe als de rest en ga voor anker onder de dijk. Ik kook een heerlijke maaltijd, verse groenten, sla, een stukje thuis gebraden lamsbout en rijst. Vandaag heb ik geen enkele afstand van betekenis afgelegd, maar ik ben zo moe als een hond. Ik hijs de olielamp onder de zaling en kruip in mijn slaapzak. Om acht uur ’s avonds ben ik in diepe slaap. Donderdag I need spi(ed) Om 02.00 ’s nachts steek ik mij hoofd uit het luik, de maan schijnt en het is een prachtige nacht. Helaas is de wind nog steeds NW, dus weer slapen. Om een uur of 7 word ik weer wakker. De zon komt prachtig op, dit wordt een zomerse dag! De wind is inmiddels gedraaid naar ZO, maar wat is ie zwak. Ik sta geamuseerd naar de schipper van de Cygnus te kijken, die onder het ophalen van het anker de ketting schoonborstelt. Hoe ver kan een mens gaan in zijn liefde voor het schip, denk ik. Dan haal ik mijn eigen anker op en zit de kortste keren onder de zwarte pikzwarte smurrie. De schipper van de Cygnus stijgt weer in mijn aanzien…

Direct na de EZ 29 spuit de Magic mij voorbij, een Waarschip Kwartton getooid met een spi en een gennaker, terwijl ik zuur naar mijn slaphangende genua zit te kijken. Dan maar insmeren met zonnebrand en mijn boek gepakt. Ik lees In Europa van Geert Mak, bij uitstek geschikt om te lezen onder het zeilen, omdat het uit allemaal korte stukjes bestaat. De hele dag kijk ik naar de halfwinder van de Cygnus, die een paar mijl voor mij uitvaart.
Urenlang ligt de snelheid rond de 1,5 à 2 knopen. Pas bij de Kreupel trekt het iets aan en als ik keer voor het rak naar Urk gaat de boot zowaar een beetje hellen. Ik stuur maar achter de Cygnus aan en ga een potje koken. Het zomerweer is inmiddels verwaaid en het gaat regenen. Langzaam wordt het donker terwijl ik me voor de variatie op de pasta met gehaktballen stort. Urk is niet bezeild en ik maak in het donker een paar lange slagen. Vlak bij mij zitten twee andere deelnemers, waaronder de Cygnus. Het is lastig oriënteren bij Urk in het donker, er liggen veel te veel tonnen daar. Het valt nog niet mee om de goede boei er tussen uit te halen. Wat ook niet meevalt is dat ik tegenwoordig een leesbril nodig heb, om in het donker kaart te kunnen lezen.
Ik ben al een paar keer in de schijnwerpers gezet door oplopende binnenvaarders, die mij steeds op ruime afstand inhalen. Een ander vaart dwars voor mij langs richting Urk. Plotseling wordt ik weer in een fel licht gezet, maar nu van voren. Die binnenvaarder die voor me langs voer is gedraaid en komt nu recht op me af! Als de hazen val ik 90 graden af en blijf in de wedstrijd. Helaas kost me dit weer een extra slag om bij de boei te komen.
Inmiddels heb ik uitgepuzzeld hoe ik het beste de haven kan binnenlopen zonder op een van de tientallen onverlichte staken te varen. Ik heb het niet op Urker vissers en niet op Urk en mijn vooroordeel wordt hier weer bevestigd. Dit lijkt het verkeerspark in Assen wel! Mijn ligplaats is ook al niet je dat, ik lig te rijen aan de passantenkade in de havenmond. De wind stuwt de golven recht de haven in. Ik zet het roer vast, klem vier stootwillen tussen het schip en de zanderige kade en hoop er het beste van. Ik maak nog een praatje met de schipper van de Cygnus en bel mijn vriendin, die prompt vraagt wanneer ik nou op hou met die onzin. Zij respecteert mijn hobby, maar dit vindt ze zwaar overdreven. Na deze peptalk maak ik maar een biertje open. Ik ben nog steeds niet tevreden over mijn zeilprestaties, na twee dagen heb ik 63 mijl afgelegd. Vrijdag Hoop doet leven Het is een beetje heiig, maar wel droog als ik vertrek. Vlak voor mij uit vaart de Cygnus en deze loopt langzaam van mij weg. Ik baal ervan dat ik geen groter zeil dan mijn genua kan zetten. En er staat wat meer wind dan gisterenochtend. Het hele rak naar de Sport B is voor de wind, dus ik zet de genua ver uit met de spiboom. Erg hard gaat het allemaal niet.
Ik luister naar de radio. Eerst gaat het over de kwalen die je kunt oplopen van pijnstillers. Een vrouw belt op met de mededeling dat zij veel baat heeft bij de bandjes van het RIAGG. De presentatrice heeft geduld en langzaam wordt duidelijk dat het gaat om geluidscassettes met ontspanningsoefeningen. Daar laat ze graag iets van horen over de telefoon, dus ze start het bandje en houdt de hoorn voor de speaker. Ze is blijkbaar vastbesloten ons het hele bandje te laten horen, want ze komt zelf niet meer aan de telefoon. De presentatrice draait een plaatje en probeert het nog eens. Nog steeds die kalme stem die ons tot rust maant. En zo gaat het nog een hele tijd door, totdat het nieuws gelezen wordt en een nieuw programma begint. Nu gaat het over de manifestatie van zaterdag aanstaande tegen het afschaffen van VUT en pre-pensioen.
Vroeger protesteerde men tegen honger en kinderarbeid, nu tegen een jaartje langer doorwerken. Aangezien ik nu al voorzie dat ik tot mijn 75e moet doorwerken om de 55-plussers van vandaag te laten tuinieren, vind ik het allemaal maar flauwekul. Tussendoor doemen steeds schepen op uit mist en lossen dan weer op. Ik bel met Barend en zeg dat ik er mee stop, als het niet wat meer opschiet. Daar houdt Barend niet van, ik moet niet zo snel opgeven vindt hij. En gelijk heeft ie. Maar een mens mag wel eens zeuren.
Na de Sport B doemt er een soort van perspectief. Ik kan in een paar lange slagen tot onder Stavoren komen, het stuk naar Lemmer is exact bezeild en de verwachte draaiing van de wind naar ZW blijft uit. Dat betekent dat Enkhuizen vanaf de SB 10 ook bezeild is!
Onderweg naar de SB10 valt het duister in. Ik zie aldoor een vage vlek voor me uit die ik houdt voor een beginnende staar. De dokter maar eens bellen als ik terug ben. Pas als ik er vlak bij ben, zie ik een platbodem die net ten noorden van de tonnenlijn voor anker ligt. Zijn ankerlicht brandt wel, maar dat is niet te zien vanaf de kant waar ik vandaan kom. Volgens mij hangt zijn wimpel er overheen. Sukkels! Bij de SB 10 doet de GSM-unit het niet, dus ik maak een extra rondje voor een foto en besluit de passagetijd door te bellen. Prompt wordt me gevraagd alle tijden vanaf de M1 door te geven, omdat de units niet goed werken.

Nu vaar ik in het pikkedonker met halve wind naar Enkhuizen. De boot loopt lekker door en ik zit in de opening met mijn benen op het trappetje. Onderweg passeer ik twee zeilschepen, maar kan niet schatten hoe groot ze zijn. Achter mij zie ook nog een zeiljacht, dat langzaam oploopt. Vlakbij de shipping lane Enkhuizen – Urk valt de wind even weg. Gaat ie dan nu draaien, nu ik er bijna ben? Nee, met wat vertraging kom ik toch nog bij de boei. Terwijl ik naar de Compagnieshaven motor, doek ik de zeilen op.
Op een gegeven moment besluit ik toch maar wat op te sturen en 5 seconden later glij ik vlak langs een onverlichte ton. Is dat nu instinct, voorzienigheid of is het gewoon het geluk dat met de dommen is? Ik hou het op het laatste.
Het jacht dat achter me voer, heeft me bij het kruisen van de shipping lane ingehaald.
De volgende ochtend weet ik wie het was, inderdaad, de Cygnus. Dat stemt mij weer tevreden, blijkbaar ben ik bij deze zwakke wind op de aandewindse rakken sneller. In de haven maak ik vast aan een houten kotter en ben tevreden. Ik zie iets dat ik vanmorgen nog niet zag, nl. dat ik binnen de tijd ga finishen. Ik heb nog ruim 24 uur voor 66 mijl, het zou gek zijn als dat niet gaat lukken.

Zaterdag De langste dagHet waait lekker door als ik samen met de Cygnus bij de KG2 vertrek naar de H2. Met een harde ruime wind zijn we in een wip bij Hindeloopen. Als we Stavoren naderen, kom ik er achter dat je wel een rechte lijn kunt trekken tussen de KG2 en de H2, maar dat nog geen vaarbare koers is. Handig zo’n GPS!
Als ik gekeerd ben bij de H2 loopt de Cygnus voorgoed van me weg, hij heeft minder last van de holle golfslag dan ik, bij deze aandewindse koers. Ik vaar met te weinig zeil om hard te gaan, maar voel er niets voor om te ontreven. In de buien is de zeilvoering precies goed, daartussendoor is het duidelijk te weinig. Het is helder weer, ik kan sturen op de Flevocentrale. Onderweg kruis ik een jacht waarvan de driekoppige bemanning lekker achter de genua zit weggedoken. Ik vaar zo dicht onder ze langs dat ik hun koffie kan ruiken en roep dan heel hard BAKBOORD. Dat vinden ze niet grappig. Ik wel.

Naarmate ik Lelystad nader zakt de wind steeds meer in. Nu ontreef ik wel. Bij de Sport wordt ik voorbijgelopen door de Fast Good. Zulke mooie zeilen, daar kan ik alleen maar van dromen. Na de EZ 29 loop ik nog even een jachthaven binnen voor vers drinkwater, ik heb niet veel meer over. Tijdens het schutten kook ik een potje en maak een fraaie foto van Dik Geurts op het voordek van de Bandos.

Nu komen de laatste loodjes. Met een paar lange slagen geraak ik in het invallend duister bij de PH boei. Op de marifoon hoor ik een waarschuwing voor een onverlicht jacht, dat gezien is bij de OVD 3. Ik denk dat het hetzelfde jacht is, dat ik onverlicht heb zien varen bij de BVK. Vlak voor het ronden van de PH kom ik in een heel veld van niet meer zo geconcentreerde solozeilers terecht, die allemaal richting finish zeilen. Eerst wordt ik bijna overvaren door een over stuurboord varende deelnemer, die op het laatste moment uitwijkt. Daarna trekt het gebruis achter me de aandacht van een oploper die van geen wijken weet. Ik sta al achterop met een stootwil in mijn linkerhand en wil net de schipper met de schijnwerper van mijn aanwezigheid op de hoogte stellen, als hij het zelf doorkrijgt. Na het ronden van de PH komt er een derde jacht op me af, maar deze schipper heeft me wel gezien en wil alleen even gedag zeggen.
Ik vaar nu plat voor de wind naar NEK. De maan schijnt, de boot loopt als een tierelier. Wel voel ik steeds vaker een koude windvlaag in mijn nek, wat er op wijst dat de wind weer toeneemt. Als ik dan een keer naar voren reik om de thermoskan te pakken gaat het fout. De boot loopt totaal uit het roer en loeft met een rotgang op. Nu race ik op de kust af. Ik gooi de fok omlaag en breng de boot weer tot rust. Verder naar NEK, nog steeds met ruim 6 knopen. Na de boei zet ik de stormfok er weer op en wil ik eigenlijk eerst een slag maken naar een punt ten zuiden van Hoorn om uit de deining te raken, maar ik verlijer te veel. Dan maar richting Lelystad. Het gaat wel hard, maar ik houd onvoldoende hoogte. Wat ik aan efficiëntie verlies, win ik aan rust. Ik zet de radio aan, kijk naar het maanlicht op de golven, maak soep en vermaak me weer prima.
Dan maar wat later finishen, een wereldtijd zit er toch niet in. Ik ben helemaal alleen op het water, hoe ik ook rondkijk, er is geen andere solozeiler te bekennen.

Van Volendam naar de Blok van Kuffeler gaat weer lekker snel. Wat ze daar aan het doen zijn weet ik niet, maar de hele hemel is oranje gekleurd van het natriumlicht. Over vervuiling gesproken! Dan mag ik eindelijk het laatste rak varen, terwijl het langzaam licht wordt. Het is net niet bezeild met deze zeilvoering en hoewel de wind weer wat is afgenomen, heb ik geen zin meer in een zeilwissel. Ik geloof het wel.

In Muiden aangekomen neemt Al- bert een lijntje aan. Ik ga op zoek maar Barend maar die is gisteren avond al gefinished en slaapt thuis in zijn eigen bed. Na een douche en koffie vertrek ik weer voor het tochtje naar Amsterdam. Voor de Schellingwoude brug geef ik de ruimte aan twee zwervers in een roestige Domp. Met een knallende motor lopen ze op me in en sturen gevaarlijk dicht langs mij. Ze lijken me niet te zien. Staal gaat voor hout!
Bij de sluis wordt ik nog aangesproken door een stel op een Colin Archer. Ik heb de solovlag nog niet gestreken en ze kennen de wedstrijd. Vol trots wijzen ze op hun eigen schip, daar gaan ze volgend jaar een wereldreis mee maken. Tja, baas boven baas!

Na het schutten ga ik naar Aeolus. Ik krijg een box toegewezen en ruim wat op. Als ik ga zitten om een broodje te smeren, zak ik onderuit en wordt een uur later weer wakker van de telefoon. De laatsten zullen de laatsten zijnWelgemoed stap ik 13 oktober in de auto voor een ritje van 20 kilometer. Wat ik gemist heb, is dat er op de rondweg een totale verkeerschaos is ontstaan door een gekantelde tankwagen. Doorijden ho maar. Als ik dan om 21.00 binnenloop, zie ik de toepasselijkheid er wel van in. Als een van de laatsten gefinished, als een van de laatsten in het clubhuis. Gelukkig nog net op tijd voor het officiële gedeelte. En in 2005? Ik denk niet alleen met positieve gevoelens terug aan deze 200 mijls. Ik heb nl. een staatje gemaakt net daarin de prestaties van een aantal deelnemers met dezelfde rating die ook route 4 gezeild heeft. De cijfers spreken voor zich. Mijn gemiddelde snelheid over het gemeenschappelijke traject (M1 – OVD3) bedroeg 3,65 knopen, die van de vergelijkingsgroep hele traject bedroeg 3,52 knoop, die van de controlegroep 5,45. Dat is treurig. Gelukkig deed ik het op route 4 iets beter, mijn gemiddelde snelheid bedroeg daar 3,91, terwijl de controlegroep daar met een gemiddelde van 4,45 iets minder presteerde ten opzichte van het eerste deel.
Mijn voornemen voor 2005 is helder, het gat moet dicht!Frans Hoving
S/Y Zeebeer

Tweehonderd mijl solo door Anjo Veerman

W at drijft een zeiler om in
october 200 mijl wedstrijd
te willen zeilen, solo, singel-

handed, op zijn eentje? Ik weet het
niet, maar ik wilde het.

De inschrijving was het eerste pro-
bleem. Die start op I maart om 00.00.
Dezelfde vrijdagavond is op de website
het inschrijf formulier al weg met de
tekst: “Sorry, het maximum aantal deel-
nemers is bereikt”. Nu had ik het for-
mulier al eerder gedownload en
geprint. Dus fluks electronisch betalen,
en het ingevulde papier en formulier
op de post, en ik mocht zowaar nog
meedoen. Als nummer 61 van de 68.
Aantal aanmeldingen meer dan 120!
Uiteindelijk startten er 62 deelnemers
op woensdag 3 october 2002.
Op de zondag daarvoor was ik al, in
mijn eentje, vertrokken van onze
haven, de Nieuwe Meer. Maandag
ankerdag bij Durgerdam, na een proef-
rondje op het Ijsselmeer. Probleem:
sinds de nachtelijk passage door
Amsterdam bokt de motor, vooral bij
achteruit slaan. Hoewel de motor
tijdens de wedstrijd niet nodig is, toch
maar onder het schip gedoken. Flippers
stuk, dus met tape aan voeten vastgezet.
Zwaar gewicht aan veiligheidsgordel
om te zinken en life-line aan dek
om weer boven te komen. Want ja, er
is verder niemand aan boord. Niet
alleen eng, maar ook koud, het water is
14 graden. Onder water (helaas zonder
duikbril, die ligt al thuis) wordt het
probleem direkt duidelijk: er zit een
stuk landbouwplastic in de klapschroef,
die daardoor niet goed opent, en hele-

maal niet meer sluit. Na drie keer dui-
ken is de troep er uit. Gelukkig schijnt
de zon en na een warme douche voel
ik me weer prima. En het scheelt ruim
een halve knoop in snelheid straks.
Dinsdagavond is in Muiden het palaver.
We krijgen het logboek, een instant
camera en de 200-mijls-solo-cap uitge-
reikt.Keuze uit vier routes
Woensdagochtend mag je starten tus-
sen 07.00 en 10.00 uur. Als je met de
wegwerpcamera de boei MI hebt gefo-
tografeerd en de exacte tijd genoteerd
ben je gestart. Daarna moet je kiezen
tussen vier routes. Nummer 1 gaat
eerst over het IJsselmeer, op de motor
van Durgerdam naar Ijmuiden, over
Noordzee en Waddenzee naar Kornwerd
en zo verder naar de finish in
Muiden. Dat is me te link, dus die
neem ik niet. Route 2: IJsselmeer en
Waddenzee. Ook te gecompliceerd.
Routes 3 en 4 blijven beide op het
Ijsselmeer. Ik kies route 3, want 4 gaat
bij Lemmer de hoek in en dat is een
kwaad stuk water bij harde westenwind.
En dat zit in de weersvoorspelling.
De eerste dag nog geen West 6
maar Oost 1-2. Ik zeil zover ik kan, en
dat is tot Lelystad. Dertig mijl. Zo
komen we er nooit voor sluitingstijd.
De echte slimmeriken zijn al bij Volen-
dam hun rusttijd gaan opmaken. In
totaal moet je namelijk 27 rusturen
nemen, in minstens drie perioden van
elk minstens 6 uur. Zo niet, dan dreigen
strafpunten. Het weerbericht voorspelt
voor de volgende dagen toenemende
wind uit westelijke richting.
Dus bij licht weer loont het om te sla-
pen. Ik deed 5 uur over het stuk van
Hoorn naar Lelystad. Snelheid soms
0,5 kn, alleen op het laatst kwam er
een vlaagje en liep ik 6 knopen. Dege-
nen die op wind wachtten, deden er 3
kwartier over. Tja. Maar de bonus was
dat na 24 uur de Aurum op nummer 4
naar rating staat. Ankeren voor de
Houtribhaven. Het reglement stelt ook
een ankerperiode verplicht. Dus die
hebben we alvast. Huisgemaakte Chili
als diner, glaasje wijn er bij, ankerlicht
aan en slapen.Bijna tegen blinde ton
Donderdag om 02.00 op, met de
bedoeling om om 03.00 te vertrekken.
Maar het zit dicht van de mist. Te link
met onverlichte tonnen en beroepsvaart.
Ik gebruik de tijd goed om de
rits van de grootzeilshuik los te maken.
Dat kost in het donker een uur, hij is
vastgelopen. Intussen is het nat en
koud. Uiteindelijk klaart het een klein
beetje op en om 04.30 haal ik het
anker op. Na een close encounter met,
inderdaad, een blinde ton (de EZI5) en
een tweetal vrachtvaarders ben ik bij de
start van het volgende rak: de EZ 21.
De vrachtvaarders zagen mij geen van
beiden op de radar: reden 1: ik had
alleen de kleine radarreflector op. Zo’n
pijpje van 50 cm hoog. Dat doet dus
echt niks. Daarna de grote reflector
gehesen. Dat hielp aanvankelijk ook
niet vanwege reden 2: ik zat vlak bij
een boei met radarreflector en dan zien
ze maar een blip op het scherm. Even
later ziet de vrachtvaarder me prima,
maar dan ben ik al buiten het vaarwater
van de beroepsvaart. Het waait
intussen SW2, ik loop 6 knopen met
de High Aspect fok. Beetje klein voorzeil
met weinig wind, maar ik wil
onderweg geen gedonder met voorzeil
wisselen. Dat is namelijk erg lastig op je eentje met een voorzeil in een gleuf op voorstag. Leuvers zijn handiger. Maar ja, die zitten niet op mijn snelle zeilen. Op weg naar Den Oever komt de zon op. Wind neemt wat toe. Maar toch, wat een ontzettend eind.Genua vliegend aan loef
Dan naar Enkhuizen en vandaar terug naar de afsluitdijk (Sport B-boei bij Breezanddijk) en dan nog naar Stavoren en verder naar Urk. Al met al 92 mijl. Laatste stuk ruimwinds. Nu ik op mijn gsm hoor dat ik op het internet als vierde sta genoteerd, word ik nog fanatiek: de genua gaat er vliegend aan loef bij op de spi-boom. Dat gaat bijna even hard als met een echte spinnaker. Naar Urk toe worden de golven hoger en de wind harder. Het bergen van de genua
en de spiboom wordt nog een zware en
niet ongevaarlijke klus. Dus aan de life
line. Ik doe er zowat een uur over. Nu
moet ik onder zeil de boei bij Urk nog
fotograferen. Maar ik zie hem niet
meer. En de GPS heeft de route al
gewist (we waren er immers al voorbij).
Dus moet Eduard (de Autohelm stuur-
automaat hoor, dat mag) het stuur
overnemen, terug op westelijke koers
want op de Vormt vastlopen aan lager-
wal, brrr. Ik aan de kaartentafel. OK,
koers naar boei gevonden, foto, Urk.
Naast me komt een zusterschip, de
Dehler 36DB Kim, die ook de solorace
doet. Een racer met Kevlar zeilen, een
kaartcomputer en wat niet al. Hij komt
een glaasje bij me drinken. Hij legt me
ook uit dat die vierde plaats niets zegt,
hooguit dat ik gewoon ben doorgezeild
(inderdaad, ik eindig later als 33e).
Daarna hutspot (home-made, door
mijn lieve echtgenote). Heerlijk. En
nog 8 uur slapen daarna (ook solo, ja,
je moet er wat voor over hebben).Op het enige zandbankje
Vrijdagochtend. Bewolkt. Snel ontbijt
en bij het eerste licht weer op weg. Bui-
ten staat er een stevige 5 Beaufort. Dus
rif er in. Na een half uur zakt de wind
weer in, dus rif er uit. Helaas als je van
Urk naar Medemblik moet (en dat
moet ik), en de wind is WNW, dan
staat die vrijwel recht op kop. Dat
wordt dus opkruisen. Maar daar is de
Aurum erg goed in. Eduard is daar niet
zo goed in want er zit een draadje los
in de windrichtingverbinding. Dus het
hele stuk aan het stuurwiel. Voor
Medemblik voel ik plotseling grond.
Jawel, ik zit op het enige bankje in het
hele IJsselmeer zowat, waar ik niet
overheen kan: De Hop. Normaal 1,60
meter, waar ik met 1,55 m net over
heen zou moeten kunnen, maar op 1
october is het Ijsselmeer winterpeil
ingegaan, en dat is 2dm lager. Gelukkig
kan ik me gewoon terug weer los zei-
len, en daarna op de diepte meter er
omheen. Honderd meter verder is het 6
meter diep. Meer wind. Met ruime
wind van Medemblik naar Stavoren.
Rif in het grootzeil en aan de wind nog
te veel zeil. Maar ja, over een half uur
moet ik ruimwinds terug dus ik ga niet
nog een rif zetten. Dan het grootzeil
maar wat lozen in de vlagen. Kan
gemakkelijk want ik heb speciaal daarvoor
een extra drielopertje op de groot-
schoot gezet.
In de nacht naar Hoorn
Bij Makkum rechtsomkeert. Ik kom een
paar andere solozeilers tegen, te her-
kennen aan de nr. 1 wimpel in de ach-
terstag. Lig dus kennelijk voor. En
inderdaad, ik lig nu tweede volgens de
website. Weer langs Stavoren en voor
de wind kruisend naar Lelystad. Snel-
heid loopt op tot 9,4 kn met kleine fok
en een rif in het grootzeil. Tegen de
avond ben ik dan tenslotte bij Lelystad,
benoorden de Houtribsluizen. Ankeren,
met het zware anker met ketting, want
nu waait het stijf. Tijdens het diner
hoor ik Jan Visser het weerbericht voor
morgen geven. Noordwest 6-7, met
regen. En nu is het droog en de wind is
afgezwakt tot NNW 4. Beter vannacht
maar naar Hoorn: minder wind en
bijna bezeild. Vanaf de lage wal met
7Bf opkruisen in de regen is niet aan-
trekkelijk. Anker op lukt niet op de
hand, dus de Central Winch moet er
aan te pas komen. In het stikkeduister
te middernacht door de sluis, met vlak
achter mij een gigantisch binnenschip.
In het Oostvaardersdiep zeil hijsen,
langs de OVD3 boei, foto, aan de wind
naar Hoorn. Vlak achter me kruist de
binnenvaarder de OVD3, dat schip had
ik dus even niet gezien tegen de achter-
grond van de lichten van Lelystad,
brrrr…Licht van vallende sterren
Daarna prachtige zeiltocht. De Aurum
zeilt zichzelf aan de wind met het roer
vast. Rif er nog in. Nieuwe maan. Ik
kijk naar de sterren, probeer de sterren-
beelden te herkennen. Lekker warm in
mijn nieuwe Ocean zeiljack onder de
buiskap. Geen schip te zien, wel veel
lichtboeien. We varen met 5 a 6 kn aan
de wind. Dan plotseling een vallende
ster. Even later staat de hele kuip in het
licht van nog een vallende ster. Later
lees ik dat de aarde de Tauriden, een
meteoren zwerm, is gepasseerd in die
nacht. De boei bij de Nek is nog best
lastig te vinden. Die heeft maar een
slap groen lichtje. Foto met flits, en
door naar Hoorn voor nachtrust. Om
03.00uur lig ik weer achter anker in de
Buitenhaven.Camera om weg te gooien
Zaterdag. Om 07.15 het anker weer op.
Het regent en het waait een dikke vijf.
Met halve wind kan Eduard het prima
aan, dus ik schuil onder de buiskap,
maak koffie, houd het log bij enzo-
voort.
Meer regen, meer windvlagen.
Bij de een na laatste boei weigert de
camera verdere dienst. Ik overweeg
hem een zeemansgraf te geven, het is
tenslotte een wegwerpcamera, maar laat
hem toch maar blijven. Had te veel
strafpunten gekost. Iedere gemiste boei
telt voor 3 mijl zeilen. Wind neemt toe,
we zeilen magistraal. Om 11.17 uur
passeer ik de finishboei. Inderdaad,
dezelfde MI van de start. Totaal
gezeild 200 mijl, totale afstand 263
mijl, dat is inclusief havens, sluizen en
kruisen. Gezeilde tijd 39 uur en 35
minuten. Totale rusttijd 35 uur en 40
minuten (dat is inclusief haven en sluis-
passage). Mooi op tijd, er zijn nog
maar twee schepen binnen. Van de 68
inschrijvers finishen er slechts 44 regle-
mentair.Wat drijft een zeiler om 200 mijl wed-
strijd te willen zeilen in october, solo?
Ik weet het nog steeds niet, maar het
was een fantastische ervaring.

Anjo Veerman – S/Y Aurum

PS. Voor wie het allemaal in detail wil
nazien is er een hele mooie website: www.200myls.nl, met alle routes, stan-
den, anecdotes, foto’s en wat niet al.


(Er blijkt o.m. uit de website (Deel-
nemers) dat Anjo met het kleine fotoo-
tje hierboven de prijs won voor de bes-
tefoto-zelfopname.
Red.)

Gepubliceerd in
Nieuwe Meer Nieuws, 2005

Zeven AVOH deelnemers in de tiende 200 myls ‘SOLO’

Reünie bij wsv Hoorn

Reüni, 06 februari 2005

Te gast bij de watersportvereniging Hoorn.

Veel solo-schippers, al dan niet met vrienden/partners wilden de reüni bijwonen.
Helaas was Bart Boosman geveld door een zware griep-aanval en kon zijn geplande lezing over zijn rondje IJsland 2004 en z’n aankomende Ostar niet geven. Neem maar aan dat niet alleen wij als schippers waren teleurgesteld, maar zeker ook Bart zelf had er danig de smoor in.

Organisator Theo Hin had vliegensvlug zijn alternatief klaar en vond in Jan Dekker een enthousiast plaatsvervanger. Zijn verhaal en film over de reis op een vrachtboot, visa versa Rouen, ingevroren in het ijs in het koude Noorden met hout en daarna met papier geladen, was indrukwekkend.

Daarna hield Henk Bulthuis van de ChillOut! een betoog over de Petit Bateau 2005, een race die de rechtgeaarde shorthand zeiler eigenlijk niet mag missen.

De erwtensoep, de borrel, de verhalen, de plannen, de kontakten. Echt een heel bijzondere middag ….
Theo nogmaals, namens ons allen, bedankt !

 

Twee brieven van Herman Tieman

De 200 myls ‘SOLO’ – 2004/05

Twee brieven van Herman Tieman

november 2004Ha JanHet is nu de derde week na de 200 myls en ik heb pas sinds gisteren het gevoel dat ik ervan uitgerust ben.
Deze 200 myls vond ik de zwaarste van die ik gedaan heb. Het was de zevende alweer. Maar het was eigenlijk de eerste waar ikzelf het meest tevreden over ben.
Dat had alles met mijn instelling te maken. Ik had mij niet vantevoren gespitst op een goede classering maar als doel het uitvaren van de tocht binnen de bepaalde tijd gesteld.
Mijn tegenstanders betrof dan ook niet mijn medezeilers maar het weer en bovenal mijzelf. Ik heb van beide gewonnen en dat stemt mij tevree.

Naar mijn gevoel zijn er 2 soorten deelnemers in de 200 myls. Degene die gaan voor een classering en degene die hem willen uitvaren. Wat beide kampen delen is de spanning. Vooral voor het vertrek. Met name de ochtend van het vertrek.
Ik was blij dat ik niet in die volle kom lag en mij met ellebogen en schouders er tussen uit hoefde te wringen.

Eigenlijk schandalig dat medezeilers zonder overleg hun bootje losgooien en er als een blinde van door gaan.
Zeilen is niet zo moeilijk. Kwestie van die lappen hijsen en dan ga je wel.
Het manoeuvreren en rekening houden met andere vereist daarentegen nogal wat inzicht. Degene die dat niet beheersen zouden niet eens mee mogen doen of achteraf alsnog gediskwalificeerd moeten worden .

Ook een merkwaardige opvatting vind ik (en dat hoor je steeds meer ),dat je dapper gevonden wordt en zelfs bejubeld als je na een aanvaring alsnog de 200 myls uitvaart . Ik zou weleens willen weten hoe het mogelijk is dat iemand zijn boot tegen een ander zet. Voorrangsregels niet kennen ? Oververmoeid ? Niet goed opgelet ?
Ikzelf moest onderweg wijken voor een medezeiler die geen voorrang had op mij. Er was echter niemand aan dek om mij waar te nemen, terwijl het zicht slecht was.
Ik vind dit alles getuige van slecht zeemanschap.
Of wat te denken als iemand in het holst van de nacht in de fuiken vaart, overboord springt, zich lossnijd en vervolgens doorvaart. Is dit dapper? Bedenk dat je met het doorsnijden van fuiken iemands broodwinning naar de klote helpt. Laat in ieder geval je kaartje achter en vergoed de schade.

Ik ken mensen die de 200 myls een kamikaze noemen.
Ik ben het niet met hen eens. Het is een fantastische tocht waarbij je je grenzen kunt verkennen en verleggen (soms moet je een stap terug doen).

Man\Vrouw, weer en boot. Dat is waar het omgaat. Misschien kun je daar wel nummer 1 in worden of bij de eerste 80 eindigen.

Jan, je organiseert die tocht fantastisch. Waak ervoor dat het geen kamikaze tocht wordt.

Ik groet je,

Herman

februari 2005Ha Jan,Wat een succes die 200 myls van jou.
Nog even en je kan het naar de beurs brengen.
Ik lees dat je andere startplaatsen overweegt en dat vind ik een beetje (erg )jammer.
De 200 myls is, ondanks de 70 a 75 deelnemers, een kleinschalig en intiem gebeuren.
Het is ook elitair omdat het voor belangstellende heel moeilijk is om er tussen te komen.
Maar wat geeft dat.

Het is niet alleen de wedstrijd die de deelnemers zo aantrekt. Ook het hele gedoe eromheen. De dagen voor de start, dat de deelnemers binnendruppelen weer de (h)erkenning van elkaar. De groepjes die zich vormen. Het warme welkom als je Muiden binnenvaart. Het uit eten met deze of gene bij Floris of de Chinees. Het speculeren over de routes.
Denken dat je een geheim plan hebt, en dan afluisterend op je buurtboot, die toevallig een betere zeiler is en die jij zeer bewondert, te horen krijgt, dat dat een heel slecht plan is.
Moet je weer opnieuw beginnen. En het is nog maar 10 uur tot de start.

Ook dat is de 200 myls solo. Ik heb iets met die mensen, met de koorts die er heerst.
Je zit er middenin en beleeft het met volle teugen. Dat hele voorgebeuren is een enorme steun bij de uiteindelijke wedstrijd.

De deelnemers worden je vrienden. Niet altijd persoonlijk, maar je weet dat elke deelnemer in dezelfde sfeer is ondergedompeld als jijzelf.
Dat is waarom ik een verbondenheid voel als ik tijdens de race een boot tegenkom met de solovlag in het achterstag. Ook al heb ik vaak geen idee wie er op die boot zit, dan weet en voel ik; “Daar is een maatje, die is er ook bij”. Als ik dan mijn hand opsteek om hem te begroeten en we foto’s van elkaar nemen, beleef ik het ultieme 200 myls gevoel.
En ook het buitengewone heerlijke elitaire gevoel dat ik tot de weinige behoor die hier aan mee mag doen.
Dat is de kwaliteit van de 200 myls.

Voor al die mensen die (nog) niet aan bod gekomen zijn. Er is hoop. Ik doe nog maar een stuk of 20 keer mee. Dus in 2025 is er weer een plek vrij.

Verder, er zijn nog andere mooie zeilevenementen.
Wat dacht je van Petit Bateau. Ik ben er lid van geworden en als ik het kan organiseren doe ik mee.
Het is een mooie organisatie en ze willen er nog best wat boten bij.

Ik groet je Jan,

Herman.

Mailtje Nico Benink

Mailtje Nico Benink
Hoi Jan,Ik werd in een lichte paniek gebeld door mijn vrouw of ik me maar meteen voor de 200 myls wilde opgeven want anders was er de kans achter het net te vissen (daar moeten ze toch treiler netten mee bedoeld hebben, want er zijn best wel netten waar je heel goed achter kunt vissen).Wat een schat van een mens is het toch, want als ik me straks weer opperbest zit te vermaken in stikdonkere nachten met een fris windje, dan zit ze toch weer thuis met een knoop in haar maag. Ga je toch nog een groot evenement maken van de 200 myls ? ik weet dat je daar al een paar jaar over loopt te denken, en een 10e editie zou een mooie gelegenheid zijn, maar aan de andere kant………Blij dat ik er niet over hoef na te denken. Ik heb vandaag ingeschreven en hoop dat er nog niet meer dan 70 me voor zijn geweest

Hoe het ook zal gaan, we zien elkaar in Hoorn op de 6e februari!

Ik heb nog een paar sfeerbeeldjes bijgevoegd, waarbij het aardig is te weten dat de betonnen poten 24,5 meter hoog zijn
Het beeldscherm toont het KNMI weerstation met “officiele”cijfers. zeetje
stormpje

Nico Benink
Offshore coordinator F3-FB-1
Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V.

 

 

 

Uitslag 2004 (9)

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2004 1 0 Bart Boosman Boosman JB De Franschman Bergen 97.00
2 2004 2 0 Bart van Breeschoten Waarschip 660 Mary Bryant Naarden 108.8
3 2004 3 0 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 99.60
4 2004 4 0 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 90.00
5 2004 5 0 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
6 2004 6 0 John van der Starre Sun Fast 37 Happy Scheveningen 89.00
7 2004 7 0 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 90.00
8 2004 8 0 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
9 2004 9 0 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 86.00
10 2004 10 0 Jacquel ine van Amstel X-362 Xinia Dintelsas 88.00
11 2004 11 0 Gio Schouten Freedom 44 Cat Airborne Marken 93.00
12 2004 12 0 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
13 2004 13 0 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 102.0
14 2004 14 0 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 88.00
15 2004 15 0 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
16 2004 16 0 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
17 2004 17 0 Paul Peggs JOD 35 Audacious Hamble (UK) 81.30
18 2004 18 0 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Den Oever 93.00
19 2004 19 0 Henjo Ruiter Meridian Cras fuctum est Medemblik 115.0
20 2004 20 0 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 100.0
21 2004 21 0 Peter v.d. Schaaf Stern 32 Jager Medemblik 91.00
22 2004 22 0 Barend Peters First 35 * 1.9 Layam Muiderzand 91.00
23 2004 23 0 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 96.00
24 2004 24 0 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 99.00
25 2004 25 0 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
26 2004 26 0 Pamela van der Vleuten Seamaster 925 Lady Blanche Eindhoven 108.0
27 2004 27 0 Frits Brattinga Maxi 999 * 1.45 Lady A Sneek 99.00
28 2004 28 0 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
29 2004 29 0 Paul Heijmerink Elan 295 Ami Bai Naarden 97.00
30 2004 30 0 Michel Capel Freedom 35 Cat Tumlare Makkum 104.0
31 2004 31 0 Nico Benink Kroes Brandaan Hasselt 106.0
32 2004 32 0 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 83.00
33 2004 33 0 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
34 2004 34 0 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
35 2004 35 0 Anjo Veerman Dehler 39 CWS*vk155 Aurum Amstelveen 92.00
36 2004 36 0 Albert de Brouwer Waarschip 900 ’t Waere Hout Naarden 99.00
37 2004 37 0 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
38 2004 38 0 Fred Avezaat Dehler Optima 830 Sun Dance Kid Strand Horst 108.6
39 2004 39 0 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
40 2004 40 0 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
41 2004 41 0 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
42 2004 42 0 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Ketelhaven 102.0
43 2004 43 0 Michiel Tasseron Bavaria 32, k.mst Passie Huizen 100.0
44 2004 44 0 Bauke Jager Ocean 25 *1.35 Mira Balk 105.9
45 2004 45 0 Riaan van ’t Veer Mini Transat Coco Piccolo Lelystad 96.00
46 2004 46 0 Bertus Buys Standfast 40 S Sea-Beryl Scheveningen 88.00
47 2004 47 0 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
48 2004 48 0 Anje Valk Vancouver 27 Warber Harlingen 109.2
49 2004 49 0 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 103.0
50 2004 50 0 Frans Hoving Waarschip 900 Zeebeer Amsterdam 99.00
51 2004 51 0 Marjan van de Vrie Aquilla *1,60 Mathilde Tilburg 105.2
52 2004 52 0 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 102.0
53 2004 53 0 Jules Banffer Rush 21 Dondersteen Huizen 104.0
54 2004 RET 0 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
55 2004 RET 0 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 100.0
56 2004 RET 0 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
56 2004 RET 0 Piet van der Zwaan Dehler 34 Zwaantje Lelystad 93.00
58 2004 RET 0 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 97.00
59 2004 RET 0 Harm Veenstra Friendship 28 *1.60 J.Leeuwerik Ketelhaven 103.6
60 2004 RET 0 Eric ten Bos Comfortina 35 Dondersteen Amstelveen 91.00
61 2004 RET 0 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
62 2004 RET 0 Jos Valkering Waarschip 725 Magic Akersloot 111.0
63 2004 RET 0 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Lelystad 93.10
64 2004 RET 0 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 93.00
64 2004 RET 0 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 83.00
66 2004 RET 0 Henk Van Breda Van Breda 38 Batavus Naarden 107.3
66 2004 RET 0 Klaas Kreuze Friendship 28 *1.20 Mon ami Huizen 106.0
68 2004 RET 0 Adrie Jansen Contest 33 * 1.65 Jade Ossenzijl 107.5
69 2004 RET 0 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 108.2
70 2004 RET 0 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
71 2004 RET 0 Ad Beringen Ohlson 29 Skua 4 Enkhuizen 106.0
72 2004 DNS 0 Hans Colenbrander Waarschip 1/4T *1.2 Hebbus Huizen 111.0
73 2004 DNS 0 Hinse Koning Marieholm 26 Tawhiri Balk 110.0
74 2004 DNS 0 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 101.0
75 2004 DNS 0 Arie Petrus Eygthene 24 *1.40 Fighter Almere-Haven 108.0
76 2004 DNS 0 Rene Pluymert X 332 Libel Lelystad 87.00
77 2004 DNS 0 Iddo Schenk Contest 30 * 1,72 Blue Ribbon Medemblik 104.2
78 2004 DNS 0 Ernst Steinmeier Mini Transat Pogo Bling Blong Lelystad 92.30
79 2004 DNS 0 Henk Steltenpool First 305 * 1.4 Little One Spakenburg 99.00
80 2004 DNS 0 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 99.00

Verslag 2004 (9)

Oude koeien van 2004

  • De voorlopige uitslag heeft mij al een paar leuke aanbiedingen bezorgd.
    De meest serieuze aanbieding is die van mijn 9-jarig nichtje uit Kampen:
    12 gratis zeillessen in haar Optimistje.
  • Ik hecht eraan jullie nog ‘ns te bedanken voor de – wederom – geweldige organisatie van de 200 mijls. Het is een uniek evenement, dat saamhorigheid combineert met een individuele uitdaging. Goed om een paar dagen weg te zijn van de drukte van werk, reizen en een jong gezin, en de kop even lekker te laten leegwaaien. Ik heb weer genoten, en wil beslist volgend jaar weer van de partij zijn.
  • Het is nu de derde week na de 200 myls en ik heb pas sinds gisteren het gevoel dat ik ervan uitgerust ben. Deze 200 myls vond ik de zwaarste van die ik gedaan heb. Het was de zevende alweer. Maar het was eigenlijk de eerste waar ikzelf het meest tevreden over ben.
  • De 200myls was weer niet eenvoudig dit jaar, en dan heb ik het nog niet eens over de ploeteraars die alles zonder hulp van stroming moesten doen, maar het was wel weer een mooie wedstrijd.
  • Ik heb de site helemaal uitgeplozen, ik heb alle verslagen uitgeprint en thuis op m’n gemak gelezen, dus reken er op dat ik wel heb mee geleefd, al was het op afstand.
  • Haar droge opmerking dat de 25e plaatst toch ook een mooi resultaat was, heeft niet het ontnuchterende effect op mijn prille euforie.
  • Hopelijk is je humeur niet lang verstoord geweest van betwetertjes zonder rem. Natuurlijk heb je helemaal gelijk en hebben wij tot drie keer toe over de meerdere telfouten heengekeken en ook de minuten verkeerd berekend.
Voor alle duidelijkheid de berekening in EXEL(redactie 200 myls ‘SOLO’)
(A3) 2090
(B3) =INT(A3/60)
(C3) =A3-B3*60

1
2
3
A12090 B134 C150 D1 E1 ETC.

2090 minuten zijn 34 uren en 50 minuten

  • Het is vaak de toon die de muziek maakt !
  • Jammer dat soms de verstaging van de boot in de weg zit maar ik verzeker je, als die er ineens niet meer zou zitten, dan heb je ook een probleem !
  • Waarom heb ik geen andere hobby, het tij loopt en ik zeil ‘s-nachts ?
  • Een geduldige schipper heeft altijd de wind mee …
  • Nu ik af en toe de 200mijls site zie en als ik denk aan de mensen die ik voor, tijdens en na de wedstrijd tegenkwam valt het me op dat dit zo’n enthousiast groepje mensen is. Op foto’s lacht iedereen, iedereen is tevreden lijkt het wel. Een wedstrijdleiding die daar zo veel tijd en energie instopt en dit met een geweldig fanatisme doen.
  • Nee dit is geen echt gezeik, het kan mij niets schelen of ik nu 10, 11 of 12 geworden ben, … eh nou ja bijna niets.
  • He, he, de genaker staat en ook het zweet ook. (op m’n rug..)
  • Ik heb een verrekte hekel aan ankeren, dat is vannacht nog alleen maar erger geworden.
  • Hij heeft vier Beaufort en loopt 6-7 knopen. Ik sukkel voort met een gangetje van nog geen 4 knopen. Maar ja, morgen zal alles beter zijn, want morgen is er meer wind. Zeggen ze.
  • Het neerhalen van de spi lijkt elke keer wel op het uitwerpen van een drijfanker
  • In de paar uurtjes dat ik nog slaap heb ik de vreselijkste visioenen van boeien dit ik moet ronden en fotograferen maar niet kan bereiken.
  • Het mag duidelijk zijn dat dit soort producten niet het “200 myls proof” keurmerk kunnen krijgen!
  • Nu is zo’n inrolding wel handig maar het kruist voor geen meter.
  • Code O – Spi erop, spi eraf. Een paar woorden, maar een hoop werk, tijdverlies en zweet.
  • In de sluis gaat het gedisciplineerd. Het lijkt wel beheerster te gaan naarmate er minder bemanningsleden aan boord zijn.
  • Als de spi staat, blijkt de stuurautomaat het allemaal niet aan te kunnen. Dus sleept de zeilzak van de spi door het water en moet ik noodgedwongen de fok laten staan.
  • Vaar redelijk relaxed de haven van Vlieland binnen. Knal dan vast op de drempel in de havenmond. Niemand kan er meer in en uit. Krijg nog hulp aangeboden, maar zit muurvast. 17:15 uur, laagwater. Nog even wachten en de haven is weer geopend voor het publiek !
  • En ja hoor , de eerste keer hield het anker voor geen meter, gauw ophalen —–bleek er een jute zak om m`n anker gewikkeld te zitten !!
    Er zat gelukkig niemand in (je verbaast je tegenwoordig toch nergens meer over??!!) ,zelfs geen “kat in de zak” dus gauw die handel er af en de tweede poging was raak en rust in de tent dus —SLAPEN.
  • In twee dagen slechts 66 zm, ‘Cornelis dat red jij niet’! Opgeven? Mooi niet! Zondag dan zien wij wel verder. Morgen om 5.30 uur varen.
  • In het vaarwater Friesche Vlaak, de 04, geklokt en op naar Hindeloopen 2, een prachtige sterrenhemel, iedereen aanwezig: de Orion, de grote en de kleine Beer en een ster zo groot als een bouwlamp. Het schone van de ochtend duurde niet zo lang, snel wakkerde de wind aan tot een dikke 5 a 6 zzw en regen.
  • De boegmannen schreeuwen dat ik moest maken dat ik weg kwam, maar dan moest ik gijpen, zij in de wedstrijd ….. ik in de wedstrijd ….ik wees naar mijn 1 vlag en je zag ze na denken …maar eerbiedig verstomde het geschreeuw.
  • Op mijn heklicht zat een spinnetje dat in een razendtempo een webje spinde (later op de dag zag ik dat hij zeer effectief voor een week voedsel had verzameld z’n web vol met mugjes).
  • Om de NEK heen om 12.10, en op weg naar de OVD 3 Murphy tegengekomen. Echt alles wat maar fout kan gaan………..
  • Anyway, sinds de start, heb ik niet naar m’n e-mail gekeken en niemand zakelijk gebeld.
    Zij, die mij goed kennen, weten, dat dit een unicum is en indirect een geweldig compliment voor jullie …
  • Jan, you organised a great event and it is very impressive to get such a big fleet sailing a complicated course.
  • In de stille avond vaar ik naar de verlichte skyline van de Randstad en luister naar de geluiden om me heen – ritmisch motorstampen van een passerende binnenvaarder, gegakgak van overvliegende ganzen, eendengesnater ver weg – tegen het eeuwig achtergrondgeraas van de Grote Stad: een vreemde mengeling van natuur en techniek. Hier is de stilte voor altijd vermoord
  • Al vele jaren kent het jaar voor mij drie hoogtepunten
    het toeleven naar de 200 myls
    het verzeilen van de 200 myls
    de herinneringen aan de 200 myls
  • Met de gedachte “wie dan leeft wie dan zorgt” denk ik nog maar niet over hoe ik het zeil weer naar beneden krijg.
  • . Aan de zuidwestelijke hemel hangen inktzwarte donderbuien dreigend te weerlichten. Samen met mij kruist een ander solistenlichtje naar het zuiden, wie zou dat zijn?
  • Mijn enige zorg zijn de onverlichte boeien waarvan er hier een heel aantal liggen. Ze zouden die van zacht plastic moeten maken.
  • Een rustige middag en avond, met een prachtige zonsondergang. Tussen de lagen grijs van de wolken vallen door een paar gaten in het dek rood-oranje stralen omlaag. Alleen het verkeer op de dijk Enkhuizen-Lelystad, waar we vlak onder liggen, verstoort de rust.
  • Zelden heb ik zo verlangd naar die sluis, belofte van een stille steiger, pak en laarzen uit, droge kleren, hete soep, warme slaapzak. Lijden is pas lekker als het ophoudt….
  • De reactie van John was dat het toch wel erg druk is aan boord. Hij heeft geen moment voor zichzelf gehad. Er was altijd wel iets te doen; druk druk druk.
  • Nevertheless it was a very good experience. Paul is really a brave man to sail the Waddenzee during a drizzleling black night with a strong current/wind and plenty blind bouys around, waters where all the other dutchies where familiar with.
  • De wind draait konstant:”Zeiken, solo en 200 myls is mooi, ook als het regent”.
  • Een saai stuk door de Amsterdamse haven. Ik eet onderweg m’n pasta met zalm met een wit wijntje.. Nee, het (solo)zeilers leven is niet verkeerd.
  • Als je het leuk vindt om alleen te varen, dan ga je toch solo varen samen met z’n tachtigen….
  • whats happening?
    if the gps is down surely the telephone is working?
    international audience of petit bateau is confused?
  • Tijdens uitvaren krijgen we nog een opmerking over de laudhailer van de sluismeester : Hij wenst ons goede reis verder raadt ons aan voorzichtig te doen omdat we alleen aan boord zijn” Vriendelijke mensen en geef nog even antwoord op de VHF.
  • Het Marsdiep bleek erg druk te zijn met beroepsscheepvaart. Zonder problemen en met de stroming achter de kont scheurde hij door deze nauwe flessenhals.
  • Het lijkt wel of het elk jaar mooier wordt en ik heb het gevoel dat ik ook elk jaar beter zeil, al is mijn classificatie niet echt hoog. Grote droom, eens bij de eerste tien te horen. Daar ga ik volgend jaar voor.
  • Wij, de Lady en ik, zijn er klaar voor. We are sailing to Muiden.
  • Gefeliciteerd met MY Safety, dat is nu precies wat mijn vrouw me voor deze tocht had willen geven, maar waarvan ik niet wist dat het bestond.
    En het maakt de uitslag ook betrouwbaarder. Want ja, een paar minuten scheel op je horloge kijken is natuurlijk gauw gebeurd in een haast situatie met het fotograferen van een boei in het donker met de flits en de regen nog in je ogen…. Ik beslist niet natuurlijk, maar ik kan me er alles bij voorstellen.
  • Ben erg benieuwd, hoe dat bij de boeien moet. In de ene hand de camera, in de andere de gps-unit. En kijken door de zoeker van de camera, tegelijk een gijp om de ton inzettend, al of niet met de spi hoog. Gelukkig heb je steeds een heel rak om te overdenken, welke handeling eerst moet en welke tegelijk. Alle gekheid op een stokje. Ik ben bang, dat het bij de boeirondingen hard werken wordt. Hoe lang doet de gps-unit gemiddeld erover, om van groen knipperend rood te worden? Bij hardere wind kom je toch al handen tekort, bijvoorbeeld bij het door de wind gaan tijdens de boeirondingen, hetgeen regelmatig voor komt.
  • Zoals je weet is de bevalling op 10 oktober uitgerekend. Als de kleine eerder komt, zal ik moeten afzeggen…. Als de bevalling tijdens de 200 myls begint, zal ik mij naar de dichtbijzijnde oever spoeden, een taxi praaien en naar huis racen….
  • Verdikkeme……
    Een half jaar geleden een alarm in mijn telefoon gezet om op 1 maart klokslag 00.00uur mij in te schrijven voor de solo 200myls in 2004.
    Lees net met slaap in mijn ogen en gekleed in pyama, dat 20 februari het deelnemerslimiet al bereikt was. Heel erg jammer! meen ik echt.
    Kan dit niet anders geregeld worden? het is moeilijk om als niet eerder deelgenomen zeiler je in te schrijven voor de 200mijls solo. en niet geheel eerlijk naar mijn mening. Hoe gaat met het afmeldingen als die er uberhaupt zijn? zijn er dan nog plaatsen te verkrijgen?
  • Het wordt steeds gekker, i.p.v. 69 kanonsschoten vanaf ‘de dijk’ zijn mijn collega’s genoodzaakt dit jaar dus 78 schoten te lossen. Maar … we zullen jullie ook dit jaar niet teleurstellen. Maakt u maar genoeg Tam Tam, meneer Luyendijk, wij weten u te vinden …. *:-)
  • Als de man weer geen schot lost in oktober, baal ik er wel erg van.
  • Soms heb je zoveel wind mee dat je een steunzeiltje nodig hebt.
    Bij deze wil ik je helpen het steunzeiltje te zetten. Een groot succes lokt mensen voor net zo’n “succes”.
    Weet dat bij alle grote wedstrijden ouddeelnemers voorrang hebben, al hoe sneu het soms ook is.
  • Reeds zes jaar is de 200 mijl voor mij weer het hoogtepunt van het seizoen. Wetend wat het kost, wetend wat voor een werk het moet zijn en wetend wat wij er voor terugkrijgen, ben ik ongelooflijk blij, dat ik weer op de deelnemerslijst sta.
    Jammer voor al die zeilers, die teleurgesteld zijn, maar ook jammer, dat het toch steeds een stukje groter wordt.
    Ik vaar veel (verenigings) wedstrijden, maar nog steeds heb ik er geen gevonden, die kan tippen aan jouw 200 mijls solo.
    Je manier van organiseren, tesamen met je zoons, het enthousiast smeden van de lijnen tijdens die 200 mijls maakt de wedstrijdweek altijd heel bijzonder. Ik ben van plan dit seizoen veel singlehanded te gaan varen om te proberen deze keer toch wat hoger te eindigen.
  • Ik kijk al twee jaar uit naar mijn tweede 200 myls, enorm genoten van de eerste (voor jullie de 7e geloof ik). Ik ga het hele jaar oefenen met single handed varen (mijn vrouw vaart mee en vindt die rust aan boord prima, niets doen en zon…hopen we dit seizoen).
  • Ik zag net de site… Is het al 1 maart? Ik ken 2 mensen (w.o. 1 vrouw) die hun computer zodanig geprogrammeerd hebben dat er op 1 maart om 00.00.01uur een mail uit gaat. Die vissen nu weer achter het net.
  • ik was van mening dat de inschrijving voor deelnemers die nog nooit meegedaan hadden pas 1 maart was, ik zou dan precies om 12 uur snachts klaar zitten om mij ij te schrijven. Is er nog ruimte voor deze groep deelnemers?
  • Ik zie dat inderdaad is gebeurd waar ik al een hele tijd bang voor was. De inschrijving voor de 200 myls is gesloten en ik mag niet meedoen. Erg jammer, want ik had bijzonder graag meegedaan. Zo heb ik de afgelopen maanden met bezoekjes aan jullie web site veel voorpret aan de tocht beleefd en heb ik hem in gedachten al gezeild ook. Dat was natuurlijk leuk, maar al gauw werd het duidelijk dat het voor mij en andere nieuwelingen waarschijnlijk fout ging aflopen omdat het eigenlijk de opzet van het evenement is een onderonsje van oude bekenden te zijn.
  • Sorry het is niet persoonlijk, maar frustratie moet even een uitweg hebben.
  • Dat dit Salemons oordelen zijn begrijp ik maar door je regels te wijzingen maak je mij echt kansloos.
  • Helaas heb je mijn kans op voorhand al om zeep geholpen nu ik moet lezen dat je inschrijvingen van voor 1 maart wel accepteert.
    Ik doe je hierbij mijn gegevens dan maar toe komen en hoop dat je in al je wijsheid mij een gelegenheid kunt bieden.
  • Nogmaals ik begrijp je “Elfsteden” probleem maar het is niet leuk als je zo op het verkeerde been wordt gezet.
  • Echter, je begrijpt waarschijnlijk al waar ik naar toe wil, een deelname aan de 200 mijls solo is nu voor mij een grote uitdaging en grote wens. Maar hoe kom ik tussen het deelnemersveld van 2004? Ik heb begrepen dat er nog maar een paar plaatsen te vergeven zijn . Dus 1 maart 00.00.01 uur zal het waarschijnlijk erg druk zijn op jullie site, maar ik zal in ieder geval dan mijn interactieve deelnameformulier jullie doen toekomen, Ik hoop dan een van de gelukkigen te zijn. Of is er nog op een andere manier hoop op deelname? Groter deelnemersveld? Wachtlijst?
  • Okay, okay, no need to shout.. you aren’t in a gale on the nordsee now, you know..

Ingeschreven solo-schippers – 2004

Ingeschreven solo-schippers – 2004

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2004 1 0 Bart Boosman Boosman JB De Franschman Bergen 97.00
2 2004 2 0 Bart van Breeschoten Waarschip 660 Mary Bryant Naarden 108.8
3 2004 3 0 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 99.60
4 2004 4 0 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 90.00
5 2004 5 0 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
6 2004 6 0 John van der Starre Sun Fast 37 Happy Scheveningen 89.00
7 2004 7 0 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 90.00
8 2004 8 0 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
9 2004 9 0 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 86.00
10 2004 10 0 Jacquel ine van Amstel X-362 Xinia Dintelsas 88.00
11 2004 11 0 Gio Schouten Freedom 44 Cat Airborne Marken 93.00
12 2004 12 0 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
13 2004 13 0 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 102.0
14 2004 14 0 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 88.00
15 2004 15 0 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
16 2004 16 0 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
17 2004 17 0 Paul Peggs JOD 35 Audacious Hamble (UK) 81.30
18 2004 18 0 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Den Oever 93.00
19 2004 19 0 Henjo Ruiter Meridian Cras fuctum est Medemblik 115.0
20 2004 20 0 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 100.0
21 2004 21 0 Peter v.d. Schaaf Stern 32 Jager Medemblik 91.00
22 2004 22 0 Barend Peters First 35 * 1.9 Layam Muiderzand 91.00
23 2004 23 0 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 96.00
24 2004 24 0 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 99.00
25 2004 25 0 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
26 2004 26 0 Pamela van der Vleuten Seamaster 925 Lady Blanche Eindhoven 108.0
27 2004 27 0 Frits Brattinga Maxi 999 * 1.45 Lady A Sneek 99.00
28 2004 28 0 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
29 2004 29 0 Paul Heijmerink Elan 295 Ami Bai Naarden 97.00
30 2004 30 0 Michel Capel Freedom 35 Cat Tumlare Makkum 104.0
31 2004 31 0 Nico Benink Kroes Brandaan Hasselt 106.0
32 2004 32 0 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 83.00
33 2004 33 0 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
34 2004 34 0 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
35 2004 35 0 Anjo Veerman Dehler 39 CWS*vk155 Aurum Amstelveen 92.00
36 2004 36 0 Albert de Brouwer Waarschip 900 ’t Waere Hout Naarden 99.00
37 2004 37 0 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
38 2004 38 0 Fred Avezaat Dehler Optima 830 Sun Dance Kid Strand Horst 108.6
39 2004 39 0 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
40 2004 40 0 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
41 2004 41 0 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
42 2004 42 0 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Ketelhaven 102.0
43 2004 43 0 Michiel Tasseron Bavaria 32, k.mst Passie Huizen 100.0
44 2004 44 0 Bauke Jager Ocean 25 *1.35 Mira Balk 105.9
45 2004 45 0 Riaan van ’t Veer Mini Transat Coco Piccolo Lelystad 96.00
46 2004 46 0 Bertus Buys Standfast 40 S Sea-Beryl Scheveningen 88.00
47 2004 47 0 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
48 2004 48 0 Anje Valk Vancouver 27 Warber Harlingen 109.2
49 2004 49 0 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 103.0
50 2004 50 0 Frans Hoving Waarschip 900 Zeebeer Amsterdam 99.00
51 2004 51 0 Marjan van de Vrie Aquilla *1,60 Mathilde Tilburg 105.2
52 2004 52 0 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 102.0
53 2004 53 0 Jules Banffer Rush 21 Dondersteen Huizen 104.0
54 2004 RET 0 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
55 2004 RET 0 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 100.0
56 2004 RET 0 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
56 2004 RET 0 Piet van der Zwaan Dehler 34 Zwaantje Lelystad 93.00
58 2004 RET 0 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 97.00
59 2004 RET 0 Harm Veenstra Friendship 28 *1.60 J.Leeuwerik Ketelhaven 103.6
60 2004 RET 0 Eric ten Bos Comfortina 35 Dondersteen Amstelveen 91.00
61 2004 RET 0 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
62 2004 RET 0 Jos Valkering Waarschip 725 Magic Akersloot 111.0
63 2004 RET 0 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Lelystad 93.10
64 2004 RET 0 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 93.00
64 2004 RET 0 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 83.00
66 2004 RET 0 Henk Van Breda Van Breda 38 Batavus Naarden 107.3
66 2004 RET 0 Klaas Kreuze Friendship 28 *1.20 Mon ami Huizen 106.0
68 2004 RET 0 Adrie Jansen Contest 33 * 1.65 Jade Ossenzijl 107.5
69 2004 RET 0 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 108.2
70 2004 RET 0 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
71 2004 RET 0 Ad Beringen Ohlson 29 Skua 4 Enkhuizen 106.0
72 2004 DNS 0 Hans Colenbrander Waarschip 1/4T *1.2 Hebbus Huizen 111.0
73 2004 DNS 0 Hinse Koning Marieholm 26 Tawhiri Balk 110.0
74 2004 DNS 0 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 101.0
75 2004 DNS 0 Arie Petrus Eygthene 24 *1.40 Fighter Almere-Haven 108.0
76 2004 DNS 0 Rene Pluymert X 332 Libel Lelystad 87.00
77 2004 DNS 0 Iddo Schenk Contest 30 * 1,72 Blue Ribbon Medemblik 104.2
78 2004 DNS 0 Ernst Steinmeier Mini Transat Pogo Bling Blong Lelystad 92.30
79 2004 DNS 0 Henk Steltenpool First 305 * 1.4 Little One Spakenburg 99.00
80 2004 DNS 0 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 99.00

 

 

Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2004

Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0
Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10
Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17
Lelystad-Z OVD3 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 29 28
S/N.zeekanaal P 15/B’RAN 43 Hindelopen H 2 52 Den Oever WV14 53 Medemblik WP 12 47
S/Kornwerderz. VF 4/BO 8 59 Enkhuizen KG 2 66 Urk UK 16 63
Den Helder MH 4 75 Harlingen BO 44 65 Breezanddijk SPORT B 84 Breezanddijk SPORT B 88
Oude Schild T 12 80 Oost Vlieland ZS 13 81 Urk UK 16 108 Stavoren LC 9 99
S/Kornwerderz. BO 8/VF 4 98 Den Helder MH 4 112 Medemblik WP 12 125 Lemmer SB 10 109
Medemblik WP 12 114 Oude Schild T 12 117 Stavoren VZ 1 130 Enkhuizen KG 2 120
Hindelopen H 2 126 S/Kornwerderz. BO 8/VF 4 135 Makkum VF04 143 Hindelopen H 2 134
Breezanddijk SPORT B 132 Medemblik WP 12 151 Hindelopen H 2 149 S/Lelystad-N EZ 29/OVD 3 159
Stavoren VZ 1 142 Stavoren VZ 1 156 S/Lelystad-N EZ 29/OVD 3 173 Pampushaven PH 169
Den Oever WV14 151 S/Lelystad-N EZ 29/OVD 3 173 Hoorn NEK 184 Hoorn NEK 181
S/Lelystad-N EZ 29/OVD 3 174 Hoorn NEK 184 Volendam GZ 2 191 Volendam GZ 2 188
Hoorn NEK 185 Volendam GZ 2 191 Pampushaven PH 197 Blocq V.Kuff. BVK 194
Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200 Muiden IJM17 200

 

 

Verslag 2004 > DE NEGENDE

3e. prijs Vrouwentrofee 1e. prijs 2e. prijs
 Bauke  Jacqueline  Bart Bart
 Yntema  van Amstel  Boosman  Breeschoten

Woensdag, 13 oktober 2004 21:30 uur

Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en het voordeel in de routekeuzes.

Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. De nerveuze chaos, tijdens het vertrek uit de haven en de start. Het gevecht met de wind en de talloze verschillende weerberichten/omstandigheden. Over de finishdag. Dat het toch een hele klus was voor de meesten om op tijd te finishen.

Weer werden alle 4 routes verzeild.
24 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, IJmuiden, Oude Schild, Kornwerd.
8 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen.
15 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3,
terwijl de route 4, ook IJsselmeer, door 24 schippers, als de meest tactische baan werd gekozen.

Op het laatste ogenblik vlak voor de OVD 3 bij Lelystad werden er nog routekeuzes veranderd.
Wat het gevolg was van deze tactische (route)keuzes, is nu heel duidelijk te bemerken uit de uitslag.

Dan de GPS/GSM-units MY Safety. 4 weken geleden wisten we allemaal nog niet, zowel organisatie als deelnemers, dat deze high tec unit door MY-Freedom zou worden geleverd en gesponsord.
Nu kunnen we al spreken van een behoorlijk succes, ondanks een paar aanloop-probleempjes met het opladen van gps en het de verwerking van de nog niet geheel (te korte termijn) geautomatiseerde hoeveelheid datagegevens.
Mark Wilbrink van MY Safety lichtte nog het e.e.a. toe en beloofde de 200 myls ‘SOLO’ volgend jaar naar een meer geautomatiseerde verwerking en met een ge-uopate versie te komen. 

Verder waren er prachtige fotosessies, zowel van de gepasseerde boeien, alsook van de deelnemers onderling. We hadden weer het geluk met de sponsor, die ook zorg droeg voor de afdrukken. Van de mooiste foto’s werden ook vergrotingen op A4 formaat gemaakt.

Er waren talloze positieve en ….. vooral sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 3 weken ruim 50.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden, zo goed en kwaad als het ging, van hun favorieten nauwlettend in de gaten :

Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.

2004
Iedere deelnemer kreeg zijn herinne-
ringsplaatje,  het logboek,  foto’s  en
negatieven terug,  alsmede  het blad
fragmenten  uit deze  logboeken  en
natuurlijk de uitslagenlijst.Daarna   was er   de   prijsuitreiking,
waarin de tinnen borden aan de drie
prijswinnaars werden uitgereikt.Bart Boosman kreeg niet alleen de eer-
ste prijs en de wisseltrofee,  ook kreeg
Bart een flesje schipperbitter omdat hij
ook nog eens jarig was.

Jacqueline mag nu (voor de derde
maal winnaar) haar trofee behouden

Pamela  v.d. Vleuten kreeg van Stichting
Schildpad   i.p.v. het setje van 3 handge-
maakte drinkmokken,  ’n flesje schipper-
bitter als doorzettersprijs. Ze toonde haar
karakter na  ’n aanvaring.  De preekstoel
werd ontzet en de voorstag brak.
Na een noodreparatie   zeilde Pamela toch
verder en …………… finishte.

Door de enorme stroom MY Safety (500)
positie-meldingen  meteen   op de eerste
dag al,   was het niet mogelijk  deze alle-
maal met de te kleine Regattabureau-be-
zetting te verwerken. Vandaar dat we e-
norm blij waren met de Kodak-camera’s
en Mediamarkt, die de bewijslast van de
merktekenpassages zeker kon stellen !Vele schitterende foto’s werden gemaakt
en vergrotingen afgedrukt.
Anjo Veerman kreeg voor de meest orgi-
nele foto :  zijn dubbele handeling bij de
WP 12 Klikken en hiervan de foto te ma-
ken een setje place mates door fotograaf
wsv AVOH lid Herman Scholte  gemaakt
en aangeboden.
Jacqueline van Amstel ontving van en de door Wim Schreurs ontworpen vrouwen-wisseltroffee voor de derde maal achtereen en …. mag hem nu behouden. Weer was Jacqueline ongenaakbaar. Met haar 10e. plek, nu in deze negende 200 myls ‘SOLO’, heeft Jacqueline weer een prachtige prestatie neergezet. Konden de drie andere vrouwen, Pamela v.d. Vleuten, Marjan v.d. Vrie en Anje Valk, de winnares Jacqueline niet van haar troon stoten, het uitzeilen van deze race is so wie so al een prachtige prestatie.

Ook diegenen , die tijdens de wedstrijd
veel werk hadden verzet, kregen een fles en/of bloemen.


Marco Luyendijk
webmaster, Nieuws tijdens de race
Peter & Tine Capel
opname en finishschipper

Jan Luyendijk
organisator
Solo-schippers
bij de prijsuitreiking

Bob Luyendijk
regattabureau en meldingen
Esther Luyendijk
telefonische meldingen
Uitgebreid bedankt werden :
Marco Luyendijk, die de opzet en een gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is.
Bob Luyendijk voor het vele extra werk wat hij deze keer moest verzetten, vanwege toch de kontakten/passagemeldingen met de schippers, uitslagverwerking en de coordinatenvergelijkingen. Ook
Esther Luyendijk voor haar gewaardeerde assistentie bij deze vele telefonische meldingen
Peter Capel, de start- en opnameschipper, alsook natuurlijk de schipperse
Tine Capel voor hun gastvrijheid en ontvangst voor de uitgezeilde solisten op de M/Y Capella.
wsv AVOH om ook voor deze keer hun clubhuis beschikbaar te stellen voor de 200 myls ‘SOLO’ prijsuitreiking.
Wim Dercksen havenmeester van de Stichtingshaven Muiden, vanwege z’n extra inzet om de maximale in- en uitstroom van jachten voor en na de 200 myls ‘SOLO’ in goede banen te leiden.Frits Bartels bedankt, vanwege zijn adviezen inzake de weersvoorspelling en handicaps.
Joke Bartels voor haar treffende – 200 myls ‘SOLO’ – gedicht, welke werd gepubliceerd achter op het logboek.


alleen – met het weer en de wind
de snelheid – het water is wijd
en wij – in de race die ons bindt
de mijlen – de boeien de tijd

De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.

de tiende 200 myls ‘SOLO’
wordt verzeild van …. >>

Jan Luyendijk, Huizen,
14 oktober 2004

Prijsuitreiking
Nieuws tijdens de Race 2004

Zondag, 3 oktober 2004, 12:00 uur – Einde wedstrijd
De 9e 200 myls “SOLO” begon voor het regattabureau vrij hectisch. Al tijdens de eerste avond bleek dat het niet mogelijk was alle dat welke door de zeer goed werkende GPS van My-Safety verzonden posities werden verzonden handmatig te verwerken. Hierdoor werd noodzakelijkerwijs die avond besloten het My-Safety systeem als back up informatie te hanteren.
Langzamerhand werd het bij de meeste schippers duidelijk, door het aan elkaar doorgeven en een door het Regattabureau veroorzaakte sms regen, dat de posities als voorgaande jaren tussen 18.00 en 22.00 uur telefonisch, per fax of e-mail doorgegeven moesten worden.

Vooral 02 en 03 oktober 2004, was het My-Safety systeem een perfecte uitkomst. Hierdoor konden wij precies zien hoe laat en wie zich bij de IJM 17 afmeldde.
Langs deze weg willen wij alle deelnemers die reglementair zijn gefinisht al van harte feliciteren met hun prestatie.
Op 03 oktober 2004 rond 17.00 uur zijn van alle gefinishte deelnemers de gegevens bijgewerkt en zal de ongecontoleerde. onofficiële stand bekend zijn.
Iedereen alvast bedankt voor zijn deelname,

namens het regattabureau 9e 200 myls ‘SOLO’ – 2004
Bob

Zondagochtend, 3 oktober tot 12:00 uur

Zaterdag, 2 oktober 2004, 23:13 uur

Dik Geurts legt om middernacht aan in de Stichtingshaven van Muiden, nadat hij om 23:13 uur is gefinisht bij de IJM 17 en wordt opgewacht door fotograaf Albert Broshuis.

Zaterdag, 2 oktober 2004, 16:30 uur
Drama aan boord van de Happy.

Tijdens het zeilen liep de snelheid van de Happy langzaam terug. De oorzaak kon niet direct achterhaald worden. John heeft alles nagelopen om de reden te vinden van de vertraging. Hij voelde duidelijk dat de boot niet op snelheid kwam en geremd werd. Opeens werd duidelijk dat de spinaker uit de zak in het water terecht was gekomen. Ruim 100 vierkante zeil werd door het water gesleept. Snel binnen halen van de spinaker lukte niet.
Het zeil leek vast te zitten om de kiel of het roerblad. Alle zeilen werden neergelaten en de Happy kwam tot stilstand. Vliegensvlug werd het surfpak aangetrokken en John dook het water in. Met de grootste moeite kon hij de spinaker bevrijden van de kiel én het roerblad. Uitgeput klom hij aan boord om opnieuw te proberen de spinaker binnen te halen.
Tijd om bij te komen was er niet. Als de wiedeweerga zeilen hijsen en koers zetten na het volgende waypoint. Zodra de boot op snelheid was kon de spinaker worden gezet, hetgeen ook gedaan werd. Bron: www.happyzeilen.nlOok Dik Geurts had de pech minstens een uur en een kwartier te hebben vastgezeten, ook hij moest de Bandos zwemmend bevrijden. waardoor hij ’n waarschijnlijke betere klassering is misgelopen.

Zaterdag, 2 oktober 2004, 15:49 uur
Pamela van der Vleuten krijgt de schrik van haar leven en heeft een aanvaring.
De voorstag is gebroken en de preekstoel van haar Lady Blanche is totaal ontzet. Even denkt Pamela aan opgeven, maar dat strookte niet met haar karakter. Ze gaat naar voren, bindt de voorstag met lijnen aan de nog aanwezige verbogen zaken op het voordek. Ze hijst de zeilen en zet haar aandewindse koers naar de finishboei voort.
Om 22:49 uur na de finish blijkt ook nog haar motor niet te starten. Gelukkig dat reddende engel Anje Valk Pamela dit na haar finishpassage bij de YM 17 in de gaten heeft en de Lady Blanche naar de haven sleept.

Zaterdag, 2 oktober 2004, 12:15 uur
Om vijf uur vertrok ik uit Hindelopen. Het eerste rak (het eind in Lelystad, maar eerst naar de VZ4 bij Stavoren) was meteen niet bezeild. Kruisen dus op een hobbelig meer. Zowaar op dit rak -’s ochtends net licht- een voorrangsvraag met een mede 200 mijler: de Catootje. Ik had voorrang (en zag hem kijken) dus hij moest wijken: het is tenslotte een wedstrijd.
Uit het verslag van Kees Rijniersce :
Verslag Kees (Update 03-10-2004 8:30)

Zaterdag, 2 oktober 2004, 12:00 uur
line honours – Frits Brattinga met zijn Lady A, een Maxi 999
Om 10:23 uur finishte Frits bij de IJM 17
Nummer 2 om 11:35 uur had ook Bertus Buijs met de Sea-Beryl zijn 200 mijls erop zitten en vond het toch hard werken op de rakken met telkens overstag te gaan op zijn aandewindse koersen. Op de oceaan, vindt Bertus, heb je het toch makkelijker, met wat zal ik doen … ga ik morgen of overmorgen overstag ….
De derde doorkomst was voor Henk Bulthuis, met de Chill Out.

Zaterdag, 2 oktober 2004, 11:30 uur
Diverse meldingen van schippers komen binnen, die zich hebben afgemeld. Het zijn weer de stuurautomaten en electrische systeem, die maar niet opgewassen zijn tegen een paar dagen knalhard zeilen.
De wind is zuid op de terugweg voor de schippers.
Heen noord en terug dus zuid. Veel, heel veel kruisrakken, In baan 3 en 4 meer dan 50% (Het lijkt wel een kruisweg vertelt een van de solisten).

Zaterdag, 2 oktober 2004, 11:00 uur
Theo Hin stuurde onderstaande foto’s

Heb helaas moeten besluiten om me terug te trekken uit de race. In de uitslagenlijst (www.200myls.nl) zal dus RET achter mijn naam staan. Ik heb gisteren goed kunnen zien dat een schip dat ik normaal makkelijk voorbij moet kunnen lopen, sneller en hoger vaart. Zonder stuurautomaat kan ik de boot nog wel mannen en bij aan de windse koersen kun je het roer best even los laten. Maar bij de ruimere koersen loeft de boot op zodra je het roer loslaat, kun je niet weg bij het roer om de zeilen trimmen, kun je niet naar het voordek om de fok te wisselen voor de genua als het wat minder waait, kun je niet spinnakeren op de voordewindse koersen, is het overstag gaan niet vloeiend te doen en kost dat dus teveel tijd, is er nauwelijks tijd om te navigeren, en dan heb ik het nog niet over de niet aan zeilen gerelateerde activiteiten.
Ik heb me afgemeld bij het regattabureau en met een knik in de schoot zeil ik van Den Oever met WZW 5-6 Bft in no time terug naar de thuishaven Lelystad, waar mijn lieve echtgenote klaar staat om het voorlandvast aan te pakken bij de box.
Deze winter wordt het dus sparen voor een nieuwe stuurautomaat, want ik heb het vaste voornemen om volgend jaar weer mee te doen en hoog te eindigen.
Otto Maitimu
o/b S/Y Content

Vrijdag, 1 oktober 2004, 22:00 uur
Om een beetje voortgang te boeken al om half vijf opgestaan. Tot mijn verbazing had ik voor anker liggend toch prima geslapen. De olielamp, die ik als ankerlicht had aangestoken, brandde nog en niemand was tegen mij aangevaren. Het woei nog fors, dus een rif gelegd. Ik had mij wat zorgen gemaakt over het anker op gaan, maar het verliep zonder enig probleem. Wel werd de hele boot meteen met klei besmeurd. Uit het verslag van Kees Rijniersce :Verslag Kees (Update 01-10-2004 21:00)

Vrijdag, 1 oktober 2004, 16:00 uur
Eric ten Bos met z’n nieuwe schip een Comfortina 35, de Dondersteen vaart aan het einde van de Dove Balg een overstekende boei aan.
De schade blijkt behoorlijk, dat Eric z’n boot in Harlingen op de wal moet laten hijsen en de strijd staakt.

De nog in de strijd liggende jachten van alle vier routes komen er zolangzamerhand achter, dat er moet worden opgekruisd vanuit het noorden naar het zuiden om hun nog resterende boeien te ronden. Het is druk op het IJsselmeer met de vele 200 myls ‘SOLO’ schippers. Ze zien elkaar wel, maar hebben nog geen idee, wie welke baan moet hebben gevaren,

Vrijdag, 1 oktober 2004, 13:46 uur (WP 12)
Anjo Veerman van de Aurum klikt hier op de gsm/gps-unit MY-Safety en maakt tegelijkertijd de foto.
De positie, alsook datum en tijd worden ogenblikkelijk naar de server van het regattabureau van de 200 myls ‘SOLO’ verzonden. Hierdoor kunnen de data, die door de klik is verstrekt, worden verwerkt en op het internet gezet.
3 weken geleden wisten we allemaal nog niet, zowel organisatie als deelnemers, dat deze high tec unit door MY-Freedom zou worden geleverd en gesponsord. Nu kunnen we al spreken van een behoorlijk succes, ondanks een paar aanloop-probleempjes met het opladen van gps en het de verwerking van de nog niet geheel (te korte termijn) geautomatiseerde hoeveelheid datagegevens.

Vrijdag, 1 oktober 2004, 01:00 uur

In dikke buien, 6 bft met onweer, zeilen nog vele soloschippers op het wad en de Noordzee naar hun rusthavens.

In Breezanddijk loopt een schip van zijn anker af en knalt 60 meter verder tegen het schip van een medezeiler aan.

De volgende morgen blijkt, dat er een grote baksteen zat tussen de bladen van het Danforth-anker.

Donderdag, 30 september 2004, 20:00 uur
De dag begon met een windkrachtje 2 a 3 en prachtige luchten. In de loop van de dag werd het dobberen met windkracht 1. Nu regent het en kan er lekker gezeild worden met een windje 4 a 5.

Prachtige lucht met de zonnestralen door de wolken, een mooi plaatje!

 

Donderdag, 30 september 2004, 16:30 uur
Om acht uur werd ik wakker vanmorgen, met een strakblauwe lucht boven me. Als ik later weer boven dek rondkijk, ben ik de enige die er nog ligt. Onbegrijpelijk dat de anderen vertrokken zijn, de wind zou immers pas iets aanwakkeren in de middag. Ik wil wachten tot ik weg moet om binnen de 24-uurs limiet van stilliggen te blijven. Gelukkig genoeg te doen aan boord; nog eens het weer checken, het dek schrobben, en er achter komen dat mijn watertank weer is leeggelopen in de bilge. Uit het verslag van Michel Capel :Verslag Michel (Update 30-9-2004 16:30)

Donderdag, 30 september 2004, 16:00 uur
Veel schippers lopen na hun passage van het merkteken de Sport B, zie foto hierboven van Peter Mueller van de Tam Tam van Jan Luyendijk, de werkhaven Breezanddijk aan om aldaar in de prut proberen te ankeren. Er is vannacht wel slecht weer op komst, 6 bft en dikke buien.

Donderdag, 30 september 2004, 14:00 uur
Kees Riemer, diverse malen deelnemer van de 200 myls ‘SOLO’ heeft de pech, dat z’n schip de Poespasop de wal ligt voor reparatie. Uit frustratie vliegt Kees met z’n vrouw naar Madeira. Meldt op de terugvlucht, terwijl hij op de de aanvliegroute naar Schiphol zit, boven IJmuiden: “Heel wat zeilboten van baan 1 in de nabijheid van de Baloeran,” en geniet (met weemoed) van dat uitzicht…..

Donderdag, 30 september 2004, 00:30 uur
Om 06.15u start mijn buurman (nr 3 vanaf de steiger) zijn motor en ik neem aan dat hij niet aan de walstroom kon liggen en daarom nog even stroom gaat draaien. Tot mijn verbazing gooit hij echter los van mij en het gevolg is dat de hele zwik boten nu stuurloos ronddrijft. Als vervolgens schippers de motor starten en voor- en achteruit gaan manoevreren, klinkt al gauw het gekraak van preekstoelen in hekstoelen: de drieletterige woorden zijn niet van de lucht, maar de veroorzakende schipper blijft er stoïcijns onder. Uit het verslag van Otto Maitimu :Verslag Otto (Update 30-9-2004 00:30)

Woensdag, 29 september 2004, 22:00 uur
Het was een prachtige zeildag. Genoeg wind om heerlijk te zeilen, zon, regen en prachtige wolken partijen. Nu schijnt de volle maan over het water, wat een licht, welke er vannacht voor zal zorgen dat het water verlicht zal zijn. En dat betekend voor de schippers die een gat in de nacht willen zeilen dat het een stuk prettiger varen is. Het regattaburo heeft het druk met alle meldingen. De gegevens die daar binnen komen moeten ‘helaas’ nog handmatig worden overgezet naar het uitslag programma. Veel werk, tevens zullen de GPS meldingen en de logboeken na de race naast elkaar worden gehouden. De uitslag welke nu op het internet staat is daarom ook onder voorbehoud.

Woensdag, 29 september 2004, 12:00 uur
Foto’s : Jan Luyendijk

Piet van der Zwaan – Dehler 34 en Jules Banffer op z’n Rush 21 opweg naar de OVD 3 bij Lelystad

Woensdag, 29 september 2004, 08:00 uur

Woensdag, 29 september, 07:00 uur

Het is weer de nerveuse drukte in de Stichtingshaven op deze vroege ochtend. De solo-schippers willen snel jk naar de M 1 om te starten voor de negende 200 myls ‘SOLO’, nu er nog wind staat. Later in de race zal naar alle waarschijnlijkheid de wind afnemen. Nu is dus de kans om veel mijlen te maken.
De schippers hebben hun zeilen klaarliggen en moeten richting het noordwesten aandewinds de eerste rakken zeilen. Het is droog en de temperatuur is prima om lekker bezig te zijn.


Palaver, 29 september, 20:30 uur

In het barstensvolle cafe Ome Ko werd weer het traditionele palaver gehouden met de bekende appelgebak met slagroom en koffie.
Alle schippers kregen hun overlevingspakket aangeboden om mee te nemen met de morgenvroeg startende 200 myls ‘SOLO’.
Naast de groene (super) caps met het logo van de 200 myls, de Kodak foto wegwerpcamera’s en logboeken, dit keer ook een pakketje met oplosbare voeding om extra energie op te doen.

Daarnaast werd uitleg gegeven over de My Freedom GPS/GSM positie melders. Deze zullen bij iedere boei worden gebruikt en zenden dan een SMS naar het regattabureau. In het regattabureau zullen de data worden verwerkt en op het internet worden geplaatst. Het weer voor de komende dagen werd voorspeld door Frits Bartels. Woensdag nog wel wat wind, maar langzamerhand als de race vordert komt er minder wind. Dus de solo-zeilers zullen vooral de eerste dagen veel mylen moeten maken. Daarna werden de eerste GPS/GSM klikken op de MY Safety uitgeprobeerd. Diverse cameraatjes werden al uitgepakt en o.a. werden de 4 deelnemende vrouwen op de kiek gezet. V.l.n.r. Anje Valk, Pamela v.d. Vleuten, Jacqueline van Amstel en Marjan v.d. Vrie.

Dinsdag, 28 september 2004, 17:00 uur
De haven ligt vol, barstensvol. Voor het opnameschip met Tine & Peter Capel werd nog een plaatsje aan de steiger gevonden.
Om 20:30 uur is er bij Ome Ko het alom bekende palaver met de koffie en appelgebak met slagroom. Er is al een stukje spanning merkbaar bij de schippers op de steiger ….

Maandag, 27 september 2004, 19:15 uur
De Stichtingshaven is al redelijk vol met de vele solo-jachten, die hebben aangemeerd. Wim Dercksen en z’n vrouw hebben in ieder geval hun handen vol om de schepen een goed plekkie te geven.
Handen worden geschud en de verhalen verteld. Het weer is goed, lichte bewolking, droog met een prima temperatuurtje.

De gsm/gps unit geeft uitstekend zijn meldingen door en worden door de server goed ontvangen.

Zondag, 26 september 2004, 16:55 uur
De testen gaan door.
Vanaf nu staat de server dag en nacht aan in het Regattabureau.
De programmering is vrijwel gereed en kan vanavond worden afgesloten in afwachting van het grote werk beginnende bij het Palaver en vervolgens de start op woensdag de 29e.

Zaterdag, 25 september 2004, 12:00 uur
Een drukte van belang in het Regattabureau, waar de server, sms receiver en wat dies meer zij wordt geplaatst door MY Freedom BV, Mark Wilbrink, Rob Kuipers, Bob & Marco Luyendijk. De testen zijn in volle gang …..
In de korte termijn waarin de gps/gsm-unit MY Safety en de 200 myls ‘SOLO’ met elkaar in kontakt kwamen, amper twee weken geleden was het nog niet mogelijk de waterkaarten zichtbaar te maken aan de websitebezoekers. Op de server van het Regattabureay echter staan alle merktekens in hun juiste posities ……
Ook werd de produktie aangepast, de MY Safety voorzien van een batterijlader met sigaren-aansteker-plug, klittenbandset en de riemclip.

Vrijdag, 24 september 2004, 10:00 uur

Vele ongeruste e-mailtjes komen binnen over het barre weer, wat de afgelopen week heerste en wat de komende week zal brengen. De halve 200 myls vloot is al onderweg en zal bij aankomst in de Stichtingshaven te Muiden, dit weekend of in de twee dagen erna, er al een halve of meer 200 myls op hebben zitten.
Het is nu nog rustig in de haven …….

200 myls ‘SOLO’ versus Singlehanded door Henk Bulthuis

200 myls ‘SOLO’ versus Singlehanded door : Henk Bulthuis
‘de Drietand’, Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers

Dé Nederlandse solo wedstrijden vergeleken

 

Inleiding

Dit jaar heb ik voor het eerst in één seizoen de 2 vooraan- staande solo zeilwedstrijden op het Nederlandse water gezeild: de 200 myls ‘SOLO’ en de Singlehanded. Aan beide heb ik reeds eerder deelgenomen maar niet in hetzelfde sei- zoen. Met de ChillOut!, een J/109, zijn beide solo tochten uitgezeild, een prachtige reden om deze wedstrijden aan een vergelijkend onderzoek te onderwerpen.
De tweede reden is dat deze wedstrijden door Henk Bezemer in zijn voorwoord van het prachtige boek “Sailing Solo” van Nic Compton over de geschiedenis van shorthanded zeilen worden afgedaan als Hollandse kneuterigheid. Terecht of onterecht?

De overeenkomsten
Beide tochten zijn voor de solozeiler bedoeld en wordt de 1 vlag gevoerd:Er wordt gevaren in het najaar, in de maand oktober, zodat het relatief rustig is op het water en de solozeiler minder kans heeft andere scheepvaart tegen te komen. Het weer is meestal winderig, nat, mistig en koud. Als vaargebied geldt voor beiden IJsselmeer, Waddenzee en Noordzee en moet er 1 maal geankerd worden voor een aantal uren. Het invullen van een gedetailleerd logboek is verplicht, evenals het regelmatig nemen van voldoende rust. Het motorverbruik is sterk gelimiteerd, want zeilen voert de boventoon. De duur van tochten is maximaal 4 dagen, waarbij tussen de 200 en 300 mijl moet worden afgelegd. 95% van de deelnemende schepen is een monohull.
Het zijn zeer sociale evenementen, wat in tegenspraak klinkt met het solo varen. In havens en ook op het water is er veel contact; menige borrel en maaltijd wordt gedeeld in de verschillende havens en gezelligheid is troef! De uitslag wordt bekend gemaakt tijdens een aparte bijeenkomst, echter niet direct na afloop van de wedstrijd. Deelnemers die de tocht reglementair hebben uitgevaren ontvangen een herinneringsplaatje met het jaartal als aandenken.
Om de kosten hoef je het niet te laten: een meerdaagse tocht met aandenken, gratis liggen voor en na de start, goede organisatie en reünie bijeenkomst voor 40 euro. Je moet wel bereid zijn 3 dagen vrij te nemen.
Zo op het oog dus 2 maal hetzelfde recept: echter niets is minder waar!De verschillen
De verschillen zijn legio en die bepalen ook in belangrijke mate het verschillende karakter van de beide tochten: een wedstrijd versus een prestatie tocht. Zo is de 200 myls ‘SOLO’ ontstaan uit een stuk onvrede met de Singlehanded. Een deelnemer had een logboek ingeleverd in de vorm van een
stripverhaal en won op basis daarvan de wisselprijs. Jan Luyendijk dacht toen: “dat kan anders en professioneler”. Dat heeft hij geweten: de 200 myls is uitgegroeid tot een groot evenement met maximaal 80 deelnemers, terwijl hij voor de afgelopen editie wel 200 solo schippers heeft moeten teleurstellen! Hierbij steekt de deelname aan de Singlehanded een beetje schril af: al jaren zo’n 35 deelnemers.
Ik behandel de verschillen tussen beide a.d.h.v. een aantal onderwerpen en voeg daar eigen ervaringen aan toe.

Imago en bekendheid

De 200 myls ‘SOLO’ is nu voor de 9e keer gehouden en wordt georganiseerd door Jan Luyendijk en zo ongeveer zijn hele familie. Jan vaart zelf ook mee. Deze wedstrijd geniet grote bekendheid, wordt gezien als een moderne serieuze zaak met een hoog innovatief karakter. Er wordt gevaren onder het SW handicap. Bijvoorbeeld de website (www.200myls.nl) is een juweeltje en volgens ingewijden de beste zeilwedstrijd website van Nederland. Prachtige pagina’s met de routes en alle verslagen van alle jaren. Tijdens de race wordt hier de positie van de deelnemers bijgehouden evenals de laatste info en foto’s. Dus ook een aanrader voor de thuisblijvers.
De Singlehanded is een echte klassieker en kent nu 28 edities. Ooit bedacht door Reid als een “andere” tocht met hindernissen. Dat imago heeft het nog steeds en er is in die 28 jaar weinig veranderd. Er wordt zonder handicap gevaren. Voortbewegen met de puts is geoorloofd. Sinds een jaar is er ook een eenvoudige website (www.singlehanded.nl).

Blad 2

Bij de 200 myls ‘SOLO’ is ChillOut! volgens de SW factor de snelste boot op handicap in 2003. Een rating die gebaseerd is op 6 man in de reling. Dus op basis daarvan zijn we al kansloos. Gelukkig doet Paul Peggs dit jaar mee met een JOD 35 met waterballast. Hij moet nóg sneller zijn.
Bij de Singlehanded is ChillOut! ook niet de snelste:

de Octavus doet mee, een Arcona 400, die volgens de ORC rating sneller moet. Op het traject van Terschelling naar Kornwerderzand varen we samen op en ontspint zich een prachtige matchrace. Tijdens de passage over de Boontjes krijgen we een bui over ons heen en lopen we 8 knopen terwijl we maximaal 10 meter uit elkaar varen. Geweldig en beide schippers hebben een enorme grijns op het gezicht. Vooral bij mij als ik toch een paar minuten eerder bij Kornwerd aankom….


Deelnemers
 Bij beide tochten is een groot contingent vaste deelnemers, echter er zijn maar weinigen die beide tochten varen. Dit jaar waren Jan Smink, Leon Bart en ondergetekende de enige deelnemers die aan beide tochten deelnamen, terwijl vorig jaar alleen Jan beide heeft gevaren. Toegegeven: beide evenementen zitten dicht op elkaar in de kalender en voor beide moet je een paar dagen vrij nemen. Maar gegeven het beperkte aanbod van singlehanded evenementen zouden we toch meer combi deelnemers verwachten. Wellicht kan een gezamenlijk klassement helpen?

De 200 myls ‘SOLO’ is zo’n succes dat er plannen zijn om de tocht uit te breiden volgens het 24 uurs model: starten vanuit verschillende havens. Er is sprake van regelmatige deelname van vrouwelijke schippers en er is zelfs een aparte wisselprijs. Hoewel: Jacqueline van Amstel heeft hem “even” 3x achter elkaar gewonnen en dus moet Jan op zoek naar een nieuwe. Het afgelopen jaar hebben alle 4 vrouwelijke deelnemers de tocht volbracht.De meeste deelnemers zijn toch wel fanatieke wedstrijdzeilers en beschikken over de beste materialen zoals kevlar zeilen.
Het succes van de Singlehanded is dat het al zo vaak georganiseerd wordt. Hier veel minder vrouwen en ook meer toerzeilers aan de start.

Ik start bij de 200 myls ‘SOLO’ bijna als laatste want ik lig achterin de overvolle haven en mag een lekkere inhaal race houden. Als ik langzaam maar zeker de collega deelnemers inhaal valt mij op hoeveel niet witte zeilen er gehesen zijn. Daar steek ik met mijn witte zeilen wel wat eenvoudig bij af. Gelukkig kan ik op het rak van Hoorn naar Lelystad de gennaker zetten en die is knalgroen en loopt ChillOut! geweldig. Anderen lopen uit het roer of verliezen schoten. Behoorlijke ravage om ons heen. Hier bewijst het J/Concept zich weer en zeilen we zonder problemen naar de OVD 3 bij Lelystad en zo nu en dan raakt mijn fijne scheepje in planné.
Daarom zet ik bij de Singlehanded vol trots na de start mijn groene gennaker voor het eerste rak naar Urk. Echter na een paar minuten waarschuwt een collega deelnemer mij dat er een scheur in zit. Ik dacht dat het de reparatie

van de Flevo Race betrof, maar na goed kijken blijkt er helaas een nieuwe scheur in te zitten. Zeil naar beneden en de scheur van 50 cm aan dek repareren met duck tape. Wat is dat toch geweldig spul. En het is blijven zitten tot het einde!

Zelf ben ik wel een fanatieke wedstrijdzeiler. Ik heb daar natuurlijk ook een boot voor en dus probeer ik altijd zo snel mogelijk te varen. Dat geldt voor alle deelnemers aan de 200 myls ‘SOLO’.
Bij de Singlehanded is dat anders. Na een schutting wordt rustig een zeil gehesen en dobbert men de haven uit. De Blauwe Slenk richting Terschelling was dit jaar een echt kruisrak met een windje 4 tot 5. Ik was als bijna laatste weggegaan uit Vlieland waar ongeveer 75% van de vloot overnachtte en kon in de Blauwe Slenk mijn hart ophalen want kruisen wil de ChillOut! wel. Met de nieuwe afstandsbediening voor de stuurautomaat gaat dat geweldig goed. Binnen 3 mijl bijna de gehele vloot ingehaald. Ook hier komt het toeren weer naar boven: een aantal deelnemers rolt de fok weg en gaat “relaxed” kruisen tegen wind en 2 tot 3 knoop stroom. Dat duurt dan wel even langer en je moet niet 2 maal vastlopen…
Voor de start van de 200 myls ‘SOLO’ doet iedereen geheimzinnig over de te zeilen route. Sommigen hebben na de OVD 3 bij Lelystad nog contact via de mobiel met hun route planner thuis en besluiten dan de weg naar de roem. Bij de Singlehanded is er veel overleg over bijvoorbeeld de juiste vertrek momenten op het Wad tijdens de tocht. Sommige deelnemers varen ook echt gezamenlijk op. Maar als ik 2 keer vastloop op de harde drempels in de haven word ik een beetje uitgelachen als ik bezorgd kijk. Andermans leed is dus helaas toch leedvermaak voor deze “zogenaamde” collega’s.

De routes
Beide tochten geven keuze mogelijkheden in de te varen route. De 200 myls ‘SOLO’ kent 4 banen waarbij gebruikt wordt gemaakt van bestaande boeien. Bij de Singlehanded krijgen

Blad 3

de deelnemers bij de start een envelop mee waarin de plaatsen staan vermeld waar een stempel gehaald dient te worden.

 

De 200 myls ‘SOLO’ heeft als start en finishplaats Muiden. Een gezellige plek waar het goed toeven is voor en na de strijd. Briefing is bij Ome Ko en met koffie en appelgebak een gezellige happening. De start is tussen 7.00 en 10.00 uur door de M1 te passeren. Het maken van de keuze uit de 4 vaste routes hoeft pas rond het middag uur als men bij de OVD 3 bij Lelystad aankomt: de keuze is dan of schutten naar het IJsselmeer of doorzeilen naar Amsterdam en via de Noordzee terug. Na het schutten en het passeren van EZ29 moet de keuze voor route 2, 3 of 4 gemaakt worden.
De Singlehanded startte vroeger vanuit Workum bij de vuurtoren van Reid. Sinds een aantal jaren is het verlaten Lelystad het begin en eindpunt. 2 uur voor de start worden de schippers gebrieft met een stevige kop erwtensoep. Pas op: eet niet te veel want het ligt als beton op de maag! De start is een soort “Le Mans start”: de schepen varen achterelkaar langs de steiger om de envelop met opdrachten en stempelkaart te ontvangen. De gehele tocht blijven alle opties open wat betreft de te varen route, een blijvende uitdaging.

Tijdens de 200 myls ‘SOLO’ had ik dit jaar het vaste plan om route 1 te gaan zeilen om zoveel mogelijk stroomvoordeel te hebben. Echter de dag voor de start wordt voor dag 2 van de tocht, als de Noordzee bedwongen moet worden, geen wind voorspeld. Dus op dag1 bij Lelystad toch maar besloten om op het IJsselmeer te blijven. Ben ik een uur bezig tegen de wind in hoor ik de weersverwachting voor morgen op de marifoon: en jawel hoor morgen ZO 4 tot 5 in het Noordelijk Kustgebied. Als dit bewaarheid wordt ben ik nu al kansloos voor een goede klassering. Verkeerd gegokt! Maar we gaan vrolijk door want het zeilen is prachtig en meedoen is toch belangrijker dan winnen…

Na de start van de Singlehanded besluit ik evenals vele collega’s eerst naar Urk te gaan. We doen de elfsteden tocht. Daarna gaat bijna iedereen plat voor het laken naar Lemmer. Dat is met de ChillOut! niet zo fijn want ik beschik alleen maar over gennakers. Dus dat moet op de terugweg maar. Staveren is een perfecte koers voor ons met gennaker en we houden een 37 voet trimaran goed bij. Van Staveren in het donker lekker naar Den Oever. Als ik daar lig kijk ik nogmaals op de stempel lijst en zie dat daar ook Medemblik op staat. Oeps. Dan moet ik dus op de terugreis van de eilanden nog even naar Medemblik en Lemmer. Dat is een flink eind om.

De wedstrijd/tocht
Beide wedstrijden kennen strikte regels m.b.t. rusten en motorgebruik.

Tijdens de 200 myls ‘SOLO’ krijgt iedere deelnemer een variabele rusttijd van minimaal 27 uur mee. Deze rusttijd is opgebouwd uit rusten/ankeren in een haven van de gekozen route, de tijd van merkteken t/m haven/sluis voor en na de rust/sluisperiode. Een rustperiode wordt pas als rusttijd aangemerkt, als deze minimaal 6 uur duurt. Minimaal zijn 3

rustperiodes verplicht. 1 rustperiode dient een ankerperiode te zijn. Een rustperiode mag maximaal 24 uur duren.Het motorgebruik is qua tijd ongelimiteerd, echter niet in de te zeilen baan. De motor mag gestart worden na het passeren van een boei en de schipper rust neemt

Voor de Singlehanded gelden veel strengere regels, vooral m.b.t. het motorgebruik. Het moment van aanleggen tot het moment van afvaren in sluizen en havens en het vastliggen achter het anker is rusttijd. Per etmaal dient het schip tenminste 8 uren aaneengesloten in een haven afgemeerd te liggen.Het motorgebruik is vrijwel geheel aan banden gelegd: max. 5 minuten met als doelstelling helemaal niet. Meer dan 60 minuten motoren betekent niet reglementair gevaren. Het motorgebruik is ook een belangrijke factor voor de einduitslag. Het bepaald 33% van je resultaat: 5 punten als de motor niet is gebruikt en 1 punt minder voor elke minuut motorgebruik.In de praktijk betekent dit zeilend de haven in en uit met alle toestanden van dien. Ook zeilen op plekken waar dat niet mag. Het is een beetje een achterhaalde regel die vooral ingegeven wordt door nostalgie en geen rekening houdt met de veranderingen op het water in 30 jaar tijd.

Tijdens de Singlehanded probeer ik kruisend in het Krabbersgat door een dikke mist de haven van Enkhuizen te halen voor weer een broodnodig stempeltje. Daar mag alleen stuurboord wal gehouden worden en ik krijg ook direct de verwensing van een bruine vloot schipper naar mijn hoofd gesmeten, dat hier niet gezeild mag worden, als ik in zijn buurt overstag ga. We varen hier met zijn vijven richting de sluis en mij bekruipt toch de vraag waarom dit nu nodig is.
Eigenlijk zijn we in overtreding en of dat in de geest is van Reid betwijfel ik. Verder is het manoeuvreren in een haven zonder motor best te doen bij weinig wind. Ik heb wel

Blad 4

steeds de motor standby. Maar soms gaat toch behoorlijk mis, zoals in Vlieland. Mijn buurman gaat eerder weg uit zijn box en ligt met de boeg in de wind. Hij hijst eerst zijn grootzeil en gooit daarna het schip los. Ik lig nog te slapen en hoor een ferme dreun tegen de ChillOut! Ik spring uit mijn bed en zie nog net dat hij met zijn anker op de boeg langs mijn bakboord achterpreekstoel schraapt, blijft hangen en toch weer losschiet voordat ik wat kan doen. De schipper durft mij vervolgens niet aan te kijken en roept alleen dat het niet helemaal goed ging. Helaas geen excuses, zal wel de spanning zijn.
Als ik de schade opneem constateer ik dat ik mijn 2e kras op de boot heb en weer niet door eigen toedoen. Foute regel dat zeilen in de haven!

De verplichte rustperiodes tijdens de 200 myls ‘SOLO’ zijn bij uitstek geschikt om de juiste wind af te wachten. Zowel in 2003 als dit jaar heb ik de eerste nacht gerust in Urk. Beide keren wordt ik na een heerlijke nachtrust wakker en getrakteerd op geen wind. In 2003 gelijk maar mijn ankerrust genomen van 6 uur en lekker in de zon liggen lezen. Alleen om 20.00 uur moet ik weer varen (max. 24 uur rust). Het wordt spannend, maar een half uur voordat ik weg moet begint het heel voorzichtig te waaien. Ik vertrek met de gennaker op en wordt het een prachtige nacht zeilen. Ook in 2004 precies dezelfde situatie. Alleen is de verwachting dat er ’s nachts helemaal geen wind is. Dus niet gewacht en na de middag van wal gestoken. Na veel dobberen en afkruisen met de gennaker kom ik tegen het donker aan bij Breezanddijk. En het begint te waaien! Lang leve het weerbericht. Dus vaar ik door naar Enkhuizen via Lemmer. Veel tegenwind en regen maar toch voldaan als ik in Enkhuizen aankom. Alleen wel met het gevoel dat ik beter had kunnen wachten zoals vorig jaar.

Aantonen gezeilde route
Beide wedstrijden zijn volgens mij de enige in Nederland waar je een bewijs moet overleggen dat je de route hebt gevaren. Beide doen dat op geheel eigen wijze en passend bij ieders imago: high-tech versus de traditie.

Tijdens de briefing van de 200 myls krijgt elke deelnemer een KODAK wegwerp camera. Hiermee moeten alle boeien worden vastgelegd. Dit jaar was de camera vervangen door de MySafety, een GPS/GSM unit. Bij het passeren van een boei kon op de knop gedrukt worden en werden de gegevens automatisch doorgegeven aan het wedstrijdsecretariaat die deze gegevens vervolgens direct op internet kon zetten (in theorie). De praktijk leerde dat zij daar heel veel werk aan bleken te hebben, maar dat zal in 2005 allemaal goed komen….
Elke schipper krijgt tijdens de “Le Mans start” van de Singlehanded een stempelkaart uitgereikt van organisator Henri Steneker persoonlijk, met daarop alle havens die aangelopen moeten worden.
De schipper dient een stempel te halen ter verificatie bij bijv. de havenmeester, de bakker, de fietsverhuur of zo maar iemand….

Tijdens de laatste 200 myls ‘SOLO’ werd ik de eerste rakken

echt enthousiast over de MySafety. Bij een boei even op de knop drukken en je kunt verder. Met de camera is dat wat lastiger. Je moet naar de boei varen, de zeilen vieren en binnen 4 meter een kiekje maken. Overdag gaat dat nog wel maar in het donker is het een regelrecht drama. Als je door de zoeker kijkt zie je niks en dus ook niet waar je naar toe gaat. Bij een verlichte boei is het contrast tussen het aan en uit zo groot dat je moet gokken. En soms weigert de flitser en kun je terugvaren. Dat er in het verleden niet meer boten tegen boeien zijn aangevaren is voor mij een raadsel, of zou dat tussen schipper en boei blijven…. Dus zeker in het donker lijkt de MySafety een uitkomst. Het ding hangt om je nek en drukken en klaar. Alleen dan moet ie het wel doen. De mijne werkte helaas na 2 boeien niet meer. Gelukkig had de organisatie ook nog een camera ter beschikking gesteld. Dus die maar weer in ere hersteld.

De finish
Over zwaarte van de beide tochten verschillen de meningen nogal. Een goede maatstaf in dit kader kan het aantal deelnemers zijn dat de tocht reglementair heeft uitgevaren.

200 myls ‘SOLO’ Singlehanded
In 2004: 66% In 2004: het merendeel (nog niet officieel bekend)
In 2003: 43% In 2003: 40%
In 2002: 63% In 2002: 11%

De 200 myls ‘SOLO’ heeft meer finishers. Komt dat doordat deze tocht minder zwaar is of door het fanatisme van de “echte” wedstrijdzeiler?

Beide tochten finishen in dezelfde plaats als is gestart. Als je als solo schipper na vele omzwervingen het karwei geklaard hebt verwacht je wel een ontvangst: dat heb je wel verdiend…

Blad 5

In de Stichting Haven Muiden ligt de familie Capel met hun comfortabele vlet Capella. Daar wordt je ontvangen met koffie en koek of een andere versterking (afhankelijk van het tijdstip) en lever je logboek en fotocamera in. Er zijn altijd wel andere deelnemers die je ontvangen en het is een erg enthousiaste bende.
In de Houtribhaven is geen ontvangstcomité aanwezig. Kale boel en een beetje een domper na al dat gezeil.

Op dinsdagavond om 22.00 leg ik aan in de Houtribhaven. De Singlehanded zit er op. Blij, voldaan en toch ook wel een beetje vermoeid meer ik af. Ik tel slechts een 4 tal andere deelnemers zonder dat er nog een teken van leven is. Het restaurant is wel open. Dus ik ga daar naar toe voor het stempeltje, een echt tapbiertje en het ontmoeten van de andere gefinishte collega’s. Echter tot mijn grote spijt is er niemand behalve de barkeeper. Van hem krijg ik mijn stempel, maar de tap is dicht en zo eindig ik met een flesje bier op de boot. Dat is in Muiden toch wel anders! Na het douchen lekker babbelen met andere deelnemers en gewoon met 15 man eten en drinken bij Graaf Floris.

De uitslag
In beide gevallen komt er een ingenieus puntensysteem aan te pas om de winnaar te bepalen, die de wisselprijs voor een jaar mee naar huis mag nemen.

De uitslag van de 200 myls ‘SOLO’ is gebasseerd op de gegevens in ’t logboek en onderstaande puntenberekening: · (((Inschrijversx5)+5)-(handicap-plaatsx5))· + 200 – gezeilde baanmijlen volgens vermelding logboek· – 012 p/u minder dan in totaal 27 uur rusttijd· – 003 per andere haven/merkteken/géén foto-opname/niet gemeld· – ??? niet ankeren/ ontbrekende tijd/gegevens logboek, etc.
Bij de Singlehanded vindt waardering plaats door punten toe te kennen aan de volgende elementen:· Motortijd: 5 min 1 voor elke 3 minuten motortijd· Kortste vaartijd: 2· Best geschatte zeiltijd: 2· Meest volledige logboek: 3· Beste reisjournaal: 3De beste schipper wordt aangewezen door een commissie bestaande uit een lid van de organisatie, een deelnemer en een derde aan te wijzen persoon en heeft waarschijnlijk de meeste punten verzameld

Conclusie
Beide tochten zijn de moeite waard om mee te doen. Zowel op sportief als sociaal vlak. Als je wel eens short-handed zeilt hoort het reglementair uitzeilen van beide tochten op je CV te staan. De 200 myls ‘SOLO’ is veruit het populairst. Het is toch verassend dat deze wedstrijd zwaar overtekend zou worden bij vrije inschrijving, terwijl de Singlehanded op het vertrouwde niveau blijft van 30 tot 35 deelnemers.
Je zou verwachten dat de vaak zeer teleurgestelde schippers die niet toegelaten zijn tot de 200 myls ‘SOLO’ de kans, om 2 weken later de Singlehanded te kunnen varen, met beide handen aangrijpen. Wellicht toch een imago en/of bekendheid probleem. Het is in beide gevallen een goede opstap naar het echte short-handed zeilen in

Nederland en internationaal: denk daarbij aan de Driehoek Noordzee, de Round Britain & Ireland, de AZAB en natuurlijk de STAR.
In Nederland is geen organisatie bekend die het short-handed zeilen promoot of begeleidt. Daar lijkt het wel tijd voor te worden. Short-handed zeilen krijgt nationaal en internationaal steeds meer aandacht.

Het aantal wedstrijden neemt toe en het Nederlandse aandeel groeit internationaal sterk: op dit moment zijn er reeds 5 Nederlanders ingeschreven voor de STAR 2005, waarvan het merendeel ooit is begonnen in de Singlehanded en/of de 200 myls ‘SOLO’.
Dat Henk Bezemer maar ongelijk mag gaan krijgen!

Henk Bulthuis
S/Y ChillOut!

 

 

Solozeilen met een feestjurk door Anje Valk

Een zeiler,  een boot,  vier routes,  vijf zeildagen,  27 uur rust en 200 mijl. Ziedaar de basis van de 200 myls ‘SOLO’, de jaarlijkse uitdaging voor schip en schipper. Anje Valk zeilde mee met haar Vancouver 27 Warber en doet verslag vanuit de kuip.   Na een flinke worstelpartij – zoveel routine heb ik nog niet met dat ding,  maar na deze wedstrijd zal dat een stuk beter zijn stáát het kreng einde- lijk, en het zweet óók (op mijn rug). Tjonge, wat mooi,  wat loopt dat lekker,  Warber  bruist  met een gretige snor door het water.
  FOTO’S EN TEKST ANJE VALK

H et is dinsdagavond,  28 september.   De Stichtingshaven in Muiden zoemt van ac- tiviteit. Het ligt er tjokvol met 71 jachten

met allemaal een 1-wimpeltje in hun hekstag: de deelnemers aan de negende 200-mijls solo, die morgenochtend van start gaat.
Het veld is heel gevarieerd, van klein (21 voet) tot groot (44 voet), gewone toerschepen en vol- bloed racers, gelegenheidssolisten en oceaanve- teranen, mannen en…vrouwen. Jawel! Er star- ten vier solovrouwen, ten opzichte van de twee vorige jaren een toename van 400 procent.

Een goed ontbijt is het halve werk.Het is 6 uur, woensdagochtend, winderig, donker, koud. Koortsachtige onrust in de haven. Navigatielich- ten flitsen aan, boten jagen elkaar de haven uit, last in first out, de meesten willen zo gauw moge lijk starten. Slaapdronken ontvlucht ik de drukte en leg nog even aan bij de meldsteiger van de Koninklijke. Een goed ontbijt is het halve werk, het houd je zwaartepunt laag, en geeft tijd voor strategie: welke baan? Alles pleit voor baan 1, het “rondje Noord Holland”: het is springtij, en het wordt morgen zuidoosten wind, op het IJssel meer zwak, maar op zee in de middag matig tot krachtig. Vanaf circa 1330 gaat bij IJmuiden de vloedstroom lopen.
De morgen is verbleekt van donker naar zacht- blauw als ik vertrek, om als één van de laatsten om 0858 uur de M1 te passeren: gestart!
Er staat een NW 5-6. Onder de hoge wal vliegen we naar het Paard, daarna naar het merkteken bij

Volendam, en dan wordt het een paar uur hak- ken naar de NEK bij Hoorn.Feestjurk    Om 1435 klok ik de NEK, en vanaf daar moet ik  eerst naar Lelystad  en  dan naar Durgerdam.  Tijd voor de gennaker!  Die heb ik sinds vorig jaar.   Hij lag  bij de zeilmaker op de plank en ik kon hem met flinke korting kopen. Hij is wel wat  groot  voor mijn bootje,  maar geen nood:  om hem toch  goed passend  te kunnen voeren tuig ik mijn spiboom op als boegspriet.
  Bij Lelystad gaat de feestjurk weer uit, en naar Durgerdam is het wederom áán de inmiddels tot een viertje afgenomen wind, die later in de sche mering krimpend ineen zal zakken tot een weste lijk tweetje.
In de stille avond vaar ik naar de verlichte sky line van de Randstad en luister naar de geluiden om me heen – ritmisch motorstampen van een passerende binnenvaarder, gegakgak van over vliegende ganzen, eendengesnater ver weg – tegen het eeuwig achtergrondgeraas van de Grote Stad: een vreemde mengeling van natuur en techniek.
Hier is de stilte voor altijd vermoord.
Ik ga naast het geultje naar Durgerdam ten anker.Het onderste uit de kan    Geen haast in de ochtend, en op mijn akkertje vaar ik door het Noordzeekanaal naar IJmuiden. Er staat geen klap wind. Ik denk aan de ongelukkigen die baan 3 of 4 hebben gekozen: op het IJsselmeer heb je nu niet veel te zoeken. Ik ben benieuwd of er meer boten net als ik baan 1 doen. En ja hoor, als ik rond half twee langs Seaport Marina vaar, komt de één na de andere solist naar buiten – zeker twintig boten, waaronder rasracers als Paul Peggs, Bart Boosman en Jacqueline van Amstel. Ik bevind me dus in goed gezelschap. Met haar feestjurk in de aanslag hobbelt Warber gretig met de snelle jongens mee het zeegat uit en even later maken we deel uit van een kudde kleurige spinnakers die zich langs de Blanke Toppen der Duinen noordwaarts spoedt. De zuidoostenwind haalt nu lekker door. Diverse boten wisselen hun spinnaker voor een
kleinere. Warber heeft er echter maar één, en die trekt zo hard dat het de oude Hasler windvaan soms te machtig wordt. Na twee keer uit het roer te zijn gelopen stuur ik zelf maar, uren lang, het hele klere-eind tot Den Helder. Maar móói! Bijna voortdurend surfen we op romp- snelheid ( 6 à 7 knopen ) over de Vriend’lijk Bruisende Noordzee. Voor een toerzeiler zoals ik is het heel gezond om eens aan zo’n wedstrijd mee te doen. Zo haal je ook eens het onderste uit de kan, terwijl ik met dit weer normaliter niet meer spinnaker omdat ik het zonder ook wel hard genoeg vind gaan.Schoonheid van het Wad bij Nacht   
Het is volle maan (zeggen ze, want ik zie geen hand voor ogen). Ver vooruit zie ik de toplichtjes van een paar mede-solisten, en vlak achter me ook één of twee. Half verblind door massieve regen tuur ik ingespannen de duisternis in, op uitkijk naar een blinde ton die hier ergens moet liggen. De nijdige steile golven – gevolg van de sterke vloedstroom tegen een krachtige zuidoos- ter – geven Warber er flink van langs. We kruisen in de Texelstroom op weg naar de BO 9 bij Korn-werderzand, het negende merkteken. Zelden heb ik zo verlangd naar die sluis, belofte van een stille steiger, pak en laarzen uit, droge kleren, hete soep, warme slaapzak. Lijden is lekker als het ophoudt….
Tegen achten – rond halftij – ben ik het merkte-ken bij Oudeschild (de T12) gepasseerd, en ik had daar kunnen gaan rusten. Maar het stuitte me te-gen de borst om zo’n mooie springvloed mee naar Kornwerderzand te laten schieten. Ik kan vanaf de T12 pal oost varen en – met een oplettend oog op de dieptemeter – mooie lange klappen maken. Mijn enige zorg zijn de onverlichte boeien waar-van er hier een heel aantal liggen. Ze zouden die van zacht plastic moeten maken. Grinnikend mijmer ik verder op die gedachte: … het zouden grote badeenden kunnen zijn, vrolijk rood of groen gekleurd, hier en daar een gele, met van die guitige oogjes erop. Shit, daar flitst zo’n rakker vlak langs me heen, ik schrik me lam – had er ook bovenop kunnen knallen!
Even na 0100 uur liggen we met twee andere druipnatte solisten in de nachtelijke Lorentzsluis. Ook de hemelsluis staat open: het stroomt van de regen. De sluiswachter roept bemoedigende woorden door de intercom, lief vind ik dat. Ik neem me voor hem even te antwoorden, maar murw als ik ben blijft het er helaas bij. De stille steiger, de droge handdoek, een borrel en dan….zzzzz.Kleine uurtjes   Er volgt alweer een lange dag. Voor een kleine boot als Warber betekent 200 mijl in maximaal 74 uur zeiltijd – inclusief kruisrakken is het gauw 300 mijl – dat je behoorlijk dóór moet varen. Snellere boten kunnen veel meer rusturen nemen, en toch nog op tijd vóór
zondag 1200 uur binnen zijn. Zo kunnen ze de krenten uit de windpap pikken, vooropgesteld natuurlijk dat je die weet te vinden. Veel boten zijn met een laptop on line of bellen met een meteo-fluisteraar aan de wal; ik doe het gewoon met het weerbericht en mijn gevoel.   Vandaag zeil ik van Kornwerd naar het nieuwe vogeleiland bij Medem- blik, dan spinnakerend via Hindelopen naar Bree- zanddijk, in de late avond met een afnemend zui- denwindje kruisend naar Stavoren en dan in de kleine uurtjes nog naar Den Oever. Om twee uur maak ik mijn bootje vast. Afgepeigerd maar tevre- den kruip ik in mijn mandje. Het grootste deel van de race heb ik er nu opzitten. Morgen ben ik rond borreltijd in Muiden! Met die mooie gedachte sus ik mezelf in zoete slaap.Onweer, windstoten    De volgende ochtend vaar ik om 0900 alweer. De wind is ZW-W 4 tot 5 gewor- den, en ik zie knarsetandend dat boten die gistera- vond op een christelijke tijd in Breezanddijk zijn gaan rusten nu het rak naar Stavoren bezeild heb- ben. Kijk, dat bedoel ik nou! Diep zuchtend stook ik mijn halfcardanische eierenbakmachine maar eens op.   Goed nieuws is dat de rest van de baan – Enkhuizen, Lelystad, de NEK en dan de finish bij Muiden – nu feestelijk bezeild ligt. Een belletje naar de sluis leert me bovendien dat het nog steeds zomerpeil is. Zo kan ik vanaf het merkteken bij Enkhuizen met mijn diepgang van 1.30 m. dwars over het Enkhuizerzand, laagvliegend over het vlakke water onder de dijk naar Lelystad denderen. Soms heeft een klein bootje ook voordelen!

Zelden heb ik zoverlangd naar drogekleren, hete soep,warme slaapzak …

Het weerbericht waarschuwt nu voor buien met onweer en zware windstoten. Inderdaad hangen er op het Markermeer dreigende buien, die meestal langs schampen maar ons af en toe flink te pakken hebben. En alles bezeild? Dat had je gedacht! Na een paar buien krimpt de wind naar zuid en blijft daar uiteindelijk hangen, zodat het van NEK naar Muiden toch nog kruisen wordt!
Tegen achten ben ik voorbij het Paard en wordt het langzaam donker. Aan de zuidwestelijke hemel hangen inktzwarte donderbuien dreigend te weer- lichten. Samen met mij kruist een ander solisten- lichtje naar het zuiden, wie zou dat zijn?
Finish!   Om 22:28 uur rond ik plechtig de IJM 17,

waarmee ik gefinisht ben. Dolgelukkig slaak ik een woeste vreugdekreet: yeehee!! Het is gelukt, het zit erop!Sleephulp    Ontspannen maak ik de boel klaar om te strijken en de motor te starten, als ik iemand hoor roepen en er een schijnwerper op me wordt gericht. Het solistenlichtje dat met mij opzeilde en vrijwel gelijktijdig met mij is gefinisht, blijkt Lady Blanche van Pamela van Vleuten. Ze roept dat ze de motor niet gestart krijgt, of ik haar naar de haven wil slepen. Túúrlijk wil ik dat. Pas als ik langszij vaar om een lijn aan te pakken zie ik dat haar preekstoel er droevig verkreukeld bij hangt. Ze heeft in het donker bij Marken een aanvaring gehad met een charterschip. Balen! Maar inplaats van op te geven heeft ze een noodvoorstag opgetuigd, en de wedstrijd uitgezeild! Wat een klassevrouw!
Gezusterlijk komen we de donkere haven in, die al vol ligt met eerder gefinishte boten. Hier en daar brandt nog een lichtje maar veel leven zit er niet meer in deze moegezeilde solistenvloot. Ik weet niet waar ik het meest naar snak, naar een borrel of naar mijn slaapzak. Omdat ik van het eerste niks meer aan boord heb wordt het de laatste optie.Na afloop    De hele nacht en de zondagochtend komen er nog boten binnen. Op de steiger en in de kuipen wordt het een levendig rendez-vous. Solozeilers zijn vaak heel gezellige mensen, dat blijkt maar weer bij een evenement als dit. Verhalen en ervaringen worden uitgewisseld. Paul Peggs, een Mini-Transatveteraan die speciaal uit Engeland is overgekomen om mee te zeilen, vond het “the finest race I have ever sailed”. “You are lucky, we don’t have any nice singlehanded events like this in England, apart from the very big ones. You have two!”, waarmee hij ook doelde op de Singlehanded van Lelystad, die twee weken later wordt verzeild
De winnaar van de race, Bart Boosman, is al jaren van de partij met zijn zelf ontworpen en gebouwde Boosman JB 30-voeter. Solozeiler in hart en nieren: afgelopen zomer zeilde hij singlehandend een rondje IJsland. Hij wil volgend jaar in de OSTAR starten. Nummer twee werd Bart van Breeschoten met een Waarschip 660 en nummer drie Bauke Yntema met een Winner 950.Alle vier vrouwelijke deelnemers hebben de race uitgezeild, waarvan de snelste Jacqueline van Amstel was met haar X-362 Xinia. (foto’s)
Warber is uiteindelijk 48ste van de 53 gefinishte boten geworden . We hebben precies 85,5 uur over de wedstrijd gedaan, waarvan we slechts 27.06 uur hebben gerust, de minste rusttijd van alle gefinishte boten. Warber ( Fries woord voor bedrijvig, ijverig) heeft daarmee haar naam eer aangedaan!

Gepubliceerd in ‘Zeilen’, december 2004

 

Sunk in the North Sea Menko & Victor Poen

My son Victor (13) and I set sail from Lowestoft on the afternoon of 29 June heading for Ramsgate, on our way to the Scilly Isles, where the rest of the family planned to join us for a holiday. Our yacht, Laughing Gull III, is a 32ft GRP fin-keeled boat, built in 1981 in Amsterdam.

The weather was a squally SW Force 6 to 7, veering and easing to westerly Force 5. Keeping clear of sandbanks in the Thames Estuary, I plotted our position on the chart regularly and although it was wet and windy and hard work in the squalls, it was also exhilarating sailing.
We were 25 miles north-east of Ramsgate and I was on watch, while Victor rested in his bunk below, when at around at 0130BST, I heard a bumping sound and the boat’s speed dropped.
She was also pushed to port. Although this seemed consistent with the conditions, I felt something was wrong.I turned my head and listened, waiting for the sound to come again. But it didn’t. I leaned through the companionway and asked Victor if he had noticed anything. He told me he’d heard a sound like a loud knock on a door. He’d also noticed we were pushed to port. Still not sure what had happened, I checked the bilges and saw to my horror they were full of water. I couldn’t see any damage and the keel bolts seemed fine. Soon the water level was above the floor and, despite bailing with a bucket, continued to rise, pouring into my boots.
I checked the seacocks. If something was wrong with them, I could stop the flow with a wooden plug. But they were OK.
This meant there must be damage to the hull itself. I continued bailing and considered pulling a sail around the outside of the hull to try and stem the flood. But with a fin keel, it was unlikely I’d get the sail close enough to the hull to have any effect. I thought of breaking off the cupboards and interior fittings to inspect the hull for damage, but the water was pouring in so fast, there wasn’t time.

By now, water was up to my knees and rising. I told Victor we had to abandon the yacht. I stressed there was nothing to be afraid of and discussed what had to be done: sending out a Mayday, firing flares (if appropriate) and preparing the liferaft.
I didn’t want to go on deck to lower the sails in case this caused the boat to capsize. I trimmed the sails so the movements were steady. I sent Victor into the cockpit to help stabilise the yacht and started to send the first Mayday on VHF Channel 16. I had an instruction booklet handy to remind me of the procedure. I also had the ship’s name written out in the phonetic alphabet.
I transmitted five to 10 Maydays, but with no response. By now, I realised, the batteries were completely underwater. As I was transmitting the last Mayday, the water was up to my chest as I sat at the chart table,

LEFT: Sørlandetscrew offered hot drinks and dry clothes after the Poen’s ordeal, but most of all kindness and understanding !

At 0210 BST we cut the liferaft loose from Laughing Gull III – an emotional moment as it meant a final goodbye to my yacht.

ebb. Taking into account the tide and our approximate position, I realised we were slowly drifting towards the Traffic Separation Scheme (TSS). I looked back at Laughing Gull III and could still see her masthead light. Just before sunrise the light suddenly disappeared, meaning that she had
sunk, or the batteries had gone dead.
In the liferaft it was cold, with a water temperature of only 9°C. Keeping up our morale was my number-one priority. I was completely soaked and my muscles were aching. I was also very tired, but I was still and the switchboard was half underwater. Before I left the cabin, I wrote on a piece of paper that the crew had abandoned the sinking yacht and were all OK – in case Laughing Gull III was found afloat.
I carried the liferaft from the front cabin, wading through the water in the saloon, into the cockpit. On the horizon, I spotted two ships. I fired two parachute flares and lit one red hand-flare. Although I estimated the ships were only a few miles away, they didn’t respond.
Not all our hand and parachute flares worked, although they were almost brand new.
We deployed the liferaft, after carefully studying the instructions. We tied it to the stern and dropped it overboard, yanking the rope to activate automatic inflation when it was about 10m away. We pulled the raft against the stern and I told Victor to jump – but safely!

A horrifying moment it was! Then I followed Victor, remembering the phrase: ‘Only use your liferaft when the step into it is a step upwards!’ I can assure readers that we were just in time!

The only things we took with us were two torches, a knife, my passport and credit cards.
Everything else we left behind.
At 0210 BST we cut the liferaft loose from Laughing Gull III – an emotional moment as it meant a final goodbye to my yacht. Until then, I was still hoping for rescue by a lifeboat or any other vessel with an electrical pump. The weather was fair: it was dry, the wind was westerly Force 5, with good visibility and a moon shining through the clouds. I remember thinking it was beautiful sailing weather.
It was almost High Water and the tide was soon going to turn with the north-going

 

Verslag Leon Bart

Verslag Leon Bart (2004)

Leon Bart met z’n trimaran Houd van Hout moet z’n zeemijlen maken om mee te doen aan de Star 2005.
Evenals Bart Boosman en Bertus Buys heeft Leon Bart zich daarvoor al gekwalificeerd.
Koste wat kost wilde Leon de 200 myls mee verzeilen, al was het maar buiten mededinging. Onderstaand verslag werd geschreven vlak na de race.
De daaronderstaande e-mail werd verzonden aan de Petit Bateau group

Na de start liep ik lekker en passeerde op weg naar het Paard vele makkers. Na de Nek lag ik na een kort kruisrak nog steeds in tweede positie (1, ik dacht Jacqueline van Amstel en 3 Dick Geurts)In de frisse bries was ik niet van plan te gaan spinakeren, maar toen 1 en 3 dit wel deden, kon ik niet achterblijven.
Tot halverwege de OVD 4 ging het redelijk, maar toen hield mijn stuurautomaat het niet meer en liep met 15 knopen uit het roer! De spi klapte in en schoot aan de haal. Voor dat ik het wist voer ik over de spi heen. Gelukkig bleef hij nergens aan haken. Ik zag nog een rood puntje boven het water uit steken. Ik lag letterlijk achter een parachute ten anker.
Het kostte me minstens een uur om het zaakje te klaren. Zie foto van de Gordiaanse knoop. Later in het Noordzeekanaal was ik pas in staat alles weer voorelkaar te maken.

Bij vertrek uit IJmuiden ging de stroom om 03:00 uur meelopen. Dus :”Go with the fow”. De slimmerikken keerden echter weer terug toen er geen wind bleek te staan.

Als enige zette ik door en haalde precies op kenteren van het tij Den Helder, anders had ik ergens moeten ankeren en was de trip naar de KMJC (waar ik wilde rusten) wel erg lang geworden.
Van Den Helder zeilde ik via Oude Schild naar Kornwerd, waarbij ik van de T 12 naar BO 8 geen slag behoefde te maken en over de banken zeilde en het volle profijt had van weinig diepgang.

Als ik volgend jaar terug ben van de Star 2005 doe ik weer buiten mededinging mee !

De GPS/GSM-unit deed het prima.
Bij het passeren van Lelystad ben ik in mijn box gaan liggen (thuishaven) voor een rustperiode.
De GPS/GSM-unit deed het prima. De volgende morgen ontmoette ik de havenmeester, die me vroeg :”Heb je opgegeven ?”. Waarop ik verbaasd reageerde: “Hoe weet jij, dat ik aan de 200 myls meedoe ?”.
De GPS/GSM-unit deed het prima. Antw.: “Via internet” Vraag :”Sta ik er dan op ?” Antw.:”Ja, en je ligt in je box, ook dat kon ik zien”.
Ik ben even naar zijn kantoortje gelopen om dat wonder zelf te aanschouwen.

Na mijn ankerperiode bij Makkum was ik het zo zat (stampen en slingeren, Bart Boosman had me nog gewaarschuwd) dat ik na 6:00 uur rust maar weer ben gaan zeilen.
Het woei flink en de WP 12 was goed te bezeilen. Wel ontmoette ik een palingvisser, die tijdens het oplopen plotsklaps SB uitkwam, waardoor ik met een klapgijp een aanvaring nog kon voorkomen. Door zijn vele werklichten neem ik aan, dat ze mij nog niet eens hebben gezien.

Het aanlopen van de ‘blinde’ WP 12, was dankzij een perfecte positie in de GPS toch vrij eenvoudig. Op het moment, dat deze piepte, had ik de WP 12 ook recht vooruit op ongeveer twee meter.

Mooiste stuk ? Van de Nek naar het Paard, waarop ik regelmatig 15 mijl klokte
(zie foto hiernaast als bewijs !)

Leon Bart
a/b Houd van Hout

E-mail Leon Bart (2004)

Hi all and Bart in particular,

Bart congratulations!
Bart sailed a great race indeed, he managed to sail when there was enough wind to let the Franschman (his remarkeble self designed and build live-aboard open 30) fly. During the 200 miles we had all kinds of weather from zero to Bf. 6, rain and sun. In this race it is the trick to sail when there is wind and take your rest during calms. I sailed (indeed without competition, multis where excluded although the locks are wide enough Jerry) the same course as Bart and many others like Paul and Dick, but no one could manage to sail out Bart with his handicap (as you understand I had none). Sometimes also now the PB virus strucked me when I left IJmuiden without wind at all, while Bart took another 10 (!) hours rest.
Nevertheless it was a very good experience. Paul (Peggs) is really a brave man to sail the Waddenzee during a drizzleling black night with a strong current/wind and plenty blind bouys around, waters where all the other dutchies where familiar with. He is not stranded but flew to Greece the same day he finished his 200 miles. (He justed phoned me, had a sunny sky and 28 degr. C., lucky guy).

Cheers,

Leon
Houd van Hout

 

De negende 200 myls ‘SOLO’ door Nico Benink


Muiden 29-09-2004 – Het palaver is weer geweest, en zoals altijd is dat een gezellig, en lekker rommelig gebeuren waarin een enorme hoeveelheid info zit.

Wat ik nu met die “My Safety” moet dat is mij nog niet duidelijk, want my safety zit vooral in mijzelf, en als ik er niet meer uitkom dan doen we wel een roepie op kanaal 16 (wedden dat het ook goed komt zonder “imei nummer”).

Oké, ik ben altijd een beetje sceptisch wanneer het gaat om nieuwe gadgets, en de gedachte erachter “trackability” (volgbaarheid) is natuurlijk goed in het kader van de wedstrijd.

De routekeuze is een groot dilemma dit jaar, en met de voorspelde 2 dagen wind vaar je natuurlijk geen 200 mijl. Vooralsnog lijkt route 1 een aantrekkelijke trip, want voor de kuststreek wordt wat meer wind voorspeld dan in de rest van het land, en je kunt de woensdag ten volle benutten door tegen de tijd (ingeschat) dat de wind wegvalt in A`dam te zijn.
Nouja, onder het motto; hoe moeilijker de opgave hoe groter de uitdaging, gaan we er weer helemaal voor!

Seaport marina 30-09-2004

Vijf voor half 8 langs de M1 met een stevige WNW wind 4 bft, voor “Het paard van Marken” komt er uit de buien nog een Beaufortje bij. Voor het mooie heb ik net te laat gereefd, en er moeten twee slagen gemaakt worden om bij de GZ2 te komen (09.37). Met bezaan, 2 x gereefd grootzeil (dan loopt ze wat hoger aan de wind), en de genua, verder aan de wind naar de NEK boei. Bij het in de kajuit stappen om wat te controleren (of wat te snaaien) ruikt het anders; normaal hangt er een lichte petroleum lucht, maar dit was duidelijk : rode wijn azijn! In een van de foerage kastjes was het flesje omgevallen, (dat doen ze anders nooit) waarbij het dopje (van inferieure makelij) losgeschoten moet zijn. Het mag duidelijk zijn dat dit soort producten niet het “200 myls proof” keurmerk kunnen krijgen!
Om de NEK heen om 12.10, en op weg naar de OVD 3 Murphy tegengekomen. Echt alles wat maar fout kan gaan………..

14.25; Murphy op de OVD 3 boei achtergelaten, en zeldzaam lekker gezeild naar de P 15 waar ik om 17.34 aankwam. Rustig aan doortokkelen op het motortje en voor de Schellingwoude brug gaat het licht bij aankomst meteen op groen/rood. Een trosje 200 mylers dat aan de remming lag maakt zich los, en gezamenlijk passeren we brug en Oranje sluis. Noordzee kanaal over (was ik nog nooit geweest, maar heel leuk met al die lampjes) en om 22.30 in de marina van Ijmuiden waar nog een stel 200 mylers liggen. Indra, De Franschman,Connector,Lady Blanche, Cras fuctum est,Aurum, onder andere.
Terugkijkend was het een leerzame dag, zo moet je niet de neerhaler van de spi boom uit zijn klemmetje trappen, want daar krijg je niet alleen schade, maar ook een heleboel werk van!

Oude Schild 01-10-2004

Vanmorgen de spinakerboom “gerepareerd” met behulp va Gio z`n telefoon en een harp met snapsluiting.
Wachten op het tij duurt altijd lang, en iets over enen hield ik het niet meer uit, voor het eerst alleen en op eigen kiel de Noordzee op, en dat is toch anders dan meereizen als opstapper naar noordelijke wateren, of raggen met de “man over boord rescue boot”. De reparatie aan de spi boom werkt goed, en na de “baloeran” om tien voor 2 gepasseerd te hebben, het hele rak gespinakerd. We hadden ongeveer 5 uur en een kwartier nodig om van de Baloeran naar de MH 4 te komen, op 33 mijl is dat ongeveer 6 knoop en een beetje (niet gek voor de oude dame).
De wind begon eenmaal op het wad nog wat meer aan te trekken, en dat is mooi zolang je lange bezeilde rakken vaart, op het gedeelte richting afsluitdijk staat nu wind tegen stroom en moet je kruisen. Dit in combinatie met “blinde” tonnen doet mij besluiten om in Oude Schild te blijven voor dit tij, en over 6-7 uur weer verder. Lekker even warm eten, en douchen natuurlijk (ik had nog zo`n SEP key overgehouden van de zomer, dus havenmeester; de ligplaats is niet betaald voor die paar uur, maar met het warme water zit het wel goed!)

De windverwachting voor morgen is: Wadden; 3-4 bft. Zuidzuidoost, en later ook op het IJsselmeer wat meer wind , en dat tot zaterdag nacht aan toe.
Het plan is om morgen een flink gat in het aantal mijlen te slaan. Het was een meesterlijke zeildag vandaag. “My Narigheid” (of is dat narrigheid van mij?) maar weer eens aan de lader gezet.

Ergens tussen WV14, en de EZ29 02-10-2004

Ja het is nu eenmaal de 200 Myls, en die moeten ook echt allemaal gemaakt worden.
Jasses vroeg opgestaan, wassen, afwassen (niet verder vertellen), boot gereed gemaakt en om 06.42 langs de T12, gelijk word je met 7,5 knoop naar Kornwerd gesleurd, en het stuk dat zuid oost loopt van de Texelstroom richting afsluitdijk moet gekruist worden (was de wind gisterenavond toch niet iets gunstiger?). De Boontjes 8 wordt om 09.55 gepasseerd , en voor de Lorentz sluizen in Kornwerd sluiten de Frequent Flyer en de Nescio aan. Gerben doet als een van de weinigen route 2 en heeft daar nu al spijt van. Alles weer terugspoelen naar zoet water (dat bruist lang niet zo fris in de pot!), en Mevr. Benink geruststellen dat “hij” weer op `t IJsselmeer zit. De WP12 is wat lastig te bezeilen, daar de windrichtingen tussen oost- en westzijde van het IJsselmeer duidelijk verschillen. De WP12 wordt om 16.11 gerond samen met de “Airborne”, en dan de spinaker weer omhoog. Tegen de tijd dat de spi staat, en dat is zo`n 10 minuten later, is Gio uit het zicht verdwenen (toch minder zicht dan dat ik dacht, of……) Op naar de H2, en deze ronden om 18.28, omdat de spiboom nu maar aan een zijde aan de mast kan, wordt het gijpen van de spi een speciaaltje (volgens mij zit Murphy nog steeds op de OVD 3).
Door naar de “Sport B” een klein stukkie 20.15, en dan naar de VZ1. Dit laatste stuk was een lang rak tegen de wind in, en die wind zakte ook iets in naar mijn gevoel , bijna 6 uur verder wordt dan toch de VZ1 gerond (en dat voor een stukje van 10 mijl, dat is gemiddeld 1 knoop onder 200 myls minimum).
Dan Met 4,5 knoop op de Wieringer Vlaak 14 af, en wanneer deze gerond is om 03.52 komt het gevoel “ik ga in ieder geval finishen!” los, terwijl we nog 49 stuks te gaan hebben met voetangels en klemmen.

Muiden 03-10-2004 04.00 uur

Dit weer met regen en vlagerige wind is vermoeiender dan de editie 2003 (of wordt ik nu een oude man?)
Vanmorgen in Lelystad bij de Houtrib sluizen gearriveerd, er staat een stevig windje 5-6 bft (en een windwaarschuwing 6-7bft is later op de dag van kracht)
Om 10 over 11 langs de OVD3 (Murphy was weg, en kan dus makkelijk bij jou aan boord zijn gaan zitten.), en aan de wind op weg naar de NEK. Als het hier golft dan golft het goed (zou een songtekst kunnen zijn) en wat een drukte op het Markermeer zo op een zaterdag wanneer je van een nachtelijk rustig IJsselmeer af komt.
Na de NEK gefotografeerd te hebben om 13.11 (heerlijk ouderwets; fotograferen, en bellen met Bob, zo hoort het ook), nog even doorhobbelen naar het kommetje van Hoorn voor de verplichte 6 uur ankerrust. Bij het wakker worden om 18.00 uur ligt de Airborne hier ook.

Bakje koffie opdrinken, en de genua wisselen voor fok-1 Het giert laag in het want, en dat is een hoge 5 bft, of een lage 6bft (zintuiglijke sport eigelijk wel dat zeilen).
Terughobbelen naar de NEK, en zien dat we de IJM17 op de gevoelige plaat kunnen vastleggen. Oh, ja waarom foto`s? Vanmorgen was mijn accu zo plat, dat bij het indrukken van de motor startknop de GPS uitfloepte, en de oude Sabb alsnog op gang geslingerd wenste te worden met behulp van een startlontje en een kneepje olie. “My problem” is leeg, en blijft dat ook.

03.03 uur (en dat op 03-10, je bedenkt het niet) foto gemaakt van de IJMeer 17, uiteindelijk weinig wind na een onstuimige dag met veel windvlagen en buien, de déjà vu met vorig jaar is treffend.
De 200myls was weer niet eenvoudig dit jaar, en dan heb ik het nog niet eens over de ploeteraars die alles zonder hulp van stroming moesten doen, maar het was wel weer een mooie wedstrijd.
Uitvaren blijft het belangrijkste, maar op welke plaats ik nu kom te staan gaat ook tellen, ambitieus? Neuhoor!

P.s. Die rode wijn azijn lucht begint langzaam te wennen.

Nico Benink
Brandaan

 

 

 

Verslag Michel Capel

Verslag Michel Capel

Donderdag, 30 september 2004, 12:47, a/b Tumlare
Een weemoedig gevoel overvalt me als ik me realiseer dat ik waarschijnlijk de hekkesluiter ben van de 80 boten die deelnemen aan de 200 mijls 2004. Zelfgekozen hekkesluiter, dat wel, want het past in mijn plan. De start, gisteren, was weer de gebruikelijke nerveuze chaos.
Elk jaar wordt het erger, want elk jaar zijn er meer deelnemers. Gedwongen door de buren vertrek ik ook maar, om kwart voor acht passeer ik de startlijn. Eerst is het nog redelijk bezeild naar marken, maar met een bui ruimt de wind wat en moet het paard laten gaan. De volgende twee rakken kruisen, fijn! Omdat het kruisen vrij redelijk gaat – ik heb me voorgenomen wat minder te knijpen en niet meer naar de VMG meter te kijken – kan ik aardig bijblijven.

Na de Nekboei nog even ge- twijfeld, maar dan toch de bezaanspinnaker omhoog, en kijk, we vliegen meteen weg en laten de anderen achter ons. Die eerste paar rakken tot Lelystad geven altijd het meeste wedstrijdgevoel, omdat je allemaal met elkaar opvaart. Goed om scherp te blijven en je best te doen voor een halve knoop extra. De sluis in Lelystad. De achterblijvers komen gezellig met ons de sluis in, zodat we toch weer gelijk op kunnen varen.

Samen met Marjan van de Mathilde en Peter van de Jager ga ik even aan de remming liggen om het plan voor het vervolg te bepalen. Peter heeft kennelijk al een plan, want hij loopt macaroni etend over de remming heen en weer en vertrekt al weer snel. Ik weet het nog niet, en zet mijn pc aan om mijn favoriete weerwebsites om raad te vragen. Leuk dat het kan, internetten via je mobieltje, maar langzaam! Als ik drie kwartier later naar buiten kijk, lig ik alleen. Het is inmiddels over drieën, en ik besluit in de spuikom te ankeren en het voor die dag voor gezien te houden. Ik ben niet de enige; we liggen er met zeven boten, waaronder de Batavus van Henk.
Een rustige middag en avond, met een prachtige zonsondergang. Tussen de lagen grijs van de wolken vallen door een paar gaten in het dek rood-oranje stralen omlaag. Alleen het verkeer op de dijk Enkhuizen-Lelystad, waar we vlak onder liggen, verstoort de rust.

Om acht uur werd ik wakker vanmorgen, met een strakblauwe lucht boven me. Als ik later weer boven dek rondkijk, ben ik de enige die er nog ligt. Onbegrijpelijk dat de anderen vertrokken zijn, de wind zou immers pas iets aanwakkeren in de middag. Ik wil wachten tot ik weg moet om binnen de 24-uurs limiet van stilliggen te blijven. Gelukkig genoeg te doen aan boord; nog eens het weer checken, het dek schrobben, en er achter komen dat mijn watertank weer is leeggelopen in de bilge. Een klein potje thee pers ik nog net uit de leidingen. Ik koppel het expansievat af en stop de slang dicht; daar lijkt de lekkage vandaan te komen. Een anti-insectenbetenstick past precies in de slang. In de jachthaven haal ik water en ga daarna inderde dijk, zo dicht mogelijk bij de boei, weer voor anker. Over een uur moet ik weg, maar ik rek het zo lang mogelijk, want de wind zou moeten toenemen. Als de voorspelling niet uitkomt….oei….dan heb ik een probleem. Gisteren had ik weinig zin in een heel lang kruisrak, naar Medemblik 18 mijl of nog verder, naar Den Oever, 25 mijl. 25 mijl kruisen, daar doe ik makkelijk 10 uur over. Vandaag lukt het me, zelfs met dit lichte windje, wel in een uur of vijf-zes. In Den Oever gooi ik de haak er dan weer in, om te wachten op de beloofde Westenwind. Zaterdag geeft de verwachting zelfs W tot ZW 5 tot 6, en daar wil ik zoveel mogelijk van profiteren. Mijn keuze is route 3, en daar heb je Westenwind bij nodig. Zometeen achter het anker optuigen en naar de EZ29 voor het rak naar Den Oever.

Donderdag 30 september 2004, 16:27, a/b Tumlare Nog vier uur naar Den Oever, en ik ben al drie uur onderweg. De wind is toch zwakker dan voorspeld. Net Gio van de Airborne aan de telefoon gehad. Hij zat voor Egmond en hoopte op tijd in Den Helder te zijn voor de blauwe hap in de Marine Yacht Club. Hij heeft vier Beaufort en loopt 6 -7 knopen. Ik sukkel voort met een gangetje van nog geen 4 knopen. Maar ja, morgen zal alles beter zijn, want morgen is er meer wind. Zeggen ze.

Michel Capel, startnummer 21

 

 

Online Verslag Erik Jan Hardonk

Online Verslag Erik Jan Hardonk (2004)200 Myls 2004

Dit jaar doe ik voor de vierde keer mee aan de 200 mijls. Dit jaar hoop ik het resultaat van vorige jaar te evenaren. Als je naar het deelnemersveld kijkt, zal dat wel weer moeilijk worden.

Dinsdag 28 september begon de race met het palaver. Dit jaar is er een nieuwtje. In plaats van de geronde boeien met een wegwerpcamera te fotograferen, moeten we nu een melding doen met behulp van een GSM/GPS apparaatje.
Verder is het palaver als vanouds, er is koffie, appelgebak en veel sterke verhalen.

Woensdag 29 september, rond 6 uur wordt het al onrustig in de haven. Om 7 uur mag er gestart worden. Nu er nog wind staat, uit de goede hoek, wil iedereen weg. In een lange rij varen de deelnemers naar de start. Bij de M1 dit keer geen foto’s, maar een druk op de knop.
Automatisch wordt tijd en positie naar het regattabureau verzonden.

De wind is goed, stevige bries. Na een paar mijl gaat er toch maar een rif in het grootzeil. De boot gaat nog steeds hard, maar minder schuin. Het rak naar het Paard van Marken is bezeild, maar om de MN1/GZ2 te bereiken, moeten toch een paar extra slagen worden gemaakt.
Op weg naar de Nek weer bezeild, de wind blijft goed doorstaan, een goeie 4 Bf. Na de Nek op weg naar Lelystad. Dan moet de spi erop. Het doel is immers bovenin het klassement te eindigen en dan moet je wel. Als de spi staat, blijkt de stuurautomaat het allemaal niet aan te kunnen. Dus sleept de zeilzak van de spi door het water en moet ik noodgedwongen de fok laten staan. Ik probeer het een keer, maar voor ik bij de mast ben, begint de boot al enorm te loeven. Snel weer terug en met de hand sturen. Het hele stuk naar de Nek probeer ik de Mary Bryant voor te blijven. Dat lukt niet, hoe ik ook mij best doe. Toch geen schande om de winnaar van de 24-uurs race (in de ORC klasse geloof ik) voor te moeten laten gaan. Hij blijkt naar Amsterdam te gaan. Ik ben benieuwd of het een beetje waait oop de Noordzee. Ik heb ook aan de Noordzeeroute gedacht, maar de noordelijke wind weerhoudt me. Te riskant.
In de sluis gaat het gedisciplineerd. Het lijkt wel beheerster te gaan naarmate er minder bemanningsleden aan boord zijn. Na de sluis op naar de EZ29. Daar hoog aan de wind richting Vrouwezand. De wind is nog steeds noordwest, dus moeten we kruisen.
Het is inmiddels donker als ik de H2 bij Hindeloopen rond. Vlak voor me zit de Lupa Maris. Bij Kornwerderzand ga ik voor anker, naast de Lupa Maris. Daar aan boord drink ik nog een borrel, maar het lampje gaat snel uit.

Donderdag 30 september kan ik uitslapen. Om 10:00 moeten we met het laatste restje tij mee naar Harlingen. Om half tien liggen we in de sluis. Er blijjken toch meer mensen voor deze route gekozen te hebben. In de sluis liggen we met vier deelnemers, direct na de sluis ligt er nog een, de Myrlette. Ook een Etap 30, maar dan een ‘i’.
Op de Boontjes gaat de spi erop.

Ondanks de lichte wind, maar dankzij de stroom, gaan we nog ruim boven de 4 knopen over de grond.

 de Pollendam moet de spi eraf, maar in de Blauwe Slenk kan hij er weer op. Ed heeft gisteren zijn spi verspeelt, maar heeft hem kennelijk niet nodig om hard te varen. Het lukt me niet om hem in te halen. In Vlieland liggen we naast elkaar. De havenmeester vraagt of het toeval is dat er zoveel boten met een ‘Japanse vlag’ varen, of dat het race is. We vertellen hem waar het om gaat. We zijn prettig verrast om te horen dat we geen havengeld hoeven te betalen, omdat we ’s nachts toch weer weg gaan. Er liggen een stuk of zes deelnemers in de haven, waaronder de Myrlette. Waarschijnlijk hebik hem op dit rak wel achter me gehouden. Na de douche nog even het verslag bijwerken. Vanavond captain’s dinner bij Ed aan boord, later vanavond gaan we weer op pad, richting Den Helder.

Vrijdag 1 oktober, om 0:45 uur sta ik op. De wind giert door het want en de regen roffelt op het dak. Toch maar vertrekken. Buiten op het water valt het eigenlijk wel mee. De wind is een goeie 5 Bf, uit het zuidoosten. De regen is grotendeels weg. Bij de ZS13 druk ik op de groene knop en ga ik richting zee. Ik verbaas me erover dat de Lupa Maris nog zo ver weg is. Toch maar doorvaren. Ik heb het druk genoeg met de navigatie. Als ik eenmaal over het Stortemelk ben (stukje afgesneden, vlak langs het strand), krijg ik Ed aan de marifoon. Wat het karakter en de positie van de ZS 13 is. Het blijkt dat op zijn kaart (met de nieuwe inlegvellen!) de positie niet juist is opgenomen. Kost hem al met al een uur. Met een goeie vaart gaat het in het donker naar Texel. Onderweg word ik voorbij gelopen door een deelnemer, maar ik kan niet zien wie het is.
Bij Den Helder aangekomen is het nog steeds donker. De boei is goed te vinden, daarna door richting Oudeschild.

Als ik daar kom, is het inmiddels licht. Met een paar slagen kan ik doorvaren naar Kornwerderzand. De wind is lekker, een kleine 4. Samen met de Frequent Flyer en de Brandaen door de sluis. De Frequent Flyer gaat voor anker, de Brandaen doet route 1 en gaat meteen richting WP12. Ik twijfel nog, het is niet echt bezeild.Via de telefoon verzamel ik wat weerinformatie en besluit toch te gaan.Later zal de wind richting ZW draaien en dat is nog minder aantrekkelijk. Met een paar klapjes kom ik bij de WP12, daarvandaan richting VZ1, Stavoren. Dat gaat met een goeie vaart. In Stavoren leg ik onder zeil aan, bij het gemaal.
Even uitrusten na bijna 16 uur in touw geweest te zijn. Dutje doen, eten, schoon schip maken.
En wachten op de zuidwesten wind om naar Lelystad te gaan.

Zaterdag 2 oktober

Om kwart voor zes steekt Ed zijn hoofd in de kajuit en roept me wakker. De wind staat goed! Van mijn voornemen om in de nacht een paar keer te kijken hoe de wind staat, is weinig terecht gekomen. Kennelijk toch te vermoeid.
Tegen half acht ronden we de VZ1. Om het Enkhuizerzand is de EZ29 net te bezeilen. Naarmate het lichter wordt, zie ik steeds meer zeilen aan de horizon. Er zijn er kennelijk meer vroeg op pad. Vlak voor de EZ29 haal ik de Piccolo in, een Mini Transat van 6.5 meter lang. Petje af voor de schipper, zo’n boot heeft een stuk minder comfort dan een groter jacht.
Zijn prestatie is eigenlijk groter dan die van iemand met een groot jacht.
Na de sluis gaat het met een klein knikje in het schoot naar de Nek. Af en toe trekt een bui over en komt er een dikke 6 Bf over dek. De boot loopt lekker. Voor me vaart Ed, het lukt me niet echt om dichterbij te komen. Als ik mijn genua wissel voor de high aspect fok, laat ik de vokkeval schieten. Die wappert als een vaantje achter de mast. Tot overmaat van ramp komt er ook nog een golf over en natuurlijk had ik mijn zeilpak niet aan. Nat tot op het vel.
Na een paar minuten krijg ik de val weer te pakken en kan ik verder. Onder een mooie buienlucht met felle zon ertussen gaat het naar Volendam. Daarvandaan meteen door richting het Paard van Marken. Bij het ontreven breek ik de klem van de grootzeilval. Toch meteen maar een oplossing regelen. Ik laat het zeil zakken en zet de val op de klem van de spinakerval. Die heb ik vandaag toch niet meer nodig.
Het laatste stukje naar de IJM17 bij Muiden moet ik kruisen. Om 16:20 ben ik er. Ed en ik zijn als nr. 7 en 8 op line honours gefinished. Nu wachten op de einduitslag op handicap.

Maandag 4 oktober
Lang sta ik op de 10e plaats. In de loop van de week zak ik naar de 13e plaats. Ed start op 17 en eindigt op 18. Deze keer was de Waddenroute niet de snelste. In tegenstelling tot vorig jaar heeft deze keer de Noordzeeroute gunstig uitgepakt.
Juist die dingen maken deze race zo spannend. Je kiest een route, vaart zo hard mogelijk, maar uiteindelijk is de routekeuze een allesbepalende

Eric Jan Hardonk
Nescio

Verslag 200 myls 2004

Verslag Otto Maitimu

Donderdag, 30 september 2004 – 00:30 uur

Het palaver op dinsdagavond in het café van Ome Ko in Muiden stond in het teken van de nieuwe positiemeldingen. Iedere deelnemer (inmiddels 80 in totaal) kreeg een GPS-GSM unit mee, waarmee je bij het passeren van een merkteken in jouw route via de satelliet een positiemelding doet aan het regattabureau. Een hele vooruitgang ten opzichte van een camera, waarmee het in enige zeegang al knap lastig is om de boei sowieso in de zoeker te krijgen.

Peter Mueller tracteerde vervolgens alle deelnemers nog op een doos met astronautenvoeding, die volgens hem ook tijdens de laatste Olympische Spelen in Athene werd gebruikt. Daar heeft het voor zover ik weet ook niet geholpen. Een zwangere uitzwaaier had in de gauwigheid al in de bijsluiter gelezen dat het niet geschikt is voor zwangere vrouwen, maar ik heb geen enkel woord daarover gehoord van Peter in de richting van de 4 vrouwelijke deelnemers. Wel goed trouwens dat Jacqueline nu wat concurrentie krijgt.

Omdat ik de boot afgelopen weekend al naar Muiden heb gevaren, lig ik dicht tegen de steiger: als nr 2 om precies te zijn. De Stichtingshaven ligt nu zo vol met deelnemers dat er geen roeiboot meer bij kan. Ik hoef me derhalve niet druk te maken over vroeg vertrekken en zet de wekker op 06.25u. Ruim voor zessen word ik echter wakker van stampende voeten op mijn dek: een nadeel als je zelf dicht tegen de steiger aan ligt met nog een hele rits boten die weer aan jou liggen.

Om 06.15u start mijn buurman (nr 3 vanaf de steiger) zijn motor en ik neem aan dat hij niet aan de walstroom kon liggen en daarom nog even stroom gaat draaien. Tot mijn verbazing gooit hij echter los van mij en het gevolg is dat de hele zwik boten nu stuurloos ronddrijft. Als vervolgens schippers de motor starten en voor- en achteruit gaan manoevreren, klinkt al gauw het gekraak van preekstoelen in hekstoelen: de drieletterige woorden zijn niet van de lucht, maar de veroorzakende schipper blijft er stoïcijns onder.

In de haven worden nog snel de laatste nieuwtjes uitgewisseld – het waait buiten 6 Bft, er staat een file op de A1 – en even na 07.00u ben ik echt op weg. Ik hijs de zeilen pas buiten de haven en om 07.40 passeer ik de boei M1 en ben ik gestart. Van Muiden gaat het naar het Paard van Marken. De wind is 5 – 6 Bft en ik zeil onder vol tuig. Vlak voor het Paard zie ik een bui aankomen en het lijkt me verstandig alvast een rif te steken. Binnen 5 minuten waait het 7 Bft over dek. Een klein half uur later is alles voorbij en haal ik het rif er weer uit. De wind is NNW 21 – 24 knopen en dat gaat bij de huidige zeegang nog net zonder rif. Van Marken moet iedereen naar Volendam en vervolgens naar de Nek bij Hoorn. Nu moet er echt gekruist worden, want de Nek ligt pal tegen de wind in. Onderweg word ik voorbij gelopen door Paul Peggs, de enige Engelse deelnemer, in zijn HOD 35.

Vanaf de Nek krijgen we een ruimwindse koers naar de OVD3 bij Lelystad. Hier besluit ik de genaker te zetten om wat meer snelheid te maken. Voor mij zie ik de Lupa Maris met bijgezette spinaker tot 2 keer toe uit het roer lopen en daarna zie ik dat hij dikke problemen heeft: zijn spinaker ziet eruit als een zandloper, dwz een knoop in het midden, terwijl het zeil daarboven en -onder wind vangt. De schipper draait bij en probeert halve wind de zaak te klaren, wat na een half uur ook inderdaad lukt. De wind neemt ondertussen toe tot een echte 6 Bft en ik concentreer me volledig op het in balans houden van schip en zeil. Maar mij lukt het uiteindelijk ook niet en ik besluit om de genaker te strijken. Maar nu ontstaat een probleem: de stuurautomaat kan de boot niet echt op koers houden bij de achterop lopende golven. Als ik de koers te ruim kies, loop ik het risico van een klapgijp en als ik wat scherper ga varen, vangt de genaker zoveel wind dat hij niet te strijken is. Dan slaat de genaker ook nog eens om de opgerolde fok en tot overmaat van ramp schiet de lijn van de slurf los (waarmee de genaker opgeborgen wordt). Uiteindelijk besluit ik om het spinakerval maar te laten zakken en alles door het voorluik naar binnen te proppen: de rest zien we wel als het weer wat rustiger is.

In de sluis van Lelystad hoor ik van de schipper van de Silent Lucidity dat hij ook al problemen met zijn spinaker had: het topoog was uitgescheurd waarna de spinaker horizontaal wegwoei. Nog een geluk dat die niet onder het schip gekomen is!

Na de sluis motor ik rustig naar het volgende deel van de etappe om wat tijd te maken voor een lunch.Vanaf de EZ29 zijn we weer in de race. Ik heb gekozen voor route 2, dwz van IJsselmeer naar Harlingen, Vlieland, over de Noordzee naar Den Helder en dan weer over het wad naar Kornwerderzand. Helaas waait de wind precies uit de richting waar ik heen wil, dus moet er gekruist worden. Onderweg merk ik dat de bilgepomp spontaan staat te draaien; het lampje brandt op het schakelpaneel en als ik de buikdenning optil, hoor ik hem ook echt lopen. Na korte tijd houdt het weer op.

Bij Stavoren wil ik overstag, maar als ik daarvoor de stuurautomaat bedien, gebeurt er niets. In de afgelopen zomervakantie hebben we dat ook al eens gehad en ik dacht dat het nu verholpen was, maar dat is kennelijk niet zo. De stuurautomaat doet het niet meer, dus moet vanaf nu met de hand gestuurd worden. Op zich is dat geen probleem, zolang je aan de wind vaart. Bij voor de windse koersen is dat veel lastiger, omdat je niet goed de kuip kunt verlaten om naar het voordek te gaan om de genaker te zetten of te strijken.

Als ik tegen 20.27u eindelijk bij Hindelopen ben, vind ik het wel mooi geweest. Vandaag bijna 80 mijl gevaren (mede door opkruisen en sluispassage) en in Hindelopen is een werkplaats waar ze me wellicht kunnen helpen met de stuurautomaat. Het strijken van het zeil gaat niet echt handig, omdat de boot niet goed met de kop op de wind te houden is en de zeilwagentjes niet lekker door de mast lopen als je het zeil probeert te strijken terwijl de kop niet in de wind ligt. Uiteindelijk lukt het en tuf ik rustig naar de haven van Hindelopen. Er ligt hier een ondiepte aan weerszijden van het vaarwater; dat vaarwater is wel betond, maar de betonning is niet verlicht. Geen probleem, want daar heb ik een radar voor, maar die verdomt het. Hier begrijp ik niets van, want dit heb ik afgelopen zondag nog gecontroleerd.

In stationair loop ik naar het knipperende licht op het havenhoofd van Hindelopen. Op de kaart staat er niets over aangegeven, maar het knipperende licht staat boven een vast licht en het lijkt me verstandig om dat aan te houden. De rode tonnen moet ik aan bakboord houden en er is één groene ton die dus aan stuurboord moet blijven.

Op 50 mtr voor de golfbreker van de haven zie ik plotseling dat ik de groene ton op 3 meter aan bakboord heb. Ik realiseer me dat ik fout zit en op hetzelfde moment voel ik de boot opgetild worden en lig ik zo vast als een huis. Motor in zijn achteruit en weer in zijn vooruit, niets helpt; de groene ton kan ik bijna aanraken, maar wel van de verkeerde kant. Na een half uur martelen kom ik toch los en kan ik Hindelopen binnenlopen. Een dag met een gaatje …

vrijdag 1, oktober 2004 22:05 uur

De wekker staat op 00:45u, maar ik word al eerder wakker door een forse regenbui. Van de dingen die ik doe, is maar weinig waar ik een hekel aan heb, maar in het holst van de nacht een nat zeilpak aantrekken hoort daar zeker bij. Als ik buiten kom, zie ik dat we al 90 graden gedraaid zijn en het is dus doodtij. Anker op gaat soepel en om 01:17 passeer ik het merkteken van de volgende etappe. De wind is OZO 4 – 5 Bft, dus het eerste stuk langs de Pollendam gaat voor de wind. Spinakeren in het donker op stromend water lijkt me geen optie, maar ik zou de fok te loevert kunnen zetten met de spiboom. Dat betekent dan wel dat de boot enige tijd op de stuurautomaat moet varen en dat lijkt me met de huidige stand van zaken geen goed plan. Don’t push your luck.

De Furlex rolt nu wel voortdurend heen en weer en ik heb al eens meegemaakt dat de furlexlijn gaat lussen en klem komt te zitten. Ik kan het vanaf de stuurstand niet zien en ik kan ook niet naar het voordek.

Doordat het vaarwater nogal kronkelt, moet ik voortdurend gijpen. Om de stuurautomaat niet te gebruiken doe ik dat vanachter het stuurwiel, dwz met een hand sturen en met de andere hand de hele grootschoot naar de andere kant trekken. Handig is anders en soms lukt het niet om goed voor de wind te blijven varen, waardoor het mislukt. Doordat het stevig waait, zwiept de giek bij het gijpen met een rotgang naar de andere kant en ik probeer dan af te remmen door de grootschoot zoveel mogelijk tegen te houden. Op een gegeven moment word ik door de krachten op de grootschoot behoorlijk tegen het stuurwiel aangetrokken en opeens hoor ik een plof en blaast mijn reddingsvest spontaan op. Waarschijnlijk is de zouttablet verpulverd, waardoor de CO2-patroon afging. In eerste instantie laat ik het zitten, maar zo’n opgeblazen reddingsvest klemt behoorlijk om de borst en bovendien kan ik alleen nog maar rechtuit kijken. Als we even een stukje rechtdoor kunnen varen, zet ik de stuurautomaat aan en ga in het vooronder zoeken naar het reddingsvest van mijn echtgenote. Solo-zeilen heeft zo zijn voordelen.

Om 03:21u ben ik bij de ZS13 en een uurtje later kan ik mijn kooi opzoeken in de haven van Vlieland.

Omdat het tij pas na de middag gaat meelopen, kan ik de wekker op 09:45u zetten. Om acht uur ben ik echter al wakker van alle bedrijvigheid in de haven, maar ik blijf mooi liggen: vandaag heb ik vrij.

Om 11:30 gooi ik weer los en om 12:20 passeer ik opnieuw de ZS13 voor het vervolg van de race. Ik hoop vanavond weer in Kornwerderzand te liggen. De wind is matig, 3 Bft en zit bovendien in de verkeerde hoek. Tot de Eierlandsche Gronden, het zeegat tussen Vlieland en Texel is het bezeild, maar daarna moet er gekruist worden. En dan gebeurt waarvoor ik al bang was: de stuurautomaat begeeft het opnieuw. Eigenlijk zou ik bij de geringe wind van vandaag de high aspect fok willen wisselen voor de genua 1, maar zonder stuurautomaat naar het voordek vind ik maar niks. Het gevolg is wel dat de snelheid behoorlijk terugloopt en ik krijg er flink de ziekte in. Nu kom ik te laat bij het Molengat, waardoor de stroming tegen gaat lopen. Wind tegen, te weinig wind en nu ook nog de stroom tegen. Kornwerderzand kan ik wel vergeten en als ik om 19:49u voor Den Helder lig, besluit ik om de Marine jachthaven binnen te lopen. Ik zal er nog een nachtje over slapen, maar ik vrees dat de tijd te kort is geworden om de race te kunnen uitzeilen.

zaterdag, 02 oktober 2004 – 22:10 uur

Heb helaas moeten besluiten om me terug te trekken uit de race. In de uitslagenlijst (www.200myls.nl) zal dus RET achter mijn naam staan. Ik heb gisteren goed kunnen zien dat een schip dat ik normaal makkelijk voorbij moet kunnen lopen, sneller en hoger vaart. Zonder stuurautomaat kan ik de boot nog wel mannen en bij aan de windse koersen kun je het roer best even los laten. Maar bij de ruimere koersen loeft de boot op zodra je het roer loslaat, kun je niet weg bij het roer om de zeilen trimmen, kun je niet naar het voordek om de fok te wisselen voor de genua als het wat minder waait, kun je niet spinnakeren op de voordewindse koersen, is het overstag gaan niet vloeiend te doen en kost dat dus teveel tijd, is er nauwelijks tijd om te navigeren, en dan heb ik het nog niet over de niet aan zeilen gerelateerde activiteiten. Ik heb me afgemeld bij het regattabureau en met een knik in de schoot zeil ik van Den Oever met WZW 5-6 Bft in no time terug naar de thuishaven Lelystad, waar mijn lieve echtgenote klaar staat om het voorlandvast aan te pakken bij de box. Deze winter wordt het dus sparen voor een nieuwe stuurautomaat, want ik heb het vaste voornemen om volgend jaar weer mee te doen en hoog te eindigen.

Otto Maitimu

 

Verslag s/y “LAYAM” # 46 door Barend Peters

200 mijls Solo 2004
29 september t/m 3 oktober 2004
www.200myls.nl


– Foto toegevoegd –
– Op schrijffouten nagekeken –
– uitslag toegevoegd –
– conclusie aangevult –
– GPS track in JPG en PDF formaat toegevoegd –

Verslag s/y “LAYAM” # 46 (Barend Peters)

Het is alweer de 4de keer dat ik mee aan de 200mijls Solo van Jan Luyendijk meedoe. Nu met een ander schip, een Beneteau First 35, iets groter, iets confortabeler, iets minder uren varen als het goed is. Ik heb er zin in ieder geval. De week ervoor dagelijks vele keren de weerkaartjes van de KNMI en de rekenmodellen van Weeronline.nl bekeken.. Een hoge druk komt over Noordzee en Nederland. Als dat maar goed gaat, want weinig wind zou dus kunnen..  De route’s 1 en 2 zijn van te voren al bekeken en berekend qua stroom en weer. Route 1 is ongunstig vanwwege het vertrektijdstip midden in de nacht of 12 uur later in de mddag. Route 2 over het Wad lijkt goede tijden te hebben. Vanaf ong. 11 uur vertrekken vanaf Harlingen. Met voldoende wind en snelheid zou het  mogelijk moeten zijn om dit in een tij van Harlingen naar Oude Schildd te gaan. Route 3 & 4 vind ik minder belangrijk om te plannen omdat het alleen IJsselmeer is.

Dinsdag 28 september 2004
Mijn schip in orde en hoef daar weinig aan te doen. Laad de accu de avond ervoor nog goed op, doe paar boodschappen en maak even schoonschip. Met een mooi windje ga ik dinsdag vanuit Monickendam (m’n tijdelijke ligplaats) middag richting Muiden. Rond 16:30 arriveer ik in de inmiddels bomvolle haven en krijg van de havenmeester een mooi plekje naast een stoer (huur)race schip… Goed plekkie dus, geen schepen langszij. Zoek m’n zeilmaatjes Albert (” t Waere hout” ) en Frans (” Zeebeer ” ). Even bekijken Albert en ik het racemonster van Peter v/d Schaaf. Ik frons en kijk bedenkelijk als ik zijn SW rating (91) hoor en het totale scheepsgewicht. Dezelfde rating en de helft van het gewicht van mijn schip met moderne en nieuwe zeilen!!.. “Moet ik hier tegen strijden” denk ik nog. (later blijkt het verschil in uitslag heel erg mee te vallen). Rond etenstijd arriveerd mijn vriendin Jolanda en gaan we samen met Hans Pietersma (Francis), Frans, Albert mijn Marokaanse stoofpot “A la Layam” eten. Na de afwas richting palaver… Uiteraard is het te verwachten weer en de dit jaar nieuwe manier van melden via een GSM/GPS ding de hoofdmoot van deze avond.  Nog wel krijgen we een fototoestel mee om mooie fotos te maken…

Woensdag 29 september 2004
s’Morgens de wekker om 06:45 om dan om 07:40 te vertrekken. Om 07:58 passeer ik de M1 boei en is mijn wedstrijd begonnen. Wind WNW 5 en ga met enkel rif richting Paard van Marken en na het Paard is het een kruisrak naar de GZ2 boei. Ook de Nek boei die ik om 11:36 passeer is niet bezeild.  Leuk om zo met meerder schepen op te varen. Voorgaande jaren moest ik met mijn 22 voeter iedereen voor later gaan. Nu kan ik door te trimmen sommige schepen zelfs goed inhalen.. Dit is leuk!. Het is mooi en stevig zeilweer. De NEK boei wordt om 11:36 gerond en ga de zuid in richitng naar de OVD3 boei een mooi ruim rak en hijs de gennaker… Dit is wel zwaar zeilen maar wel leuk…” Welke route, welke route” spookt door m’n hoofd.. Leg me er bij neer dat ik pas na de Houtribsluis en halverwege het IJsselmeer hoef te beslissen want route 1 lijkt toch geen optie volgens de laatste weersberichten.
Echter om 13:05 vertelt de kustwacht een iets ander bericht op VHF Ch 23/83 ong. 15 min voor de OVD3 boei en dus net op tijd.

capable of thinking clearly. Victor was in a bad condition and was severely seasick and unable to swallow water. He had to pee and he asked me where he should do that. I told him I had just done so myself a moment ago in my trousers and the warmth on my legs had been very welcome to me. We both tried to sleep for a while or at least closed our eyes. When we noticed vessels in our vicinity, we fired red parachutes and hand flares. Although the ships were close – we could see their navigation lights reflected in the water – they didn’t respond. After sunrise, more ships in the TSS became visible. They were moving to the SW and, as the wind was blowing us to the east, there was a risk of being run down.LESSONS LEARNED

Be mentally prepared for shipwreck.
Do not panic. Be prepaired for failures, but maintain morale.
Have the VHF Mayday-procedure at hand, including your ship’s name in the phonetic alphabet.
Being able to drop the mainsail and take all speed off the yacht might have reduced the flood of water.
Make sure you have your emergency grab bag in a place, where it can be easily found. We left ours behind, with its orange dye and signalling mirror. A
handheld VHF would have been useful, too.
Have the liferaft stowed on deck, if possible, or in the cockpit or a locker.
Stowing it in the forward cabin is not the best place. In case of collision.
There might not be time to carry it through the saloon in case of fire aboard.
Reading the instructions for deploying your liferaft when you are abondoning ship is not the best time! Find time to rehearse your emergency procedures on a normal sailing outing.
Make sure you have wooden plugs tied to the seacocks and
they are the right size.
Make sure your bilge pump is not blocked by debris.
Do you have an emergency kit aboard so you can make provisional repairs on the hull?
Don’t count to much on VHF Ch 16. These days a DSC VHF is better. And an EPIRB (Electronic Position Indicating Radio Beacon) is even better. A Search and Rescue Transponder (SART) also improves your chances of detection by SAR.
Even with just two of us, we found space in the four-man liferaft limited and suffered cramp and fatique.I looked at the liferaft’s solitary paddle, which was very small. I decided to wait until the ebb, which would push us in a N to NE when looking ahead from the ship’s bridge. I waited for the right moment before using our last two orange smoke signals and our last red hand flare.
Almost immediately after using the red hand flare we saw the ship’s three masts becoming one.
The ship had turned in our direction! We were saved and we embraced each other! After eight hours adrift in our liferaft, we were taken onboard the Norwegian Tall Ship Sørlandet on her way to Dunkirk at 1010. Dover Coastguard and the French authorities were informed. Victor and I were offered hot drinks and a meal, dry clothes and even a bunk, but, above all, a lot of understanding, warmth and kindness. Later, the crew of the Sørlandet told me that they could smell but not see the smoke from our flares, being on our leeside.
direction. By paddling, with the help of tide and wind,
I hoped we could move to the NE, alongside the TSS. I calculated that the ebb would start running again at about 1400. So, I still had time to rest. Then I heard an aeroplane above us.
I regretted that I hadn’t had time to grab our emergency bag with the orange dye. It would have coloured the water to draw the aircraft’s attention. I also missed a mirror to give light-signals to ships. A handheld VHF would have been useful, too. Most of the time I kept a lookout with one of my hands holding Victor’s ankle to reassure him I was there.
The silhouettes of the ships in the TSS were visible for some time when I saw a dot on the horizon slowly becoming a vertical line, then changing into two larger lines and finally transforming in three larger lines. It was a ship with three masts, slowly heading SW and closer than all other vessels. This could be our opportunity!
We still had left one red hand flare, two orange smoke signals and three white parachute flares. I reasoned that I had to wait until the ship was close enough but, on the other hand, our liferaft still had to be visible.Menko Poen is a 49-years physician who started sailing 30 years ago and who extensively cruised the North sea, the Channel and the Baltic, mostly singlehanded. He took part in the North sea Race, the Driehoek Noordzee and the 200 myls ‘SOLO’.
His wife is therapist and his second son, Rednar (15), works as a part time sailing-instructor.
Menko Poen, SYLaughing Gull IIIGepubliceerd in ‘Yachting Monthly’ – DECEMBER 2004 –www.yachtingmonthly.com
A warning to shipping : IJsselmeer bft 614:00 untill 02:00
Marken N 4/5 later W 3/4  IJsselmeer N 5/6 decr. W 3/402:00 untill 14:00
IJmuiden W 3/4 incr. Z 4/5 IJsselmeer W 3/4 incr. Z 4/5.

Dus dit geeft andere mogelijkheden voor route 1 die buitenom loopt.. Jhippieeeee!!!.. 1 & 2 blijven mijn voorkeursroute’s misschien vanwege het zoute water in m’n bloed. Bel nog even m’n vriendin of die het weerbericht nog eens controleerd met Weeronline.. Ook daar komt een gunstige wind uit voor de volgende dag uit… Bel nog even met m’n zeilmaatje Zeebeer Frans maar hij kiest toch voor het IJsselmeer..  Tijdens het hijsen van de gennaker schoot de haallijn van de slurf de hoogte in en het voorzeil ontvouwde zich dus zelf spontaan. Met de gedachte “wie dan leeft wie dan zorgt” denk ik nog maar niet over hoe ik het zeil weer naar beneden krijg. De Engelsen hebben een gezegde wat zegt ” You will get what you deserve”. Dit blijkt soms echt zo te zijn!.. 8 kabels (0,8 mn) voor de OVD3 boei schiet de sluiting op het ankerboegbeslag los en een stukje duur RSV verdwijnt voorgoed naar de IJsselmeer bodem. De gennaker kiest de weg van de minste weerstand en duikt achter het grootzeil. Ik ren naar voren, en laat de gennaker zonder problemen in het voorluik zakken.  “Dank u, en kijk naar boven. Ik groet mijn engeltje”. Om 13:28 ga ik half aan de wind ga ik richting P1 boei die ik om 15:52 klok.. Te laat voor de Schellingwouderbrug maar dat  geeft niet want kan ik ff rustig koken aan de remming. Enkele solozeilers en -zeilster meren na mij af. Ik kook pasta, met zalm en roomsaus. Heb nog geen honger maar wil dit op het NZK al varend nuttigen. Om 18:00 gaan we door de brug en gelijk de Oranjesluis door. Om 18:25 vaar ik op samen met andere solisten richting IJmuiden. Een saai stuk door de Amsterdamse haven. Ik eet onderweg m’n pasta met zalm met een wit wijntje.. Nee, het (solo)zeilers leven is niet verkeerd. 21:20 – 21:40 passage kleine sluis IJmuiden. Om 22:10 gemeerd langszij de steiger in Seaport Marina. De “Lady Blanche” van Pamela en de “Cras Fuctum est” (wat betekend “morgen klaar”) van Henjo Ruiter meren naast mij af. Even een babbeltje over de volgende etape. Het plan is om om 02:30 op te staan en dan met het ochtendtij en vermoedelijke zuidelijke wind 2-3-4 naar Den Helder te vertrekken. OK, vroeg slapen dus. Nog een borrel en de wekker zetten.

Donderdag 30 september 2004
02:45 steek slaperig m’n hoofd boven het luik uit en er blijkt geen wind. Vorig jaar hadden we precies dezelfe situatie!!  Rook v/d hoogovens gaat recht omhoog dus varen heeft geen zin. Om 06:00 word ik nog eens wakker maar nu waait het wel iets uit het SSE-en maar een snelle blik in de HP33 leert mijn dat varen niet handig is omdat het tij in Den Helder dan tegen stroomt. Slaap dus lekker uit en sta om 10 uur op. Beetje knutselen en laad mijn GPS met alle boeien en route voor het komende traject totaan de Lorenzsluis. Om 14:00 vertrek ik samen met Henjo en Pamela richting de Baloeran boei. Deze passeer ik om 14:35 middels een druk op de GSM/GPS unit en ga met grootzeil en gennaker richting Den Helder. Mooi weer en de snelheid is goed… Even vaar ik op met de Seamaster (9mtr) van Pamela en maak een paar foto’s van haar schip en zij van mijn schip. (leuk! krijg ik ze nog?). Na een beetje zeiltrim loop ik haar goed uit. De “Catootje” (Winner 9.5) zit net echter me en we varen uren precies gelijk op. HIj heeft een grote spi staan dus het zou kunnnen. Voorbij Petten gaat de stroom echt meelopen en geeft de GPS ong. 8.5 kts aan. Later in de buurt van de Lange Jaap loopt dit op tot max. 9.7 kts. Bij Den Helder moeten we loeven en laat ik de gennaker zakken en rol de genua uit. MH4 boei om 18:58 (75 baanmijlen gevaren). Aan de wind naar T12 bij Oude Schild. De wind trekt aan tot bft. 5 en ik zet een rif. In de tussentijd loopt de “Catootje” me op en we varen  boeg aan boeg samen op.. T12 om naast de 19:33 en wil met dit tij gelijk door naar Kornwederzand. Ik denk aan mijn lijfspreuk:

Je moet zeilen bij de wind van vandaag
de wind van gister helpt je niet vooruit
de wind van morgen blijft misschien wel uit
Je moet zeilen bij de wind van vandaag.

Met een snelheid van  9 knopen aan de wind ga ik de Texelstroom geul bij Oude schild in en het word al bijna donker. De geul is echter goed verlicht en dit geeft geen probleem. Alleen een klein stukje geul vanaf de T26 tot  de Doove Balg is niet bezeild en moet gekruisd worden. Voor strooms gaat het lekker snel. De “Catootje” vaart naast me en ik slack even af en laat haar voorgaan en rol mijn genua verder in om beter overstag te gaan en beter zicht te hebben. Ben wel blij dat ik allen boeien van deze route in m’n GPS heb staan en de GPS als plotscherm kan gebruiken. Hoef daardoor maar zelden op de kaart te kijken alleen af en toe voor de diepte. Af en toe heeft mijn dieptemeter kuren en dient dan gereset te worden. Ja. juist nu, tijdens het kruizen in een smal geultje, voorstrooms met een wind SE 5 nokt dat K-ding er mee. Dus ik durf niet te ver achter de boeien door te varen.. Neem even geen risico qua diepte. Er zit nog een (solo?) schip voor me uit. Later blijkt dit de “Indra” van Eric-Jan te zijn die net voor me bij de sluis arriveerd. Ik ben precies 8 keer overstag gegaan zie ik later op de door laptop gelezen GPS-track. Als ik het kruisrakje gepasseerd ben en de Texelstroom overgaat in de Doove Balg ga ik lekker zeilend richting sluis. Het is druilerig regenachtig en zwaar beworkt en donker weer en geen maan te zien. Toch genieten zo lekker alleen op het Wad met alleen wat knipperende boeien.. Het laatste stukje geul naar de sluis, het begin van de Boontjes is net niet bezeild en moet nog een slagje maken.. Om 22:38 passeer ik de BO8 boei en heb ik 98 baanmijlen gevaren.  De stroom in de Boontjes in nagenoeg nul dus precies met het hele tij van IJmuiden naar Kornwederzand gevaren… Goed uitgerekend dus. Ik strijk zeilen, start motor en ga richting sluis. De “Catootje” en de “Indra” liggen al te wachten voor de brug. Samen schutten we naar binnen. Tijdens uitvaren krijgen we nog een opmerking over de laudhailer van de sluismeester : Hij wenst ons goede reis verder raadt ons aan voorzichtig te doen omdat we alleen aan boord zijn” Vriendelijke mensen en geef nog even antwoord op de VHF.  Na de sluis gaan de “Catootje” en de “Indra” zeil zetten en door naar Medemblik, een rak van 16 mijl. (~ 2,5 uur zeilen).. Eric Jan roept nog of ik mee ga. Ik twijfel even maar wil eigenlijk gaan rusten. Buiten de zuidelijke pieren wil ik ten anker om mijn verplichte ankerperiode te doen maar het is niet echt rustig daar en draai om en vraag de sluis om een plekje voor de nacht; “zuidelijke remming kleine sluis” krijg ik te horen.. Ik ben moe en ga na een welverdient borreltje slapen.

Vrijdag 1 oktober 2004
Vrijdag ochtend sta ik om 8 uur op en wordt langzaam wakker (Ja, bij mij gaat dat net andersom ;~) ). Wind S 4.  Gooi om 09:00 los en ga naar VF4 waar om 09:19 de wedstrijd weer begint. Kruisrak naar Medemblik dus.Had ik dit toch vannacht met de SE wind moeten doen? Nee, rust is ook belangrijk. Het is niet helder en schat het zicht niet meer dan 1 tot 1,5 mijl. Onderweg kom ik  de “Warber”, een stoer met bruine zeilen en voor zeereizen uitgerust scheepje  van Anje Valk tegen op mijn koerslijn. Ik loop haar bovenlangs en maak een paar foto’s en zij van mijn schip. We praten wat heen en weer en ik loop weer iets uit op haar en vaar ook iets hoger door mijn diepe kiel (2 mrt). De wind zakt in tot SSE2-3. Enkele lange slagen naar de WP12 die ik om 13:15 passeer. Ga nu gelukkig op het bezeilde rak naar de H2 bij Hindeloopen. Dit is een gennaker rak en het schiet gelukkig weer op. De H2 boei passeer ik om 15:20 en gijp de gennaker naar de andere boeg. Dit loopt niet lekker en moet dit eens vaker oefenen. De “Lady Blanche” zit weer achter me zie ik en gaan gezamelijk naar de Sport B boei die om 16:23 gepasseerd wordt en de wind is nog S 3. Nu een kruisrak naar de LC6-VZ1. Het weer wordt langzaam aan bewolkt en passeer de LC6-VZ1 om 19:38. Volgende rak is een voor de winds rak naar de WV14 boei nabij Den Oever.. Het wordt donker en besluit geen gennaker te zetten en een beetje al varend eten te koken en koffie en thee te zetten. Dat is de luxe van dit grotere schip, dat kom met m’n vorige bootje echt niet. Zittend op de kajuitingangdrempel met armen op het schuifluik hou ik di goed uit, de Autohelm zacht brommend en goed sturend richting Den Oever. Van Den Oever naar de EZ 29 bij het Commissarislicht is met deze wind niet bezeild en volgens de Weeronline gegevens zou de wind rond 02:00-05:00 s’nachts naar het SSW of SW draaien.. Na het ronden van de WV14 boei om 21:41 probeer ik nog even het aan de windse rak maar ik kom niet hoger dan 120-130 graden terwijl de koers 145 RW moet zijn. Zo’n lang kruisrak is niet handig. Dus besluit om ten anker te gaan iets onder de dijk bij het haventje “Oude Zeug”.Om 22.15 plopt het anker het water in en drink een borrel. Even later komt Pamela -“Lady Blanche” -ook vlak bij me ten anker liggen. We praaien wat heen en weer over wat we willen gaan doen. Op een licht deinend schip val ik een diepe slaap.

Zaterdag 2 oktober 2004
Als s’morgens de wekker afloopt on 05:30 is de wind inderdaad SSW- tot SW kracht 3/4. Om 06;15 haal ik het anker op en en vaar onder vol tuig naar de WV14 boei waar om 06:40 ik aan een van de laatste rakken begin. Goed dat ik de avond ervoor op de SSW  of SW wind heb gewacht want het is nu een mooi bezeild rak.  Met mooi zeilweer ga ik richting het nieuwe vogeleiland “de Kreupel” nabij Medemblik. In vaar net onder langs het eiland en overweeg even in de luwte van het eiland de gennaker te zetten. Nee, de wind trekt toch aan denk ik en doe het niet.

Net na het eiland lijk ik heel langszaam vast te lopen en gooi het roer om. Nee, ik zit nu echt vast… Het is nu 07:57. Onder zeil en vol motorvemogen probeer ik los te komen in de richting waar ik vandaan kwam. Zit dus aan lagerwal op het bankje. Ik stop de motor en zet even de positie nauwkeurig in de kaart. 1,7 mtr zegt de kaart en dat is niet genoeg vooor mijn 2 mtr. diepe schip. Balen zeg… “Vaar je de avond ervoor in het donker met SE 5 het halve Wad over met de ene bank na de andere en een diepte meter die het soms even niet doet” denk ik nog… Loop je met mooi weer, lekker uitgerust en genietend van een kopje koffie op klaarlichte dag aan de grond. Na een 15 min besef ik dat ik zelf niet los kom, strijk de zeilen en besluit op Ch 16 Den Helder Rescue maar te roepen of ze “toevallig” een reddingsboot hebben. Gaan ze voor zorgen beweren ze.. Ik blijf stand-by op Ch 16 en hoor een reddingsboot uit Andijk zich melden voor een actie. Evenn later, rond 08:35 komt een snelle RIP aanstuiven met 6 man aan boord. Snel zetten ze 2 mensen over op mijn schip en we stellen on voor. “Met 6 man sterk” merk ik op, en krijg het antwoord ” ach, het is zaterdagochtend en het is mooi weer” Ze suggeren dat ze zo’n actie ook wel leuk vinden.. Ik weet uit mijn werk dat deze mensen van de reddingsdienst zo fanatiek zijn in hun (vrijwillige) taak. Daar kun je een bepaald respect voor hebben. Op het voordek wordt snel een sleepverbinding belegd op de beide kikkers en de redddingsboot gaat langszaam trekken. Met eigen vermogen volaan komt het schip langzaam los en rond 08:40 vaar ik weer op eigen kiel. De 2 bergers aan boord willen nog wat gegevens vann het schip hebben en vertel dat ik met een zeilwedstrijd bezig ben.. “Waar is de rest van het veld dan?” vraagt een andere berger.. Ik vertel van de “200 mijls solo” en geef het www adres. Ik vul een donatieformulier in voor hun broodnodige financieele steun en bedankt de mensen hartelijk. Hijs m’n zeilen en ga met een “ruime boog” om de (voor mij gevaarlijke?) ondiepte heen. Weer terug in de strijd met eeen beetje schaamrood op de kaken…

Verder richitng de EZ27 boei. Op het laatste stukje zie ik meerdere solovaarders hoger varen en begin het vermoeden te krijgen dat ik niet naar de juiste boei vaar. Inderdaad, het moet de EZ29 zijn en ga snel loeven, en moet uiteindelijk de laatste kabels nog een kleine slag maken. Om 11:52 klok ik deze boei middels en druk op de groene knop. Telkens moet ik denken daan de waarschuwing om de rode knop niet te gebruiken. Wat voor effect zou dit hebben houdt me bezig. Snel motor aan en naar de Houtribsluis. Tussen 12:10 en 12:30 passeer ik de sluis en ga richting OVD3 boei. Ga samen met een Etap 30 ( Baraka II ) het gat uit daar en jammer dat die iets verder weg zit want ik zie deze Etap flinke sprongen maken op de best wel hoge golven. Dit zou leuk zijn voor foto’s!!. Om 13:39 passeer ik de OVD3 boei en ga op een mooi bezeild half/aan de winds rak naar de Nek boei. Best wel hoge golven in dit hoekje van het Markermeer merk ik op. Dit zeilen is echt genieten, goede snelheid ( 6,8 tot 7,2 kts) en bereken later een gem. van 6.8 kts. Maak een paar foto’s van andere zeilschepen, en loop enkele schepen voorbij. Ik bel met het thuisfront over een mogelijke aankomsttijd in Muiden. Besluit na de Nek boei (ETA 13:15) een betere ETA Muiden te geven. Na de Nek boei blijkt mijn vermoeden waar en het rak naar het Paard en de IJM17 boei is niet bezeild. Enkeke hele donkere buien trekken over en zie soms 35 kts (dikke 7 kleine 8 Bft)  wind op de windmeter staan maar het gaat goed en vaar nauwelijks overtuigd. Zie Paul Heijmerink met zijn “Ami Bai” in noordelijke richting varen met dubbel rif en geen fok. Die verwacht zeker ook de voorspelde windstoten, en vriendelijk wijst ie op de donkere wolken in de ZW hoek van het Markermeer. Maak een lange slag richting de Block van Kuffelen en ga net voor de dijk overstag. het laatste stuk een nek aan nek gevecht met de “Almare” (Spirit 32) van Jaap Homan. Hij wisseld zijn voorzeil voor een HA fok en loop iets uit op ‘m. Hij heeft een snel tuig zo te zien en besef dat ik iets aan m’n tuig en trim moet doen want ik zou in pricipe sneller moeten kunnen. We gaan beide overstag wat hij sneller doet met zijn HA dan ik met mijn volle genua en loopt.

Ondertussen mijn ETA Muiden doorgegeven aan mijn vriendin die me komt verwelkomen in Muiden. Nabij de IJM geul zie ik de “Almare” doorvaren richting Muiden en vermoed dat ie vergeten is naar de IJM 17 te varen ipv de M1. Even twijfel ik ook en kijk nog even in het Logboek. Nee, alle banen moeten naar de IJM 17. Om 18:51 klok en fotografeer traditiegetrouw ik de boei en is mijn 4de  200 mijls solo wedstrijd een feit!!. Ik heb het weer gehaald, genoten en nog redelijk goed gevaren vind ik zelf. Baankeuze 1 was een topper. “Well done, Beetje!” zeg ik tegen mezelf. Strijk zeilen, start motor en ga al opruimend richting Muiden. Meer het schip in een nauwe opening naast een Transat genaamd “Piccolo”. Ben wel benieuwd hou hij heeft gevaren.

Na een warme ontmoeting met vriendin en wat gegroet en geklets met medezeilers op de kade besluiten we bij de hinees in de hoofdstraat te gaan eten en heb een voldaan  gevoel over de afgelopen dagen. Na een comfortabele nacht thuis gaan we de volgende ochtend het logboek inleveren op het start-finishschip en ons afmelden voor deze wedstrijd. Begin middag zeilen Jolanda en ik samen (de solo vlag gestreken) en relaxed met gennaker op richting (tijdelijke) thuishaven Monickendam waar we om rond 17:00 meren en opruimen.

Nu ik dit schrijf (11 oktober ) en af en toe de 200mijls site heb gezien en als ik denk aan de mensen die ik voor, tijdens en na de wedstrijd tegenkwam valt het me op dat dit zo’n enthousiast groepje mensen is. Op foto’s lacht iedereen, iedereen is tevreden lijkt het wel. Een wedstrijdleiding die daar zo veel tijd en energie instopt en dit met een geweldig fanatisme doen.

Jan Luijendijk, Bob en Marco Luijendijk, Fam. Capel, sponsors en iedereen die meegeholpen heeft; allemaal bedankt voor jullie inspanning. Ik waardeer het! Een inschrijfformulier voor volgend jaar! Zou dat kunnen??.

Op dagen erna zie ik op de site dat de voorlopige wedstrijdstand 22 is en wat ik prima vindt..

– 80 solo schippers hebben ingeschreven w.o 4 vrouwen
– alle 4 de vrouwen voeren de wedstrijd uit
– 71 solo schippers zijn gestart
– 53 soloschippers zijn gerelementair gefinshed
– 16 schippers hebben de wedstrijd gestaakt

Uitslag wedstrijd

1e prijs : Bart Boosman ( Boosman JB )
2de prijs : Bart van Breeschoten ( Waarschip 660 )
3de prijs : Bauke Yntema ( Winner 950 *130 )
Vrouwentrofee : Jacqueline van Amstel ( X-362 )

Van de 15 gezeilde rakken 5 kruisrakken waarvan 15 mijl de langste was (Nek –  IJM17).
Van Bart v Breeschoten geleerd ” een geduldig schipper heeft altijd de juiste wind” dus soms proberen te wachten op de juiste wind en zo proberen kruisrakken te voorkomen of juist s’nachts doorvaren als de wind goed is..

  • De gem. snelheid per rak zou omhoog moeten kunnen dus daar moet ik nog iets aan doen…
    Betere zeiltrim, nauwkeurig sturen. Zo goed mogelijk trimmen op aan de windse rakken meer HA fok gebruiken.
  • De lengte van route 1 = 230 nm en heb volgens het track 255 nm gevaren. Deze 25 nm zijn onnauwkeurig sturen en de kruisrakken. Zie item 1, kruisrakken proberen te voorkomen.

met vriendelijke zeilersgroeten

Barend Peters

s/y “Layam”     NED 7359
Beneteau First 35
startnummer 46

 

Logboek gegevens

merkteken datum /  tijd wind zeilvoering rakafstand
M1 woensdag
29/09/04
07:58 WNW 5 0 nm

afstand

zeilkoers gem. speed
per rak
grootzeil – 1ste rif – genua 10 kruisrak 5 kts
GZ2 “–“”– 10:00 NW 5 10 nm
grootzeil – gennaker 7 kruisrak 4,38 kts
NEK –“”– 11:36 NNW 5 17 nm
grootzeil – genenua 11 ruime k 5,89 kts
OVD3 –“”– 13:28 NNW 5 28 nm
grootzeil – 1ste rif – genua 15 a/d wind 6,25 kts
P15 –“”– 15:52 NW 4 43 nm
Oranjesluis-Noordzeekanaal-Sluis IJmuiden – Seaport Marina
Baloeran donderdag
30/09/04
14:35 ESE 3 43 nm
grootzeil – gennaker 32 ruime w. 7,30 kts
MH4 –“”– 18:58 SE 4 75 nm
grootzeil – 1ste rif – genua 5 a/d wind 8,58 kts
T12 –“”– 19:33 SE 5 80 nm
grootzeil – 1ste rif – genua 18 div krsn 5.84 kts
BO8 –“”– 22:38 SE 5 98 nm
grootzeil  – genua Lorenzsluis
VF4 vrijdag
01/10/04
09:19 S 4 98 nm
grootzeil – genua 16 kruisrak 4.02 kts
WP12 –“”– 13:15 SSE 2 114 nm
12 5.71 kts
H2 –“”– 15:20 SE 3-4 grootzeil – genua 126 nm
grootzeil – genua 6 5,45 kts
Sport B –“”– 16:26 S 3 132 nm
grootzeil – genua 10 kruisrak 3.13 kts
VF1 –“”– 19:38 SSE 3 142 nm
grootzeil – genua 9 4.39 kts
WV14 –“”– 21:41 S 2-3 151 nm
grootzeil – genua ten anker nabij WV14
WV14 zaterdag
02/10/04
06:40 SSW 3-4 151 nm
grootzeil – genua 23 4.42 kts
EZ 29 –“”– 11:52 SW 5 174 nm
grootzeil – 1ste rif – genua houtribsluis
OVD3 –“”– 13:39 SW 5 174 nm
grootzeil – 1ste rif – genua 11 6.88 kts
NEK –“”– 15:15 SW 5 185 nm
grootzeil – 1ste rif – genua 15 kruisrak 4,14 kts
IJM 17 –“”– 18:52 SW 5/6 -> 4 200 nm

gem. 5,54 kts

Je moet zeilen bij de wind van vandaag
de wind van gister helpt je niet vooruit
de wind van morgen blijft misschien wel uit
Je moet zeilen bij de wind van vandaag.

 

 

Verslag 200 mijls 2004 door Bauke IJntema met Catootje

Verslag 200 mijls 2004. Bauke IJntema met Catootje
29-09-04 Woensdag Muiden.
Om 6.30 uur maken de eerste schepen los, om de schepen die achter in de haven liggen ook de kans te geven om op tijd te starten. Ik lig in de voorste rij dus ben ik vroeg het water op.
Ik besluit om nog een even te wachten omdat ik route 1 wil gaan varen en vanmiddag niet te vroeg bij de P15 (Durgerdam) wil zijn vanwege de maximale rust tijd van 24 uur die waarschijnlijk nodig zal hebben om met het juiste tij te start te kunnen maken bij IJmuiden.

Ik lig aan een platbodem en zie zo een groot deel van de deelnemers voorbij varen naar de start. Maak van divers foto’s van optuigende collega’s. Ik wil rond 15.00 uur bij de P15 zijn en besluit om 7.30uur maar te starten. Ik heb een rif gezet maar als ik buiten ben besluit ik toch maar vol te gaan. Het is op laatst een wedstrijd. Het waait w/nw 4 tot 5. Vlak voor het paard van Marken ruimt de wind naar n/nw en neemt toe tot een kleine 6 in een bui. Gelukkig op tijd het rif weer gezet! Ik loop niet goed aan de wind en heb eigelijk nog te veel zeil.
Besluit door te zeilen omdat na de bui de wind wel weer zal afzwakken. Ik ben net achter Erik Jan Hardonk gestart en ben hem na de GZ2 nog niet voorbij. Zit me niet lekker. Ik moet sneller kunnen. Bij de Nek aangekomen zit ik wel dichterbij hem. Als ik de Nek boei rond geeft mijn GPS/GSM melder geen enkel sjoege. Geen piepje of lampje! Nou ja het is ruime wind naar de OVD3 (Lelystad) dus eerst maar de Spi omhoog! Na wat geworstel met de spi gaat het super! Lekker surfend op de golven. Ga nu eindelijk Erik Jan voorbij!

Voor de OVD3 op tijd de spi er af. Ik begin daar 0.7 mijl voor de boei mee en dan kan dat net. Het is wel hard werken. Dan bij de boei gps/gsm indrukken (misschien doet hij het nog) log stand en tijd noteren en ook nog een foto maken en snel gijpen, Sjit de bak stag staat nog door! Dit soort momenten is het wel zweten! Tjeerd (de windvaan) aangekoppeld en de boel lekker getrimd en we stuiven met 6.5 tot 7.2 knop richting Durgerdam. Eta 14.45 uur! Komt mijn inschatting van 15.00 uur aardig uit. Zo nu eerst even uitgebreid lunchen terwijl Tjeerd stuurt. Om 14.51 uur gefinisht bij de P15. Samen met Gio Schouten de tocht door A’dam en het Noordzeekanaal gemaakt. Rond een uur of 19.00 uur de Marina binnen. Het was een mooie zeildag! Morgen wordt het spannen of er genoeg wind zal staan om Den helder te bereiken.

Donderdag 30-09-04
Ik had graag willen uitslapen maar ik ben te onrustig en ben voor achten al op. Vandaag alle tijd ik hoef pas om 14.50 te starten. Later kan niet i.v.m de maximale 24 uurs rust periode. Het tij begint pas om 16.00 uur mee te lopen. De meeste andere deelnemers die ook in IJmuiden liggen moet al eerder weg dus zullen toch al gauw de eerste 2 uur stroom tegen krijgen. De verwachtingen die ik van Erik Opmeer (mijn steuntje op de wal) door krijg van de windguru beloven niet veel goeds. De kustwacht en de windlijn voorspellen wel wind.

Rond 14.00 uur al buitengaats en er is een prima zuid oostenwind kracht 4. Er staat duidelijk nog stroom tegen bij de boei dus besluit ik maar zo lang mogelijk te wachten. Om 14.44 uur dan toch gestart.
Het gaat erg hard op spinaker. Ondanks een klein beetje stroom tegen toch nog 6.5 tot 7 knopen op de gps. Doordat het schijnbaar halve wind is loop ik zelf enkelmalen uit het roer.
Ik loop op een paar voor mij gestarte schepen in. En door niet door het schulpengat te gaan maar dicht onder de Noord-Hollandse kust en heel dicht om het kaap hoofd haal ik er weer een paar in ik kan dierdoor ook net de kardinale boei (MH14) voor de haven ingang van denhelder aanlopen zonder een slag te maken. Na deze boei gaat het loeihard naar Oudeschild.

Ik was van plan geweest om te stoppen bij oude schild maar de het gaat nu zo lekker dat ik besluit om door te varen en dan kan ik de Z.O wind voor het eerste rak op het ijsselmeer nog goed uit nutten.

Ik zeil samen op met Barend Peters. Samen duiken we nacht in op de Texelstroom richting Kornwerderzand. Er is een stuk niet bezeild en de wind zet flink door. Eerst maar een rif steken.
Het stuk tussen de Texelstroom en de Dove balg lijkt eindeloos en als ik mooi de ton kan bezeilen dan lijkt het er weer op of de wind krimpt naar het oosten. Uiteindelijk in de Dove balg kan er weer een knik in de schoot en zijn we zo maar bij Kornwerderzand. Barend Peterse heeft me niet bij kunnen houden met beneateau 35 voet! Geeft me wel voldoening.

Met 3 solo zeilers gaan we door de sluis. De sluis wachter vraagt of er soms een race is. Ik leg hem uit wat we aan het doen zijn. Als we de sluis uitvaren wenst hij ons een goed tocht en of we wel voorzichtig doen zo alleen op het water. Ik vaar gelijk door richting de VF4 waar ik opnieuw start en halve wind met windkracht 5 richting de WP12 stuif. (ligt in de buurt bij het nieuwe eiland bij Medemblik). Het eerste eind laat ik Tjeerd (windvaan stuur inrichting) sturen. Kan ik even rustig aan doen en wat eten en een lekker muziekje op de walkman maakt het weer een prachtig tocht. Het is wel k. weer. Veel regen en slecht zicht. Dat belooft nog wat bij de wp12 die is namelijk onverlicht! Op een gegeven moment komt de maan door de wolken heen en dat geeft de burger moet. Met dit licht kan ik de boei toch zeker wel vinden.

Vrijdag 1- 10-04
Maar helaas als ik bijna bij de WP12 ben en ik moet gaan opletten, begint het flink te regen en ik zie helemaal niks! Ik rol de fok in en zwalk even rond op het waypoint maar kan geen boei vinden. Ik besluit nog een stukje (0.2 mijl ongeveer richting Medemblik te varen zodat ik zeker ben dat ver genoeg geweest ben. Ga dan overstag en vaar door richting Hindelopen. Noteer mijn geschatte tijd en druk toch nog maar even op de gsm/gps zender voor de zekerheid. Ik denk dat die het toch niet doet.
Helaas geen foto van de WP12. Ook naar Hindelopen gaat het weer hard. 6.7 tot 7 knopen snelheid. Ik meer af in de oude haven vlak naast het sluisje. Het is nu kwart over 4 s,ochtends.

Ruim de zooi op en neem nog een flinke bak soep en ga slapen. 2 uurtjes later krijg ik een buurman. Het is Bart Breeschoten met een Waarschip 660. Hij heeft dezelfde route en is ook uit IJmuiden vertrokken.
Om 9.00 uur maak ik Bart wakker ik wil naar buitenom te ankeren. De wind zou west worden maar blijkt vandaag ook nog in de z/zo hoek te blijven. Dan wil ik gelijk mijn ankertijd in vullen. Bart gaat mee naar buiten en zo liggen we beide voor de rede van Hindelopen.

Ik twijfel zal ik blijven liggen totdat de wind draait of toeneemt? Ik besluit maar naar de sportb te varen en dan in Breezandijk mijn 3e rust periode te pakken. 16.24 uur gestart. Op spi gaat niet erg hard maar ben mooi voor donker binnen in Breezandijk.
s’nachts komt Bart weer naast me liggen. Hij houd me wel uit de slaap zeg!

Zaterdag 2-10-04 Ik had verwacht dat de wind in de nacht zw ging worden maar pas in de ochtend is het zover. Ik wil zo spoedig mogelijk vertrekken, als het een beetje mee zit wil ik vanavond in Muiden zijn.
Na de start bij de sport b begin ik te twijfelen. Nog maar weinig wind en nog niet eens bezeil ook! De wind zou vanochtend nog ruimen was de voorspeling. Nou niks aan te doen, doorzetten. Inderdaad als ik bijna bij de VZ1 (Stavoren) ben, ruimt de wind flink en loop ik met een kink in de schoot naar de ton. Dit betekend wel dat het volgende rak naar de WV14 (Den Oever) bijna niet meer bezeild is! Ach je kunt niet altijd geluk hebben! Ik had toch beter wat later kunnen starten. Na de WV14 is het een lang rak richting Lelystad. Ik vaar samen op met Martin Selles.

Ik gaat lekker hard. Doordat ik afsteek over het Enkhuizerzand komen we toch bijna gelijk aan in Lelystad. Plotseling zie ik Albert Broshuis ook varen en rond na mij de ton. In de sluis even bij praten. Het is 14.51 uur Als ik weer van start ga bij de OVD3 (Lelystad zuid) op naar de Nek (Hoorn). Een prachtig halfwinds rak. Eerst wat weinig wind maar op het laatste stukje komt er een bui over en ik loop 2x uit het roer. Toch maar even reven. De reef zit er in maar kan er na 15 minuten ook wel weer uit. Ik ben bijna bij de Nek, eerst maar even kijken maar het is op dit moment niet bezeild naar het Paard v Marken. Ik twijfel. Passeer de ton foto, plaatsbepaler indrukken, logstand en tijd. Ben ondertussen overstag gegaan. Alles gaat mis. Schoot blijft hangen, de stuurautomaat schiet los, Ik vloek een keer hard en besluit niet door te gaan maar een rustig anker plek op te zoeken aan hoger wal. Bewust ga ik niet Hoorn binnen omdat ik nu beter de het weer en de wind in de gaten kan houden. Ik ga vannacht of morgen ochtend wel verder. Het weer wordt er ook niet fraaier op. De ene bui naar de andere.
Een lekker potje koken, logboek bijwerken en even rusten. Ondertussen luister ik diverse weersberichten af. Als ik het goed begrijp kan het tussen 00.00 uur en de ochtend wat rustiger worden en kan de wind iets gaan ruimen. Op zondag ochtend wordt weer z zo voorpelt. Ik besluit maar rond middernacht te starten. Om 23.00 uur anker op en op naar de Nek. Het is nog 4.5 mijl varen naar de Nek.

Zondag 3-10-04 00,17 uur gestart. Het is nog steeds buiig en het paard v marken is nog niet bezeild over bakboord. Eerst maar een slag over stuurboord richting de Hollandse kust.

Later ruimt de wind inderdaad en kan ik met een klein knikje flink snelheid maken naar het paard. Op het IJ meer neemt de wind inderdaad af en kan het rif er uit. Het wordt een hele mooie heldere nacht met een bijna volle maan als feest verlichting erbij. Het is nu wel een vol kruis rak naar Muiden. Maar het gaat best goed. Catootje met haar korte kiel presteert met lichter weer beter aan de wind. Dus denk ik dat ik toch een goede keuze heb gemaakt.
Ik geniet echt met volle teugen en zit lekker zelf te sturen. finish om 4.19 uur bij de M1. Als ik binnen loop ben ik best tevreden over deze 200 myls. Ik denk dat ik best wel aardig mee tel in de uitslagen. Mij gevoel zegt me dat ik wel bij de eerst 5 kan zitten. Nou ja afwachten.

Binnen in de haven is het al erg druk met solo schepen. Ik ga maar naast het statenjacht liggen op de buitenzijde.

Vul eerst mijn logboek nauwkeurig in voordat ik op bed ga. Tot mijn grote verbazing ontdek ik dat ik niet bij de M1 moest finishen maar bij IJM 17!! Alle jaren was de finish bij de M1 en dit jaar dus niet!

Ik baal vreselijk!
Ten eerste was dat dichterbij dus had dat zeker een 15 tot 20 minuten zeiltijd gescheeld en ten tweede, hoe gaat de organisatie hier mee om? Nou ja mopper, mopper, de boel in gevuld en klaar gelegd zodat ik dat straks kan inleveren. Ik wil vanochtend nog richting huis. (Workum)
Eerst nog maar even slapen.

In de paar uurtjes dat ik nog slaap heb ik de vreselijkste visioenen van boeien dit ik moet ronden en fotograferen maar niet kan bereiken.

Bauke IJntema (Catootje)

 

Verslag van Jules Banffer

Heb Ernst met zijn Pogo ook gemist. Had dat snelle bootje graag van dichtbij gezien, maar heb niet het gevoel dat hij er dit jaar veel wedstrijden mee heeft gevaren.

Voor mij was de 200 myls in- derdaad een erg pittige wed- strijd.
De eerste dag hield mijn stuurautomaat er mee op.
Op de terugweg bij Lelystad viel mijn gps stuk in de kajuit en bij de Nek-boei woei mijn kaart overboord. toen ik in het donker de gz2 niet kon vinden, ben ik naar het open Markermeer gezeild en heb de Blocq van Kuffeler opgezocht.
Even rust in de boot. Daarna de tocht dus weer uitgezeild.
Ik zie dat mijn logboek niet duidelijk genoeg is ingevuld, dus de tijden op internet kloppen niet. Dat is niet zo’n probleem, want dicht bij de laatste was ik toch wel geeindigd en voor mij blijft alleen al het uitzeilen een geweldige prestatie.
Welliswaar noem je de Rush 21 een Mini, maar het model is al 20 jaar oud (eerder een Mini IOR-racer) en ik heb absoluut niet zoveel zeil op als Riaan of Ernst.

Het is buffelen en beulen op 21 voet, maar het blijft een geweldige tocht.

Groeten en hopelijk lukt het me om er woensdag 13 oktober bij te zijn.

Jules Banffer
Dondersteen

Woensdag “Gehaktdag” door Gerrit Schuur

Harderwijk 07-10-2004

Woensdag “Gehaktdag”
Door: Gerrit Schuur

Ik weet niet , of dit gezegde algemeen in Nederland bekend is , maar in elk geval wel voor de Veluwe en omstreken , is het een bekende kreet . Op de bewuste woendag kun je dan goedkoop alle soorten van vermalen vlees krijgen en , mits goed bereid , is het best lekker .

 

Woensdag 29 – 10 -2004 was voor mij een echte “gehaktdag” , maar dan meer in het persoonlijke vlak , ik voelde mezelf als gemalen vlees , als een “gehaktbal” aan het einde van het eerste stuk van de 200-myls .Ik moest en zou nou eens een keer het Wad op gedurende deze 200 myls en zo geschiedde dus —.

Bijna het gehele traject Muiden- Kornwerderzand was hakken en nog eens hakken tegen die wind in.

Dan blijkt ook , dat je met een kortere kiel (1,42 M ) niet mee kan komen met boten met ongeveer dezelfde waterlijn maar met meer diepgang .

Al met al , toch redelijk heel , in het donker ,met buien , aangekomen ,waarbij de VF 5 bij druk verkeer gepasseerd werd en zie m`n werkte mooi—-niet!!

Ondanks het opladen (dacht ik!) bleek er onvoldoende power in te zitten.

Jammer dan.

Het ding had voor die tijd feillos gewerkt ,dus werd gewoon verrast.

Donderdag ,30-09-`04 beloofde een mooie dag te worden dus wonden gelikt en gewoon doorgaan.

Na geschut te hebben,alles klaar gemaakt voor de trip Kornwerderzand – Oost-Vlieland.

Moest wachten op gunstig tij en zie , daar kwamen nog drie andere “Wadgangers” aan!

Na goed positie te hebben gekozen t.o.v. BO 8 werd de gennaker gezet met het doel nu eens even fluitend naar Oost-Vlieland te sprinten , maar het werd toch een beetje kommer en kwel omdat continue zeil gewisseld moest worden tussen die gennaker en de genua omdat met de wind precies achter die gennaker niet werkt , en met lede ogen moest ik toezien dat de anderen met normale spi op , weer wegliepen!

Maar het was toch een heel mooie trip en je krijgt weer ontzag voor die sterke stroom met springtij in die geulen en het was echt oppassen met die tonnen , dat je er niet opgezet werd met die variabele zwakke wind.

`tWas lekker rustig in de haven en kon m`n eigen “batterijen” weer wat opladen.

V.w.b. die gsm/gps–problematiek , het bleek dat het ding niet goed genoeg in de oplader bleef zitten (vooral als het wat bumpy was ) waardoor het niet genoeg oplaadde na een gemelde positie

Na hier wat aandacht aan te hebben gegeven ging het een stuk beter (vond ik teminste!)

Vrijdag , 01-10-`4 moest het dan maar gebeuren ,lekker “buitenom” weer naar Kornwerderzand via Marsdiep en het Wad.

Dacht toch echt zorgvuldig geplanned te hebben maar aan gekomen dicht bij het Schulpengat bleek de stroom al tegen te staan en er moest gelaveerd worden dus—–“tel uit je winst”!!

Doch eenmaal Texel gerond te hebben via het Marsdiep floten de boeien langs.
Was nog nooit in het donker het Wad over geweest en zeker niet alleen maar het moest er nu toch maar eens van komen .

Is me best meegevallen , goed plannen en het systeem van de boeien even doorhebben EN redelijk zicht houden zijn wel belangrijke voorwaarden , heb ik gemerkt .

Zelfs een klein stukje laveren is me meegevallen ,dus dit smaakt naar meer.

Kon het hele stuk over het Wad met de genua doen hoewel er , zo nu en dan , wel wat veel wind voor stond maar kwam moe , maar voldaan weer in Kornwerderzand binnen.

Daar hadden ze typisch op me zitten wachten want ik kon zo naar binnen om te schutten en een plekje om af te meren was gauw gevonden.

Daarna begon het flink te regenen wat het slapen allen maar aangenamer maakte!!

Zaterdag , 02-10-`04 , tja , ik moest nog een keer ankeren en de wind zat nu natuurlijk pal Zuid/Zuid-West.

Dan maar in een keer door ,via Medemblik , Stavoren , Lelystad ,naar Hoorn waar een goede ankerplaats is en vandaar het niet ver meer is naar Muiden.

Dus weer een hoop “hakwerk” tot aan Lelystad en daarna naar de NEK en Hoorn.
Het hele stuk tot aan Lelystad werd weer “high-aspect” en grootzeil met een à twee riffen erin.

Bij de OVD 3 was de wind weer wat afgezwakt en waagde ik weer de genua-grootzeil –combinatie —en jawel hoor , halverwege de NEK werd het erg donker in de verte en kon de genua er dus weer afhalen .

Beetje aan de late kant , want de wind was al toegenomen en had een aardige klus om die grote lap naar beneden en geborgen te krijgen .

Dat kostte me dus weer de zeilinvoer van het voorstagprofiel ,welke met een triomfantelijke “pinggg” uit het profiel sprong en in de plomp verdween.

Je zit dan met een kale voorstagprofiel met heel scherpe randjes en hijs daar dan maar eens een zeil in—!!

Maarrrr je wordt inventief , — gewoon zodanig voor de wind gaan varen dat je voorstag bijna afgedekt wordt en krijg je toch die High-Aspect er weer op.

Ankeren in Hoorn in het donker was ook wel aardig , `twas erg druk en vond een goed plaatsje dicht tegen de wal van de baai.

En ja hoor , de eerste keer hield het anker voor geen meter, gauw ophalen —–bleek er een jute zak om m`n anker gewikkeld te zitten !!

Er zat gelukkig niemand in (je verbaast je tegenwoordig toch nergens meer over??!!) ,zelfs geen “kat in de zak” dus gauw die handel er af en de tweede poging was raak en rust in de tent dus —SLAPEN.

Zondag 03-10-`04 , was vroeg wakker want was niet helemaal zeker wat die wind zou doen.

Dat `ie “tegen” stond , had ik me al mee verzoend maar blijft `ie ook waaien , want ik herinner me nog dat het weekend windstil zou zijn—–.

Nou het werd geen probleem hoor, het werd weer high-aspect/grootzeil met rif , zo nu en dan ,en natuurlijk was niets ineen keer te bezeilen .

Om iets voor elf uur werd de IJM 17 vastgelegd en was deze “Happening” ook weer teneinde.

Het geheel overziend , was het weer een leerzame en mooie reis en houd me weer aanbevolen voor volgend jaar !!

Met vr. zeilgroet

Gerrit Schuur met “Myrlette”

 

Is er nog clementie? door Kees de Wit

Is er nog clementie ?Door : Cees de Wit
200 myls ‘SOLO’ 2004Dinsdag 28 september palaver bij ’ome Ko’ in Muiden.
Een hartelijk ontvangst met koffie en gebak, ik begroet oude bekenden en de andere ook maar tegelijk. We krijgen onze cap(een groene dit jaar) logboek, fototoestel en GPS uitgereikt.
Deze laatste is nieuw in de wedstrijd, hij moet worden geactiveerd binnen 5 meter van de ‘aan’ te varen boei, en geeft de preciese positie en tijd door. Verder ‘weer’ adviezen en er werden energie-pillen uitgedeeld: Wham dit is TOPSPORT.Woensdagmorgen 29 september koos de Foetsie het ruime sop tegelijk met een Trimaran, slechts 7 min, heb ik deze kunnen bewonderen toen was ze uit het zicht verdwenen: Wat een speed!!!!!

Het is niet echt zonnig en bij het ‘paard’ brak de bui los, reven en inrollen, Nu is zo’n inrolding wel handig maar het kruist voor geen meter. Met lede ogen moest ik toen zie hoe iedereen mij voorbij vloog. Had ik maar gewisseld voor de highes a Spack.
Waarschijnlijk had ik dan hetzelfde gevoel ‘van had ik maar’ gehad want Ik zag, me toch een schip met van die prachtige strakke zwarte zeilen Black Magic voorbij komen. Schijnbaar hoeft die niet te reven.

Bij de O.V.D. was ik compleet uitgewoond dus maar een rustpauze inlassen. In de Bataviahaven lag de oudste deelnemer al afgemeerd en met een hartelijk ‘ha die Kees’ wilde hij zijn pannetje eten wel met mij delen. De gedachte alleen al! Met een smakelijk Harm, dook ik de kooi in.
Het thuisfront gebeld, en Ans mijn gade, je weet wel waar ik mijn hele leven al meegetrouwd ben, wilde me wel komen halen.
‘Ach, ik ga sluizen, voor anker en na een flinke boerennacht zie ik wel verder’. Het is ong. 17 uur en ik ben wat ver van de sluis. Probeer zo snel mogenlijk door te varen. Voor de sluis ligt een groot schip, het krijgt groen licht, en ik hoor nog ‘Als je door vaart kees, houd ik de brug nog even voor je open’ ik bedoel maar!!!!
Ik ga voor anker met in mijn nabijheid Henk van Breda met de Batavus en een Waarschip.
‘s-morgens om 06:30 uur wakker en kiplekker….. als nieuw.

Hendrik gegroet Kees is op weg naar de EZ.29 een zeldzaam schitterende zonsopgang. Spi er op en richting Wieringer Vlaak 14, speed 2,5-5,2 zm.
Op mijn heklicht zat een spinnetje dat in een razendtempo een webje spinde (later op de dag zag ik dat hij zeer effectief voor een week voedsel had verzameld z’n web vol met mugjes).
Bij het eiland regen, bij de WV 14, richting KG 2 geeft Kees er de brui aan. Ben ik hier voor mijn plezier of niet! Die knakker van het weerbericht op 01,wordt bedankt. 3/4 inrollen en een reef erin windkracht 5 a 6 plus regen, dus naar Enkhuizen.

In twee dagen slechts 66 zm, ‘Cornelis dat red jij niet’! Opgeven? Mooi niet! Zondag dan zien wij wel verder. Morgen om 5.30 uur varen.

Bij Staveren Piet Zwaan,’wat een mooie spinaker, zeilmaker zeker’!!

vandaag, vrijdag 1 oktober, (dag van de oudjes) mooie zeildag alleen mijn hoop op zw 4 wordt niet gehonoreerd, ik moet kruisen naar de UK 16 en kon hem pas om 20.02 uur ronden. Ik zou wel de hele nacht door willen zeilen tot aan Kornwerd, maar de te ronden onverlichte WP 12 kun je in het donker nooit vinden. ‘Jan doe je dat niet meer’! Dat betekent voor mij 24uur zeilen, of ik lig er uit …….. offf…krijgen 70 plussers clementie?
In Urk s’nachts dikke buien en ik draai me nog maar eens om. ‘s-morgens windkracht 5 a 6 en het wedstrijdcomite van Urk is druk doende met een wedstrijd naar Enkhuizen.
Ik mocht niet mee doen maar ik wilde wel varen!
Het bloed kruipt waar het niet gaan kan en met de wedstrijdzeilers mee. 09:30 uur van de Urk 16 naar ’t Wagenpad 12 wedstrijd bij Enkhuizen, Klippers, Bollen, Twee- en Driemasters en de Foetsie er midden in .

De boegmannen schreeuwen dat ik moest maken dat ik weg kwam, maar dan moest ik gijpen, zij in de wedstrijd ….. ik in de wedstrijd ….ik wees naar mijn 1 vlag en je zag ze na denken …maar het geschreeuw verstomde.
Hetzelfde geschiedde bij Hindenlopen een veld met X 99 jachten, een grote I.O.R. wedstrijd en … Kees in het midden ertussen, en weer schreeuwen en gebaren …
Met het succes van de vorige keer nog in mijn gedachten wees ik naar de magische vlag! Deze komt in heel het wedstijd-gebeuren niet voor. Maar het geschreeuw verstomde, dat ik wijken moest.
Bijna eerbiedig lieten ze me doorgaan. Van de WP 12 naar de VZ 1, niks stoppen … door naar de VF04.
Menigmaal 6,5 geklokt met uitschieters (dit is een ingekorte finish) naar 7,5 zm. Het gaat fantasties en er is hoop.
Bij de 04 blik naar boven en wat ik daar zag deed me als een haas naar Kornwerd gaan. Goed en wel lag ik afgemeerd en brak de bui los. Windkracht minstens 7 en in zo’n bui naar de Hindeloopen 2 aan lager wal en dat met mijn 70 lentes, ja, dat is de goden verzoeken.
En s’avonds even rekenen. Als ik vanacht om 0.00 uur ga varen dan is het haalbaar. De wind zal west worden… de wekker op 23.00 uur en toen de wekker ging op dat tijdstip …nog steeds regen, onweer en felle lichtflitsen ….inplaats van gaan, de antenne er maar uit.

Zondagmorgen 2 oktober om 5.30 uur starten: in het vaarwater Friesche Vlaak, de 04, geklokt en op naar Hindeloopen 2, een prachtige sterrenhemel, iedereen aanwezig: de Orion, de grote en de kleine Beer en een ster zo groot als een bouwlamp. Het schone van de ochtend duurde niet zo lang, snel wakkerde de wind aan tot een dikke 5 a 6 zzw en regen.
Voor twaalf uur binnen, dat kon ik wel vergeten. De Hindeloopen 2 lag uit de broodnodige hoogte en die 7 mijl redde me toch ook niet, in ieder geval levert het geen beker op.

Op naar de hoge wal. Wat een golven beukten er daar tegen mijn scheepje, vooral toen de wind ruimde naar west. Voorbij Enkhuizen zzw. Eerste slag naar Lelystad, 2e Edam, ver na 12:00 uur om 18:30 uur uur IJmeer 17

Geklokt . Om 22,30 uur in de haven met 292 zm op mijn conto en een goed gevoel in mijn lijf.

p.s.
Is er clementie voor de oude man,
mag hij volgend jaar voor de 10de keer mee doen.????.

Kees de Wit
S/Y Foetsie

 

Wolkenridder Actueel 29 september 2004

Wolkenridder Actueel 29 september 2004

KLM’ers in zeilrace 29 september 2004 –

KLM’ers Gerben Bos, copiloot 737, en Theo Hin, change manager bij het Data Control Centre, nemen deel aan de negende 200 mijls solo zeilwedstrijd van 29 september tot en met 3 oktober.

Beide KLM’ers verschenen met een eigen schip aan de start in de haven van Muiden. Het bijzondere aan deze wedstrijd is het solovaren. Normaal wordt er gezeild met een team van 4 à 5 personen. Nu varen de deelnemers de 200 mijl – ongeveer 350 kilometer – helemaal alleen. De regels schrijven voor dat minimaal zes uur per etmaal moet worden gerust. Dat wordt bijgehouden in een logboek. Nieuw dit jaar is een GPS-systeem dat de afstanden tussentijds peilt.

Het evenement is live te volgen via internet www.200myls.nl, waar Gerben terug is te vinden onder startnummer 12 en Theo onder startnummer 30.

Met de “Rocinant” in de herkansing door Ids Witteveen

Met de “Rocinant” in de herkansing.
Door: Ids Witteveen

Geplubiceerd in het clubblad van De Nederlandse Vereniging van ToerzeilersMijn tweede 200myls

Vorig jaar heb ik na 150 zeemijl opgegeven met de mededeling dat ik het in 2004 weer zou proberen. Nu was het dan zover. Dit jaar had ik mijn kooktoestel cardanisch gemaakt zodat ik ook onder helling wat warms kon maken. Op de andere pit een klein “tafeltje” gemaakt. Prima voor een kop koffie e.d. Tevens een spinnaker geleend. Mijn grootste angst was dat mijn beperkte lichtaccu te weinig capaciteit zou hebben om evt. een hele nacht het 25 watt 3 kleurentoplicht brandende te kunnen houden als ik overdag ook veelvuldig van mijn stuurautomaat gebruik zou maken.Maandagochtend vertrokken uit de thuishaven Makkum. Via een overnachting in Enkhuizen, alwaar ik nog met Fries sprekende Amerikaanse toeristen in gesprek raakte, beland ik ’s middags in Muiden. Daar voorlopig de laatste uitgebreide maaltijd met verse groenten klaar gemaakt te hebben nog even een douche en dan op naar Ome Ko.
Daar waren bijna allemaal oudgedienden. Dat is ook logisch met het voorrangssysteem op de inschrijving. Wel een paar nieuwe dames in ons midden om het Jacqueline van Amstel, meestal de enige vrouwelijke deelnemer, wat moeilijker te maken.
Dit keer kregen we naast het bekende fototoestel, om de boeien op de foto te zetten, ook een pakketje vitamine krachtvoer in 3 verschillende “smaken”, 2 x poeders en 1 x pillen. Dat alles in een veelvoud van vijf zodat we de hele reis optimaal konden presteren. Ook kregen we hier een GSM-GPS apparaatje in bruikleen (kost een vermogen maar is voor het regattabureau natuurlijk een uitkomst om tijdens de wedstrijd de stand op het internet te kunnen laten zien). Dit apparaatje geeft door een druk op de knop (bij de verplichte tonnen) exact de tijd en positie door. Als gevolg van problemen met het opladen werd toch weer het oude systeem van het ’s avond doorbellen van de tijden van die dag gepasseerde tonnen in ere hersteld. Niet iedereen heeft de hele dag een sigarettenplug aan boord over om het apparaat van voldoende stroom te voorzien.De race:Woensdag
Na een goede nachtrust en een stevig ontbijt, brood voor onderweg klaargemaakt evenals een thermoskan koffie. Ook de gekregen vitamine preparaten tot mij genomen onder het motto: baat het niet, schaadt het niet. In de haven liggend was ik weer te optimistisch met betrekking tot de zeilvoering. Buiten de haven snel de genua voor de standaard fok verwisselt en op weg.
Lekker zeilweer met een windje 5 Bf. Tot Volendam bezeilt. Daarna gaat het rif er uit. Bij een ongelukkige overstag manoeuvre raakt de sluiting van mijn fokkeschoot los. Dat valt niet mee om de fok met de hand in bedwang te houden om de snapsluiting weer te bevestigen, maar het lukte na een aantal moeizame pogingen. Van Hoorn (de NEK-ton) naar Lelystad was een ruim bezeild rak. Hoewel ik een spinnaker geleend had, vond ik het te hard waaien om daar mee aan de slag te gaan. Er zit namelijk geen slurf bij en alles aan boord is wat tijdelijk geïmproviseerd, lees: niet optimaal. Teruggevallen op het extra aan loef uitgeboomde voorzeil liep “Rocinant” ook fantastisch. Regelmatig 7 knoop!
Vandaag moesten er flink wat mijltjes gemaakt worden. De verwachting voor morgen was namelijk weinig wind uit zuidelijke richtingen. Dat betekende dus lang doorvaren. Daar ik op het IJsselmeer wilde blijven had ik de keuze tussen route 3 en 4. Vorig jaar route 3 gevaren. Dat zou met de huidige weersvoorspelling een moeilijke worden was mijn inschatting. Gekozen dus voor route 4. Dat betekend na Lelystad (tot Lelystad is de baan voor alle vier de routes gelijk, namelijk vanuit Muiden via Volendam en Hoorn naar Lelystad) voorlopig via Medemblik en Urk naar Breezanddijk.
Het was al weer donker toen ik in de buurt kwam van de onverlichte ton WP 12 bij het nieuw aangebrachte vogeleiland voor Medemblik. Het bleek dat mijn kompasverlichting, hoewel vorige week nog gecontroleerd, het niet deed en ook niet aan de praat te krijgen was. Het verlichte schermpje van mijn GPS dan maar als stuurreferentie. Eigenlijk te fel om continue naar te kijken (slecht voor mijn nachtzicht en irritant) maar er was geen andere keuze. Toen ik volgens mijn GPS ongeveer op de positie van de WP-12 moest zitten liet ik mijn schijnwerper rondgaan. Na enig gezwaai blinkte daar het reflectorbandje om de staak van de WP 12 op.
Hebbes! Gezien de voorspelling van afzwakkende wind en draaiend naar het zuidoosten, zou het wel erg fijn zijn om vannacht nog in Urk te komen. Dan morgen tenminste weer een bezeilde koers met licht weer naar Breezanddijk. Het lukte. De wind, hoewel niet sterk, bleef doorstaan tot na middernacht. “Rocinant” stuurt zichzelf op aan de windse koersen, evt. geholpen door een elastiekje. Voor dit ruimwindse traject wilde ik toch de stuurautomaat voor het eerst
vandaag gebruiken. Blijkt er een slecht contact in de stekker te zitten. Dan maar op de hand en morgenvroeg de stekker even opnieuw monteren. Om 00.33 uur de UK16 op de gevoelige plaat vastgelegd en voorzichtig tussen de onverlichte tonnen mijn weg gezocht naar de haven voor wat rust. Over het traject heb ik 4 uur 23 minuten gedaan. Marjan van de Vrie, met een theoretisch sneller schip (handicap 105,2), die het traject 4 uur later zeilde deed er 7 uur en 7 minuten over! En kwam pas om 7.30 uur in Urk aan toen het al weer licht was. Zij had de hele nacht doorgehaald!Donderdag
Het vertrek uit Urk benauwde mij. Vorig jaar te vroeg vertrokken met te weinig wind. Dat zou me niet weer overkomen. Geen haast dus. Na de reparatie van de stuurautomaat en na meting geconcludeerd te hebben dat het het lampje van het kompas moet zijn dat stuk is, toch maar los gegooid. Dit echter niet nadat de havenmester nog langs was geweest om het speciale tarief voor ’s nachts binnengelopen solozeilers te ontvangen, voor “Rocinant” het vermogende bedrag van welgeteld € 3,nogwat. Buiten met twee andere schepen nog even gedobberd om te kijken wat de wind gaat doen. Voor een goede classificatie in de wedstrijd moet je pas gaan varen als het hard genoeg waait. Daarbij loop je altijd de kans, als er veelvuldig weinig wind is, dat je misschien juist te lang wacht en daardoor niet voor de uiterste tijd van 12.00 uur zondag middag in Muiden terug bent. Daar ik het reglementair uitzeilen van de tocht als hoogste doel had gesteld, toch bij een klein zuchtje om 10.59 vertrokken.
De geleende spinnaker kon nu dienst doen. Ondanks al die vierkante meters doek kwam de snelheid de eerste uren nauwelijks boven de 2 knoop. Daar word je niet echt vrolijk van. Juist op dat moment komt er een sms-je binnen van een paar collega’s die mij veel sterkte wensen en mijn prestaties op het net volgen. Dat geeft de zeilende burger weer moed. Later trok de wind gelukkig aan. Helaas begon het ook te regenen. Voor de kajuit span ik dan een kleedje zodat het niet al te nat wordt binnen maar ik er toch gemakkelijk in kan. Met de paraplu op viel het wel uit te houden en bleef mijn zeilpak grotendeels droog. Met een stevige bries klokte ik, samen met nog een aantal deelnemers, in de schemering om 18.57 de SPORT-B ton. Hoewel de totale afstand na twee dagen pas op 88 mijl stond, genoeg voor vandaag. Eén van de drie rustperioden moet voor anker doorgebracht worden. Daar ik mijn rusttijd het liefst slapend in het donker doorbreng zitten er op route 4 niet veel goede ankermogelijkheden. Breezanddijk is een uitstekende beschutte ankerplaats. Anderen deelden die mening, want de nacht werd daar met minstens tien andere solisten, al dan niet geclusterd, voor anker doorgebracht.
Een aantrekkende wind en veel regen bevestigden de keuze om niet nog een rak door te gaan. Hoewel mijn anker beslist niet overbemeten is, had ik er wel vertrouwen in. Op de motor achteruit bleef het goed zitten. Prima geslapen zonder de wekker op een anker controle tijdstip te zetten.

Vrijdag
Op de christelijke tijd van 7.00 uur werd ik vanzelf wakker. Het ochtendritueel herhaalde zich. Het ontbijt beperkte zich echter tot een klein bordje muesli en brood maak ik helemaal niet klaar. Gisteren niet eens warm gegeten. Normaal ben ik een stevige eter. Zou het komen door die vitamine preparaten die zorgen dat je vet verbrandt in plaats van koolhydraten? Vet heb ik voldoende op navelhoogte. Zou ik daarom geen trek hebben? Na ankerop tegen achten weer in de race. Een kruisrak richting Stavoren. Daar moet “Rocinant” het van hebben. Ze loopt erg hoog aan de wind. Dat bleek ook wel omdat ik een aantal schepen met ongeveer mijn handicap (108) voor Stavoren al weer ruim had ingehaald. Eén daarvan was de “Sun Dance Kid” van Fred Avezaat, een Dehler Optima 830 met handicap van 108.6 die een kwartiertje eerder was vertrokken,
Op het traject naar Lemmer van 10 mijl met een koersje net aan de wind en een afnemende wind, liep deze “Sun Dance Kid” echter weer 24 minuten op mij in. Leuk toch die handicapcijfers! Even dacht ik dat ik er nooit zou komen. Vier mijl voor de SB-10 bij Lemmer en een snelheid van 4 knoop zou het nog een uurtje duren. Drie mijl voor de SB-10 was de snelheid gedaald tot 3 knoop. Nog steeds een uurtje te gaan. Twee mijl voor de ton was de snelheid teruggelopen tot 2 knoop. Gelukkig nam de wind weer iets toe en kon de SB-10 toch gerond worden. Vlak voor de ton wilde een vermoeide spreeuw tevergeefs een bochtje draaien om op mijn schip te landen.
Vijf meter achter de boot belandde hij in het water. Dat was waarschijnlijk zijn laatste landing. Via Enkhuizen. op naar Hindelopen. Dat laatste was een mooi spinnakerrak. Toen ik had besloten om in Hindelopen te overnachten (Het daarop volgende traject van 25 mijl naar Lelystad vond ik een te groot risico. Ik voelde dat ik mijn ogen niet zo lang open zou kunnen houden.) heb ik een maat van mij gebeld of die daar nog voor een nieuw kompaslichtje zou kunnen zorgen. Helaas lukte dat niet meer. Wel lekker in een box gelegen en gedoucht.

Zaterdag
Het begint al routine te worden. In het donker aankomen en in het donker vertrekken. Vandaag moest de beslissende dag worden. Na drie hele dagen zeilen 134 mijl afgelegd. Vandaag moest er dus stevig aan getrokken worden. Vroeg op dus maar. Om 5.33 uur was ik weer in de wedstrijd. Voor mij voer Pamela van der Vleuten met haar “Lady Blanche” onder halfwinder. Ik zag het gebeuren: haar val knapte of iets dergelijks en haar voorzeil belande in het water. Dat betekende weer 10 minuten dobberen (niets vergeleken wat voor haar de komende nacht nog staat te gebeuren, namelijk een aanvaring met een charterschip).
Omdat de punt van de ondiepte bij Trintelhaven niet al te ruim bezeild was en je nooit weet of de wind niet 10° draait, eerst maar iets hoger gestuurd. Ik wist niet of er op de hoek een ton zou liggen. Ik voer op een kaart van 2002 die ik slechts globaal had bijgewerkt betreffende de wijziging van vorig jaar voor deze ondiepte. Scherp op de GPS sturend zoveel als ik durfde af te snijden. “Rocinant” steekt met haar 27 voet lengte maar liefst 1,75 meter diep! Daarna moest er nog een slagje gemaakt worden om de EZ-29 bij Lelystad aan te lopen. Vanaf de EZ-29 tot de OVD-3 aan de zuidzijde telt als rusttijd. Inclusief schutten kost dat grapje toch ongeveer anderhalf uur.
Mooie gelegenheid om op de motor varende en dobberend wachten voor de sluis de inwendige mens met een warme hap te versterken. Naar Pampushaven is het pal in de wind. De zuidwesten wind staat evenwijdig aan de dijk. Inmiddels is de wind nog wat toegenomen. Ik steek een extra rifje, wetende dat “Rocinant” bij 5 Bf met standaard fok en een tweede rif prima loopt op een hoog aan de winds rak. Net toen ik via de zuidelijke uitgang het Markermeer op draaide om bij de OVD-3 weer te starten zie ik twee mensen in een blauw scheepje verwoed naar mij zwaaien. Dan zie ik het. Het zijn zeilvrienden van mij die de tocht tot nu toe via internet hebben gevolgd en mij “toevallig” bemerkten.

Via de marifoon even bijgekletst en natuurlijk wensten ze mij het beste voor de wedstrijd. Heerlijk zeilend in de zon ga ik al kruisend op weg naar het in de GPS geprogrammeerde way-point van de PH ton bij Pampushaven. Er liggen op dat traject een aantal grote rood-witte tonnen waarvan de PH er één is. Op de aangekomen positie lag echter geen ton. Verderop was niets te zien. Een halve mijl terug wel. Wat stom. Thuis had ik nog gecontroleerd of de door de organisatie opgegeven posities ongeveer klopten met die uit mijn kaart. Voor die tonnen waar dat niet voor klopte heb ik met Jan gemaild en hij heeft een paar kleine foutjes rechtgezet.
De PH ton behoorde niet tot dat rijtje. Ik dus mijn zwaar bevochten hoogte weer opgeven om terug te varen. Nog een geluk dat hij het inderdaad was, anders had ik echt verboden woorden geroepen. Nu bleef het bij een ingehouden frustratie. De wind nam in de loop van de namiddag verder toe tot een echte 6 Bf. Ik had de standaard fok al verwisseld voor de kleine. In het donker op weg naar de NEK-ton bij Hoorn. Wat doet de wind? Dan weer stevig aantrekkend, dan weer tijdelijk afflauwend. Zo nu en dan viel de snelheid best tegen. Onder deze omstandigheden durfde ik echter niet meer zeil te zetten.
Het geflits kwam niet van de NEK-ton fotograferende mede solozeilers, ook niet van de laag overvliegende vliegtuigen maar van echt onweer boven Hoorn. Wat doet iemand in oktober ’s nachts met onweer en windkracht 6 op het IJsselmeer? Was dit nog leuk? De maan was laag boven de horizon deels zichtbaar tussen flarden wolken. Boven mij een mooie sterrenhemel. Het had allemaal ook wel weer wat. Toch besloot ik om de laatste twaalf mijl, waarvan de tweede helft niet bezeild zou zijn, morgen vroeg maar af te leggen. Tijd genoeg als ik niet te laat op zou staan. De nacht bracht ik door in Volendam. Toen ik de zeilen al had neergegooid en de motor had gestart, bekeek ik de aanloop pas goed. Veel onverlichte tonnen maakten het er niet gemakkelijker op onder deze omstandigheden. In Volendam genoot de jeugd ook van het weekend en was erg luidruchtig tot diep in de nacht.

Toch een paar uurtjes geslapen. Zoals voorspeld nam de wind in de loop van de nacht wat af. ’s Morgens om 5.30 uur al weer in de race. De wind kromp nog iets zodat ik het tot Pampus met slechts één maal overstag kon doen. Om 8.11 uur finishte ik. Yes, mijn doel, het reglementair uitvaren van de 200myls race (tegen jezelf) was gehaald. Na in Muiden het logboek bijgewerkt en ingeleverd te hebben, besloot ik direct weer terug te varen naar Makkum. Hoewel ik pas woensdag weer aan het werk hoefde, wilde ik deze gunstige wind niet voorbij laten waaien. Wederom in het donker liep ik om 20.00 uur de haven van Makkum binnen. Onderweg alle voorzeilen nog droog gekregen en het schip schoon gemaakt. Voordat ik mijn reddingsvest kon afdoen stond mijn vrouw al op de steiger. Lekker samen naar huis.

Naast finishen is thuiskomen ook altijd erg prettig. Alles op zijn tijd.

Vorig jaar aan de race geproefd.
Dit jaar uitgevaren!

Volgend jaar voor een classificatie?

Ids Witteveen
S/Y Rocinant

 

 

Oceaanveteranen in 200 myls ‘SOLO’

      

Oceaanveteranen in 200 myls ‘SOLO’
7 oktober, 2004De negende 200 myls ‘SOLO’ kende een internationale deelname en niet de minste. Tweevoudig Mini-Transatzeiler Paul Peggs uit Engeland meldde onomwonden: “The finest race I ever sailed.”Hij was een van de maar liefst 71 deelnemers, die op 29 september startten. Hiervan finishten 59 op 3 oktober. De soloschippers die voor de Noordzeebaan, route 1, hadden gekozen waren duidelijk in het voordeel gedurende deze 200-Myls solo. De IJsselmeerbanen bleken met eerst een wind uit het noorden en vervolgens een uit zuidelijke richting, te veel kruisrak. Ostar-veteraan Bertus Buijs, ingeschreven voor de Star 2005, vond baan 3 maar ‘verrekte lastig’ vanwege het vele kruisen. “Op de oceaan heb ik het makkelijker,” vertelde Bertus, “met de vraag of ik morgen of overmorgen overstag zal gaan.”
Een van de vier deelnemende vrouwen, Pamela van der Vleuten, toonde karakter door toch door te zeilen naar de finish, na een aanvaring. Het voorstag brak en de preekstoel raakte ontzet. Na noodreparaties wist ze te finishen.
De line honours was voor Frits Brattinga uit Sneek met de Maxi 999 Lady A. De officiële uitslag wordt op 13 oktober a.s. bekend gemaakt. Dit vanwege het puntensysteem, die gecombineerd wordt met de uitslag op handicap.Zie ook voor de uitslag www.200myls.nl

 

 

 

Jantje huilt, Jantje lacht ! door Eric-Jan Wiebenga

Jantje huilt, Jantje lacht !
Door Eric-Jan Wiebenga

Het is nu maandagavond 4 oktober en ik kruip achter de PC om toch ook mijn verslag van de 9e 200 myls in elkaar te flansen. Maar voordat ik me hierop concentreren zal, surf ik als een bijna automatisme de laatste paar weken, eerst weer eens naar die schitterende website van Jan Luyendijk: ik geloof m’n ogen niet als ik zie dat de ‘Indra’ niet meer op 25 staat, maar nummer 6 !!!Met een kreet van geluk en ongeloof, verdring ik in één keer mijn teleurstelling over de oorspronkelijke 25e plaats, en deel ik verrukt mijn sprong in het weliswaar nog steeds voorlopige klassement aan mijn Moniekje mee. Haar droge opmerking dat de 25e plaatst toch ook een mooi resultaat was, heeft niet het ontnuchterende effect op mijn prille euforie. Ineens ga ik rechtop zitten om aan m’n verslag te beginnen.Als één van de laatste boten rond ik op woensdag 9 september om 7.44 uur de M1 ton waarmee de 9e 200 Myls solo ook voor mij daadwerkelijk is begonnen. Met een straffe NW 4/5 is het Paard van Marken mooi bezeild. Al snel is het zetten van een 1e rif nodig als in een dikke bui de wind aantrekt tot een dikke 6. Als de bui al snel weer over is, kan het 1e rif er weer uit. Na het ronden van het Paard is de MN1-GZ2 niet bezeild en kan ik de andere deelnemers trots laten zien hoe hoog aan de wind mijn ‘Indra’ wel degelijk kan zeilen. Genieten doe ik hier dan ook van, als blijkt dat ik zowel qua snelheid als qua hoogte nauwelijks hoef onder te doen voor de moderne schepen van vandaag de dag. Als het maar waait, dan loopt ze wel !Nog voor het Paard waait m’n ‘200 Myls 2001’ pet me van het hoofd en drijft terug naar Muiden. “Pik ik over 5 dagen wel weer op” denk ik nog, maar balen doe ik er wel een beetje van. Die pet is (was….) voor mij als een soort trofee, als wat een elfsteden-kruisje is voor een ander.Op weg naar de NEK ton, die ook niet bezeild bleek, nog snel de laatste weerberichten voor de komende dagen bij het thuisfront opgevraagd. De voorlopige route keuze nummer 1, moest immers vóór de OVD3 namelijk nog wel definitief gemaakt worden !

Na het ronden van de NEK ton hezen we de genaker. De Spi had wellicht ook gekund maar daar woei het me toch net even te hard voor. Mijn spi is namelijk nog gloed hageltje nieuw en pas de vrijdag voor de 9e 200 myls opgehaald. Met m’n prille spi ervaringen van nog geen 2 seizoenen lang, heb ik het al gepresteerd om er 2, weliswaar beide 2e handsjes, om zeep te helpen. Wellicht hierom ben ik toch iets terughoudender geworden in het zetten ervan… Even later kon ik me deze terughoudendheid goedpraten, toen ik links en rechts bij andere deelnemers de nodige vierkante meters spinakerdoek wild om zich heen zag wapperen.

Met inmiddels de routekeuze definitief gemaakt te hebben, was ook de P15 ton onder genaker grotendeels bezeild. Bij het begin van de vaargeul naar het buiten IJ moest ik de genaker echter weg halen en met de genua verder. Ook hier was ik achteraf niet rauwig om want met de genaker op tussen de snel in- en uitvarende binnenvaartschepen met een nauwelijks (niet) bezeilde (genaker) koers, had wellicht vragen om moeilijkheden geweest… Met het draaien van de Schellingwouderbrug had ik mooi mazzel; iedere keer weer vergeet ik namelijk dat deze brug niet draait tussen 16.00 en 18.00 uur…

Rond de klok van 20.00 uur meerde ik af aan een kopsteiger in Seaport Marina IJmuiden, waar Gio Schouten van de Airborne attent een lijntje van me aanpakte. De touwtjes nog niet eens vast, kwamen op hoge poten de heren Marechaussee mij vragen waar ik vandaan kwam, met hoeveel mensen ik aan boord was en of ik ook papieren bij me had die konden bewijzen wie ik was. Duidelijk geïrriteerd door de wijze waarop ik werd benaderd, wees ik naar mijn vlag met rode stip en antwoordde uit Japan te komen, maar dat ik heus geen 15 illegale Chinezen aan boord had ! Niet echt gecharmeerd van mijn antwoord deed men mij uitleg over ene meneer Schengen en vroeg men mij om paspoort of rijbewijs. Dit laatste kon ik ze tonen waarop men driftig begon te bellen, waarschijnlijk om na te gaan of het ik werkelijk was die op de foto van het rijbewijs stond, o.i.d…..Toen de heren mij klaarblijkelijk op geen enkele overtreding konden betrappen, kreeg ik m’n rijbewijs terug en wensten we elkaar schijnheilig een prettige avond toe.

Na de rommel op de boot weer enigszins georganiseerd te hebben, de waypoints op Noordzee en Wad in GPS ingevoerd en studie van de getijden gemaakt te hebben, trakteerde ik mezelf op 2 potjes babyvoeding waarvan ik er 20 had ingeslagen. De (dins-)dag ervoor was een verstandskies van me getrokken en kon ik m’n mond nauwelijks nog open krijgen. De keuze viel op de spaghetti bolognese; met een beetje knoflookpoeder en wat zout en peper best in te nemen !

’s Avonds nog paar biertjes samen met Paul Peggs en Bart Boosman in ‘de clubkantine’ gedronken waarna het rond 23.00 uur weer welletjes was.

Donderdagmiddag, rond de klok van 14.00 uur passeerden ‘we’ de Baloeran ton op weg naar het ‘noorden’. Hoewel de stroom op dat moment nog niet echt mee, bleek pas toen eigenlijk dat er nogal wat meer schepen route 1 als favoriete route hadden gekozen. De wind was ZO 3/4 en dus kon er niet langer meer een excuus gevonden worden de spinaker niet te hoeven zetten: omhoog dus met dat ding ! Nog voor het passeren van de Baloeran ton ging het al mis. De sluiting van de lij schoot had ik klaarblijkelijk niet goed dicht gedaan en schoot dus al bij het hijsen van de spi los. Door snel af te vallen kon ik de schoot in de luwte van het grootzeil weer vast klikken. Nu snel oploeven want de Baloeran was nog maar zo’n 50 meter verwijderd. Het passeren ervan ging weliswaar goed maar ik moest nog duidelijk vertrouwd raken met m’n nieuwe aanwinst: het wou gewoon niet ! Pas na een half uur had ik ‘m goed staan en liep ik zowaar gelijk op met de Franschman ! Dit succes bleek al snel kortstondig toen, hééél vreemd, de loef schoot uit de spi boom schoot !? Spi naar beneden en meteen maar vervangen voor de genaker waar ik simpelweg meer vertrouwd mee ben. Dit bleek achteraf toch ook weer niet zo’n slechte keuze, dat hoewel de spi weliswaar 20 m2 groter is, de wind tevens een beetje naar het Oosten toe kromp waardoor de schepen die hun spi nog wel hadden staan stuk voor stuk moesten afvallen terwijl de genaker boten rechtstreeks op de Lange Jaap (of Jan ?), konden varen.

Rond de klok van 17.00 uur begon de stroom behoorlijk mee te lopen en met een dikke 8 knoop over de grond schoot dit mooi op ! Om 18.48 uur passeerden ‘we’ de MH4 bij Den Helder en stoof ik vervolgens met een continue speedalarm (gaat bij mij af boven de 8 knoop) richting de T12 Oudeschild, Texel die ‘we’ 19.25 uur passeerden.
Aangemoedigd door het feit dat het merendeel van de route ‘1-gangers’ nog doorging naar Kornwerderzand en de wetenschap dat de stroom in ieder geval tot 23.00 uur nog zou mee staan, ging ook ik door naar de BO8.

Gewapend met een vooraf opgesteld lijstje met daarop in volgorde de te ronden tonnen en hun kleur en ISO kenmerken, stoof ik met een noodgang in het donker over het wad. In het begin best spannend, maar viel al snel ook wel weer mee als je bedenkt dat het varen op de verlichte tonnen misschien zelfs wel duidelijker is dan overdag. Alleen die onverlichte tonnen, die moet je zien te vermijden….Het laatste stukje was de BO8 ton hoog aan de wind keurig bezeild, ware het niet dat mijn aandacht toch verslapte. Zo’n 50 meter voor de ton werd ik pijnlijk herinnerd aan de sterke stroom die er toch nog steeds stond waardoor ik toch nog 10 meter te laag uitkwam. Met de ‘My Freedom’ in de hand was de verleiding groot op het groene knopje te drukken, maar de waarschuwende woorden van BOB Luyendijk tijdens het palaver “We kunnen de positie op de meter nauwkeurig bepalen !!” schoten door m’n hoofd. Ik kon de verleiding weerstaan toch op het groene knopje te drukken, maar moest daardoor nog wel weer over stag. Dit ging natuurlijk met te weinig gang weer niet vlekkeloos en had ik nu bovendien de stroom tegen! Met een hoop geklungel in het donker bij de BO8, kostte me dit zeker 2 kostbare minuten. Jammer, maar ook stom !Inmiddels had ik mobiel contact gehad met grote vriend Bart, die de sluis van Kornwerd al lang had gepasseerd, en had mij over zijn besluit geïnformeerd door te varen naar Medemblik. Er stond nog een dikke ZO 4 en waarom ook eigenlijk niet ? De brug en het schutten ging redelijk snel waardoor ik een uur na het ronden van de BO8 ook de positie van de VF4 aan Bob kon ‘door GPS’en’. Met een stevige halve wind liep de Indra soms 7 knoop richting de WP12, waarvan ik er halverwege achterkwam dat dit een onverlichte ton betrof…. Nee hé, daar gaan we weer !! Met de pijnlijke ervaring van de onverlichte V15 2 jaar geleden, werd ik een beetje zenuwachtig en besloot de positie van de WP12 nog maar eens heel nauwkeurig na te meten. Zo’n 0,20 mijl voor de WP12 draaide ik de genua weg en ontkoppelde de automatische windvaan stuurinrichting, zodat ik meer zicht rondom zou hebben, makkelijker kon manoeuvreren, maar ook niet met een noodgang er langs zou kunnen varen. Gewapend met handschijnwerper en My Safety in de hand, dook in enen de silhouetten van de WP12 aan stuurboordzijde op ! Oefff, dat ging goed.Vrijdag 1 oktober 10.50 uur verzond ik wederom de coördinaten van de door velen ongetwijfeld gewraakte onverlichte WP12 ton richting Bob. Met een windje Z3/4 ging het spinakeren deze keer goed en kreeg ik de smaak ervan weer te pakken. Ook het gijpen met de Spi bij de H2 (Hindelopen) richting de Sport B, ging in één keer goed. Aangezien de verwachtingen waren dat de wind verder zou ruimen naar het ZW met bovendien iets meer wind, gooide ik m’n ankertje ’s middags rond de klok van 14.30 uur in de vluchthaven bij Breezanddijk uit. Ik lag bovendien mooi op schema, zo vond ik zelf.’s Ochtends 2 oktober had ik om 5.00 uur m’n wekker gezet. Buurman Martin Selles van de ‘Kim’ was toen al weer op pad, althans hij lag er in elk geval niet meer. De wind was inmiddels geruimd naar de beloofde ZW hoek en na ruimschoots te hebben ontbeten en koffie gezet te hebben, ging ook ik anker op. Om 6.44 uur passeerde ik wederom de Sport B ton, waarbij aanvankelijk bleek dat de VZ1 (Stavoren) toch niet bezeild zou zijn. De wind was klaarblijkelijk toch meer Z dan ZW althans het eerste haf uur want even later was de VZ1 ruim bezeild en moest ik hoog aan de wind de WV14 (Den Oever) nog maar zien te halen. Dit ging goed.

Het daarop volgende lange rak van 23 mijl lang naar de EZ29 beloofde een makkie te worden. Met een inmiddels stevige ZW 4/5 besloot ik toch maar niet de genaker te zetten op dit ruim bezeilde rak, wat tegelijk mijn enige goede ingeving dit rak zou blijken. Nog geen 20 minuten later stootte op een heel knullige manier de lierhandel uit m’n handen, plons het water in. Shit, heb ik weer, maar gelukkig heb ik een reserve ! Even later bleek ik het pas opgespoten vogeleiland (wat een werelduitvinding !) toch wel erg dicht te passeren. Een (te) snelle blik op de kaart leerde me dan ook beter meer afstand te houden, en dus viel ik iets af. Met het passeren van het eiland dacht ik het ondiepte gevaar gehad te hebben, ware het niet dat ik even later alsnog door een ‘Bonk, Bonk, Bonk’ werd opgeschrikt. Snel afvallen en goed helling houdende, kwam ik gelukkig op eigen kracht van deze ondiepte af die ik over het hoofd had gezien. Dat was niet handig !

Tussen Stavoren en Enkhuizen werd de aandacht opgeëist door het feit ik dwars door het wedstrijdveld van de deelnemers aan de Bolkoppenrace moest. Deze grote jongens stoven met een rotgang voor en achter me langs en was het een kwestie van even goed anticiperen om hier fatsoenlijk door heen te komen. Met een dikke ZW 4/5 was het overigens wel een schitterend gezicht deze grote bolle koppen onder vol tuig door het water heen te zien banjeren.

Ongeveer 4 mijl voor het ronden van de EZ 29 had ik m’n 3e onfortuinlijke actie die dag: óók mijn reserve lierhendel viel overboord, en had ik er dus geen één meer !! Twee lierhendels op één dag over boord, zo iets bedenk je toch niet ? Ik klaarblijkelijk wel. Gelukkig verplichte de koers naar de EZ29 me niet de genua strak door te moeten zetten en kon ik door de kop even in de wind te gooien de schoot ook met de hand voldoende aantrekken. Om 14.08 uur passeerde ik de EZ29. Alvorens naar de sluizen te varen, schoot ik eerst nog snel de jachthaven van Roy Heiner in, om aldaar een veel te dure Harken lierhandel aan te schaffen; maken ze die dingen van goud of zo ?

Rond de klok van 16.00 uur werd ik tezamen met Albert de Brouwer met zijn Waarschip ’t Waere Hout’ geschut. Albert had voor route 3 gekozen en wist me te vertellen dat hij tot dan toe maar liefst 26 mijl van de 170, bezeild had gehad ! Route 3 was dit jaar dus niet de juiste route, zoveel was duidelijk.

Om 16.37 uur passeerde ik onder genaker de OVD3 richting de NEK ton voor de laatste loodjes. De genaker stond hooguit 20 minuten want toen de lucht dreigend zwart begon te worden verruilde ik deze voor de genua. Vlak voor de Nek ton trok de wind nog even stevig aan en besloot ik met een kruisrak voor de boeg, ook maar vast een rif te zetten. Echt veel harde wind kwam er steeds niet uit die dreigende luchten en dus kon het rif na het ronden van de NEK ton (18.12 uur) er ook weer vrij snel uit. Het Paard van Marken was met 180 graden in ieder geval bezeild.

Het begon inmiddels al weer donker te worden en het lampie van de ‘My Safety’ verried zijn aanwezigheid weer onder de buiskap: best gezellig zo’n groen flikkerend lampje ! Hoewel de spanning van het ’s nachts correct fotograferen van een ton binnen 4 meter afstand ervan, ook wel iets had. Ook het bij tijd en wijle zien flitsen van de camera’s van andere deelnemers elders op het water, had iets gemeenschappelijks….

Na het Paard van Marken moest ik nog 3 slagen maken alvorens de IJM17 bezeild zou zijn. Het einde was in zicht. Nu de kop er nog even goed bijhouden want ook hier staan onverlichte tonnen en de binnenvaart vaart óók ’s nachts. Om 22.02 ronde ik de IJM17 en zaten de 200 mijlen er voor mij op.

Marco, Bob en Jan hartelijk dank ook dit jaar weer voor dit geweldig evenement !

Eric-Jan Wiebenga, s.y. ‘Indra’

 

 

The finest race I ever sailed

200 myls ‘SOLO’
The finest race I ever sailed
Jan Luyendijk | 06-10-04
“The finest race I ever sailed”, vertelde Paul Peggs laaiend enthousiast, 2 maal een uitgezeilde Mini Transat, ook o.a. winnaar van de Fastnet race, over de negende 200 myls ‘SOLO’, die werd verzeild van 29 september t/m 03 oktober 2004.
De solo-schippers welke voor route 1, de Noordzeebaan hadden gekozen waren duidelijk in het voordeel gezien de voorlopige uitslag. De weersvoorspellingen op woensdag voor de start leken aanvankelijk in het voordeel van keuzeroute 4, een IJsselmeerbaan te zijn. Met heen Noordenwind en de terug-rakken zuid werd baan 4 en ook 3 een grote kruisweg. 95 mijl aandewind 3-4-5 Bft kostte heel veel, te veel tijd. Bertus Buijs, die diverse Ostars verzeilde en zich tevens voor de Star 2005 inschreef, vond baan 3 maar verrekte lastig met het vele malen overstag gaan. Op de Oceaan heb ik het makkelijker, vertelde Bertus, met de vraag zal ik morgen of overmorgen overstag gaan. Een van de 4 vrouwen, Pamela van der Vleuten, toonde een enorm karakter door toch door te zeilen naar de finish, nadat ze voor het paard van Marken een aanvaring had met een bruine vloot schipper, waardoor haar voorstag brak en de preekstoel volkomen was ontzet. Met allerlei lijnen werd de voorstag weer vastgezet en de genua gehezen en haar laatste rak naar de finish voortgezet.Van de 80 aangemelde schippers startten er op woensdagmorgen 71. Achttien solisten haalden de eindstreep niet, door materiaalpech met o.a. hun stuurautomaten, electrische systemen. Hiervan waren drie schippers, die door fysieke problemen, de race niet meer konden voltooien. Uiteindelijk finishten er 59 schippers, waaronder alle vier vrouwen.De officiele uitslag, zal eerst op 13 oktober 2004 bekend zijn. Dit vanwege het puntensysteem, die gecombineerd wordt met de uitslag op handicap. Alle logboeken met daarin de tijden van de merkteken-passages moeten nog worden gecontrolleerd en vergeleken worden met de coordinaten gegevens, die zijn verzonden door de meegegeven gps/gsm-units XMARK.Meer op de 200 MYLS SOLO website

’t Waere Hout door Albert de Brouwer

De koorts.
Sinds ik er voor het eerst van hoorde wist ik het: ik moet mee doen, de 200 myls solo varen.
Een uitdaging voor schip en schipper. Verrassend was het toen half maart mijn naam in de lijst van deelnemers opgenomen was. 2004, dit jaar moet het dus gebeuren.
Gelukkig is het schip in de afgelopen jaren aangepast voor deze tocht der tochten. Alle lijnen zijn nu vanaf de kuip te bedienen, het elektrische systeem is verbeterd, er hangt een nieuw roer onder het schip en dit voorjaar is een sterkere stuurautomaat aangeschaft met afstandsbediening. Een van de laatste voorbereidingen was het solo varen van “het Paard van Marken”. Dit is een 50 myls race van Waarschepen tegen Kolobri’s. Een dag lang hakken op het IJsselmeer met 6Bft, goed gevaren, alles heel gehouden, gaf mij een positief gevoel over de mogelijkheden de 200 myls uit te varen.
De laatste week voor de start kwam de koorts. Avonden over de kaarten gebogen, iedere weersite wel 101 maal geraadpleegd, alle opties de revue laten passeren. Ook de site van de organisatie regelmatig geraadpleegd om oude verhalen te lezen, tactieken te bestuderen, kortom mijn leven draaide maar om een ding: de 200 myls.
Maar werd ik er ook wijzer van?? Nou, ja en nee. Uit de oude verhalen bleek dat de tijd die gegeven wordt om de 200 myls te varen met een beetje wind voldoende is. Dat schepte vertrouwen. De weersverwachtingen wisselde enorm naarmate de start dichterbij kwam, daar was geen zinnig woord over te zeggen. Mijn meteo-team kwam tot dezelfde conclusie als ik: gokken en hopen dat het goed uitpakt.

Dag 0. (28 september 2004)
Eerst even langs mijn werk geweest voor een periodieke medische keuring om op de weg terug bij de plaatselijke supermarkt inkopen gedaan. Drinken, brood, beleg, warme hap en chocolade vormden de hoofdmoot. Vervolgens weer snel achter de computer voor de laatste weerberichten . Hierna rustig naar Naarden gereden, ’t Waere Hout geladen en vaarklaar gemaakt. Een domper was dat, ondanks de belofte van de zeilmaker, mijn nieuwe genua 2 niet klaar was. Toch vol goede moed, maar met de nodige spanningen in de maag, rond 15.00 uur vertrokken naar de Muiden. Na een klein uurtje varen (op de motor) kwam ik aan in de drukke stichtingshaven. De havenkom lag al vol en maakte ik vast naast de “Jager” van Peter vd Schaaf in de doorvaart. Deze non-alcoholist had een lekker biertje aan boord. Na nuttiging hiervan op de steiger kennis gemaakt met wat medestanders waarbij de discussie over het weer de boventoon voerde.  Ondertussen uitgenodigd door Barend Peters om bij hem aan boord te komen eten. Hij, of was het zijn vriendin Jolanda, serveerde een naar eigen zeggen “Marokkaanse stoofpot”. Deze heerlijke pot werd vier man en een dame soldaat gemaakt. Daarna was het haasten naar Ome Ko voor het palaver. In de drukte aldaar koffie met appeltaart, de nodige zegjes van oa organisator Jan Luyendijk, het uitreiken van het logboek met de wedstrijd bescheiden. Speciaal dit jaar was een apparaat “My-Safety”. Met een druk op de knop wist het regatta bureau hoe laat ik waar was en zou het thuisfront via de site binnen enkele minuten dat ook weten. Ook het weer werd aangehaald, weinig wind en waarschijnlijk moeilijk om de 200 myls uit te varen. Het zal eens mee zitten op mijn eerste.  Na nog een laatste borrel aan boord de kooi opgezocht.

Dag 1. (29 september 2004)
Half zeven ging de wekker en buiten was het al een drukte van jewelste. Gedurende de nacht drie keer eruit geweest en slecht geslapen, de zenuwen spelen op. Tien minuten later vertrokken de eerste schepen al richting start. Eerst maar aankleden en de PV (persoonlijke verzorging)uitvoeren. Tijdens het warmen van water voor de koffie genua 1 aangeslagen, er was tenslotte weinig wind voorspeld. Na het ontbijt, het zetten van koffie en vullen van het etensvak onder de overloop werd ook mijn buurman Peter een beetje actief. Hij wist te melden dat er 20 knopen wind stond. Gevolg: nog in de haven vond de eerste zeilwissel plaats, genua 3 de High Aspect erop.  Op de motor en de stuurautomaat aan het roer onderweg naar de M1 zeil gezet. Om 7.23.44 uur was het moment daar; mijn start van de 200 myls 2004. Er stond een dikke 4 Bft en samen met de andere schepen op weg naar de tweede boei in de wedstrijd, bij Volendam. Tot het Paard van Marken was het bijna bezeild, daarna begon het kruisen. Om 09.18 de MN1GZ2 gerond en verder stampen naar de NEK met iets meer wind. Jos Valkering van de Magic was ik net na de MN1 voorbij en Bart van Breeschoten was voor de NEK het haasje. Hoewel ’t Waere Hout licht overtuigd was bleef hij wonderwel veel snelheid houden, onder toch wel forse helling. Om precies 11 uur om de NEK en bakstag naar Lelystad. Met de huidige tuigage schoot het niet op, voor de spinnaker vond ik het te hard waaien. Ik heb een kwartier met lede ogen rondgekeken hoe de schippers, die beter geoefend waren dan ik, het grote bolle zeil hezen en er vandoor gingen. Er liepen schepen uit het roer, er hingen spinnakers alleen aan de val zodat ik besloot de genua 1 vliegend te hijsen.  Het zeil vatte gelijk wind, het hijsen moest dus via de lier. Half uitgeput trok ik aan de schoot en de snelheid nam direct toe. Om 12.45 uur bij de OVD3. Een aantal schepen voeren richting Amsterdam, route 1 dus voor hun. Na het problematische hijsen was ook het strijken van de genua een enorme klus, na vieren van de val lag 50% van het zeil in het water. Op het voordek van een stampend Waarschip 900 heeft uiteindelijk domme kracht het gewonnen en kon koers gezet worden naar de sluis. Na een minuut of tien wachten, samen met meerder solisten, werden we geschut. De weerberichten gingen over en weer. Achter de sluis even vast gemaakt en samen met Jaap Broer en later ook Peter vd Schaaf een goede lunch genuttigd. Onderling overleg had de tactiek voor de rest van de dag bepaald. Ten westen van het eiland langs Medemblik. Daar (bij de WP12) kijken of we route 3 of 4 gaan doen. Tijdens de herstart bij Lelystad (EZ29 om 15.41 uur) werkte My Safety niet, accu leeg, en men had gezegd dat hij minstens 24 uur mee zou gaan. Onder HA en vol grootzeil begonnen aan de trip naar het noorden. Niet bezeild maar dat zullen we komende dagen wat vaker tegenkomen. Onder een kleine 30 graden helling ben ik gaan knutselen om My Safety op te kunnen laden. Op mijn schip is een klein 12V contact waar de meegeleverde plug niet in past. Met wat draden en plakband lukte het om de elektronen vanuit de grote accu te transporteren naar het blauwe apparaat. Ondertussen werd het donker, waren de toeristen van het water af en nam de wind af en af, zo ook de snelheid van het schip dit ondanks dat ik gewisseld had naar genua 1. Eindelijk, na 7 uur en een kwartier (22.54 uur) was ik bij de WV14. Ik had het licht van deze boei al zo lang in zicht maar kwam zeer langzaam dichterbij. Het laatste uur rond de 2 knp gevaren. Plan was om onder spinnaker naar Enkhuizen te gaan maar het gebrek aan wind heeft ervoor gezorgd dat in Oude Zeug werd overnacht. Met de schippers van de Jager en later ook de Di Vagi een borrel gedronken. Moe maar voldaan de kooi opgezocht.

Dag 2. (30 september 2004)
Wakker geworden door een zonnetje dat de kajuit in scheen. Vandaag, op mijn verjaardag, zit het weer in ieder geval mee. Een vroeg SMS-je van mijn zoon en een telefoontje van mijn vrouw maakt de feestvreugde compleet.  Eerst even rustig rondgekeken in de haven waar veel bieten overgeladen werden van vrachtwagens in binnenvaartschepen. Vervolgens het weer bekeken en samen met de anderen grappen gemaakt over de solisten die in IJmuiden liggen. Wij hadden namelijk 0,2 knp wind uit het noorden. Ontbeten, de PV gedaan en gezamenlijk nog een kop koffie (thee voor Peter) gedronken. Na alles klaargemaakt te hebben voor vertrek rustig richting de WV14, de startboei voor vandaag, gevaren. Na wat treuzelen, en balen (de wind was naar zuid gedraaid) ben ik om 11.14 begonnen aan het kruisark naar Enkhuizen. Weer tegenwind, weer weinig wind onder vol tuig met zeker 3 knp. In het gangboord, met de stuurautomaat als roerganger, naar het “bruisende”water gekeken en de nodige foto’s gemaakt van mijn medesolisten. Net als gisteren, de boei reeds lang in beeld maar nog o zo ver weg. Hemelsbreed, volgens het logboek, was de afstand 13 mijl. Ik heb er ruim 4,5 uur over gedaan. Onderweg wel opgevrolijkt door de nodige felicitaties per telefoon. Bij de EZ1KG2 werd het spannend. Voor het eerst helemaal alleen met spinnaker varen. Ik had het zetten al vaak alleen gedaan, ondertussen sturen en alleen strijken echter nog niet. Het begon rustig met een knoop of 4 maar het weer betrok en de wind nam toe. Steeds harder werd ’t Waere Hout achter de spi aan door het water gesleept, de golfhoogte nam toe en de stuurautomaat kon het niet meer aan. Handmatig sturend dacht ik na over het hoe en wanneer strijken van de spi. Eigenlijk ging het best lekker snel en kon ik voor donker binnen zijn als ik hem liet staan, eigenlijk ging het net iets te hard om het 110% onder controle te hebben. Besloten om toch tot een mijl voor de Sport B de spi er bij te houden. De snelheid liep op tot 8 knp en het water kwam ondertussen ook van boven. Op een wild Waarschip 900 met gehele bemanning aan dek (ik dus) op een zeer nette manier de spi gestreken. Het ging, mede door een goede voorbereiding, vlekkeloos. Alleen de schoten waren een beetje nat geworden. De boei om 19.36 uur gerond, 18 mijl in een kleine 4 uur.  Op de motor richting Breezanddijk en daar voor anker, aan de Jager gelegen. Blij dat mijn grote anker aan boord was gebleven want dat gaf gedurende de nacht een rustig gevoel. Voor het eerst sinds de start weinig deelnemers op het water gezien maar de haven aan de Afsluitdijk ligt redelijk vol. Ook Jaap Broer komt bij ons liggen en we vertellen de sterke verhalen van vandaag. Na de warme hap en een goede borrel (ik was tenslotte jarig) lekker geslapen. Nog wel even gedacht aan de solisten uit IJmuiden die een wereld dag gehad moeten hebben met deze wind.

Dag 3. (1 oktober 2004)
Vandaag weer een mooi rak, van de Sport B naar de UK 16 bij Urk.  Redelijk op tijd opgestaan en alles geregeld voor vertrek. Er schijnt vannacht nog wel het eea gebeurd te zijn maar ik had daar weinig van meegekregen. De organisator van dit evenement was van zijn anker geslagen en bijna bij een mede-solist naar binnen gevaren. Jan had zich bij deze actie zo erg bezeerd dat hij moest opgeven, enorm jammer voor hem. Met goede moed begon ik om 08.08 aan het 24 mijl lange rak. Het begin, onder HA en vol grootzeil gaat vrij snel. De wind neemt al snel af en, zo handig als ik ben, ga ik precies voor de haveningang van Stavoren de fok wisselen. Onder alleen grootzeil voor drie charters uit moeten wijken. Na het Vrouwenzand gaat het steeds langzamer en het kost me ruim 7 uur om bij de UK 16 te komen. Ik rond de boei, op naar Medemblik, zet de spinnaker maar het 75 meter extra doek levert geen extra snelheid. Ik maak eten, rijst met een blik stoofvlees, en ga binnen aan tafel eten onder de verbluffende snelheid van 2,5 knp. Niemand in de buurt en hard gaat het dus niet. Net voor donker zie ik de onverlichte staak van de WP 12. Ik strijk de spi, zet genua 1 en lig compleet stil. Het begint te regenen en ik ga binnen een boek lezen. Na een minuut of 15 hoor ik de zeilen klapperen en buiten staat een weer een briesje, op naar Stavoren. Het briesje neemt toe tot een 4 Bft en ik stuif, met eigenlijk te veel zeil om de LC6VZ1 en stuur op richting Makkum. Shit, de verlichting van de GPS houdt het voor gezien. Door de regen weinig licht en op Noord is het zo wie zo gewoon enorm donker. Met een zaklantaarn in mijn mond voor de koers  (ook de kompasverlichting was nog nooit aangesloten) en de kaart op schoot vaar ik via de midvaarwaterboeien  naar de VF4. Onderweg vraag ik me meerdere malen af waarom ik dit doe. Makkum komt in zicht en met moeite vind ik de VF4 tegen de vele lichten van de sluizen. Ik haal de zeilen omlaag en vaar richting de haven. Op dit stukje bel ik Peter uit zijn bed en maak moe aan hem vast, de tijd 23.47. Van hem hoor ik dat Jaap is uitgevallen met een kapotte overloop, sneu voor hem.
Ik laat de boel de boel, kleed me om en val als een blok in slaap.

Dag 4. (2 oktober 2004)
Volgens de planning kan dit de laatste dag zijn van mijn eerste. Ik start niet te fanatiek dus ontbijt uitgebreid want het kan wel eens een lange dag worden. Het weer is goed en zelfs de wind is gunstig. Onder HA en een enkel rif start ik om 09.15 richting Hindelopen. Een bezeilde koers naar de H2. Het bestaat!! Bij de H2 vaar ik slim door een groot wedstrijdveld, de deelnemers vonden het iets minder slim geloof ik. Met twee klappen voorbij het Vrouwenzand om vervolgens iets af te vallen richting Lelystad. Het schip loopt prima en ik schiet lekker op. Om 14.37 klok ik de EZ 29 en heb 173 wedstrijdmijlen op de teller staan. Vol vertrouwen dat ik de finish ga halen vaar ik naar de sluis waar, met diverse mede-solisten, snel geschut wordt. Weer komt vervolgens de vraag: Welke zeilvoering nu??
Na de sluis, bij de OVD3 start ik met HA en vol grootzeil. De buien die rond hangen dwingen me tot zeilwissels. Van de genoemde set tm genua 4 met dubbel rif. Bij de NEK staat eigenlijk weinig wind maar ik bij in storm uitrusting varen en inderdaad, tegen de schemer neemt de wind toe tot een dikke 5 Bft. Via de MN1GZ2 bij Volendam en de PH-boei vaar ik het laatste stukje naar de IJM 17. Om 22.20 klok ik de finish van mijn eerste 200 myls. Ik geef ’t Waere Hout een klopje op het kajuitdak en bedankt haar voor het vertrouwen en de goede zorgen. Trots start ik de motor en vaar naar de haven van Muiden.
Bij mij aan boord wordt het nog gezellig en laat door een aantal lotgenoten die net als mij hun verhaal kwijt moeten. Moe maar zeer voldaan val ik in de kleine uurtjes in slaap.

De day after. (3 oktober 2004)
Het is een drukte van belang in de haven als ik mijn hoofd naar buiten steek. In een mooi ochtend zonnetje worden sterke verhalen verteld en wordt Jan Luyendijk regelmatig bedankt voor de mooie tocht.
Een aantal deelnemers vertrekken reeds want die moeten nog een lange weg. Zij kruisen de solisten die de nacht bezig zijn geweest om Muiden te bereiken. Halverwege de ochtend vertrek ik, op de motor, naar Naarden. Ik ruim het schip een beetje op en pak de auto naar huis. Onderweg merkt ik hoe moe ik eigenlijk ben. De 200 myls heeft meer energie gevergd dan ik had gedacht.
Thuis nog even rekenen. Bezeild waren 105 mijl van de 200. De gemiddelde snelheid over de 200 myls was 4,2 knp.

Van de 80 ingeschreven schepen, zijn er 71 gestart en 53 gefinishte. Met een totaal gezeild tijd van 47 uur en 31 minuten ben ik 36ste geworden. Ik ben er trots op.

 

 

De 200 myls ‘SOLO’ uit Schipper

SCHIPPER   nummer 6   2004
De 200 myls ‘SOLO’
voor de negende keer
De singlehanded zeilwedstrijd van 200 mijls ‘SOLO’ wordt op  29 september  t/m 3 okto-
ber voor  de negende keer  gevaren.   Deze wedstrijd wordt gevaren onder 80 schippers
die  in  kajuitjachten  binnen  5  dagen  een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken.De
solozeilers kunnen kiezen uit  4 routes  over Markermeer, IJsselmeer, Wad en Noordzee.
In  elke baan  zijn er  17 boeien die gerond moeten worden. Dienden de geronde merk-
tekens in vorige edities van de zeilwedstrijd te worden  gefotografeerd  en de  pasages
per  gsm  te worden gemeld aan  het regattabureau als bewijs van passage. Nu krijgen
de deelnemers een gps.gsm-unit mee.
Info: www.200myls.nl

De 287 mijls door Marjan van de Vrie

De 287 mijls.Door : Marjan van de Vrie

Ik ben dus weer thuis, en aan het bijkomen van de tocht. Ik heb nog nooit zo’n zware en intensieve tocht gevaren. 200 mijls heet het, maar op het log zijn het er toch bijna 290! Als ik de windvaan niet had gehad, de gps niet, en het overlevingspak van Martine, dan had ik hem nooit uitgevaren.
Mijn tocht was relatief wat zwaarder omdat ik de eerste dag zoveel mogelijk mijlen wilde maken, en daardoor uiteindelijk wat vaker ’s nachts moest varen. Op zich was dat plan meteen veel mijlen te maken goed. De windverwachting was toen we vertokken 2, soms 3, NW draaiend naar ZO, maar ik had de pech dat bij de WP12 de wind helemaal wegviel. Een uurtje of 7 heb ik gedobberd om naar Urk te komen.

De eerste dag was meteen de zwaarste. Het begon er al mee dat ik nog nooit solo met de nieuwe Mathilde had gevaren, de stuurautomaat nog niet had gewerkt op deze boot, en dat ik de windvaan nog niet meteen had ingezet. De start was te vroeg, althans te ongeorganiseerd. Meteen had ik al een dobberende aanvaring met de M3 omdat ik wat spulletjes nog niet boven had, enz enz. De wind was een NW4, en al gauw moest ik een eerste rifje steken.

Overdag was een leuke dag, veel andere boten in zicht. Alleen naar de NEK was het kruisen, de rest was bezeild. Na de sluis kwam nog een stuk wat weliswaar kruisen was, maar toen had ik mijn duitse windvaan ‘Kurt’ aan de praat en kon ik zelfs even eten opwarmen onderweg.

Langzaamaan raken dan alle boten buiten beeld, want erg veel zijn toch wel sneller, alhoewel Mathilde zeker niet traag is. In het donker de WP12 gezocht, en dat viel niet mee. Geen maan, en geen idee waar nu dat eiland was waar ze het op de kaart over hadden. Uiteindelijk dankzij de gps en goed kijken de staak toch gespot, en op pad richting Urk. Na een half uur was er bijna geen wind meer, maar gek genoeg bleef ik toch een knoop of anderhalf varen gemiddeld.

En dan duurt de nacht heel erg lang. Het was erg moeilijk om wakker te blijven, maar het anker uitgooien en slapen vond ik geen optie. Dat zou in de wedstrijd teveel tijd kosten. Motor aan en ergens naartoe? Ik dacht dat je in Medemblik geen officiële rustplaats had, dus dat heb ik niet gedaan, want ik wilde de tocht wel erg graag uitvaren. Er was gelukkig geen scheepvaart, maar wel een mooie sterrenhemel. Ik heb nog een meteoor gezien en een planeet zo helder dat ik hem bijna voor een toplicht aanzag toen hij in het begin van de nacht nog erg laag stond.

’s Morgens dan eindelijk aangekomen in Urk. De beroepsvaart begon ook weer tot leven te komen. In de haven lagen al een aantal bootjes, en meteen vroegen een paar solo’ers of ik zin had in een ontbijt met warme broodjes. Erg lekker, maar ik wou alleen maar slapen.

Toen ik wakker werd waren de meeste boten weer vertrokken, alleen de Chill Out en de Scheerling lagen er nog. Die laatste moest nog op een accu wachten. We luisterden even naar het weerbericht op de marifoon. Er zou die middag wat meer wind komen, een 3. Ik besloot eerst maar eens te gaan douchen, want ik had een houten kop waar je u tegen kunt zeggen. Nee, daar kan geen drank tegenop!

Vervolgens toch maar vertrokken, want alleen achterblijven in Urk leek me ook maar saai. En ik had geen zin om te gaan slapen. Op pad dus voor het volgende stuk. Eerst voor de wind op grootzeil en uitgeboomde genua. Mathilde liep 2, soms 3 knoopjes. Eigenlijk niet zo snel. Voor me stonden al heel wat spinnakers, dus ik besloot Truus de stuurautomaat maar eens aan het werk te zetten en de spinnaker maar eens te hijsen. De boom stond toch al.

Eenmaal onder zeil liep het een stuk lekkerder. De 3 knopen waren nu constant, tot tijdelijk de wind wegviel, en de spinnaker in begon te vallen. Even later begon de wind aan te trekken, en kwamen we al aan de 6 knopen, soms wat meer. Dat schoot tenminste op. Lastiger was wel dat de wind in vlagen kwam, en daarin ruimde. Zonder neerhouder kwam de spi wel erg hoog te staan.
Het Vrouwenzand kwam in zicht, en ook wat charterboten, dus viel ik wat af en gooide ik de lijschoot los. De boom stond inmiddels zo hoog dat ik moest rekken om erbij te komen, maar uiteindelijk kon ik de spi zonder verdere problemen binnenhalen. De genua uitgerold, en met ruime wind verder.

Mathilde liep lekker door. Het eerste rifje volgde niet veel later. Voor een ruime koers was het misschien niet noodzakelijk, maar het zit ook niet in de weg. Des te makkelijker zeilt het mocht je uit moeten wijken. In het donker kwam ik bij de Breezanddijk aan, Sport B. Het was er echt donker. Het stuiterde vrij aardig, en het was niet in te schatten hoe ver de ton van de dijk stond. Ik was blij toen ik hem ‘aangetikt’ had en weer terug naar het zuiden kon, naar de LC 9, die net niet bezeild was. Uiteraard begon het juist wat donkerder en natter te worden tussen het Vrouwenzand en het eiland in. Mijn voornaamste bezigheid was een koers zoeken buiten de onverlichte tonnen om. Lang leve de gps en de windvaan die maakte dat ik mijn handen vrij had voor navigatie.

Het was weer erg laat toen ik eindelijk in Stavoren in de haven lag, een uurtje of 2. De Skua was vlak voor me aangekomen, en er lag nog een andere solo’er. Liggen is dan slapen, echt meteen vertrokken. De volgende morgen een wandelingetje naar de havenmeester, en naar de supermarkt. De waspeentjes waren op, maar het winkelpersoneel was erg aardig en ontgroende een bosje worteltjes voor me. Onderweg was dat lekker knabbelen. Terug in de haven kwam ik Bart tegen, die op zoek was naar een warme bakker. De broodjes waar hij het waarschijnlijk op had staan, had ik al in de supermarkt te gescoord.

Met nog warme, verse broodjes met kaas vertrok ik weer naar de LC 9. Een uurtje motoren, om stroom te draaien voor de gps, navigatieverlichting en het gps/gsm kastje dat ook graag opgeladen wilde worden. Het was een beetje heiig, maar gelukkig was het zicht best goed. Halve wind naar het oosten, en onderweg gezelschap van een vogeltje dat plotseling achter me op de kuipbank zat. Het was een groenig beestje, met een lange staart, een kwikstaartje, denk ik. In de kruimeltjes die ik op de kuipbank legde was hij niet geinteressseerd, maar toen hij een minuut of tien later vertrok was de boot ontdaan van alle insecten.

Bij de B8 kwam ik de ocean 25 tegen. Gek dat hij wel zo dicht langs de ton voer, maar niet naar 226 graden opstuurde daarna. Zou hij een andere route varen? Eerst maar eens het logboek invullen. B8? B10 had je moeten hebben! Wat een sufferd. Gauw weer afgevallen, naar de B10, en de positie nog een keer doorgeseind.

Aan de wind ging het verder met de windvaan aan het werk, lekker opschieten naar de volgende ton. Beetje eten maken, even lekker zonder overal onder de buiskap zitten, pauze houden en uitrusten. Daarna weer een voor de windse koers tot ruime koers naar de VZ4. Van daaruit door naar Hindelopen. Ook dit rakje begon weer erg rustig zodat ik de spi weer overwoog. Maar zonder neerhouder vond ik het toch minder prettig zeilen, dus liet ik het maar achterwege. Dan maar wat wat langzamer.

Bij de ton van Hindelopen was het druk. Vissersboten en jachten die allemaal de haven in wilden. Goed opletten, en weer zo snel mogelijk weg daar. Ik had nog heel wat mijltjes te gaan naar de volgende stop. Mathilde liep lekker door aan de wind, en de windvaan deed het prima. Zelf zat ik onder de buiskap en keek goed om me heen om zeker geen andere schepen te missen.

Weer het stukje tussen Vrouwenzand en het onzichtbare eiland in het donker! Goed opletten, zeker zo stuiterend en in het donker. Het verbaasde me dat het me zo makkelijk viel om wakker te blijven. Ik was erg geconcentreerd, ik wist niet dat dat kon na zo weinig slaap in de afgelopen dagen. Wanneer de boot maar snelheid heeft, kostte het bijna geen moeite. De wereld is op zo’n moment erg klein. Jij en je boot, het water en het weer, het wordt bijna een eenheid. Af en toe een smsje van het thuisfront, heel af en toe een lampje in de verte van een andere solo’er, en verder denk je niet meer.

Voorbij de VZ4 kwam ik weer op ruimer water. Helaas was het wel kruisen. Alles deed ik met extra voorzichtigheid, vooral in de laatste nachten. Zo weinig mogelijk naar beneden, alleen als het echt moet. Aangelijnd, de weinige keren dat je naar voren moet. Bij overstagmanoevres gewoon jezelf de commando’s geven, zodat je daar geen fouten bij maakt. Alles twee keer controleren bij het navigeren. Jezelf voor alle zekerheid niet vertrouwen. Alles ging vlekkeloos.

Het was bijna licht toen ik bij Lelystad in de buurt van de sluizen kwam. Nog voor de sluis, vlakbij de zendmast lag een zeilboot voor anker. Dat leek me een prima plek om het nieuwe anker uit te proberen. Bal ophangen, een lampje was niet meer de moeite. Tussendoor een keertje wakker geworden toen de wind wat aantrok, maar het anker hield het goed.

Het voelde weer als erg vroeg toen ik bij de sluis aankwam, al was het al middag. Er lagen nog wat bootjes te wachten. De Xinia, de Airborne, de Warber, en de Cras Factum Est.
De schipper van het laatste bootje vroeg meteen of de tocht me beviel. En ook Anje maakte in de sluis aangekomen een foto van mij en Mathilde en vroeg of ik volgende keer weer mee ging doen. Dat was echt niet het moment om dat te vragen. Het was vroeg, er zat een ouder echtpaar voor me dat zo traag de sluis in ging dat ik bijna klem kwam te zitten tussen hen en de Airborne, en ik was de motor vergeten in z’n vrij te zetten zodat die nog vrolijk de boot aan het achteruit trekken was terwijl ik de touwtjes om de bolders had gelegd. Nee, dit was mijn moment niet.
Maar ook dat kan veranderen.

De brug ging omhoog en de sluisdeuren open. Rustig aan naar buiten, achter me wat geroep van andere schippers. En boven op de sluismuur stond Tiny! Die had op internet gezien waar ik uithing, en was ‘even’ vanuit Brabant komen kijken. Hij moest rennen toen hij een bekende mast boven de sluismuur uit zag steken, en dus kon hij nog even zwaaien. ‘Hij houdt van je’ riep de schipper van de Airborne naar me. En ik denk dat er stiekem wel een aantal schippers een klein beetje jaloers waren.

Ik zat nog in de wedstrijd, dus het was jammer, maar ik moest wel meteen door. Geklooi met de stuurautomaat om ook eens te proberen of dat nu handiger ging om het grootzeil te hijsen terwijl je nog voortgang maakt zoals alle andere schippers. Daarna meteen besloten dat nooit meer te proberen. Gewoon kop in de wind, en terwijl je wat afvalt het zeil omhoog. Veel makkelijker, rustiger en meer contact met de wind. Het tweede rifje gelijk erin, want de verwachting was ZW 5. Dat ZW klopte bij nader inzien alleen in buien, verder was de wind puur Z.

Het kruisrak naar de PH duurde en duurde maar. Ontevreden was ik niet over het bootje. De windvaan stuurde strak, net niet hoog aan de wind, en alles bij elkaar liepen we toch een knoopje of 5 op het log. Die snelheid haal je zelf niet, omdat je teveel wilt knijpen om je doel te bereiken. Een paar slagen en een paar uur later rondden we de PH. De Skua was vlak voor me, Net voor me rondde hij ook de NEK.

De lucht was behoorlijk donker vooruit, en ik was blij dat het tweede rifje stond en het voorzeil grotendeels was ingerold. De wind varieerde tussen 3 en 6 Bf. De Skua had erg weinig zeil, alleen zijn grootzeil met een tweede rif. Ik zag de boot twijfelen toen we de wind uit de bui voor ons kregen. Allebei vielen we af naar het westen. Halve wind.

Ik besloot eens te kijken wat Mathilde van een meer aan de windse koers vond. Het gaf wat meer helling, maar het maakte ook dat ik meer naar het zuiden kon. Weg van de bui en het open water op, dat werd mijn keuze. Mij niet gezien met veel wind onbekende havens aanlopen. En wat meer helling en door in minder goed weer, met Rudy samen vaak genoeg gedaan, dus dat voelde gek genoeg als vanouds. De Skua zag ik achterblijven in het slechte weer, ik dacht dat hij waarschijnlijk naar de Hoornse Hop o.i.d. zou gaan. Hogerwal, maar wel in de bui.

Eenmaal verder naar buiten bleef het hard waaien. Maar op het water was het verder rustig. Het zicht was goed, nauwelijks regen gehad. Liever dat dan bij de kust met meer kans op boten, tonnen en andere obstakels. Na een uurtje of anderhalf maar weer eens overstag, naar de GZ2 bij Volendam. Een vervelende ton om aan te lopen. In die buurt zit een ondiepte en ik vond het lastig om in te schatten hoeveel ruimte ik daar had. Tijdens een overstag om de ton aan te varen was er een vlaag, draaide de wind en kon ik me niet orienteren. Terug naar de koers die ik eerst had maar weer, en nog eens opnieuw proberen.

Eindelijk zag ik de vorm van de ton. Het knopje ingedrukt om de positie door te seinen, en dan zo snel mogelijk weer weg van het land. Mij niet gezien om daar te blijven, teveel wind. Mijn telefoon piepte: een sms’je, je gaat het halen!

De BVK was prettig bezeild, daarna werd het een stukje onoverzichtelijker. De wind zakte weer in, wat ik helemaal niet erg vond. Er was ten westen van me zoveel water gevallen, waar ik een klein staartje van meepikte, dat ik blij was dat het niet zo hard ging. Even kijken of het door zou zetten, en anders gewoon de vluchthaven in of desnoods terug het ruime water op, was mijn plan. Een race is leuk, maar het moet wel een beetje te doen zijn.

Uiteindelijk viel het allemaal mee. De wolken trokken weg, en af en toe was het net of iemand een schijnwerper op de zeilen zette. De maan gaf zoveel licht dat ik er bijna bij kon lezen. Ik moest nog een lang stuk doorvaren voor ik overstag kon naar de laatste ton, de IJM17. Nog twee toplichtjes in de buurt van andere solo’ers, wie gaat er anders op dat moment daar varen?

Met een lekkere vaart en een rustig windje op naar de IJM 17. Wat een klein lampje, maar beter dan niets. De gps/gsm unit begon weer te piepen, maar ik kon mijn stopcontact niet missen. De gps heeft voorrang.

Om half vijf kon ik dan voor de laatste keer het knopje indrukken.
Gefinished, het bootje nog heel, mijn doel bereikt.

Ik rolde de genua in, streek het grootzeil en moterde op m’n gemakje in het maanlicht onder Pampus door. De haven lag al vol met boten, maar naast een stalen schip was nog een plekje vrij. Touwtjes vast, nog even een telefoontje dat ik goed was aangekomen, en slapen! Rond een uur of tien hoorde ik buiten wat gepraat, en stak ik toch maar eens m’n kop naar buiten. Leuk, zoveel boten die ook waren aangekomen. En lekker douchen, verhalen luisteren en vertellen over de tocht. Bootje verzorgd, en eind van de middag weer thuis. Na zo’n tocht is het genieten van de kleine dingen. Alsof je maanden bent weggeweest.Marjan van de Vrie, Mathilde

 

 

 

200 myls ‘SOLO’- 2004 met de Lady A door Frits Brattinga

200 myls ‘SOLO’- 2004 met de Lady A

Op 29 oktober is de start van de negende 200 myls ‘Solo’. Maar de eigenlijke start vindt al plaats voor 1 maart als de inschrijving is geopend. Dit jaar was ik er weer als de kippen bij om me in te schrijven. Niets is dan mooier als eindelijk de foto van de ‘Lady A’ op het scherm verschijnt ten teken dat je definitief tot de gelukkige deelnemers behoort.

In de winter zijn er al nieuwe Kevlar zeilen en een spinaker besteld zodat er dit jaar serieus kan worden gezeild. Vele deelnemers kom ik het hele jaar door al tegen en iedereen heeft het over “De Race”. Het is voor mij net als voor vele andere deelnemers dan ook de afsluiter van het vaarseizoen. Na de ‘24 uurs race’ wordt de boot geprepareerd voor de 200 myls.

De uitrusting die net als de inhoud van de vele kastjes zo tegen het einde van het seizoen de boot uitpuilt wordt kritisch onder de loep gehouden en al de overbodige spullen gaan van boord.
Omdat ik dit jaar een route over zee wil gaan doen gaat het reddingsvlot aan boord. En de dacron zeilen worden vervangen door de Kevlar garderobe.

Op vrijdag 24 september word ik uitgezwaaid door de familie en via wat omzwervingen gaat het richting Muiden. Op maandag 27 oktober kom ik in Muiden aan. Het is hier al een drukte van belang.

Een drukte van belang in Muiden

Als Jaap Broer met zijn Di Vagi in de haven arriveert wordt de traditie, die wij voor iedere wedstrijd hebben, in ere gehouden namelijk het gezamenlijk verorberen van enige gerookte palingen terwijl we ze wegspoelen met gerstenat uit Enschede. Het was dit keer de beurt voor Jaap om de palingen te verzorgen. En eerlijk is eerlijk de omweg via Volendam was dit jaar een goede keuze want de palingen waren weer overheerlijk.

Als Dik Geurts de haven binnen komt en hij zijn boot en de Scheerling tooit met zijn sponsorvlaggen kunnen Jaap en ik het niet nalaten ook onze boten te tooien met de Friamco vlaggen.
Zowaar we krijgen positieve reacties en Jan Luyendijk vraagt zelfs of ik ook een vlag voor hem heb, helaas, maar Jan volgend jaar heb ik ook een vlag voor jou aan boord ??

Sponsorvlaggen in de Muider haven

Dinsdag is iedereen druk bezig de laatste aanpassingen aan de boot te doen en heerst er een gezellig sfeertje. Iedereen is bij elkaar aan het buurten en probeert elkaar de tactiek te ontfutselen. Iets waar meestal met een kwinkslag op wordt gereageerd. Dat het ieder jaar steeds serieuzer wordt blijkt wel uit het volgende, er worden namelijk op enkele schepen havenbemanningen gesignaleerd, vooral op de ‘Xinia’ is men daar heel serieus mee bezig en tijdens de race zal Jacqueline vanaf de basis op de wal van advies worden voorzien wanneer en welke baan zij moet zeilen. (Bij Lelystad gaat ze eerst mee naar de sluis, als wij de telefoon bij haar aan boord horen gaan, keert ze op slag om en gaat route 1 zeilen).Op dinsdagavond wordt de plaatselijke Chinees weer door velen bezocht, waarna bij ‘Ome Ko’ de appeltaart met slagroom en de koffie klaar staat. Hier wordt het Palaver verzorgd. Dit jaar is er veel nieuws in het bijzonder de MySafety is nieuw. Dit is een GPS/GSM positiesignalering systeem kompleet met alarmknop en zal de telefoontjes met ‘200 Myls Bob’ vervangen. Het gehele systeem is nieuw en uniek in de wedstrijdzeilerij. Omdat de race zwaar belooft te worden krijgen we een soort peppillen en astronautenvoeding van een sponsor mee. Ik houd het geloof ik maar op mijn vertrouwde maaltijden en probeer een en ander wel op een ander moment uit.

Het weerbericht wat door Frits Bartels wordt verzorgd beloofd weinig wind en de wind die er is zal variabel zijn en in hoofdzaak in de nacht actief zijn. Na het palaver gaat ieder snel terug naar de haven en worden de laatste zaken nog even geregeld onder andere het fotograferen van de eigen boot, waarna door velen de wekkers worden gezet.

Op woensdag 29 september begint 5 uur 30 de telefoon te piepen ten teken dat de dag van de start is aangebroken. Ik steek mijn hoofd uit het luik en helaas voor onze weerman, maar gelukkig voor ons zeilers, het waait! Snel koffie zetten en bacon met eieren bakken voor mijn ontbijt. Links en recht komt er beweging in de haven. Alle afsluiters dicht zetten en de zeilen aanslaan. Om 6 uur 30 vertrekken de eerste boten, enkele deelnemers krijgen opeens een waas voor de ogen en zonder opkijken word er een hele rij boten losgegooid. Dan opeens een enorme knal en mijn boegverlichting is uit. De buurman voor mij is volgas achteruit tegen mijn boeg gevaren. Het gehele twee kleurenlicht is verdwenen. Met een sorry verdwijnt hij snel in de duisternis. Ik hoop dat hij nog eens het fatsoen heeft om zich te melden. Wij liggen met zijn allen nu los en als Frits Bartels probeert weg te varen vertikt zijn boegschroef het. Ik geef hem een zet en hij heeft nu de ruimte om weg te varen.

Omdat er nu ruimte is kan ik weg waarna de ‘Xinia’ van Jacqueline ook weg kan varen. Buiten de haven zet ik mijn zeilen. Nu blijkt ook dat het stevig waait. Om klokslag zeven druk ik de MySafety in en vertrek richting Marken. Voor mij zeilt al een Bavaria, ik meen de Passie te herkennen, deze is waarschijnlijk te vroeg gestart.

Ik besluit om boven Pampus langs te zeilen waardoor ik het Paard van Marken ruim kan bezeilen. Het gaat snel, 6 tot 7 knopen. De trimaran die buiten mededinging mee doet spuit me voorbij. Om het Paard van Marken heen gaat het scherp aan de wind richting de GZ2 bij Volendam. Tijdens een dikke regenbui krimpt de wind en kan ik door één extra slag te maken de boei ronden. Nu gaat het richting Nek, John van der Starre zeilt me voorbij ik lig nu vierde. John heeft het nu wel veel gemakkelijker dan tijdens de surf 11-stedentocht waarbij wij hem massaal steunden om in de februari kou de finish te laten halen, ondanks de kou bleef hij dan lachen, iets wat diepe indruk op velen maakte.

Met één keer kruisen kan om 10 uur 10 Nek gerond worden. Nu een ruime koers richting de OVD. Ik ga de spi zetten, tijdens een dikke windvlaag loop ik uit het roer en schieten de 2 nieuwe titanium sluitingen los. En de nachtmerrie van iedere zeilers is een realiteit. Als een vlag wappert de spinaker hoog in de mast voor mij uit. Eerst laat ik de val vieren, resultaat een spi die hoog in de lucht op 14 meter van de mast afwaait, ik draai het hele zaakje weer in en vaar eerst voor de wind en val dan in een keer af en zie daar de spi zakt in de luwte van de zeilen tegen de boot en kan ik de kletsnatte spinaker binnen halen. Doodmoe zit ik in de kuip.

Na een poosje probeer ik de kleine spi te zetten, en jawel daar schieten de haken weer los. Vloekend bedank ik George Kniest voor de kwaliteits sluitingen. Na enige tijd heb ik de hele kajuit vol liggen met een 130 m2 nat spinakerdoek. Ik ben bekaf en nat van het zweet, ik geloof het wel en zet de genua weer en vergeet het hele spinaker gebeuren. Door dit alles zijn vele boten mij ondertussen voorbij gelopen. Ondertussen beslis ik dat het In verband met de wind vooruitzichten beter is om route 1 maar te vergeten en ik besluit om het noordelijke IJsselmeer op te gaan en route 2 te kiezen.

Vrouwtje van Amstel vaart ook richting Lelystad, bij de sluis gaat haar telefoon en prompt keert ze terug om route 1 te zeilen. Ik zeil Solo en besluit het ook Solo te blijven doen, vrijheid blijheid. Na twee en een half uur is de herstart bij de EZ 29 en stuur ik weer mijn positie via de MySafety naar de sterren. Ik ben er nu achter dat als je het apparaat tijdig rechtop zet hij de satellieten beter vind en het signaal correct wordt verstuurd. Met een scherp aan de winds rak blijkt al snel dat Harlingen niet tijdig is te halen en ik kies nu definitief voor route 4, dus op naar de staak WP 12. De ‘Scheerling’ en de ‘Bondi 2’ zeilen mee. De ‘Chill Out’ passeert ons. Kruisend ronden we achter elkaar om 18 uur 30 de WP 12. Omdat ik ondertussen de spinakers heb opgeruimd overweeg ik om de grote spi weer te zetten. Ik haal de sluitingen weg en knoop de schoten aan de schoothoeken, en warempel zonder problemen bolt de spi zich. En een machtig spinakerrak richting Urk volgt. Bij Urk wordt bijna gelijktijdig met de Scheerling en de Bondi 2 de UK 16 gerond.

Ik besluit hier om de haven op te zoeken. En al is het traditie ook de ‘Chill Out’ ligt hier, hij was net een half uur eerder afgemeerd. Na een dag zeilen vind ik dat ondanks de ellende die ik met de spi’s heb gehad ik toch een goede dag heb gezeild. Na het omkleden even eten bereiden, kip kerrie met rijst, lekker en gemakkelijk waarna ik samen met Henk Bulthuis een biertje drink. Donderdag, de tweede dag, begint met zonneschijn echter de windgoeroe voorspeld voor later op de dag en in de nacht windkracht 4 tot 5. Om een uur of negen laat de wind zich gunstig voelen en ik vertrek richting Sport B. Na bij de UK 16 mijn positie weer verstuurt te hebben ga ik onder spinaker richting het noorden. Het beloofd een schitterende dag te worden.

Onder spi richting Sport B.


Het is volop genieten en met een gangetje van 5 tot 6 knopen vliegen de mijlen voorbij. Ik zet een CD met klassieke muziek snoeihard aan en de klanken van “Sailing” welke tijdens de finish van de ‘Flyer’ werd gespeeld vliegen over het water.

Dit is genieten en achterom ziend ligt er een schitterend zog achter de Lady A.

De Jager

Bij Stavoren zie ik de Peter van der Schaaf met zijn ‘Jager’ en Jaap Broer met de ‘Di Vagi’ onder de wal kruisen. Om een uur of drie wordt het bewolkt en begint de wind iets aan te wakkeren en nadert de Sport B spoedig.
 Tijdens het ronden zet ik de voor route 4 verste boei op de foto en gaat het richting LC 9. Na een dik uur op tegenliggende koers kom ik de achterop zeilende boten tegen.

Om een uur of 5 begint het te regenen en wordt het zeilpak weer aangetrokken. Als ik Ids Witteveen met de ‘Rocinant’ tegen kom zie ik met verbazing dat hij, terwijl het regent, onder een enorme parasol weggedoken is, de optimist.

Ids Witteveen onder de parasol

Ondertussen draait de wind naar het zuidoosten en ik kom er achter dat ik de verkeerde boei ben gerond in de verte zie ik de LC 9 en moet een slag maken om alsnog de juiste ton te ronden. Vanaf de LC 9 welke om 19 uur 9 word gerond gaat het kruisend naar de SB 10 en terwijl de wind aanhaalt kruis ik in de vallende duisternis richting Lemmer.
Ondertussen meld ik me telefonisch bij Bob om alle posities door te geven.
Ik maak eerst een slag richting de Friesche kust om tijdig over stag te gaan want ik blijf zoveel mogelijk ten zuiden van de rode tonnenlijn, dit omdat hier enkele onverlichte tonnen liggen. Ook bij de meetpaal liggen nog twee gele onverlichte staken.
Genietend van een lekkere kop hete koffie zie ik achter mij nog een vaag toplichtje schijnen.
Om 21 uur 45 wordt de SB 10 gerond. Omdat Enkhuizen nu ook met een ruime wind is te bezeilen besluit ik om door te gaan en eventueel bij het museum te ankeren. Met een dikke wind die ruim invalt vlieg ik richting Enkhuizen soms verschijnt er 8 knopen op de GPS.
In een kleine twee uur ben ik bijna bij de KG2. Ik stuur mijn positiemelding weer met de MySafety richting regattabureau, en omdat het heerlijk zeilweer is besluit na het ronden van de KG2 koers te zetten richting Hindelopen.
Terwijl Queen haar klanken over het IJsselmeer schalt, vliegt de Lady met 8 knopen naar het noordoosten. Dit zijn mooie rakken. Bij Stavoren moet ik warempel nog uitwijken voor een visser.
Strak om de pieren van Stavoren zeilend besluit ik definitief om in Hindelopen te ankeren.

Om half twee zie ik het witte schijnsel van de H2 oplichten en om tien voor twee rond ik de H2.
Als ik de zeilen laat zakken komt er nog een grote rode Rib met een enorme schijnwerper bij me om te zien welke idioot nu weer op de drempel bij Hindelopen is vastgelopen. Ik zwaai maar en beduid hem dat er niets loos is.
Om twee uur vind ik een heerlijk rustig plekje achter de dijk bij Hindelopen en laat ik mijn anker zakken. Nog een keertje gas geven met de motor in zijn achteruit om het anker in het zand te trekken en dan gaat de motor uit en lig ik lekker te deinen op een zachte golfslag achter het anker. De stormlamp aan de giek en de natte zooi uit waarna, terwijl ik geniet van een BB’tje, het logboek wordt bijgewerkt.

Ik geniet van een heerlijke nachtrust en om half acht word ik spontaan wakker.
Eitje met spek bakken, koffie zetten, straatje schrobben, scheren, wassen en Frits is weer klaar voor een lekkere dag zeilen.
Om half negen rond ik weer de H2, en omdat de afgelopen nacht de flitser het niet deed zet ik de boei nu op de gevoelige plaat. Met ruime wind richting de pieren van Stavoren. Nadat deze gerond zijn zeil ik ruim om de ondieptes heen om daarna koers te zetten naar de EZ 29.
Helaas een dikke tegenvaller op dit rak de wind is gedraaid en zwakt ook nog af, dus kruisend met zwakke wind richting Lelystad. Op het laatste stuk is de wind helemaal weg en over twee mijl doe ik dik een uur.
Wat kan zo’n rotboei dan ver weg liggen. Nadat ik om drie uur de EZ 29 heb gerond gaat het op de motor richting sluis, het gaat voorspoedig dit keer en anderhalf uur later ben ik al bij de OVD. Hier is YachtVision bezig met televisieopnames. Uiteraard geen belangstelling voor mij maar alleen voor de Primeur van een C-Yacht.
Terwijl ik onder de aantrekkende wind richting de PH boei zeil bak ik voor mezelf een heerlijke maaltijd gebakken aardappelen met spekjes.
Het rak naar de PH is goed te bezeilen echter de spi kan niet omhoog en blijft beneden deks. Daar ik aan de zuidkant van de vaargeul blijf mis ik door het slechte zicht de boei bijna.
Na het ronden om 18 uur 20 gaat het richting Marken. Terwijl k bij Marken contact met het regattabureau zoek om mijn posities door te geven, komt er een pikzwarte lucht opzetten waaruit lekker veel wind komt.
Om een uur of half negen rond ik de NEK boei. Nu zet ik koers naar mijn overnachtingshaven, Volendam.
Dit Rak van Nek naar Volendam nekt me bijna. Tot vijf keer toe een windschifting van 180 graden.
Mijn stuurautomaat weet het niet meer en geeft de geest, da’s pech. Gelukkig heeft ‘Aeolus’ nu medelijden met me en hij begint krachtig uit het westen te blazen. En kan ik de GZ 2 Scherp aanzeilen.
Om 22 uur 02 rond ik de GZ 2 en zoek achter in de haven van Volendam een rustig plekje voor de nacht op. Nu hoef ik morgen maar 12 mijl te zeilen.

Als ik ’s de haven verlaat regent het. Nu de stuurautomaat de geest heeft geven is het zetten van de zeilen nu moeilijker en omdat ik tijdens het zeilen zelf moet sturen heb ik wat koekjes en drinken in de nestkasten gelegd.

Om negen minuten voor acht rond ik weer de GZ2 en met een strak windje uit het zuidwesten gaat het richting de BVK. Ik kan de mijlen nu aftellen en met deze wind gaat het voorspoedig. Onder een mooie bewolkte hemel met zo nu en dan een vriendelijk zonnetje rond ik om zeven minuten over half negen de BVK, nu nog zes mijl al is dit wel kruisend. Mijn GPS geeft een aankomsttijd aan die varieert tussen kwart over tien en half elf. Door de schiftende wind kan ik de hoek van de Pampushaven niet halen en moet nog een keer een slag richting de Hollandse kust maken.
Als mijn GPS een peiling van 80 graden op de IJM 17 geeft ga ik nog een keer overstag en rond om 10 uur 23 de laatste boei terwijl ik nog een keer mijn positie naar de sterren stuur.
Ik verwacht dat er al vele deelnemers in Muiden zijn en dat ik zeker niet de “line honors” heb.

Wat schetst echter mijn verbazing als ik door Jan Luyendijk word gefeliciteerd met het behalen van de ‘Line Honors’.

Als ik later met Jan napraat blijkt dat hij helaas moest opgeven.
Dit nadat hij eerst hard tegen een stag was geknald en de volgende dag zijn oog dicht zat. Dit vind ik hartstikke sneu voor de vader van de 200 Myls. Maar Jan een ding moet me nog van het hart “Het was dit jaar weer Bjusterbaarlijk” en ik wil jou, het team van het Regattabureau en de familie Capel hartelijk bedanken voor alles.

Oant sjen, oant oktober twatûzend en fiif.
(tot ziens, tot oktober tweeduizend en vijf)

Frits Brattinga,
s/y Lady A.

 

200 mijls 2004, de race van 200 weerberichten door Jaap Homan

200 mijls 2004, de race van 200 weerberichten.

door : Jaap Homan

vrijdag 1 oktober.
Het is nu even na 8 uur. Ben op weg naar de WP12. Het is koud en typisch herfstweer. De wind is nu ZO 15 kn. Schiet wel lekker op.. Voor mij enige andere solisten. Kan niet zien wie dat zijn. Hoe anders waren de vorige dagen.

Woensdag 29 november de start:
Vanuit de propvolle haven vertrekken bijna 80 schepen. We zijn allen voorzien van de bekende attributen: cap, logboek en fototoestel. Daarbij nog iets heel speciaals: My Safety, een klein apparaatje dat tegelijk GPS en GSM is. Als je op de knop drukt wordt de positie, tijd en identificatie doorgestuurd. Alle boeipassages worden zo perfect vastgelegd.

Alleen Bob Luyendijk heeft het nu nog zwaarder, want hij moet alle beschikbare gegevens intikken. Daarna zet hij de tussenstanden ook nog op internet. Alleen die van mij weet niet waar hij is. Er zijn meer defecte apparaten. Zenden doet hij wel. Lijkt mij een heel nuttig instrument. Heel veel toepassingen zijn denkbaar.
De weerberichten spreken elkaar tegen. Ruimende wind, krimpende wind, geen wind.

De race:
Start voor mij om 7.14 uur. Tot aan het paard ruim bezeild. Opkruisen naar de MN1GZ2.
Niet echt leuk door een stevige windbui. Meer dan 20 knopen uit NNW. Ook de Nek is niet meer bezeild. Kom een halve mijl onder de boei uit. Daarna onder spi op weg naar de OVD3. Gaat oerend hard. Ben een paar minuten voor 12.00 uur bij de boei. Omdat de wind heel zwak dreigt te worden kies ik voor route 1.Ga dus door naar de P15, direct naast de Y-toren. Op motor door naar de marina in IJmuiden. Met mij enige anderen. De bedoeling is om rond 02.00 uur donderdagmorgen te vertrekken richting Kornwerderzand. Afstand 59 mijl.
Alleen, er is geen wind, totaal niets. Onder de zeilers verwarring. Als eerste moet je binnen 24 uur na de passage van de P15 bij de Baloeran zijn. Als tweede geldt uiteraard het tij. Dat gaat pas meelopen rond 15.30 uur. Uiteindelijk vertrek ik maar. Meld me om 13.20 uur bij de boei.

Onder spi naar het noorden. De wind is globaal ZO 8 knoop. Zal later toenemen. Heel relaxed allemaal. Word opgelopen door alle grotere boten. Als eerste door de Bandos, later door onder meer twee waarschepen 1010. Bij Den Helder even opsteken naar de MH4, voor de deur van de haven van Den Helder. De spi gaat eraf. Het tij staat voluit mee. Met 9 knopen richting Oudeschild. Daarna met veel regen en maar net bezeild richting Kornwerderzand. Ben eigenlijk een beetje overtuigd. Laat het grootzeil maar leeglopen als alternatief voor een rif. Heel slecht zicht. Start de laptop voor de elektronische kaart. In combinatie met de zichtbare boeien een uitstekend hulpmiddel. Om 21.33 uur bij de BO8. Kom tegelijk met de Xinia en even na de Franschman in Kornwerd. Door de sluis en afgemeerd in Makkum. Ben doodmoe. Alles is drijfnat:Zeilen, Spi, Zeilpak. Allemaal niet leuk. Een paar boten gaan door naar Medemblik.

Vrijdag wordt heel bijzonder. Ik meld mij om 7.49 uur bij de VF4. Daarna bezeild naar de WP12.
Dat dacht ik, maar de wind begon te ruimen en af te zwakken. Werd niet leuk. Na de Bandos en de Indra rond ik de boei. Daarna onder spi door naar Hindeloopen. Een gijp en door naar de sport B. Heel moeilijk te verkennen door het nevelige weer. Lang leve de GPS. Met zwakke wind door naar de VZ1 en daarna weer onder spi door naar Den Oever. Achter in de kom nabij het sluisje voor anker. Heerlijk rustig. Hier liggen onder meer de Connector en de Audacious .
Vroeg te kooi. Even later roffelt de regen op het dek. Mooi al het zout van de wadden eraf. Om 6 uur eerst de kachel aan. Een zwak windje waait over de haven..Na een stevig ontbijt maar weer op weg. Om 7.45 uur bij de WV14 tegelijk met een zwart schip waarvan ik de naam niet kan zien. Prachtige wolkenlucht en een zware bui boven Enkhuizen.

Nu twee uur later geen wolk meer te bekennen. De barometer is inmiddels twee punten gestegen! De wind is iets aangetrokken. De Audacious speert mij voorbij. Na de sluis maar door met de HA fok. Is een juiste beslissing.
Bezeild naar de NEK boei. Daarna niet meer bezeild naar de finish. Een zware bui nog voor het Paard. Ook een waarschuwing 6 beaufort van Lelystad. Wissel de HA fok voor de werkfok. Blijkt niet juist, want een half uur later weer de HA. Daarna een gevecht gevoerd met de Layam, een first 35 voet.
Traditiegetrouw gefinisht bij de M1 om 18.54 uur….

Joep Homan,
S/Y Almare.
WV de Schinkel – 2004

 

Weblog Happyzeilen.nl door John v.d. Starre


De 200 myls ‘SOLO’ – 2004

maandag, september 27, 2004

Countdown 200 Myls solo
Nog twee dagen (=48 uur) te gaan voor de start van de 200 Myls Solo. De spanning stijgt en de nervositeit neemt hand over hand toe. Nog enkele kiezen vullen en wat kronen plaatsen, dan is het zover… John’s first solo regatta.
Het weer blijft instabiel. De bewolking houdt aan met zo nu en dan een spatje (prachtige professionele term)regen. Medio deze week verwacht men op het zuidelijke IJsselmeer zuidwestelijke wind rond de 15 knopen. Later deze week neemt de wind of en draait naar het noordwesten. Deze 200 Myls solo lijkt een strategische zeilwedstrijd te worden.

woensdag, september 29, 2004200 Myls Solo van start!
Woensdagochtend 7 uur is John gestart met zijn 200 Myls solo. Alle 70 deelnemers moeten tussen 7 – 10 uur starten met hun wedstrijd. Eerst worden een aantal rakken gezeild op het zuidelijk IJsselmeer, om vervolgens gaat John via Lelystad naar het noorden. Voor vandaag is de doelstelling om Harlingen te bereiken. Gelet op de matige wind moet aankomende nacht Harlingen bereikt zijn, om aldaar te gaan genieten van de eerste rustperiode.
Dinsdagavond is nog een mobiele internetaansluiting tot stand gebracht op en met de Happy. Tijdens de rustige momenten kan vanaf de Happy direct worden ingelogd op het internet om kennis te nemen van de meest actuele weersinformatie. Vanaf de wal houden Marcel van Wijk en ondergetekende continu het weer in de gaten. Minimaal eenmaal per dag is er een update naar de Happy. Bij significante weersveranderingen wordt direct contact opgenomen met Johnnie op de Happy.
Gelet op de (internationale) concurenten zijn alle betrokken, inclusief de schipper zelf, zeer benieuwd naar het verloop van deze zeilwedstrijd. Iedere dag wordt de positie van de Happy doorgebeld naar de wal om op HAPPZEILEN.NL te worden geplaatst. The game is on!!

donderdag, september 30, 2004

Tussenanalyse 200 Myls solo
Na de eerste dag gestreden te hebben, hebben de zeilers van de 200 Myls solo 2005 hun eerste rustperiode ingepland. Het plannen van de rustperioden lijkt cruciaal voor deze zeilwedstrijd. De donderdagochtend en vrijmidag staan volop in het teken van zwakke wind. Zodra de wind ‘dipt’ is het zaak niet te zeilen om geen tijd te verliezen aan gedobber. John heeft gisteren veel mijlen gemaakt en daarmee de eerste klap uitgedeeld. Het kan zijn dat de concurrenten hebben gekozen voor een meer gelijkmatige opbouw en verdeling van de race en de bijbehorende rusturen. Als John op donderdag rond 12 uur weer de zeilen gaat hijsen, kan hij vanaf 14 uur tot vrijdagochtend 11 uur volop profiteren van wind, en dus mijlen maken. Vrijdagoverdag rusten en vanaf 18 uur weer aan de bak. De wind zal blijven blazen (10 – 18 knopen) vanaf vrijdag 17 uur tot aan de finish van deze wedstrijd. Alle beschikbare data omtrent het weer worden John enkele malen per dag aangeboden. Iedere uur wordt de meest actuele data van het internet gedownload. Belangrijk is dus dat wordt gezeild tijdens wind en gerust tijdens een winddip. Het klinkt logisch en misschien zelfs wel simpel, maar het vereist toch planning. John zal zelf een goede inschatting moeten maken wanneer hij gaat zeilen in relatie tot de stroming op de Waddenzee en zijn bootsnelheid goed moeten inschatten om een prognose te maken waar hij wanneer is (of hoopt te zijn). Zijn huidige eerste plaats in het voorlopig klassement is nog allerminst zeker. Als de andere schippers vandaag lang doorhalen is het mogelijk dat zij laat in de ochtend en vroeg in de middag mijlen kunnen maken en dat de rest van de dag continueren. Na vandaag zal bekend worden of de voorsprong van John voldoende blijkt.

Zaterdag, oktober 02, 2004

Drama aan boord van de Happy.
Tijdens het zeilen liep de snelheid van de Happy langzaam terug. De oorzaak kon niet direct achterhaald worden. John heeft alles nagelopen om de reden te vinden van de vertraging. Hij voelde duidelijk dat de boot niet op snelheid kwam en geremd werd. Opeens werd duidelijk dat de spinaker uit de zak in het water terecht was gekomen. Ruim 100 vierkante zeil werd door het water gesleept. Snel binnen halen van de spinaker lukte niet.
Het zeil leek vast te zitten om de kiel of het roerblad. Alle zeilen werden neergelaten en de Happy kwam tot stilstand. Vliegensvlug werd het surfpak aangetrokken en John dook het water in. Met de grootste moeite kon hij de spinaker bevrijden van de kiel én het roerblad. Uitgeput klom hij aan boord om opnieuw te proberen de spinaker binnen te halen.
Tijd om bij te komen was er niet. Als de wiedeweerga zeilen hijsen en koers zetten na het volgende waypoint. Zodra de boot op snelheid was kon de spinaker worden gezet, hetgeen ook gedaan werd. maandag, oktober 04, 2004Toch een mooie 5e plaats.
De strijd was een mooie strijd. Gebleken is dat de Noordzeezeilers de plaatsen 1 t/m 4 innemen en dat John de eerste en enige route 2 zeiler is die in de top voorkomt. Zoals uit de verslagen op de website bleek, hebben de Noordzeezeilers de donderdagochtend meer wind gehad. John lag op wind te wachten en had maar enkele knoopjes over dek, terwijl het op de Noordzee minimaal 10 knopen waaide. De afstand tussen John en de nummer 1 is zo’n twee uur. Net de stroming en de snelheid van de Noordzee. Het is jammer, maar alles is gegeven en er zat niet meer in. Dit is de consequentie van het moeten kiezen van een baan/route. Maar zeker geen teneergeslagen stemming, deze 5e plaats is een welverdiende en een om trots op te zijn. De uitslagen zijn nog onder voorbehoud en kunnen nog wijzigen.
Over 2 weken wordt er weer gestreden om de IJspegel Throphy voor de kust van ons eigen Scheveningen.

 

 

Anje Valk zeilde met haar Vancouver 27 Warber

Solozeilen is gezellig!

Gepubliceerd in de Drietand (Nederlandsche Vereeniging van Kustzeilers) (2004) en in Zeilen (2004)

Anje Valk zeilde met haar Vancouver 27 Warber
de 200-mijls solo, en doet verslag.
De negende 200-mijlsHet is dinsdagavond 28 september. De Stichtingshaven in Muiden zoemt van activiteit.. Het ligt er tjokvol met 71 jachten – dankzij de herdershondkwaliteiten van de havenmeester gaan er veel makke schapen in een hok – met allemaal een 1-wimpeltje in hun hekstag. Het zijn de deelnemers aan de negende 200-mijls solo, die morgenochtend van start gaat.
Het veld is heel gevarieerd, van klein (21 voet) tot groot (44 voet), gewone toerschepen en volbloed racers, gelegenheidssolisten en oceaanveteranen, mannetjes en …. vrouwtjes. Jawel!Bij mijn weten is dit in Nederland de eerste keer in de geschiedenis dat er meer dan één vrouw aan een solo-evenement deelneemt. Er zullen vier solovrouwen starten, ten opzichte van de twee vorige jaren een toename van 400%.
De 200-mijls Solo wordt al sinds 1996 georganiseerd door Jan Luyendijk & Zonen, onder auspiciën van de w.v. AVOH in Huizen. Het eerste jaar waren er maar vijf boten, waarvan er slechts één reglementair is gefinisht. De belangstelling is sindsdien explosief gegroeid, zelfs zó dat het merendeel van de aanmelders (dit jaar ruim 300) moet worden teleurgesteld.
De regels van het spel zijn simpel: de zeilers kunnen kiezen uit vier routes, waarvan er één onder andere bestaat uit een “rondje Noord Holland”, een andere een “rondje Vlieland en Texel west-om” inhoudt, en twee uitsluitend op het IJsselmeer en Markermeer blijven. De afstand tussen de merktekens is precies 200 mijlen. Bij elk merkteken kun je de race onderbreken om ergens te gaan rusten. Je moet minimaal 27 uur rusten, waarvan tenminste drie periodes (één geankerd) van minimaal zes uur. De sluispassages en vaartijd door het Noordzeekanaal zijn bij de rusttijd inbegrepen. Je moet woensdagmorgen tussen 0700 en 1000 uur zijn gestart, en zondag om uiterlijk 1200 uur zijn gefinisht. De snelste boot (gecorrigeerd voor handicap) wint.Een goed ontbijt is het halve werk
Het is 0600 uur, woensdagochtend, winderig, donker, koud. Koortsachtige onrust in de haven, navigatielichten flitsen aan. (foto) De boten jagen elkaar de haven uit, last in first out, de meesten willen zo gauw mogelijk starten. Slaapdronken neem ik eerst nog even mijn toevlucht tot de meldsteiger van de Koninklijke.(foto) Een goed ontbijt is immers het halve werk, het houdt je zwaartepunt laag, en geeft tijd voor strategie: welke baan? Alles pleit voor baan 1, het “rondje Noord Holland”: het is springtij, en het wordt morgen zuidoosten wind, op het IJsselmeer zwak, maar op zee in de middag matig tot krachtig. LW IJmuiden is vanaf circa 1330.

De morgen is verbleekt van donker naar zachtblauw als ik vertrek, om als één van de laatsten om 0858 uur de M1 te passeren: gestart!

Er staat een NW 5-6. Onder de hoge wal vliegen we naar het Paard, daarna naar het merkteken bij Volendam, en dan wordt het een paar uur hakken naar de NEK bij Hoorn.

Feestjurk
Om 1435 klok ik de NEK, en vanaf daar moet ik eerst naar Lelystad (OVD3) en dan naar Durgerdam (P15). Tijd voor de gennaker! (Heb ik sinds vorig jaar. Hij lag bij de zeilmaker op de plank en ik kon hem met flinke korting kopen. Maar hij is wel groot voor mijn bootje, zodat ik, om hem toch goed passend te kunnen voeren, mijn spiboom optuig als boegspriet.)
Na een flinke worstelpartij – zoveel routine heb ik nog niet met dat ding, maar na deze wedstrijd zal dat een stuk beter zijn – stáát het kreng eindelijk, en het zweet óók (op mijn rug). Tjonge, wat mooi, wat loopt dat lekker, Warber bruist met een gretige snor door het water.
Bij Lelystad gaat de feestjurk weer uit, en naar Durgerdam is het wederom áán de inmiddels tot een viertje afgenomen wind, die later in de schemering krimpend ineen zal zakken tot een westelijk tweetje.
In de stille avond vaar ik naar de verlichte skyline van de Randstad en luister naar de geluiden om me heen – ritmisch motorstampen van een passerende binnenvaarder, gegakgak van overvliegende ganzen, eendengesnater ver weg – tegen het eeuwig achtergrondgeraas van de Grote Stad: een vreemde mengeling van natuur en techniek. Hier is de stilte voor altijd vermoord.
Ik ga naast het geultje naar Durgerdam ten anker.

Het onderste uit de kast
Geen haast in de ochtend, en op mijn akkertje vaar ik door het Noordzeekanaal naar IJmuiden.
Er staat geen klap wind. Ik denk aan de ongelukkigen die baan 3 of 4 hebben gekozen: op het IJsselmeer heb je nu niet veel te zoeken. Ik ben benieuwd of er meer boten net als ik baan 1 doen. En ja hoor, als ik rond half twee langs Seaport Marina vaar, komt de éen na de andere solist naar buiten – zeker twintig boten, waaronder rasracers als Paul Peggs, Bart Boosman en Jacqueline van Amstel. Ik bevind me dus in goed gezelschap. Met haar feestjurk in de aanslag hobbelt Warber gretig met de snelle jongens mee het zeegat uit (foto) en even later maken we deel uit van een kudde kleurige spinnakers die zich langs de Blanke Toppen der Duinen noordwaarts spoedt. (foto’s) De zuidoostenwind haalt nu lekker door. Diverse boten wisselen hun spinnaker voor een kleinere. Warber heeft er echter maar één, en die trekt zo hard dat het de oude Hasler windvaan soms te machtig wordt. Na twee keer uit het roer te zijn gelopen stuur ik zelf maar, urenlang, het hele klereeind tot Den Helder. Maar móói! Bijna voortdurend surfen we op rompsnelheid (6 à 7 knopen) over de vriendelijk bruisende Noordzeegolven. Voor een toerzeiler als ik is het heel gezond om eens aan zo’n wedstrijd mee te doen. Zo haal je ook eens het onderste uit de kast, terwijl ik met dit weer normaliter niet meer spinnaker omdat ik het zo wel hard genoeg vind gaan.

De Schoonheid van het Wad bij Nacht
Het is volle maan (zeggen ze, want ik zie geen hand voor ogen). Ver vooruit zie ik de toplichtjes van een paar andere kruisende solisten, en vlak achter me ook één of twee lichtjes. Half verblind door massieve regen tuur ik ingespannen de duisternis in, op uitkijk naar een blinde ton die hier ergens moet liggen. De nijdige steile golven – gevolg van de sterke vloedstroom tegen een krachtige zuidooster – geven Warber er flink van langs. We kruisen in de Texelstroom op weg naar de BO 9 bij Kornwerderzand, het negende merkteken.
Zelden heb ik zo verlangd naar die sluis, belofte van een stille steiger, pak en laarzen uit, droge kleren, hete soep, warme slaapzak. Lijden is pas lekker als het ophoudt….
Tegen achten – rond halftij – ben ik het merkteken bij Oudeschild (de T12) gepasseerd, en ik had daar kunnen gaan rusten. Maar het stuitte me tegen de borst om zo’n mooie springvloed mee naar Kornwerderzand te laten schieten. Ik kan vanaf de T12 pal oost varen en – met een oplettend oog op de dieptemeter – mooie lange klappen maken. Mijn enige zorg zijn de onverlichte boeien waarvan er hier een heel aantal liggen. Ze zouden die van zacht plastic moeten maken. Grinnikend mijmer ik verder op die gedachte: … het zouden grote badeenden kunnen zijn, vrolijk rood of groen gekleurd, hier en daar een gele, met van die guitige oogjes erop. Shit, daar flitst zo’n rakker vlak langs me heen, ik schrik me lam – had er ook bovenop kunnen knallen.
Even na 0100 uur liggen we met twee andere druipnatte solisten in de nachtelijke Lorentzsluis.
Ook de hemelsluis staat open: het stroomt van de regen. De sluiswachter roept bemoedigende woorden door de intercom, lief vind ik dat. Ik neem me voor hem even te antwoorden, maar murw als ik ben blijft het er helaas bij. De stille steiger, de droge handdoek, een borrel en dan….zzzzz.

Kleine uurtjes
Er volgt alweer een lange dag. Voor een kleine boot als Warber betekent 200 mijl in maximaal 74 uur zeiltijd – inclusief kruisrakken is het gauw 300 mijl – dat je behoorlijk door moet varen. Snellere boten kunnen veel meer rusturen nemen, en toch nog op tijd vóór 1200 uur zondag binnen zijn. Zo kunnen ze de krenten uit de windpap pikken, vooropgesteld natuurlijk dat je die weet te vinden. Veel boten zijn met een laptop on line of bellen met een meteofluisteraar aan de wal; ik doe het gewoon met het weerbericht en mijn gevoel.
Vandaag zeil ik van Kornwerd naar het nieuwe vogeleiland bij Medemblik, dan spinnakerend via Hindelopen naar Breezanddijk, in de late avond met een afnemend zuidenwindje kruisend naar Stavoren en dan in de kleine uurtjes nog naar Den Oever. Om twee uur maak ik mijn bootje vast. Afgepijgerd maar tevreden kruip ik in mijn mandje. Het grootste deel van de race heb ik er nu opzitten. Morgen ben ik rond borreltijd in Muiden! Met die mooie gedachte sus ik mezelf in zoete slaap.

De volgende ochtend vaar ik om 0900 alweer. De wind is ZW-W 4 tot 5 geworden, en ik zie knarsetandend dat boten die gisteravond op een christelijke tijd in Breezanddijk zijn gaan rusten nu het rak naar Stavoren bezeild hebben. Kijk, dat bedoel ik nou! Diep zuchtend stook ik mijn halfcardanische eierenbakmachine maar eens op.
Goed nieuws is dat de rest van de baan – Enkhuizen, Lelystad, de NEK en dan de finish bij Muiden – nu feestelijk bezeild ligt. Een belletje naar de sluis leert me bovendien dat het nog steeds zomerpeil is. Zo kan ik vanaf het merkteken bij Enkhuizen met mijn diepgang van 1.30 m. dwars over het Enkhuizerzand, laagvliegend over het vlakke water onder de dijk naar Lelystad denderen. Soms heeft een klein bootje ook voordelen!
Het weerbericht waarschuwt nu voor buien met onweer en zware windstoten. Inderdaad hangen er op het Markermeer dreigende buien, die meestal langsschampen maar ons af en toe flink te pakken hebben. En alles bezeild? Dat had je gedacht! Na een paar buien krimpt de wind naar zuid en blijft daar uiteindelijk hangen, zodat het van NEK naar Muiden toch nog kruisen wordt!
Tegen achten ben ik voorbij het Paard en wordt het langzaam donker. Aan de zuidwestelijke hemel hangen inktzwarte donderbuien dreigend te weerlichten. Samen met mij kruist een ander solistenlichtje naar het zuiden, wie zou dat zijn?

Finish!
Om 2228 uur rond ik plechtig de IJM17, waarmee ik gefinished ben. Dolgelukkig slaak ik een woeste vreugdekreet: yeehee!!

 

Het is gelukt, het zit erop! Onstpannen maak ik de boel klaar om te strijken en de motor te starten, als ik iemand hoor roepen en er een schijnwerper op me wordt gericht. Het solistenlichtje dat met mij opzeilde en vrijwel gelijktijdig met met mij is gefinisht, blijkt Lady Blanche van Pamela van Vleuten. Ze roept dat ze de motor niet gestart krijgt, of ik haar naar de haven wil slepen. Túúrlijk wil ik dat. Pas als ik langszij vaar om een lijn aan te pakken zie ik dat haar preekstoel er droevig verkreukeld bijhangt. (foto) Ze heeft in het donker bij Marken een aanvaring gehad met een charterschip. Balen! Maar inplaats van op te geven heeft ze een noodvoorstag opgetuigd, en de wedstrijd uitgezeild! Wat een klassevrouw!
Gezusterlijk komen we de donkere haven in, die al vol ligt met eerder gefinishte boten. Hier en daar brandt nog een lichtje maar veel leven zit er niet meer in deze moegezeilde solistenvloot. Ik weet niet waar ik het meest naar snak, naar een borrel of naar mijn slaapzak. Omdat ik van het eerste niks meer aan boord heb wordt het de laatste optie.

Na afloop
De hele nacht en de zondagochtend komen er nog boten binnen. Op de steiger en in de kuipen wordt het een levendig rendez-vous. Solozeilers zijn vaak heel gezellige mensen, dat blijkt maar weer bij een evenement als dit. Verhalen en ervaringen worden uitgewisseld.
Paul Peggs, een Mini-Transatveteraan die speciaal uit Engeland is overgekomen om mee te zeilen, vond het “the finest race I have ever sailed”. Sander Bakker had hem toen hij onlangs vroeg of er in Nederland ook nog leuke singlehanded evenementen waren, over de 200-mijls solo verteld. Hij had zich meteen aangemeld.

Peggs: “You are lucky, we don’t have any nice singlehanded events like this in England, apart from the very big ones. You have two!”, waarmee hij ook doelde op de Singlehanded van Lelystad, die twee weken later wordt verzeild.

De winnaar van de race, Bart Boosman, is al jaren van de partij met zijn zelf ontworpen en gebouwde Boosman JB 30-voeter. Solozeiler in hart en nieren: afgelopen zomer zeilde hij single-handed een rondje IJsland. Hij wil volgend jaar in de OSTAR starten.
Nummer twee werd Bart van Breeschoten met een Waarschip 660 en nummer drie Bauke Yntema met een Winner 950.

Alle vier vrouwelijke deelnemers hebben de race uitgezeild, waarvan de snelste Jacqueline van Amstel was met haar X-362 Xinia. (foto’s)

Warber is uiteindelijk 48ste van de 53 gefinishte boten geworden .

We hebben precies 85,5 uur over de wedstrijd gedaan, waarvan we slechts 27.06 uur hebben gerust, de minste rusttijd van alle gefinishte boten. Warber ( Fries woord voor bedrijvig, werklustig) heeft daarmee haar naam eer aangedaan!

Anje Valk, S/Y Warber, 25 oktober 2004

 

 

 

 

 

 

 

De Telegraaf

MUIDEN – Voor de negende maal gaat op 29 september in Muiden de 200 myls Solo van start. De tachtig diehards, waaronder enkele vrouwelijke deelnemers, dienen in hun kajuitzeilboten solo binnen 5 dagen een wedstrijdbaan van 200 mijl vol te maken. Hiervoor zijn op het Marker- en IJsselmeer, het Wad en Noordzee vier routes uitgezet waaruit de zeilers kunnen kiezen.
Tijdens de race moeten de deelnemers minimaal drie rustperiodes houden van tenminste 6 uur. In elke baan zijn 17 boeien die moeten worden gerond. Deze merktekens dienden in vorige wedstrijden te worden gefotografeerd en de passages per gsm te worden gemeld aan het Regatta-
bureau van de 200 myls ’Solo’ als be- wijslast van de passage. Dit keer krijgen alle deelnemers een gps/gsmunit mee. Bij een druk op de groene knop wordt de gps-positie, lengte- en breedtegraden ogenblikkelijk aan het Regattabureau doorgezonden. De posities van de soloschippers, alsook hun voorlopig berekende wedstrijdstand worden op de website: http:// www.200myls.nl weergegeven.
Voor de optimale veiligheid en noodsi- tuaties kan er op de ’My safety’ een noodknop worden ingedrukt, waarmee een noodsignaal wordt uitgezonden dat automatisch de nieuwste positie op 5 meter nauwkeurig doorgeeft.
Alle deelnemers moeten zondag 3 ok- tober voor 12.00 uur finishen.

 

Nieuws op de website van de ‘wsv AVOH’

oktober 2004

nieuws op de website van de ‘wsv AVOH’

Zeemanschap ? door Herman Tieman

Zeemanschap ?
Driebergen, 23 oktober 2004
Het is nu de derde week na de 200 myls en ik heb pas sinds gisteren het gevoel dat ik ervan uitgerust ben.
Deze 200 myls vond ik de zwaarste van die ik gedaan heb. Het was de zevende alweer. Maar het was eigenlijk de eerste waar ikzelf het meest tevreden over ben.
Dat had alles met mijn instelling te maken. Ik had mij niet vantevoren gespitst op een goede classering maar als doel het uitvaren van de tocht binnen de bepaalde tijd gesteld.
Mijn tegenstanders betrof dan ook niet mijn medezeilers maar het weer en bovenal mijzelf. Ik heb van beide gewonnen en dat stemt mij tevree.Naar mijn gevoel zijn er 2 soorten deelnemers in de 200 myls. Degene die gaan voor een classering en degene die hem willen uitvaren. Wat beide kampen delen is de spanning. Vooral voor het vertrek. Met name de ochtend van het vertrek.
Ik was blij dat ik niet in die volle kom lag en mij met ellebogen en schouders er tussen uit hoefde te wringen.Eigenlijk schandalig dat medezeilers zonder overleg hun bootje losgooien en er als een blinde van door gaan.
Zeilen is niet zo moeilijk. Kwestie van die lappen hijsen en dan ga je wel.
Het manoeuvreren en rekening houden met andere vereist daarentegen nogal wat inzicht. Degene die dat niet beheersen zouden niet eens mee mogen doen of achteraf alsnog gediskwalificeerd moeten worden .
Ook een merkwaardige opvatting vind ik (en dat hoor je steeds meer ),dat je dapper gevonden wordt en zelfs bejubeld als je na een aanvaring alsnog de 200 myls uitvaart . Ik zou weleens willen weten hoe het mogelijk is dat iemand zijn boot tegen een ander zet. Voorrangsregels niet kennen ? Oververmoeid ? Niet goed opgelet ?
Ikzelf moest onderweg wijken voor een medezeiler die geen voorrang had op mij. Er was echter niemand aan dek om mij waar te nemen, terwijl het zicht slecht was.
Ik vind dit alles getuige van slecht zeemanschap.
Of wat te denken als iemand in het holst van de nacht in de fuiken vaart, overboord springt, zich lossnijd en vervolgens doorvaart. Is dit dapper? Bedenk dat je met het doorsnijden van fuiken iemands broodwinning naar de klote helpt. Laat in ieder geval je kaartje achter en vergoed de schade.Ik ken mensen die de 200 myls een kamikaze noemen.
Ik ben het niet met hen eens. Het is een fantastische tocht waarbij je je grenzen kunt verkennen en verleggen (soms moet je een stap terug doen).Man\Vrouw, weer en boot. Dat is waar het omgaat. Misschien kun je daar wel nummer 1 in worden of bij de eerste 80 eindigen.Jan, je organiseert die tocht fantastisch. Waak ervoor dat het geen kamikaze tocht wordt.

Met groet en dank,

Herman Tieman. Nan

Geplande schietoefeningen opgeschort Clubracer

200 myls SOLO – 2004
geplande schietoefeningen opgeschort
Jan Luyendijk | 02-09-04
MUIDEN (NED) – Op 29 september a.s. start voor de negende maal de 200 myls ‘SOLO’. Maandag kreeg de organisatie te horen, dat er in deze 40e. week weer eens schietoefeningen waren gepland, in het schietgebied nabij Breezanddijk. Diverse banen, ook i.v.m. kruisrakken (niet te verwarren met kruisraketten) lopen door dit schietgebied heen.Na intensieve onderhandelingen echter is het gelukt de schietoefeningen 2 weken te laten opschorten, zodat de 80 solo-schippers Wad en IJsselmeer probleemloos kunnen bezeilen.foto © marine.nlwww.200myls.nl

Mailtje van Jaap Homan

Amsterdam, 9 juni 2004Waarde Jan,Afgelopen week iets bijzonders meegemaakt. Zoals je weet is de V15 niet meer. Voor altijd weg. Wat je nog niet weet, is dat in stormachtige nachten op de plaats van de V15 vreemde lichtverschijnselen zijn waar te nemen. Alsof iemand met een schijnwerper een spelletje speelt.
Tevens is het silhouet waar te nemen van een jacht met een Japanse vlag. Allemaal heel onduidelijk.Op weg naar de ronde van Texel dit verschijnsel wetenschappelijk benaderd. De GPS gaf de positie van de V15. Ik dacht, dan maak ik meteen een foto van het water. Allemaal digitaal dus hoogst onbetrouwbaar. Wie schetst mijn verbazing als heel onduidelijk een scheepje zichtbaar is. Zelf zag ik niets maar het fototoestel legde het toch vast….

Hierboven dan die twee fotos.

Straks op 10 juli start de Colin Archerrace.
Almare en Catootje mogen hierbij tegen elkaar strijden!
Graag tot ziens en een fijn zomerseizoen

Jaap Homan

 

 

Verslag van de 200myls SOLO door Frans Hoving

VERSLAG VAN DE 200 MYLS SOLO RACE 2004Frans Hoving v/b Zeebeer

Dit jaar hebben we aan boord van de Layam gegeten in plaats van bij Graaf Floris. De Layam is Barends verlangen naar de zee. Barend had een prima Mediterrane pot gekookt, om ons nog even het naderende herfstweer te laten vergeten. Albert de Brouwer van het Waere Hout, een enthousiast verteller, en Hans Pietersma van de Francis aten ook mee.
Dit keer aten we in alle rust en kwamen we mooi op tijd bij Ome Ko.

Behalve de gebruikelijke goede adviezen, het logboek en de pet kregen we dit keer niet alleen een fotocamera mee, maar ook een GSM/GPS-unit met een rood en een groen knopje.
Door op het groene knopje te drukken, zend je tijd en positie door naar een centrale en wordt deze direct op Internet weergegeven. Druk nooooiiit op het rode knopje, maar waarom toch niet? Dat is een van de vragen die mij de komende vijf dagen zal bezig houden. Vele malen heb ik op het punt gestaan het rode knopje toch in te drukken, maar de angst voor diskwalificatie weerhield mij. En als het donker was, pakte ik eerst de zaklantaarn om te controleren of ik wel op de juiste kleur drukte.
Ook mocht je niet zomaar het rode en groene knopje tegelijk indrukken, maar daar kregen we wel een uitleg bij. Dat zou nl. de verkeerspolitie in Driebergen alarmeren. Een beetje onhandig dacht ik nog, je hebt meer aan Den Helder Rescue, maar toen ik weer thuis was, snapte ik de logica. Onze doorgegeven posities werden namelijk getoond op een wegenkaart van Nederland! En daar weten ze in Driebergen alles van.
Ook kregen we een pakket doping mee, bestaande uit poeders en pillen, waarvan ik me direct voornam deze niet tot mij te nemen, voordat ik het wedstrijdreglement opnieuw bestudeerd had. Het zou wel eens een list kunnen zijn van de organisatie om de wankelmoedigen onder ons te verleiden tot diskwalificatie.

Tot slot droeg Jan Luyendijk ons op om vooral weer leuke anekdotes in het logboek te noteren. Daar sloeg de schrik mij om het hart. Ik weet niet hoe dat voor de andere deelnemers ligt, maar ik maak nooit wat mee onder het zeilen! Ik zit vier en een halve dag aan het roer, kijk een beetje naar de zeilen, zwaai naar andere deelnemers, luister naar de radio, lees een boek, overdenk mijn leven en dat is het wel. En als ik wel iets meemaak, is het nooit leuk, dan loopt het schip uit het roer, vaar ik op een onverlichte ton of stoot ik mijn hoofd.

Met een bezwaard gemoed zocht ik die avond mijn kooi op en viel al snel in een onrustige slaap. Ik droomde dat we tijdens de prijsuitreiking om de beurt naar voren werden geroepen om een leuke anekdote te vertellen en dat de zaal stemmen uitbracht met de GSM-units. Woensdag Aan de wind zeilen is een kunst Ik word wakker van de schippers om mij heen, die hun schepen in gereedheid brengen. Ik besluit eerst te douchen en te ontbijten. Onder de douche hoor ik Barend: “Ben jij dat Frans? Ik herkende je schoenen.” We wensen elkaar succes voor de komende dagen. Het loopt al tegen achten als ik mijn ontbijt achter de kiezen heb.
Dit is de tweede keer dat ik mee doe. Vorig jaar met een Waarschip Kwartton, zonder stuurautomaat, dit keer met een Waarschip 900+, mét automaat (en wat voor één, een Autohelm 4000). Ik heb dit schip dus nog maar net, maar lang genoeg om te ontdekken dat het héél anders zeilt dan mijn oude trouwe Iguana Iguana.

Ik maak los en wurm mezelf de box uit. Aan het eind van de Vecht komt Peter van de Schaaf me tegemoet. “Even voorzeil wisselen”, antwoordt hij op mijn verbaasde blik. Ik besluit om ook maar te reven, er komen flinke buien over. Om 8.30 ben ik gestart.
Erg hard gaat het niet, ik heb eigenlijk te weinig zeil op. Ik heb een high aspectfok van 20 m2 en een hoog opgesneden stormfok van 4,5 m2. Dat verschil is te groot.
Bovendien hang ik de theorie aan dat een Waarschip 900+ rechtop gezeild dient te worden. Ik ga in de loop van de wedstrijd steeds meer aan mijn theorie twijfelen, want op deze manier aan de wind zeilen is geen succes. Voor mij uit vaart de Batavus, een zeer zwaar rond schip, maar zelfs die haal ik niet in. Vertwijfeld grijp ik naar mijn ANWB boekje over zeiltrim, dat helpt iets, maar niet voldoende. Mijn gemiddelde snelheid ligt rond de 3,5 knoop. Dat is toch beneden alle peil. Als ik het later vergelijk met de snelheid op hetzelfde traject (M1 – NEK) van het Waere Hout, ook een 900, maar dan zonder +, dringt pas goed tot me door hoeveel beter het moet kunnen. Hij vaart twee knopen sneller!

Enfin, de lucht klaart langzaam op en het wordt een genoeglijke tocht. Jas en zeilbroek gaan uit en ik zit bij een voordewindse koers vanaf NEK heerlijk in het zonnetje. Bij de OVD 3 aangekomen besluit ik route 1 te laten vallen. Hoewel voor morgen de wind uit de goede hoek voorspeld is (ZW) voor een tochtje over de Noordzee, lijkt er zo weinig wind te zullen staan, dat een spi absoluut vereist is. Die heb ik nog niet op dit schip en ik wil niet net als vorig jaar bij Zuiderhaaks moeten ankeren omdat het tij tegenloopt. Dus zeilen omlaag en meteen de motor aan, dat heb ik ook geleerd van vorig jaar, zorg dat je accu’s op peil blijven. Dat is dubbel zo belangrijk nu ik zo een stroomvretende stuurautomaat aan boord heb.
In de sluis praat ik met Henk van de Batavus. Naast mij maakt een Duits jacht vast, met vijf stormvast ingepakte en gezekerde opvarenden, die geïnteresseerd vragen aan welke wedstrijd ik heb meegedaan. Als ik vertel dat die net begonnen is, kijken ze wat bevreemd naar mijn outfit van katoenen broek en lamswollen trui, die in hun ogen geschikter is om te tuinieren dan om mee te zeilen.

Even denk ik dat ik hekkesluiter ben, maar later volgen nog een paar deelnemers. Route 2 laat ik nu ook vallen, het volgende rak is nu niet bezeild en morgenavond boven de eilanden langs naar Texel lijkt me geen optie bij een zwakke ZW. Ik doe als de rest en ga voor anker onder de dijk. Ik kook een heerlijke maaltijd, verse groenten, sla, een stukje thuis gebraden lamsbout en rijst. Vandaag heb ik geen enkele afstand van betekenis afgelegd, maar ik ben zo moe als een hond. Ik hijs de olielamp onder de zaling en kruip in mijn slaapzak. Om acht uur ’s avonds ben ik in diepe slaap. Donderdag I need spi(ed) Om 02.00 ’s nachts steek ik mij hoofd uit het luik, de maan schijnt en het is een prachtige nacht. Helaas is de wind nog steeds NW, dus weer slapen. Om een uur of 7 word ik weer wakker. De zon komt prachtig op, dit wordt een zomerse dag! De wind is inmiddels gedraaid naar ZO, maar wat is ie zwak. Ik sta geamuseerd naar de schipper van de Cygnus te kijken, die onder het ophalen van het anker de ketting schoonborstelt. Hoe ver kan een mens gaan in zijn liefde voor het schip, denk ik. Dan haal ik mijn eigen anker op en zit de kortste keren onder de zwarte pikzwarte smurrie. De schipper van de Cygnus stijgt weer in mijn aanzien…

Direct na de EZ 29 spuit de Magic mij voorbij, een Waarschip Kwartton getooid met een spi en een gennaker, terwijl ik zuur naar mijn slaphangende genua zit te kijken. Dan maar insmeren met zonnebrand en mijn boek gepakt. Ik lees In Europa van Geert Mak, bij uitstek geschikt om te lezen onder het zeilen, omdat het uit allemaal korte stukjes bestaat. De hele dag kijk ik naar de halfwinder van de Cygnus, die een paar mijl voor mij uitvaart.
Urenlang ligt de snelheid rond de 1,5 à 2 knopen. Pas bij de Kreupel trekt het iets aan en als ik keer voor het rak naar Urk gaat de boot zowaar een beetje hellen. Ik stuur maar achter de Cygnus aan en ga een potje koken. Het zomerweer is inmiddels verwaaid en het gaat regenen. Langzaam wordt het donker terwijl ik me voor de variatie op de pasta met gehaktballen stort. Urk is niet bezeild en ik maak in het donker een paar lange slagen. Vlak bij mij zitten twee andere deelnemers, waaronder de Cygnus. Het is lastig oriënteren bij Urk in het donker, er liggen veel te veel tonnen daar. Het valt nog niet mee om de goede boei er tussen uit te halen. Wat ook niet meevalt is dat ik tegenwoordig een leesbril nodig heb, om in het donker kaart te kunnen lezen.
Ik ben al een paar keer in de schijnwerpers gezet door oplopende binnenvaarders, die mij steeds op ruime afstand inhalen. Een ander vaart dwars voor mij langs richting Urk. Plotseling wordt ik weer in een fel licht gezet, maar nu van voren. Die binnenvaarder die voor me langs voer is gedraaid en komt nu recht op me af! Als de hazen val ik 90 graden af en blijf in de wedstrijd. Helaas kost me dit weer een extra slag om bij de boei te komen.


Inmiddels heb ik uitgepuzzeld hoe ik het beste de haven kan binnenlopen zonder op een van de tientallen onverlichte staken te varen. Ik heb het niet op Urker vissers en niet op Urk en mijn vooroordeel wordt hier weer bevestigd. Dit lijkt het verkeerspark in Assen wel! Mijn ligplaats is ook al niet je dat, ik lig te rijen aan de passantenkade in de havenmond. De wind stuwt de golven recht de haven in. Ik zet het roer vast, klem vier stootwillen tussen het schip en de zanderige kade en hoop er het beste van. Ik maak nog een praatje met de schipper van de Cygnus en bel mijn vriendin, die prompt vraagt wanneer ik nou op hou met die onzin. Zij respecteert mijn hobby, maar dit vindt ze zwaar overdreven. Na deze peptalk maak ik maar een biertje open. Ik ben nog steeds niet tevreden over mijn zeilprestaties, na twee dagen heb ik 63 mijl afgelegd. Vrijdag Hoop doet leven Het is een beetje heiig, maar wel droog als ik vertrek. Vlak voor mij uit vaart de Cygnus en deze loopt langzaam van mij weg. Ik baal ervan dat ik geen groter zeil dan mijn genua kan zetten. En er staat wat meer wind dan gisterenochtend. Het hele rak naar de Sport B is voor de wind, dus ik zet de genua ver uit met de spiboom. Erg hard gaat het allemaal niet.
Ik luister naar de radio. Eerst gaat het over de kwalen die je kunt oplopen van pijnstillers. Een vrouw belt op met de mededeling dat zij veel baat heeft bij de bandjes van het RIAGG. De presentatrice heeft geduld en langzaam wordt duidelijk dat het gaat om geluidscassettes met ontspanningsoefeningen. Daar laat ze graag iets van horen over de telefoon, dus ze start het bandje en houdt de hoorn voor de speaker. Ze is blijkbaar vastbesloten ons het hele bandje te laten horen, want ze komt zelf niet meer aan de telefoon. De presentatrice draait een plaatje en probeert het nog eens. Nog steeds die kalme stem die ons tot rust maant. En zo gaat het nog een hele tijd door, totdat het nieuws gelezen wordt en een nieuw programma begint. Nu gaat het over de manifestatie van zaterdag aanstaande tegen het afschaffen van VUT en pre-pensioen.
Vroeger protesteerde men tegen honger en kinderarbeid, nu tegen een jaartje langer doorwerken. Aangezien ik nu al voorzie dat ik tot mijn 75e moet doorwerken om de 55-plussers van vandaag te laten tuinieren, vind ik het allemaal maar flauwekul. Tussendoor doemen steeds schepen op uit mist en lossen dan weer op. Ik bel met Barend en zeg dat ik er mee stop, als het niet wat meer opschiet. Daar houdt Barend niet van, ik moet niet zo snel opgeven vindt hij. En gelijk heeft ie. Maar een mens mag wel eens zeuren.
Na de Sport B doemt er een soort van perspectief. Ik kan in een paar lange slagen tot onder Stavoren komen, het stuk naar Lemmer is exact bezeild en de verwachte draaiing van de wind naar ZW blijft uit. Dat betekent dat Enkhuizen vanaf de SB 10 ook bezeild is!
Onderweg naar de SB10 valt het duister in. Ik zie aldoor een vage vlek voor me uit die ik houdt voor een beginnende staar. De dokter maar eens bellen als ik terug ben. Pas als ik er vlak bij ben, zie ik een platbodem die net ten noorden van de tonnenlijn voor anker ligt. Zijn ankerlicht brandt wel, maar dat is niet te zien vanaf de kant waar ik vandaan kom. Volgens mij hangt zijn wimpel er overheen. Sukkels! Bij de SB 10 doet de GSM-unit het niet, dus ik maak een extra rondje voor een foto en besluit de passagetijd door te bellen. Prompt wordt me gevraagd alle tijden vanaf de M1 door te geven, omdat de units niet goed werken.

Nu vaar ik in het pikkedonker met halve wind naar Enkhuizen. De boot loopt lekker door en ik zit in de opening met mijn benen op het trappetje. Onderweg passeer ik twee zeilschepen, maar kan niet schatten hoe groot ze zijn. Achter mij zie ook nog een zeiljacht, dat langzaam oploopt. Vlakbij de shipping lane Enkhuizen – Urk valt de wind even weg. Gaat ie dan nu draaien, nu ik er bijna ben? Nee, met wat vertraging kom ik toch nog bij de boei. Terwijl ik naar de Compagnieshaven motor, doek ik de zeilen op.
Op een gegeven moment besluit ik toch maar wat op te sturen en 5 seconden later glij ik vlak langs een onverlichte ton. Is dat nu instinct, voorzienigheid of is het gewoon het geluk dat met de dommen is? Ik hou het op het laatste.
Het jacht dat achter me voer, heeft me bij het kruisen van de shipping lane ingehaald.
De volgende ochtend weet ik wie het was, inderdaad, de Cygnus. Dat stemt mij weer tevreden, blijkbaar ben ik bij deze zwakke wind op de aandewindse rakken sneller. In de haven maak ik vast aan een houten kotter en ben tevreden. Ik zie iets dat ik vanmorgen nog niet zag, nl. dat ik binnen de tijd ga finishen. Ik heb nog ruim 24 uur voor 66 mijl, het zou gek zijn als dat niet gaat lukken.

Zaterdag De langste dagHet waait lekker door als ik samen met de Cygnus bij de KG2 vertrek naar de H2. Met een harde ruime wind zijn we in een wip bij Hindeloopen. Als we Stavoren naderen, kom ik er achter dat je wel een rechte lijn kunt trekken tussen de KG2 en de H2, maar dat nog geen vaarbare koers is. Handig zo’n GPS!
Als ik gekeerd ben bij de H2 loopt de Cygnus voorgoed van me weg, hij heeft minder last van de holle golfslag dan ik, bij deze aandewindse koers. Ik vaar met te weinig zeil om hard te gaan, maar voel er niets voor om te ontreven. In de buien is de zeilvoering precies goed, daartussendoor is het duidelijk te weinig. Het is helder weer, ik kan sturen op de Flevocentrale. Onderweg kruis ik een jacht waarvan de driekoppige bemanning lekker achter de genua zit weggedoken. Ik vaar zo dicht onder ze langs dat ik hun koffie kan ruiken en roep dan heel hard BAKBOORD. Dat vinden ze niet grappig. Ik wel.

Naarmate ik Lelystad nader zakt de wind steeds meer in. Nu ontreef ik wel. Bij de Sport wordt ik voorbijgelopen door de Fast Good. Zulke mooie zeilen, daar kan ik alleen maar van dromen. Na de EZ 29 loop ik nog even een jachthaven binnen voor vers drinkwater, ik heb niet veel meer over. Tijdens het schutten kook ik een potje en maak een fraaie foto van Dik Geurts op het voordek van de Bandos.

Nu komen de laatste loodjes. Met een paar lange slagen geraak ik in het invallend duister bij de PH boei. Op de marifoon hoor ik een waarschuwing voor een onverlicht jacht, dat gezien is bij de OVD 3. Ik denk dat het hetzelfde jacht is, dat ik onverlicht heb zien varen bij de BVK. Vlak voor het ronden van de PH kom ik in een heel veld van niet meer zo geconcentreerde solozeilers terecht, die allemaal richting finish zeilen. Eerst wordt ik bijna overvaren door een over stuurboord varende deelnemer, die op het laatste moment uitwijkt. Daarna trekt het gebruis achter me de aandacht van een oploper die van geen wijken weet. Ik sta al achterop met een stootwil in mijn linkerhand en wil net de schipper met de schijnwerper van mijn aanwezigheid op de hoogte stellen, als hij het zelf doorkrijgt. Na het ronden van de PH komt er een derde jacht op me af, maar deze schipper heeft me wel gezien en wil alleen even gedag zeggen.
Ik vaar nu plat voor de wind naar NEK. De maan schijnt, de boot loopt als een tierelier. Wel voel ik steeds vaker een koude windvlaag in mijn nek, wat er op wijst dat de wind weer toeneemt. Als ik dan een keer naar voren reik om de thermoskan te pakken gaat het fout. De boot loopt totaal uit het roer en loeft met een rotgang op. Nu race ik op de kust af. Ik gooi de fok omlaag en breng de boot weer tot rust. Verder naar NEK, nog steeds met ruim 6 knopen. Na de boei zet ik de stormfok er weer op en wil ik eigenlijk eerst een slag maken naar een punt ten zuiden van Hoorn om uit de deining te raken, maar ik verlijer te veel. Dan maar richting Lelystad. Het gaat wel hard, maar ik houd onvoldoende hoogte. Wat ik aan efficiëntie verlies, win ik aan rust. Ik zet de radio aan, kijk naar het maanlicht op de golven, maak soep en vermaak me weer prima.
Dan maar wat later finishen, een wereldtijd zit er toch niet in. Ik ben helemaal alleen op het water, hoe ik ook rondkijk, er is geen andere solozeiler te bekennen.

Van Volendam naar de Blok van Kuffeler gaat weer lekker snel. Wat ze daar aan het doen zijn weet ik niet, maar de hele hemel is oranje gekleurd van het natriumlicht. Over vervuiling gesproken! Dan mag ik eindelijk het laatste rak varen, terwijl het langzaam licht wordt. Het is net niet bezeild met deze zeilvoering en hoewel de wind weer wat is afgenomen, heb ik geen zin meer in een zeilwissel. Ik geloof het wel.

In Muiden aangekomen neemt Al- bert een lijntje aan. Ik ga op zoek maar Barend maar die is gisteren avond al gefinished en slaapt thuis in zijn eigen bed. Na een douche en koffie vertrek ik weer voor het tochtje naar Amsterdam. Voor de Schellingwoude brug geef ik de ruimte aan twee zwervers in een roestige Domp. Met een knallende motor lopen ze op me in en sturen gevaarlijk dicht langs mij. Ze lijken me niet te zien. Staal gaat voor hout!
Bij de sluis wordt ik nog aangesproken door een stel op een Colin Archer. Ik heb de solovlag nog niet gestreken en ze kennen de wedstrijd. Vol trots wijzen ze op hun eigen schip, daar gaan ze volgend jaar een wereldreis mee maken. Tja, baas boven baas!

Na het schutten ga ik naar Aeolus. Ik krijg een box toegewezen en ruim wat op. Als ik ga zitten om een broodje te smeren, zak ik onderuit en wordt een uur later weer wakker van de telefoon. De laatsten zullen de laatsten zijnWelgemoed stap ik 13 oktober in de auto voor een ritje van 20 kilometer. Wat ik gemist heb, is dat er op de rondweg een totale verkeerschaos is ontstaan door een gekantelde tankwagen. Doorijden ho maar. Als ik dan om 21.00 binnenloop, zie ik de toepasselijkheid er wel van in. Als een van de laatsten gefinished, als een van de laatsten in het clubhuis. Gelukkig nog net op tijd voor het officiële gedeelte. En in 2005? Ik denk niet alleen met positieve gevoelens terug aan deze 200 mijls. Ik heb nl. een staatje gemaakt net daarin de prestaties van een aantal deelnemers met dezelfde rating die ook route 4 gezeild heeft. De cijfers spreken voor zich. Mijn gemiddelde snelheid over het gemeenschappelijke traject (M1 – OVD3) bedroeg 3,65 knopen, die van de vergelijkingsgroep hele traject bedroeg 3,52 knoop, die van de controlegroep 5,45. Dat is treurig. Gelukkig deed ik het op route 4 iets beter, mijn gemiddelde snelheid bedroeg daar 3,91, terwijl de controlegroep daar met een gemiddelde van 4,45 iets minder presteerde ten opzichte van het eerste deel.
Mijn voornemen voor 2005 is helder, het gat moet dicht!

Frans Hoving
S/Y Zeebeer

Menko Poen

Menko Poen neemt een foto van zichzelf op z’n Bries
de Laughing Gull II tijdens de 200 myls ‘SOLO’ – 2002

200 myls 2002
Driehoek 2003
200 myls 2003
Zeemanschap
Sunk in Northsea
Schipbreuk

200 myls totaal volgeboekt voor de inschrijvingen

200 myls totaal volgeboekt voor de inschrijvingen
Jan Luyendijk | 26-02-04
HUIZEN (NED) – Was het de bedoeling met 69 schippers eind september 2004 te starten in de 200 myls ‘SOLO’, dan is dat niet helemaal gelukt. 80 solo-schippers, waaronder 4 vrouwen, zijn na een hectische inschrijfperiode verzekerd van hun startbewijs.Ongeveer 250 teleurgestelde schippers sturen een niet aflatende stroom mailtjes om te proberen, alsnog te worden geplaatst.Helaas ’t is niet anders.Eigenlijk te gek. Het is pas februari en een wedstrijd eind september is al volgeboekt !Alles over de 200 MYLS: www.200myls.nl

Martin Selles

Martin Selles van de Kim

stuurde in ‘Exel’ een wedstrijdanalyse – 2004. De daarvan naar HTML overgezette Exel-file nam zoveel Kb’s in beslag, dat de conclusie in onderstaande jpeg is vervat ….
Korresponderen over deze analyse kunt u met Martin … m.h.selles@planet.nl

Uitslag 2003 (8)

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2003 1 8 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Lelystad 93.10
2 2003 2 4 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 104.0
3 2003 3 3 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
4 2003 4 4 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 99.60
5 2003 5 2 Jacqueline van Amstel X-362 Xinia Dintelsas 88.00
6 2003 6 2 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 85.00
7 2003 7 7 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
8 2003 8 1 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 99.00
9 2003 9 2 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 84.00
10 2003 10 6 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 103.0
11 2003 11 2 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
12 2003 12 1 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
13 2003 13 4 Henjo Ruiter Meridian Cras fuctum est Medemblik 115.0
14 2003 14 3 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 95.00
15 2003 15 5 Michel Capel Freedom 35 Tumlare Makkum 101.9
16 2003 16 3 Paul Heijmerink Elan 295 Ami Bai Naarden 98.00
17 2003 17 6 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Monnickendam 93.50
18 2003 18 1 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
19 2003 19 2 Jos Valkering Waarschip 725 Magic Akersloot 111.0
20 2003 20 5 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 100.0
21 2003 21 4 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 88.00
22 2003 22 5 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
23 2003 23 2 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
24 2003 24 2 Menko Poen Bries Laughing Gull II Naarden 112.0
25 2003 25 4 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
26 2003 26 2 Hinse Koning Marieholm 26 Tawhiri Balk 111.0
27 2003 27 1 Eric ten Bos Comfortina 32 Dondersteen Amstelveen 98.00
28 2003 28 1 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
29 2003 29 1 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
30 2003 30 2 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
31 2003 31 1 Michiel Tasseron Bavaria 32, k.mst Passie Huizen 103.0
32 2003 32 2 Nico Benink Kroes Brandaan Hasselt 102.9
33 2003 AFK 6 Arie Petrus Eygthene 24 *1.40 Fighter Almere-Haven 108.0
33 2003 AFK 1 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
35 2003 AFK 3 Barend Peters Jaguar 22 True Blue Naarden 121.0
36 2003 AFK 1 Frans Hoving Waarschip 1/4T *1.2 Iquana Iquana Amsterdam 109.2
37 2003 FTL 3 Bart Boosman Boosman JB De Franschman Bergen 95.00
38 2003 FTL 1 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 90.00
39 2003 RET 2 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 90.00
40 2003 RET 5 Kees Riemer Gib’Sea 84 Poespas Huizen 105.0
40 2003 RET 1 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
42 2003 RET 2 Frits Brattinga Maxi 999 * 1.45 Lady A Sneek 99.00
43 2003 RET 6 Henk Van Breda Van Breda 38 Batavus Blocq v.Kuff. 107.3
43 2003 RET 6 Bauke Jager Ocean 25 *1.00 Mira Balk 111.0
43 2003 RET 6 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
46 2003 RET 2 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 97.00
47 2003 RET 3 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 87.00
48 2003 RET 4 Fred Avezaat Wibo 830 Wilfred Strand Horst 130.0
48 2003 RET 1 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Ketelhaven 102.0
48 2003 RET 8 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
48 2003 RET 4 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 101.0
48 2003 RET 2 Iddo Schenk Contest 30 Blue Ribbon Ewijksluis 105.2
48 2003 RET 2 Henk Steltenpool First 305 * 1.4 Little One Spakenburg 103.0
48 2003 RET 6 Harm Veenstra Friendship 28 *1.60 J.Leeuwerik Ketelhaven 104.6
55 2003 RET 3 Kees Lampe Puffin 50 Little Sarah Lelystad 89.30
56 2003 RET 4 Adriaan van Berkel Sabina 11.00 Mallemok Medemblik 98.30
57 2003 RET 5 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
57 2003 RET 4 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
57 2003 RET 7 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
60 2003 RET 2 Gert Keizer Brise de Mer Lotte Huizen 106.0
61 2003 RET 6 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 97.50
62 2003 RET 5 Clemens Sanders Dehler 31 Maran Huizen 98.00
62 2003 RET 5 Fokke v.d. Valk Dutch Dandy Douwe Dabbert Amsterdam 116.0
64 2003 RET 6 Ad Beringen Ohlson 29 Skua 4 Enkhuizen 106.0
64 2003 RET 8 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 98.50
66 2003 RET 4 Adrie Jansen Contest 33 * 1.65 Jade Ossenzijl 107.5
67 2003 RET 1 Mathieu Geeratz Kelt 800 * 1.40 Tricheur Goes 107.0
68 2003 DNS 8 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 110.0
68 2003 DNS 1 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 107.8
68 2003 DNS 5 Klaas Kreuze Friendship 28 *1.20 Mon ami Huizen 107.0
68 2003 DNS 4 Peter v.d. Schaaf Stern 32 NTB Medemblik 0.000
68 2003 DNS 3 Gio Schouten Freedom 44 Airborne Marken 92.00
68 2003 DNS 6 Jaap Verkerk Comet 910*1.40 Stella Filante Ketelhaven 104.0
68 2003 DNS 1 Arend Hansma Contest 27 Sounens Ljouwert 108.0
68 2003 DNS 4 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 105.0

Verslag 2003 (8)

Oude koeien van 2003

  • Het is nu ongeveer een week of 3 terug (geleden) dat wij dit medium INTERNET ook hebben ontdekt, eigenlijk nooit gemist. Maar nu toch de verhalen over zeilen etc belevenissen en met name het leuke persoonlijke geweldig . Ik krijg er niet genoeg van om over de prachtige verhalen en en oa. betrokkenheid van de deelnemers/organisatie te lezen.
    Vervolgens afgesproken met mijn wederhelft geen rare dingen meer te gaan ondernemen, maar over deze tocht-wedstrijd raken wij-ik harstikke in de war, de datum van inschrijving en scherp in de gaten te houden wanneer hoe en waar hoop ik er in 2003 erbij te zijn.
  • Elk jaar zijn er voor mij 2 niet te missen evenementen : Dat zijn de vierdaagse van Nijmegen en …. de 200 myls ‘SOLO’
  • 7 mijl en 4,5 uur na de KG2 en alle meters op 0. Ik heb nooit eerder een studie van de schuimvormen gemaakt, maar zo langzaam voortdrijvend door de algenculturen, zie je de mooiste vormen in het spiegelgladde kielzog verdwijnen. De enige troost voor de solist is dat in zijn naaste omgeving ook anderen zich aan die studie wijden en nagelbijtend wachten op wind.
  • Marijke is geweldig, ze drinkt, eet en moppert niet aan boord. Toch een goed hulpje in een solo-race. Maar al drinkt ze geen spat, slingeren doet ze wel af en toe een beetje, die windvaan van me …
  • Hoera een snelheidsrecord -0,08 knopen, ik zeil achteruit.
  • Wat is het zeilersLEVEN goed voor mij.
  • Zou er ook een prijs zijn voor diegene die het laagste gemiddelde haalt ?
  • Al ben je nog zo snel, je rating achterhaalt je wel …..
  • Het gezonde kleurtje, wat ik heb opgedaan tijdens de windstiltes met zomerse temperaturen, is er vannacht weer afgewaaid.
  • Mis de MN 4 voor Den Helder om te fotograferen. Zeil daarna 10 minuten terug met stroom 2,5 knoop tegen …
  • Hoor ineens een harde gil. Ik schrik en kijk om. Het blijkt een wanhoopsgil te zijn, die gebruikelijk is op de Paardebreedtes als vraag om meer wind. Ik hoop dat het verder goed gaat met Dik.
  • Uit concurentie-overwegingen zal ik geen betrouwbare informatie meer doorgeven aan mijn compagnon A.B.
  • Het Markermeer lijkt net een arena, om mij heen zijn de wolken, prachtig van onderen aangelicht en boven mij een heldere sterrenhemel.
  • De Beaufortschaal schijnt te zijn aangepast. Hij komt nu niet meer hoger dan 20 knopen wind
  • Ik wist, dat Kees voor mij ook op weg was naar de Friese hoek, route 3. Ik kreeg een sms binnen waarop stond: “Jan kom hier niet naar toe ! Lig al een half uur te dobberen ! Windstil !” Mijn spi bolde goed en liep al een tijdje 3 a 4 knopen. Na een kwartiertje kwam ik bij, inderdaad, de Friese hoek en ….. lag daarna drie uur te dobberen ….
  • Het foto`s maken wordt (voor mij tenminste) nu soms een echt avontuur , zo binnen 4 m. langs die grote tonnen scheren met een nogal vlagerige wind op automaat en in de nacht!! Dan sta je daar te balanceren dicht bij die ton – – “oh ja , denk aan doordraaien en laat die flits op – -!!”, en dan wil je natuurlijk net afdrukken en dan gaat die , inmiddels heel grote lamp van die verd. boei aan en zie je niet veel meer , dus druk je af als een soort “Guus Geluk”!!
  • Het is niet te geloven; de halve 200 myls vloot is naar Urk gegaan (25 schepen). Er is daar zeker kermis? Dat is zo’n honderd mijl van huis. Als ze maar weten dat ze zondag voor 12 uur thuis moeten zijn!
  • Gevecht geleverd op ’t voordek en gewonnen van de spi.
  • Tientallen schepen van de 200 mijls Solo hadden hetzelfde idee gehad, want de havenkom lag redelijk vol met van die Japanners. (voor niet watersporters: De deelnemers moeten de vlag die het getal 1 vertegenwoordigd voeren. En deze vlag is een witte achtergrond met een rode bol, dus net de Japanse vlag. Vandaar!!!)
  • Naïef hoopte ik nog op hun begrip voor mijn hopeloze wedstrijd situatie, zodat ze keurig voor me zouden uitwijken. Toen dit er natuurlijk niet naar uitzag moest ik maar voor hun wijken
  • De boot kan niet wat de schipper niet kan, de schipper kan niet wat de boot niet kan.
  • In de bui waait het 7 tot 8 Bft over dek. Als je daar tegenin staat te kijken, waaien de lenzen bijna uit je ogen.
  • Door de stroming die daar heerst door de spuisluizen bij Kornwerderzand werd ik weer helemaal teruggezet tot voor bij Makkum. Stom natuurlijk!! Ik had even mijn anker uit moeten gooien.
  • Het belangrijkste woord tijdens zo een race is “op”. ’s Avonds ben je “op” en een paar uur later moet je “op”.
  • Weervoorspellingen zijn leuk, maar aan het eind van de dag moest je met de wind zeilen die je had en niet met die, die je krijgt.
  • Ongeacht routekeuze of vordering in de eigen route, de hele tocht zie je nauwelijks iemand, maar bij boeien zijn er altijd een hoop bij elkaar – waar ze vandaan komen mag Joost weten.
  • Vind het toch wel gezellig om met ’t mes tussen de tanden te zeilen.
  • Alle windomstandigheden gezien en ook alle zeilen. Nederland is echt prachtig !
  • Ik ben van nature geen nagelbijter, maar je zou het spontaan worden
  • Voor nu echt de laatste keer van deze reis pak ik de camera en maak ik een foto van de M1. Het liefst had ik er vijf van gemaakt.
  • ”Vertrokken uit Vlieland met redelijk zicht. Naarmate de laatste Stortemelkton door mij was gepasseerd ZS 5-ZS 6 zakte de wind geregeld weg en dreef in op de stroom. Voortgang 2 a 3 knt. Tegelijkertijd kwam er een nevel opzetten. Om 07:00 h. de Eierlandgrondton gepasseerd. Ik had nog 2 uur om in het Molengat te komen met nog 10 mijl te gaan voordat het tij zou gaan kenteren” Onder deze omstandigheden niet te realiseren. Daarom met pijn in m’n hart motor gestart, dus opgegeven. In Molengat behoorlijke stroom tegen met 0,1 mijl zicht.”
  • Finish. M 1. 11:59:59 uur.
    Na het solo zeilen ben ik nu aan het solo juichen.
  • Ik heb immens genoten van dit zeilfestijn. Het is prachtig om een solo tocht in grote verbondenheid met je mede zeilers te varen. Ik lag vrijdagnacht bij Kornwerd op een hobbelig IJsselmeer voor anker, om aan mijn verplichte anker/rustperiode te voldoen. In de verte zag ik in die donkere nacht de toplichtjes en schaduwen van zeilen, soms even verlicht met een schijnwerper om de stand te controleren, voorbij schuiven. Allemaal vriendjes/mede zeilers die daar gaan! Het gaf mij een gevoel van grote verbondenheid.
  • gefeliciteerd met de prachtige race. Jammer van de wind en de uitvallers. Ik heb het geheel kunnen volgen zelfs vanuit Cairo waar ik een weekje mocht verblijven. Jullie web-site is toch wel uniek, de stand tijdens de race is leuk om te volgen en alle verslagen van deelnemers heb ik met huid en haar verslonden… Ook het nu volledige verslag met alle foto’s en de definitieve uitslag met plezier gelezen. Ik hoop dat er in 2004 weer een plekje voor ondergetekende is als starter (en hopelijk ook finisher) in de negende 200 myls solo.
  • Na de afgelopen weken uw pagina meerdere keren te hebben bezocht begrijp ik dat de rust enigszins is weer gekeerd.
    Ik heb de verslagen vooraf , tijdens, en na de wedstrijd verslonden. In mijn enthousiasme had ik ook nog een oud inschrijfformulier ingevuld. Onder het motto beter op tijd dan te laat zullen we maar zeggen.
    Ik heb echter begrepen dat ik geduld moet hebben tot 1 maart 2004, maar dat ook dan het verwerven van een startuitnodiging cq. inschrijving nog lang niet zeker is. Toch wil ik u vragen om mij op een of andere manier op een ” verlanglijst” of wachtlijst te willen plaatsen.

Ingeschreven solo-schippers – 2003

Nr Jaar
dln
Plt
wed
Aant.
maal

Schipper
Type
jacht
Naam
jacht
Thuishaven
jacht
Hand.
Factor
1 2003 1 8 Han Beijersbergen Bavaria 37 Anne Sophie Lelystad 93.10
2 2003 2 4 Erik Jan Hardonk Etap 30 Nescio Lemmer 104.0
3 2003 3 3 Gerben Bos F & F 95 Frequent Flyer Medemblik 91.00
4 2003 4 4 Bauke Yntema Winner 950 * 1.35 Catootje Workum 99.60
5 2003 5 2 Jacqueline van Amstel X-362 Xinia Dintelsas 88.00
6 2003 6 2 Ruud Kapteyn IMX-38 Mango Muiden 85.00
7 2003 7 7 Dik Geurts F & F 110 Bandos Herkingen 85.00
8 2003 8 1 Gerrit Schuur Etap 30i Myrlette Harderwijk 99.00
9 2003 9 2 Henk Bulthuis J-109 ChillOut! Lelystad 84.00
10 2003 10 6 Kees Corts First 305 * 1.4 Jean Dix Huizen 103.0
11 2003 11 2 EricJan Wiebenga Vanwiele 11.10 Indra Zaandam 101.2
12 2003 12 1 Theo Hin X-362 Obelix Hoorn 88.00
13 2003 13 4 Henjo Ruiter Meridian Cras fuctum est Medemblik 115.0
14 2003 14 3 Frits Bartels Contest 40 S Easy Going Hindeloopen 95.00
15 2003 15 5 Michel Capel Freedom 35 Tumlare Makkum 101.9
16 2003 16 3 Paul Heijmerink Elan 295 Ami Bai Naarden 98.00
17 2003 17 6 Ed Megens Dehler 34 Lupa Maris Monnickendam 93.50
18 2003 18 1 Jaap Broer Waarschip 725 Di Vagi Sneek 111.0
19 2003 19 2 Jos Valkering Waarschip 725 Magic Akersloot 111.0
20 2003 20 5 Gert Vink Pion Gambiet Almere-Haven 100.0
21 2003 21 4 Martin Selles Dehler 36 DB Kim Block.v.Kuff. 88.00
22 2003 22 5 Hans Pietersma Carena 36 Francis Kampen 99.00
23 2003 23 2 Otto Maitimu Contrast 362 Content Lelystad 91.00
24 2003 24 2 Menko Poen Bries Laughing Gull II Naarden 112.0
25 2003 25 4 Jaap Homan Spirit 32 * 1.80 Almare Het Y 98.00
26 2003 26 2 Hinse Koning Marieholm 26 Tawhiri Balk 111.0
27 2003 27 1 Eric ten Bos Comfortina 32 Dondersteen Amstelveen 98.00
28 2003 28 1 Peter Mueller Vision 32 Cassiopeia Huizen 101.0
29 2003 29 1 Kees Rijniersce Etap 26 Baraka II Ermelo 109.0
30 2003 30 2 Jan Smink Dufour 4800 Nicky Deux Muiden 98.00
31 2003 31 1 Michiel Tasseron Bavaria 32, k.mst Passie Huizen 103.0
32 2003 32 2 Nico Benink Kroes Brandaan Hasselt 102.9
33 2003 AFK 6 Arie Petrus Eygthene 24 *1.40 Fighter Almere-Haven 108.0
33 2003 AFK 1 Bart Smulders Compromis 888 Bondi II Huizen 107.0
35 2003 AFK 3 Barend Peters Jaguar 22 True Blue Naarden 121.0
36 2003 AFK 1 Frans Hoving Waarschip 1/4T *1.2 Iquana Iquana Amsterdam 109.2
37 2003 FTL 3 Bart Boosman Boosman JB De Franschman Bergen 95.00
38 2003 FTL 1 Gilles van Delft Waarschip 1010 *1.90 Lightning Kats 90.00
39 2003 RET 2 Egbert v.d. Waal Waarschip 1010 *1.90 Fast Good Workum 90.00
40 2003 RET 5 Kees Riemer Gib’Sea 84 Poespas Huizen 105.0
40 2003 RET 1 Ids Witteveen Granada 27 Rocinant Makkum 108.0
42 2003 RET 2 Frits Brattinga Maxi 999 * 1.45 Lady A Sneek 99.00
43 2003 RET 6 Henk Van Breda Van Breda 38 Batavus Blocq v.Kuff. 107.3
43 2003 RET 6 Bauke Jager Ocean 25 *1.00 Mira Balk 111.0
43 2003 RET 6 Herman Tieman Spirit 28 Nan Blocq v.Kuff. 104.0
46 2003 RET 2 Jon v.d. Weide Offshore 34 Silent Lucidity Harlingen 97.00
47 2003 RET 3 Rob Jaspers Impact 37 Connector Schokkerhaven 87.00
48 2003 RET 4 Fred Avezaat Wibo 830 Wilfred Strand Horst 130.0
48 2003 RET 1 Henk Euverman Vd Stadt 34 Staal Cygnus Ketelhaven 102.0
48 2003 RET 8 Jan Luyendijk Sun Light 30 Tam Tam Huizen 103.0
48 2003 RET 4 Arie Nauta Grinde 820 Scarlet Warns 101.0
48 2003 RET 2 Iddo Schenk Contest 30 Blue Ribbon Ewijksluis 105.2
48 2003 RET 2 Henk Steltenpool First 305 * 1.4 Little One Spakenburg 103.0
48 2003 RET 6 Harm Veenstra Friendship 28 *1.60 J.Leeuwerik Ketelhaven 104.6
55 2003 RET 3 Kees Lampe Puffin 50 Little Sarah Lelystad 89.30
56 2003 RET 4 Adriaan van Berkel Sabina 11.00 Mallemok Medemblik 98.30
57 2003 RET 5 Jeroen Groenendijk Contessa 32 Swan of Tuonela Warmond 102.0
57 2003 RET 4 Guus Milani Impala Wigulida II Kampen 95.00
57 2003 RET 7 Paul Schrier Fellowship 33 Ellship Naarden 110.0
60 2003 RET 2 Gert Keizer Brise de Mer Lotte Huizen 106.0
61 2003 RET 6 Albert Broshuis Winner 9.50 Scheerling Ketelhaven 97.50
62 2003 RET 5 Clemens Sanders Dehler 31 Maran Huizen 98.00
62 2003 RET 5 Fokke v.d. Valk Dutch Dandy Douwe Dabbert Amsterdam 116.0
64 2003 RET 6 Ad Beringen Ohlson 29 Skua 4 Enkhuizen 106.0
64 2003 RET 8 Cees de Wit Scampi 30 Foetsie Baarn 98.50
66 2003 RET 4 Adrie Jansen Contest 33 * 1.65 Jade Ossenzijl 107.5
67 2003 RET 1 Mathieu Geeratz Kelt 800 * 1.40 Tricheur Goes 107.0
68 2003 DNS 8 Piet Bakker Maxi 77 *1.45 Balder Huizen 110.0
68 2003 DNS 1 Onno Benink Koopmans One Off Exuperantia Zutphen 107.8
68 2003 DNS 5 Klaas Kreuze Friendship 28 *1.20 Mon ami Huizen 107.0
68 2003 DNS 4 Peter v.d. Schaaf Stern 32 NTB Medemblik 0.000
68 2003 DNS 3 Gio Schouten Freedom 44 Airborne Marken 92.00
68 2003 DNS 6 Jaap Verkerk Comet 910*1.40 Stella Filante Ketelhaven 104.0
68 2003 DNS 1 Arend Hansma Contest 27 Sounens Ljouwert 108.0
68 2003 DNS 4 Wim Schreurs Cormoran Mon Ami De Kaag 105.0

 

 

Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2003

Banen – 200 myls ‘SOLO’ – 2003

Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0 Muiden M 1 0
Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10 Volendam GZ 2 10
Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17 Hoorn NEK 17
Lelystad-Z OVD3 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 27 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 21 28 S/Lelystad-Z OVD 3/EZ 21 28
S/N.zeekanaal P 15/B’RAN 42 Stavoren VZ 1 44 Den Oever WV14 50 Medemblik V 15 46
S/Kornwerderz. VF 4/BO 12 58 Enkhuizen KG 2 64 Urk UK 16 63
Den Helder MH 4 75 Harlingen BO 44 63 Breezanddijk SPORT B 81 Breezanddijk SPORT B 88
Oude Schild T 14 79 Oost Vlieland ZS 13 80 Urk UK 16 106 Stavoren LC 9 100
S/Kornwerderz. BO 4/VF 4 96 Den Helder T 5 111 Medemblik V 15 124 Lemmer SB 10 110
Medemblik V 15 113 Oude Schild T 14 116 Stavoren VZ 1 130 Enkhuizen KG 2 120
Hindelopen H 2 125 S/Kornwerderz. BO 8/VF 4 134 Makkum VF04 144 Hindelopen H 2 134
Breezanddijk SPORT B 132 Hindelopen H 2 140 Hindelopen H 2 150 S/Lelystad-N EZ 27/OVD 3 158
Stavoren VZ 1 142 Medemblik V 15 153 S/Lelystad-N EZ 21/OVD 3 172 Pampushaven PH 169
Den Oever WV14 151 S/Lelystad-N EZ 27/OVD 3 172 Hoorn NEK 183 Hoorn NEK 180
S/Lelystad-N EZ 21/OVD 3 173 Hoorn NEK 183 Volendam GZ 2 190 Volendam GZ 2 187
Hoorn NEK 184 Volendam GZ 2 190 Pampushaven PH 195 Blocq V.Kuff. BVK 193
Muiden M 1 200 Muiden M 1 200 Muiden M 1 200 Muiden M 1 200

 

 

Verslag 2003 > DE ACHTSTE

 
Vrouwentrofee      3e. prijs    2e. prijs     1e. prijs
Jacqueline             Gerben       Erik Jan     Han
van Amstel 
           Bos             Hardonk      Beijersbergen

Woensdag, 15 oktober 2003 21:30 uur

Na het welkomswoord tot de deelnemers, die van heinde en verre gekomen, aanwezig waren, veelal met hun partners en het bedanken van de sponsors werd er een overzicht gegeven van de race, het weer en het voordeel in de routekeuzes.

Er werd gesproken over de weersomstandigheden tijdens de race. De fascinerende start met een lange rits aandewindse schepen tot aan de horizon. Het gevecht met de wind, soms urenlange totale blaktes. Over de finishdag, waarin gelukkig in de dikke buien wind zat die veel solo-schippers nog net op tijd lieten finishen.

Het was de tweede maal, dat alle de 4 routes werden bezeild, 12 schippers besloten voor, buitenom, dus route 1, te verzeilen. 4 namen de wadden-route 2, via Harlingen, Stortemelk en om de eilanden Vlieland en Texel heen. 45 solisten bleven op de IJsselmeer-route 3, terwijl de route 4 door 6 schippers werd verzeild.
Wat de gevolgen van hun tactische (route)keuzes waren, was duidelijk te bemerken uit de uitslag.

Verder waren er prachtige fotosessies, zowel van de gepasseerde boeien, alsook van de deelnemers onderling. We hadden het geluk een sponsor te vinden, die ook zorg droeg voor de afdrukken i.p.v. zoals voorafgaande jaren alleen de printplaatjes. Toch blijft de foto-controle alleen een heikel punt.

Er waren talloze positieve en ….. vooral sportieve reakties vanuit het deelnemersveld en het ook thuisfront, getuige de vele bezoeken (in 3 weken ruim 50.000) op deze website. Veel van deze bezoekers hielden de wedstrijdstanden van hun favorieten nauwlettend in de gaten :

Ook werden er wat logboeken behandeld met daarin de diverse humoristische annekdotes van deelnemers. Heel wat verhalen hoorden we. Veel foto’s werden getoond en onderling weggegeven.

Ook diegenen, die tijdens de wedstrijd veel werk hadden verzet, kregen een fles en/of bloemen.

Uitgebreid bedankt werden :
Marco Luyendijk, die een groot gedeelte van onderstaand ‘Nieuws tijdens de race’ en foto’s voor z’n rekening nam, alsmede met scripts en internet-ondersteuning/supervisie de webmaster van de 200 myls ‘SOLO’ is.
Bob Luyendijk voor de kontakten/passagemeldingen met de schippers en de uitslagverwerking. Ook
Esther Luyendijk voor haar gewaardeerde assistentie bij deze vele telefonische meldingen
Peter Capel, de start- en opnameschipper, alsook natuurlijk de schipperse
Tine Capel voor hun gastvrijheid en ontvangst voor de uitgezeilde solisten op de M/Y Capella.
Piet Bakker , vanwege de kontrole foto’s, etc.
wsv AVOH voor de voorlopige adoptie van deze 200 myls ‘SOLO’ in de afgelopen jaren en het vertrouwen, dat het hierin tot nu toe stelde.
Wim Dercksen havenmeester van de Stichtingshaven Muiden, vanwege z’n extra inzet om de maximale in- en uitstroom van jachten voor en na de 200 myls ‘SOLO’ in goede banen te leiden.

Ook op foto hier linksonder …. :
Frits Bartels bedankt, vanwege zijn adviezen inzake de handicaps.

De barbediening van de wsv AVOH te Huizen was weer het toonbeeld van gastvrijheid en zorgde er voor dat iedereen het prima naar de zin had. Al met al een heerlijke avond, waar alle kontakten weer eens stevig werden aangehaald.

De wisselprijs van de 200 myls ‘SOLO’ kon op de prijs-uitreiking, wegens het in totale ongerede raken (lees helemaal onderaan deze site) werd op 07 november 2003 alsnog uitgereikt aan Han.
Er staat nu voor de derde maal op deze wisselprijs de naam Han Beijersbergen gegraveerd !de negende 200 myls ‘SOLO’
wordt verzeild van
29 september t/m 03 oktober 2004 >
Jan Luyendijk, Huizen,
08 november 2003

door : marco@200myls.nl

Foto : Jaap Homan, 05 oktober 2003

verslagen van zeilers :

Erik Jan Hardonk (update 5 oktober 09:30 uur)
Otto Maitimu (update 5 oktober 17:25 uur)
Kees Rijniersce (update 5 oktober 23:15 uur)
Cees de Wit (5 oktober 09:00 uur)
Jaap Homan (5 oktober 20:33 uur)
Frits Brattinga (5 oktober 22:15 uur)
Sailto (06 oktober 12:00 uur)
Jacqueline van Amstel (6 oktober 16:46 uur)
Martin Selles (6 oktober 19:58 uur)
Frits Bartels (6 oktober 21:13 uur)
Gilles van Delft (6 oktober 23:01 uur)
Eric-Jan Wiebenga (7 oktober 18:20 uur)
Arie Petrus (8 oktober 22:10 uur)
Han Beijersbergen (8 oktober 23:19 uur)
Ids Witteveen (10 oktober 08:52 uur)
Nico Benink (10 oktober 10:40 uur)
Gerrit Schuur (10 oktober 14:08 uur)
Peter Müller (14 oktober 12:39 uur)
Peter Müller (14 oktober 12:39 uur)
Sander Bakker (17 oktober 15:19 uur)
Barend Peters (27 oktober 17:49 uur)
Henjo Ruiter (15 november 13:14 uur)
Jacqueline van Amstel (18 december 21:50 uur)
Menco Poen (09 maart 20:59 uur)
Frans Hoving (14 maart 13:58 uur)

Maandag, 6 oktober 2003, 12:00 uur

Fotoserie : Frits Bartels De foto-cameraatjes zijn weggebracht …..

Heel wat logboeken zijn er te controleren. Het blijkt dan, dat passagetijden van sluizen en overnachtingen niet goed en zelfs niet zijn doorgegeven of doorgekomen met de sms, e-mail of telefonische meldingen. E-mailtjes en telefoontjes van zenuwachtige schippers, die zich afvragen, waarom zij op die of die plaats zijn terechtgekomen. Terwijl pas op 15 oktober a.s. de definitieve uitslagen bekend worden gemaakt.
Zijn de foto-opnames van de merktekens correct gemaakt ? De controle op voortgang en plaatselijke wind. De meldingen van andere schippers en …….. staan de juiste tijden wel in de logboeken t.o.v. die meldingen tijdens de wedstrijd ? Allemaal zaken, die nauwkeurig moeten worden nagelopen en gecontroleerd.
Wie weet het …. Het zal niet meer zoveel stuivertje wisselen zijn als vanmorgen, maar zal niet ophouden tot die vijftiende oktober a.s. als de berekende punten worden toegevoegd of afgetrokken ………………….

Zondag, 5 oktober 2003, 17:00 uur

Nog niet eerder zijn er op de zaterdagavond en aansluitend de zondagmorgen zoveel schippers binnen komen varen. Na 11.59.59, dus 12:00:00 uur exact werd door opname-schipper Peter Capel op deCapella de scheepshoorn ingedrukt ten teken van het einde van de achtste 200 myls ‘SOLO’.
Na dit geluidssein kwamen er nog een aantal schippers binnenvaren, die tussen 11:45 en 12:00 uur de finishboei de M 1 hadden gefotografeerd en dus waren gepasseerd.
Om 12.40 kwam de laatste schipper binnen die volgens de door ons gebruikte ‘zomertijd’ 40 minuten te laat was, echter volgens zijn gehanteerde ‘GPS’ op UTC tijd een kleine anderhalf uur over had.

Om 15.10 uur zijn de laatste standen geplaatst op het net;

  • 2 schippers zijn niet gestart (DNS)
  • 4 schippers hebben de route afgekort (AFK)
  • 30 schippers hebben zich tijdens de race afgemeld (RET)
  • 2 schippers passeerden net te laat de M 1 (FTL)
  • Hulde aan de schippers, die op tijd zijn gefinished

Als met ’n open bootje meert Ed Megens onder zeil zijn Lupa Maris af in de havenkom …..Zondag, 5 oktober 2003, 13:00 uur

Iedereen is binnen of heeft zich gemeld, de achtste 200 myls stond dan ook in het teken van de windstiltes en daardoor een record aan uitvallers. De voorlopige uitslagen staan vanmiddag nog op het internet. Hierin zullen nog vele veranderingen optreden door onder andere logboekcontrole en boeien foto’s.

Zondag, 5 oktober 2003, 10:00 uur

Er komen steeds meer schippers binnen varen. Al dan niet opgewacht door familie en vrienden. Moe, doodmoe van uren, uren zeilen, zelfs 30 uren achtereen. Toch worden de verhalen en ervaringen nog verteld. Geduld, doorzettingsvermogen om toch te proberen te finishen. We wachten maar af.

 

 

 

Zondag, 5 oktober 2003, 8:00 uur

Fotoserie : Jos ValkeringZaterdag, 4 oktober 2003, 23:30 uur

De zeilers zijn moe, soms moedeloos, struikenlend op ’t schip, vastgelopen of een paar gekneusde ribben. Er resten nog maar een kleine 13 uur voor de zeilers, die nog niet binnen zijn, om te finishen. Intussen hebben al 28 solisten de strijd gestaakt. 2 hebben hun baan ingekort. Waren het vorig jaar de stuurautomaten, die de vele schippers het leven zuur maakten, dit keer zijn het de windstiltes.

Zaterdag, 4 oktober 2003, 16:25 uur

   

09:00 uur, Lelystad. Vannacht om 00:27 uur vertrokken vanaf de V 15 …. ….. Klik eens 
Bauke Yntema, van de Catootje heeft nu even tijd voor een praatje in de sluis …. en daarna op naar de finish.

Rond 3 uur vanacht heeft Ruud Kapteyn als eerste de 200 myl volgemaakt, daarmee is hij ruim de snelste, want rond 13:45 uur is Martin Selles als tweede door de finish gegaan met op ongeveer 20 minuten Gerrit Scheur. Ondanks het kleine beetje wind is het een kleine groep gelukt om alle boeien op de foto te zetten. Er zijn schippers die hun baan hebben ingekort, omdat ze anders nooit voor zondagmiddag de finish konden halen.

De Chill Out van Henk Bulthuis en hij legt aan na de finishpassage in Muiden

Zaterdag, 4 oktober 2003, 13:10 uur

Een thuisblijver schrijft : Het is zaterdag 4 oktober. het is niet te geloven; de halve 200 myls vloot is naar Urk gegaan (25 schepen). Er is daar zeker kermis? Dat is zo’n honderd mijl van huis. Als ze maar weten dat ze zondag voor 12 uur thuis moeten zijn!

Vrijdag, 3 oktober 2003, 23:00 uur

Alweer 3 dagen 200 myls en al 3 dagen weinig wind. Heel anders dan verwacht werd wil de wind niet meewerken. Ruud Kaptyen heeft nog 17 myl te gaan en is daarmee de schipper die het voor zover het snelste heeft gedaan. Met pijn en moeite hebben de meeste zeilers er net iets meer dan 100 myl uitgeperst in 3 dagen tijd. Ieder zuchtje wind wordt dan ook volop benut. 15 zeilers hebben het al opgegeven, maar of dat verstandig is? Want volgens de voorspellingen gaat het morgen harder waaien, in de avond windkracht 6. Helaas dat daar wel onweer en windstoten bij zitten, dus dat wordt nog even tanden bijten met de finish in zicht.

Vrijdag, 3 oktober 2003, 15:00 uur

(Foto’s : Bart Smulders en Jan Luyendijk)De Tam Tam in strijd met de Bondy van Bart van vele uren, vrijwel windstil op weg naar de UK 16,

Vrijdag, 3 oktober 2003, 14:00 uur

De wind laat zich vandaag van zijn slechte kant zien, met anderhalve knoop dobberen de schepen vooruit. Door het dobberen komen er diverse schippers in de problemen omdat deze nooit op tijd bij de finish kunnen komen. Daarom heeft Harm Veenstra vanmiddag het wedstrijdtoneel verlaten. Ook Fokke van der Valk is gestopt, de reden van zijn opgaaf is nog niet bekend.

Vrijdag, 3 oktober 2003, 00:15 uur

Foto rechts : Otto Maitimu zet z’n schijnwerper op de V 15 en zet ‘m op de kiek.
Ga eens met je muis over de rechter foto … De V 15 is te zien

Gerrit Schuur staat op de tweede dag bovenaan de resultatenlijst. Hij overnacht in Medemblik samen met de Martin Selles en Rob jaspers die tweede en derde staan in het klassement. De meeste zeilers overnachten in Breezanddijk.

Cees de Wit, Ad beringen, Mathieu Geeratz en Adrie Jansen hebben het strijdtoneel verlaten.

Donderdag, 2 oktober 2003, 18:00 uur

Foto hiernaast : Aanloop naar de haven van Breezanddijk bij zonsondergang. Een dag met wind uit alle hoeken en zelfs 3 uur dobberen zonder wind.

Donderdag, 2 oktober 2003, 16:00 uur

Harm Veenstra deelt ons het volgende mede : 7 mijl en 4,5 uur na de KG2 en alle meters op 0. Ik heb nooit eerder een studie van de schuimvormen gemaakt, maar zo langzaam voortdrijvend door de algenculturen, zie je de mooiste vormen in het spiegelgladde kielzog verdwijnen. De enige troost voor de solist is dat in zijn naaste omgeving ook anderen zich aan die studie wijden en nagelbijtend wachten op wind.

 

 

 

Donderdag, 2 oktober 2003, 09:00 uur

Een van onze deelnemers had een probleem met de rolgenua-val in de top van de mast tussen de NEK (Hoorn) en de OVD3 (Lelystad). De harp was uitgebogen en zat vast. Na een hoop geklooi was dit, dacht hij, na een half uur opgelost. Hierdoor verloor hij niet alleen snelheid, maar ook veel hoogte aan de wind. Na de sluis van Lelystad wilde hij herstarten bij de EZ 21 voor route 3.Hij Kreeg echter met geen mogelijkheid zijn rolgenua los. Terug naar de Marina in Lelystad konden ze hem direct helpen door alleen maar ’n nieuwe harp te zetten en met de hamer de vastgeraakte genuaval terug te halen. De reparatie moest boven in de mast gebeuren.

 

 

Jaap Broer met z’n Di Vagi en de Ellship van Paul Schrier

   

Ruud Kapteyn met z’n Mango heeft net de OVD 3 op de kiek voor de sluis van Lelystad, waarin o.a. ook Jacqueline van Amstel met haar nieuwe Xinia op de schutting lag te wachten.

Donderdag, 2 oktober 2003, 00:30 uur

De eerste solozeildag zit er weer op, Kees Corts is na de eerste dag de leider en heeft 64 mijl afgelegd. De meeste schippers, 49 stuks, hebben gekozen voor route 3 & 4 en blijven dus op het ijsselmeer, van 4 schippers hebben we geen melding gehad en de overige 14 hebben gekozen voor de routes 1 en 2, welke door noordzee en de wadden op gaan. De wind is harder dan verwacht en de komende dagen blijft het hard waaien en wordt het echt hersft. Zaterdagnacht wordt het ook koud en gaat de temperatuur naar de 6 graden en windkracht 8.

Woensdag, 1 oktober 2003, 10:45 uur

Het is prachtig zeilweer, wordt er enthousiast geroepen, want de meeste schepen zijn al de NEK gepasseerd (nabij Hoorn) en zijn onderweg naar Lelystad. Het is windkracht 4 a 5 en veel schepen hebben zelfs een rif in het zeil getrokken! In een lang lint van zeilschepen zullen de eerste zeilers nog voor half twaalf bij de OVD3 (Lelystad) verwacht worden. Dan zullen de schippers hun routekeuze gemaakt moeten hebben en zullen er zeilers door de sluis gaan en ook zullen er zeilers zijn die kiezen voor route 1 en naar het zuid-westen varen.

Woensdag, 1 oktober 2003, 8:55 uur

Voor zeven uur vanmorgen zijn vele schippers al vertrokken uit de haven om net na 7 uur van start te gaan met de achtste 200 myls SOLO. In de haven leek de wind bijna weg te zijn, maar op het ijsselmeer staat er toch een lekker windje. Een oostenwind zorgt voor een startveld dat op 1 oor richting het noorden vertrekt. Rond 8 uur waren op een enkeling na alle schippers vertrokken uit de nu weer lege haven. De opkomende zon geeft op de frisse ochtend wel mooie beelden aan ons.

Dinsdag, 30 september 2003, 22:45 uur

De sfeer zat er weer eens goed in bij Cafe Ome Ko te Muiden, alle schippers hebben er weer volop zin in. Jan Luyendijk wees vooral op de veiligheids-zaken, Bob gaf z’n uitleg aan de meldingsverplichting en Piet Bakker legde de werking van de fotocamera’s uit. Daarna werden de logboeken uitgedeeld, de fototoestellen op scherp gezet, plus dat schippers weer eens de mooie 200 myls Solo Cap kregen.
De komende dagen, vertelde onze eigen weerman Frits Bartels, gaat het langzamerhand meer waaien. “Wie thuis wil komen zal lang en veel moeten varen”, was de stelling van Frits. Het wordt woensdag windkracht 2 en loopt langzaam op tot maximaal windkracht 8 op zondag. Het is vanavond al koud en vochtig, maar de komende dagen zal de temperatuur iets toenemen.
De zeilers willen graag alles van elkaar weten, vooral voor welke route er gekozen gaat worden. Waarvoor ze gekozen hebben of er veel zeilers de Noordzee of het Wad op gaan, we zullen het morgen wel zien …..
Tot slot wenst Jan de solo-schippers een behouden vaart toe !

Dinsdag, 30 september 2003, 16:30 uur

 
Het controle-opname-schip tijdens deze achtste 200 myls ‘SOLO’ is de Valkvlet ‘Capella’ van Tine en Peter
Capel. Vooral bij aankomst zullen de solo-schippers hier een gastvrij onthaal krijgen en de mogelijkheid
hier de camera’s en de logboeken af te geven, indien ze reglementair zijn gefinisht.

Dik Geurts ligt nu ook in de haven met z’n Bandos en wel geheel intact ? Hij laat de resten zien van de totaal onooglijke, ontmaste wisselprijs, welke verleden jaar aan hem als winnaar van de 200 myls ‘SOLO’ – 2002 was toevertrouwd. Was van de schoorsteen afgeknald. Nadat het zeilbootje bij de juwelier was opgekallefaterd viel de prijs, op weg naar de slager, weer van de achterbank. Weer ontmast ! Dus kunnen we wel een nieuwe wisselprijs gebruiken voor de aankomende winnaar.
In ieder geval is het vandaag een prachtige dag. De spanning is al merkbaar bij de schippers. Vele weersvoorspellingen als ook weerprogramma’s worden getoond. De taktieken, de tijden en de routes worden bekeken. Weinigen weten het al wat morgen tijdens de race de echte beslissing wordt …….

Dinsdag, 30 september 2003, 11:30 uur

Dat niet alleen de sluis van Den Oever de scheepvaart de vrije doortocht belemmeren, waardoor er nieuwe wedstrijdbanen moesten worden gemaakt en geschreven, blijkt wel uit het telefoontje net van Wim Schreurs van de Mon Ami, vanuit z’n ligplaats Leiden. Hij bemerkte, dat de staande mastroute, zowel door Amsterdam en Haarlem deze week door brugreparaties is gestremd. Met behoorlijke tegenzin moest Wim, ontwerper van de vrouwentroffee, dus afzien van zijn 200 myls ‘SOLO’
Verder komen steeds meer solo-jachten de Stichtingshaven binnenlopen. Nog even en er kan geen spie meer bij.

Maandag, 29 september 2003, 07:30 uur

Er liggen al heel wat jachten van solo-schippers in de Stichtingshaven van Muiden en …… het is er al gezellig. Veel oude bekenden en handjes schudden. De meesten zijn echter nog onderweg om morgen toch op tijd, voor het Palaver bij ‘Ome Ko te Muiden’ om 20:30 uur, deze haven binnen te lopen.

De maandag voor de race met een koningsmaal gemaakt door Adri Jansen aan boord van de Wigulida II van Guus Milani

Dat er ook deelnemers zijn die nogal in spanning ziitten of het wel allemaal zal lukken, getuigt de e-mail dd 27 september van de winnaar van vorig jaar Dik Geurts. Hij schrijft aan het regattabureau : 

” Het jacht dat jullie aan mijn hoede hebben toevertrouwd is ten onder gegaan.
Van buiten komend onheil heeft hem ernstige averij doen oplopen. De mast inclusief staand en lopend wand en zeilen is verdwenen en de romp is ontzet. Naarstig geprobeerd om voor de 200 myls te kalefateren, maar ik ben zojuist geïnformeerd dat hij wederom ontmast is. De restanten zal ik je op korte termijn tonen. Nader overleg lijkt me zeer wenselijk daar de 200 mijls zonder dit schip geen echte race kan zijn!!!!! ”

 

 

 

© 200 myls ‘SOLO’ 2003

‘Easy Going’ in de achtste 200 mijls solo 2003 door Frits Bartels

‘Easy Going’ in de achtste 200 mijls solo 2003
door Frits Bartels :’de Drietand’, 31e. jaargang, nr 7, oktober 2003, Nederlandsche Vereeniging van KustzeilersVeel gevraagd van doorzettingsvermogen en geduld.

Nu voor de derde maal aan deze race deelgenomen met onze Contest 40S ‘Easy Going’.
Even in het kort:
Het betreft een single handed zeilwedstrijd over 200 Nm. Start en finish in Muiden.
Maximale duur vier en een halve dag Start op de woensdagmorgen tussen 7 en 10 uur, waarbij je wedstrijd is begonnen door het fotograferen van de M1 boei bij Muiden. De tijd van passeren van de boei moet exact genoteerd worden in het logboek. Finish uiterlijk op zondag vóór 12.00 uur.

Op de dinsdagavond, voorafgaande aan de wedstrijd, is er het palaver in het inmiddels alom bekende bruine café ‘Ome Ko’. Daar worden alle deelnemers verwacht Ze krijgen er hun logboek en camera uitgereikt. En als voorproefje op de te leveren prestatie de speciale cap. Natuurlijk wordt er een kop koffie en/of een biertje gedronken. Oude bekenden kunnen weer bijpraten. Nieuwe kennissen worden gemaakt En verder is er natuurlijk discussie over de keuze van de te varen banen. Er zijn er vier.
Twee ervan blijven op Markermeer en IJsselmeer en de andere twee gaan ook nog over de Noordzee en het Wad.
De camera is nodig om alle verplichte boeien van de gekozen route van dichtbij te fotograferen. Op zich is dat al een hele kunst. Vooral wanneer het hard waait en juist ook wanneer het ’s avonds en ’s nachts aarde donker is. Enkele boeien zijn onverlicht en in het donker of bij slecht zicht alleen met heel veel moeite te vinden. Zonder gps of radar zou dat zelfs bijna onmogelijk kunnen zijn. Bij Medemblik is de verplichte V15 boei, een gele visserijstaak soms erg lastig.
Er is een deugdelijke minimale veiligheidsuitrusting vereist. De lijst ervan kan via internet geraadpleegd worden.

Het was dit jaar duidelijk, dat de omstandigheden sterk wisselend en moeilijk zouden worden. Welke van de vier routes moest je nu kiezen? Ik koos voor route 3, die op Markermeer en IJsselmeer bleef.
De vijfdaagse weersvoorspelling bleek heel aardig te gaan kloppen. Het was duidelijk, dat op de woensdag er veel mijlen gemaakt moesten worden. ( Er stond een mooie noordoostelijke bries, 4 – 5 Bf.). Niet iedereen deed dat en dat zou ze later opbreken, vanwege het gebrek aan wind, dat er op de donderdag en vrijdag zou volgen. De zaterdag en zondagmorgen zouden onstuimig zijn, met kans op veel wind, harde regen, onweers- en hagelbuien. En daar heeft menigeen zich op verkeken.Voor solozeilen is doorzettingsvermogen nodig. Je moet heel duidelijk steeds je doel voor ogen hebben. Steeds rekenen. Hoeveel mijlen moet je nog? Hoeveel tijd is daar nog voor? Op welke dag lijken de omstandigheden zo gunstig mogelijk om snelle mijlen te maken? Het betreft immers een wedstrijd, gevaren onder sw handicap.

De eerste dag, woensdag, ben ik ’s morgens al omstreeks 7.20 uur gestart. Het liep allemaal als een duivel. ‘s Avonds na ongeveer 90 Nm gevaren te hebben, werd omstreeks 21.45 uur de Sport B boei bij Breezanddijk aangelopen. Het was er pikdonker. Geen maan. Het bleek heel lastig te zijn de smalle ingang van deze oude werkhaven te vinden. Gelukkig kon ik goed (met hulp van de schijnwerper) langszij een groot schip afmeren. Langszij bij mij kwam even later nog de Kim van Martin Selles.en de volgende ochtend bleken

er later ’s nachts nog enkelen te zijn binnengelopen.
Op de donderdag heb ik met veel moeite in ongeveer 8 uren het ongeveer 25 mijl lange traject Breezanddijk Urk afgelegd . Op een rimpelloos IJsselmeer met totale blakte en af en toe gelukkig even een klein zuchtje wind. De verplichte ankerperiode van tenminste 6 uren heb ik toen bij Urk genomen. Met naast mij nog enkele deelnemers, die er kennelijk net zo over dachten.De volgende dag gingen de 18 mijlen tussen Urk en Medemblijk zelfs in ruim tien uren. En het leek eerst zo aardig te beginnen. Bij de Ven hebben de daar aanwezige deelnemers enkele uren achtereen volkomen stil gelegen. En maar wachten op de wind, die trouw elk uur weer werd aangekondigd door de man van de weerberichten op marifoon kanaal 1. De radio heeft me er door heen gehaald. Er waren steeds interessante en spannende zaken rond de liefdesgeschiedenissen binnen ons koningshuis aan de orde. De tijd ging zo nog aardig vlug voorbij.
Gelukkig kwam ‘s avonds de wind weer door, zodat er flink gevaren kon worden. Gezien de tijd moest je wel beslissen tot laat in het donker door te varen Een enkeling haalde zelfs de gehele nacht door.
Wanneer je ergens een rustperiode neemt, liggen er eigenlijk altijd wel andere deelnemers. Langszij afmeren, praatje maken. En voor het te kooi gaan even samen een afzakkertje.

Op zaterdag moest ik nog 65 mijl varen om te kunnen finishen. Met het onstuimige weer, dat er was met wind uit het noordwesten leek dat een gemakkelijke opgave. Tussen de buien door was het prachtig zeilweer met een zonnetje. En dan kwamen er weer loodgrijze luchten, waaruit dikke bakken water en veel wind tot ruim boven de dertig knopen. Dan komt het er even op aan. Maar zoiets duurt meestal toch niet langer dan een minuut of tien.
Voor het onderling contact tussen de deelnemers of met het thuisfront is de handy geweldig. En elke avond tussen zes en tien moesten via de handy de vorderingen van het afgelopen etmaal aan de organisatie doorgegeven worden. Zo kon er op internet een fictief voorlopig klassement verzorgd worden. Leuk ook voor het thuisfront en andere belangstellenden.
Alles is te volgen via website www.200myls.nl. Beslist de moeite waard.

Van de zeventig deelnemers zijn er twee niet gestart. Drie hebben hun baan ‘afgekort’, omdat ze anders niet meer op tijd in Muiden konden komen. Dertig deelnemers kregen RET achter hun naam.
Opgegeven. Erg veel uitvallers dus dit jaar. Ongeveer 35 deelnemers konden uiteindelijk voorlopig geklasseerd worden De officiële uitslag volgt over enkele dagen. Voorlopig sta ik op de dertiende plaats geklasseerd. Daar kan ik wel tevreden mee zijn. Eigenlijk had ik bij de eerste tien willen zitten. Volgende keer hopelijk beter.
Winnaar op handicap wordt waarschijnlijk Han Beijersbergen , met zijn ‘Anne Sophie’, een Bavaria 37..Ook lid van de NVvK. Hij heeft kennelijk weer goed gevaren. Heeft gekozen voor de route over het wad, langs Harlingen, boven Vlieland en Texel langs, via Den Helder, de Texelstroom en Kornwerd weer naar het IJsselmeer en Markermeer terug naar de finishplaats Muiden..
De eerste op line honours was de ‘Mango’ van Ruud Kapteyn, een IMX 38. In de uitslag na handicap berekening komt hij op plaats 6.

Frits Bartels

 

200 myls ‘SOLO’- 2003 door Joep Homan

200 myls ‘SOLO’- 2003

door : Jaap Homan

Dinsdag 30 november:
Mooi en rustig herfstweer. Wenny heeft mij naar Durgerdam gebracht met de laatste noodzakelijke zaken: Laptop, camera en nog een paar etenswaren. Gisteren diesel bijgetankt. Straks nog even de watertank bijvullen. Het is nu (ca 3 uur) al gezellig druk. De racedame, vorig jaar met een contessa 32, verrast ons allemaal met een Xjacht 362…. Het ziet er naar uit dat we straks allemaal achter haar aan varen. Heb net van Jan L gehoord dat Wim Schreurs niet door Amsterdam en Haarlem heen kan komen i.v.m. brugonderhoud. Echt vervelend voor hem. Hij had zich erg verheugd op deze wedstrijd. ’s Avonds gegeten met een aantal lotgenoten bij de chinees. Erg goed en vooral erg gezellig. Daarna bij het bekende palaver koffie, appelgebak en enige wijze woorden van de organisatie. Uiteraard ook de uitreiking van de zo noodzakelijke attributen: logboek, camera en hoofdbedekking.

Woensdag 1 oktober
De weergoden blijven ons iedere keer weer verrassen. De eerste dag met ruim voldoende wind op weg naar het noorden. De hele route tot aan de OVD3 is bezeild. De weersverwachting gaf weinig wind voor donderdag. Dit sloot baan 1 uit van deelname. Toch zijn tenminste drie schepen na de OVD3 richting Amsterdam vertrokken. Hoop dat deze mensen het redden. Na de schutting zag ik een duidellijke scheiding der geesten. Baan 2 (richting Harlingen) mocht vanaf de EZ27 richting Staveren en Kornwerderzand.
Enige schepen zie ik die kant uitgaan. Ik kies voor baan 3. Met mij veel anderen. Eerst op genua en later onder spi op weg naar Den Oever. Daarna door naar Enkhuizen. Ik kom even over half negen aan. Het is inmiddels echt donker. Door naar de kom en voor anker. Ben doodmoe en verlang naar veel slaap.

Donderdag 2 oktober:
Enige tientallen deelnemers, allemaal voor anker. Slaperige koppen kijken voorzichtig de wereld in. WAAR IS DE WIND?? Die verzamelde zich bij Lelystad volgens welingelichte bronnen.
Ik stoom op naar de haven voor een goede douche. Er lijkt een briesje op te gaan steken. Eerst onder genua en later op spi onderweg naar de B boei. Het is nu twee uur en de wind is echt op. Nog negen mijl te gaan. Geschatte aankomsttijd blijft in de schoot der toekomst verborgen. Mooie tijd om aan dit verslag te werken. De uitgereikte pet is uitstekend tegen de zon. Op het vlakke water allerlei ondefinieerbare groene vormen. Net pretletters. De bakboord spischoot raakt het water en verschiet meteen van kleur. In de kajuit is het 23 graden. Is het echt 2 oktober? Eindelijk komt er een briesje doorzetten uit N. Op genua de laatste 7 mijlen afgelegd. Een groot gedeelte van de deelnemers uit Enkhuizen ligt nu in Breezanddijk. Straks de irish coffee en dan slapen.

Vrijdag 3 oktober
Nog 120 mijl te gaan. Betekent nu lange dagen maken. Ga om 6.45 uur losgooien. De buren zijn het hier niet mee eens. Even over half acht bij de B boei. Voor mij de Nan. In plaats van een leuke zeildag werd het weer afzien: attent varen, spi op en spi weg, blakte bij Staveren. Gijpen met spi. Eindelijk bij de Urkboei. Meteen door naar de V15. Voortdurend in gevecht met de Dondersteen, een comfortina 32. Gelukkig steekt er wat wind op. Even leek het er zelfs op dat de V15 bezeild was. De wind trekt verder aan. Meeklappen met de windbui levert winst op. WAAR IS DE V15…. Net een zwarte kat en in donkere kamer. Waarom moet het nu net hard gaan waaien. ( 26 knopen) Grootzeil weggenomen en alleen op Genua 2 door.
Start de laptop en de elektronische kaart helpt mij met zoeken. In het licht van de schijnwerper zie ik even een gele flits. Hebben ze dat ding toch nog geverfd. Met de schijnwerper erop gericht de foto genomen. Tijd: 23.33 uur. De wind zakt uiteraard daarna weer wat in. Daarna op mijn gemak richting V1.

Zaterdag 4 oktober
Onderweg gedineerd met koffie toe. Na de V1 nam de wind weer geleidelijk toe. Bij Staveren heeft men iemand in dienst voor het maken van veel deining. Lukt veel te goed. Het rak naar Kornwerd is met een knik in de schoot goed te doen. Rond half vier bij de V15. Een aantal deelnemers ligt hier al. Ik schat een stuk of tien. Als ik om 8 uur mijn hoofd uit het luik steek zie ik dat ze allemaal vertrokken zijn, op een na. Een waarschip. Hij had zich verslapen. Even voor mij vertrekt hij richting Medemblik. Even na half tien maar weer op weg. De wind zit in de NNW hoek rond 12 knopen. In de buien trekt de wind aan tot ver in de 20 knopen. Tot aan het vrouwenzand nog betrekkelijk rustig. Daarna, terwijl ik uitgeboomd onder weg ben naar de EZ21 prachtig zicht op zware buien en wolkenpartijen. In de windvlagen begint de boot te galopperen. Boven Lelystad zie ik een enorme bui hangen. De verkeerspost IJsselmeer meldt op kanaal 1 NW 6 af en toe 7. In tegenstelling tot op de heenweg een heel vlotte schutting. Om half vijf bij de OVD3 en op weg naar de Nek. WINDSTILTE ????. Langzaam bouwt de wind weer op en rustig aan op weg naar Muiden. Kwart voor twaalf binnen. Wil meteen een douche nemen en gaan knorren. Geen sprake van. Wordt binnengehaald alsof ik de wereld ben omgezeild.

Tikje overdreven. Samen met andere binnenkomers, waaronder twee waarscheepjes tot in de kleine uurtjes bij Frits Bartels aan boord. Beerenburg en hapjes.
Daarna toch nog gedouched en gaan knorren, min of meer bewusteloos.

Zondag 5 oktober
Er staat nog steeds wind. Er komen nu nog wat deelnemers binnen. Schip klaren, zeilen bergen en verslag tikken. Dit verhaal op diskette gezet en aan Jan gegeven.

Joep Homan,
S/Y Almare.

WV de Schinkel – 2003

 

 

Relatie sluismeester door Cees de Wit

Relatie sluismeester door Cees de Wit 200 myls ‘SOLO’ 2003

Woensdag 6 uur – Zo graag wilde ik als eerste vertrekken en als eerste aankomen.
Echter, ik voelde me net zo in de lappenmand als Piet Bakker, hij mistte ‘ruggegraat’ en ik wilde dat ik als een ‘kip zonder kop’ was. wat een knetterende hoofdpijn.
Bijna was ik ook niet gestart, maar ik heb er voor gekozen, ik weet hoe enerverend het is, dus gaan met die banaan.

Om 07:01 uur was ik weg, Henk van de Batavus in mijn kielzog, 10 ton zwaarder dan de Foetsie. Van Breda zat veel te laag en even had ik het idee, dat hij met zijn 13 tonner onder Marken door de dijk zou gaan …..’t is wel korter …. maar !!!!
Wat later … jawel ‘Vrouwe van Amstel’ haarzelf voer langs … en hoe !!! Dit wordt weer de foto van mijn leven, doch mijn koppijn of de sluitertijd was onvoldoende,
Tussen de Neck en Lelys werd het allemaal iets te overweldigend, dat werd vissen voeren dus …

Bij Lelys ankeren en wat rusten, wat later bij de sluis (dat vond ik toch wel erg sympathiek van die jongens) zag ik dat iedereen op me gewacht had, of kwam het door de al 40 jaar goede relatie met de sluiswachter ? Over de marifoon meende ik hem te horen zeggen :”Kees de Wit is er …. iedereen mag naar binnen”.
Tegelijkertijd kwam ik met Jan Luyendijk binnenvaren. Deze vertelde, dat zijn val was gebroken …’Jantje, Jantje, je weet toch, dat je die dingen op tijd moet vernieuwen ?’ 12 meter omhoog gaat niet meer op onze leeftijd.
Jan voer helemaal naar voren de sluis in en ik, nestor, als laatste. Ik wil niets inssinueren … maar deelnemers uw handicap ligt al vast !
De reis naar de EZ 21 leek wel ontzettend lang met mijn 1 cylindertje, iedereen was al weg. Voorbij het zand begon de pret. Spi erop, het uitgewoonde lijf hield de helmstok of het uitgew …. dus in balans, op naar de 14.
Heel in de verte zie ik veel blauw en al gauw zie ik dat dit de Poespas is. Vol trots kijk ik naar mijn spi. Wij leveren het toch maar weer. Kees steekt zijn duim op, als ik langszij kom….en dan een knal….z.e.v.e.n.t.i.g. m.e.t.e.r…als een vlag in de masttop.
Onderweg had ik de loefschoot al voor de helft dunner zien worden..had ik de jokey pole maar niet vergeten !

Wie oh wie, kan mij het merk van een stuurautomaat geven, die, op een krap spi-rak het royaal bij kan sloffen ? Die van mij geeft pas reaktie als ik al plat lig.

Naar 2 was een makkie, met een elastiekje aan de wind.
Veel slapende ankeraars. Zelf heb ik afgemeerd aan de binnensteiger. Toen ik de volgende morgen wilde vertrekken en nog met een lijn aan de steiger verbonden was, kwam er zo’n ingehuurde miep vertellen , dat ik nog betalen moest.
‘In Engeland ben je vrij van betalen, als je ziek en gans onbekwaam binnenloopt’, het hielp niet … ook niet toen ik zei, dat je zonder gebit geen volle zalen trekt. Ze was niet te vermurwen, dus tanken. dokken en met het vooruitzicht regen en NW 6 a 7 richting Ans.

Jan, 9 jaar goede relatie, krijg ik volgend jaar nog een kans ?

Kees de Wit
S/Y Foetsie

 

 

Mijn eerste 200myls met de “Rocinant” door Ids Witteveen

Mijn eerste 200myls met de “Rocinant”
Door: Ids Witteveen

Geplubiceerd in het clubblad van De Nederlandse Vereniging van ToerzeilersBij het surfen over het net kwam ik toevallig bij de 200myls site terecht.
Dat leek mij wel wat. Na toestemming van het thuisfront wilde ik mij opgeven. Nog net las ik ergens dat het maximum aantal schepen al lang was bereikt. Toch maar contact met Jan gezocht. Wat heen en weer gemaild en gehoopt op uitvallers, waarbij het geluk mij goed was gezind. Ik kon meedoen.

Ik had mij direct al voorgenomen om op het Ijsselmeer te blijven. In een spreadsheet wat gerekend met de routes 3 en 4, windrichtingen en kruiskoersen. Theoretisch natuurlijk, maar wel een stukje voorpret!

Twee van de deelnemers waren bekenden; Frits Brattinga en Arie Nauta.

Maandag ochtend 29 september bracht mijn vrouw mij naar de boot in Makkum. Rocinant was al bevoorraad. Daar er geen wind was kon ik direct op de motor weg en werd ik nog uitgezwaaid. Mooi weer, maar waar blijft de wind?
Zoals aanbevolen alle klokken op GPS tijd gezet. In de middag in Edam beland. Daar was ik nog niet eerder geweest.
De schroefjes in de scharnieren van mijn ankerbak-deksel vertrouwde ik niet meer. Ik had daarvoor boutjes meegenomen. Helaas, te lang. Met een ijzerzaagje en een combinatietang als bankschroef werden de zes M5 boutjes op maat gemaakt. Wat sikaflex ertussen, morgen de laatste slag doorzetten en dan zit ook dat weer vertrouwd.
De twee oude slaapzakken (ik zal wel niet fris blijven deze week) bleek ik die nacht beide nodig te hebben. Een kapotte rits werd vooraf nog even met naald en draad vastgezet. Ik zou nu niet weten wat niet gereed was voor de tocht.
De volgende dag even de Blocq van Kuffel ingevaren. Je moet tenslotte een beetje weten hoe een potentiële rusthaven er van binnen uitziet. Dan op naar Muiden.
Op aanraden van Frits Brattinga de exacte positie van de M1 even in de GPS gecheckt. Als ik al bij donker hier langs kom hoef ik tenminste niet zo lang te zoeken. In Muiden was het nog betrekkelijk rustig. Ik had al meer drukte verwacht. De routiniers komen natuurlijk 5 minuten voordat ze bij Ome Ko moeten zijn. Eerst maar vers brood gehaald voor de komende dagen. Gezellig met Jaap Broers bij Frits Brattinga in de kuip zitten kletsen. Voorlopig voor het laatst onder de douche. Na bij Ome Ko de cap, het logboek en de camera ontvangen te hebben, snel te kooi. Best spannend!
Als achtste buitenste schip in een rij dreef ik met mijn buurman om 7.00 uur los in de haven. Wat een haast. Hoewel in de haven nauwelijks waarneembaar, stond er een lekker briesje. Ik ben zo ver.
Na twee extra rondjes bij de M1 (dat fototoestel moet je handmatig doordraaien) om 7.19 op weg. Even opletten bij de geul. Achteromkijkend zie ik de opkomende zon met al die scheepjes in de ochtendnevel. Het is een prachtig gezicht. Ik geniet nu al echt. Bij “het Paard” kom ik er achter dat ik mijn log niet op 0 heb gezet. Dat doen we dan maar bij de GZ2, daar die precies op 10 zm. van de M1 ligt. Daar ik verwacht naar Lelystad op te moeten kruisen en de koers naar Volendam wat rustiger is dan naar de Nek besluit ik om voor de zekerheid de standaard fok vast maar aan te slaan.
Op weg naar de Nek steek ik een rifje. Koers Lelystad is voor mij goed te bezeilen. Bij de overstag gaat mijn klemmetje van de overloop stuk. Ik kan de overloop niet meer aan loef vast zetten. Met een extra lijntje met een paalsteek om het grootschootblok lier ik met de fokkeschootlier de schoot naar loef. Met de genua en een eerste rifje in het grootzeil gaat het prima bij dit windje 4 à 5. Vlak voor de OVD3 in de geul tussen twee elkaar tegemoet varende vrachtschepen door. Dan kan de motor bij. Voor mij kan de dag zo niet lang genoeg duren. Bij de sluis even wachten. De vloot dikt in. Gezellig zo met zijn allen in de sluis.
Nog even stroom draaien en dan gaan we weer op weg naar Den Oever (route 3). Ik moet er maar aan wennen dat je zonder lichtweer voorzeil regelmatig ingehaald wordt. Terug van Den Oever naar Enkhuizen is het al donker. Ik ga ook nu ruim oostelijk langs het visserijgebied om geen blinde tonnen op mijn route tegen te komen. Onbegrijpelijk dat met dit lekkere zeilweer zoveel schepen er bij de KG2 al mee ophouden voor vandaag, zeker gezien de windverwachting voor morgen! Ik ga door naar Breezanddijk. Daar er hier nauwelijks scheepvaart is, laat ik mij lekker wegzakken. De keukenwekker roept mij om het kwartier weer tot de orde, maar niet voor lang. Zo kachel ik de laatste mijltjes verder De wind wordt duidelijk ook moe. De Sport B, welke ik om 02.29 op de gevoelige plaat vastleg heeft 1 flits in 5 seconden. Dat betekent dat je in die 4 donkere seconden goed moet oppassen niet tegen de ton op te varen, wil je binnen de flitsafstand van 3 meter blijven.
In Breezanddijk ligt de Tumlare al voor anker. Mijn kleine danfordje zal mij hier ook wel op mijn plaats houden. Lekker pitten.

De volgende morgen al weer vroeg actief. “Te” denk ik achteraf! Bij deze race moet je rust nemen als je niet zeilt. Je weet maar nooit hoe lang je ’s avonds weer door moet.. Onder de kuipvloer vind ik al de onderdeeltjes van mijn overloopklemmetje. Een popnagel was afgebroken. Alles was aan boord voor reparatie. Accuboormachine, de juiste boor, popnageltang en de juiste maat popnagel. Zo dat zit ook weer.
In een wedstrijd lekker voor anker blijven liggen kost mij moeite. Ik ben wat nerveus. Hoezo tactiek, ik wil gewoon voor zondag 12.00 uur in Muiden zijn! De Tricheur komt ’s morgens ook binnen.
Heeft de hele nacht doorgezeild. Ben ik toch blij dat de wind niet eerder uitgeput raakte. ’s Middags houd ik het niet meer. Ga anker op om even een uurtje stroom te draaien. De Tumlare komt ook naar buiten en gooit daar zijn anker uit. Ik kom nog een uurtje langszij. Gezellig gekletst met Michel onder het genot van een hapje en een drankje. Zodra er om 16.00 uur wat wind komt ga ik weg.
De Tricheur is dan ook al weer in de race. Met de standaard fok uitgeboomd aan loef, genua en grootzeil loopt het relatief best wel, 3 knoop op een gladde zee. De Tumlare komt een half uurje later ook achter ons aan. De Tricheur heb ik dan al weer ingehaald. Ik vaar weer te netjes. Ik ga westelijk van de VZ3 langs, hetgeen voor de wedstrijd niet nodig is. De Tumlare, met ophaalbare kiel, zit zeer dicht onder de kust. Richting Urk wordt het druk. Beroepsvaart tussen Lelystad, Kampen en Lemmer gaat de hele nacht door. Met wat windschiftingen is het moeilijk je goed te oriënteren. Krijg zowaar nog te maken met een tegenligger onder spinaker. Dacht eerst voor hem langs te kunnen, maar ging toch maar achterlangs. Dat ik en beetje laat reageerde vond hij niet leuk aan zijn geschreeuw te horen. Middels het met een zaklamp beschijnen van de eigen zeilen hadden we elkaar al laten weten dat we elkaar in de gaten hadden. Ik maakte bij het passeren een opmerking over nachtblindheid omdat ze me recht in het gezicht schenen. Gezien het meervoud ga ik er inderdaad van uit dat het niet een van ons was (ik kon die koers en het tijdstip niet met één van de vier routes in verband brengen). Ook nu deed de keukenwekker weer dienst. Hoewel het moeite kostte, wilde ik hier niet in slaap sukkelen. Als dat toch zou gebeuren zou ik snel weer gewekt worden (wekker op 8 minuten).
Er moest nog even een slag gemaakt worden. Vlak voor de UK16 liep ik de Tumlare weer op die mij in het donker dus voorbij gelopen was (had ik de VZ3 ook maar niet moeten ronden!). Regelmatig werden we door de schijnwerpers van vrachtschepen in het zonnetje gezet, ook al lagen wij helemaal niet op hun koers!. Wat mij verbaasde was dat de vrachtschepen gewoon binnen de betonning van “het Vormt” varen. Het kan zijn dat op de foto van de UK 16 (00.43 uur) de Tumlare te zien is, of op zijn foto de Rocinant. Ik voer bijna op zijn spiegel. Omdat ik ook hier niet zo bekend ben volg ik de onverlichte betonning naar de haven. Vastmaken voor de Little One en dan snel horizontaal. Nee, geef mij dan het zeilen van gisteren maar. Nog niet wetende wat mij morgen te wachten staat.

Ik heb toch echt de vlaggen zien wapperen vanmorgen. Ik ging dus weer op pad. Fout, fout, fout. Dat had ik al snel in de gaten. De enige winst die ik behaalde met het voor 9.00 uur losgooien was dat de havenmeester naast mij kwam staan toen het schip al los was van de kade. “Laat maar” zei hij lachend en ging zijn geld bij de Tumlare halen. Het zicht was niet veel meer dan 1,5 zm. De windsnelheid was ook zoiets in meters per seconde. Die dag naast veel op de hand sturen ook bijna een boek uitgelezen. Bij de KG2 kreeg ik de Lady-A van Frits Brattinga in het vizier Noch op VHF, noch op GSM enige respons. Dan maar met oerklanken. Water draagt immers ver! Even later roept Frits mij op via de marifoon. Zijn spinaker vult zich niet genoeg om zijn elastiekjes te laten knappen.
Als er dan eindelijk een beetje wind komt, is de V15 niet bezeild. Het kost toch meer energie dan ik had gedacht om de boot met zo weinig wind een beetje de goede richting op te laten varen. Besluit om door te gaan als ik de V15 ruim voor donker kan ronden. Helaas, de schijnwerper moet er aan te pas komen om hem te vinden. Om 19.47 is ook hij vereeuwigd. In Medemblik afgemeerd voor het havenkantoor langszij een Duitse Bavaria. Even gratis douchen, schoon schip maken en ook dan slaap ik als een roos.

De wekker doet zijn wekwerk prima. Meer wind vanmorgen. Ik zet daarom, voorzichtig als ik ben (wedstrijdzeiler?) de kleine fok en een rifje. Nog voordat de motor uit gaat is die kleine fok al weer vastgebonden aan de zeerailing en ligt de standaard fok klaar om gehesen te worden. Vlak voor mij zet de True Blue de V15 op de foto. Die ton weet ook niet wat hem overkomt. Een heel jaar heeft niemand belangstelling voor hem en dan opeens wordt hij zo vaak gekiekt als ware het een beroemdheid. Buiig weer met prachtige luchten. Hoewel je de buien wel kunt zien aankomen, kun je niet zien hoeveel wind er uit komt. Even na de VZ1 gerond te hebben raak ik in een heftige bui verzeild. Gelukkig zeil ik er even later ook weer uit. Ging behoorlijk tekeer. De golven bouwden zich ook zeer snel op. Aan de wind in die golven bij sterk afnemende wind moet je toch weer wat zeildruk maken om een beetje snelheid te houden. Dat gaat zo een tijdje door. Rifje er bij, rifje er uit, kleine fok op, standaard fok op. Vermoeiend! De buien geven nu niet meer zoveel wind als vanmorgen bij Stavoren.
Het begint in mijn hoofd te malen. Als ik zo door ga (Makkum is niet bezeild) zal ik tegen donker in Lelystad aankomen. Om zondag voor 12.00 uur te kunnen finishen moet ik dan minimaal in het donker naar de NEK (kruisen?). In het donker zie je de buien echter niet aankomen. Het weer zal zo mogelijk nog iets slechter worden. Vermoeidheid begint ook mee te spelen. Met de slechter wordende weersverwachting moet ik wel maandag weer in Makkum zijn. Mijmer, mijmer, mijmer! Bij Makkum weet ik het zeker. Daar stop ik niet, dat is te gemakkelijk. Varende naar Hindeloopen neem ik mijn beslissing. Tot nu toe volop van de race genoten. Lekker grensverleggend bezig geweest. Ik denk dat ik een dag rust ook wel kan gebruiken voordat ik weer aan het werk moet (daar had ik geen rekening mee gehouden, verkeerd ingeschat). Moet ik nu het risico aangaan om nog in de ellende verzeild te raken?

Ik weet het, anderen gaan er voor. Alles is nu nog heel en dat wil ik zo houden. Deze race was voor mij vooral een race tegen mijzelf. Heb ik die dan nu verloren? Ik vind van niet. 81 zeemijl gezeild de eerste dag voelt erg goed. Lekker in het donker gevaren. Hele dagen dobberen. Alles meegemaakt. Ik weet nu wat deze race betekent. Volgend jaar is het weer weer totaal anders. De hele race is dan weer anders. Het logboek en de camera stuur ik deze keer wel op. Volgend jaar wil ik ze beide zondag voor 12.00 uur persoonlijk in Muiden afgeven.

Bedankt Jan, dat ik op ’t laatst nog mee kon doen. Tot volgend jaar.

 

 
Ids Witteveen
S/Y Rocinant

Beijersbergen officieus winnaar ‘200 mijls solo’ door Icif Koeling

Beijersbergen officieus winnaar ‘200 mijls solo’


MUIDEN – Solozeiler Han Beijersbergen uit Lelystad heeft met zijn boot Anne Sophie (Bavaria 37) vrijwel zeker de achtste editie van de ‘200 mijls solo’ gewonnen. Van de 67 gestarte schepen kwamen er slechts 32 reglementair over de finish. Ruim de helft van de deelnemers hield er vroegtijdig mee op vanwege de vele windstiltes tijdens het evenement.

Volgens de voorlopige uitslagen legde Beijersbergen van 1 tot en met 5 oktober een traject van 200 mijl na berekening van de handicap het snelste af. Alvorens het definitieve resultaat vaststaat, moeten de logboeken en de foto’s van de boeien nog worden gecontroleerd Erik Jan Hardonk uit Lemmer met Neskio (Etap 30) is vooralsnog tweede geworden en Gerben Bos uit Medemblik is met Frequent Flyer (F&F 95) als derde geëindigd. Op dinsdagavond 30 november zat bij het palaver in café Ome Ko in Muiden de sfeer er goed in. Daar werden de logboeken en wegwerpcamera’s uitgedeeld en de schippers kregen een mooie 200 myls Solo cap als herinnering. De zeilers wilden graag alles van elkaar weten, vooral voor welke route er werd gekozen om zo snel mogelijk 200 mijl af te leggen. Op woensdag hadden veel schippers al vroeg de haven van Muiden verlaten om kort na 07.00 uur bij de boei M1 van start te gaan. Op het IJsselmeer stond een aardig oostenwindje, waardoor het veld op één oor naar het noorden kon vertrekken. De meeste schepen gingen met een windkracht 4 tot 5 via de NEK bij Hoorn naar de OVD3 bij Lelystad. Tijdens de tocht moeten geronde boeien of andere merktekens worden gefotografeerd. Na de eerste dag was Kees Corts uit Huizen met Jean Dix (First 305) de leider in het klassement met een afgelegde afstand van 68 mijl.De meeste deelnemers (49 schippers) kozen voor de banen op het IJsselmeer. Dat was mede ingeven doordat de sluis bij Den Oever op het laatste moment gestremd bleek te zijn. De organisatie kon nog net voor de start van de wedstrijd nieuwe banen schrijven. Slechts 14 boten kozen voor de twee routes met een traject over de Noordzee en de Waddenzee. Snel ging het niet getuige het verslag van Harm Veenstra. “Na de KG2 stonden alle meters op 0. Ik heb nooit eerder een studie van de schuimvormen gemaakt, maar zo langzaam voortdrijvend door de algenculturen, zie je de mooiste vormen in het spiegelgladde kielzog verdwijnen. De enige troost voor de solist is dat in zijn naaste omgeving ook anderen zich aan die studie wijden en nagelbijtend wachten op wind.” Na de tweede dag voerde Gerrit Schuur met Myrlette (Etap 30i) de resultatenlijst aan. Hij overnachtte in Medemblik samen met Martin Selles met Kim (Dehler 36DB) en Rob Jaspers met Connector (Impact37) die tweede en derde stonden in het klassement. De meeste zeilers brachten de nacht door in Breezanddijk. Op vrijdag wilde de wind ook al niet meewerken. Met zo’n 1,5 knoop dobberden de schepen vooruit. Diverse schippers kwamen in de problemen omdat ze nooit op tijd in Muiden konden komen. Daarom verlieten de eerste schippers het wedstrijdtoneel, onder wie Harm Veenstra met zijn Jonker Leeuwerik (Friendship 28).

Na drie dagen hadden de meeste zeilers er net iets meer dan 100 mijl uitgeperst. Ieder zuchtje wind werd volop benut. Ruud Kapteyn had met zijn Mango (IMX-38) nog 17 mijl te gaan. Op zaterdagochtend rond 02.00 uur maakte Kapteyn als eerste zijn 200 mijl vol en pakte daarmee de line honours. Om 13.45 uur arriveerde Martin Selles als tweede schipper, na ongeveer 20 minuten gevolgd door Gerrit Schuur. Vanwege de geringe wind was het slechts een kleine groep gelukt om alle boeien op de foto te zetten. In totaal staakten 30 deelnemers de strijd en moesten vier schippers moesten hun baan inkorten, omdat ze anders nooit voor zondagmiddag bij de finish zouden zijn. Toen begon het werk voor organisator Jan Luyendijk om aan de hand van de SW-handicapformule en de logboeken de uitslagen te berekenen. De winnaar van vorig jaar, Dik Geurts met Bandos ( F&F110) uit Herkingen, werd 7de na zijn finish op zondag om 10.27 uur. Jacqueline van Amstel met Xinia (X-362) uit Dintelsas kwam een half uurtje later aan en eindigde als 5de in het voorlopige klassement. Zij mag waarschijnlijk net als vorig jaar de vrouwenbokaal in ontvangst nemen. Op woensdagavond, 15 oktober worden de winnaars officieel bekendgemaakt en de prijzen van de achtste ‘200 mijls solo’ uitgereikt.

Icif Koeling

 

Verslag Erik Jan Hardonk (2003)

Verslag Erik Jan Hardonk (2003)200 Mijls Solo 2003 (deel3 : vrijdag 3 en zaterdag 4 oktober)Vannacht om 2 uur samen met de Lupa Maris vertrokken. Han blijft een tij wachten, in de hoop op meer wind. Er staat 10 knopen wind (3 Bf). In het donker op stromend water opgetuigd, de ZS13 gefotografeerd enop weg naar Den Helder gegaan. Het gaat lekker. Met 2 knopen stroom mee spoelen we naar buiten. We snijden een stuk af door over het Stortemelk (een bank net buiten Vlieland) te varen. Met dit rustige weer en het hoog water kan dat best. Scheelt al snel 3 mijl. Het is pikkedonker. Behalve de boeien zie ik alleen mijn instrumentvelichting.

Langzaamaan wordt het licht. Met het verdwijnen van de duisternis verdwijnt ook de wind. Net voor de ingang naar het Molengat valt de wind helemaal weg. De stroom begint tegen te lopen en ik drijf achteruit. Het anker gaat uit, om te voorkomen dat ik nog verder terug gezet wordt. Ed gaat een mijl achter me ten anker. Door de mist kan ik hem niet zien. Na jh02.jpg” ALIGN=”RIGHT” HSPACE=”15″ BORDER=”0″>–> een uur is er weer wat wind en ga ik anker op. Ook Ed is anker op, meldt hij via de marifoon. Eenmaal in het Molengat krijg ik de stroom weer mee en spoel ik zo naar Den Helder. Bij de verplicht te fotograferen boei wacht ik Ed op. Onder spinaker komt hij op de boei af. Wegens gebrek aan echte wind en het late tijdstip waarop de boei ronden (er staat nog maar twee uur lang stroom mee richting Kornwerderzand), nemen we een rustpauze in Den Helder. Vanavond weer verder. Om 2100 uur vertrekken we weer. In het donker, met af en toe 6 Bf, scheuren we over de Waddenzee naar Kornwerder zand. Nu komt het op nauwkeurige navigatie aan. Er knipperen allerlei lampjes. Die moet je in de juiste volgorde passeren. Dankzij een goede voorbereiding gaat het goed. Na 2 uur en 3 kwartier zijn we in Kornwerderzand. De wind is nog steeds hard. Na de sluis weer een korte rustpauze. Om 5 uur op en om 6 uur zeilen we weer. Richting Hindeloopen. Nu blijkt dat er meer deelnemers op weg zijn. Her en der lampjes die allemaal op dezelfde boei afkomen. In buien neemt de wind toe tot af en toe 7 Bf. Dat schiet mooi op. Via de V15 bij Medemblik naar de EZ27 bij Lelystad. De buien worden afgewisseld met prachtig weer. Dat levert spectaculaire plaatjes op.

Samen met de Xinia, Lupa Maris en de Nicky Deuz door de sluis. Na de sluis gaat de Xinia richting Pampushaven, de laatste naar de NEK. Dat is recht in de wind, dus moeten we kruisen. Door gebruik te maken van windschiftingen rond de buien, ben ik een uur eerder bij de NEK dan Ed. Ik ga door naar Marken. Ed besluit in Volendam te gaan rusten. Met een laatste bui kom ik om 21:22 uur aan bij de onverlichte M1, die ik dankzij de radar makkelijk kan vinden. Na een lange dag varen meer ik moe maar voldaan af in Muiden. Er blijken nog maar een handvol schepen aangekomen te zijn. Na het inleveren van het fototoestel en het logboek nog een borrel bij Jan Luyendijjk aan boord. Jan vertelt me dat ik voorlopig op een derde plaats lig. Prima resultaat! Nita is inmiddels ook aangekomen, zij vaart morgen mee terug naar Lemmer. Eenmaal aan boord val ik als een blok in slaap. De 200 Myls zit er weer op. 15 oktober volgt de definitieve rangorde en prijsuitreiking.

200 Mijls Solo 2003 (deel 2)
Vanmorgen uitgeslapen. Het is pas rond 3 uur ’s middags hoog water bij Harlingen en onder normale omstandigheden een uurtje varen. Nu zijn de omstandigheden niet normaal; er staat nauwelijks wind. We gaan om 11 uur anker op en door de sluis. Op de Waddenzee staat ook geen wind. Ik dobber nog wat rond, tot er een heel klein zuchtje staat. Dan besluit ik maar te starten. We zullen vandaag toch minstens één rak moeten varen. Rond half één passeer ik de BO12, waarmee ik weer herstart ben. Gelukkig staat er ruim een knoop stroom in de goede richting, want de wind stelt nog steeds niets voor. Na bijna twee uur, rond kwart over twee, ben ik pas bij Harlingen. Met weinig wind ga ik door richting Vlieland. Als ik aan het eind van de Pollendam ben, begint de stroom mee te lopen. Het hele stuk van Harlingen tot Vlieland ben ik bezig de Anne Sophie voor te blijven. Het lukt, zij het met een nipte voorsprong. Halverwege komt er toch een beetje wind. Met 1 à 2 knopen stroom mee gaan we toch met rond de 6 knopen op Vlieland af. Het laatste stukje naar de ZS13 is voor de wind. Om zes uur passeer ik de boei. De zeilen gaan naar beneden en de motor aan, op weg naar de haven. In de haven lig ik naast de Anne Sophie. Ook De Lupa Maris ligt aan de zelfde steiger. Gedrieën drinken we wat. Na het eten samen nog een kop koffie en een oorlam. Uiteraard wordt de tactiek voor morgen besproken. Wat wordt het, vannacht om 3 uur vertrekken om zodoende rond 10:00 uur bij het begin van het Molengat (bij Texel) te zijn? Of toch tot morgenmiddag wachten tot de wind naar NW is gedraaid? Han denkt erover het laatste te doen. Ik besluit vannacht mijn hoofd eens buiten de kajuit te steken om te zien of er wind is. Als dat zo is, vertrek ik in de nacht.

200 Mijls Solo 2003 (deel 1)
Vanmorgen om half zes ging de wekker. Het opstaan ging niet gemakkelijk. Gisteren met een groep deelnemers Chinees gegeten, daarna naar het palaver, waar we het logboek, het fototoestel en de pet kregen uitgedeeld. Daarna de onvermijdelijke discussie over het weer en welke route dan het het handigst zou zijn. Iedereen heeft er een eigen mening over. Ed en ik hebben samen de routes doorgenomen. We kiezen voor een gewaagd plan: route 2, over de Wadden. Route 1, over de Noordzee, valt af. Reden hiervoor is het feit dat donderdag weinig wind wordt verwacht en we dus op woensdag zoveel mogelijk mijlen willen zeilen. Om bij de Noordzee te komen moeten we door Amsterdam over het Noordzeekanaal naar IJmuiden. Die 25 mijl tellen niet mee voor de wedstrijd, maar kosten 5 à 6 uur. De routes over het IJsselmeer zijn gesneden koek, die hebben wel al zo vaak gevaren. Blijft over de Waddenzee, inclusief avontuur (wellicht ’s nachts varen) over. ’s Morgens is het een drukte van belang in de Stichtingshaven in Muiden. Rond de 60 schepen vertrekken. Gezamenlijk, in een lange sliert, varen we naar de M1, de eerste boei die op de foto moet worden gezet. Vandaar richting MN1GZ2 (voor de Gouwzee, bij Volendam). Er staat een lekker windje, 4 à 5 uit het oosten. Vanaf de MN1GZ2 via de NEK naar de OVD3 bij Lelystad. Na meer dan een uur wachten, kunnen we eindelijk de sluis in. Met dertig à veertig soloschippers de sluis in gaat verbazingwekkend rustig en gedisciplineerd. Na de sluis gaat het gas erop. Op de motor zo snel mogelijk naar de EZ27, waar de wedstrijd weer verdergaat. Bij de EZ27 varen de meeste anderen door. Zij kiezen dus voor route 3 of 4. Alleen Ed en ik slaan af. We krijgen dus weinig gezelschap op de Waddenzee… Onderweg naar Kornwerderzand neemt de wind af tot 3 Bf. De boot gaat wat rustiger varen, mooi moment om het eten klaar te maken. Na de afwas is ben ik al bijna bij de VF4 bij Kornwerderzand. Enige tijd later komt ook Ed aan. Han Beijersbergen komt nog weer even later aan. Alledrie gaan we voor anker, dan hebben we dat alvast gehad. Waarschijnlijk gaan we morgen pas rond de middag weer weg. Dan loopt het tij gunstig om in één keer buitenom Vlieland en Texel naar Oudeschild te varen. Bij Ed aan boord nog een borrel en dan te kooi.

 

 

Verslag Otto Maitimu

Verslag Otto Maitimu (2003)5 oktober 2003

De wekker gaat om 05.30u voor de laatste etappe. De wind fluit door het want en ik zie 24 knopen wind op de meter staan. Buiten zal het wel harder waaien. Gauw een kop thee zetten, een boterham met pindakaas naar binnen proppen, een snelle inspectieronde over het schip en om 06.00u gooi ik los. Boven de dijk zie ik twee zeillichten in de richting van de OVD3 bewegen. Ik ben niet de enige die hier overnacht heeft.

Inge heeft gisteravond om twaalf uur nog gebeld voor het laatste weerbericht. In de ochtend N 5 tot 6 Bft, om ca. 09.00u draaiend naar NW en later in de middag verder krimpend tot W. In buien winstoten tot 15 m/s.

De wind zit inderdaad in de noordhoek en dat is prachtig, want nu is de NEK bij Hoorn bezeild. Om hoog aan de wind te blijven zeilen kan de stuurautomaat niet gebruikt worden. Om stroom te sparen staat hij enigszins ruim afgesteld, zodat hij niet op iedere graad koersverandering reageert. De consequentie is dat je een beetje zwabbert en dat is normaal niet erg, maar niet voor hoog aan de wind. Het sturen tegen wind en golven vraagt enige concentratie om snelheid te houden en zo hoog mogelijk tegen de wind op te sturen.

Bij de eerste bui die overkomt, waait het 7 tot 8 Bft over dek. Als je daar tegenin staat te kijken, waaien de lenzen bijna uit je ogen.

Om 08.24u ben ik bij de NEK en vrijwel direct na het ronden van de boei draait de wind en valt hij nagenoeg weg. De snelheid valt terug tot soms onder de 3 knopen. Ik dacht prima op tijd te zijn, maar als dat zo doorgaat, wordt het nog spannend of ik voor de deadline van 12.00u de M1 bij Muiden kan passeren. Een paar mijl voor Volendam komt er toch weer wind en lopen we weer vlot over de 7 knopen. Maar ook dat is even later voorbij. Ik rond het Paard van Marken zo dicht mogelijk langs de dijk met één oog op de dieptemeter, want ik steek 1,90m. Gelukkig genoeg water. Het begint nu toch echt penibel te worden met de tijd.

Richting de PH boei voor Zuidelijke Flevoland gaat het weer een beetje waaien en kan ik goed halve wind varen. Het zit er nog steeds in, maar de wind mag nu niet meer wegvallen.

Om 11.30 mag de M1 niet verder weg zijn dan 3,25 mijl anders is het verkeken. Het is 3,18 mijl en we lopen nog steeds tegen de 7 knopen over de grond. Om 11.40 wil ik max 2,2 mijl tot de M1: het is een beetje minder. Om 11.45 is het nog 1,6 mijl. In het laatste stukje valt de wind eerst nog even weg, maar trekt dan toch weer aan. Ik ben van nature geen nagelbijter, maar je zou het spontaan worden. Om 12.00 exact (satelliettijd op de GPS) fotografeer ik de M1. Na het solo zeilen ben ik nu aan het solo juichen.

Bij het inleveren van het logboek en de fotocamera hoor ik dat ongeveer de helft van de deelnemers is uitgevallen. Dat is heel spijtig, maar het was ook een rare race. Je moest eigenlijk alle dagen ’s-avonds en ’s-nachts varen om de mijlen te kunnen maken en je overdag niet druk maken.

Jan Luyendijk, weer bedankt dat ik mee heb mogen doen. Tijdens een windstilte las ik in het reglement dat oud-deelnemers voorrang hebben bij de inschrijving en daar kan ik van harte mee instemmen. Mij kun je alvast noteren voor volgend jaar.

4 oktober 2003

Het is een kort nachtje geworden. Nadat ik om half drie had vastgemaakt, wilde ik nog even het bericht van 3 oktober afmaken en verzenden, maar dat laatste lukte niet via de GPRS. Om half vier heb ik het opgegeven en het licht uitgedaan. Om kwart over acht wakker en nu een gewone telefoon verbinding gemaakt met de mobiele telefoon en dat werkte wel.

Na alle nachten geankerd te hebben is het nu wel luxe om op de jachthaven even te douchen en te scheren. De wind verwachting is NW 5 tot 6, maar als ik buiten kom waait het hooguit 4. Het rif van gisteravond zit er nog in, maar dat kan er wel uit. Het grootzeil is net weer helemaal gehesen of er komt een hagelbui over met 34 knopen wind. Rif er dus weer in.

Om 10.50u passeer ik weer de V15 op weg naar de VZ1 bij Stavoren. Halverwege zakt de wind weer in, dus rif er uit. Dit herhaalt zich vandaag een paar keer. Ik hoef niet naar de sportschool om calorieën kwijt te raken: solozeilen is al voldoende.

Vanaf Stavoren gaat het richting Makkum en helaas draait de wind verder door naar NNW en moeten er slagen gemaakt worden. Onderweg weer een paar stevige buien, maar af en toe ook windstiltes. Van Makkum naar Hindeloopen gaat de genua er weer bij en die kan blijven staan tot Lelystad. Als we bij het Vrouwenzand richting de EZ21 gaan, gaan we plat voor het laken en kan de genua te loevert gezet worden op de spinakerboom. De achteropkomende golven lopen onder het schip door en van tijd tot tijd zit er een hogere golf tussen. Op zo’n golf kun je een stukje surfen en loopt de snelheid flink op. De hoogst snelheid op de klok is 8,9 knopen. Dit is wel kicken. Vlak voor de EZ21 valt de wind opnieuw weg en lig ik weer een uur te drijven. Dat is wel balen.

En natuurlijk, als je dan eindelijk de ton gepasseerd bent, gaat het weer stevig waaien.

De sluiswachter bij Lelystad heeft kennelijk iets goed te maken, want hij doet het licht op groen zodra ik aankom, laat de bellen rinkelen voor de slagbomen, doet direct achter mij de sluisdeuren weer dicht en zonder vast te hoeven maken, kan ik onder de brug door en aan de andere kant weer door de inmiddels geopende sluisdeuren.

Met NW 5 tot 6 heb ik weinig trek om te ankeren achter de leidam en tegen twaalven loop ik de jachthaven van Lelystad binnen om te overnachten. Morgen moet er gefinished worden, dus dat wordt vroeg op.

3 oktober 2003

Gisteravond zijn Michiel Tasseron en Peter Mueller langszij komen liggen. Michiel trekt een fles wijn open en nodigt ons uit voor een borrel. Met zijn mobiel belt hij iemand die achter de computer zit en zo horen we de laatste stand van zaken. Momenteel lig ik op de 16e plek en ben ik dus een plaatsje omhoog geschoven. Michiel en Peter willen morgenochtend om 6 uur weg, maar dat lijkt me veel te vroeg aangezien het morgenochtend nog nauwelijks zal waaien.

Ik wens ze succes en vraag ze om heel zachtjes te doen.

Om kwart over zes word ik wakker. Michiel heeft de marifoon loeihard staan en ik kan het weerbericht van de meldpost IJsselmeer letterlijk volgen in mijn kooi. Dan roept Michiel naar Peter of hij het ook gehoord heeft. Peter heeft vast zelf geen marifoon aan boord.

Om acht uur sta ik op en zie dat Breezanddijk leeggelopen is. Alleen Bart Boosman ligt er ook nog. Tegen half tien waait het nog steeds nauwelijks, maar ik ga toch maar op weg. De onverlichte V15 boei bij Medemblik wil ik liever bij daglicht aanlopen en ik wil niet het risico lopen dat ik hem in het donker niet kan vinden. Bovendien wordt er voor later vandaag regen voorspeld, dus dat maakt het zoeken naar een dunne staak in het donker extra moeilijk.

Bart blijft liggen tot het gaat waaien. Hij doet route 4 en heeft de V15 dus al gehad. Hij baalt van de windstille dag van gisteren en vindt dat hij het heeft verprutst doordat hij veel te vroeg vertrokken was.

Aangekomen bij mijn startton van vandaag, is de wind helemaal weggevallen. Dit heeft natuurlijk geen zin en ik besluit om de start maar uit te stellen totdat er wind komt. Tegen half twaalf is er nog steeds geen wind en trekt het dicht van de mist. Het zicht is niet meer dan 500 meter. De centrale meldpost IJsselmeer meldt dat de actuele wind in Lelystad ONO 2 Bft is, dus ik kan wel aannemen dat het nergens waait waar ik moet zijn. Dan maar koffiebonen malen en een vers bakkie koffie zetten. Ik heb geen anker uitgegooid, maar lig gewoon te drijven. Om half twee lig ik nog op 300 meter van de de Sport B. Dan gaat het een klein beetje waaien en ik gok het erop. Om 14.03 passeer ik de ton en loop met een gangetje van 3 tot 4 knoop richting Stavoren. Na anderhalf uur is de wind op en heb ik alweer spijt dat ik vertrokken ben. Langzaam komt Stavoren dichterbij en daarna zet ik koers naar Urk om de UK16 te ronden. De meldpost IJsselmeergebied blijft maar ieder uur roepen dat het windkracht 4 tot 5 wordt, maar voorlopig is het nog niks.

Zo’n 2,5 mijl voor de UK16 komen er een stuk of 5 solozeilers mijn kant op. Die moeten van dezelfde route zijn, want in route 4 ligt de UK16 al veel eerder in het schema. Zij liggen dus ca. een uur op mij voor, maar zijn wel 7 uur eerder vertrokken uit Breezanddijk. Dat geeft de burger moed.

Vlak voor de UK16 verwissel ik de genua voor de high aspect, zodat ik zo dadelijk wat hoger aan de wind kan lopen, want de V15 ligt precies tegen de wind in.

Om 20.34 ben ik bij de UK16 en een kwartier later begint het plotseling zo te waaien dat ik een rif moet steken. Dan komt ook de beloofde regen. Steeds als er een bui overkomt, geeft de windmeter 25 tot 30 knopen wind aan (6 à 7 Bft en als de bui weer over is 14 tot 18 knopen (4 Bft). Na twee keer rif steken en weer loshalen, hou ik het voor gezien. Het rif blijft erin en ik varieer de hoeveelheid zeil met het in- of weer uitrollen van de fok.

Onderweg bedenk ik een strategie om de V15 in een keer te vinden. Met de radar moet ik hem kunnen zien, maar het probleem is dat er meer schepen in de buurt zullen varen om dat ding te vinden en dan zie ik op de radar allemaal stippen, waarvan er maar één die ton kan zijn.

Ik meet de positie van de ton zo nauwkeurig mogelijk in de kaart. Weer een probleem: sinds dit jaar is de kaart 1810 van het IJsselmeer een dubbele kaart die gevouwen wordt. En natuurlijk ligt de V15 precies op de vouw en na een seizoen open en dicht vouwen kun je niet meer precies zien waar die ligt. Zo goed als het gaat, meet ik de positie en zet die in de GPS. Ga eens met de muis over de rechter foto, hij is te zien …

De stuurautomaat stel ik in op deze positie en ik zorg dat ik 1,5 mijl voor de ton een dusdanige koers heb, dat ik niet in de wind kan komen te liggen. Dan blijf ik op de radar kijken en de ton moet dan al recht voor liggen. Alle andere stippen zijn schepen, die van plaats veranderen. Als ik tot op een halve mijl genaderd ben, draai ik de fok in en zet de grootschoot wat losser, zodat ik niet teveel vaart loop.

De strategie werkt als een trein en ik heb de ton direkt te pakken. Ik roep naar de andere schepen waar de ton ligt en houd mijn zaklantaarn erop gericht. In mijn logboek noteer ik 01:31u. Nu snel een ligplaats zoeken in het regatta center in Medemblik en om 02.30 lig ik vast en aan de walstroom om de accu’s bij te laden. Nog snel een borrel en ik ga slapen.


2 oktober 2003

Omdat er weinig wind voorspeld is voor vandaag, heb ik maar besloten om een beetje uit te slapen. Even na achten ben ik wakker en er is inderdaad zo weinig wind ,dat het helemaal geen zin heeft om uit te varen. Na een uitgebreid ontbijt, de afwas van gisteren en het wisselen van de high aspect voor de genua maak ik tegen 11.00u toch maar aanstalten; ik kan toch ook niet de hele dag in Enkhuizen blijven liggen. Het eerste rak van vandaag leidt van de KG2 naar de Sport B bij Breezanddijk. Bij de KG2 aangekomen liggen er nog een stuk of 5 schepen te wachten tot er wat wind komt. De foto van de boei moet binnen 4 meter afstand van het schip genomen worden en ik ga zo langzaam dat ik hem pas neem als ik er 4 meter voorbij ben. Scheelt toch gauw 5 minuten in aanvangstijd.

Als na enige tijd de wind begint te ruimen naar ZO weet ik dat ik het voor vandaag wel kan schudden. Met licht weer is op een ruimwindse koers een spinaker een absolute must.

Een uur na de start valt de wind helemaal weg en wordt het een drijfpartij. Op een gegeven moment ligt de boeg weer richting Enkhuizen, omdat het schip niet meer naar het roer luistert door gebrek aan snelheid. Dan draait de wind door naar NNO en is Breezanddijk ineens niet meer bezeild. Het is een weinig enerverende dag, maar het positieve is dat het prachtig nazomerweer is. In korte broek en blote bast is het absoluut genieten in deze tijd van het jaar.

Als je de mogelijkheden van de wind combineert met de routes 3 en 4, dan zullen er vanavond waarschijnlijk heel wat schepen de vluchthaven van Breezanddijk opzoeken.

Om 19.25u passeer ik eindelijk de Sport B na een tocht van zo’n 7 uur over een stukje van 17 mijl. Dat is niet goed voor het gemiddelde, maar ik troost me met de gedachte dat de anderen er evenveel last van hadden.

Mijn lieve echtgenote heeft mij ruim voorzien van proviand en voor vanavond kies ik de chili con carne. Moest nog wel even naar huis bellen om te vragen waar ze de bonen verstopt had.

Bij het afwassen ga ik me toch enige zorgen maken over de watervoorraad. Voor vertrek uit onze thuishaven in Lelystad had ik de watertank helemaal gevuld. Gisteren tijdens het aandewindse rak van Hoorn naar Lelystad kwamen de golven schuin van voren in en kreeg ik het idee dat de gevulde watertank mij parten speelde. De tank bevat maximaal 120 liter water en is geplaatst in het vooronder. Bij iedere golf moet die 120 kg omhoog en door de beruchte korte golfslag van het IJsselmeer klapt die massa weer in de volgende golf, waardoor het schip behoorlijk afremt. Het leek me beter om wat van dat gewicht kwijt te raken, maar ik geloof nu dat ik daar wat te enthousiast in geweest ben en de kraan te lang opengelaten heb. Als eerste zullen we nu het afwassen inperken om water te sparen. Wil bijtijds mijn kooi in, want morgen moeten er weer mijlen gemaakt worden.


1 oktober 2003

Vanochtend gestart in de achtste editie van de 200 mijls solo race. Als om 6 uur de wekker gaat, is het steenkoud aan boord.

Ik kruip mijn kooi uit en doe de verwarming aan. Althans dat was de bedoeling, maar na 10 minuten komt er nog steeds koude lucht uit de uitblaasopeneningen van de hetelucht verwarming. Als het dan ook nog naar diesel gaat stinken, zet ik hem maar gauw uit. Dat moeten we maar eens onderzoeken bij daglicht.

Tegen half zeven begint er iemand in zijn handen te klappen. Die wil er kennelijk uit, maar kan dat niet omdat hij ligt ingeklemd. De kleine Stichtingshaven in Muiden ligt dan ook propvol met boten van de 69 deelnemers.

Om 07.32 passeer ik de groene M1 boei die voor de haveningang van Muiden ligt, fotografeer hem met de meegekregen camera, noteer de passagetijd in het logboek en ik ben weg. Er ligt al een behoorlijk veld voor me, maar ik ben zeker niet de laatste die vertrekt. Voor alle deelnemers is het eerste deel hetzelfde: eerst naar Volendam, dan naar Hoorn en vervolgens naar Lelystad. Daar moet je je keus maken uit één van de vier routes. Voor mij valt route 1 af, de route die o.a. van IJmuiden naar Den Helder leidt. Dit stuk is een goede 32 mijl en als je dat niet in één tij haalt, heb je een probleem. Voor donderdag wordt weinig wind verwacht, dus er is een risico dat het tij tegen gaat lopen voordat je bij Den Helder bent en bij weinig wind wordt je misschien wel achteruit gezet en ga je negatieve mijlen maken.

Route 2 gaat o.a. via Harlingen buitenom Vlieland en Texel naar Kornwerderzand. De tijden van hoogwater en laagwater op 2/3 oktober zijn echter dermate ongunstig dat die route ook afvalt. Het zal dus route 3 of 4 worden.

De wind is ONO 4 Bft en dat maakt dat alle rakken tot Lelystad bezeild zijn. Het schiet lekker op en tegen de tijd dat ik bij Lelystad ben, ben ik nog niet helemaal “en tête de la course”, maar ik heb er al veel ingehaald en ben zelf door twee schepen voorbij gelopen. De plaats in het veld zegt echter helemaal niets over de klassering, want de Content is een snel schip (theoretisch) met een lage handicap (en dat is realiteit).

Bij de boei OVD 3 kies ik voor route 3, omdat ik dan naar verwachting de meeste mijlen kan maken vandaag. Bij de sluis in Lelystad loopt het echter tegen, want er is kennelijk maar één sluiskolk beschikbaar. Nadat de sluiswachter ons een uurtje heeft laten dobberen, besluit hij om toch ook de andere kolk maar open te zetten. Inmiddels heeft een groot deel van het veld zich bij de kopgroep gevoegd en als de sluisdeuren eindelijk voor ons opengaan, wordt de sluis bijna geheel gevuld met deelnemers van de 200 mijls solo.

Van Lelystad gaat het naar Den Oever en ik zie dat vele anderen voor route 3 gekozen hebben. De wind staat nog lekker door en ik vaar regelmatig boven de 7 knopen. Als de wind in de loop van de middag wat gaat inzakken, vervang ik de High Aspect fok voor de lichtweer genua, vliegend gehesen, dwz het voorlijk is niet aan de voorstag bevestigd, maar alleen tophoek en halshoek zijn bevestigd. Dit heeft het grote voordeel dat de fok op de furlex kan blijven zitten en dat de genua snel gehesen en gestreken is. Tegen het einde van de middag zakt de wind nog verder in. De schepen met spinaker vliegen me voorbij.

Naast me zie ik de Ami Bai een halfwinder hijsen, die echter niet helemaal ontplooit. Hij bolt bovenin en onderaan, maar in het midden zit een knoop. De schipper doet verwoede pogingen om het zeil goed te krijgen, maar het wil niet lukken. Ik kan hem niet horen, maar hij zal wel achteruit bidden. Uiteindelijk laat hij het spinakerval een eind vieren en kan hij de zaak klaren.

Om 18.43 u kom ik aan bij de WV14 voor Den Oever. Het is nog een goed uur licht en ik besluit om nog niet een haven op te zoeken, maar door te varen naar Enkhuizen. De zonsondergang boven Noord-Holland geeft een prachtig gekleurde hemel. Ik vaar goed vrij van het nieuwe vogeleiland voor de kust van Medemblik, maar heb nu de vaargeul tussen mijzelf en de baggerschepen die daar aan het werk zijn. Door de vele lichten op de baggerschepen zijn de lichten van passerende binnenvaartschepen pas laat te zien en moet ik goed uitkijk houden. Tegen 21.30 laat ik het anker vallen in de havenkom van de Compagnieshaven in Enkhuizen en lees op het log dat ik bijna 80 mijl gevaren heb.Voorwaar een goede start. Voor tussentijdse klasering, zie www.200myls.nl.

Otto Maitimu

 

Jacqueline van Amstel

 Het was, net zoals vorig jaar, weer een geweldig evenement. Ik heb ervan genoten. Natuurlijk heb ik onderweg tijdens de race ook wel heel andere emoties gevoeld. Niet alleen genieten, maar ook een heleboel spanning, frustratie, hoge up’s als de boot als een speer liep, diepe down’s als de wind weer eens wegviel, onmacht toen de spi in een dikke bui eraf moest, stress als er net bij een boei weer een dikke bui met veel wind over me heen kwam, onzekerheid over wat de vol- gende dreigende lucht brengen zou, voldoening als ik weer een etappe goed afgelegd had en trots bij de finish. Naast emoties voel ik nu spierpijn!

Ik vraag me wel af waarom de stortbuien met 25 knopen wind elke keer bij het ronden van een boei naar beneden komen. Is dat door de orga- nisatie als extra handicap zo gepland?

Dat is dan goed gelukt. Met grote verbazing heb ik het resultaat gezien. Het is een voorlopig resultaat, maar ik kan nog niet goed geloven dat ik zo hoog geeindigd ben. Natuurlijk had ik mezelf als doel gesteld de klassering van vorig jaar te verbeteren, maar dit is boven verwachting.Jacqueline,
Xinia
06 oktober 2003

 

 

200 myls ‘SOLO’- 2003 met de Lady A door Frits Brattinga

200 myls ‘SOLO’- 2003 met de Lady A

Even spande het er om dat ik in verband met mijn gezondheid mee kon doen, maar nadat ik rustig naar Muiden was gezeild besliste ik, dat indien het niet te zwaar zou worden, ik de race wel uit kan zeilen. Winnen zit er dit keer echt niet in, dit door gebrek aan conditie.

Daags voor de race kwam ik in Muiden aan waar het al gezellig druk op de haven was. ‘s Avonds met een grote groep wezen Chinezen. Daarna naar het altijd weer gezellige palaver.
Hierna naar de kooi, nadat de wekker op 5 uur 45 was gezet.

1-10-03
Om 5.45 schrik ik me rot, wat een herrie op de vloer, er kruipt een lichtgevend en trillend ding rond. Als ik mijn ogen uitwrijf blijkt het mijn telefoon te zijn die ik als wekker gebruik. Snel koffiezetten en wassen en scheren, hierna de zeilen aanslaan. Om 6 uur 30 lig ik samen met de meeste deelnemers klaar. Uiteraard is er weer een slaapkop die de zaak blokkeert. Na drie keer roepen en kloppen komt er heel voorzichtig beweging in de beste man. (had hij wakker geweest hadden we met de eerste schutting mee gekund nu hebben we twee en een half uur verspeeld). Eerst blijkt dat er geen wind is maar buiten de haven valt het dik mee. Om 7 uur 16 zet ik de M1 op de foto waarna mijn race is gestart. Een mooie aan de windse koers naar het paard van Marken. Bij de geul even uitwijken voor een zandschip. Na Marken een ruim rak naar Volendam.. Als ik water op de koffie wil gieten breekt spontaan het handvat van de ketel en krijg ik kokend water over mij heen, ik heb het geluk dat ik mijn zeilkleding aan heb en mij niet brand. Na de GZ 2 , is de koers naar Nek, ook dit rak is te bezeilen. Dan richting OVD3. Om 11 uur 46 passer ik de OVD waarna de motor aan kan richting sluis, deze draait net voor onze neus dicht.

Drukte in de Houtribsluizen

Om 14 uur 39 start ik op het IJsselmeer door de EZ 21 op de foto te zetten, ik kies voor route 4 richting Medemblik, samen met 5 anderen die de zelfde route hebben gekozen.
Schitterend weer maar iets te weinig wind. Om 17 uur 39 rond ik de staak V 15. Het is te vroeg om te overnachten dus op naar Urk. Op de weg erheen kom ik nog drie anderen tegen, voor mij liggen de Chil Out en de Xinia. Eerst maar een nassie maaltijd maken, na het eten lig ik dwars van Enkhuizen. De avond valt vroeg in oktober het is pikkenacht als ik eindelijk de UK 16 om 20 uur 49 rond. Na mij komt Bart Boosman met de Fransman over de streep. Ik meer eerst af, of is het aanmeren, in de verenigingshaven maar dat is niks, in de almanak ontdek ik dat er meer naar het stadje toe ook ligplaatsen zijn. Hier meer ik naast de Chil Out. Het is nog lekker weer dus we blijven nog even in de kuip zitten kletsen en dan naar de naar de kooi.

2-10-03
Om 8 uur 30 wakker als ik mijn hoofd uit het luik steek ontdek ik de Xinia, de Fransman en de Little Sarah aan de andere kant van de haven. Na het ontbijt, eieren met spek, even water tanken en op weg voor een nieuwe ketel. Een paar inboorlingen van Urk verwijzen mij naar de lokale galanterie waar ik de keuze heb uit drie ketels. 1 van 2 liter van RVS, een andere van 2 liter van RVS en nog een andere van 2 liter van RVS. Uiteindelijk kies ik er een uit van 2 liter van RVS, want die vond ik toch wel de mooiste.
Als ik terugkom willen de Oosterburen waaran wij zijn afgemeerd die IJsselsee op, zodoende zoeken de Chil Out en de Lady gezamenlijk een andere oever op en liggen we naast de andere solozeilers.
Om 11 uur begint het zowaar een beetje te tochten en worden er hier en daar lichtweer zeilen aangeslagen.
Ik overweeg om eerst nog 6 uur te ankeren, maar als Bart Boosman samen met de Xinia en de Little Sarah vertrekt ga ik mee. Snel de Spi zetten maar deze moet ik al snel verwisselen voor de bolle jan. Als ik de Uk 16 heb gerond zeilen de Xinia en de Fransman voor mij. De Xinia draait redelijk snel terug richting Urk zodoende zijn de Fransman, de Little Sarah en de Lady A de enigen die doorzeilen. De Little Sarah haal ik redelijk snel in (Little Sarah, voortaan de zeilen maar ietsje losser zetten met licht weer) hierna op weg naar de Fransman.
Langzaam maar zeker loop ik op hem in en loop ik hem voor bij. Bart is boosman. Steeds stuivertje wisselend drijven we richting Breezanddijk ( ik hoop dat ik dat voor de winter haal want ik heb wel skeelers aan boord maar geen schaatsen en nik heb zin in een Magnum).
Hoera een snelheidsrecord -0,08 knopen, ik zeil achteruit.

De Fransman in de blakte

Een eindje verder zeilen de Catootje en de Easy Going, Ik herken Frits Bartels van verre aan zijn rode broek, hij is druk aan het spinakeren, dus ik bel hem even op zodat ik hem stoor tijdens dit zware werk het waait ook een 1 knoop dus Frits heeft het zwaar. Hij beweert dat hij ’s morgens zeven knopen heeft gevaren ( op de motor vanuit Breezanddijk naar Sport B).
Als ik weer in de kuip verschijn licht de Fransman weer op kop, dus er moet wat gebeuren. Ik hijs weer mijn Spi en loop hem weer voorbij. Even latere verschijnt de Xinia ook weer aan de horizon, vrouwtje van Amstel ment de boot als een kerel. Onder de Friese kust ontdek ik zowaar een nieuw eiland. Net als ik overweeg om de vlag te planten zie ik dat het eiland uit duizenden aalscholvers bestaat. Om 15.00 uur een opleving van Aeolus zowaar 5 knopen wind ja ja. De Xinia loopt mij voorbij, dus ik moet beter mijn best doen. Ondertussen lig ik een mijl voor op de Fransman. Om 16 uur 46 rond ik eindelijk de VZ 5, dus nu op weg naar mijn Magnum bij de benzinepomp op de dijk.

Hoe meer ik naar het noorden zeil hoe meer solozeilers ik ontdek. Zouden ze allemaal in de vluchthaven op de dijk overnachten? Ondertussen heb ik verschrikkelijk last van mijn knie en mijn liezen gekregen ik hoop dat het weer afzakt anders zie ik problemen voor de rest van de race. 17.00 uur eindelijk wind we lopen weer 5 knopen “sa moat ut” zeggen we in Friesland. Om 20 uur 07 rond ik Sport B, dik voor Bart Boosman als ik de zeilen opruim komt hij langs om mij te feliciteren, maar morgen pakt hij mij, tenminste dat beweert hij. We zullen zien. In de kom is het druk, veel boten voor de wal en voor anker, ik kan mijn anker nog net ergens tussen prikken. Als ik alles heb opgeruimd komt Henk Euvelman tegen mij aan liggen, onder het genot van een borrel en een hapje bespreken we onder andere de dag en de tocht tot nu toe.

3-10-03
Om 4 uur 15 wordt ik wakker van de wind, snel toilet maken en anker op. Dit valt enorm tegen mijn heup doet zeer en ik kan niet op mijn knie zitten, shit. Na veel geploeter ligt het anker aan dek, spoelen en in de bak. Buiten de haven de zeilen omhoog. Om 5 uur 13 zet ik Sport B weer op de plaat en lig ik een koers voor richting LC 9, dit is een mooi beloopbare koers en ik klok regelmatig 6 knopen op de GPS. Om 5 uur 35 passeren twee schepen elkaar in de nacht ik op weg naar LC 9 en hij op weg naar Sport B. Gelukkig doet mijn automaat het uitstekend zodat ik niet hoef te sturen en iets kan uitrusten van het gedoe met het anker (ik lijk wel een oude kerel). Ondertussen pruts ik wat aan mijn log want dat heeft de geest gegeven, uiteindelijk doet hij het weer. Ik hoop dat de gegevens nog kloppen dit moet Jan maar controleren aan de hand van het logboek. Om 7 uur 22 passeer ik de LC 9, ik had gehoopt dat de wind zou ruimen maar hij krimpt en de SB 10 is krap te bezeilen (is het niet zo dat krimpende winden en uitgaande vrouwen niet zijn te vertrouwen), om 10 uur moet ik kruisen om de boei te bezeilen. In de verte zie ik hem aan de vale horizon maar kruisend met 2 knopen per uur schiet niet op om 10 uur 15 nog 25 meter, om 11.00 nog 15 meter, om 11 uur tien op de plaat en wat voor plaat dit is kunst een rode boei zwevend in de lucht.

Een rode boei zwevend in de lucht

Ik bel de weerlijn, deze beloven me wind dus ik zet door richting KG 2. Ondertussen is het zicht slecht. Al drijvend vorder ik gestaag maar over de 10 mijl doe 4 uur. Bij de KG 2 drijft Ids Witteveen ook rond via de marifoon hoor ik dat hij veel leest dat hij hoopt om tijdens de nacht op de Friese te zijn.
Ik hijs de spi, het waait zo hard dat de elastiekjes om welke ik gebruik bij het spi hijsen niet eens knappen.

Om een uur of vier verschijnen er rimpels op het water en om vijf uur heb ik moeite met de spi, dus de Genua er weer op. Na deze actie zit ik te puffen als een oude locomotief. Ik besluit om de nacht in Hindeloopen te blijven. Om 19 uur 21 rond ik de H2, bekaf. Vlak voor de haven loop ik ook nog vast, met moeite kom ik los. Eindelijk in de haven, ik hoop dat ik me morgen beter voel.
De hele nacht het heen en weer naar het toilet, als ik eindelijk slaap rammelt de wekker aan mijn oor. Doodmoe en met een pijnlijk lijf maak ik de boot klaar, dit wordt een zware dag. Verstandige mensen haken nu af, ik probeerde race toch af te maken. Als ik de H 2 weer rond zeilen in de verte nog 2 deelnemers, vlak bij de LC 9 gaat het lichtje bij me uit en offer ik mijn ontbijt aan de vissen, ik besluit dat het genoeg is geweest en keer terug naar Stavoren. In de haven liggen veel skûtsjes de bemanning hiervan zien dat mijn krachten op zijn en vangen mij bij de sluis op (bedankt), door het Johan Willem Friso kanaal scharrel ik naar Sneek en meld mij af.

Deze keer geen voltooide tocht helaas, maar ik hoop in 2004 weer mee te doen.

Frits Brattinga
S/YLady A

 

200 myls ‘SOLO’- 2003 met de Indra door Eric-Jan Wiebenga

200 myls ‘SOLO’- 2003 met de Indra
Door Eric-Jan Wiebenga

Achter m’n bureau zit ik nog steeds na te genieten van 5 schitterende solo dagen.
Menig moment hebben we de wind gewenst die momenteel over Neder-land raast, maar ik vind het eerlijk gezegd wel prima zo. De kachel staat hier op kantoor op de laagste stand alweer een beetje bij, een bakje koffie en sigaretje, laat maar stormen.
Groot was de voldoening toen Bart mij op de zondag namiddag informeerde over de weliswaar voorlopige 8ste plaats, niet minder trots was het vijf dagenlang belangstellende thuisfront hierover. Nog steeds mijmerend over de gehele tocht, bezoek ik de schitterende doch enigszins trage 200 myls website. Vreemd genoeg betreur ik nauwelijks m’n totaal gescheurde spi. Volop heb ik genoten

van de laatste 20 minuten van haar bestaan, waarbij een 10-ton zware Indra in een dreigende bui met zeker een West 5, met een (door mij) nog nooit eerder ervaren rompsnelheid van maar liefst 7,9 kn werkelijk richting de EZ27 werd gesleurd! Absoluut jammer dat er toen niet iemand in de buurt was om een fotosessie te kunnen maken; het hadden ongetwijfeld de mooiste en meest spectaculaire foto’s geworden van alle 200myls solo tochten tezamen !! Imponerende hekgolven van zeker 80 cm hoog, flankeerden de Indra met bulderend geraas. Terwijl ik bij gebrek aan ieder zuchtje wind, een uur daarvoor diezelfde spi nog had vervloekt, aangezien ik het niet eens voor elkaar kreeg haar vol te krijgen. Met m’n mobieltje onder handbereik van de helmstok, belde ik verrukt het thuisfront om ze enigszins een indruk te kunnen meegeven van mijn beleving op dat moment. “Of ik wel voorzichtig was en geen onverantwoorde dingen zou doen” was de enigszins bezorgde reactie. Een half uur later vroeg ik me af hoe ik m’n gescheurde spi zou gaan uitleggen…

Wel baal ik stevig van het feit dat ik diezelfde ochtend bij de start voor die (zater)dag bij de SB10

(Lemmer) bij het hijsen een enorme scheur in mijn slechts 2 jaar nieuwe kotterfok trok. Het voorlijk had klem gezeten in de onderste leuver. Dat was mooi klote, want juist de vrijdag en de zaterdag zou het hard gaan waaien en is het zo’n prachtig mooi zeil als onderdeel van de totale trim mogelijkheden. Als alternatief heb ik maar het stormfokje erbij gezet.

Mijn lijst aan gescheurde zeilen had overigens nog dramatisch langer kunnen worden, toen in het donker rond 05.15 uur zondag ’s ochtends, plots van de overigens zwaar bevochten NEK ton op de weg terug richting Volendam, op slechts 10 meter afstand de eerste van de drie onverlichte staken op dit traject passeerde. Ondanks m’n besef van de aanwezigheid van deze onverlichte staken, passeerde ik het met hun vervaarlijke driehoekpuntige radarreflector op giekhoogte, toch altijd weer onverwachts akelig dicht langs mijn wijd uitstaande grootzeil.

Om mijn verslag dan toch maar bij het begin te beginnen, de eerste (woens)dag was het ook al zo’n schitterende zeildag, min of meer tegen de weersverwachtingen in. Op het water bleek een dikke NW 4 soms 5 te staan. Volgens mij hebben alle deelnemers van deze eerste (start)dag volop genoten. Hoog aan de wind waren de rakken tot en met de OVD3 voor de meesten maar net bezeild en moesten sommigen een slag maken. Als een ware armada vertrokken de meeste deelnemers ’s ochtends al vroeg richting Volendam. Aangezien het deelnemersveld toen nog redelijk dicht bij elkaar lag, werd onderling de eerste nog zichtbare strijd uitgevochten. In de sluis van Lelystad had het grootste deel zich weer verzameld, om gelijktijdig geschut te worden. Vanaf de EZ21 dan wel de EZ27 betrof het dan ook eigenlijk een nieuwe start, waarbij de onderlinge krachtmetingen zichtbaar konden worden voortgezet.
Op dit moment bleek ook dat het merendeel klaarblijkelijk voor route III had gekozen, mijn keuze was route IV.

Als een David tegen Goliath haalde ik tot groot genoegen op weg naar de V15 (Medemblik) onder spi de ‘Little Sarah’ in, een 50 voet Puffin. Jan Kees Lampe die naar hij later verklaarde nogal had zitten worstelen met het condoom van zijn halfwinder af te krijgen (zou ie daar altijd zo onhandig in zijn …?), had deze op dat moment eindelijk net vol staan waardoor we gelijktijdig op de V15 afvoeren.
Toen de aandacht van Jan Kees even door z’n mobieltje werd afgeleid, dook ik mooi achter de Little Sarah langs, waardoor ik loef ervan kwam te liggen. Bij het gelijktijdig ronden van de V15 ging het bijna mis en had ik bijna de Litle Sarah midscheeps geraakt…. maar daar hebben we het niet meer over.

De weg terug naar Urk was aanvankelijk maar net bezeild. Ter hoogte van Enkhuizen rond de klok van 20.00 uur kwam ik nog 2 route IV collega’s tegen, in het donker op weg naar de V15. Niet zonder enig leedvermaak geef ik toe, heb ik ze veel succes toegewenst, aangezien ik vorig jaar ondanks alle moderne navigatiemiddelen ten spijt, in het donker zeker een dik uur naar deze onverlichte luciferprik heb gezocht. Wat mij betrof hadden ze hem toen zeker de Fucking15 mogen noemen ! Wat een drama was dat toen.

De overweging om deze eerste dag ook nog maar het traject richting Breezanddijk (de Sport B) te gaan doen, lieten we (na mobiel overleg met buurman Bart) bij nader inzien maar voor wat het was. De wind zwakte rond 21.30 u. dusdanig af, dat dit deel net zo goed de volgende dag afgelegd zou kunnen worden, zo was onze redenatie. Een uur later meerde ik moe maar voldaan over de eerste dag, af in de haven van Urk.

Bij het uitblijven van iedere vorm van wind, werd ’s ochtends (donderdag) uitgebreid ontbeten, en, op zoek naar een bakker, Urk als een toerist met de handen in de zakken slenterend sight seeing bekeken. Ik kon me niet heugen wanneer ik hier ooit voor het laatst ben geweest. Toen a/b van de ‘Little Sarah’ onder het genot van bak koffie en verse punt boterkoek werd geconstateerd dat het een beetje begon te waaien, werden we (we= Jan Kees, Bart, Jacqueline en ik) weer zenuwachtig. 2 tellen later hadden we de touwtjes losgegooid teneinde de route Urk-Breezanddijk aan te vangen.

Als snel bleek dat dit een ‘lange zit’ zou gaan worden aangezien Stavoren niet eens bezeild was en de wind het volledig liet afweten. Nog net op tijd besloot ik mijn start nog maar even uit te stellen, in afwachting van een iets harder zuchtje wind.Bart en Jan Kees waren toen tot hun grote spijt al wel gestart, en ‘uren’lang kon ik ze in de verte nog zien drijven. Dit zou ze punten kosten ! Anderhalf uur later besloot ik toch ook maar te starten, het moest er toch van komen. Wachtend op die ene rimpeling in het water, ronde ik 13.38 uur de UK16.

Meteen daarna ging het al mis: de weinige wind die er stond viel bak in m’n genua, waarop ik te laat reageerde en ik dus ongewild overstag ging.
Tergend langzaam kreeg ik mijn langkieler weer overstag, teneinde mijn route voort te kunnen zetten.
Met een gangentje van maar liefst 2 knoop, moest ik een half uur later uitwijken voor twee vrachtschepen die zowel van bb als van sb aankwamen op weg van en naar Lemmer en Enkhuizen. Naïef hoopte ik nog op hun begrip voor mijn hopeloze wedstrijd situatie, zodat ze keurig voor me zouden uitwijken. Toen dit er natuurlijk niet naar uitzag moest ik maar voor hun wijken, terwijl de Indra juist zo lekker liep.

Het zag er niet naar uit dat het vandaag tot heftig zeilen zou komen, en dus besloot ik dat het nu een mooi moment was te beginnen aan een 18 cm lange en 18 mm dikke Romeo & Julliat ( één van de drie echte Cubaanse sigaren zo heb ik me laten vertellen) die ik van een zakenrelatie ( moet je nog altijd duidelijk in zijn op het moment dat je het over sigaren van deze omvang én afkomst hebt) had gekregen toen zij daar afgelopen zomer tijdens haar vakantie was. Zorgvuldig sneed ik oneerbiedig met een stanleymes het puntje ervan af, zoals je ze dat in de film zo vaak ziet doen, rolde het een paar keer heen en weer en bewoog de Cubaan in lengte richting over een vlammetje. Na de nodige tevergeefse pogingen dat enorme ding in de fik te krijgen, had ik, ongetwijfeld versterkt door de frustratie over het uitblijven van enige (bezeilde) wind, de neiging dat ding op te vreten in plaats van genoegzaam op te roken. Het genoegen van zo’n enorme Cubaan was klaarblijkelijk niet aan mij besteed, en dus pakte ik maar een vertrouwde Meharis van 20 stuks voor vier Euro en nog wat, die wel zo lekker smaakte.

Rond 21.00 uur begon het lekker te waaien, WNW krachtje 3 later even 4. Toen Sport B om 22.07 uur eindelijk werd gerond (bijna 8 uren over 25 mijl ….), besloot ik van deze kostbare wind nog maar even gebruik te maken en terug te varen naar Stavoren, waarbij ik zelfs eventjes de 6,2 knoop heb mogen noteren. Om 00.27 uur (inmiddels vrijdag 3 oktober), werd de LC9 op mijn Kodakje als bewijs van passeren ervan, vereeuwigd. Een uur later dreef ik achter m’n ankertje voor het gemaal in Stavoren.

Vrijdags werd wegens het ook voor deze dag een tekort aan wind, noodgedwongen een rustdag. Dit kwam mij niet verkeerd uit want ik voelde me alles behalve optimaal. Met een beetje koorts lag ik praktisch de hele dag zwetend in bed. Aangezien de spelregels dit jaar waren aangepast, moest er deze dag nog wel een onderdeel van de route afgelegd worden, en dus ging ik 18.30 uur anker op. Onder Spi, gr.zeil en kotterfok werd de LC9 om 19.28 uur andermaal gefotografeerd. Met een 4.5 knoop ging het in aanvang niet echt spectaculair. Maar na een dik uur trok de wind aan door een achterop komende bui. Enigszins op mijn hoede voor de weersverwachtingen voor de komende twee dagen, deed ik mobiel een beroep op de nautische en meteologische ervaring van buurman Bart, voor zijn consult die op dat moment net een half uur in Stavoren lag. Deze stelde mij gerust dat het slechts om een bui zou gaan met even iets meer wind. Ik liet de Spi dus staan en nog geen 10 minuten later liep ik met 7.3 knoop met nog 3 mijl te gaan richting de SB10 (Lemmer). Ik denk dat er maar weinig deelnemers vandaag deze snelheid hebben mogen noteren. Gokkend op een niet al te grote sluitertijd van het wegwerp Kodakje, ging het in het donker fotograferen van de SB10 met 7.3 knoop snelheid onder spi, met het hart in de keel nog goed ook. Een dik uur later meerde ik af in Lemmer.

De zaterdag werd gekenmerkt door harde wind en geen wind uit alle hoeken, behalve de voorspelde constante hoek NW. Hierdoor was de Enkhuizen nog maar net bezeild en Stavoren zelfs net niet.
Aangezien nog bijna de helft (90 mijl) van de totale route moest worden afgelegd, was het einde voorlopig nog niet in zicht. De verwachting met een dikke NW5/6 in de loop van de avond de MI (Muiden) te passeren, vervloog als snel toen bleek dat ook deze dag de nodige windstiltes in petto had. Over mijn laatste spectaculaire momenten van mijn spi, heb ik hierboven al verslag gedaan. Rond 21.00 uur werd ik samen met de ‘Lightning’ (een waarschip 1010) en de ‘True Blue’ (een Jaguar 22) geschut. De PH ton was vanaf de OVD3 met een ZW3 eerst maar nauwelijks bezeild. Bart Boosman lag op dat moment slechts 3 mijl voor mij aangezien hij had mogen profiteren van een van de vele windstiltes. Ruim een half uur later na de OVD3 trok de wind
weer aan en ruimde deze richting W , even later NW waardoor de PH ton helaas ruim bezeild was. Helaas, aangezien ik nog weer terug moest naar de NEK ton. Op weg hier naar toe bleek al snel dat de wind nog meer ruimde waardoor ik weer linea reacte naar Lelystad terugvoer. Dat was niet de bedoeling e
n dus ging de zeilen over bb. Even hoger dan ter hoogte van het Paard van Marken, bleek na een blik op de kaart dat ik met deze koers nu regelrecht de haven van Edam in zou varen. Ook daar moest ik echter niet toe. Het compleet wegvallen van de wind, maakte de frustratie op dat moment compleet. Het einde van dit liedje was dat ik pas om 04.54 uur de NEK ton passeerde: maar liefst 5 en half uur over 11 mijl ….!!! Te gek voor woorden.

Gelukkig trok de wind uiteindelijk toch weer aan tot een stevige NW5. Met ruime wind konden nu de MN1-GZ2 (Volendam), de BVK (Bloq van Kuffeler) en de M1 ton (Muiden) voorspoedig worden gerond, op weg naar de finish. 08.26 uur werd de M1 gefotografeerd. Yes, I did it !
Heren Luyendijk, hartelijk dank voor dit geweldige evenement !
Groeten, 
Eric-Jan Wiebenga
s.y. ‘Indra’

 

 

De 200 myls ‘SOLO’ – 2003 door Jacqueline van Amstel

De 200 myls ‘SOLO’ – 2003Door :Jacqueline van Amstel, PZV Zeezeilen – December 2003Thuis staat de fraaie trofee van de 200 myls te pronken in de woonkamer. Als in maart de uitnodiging van Jan Luijendijk, de enthousiaste organisator van dit leuke evenement komt, hoef ik dan ook niet lang na te denken en geef mezelf spontaan weer op om de 8e 200 myls te zeilen.
Al snel blijkt dat ik ook dit jaar als enige vrouw ingeschreven ben. Zijn er bij de PZV vereniging geen enthousiaste zeilsters, die volgend jaar met mij om de troffee willen strijden??

Er zijn mannen die wat afgunstig reageren en opmerken, dat ik de race alleen maar uit hoef te zeilen voor de trofee. Dat gaat mijn eergevoel toch te na. Ik wil meer dan alleen maar de wedstrijd uitzeilen, ik wil in elk geval mijn prestatie van afgelopen jaar verbeteren.

Daarvoor hebben we dus maar een sneller schip aangeschaft. De Xinia, een spiksplinternieuwe X-362, deze zomer opgehaald op de werf in Haderslev, Denemarken.
Een nieuw schip brengt echter heel wat nieuwe uitdagingen met zich mee. Kan ik deze snelle 11 meter lange boot wel alleen zeilen? Een pessimistische voorbijganger op de steiger in Muiden, voorspelt dat ik de boot niet alleen zal kunnen zeilen. Dat zullen we nog wel eens zien, en ik probeer stoer te kijken, inwendig voel ik me nog wat minder overtuigd.

Er zijn wel wat aanpassingen nodig aan de boot:

  • Er wordt een stuurautomaat geïnstalleerd….met afstandsbediening nog wel.
  • Als iemand denkt dat er aan een nieuw schip niets meer hoeft te gebeuren(dat dacht ik dus ook!) dan blijkt dat dus helemaal niet waar. Blokken die slecht lopen, of te klein zijn voor het schip worden gesmeerd of vervangen. Met name de rolfok installatie werkt superzwaar is een aanslag op mijn kracht. Met een beetje wind krijg ik de fok niet ingerold. Na een middagje klussen en nog een extra investering werkt het soepel.
  • Tijdens de 200 mijls gaat op de meeste boten de spi erop. Daarmee kan ik dus niet achterblijven. We instaleren blokken en lijnen voor de assymetrische toerspinnaker. Deze spi is wat kleiner als een echte, wel gemakkelijker te hanteren en zowel als halfwinder, met schoothoek op het dek, alsook als spi te voeren op de boom.
    Gijpen is door de schootvoering eenvoudiger alleen uit te voeren. Naast de aanschaf van de ATS hebben we een carbon spinakerboom bij de boot laten leveren. Dat scheelt een heleboel gewicht en dus meer bedieningsgemak.

Naast aanpassingen aan de boot, is wat oefening ook geen onbelangrijke factor bij de voorbereiding. Belangrijk of niet, de tijd om veel te oefenen is er niet, en als er al tijd is, dan laat de wind het afweten.
Dit gebrek aan oefening en ervaring met de boot, kan me er toch niet van weerhouden van start te gaan. Proberen kan ik het toch? Opgeven kan altijd nog. Uiteindelijk heeft het oefenen met het lichte weer dat we deze zomer hadden, toch zo z’n resultaat opgeleverd.

Tijdens het palaver voor de start werden we ervoor gewaarschuwd dat het halen van de finish een uitdaging zou worden, niet vanwege harde wind, maar door gebrek eraan. Dat hebben we geweten.

Woensdag 1 oktober,
de startdag was een fantastische zeildag, zon en wind. De boot is echter zo snel en bewerkelijk dat ik vergeet logstand en tijd op te schrijven bij het ronden van de eerste boei. De definitieve baankeuze moet in de loop van de dag gemaakt worden. Bij deze keuze is van belang zoveel mogelijk bezeilde rakken te hebben en mogelijk stroomvoordeel.Voor stroomvoordeel is er de keuze uit baan 1(Noordzee) of baan 2(Waddenzee). De superlichtweervoorspelling van donderdag en vrijdagochtend, doen mij van deze keuze af zien. Als de stroom draait, voor je een rak beëindigd hebt, heb je niets aan het stroomvoordeel. Na intensief telefonisch overleg met Wim is de de keuze op baan 4 gevallen, met als reden de windvoorspelling vanaf vrijdag middag: Noordwest 4 tot 6 BFt. Dan wil je geen kruisrakken achter in de baan. Er zijn slechts weinig deelnemers die voor deze baan kiezen. Baan 3 blijkt in de praktijk favoriet.

De 2e en 3e dag van 200 mijls kenmerkten zich door afwezigheid van de wind.
Logboek: Als ik bij Urk over de dijk kijk is het water spiegelglad, een horizon is niet te zien. Eén groot blauwgrijs gat. Nu ben ik in het voordeel.( Dat blijkt echter pas achteraf. Zelf ben ik die dag erg ontevreden, zie logboek, waarin ik met grote letters schrijf: SUPER SLECHTE MIJLEN) De Xinia blijkt een geweldige boot en als om me heen de concurrentie stilligt, ga ik nog vooruit. Niet spectaculair, maar genoeg om winst te behalen.

Als ik verslagen van medezeilers lees over deze windstille dagen, staat erin vermeld over de dikke boeken die ze onderweg lezen uit verveling. Op de Xinia verveel je je niet. Niets boeken lezen. Trimmen, elk zuchtje wind benutten, op het juiste moment in een windbaan overstag. De winst op die dagen heb ik echt niet kado gekregen, ik heb er hard en geconcentreerd voor gewerkt.

Regelmatig is er telefonisch overleg met Wim over de wind. Wanneer gaat het nu eens waaien? Wim kan echter ook geen wind maken. De omslag komt pas vrijdag tegen donker, als ik de spi op heb staan en een boei moet ronden! Ineens is er wind(en regen), en niet zo zuinig ook. Uit het logboek: Gevecht geleverd op voordek en gewonnen van de spi!

Vrijdagavond weet Wim te vertellen dat er, tot mijn verbazing , op dag 3 al veel hebben schepen opgegeven. Zij denken de eindstreep niet op tijd te gaan halen.

Ik moet dan nog 80 mijl en heb daar dan de zaterdag en zondag tot 12 uur voor. Het plan is zaterdag 60 mijl te zeilen en zondagochtend de laatste 20 mijl. De voorspelling van 5 tot 6 Bft komt uit, alleen zijn de weersdeskundigen vergeten te vertellen, dat dat alleen in buien zo is. Tussen de buien door is het veel rustiger. Reven hebben we nog nauwelijks geoefend. Nu draai ik er mijn hand niet meer voor om.

Alle gebrek aan oefening is in 1 dag ingehaald. Eigenlijk ziet het IJsselmeer er op zaterdag fantastisch uit, als ik er nu thuis achter de PC zittend, aan terug denk. Het begint zonnig, dan wordt de lucht inktzwart en verschijnt er een prachtige regenboog. Vervolgens in proberen te schatten of de bui wel of niet over me heen zal gaan en het juiste moment beslissen om te reven.
Dan volgt er dus die bui, waarin alle denkbare nattigheid in striemende vlagen naar beneden komt en dan keert de rust weder en is het weer zonnig.

Of dit onderdeel uitmaakte van de wedstrijd, dat heeft de wedstrijdleiding me nog steeds niet verklapt, maar de buien met regen, hagel en 25 knopen wind vielen steeds neer bij het ronden van een boei, als een soort extra handicap.

Lastig ook waren de grote windshifts tijdens de buien. Tip van Wim: Ga (op kruisrak) een bui in over bakboord. Dat heb ik dus uitgeprobeerd en het klopt. Zaterdag avond ben ik moe van de lange inspannende zeildag en het constante reven. De geplande 60 mijl zitten er keurig op. Liefst wil ik niet in het donker zeilen, nu het weer een omslag heeft gemaakt. Overdag zie je de buien goed aankomen en geven ze al genoeg spanning…

De laatste dag vergt onverwacht nog het meeste van mijn zenuwen. Rond 7 uur in de ochtendschemering ga ik vanuit Hoorn op weg voor de laatste mijlen.. De halve vloot lijkt zich hier op dit tijdstip verzameld te hebben voor een eindsprint. Het water is vlak. Dat kan niet! Er was harde wind voorspeld.

Tergend langzaam dobber ik vooruit, 2,5 knoop op de log, gefrustreerd bel ik Wim. Wat was dat voor weersvoorspelling? Ik moet me even af reageren. Arme Wim, hij zit net zo in spanning als ik. Met om me heen, net als de dag ervoor, dreigende buien durf ik de spi er niet goed op te zetten. Moet ik het risico wel nemen? Daarvoor heb ik nog niet genoeg ervaring met deze boot.

Logboek: gisteren baalde ik van een bui, nu wil ik niets liever dan een bui. Een bui betekent wind, en dat is wat ik nodig heb om te finishen.
Om 11.13 uur maak ik de verlossende laatste foto van de M1 bij Muiden.
Een hele blije en opgeluchte Wim staat me daar, dit jaar met 2 prachtige rode rozen, op te wachten.

Jacqueline van Amstel
Xinia
oktober 2003

De 8ste 200mijls Solo door Barend Peters